CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Evaluatie SROI Drechtsteden 2024.pdf

Commissie Bestuur en Samenleving Alblasserdam 19 mei 2026, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 6: Raadsvoorstel Social Return on Investment (SRoI) - Voorstel21.388 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Evaluatie SROI Drechtsteden Ervaringen in de praktijk

foto: Martensmultimedia / Drechtsteden

september 2024 Partner voor bestuur en beleid

Inhoudsopgave Conclusies en aanbevelingen

SROI-beleid in vogelvlucht

Invulling SROI in de praktijk

Ondersteuning en registratie

Controle, handhaving en verantwoordelijkheid

Na SROIinvulling

Positieve ervaringen en knelpunten

Suggesties en tips

Arbeidsmarktontwikkelingen

Partner voor bestuur en beleid

Inleiding Social Return on Investment (SROI) is het bevorderen van arbeidsparticipatie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Inkopers van overheden vereisen bij de aanbesteding van opdrachten, dat de opdrachtnemer kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt betrekt bij de uitvoering. Dat kan gaan om banen, leerwerk- en stageplekken, sociale inkoop en andere maatschappelijke activiteiten. De huidige ervaring in de Drechtsteden is onder andere dat maatwerk-invulling van SROI steeds vaker gewenst is, mede vanwege de krappe arbeidsmarkt. De Sociale Dienst Drechtsteden (SDD) wil weten hoe het huidige SROI-beleid uitpakt in de praktijk om te kunnen bepalen of het nog voldoet en welke mogelijke verbeterpunten er zijn. In de regionale uitvoeringsagenda is opgenomen dat men wil komen tot een SROI-beleid, dat beter werkt in de praktijk. Het doel is het doorontwikkelen van het beleid met een goede aansluiting op de huidige arbeidsmarktomstandigheden en de uitvoeringspraktijk. Een van de stappen is een onderzoek naar de uitwerking van het beleid in de praktijk. SDD heeft het Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD) gevraagd dit onderzoek uit te voeren.

De centrale vragen van dit onderzoek zijn: hoe verloopt de praktische uitvoering van het huidige SROI-beleid voor de Drechtsteden? Welke ervaringen hebben de direct betrokken partijen, welke succesfactoren en knel-/verbeterpunten zijn te onderscheiden en wat levert SROI in maatschappelijke zin op? Welke ontwikkelingen op de (regionale) arbeidsmarkt en economie zijn relevant voor de uitvoering en koers van het beleid?

De aanpak van het onderzoek bestaat uit deskresearch, interviews met direct betrokkenen en een vragenlijst onder opdrachtnemers (zie ook de Onderzoekverantwoording).

Partner voor bestuur en beleid

1. Conclusies en aanbevelingen Partner voor bestuur en beleid

De SROI-waarde in de Drechtsteden bedraagt € 51 miljoen. Dit gaat om contracten die in het registratiesysteem staan en die vanaf 1 januari 2023 lopende zijn, gaan lopen of sindsdien zijn afgerond.

Conclusies Personen met een uitkering en nietuitkeringsgerechtigden die ingezet kunnen worden als SROI, noemen we in deze rapportage gemakshalve kandidaten.

Beschikbaarheid van personen

Redenen van moeite met invulling

Invulling SROI in de praktijk De meest voorkomende manier van SROI-invulling in de Drechtsteden is de inzet van kandidaten (relatief veel opdrachtnemers in het groenonderhoud, in zorg/welzijn en grote opdrachtnemers doen dat). Ook maatwerk en sociale inkoop gebeuren vaak, gevolgd door de inzet van mbo’ers. In het groenonderhoud en in de infra/gww bieden relatief veel opdrachtnemers plek aan bbl-studenten. Indien opdrachtnemers werk hebben geboden aan personen, ging dat deels om personen woonachtig in de Drechtsteden.

Over het algemeen is het oordeel dat er niet voldoende geschikte personen zijn om in te zetten. Dit verschilt wel per doelgroep en branche. Het vinden of verkrijgen van stagiairs kost beduidend minder moeite dan het vinden van (geschikte) kandidaten. Branches met relatief weinig moeite met de inzet van personen zijn met name het groenonderhoud en zorg & welzijn. Opdrachtnemers die problemen ervaren bij de invulling en beschikbaarheid van kandidaten, zijn vooral het mkb en bedrijven in de infra/gww. Ook opdrachtgevers hebben deze ervaringen. De voornaamste oorzaken van de moeizame invulling via personen zijn allereerst tekorten aan inzetbare personen. Dat komt mede door de krapte op de arbeidsmarkt, de lage werkloosheid en te weinig aanbod van mbo-stagiairs. Ten tweede is er sprake van een mismatch tussen wat kandidaten kunnen (en willen) en wat van ze verwacht wordt op de werkvloer. Dat komt bijvoorbeeld doordat de werkzaamheden te specialistisch zijn (en diploma’s of certificaten vereisten), te hoogwaardig (hbo+) of niet/minder geschikt voor kandidaten. Denk bij dat laatste bijvoorbeeld aan de omgang met kinderen, cliënten en externe klanten. Daarnaast kan de begeleiding en administratie veel tijd kosten (bij kleine bedrijven).

Vooral in de infra/gww is het werk voor kandidaten niet alleen te specialistisch (zoals onder de grond), maar ook gevaarlijk, zwaar, in weer en wind en op vroege tijdstippen. De ervaring in de praktijk is dat dat vaak niet aansluit op de kennis, kunde en houding van kandidaten. Ook een taalbarrière kan een probleem vormen, zeker bij gevaarlijk werk.

Inzetbaarheid van personen, werkzaamheden

In de infra/gww is al met al de minste tevredenheid over de inzetbaarheid van kandidaten. Over het algemeen zijn opdrachtnemers die werk hebben geboden aan personen, echter positief over de inzetbaarheid van de personen. Dat geldt voor zowel kandidaten als mbo-stagiairs en vso/pro-leerlingen. In de gevallen dat opdrachtnemers (wel) werk hebben geboden aan personen, vinden ze overwegend dat de werkzaamheden geschikt waren. Dat geldt met name voor mbo-stagiairs. Zij verrichten (inhoudelijke) werkzaamheden in het verlengde van hun opleiding, ongeacht de branche van de opdrachtnemer. Kandidaten voeren voornamelijk faciliterende taken uit, zoals huishoudelijke, administratieve en schoonmaakwerkzaamheden. In bijvoorbeeld de groenvoorziening verrichten ze ook inhoudelijke taken.

Maatwerk, sociale inkoop mensen helpen aan en naar werk

Maatwerk en sociaal inkopen hebben vooral toegevoegde waarde voor opdrachtnemers die moeite hebben om SROI (volledig) via personen in te vullen. Zonder die mogelijkheden zouden ze niet aan de SROIverplichting kunnen voldoen. Daarbij komt het ten goede aan de doelgroep in relatie tot (kunnen) werken. Dat houdt ook in mensen voorbereiden op werk en zich laten ontwikkelen op het tempo dat voor hen geschikt is.

5

Partner voor bestuur en beleid

Conclusies Visie op SROI-beleid

Opdrachtnemers hebben afhankelijk van hun opgedane ervaringen, uiteenlopende visies op het huidige SROI-beleid. Positieve geluiden komen uit de hoek van het groenonderhoud en zorg & welzijn (zoals de meerwaarde van SROI voor het bedrijf, de personen en de maatschappij). Negatieve ervaringen zijn vooral afkomstig vanuit de infra/gww. De invulling van SROI (met kandidaten) wordt daar over het algemeen als (zeer) lastig ervaren, met een (te) hoge SROI-eis in combinatie met een tekort aan geschikte kandidaten. Onder opdrachtgevers zijn vooral kritische geluiden te horen over de praktische invulling van SROI. Die geluiden gaan voornamelijk over een inmiddels praktische onhaalbaarheid van de SROI-invulling; het beleid zoals bedoeld voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, is achterhaald. Dit komt door een tekort aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, die geschikt zijn om in te zetten. In de praktijk blijkt de inzet lastig uitvoerbaar vergeleken met tien tot twintig jaar geleden.

