CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

22. 2025-036732 MRDH Aanbiedingsbrief raden voorlopige jaarstukken MRDH 2024.pdf

Gemeenteraad AW 2 juni 2025, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken33.590 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

2.3 Programma Economisch Vestigingsklimaat Het programma Economisch Vestigingsklimaat is opgezet langs de opdrachten uit de Strategische Agenda voor het vernieuwen van de economie. Het gaat voor dit programma om de volgende twee opdrachten. Opdracht 2 - Toekomstbestendige economie stimuleren. Opdracht 4 - Vernieuwen van werklocaties. 2.3.1 Wat wilden we bereiken en wat hebben ervoor gedaan? De voortgang van de in de begroting 2024 geformuleerde concrete acties is samengevat in onderstaande tabel. Project loopt volgens begroting Project loopt niet volgens begroting

2.3.1.1 Opdracht 2: toekomstbestendige economie stimuleren Het aanpakken van de mismatch tussen onderwijs en arbeidsmarkt en het verhogen van de productiviteit en bedrijvigheid zorgt voor de groei van welvaart en welzijn. Door een groei van het aantal arbeidsplaatsen en deze arbeidsplaatsen in te vullen met geschikt personeel groeit de arbeidsparticipatie. De extra arbeidsplaatsen en productiviteit dragen bij aan de ambitie van extra groei van welvaart en welzijn. Voor een betere aansluiting tussen onderwijs en de arbeidsmarkt zetten we in op twee programma’s: Campusprogramma en het programma Leven Lang Ontwikkelen. Voor extra productiviteit en bedrijvigheid zetten we in op Versterken mkb en Versterken innovatieecosysteem en innovatieprogramma’s. Campusprogramma Minimaal veertien campussen in de regio richten zich op het ontwikkelen van toekomstbestendige vaardigheden waaronder ondernemerschap, innovatie en kennisvalorisatie. Vanwege de krappe arbeidsmarkt ligt de focus op de IT-, energie-, techniek-, greenport- en zorgsector en het 63

haven industrieel complex. De MRDH focust op de samenwerking tussen bedrijfsleven, overheid en onderwijs op mbo- en hbo-campussen. Driekwart van het totaal aantal studenten in de regio is namelijk mbo-en hbo-student. Ook het merendeel van de banen in deze regio betreft mbo- en hbo-niveau. Daarom liggen hier de meeste kansen. Wat wilden we bereiken? Resultaten begroting 2024 Verbeterde samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven via regionale mbo- en hbo-campussen en mogelijk via nieuwe samenwerkingen met onderwijsinstellingen.

Jaarlijks nemen minimaal duizend studenten en 250 bedrijven deel aan campus(innovatie)opdrachten en -programma's.

Minimaal veertien fysieke mbo- en hbo-campussen, dichtbij regionale bedrijvigheid met een goede geografische spreiding in de regio.

Hoe droegen de activiteiten bij aan de resultaten? Voor een betere aansluiting tussen arbeidsmarkt en onderwijs zetten we als MRDH in op zowel campussen als Leven Lang Ontwikkelen. Ditmaal hebben wij ons gericht op een vijftal projecten op de versterking van de arbeidsmarkt en het onderwijs. Naast deze inzet op de projecten is het goed om te weten dat er nu ook een MRDH - gemeentelijke werkgroep arbeidsmarkt en onderwijs is gestart. Met succes, er wordt actief kennis gedeeld. Verder zijn er dit jaar campusbijeenkomsten door de MRDH georganiseerd. Afgelopen periode bij de Dutch Innovation Factory (DIF) in Zoetermeer, en bij de HSD in Den Haag. Via de cofinanciering van campusversterkingsprojecten en het organiseren van campusnetwerksessies verbeteren we de samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven. Dit jaar hebben wij drie campusprojecten opgestart waarmee voor ruim 1 miljoen euro is ingezet op de versterking van de samenwerking van onderwijs en het bedrijfsleven. De investeringen in de projecten bestrijken diverse onderwijslagen, van basisschool en voortgezet onderwijs tot startkwalificaties, mbo- en hboonderwijs. Het gaat om initiatieven vanuit verschillende gemeenten in onze regio en in verschillende sectoren. Waarbij alle projecten ook een regionaal effect beogen.

Hoewel lastig meetbaar is de inschatting dat met deze inzet een groot aantal studenten en bedrijven wordt bereikt. De twee campusprojecten die in 2024 van start zijn gegaan dragen bij aan het campusprogramma. Daarnaast zijn er lopende campusprojecten zoals:      

Biotech Campus Delft, Op weg naar een brede onderwijscampus Dutch Fresh Port Werkt! Dutch Fresh Port Campus, thema verslogistiek Versterking campus Energy Cave Groeifonds: Vraaggestuurde aanpak LLO Digitalisering Greenport Horti Campus Groeifonds: Versterken en verbeteren Dutch Innovation Community

64

Wat deden we daarvoor? Aangegeven inspanning/activiteit 2024

Status

Toelichting

Campusprogramma We leveren een financiële bijdrage aan vier campusversterkingsprojecten.

We organiseren drie campus netwerksessies voor kennisdeling.

We stimuleren de samenwerking tussen mbo- en hbo-campussen en tussen deze campussen en wo-campussen in innovatie en kennisvalorisatietrajecten die bijdragen aan regionale transitieopgaven.

We ondersteunen campussen in hun communicatie naar mkb-bedrijven met behulp van de ontwikkelde toolkit, die een kopverhaal over het campusnetwerk en kernverhalen per sector bevat, een corporate presentatie, feiten en cijfers, showcases en een folder.

In 2024 heeft MRDH vanuit de bijdrageregeling twee campusversterkingsprogramma's gefinancierd. Gemeenten hebben geen andere projecten ingediend.  Vanuit de gemeente Den Haag het gebiedsontwikkelingsconcept WLI: gericht op werken, leren en innoveren. Hierbij is een kwartiermaker aangesteld om deze strategie stadsbreed te implementeren.  Vanuit de gemeente Den Haag het project Urban Living Lab Bickhaven: vanuit deze locatie wordt er onderzoek gedaan naar klimaatadaptie, in samenwerking met het mbo en hbo onderwijs. MRDH heeft twee campusbijeenkomsten georganiseerd in samenwerking met de gemeenten: 1. Gemeente Zoetermeer bij de Dutch Innovation Factory 2. Gemeente Den Haag bij de HSD campus. Beide bijeenkomsten hadden tot doel kennis uit te wisselen en de campussen verder te positioneren. Er werden inzichten gedeeld over de succes- en faalfactoren van campusontwikkeling, evenals over de manieren om tot een succesvolle exploitatie te komen. Door MRDH zijn werkbezoeken afgelegd bij de campussen die worden ondersteund door MRDH. Bij deze werkbezoeken wordt verdere samenwerking gestimuleerd. Er wordt daarbij ook kennis uitgewisseld over welke ontwikkelingen er spelen in het gebied of op het gebied van onderwijs. Via de website van de MRDH hebben we relevante informatie over de campussen gedeeld. De eerder ontwikkelde toolkit biedt daarbij de benodigde informatie.

Daarbij informeren we o.a. wie de contactpersonen zijn en wat het profiel is van de campus. Ook hebben we een tweetal artikelen geschreven over de campussen. Deze artikelen zijn ter promotie van de campus. Op deze manieren hebben we campussen ondersteund in het bereiken van mkb-bedrijven en het beter verbinden van arbeidsmarkt en onderwijs.

65

Leven Lang Ontwikkelen programma (LLO) LLO zorgt door om- en bijscholing van werkenden en werkzoekenden voor een kwalitatief goede beroepsbevolking, die op alle niveaus bijdraagt aan de regionale economie. Wat wilden we bereiken? Resultaten begroting 2024 Verbeterd aanbod LLO op de campussen en bij andere grote mbo- en hboopleiders in de regio.

Meer werkenden en werkzoekenden volgen een omscholing- en bijscholingstraject.

