CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Najaarsbrief 2025 GR Sociaal.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 16 december 2025, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 23: Najaarsbrief 2025 GR Sociaal - Raadsinformatiebrief18.867 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Najaarsbrief 2025 GR Sociaal

INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE .................................................................................................... 2 1 INLEIDING .............................................................................................................. 3 2 TRENDS EN ONTWIKKELINGEN .......................................................................... 3 3 MAATREGELEN EN OMBUIGINGEN .................................................................. 10 4 NIEUWE EN GEWIJZIGDE RISICO'S .................................................................. 12 5 OPGAVEN............................................................................................................. 12 5.1 DIENSTVERLENING ................................................................................................................... 13 5.2 BESTAANSZEKERHEID VERSTERKEN ................................................................................... 15 5.3 ONTWIKKELEN NAAR WERK.................................................................................................... 22 5.4 ZORGEN VOOR ONDERSTEUNING ......................................................................................... 28 5.5 BEDRIJFSVOERING ................................................................................................................... 33

6 BIJLAGEN ............................................................................................................ 38 6.1 BIJDRAGEN PER GEMEENTE 2025 ......................................................................................... 38 6.2 RISICO'S ..................................................................................................................................... 42 6.3 DVO's .......................................................................................................................................... 44 6.5 BEGROTINGSSUBSIDIES ......................................................................................................... 46 6.5 ONTWIKKELING BEDRIJFSVOERING ...................................................................................... 46 6.6 AANTALLEN PER GEMEENTE .................................................................................................. 48

2

1 INLEIDING Voor u ligt de Najaarsbrief 2025 van de GR Sociaal waarin we rapporteren over de voortgang, verantwoorden over de resultaten en een inzicht geven van de verwachte financiële uitkomsten over 2025. De begroting 2025 passen wij niet aan, omdat een zienswijze-procedure van 12 weken het niet mogelijk maakt dat het Algemeen Bestuur voor 31 december 2025 de begroting wijzigt. De daadwerkelijke financiële gevolgen worden in de jaarrekening verwerkt. In de Najaarsbrief 2025 wordt op basis van de realisatie een jaarprognose gegeven ten opzichte van de actuele Begroting, die bestaat uit de primaire Begroting 2025, de 1e Begrotingswijziging 2025 (aanpassing apparaatskosten n.a.v. wijziging van de DVO Beschermd Wonen en Opvang), de 2e Begrotingswijziging 2025 (aanpassing Minimabeleid en de invoering van een inkomensafhankelijke eigen bijdrage Wmo), de Voorjaarsbrief 2025 en de 4e Begrotingswijziging 2025 (aanpak alleenverdieners-problematiek en de definitieve verwerking van de nieuwe cao voor gemeenteambtenaren in de begroting). De cijfers van de Najaarsbrief 2025 zijn de input voor de Uitgangspuntennotitie 2027 die in januari 2026 in het Algemeen Bestuur wordt behandeld. De Najaarsbrief bevat geen voorstellen voor nieuw en/of aangepast beleid.

Indien beleidsaanpassingen wenselijk zijn naar aanleiding van onder andere de bevindingen in de Najaarsbrief, worden deze verder meegenomen in de Voorjaarsbrief 2026 en de actualisatie van de beleidsagenda als onderdeel van de op te stellen Uitgangspuntennotitie 2027. Deze Najaarsbrief zoomt eerst in op algemene trends, ontwikkelingen en gemaakte beleidskeuzes, die van invloed zijn op de resultaten van de GR Sociaal.

2 TRENDS EN ONTWIKKELINGEN Het financiële beeld in deze Najaarsbrief wordt gekenmerkt door twee verschillende perspectieven. Enerzijds zien we dat de ondersteuning van het Rijk aan gemeenten om autonome ontwikkelingen op te vangen toeneemt, onder meer middels een verhoging van het BUIG-budget en ook doordat de Integratie-uitkering Participatie onderdeel Wsw is verhoogd. Naar verwachting leidt de BUIGverhoging van € 5,6 mln. De vergoeding die gemeenten ontvangen voor de gestegen loon- en prijsindexaties Wsw bedraagt ca. € 1,2 miljoen. Tegenover de hogere baten is de verwachting dat de lasten verder zullen stijgen naarmate we het einde van het jaar naderen, waarbij een toename van bijna € 5,4 mln. ten opzichte van de actuele Begroting is voorzien. De toenemende vraag naar Wmovoorzieningen binnen de opgave Zorgen voor Ondersteuning vereist nadere aandacht, vooral nu de voorziening Herstelgerichte Ondersteuning is beëindigd. Op dit moment wordt samen met gemeenten verkend of er andere mogelijkheden zijn waarmee de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van ouderen wordt vergroot. Tevens constateren wij een hogere toename van de instroom van klanten uit de doelgroep Maatschappelijke Opvang naar relatief kostbare vormen van Individuele Begeleiding, dan eerder was voorzien.

Om het tij van alsmaar stijgende lasten te keren is aan de hand van de bestuurlijke opdracht 'Toekomstbestendig Sociaal Domein' onderzocht welke mogelijkheden (knoppen) er binnen de verantwoordelijkheden van de GR Sociaal zijn om bij te dragen aan het beheersbaar houden van de kosten in het Sociaal Domein. Vooruitlopend naar structurele ombuigingen zijn een aantal maatregelen aangekondigd en de financiële consequenties verwerkt in de begroting. Voorbeelden hiervan zijn de inzet van Herstelgerichte ondersteuning bij de Wmo, de inzet richting het lokale voorveld, maar ook de inzet op het werk-fit maken van klanten die langer dan twee jaar in de bijstand zijn, meer inzet op parttime werk, het laten uitstromen van statushouders en een pilot LKS. Ook geldt vanaf het jaar 2025 een nullijn voor groei van de formatie, ondanks stijgende aantallen. In deze Najaarsbrief zijn de genomen maatregelen en de bijbehorende besparingen geactualiseerd. De verwachte besparing op de maatregelen bij de opgave Zorgen voor Ondersteuning is voor het jaar 2025 met € 0,4 mln. naar beneden bijgesteld. Door het beëindigen van de interventie Herstelgerichte ondersteuning zal deze doelstelling dit jaar niet gerealiseerd worden.

3

In het streven naar een zo efficiënt mogelijke uitvoering en bedrijfsvoering, heeft het Algemeen Bestuur van de GR Sociaal tijdens de vergadering van 10 juli 2025 besloten, als onder deel van Spoor 1 van de Bestuurlijke opdracht 'Een toekomstbestendig Sociaal Domein', om een structurele ombuiging van € 2 mln. op de personeelskosten en overhead meerjarig vanaf 2026 door te voeren. Om de kostenontwikkeling verder te kunnen beheersen, is aanpassing van het beleidsprogramma opgenomen als onderdeel van Spoor 2 van de Bestuurlijke opdracht. Gemeenten zijn primair verantwoordelijk voor het maken van de inhoudelijke beleidskeuzes die invloed kunnen hebben op deze geldstroom. In de perspectiefnota's en kadernota's van de gemeenten zijn ook een aantal ombuigingsvoorstellen opgenomen. Een gedeelte van deze voorstellen hebben betrekking op het sociaal domein en de GR Sociaal in het bijzonder. Het betreft een grote diversiteit aan voorstellen afkomstig van verschillende gemeenten. Zo zijn er voorstellen die kansrijk zijn, voorstellen die nadere analyse nodig hebben en voorstellen die een direct effect hebben op de (gemeenschappelijke) taken en bevoegdheden van de gemeenschappelijke regeling. In de regeling van de GR Sociaal zijn afspraken gemaakt over hoe om te gaan met (ombuigings)voorstellen die de GR beïnvloeden en deze worden gezamenlijk besproken en verder uitgewerkt.

Kort samengevat toont de Najaarsbrief 2025 GR Sociaal een verwachte stijging van de lasten en baten met € 5,4 miljoen ten opzichte van de actuele Begroting 2025. Van dit bedrag wordt € 0,1 miljoen gedekt door hogere baten uit derden. Het resterende bedrag van € 5,3 miljoen resulteert in een hogere gemeentelijke bijdrage. De hogere lasten zijn samengevat in onderstaande tabel: (bedragen x € 1.000) Begrotingspost

Bedrag

Prijsontwikkeling van een bijstandsuitkering en de ontwikkeling van het aantal klanten.