Meerwaarde tijdens SROI-inzet

Meerwaarde na SROI in dienst nemen

Meerwaarde van SROI Opdrachtgevers en opdrachtnemers onderschrijven over het algemeen nut en noodzaak van SROI. Opdrachtnemers bij wie de invulling met personen slaagt, zien bijvoorbeeld de ingezette kandidaten groeien in hun werk en zelfvertrouwen, en geven aan dat ze SROI doen voor die personen en dat het zich uitbetaalt voor hun bedrijf. Opdrachtnemers zijn overwegend tevreden over de inzetbaarheid van de personen en grotendeels vinden ze dat de werkzaamheden geschikt zijn. In die gevallen draaien de ingezette personen mee met de rest van het personeel. Daarnaast wordt de mogelijkheid tot maatwerk en sociaal inkopen als een meerwaarde ervaren. SROI leidt er regelmatig toe dat opdrachtnemers personen in betaalde dienst nemen na afloop van hun SROI-inzet. Vier op de tien opdrachtnemers met afgeronde opdrachten sinds 2023, hebben personen in dienst genomen na de SROI-inzet en volgens een op de tien zijn personen bij andere bedrijven of instellingen gaan werken. Meestal ging dat per opdrachtnemer om twee personen (vanuit de Drechtsteden, maar zeker ook van daarbuiten). Het in dienst nemen van personen na hun inzet is een meerwaarde van SROI. Zowel de opdrachtnemer als de ingezette persoon heeft dan baat bij de voltooide SROI-inzet. Juist nu de arbeidsmarkt krap is, biedt het bedrijven een extra mogelijkheid om aan personeel te komen.

Die ervaring is vooral in de zorg en het groenonderhoud. De in dienst genomen personen zijn voornamelijk stagiairs, maar ook kandidaten. Ze voeren dezelfde werkzaamheden uit als tijdens de SROI-inzet, al dan niet met doorgroeimogelijkheden.

maatschappelijke activiteiten

Wel de intentie, niet de mogelijkheid

SROI leidt er ook toe, dat een kwart van de opdrachtnemers maatschappelijke activiteiten is gaan verrichten buiten SROI om (bijvoorbeeld door meer te gaan samenwerken met organisaties zoals sociale werkvoorziening). Het komt ook voor dat opdrachtnemers personen via SROI in dienst willen nemen, maar niet kunnen. In die gevallen is er een tekort aan personen om gedurende de opdracht in te zetten als SROI. Of de ingezette kandidaten blijken niet geschikt te zijn voor de werkzaamheden tijdens de opdracht. Het wel willen maar niet kunnen, speelt vooral in de infra/gww-branche, waar juist veel behoefte is aan personeel.

6

Partner voor bestuur en beleid

Conclusies Positieve ervaringen opdrachtnemers

Knelpunten opdrachtnemers

Knelpunten intern

Ondersteuning door BBD

Capaciteit BBD

Positieve ervaringen en knelpunten Positieve ervaringen van opdrachtnemers zijn voornamelijk: - een goede / prettige / duidelijke samenwerking met gemeente / BBD (Baanbrekend Drechtsteden), - het zien groeien van kandidaten, de toegevoegde waarde van SROI, - de mogelijkheid tot maatwerk en sociaal inkopen. Knelpunten volgens opdrachtnemers (met name infra/gww) zijn: - geen of te weinig (geschikte) kandidaten, - (te) specialistisch werk voor SROI (met opleidingsvereisten en eisen aan veiligheid en kwaliteit), - te weinig mogelijkheden / te weinig capaciteit voor begeleiding (al dan niet een klein bedrijf), - de SROI-eis is niet reëel (bijvoorbeeld uurtarieven van kandidaten via een detacheerder/uitzender die flink hoger kunnen zijn dan de SROI-waarde van de kandidaatgroepen), - SROI kost veel tijd en administratie. Binnen SDD is de opvatting dat niet altijd voldoende zicht is op kandidaten (achtergrond, wat ze kunnen en willen). Een gevolg is dat er minder mensen in de “kaartenbak” van BBD terechtkomen dan zou kunnen. Het is juist van belang dat BBD zoveel als mogelijk (geschikte) kandidaten kan inzetten als SROI, ook vanwege de tekorten aan mensen op de werkvloer en de moeite om kandidaten in te zetten. Daarnaast hebben diverse programma’s en SROI een gemeenschappelijk doel en belang: mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk helpen.

De ervaring is dat SROI onderbelicht is. De meerwaarde van SROI zou meer voor het voetlicht gebracht moeten worden.

Ondersteuning en registratie Een meerderheid van de opdrachtnemers, die gebruik hebben gemaakt van ondersteuning door BBD, is daarover tevreden. Ze waarderen de goede contacten en afspraken met BBD, snel schakelen en meedenken. Bij BBD is een capaciteit van 2 fte beschikbaar voor SROI (van administratie tot controle, advisering en ondersteuning). De capaciteit is te klein om vaker in contact te zijn met opdrachtnemers (ook in de ogen van opdrachtgevers en opdrachtnemers). Dat is gewenst als opdrachtnemers nieuw zijn, een grote opdracht hebben en/of problemen hebben met de SROI-invulling. Op die manier kan op tijd of juist voortijdig actie worden ondernomen als de SROI-invulling achterloopt of dreigt achter te gaan lopen. Dat zou helpen om meer personen als SROI-invulling aan het werk te krijgen of houden. Daarnaast is het goed voor de relatie met opdrachtnemers. Ook vergeleken met de gemeente Rotterdam is de capaciteit naar verhouding klein. Samenhangend met het capaciteitsgebrek is dat er kritiek is van opdrachtnemers en -gevers. Die houdt in dat de afstemming tussen de behoefte aan geschikte kandidaten en het aanbod ervan, beter zou kunnen (bijvoorbeeld door vroegtijdig kandidaten in beeld te brengen).

7

Partner voor bestuur en beleid

Conclusies WIZZR

Een aanzienlijk deel van de opdrachtnemers (twee derde) is enigszins of niet tevreden met het gebruik van het systeem. Dat is vooral omdat ze het niet gebruiksvriendelijk vinden, omslachtig en/of omdat het veel administratie vergt.

Behoefte aan meer inzicht

Om bij BBD een volledig beeld te hebben van de contracten en de voortgang van de SROI-afspraken, is het noodzakelijk dat alle contracten tijdig in WIZZR staan. Dat is niet altijd het geval. Daarnaast heeft BBD behoefte aan dashboards om beter en gemakkelijker de omvang en voortgang van SROI in beeld te brengen.

Controle en handhaving

Controle en handhaving BBD voert steekproefsgewijs controles uit op ingevoerde bewijsstukken. In de praktijk vindt het bewaken van de voortgang van SROI-afspraken door opdrachtgevers niet consequent plaats. Niet alle opdrachtgevers zijn daarmee bezig. Er is geen (actief) boetebeleid voor de gevallen dat opdrachtnemers niet voldoen aan de SROI-verplichting. Geen van de betrokken partijen in de Drechtsteden (opdrachtgevers en SDD) is voorstander van beboeten. De consequenties van boetes voor de relatie met opdrachtnemers en de continuïteit van de opdrachten, worden zwaarder gewogen dan het handhaven van de verplichting.

Verantwoordelijkheden

Daarnaast is er onduidelijkheid over verantwoordelijkheden. Dat komt mede doordat de bewaking/check op invulling volgens het beleid plaatsvindt in samenspraak tussen opdrachtgever en BBD. Ook is er onder opdrachtgevers, bij SDD en Team Inkoop behoefte aan meer duidelijkheid in rollen, verantwoordelijkheden en eigenaarschap. “Wie is bij SROI waarvoor eindverantwoordelijk en bij wie ligt het eigenaarschap van het SROI-beleid?”

Veel ontstane vacatures, vooral technische beroepen

Arbeidsmarktontwikkelingen: zeer gespannen arbeidsmarkt in de Drechtsteden Sinds 2022 is het aantal ontstane vacatures in de Drechtsteden per kwartaal ruim twee keer zo groot als begin 2016. Die toename is groter dan landelijk. De technische beroepen zijn de beroepsklasse met de meeste ontstane vacatures in de Drechtsteden. Voor alle beroepsklassen is sprake van een (forse) groei van het aantal ontstane vacatures. Opdrachtnemers verwachten de komende jaar meer uitstroom van personeel.

Zeer krappe arbeidsmarkt

De regionale arbeidsmarkt is sinds 2018 (zeer) krap. Er zijn veel meer vacatures dan personen, die kortdurig werkloos zijn en werk zoeken. De komende jaren blijven werkgevers in de Drechtsteden last houden van personeelstekorten. Opdrachtnemers verwachten dat de krapte op de arbeidsmarkt (in alle branches) zal aanhouden of verergeren. De zeer krappe arbeidsmarkt geldt voor alle beroepsklassen, met name voor technische beroepen en ict-beroepen. De krapte voor technische beroepen is in de Drechtsteden aanzienlijk groter dan landelijk.