Jaarlijks ronden minimaal 1.300 werkenden en zij-instromers een omscholing of bijscholingstraject aan een campus af.

Hoe droegen de activiteiten bij aan de resultaten? Er zijn bijdragen verleend aan twee projecten met een leven lang ontwikkelencomponent: 1. Gaan voor een Baan met gemeente Vlaardingen 2. Niemand Langs De Kant met gemeente Den Haag en Rotterdam 3. Kickstartlab gemeente met gemeente Delft Daarnaast zijn in 2024 de volgende lopende projecten voortgezet die bijdragen aan het LLO-aanbod in de regio:  Werken aan de digitale toekomst van de Nederlandse tuinbouwketen  Next Healthcare Professional Fase 1: Zorgmedewerkers leren werken met digitale technologie  Energietransitielab  Bouwsteen Zorg Innovatie Academie (ZIA): LLO voor MBO zijinstromers en doorstromers in de zorg  LLO Let’s change the face of food waste  Groeifonds: Digitale samenwerking Rijnmondse energietransitiecampussen en fieldlabs Zie het vorige resultaat. De investeringen in de projecten bestrijken diverse onderwijslagen, van basisschool en voortgezet onderwijs tot startkwalificaties, mbo- en hboonderwijs. Het gaat om initiatieven vanuit verschillende gemeenten in onze regio en in verschillende sectoren. Waarbij alle projecten ook een regionaal effect beogen. Zie het vorige resultaat. De investeringen in de projecten bestrijken diverse onderwijslagen, van basisschool en voortgezet onderwijs tot startkwalificaties, mbo- en hboonderwijs.

Het gaat om initiatieven vanuit verschillende gemeenten in onze regio en in verschillende sectoren. Waarbij alle projecten ook een regionaal effect beogen.

66

Wat deden we daarvoor? Aangegeven inspanning/activiteit 2024

Status

Toelichting

Programma Leven Lang Ontwikkelen (LLO) We leveren een financiële bijdrage aan minimaal vier LLO-projecten per jaar in die sectoren die voor de metropoolregio de grootste opgave hebben (IT-, energie-, techniek-, het haven industrieel complex, greenport en zorgsector) en in samenwerking met een mbo en/of hbo-campus.

We gaan nieuwe samenwerkingen aan met regionale partijen gericht op werkenden, werkzoekenden en zij-instromers, die skills-opleidingen aanbieden, met ook aandacht voor diversiteit. Dit met als doel de impact van de LLO-projecten op de arbeidsmarkt te vergroten, evenals de regionale samenwerking op LLO-gebied.

In samenwerking met de gemeenten zijn er drie projecten opgestart. Dit heeft te maken met het feit dat er door gemeenten geen andere projecten zijn ingediend. 1. Gemeente Vlaardingen heeft het programma Gaan voor een baan opgestart. Het programma heeft ook betrekking op gemeenten Maassluis en Schiedam. Het gaat met name om loopbaan-oriëntatie en loopbaanverbreding van jongeren (en het hierbij betrekken van hun ouders) richting de techniek. 2. In samenwerking met de gemeenten Den Haag en Rotterdam is het project Niemand Langs De Kant opgezet. We hebben daarmee een kwalitatieve impuls gegeven aan de nieuwe regionale leerwerkloketten, door het mede financieren van onderwijskundige professionals die hier extra worden ingezet t.b.v. werkzoekenden die een startkwalificatie willen behalen. 3. Vanuit de gemeente Delft is het project Kickstartlab gestart, waarbij de competentie ondernemerschap centraal staat. Dit programma is vormgegeven met meerdere mbo’s en hbo in de regio, waarbij mkb- ondernemers een belangrijke coachende rol vervullen. Er zijn gesprekken gevoerd met het ministerie van OC&W om te verkennen hoe de samenwerking op regionaal niveau kan worden bevorderd. Daarbij is gekeken wat de ontwikkelingen in de regio zijn op het gebied van Leven Lang Ontwikkelen. Dit is verder afgestemd met andere partijen zoals de Economic Board Zuid-Holland met de Human Capital Agenda.

Tenslotte is contact gelegd met het UWV om meer zicht te krijgen op werkzoekenden, met als doel een betere balans te vinden op de arbeidsmarkt. Deze gesprekken hebben eind 2024 geresulteerd in:  Projecten die beter aansluiten op ontwikkelingen in de samenleving (iedereen ruimte om mee te doen, flexibilisering van de arbeidsmarkt); 67

Hernieuwde samenwerking om de Human Capital Agenda door te ontwikkelen en beter te verbinden met de doelstelling uit de Strategische Agenda; Scherper beeld van de opgave, als input voor de Visie op het Economisch vestigingsklimaat die in 2025 wordt vastgesteld.

Versterken mkb Er is een grote groep mkb in de metropoolregio die behoefte heeft aan toegang tot informatie en advies om tijdig beslissingen te nemen om hun bedrijf gezond te houden, weer gezond te maken of tijdig te stoppen. Ondernemers hebben behoefte aan een transparant systeem van dienstverlening waarbij het aanbod van verschillende partijen onderling samenhangt, transparant en begrijpelijk is. Dit is in de praktijk nog te weinig het geval. Wat wilden we bereiken? Resultaten begroting 2024

Hoe droegen de activiteiten bij aan de resultaten?

Een groter deel mkb is ondersteund.

Via cofinanciering en innovatieprogramma’s hebben we enkele tientallen meer mkb-ers bereikt dan in 2023.

Meer samenhang tussen initiatieven voor het mkb in de regio.

De MRDH organiseerde drie kennissessies voor accountmanagers van de 21 gemeenten. Naast bruikbare informatie voor mkb- bedrijven (zoals het bestaan van de hiervoor genoemde projecten en programma’s waaraan de MRDH in 2024 een bijdrage verleende) deelden gemeenten ook informatie met elkaar over gemeentelijke initiatieven. De MRDH heeft met gemeente Den Haag het project Global Market Entry Program gepresenteerd met de uitnodiging voor andere gemeenten om deel te nemen. De BCEV heeft een bijdrage verleend voor het project. De MRDH zorgt voor het aanhaken van gemeenten door deelname aan de regionale Actie agenda ondernemerdienstverlening.

68

Wat deden we daarvoor? Aangegeven inspanning/activiteit 2024

Status

Toelichting

Versterken mkb Op basis van een in 2023 uitgevoerde behoefte-inventarisatie onder accountmanagers ondernemers/bedrijven van 21 gemeenten wordt een bijbehorend uitvoeringsplan opgesteld. De activiteiten die in het uitvoeringsplan voor 2024 bepaald zijn gaan we in 2024 uitvoeren.

We leveren een financiële bijdrage aan één tot twee projecten waarin het mkb gestimuleerd wordt innovatie toe te passen.

We onderhouden een netwerk van accountmanagers ondernemers/bedrijven van 21 gemeenten en we delen kennis over innovatieprogramma's, regelingen en best practices via twee tot drie sessies en/of via andere kanalen die uit de behoefte-inventarisatie van 2023 komen.

In de drie accountmanagersnetwerkbijeenkomsten hebben we gewerkt aan de versterking van het accounthouderschap van gemeenten richting mkb. Ook zijn daar projectinformatie en lessen uit projecten gedeeld met de accountmanagers van de gemeenten. Via jaarafspraken met IQ is er bijgedragen aan de innovatieprogramma's Energie & Klimaat en Zorgtech. MRDH heeft € 200.000 cofinanciering gegeven aan:  Gemeente Den Haag voor het project Global Market Entry Program. Doel van het project is om het regionale mkb te ondersteunen om een internationale markt succesvol te betreden. Het programma is een doorontwikkeling van een programma dat gemeente Den Haag al aan haar eigen mkb-ers aanbod. Nu wordt het ook opengesteld voor mkb-ers uit alle MRDH-gemeenten. De MRDH organiseerde drie bijeenkomsten voor het netwerk van gemeentelijke accountmanagers. In 2024:  Ondernemersdienstverlening en samenwerkingsmogelijkheden TU Delft Campus met MKB  Hoe werkt een fieldlab? Wat hebben mkb-ers eraan? Een kijkje bij RoboHouse in Delft.  Hoe kunnen MRDH projecten en programma’s ondernemers (beter) bereiken? En welke rol kunnen accountmanagers hierbij spelen?

