2023 IHP Albrandswaard versie 6 incl Bijlage I - VI.pdf
Tekst van het document
Sporthal
Nieuwbouw Julianaschool 23 lokalen Plot ca 5.200m² Bestaand Julianaschool J 10 lokalen Plot ca 1.575m²
Gymzaal Bestaande Julianaschool S 6 lokalen Plot ca 1.390m²
Met de huidige plannen zal de vervangende nieuwbouw van de Julianaschool een IKC-light worden. Dit houdt in dat er wordt voldaan aan de uitgangspunten, maar dat bewegingsonderwijs niet direct op de locatie plaatsvindt. Dit kan plaatsvinden binnen een straal van 1 km hemelsbreed gemeten. Hierdoor kunnen alle bestaande sportvoorzieningen in gebruik blijven en ontstaat er geen leegstand Op de kaart zijn mogelijke veilige looproutes tot aan de locaties voor het bewegingsonderwijs aangegeven. 29
Daarnaast komen de twee bestaande plots vrij, die voor woningbouw gebruikt kunnen worden. Met woningbouw zullen ook de vele verkeersbelemmeringen op de huidige locaties drastisch afnemen. De verkeerssituatie rondom de beoogde nieuwbouwlocatie kent enkele aandachtspunten. In bijlage 6 is hierover meer informatie opgenomen. Don Bosco Volgens de laatste prognose zal de Don Bosco school uitgroeien tot ongeveer 20 groepen. De verwachte groei naar 20 lokalen kan echter niet worden gerealiseerd op de huidige locatie met een capaciteit van 14 permanente en 2 tijdelijke lokalen. Evenals bij de Julianaschool ligt de sportvoorziening vanaf de nieuwe locatie gemeten binnen 1 km hemelsbreed. Hierdoor is een nieuwe sportvoorziening niet nodig. Voor de nieuwe dislocatie voor de Don Bosco school is het volgende bruto vloeroppervlakte nodig: Onderwijs volgens verordening 6 groepen : 780m² (incl. 1 speellokaal) teamkamer en gespreksruimte : 115m² o.b.v. 1 extra groep Peuterwerk, Passend onderwijs : 100m² indicatief Bewegingsonderwijs : Bestaande sportvoorziening Overige o Buitenruimte : 450m² o Parkeervoorziening docenten : op hoofdlocatie o Fietsenstalling : 75m² Om het ruimtetekort op te heffen wordt een permanente oplossing geboden door de bouw van een nieuwe schoollocatie. Een geschikt perceel ligt in de buurt van de school, aan de Dorpsdijk 238, waar voorheen het Veerhuys stond.
Het kerkbestuur heeft aangegeven open te staan voor de verkoop van dit perceel aan de gemeente, waardoor het grondstuk inmiddels getaxeerd is voor de aankoop ervan. Het streven is om in 2024-2025 te beginnen met de bouw van de nieuwe locatie van de Don Boscoschool.
30
Met de huidige plannen zal de dislocatie van de Don Boscoschool ook een IKC-light worden. Op de kaart is de huidige veilige looproute tot aan bewegingsonderwijs aangegeven. De Dorpskade (bruin gemarkeerd) wordt dit jaar nog omgevormd tot een fietsstraat, waardoor de kinderen nog veiliger van en naar de dislocatie kunnen gaan.
8.3. Toekomstige plannen Stichting Openbaar Primair Onderwijs Albrandswaard en Gro-up willen samen een pilot starten voor een Integraal Kindcentrum, dat zich richt op kinderen van 0-13 jaar. De uitbreiding van De Overkant in Rhoon is beperkt mogelijk en de locatie Valckensteyn-Noord aan de Jan van Almondestraat is nu afgeschreven en kan beter worden gebruikt voor woningbouw. Het samenvoegen van de twee scholen in Albrandswaard-Noord biedt een mooie kans. Op de langere termijn is het interessant om een nieuwbouwlocatie te onderzoeken voor zowel De Overkant als Valckensteyn-Noord, gelegen aan de kant van Albrandswaard-Noord. Dit zou kunnen resulteren in een toekomstbestendige onderwijshuisvesting en synergievoordelen bieden voor beide scholen. De gemeente staat positief tegenover deze plannen en zal in het komende jaar met het schoolbestuur in gesprek gaan om deze plannen te bespreken. De plannen zullen worden opgenomen in het volgende Integraal Huisvestingsplan.
31
9. Financieel
In dit hoofdstuk wordt op basis van de plannen uit het vorige hoofdstuk een inschatting gemaakt van de (nieuwe) investeringen voor de gemeente. Om de investeringen te kunnen bepalen zijn in paragraaf 9.1 eerst de gehanteerde uitgangspunten beschreven. Bij het bepalen van de investeringen wordt vervolgens onderscheid gemaakt in de zogenaamde normvergoeding en marktconforme investeringskosten en zijn ook de verwachte investeringen voor de aanvullende functies (zoals VVE) in beeld gebracht.