Werkloosheid en uitkeringen

De werkloosheid en werkloze beroepsbevolking zijn in de Drechtsteden twee keer zo klein als tien jaar geleden. Het aantal lopende ww-uitkeringen is fors afgenomen (drie keer zo klein als in 2016). Het aantal bijstandsuitkeringen is door de jaren heen redelijk stabiel. Dat geldt ook voor het aantal geregistreerde werkzoekenden met een wia- of een wajong-uitkering.

8

Partner voor bestuur en beleid

Conclusies Mbo-studenten

Mate van werk na diploma

Minder (geschikte) kandidaten voor SROI

Minder (technische) mbo-stagiairs voor SROI

In de Drechtsteden woonden in 2023 10% minder mbo-studenten dan in 2019. In 2027 zijn er naar verwachting even veel mbo-studenten als nu. Daarna zal het aantal tot 2038 dalen met 4%. Vooral in de Techniek & gebouwde omgeving (-11%) gaat het aantal mbo-studenten in de Drechtsteden naar verwachting afnemen. Vrijwel alle mbo-gediplomeerden vinden na hun opleiding binnen een jaar betaald werk (vooral bblstudenten). Van de bbl-studenten woonachtig in de Drechtsteden, heeft 95% binnen een jaar na diplomering betaald werk. Van de technische opleidingen zoals binnen Bouw en infra hebben nagenoeg alle studenten, die de afgelopen jaren hun diploma behaalden, betaald werk. Van Bouw en infra zijn slechts enkele tientallen gediplomeerde schoolverlaters woonachtig in de Drechtsteden per jaar. Ook van Zorg en welzijn - een veel grotere opleidingssector - vindt een groot aandeel gediplomeerden binnen een jaar na afronding van de opleiding betaald werk.

Arbeidsmarktontwikkelingen: betekenis voor SROI in de regio Door de zeer krappe arbeidsmarkt hebben werkgevers moeite om personeel te vinden. Ook voor SROI heeft de krapte gevolgen. Omdat er relatief weinig werklozen zijn, is onder hen het aantal kandidaten om werk te bieden als SROI-invulling, kleiner dan pakweg tien jaar geleden. Bovendien is dan ook het aantal kandidaten dat geschikt is voor de werkzaamheden, kleiner. Momenteel is dus meer dan voorheen sprake van een kwantitatieve en kwalitatieve mismatch. Vooral in de techniek (zoals bouw, infra/gww) is dat het geval, mede vanwege de zeer grote regionale krapte in die sector. Groepen kandidaten die wel stabiel zijn qua omvang, zijn personen met een bijstands-, wia- of wajong-uitkering. Daarnaast wonen in de Drechtsteden relatief weinig mbo-studenten die een diploma behalen in de techniek. Na diplomering hebben juist zij vrijwel allemaal betaald werk. Dat geldt echter ook voor de andere opleidingssectoren. Mbo-studenten hebben over het algemeen geen afstand tot de arbeidsmarkt. Zeker bbl-studenten niet, omdat zij eerst een leerbedrijf moeten vinden (of daar al werkzaam zijn), voordat ze de opleiding kunnen vervolgen. Aangezien het totaal aantal mbo-studenten in de regio is afgenomen en naar verwachting licht zal blijven dalen, is SROI-invulling ook via deze doelgroep lastiger dan voorheen.

Vanwege minder stagiairs en (geschikte) kandidaten verwachten opdrachtnemers dat de invulling van SROI in de Drechtsteden in de toekomst lastiger wordt dan nu en in het verleden. Maatwerk en sociale inkoop worden dan belangrijker om te kunnen voldoen aan hun SROI-verplichting.

9

Partner voor bestuur en beleid

Aanbevelingen Gebaseerd op de bevindingen uit het onderzoek komen we tot de volgende aanbevelingen (in willekeurige volgorde). 1. Informatievoorziening vooraf Verstrek voorafgaand aan de opdrachtverlening de (mogelijke) opdrachtnemers concrete informatie over de regionale mogelijkheden van de SROI-invulling. Benoem de specifieke sociale (werkvoorziening) organisaties en stichtingen waar men terecht kan voor sociale inkoop en maatwerk. Vanwege de moeite met het bieden van werk als SROI-invulling, de ervaren tekorten aan geschikte kandidaten en de krapte op de arbeidsmarkt, zijn sociale inkoop en maatwerk belangrijk. Geef zo concreet mogelijk aan hoe en welke maatschappelijke activiteiten verricht kunnen worden, liefst aan de hand van praktijkvoorbeelden. Maak duidelijk kenbaar dat scholings-en begeleidingskosten ten behoeve van de doelgroepen mogelijk zijn en welke mbo-instellingen er in de regio zijn. Zo hoeven (nieuwe) opdrachtnemers het niet vooraf volledig zelf uit te zoeken. Het is geen dagelijks werk voor ze, zeker niet in het mkb en niet alle opdrachtnemers weten bijvoorbeeld dat mbo-stagiairs mogelijk zijn als SROI-invulling. 2. Afstemmen (potentiële) vraag en aanbod Zorg ervoor dat binnen SDD een zo goed mogelijk beeld is van de kandidaten (achtergrond, wat ze willen en wat ze kunnen) en dat dat bekend is bij BBD, zodat zij geen kandidaten “missen”.

Het is juist van belang dat BBD zoveel als mogelijk (geschikte) kandidaten kan laten inzetten als SROI, gezien de tekorten aan mensen op de werkvloer in nagenoeg alle sectoren en de (grote) moeite die een deel van de opdrachtnemers ervaart met de SROI-invulling. Door goed en volledig zicht te hebben op kandidaten kan een betere afstemming plaatsvinden met de behoefte van opdrachtnemers (type werk en branche). In een ideale situatie is vóór de opdrachtverlening bekend welke kandidaten geschikt kunnen zijn, zodat de kans op een goede match groter is en bedrijven er vooraf gericht op kunnen inspelen. Duidelijk wordt dan ook wat met kandidaten realistisch/haalbaar is binnen de context van de opdracht en de werkzaamheden.

3. Voorkomen is beter dan genezen Probeer opdrachtgevers en opdrachtnemers meer bekend te maken met SROI. Deel succesverhalen met hen, organiseer SROI-bijeenkomsten per branche. Voorkom dat opdrachtgevers en opdrachtnemers (te) laat aan de slag gaan met SROI, door bijvoorbeeld vanaf het begin van de opdrachtverlening een SROI-contactpersoon aan te laten sluiten bij (periodiek) overleg over de opdracht. Zorg er zoveel als mogelijk voor dat SROI niet een onderbelicht onderwerp is. 4. Meer contact BBD met opdrachtnemers Ga vaker (op locatie) in gesprek met opdrachtnemers. Op die manier kan op tijd of juist voortijdig actie worden ondernomen als de SROI-invulling achterloopt of achter dreigt te gaan lopen. Het zou helpen om op die manier meer personen aan het werk te krijgen of houden. Daarnaast is het goed voor de relatie met opdrachtnemers.

10

Partner voor bestuur en beleid

Aanbevelingen 5. Volledige registratie en controle Zorg ervoor dat alle contracten met een SROI-verplichting (tijdig) geregistreerd staan in WIZZR. Dan is doorlopend een volledig zicht op de voortgang van de SROI-afspraken. Voer ook in alle gevallen controle uit op ingevoerde bewijsstukken van de SROI-afspraken. Neem wat dit betreft een voorbeeld aan de gemeente Rotterdam. Zij hanteert een controleregime, waarbij in beginsel alle bewijsstukken gecontroleerd worden. Als de eerdere ervaringen zijn dat opdrachtnemers op schema liggen, krijgen ze een administratief-luw proces. Daarbij hoeven ze niet iedere keer bewijsstukken in te voeren, maar wel achter de hand te hebben. Als ze dat daadwerkelijk doen (wat uit controle op locatie blijkt), behouden ze hun administratief-luwe status. Zo niet, vallen ze terug in het regime van 100% controle. 6. Meer zicht op voortgang en omvang SROI Gebruik dashboards om beter, gemakkelijker en realtime de omvang en voortgang van SROI in beeld te brengen en te volgen. Daarvoor kan het nodig zijn om WIZZR indien mogelijk aan te sluiten op een datawarehouse. Een verbeterd en meer gebruiksvriendelijk inzicht helpt eveneens om collega’s en management (ook van andere afdelingen zoals Team Inkoop), beter op de hoogte te kunnen houden van SROI. Dat geldt ook voor opdrachtgevers die daardoor actiever betrokken kunnen worden bij SROI.