€ 4.339

Incidenteel/ structureel S

Loonkostensubsidie

-/- € 1.383

S

Individuele studietoeslag

€ 406

S

Ontwikkeling aantal klanten bijzondere bijstand

-/- € 162

S

Prognose Participatie

-/- € 275

I

Werkcentrum Drechtsteden

-/- € 615

I

Coördinator Jeugd

-/- € 50

I

Toelichting Gemeenten worden gecompenseerd door het Rijk voor de stijging van de gemiddelde prijs van een bijstandsuitkering als gevolg van loonen prijsontwikkelingen. De ontwikkeling van klantenaantallen is conform CPB/MEV. Niet beïnvloedbaar voor GR Sociaal. Naar verwachting wordt dit jaar minder uitgeven aan Loonkostensubsidies (LKS). Naar verwachting wordt dit jaar meer uitgegeven aan Individuele studietoeslag. De ontwikkeling van het aantal klanten over de verschillende onderdelen minimabeleid is iets lager dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Instrumenten zoals Nieuw beschut werk en pilot loonkostenpremie zijn nog niet volledig benut wat resulteert in een overschot op Participatie. Afgesproken is dat Dordrecht als centrumgemeente de regierol in de Arbeidsmarktregio weer op zich neemt. De GR Sociaal stelt daarom een herziene meerjarenbegroting van de structurele lasten Werkcenter op en verwerkt dit in de Voorjaarsbrief 2026 en de Uitgangspuntennotitie 2027. Er wordt geen gebruik gemaakt van de Decentralisatie uitkering Jeugd van de Arbeidsmarktregio. Is maar voor 1 jaar.

4

Loon en prijsindexering Wsw

€ 1.241

S

Ontwikkeling aantal klanten Wmo

€ 2.578

S

Prijsontwikkeling collectief vervoer (Drechthopper) Prognose resultaat apparaatskosten GR Sociaal

-/- € 52

S

-/- € 650

S

In de meicirculaire 2025 is hiervoor de Integratie uitkering Participatie onderdeel Wsw verhoogd. Per saldo blijft de verliesbijdrage 2025 nagenoeg gelijk. Autonome groei aantal klanten met een Wmo voorziening. Daarnaast klanten die zijn overgekomen van Opvang Maatschappelijke naar Individuele Begeleiding. Niet beïnvloedbaar. Correctie inschatting ontwikkeling NEA-index van 4% naar 1,5%. Het AB heeft op 10 juli 2025 besloten om een structurele ombuiging van € 2 mln. op de personeelskosten en overhead meerjarig door te voeren vanaf 2026.

Beleidsmatig beeld Opgave Bestaanszekerheid versterken In 2025 zijn op het gebied van armoede en schulden belangrijke stappen gezet, maar er is ook landelijke onzekerheid op dit thema door de val van het kabinet en de aankomende verkiezingen. Het regeerprogramma van september 2024 van het inmiddels demissionaire kabinet legde de nadruk op de versteviging van koopkracht en een brede aanpak van armoede en schulden. Daarbij werd nieuwe wetgeving aangekondigd met meer oog voor de menselijke maat. Belangrijke ontwikkelingen zijn de herziening van de Participatiewet, pro-actieve dienstverlening, de hervormingsagenda rond toeslagen en inkomensondersteuning en het Nationaal Programma Armoede en Schulden (NPAS). De voorstellen op het gebied van bestaanszekerheid zijn door de Tweede Kamer niet controversieel verklaard. Definitieve invoering en prioritering blijven echter onzeker totdat een nieuw kabinet en regeerprogramma na de verkiezingen van oktober bekend zijn. Daarom worden er dit jaar geen grote landelijke wijzigingen meer verwacht in beleid, met uitzondering van de Participatiewet in balans. De ontwikkeling van de landelijke armoedecijfers is op het eerste oog positief: de nieuwe gezamenlijke armoededefinitie van CBS, SCP en Nibud laat zien dat een minder grote groep inwoners in armoede leefden. Echter, bij deze groep nam de ernst van de armoede wél toe.

De nieuwe armoededefinitie laat ook zien dat naast bijstandsgerechtigden ook een grote groep werkenden en zzp’ers financieel kwetsbaar zijn. Daarnaast is er ook een toename te zien van mensen met financiële zorgen. Voor minimahuishoudens blijven de energielasten zwaar drukken op het besteedbaar inkomen. Dit is van invloed op de bestaanszekerheid van deze groep. In 2025 ontvangen landelijk tienduizenden huishoudens financiële steun bij het betalen van hun energierekening via het Tijdelijk Noodfonds Energie. Extra aandacht verdient dat de uitvoering van nieuwe gemeentelijke taken om meer capaciteit en middelen vraagt, bijvoorbeeld de maatregelen vanuit NPAS, de extra aandacht voor de menselijke maat en proactieve dienstverlening. Daarnaast voeren we in 2025, 2026 en 2027 de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek (Wtrap) uit. Opgave Ontwikkelen naar Werk De focus van ‘ontwikkelen naar werk’ gaat steeds meer naar het ‘ontwikkelen’. Dat is te zien in de landelijke bewegingen. Het komt doordat de doelgroep steeds zwaarder wordt en de afstand tussen de arbeidsmarkt en de doelgroep groter. Niet verwonderlijk, omdat een aantal andere voorzieningen niet meer toegankelijk zijn voor inwoners met ziekte en gebrek. Het Rijk zet daarvoor meer in op de transformatie van sociaal ontwikkelbedrijven.

Deze moeten onderdeel worden van een bredere sociale infrastructuur gericht op het ontwikkelen van inwoners naar werk. In de Drechtsteden gaan we in 2026 gezamenlijk werken aan een transformatieplan. In 2025 wordt hier een start mee gemaakt. Ondertussen focust de GR sociaal op ontwikkelen door het openen van het Werk Ontwikkelpunt (WOP) en door ontwikkelplekken te realiseren in samenwerking met gemeenten.

5

Daarnaast biedt de herziening van de Participatiewet, ‘Participatiewet in balans’ de mogelijkheid voor participeren of 'meedoen’ voor die mensen voor wie de afstand tot de arbeidsmarkt (op dit moment) niet te overbruggen lijkt en die daardoor thuis zitten. Er is een start gemaakt met het doorvoeren van de wijzigingen die per 1 januari 2026 in werking zullen treden. Definitieve besluitvorming in de Eerste Kamer wordt verwacht eind september 2025. Vanaf 2026 treedt de wet Van School naar Duurzaam Werk (VSNDW) in werking. Voor de Drechtsteden betekent dit een uitgebreidere preventieve taak voor kwetsbare jongeren tot 27 jaar middels duurzame begeleiding van jonge Niet-Uitkeringsgerechtigden in de overgangsfase van school naar werk. Hiermee zorgen we ervoor dat kwetsbare jongeren op tijd worden geholpen, want werk biedt perspectief. Uiteindelijk leidt dit ook tot minder instroom in de bijstand. Daarnaast werken we aan de herijking van het beleidskader voor Social Return on Investment (SRoI). De traditionele invulling (arbeidsparticipatie) wordt verbreed naar de drie Drechtse doelen: inclusie, duurzaamheid en bestaanszekerheid. Daarmee krijgen ondernemers meer ruimte om via een actieplan brede maatschappelijke impact te realiseren in de regio.

Opgave Zorgen voor Ondersteuning Sinds 2023 werken we met gemeentegerichte teams om dichter bij de lokale, sociale teams, de gemeenten en de inwoners te kunnen staan. Bij de opgave 'Zorgen voor ondersteuning’ helpt dit ons om te kunnen verwijzen naar voorliggende lokale ondersteuning waar de mogelijk is en maatwerk te leveren waar dit nodig is. De verdeling in gemeentegerichte teams leidt ook tot verschillen tussen gemeente. In Dordrecht zijn als gevolg van een hoog ziekteverzuim de achterstanden in de afhandeling van de meldingen groter dan in de andere gemeentegerichte teams. In de andere zes gemeenten zijn de wachttijden inmiddels goed onder controle. In Dordrecht gaan we de komende periode inzetten op het wegwerken van de achterstanden door extra ondersteuning toe te voegen aan het team. Naast wachttijden in het toegangsproces zien we ook wachttijden bij de zorgaanbieders voor de levering van ondersteuning. Dit zien we met name bij huishoudelijke ondersteuning, maar ook bij individuele begeleiding zien we zo nu en dan de wachttijden ontstaan. Daarom wordt voor de huishoudelijke ondersteuning onderzocht wat de gevolgen van deze wachttijd zijn voor de inwoners en wat het effect is op het zelfoplossend vermogen van inwoners. De onderzoeksresultaten worden verwacht in het laatste kwartaal van 2025.