9.1. Uitgangspunten Normbedragen De Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Albrandswaard geeft de ruimtelijke en financiële kaders voor het realiseren van nieuwe schoolgebouwen en de uitbreiding ervan. Voor de nieuwbouw en uitbreiding van scholen zijn normvergoedingen opgenomen. Kwalitatief uitgangspunt bij deze normvergoeding is een sober en doelmatig schoolgebouw, dat voldoet aan het wettelijke Bouwbesluit. Het Bouwbesluit (voor o.a. schoolgebouwen) is in 2021 aangepast en betekent onder andere dat een nieuw schoolgebouwen moet voldoen aan de BENG eisen (Bijna Energie Neutraal Gebouw). Volgens de systematiek van de Verordening wordt de normvergoeding per project bepaald op basis van een vaste voet aangevuld met een vast bedrag per groep. Hierbij worden (prijspeil 2023) de volgende bedragen gehanteerd: Voor nieuwbouw bedraagt dit ongeveer € 350.000 per groep, oftewel € 2.700 per m² bvo. • Voor uitbreiding is dit ongeveer € 455.000 per groep, oftewel € 3.050 per m² bvo. Uitsluitingen Zoals aangegeven gelden er normvergoedingen voor het realiseren van nieuwbouw en uitbreiding van schoolgebouwen. Deze normvergoedingen dekken het merendeel van alle stichtingskosten, maar niet alle kosten. Bepaalde kosten zijn niet te normeren en/of project specifiek en daarom niet meegenomen in de normvergoeding (en berekeningen), tenzij anders aangegeven.
kosten voor het slopen van vrijvallende locaties; kosten voor de aankoop van grond; kosten voor schoolpleinen; indexatie voor de komende jaren. aanpassingen aan de openbare ruimte; sloop bestaande scholen; opbrengsten uit de verkoop of herontwikkeling van vrijvallende locaties; Bij de uitwerking van de projectplannen dienen de bovenstaande kosten in beeld te worden gebracht. Marktconforme investeringen De snelle stijging van de bouwkosten in de afgelopen jaren en wijziging van het Bouwbesluit in 2021 (naar BENG) hebben ervoor gezorgd dat de kosten voor het realiseren van een nieuw schoolgebouw aanzienlijk zijn gestegen. De bedragen uit het Verordening worden jaarlijks op basis van de MEV – index (Macro Economische Verkenning) geïndexeerd. Deze indexatie is echter ruim onvoldoende geweest om aan te sluiten bij de werkelijke kostenontwikkeling voor de realisatie van schoolgebouwen. 32
Afschrijftermijn Vervanging van bestaande bouw voor nieuwbouw met een minimale afschrijvingstermijn van 40 jaar.
9.2. Investeringen Op basis van het beoogde programma voor de nieuwbouw van Julianaschool en de uitbreiding van de Don Bosco is een inschatting gemaakt van de totale investeringskosten. In onderstaande tabel is de omvang en de investering weergegeven voor de realisatie van de vervangende nieuwbouw van de Julianaschool en de uitbreiding van de Don Bosco school. Programma Aantal Omvang Voorschoolse educatie en passend onderwijs Kinderopvang Gymzaal / Sportzaal / Sporthal Planning Uitgangspunten Normvergoeding onderwijs Eerste inrichting en meubilair*
Nieuwbouw Julianaschool 23 groepen 2.945 m² incl. 2 speellokalen exclusief exclusief n.v.t. 2025-2026 Nieuwbouw Julianaschool € 7.950.000,€ 100.000,-
Uitbreiding Don Bosco 6 groepen 895 m² incl. 1 speellokaal exclusief exclusief n.v.t. 2024-2025 Uitbreiding Don Bosco € 2.730.000,€ 100.000,-
Totaal (wettelijke plicht) d.d. 2023** € 8.050.000,€ 2.830.000,* Bekostiging van eerste inrichting en meubilair van schoolgebouwen is alleen van toepassing als er extra capaciteit (ten opzichte van de huidige situatie) wordt gerealiseerd. ** In dit bedrag is de bekostiging van de verhuiskosten opgenomen. Het realiseren van beide projecten betekent voor de gemeente een investering van in totaal circa € 10,9 miljoen (inclusief BTW en prijspeil 2023) om te voldoen aan haar wettelijke zorgplicht. Bij het schatten van de kosten zijn een aantal uitsluitingen van toepassing. Dit zijn kosten die niet inbegrepen zijn, zoals kosten voor aanpassingen aan de openbare ruimte, aankoop van grond, etc.
33
10. Risicomanagement
Met de risicoparagraaf geven wij inzicht in de mogelijke risico’s en welke beheersmaatregelen wij toepassen. Veranderende leerlingenprognoses Risico: We hebben de maatregelen in het huidige IHP gebaseerd op de leerlingenprognoses van 2022, die op hun beurt gebaseerd zijn op de verwachte woningbouwontwikkeling in de gemeente. Het is echter belangrijk om te benadrukken dat leerlingenprognoses slechts voorspellingen zijn en jaarlijks kunnen fluctueren. Het is daarom moeilijk om de vraag en het aanbod precies op elkaar af te stemmen. Bovendien zijn de leerlingenprognoses afhankelijk van de bewegingen in de woningbouwontwikkeling, die kunnen vertragen, versnellen of van aard veranderen. Deze ontwikkelingen hebben invloed op het werkelijke aantal leerlingen op zowel school- als gemeenteniveau. Beheersmaatregel: Het IHP is een leidraad en hieraan kunnen geen rechten worden ontleend. Elk jaar toetsen wij de toekenningen van het onderwijshuisvestingsprogramma op basis van de meest recente ontwikkelingen en leerlingenprognoses, waarbij de teldatum van 1 oktober van het jaar voor de aanvraag geldt. Jaarlijks geven wij de gemeenteraad inzicht in de huisvestingsbehoeften van de basisscholen en werken wij nauw samen met gebiedsontwikkeling om tijdig in te spelen op wijzigingen in de woningbouwontwikkelingen.