Tot slot zijn dashboards handig om de (meer)waarde van SROI intern op een hoger niveau goed inzichtelijk te maken en meer bekendheid te (blijven) geven aan SROI. 7. Capaciteit BBD Bij BBD is een grotere capaciteit nodig, zeker gezien de voorgaande aanbevelingen. Zie ook bijvoorbeeld de gemeente Rotterdam, waar de capaciteit naar verhouding groter is en de SR-unit uit verschillende functies bestaat (accountmanagers, adviseurs en backoffice). 8. Stagiairs Controleer of mbo-stagiairs al een stageplaats of leerbaan hebben bij de opdrachtnemer voordat de opdracht verleend wordt. Als ze dat al hebben, is in feite geen sprake van het helpen van een persoon aan een nieuwe arbeidsplaats. Daarnaast vindt verreweg het grootste deel van de mbogediplomeerde schoolverlaters betaald werk binnen een jaar na afronding van de opleiding (met name bbl-studenten). Zij hebben zo bezien geen afstand tot de arbeidsmarkt. Overweeg in hoeverre het terecht is dat mbo-stagiairs tot de doelgroep van SROI behoren (hoewel ze voor veel opdrachtnemers een onmisbare SROI-doelgroep zijn). 9. Bekendheid SROI Binnen SDD hebben programma’s/projecten en SROI een gemeenschappelijk doel en belang: mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk helpen. De ervaring is dat SROI een ondergeschoven kindje lijkt te zijn en dat SROI (meer) ruchtbaarheid en bekendheid verdient.

Probeer de (meer)waarde van SROI meer voor het voetlicht te brengen (zie ook aanbeveling 6).

11

Partner voor bestuur en beleid

Aanbevelingen 10. Heroverweeg de waarden per bouwblok en/of leg vast dat de inzet van kandidaten via detacheerders en uitzenders als sociale inkoop kan worden opgevoerd De waarde van een bouwblok is afhankelijk van de afstand tot de arbeidsmarkt. De waarde voor bijvoorbeeld Wajong is hoger dan voor een niet-uitkeringsgerechtigde. Het kan raadzaam zijn om de waarde per kandidaatgroep te heroverwegen. Een groep kan bijvoorbeeld een grote waarde hebben, maar als er relatief weinig geschikte personen zijn heeft dat minder effect op de mate van invulling. Of een groep bestaat uit veel geschikte personen maar met een lagere waarde, wat eveneens leidt tot een kleinere bijdrage aan de SROI-invulling. Een andere waardebepaling per bouwblok kan leiden tot een minder moeizame invulling via personen. Echter voor branches/opdrachtnemers die sowieso problemen hebben met het vinden en inzetten van geschikte personen zoals infra/gww, zal een andere waardebepaling naar verwachting weinig tot geen effect sorteren. Daarnaast blijkt dat de uurtarieven van kandidaten via een detacheerder/uitzender vooral in infra/gww hoger kunnen zijn dan de waarde van de kandidaatgroepen in het SROI-beleid. Hierdoor kunnen opdrachtnemers niet de volledig gemaakte SROI-kosten opvoeren in het systeem (terwijl de ingezette kandidaten veelal ook nog begeleiding nodig hebben).

Dat zorgt voor een scheve verhouding tussen wat men kan opgeven als SROI en wat de werkelijke kosten zijn. De heroverweging van de waarden (verhoging) geldt met name voor deze gevallen. Een andere mogelijkheid is om opdrachtnemers de gehele factuurwaarde op te laten voeren als sociale inkoop en dit vast te leggen in het beleid. Om alsnog zicht te hebben op de inzet van kandidaatgroepen is een koppeling in het registratiesysteem nodig tussen de opvoerde kandidaten en sociale inkoop. 11. Verlaag het SROI-percentage en/of onderzoek de mogelijkheid van een variabel percentage voor in ieder geval infra/gww De SROI-invulling via kandidaten is afhankelijk van de spanning op de arbeidsmarkt. Als de arbeidsmarkt ruim is en de werkloosheid hoog, zijn er relatief veel (ww-)kandidaten in de “kaartenbak” en daardoor ook meer personen die inzetbaar zijn voor SROI. Bij een zeer krappe arbeidsmarkt zoals nu en in de afgelopen jaren is het juist andersom (minder werklozen en wwkandidaten). De kans op een goede match tussen geschikte kandidaten en het werk bij opdrachtnemers is kleiner dan wanneer er veel geschikte ww-kandidaten zijn. De spanning op de arbeidsmarkt heeft dus in zowel kwantitatief opzicht (aantal personen) als kwalitatief opzicht (geschiktheid) invloed op de mate waarin SROI-invulling met personen mogelijk is.

Dat geldt met name voor de infra/gww-branche waar veel moeite is met het invullen van SROI. Onderzoek - in ieder geval voor infra/gww - de mogelijkheid van het koppelen van het SROIpercentage aan een of meerdere indicatoren, die de actuele situatie van de regionale arbeidsmarktspanning weergeven (bijvoorbeeld de spanningsindicator als verhouding tussen vraag en aanbod). Het percentage kan dan periodiek bijgesteld worden, bijvoorbeeld jaarlijks.

12

Partner voor bestuur en beleid

Aanbevelingen Deze inrichting zou inhouden in dat het SROI-percentage om de zoveel tijd wordt aangepast aan de actuele, regionale en sectorale arbeidsmarktspanning. In het geval van een zeer krappe regionale arbeidsmarkt is het percentage SROI (veel) kleiner dan wanneer er een gemiddelde of (zeer) ruim regionale arbeidsmarkt is. Dit draagt bij aan de haalbaarheid. Als een variabel percentage om welke reden dan ook niet mogelijk is, is de aanbeveling het percentage voor in ieder geval infra/gww (aanzienlijk) te verlagen. 12. Verantwoordelijkheden en beleid Schep zoveel mogelijk duidelijkheid over wie waarvoor verantwoordelijk is bij SROI (zoals BBD, opdrachtgevers en Team Inkoop) en zorg ervoor dat alle betrokkenen daarvan op de hoogte zijn en blijven. Dat is vooral van belang in de gevallen dat SROI-invulling moeizaam verloopt. Hierbij kan een voorbeeld worden genomen aan de gemeente Rotterdam. Daar ligt de specifieke verantwoordelijkheid voor SROI bij de SR-unit (zoals ook is besloten door de concerndirectie). In gevallen van escalatie verlopen deze via de SR-unit naar de Directie Werk en Inkomen als dat nodig blijkt. Het is aan te raden om het SROI-beleid voor de Drechtsteden te herijken/vernieuwen, waarbij de SDD het voortouw neemt en de opdrachtgevers in de regio betrekt (bijvoorbeeld door ze input te laten leveren over wat zij verstaan onder SROI en sociale inkoop).

De gewenste uitkomst is een gezamenlijk, breed gedragen en toepasbaar SROI-beleid, waarin de verantwoordelijkheden en het eigenaarschap helder zijn vastgelegd met het oog op een duidelijke governancestructuur.

13

Partner voor bestuur en beleid

2. SROI-beleid Drechtsteden in vogelvlucht Partner voor bestuur en beleid

SROI-beleid in vogelvlucht SROI

Social return on investment (SROI) is het bevorderen van arbeidsparticipatie van mensen met een (relatief) grote afstand tot de arbeidsmarkt. Door de toepassing van SROI dragen inkoop en aanbesteding bij aan het creëren van werkgelegenheid en maatschappelijke meerwaarde. Inkopers van overheden vereisen bij de aanbesteding van leveringen, diensten en werken, dat de opdrachtnemer kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt betrekt bij de uitvoering. Dat kan gaan om banen, leerwerk- en stageplekken, sociale inkoop en andere maatschappelijke activiteiten. Hiervoor in de Drechtsteden zijn kaders opgesteld en uitvoeringsafspraken gemaakt binnen het Regionaal inkoop- en aanbestedingsbeleid Drechtsteden, de Sociale Dienst Drechtsteden en (in meer of mindere mate) bij de afzonderlijke gemeenten.

Drempelwaarden en uitgangspunt

De drempelwaarde voor het toepassen van een SROI-verplichting voor werken en levering is € 50.000 en voor diensten € 150.000. Bij aanbestedingen lager dan deze bedragen wordt geen SROI-verplichting opgelegd. Het uitgangspunt van SROI-toepassing is 5%. Hiervan kan worden afgeweken, rekening houdend met proportionaliteit. Voor bijvoorbeeld Infra wordt 2,1% gehanteerd. Het kan ook voorkomen dat het percentage hoger uitvalt als een opdrachtnemer daarvoor kiest, of dat het wordt toegepast op de loonsom in plaats van de aanneemsom.

