CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Was-wordt-tabel eindversie met opmaak zonder opmerkingen.pdf

Gecombineerde commissie Alblasserdam 8 december 2022, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 12: Besluit tot wijziging verordening Jeugdhulp gemeente Alblasserdam en Nadere regels Jeugdhulp gemeente Alblasserdam - Voorstel11.493 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

en ii. indien van toepassing, welke hiervan de jeugdige of zijn ouders willen betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk; b. wordt berekend op basis van een tarief of prijs: i. waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb de jeugdige of zijn ouders in staat

stelt

tijdig

kwalitatief

goede

jeugdhulp van derden te betrekken; ii. waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de jeugdige of zijn ouders de jeugdhulp willen betrekken, en c. waarbij, voor zover van toepassing, rekening is gehouden met de in het derde lid gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welke de jeugdige of zijn ouders de mogelijkheid heeft om de betreffende jeugdhulp te betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk.bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste

adequate in de gemeente tijdig beschikbare individuele voorziening in natura. De kostprijs kan nooit hoger zijn dan het laagste tarief (overeenkomst) dat de gemeente betaalt of bekostigingseenheid (subsidiebeschikking) die de gemeente vergoedt aan jeugdhulpaanbieders voor het leveren van de in de betreffende situatie adequate en minst kostbare voorziening in natura. 3. De persoon aan wie een pgb wordt verstrekt kan de jeugdhulp onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het eigen sociale netwerk: a. het tarief of de prijs, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1°, bedraagt voor jeugdhulp verleend door een derde, niet zijnde op onverplichte basis verleende jeugdhulp door een hulp uit het sociale netwerk als bedoeld in artikel 8 van de Regeling Jeugdwet, minimaal 100 % van het wettelijke minimumloon of zoveel meer, tot ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente

tijdig beschikbare individuele voorziening in natura, als noodzakelijk is om: i. te verzekeren dat het budget de jeugdige of zijn ouders in staat stelt tijdig kwalitatief goede jeugdhulp te betrekken of verlenen, en ii. op gepaste wijze rekenschap te geven van de gezinssituatie b. deze persoon heeft aangegeven dat het leveren van

de

jeugdhulp

voor

hem

niet

tot

overbelasting leidt, en c. tussenpersonen of belangbehartigers worden niet uit het pgb betaald. 4. Het college kan nadere regels stellen a. ten aanzien van bepaling wie tot het sociaal netwerk behoort, de voorwaarden en de eisen aan de inzet van het sociaal netwerk b. ten aanzien van de kwaliteitseisen van pgb. 20

Artikel 20. Inwerkingtreding, intrekking oude Verordening Jeugdhulp en citeertitel  1. Deze verordening treedt in werking op de dag na de bekendmaking ervan en werkt terug tot 24 september 2020;

20

Artikel 20. Opschorting betaling uit het pgb 1. Het college kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor ten hoogste

 2. De Verordening Jeugdhulp gemeente Alblasserdam laatstelijk vastgesteld op 18 augustus 2018 wordt ingetrokken;  3. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Jeugdhulp gemeente Alblasserdam 2021.

dertien weken als er ten aanzien van de persoon aan wie het pgb is verstrekteen ernstig vermoeden is gerezen dat sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.1.4, eerste lid, onder a, d of e, van de Jeugdwet. 2. Het college kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor de duur van de opname als sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 19, derde lid, onder c. 3. Het college stelt de pgb-houder schriftelijk op de hoogte van het verzoek op grond van het eerste en tweede lid. 21

Artikel 21. Voorkoming en bestrijding ten onrechte ontvangen individuele voorzieningen en pgb’s en misbruik of oneigenlijk gebruik van de Jeugdwet 1. Het college informeert de jeugdige en zijn ouders dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een individuele voorziening of pgb zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2. Onverminderd artikel 8.1.2 van de Jeugdwet doen de

jeugdige of zijn ouders aan het college op verzoek of onverwijld

uit

eigen

beweging

aan

het

college

mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening of pgb. 3. Onverminderd artikel 8.1.4 van de Jeugdwet kan het college een beslissing aangaande een individuele voorziening of pgb herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: a. de jeugdige of zijn ouders onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; b. de jeugdige of zijn ouders niet langer op de individuele

voorziening

of

het

daarmee

samenhangende pgb zijn aangewezen; c. de individuele voorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten; d. de jeugdige langer dan 6 weken verblijft in een instelling als bedoeld in de Wet langdurige zorg of de Zorgverzekeringswet, of

e. de jeugdige of zijn ouders niet voldoen aan de voorwaarden

die

zijn

verbonden

aan

de

individuele voorziening of het pgb. 4. Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening

waarvoor

de

verlening

heeft

plaatsgevonden. 5. Als het college een beslissing op grond van het derde lid, onder a, heeft ingetrokken, kan het college bij dwangbevel geheel of gedeeltelijk het ten onrechte genoten pgb invorderen.