6

Financieel beeld Het verloop van de begroting 2025 is als volgt: Begroting 2025

Begroting Lasten Primaire begroting 2025

351.088

1e Begrotingswijziging 2025 DVO Beschermd Wonen

-8

2e Begrotingswijziging 2025-2028 Minimabeleid en EB Wmo

-555

Voorjaarsbrief 2025 4e Begrotingswijziging 2025 Alleenverdieners en caogemeenten Resultaatbestemming 2024

18.325

Actuele begroting (na wijzigingen)

368.692

-758 700

Mutaties Najaarsbrief 2025: Opgave Bestaanszekerheid versterken

3.200

Opgave Ontwikkelen naar werk

301

Opgave Zorgen voor ondersteuning

2.526

Opgave Bedrijfsvoering

-650

Totaal Najaarsbrief 2025

5.377

Prognose t/m Najaarsbrief 2025

374.069

In het onderstaande overzicht zijn de geprognosticeerde afwijkingen ten opzichte van de actuele begroting per Opgave en product weergegeven. Een positief bedrag betekent een verwachte hogere baten of de lasten en een negatief bedrag betekent verwachte lagere baten of de lasten. Opgaven

Najaarsbrief 2025

Actuele begroting 2025

Afwijking

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Bestaanszekerheid versterken

147.296

147.296

0

150.496

150.496

0

3.200

3.200

0

Inkomensondersteuning

134.087

134.087

0

137.449

137.449

0

3.362

3.362

0

Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.

2.135

2.135

0

2.135

2.135

0

0

0

0

Minimabeleid

11.074

11.074

0

10.912

10.912

0

-162

-162

0

Ontwikkelen naar werk

60.656

61.213

557

60.957

61.514

557

301

301

0

0

66

66

0

66

66

0

0

0

Participatie

9.469

9.960

491

8.529

9.020

491

-940

-940

0

Drechtwerk

51.187

51.187

0

52.428

52.428

0

1.241

1.241

0

Zorgen voor ondersteuning

91.927

91.927

0

94.453

94.453

0

2.526

2.526

0

Hulpmiddelen

5.581

5.581

0

5.939

5.939

0

358

358

0

Vervoer

12.099

12.099

0

12.203

12.203

0

104

104

0

Huishoudelijke ondersteuning

36.204

36.204

0

36.667

36.667

0

463

463

0

Begeleiding en kortdurend verblijf

38.043

38.043

0

39.644

39.644

0

1.601

1.601

0

Bedrijfsvoering

68.813

67.556

-1.257

68.163

66.906

-1.257

-650

-650

0

Apparaatskosten

63.592

62.335

-1.257

62.942

61.685

-1.257

-650

-650

0

Apparaatskosten DVO's

5.006

5.006

0

5.006

5.006

0

0

0

0

215

215

0

215

215

0

0

0

0

Programmareserves

0

700

700

0

700

700

0

0

0

Mutaties reserves

0

700

700

0

700

700

0

0

0

368.692

368.692

0

374.069

374.069

0

5.377

5.377

0

Statushouders

Treasury

Totaal Bedragen x € 1.000

7

Per opgave zien we het volgende beeld: Opgave Bestaanszekerheid versterken De prognose voor de opgave Bestaanszekerheid laat een stijging zien van de lasten en baten met € 3,2 mln. De doorrekening voor het product Inkomensondersteuning is gebaseerd op de actuele ontwikkeling van het bijstandsvolume van het Centraal Plan Bureau (CPB) in de Macro Economische Verkenning (MEV) en onze eigen ongewijzigde uitstroomambitie. Naast de ontwikkeling van het klantenbestand is ook de gemiddelde prijs van een bijstandsuitkering gestegen als gevolg van loonen prijsontwikkelingen. Daartegenover staat dat we dit jaar naar verwachting minder uitgeven aan Loonkostensubsidies (LKS). Gemeenten worden voor de hogere bijstandslasten gecompenseerd door het Rijk via de Gebundelde uitkering (BUIG). De verwachting is dat de stijging van het BUIG-budget hoger uitvalt dan de stijging van de lasten Inkomensondersteuning. Per saldo daalt hierdoor het tekort op de BUIG met € 2,2 mln. De prognose van de lasten voor Minimabeleid en Maatwerk Inkomenssteun Chronisch Zieken en Gehandicapten valt iets lager dan begroot. Opgave Ontwikkelen naar Werk De verwachte lasten en baten binnen de opgave Ontwikkelen naar werk stijgen met per saldo € 0,3 mln. ten opzichte van de Begroting 2025, bestaande uit een daling van € 0,9 mln. voor het product Participatie en een stijging van € 1,2 mln. voor Drechtwerk.

In de Voorjaarsbrief 2025 zijn de lasten en baten van de Uitvoeringsagenda en het Werkcentrum Drechtsteden toegevoegd aan het onderdeel Participatie. In elke arbeidsmarktregio komt één gezamenlijk regionaal loket: het Werkcentrum. De financiering loopt via centrumgemeente Dordrecht. Tot op heden heeft de GR Sociaal de regierol van de centrumgemeente in de arbeidsmarktregio Drechtsteden op zich genomen. De GR Sociaal en centrumgemeente Dordrecht zijn overeengekomen dat het beter is om deze rol en taak door de gemeente Dordrecht te laten uitvoeren. De besluitvorming hiervoor is nog niet afgerond, bij de Voorjaarsbrief 2026 worden middelen die aan deze taken zijn verbonden door de centrumgemeente Dordrecht bestemd en verantwoord. Ten aanzien van de financiering transformatie sociale infrastructuur Drechtsteden (Sociaal ontwikkelbedrijf) worden de gemeenten geadviseerd om het beschikbare budget van € 2,19 mln. (zie tabel hoofdstuk 5.3 Opgave Ontwikkelen naar Werk) te reserveren voor toekomstige uitgaven vanaf 2026. In 2025 zijn de activiteiten die al zijn ingezet gefinancierd uit reguliere middelen Opgave Ontwikkelen naar Werk. De prognose voor Drechtwerk laat een stijging zien van de lasten en baten van € 1,2 mln. als gevolg van loon- en prijsindexering. In de meicirculaire 2025 is hiervoor de Integratie uitkering Participatie onderdeel Wsw verhoogd.

Per saldo blijft de verliesbijdrage 2025 nagenoeg gelijk. Opgave Zorgen voor Ondersteuning Binnen de opgave Zorgen voor Ondersteuning stijgen de lasten en baten naar verwachting met € 2,5 mln. ten opzichte van de huidige begroting. Deze stijging is te wijten aan een toenemende vraag naar de verschillende Wmo-voorzieningen. Specifiek bij de voorziening Individuele Begeleiding is er een grotere instroom van klanten vanuit de Maatschappelijke Opvang dan eerder ingeschat. Deze groep maakt voornamelijk gebruik van de duurdere vormen van individuele begeleiding en zorgt daarmee voor een stijging van de lasten. Ook wordt er momenteel een inhaalslag gemaakt om de achterstand in meldingen weg te werken, hetgeen resulteert in een toenemend beroep op ondersteuning. Ten aanzien van Huishoudelijke Ondersteuning zijn de fluctuaties in de aantallen gerelateerd aan het wegvallen van de voorziening Herstelgerichte Ondersteuning. Bij de Hulpmiddelen wordt er vaker een beroep gedaan op de duurdere woonvoorzieningen zoals de trapliften. Daarnaast is in de prognose rekening gehouden met de gewijzigde begroting van Stroomlijn, waardoor de lasten van het collectieve vervoer licht zijn gedaald. Opgave Bedrijfsvoering De prognose voor de opgave Bedrijfsvoering laat een onderbesteding zien op de apparaatskosten van bijna € 0,7 mln.

Dit resultaat is grotendeels toe te schrijven aan het feit dat openstaande vacatures gedurende het jaar niet volledig zijn ingevuld en wordt een klein deel veroorzaakt door een onderbesteding op de materiële apparaatsbudgetten. Tevens verwachten we dit jaar € 0,2 mln. extra aan rente-inkomsten te ontvangen, hetgeen leidt tot een verdere verlaging van de bijdrage van de gemeenten.