Versterken innovatie-ecosysteem en innovatieprogramma’s In Region of the Future wordt samen met Yes!Delft oplossingen ontwikkeld voor regionale innovatievraagstukken. Startups ontwikkelen schaalbare, commercieel en technisch haalbare oplossingen. Gemeenten kunnen hier optreden als eerste klant, waardoor maatschappelijke opgaven direct worden gekoppeld aan de uitdagingen van individuele gemeenten. De nieuwe producten en diensten die dit oplevert zorgen voor stageplaatsen, nieuwe bedrijvigheid, kostenbesparingen en productiviteitsgroei. Daarnaast stimuleren we sectorale innovatieprogramma’s en innovatieve programma’s/projecten op economische toplocaties die ervoor zorgen dat bedrijven hun vernieuwende producten en diensten sneller ontwikkelen in testomgevingen (‘fieldlabs’). Hierbij ligt de focus op het toepassen van innovatie bij het mkb. De MRDH stimuleert innovatie door met strategische partners zoals InnovationQuarter en de provincie 69

Zuid-Holland financiering en schaalvergroting van programma’s te organiseren waardoor deze meer maatschappelijke- en economische effecten opleveren. Wat wilden we bereiken? Resultaten begroting 2024

Hoe droegen de activiteiten bij aan de resultaten?

Toename percentage van startups en scaleups binnen de totale bedrijvigheid in de regio.

We verwachten een toename in het percentage van startups en scaleups door: 1. Op 11 november 2024 heeft de bestuurscommissie EV de intentieverklaring startup/scaleup ondertekend, samen met provincie ZuidHolland, Delft, Den Haag Rotterdam en Leiden. Partijen zetten een regionaal samenwerkingsprogramma op voor startups en scaleups om van Zuid-Holland een bloeiend ecosysteem en de Europese kraamkamer te maken voor startups en scaleups. Deze moeten bijdragen aan maatschappelijke transities en sleuteltechnologieën versnellen, brede welvaart verbeteren en het verdienvermogen versterken. De focus ligt op: a) meer kansrijke en ambitieuze startups, b) een hoger percentage startups dat consistent doorgroeit naar scaleups, c) meer succesvolle scaleups die doorgroeien tot internationale marktleiders.

Adoptie van businesscases uit het innovatie-ecosysteem door minimaal tien gemeenten.

2. IQ heeft mede door cofinanciering van de MRDH startups kunnen helpen hun producten en diensten op de markt te brengen en te laten groeien. In 2024 zijn twee edities van het Market Readiness Programma georganiseerd waarmee 36 startups en innovatieve mkb’ers geholpen zijn. Er zijn nog geen adopties. De eerste periode van het programa Region of the Future was nodig om mogelijke oplossingen te ontwikkelen. Het daadwerkelijk adopteren van nieuwe oplossingen blijkt lastiger te zijn dan eerder gedacht. Implementatie heeft een veel langere doorlooptijd. Het is de verwachting dat de implementatie waarschijnlijk pas na afronding van het RotF programma te zien zal zijn.

70

Wat deden we daarvoor? Aangegeven inspanning/activiteit 2024

Status

Toelichting

Versterken innovatie-ecosysteem en innovatieprogramma’s We brengen de resultaten van het programma Region of the Future (RotF) actief onder de aandacht van gemeenten en we kijken met gemeenten of zij kunnen/willen optreden als launching customer. We kijken op basis van de resultaten van het programma Region of the Future in 2023 of er nieuwe en bestaande startups kunnen worden versterkt. In de afspraken met InnovationQuarter versterken we innovatie-ecosystemen en stellen de rol van regionaal mkb daarin centraal.

De programmamanager van Region of the Future heeft presentaties gegeven in de bestuurscommissie EV, het ambtelijk overleg EV en in het accountmanagersnetwerk van de MRDH. Ook is er regelmatig aandacht voor het programma in de MRDH nieuwsbrief. Vanuit het programma Region of the Future is in 2024 een nieuwe startup, Whitebox, opgericht n.a.v. het maken van een chatbot voor een aantal gemeenten. InnovationQuarter heeft de door de bestuurscommissie goedgekeurde activiteitenlijst in 2024 uitgevoerd. Het gaat daarbij o.a. om de volgende activiteiten: - De doorontwikkeling van innovatieprogramma’s Energie & Klimaat en Zorgtech: In het innovatieprogramma Zorgtech zijn circa 25 innovatieprojecten opgezet en financieel ondersteund via vouchers, 15 ondernemers zijn ondersteund om hun bedrijfsgroei verder vorm te geven, en 9 themabijeenkomsten zijn georganiseerd voor intervisie en kennisuitwisseling tussen ondernemers. In het innovatieprogramma Energie & Klimaat hebben o.a. 7 ondernemers met oplossingen voor energieopslag, golfenergie en innovatieve toepassingen van warmteopslag, vouchers gekregen om hun product door te ontwikkelen.

- Het betrekken van startups en scaleups bij projecten en een bijdrage aan het regioplan Startup/Scaleups: De eerste behaalde mijlpaal daarin is de intentieverklaring die publieke partijen in 2024 hebben getekend voor het versterken van het regionale startup/scaleup ecosysteem. - IQ heeft bedrijven geholpen hun producten en diensten op de markt te brengen en te laten groeien. In het derde kwartaal van 2024 stond de teller op 89 geholpen organisaties. In 2024 zijn daarnaast twee edities van het Market Readiness Programma georganiseerd waarin IQ 36 startups en innovatieve mkb’ers geholpen heeft.

71

-

-

Bedrijven op weg geholpen naar financiering: In het derde kwartaal van 2024 had IQ € 24,9 miljoen investeringen uitgelokt, waarvan 41% privaat. De stand van het vierde kwartaal is nog niet bekend. De uitvoering van het Investor Relations programma: circa 300 bedrijfsbezoeken hebben plaatsgevonden waarvan de uitkomsten in 2025 gerapporteerd worden, en met de adviescommissie en bestuurscommissie gedeeld zullen worden.

2.3.1.2 Opdracht 4: vernieuwen van werklocaties Het economisch en maatschappelijke belang van winkelgebieden, kantorenlocaties en bedrijventerreinen is groot. Deze plekken bieden werkgelegenheid aan een brede beroepsbevolking, bieden ondernemers en bedrijven de ruimte om te produceren, innoveren en slimme oplossingen te bedenken. Daarmee spelen ze (in potentie) een sleutelrol in grote transities, zoals de energietransitie, circulaire transitie en klimaatadaptatie (waaronder ruimte voor groenblauwe oplossingen op bedrijventerreinen) en digitalisering. Aan de hand van de Strategie werklocaties MRDH sturen de 21 gemeenten op het versterken van de ruimtelijke economische structuur van de regio door marktevenwicht tussen vraag en aanbod van ruimte te stimuleren, het beter benutten van de bestaande werklocaties en het aanjagen van vergroening en verduurzaming. De MRDH organiseert de regionale afstemming tussen de individuele gemeenten om gezamenlijk te sturen op de voorraad van winkels, bedrijventerreinen en kantoren. Wat wilden we bereiken? Resultaten begroting 2024

Hoe droegen de activiteiten bij aan de resultaten?

Lager percentage leegstand bedrijventerreinen, kantoren en detailhandel (op basis van vloeroppervlakten).

In de strategie werklocaties MRDH 2019-2030 zijn afspraken gemaakt over het toevoegen en transformeren van kantoren. Door het transformeren van kantoren de afgelopen jaren en door invulling van bestaande kantoren is de leegstand de afgelopen jaren afgelopen gedaald tot 6,7% (peildatum 2023). Beter benutten is een belangrijk uitgangspunt in de Strategie Bedrijventerreinen MRDH 2023-2030. De eerste stappen voor het beter benutten van bedrijventerreinen zijn gezet door inzichtelijk te maken welke kansen er liggen.