Op basis van de meest actuele prognoses voor woningbouw, kijken wij voortdurend naar waar er behoefte is aan onderwijshuisvesting en welke specifieke behoeften er zijn. We passen de benodigde onderwijscapaciteit hierop aan. Aanpassingen in de wetgeving Risico: Veranderende regelgeving kan extra kosten voor de (vervangende) nieuwbouw van schoolgebouwen met zich meebrengen. Beheersmaatregel: Als er veranderingen in de regelgeving zijn die financiële gevolgen hebben, zijn we verplicht om ons aan de nieuwe regelgeving te houden. We zorgen ervoor dat we transparant zijn over de effecten van deze veranderingen op het investeringsprogramma en we geven aan welke keuzes er eventueel gemaakt kunnen worden. Grootte van de opgave Risico: Er staan de komende jaren grote uitdagingen op ons te wachten. Om aan de behoeften te voldoen zijn er verschillende maatregelen nodig, zoals nieuwbouw, vervangende nieuwbouw, renovatie, duurzaamheidsmaatregelen en uitbreiding. Dit vraagt veel inzet van zowel de schoolbesturen als de gemeente. De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het leveren van een goede school met een kwalitatief hoogstaand team.
De gemeente heeft daarentegen de taak om een geschikte locatie te vinden en een controlerende rol te spelen tijdens de realisatie van elk project, om te voorkomen dat er overschrijdingen optreden en om te zorgen dat er een kwalitatief schoolgebouw wordt opgeleverd. Beheersmaatregel: We delen de uitdagingen uit het IHP met de schoolbesturen en gaan tijdig met hen in gesprek over de invulling van de locaties, zodat zij voldoende tijd hebben om zich voor te bereiden. Bij de invulling van vervangingsopgaven houden we rekening met de mogelijkheid dat er niet teveel projecten tegelijkertijd bij een enkel schoolbestuur komen te liggen. 34
Niet (tijdig) beschikbaar zijn van locaties Risico: Bij nieuwbouw of uitbreiding van schoolgebouwen kan het gebeuren dat de huisvesting van een school nog niet beschikbaar is op het moment dat het nodig is. Beheersmaatregel: We zorgen voor tijdelijke huisvesting voor de school totdat de permanente huisvesting beschikbaar is. Bij de planontwikkeling houden we rekening met deze tijdelijke bestemming, die zich in de buurt van de uiteindelijke locatie bevindt. Onvoldoende financiële middelen Risico: In de komende jaren staat er een grote opgave op het gebied van onderwijshuisvesting te wachten, die gepaard gaat met aanzienlijke investeringskosten. Hoewel wij de normbedragen van de VNG hanteren, blijken de werkelijke kosten vaak hoger uit te vallen. Als gevolg hiervan kan het voorkomen dat we niet in staat zijn om nieuwe schoolgebouwen te realiseren in ontwikkelgebieden of verouderde schoolgebouwen te vervangen. Dit kan leiden tot situaties waarin kinderen niet in hun eigen buurt naar school kunnen gaan of waarin de staat en functionaliteit van het schoolgebouw onder een acceptabel niveau komen. Beheersmaatregel: We brengen de opgave voor onderwijshuisvesting voor de komende jaren in kaart, waarbij we ook een financiële vertaling maken en rekening houden met actuele bouwprijzen.
We houden daarbij rekening met de meest recente woningbouwplannen, zodat we tijdig inzicht kunnen geven in de benodigde financiële middelen. Risico’s tijdens projectfase Risico: Na het vaststellen van het IHP hebben we de uitvoerbaarheid van de maatregelen getoetst. We definiëren de projecten uit het uitvoeringsprogramma vervolgens verder. Tijdens de projectfase voeren we regelmatig toetsingen uit en deze kunnen leiden tot aanpassingen van de maatregelen. Beheersmaatregel: Voor elk project ondertekenen de schoolbesturen en de gemeente een afsprakenbrief waarin de risico's met betrekking tot de te realiseren vierkante meters, het budget, de randvoorwaarden op het gebied van stedenbouw, verkeer, planning en plantoetsing, alsmede de toekomstige eigendomsverhoudingen en oplevering worden beschreven. In de projectorganisatie wordt risicobeheersing regelmatig besproken.
35
11. Advies en aanbevelingen
Het is de verwachting dat de verplichting voor een IHP dat een periode van 16 jaar bestrijkt binnenkort in de wet staat. Deze zal ook voor Albrandswaard gemaakt moeten worden. Hieronder staan de adviezen voor dit IHP en aanbevelingen die in dat IHP meegenomen moeten worden. 1. Geadviseerd wordt om: a. Het beleid en de uitgangspunten ten aanzien van onderwijs en onderwijshuisvesting vast te stellen waarvan de belangrijkste zijn: - Kwalitatief sterk onderwijs dicht bij huis zo mogelijk in de vorm van integrale kindcentra - Versterking van de doorlopende leerlijn en borging van het Kwaliteitskader (onderwijs)huisvesting van de Primair Onderwijs Raad. b. College opdracht te geven om de plannen voor de nieuwbouw Julianaschool en de uitbreiding Don Boscoschool verder uit te werken in concrete projectplannen met een financiële vertaling en inzicht in de financiële consequenties voor de gemeente; c. Een voorbereidingskrediet van €350.000 beschikbaar te stellen voor de benodigde voorbereidende werkzaamheden voor nieuwbouw Julianaschool en de uitbreiding van de Don Boscoschool. 2. Aanbevelingen voor de volgende IHP: a. Maak een plan dat inzicht geeft hoe voor 2050 alle schoolgebouwen energieneutraal worden. Hiervoor zal een conditiemeting en een duurzaamheidsscan uitgevoerd moeten worden. b.
Onderzoek of het beter is om de ruimtebehoefte primair onderwijs in m²’s weer te geven in plaats van in lokalen. c. Bepaal gezamenlijk de verdere toekomst van een schoolgebouw als het de leeftijd van 40 jaar bereikt. d. Onderzoek of uitgangspunten en plannen met betrekking tot inclusief onderwijs kunnen worden geformuleerd.