8

Het Algemeen bestuur van de GR Sociaal heeft op 10 juli 2025 de Begroting 2026 vastgesteld. Naar aanleiding van de ingediende zienswijzen, waarin gemeenten de urgentie van de ombuigingen benadrukken, is tijdens deze vergadering tevens besloten om een structurele ombuiging van € 2 mln. op de personeelskosten en overhead meerjarig door te voeren vanaf 2026. De ombuiging op de personeelskosten wordt gerealiseerd door de begrotingsmethodiek van de personeelskosten aan te passen. Daarnaast worden diverse aanpassingen binnen de overhead doorgevoerd, waaronder de bijstelling van de verschillende personeels- en afdelingsbudgetten, bijdrage aan Servicegemeente en inhuurbudgetten. In onderstaande tabel zijn alle verwachte afwijkingen op de lasten, de baten van derden en (als resultaat) de bijdrage van gemeenten in detail opgenomen (negatieve bedragen zijn lagere lasten c.q. baten): Omschrijving

Lasten Baten van Bijdrage derden gemeenten

Opgave: Bestaanszekerheid versterken Prijsontwikkeling van de bijstand Prognose PMB, BB Bewind en Bijzondere bijstand Individuele studietoeslag Loonkostensubsidie IOAW, IOAZ en Bbz Klantontwikkeling van de Bijstand

2.404 -162 406 -1.383 -341 2.275

325 -95 0 0 0 0

2.079 -67 406 -1.383 -341 2.275

Opgave: Ontwikkelen naar werk Prognose Participatie 2025 Coördinator Jeugd Werkcentrum Drechtsteden DU WIN regeling Work in NL Prognose lasten en baten Drechtwerk 2025

-275 -50 -547 -68 1.241

0 -50 -547 -68 286

-275 0 0 0 955

Opgave: Zorgen voor ondersteuning Prognose Huishoudelijke Ondersteuning Prognose Hulpmiddelen/Woonvoorziening Begrotingswijziging collectief vervoer (Stroomlijn) Prognose Individueel Vervoer Prognose Individuele Begeleiding Prognose Dagbesteding en vervoer

463 358 -52 156 1.768 -167

60 0 0 0 0 0

403 358 -52 156 1.768 -167

Opgave: Bedrijfsvoering Prognose saldo apparaat Ontvangen rente GR Sociaal

-650 0

0 200

-650 -200

Totaal

5.377

111

5.266

Bedragen x € 1.000

9

Gemeentelijke bijdragen In de navolgende tabel is het verloop aangegeven in gemeentelijke bijdragen van de Voorjaarsbrief 2025 plus de 4e wijziging op de begroting= Actuele begroting. De actuele begroting is afgezet tegen de prognose van de gemeentelijke bijdragen bij deze Najaarsbrief. In de bijlagen is een specificatie per gemeente opgenomen. Overeenkomstig artikel 36 van de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal worden de bijdragen bij wijze van voorschot in rekening gebracht op basis van de begroting, en niet op basis van de prognose in deze Najaarsbrief. A Opgaven

B

Voorjaarsbrief 2025

D

C = (A + B)

D-C

BegrotingsActuele begroting Najaarsbrief 2025 wijzigingen 2025

Afwijking

Bestaanszekerheid versterken

144.169

752

144.920

147.890

2.970

Inkomensondersteuning

132.261

0

132.261

135.298

3.037

2.135

0

2.135

2.135

0

Minimabeleid

9.772

752

10.524

10.457

-67

Ontwikkelen naar werk

43.066

0

43.066

43.746

680

66

0

66

66

0

Participatie

7.908

0

7.908

7.633

-275

Inburgering

0

0

0

0

0

Drechtwerk

35.092

0

35.092

36.047

955

Zorgen voor ondersteuning

88.676

0

88.676

91.142

2.466

Hulpmiddelen

5.581

0

5.581

5.939

358

Vervoer

11.649

0

11.649

11.753

104

Huishoudelijke ondersteuning

33.403

0

33.403

33.806

403

Begeleiding en kortdurend verblijf

38.043

0

38.043

39.644

1.601

Bedrijfsvoering

67.226

-1.510

65.716

64.866

-850

Apparaatskosten

62.420

-1.510

60.910

60.260

-650

Apparaatskosten DVO's

4.806

0

4.806

4.806

0

0

0

0

-200

-200

343.137

-758

342.379

347.645

5.266

Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.

Statushouders

Treasury Totaal bijdragen gemeenten Bedragen x € 1.000

3 MAATREGELEN EN OMBUIGINGEN De financiële positie van gemeenten staat onder druk als gevolg van de geplande korting door de rijksoverheid op het gemeentefonds. Dit heeft ingrijpende gevolgen voor de gemeentelijke begrotingen. Om de negatieve effecten van deze terugval in inkomsten te dempen stelt het kabinet in de Voorjaarsnota en de Meicirculaire 2025 incidenteel en deels structureel aanvullende middelen voor ondersteuning beschikbaar. Desalniettemin betekent dit dat het volledige effect van het Ravijnjaar niet wordt voorkomen, maar wordt uitgesteld tot het jaar 2028. Gemeenten krijgen daardoor twee jaar extra de tijd om zich hierop voor te bereiden. Aan de hand van de bestuurlijke opdracht 'Toekomstbestendig Sociaal Domein' onderzoekt de GR Sociaal welke mogelijkheden (knoppen) er binnen de verantwoordelijkheden van de GR Sociaal zijn om bij te dragen aan het beheersbaar houden van de kosten in het Sociaal Domein. Update over lijn 1: aanpassing van de uitvoering en bedrijfsvoering In deze eerste lijn ligt de focus op het streven naar een zo efficiënt mogelijke uitvoering. Het Algemeen Bestuur van de GR Sociaal heeft op 10 juli 2025 de Begroting 2026 vastgesteld, inclusief de meerjarenraming voor de periode 2027-2029.

Naar aanleiding van de ingediende zienswijzen, waarin gemeenten de urgentie van de ombuigingen benadrukken, is tijdens deze vergadering tevens besloten om een structurele ombuiging van € 2 mln. op de personeelskosten en overhead meerjarig door te voeren vanaf 2026. De ombuiging op de personeelskosten wordt gerealiseerd door de begrotingsmethodiek van de personeelskosten aan te passen. Voorheen werd in de

10

personeelsbegroting uitgegaan van het maximum van de salarisschaal; voortaan wordt de begroting gebaseerd op één trede onder het maximum. Dit leidt tot een financieel voordeel van € 1,3 mln. Het resterende bedrag van € 0,7 mln. wordt gerealiseerd door diverse aanpassingen binnen de overhead, waaronder de bijstelling van de verschillende personeels- en afdelingsbudgetten, bijdrage aan Servicegemeente en inhuurbudgetten. Update over lijn 2: aanpassingen in het beleidsprogramma Om de kostenontwikkeling verder te kunnen beheersen, is aanpassing van het beleidsprogramma opgenomen als onderdeel van de Bestuurlijke Opdracht. Gemeenten zijn primair verantwoordelijk voor het maken van de inhoudelijke beleidskeuzes die invloed kunnen hebben op deze geldstroom. In de perspectiefnota’s en kadernota’s voor 2026 van de Drechtstedengemeenten zijn dan ook een aantal ombuigingsvoorstellen opgenomen. Een gedeelte van deze voorstellen betreft het sociaal domein en ook de GR Sociaal. Het betreft een grote diversiteit aan voorstellen afkomstig van verschillende gemeenten. Zo zijn er voorstellen die kansrijk zijn, voorstellen die nadere analyse nodig hebben en voorstellen die een direct effect hebben op de (gemeenschappelijke) taken en bevoegdheden van de gemeenschappelijke regeling.

In de regeling van de GR Sociaal zijn afspraken gemaakt over hoe om te gaan met (ombuigings)voorstellen die de GR beïnvloeden en deze worden gezamenlijk besproken en verder uitgewerkt. Update over lijn 3: Onderzoeken van kansen voor nadere samenwerking De maatregelen in lijn 3 gaan over kansen door op een andere manier samen te werken in het sociaal domein. De uitwerkingsopdrachten in lijn 3 geven inzicht in meer duurzame oplossingen. Deze kunnen uiteraard wel effect hebben op de uitvoering (lijn 1) en het beleid (lijn 2). Het helder krijgen van welke keuzes dat zijn en welke effecten dat oplevert is onderdeel van de uitwerkingsopdrachten in lijn 3. De eerste drie uitwerkingsopdrachten zijn gestart. Het streven is om deze uitwerkingsopdrachten dit jaar af te ronden, maar het is nog onbekend wanneer de concrete ombuiging zal plaatsvinden. Hierdoor zijn deze niet verwerkt in voorliggende Najaarsbrief. In deze Najaarsbrief zijn de volgende maatregelen en de bijbehorende besparingen geactualiseerd: •

•

De verwachte besparing bij Zorgen voor Ondersteuning is voor het jaar 2025 met € 0,4 mln. naar beneden bijgesteld. Door het beëindigen van de interventie Herstelgerichte ondersteuning zal deze doelstelling dit jaar niet behaald worden. Op dit moment wordt samen met gemeenten verkend of er andere mogelijkheden zijn waarmee de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van ouderen wordt vergroot; Als onderdeel van ombuigingen spoor 2 uit de Bestuurlijke opdracht een Toekomstbestendig Sociaal Domein is recentelijk het Serviceteam Bewindvoering van start gegaan. Hoewel het nog te vroeg is om inhoudelijk te rapporteren over de voortgang of effecten van de ombuiging, zien we in de eerste maanden wel een lichte afname van zowel het aantal cliënten als de kosten op het product bewindvoering ten opzichte van 2024. De komende periode worden de effecten verder gemonitord en zal hierover bij de jaarrekening nader worden gerapporteerd.