Omvang van SROI

In het registratiesysteem staan ruim 320 contracten (met een SROI-verplichting) die vanaf 1 januari 2023 lopende zijn, gaan lopen of sindsdien zijn afgerond. Dit betreft een meetperiode van anderhalf jaar1. De gemiddelde SROI-toepassing van deze contracten is 5,2%. Daarmee is een SROI-waarde gemoeid van € 51 miljoen2. Het grootste deel daarvan gaat om de opdrachtgever Drechtsteden (€ 29,5 miljoen, waaronder WMO en personenvervoer) en om de Gemeente Dordrecht (€ 8,5 miljoen).

Doelgroepen

In de Drechtsteden worden de volgende kandidaatgroepen ingezet als SROI-invulling: - kandidaten WWB (Participatiewet niet-arbeidsbeperkten) - Wajong - Wsw detacheren - Kandidaten WW - WIA/WAO - BBL - BOL-stagiair - VSO/Praktijkonderwijs (PRO) - Nugger (niet-uitkeringsgerechtigde)

1

Het is niet wenselijk om te ver terug te kijken. Enkele jaren geleden is SDD namelijk overgegaan op een ander registratiesysteem. Hoe verder terug in de tijd, hoe groter de kans dat gegevens niet of niet volledig zijn overgezet van het oude naar het nieuwe systeem. 2 Dit gaat om contracten die geregistreerd staan in het systeem. De werkelijke waarde is naar verwachting groter, doordat niet alle contracten meteen worden ingevoerd in het systeem en doordat contracten van de Gemeente Alblasserdam voor de betreffende meetperiode niet in het systeem staan.

15

Partner voor bestuur en beleid

SROI-beleid in vogelvlucht Afkoop van de SROI-som komt niet voor. Bij overwaarde (surplus) van de SROI-waarde mogen opdrachtnemers het surplus overdragen naar een volgende opdracht zolang die binnen een jaar van start gaat. Personen

De prioriteit ligt op het helpen van mensen aan werk(ervaring). De kandidaten zijn bij voorkeur woonachtig in de Drechtsteden. Hier zijn ongeveer 3.200 kandidaten die ingezet kunnen worden. De afgelopen drie jaar waren volgens het registratiesysteem ruim 1.400 plaatsingen van personen. Voor de waardebepaling wordt de bouwblokkenmethode gebruikt. De waarde van een bouwblok (soort kandidaat) is afhankelijk van de afstand tot de arbeidsmarkt. Zo is die voor bijvoorbeeld Wajong hoger dan een niet-uitkeringsgerechtigde. Zie bijlage 1 voor de bouwblokken en waarden per kandidaatgroep.

Maatwerk, sociale inkoop

Als SROI-invulling niet (volledig) mogelijk is met kandidaten, kan de invulling ook plaatsvinden door een combinatie met maatwerk. Denk hierbij bijvoorbeeld aan samenwerken met erkende organisaties in de sociale werkvoorziening, scholings-en begeleidingskosten ten behoeve van kandidaten en het ondersteunen van maatschappelijke activiteiten. Deze zijn gerelateerd aan de opdracht en uitgevoerd in de Drechtsteden op het gebied van participatie en arbeidsmarktoeleiding.

Rollen, proces

Team Inkoop van de Servicegemeente Dordrecht (SGD) verzorgt de gunning van de opdracht1 en de activiteiten die daarmee gemoeid zijn (zoals het in kaart brengen van de behoefte en het aanvragen van offertes in het geval van aanbestedingen). SROI kan een van de gunningscriteria zijn. Opdrachtnemers geven dan aan wat zij van plan zijn met SROI. Tot en met de gunning heeft Team Inkoop een adviserende rol bij het toepassen van SROI. Na de gunning dienen de opdrachtgever en opdrachtnemer een melding te doen bij BBD (Baanbrekend Drechtsteden) via een formulier. BBD voert het SROI-beleid uit in en voor de Drechtsteden. De SROI-invulling gaat in overleg met en na goedkeuring van BBB. De afspraken en invulling worden vastgelegd en gemonitord in het SROI-registratiesysteem WIZZR. BBD onderhoudt contacten met opdrachtgevers en opdrachtnemers (sowieso bij nieuwe opdrachtnemers en bij degenen bij wie moeite is gebleken met de invulling SROI), adviseren, bieden ondersteuning bij de invulling en controleren ingevoerde bewijsstukken. Zie bijlage 2 en 3 voor de rolverdeling en procesbeschrijving.

Bevindingen

De huidige ervaring is onder andere dat er onduidelijkheid is over wie eigenaar is van het SROI-beleid in de Drechtsteden, dat niet alle opdrachtgevers het registratiesysteem gebruiken om zelf grip te houden op de SROI-verplichtingen van de contracten en dat BBD relatief klein is (vergeleken met andere gemeentelijke instanties). Daarnaast is gebleken dat maatwerk-invulling van SROI steeds vaker gewenst is, onder meer vanwege de krappe arbeidsmarkt. 1 Team Inkoop verzorgt de gunning als de aanbesteding door Team Inkoop begeleid is. Europese aanbestedingen moeten

via Team Inkoop. Alles onder de drempel mogen opdrachtgevers ook zelfstandig zonder Team Inkoop doen.

16

Partner voor bestuur en beleid

3. Invulling van SROI in de praktijk Partner voor bestuur en beleid

Invulling SROI in de praktijk - in het kort De meest voorkomende manier van SROI-invulling in de Drechtsteden is de inzet van kandidaten (relatief veel opdrachtnemers in het groenonderhoud, in zorg/welzijn en grote opdrachtnemers doen dat). Ook maatwerk en sociale inkoop gebeuren vaak, gevolgd door de inzet van mbo’ers. In het groenonderhoud en in de infra/gww bieden relatief veel opdrachtnemers plek aan bbl-studenten. Indien opdrachtnemers werk hebben geboden aan personen, ging dat deels om personen woonachtig in de Drechtsteden. Beschikbaarheid van personen Over het algemeen is het oordeel dat er niet voldoende geschikte personen zijn om in te zetten. Dit verschilt wel per doelgroep en branche. Het vinden of verkrijgen van stagiairs kost beduidend minder moeite dan het vinden van (geschikte) kandidaten. Branches met relatief weinig moeite met de inzet van personen zijn met name het groenonderhoud en zorg & welzijn. Opdrachtnemers die problemen ervaren bij de invulling en beschikbaarheid van kandidaten, zijn vooral het mkb en bedrijven in de infra/gww. Ook opdrachtgevers hebben deze ervaringen. Redenen van moeite met invulling De voornaamste oorzaken van de moeizame invulling via personen zijn allereerst tekorten aan inzetbare personen. Dat komt mede door de krapte op de arbeidsmarkt, de lage werkloosheid en te weinig aanbod van mbo-stagiairs.

Ten tweede is er sprake van een mismatch tussen wat kandidaten kunnen (en willen) en wat van ze verwacht wordt op de werkvloer. Dat komt bijvoorbeeld doordat de werkzaamheden te specialistisch zijn (en diploma’s of certificaten vereisten), te hoogwaardig (hbo+) of niet/minder geschikt voor kandidaten. Denk bij dat laatste bijvoorbeeld aan de omgang met kinderen, cliënten en externe klanten. Daarnaast kan de begeleiding en administratie veel tijd kosten (bij kleine bedrijven). Vooral in de infra/gww is het werk voor kandidaten niet alleen te specialistisch (zoals onder de grond), maar ook gevaarlijk, zwaar, in weer en wind en op vroege tijdstippen. De ervaring in de praktijk is dat dat vaak niet aansluit op de kennis, kunde en houding van kandidaten. Ook een taalbarrière kan een probleem vormen, zeker bij gevaarlijk werk. Tevredenheid over inzetbaarheid van personen en werkzaamheden In de infra/gww is al met al de minste tevredenheid over de inzetbaarheid van kandidaten. Over het algemeen zijn opdrachtnemers die werk hebben geboden aan personen, echter positief over de inzetbaarheid van de personen. Dat geldt voor zowel kandidaten als mbo-stagiairs en vso/pro-leerlingen. In de gevallen dat opdrachtnemers (wel) werk hebben geboden aan personen, vinden ze overwegend dat de werkzaamheden geschikt waren. Dat geldt met name voor mbo-stagiairs.