Beter benutten van geschikte locaties voor watergebonden bedrijven en voor HMC-bedrijven op bestaande bedrijventerreinen.

72

Hoger percentage kantoren met minimaal energielabel C.

In 2022 had 55% van het aantal kantoren minimaal label C, in 2023 is dit gestegen naar 64%.

Revitalisering/verduurzaming verouderd of leegstaand vastgoed op bedrijventerreinen voor nieuwe bedrijvigheid.

In de strategie bedrijventerreinen 2023-2030 staan uitgangspunten om te komen tot revitalisering en verduurzaaming van bedrijventerreinen. Vanuit de MRDH dragen we hieraan bij door gezamenlijk onderzoek, kennisdeling en projectbijdrage om verouderd en leegstaand lastgoed te revitaliseren.

Wat deden we daarvoor? Aangegeven inspanning/activiteit 2024

Status

Toelichting

Vernieuwen van werklocaties We voeren de in 2023 opgestelde Uitvoeringsagenda 2023-2024 voor het programma werklocaties uit langs de lijnen: bedrijventerreinen, kantoren, detailhandel/ vitale kernen.

We organiseren regionale afstemming ten behoeve van passende ruimte voor werklocaties. Dit gebeurt op basis van een adviesvraag van gemeenten.

We monitoren de regionale kantorenmarkt en de regionale winkelvoorraad.

We organiseren zes bijeenkomsten over verschillende thema’s binnen het domein werklocaties voor kennisdeling, netwerkvorming en beleidsvorming.

De uitgangspunten in het Uitvoeringsprogramma EV 2024 zijn de basis geweest voor de activiteiten van 2024 zoals; de gestarte onderzoeken voor ruimte voor werken (kantorenstrategie, onderzoek vitale kernen, beter benutten onderzoeken), kennisdeling op het gebied van het beter benutten van bedrijventerreinen, en een zestal verleende projecten via de bijdrageregeling EV. In 2024 is er geen adviesaanvraag behandeld in de bestuurscommissie EV. Wel zijn er twee mededelingen gedaan in de bestuurscommissie EV over de transformatie van Haven Noord in de gemeente Nissewaard en de tijdelijk opvang op bedrijventerrein Harnaschpolder in de gemeente Midden-Delfland. De MRDH heeft een kantorenmonitor opgeleverd. Hierin is opgenomen dat de leegstand nog meer is afgenomen en het aanbod op de toplocaties zeer beperkt is. Daarnaast zijn diverse gegevens van de detailhandel, zoals de winkelleegstand en het type aanbod in winkels door Locatus gemonitord.Op basis hiervan is de MRDH gestart met de vernieuwing van de kantorenstrategie, daarnaast gebruikt de MRDH de gegevens om invulling te geven aan het programma vitale kernen. Daarmee wil de MRDH zorgen voor voldoende ruimte voor kantoren op toplocaties en zorgen voor levendige kernen. De MRDH organiseerde acht werkgroepen voor werklocaties, waarin kennis en ervaringen werden gedeeld.

Er vonden twee werkbezoeken plaats naar bedrijventerreinen in de gemeenten Midden-Delfland en Nissewaard. Daarnaast bracht de bestuurscommissie EV een werkbezoek aan bedrijventerrein Plaspoelpolder, waar in december 2023 een bijdrage van ruim €500.000 aan werd verleend om het bedrijventerrein beter te benutten. In de Adviescommissie EV werd een 73

We zorgen voor kennisontwikkeling op de (on)mogelijkheden van beter benutten van bestaande bedrijventerreinen (onder meer onderzoeken en kennisdeling van ervaringen van gemeenten).

We dragen (financieel) bij aan projecten gericht op beter benutten van bedrijventerreinen door advisering of inzet van de bijdrageregeling MRDH.

kantorenadviesaanvraag besproken, gevolgd door een werkbezoek aan bedrijventerreinen in Schiedam en Rotterdam, om de urgentie en de inzet van het beter benutten van bedrijventerreinen te benadrukken. De MRDH heeft in 2024 volop ingezet op kennisontwikkeling op het beter benutten van bestaande bedrijventerreinen: het herstructureren of revitaliseren van bestaande terreinen. Dit is immers een complexe opgave. Zowel door onderzoeken te starten (met gemeenten) als door gemeenten te vragen ervaringen te delen in de werkgroep werklocaties, ontstaat er expertise. Kennis is ontwikkeld op: hoe kansen te detecteren, wat het juridisch gereedschap is voor gemeenten, welke stappen in welke volgordelijkheid genomen worden. Deze kennis is van belang om tot een goede uitvoering te komen en de slagkracht van gemeenten te vergroten. In 2024 verleende MRDH aan in totaal zes projecten een bijdrage vanuit de bijdrageregeling Economisch Vestigingsklimaat die gericht zijn op het beter benutten van bedrijventerreinen. MRDH heeft in totaal € 907.879 bijgedragen aan: - Rotterdam, Spaanse Polder - Pijnacker-Nootdorp, Boezem-West - Lansingerland, Klappolder - Vlaardingen, alle bedrijventerreinen - Lansingerland, energyhub - Nissewaard, energyhub

We stellen een lobbystrategie op voor de agendering en bekostiging van de opgave van revitalisering/beter benutten van bedrijventerreinen.

We organiseren twee kennissessies op het gebied van verduurzaming kantoren.

Daarnaast adviseerden wij actief gemeenten bij visie- of planvorming van werklocaties. De MRDH heeft in kaart gebracht waar er kansen zijn voor revitalisering en het beter benutten van bedrijventerreinen. Op basis van deze gegevens is inzichtelijk gemaakt dat er een urgente vraag ligt om te zorgen voor voldoende ruimte voor werken. De MRDH heeft initiatief genomen om met andere metropoolregio's in Nederland te werken aan een lobbystrategie richting het Rijk. Doel is om het onderwerp bij het Rijk te agenderen, zodat er vervolgens ook instrumentarium en middelen beschikbaar komen (om zo verplaatsing en beter benutten mogelijk te maken). In 2024 heeft de MRDH met de belangrijkste kantorengemeenten gewerkt aan een kantorenstrategie, deze wordt in 2025 afgerond. Deze 74

We voeren het programma Next Economy Bedrijventerreinen uit, inclusief projectfinanciering en kennisdeling.

strategie moet leiden tot kwalitatief goede kantoren op de juiste locaties. Verduurzaming is een van de onderdelen van de kwaliteit van kantoren. Het programma Next Economy bedrijventerreinen bestaat niet meer, activiteiten voor verduurzaming en het toekomstbestendig maken van bedrijventerreinen zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma EV 2024 en 2025 en de Strategie Bedrijventerreinen MRDH 2023-2030.