36
Bijlage I - Wet- en regelgeving In hoofdstuk 3 staat op hoofdlijnen de wettelijke taak- en rolverdeling beschreven rondom onderwijshuisvesting. In deze bijlage treft u hierover meer toelichting en achtergrond. Het beleid van de gemeente ligt vast in de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Albrandswaard 2015. De verordening is in 2019 voor het laatste aangepast. Deze verordening komt voort uit de Wet op het Primair Onderwijs en de Wet op het Voortgezet onderwijs. Onderwijshuisvesting is een wettelijke taak van de gemeente. In dit hoofdstuk wordt omschreven wat die taak inhoudt, welke wijzigingen op korte termijn verwacht worden en wat het eigen beleid van de gemeente Albrandswaard is. Wettelijke taak onderwijshuisvesting Sinds 1997 hebben gemeenten de verantwoordelijkheid voor de huisvesting van scholen voor basisonderwijs, speciaal basisonderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs volgens artikel 91 en verder van de Wet op het Primair Onderwijs. In Albrandswaard is er geen school voor speciaal onderwijs. Belangrijke aspecten van deze zorgplicht zijn: -
-
-
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor (vervangende) nieuwbouw en uitbreiding van scholen. Gemeenten zijn sinds 2005 niet meer verantwoordelijk voor het onderhoud van scholen voor voortgezet onderwijs, en sinds 2015 ook niet meer voor het onderhoud van scholen voor primair onderwijs. Gemeenteraden zijn verplicht om een verordening op te stellen, waarbij ze in overleg moeten treden met de schoolbesturen. Gemeenten kunnen aanvullend beleid opstellen, maar dat mag niet minder zijn dan wat in de wet staat. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft een modelverordening opgesteld die gebruikt kan worden. Het college van de gemeente stelt jaarlijks het huisvestingsprogramma en -overzicht vast. Schoolbesturen dienen vóór 1 februari aanvragen in voor voorzieningen die het volgende jaar worden uitgevoerd. Het huisvestingsprogramma bevat de goedgekeurde aanvragen en het huisvestingsoverzicht de afgewezen aanvragen.
Uitvoering wettelijke taak onderwijshuisvesting De gemeente is verantwoordelijk voor de financiering van verschillende aspecten van onderwijshuisvesting, waaronder: -
Nieuwbouw en vervangende nieuwbouw Uitbreiding Eerste inrichting van onderwijsleerpakket en meubilair Herstel van constructiefouten Schade als gevolg van bijzondere omstandigheden zoals brand, inbraak en vandalisme Voldoende ruimte voor bewegingsonderwijs Het eigenaarsdeel van de OZB voor schoolgebouwen
De gemeente heeft de schoolgebouwen en hun inboedel verzekerd tegen schade. Gemeentelijk beleid Albrandswaard De Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Albrandswaard 2015 is opgesteld op basis van de modelverordening van de VNG, maar heeft enkele afwijkingen. Zo heeft Albrandswaard besloten 37
om de wijziging van de berekening van de ruimtebehoefte in m² niet over te nemen, maar in plaats daarvan de ruimtebehoefte per groep te blijven gebruiken. Dit komt omdat in de praktijk altijd naar het aantal groepen wordt gekeken en de schoolbesturen en gemeente destijds geen behoefte hadden aan verandering. Hierdoor wordt de uitbreiding en de bepaling van de ruimtebehoefte van een school per groep en niet per m² bepaald. In 2019 is besloten om de normbedragen te indexeren volgens het Bouwkostenkompas van IGG Bouweconomie, dat de marktontwikkelingen van bouwprijzen per sector en regio monitort. Zo kunnen de normbedragen zo realistisch mogelijk worden vastgesteld en geïndexeerd. Financiering onderwijshuisvesting De gemeente ontvangt vanuit het Gemeentefonds middelen voor onderwijshuisvesting die niet specifiek zijn bestemd voor dit doel en niet afhankelijk zijn van werkelijke uitgaven. Op de lange termijn wordt de uitkering als voldoende beschouwd om te voldoen aan de wettelijke verantwoordelijkheid die is vastgelegd in de verordening, hoewel de eisen aan gebouwen in de afgelopen jaren aanzienlijk zijn verhoogd zonder dat de uitkering is verhoogd. De VNG heeft daarom in 2020 geprobeerd om een hogere uitkering te krijgen van het kabinet en het parlement, zodat gemeenten kunnen voldoen aan de huidige eisen en de onderwijshuisvesting kunnen verduurzamen.
Tot op heden heeft dit echter niet geleid tot een verhoging van de uitkering. Jaarlijks ontvangen schoolbesturen van het ministerie van OCW een vergoeding voor onderhoud als onderdeel van de reguliere bekostiging voor het onderwijs. De datum van 1 oktober is erg belangrijk voor de onderwijshuisvesting, omdat het aantal leerlingen op die datum bepalend is voor de omvang van de huisvesting van de school. Leerlingen die gedurende het schooljaar instromen (zoals de 4-jarigen) tellen niet mee. Tot 2022 gold dit ook voor de bekostiging van het onderwijs die schoolbesturen ontvingen, maar dit is vanaf 2022 veranderd naar 1 februari. In de praktijk betekent dit dat een school met bijvoorbeeld 16 groepen en 16 lokalen, geen lokaal over heeft voor de instroom van 4-jarigen gedurende het schooljaar. Een groot deel van de uitgaven voor onderwijshuisvesting doet de gemeente via investeringen. Nieuwbouw en uitbreiding worden volgens de Nota Activa in 40 jaar afgeschreven en zijn als kapitaallasten terug te vinden in de begroting. Wetswijziging In 2018 hebben de VNG, PO-Raad en VO-raad een nieuw wetsvoorstel voor onderwijshuisvesting aan het ministerie van Onderwijs voorgelegd. Het doel van dit voorstel was om meer duidelijkheid te bieden aan scholen en gemeenten over hun verantwoordelijkheden met betrekking tot goede schoolgebouwen.
