22. 2026-015559 Raadsvoorstel Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Albrandswaard 2026.pdf
Tekst van het document
Artikel 30 Hoogte pgb (is artikel 15) Artikel 30 lid 3:, 10de regel: hier lijkt na “het sociale netwerk” het woord “behoort” te ontbreken. Reactie: de tekst is inmiddels aangepast. Artikel 45 hardheidsclausule: (is artikel 29)
10
Wij hechten wel aan het behouden van deze opmerkingen over de hardheidsclausule. Het is voor de burger een duidelijk en positief ervaren signaal dat bij uitzondering in gevallen waarbij de wet of de regels niet voorzien, toch een hulpvrager geholpen kan worden. Reactie: De hardheidsclausule blijft, conform uw verzoek, in de nieuwe verordening gehandhaafd.
“Nieuwe bepalingen´ Vanaf dit punt worden artikelen en bepalingen beschreven die nieuw zijn. Deze onderdelen zijn niet eerder aan de adviesraad voorgelegd en konden daarom ook nog niet van commentaar worden voorzien. Artikel 1 begripsbepalingen - Toegevoegd: beleidsregels: de op lokaleregelgeving.overheid.nl gepubliceerde beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Albrandswaard. -
Toegevoegd: nadere beleidsregels: de op lokaleregelgeving.overheid.nl gepubliceerde nadere beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Albrandswaard.
Door beide begrippen toe te voegen aan de begrippenlijst is het duidelijk dat we naast de verordening ook nadere regels en beleidsregels hebben. Artikel 8 Aanvraag. Aan artikel 8 is lid 6 toegevoegd. Lid 6 maakt duidelijk dat dezelfde aanvraagprocedure geldt voor financiële tegemoetkomingen als voor maatwerkvoorzieningen. Dit zorgt voor één uniforme werkwijze en voorkomt dat er verschillende procedures naast elkaar ontstaan. Artikel 9A Financiële tegemoetkoming verhuizing en (woning)inrichting Dit artikel is toegevoegd zodat het college de mogelijkheid heeft een financiële tegemoetkoming te verstrekken voor verhuizing en (woning)inrichting. Artikel 9B Tegemoetkoming meerkosten. Dit artikel is toegevoegd zodat het college de mogelijkheid heeft een tegemoetkoming te verstrekken aan personen met een beperking of chronische psychische of psychosociale problemen die als gevolg daarvan aannemelijke meerkosten hebben. De tegemoetkoming is bedoeld ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en participatie. Artikel 10 Beschermd wonen en maatschappelijke opvang Artikelen over beschermd wonen en maatschappelijke opvang zijn bij elkaar gevoegd. Alle verwijzingen naar wetgeving zijn eruit gehaald. Dat is wettelijk niet verplicht om zo op te nemen. Het juridisch advies is vervolgens om indien nodig per artikel een bepaling over beschermd wonen en maatschappelijke opvang op te nemen.
Dit is wettelijk verplicht. Alleen een verwijzing naar de verordening van de gemeente Rotterdam volstaat niet. Dit betekend dat toegevoegd zijn de volgende artikelen: - 10A: juridisch gezien moet deze gelijk na artikel 10;
- 11 A en B: deze moeten nog voor artikel 11. Want in artikel 11 gelden algemene criteria voor maatwerkvoorzieningen. Door artikel 11A en B ervoor te plaatsen wordt de inhoud benoemd en daarna (huidige artikel 11) waarom het geweigerd wordt. - 13A: juridisch gezien moet deze gelijk na artikel 13. - 17A: juridisch gezien moet deze gelijk na artikel 17. A artikelen worden toegevoegd om nieuwe bepalingen in te voegen zonder bestaande nummering te wijzigen. Artikel 17 Eigen bijdrage (lid 2) Het volgende moet geregeld worden in de verordening wanneer een algemene voorziening wordt ingevoerd: 1. dat een bijdrage voor algemene voorzieningen mogelijk is; 2. voor welke algemene voorzieningen dat geldt; 3. dat het college de hoogte vaststelt; 4. dat de bijdrage geen drempel mag vormen; 5. dat de gemeente zelf int (niet het CAK). Alle 5 de punten staan nu benoemd in de verordening. Punt 4 is specifiek toegevoerd aan artikel 17 lid 2, namelijk: De bijdrage voor een algemene voorziening is zodanig vastgesteld dat deze geen belemmering vormt voor het gebruik van de voorziening en in een redelijke verhouding staat tot de kosten van de voorziening Artikel 17 Eigen bijdrage (lid 4) Aan artikel 17 is lid 4 toegevoegd omdat voor een financiële tegemoetkomingen die door het college worden verstrek geen eigen bijdrage verschuldigd is.