Zij verrichten (inhoudelijke) werkzaamheden in het verlengde van hun opleiding, ongeacht de branche van de opdrachtnemer. Kandidaten voeren voornamelijk faciliterende taken uit, zoals huishoudelijke, administratieve en schoonmaakwerkzaamheden. In bijvoorbeeld de groenvoorziening verrichten ze ook inhoudelijke taken. Maatwerk, sociale inkoop Maatwerk en sociaal inkopen hebben vooral toegevoegde waarde voor opdrachtnemers die moeite hebben om SROI (volledig) via personen in te vullen. Zonder die mogelijkheden zouden ze niet aan de SROIverplichting kunnen voldoen. Daarbij komt het ten goede aan de doelgroep in relatie tot (kunnen) werken. Dat houdt ook in mensen voorbereiden op werk en zich laten ontwikkelen op het tempo dat voor hen geschikt is.

Visie op SROI-beleid Opdrachtnemers hebben afhankelijk van hun opgedane ervaringen, uiteenlopende visies op het huidige SROI-beleid. Positieve geluiden komen uit de hoek van het groenonderhoud en zorg & welzijn (zoals de meerwaarde van SROI voor het bedrijf, de personen en de maatschappij). Negatieve ervaringen zijn vooral afkomstig vanuit de infra/gww. De invulling van SROI (met kandidaten) wordt daar over het algemeen als (zeer) lastig ervaren, met een (te) hoge SROI-eis in combinatie met een tekort aan geschikte kandidaten. Onder opdrachtgevers zijn vooral kritische geluiden te horen over de praktische invulling van SROI. Die geluiden gaan voornamelijk over een inmiddels praktische onhaalbaarheid van de SROI-invulling; het beleid zoals bedoeld voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, is achterhaald. Dit komt door een tekort aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, die geschikt zijn om in te zetten. In de praktijk blijkt de inzet lastig uitvoerbaar vergeleken met tien tot twintig jaar geleden.

Partner voor bestuur en beleid

Invulling SROI - manieren Invulling - manieren Voor opdrachtnemers zijn verschillende manieren om invulling te geven aan SROI. Ze kunnen bijvoorbeeld werk bieden aan personen met een uitkering en nietuitkeringsgerechtigden. Gemakshalve noemen we deze personen kandidaten. Andere vormen van invulling zijn onder andere het inzetten van bbl-studenten, bolstagiairs, vso-/po-leerlingen en maatwerk of sociale inkoop (zoals samenwerken met een SW-bedrijf en het ondersteunen van lokale, maatschappelijke initiatieven).

Figuur 1. Manieren waarop opdrachtnemers sinds 2023 in de Drechtsteden invulling hebben gegeven aan SROI. meerdere antwoorden mogelijk kandidaten

66%

maatwerk en/of sociale inkoop

56%

bbl

42%

bol

Kandidaten Sinds 2023 heeft twee derde van de opdrachtnemers in het kader van SROI werk geboden aan kandidaten. Dat geldt met name voor bedrijven in groenonderhoud, in zorg en welzijn en voor bedrijven met 100 of meer werknemers. Maatwerk en sociale inkoop Een andere veel voorkomende manier van SROIinvulling is maatwerk en/of sociale inkoop (56% van de opdrachtnemers). Hiernaast staan enkele voorkomende activiteiten en de toegevoegde waarde van maatwerk en sociale inkoop. Bbl en bol Zowel bbl-studenten als bol-stagiairs zijn door ongeveer veertig procent van de opdrachtnemers ingezet. Relatief veel bedrijven in groenonderhoud en infra/gww bieden plek aan bbl-studenten. Het komt voor dat hbo-stagiairs worden ingezet als SROI, hoewel dat geen doelgroep is. Anderen geven juist aan dat het hen zou helpen als ze hbo-studenten kunnen inzetten (in de zorg). Een aantal opdrachtnemers was niet bekend met de mogelijkheid om mbo-stagiairs in te zetten.

39%

vso/po

20% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Maatwerk en sociale inkoop - voorkomende activiteiten • groenonderhoud rondom het complex, • schoonmaakwerkzaamheden door verstandelijk beperkten (met een externe begeleider), • gastlessen geven op scholen, • schoolklassen ontvangen op het bedrijf, • lunch en fruit laten verzorgen op kantoor, • catering laten verzorgen bij bijvoorbeeld evenementen, • een klusjesman op kantoor, • het leveren van hardware aan doelgroepen die een laptop of telefoon nodig hebben. Toegevoegde waarde van maatwerk en sociale inkoop In de regio zijn diverse stichtingen en leerwerkbedrijven die mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ondersteunen om zo veel mogelijk mee te kunnen doen in de maatschappij. Het (kunnen) werken staat centraal. Dat houdt ook in mensen voorbereiden op werk en zich laten ontwikkelen op het tempo dat voor hen geschikt is. Zij leiden bijvoorbeeld kandidaten op of bieden hen hulpmiddelen als die van belang zijn om aan het werk te komen/blijven (zoals een elektrische fiets of het behalen van een T-bewijs). Het dient ten goede te komen aan de doelgroep in relatie tot (kunnen) werken.

Vooral voor opdrachtnemers die moeite hebben om SROI (volledig) via personen in te vullen, hebben maatwerk en sociaal inkopen toegevoegde waarde. Zonder die mogelijkheid zouden ze niet aan de SROI-verplichting kunnen voldoen en uiteindelijk komt het ten goede aan de doelgroep in relatie tot (kunnen) werken. Het komt ook voor dat invulling via maatwerk en sociale inkoop niet voldoende is (bijvoorbeeld bij kleine opdrachtnemers).

19

Partner voor bestuur en beleid

Invulling SROI - woonregio Woonachtig in de Drechtsteden? Indien opdrachtnemers in het kader van SROI werk hebben geboden aan personen, ging dat deels om personen woonachtig in de Drechtsteden. 12% van de opdrachtnemers geeft aan dat alle personen die zij werk geboden hebben, woonachtig waren in de Drechtsteden, 24% geeft aan dat dat geldt voor de meeste personen en 22% voor enkele(n). Bij 28% van de opdrachtnemers waren géén van de ingezette personen woonachtig in de Drechtsteden.

Figuur 2. Personen die sinds 2023 in het kader van SROI Drechtsteden zijn ingezet: woonachtig in de Drechtsteden?

14%

12%

ja, allen ja, de meesten ja, enkele(n)

24% 28%

nee weet ik niet

22%

Opdrachtnemers over de woonregio van ingezette personen “Er is genoeg aanwas vanuit de Drechtsteden. Het komt ook voor dat men vanuit Rotterdam naar de Drechtsteden rijdt met busjes." “Momenteel werken een aantal jongens uit de regio Drechtsteden. Maar zij worden ook buiten de regio ingezet. En vice versa.” “Bij plaatsing kijken we altijd eerst naar studenten uit de woonplaats of omgeving zelf. Dat lukt meestal. Zo niet, dan kijken we iets verder, maar nooit te ver weg. Dat gaat altijd goed.”

Opdrachtgevers over de woonregio van ingezette personen

“Ze kunnen in principe "overal" vandaan komen, zoals uit Rijnmond.”

“Een voordeel van SROI is dat er voorkeur kan worden gegeven aan bedrijven uit de regio die dan ook mensen van hier kunnen inzetten. Dan komt het ten goede aan de regio.”

“We hebben geen zicht op waar de personen vandaan komen.”

“De kandidaten komen voornamelijk uit de Drechtsteden, maar ook daarbuiten zoals Hoogvliet.”

“We kijken zoveel als mogelijk naar het lokale mkb. Dan kunnen lokale personen ingezet worden. Soms is dat is niet mogelijk als het bedrijf ver buiten de regio is gevestigd.”

“In Dordrecht hoeven kandidaten gelukkig niet uit de regio te komen. Dat zou de vijver alleen maar nog kleiner maken.”

20

Partner voor bestuur en beleid

Beschikbaarheid van personen voor inzet SROI Ruim de helft van de opdrachtnemers is het (zeer) eens met de stelling dat het vinden van bbl’ers, bol-stagiairs en vso/pro leerlingen vlot is verlopen. Voor kandidaten is dat aandeel een stuk kleiner, te weten 24%. Opdrachtnemers die weinig moeite hebben met de SROIinvulling, zijn met name te vinden in het groenonderhoud en zorg & welzijn. Opdrachtnemers die wel problemen ervaren bij de invulling en beschikbaarheid van kandidaten, zijn vooral het mkb en bedrijven in de infra/gww-branche (grond-, weg- en waterbouw). De voornaamste oorzaken van problemen met de invulling van kandidaten zijn een tekort aan inzetbare personen en een kwalitatieve mismatch tussen wat kandidaten kunnen (en willen) en wat van ze verwacht wordt op de werkvloer (zie ook ‘Redenen van moeite’ verderop).