De voornaamste wijzigingen die de PO-Raad, VO-raad en VNG voorstelden waren als volgt: -
-
De verplichting tot het opstellen van een integraal huisvestingsplan (IHP) dat de plannen voor schoolgebouwen voor de komende 16 jaar omvat. Schoolbesturen moeten tevens meerjarenonderhoudsplannen opstellen. Renovatie wordt beschouwd als een alternatief voor vervangende nieuwbouw, waarbij de levensduur van het gebouw met ten minste 25 jaar wordt verlengd. Schoolbesturen mogen onder bepaalde voorwaarden zelf investeren in gebouwen, mits deze investeringen worden terugverdiend. Dit betreft met name investeringen in duurzaamheid. Schoolbesturen mogen ook met privévermogen in gebouwen investeren.
In 2020 heeft de minister van Onderwijs aangekondigd dat er in het najaar van 2021 een wetsvoorstel met de drie wijzigingen zou worden ingediend. Dit wetsvoorstel wordt nu verwacht in 38
de eerste helft van 2023 en omvat ook aanbevelingen uit het rapport "Verkenning Onderwijsvastgoed: Praktijkvoorbeelden en kansen voor de kwaliteitsopgave" van het Economisch Instituut voor de Bouw. Dit rapport stelt dat er momenteel geen prikkels zijn om op lange termijn doelmatig te opereren, vanwege de verdeling van verantwoordelijkheden voor onderwijshuisvesting tussen gemeenten en schoolbesturen. Interdepartementaal onderzoek onderwijshuisvesting Sinds 1998 is de uitkering uit het Gemeentefonds voor onderwijshuisvesting niet gestegen, terwijl de normbedragen en eisen voor schoolgebouwen wel zijn verhoogd. De PO- en VO-raad en de VNG hebben hier in de afgelopen jaren herhaaldelijk aandacht voor gevraagd bij de minister en de Tweede Kamer, maar tot nu toe zonder succes. Er zijn verschillende landelijke rapporten opgesteld over de knelpunten in de onderwijshuisvesting, waaruit blijkt dat de bouwkundige kwaliteit van schoolgebouwen niet voldoet aan maatschappelijke verwachtingen, dat de eisen zijn verhoogd, vooral op het gebied van duurzaamheid, maar dat de budgetten niet zijn meegegroeid, dat het gemiddelde schoolgebouw oud is en er problemen zijn met ventilatie, frisse lucht en temperatuurbeheersing. Voormalig minister Slob heeft daarom een breed onderzoek naar de onderwijshuisvesting in het primair en voortgezet onderwijs laten uitvoeren.
In april 2021 is het interdepartementaal beleidsonderzoek (IBO) "Huisvesting in het onderwijs, een vak apart!" gepresenteerd, waarbij de bekende knelpunten worden bevestigd en vier beleidspakketten worden voorgesteld om het stelsel beter te laten werken. Er is echter een budget van € 730 miljoen nodig om de achterstanden weg te werken, en een Taskforce is aan de slag gegaan om nieuwe financieringsconstructies te onderzoeken. Minister Wiersma heeft aangekondigd dat de wetswijzigingen in 2023 aan de Tweede Kamer zullen worden voorgelegd.
39
Bijlage II - Taken en rollen bij de realisatie Deze bijlage schetst een algemeen beeld van de verdeling van verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden in het bouwproces van scholen. Voor elk project wordt er een meer specifieke invulling gegeven, waarbij gemeente en schoolbestuur gezamenlijk de complexiteit en risico's van het project afwegen. De uiteindelijke beslissing over het bouwheerschap en de daarbij behorende randvoorwaarden wordt vastgelegd in de afsprakenbrief die beide partijen ondertekenen. Deze afsprakenbrief maakt deel uit van de beschikking die de gemeente afgeeft. Volgens de Wet op het primair onderwijs is het schoolbestuur verantwoordelijk voor het bouwheerschap bij projecten. Het schoolbestuur kan echter de gemeente vragen om deze rol op zich te nemen. De bouwheer stelt een projectorganisatie in waarin de gemeente is vertegenwoordigd en beheert de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden die hierbij horen. Om risico's adequaat te beheersen, brengen we de rollen en verantwoordelijkheden voorafgaand aan het project in kaart. De planontwikkeling voor de realisatie van een project kent verschillende fases, waarbij de bouwheer voor elke fase akkoord vraagt aan de gemeente.
Deze fases omvatten onder andere het onderwijskundig programma van eisen, het functioneel en ruimtelijk programma van eisen, de schetsen van het exterieur en interieur, het voorlopig ontwerp en de businesscase duurzaamheid. Het definitief ontwerp wordt gemaakt inclusief stichtings- en exploitatiebegroting, aanbesteding en bouwbegeleiding. Bij de realisatie van het project zorgt de bouwheer voor de bouwbegeleiding en informeert de gemeente over de voortgang. Bouwvergaderingen en inloopmomenten voor belanghebbenden uit de schoolomgeving maken hiervan deel uit.