De verwachte besparing 2025 ziet er hierdoor als volgt uit: Opgave Bestaanszekerheid versterken Zorgen voor Ondersteuning Bedrijfsvoering Totaal maatregelen (Bedragen x € 1.000)

2025 2.70 1 162 906 3.76 9

11

4 NIEUWE EN GEWIJZIGDE RISICO'S In de Begroting 2025 is een risicoparagraaf opgenomen, in de Voorjaarsbrief en Najaarsbrief wordt deze geactualiseerd. Gemeenten hebben de verplichting voor de opgenomen risico's middelen te reserveren, zodat -als een risico zich voordoet- deze middelen aangesproken kunnen worden ter dekking. De GR Sociaal heeft zelf geen weerstandscapaciteit. Alle risico's zijn geactualiseerd en opgenomen in de bijlage.

5 OPGAVEN Alle inwoners van de Drechtsteden kunnen zelfstandig en volwaardig leven, werken, wonen en meedoen. Waar dat niet lukt, helpen we die mogelijkheden vergroten. Hierin willen we werken aan een mensgericht, doelmatig en effectief sociaal beleid. Waarmee we doen wat nodig is voor inwoners én de publieke waarde. Dit vraagt om een verandering in al onze dienstverlening en taken die we uitvoeren, waarbij de inwoners altijd en continu centraal staat:

Vanuit die gedachte werken we als GR Sociaal intensief aan 5 opgaven: 1. Dienstverlening; 2. Bestaanszekerheid versterken; 3. Ontwikkelen naar werk; 4. Zorgen voor ondersteuning; 5. Bedrijfsvoering. Waarbij geldt dat 'Dienstverlening als opgave' feitelijk over de 3 inhoudelijke opgaven heen hangt en vanuit daar de integraliteit, samenwerking en verbeteringen continu vormgeeft en 'bedrijfsvoering als opgave' gezien moet worden als de opgave die de inhoud ondersteunt en optimaal faciliteert en de trekker is in de bestuurlijke processen.

12

5.1 DIENSTVERLENING Doelen Nummer

Doelstelling

1.1

Faciliteren van inwoners, ketenpartners en collega’s bij het gemakkelijk, laagdrempelig en efficiënt zaken doen met de Sociale Dienst

1.2

Stress sensitief en in een keer goed afhandelen van inhoudelijke vragen aan de opgave dienstverlening Onze dienstverlening is eenduidig door de gehele organisatie heen en wordt continu geïnnoveerd en aangepast.

1.3

Opgave-indicatoren Indicator

Doel

Realisatie

% gegronde bezwaren t.o.v. van het totaal

Daling 10%

Stijging van 8%

80%

84,2%

Score tevredenheid over mensgerichte dienstverlening in de kanalen

8

8,2

% afhandeltijd besluitvorming aanvragen binnen de wettelijke termijn

100%

Onbekend

% aantal lokale (gemeenten) meldingen t.o.v. het totaal aantal meldingen

-

Onbekend

Passende dienstverlening (doelgroep bekend en proces ingericht) voor de meest kwetsbare inwoners met meervoudig en complexe vragen

-

Score op stress reductie (nu 3,7)

4

Geen wachtlijsten meer Geen nieuwe meeting beschikbaar

% vragen dat in Eén keer is beantwoord door de kanalen

13

Wat hebben we bereikt? In algemeenheid valt op te merken dat, waar het gaat om dienstverlening aan inwoners binnen de primaire processen van de opgave Dienstverlening, de kwaliteit onverminderd goed beoordeeld blijft, met hier en daar zelfs een verdere stijging van de tevredenheid. Zorgen ontstaan vooral bij de ontwikkel- en innovatiethema’s, waar sprake is van stagnatie. De bedoeling was dat dienstverlening vanuit de integrale consulenten volledig lokaal zou worden ingericht dit jaar, maar daarvan is nog geen sprake. Wel worden kleine stappen gezet. De nieuwe publieke waardemeting had al uitgevoerd moeten zijn, maar is vertraagd. Daarnaast zijn een deel van de KPI’s nog steeds niet ingericht en blijft onduidelijk wanneer dit wel gerealiseerd wordt. De stagnatie hangt primair samen met capaciteitsproblemen binnen de opgave Bedrijfsvoering en de nasleep van het externe onderzoek dat eerder dit jaar werd afgerond. Samenvattend kan worden gesteld dat inwoners profiteren van een positieve bijdrage in de dienstverlening, terwijl intern de verdere doorontwikkeling moeilijk van de grond komt. Uit gesprekken met medewerkers van de opgave Dienstverlening blijkt dat dit de medewerkerstevredenheid onder druk zet. Hieronder worden een aantal KPIs nader toegelicht. •

•

• •

•

% gegronde bezwaren t.o.v. van het totaal: Het totaal aantal ingediende bezwaren blijft dalen maar het percentage gegronde bezwaren is toegenomen met 8%. Dit heeft echter te maken te hebben met een bulkbeschikking op Huishoudelijke Ondersteuning. Er had hier individueel onderzoek gedaan moeten worden. Inmiddels is dit hersteld, maar zorgt dus wel voor een vertekend beeld. Zonder dit incident had een daling van 10% binnen de mogelijkheden gelegen. % afhandeltijd besluitvorming aanvragen binnen de wettelijke termijn: In de voorjaarsbrief werd al aangegeven dat we nog niet in staat zijn om deze KPI te meten. Die situatie is onveranderd. We hopen in 2026 wel over deze data te kunnen rapporteren. Op basis van andere cijfers weten we echter wel dat we het percentage van 100% niet halen. % aantal lokale (gemeenten) meldingen t.o.v. het totaal aantal meldingen: Ook hier is de KPI nog niet ingericht. Wel zien we dat het aantal lokale contacten blijft toenemen. Passende dienstverlening (doelgroep bekend en proces ingericht) voor de meest kwetsbare inwoners met meervoudig en complexe vragen: Verdere inrichting van deze dienstverlening heeft continue de aandacht binnen het project Samen Verbeteren. Recent is er geïnvesteerd in uitbreiding van de capaciteit om aan de toenemende vraag te voldoen. De wachtlijsten zijn hiermee verdwenen.

Score op stress reductie (nu 3,7): een nieuwe meeting is nog niet beschikbaar. Er is nog geen besluit genomen over wanneer er een nieuwe meting verricht zal worden.

Maatregelen en ombuigingen Ombuigingen zijn opgenomen in hoofdstuk 5.5 Bedrijfsvoering. Wat zijn de kosten? De lasten van deze opgave bestaan uit kosten van personeel en bedrijfsvoeringsmiddelen. Deze zijn onder de Opgave Bedrijfsvoering opgenomen.

14

5.2 BESTAANSZEKERHEID VERSTERKEN Doelen Nummer

Doelstelling

2.1

Wij zetten ons samen met lokale partners in om financiële problematiek bij de inwoners van de Drechtsteden te voorkomen (nieuw)

2.2

Wij bieden hulp bij bestaanszekerheid vraagstukken

2.3

We werken aan duurzame financiële stabiliteit en perspectief voor inwoners die dat nodig hebben.