22

Artikel 22. Onderzoek naar recht- en doelmatigheid individuele voorzieningen en pgb’s Het college onderzoekt periodiek, al dan niet steekproefsgewijs, het gebruik van individuele voorzieningen en pgb’s met het oog op de beoordeling van de recht- en doelmatigheid daarvan. 1. Het college wijst personen aan die belast zijn met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij

of krachtens de wet en deze verordening. 2. Voor zover de toezichthoudende ambtenaar door inzage in bescheiden bij de vervulling van zijn taak dan wel door verstrekking van gegevens in het kader van een melding gegevens,

daaronder

persoonsgegevens

als

begrepen bedoeld

in

bijzondere de

Algemene

verordening gegevensbescherming, heeft verkregen, ter zake waarvan de voor de uitvoering van het PGB ingeschakelde beroepskracht uit hoofde van zijn beroep tot geheimhouding verplicht is, geldt gelijke verplichting voor de toezichthoudende ambtenaar. 3. Het college voert een actief fraudepreventiebeleid. Onderdeel van dit beleid is dat het college cliënten en betrokken derden informeert over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een individuele voorziening zijn verbonden en over de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik daarvan. 4. De

aanvrager en ontvanger van de individuele

voorziening en eventueel betrokken derden verstrekken aan het college alle medewerking en informatie die benodigd is voor het onderzoek als bedoeld in het vorige lid voor zover de medewerking redelijkerwijs gevorderd

kan worden. Het college bepaalt hiervoor in de nadere regels een redelijke termijn. 5. Het college kan onderzoek doen naar de reden van de beëindiging van de aanspraak op een voorziening en op basis daarvan besluiten nemen met betrekking tot de rechtmatigheid van de voorziening en de wederzijds tussen het college en de jeugdige of zijn ouder resterende verplichtingen en de afhandeling daarvan. 6. Het college kan ten aanzien van het bepaalde in dit artikel nadere regels stellen. 23

Artikel 23. Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en

uitvoerders

kinderbeschermingsmaatregelen

en

jeugdreclassering Het college houdt in het belang van een goede prijskwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, rekening met: a. de aard en omvang van de te verrichten taken; b. de voor de sector toepasselijke CAO-schalen in relatie tot de zwaarte van de functie;

c. een redelijke toeslag voor overheadkosten; d. een voor de sector reële mate van non-productiviteit van het personeel als gevolg van verlof, ziekte, scholing en werkoverleg; en e. de kosten voor bijscholing van het personeel. 24

Artikel 24. Kwaliteitseisen jeugdzorg 1. Jeugdhulpaanbieders, gecertificeerde instellingen en derden waar de jeugdige via een persoonsgebonden budget individuele voorzieningen betrekken, zorgen voor een goede kwaliteit van individuele voorzieningen, eisen met

betrekking

tot

de

deskundigheid

van

beroepskrachten daaronder begrepen, door: a. het afstemmen van individuele voorzieningen op de persoonlijke situatie van de jeugdige en/of ouders; b. het afstemmen van individuele voorzieningen op andere vormen van hulp, zorg en ondersteuning; c. erop toe te zien dat beroepskrachten tijdens hun werkzaamheden in het kader van het leveren van individuele voorzieningen handelen in overeenstemming

met

de

professionele

standaard; en d. voor zover van toepassing, erop toe te zien dat de kwaliteit van de individuele voorzieningen en de

deskundigheid

van

beroepskrachten

tenminste voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de in de toepasselijke sector erkende keurmerken. 2. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de jeugdhulpaanbieders, gecertificeerde instellingen en derden waar de jeugdige via

een

persoonsgebonden

voorzieningen

betrekken,

budget een

individuele

jaarlijks

cliënt

ervaringsonderzoek conform artikel 3 Regeling Jeugdwet en het zo nodig in overleg met de jeugdige en/of ouder(s) ter plaatse controleren van de geleverde individuele voorzieningen. 25