40
Bijlage III - Prognose basisonderwijs 2023-2037 Scholen Albrandswaar d
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
2034
2035
2036
2037
De Parel
249
252
245
249
280
315
351
370
377
389
397
400
396
386
373
Julianaschool
422
446
463
498
516
525
526
537
560
573
568
563
559
559
556
Valckesteyn-Z
210
201
199
193
206
231
259
272
277
286
291
291
284
274
262
Valckesteyn-N
80
88
78
87
104
110
114
119
125
130
133
137
139
140
140
De Overkant
154
149
141
138
132
126
121
126
132
136
135
133
131
131
130
OBS Portland
313
295
280
266
252
237
225
210
204
206
208
208
209
210
214
Don Bosco
383
397
411
427
443
459
473
485
496
508
510
507
504
499
491
Het Lichtpunt
408
388
375
358
342
324
312
294
290
293
297
296
296
298
303
De Grote Reis
243
228
213
205
200
192
190
183
176
177
180
179
179
180
183
2.462 2.444 2.405 2.421 2.475 2.519 2.571 2.596 2.637 2.698 2.719 2.714 2.697 2.677
2 .652
Totaal aantal leerlingen Totaal basisgeneratie Deelnamepercentage
2.601 2.563 2.505 2.508 2.548 2.596 2.648 2.694 2.759 2.831 2.857 2.847 2.823 2.795 2.764 0,947 0,954
0,96
0,965 0,971
0,97
0,971 0,963 0,956 0,953 0,952 0,953 0,955 0,958
0,96
Dit is de prognose die in december 2022 is opgesteld met de tellingen van 1 oktober 2022. Een prognose is maximaal twee jaar geldig.
41
Bijlage IV – Verduurzaming schoolgebouwen In hoofdstuk 4 staat de visie op de verduurzaming van schoolgebouwen beschreven. In deze bijlage treft u meer achtergrond rondom het verduurzamen van schoolgebouwen. Het wordt steeds duidelijker dat het klimaat verandert. De gemiddelde temperatuur stijgt, extreme neerslag komt vaker en heviger voor, het kan in steden heel heet worden en grondstoffen worden schaarser. Dit zorgt steeds vaker voor ongemak en gevaar. We moeten daarom de oorzaken van klimaatverandering structureel aanpakken; de manier waarop we leven, wonen, werken en bouwen. Dat betekent bijvoorbeeld het verlagen van CO2-uitstoot, door hergebruik van grondstoffen en het realiseren van energieneutrale gebouwen. Internationale afspraken en landelijk beleid en wetgeving Bij de 21e VN-klimaattop in 2015 in Parijs is afgesproken de opwarming van de aarde te beperken tot ruim onder de 2 graden, met als streven 1,5 graden. Nederland heeft vervolgens het Klimaatakkoord vastgesteld met de ambitie om in 2050 de CO2-uitstoot met 95% te hebben gereduceerd t.o.v. 1990, met als tussendoel 49% (inmiddels 55%) in 2030. Daarnaast wil Nederland volledig circulair zijn in 2050.
Om hiervoor te zorgen heeft Nederland twee belangrijke tussendoelen geformuleerd: in 2030 50% minder primair materiaalgebruik en in 2020 mag nog maar 50% van het afval verwerkt worden als restafval (exclusief papier en karton). De Nationale klimaatadaptatiestrategie (NAS) is de overkoepelende Nederlandse strategie op het gebied van klimaatadaptatie. In de NAS adaptatietool staan de gevolgen van klimaatverandering voor de verschillende sectoren in Nederland. Het gaat onder andere om de sectoren landbouw, gezondheid en infrastructuur. Ook beschrijft de NAS adaptatietool hoe de sectoren met deze gevolgen om kunnen gaan. In het NAS Uitvoeringsprogramma staan de plannen en acties om de gevolgen van deze belangrijke klimaatrisico’s aan te pakken. Naast het nationale Klimaatakkoord zijn onderstaande landelijke wet- en regelgeving belangrijk. Energie BENG
Vanaf januari 2021 moeten nieuwe gebouwen voldoen aan de BENG-eisen. Dit staat voor ‘Bijna Energieneutrale Gebouwen’. Label A+++ De Renovatiestandaard schrijft vanaf 2030 een wettelijk niveau voor. bestaande in 2050 onderwijsgebouwen moeten uiterlijk in 2050 voldoen aan energielabel A+++ Wet VET De wet Voortgang Energie transitie VET regelt onder meer dat de aansluitplicht op aardgas vervalt. In de praktijk betekent dat dat nieuwbouw niet meer zal worden aangesloten op aardgas. Uitvoerings Voor bestaand vastgoed geldt een uitvoeringsplicht (wet milieubeheer) voor het -plicht uitvoeren van duurzame maatregelen die een terugverdientijd van 5 jaar of korter Wmb EED hebben. Schoolbesturen vinden de maatregelen in de Erkende Maatregelenlijst. Circulair bouwen Voor circulair bouwen zijn momenteel alleen eisen opgesteld voor de kantoorfunctie en voor woongebouwen, dit is de Milieu Prestatie Gebouw (MPG). Op termijn zal daar ook een eis komen voor de onderwijsfunctie (schoolgebouwen). Gezond binnenklimaat In het Bouwbesluit is een eis gesteld aan luchtverversing, ook voor onderwijsgebouwen. Het onderwijsveld hanteert Frisse Scholen (klasse B) als uitgangspunt bij 42
nieuwbouw. Klimaatadaptatie NAS landelijk. RAS regionaal (gemeente, waterschappen en provincie) Door stresstesten belangrijke thema’s per gebied. via risicodialogen per gebied een set van maatregelen. Beleid Energie Sinds juni 2020 heeft de gemeente Albrandswaard een Warmtevisie. Dit plan geeft per wijk inzicht in het meest geschikte duurzame alternatief voor aardgas tegen de laagst maatschappelijke kosten. Ook geeft het inzicht in welke wijken het meest geschikt zijn om als eerste te starten met het aardgasvrij maken daarvan. Een aardgasvrij Albrandswaard is niet vandaag of morgen geregeld. Ook staan technische ontwikkelingen niet stil. Nu de Warmtevisie Albrandswaard is vastgesteld, kijken we vanaf 2021 naar de kansrijke wijken door het maken van wijkplannen. Portland is een wijk met recentere woningen (van na 2005). Die woningen zijn goed geïsoleerd. Dit biedt kansen om over te gaan op aardgasvrije lage temperatuur verwarming met elektrische warmtepompen, op natuurlijke vervangingsmomenten van bijvoorbeeld een keuken of een Cv-ketel. Ook het bedrijventerrein Distripark Eemhaven is een gebied waar kansen liggen om te starten. Het doel is te komen tot een CO2-neutrale gebouwde omgeving in 2050.
