CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij technische vragen Uitkomsten draagkrachtonderzoek Werelderfgoed Kinderdijk.pdf

Commissie Grondgebied Alblasserdam 6 juni 2023, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 8: Aanvraag uitvoeringskrediet Transferium Kinderdijk - Voorstel18.659 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

48%

20%

Museummolen Nederwaard

40%

0%

Museummolen Blokweer

28%

0%

Museummolen Overwaard

16%

0%

Canal Cruiser

13%

0%

Canal hopper

55%

0%

Bezoek aan Wisboomgemaal

25%

0%

Kinderdijk film in Hulpgemaal

44%

0%

Vogeltheater

20%

0%

Alles Heeft een Tijd

5%

0%

Deze inschattingen uit Tabel 4 kunnen we vervolgens combineren met de maximale gebruikscapaciteiten van de toeristische systemen op Kinderdijk teneinde in kaart te brengen hoeveel ruimte er op dagbasis beschikbaar is. In Bijlage C wordt voor elk van deze toeristische subsystemen een berekening gemaakt van het maximaal aantal gebruikers dat op dagbasis kan ondersteund worden. In Tabel 5 en Tabel 6 worden alle relevante functies voor het optimalisatieprobleem weergegeven, waarbij rekening gehouden wordt met de situatie in hoog-en laagseizoen en weekends vergeleken met weekdagen. Tabel 5. Finale oplossingsruimte voor het optimalisatieprobleem Kinderdijk: hoogseizoen Functies Optimalisatiefunctie Beperkende voorwaarden 1. Wandelpaden Middelkade Noord Middelkade Zuid 2. Museummolens Nederwaard Blokweer Overwaard

Lineaire vergelijkingen Weekdag 2WT + 1AT

Weekend 2WT + 1AT

0,81WT + 0,95AT ≤ 7680 0,81WT + 0,95AT ≤ 7680 0,48WT + 0,20AT ≤ 7680 0,48WT + 0,20AT ≤ 7680 0,40WT + 0,0AT ≤ 2400 0,28WT + 0,0AT ≤ 1200 0,16WT + 0,0AT ≤ 1200

19

0,40WT + 0,0AT ≤ 2400 0,28WT + 0,0AT ≤ 1200 0,16WT + 0,0AT ≤ 1200

3. Rondvaartboten Canal cruiser Canal hopper 4. Museale attracties Hulpgemaal Wisboomgemaal Vogeltheater Alles Heeft een Tijd 5. Parkeerplaatsen Auto’s Touringcars 6. Waterbussen Waterbus Driehoeksveer 7. Capaciteit steigers

0,13WT + 0,0AT ≤ 400 0,55WT + 0,0AT ≤ 3600

0,13WT + 0,0AT ≤ 400 0,55WT + 0,0AT ≤ 3600

0,44WT + 0,0AT ≤ 1600 0,25WT + 0,0AT ≤ 1200 0,20WT + 0,0AT ≤ 1200 0,05WT + 0,0AT ≤ 240

0,44WT + 0,0AT ≤ 1600 0,25WT + 0,0AT ≤ 1200 0,20WT + 0,0AT ≤ 1200 0,10WT + 0,0AT ≤ 240

0,29WT + 0,15AT ≤ 1150 0,32WT + 0,20AT ≤ 1150 0,11WT + 0,0AT ≤ 8400 0,08WT + 0,0AT ≤ 8400 0,08WT + 0,08AT ≤ 3700 0,08WT + 0,08AT ≤ 3700 0,05WT + 0,05AT ≤ 480 0,05WT + 0,05AT ≤ 480 0,16WT + 0,0AT ≤ 1280 0,16WT + 0,0AT ≤ 1280