Invulling SROI - beschikbaarheid personen Figuur 3. Opdrachtnemers die sinds 2023 personen hebben ingezet in het kader van SROI in de Drechtsteden: in hoeverre zijn ze het eens met de volgende stelling? Het vinden van een (geschikt) persoon of personen verliep over het algemeen vlot. kandidaten

24%

38%

bbl

35%

54%

bol

23%

59%

vso/pro

16%

53% 0%

20%

(zeer) mee eens

4% 17%

19%

29% 40%

niet mee eens, niet mee oneens

60% (zeer) mee oneens

6% 6% 18%

80%

100%

weet niet / geen mening

Opdrachtnemers zonder moeite met de invulling “We hebben geen moeite met invulling van SROI. Negen van de tien keer lukt het wel. Er zijn genoeg studenten en kandidaten en ze kunnen ook voor andere gemeenten en voor kantoorpanden ingezet worden.” groenonderhoud Opdrachtnemers met moeite met de invulling "Invulling via kandidaten is bij lange niet voldoende. Dus hebben we contact gelegd met BBD; wat is er meer mogelijk? Daaruit kwam bijvoorbeeld sociale inkoop. Je moet er zelf wel wat voor doen, namelijk gelijk in gesprek gaan om te voorkomen dat je later in de knel komt met SROI.” zorg en welzijn

“Met bbl-studenten gaat het uiteindelijk wel goed. Maar ze zijn schaars, er is veel te weinig aanbod. En ze moeten wel uit de omgeving komen, anders is het te ver reizen. Met de rest zoals kandidaten uit de kaartenbak, is het niet of zeer lastig in te vullen.” infra/gww

"Geen moeite met de invulling van SROI. Het kan op vele manieren en het lukt altijd wel. Mede dankzij samenwerking met mbo. We staan er goed voor met SROI.“ infra en groenonderhoud "Alles loopt lekker.” groenonderhoud

“Het is niet gelukt, ook niet na intensief contact met BBD. We willen graag mensen inzetten, maar het gaat niet. Er is wel voldoende begeleiding mogelijk.” schoonmaak

““De invulling van SROI komt uiteindelijk altijd goed. Nooit voorgekomen dat we tekort kwamen. Het gaat dus allemaal goed. Misschien ook omdat we een groot bedrijf zijn met mensen die zich specifiek bezighouden met SROI in het bestek.” infra/gww

“We zijn heel actief met SROI. We willen wel, maar het lukt amper.“ infra/gww “We moeten nog even wachten op goedkeurig van sociale inkoop. Als dat niet doorgaat, redden we het niet om volledig te voldoen aan de SROI-verplichting. Met de inzet van studenten was ik niet bekend als mogelijkheid. Dat zou een optie zijn, want we hebben al stagiairs rondlopen.” sport en cultuur

“SROI kost ons geen grote moeite. In het begin lukte het niet. stagiairs en kandidaten zijn geen optie voor ons. Omdat we tijdig aan de bel trokken, kwamen we erachter dat we het ook via sociale inkoop kunnen regelen. Op deze manier halen we het ruimschoots. Anders was het niet haalbaar geweest.” ict

"

“Het is zeer lastig om invulling te geven aan SROI. En als de opdracht deels om leveringen gaat, is het nog lastiger.” infra/gww

21

Partner voor bestuur en beleid

Invulling SROI - beschikbaarheid personen Beschikbaarheid van personen voor inzet SROI Ook opdrachtgevers hebben de ervaring dat in zorg & en welzijn en in het groenonderhoud over het algemeen weinig of geen moeite is met het invullen SROI. In vooral de infra/gww-branche is dat juist meer het geval. Dat komt overeen met bevindingen van opdrachtnemers.

Enkele opdrachtgevers plaatsen vraagtekens bij de inzet van mbo-stagiairs: “Is SROI wel bedoeld voor stagiairs die al voor het bedrijf werken? In één geval is de contactpersoon van een opdrachtnemer zelf een bbl’er. Dit zijn geen nieuwe mensen. Ze zijn al in dienst.” “Ik vraag me af of het terecht is dat stagiairs ingezet worden. Hebben zij een afstand tot de arbeidsmarkt?“ Opdrachtgevers die geen of weinig moeite ervaren met invulling

Opdrachtgevers die moeite ervaren met invulling

"De invulling is nu best goed. Bij een aantal, vooral grote zorgaanbieders kan de invulling lastig zijn. Als het deels niet lukt, dan verschuift het naar het volgende jaar (of naar een andere opdracht).“ zorg en welzijn

“Vooral voor mkb-bedrijven kan het lastig zijn. Die hebben minder mogelijkheden om goed met SROI bezig te zijn (administratie, invulling, begeleiding, etc.). Het staat haaks op het beleid om een mkb-vriendelijk ondernemingsklimaat te creëren. De invulling SROI kan vooral lastig zijn voor aannemers in de infra. De praktijk is lastiger dan op papier.” infra/gww

“Soms komt het wel eens voor dat een aanbieder moeite heeft met invullen van SROI of dat het even niet loopt. Maar na gesprekken en na inschakeling BBD is er altijd een mogelijkheid voor invulling. Soms is sprake van gebrek aan begeleidingscapaciteit, maar verder geen signalen dat het moeilijk is.” zorg en welzijn

“De schil van de doelgroepen waarvoor SROI bedoeld is, wordt steeds kleiner (mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt). Mensen zijn schaars én ze gaan liever elders aan de slag dan in de infra/gww. Er is werk genoeg. Er valt niet (meer) te putten uit de groep inzetbare werklozen. Aannemers kiezen er dan voor om zelf op te leiden en ze in dienst te houden“ infra/gww

“Over het algemeen verloopt de SROI-invulling goed.” groenonderhoud

“SROI is lastig bij de inhuur van mensen. Het is sowieso al lastig om goede mensen te vinden vanwege schaarste en specialisatie van de functies, zoals juridisch adviseurs milieu en adviseurs bodem. Laat staan om daar SROI-invulling toe te passen.” inhuur personeel “Er zijn te weinig kandidaten. Tot zo’n vijf jaar geleden werden kandidaten ingezet en na afronding van de opdracht gingen zij weer terug de kaartenbak in. Daardoor konden ze weer opnieuw worden ingezet bij een volgende opdracht. Dat is ontluisterend en zorgwekkend. Hiervoor is niet SROI bedoeld, namelijk mensen duurzaam aan het werk krijgen. SROI moet toegevoegde waarde hebben voor de kandidaat, eigenwaarde krijgen en het gevoel nuttig te zijn.“ infra/gww

22

Partner voor bestuur en beleid

Invulling SROI - redenen van moeite

Redenen van moeite met invulling SROI De voornaamste redenen die opdrachtnemers en opdrachtgevers geven voor een moeizame invulling, hebben te maken met een mismatch. Die is voornamelijk kwantitatief van aard (een tekort aan met name kandidaten). Ook kan sprake zijn van een kwalitatieve mismatch, waarbij de kandidaten niet geschikt zijn voor het type werk.

Genoemde redenen van moeizame invulling • er is een tekort aan geschikte kandidaten in de “kaartenbak” • krapte op de arbeidsmarkt, weinig werkloosheid en te weinig (mbo-)leerlingen • kandidaten zijn niet geschikt voor het werk: • het werk is te specialistisch en/of vereist diploma’s of certificaten • het werk is te hoogwaardig, hbo+ • het is gevaarlijk werk • het is zwaar werk, in weer en wind

Daarnaast blijkt dat in ieder geval in de infra/gww de uurtarieven van kandidaten die via detacheerders/uitzenders worden ingezet, hoger kunnen zijn dan de SROI-waarde van die kandidaatgroepen. Dat zorgt voor een scheve verhouding tussen wat men kan opgeven als SROI en wat de werkelijke kosten zijn.