2.3.2 Wat heeft het gekost? Programma 3 Economisch vestigingsklimaat

Realisatie 2024

Verschil gewijzigde Gewijzigde begroting en begroting realisatie 2024 2024

Primaire begroting 2024

Realisatie 2023

Lasten Subtotaal programmakosten Subsidie InnovationQuarter Subsidie YES! Delft Subtotaal directe kosten personeel

2.779.871 986.081 472.399 870.218

-594.630 0 -27.601 -224.021

3.374.501 986.081 500.000 1.094.239

3.160.479 986.081 500.000 1.070.550

3.256.337 950.898 611.746 1.046.248

Totaal lasten

5.108.569

-846.252

5.954.821

5.717.110

5.865.229

Baten Inwonerbijdrage Overige inkomensoverdrachten gemeenten Overige inkomensoverdrachten overig

5.676.964 44.661 0

-19.207 4.661 0

5.696.171 40.000 0

5.677.110 40.000 0

5.368.791 64.009 10.000

Totaal baten

5.721.625

-14.546

5.736.171

5.717.110

5.442.800

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

613.055

831.705

-218.650

0

-422.428

Onttrekking aan Egalisatiereserve EV Geaccordeerd bij bestuursrapportage

-218.650

0

-218.650

0

-1.327.207

Gerealiseerd resultaat

831.705

831.705

0

0

904.779 75

Het jaarbudget voor de programmakosten van € 3,2 miljoen (primaire begroting) is in 2024 meer dan besteed. Er werd in 2024 voor € 2,7 miljoen aan projectbijdragen verleend en er werd voor € 0,6 miljoen aan verdiepende onderzoeken en projectontwikkeling besteed. Bij de 2e bestuursrapportage is daarom de op dat moment bekende nieuwe vrijval in de Egalisatiereserve, vanwege in 2024 lager vastgestelde projectbijdragen, toegevoegd aan het programmabudget. Per saldo was er een onderbesteding van € 51.000, dus het jaarbudget is nagenoeg conform begroting gerealiseerd. Bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2023 in juli 2024 besloot het algemeen bestuur dat de bestuurscommissie binnen twee jaar een bestemming moet geven aan de vrije ruimte in de Egalisatiereserve economisch vestigingsklimaat (€ 0,7 miljoen). In 2024 heeft die extra inzet niet plaatsgevonden en zitten deze middelen nog in de egalisatiereserve. Het jaar 2024 wordt afgesloten met een resultaat van € 0,8 miljoen. € 0,5 miljoen van dit resultaat betreft reeds verleende, maar nog niet financieel afgewikkelde projectbijdragen. Net als eerdere jaren wordt voorgesteld deze middelen toe te voegen aan de reserve.

Voor het resterende nog te bestemmen resultaat van € 0,3 miljoen, voornamelijk ontstaan daar incidentele ruimte op personeelsbudget, wordt voorgesteld om (bestemmingsvoorstel volgt na besluitvorming door bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat 11 juni 2025).

Toelichting financiën: verschillen tussen gewijzigde begroting 2024 en realisatie 2024 Lasten Er is binnen dit programma in 2024 € 846.252 minder besteed aan lasten dan begroot:

1

2 3 4

Onderwerp Programmakosten Waarvan Bijdrageregeling op basis van projectvoortgang Waarvan bestedingen verdiepende onderzoeken en projectontwikkeling Subsidie InnovationQuarter Subsidie YES!Delft Directe kosten personeel Totaal

Begroting 2024 € 3.374.502

Realisatie lasten 2024 € 2.779.872

Verschil 2024 € 594.630

€ 2.151.753 € € 986.081 € 500.000 € 1.094.239 € 5.954.821

628.119

€ 986.081 € 472.399 € 870.218 € 5.108.570

€ 0 € 27.601 € 224.021 € 846.252

76

Ad 1 Programmakosten – Bijdrageregeling EV Op grond van de Bijdrageregeling versterking economisch vestigingsklimaat MRDH 2020 (Bijdrageregeling EV) is in 2024 ten laste van het programmabudget voor € 2,7 miljoen aan projectbijdragen verleend door de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat: Onderwerp

Besluit bestuurscom- Ontvangende gemeente missie EV

Bedrag (€)

Opdracht 2: Toekomstbestendige economie stimuleren Campusprogramma Campusstrategie werken, leren en innoveren

11-12-2024

Den Haag

280.000

Urban Living Lab Binckhaven

11-12-2024

Den Haag

300.000

11-12-2024

Vlaardingen

250.000

Kickstart Lab in verbinding met het regionale innovatie11-12-2024 ecosysteem

Delft

457.380

Niemand Langs de Kant

11-12-2024

Den Haag

300.000

11-12-2024

Den Haag

200.000

Leven Lang Ontwikkelen Riverboard – Gaan voor een Baan

Versterken mkb Global Market Entry Program

Totaal opdracht 2

1.787.380

Opdracht 4: Vernieuwen van werklocaties Bedrijventerreinen Verkenning Smart Energy Hub en laadstation bedrijvenpark Oudeland

9-10-2024

Lansingerland

97.830

Haalbaarheidsonderzoek smart energy hub bedrijventerrein Halfweg-Molenwatering

9-10-2024

Nissewaard

113.200

Ruimtelijk ontwerp Klappolder 2050

9-10-2024

Lansingerland

64.570

77

Ontwikkeling Boezemvaart en versterking bedrijventerrein Boezem-West

13-11-2024

Pijnacker-Nootdorp

82.279

Verduurzaming bedrijventerreinen Vlaardingen

13-11-2024

Vlaardingen

300.000

Beter benutten, verduurzamen en revitaliseren van de 11-12-2024 Spaanse Polder

Rotterdam

250.000

Totaal opdracht 4

907.879

Totaal verleende projectbijdragen 2024

2.695.259

De in 2024 verantwoorde last op dit onderdeel van € 2,2 miljoen is, conform de verslaggevingsregels, op basis van feitelijke projectvoortgang en niet op basis van verleende projectbijdragen. Ad 1 Programmakosten – Verdiepende onderzoeken en projectontwikkeling Binnen het onderdeel programmakosten is er aan verdiepende onderzoeken en projectontwikkeling € 628.119 besteed. Het ging dan bijvoorbeeld om: ● de inzet van een adviesbureau bij de totstandkoming van de kantorenstrategie; ● de inzet van een adviesbureau voor het uitvoeren van scans om de opties voor het beter benutten van de bedrijventerreinen in de regio in beeld te brengen; ● Inhuur van een kwartiermaker om te komen tot een regionaal samenwerkingsprogramma voor startups en scaleups in de regio ZuidHolland; ● inzet van een adviesbureau voor het maken van een verdiepende analyse voor de Visie op het Economisch Vestigingsklimaat; ● een licentie voor detailhandelsinformatie. Samen met de verleende projectbijdragen aan gemeenten van € 2.695.259 is er voor € 3.323.378 aan verplichtingen aangegaan in 2024. Ten opzichte van het budget van € 3.374.501 een onderbesteding van € 51.123, en daarmee nagenoeg conform begroting gerealiseerd. Ad 2 Subsidie InnovationQuarter De begrote subsidie aan InnovationQuarter van € 986.081 is volledig besteed.

InnovationQuarter (IQ) is als regionale ontwikkelingsmaatschappij in Zuid-Holland een belangrijke partner in het realiseren van de doelstellingen van de Metropoolregio met 78

betrekking tot versterking van het economisch vestigingsklimaat. Voortbouwend op de subsidierelatie van de afgelopen jaren heeft IQ in 2024 ingezet op drie pijlers: innoveren, secretariaat Economic Board Zuid-Holland (EBZ) en het Investor Relations Programma (internationaliseren). Ad 3 Subsidie YES!Delft De voortgang op het driejarige subsidieproject Region of the Future was in 2024 nagenoeg conform begroting. De begroting is op basis van voortgang in tijdsduur. De werkelijke voortgang wijkt daar iets van af. Totale uitvoering van het project vindt binnen de maximale subsidie van € 1.500.000 plaats. Zie ook de inhoudelijke toelichting op de samenwerking met YES!Delft bij Wat wilden we bereiken? en Wat deden we ervoor? voor wat betreft het programma Region of the Future. Ad 4 Directe kosten personeel De onderbesteding van € 224.021 wordt veroorzaakt door lagere inschalingen dan begroot en een openstaande vacature waarop slechts een deel van het jaar is ingehuurd. Baten Inwonerbijdrage De inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat bedraagt in de begroting 2024 € 7.278.783 en is conform begroting gerealiseerd. Deze inwonerbijdrage wordt deels verantwoord binnen het programma Economisch Vestigingsklimaat (€ 5.676.964) en is voor het overige deel beschikbaar als dekking voor de aan Economisch Vestigingsklimaat gerelateerde overhead (€ 1.601.819, zie hoofdstuk 2.4).

De lagere realisatie van € 19.207 ten opzichte van de begroting binnen het programma Economisch Vestigingsklimaat is gelijk aan de lagere realisatie binnen de overhead (zie hoofdstuk 2.4). Overige inkomensoverdrachten gemeenten Dit betreft de afname van gemeenten van gegevens over detailhandel op basis van licentieovereenkomsten. Realisatie is iets hoger dan begroot, vanwege de jaarlijkse indexering die in de overeenkomst is opgenomen.