Artikel 25. Betrekken van verschillende doelgroepen bij de uitvoering van de verschillende wetten en het beleid 1. Het college stelt jeugdigen en/of ouder(s) in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende de uitvoering van de Jeugdwet te doen, vroegtijdig gevraagd

en

ongevraagd

besluitvorming

advies

uit

over

deze

te

brengen

bij

verordening

de en

beleidsvoorstellen en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. 2. Het college zorgt ervoor dat de jeugdigen en/of ouder(s) kunnen deelnemen aan periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie. 3. Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het eerste en tweede lid. 26

Artikel 26. Inspraak en medezeggenschap 1. Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente bij de voorbereiding van het beleid betreffende jeugdhulp overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend. 2. Het college stelt cliënten en vertegenwoordigers van cliëntgroepen omtrent jeugdhulp vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen

betreffende

jeugdhulp,

en

voorziet

hen

van

ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. Dit is ingeregeld middels de Verordening algemene voorzieningen maatschappelijke ondersteuning (Wmo) gemeente Alblasserdam 2020 dd. 10-10-2020 en de daarin

geregelde

Adviesraad

Sociaal

Domein

Alblasserdam. 3. Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen

aan

periodiek

overleg,

waarbij

zij

onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie en ondersteuning. Dit is ingeregeld middels de Verordening algemene voorzieningen maatschappelijke ondersteuning (Wmo) gemeente Alblasserdam 2020 dd. 10-10-2020 en de daarin

geregelde

Adviesraad

Sociaal

Domein

Alblasserdam. 4. Het college kan nadere regels stellen vast ter uitvoering van het tweede en derde lid. 27

Artikel 27. Evaluatie en monitoring 1. Het door het gemeentebestuur gevoerde beleid inzake de uitvoering van de Jeugdwet wordt

narratief

geëvalueerd.

Dit

betekent

dat

naast

'koude'

kwantitatieve data over de doeltreffendheid en de effecten van de verordening ook de 'warme' kwalitatieve data uit de praktijk worden meegenomen. Bij dit laatste gaat het om ervaringen van zowel cliënten als professionals. 2. Ten behoeve van het kwantitatieve deel van de evaluatie verzamelt het college systematisch informatie over: a. het aantal jeugdigen met jeugdhulp (totaal en per type jeugdhulp);e kosten van jeugdhulp (totaal, gemiddeld per cliënt, gemiddeld per type jeugdhulp); b. het aantal verwijzingen (per type verwijzer); c. de verhouding tussen Zorg in natura en pgb; 28

Artikel 28. Klachtregeling Het college stelt een regeling vast voor de afhandeling van klachten die betrekking hebben op de wijze van afhandeling van aanvragen als bedoeld in de Jeugdwet.

29

Artikel 29. Overgangsrecht 1. Een recht op een lopende voorziening verstrekt op grond van de Verordening Jeugdhulp gemeente Alblasserdam 2021 blijft gehandhaafd, totdat het college een nieuw

besluit heeft genomen waarbij het besluit waarmee die voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken. 2. Aanvragen die zijn ingediend onder de verordeningen bedoeld in het eerste lid en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld krachtens deze verordening.

30

Op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van de Verordening Jeugdhulp gemeente Alblasserdam 2021 wordt beslist met inachtneming van deze verordening zodra deze is vastgesteld. Artikel 30. Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de jeugdige of zijn ouder(s) afwijken van de bepalingen in deze verordening, wanneer toepassing van deze verordening of van de hieruit voortvloeiende nadere regels, wanneer toepassing ervan, leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

31

Artikel 31. Intrekking vorige besluiten Met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit wordt de Verordening Jeugdhulp gemeente Alblasserdam 2021, laatstelijk vastgesteld op 25-05-2021, ingetrokken.

32

Artikel 32. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt met terugwerkende kracht in werking op 01-01-2022.

Ondertekening Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 mei 2021, De griffier, De voorzitter,

2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Jeugdhulp gemeente Alblasserdam 2022. Ondertekening Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van [15-112022], De griffier, De voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/429/documents/8989