Opgave-indicatoren Indicator

Doel

Realisatie

Het aantal toekenningen PMB voor inwoners met P-wetuitkering

3% stijging

-2%

Het aantal toekenningen bijzondere bijstand voor inwoners met Pwetuitkering

10% stijging

5%

Het aantal toekenningen PMB voor inwoners zonder P- wet uitkering

5% stijging

3%

Het aantal toekenningen bijzondere bijstand voor inwoners zonder P- wet uitkering

5% stijging

-2%

Het aantal nieuw gestarte schuldhulpverleningstrajecten

10% stijging

10%

% aandeel geslaagde schuldhulpverleningstrajecten

Minimaal 90%

95%

aantal herinstroom schuldhulpverlening binnen 3 jaar

Max 10%

4,3%

gemiddelde schuldenlast bij melding schuldhulpverlening

10% lager dan landelijk

Gelijk aan landelijk cijfer 2024

≥4,4

4,2 van de 5

Score klantbeleving, mensgerichtheid

15

Wat hebben we bereikt? De ingezette lijn om de bestaanszekerheid van inwoners te versterken is in 2025 goed voortgezet. Onze dienstverlening blijft hoog scoren en schuldhulpverlening laat positieve resultaten zien. Het gebruik van de minimaregelingen is voor het tweede jaar op rij hoog, al blijft het achter bij de ambitieuze stijging die was voorgenomen. Wat in de eerste zeven maanden van 2025 bereikt is voor de opgave Bestaanszekerheid versterken wordt onderstaand kort toegelicht aan de hand van de drie geformuleerde doelstellingen. De negen indicatoren zijn daarbij geen doel op zich, maar een logisch gevolg van gezamenlijke inspanningen om niet-gebruik te verminderen, het bereik te vergroten en de dienstverlening te verbeteren. 1. Wij zetten ons samen met partners in om financiële problematiek bij de inwoners van de Drechtsteden te voorkomen Indicatoren bijstandsgerechtigden Het aantal toekenningen PMB voor bijstandsgerechtigden Het aantal toekenningen bijzondere bijstand voor bijstandsgerechtigden

31-07-2023 2.622

31-07-2024 2.982

31-7-2025 2.926

2.944

3.313

3.495

Sinds eind 2023 voert de GR Sociaal brede bestaanszekerheidsgesprekken met bijstandsgerechtigden. In deze gesprekken staat de persoonlijke situatie centraal en wordt gekeken hoe inwoners beter gebruik kunnen maken van landelijke en lokale minimaregelingen. Bij het stellen van de doelen in 2023 werd verondersteld dat de eerste gesprekken gefaseerd zouden worden uitgevoerd in 2024 en 2025. In de praktijk zijn in 2024 echter al aanzienlijk meer inwoners gesproken dan voorzien. Hierdoor is het gebruik van PMB en bijzondere bijstand in dat jaar sterk gestegen, maar blijft de groei in 2025 beperkt (-2% en +5%). Dit maakt dat de doelstelling voor 2025 niet wordt behaald, terwijl de feitelijke resultaten over de twee jaren samen wél hoger liggen dan vooraf gedacht. Dat de doelstelling niet wordt behaald komt eigenlijk door de manier waarop de indicator is vastgesteld (percentuele stijging in 2025 t.o.v. 2024). Het gebruik blijft in vergelijking met eerdere jaren hoog (zie bovenstaande tabel). Omdat we veel inwoners in 2025 voor de tweede keer spreken is de aandacht meer verlegd naar preventie (life-events, signalen, pensioen, parttime werk, etc.) en rechtmatigheid. Voor een extra impuls worden bijstandsgerechtigden die in 2025 nog geen nieuwe aanvraag PMB hebben ingediend nogmaals proactief benaderd. Ambtshalve toekennen zonder aanvraag is nog niet mogelijk.

Indicatoren niet-bijstandsgerechtigden Het aantal toekenningen PMB voor nietbijstandsgerechtigden Het aantal toekenningen bijzondere bijstand (BB) voor niet-bijstandsgerechtigden

31-07-2023 658

31-07-2024 680

31-7-2025 699

2.604

2.843

2.773

Via intensievere samenwerking met lokale partners willen we op den duur ook meer nietbijstandsgerechtigden bereiken zodat zij meer gebruikmaken van minimaregelingen, al zijn de effecten daarvan nu nog niet zichtbaar in de cijfers (+3% PMB en -2% BB). 2. Wij bieden hulp bij bestaanszekerheidsvraagstukken Op 31 juli 2025 waren er 6.483 inwoners met een bijstandsuitkering. Het bijstandsbestand is daarmee met 95 inwoners gestegen ten opzichte van de eindstand 2024.

16

Een belangrijk beoogd effect van onze proactieve dienstverlening is het herstel van vertrouwen in de overheid. Dit sluit ook aan bij de uitgangspunten van de Participatiewet in Balans – waarbij nadrukkelijk wordt gekozen voor vertrouwen, eenvoud en de menselijke maat – en dit komt tot uiting in onze klanttevredenheid. De klanttevredenheid bij het aanvragen van een bijstandsuitkering scoort een 4,2 van de 5 en is niet eerder zo hoog geweest. Het aantal meldingen voor schuldhulpverlening ontwikkelt zich met een stijging van 10% conform de verwachting en sluit aan bij de gestelde doelstelling. Door integraal te werken, signalen van betalingsachterstanden vroegtijdig op te pakken en nauw samen te werken met partners, zorgen we dat inwoners met problematische schulden de weg naar schuldhulpverlening vinden. 3. We werken aan duurzame financiële stabiliteit en perspectief voor inwoners die dat nodig hebben Na een succesvol afgerond schuldregelingstraject bieden we samen met partners in de gemeenten nazorg, een essentieel onderdeel van de schuldhulpverlening. Deze begeleiding ondersteunt inwoners bij een schuldenvrije start, voorkomt terugval en helpt duurzame financiële stabiliteit te behouden. Door de halvering van de schuldregelingstrajecten naar 18 maanden geven we begeleiding tijdens het traject en nazorg nog meer aandacht.

Hoewel deze begeleiding nog verder doorontwikkeld wordt, is het positief dat de herinstroom met 4,3% onder de doelstelling van 10% is gebleven. De gemiddelde schuldenlast in de eerste zeven maanden van 2025 bedraagt € 39.100 en ligt daarmee op het landelijke cijfer over heel 2024 (€ 39.079). Onder deze groep bevinden zich twintig inwoners die zich voor schuldhulpverlening hebben aangemeld met een schuldenlast van meer dan € 100.000. Met de activiteiten uit het Beleidsplan Schuldhulpverlening 2025-2028, dat in juli 2025 is vastgesteld, willen we er onder meer voor zorgen dat inwoners eerder in beeld komen en daardoor minder hoge schulden opbouwen. Maatregelen en ombuigingen Ombuigingen Bestaanszekerheid versterken Vastgestelde maatregelen Begroting 2025 Maatregelen om de uitstroom te bevorderen Maatregelen UPN 2026 Maatregelen om de uitstroom te bevorderen Serviceteam bewindvoering Maatregelen Voorjaarsbrief 2025 Correctie TOTAAL (bedragen x € 1.000)

2025 € 3.631

€ 2.295 € 225

€ -3.450 € 2.701

Inkomensondersteuning In de Voorjaarsbrief 2024 en de Primaire begroting 2025 zijn extra uitstroom bevorderende maatregelen genomen om te komen tot een hogere uitstroom. Dit ten opzichte van de landelijk gemiddelde uitstroom aantal bijstandsgerechtigden (CPB Macro Economische Verkenning). In de Begroting 2024 hielden we rekening met een besparing gebaseerd op een extra uitstroom van 230 bijstandsklanten (met de daarbij behorende gemiddelde prijs van een bijstandsuitkering). Echter, bij de jaarrekening 2024 werd duidelijk dat de voorgenomen extra uitstroom niet is gerealiseerd. Als gevolg hiervan valt de beginstand van het aantal klanten vanaf 2025 hoger uit dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. De begrote uitgaven nemen hierdoor toe en daarmee daalt de begrote besparing. Dit effect is gecorrigeerd in de Voorjaarsbrief 2025 en de Begroting 2026. Tevens is de verwachte besparing geactualiseerd met de naar boven bijgestelde gemiddelde prijs (op basis van

17

indexatie) van een bijstandsuitkering. De (aangepaste) doelstelling voor 2025 en 2026 bedraagt respectievelijk 160 en 156 extra uitstroom van klanten ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Maatregelen genomen bij de Primaire Begroting 2025 / UPN 2026 Door de samenvoeging van de SDD met Drechtwerk zien wij mogelijkheden die we hebben vertaald in een aantal maatregelen die een positief effect hebben, zowel maatschappelijk als financieel. Deze maatregelen om de uitstroom te bevorderen zijn: - beschut werk met behulp van LKS - werk-fit maken van klanten die al langer dan 2 jaar in de bijstand zitten - pilot LKS - uitstroom van de Impulsdoelgroep via inburgering - meer klanten parttime laten werken. Maatregelen Voorjaarsbrief 2025 Maatregelen om de uitstroom te bevorderen De in de primaire begroting 2025 verwerkte bedragen hebben wij geactualiseerd. De lagere ombuiging (correctie) wordt vooral veroorzaakt door het niet realiseren van de beoogde extra uitstroom in 2024. Daarnaast heeft de herziene prognose van de klantontwikkeling van het CPB een effect op de uitkomst van de maatregelen. Bovengenoemde (cumulatieve) totaalbedragen betreffen een verlaging van de lasten als gevolg van geprognosticeerde lagere klantaantallen. Worden deze gerealiseerd, dan heeft dit lagere BUIGbudgetten tot gevolg. Per saldo zal dit niet leiden tot een lager financieel effect voor de gemeenten.