Sectorale routekaart onderwijs Voor de sector onderwijshuisvesting primair en voortgezet onderwijs hebben de VNG, PO- en VOraad in 2020 op landelijk niveau een sectorale routekaart opgesteld. Hierin staat hoe al deze duurzaamheidsdoelen gehaald kunnen worden. Om te komen tot energieneutrale gebouwen in 2050, moet het tempo van vervanging en verduurzaming van de gebouwen worden opgeschroefd. Circulariteit We benaderen circulair bouwen en circulaire gebiedsontwikkeling vanuit de definitie zoals geformuleerd in de Transitieagenda Bouw: 'Circulair bouwen betekent het ontwikkelen, gebruiken en hergebruiken van gebouwen, gebieden en infrastructuur, zonder natuurlijke hulpbronnen onnodig uit te putten, de leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan te tasten. Bouwen op een wijze die economisch verantwoord is en bijdraagt aan het welzijn van mens en dier. Hier en daar, nu en later.' De Gemeente Albrandswaard werkt aan het realiseren van een circulaire samenleving in 2050. De bouwsector is een belangrijke schakel in het realiseren van deze ambitie. Er gaat ontzettend veel (afval)materiaal om in het bouwen en verbouwen van vastgoed. De bouwsector gebruikt 40% van alle grondstoffen en veroorzaakt 40% van de nationale CO 2-uitstoot. Dat maakt dat we voor een grote opgave staan, maar ook een groot potentieel in handen hebben.
Door de huidige bouwopgave op een duurzame manier te benaderen is er veel duurzaamheidswinst te behalen, zonder dat dit ten koste hoeft te gaan van het bouwtempo of de betaalbaarheid van gebouwen. In 2023 zijn alle uitvragen in de gebouwde omgeving, waar mogelijk, circulair en in 2030 is 100% circulair, conform de nationale ambitie. Voor circulair bouwen en onderwijshuisvesting is een landelijke inkoopleidraad opgesteld en er is een Buyer Group circulaire scholen waarin deze aanpak verder is uitgewerkt. Zie https://www.pianoo.nl/nl/themas/maatschappelijk-verantwoord-inkopen/buyer-groups/bouw/ buyer-group-circulaire-scholen
43
Klimaatadaptatie De gemeente Albrandswaard heeft zich aangesloten bij het convenant Klimaatadaptatie. Het doel hiervan is dat de gemeente in 2050 klimaatbestendig en water robuust is. Dit is de doelstelling van het landelijke Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Het betekent dat we beter bestand zijn tegen overstromingen, wateroverlast, hitte en droogte. En ook tegen de negatieve gevolgen daarvan voor de bodemdaling, biodiversiteit en gezondheid. https://raad.albrandswaard.nl/Documenten/51-Raadsinformatiebrief-2022-438940-strategieklimaatadaptie-Albrandswaard.pdf In 2050 zijn we klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. Bij de bouw van nieuwe gebouwen letten we daarom op waterberging voor drogere tijden en snel afvoeren van water bij hevige regenbuien, en zorgen we voor voldoende schaduw bij hitte en ruimte voor flora en fauna. Dit geldt dus ook voor de bouw van scholen. Figuur: relevante instrumenten voor duurzame onderwijshuisvesting instrument
ambitie/ definitie
x x x x x x x x x x x x
x kwaliteitskader huisvesting portefeuilleroutekaarten ontzorgingsprogramma PZH TVW, wijkuitvoeringsplannen x stresstesten en kaarten x stimuleringsprogramma PZH instrumentarium circulair bouwen x kwaliteitskader en Bouwstenen
aanbesteden
x x x x x x x x x x x
bron
circulariteit ge zondheid
kli maatadapt ati e
thema
energie
fase
leidraad circulair inkopen scholen clusteren van projecten uitvragen op prestatiebasis financiering, subsidies
https://www.ruimte-ok.nl/programmas/kwaliteitskader-huisvesting RVO/VNG platform; portefeuilleroutekaarten https://www.zuid-holland.nl/onderwerpen/energie https://www.nplw.nl/nplw/default.aspx https://bar.klimaatmonitor.net https://www.groenblauweschoolpleinen.nl/ https://platformcb23.nl/; https://www.cirkelstad.nl/cirkelsteden/drechtsteden/ https://www.bouwstenen.nl/verduurzamen%20vastgoed https://www.pianoo.nl/nl/themas/maatschappelijk-verantwoord-inkopen/buyer-groups Bouwstenen voor Sociaal, werkgroep www.gprsoftware.nl en www.w-e.nl (casus gemeente Enschede) https://www.bngbank.nl/projecten/bouw-duurzaam-schoolgebouw-in-middelburg
44
Bijlage V – Overzicht subsidieregelingen bestaande gebouwen De onderstaande subsidieregelingen zijn (d.d. 13 september 2022) bekend en kansrijk voor het verbeteren van de kwaliteit van bestaande schoolgebouwen. Kenmerken
SUVIS (Specifiek uitkering ventilatie in scholen)
Maatwerkregeling (basissubsidie)
Maatwerkregeling (vangnetsubsidie)
Vergoeding Max. 30% van investeringskosten (afhankelijk van aantal leerlingen)