12
Maatschappelijke Adviesraad Albrandswaard
Aanvulling Advies Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Gemeente Albrandswaard 2026
Aan : College van Burgemeester en Wethouders van Albrandswaard Stationsstraat 4 3161 KP Rhoon Van : Maatschappelijke Adviesraad Albrandswaard voorzitter@maatschappelijkeadviesraadalbrandswaard.nl Datum : 2-3-2026 Aan ; q.maas@albrandswaard.nl
Geacht college,
Op 30 januari 2026 ontvingen wij naar aanleiding van ons advies van 17 juni 2025 een MEMO en wijzigingen in de concept verordening en nota van toelichting. Hierop onze reactie.
Namens de Adviesraad,
Met vriendelijke groet, Rob Littel voorzitter
www.maatschappelijkeadviesraadalbrandswaard
2
Aanvulling MEMO:
Artikel 9. Aanvraag (is nu artikel 8) 1. Een aanvraag voor een maatwerkvoorziening kan pas worden gedaan nadat het onderzoek is uitgevoerd, tenzij het onderzoek niet binnen zes weken na de ontvangst van de melding is uitgevoerd. Vraag: Wat gebeurt er als advies niet binnen 6 weken wordt uitgevoerd? Wat is dan het recht van de cliënt? Reactie: Het is voor cliënten belangrijk om te weten wat hun rechten zijn wanneer het onderzoek langer duurt dan de gebruikelijke termijn van zes weken. Als het onderzoek niet binnen zes weken kan worden afgerond wordt de cliënt hierover geïnformeerd. Soms komt dit door omstandigheden buiten iemands invloed, zoals het moeten afwachten van medisch advies of het ontbreken van benodigde informatie. Wanneer een cliënt na die 6 weken niet langer wil of kan wachten, bestaat altijd de mogelijkheid om toch een aanvraag in te dienen. In dat geval start direct de wettelijke beslistermijn van twee weken waarbinnen de gemeente een besluit moet nemen. Op deze manier blijft het recht van de cliënt gewaarborgd. Vraag: Waarom wordt onderstreepte/cursief regeling niet opgenomen in artikel 8.
Artikel 31 lid 8. Hoogte Pgb (is nu artikel 15 lid 6) Het toegekende pgb tarief blijft gedurende de looptijd van de toekenning van het pgb hetzelfde. Vraag: Wat is de looptijd van een toekenning? Moet het niet automatisch jaarlijks geïndexeerd worden net zoals bijv. bijstand, AOW enz.? Artikel 31 lid 8: Wij hebben ondanks de toelichting die gegeven wordt nog altijd moeite met de looptijd. Deze zou niet langer moeten zijn dan tot wanneer er een nieuwe indexatie komt. Na onderzoek op internet lijkt het ook gebruikelijk dat dit ieder jaar gebeurt i.v.m. loonontwikkelingen. In 2026 zullen o.a. werkgeverslasten moeten worden afgedragen, +/- 20% van het tarief. Wij zijn het er niet mee eens dat dit altijd een beperkt bedrag is vergeleken met de administratieve last die dit zou geven. Zie ook artikel 30 in “artikelsgewijze toelichting...”. Reactie: Wij zijn het met u eens dat het pgb‐tarief jaarlijks moet worden geïndexeerd. Dit geldt zowel voor het informele als het formele pgb‐tarief. Daarom passen wij deze tarieven jaarlijks aan, zodat ze actueel blijven en beter aansluiten bij de werkelijke kosten, zonder dat dit leidt tot extra administratieve lasten voor cliënten. Het formele pgb‐tarief wordt één keer per jaar geïndexeerd. Voor pgb’s voor informele hulp geldt daarnaast dat deze automatisch twee keer per jaar worden aangepast.
Dit komt doordat het tarief is gekoppeld aan het wettelijk minimumloon, dat eveneens halfjaarlijks wordt gewijzigd. Hierdoor beweegt het pgb‐ tarief automatisch mee met de landelijke loonontwikkelingen.
www.maatschappelijkeadviesraadalbrandswaard
3
Op 5 januari 2026 hebben de raadsleden een brief van Per Saldo ontvangen over wijziging PGB 2026. Advies: Verwerkt de Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis 2026 als voorgesteld in de brief van Per Saldo in de indexering van het budget 2026 voor pgb houders Tenslotte een aantal aanvullende opmerkingen: Artikel 9: Lid 12 ontbreekt in de verordening Artikel 27: de tekst en de inhoud van dit artikel komen niet overeen in de verordening en in de toelichting. Artikel 14 onderscheid formele en informele hulp: het is ons duidelijk dat er verschil kan zijn tussen hulp verleend door een professionele instantie en hulp van een familielid. Bij ons kwam de vraag op of een familielid dat adequaat geschoold is in de hulpverlening en als zodanig als zzp-er opgenomen is in het Handelsregister eerder formele dan informele hulp biedt. Na discussie meenden wij dat dit als formele hulp gewaardeerd dient te worden. In zowel artikel 6, lid 3, als in artikel 17 lopen de lettering resp. de nummering niet synchroon met de tekst.
4
www.maatschappelijkeadviesraadalbrandswaard