Minimabeleid Serviceteam bewindvoering UPN 2026 De ombuiging is onderdeel van de bestuurlijke opdracht "Een toekomstbestendig sociaal domein", uitwerkingsopdrachten spoor 2 onderdeel 1 "Aanpassing van de uitvoering en bedrijfsvoering". Het serviceteam voor externe bewindvoering bundelt alle diensten en samenwerking rond beschermingsbewind. Dit zorgt voor passende, kwalitatieve ondersteuning van inwoners met financiële problemen en draagt bij aan het beheersen van de kosten van bijzondere bijstand voor beschermingsbewind. Om de ombuiging te realiseren is een investering in de apparaatskosten noodzakelijk. Het opzetten van een serviceteam voor externe bewindvoering bundelt alle diensten rondom beschermingsbewind, met extra focus op schuldenbewind en de samenwerking met schuldhulpverlening. Hierdoor krijgen inwoners de juiste financiële ondersteuning, terwijl tegelijkertijd de kosten van bijzondere bijstand dalen door een snellere doorverwijzing naar schuldhulpverlening en kortere bewindperiodes. Minder cliënten onder bewind en kortere looptijden zorgen voor lagere kosten van bijzondere bijstand. De verwachte besparing is gebaseerd op ervaringen van andere gemeenten, waar deze aanpak leidde tot een afname van het aantal ingestelde bewinden met 20%, wat resulteerde in minder verstrekkingen van bijzondere bijstand.

In de Drechtsteden gaan we uit van een verwachte besparing van 11,25% in 2025 vanwege de opstartfase, oplopend naar 15% vanaf 2026. De besparing op de kosten van bijzondere bijstand voor beschermingsbewind bedraagt € 225.000, maar door apparaatskosten van € 222.000 blijft de netto besparing in 2025 nihil. Voortgang ombuiging Serviceteam bewindvoering Najaarsbrief 2025 Het Serviceteam bewindvoering is recent van start gegaan als onderdeel van de bestuurlijke opdracht "Een toekomstbestendig sociaal domein". Hoewel het nog te vroeg is om inhoudelijk te rapporteren over de voortgang of effecten van de ombuiging, zien we in de eerste maanden wel een lichte afname van zowel het aantal cliënten als de kosten op het product bewindvoering ten opzichte van 2024. De komende periode worden de effecten verder gemonitord en zal hierover bij de jaarrekening nader worden gerapporteerd.

18

Wat zijn de kosten? Opgave

Najaarsbrief 2025

Actuele begroting 2025

Afwijking

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Inkomensondersteuning

134.087

134.087

0

137.449

137.449

0

3.362

3.362

0

Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.

2.135

2.135

0

2.135

2.135

0

0

0

0

Minimabeleid

11.074

11.074

0

10.912

10.912

0

-162

-162

0

Totaal

147.296

147.296

0

150.496

150.496

0

3.200

3.200

0

Bedragen x € 1.000

Toelichting bij de afwijkingen In onderstaande tabel zijn de verwachte afwijkingen op de lasten, de baten van derden en (als resultaat) de bijdrage van gemeenten opgenomen (negatieve bedragen zijn lagere lasten c.q. baten). Inkomensondersteuning Bij de voorjaarsbrief werd uitgegaan van een verwachte eindstand van 6.246. Bij deze voorliggende najaarsbrief wordt, op basis van de nieuwe prognose van het CPB en een dezelfde ambitie, een eindstand geprognosticeerd van 6.318 inwoners met een uitkering in het kader van de Participatiewet. Om de geprognosticeerde eindstand te halen zijn en worden er maatregelen genomen (zie hiervoor de opgave Ontwikkelen naar Werk) om dit te realiseren. De toename van de lasten wordt veroorzaakt door hogere klanten aantallen (€ 2,3 mln.), een hogere gemiddelde prijs (€ 2,4 mln.), hogere uitgaven individuele studietoeslag (€ 0,4 mln.). Daarnaast zijn er lagere lasten LKS (€ 1,4 mln.) en IOAW/IOAZ/Bbz (€ 0,3 mln.). Per saldo hogere lasten van € 3,4 miljoen. Daartegenover staan hogere Rijksinkomsten van de BUIG-budgetten (€ 4,9 mln.), hogere tegemoetkoming individuele studietoeslag (€ 0,4 mln.) en hogere debiteuren (€ 0,3 mln.). Per saldo hogere baten van € 5,6 miljoen. Dit resulteert in een daling van het geprognosticeerde financiële effect met € 2,2 miljoen.

Was bij de voorjaarsbrief een financieel effect geprognosticeerd van € 7,0 miljoen, bij deze voorliggende najaarsbrief is dat € 4,8 miljoen. Dit financiële effect kan wijzigen mochten de genoemde risico's in de risicoparagraaf zich in meer of mindere mate voordoen. Voor het doen van een verzoek tot een vangnetuitkering is één van de criteria waar aan voldaan moet worden een tekort van 5% (de zogenaamde eigen risico grens). Op basis van de geprognosticeerde lasten en baten 2025 is het mogelijk om een verzoek te doen voor een vangnetuitkering voor vier gemeenten. Voor een drietal gemeenten ligt het tekort tussen de 5,2% en 5,9% terwijl voor de vierde gemeente het tekort 16,0% bedraagt. Mocht de beoogde eindstand van 6.318 niet gehaald worden en/of de hoogte van de BUIG-budgetten wijzigen, dan is het mogelijk dat het aantal gemeenten die een verzoek kunnen indienen zal wijzigen. Alleenverdienersproblematiek Voor de compensatie van huishoudens die geraakt worden door de alleenverdienersproblematiek worden de kosten over 2022–2025 geraamd op € 752.000, inclusief € 141.000 voor externe inhuur. De uitvoering vindt plaats via de Participatiewet, met uitbetaling van gerichte financiële compensatie aan getroffen huishoudens.

In de 4e Begrotingswijziging 2025 van de GR Sociaal is dit voorstel verwerkt; voor 2026 en 2027 wordt de benodigde verwerking – indien mogelijk – meegenomen in de reguliere P&C-cyclus.

19

Toeslagenaffaire Door verbeteringen in de kwaliteit en registratie zijn de incidentele uitkeringen aan gedupeerden gestegen. Hiermee komen we meer in lijn met de landelijke ontwikkelingen, waarbij op duurzame en ruimhartige oplossingen wordt ingezet. Daarnaast zijn er nog steeds nieuwe inwoners die zich voor het eerst melden voor de brede ondersteuning. Deze incidentele uitkeringen zijn niet begroot, de prognose is dat de uitgaven € 3 miljoen zullen bedragen. De Toeslagenaffaire betreft een gemandateerde taak in plaats van een gedelegeerde taak. Hierdoor lopen de lasten en baten via de DVO in plaats van de begroting GR Sociaal. De financiële jaarverantwoording 2025 is daarom niet opgenomen in de najaarsbrief. De hogere uitgaven van de incidentele uitkering zal bij de jaarrekening met de gemeente worden afgerekend middels de DVO. Deze kosten kunnen de gemeenten volledig declareren bij het Rijk. Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Minimabeleid

3.200

230

2.970

Prognose PMB, BB Bewind en Bijzondere bijstand

-162

-95

-67

406

0

406

-1.383

0

-1.383

-341

0

-341

2.275

0

2.275

De lasten voor het minimabeleid worden naar verwachting € 0,16 miljoen lager dan eerder geraamd. De gemeentelijke bijdragen dalen ten opzichte van de begroting met € 0,07 miljoen. Daarnaast worden de terugvorderingen van verstrekkingen binnen het minimabeleid € 0,09 miljoen lager ingeschat dan begroot. Deze lagere lasten binnen het minimabeleid ontstaan op de regelingen: • Persoonlijk Minimabudget (PMB): De lasten vallen € 0,11 miljoen lager uit dan begroot, voornamelijk als gevolg van een afname in het aantal inwoners met bijstandsuitkering dat een PMB aanvraagt. We verwachten nog wel een extra impuls door deze groep in de tweede helft van 2025 proactief te benaderen. • Bijzondere Bijstand (BB): De lasten zijn € 0,15 miljoen lager dan begroot en hangen samen met doorwerkingen van ontwikkelingen uit het voorgaande jaar. Toen stegen de uitgaven nog met bijna € 0,6 miljoen. In de eerste zeven maanden van 2025 ontvingen weliswaar meer inwoners bijzondere bijstand, maar de totale uitgaven daalden, vooral door lagere uitgaven voor verhuis- en inrichtingskosten, met name in Dordrecht. • Bijzondere bijstand Bewindvoering: De lasten vallen € 0,09 miljoen hoger uit dan begroot. De begroting was eerder neerwaarts bijgesteld in verband serviceteam bewindvoering. Aangezien dit team recent van start is gegaan, is de prognose dat de beoogde besparingen niet volledig worden gerealiseerd.