Reserves De onttrekking aan de Egalisatiereserve van € 218.650 is conform begroting gerealiseerd en bestond uit in 2024 vrijgevallen middelen vanwege lager vastgestelde projectbijdragen. Door deze middelen opnieuw toe te voegen aan het programmabudget konden ze opnieuw worden ingezet voor projecten en opdrachten op het gebied van Toekomstbestendige economie stimuleren en Vernieuwen van werklocaties. Ruim driekwart van deze middelen kon in 2024 opnieuw worden ingezet, de onderbesteding op de programmakosten bedraagt € 51.123.

79

Toelichting verloop en bestemming Egalisatiereserve EV Voor de financiële afwikkeling van verleende projectbijdragen is de Egalisatiereserve economisch vestigingsklimaat ingesteld. De Egalisatiereserve EV bestond per 1 januari 2024 (na resultaatbestemming jaarrekening 2023) uit de volgende onderdelen:

Het financiële verloop van de tot en met 2024 verleende projectbijdragen aan gemeenten is als volgt: Jaar

Verleend t/m 2024

Bevoorschot Vrijval t/m Nog te bevoorBevoorschot Vrijval 2024 Nog te bevooren afgerekend 2023 schotten en af te en afgerekend schotten en af te t/m 2023 rekenen t/m 2023 2024 rekenen t/m 31-122024

Correctie Benodigde bestedingen * Egalisatiereserve 31-12-2024

2015-2018 9.531.844 8.626.505 905.339 0 0 0 0 0 0 2019 2.143.219 2.079.365 23.853 40.000 0 2.405 37.595 -37.595 0 2020 2.549.000 2.054.654 84.346 410.000 221.219 148.781 40.000 -40.000 0 2021 2.388.064 1.727.493 75.000 585.571 138.471 93.333 353.767 -196.261 157.506 2022 2.569.394 1.875.475 0 693.919 14.939 31.272 647.709 133.491 781.200 2023 3.089.930 1.301.440 0 1.788.490 482.504 0 1.305.986 159.220 1.465.206 2024 2.695.259 0 0 2.695.259 90.560 0 2.604.699 -20.090 2.584.609 Totaal 24.966.710 17.664.932 1.088.538 6.213.239 947.693 275.791 4.989.756 -1.235 4.988.521 * vanwege het voorgeschreven baten en lasten stelsel, waarbij de lasten de daadwerkelijk projectvoortgang dienen te volgen, zijn de lasten in boekjaar 2024 per saldo verhoogd met € 1.235 en op de balans geboekt (saldo bestaat uit € 841.734 Vooruitbetaalde projectbijdragen en € 842.968 nog te betalen projectbijdragen). Voor de juiste balanspositie per jaareinde dient de Egalisatiereserve economisch vestigingsklimaat met dit bedrag te worden verhoogd.

Per jaareinde dient € 4.988.521 beschikbaar te zijn in de egalisatiereserve voor de financiële afwikkeling van tot en met 2024 verleende bijdragen. Na onttrekking van de in 2024 beschikbaar gestelde reserve van € 218.650 en rekening houdend met de nog financieel af te wikkelen bijdragen, is het verloop van de reserve als volgt:

80

Saldo 1 januari 2024 Onttrekking 2024 Saldo 31 december 2024 Nog af te rekenen tot en met 2024 verleende projectbijdragen Nog concreet te bestemmen voor medio 2025 Nog concreet te bestemmen voor medio 2026 Tekort

€ 5.421.548 € 218.650 € 5.202.898 € 4.988.521 € 289.806 € 410.937 € -486.366

Voorstel Resultaatbestemming Het gerealiseerde resultaat over het boekjaar 2024 bedraagt € 831.705. Voorstel is om hiervan € 486.366 toe te voegen aan de Egalisatiereserve EV om het tekort van de reserve per 31 december 2024 aan te vullen. Dan resteert er een nog te bestemmen resultaat van € 345.339. Dit resultaat bestaat uit de volgende posten: Onderbesteding programmabudget (budget minus verleende bijdragen en lasten verdiepende onderzoeken en projectontwikkeling) Onderbesteding subsidie YES!Delft jaarschijf 2024 Onderbesteding personele kosten op het programma Extra niet begrote inkomsten gemeenten Overbesteding op overhead Vrijval lagere vaststelling bijdragen in 2024 Reeds ingezette vrijval (2e bestuursrapportage 2024) Totaal

€ 51.123 € 27.601 € 224.021 € 4.661 € -19.207 € 275.791 € -218.650 € 345.339

(Bestemmingsvoorstel volgt na besluitvorming door bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat 11 juni 2025). De Egalisatiereserve EV bestaat na deze voorgestelde resultaatbestemming uit de volgende onderdelen: (overzicht volgt na besluitvorming door bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat 11 juni 2025)

81

Toelichting financiën: verschillen tussen realisatie 2024 en realisatie 2023 De grootste verschillen worden hierna toegelicht (afronding op duizendtallen). Lasten De realisatie van de lasten was in 2024 € 758.000 lager ten opzichte van 2023. Dit bestaat uit de volgende onderwerpen: 1 2 3 4 5

Onderwerp ProgrammakostenBijdrageregeling Programmakosten - overig Subsidie InnovationQuarter Subsidie YES!Delft Directe kosten personeel Totaal

Realisatie 2024 € 2.152.000

Realisatie 2023 € 2.603.000

€ 628.000 € 986.000 € 472.000 € 870.000 € 5.108.000

€ 653.000 € 951.000 € 612.000 € 1.046.000 € 5.865.000

Verschil -/- € 451.000 -/- € 25.000 € 35.000 -/- € 140.000 -/- € 176.000 -/- € 757.000

Toelichting verschillen: Programmakosten-bijdrageregeling EV Het betreft vaak meerjarige projecten waarvan de bestedingen de projectvoortgang volgen. De bestedingen fluctueren daardoor ook tussen de jaren. Wel is er in 2024 € 395.000 minder aan projectbijdragen verleend ten opzichte van 2023. Dit verklaart een deel van het verschil. Subsidie InnovationQuarter De hogere lasten in 2024 betreffen indexatie van de subsidie. Subsidie YES!Delft Het in juni 2022 gestarte subsidieproject Region of the Future kent een gemiddelde jaarlast van € 500.000. Financiële projectvoortgang liep in 2023 voor op de planning, dat betekent dat in de resterende periode minder bestedingen kunnen worden verantwoord binnen de maximale verleende subsidie, daarom een lagere last 2024. Directe kosten personeel In 2023 werd de vacatureruimte en het beschikbare budget vanwege lagere inschalingen volledig ingezet door inhuurkrachten, in 2024 is slechts voor een deel van het jaar ingehuurd. Daarnaast heeft de Cao stijging een tegengesteld effect. Baten 82

De realisatie van de baten was in 2024 € 279.000 hoger dan in 2023. Dit heeft voornamelijk te maken met de gestegen inwonerbijdrage in de begroting 2024 ten opzichte van de begroting 2023.