• te vroege of juist te late tijdstippen dat gewerkt moet worden (niet goed te combineren met privé) • receptiewerk is niet geschikt voor kandidaten (met geld omgaan, omgang met agressieve klanten) • omgang met kinderen en waarborgen van veiligheid (niet geschikt voor kandidaten) • het werk is zelfstandig en bij klanten • de begeleiding kost te veel tijd en energie, te weinig capaciteit bij kleine bedrijven • het levert (te) veel administratie op voor het mkb • oudere kandidaten worden op de werkvloer niet als leerlingen beschouwd, niet opgenomen in de groep • er is geen prikkel voor kandidaten (zijn ze financieel beter af als ze gaan werken?) • er is een grote druk op de winstmarge van kleine bedrijven • een stagiair heeft niet veel waarde in het blokkensysteem, waardoor het minder zoden aan de dijk zet • statushouders spreken meestal de taal niet, wat het begeleiden en werken lastig en/of onveilig maakt • negatieve ervaringen met de houding van kandidaten (zoals te vaak te laat komen, niet meer op komen dagen) • de cultuur van kandidaten matcht soms niet met de Nederlandse cultuur (zoals een te afwachtende houding)

23

Partner voor bestuur en beleid

Invulling SROI - werkzaamheden Geschiktheid van werkzaamheden voor personen In de gevallen dat opdrachtnemers (wél) werk hebben geboden aan personen, vinden ze over het algemeen dat de werkzaamheden geschikt waren voor de ingezette personen. Dat geldt met name voor bblstudenten (86% van de opdrachtnemers) en bolstagiairs (84%). Voor kandidaten is dat 69%.

Figuur 4. Opdrachtnemers die sinds 2023 personen hebben ingezet in het kader van SROI in de Drechtsteden: in hoeverre zijn ze het eens met de volgende stelling? De werkzaamheden waren over het algemeen geschikt voor de persoon/personen. kandidaten

69%

5%

86%

9%

6%

bol

84%

3% 6%

6%

76% 0%

20%

(zeer) mee eens

Kandidaten voeren voornamelijk faciliterende/ondersteunende taken uit. Denk hierbij aan de werkzaamheden hiernaast. In bijvoorbeeld de groenvoorziening verrichten ze ook inhoudelijke taken zoals het maaien van gras, schoffelen en blad opruimen.

9%

bbl

vso/po

Werkzaamheden stagiairs verrichten (inhoudelijke) werkzaamheden in het verlengde van hun opleiding, ongeacht de branche van de opdrachtnemer.

16%

40%

niet mee eens, niet mee oneens

12% 60% (zeer) mee oneens

80%

12% 100%

weet niet / geen mening

Soort werkzaamheden van kandidaten • huishoudelijk medewerker, facilitair medewerker (zoals bijvullen van koffieautomaten • administratief werk, secretariaat • werkzaamheden in het bedrijfsrestaurant • schoonmaak- en opruimwerkzaamheden • hand- en spandiensten (buurtconciërge) • verkeersregelaars (indien certificaat) en mensen helpen als er wegafsluitingen zijn • onderhoud van materieel

24

Partner voor bestuur en beleid

Invulling SROI - inzetbaarheid personen Tevredenheid – inzetbaarheid van personen Opdrachtnemers die werk hebben kunnen bieden aan personen, zijn overwegend positief over de inzetbaarheid van de personen. Zo’n 60 tot 80% van de opdrachtnemers is (zeer) tevreden met de inzetbaarheid van de verschillende doelgroepen. Een van de uitzonderingen is de inzet van kandidaten bij opdrachtnemers in de infra/gww-branche. De tevredenheid van hen over de inzetbaarheid van de kandidaten is beperkt tot 33% van de opdrachtnemers. Dat heeft vooral te maken met de mismatch tussen het soort werk en de achtergrond van de kandidaten (zie ook het kader rechtsonder).

Figuur 5. Opdrachtnemers die personen hebben ingezet in het kader van SROI in de Drechtsteden: in hoeverre zijn ze het eens met de volgende stelling? Ik ben over het algemeen tevreden over de inzetbaarheid van de persoon/personen.

kandidaten

60%

24%

bbl

77%

bol

75%

vso/po

6%

6%

65% 0%

20%

(zeer) mee eens

12% 40%

niet mee eens, niet mee oneens

60% (zeer) mee oneens

12% 80%

11%

5%

11%

6%

13%

6% 12% 100%

weet niet / geen mening

Opdrachtnemers met positieve ervaringen met inzetbaarheid "Ervaringen zijn wisselend: van totaal geen omkijken naar tot ervoor zogen dat men op tijd blijft komen. Maar uiteindelijk gaat het goed. Het is per persoon wisselend, niet per doelgroep. Als je tijd en moeite erin steekt komt het goed. En het heeft veel maatschappelijke waarde. Ook de begeleiding gaat goed. Je krijgt er een hoop voor terug.” groenonderhoud

“De meeste stagiairs blijven na SROI bij ons in dienst. Dat is een win-winsituatie. Het levert op die manier personeel op. We hebben ook goede ervaringen met arbeidsbeperkten, (maar van hen hebben er veel minder dan studenten). Bijvoorbeeld eigen cliënten die ingezet worden. Het gros van hen gaat daarna een mbo-1 opleiding volgen en krijgt daarna een dienstverband. Dat is in dezelfde functie als tijdens SROI maar dan met meer verantwoordelijkheden.” zorg en welzijn

"De jongens draaien gewoon met de anderen mee. De ene heeft wat meer begeleiding nodig dan de ander, maar de begeleidingscapaciteit en het geduld zijn er. Zolang de intrinsieke inzet van de kandidaten er maar is. De een staat meer te trappelen dan de ander. Je moet blijven volhouden en erin investeren, maar dat geldt ook voor andere nieuwkomers in het bedrijf. We maken binnen het personeel geen onderscheid. Jongens via SROI horen er gewoon bij. Zowel voor de werkzaamheden als voor bedrijfsuitjes en barbecues. Ze liggen goed in de groep.” groenonderhoud

25

Opdrachtnemers met negatieve ervaringen met inzetbaarheid “Onze algemene ervaring is "mwah". Het komt bij uitzondering wel eens voor dat iemand goed werkt. Over het algemeen mag je er niet te veel van verwachten. Maar je moet wel op ze kunnen rekenen. Op tijd komen en dergelijke. Als dat niet goed gaat, is dat vooral niet handig bij projecten met veel tijdsdruk. Dan hebben we niet genoeg tijd en capaciteit voor begeleiding.” infra/gww “Studenten zijn goed in te zetten. De rest niet. De inzet van kandidaten is niet geschikt voor het zware en gevaarlijke werk. En er zijn diploma’s voor nodig. De veiligheid moet gewaarborgd zijn. We staan er niet achter om op deze manier personen in te zetten. Het vereist veel begeleiding, bijvoorbeeld voor iemand vanuit WIA. Dat lukt dan niet. Het is het niet meer waard, ook zeker niet voor de persoon zelf.” infra/gww “We hebben slechte ervaringen met kandidaten. Het is zwaar en specialistisch werk. Kandidaten die we gehad hebben, hadden al moeite met vroeg opstaan. En de meesten hebben een rugzakje en dat is niet voor niets zo.” infra/gww Partner voor bestuur en beleid

Visie op beleid - opdrachtnemers Opdrachtnemers hebben afhankelijk van hun opgedane ervaringen uiteenlopende visies op het huidige SROIbeleid.

Visie op beleid - opdrachtnemers Kritische visie op het huidige beleid - opdrachtnemers

Positieve geluiden komen voornamelijk uit de hoek van het groenonderhoud en zorg & welzijn. Die gaan bijvoorbeeld om de meerwaarde van SROI voor het bedrijf, de ingezette personen en de maatschappij.

“Er zijn weinig geschikte kandidaten. Staan onze inspanningen wel in verhouding tot wat het ons oplevert en in hoeverre help je mensen op deze manier? SROI voelt meer als een verplichting.” infra/gww

Negatieve ervaringen zijn vooral afkomstig vanuit de infra/gww-branche. De invulling van SROI (met kandidaten) wordt daar over het algemeen als (zeer) lastig ervaren, een (te) hoge SROI-eis in combinatie met een tekort aan geschikte kandidaten.

“5% is te veel. De intenties zijn goed en de plannen van bedrijven kunnen mooi zijn, maar in de praktijk gaat het niet werken in deze branche. De invulling is erg moeilijk. Het wordt door de strot geduwd. De bedrijven worden ermee opgezadeld. We staan helemaal achter het opleiden van mensen, maar niet op deze manier. Dit horen we ook van andere mkb-bedrijven. De kleinere bedrijven kunnen het niet handelen". infra/gww

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/821/documents/18450