Individuele studietoeslag De realisatie van de eerste 7 maanden (t/m juli) is geëxtrapoleerd naar het einde van het jaar. Loonkostensubsidie De lasten loonkostensubsidie van de eerste 7 maanden (t/m juli) zijn geëxtrapoleerd naar het einde van het jaar. IOAW, IOAZ en Bbz De lasten IOAW, IOAZ en bbz over de eerste 7 maanden (t/m juli) zijjn geëxtrapoleerd naar het einde van het jaar. Klantontwikkeling van de Bijstand

Daar waar bij de voorrjaarsbrief rekening werd gehouden met een eindstand van 6.246 klanten wordt er bij de najaarsbrief, op basis van een nieuwe CPB prognose en een dezelfde ambitie, een eindstand van 6.318 geprognosticeerd. Dit en een hogere gemiddelde klantenaantal veroorzaakt een stijging op basis van aantal klanten van € 2,3 miljoen.

20

Prijsontwikkeling van de bijstand

2.404

325

2.079

3.200

230

2.970

De hogere prijs is het gevolg van indexering van de bijstandsprijzen en een hogere loonheffing. Totaal Bedragen x € 1.000

21

5.3 ONTWIKKELEN NAAR WERK Doelen Nummer

Doelstelling

3.1

Wij helpen klanten zich te ontwikkelen naar werk door te doen

3.2

Wij bieden klanten een (on)betaalde plaats die bij hen past

3.3

Wij houden klanten die betaald aan het werk zijn, aan het werk

Opgave-indicatoren Indicator

Doel

Realisatie

Percentage klanten met een profiel

100%

50,5

Aantal klanten die kunnen re-integreren (profiel 1, 2) zitten binnen 3 maanden op een traject

100%

3,6

450

228

Groei

10,19

Aantal klanten geplaatst op nieuw beschut

180

139

Percentage klanten dat minimaal 6 maanden aan het werk blijft

90%

91,38

Aantal uitkeringen uitstroom naar werk of onderwijs

Percentage met parttime werk

Wat hebben we bereikt? Wat in de eerste zeven maanden van 2025 bereikt is voor de opgave Ontwikkelen naar werk wordt onderstaand kort toegelicht aan de hand van de drie geformuleerde doelstellingen. De zes indicatoren zijn daarbij geen doel op zich, maar een logisch gevolg van gezamenlijke inspanningen om onze doelgroep in beeld te krijgen en te helpen met ontwikkeling en arbeidstoeleiding. 1. Wij helpen klanten zich te ontwikkelen naar werk door te doen Het kennen van onze klanten is cruciaal. Daarom investeren we in het in beeld krijgen van onze klanten. Dat doen we waar mogelijk in samenwerking met het lokale veld. In de eerste 7 maanden van het jaar hebben we 50,5% van de klanten ingedeeld in profielen 1 t/m 3 op basis van de termijn waarop zij kans hebben om uit te stromen naar werk. Dit zetten we door om aan het einde van het jaar de 100% te behalen. Dit betekent dat we dan een goed beeld hebben welke klanten de beste kansen hebben om (relatief) snel via opleiding of ontwikkeling naar betaald werk bemiddeld te worden. Klanten met profielen 1 en 2 kunnen, al dan niet met ondersteuning, op termijn naar werk bemiddeld worden. Daarom is het zaak dat die ondersteuning wordt ingeregeld. Slechts 3,6% van deze klanten zit (aantoonbaar èn binnen 3 maanden) op een traject.

Dit lage percentage is te verklaren doordat het ontwikkelen van een plan van aanpak veelal meer tijd in beslag neemt dan 3 maanden. De consulent heeft meerdere gesprekken nodig om de inwoner te leren kennen en een passend aanbod te kiezen. Ook ligt een belangrijke verklaring in een administratieve achterstand. Het wel of niet hebben van een traject wordt gemeten op basis van de indicator 'plan van aanpak'. Het plan van aanpak is een belangrijk instrument in de nieuwe re-integratie aanpak. In mei zijn hiervoor de processen aangepast. Echter nog niet elk team werkt al conform dit nieuwe proces (bijvoorbeeld team inburgering nog niet),

22

waardoor er een vertekend beeld ontstaat. De verwachting is dat dit percentage snel omhoog gaat wanneer andere teams ook zijn aangesloten. 2. Wij bieden klanten een (on)betaalde plaats die bij hen past De nieuwe aanpak op re-integratie moet meer uitstroom opleveren. Dat begint bij doelstelling 1, waarvoor we inzetten op ontwikkeling. Vervolgens is bemiddelen van belang. In de nieuwe reintegratieaanpak zijn klanten in beeld, bieden we hen een ontwikkeltraject èn werken we beter samen tussen de verschillende afdelingen waardoor de overdracht naar bemiddeling eerder en beter kan. Daarnaast komt het Werk Ontwikkelpunt (WOP) op gang. Het WOP brengt expertise op het gebied van arbeidsonderzoek, aanleren van werknemersvaardigheden, arbeidsgerichte vaktrainingen en het coachen op ontwikkeldoelen van willen en kunnen werken bij elkaar. In het WOP worden modulaire trainingen aangeboden. In de centrale werksetting van het WOP draait het om het opdoen van werkervaring en werkbeleving. Verdere vakontwikkeling vindt plaats in Ontwikkelpaden in vijf kansrijke sectoren, die samen met bedrijven zijn ontwikkeld. Het WOP vormt daarmee de opstap naar die (on)betaalde werkplek. Deze stappen gaan hand in hand met de landelijke ontwikkeling van de Participatiewet in Balans. De wet is al diverse keren vertraagd.

We zetten uiteraard wel stappen door onze re-integratieaanpak te wijzigen en het Werk Ontwikkelpunt te openen maar een volledige herijking moet wel passen binnen de landelijke wetgeving. Er zijn op de peildatum 31 juli 2025 249 inwoners met een indicatie nieuw beschut, waarvan er 139 aan het werk zijn (94 bij Drechtwerk en 45 bij reguliere werkgevers). De 110 geïndiceerde inwoners die nog niet zijn geplaatst zijn inmiddels benaderd en hiervoor worden vervolgacties opgezet. Om achterstanden in de plaatsingen in de toekomst te voorkomen is een afdeling ‘indicatie beheer beschut’ opgericht waardoor er een centraal punt is voor de regierol, de ontvangst van adviezen, het afgeven van indicaties en de administratieve verwerking. Hierbij is ook een duidelijk werkproces opgesteld van indicatie tot plaatsing. Daarnaast worden kennissessies georganiseerd voor medewerkers van de GR Sociaal in het herkennen van inwoners, die voor beschut werk in aanmerkingen kunnen komen en wordt geïnvesteerd in de relatie en verbinding met de opgave Zorg & Ondersteuning, GGZ-organisaties, onderwijsinstellingen en UWV. Voor alle beschut werkers in dienst bij Drechtwerk zijn inmiddels ontwikkelplannen opgesteld om hen toe te leiden naar een zo regulier mogelijke werkplek. De doelgroep nieuw beschut is een bouwsteen bij de transitie van de sociale infrastructuur.

Er komt een transformatieplan voor het sociaal ontwikkelbedrijf. Via een aparte begrotingswijziging maken we daarvoor aanspraak op door het Rijk aan gemeenten beschikbaar gestelde budgetten. Er is een stijging in parttime werk en die lijn wordt doorgezet. Met name voor inburgeraars is parttime werk een goede oplossing omdat zij veel tijd kwijt zijn aan hun verplichte inburgeringstraject. Als we hen gelijktijdig willen helpen met ontwikkelen naar werk dan moet parttime werk voor hen mogelijk en aantrekkelijk worden gemaakt. Hiertoe gaan we aan de slag met duale trajecten voor inburgeraars en de pilot ‘Afrekenen met verrekenen’ voor de hele doelgroep. 3. Wij houden klanten die betaald aan het werk zijn, aan het werk Om het werkbehoud van inwoners te stimuleren zetten wij al jaren in op het bieden van ondersteuning via nazorg. Anders dan in het verleden wordt deze vorm van ondersteuning steeds meer gericht op een nadere intensivering binnen regelingen als de Wsw, Nieuw Beschut en Banenafspraak alsmede arbeidsmatige dagbesteding, stagiaires en vrijwilligers. De doelstelling voor duurzame uitstroom ligt op koers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/783/documents/17250