2.4 Overzicht overhead 2.4.1 Wat hebben we gedaan? Zie hoofdstuk 3.4.2 paragraaf Bedrijfsvoering voor een toelichting op de werkzaamheden. 2.4.2 Wat heeft het gekost? Overhead

Realisatie

(euro's) 2024

Verschil gewijzigde

Gewijzigde

Primaire

begroting en

begroting

begroting

Realisatie

realisatie 2024

2024

2024

2023

Lasten: Personele overhead Va

4.119.195

346.177

3.773.018

3.444.557

3.696.417

Materiële overhead Va

2.160.265

-230.695

2.390.960

2.799.200

2.087.208

6.279.460

115.482

6.163.978

6.243.757

5.783.625

Personele overhead EV

1.061.753

76.881

984.872

901.873

928.637

Materiële overhead EV

540.066

-57.674

597.740

699.800

521.802

1.601.819

19.207

1.582.612

1.601.673

1.450.439

7.881.279

134.689

7.746.590

7.845.430

7.234.064

Totaal lasten

Binnen de kosten van overhead onderscheiden wij twee soorten kosten. Dit zijn personele kosten en materiële kosten. In de personele kosten zitten de salarislasten van leidinggevenden, secretaresses en medewerkers binnen bedrijfsvoering. Dit wordt ook wel personele overhead salarislasten genoemd. De rest van de medewerkers valt onder de directe salarislasten die bij de begrotingsprogramma’s worden verantwoord. De materiële kosten bevatten de kosten van bedrijfsvoering. De overhead laat een overschrijding zien van € 134.689 ten opzichte van de begroting. Dit is opgebouwd uit een positief saldo van € 288.369 op de materiële overhead dat wordt veroorzaakt door activiteiten die doorschuiven in de tijd, activiteiten die lager zijn uitgevallen dan begroot en meevallers. De personele overhead salarislasten kent een negatief saldo van € 423.058. Dat wordt grotendeels veroorzaakt door de kosten 83

voor het opvangen van langdurige ziektegevallen, ontstane vacatures, doorontwikkeling van MRDH Support en in voorgaande jaren door het management van de MRDH-organisatie gemaakte organisatorische keuzes. Op het budget van de directe salariskosten in de programma’s wordt echter tegelijkertijd een onderschrijding van € 1.050.473 gepresenteerd. Het saldo van de totale salarislasten is daarmee met € 627.415 positief. Zie hoofdstuk 3.4.2 Bedrijfsvoering voor een verdere toelichting op het resultaat. Dekkingsbronnen overhead

Realisatie

(euro's) 2024

Verschil gewijzigde

Gewijzigde

Primaire

begroting en

begroting

begroting

Realisatie

realisatie 2024

2024

2024

2023

Onttrekking fonds BDU

6.279.460

115.482

6.163.978

6.243.757

5.783.625

Inwonersbijdrage EV

1.601.819

19.207

1.582.612

1.601.673

1.450.439

Totale dekkingsbron

7.881.279

134.689

7.746.590

7.845.430

7.234.064

Resultaat voor reservemutaties

0

0

0

0

Resultaat

0

0

0

0

0

De kosten voor de personele en materiële overhead worden voor zover deze betrekking hebben op verkeer en openbaar vervoer (Vervoersautoriteit/Va) gedekt vanuit de BDU. Voor zover deze kosten betrekking hebben op de versterking van het economisch vestigingsklimaat worden deze kosten gedekt vanuit de inwonersbijdrage. Door een overbesteding van € 134.689 op de overhead is er meer dekking nodig.

84

Indicatoren Taakveld

Indicator

Realisatie 2024

Begroting 2024

1

0. Bestuur en ondersteuning

Formatie

2

0. Bestuur en ondersteuning

Bezetting

3 4

0. Bestuur en ondersteuning 0. Bestuur en ondersteuning

Apparaatskosten Externe inhuur

5

0. Bestuur en ondersteuning

Overhead

0,039 fte per 1.000 inwoners 0,037 fte per 1.000 inwoners € 5,32 per inwoner 12,17% van de totale loonsom 1,23% van de totale lasten

0,038 fte per 1.000 inwoners 0,036 fte per 1.000 inwoners € 5,68 per inwoner 9,77% van de totale loonsom 1,27% van de totale lastenbegroting

Ad 1) De formatie bedroeg in 2024 95,6 Fte. Het aantal inwoners van de MRDH bedraagt per 1 januari 2023 2.450.768 (begroting 2024). Ad 2) De bezetting bedraagt per 31 december 2024 90,2 Fte. Het betreft in alle gevallen de medewerkers met een aanstelling bij de MRDH en betreft niet de externe inhuur. Deze inhuur wordt verantwoord binnen de indicator externe inhuur. Het aantal inwoners van de MRDH bedraagt per 1 januari 2023 2.450.768 (begroting 2024). Ad 3) De totale apparaatskosten bedroegen in 2024 € 13,0 miljoen (zie hoofdstuk 3.4 Bedrijfsvoering, directe salariskosten en totale overhead). Het aantal inwoners van de MRDH bedraagt per 1 januari 2023 2.450.768 (begroting 2024). Ad 4) De totale loonsom bedraagt in 2024 € 10,3 miljoen (zie hoofdstuk 3.4 Bedrijfsvoering, directe salariskosten en personele overhead). De externe inhuur bedraagt in 2024 € 1.258.868. Voor 4% betreft deze inhuur medewerkers van de MRDH-gemeenten. Ad 5) De overhead bedraagt in 2024 € 7,9 miljoen (zie het overzicht Overhead in dit hoofdstuk). De totale lasten bedragen in 2024 € 639,9 miljoen (zie Hoofdstuk 4 Overzicht van baten en lasten). De lasten worden gefinancierd uit de BDU voor de Vervoersautoriteit en uit de inwonerbijdrage voor Economisch Vestigingsklimaat. -0-0-0-

85

Hoofdstuk 3

Paragrafen -0-0-03.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het begrip ‘weerstandsvermogen’ Het financieel weerstandsvermogen van de MRDH is het vermogen om niet-structurele financiële risico’s op te vangen zonder dat de uitvoering van de taken in het gedrang komt. Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de bekende risico’s waarvoor geen afdoende stuur- en beheersmaatregelen kunnen worden getroffen of waarvoor geen voorzieningen bestaan. Beleidsnota Het algemeen bestuur stelde op 12 juli 2019 de beleidsnota Risicomanagement en Weerstandsvermogen vast. Relevante onderdelen uit deze beleidsnota zijn verwerkt in deze paragraaf weerstandsvermogen. Risico’s algemeen De mogelijke maatregelen om de risico’s te beheersen en/of financieel te dekken zijn: - risico’s onder controle houden door stuur- en beheersmaatregelen (bijvoorbeeld door het afsluiten van verzekeringen of het aanscherpen van de regelgeving); - risico’s financieel afdekken door het instellen van voorzieningen voor risico’s die kunnen worden gekwantificeerd en het instellen van een weerstandsvermogen voor risico’s die niet financieel kunnen worden gekwantificeerd. Regelmatig doen zich normale bedrijfsrisico’s voor. Daarom zijn die vrij goed meetbaar. Je kunt ze daardoor afdekken door beheersmaatregelen of het afsluiten van verzekeringen.

Risico’s programma Economisch Vestigingsklimaat De risico’s die samenhangen met de taken voor het versterken van het economisch vestigingsklimaat kan de MRDH alleen met eigen weerstandscapaciteit afdekken. In een uitgevoerde financiële risicoanalyse (2015) is het risico bepaald van het eventueel wegvallen van een deel van de inwonerbijdragen. Dit risico is met de vaststelling van zogenaamde uittreedregels komen te vervallen. Op 12 juli 2019 stelde het algemeen bestuur de ‘Algemene regels voor uittreding uit de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014’ vast. Daarin staat opgenomen dat bij uittreding een uittreedsom wordt bepaald: het bedrag dat de uittredende deelnemer dient te betalen aan de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (GR MRDH) en dat bestaat uit de schade die de GR MRDH lijdt als gevolg van de uittreding. Het aanhouden van een aparte reserve is daardoor niet meer nodig.

86

Risico’s programma’s Exploitatie- en Infrastructuur verkeer en openbaar vervoer De risico’s die samenhangen met de activiteiten voor verkeer en vervoer worden allereerst opgevangen met een risicobuffer die binnen de projecten, waarbij financiële risico’s worden geïdentificeerd, wordt aangehouden. Wanneer deze risicobuffer niet afdoende is, worden de BDUmiddelen aangesproken. Dit heeft tot gevolg dat andere bestedingen ten laste van de BDU-middelen lager worden en/of vertragen. De taken voor verkeer en vervoer worden in hoge mate (>99%) gefinancierd met rijksmiddelen. Omdat we deze middelen, voor zover ze nog niet zijn besteed, beschouwen als vreemd vermogen, kun je van deze middelen geen risicoreserve opbouwen. Financiering OV-bedrijven Zoals in hoofdstuk 4.1 (Financiering) al is gemeld, financiert de MRDH de investeringen in railvoertuigen en -infrastructuur van de regionale OV-bedrijven. Dat brengt risico’s met zich mee die in een in 2016 uitgevoerd extern onderzoek nader zijn geduid. Daaruit blijkt dat je een reserve moet vormen om de risico’s, die van directe invloed zijn op de economische waarde van het te financieren materieel, naar behoren af te dekken. Daarbij is meegewogen dat de MRDH voor de periode 2016-2026 een railconcessie had gegund aan de OV-bedrijven RET en HTM.