30% van investeringskosten
60% van investeringskosten
Beschikbaar Maatregelen budget
Looptijd
€200 miljoen (in 2 tranches) Via RVO.nl
Specifiek voor verbetering ventilatie bestaande gebouwen (in combinatie met verduurzamen
Planning project
Afgesloten
Gestart uiterlijk 31-82022
Vervolg op SUVIS I en II. Toekenning op volgorde van binnenkomst
Afgesloten
€25 miljoen via DUS-i.nl
€115 miljoen via DUS-i.nl
Specifiek voor verbetering ventilatie bestaande gebouwen (in combi met verduurzaming) Toekenning op basis van een urgentieverklaring
DUMAVA (investeringssubsidie duurzaam maatschappelijk vastgoed)
30% van projectkosten (max 2,5 miljoen) 50% bij energieadvies en energielabel
€150 miljoen Bedrag is niet alleen voor scholen Via RVO.nl
45
Specifiek voor verduurzamen bestaande gebouwen (in combi met ventilatie) 3 maatregelen of één integraal project
Ronde 1: 18-7-22 t/m 30-9-2022 Ronde 2: 1-10-22 t/m 31-12-22
Gestart na 16-2022 en uiterlijk 1-82023 Afgerond uiterlijk 1-8-2025 Gestart na 16-2022 en uiterlijk 1-82023 Afgerond uiterlijk 1-82025
Ronde 3: 1-1-23 t/m 31-3-23
Ronde 3: gestart uiterlijk: 1-112023 Afgerond uiterlijk : 1-11-2025
3-10-2022 t/m 31-1223
Gestart na 310-2022
Bijlage VI – Verkeerssituatie beoogde locatie Julianaschool Verkeersituatie rondom de beschikbare plot
De geplande locatie van de Julianaschool achter de tennisvereniging, in de oksel van de Rhoonse baan en Rivierweg, waar momenteel volkstuintjes zijn , is vanuit verkeerskundig oogpunt ongunstig. Alle wegen rondom het terrein zijn gebiedsontsluitingswegen waarop een maximumsnelheid van 50 km/uur geldt. Dit resulteert in een afscheiding van het terrein van het dorp, waardoor kinderen en ouders altijd drukke wegen moeten oversteken om bij de school te komen. Dit kan leiden tot een toename van autoverkeer, aangezien ouders hun kinderen vaker met de auto zullen brengen en halen. Bovendien is de voorgestelde locatie lastig bereikbaar met de auto, aangezien deze alleen via de tennisvelden kan worden bereikt.
Looproutes:
Op dit moment is de geplande locatie van de Julianaschool alleen te voet bereikbaar via fietspaden of langs de tennisvelden. Dit is onvoldoende voor een goed ingerichte en veilige schoolomgeving en looproutes. De meeste kinderen komen uit het dorp via Ghijseland of via de Rivierweg uit Essendael, een nieuwbouwwijk. Om veilige looproutes te creëren zijn een aantal ingrepen wenselijk. Hieronder staan de wensen per route: • Centrum -> Kleidijk -> Ghijseland -> School: De looproute door het dorp en de buurten voldoet en is veilig. Er ontbreekt echter een voetverbinding over het water tussen Ghijseland en de Rivierweg. Hier moet dus een brug worden gerealiseerd, minimaal als voetgangersbrug. Een fietsverbinding zou ook wenselijk zijn, maar daar is geen ruimte voor. De locatie van de brug zou tussen Ghijseland 147 en 174 moeten liggen. • Essendael -> Rivierweg -> School: De wijk Essendael is goed ingericht met veilige verbindingen en goede voetpaden. Het kruispunt Rijsdijk/Rivierweg/Van Gogh Allee biedt echter onvoldoende veilige oversteken voor zowel voetgangers als fietsers. Hier moet 46
•
worden gedacht aan een rotonde of herinrichting van het kruispunt met midden-eilanden, zodat kinderen in twee keer kunnen oversteken en niet in één keer de weg over hoeven te steken. Dit moet wel, omdat het fietspad aan de westzijde van de Rivierweg ligt en verplaatsing naar de andere kant van de weg niet mogelijk is vanwege onvoldoende ruimte. Rivierweg inclusief rotonde Rhoonse Baan: Langs de Rivierweg ligt op dit moment alleen een fietspad. Hier moet over de volledige lengte van de Rivierweg een voetpad naast worden gelegd. Ook de oversteek bij de rotonde is onvoldoende vanwege het ontbreken van een voetgangersoversteekplaats. Hier moet ook naast het fietspad een zebrapad voor voetgangers komen. De ideale situatie is een verhoogd zebrapad, zodat het autoverkeer wordt afgeremd.
Fietsroutes: De aanpassingen aan de fietsroutes zijn minder drastisch:
• •
Het bestaande onverplichte fietspad langs de Binnenbaan moet gewijzigd worden in een verplicht fietspad van 3,5 meter breedte, geasfalteerd en verbreed. Voor de fietsenstalling van de nieuwe locatie/school is de beste locatie langs de Rhoonse Baan, gescheiden van het autoverkeer. Hier kan een fietsenstalling worden geplaatst met directe toegang tot het fietspad langs de Rhoonse Baan.
47
Bijlage VII – Factsheets schoolgebouwen Dit is een separaat PDF bestand
48