Ook dat de MRDH een eerste zekerheidsrecht verwerft over de te financieren activa en dat het kredietrisico wordt beperkt, doordat de afschrijvingen over door de MRDH goedgekeurde railinvesteringen en de rente over de daarvoor verstrekte leningen in de maandelijks door de MRDH te betalen concessievergoeding zijn opgenomen. Op grond van een referentievergelijking is vastgesteld dat een waardedaling van 35% als uitgangspunt voor de risicoberekening verdedigbaar is. De risico-inschatting voor de beide OV-bedrijven is daarnaast als laag geclassificeerd en daaruit volgt een risicoweging van 8% als uitgangspunt voor de risicoberekening. Ook financiert de MRDH op grond van de verordening Bussenleningen investeringen in bussen. De belangrijkste overweging voor het instellen van deze verordening is het faciliteren van adequate en goedkopere financieringsmogelijkheden voor concessie houdende vervoerbedrijven voor de gewenste transitie naar zero emissie-busvervoer. De ondergrens voor de opbouw van de risicoreserve financieringen bedraagt vanaf 1 januari 2024 (MRDH-begroting 2025) € 10 miljoen berekend op basis van de maandelijks te betalen concessievergoedingen. Uitgaande van een worst case-scenario (faillissement) wordt de kans dat maximaal één maand aan concessievergoeding als verloren moet worden beschouwd, als hoog (90%) ingeschat.

De ondergrens van de op te bouwen risicoreserve wordt daarmee bepaald op € 36 miljoen. De verschillen tussen de in rekening te brengen marktconformiteitsopslag en de jaarlijks benodigde toevoeging aan de risicoreserve worden aangewend als aanvullende dekking voor de lasten van het programma Exploitatie verkeer en openbaar vervoer (hoofdstuk 2.1.2). De daarvoor benodigde BDU-bijdrage wordt daardoor lager. In de volgende tabel is de op te bouwen risicoreserve financieringen in cijfers uitgewerkt:

87

Risicoreservering financiering regionale OV-bedrijven per jaar (euro's)

Jaarrek 2024

Financiering aan HTM, RET en EBS (inclusief garanties)

1.146.228.041

boekwaarde MVA HTM, RET en EBS

1.408.721.574

Economische waarde MVA (65% boekwaarde)

915.669.023

Dekkingstekort economische waarde versus financiering

230.559.018

Weging risico

8%

Netto/gewogen risico

18.444.721

Netto/gewogen risico (ondergrens € 36 miljoen)

36.000.000

Risicoreserve financieringen aanvang jaar cumulatief

30.000.000

In rekening gebrachte marktconformiteits-opslag per jaar

6.919.529

Toevoeging opslag aan risicoreserve

6.000.000

Dekkingstekort risicoreserve ultimo jaar Beschikbaar voor exploitatie

0 919.529

Samenvatting weerstandsvermogen ratio jaarrekening 2024: Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstandsvermogen ratio = Benodigde weerstandscapaciteit

Beschikbare weerstandcapaciteit Financiering OV-bedrijven: Benodigde weerstandscapaciteit Financiering OV-bedrijven:

€ 36.000.000 € 36.000.000

De MRDH streeft ernaar dat het weerstandsvermogen tenminste voldoende is. Dit betekent een minimale weerstandsvermogen ratio van 1 tot 1,4. Weerstandsvermogen ratio:

1 (voldoende)

Uit het bovenstaande overzicht blijkt dat de benodigde weerstandscapaciteit voor de financieringsactiviteiten in 2024 is bereikt. Er is op dit moment geen dekkingstekort op de te bereiken reserve.

88

Kengetallen Kengetallen zijn getallen die een verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de in de jaarrekening opgenomen balans en/of overzicht van baten en lasten. Conform het BBV dienen de volgende kengetallen in de jaarrekening te worden opgenomen:

Kengetallen

2024

2023

Netto schuldquote

158,7% -6,4% 2,3% n.v.t. 1,9% n.v.t.

175,4% -6,5% 2,3% n.v.t. 0,4% n.v.t.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Opmerkingen De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn voor de MRDH niet van toepassing. Bij de beoordeling van de in bovengenoemde tabel opgenomen kengetallen voor netto schuldquote en solvabiliteitsratio moet je het volgende in aanmerking nemen. Ruim 99% van de exploitatie van de MRDH vindt plaats binnen de fondsen (met name de BDU verkeer en vervoer). Uit deze middelen mogen geen reserves worden gevormd. De per balansdatum aanwezige fondssaldi zijn daarnaast conform de bepalingen in het BBV als vlottende schulden te beschouwen. Als gevolg daarvan kun je vernoemde kengetallen voor de in de tabel genoemde jaren niet zonder meer beschouwen als een realistische weergave van de financiële positie van de MRDH. Deze positie wordt in hoofdstuk 3.3 (financiering en treasury) nader beschouwd. De netto schuldquote moet inzicht geven in de ontwikkeling van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen (lasten/baten begroting). Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de quote inclusief en exclusief doorgeleende gelden. Dit maakt inzichtelijk wat het aandeel is van de verstrekte leningen in de exploitatie en welke invloed de verstrekte leningen hebben op de schuldenlast.

De solvabiliteitsratio drukt het eigen vermogen uit als een percentage van het totale vermogen. Het geeft daarmee inzicht in de mate waarin de MRDH in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm. Het kengetal structurele exploitatieruimte geeft inzicht in welke mate de structurele lasten gedekt zijn door structurele baten. Dit is van belang om te beoordelen welke structurele ruimte de MRDH heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten nodig is. Een positief percentage betekent dat incidentele lasten deels uit structurele middelen worden gedekt. 89

Een negatief percentage betekent dat structurele lasten deels uit incidentele baten worden gedekt. De MRDH is geheel afhankelijk van de BDU. 3.2 Onderhoud kapitaalgoederen Investeringen Eventuele toekomstige investeringen worden gepland en begroot vanuit een investeringsplan. Investeringsplannen maken integraal deel uit van de bestuurlijk vast te stellen begroting(swijzigingen). Afschrijvingen Voor zover niet bij wettelijke bepaling geregeld, gelden de volgende uitgangspunten voor het afschrijvingsbeleid voor de materiële vaste activa, zoals vastgelegd in de Financiële verordening 2015 van de MRDH. Afschrijvingsbeleid materiële vaste activa met economisch nut Activa met economisch nut en een verkrijgingsprijs van minder dan € 10.000 worden niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen. Gronden en terreinen worden altijd geactiveerd. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven. De volgende materiële vaste activa met economisch nut worden lineair afgeschreven in: a. maximaal tien jaar: verbouwing, inrichting, renovatie, restauratie van kantoren en bedrijfsgebouwen; b. maximaal tien jaar: technische installaties in bedrijfsgebouwen; c. vijf jaar: telefooninstallaties; d. drie jaar: automatiseringsapparatuur; e. tien jaar: kantoormeubilair; f. maximaal tien jaar: straatmeubilair.

De eerste afschrijving voor de activa met economisch nut start op 1 juli in het jaar van aanschaffing. Gronden De MRDH heeft diverse percelen grond in eigendom, dan wel een recht van opstal daarop gevestigd door de aanleg van tramlijnen. Volgens een actuele kadasteropgave gaat het daarbij om de volgende percelen:

90

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3811/documents/33868