Tabel 6. Finale oplossingsruimte voor het optimalisatieprobleem Kinderdijk: laagseizoen Functies Optimalisatiefunctie Beperkende voorwaarden 1. Wandelpaden Middelkade Noord Middelkade Zuid 2. Museummolens Nederwaard Blokweer Overwaard 3. Rondvaartboten Canal cruiser Canal hopper 4. Museale attracties Hulpgemaal Wisboomgemaal Vogeltheater Alles Heeft een Tijd 5. Parkeerplaatsen Auto’s Touringcars 6. Waterbussen Waterbus Driehoeksveer 7. Capaciteit steigers

Lineaire vergelijkingen Weekdag 2WT + 1AT

Weekend 2WT + 1AT

0,81WT + 0,95AT ≤ 5280 0,81WT + 0,95AT ≤ 5280 0,48WT + 0,20AT ≤ 5280 0,48WT + 0,20AT ≤ 5280 0,40WT + 0,0AT ≤ 1650 0,28WT + 0,0AT ≤ 825 0,16WT + 0,0AT ≤ 825

0,40WT + 0,0AT ≤ 1650 0,28WT + 0,0AT ≤ 825 0,16WT + 0,0AT ≤ 825

0,13WT + 0,0AT ≤ 275 0,55WT + 0,0AT ≤ 2475

0,13WT + 0,0AT ≤ 275 0,55WT + 0,0AT ≤ 2475

0,44WT + 0,0AT ≤ 1100 0,25WT + 0,0AT ≤ 825 0,20WT + 0,0AT ≤ 825 0,05WT + 0,0AT ≤ 240

0,44WT + 0,0AT ≤ 1100 0,25WT + 0,0AT ≤ 825 0,20WT + 0,0AT ≤ 825 0,10WT + 0,0AT ≤ 240

0,29WT + 0,15AT ≤ 1150 0,32WT + 0,20AT ≤ 1150 0,11WT + 0,0AT ≤ 8400 0,08WT + 0,0AT ≤ 8400 0,08WT + 0,08AT ≤ 2700 0,08WT + 0,08AT ≤ 1000 0,05WT + 0,05AT ≤ 480 0,05WT + 0,05AT ≤ 480 0,16WT + 0,0AT ≤ 1280 0,11WT + 0,0AT ≤ 1280

20

Resultaat optimum Kinderdijk Gezien het verschil in capaciteit in waterbussen voor weekend-weekdagen en voor hoog- en laagseizoen, alsook de verschillen in de huidige openingsuren voor deze periodes, kan de optimale capaciteit verschillen, zoals te zien in de resultaten in Tabel 7 en Tabel 8. Tabel 7. Optimale dagcapaciteit hoogseizoen Kinderdijk Optimale capaciteit Waardevolle bezoekers Andere bezoekers Restcapaciteit Categorie Wandelpad: Middelkade Noord Wandelpad: Middelkade Zuid Molen: Nederwaard Molen: Blokweer Molen: Overwaard Rondvaart: Canal cruiser Rondvaart: Canal hopper Musea: Hulpgemaal Musea: Wisboomgemaal Musea: Vogeltheater Musea: Alles Heeft een Tijd Parkeerplaatsen: auto’s Parkeerplaatsen: touringcars Waterbussen: Waterbus Waterbussen: Driehoeksveer Capaciteit steigers

Weekdag 3077 1718

Weekend 3077 827

3556 5859 1169 338 708 0 1908 246 431 585 86 0 8062 3316 240 788

4402 6038 1169 338 708 0 1908 246 431 585 86 0 8154 3388 285 788

Eerst en vooral vergelijkt Tabel 7 de bezoekerscapaciteit voor weekdagen en weekends tijdens het hoogseizoen. We zien dat er zowel voor weekdagen als voor weekends in het hoogseizoen twee elementen het maximum bepalen: parkeerplaatsen voor auto’s en Canal Cruiser. Met de ingeschatte bezoekersfrequentie en het gemiddeld gebruik van de auto, is er op een weekdag in het hoogseizoen ruimte voor 4795 toeristen, waarvan 3077 waardevolle toeristen en 1718 andere bezoekers. In deze situatie is er eveneens nog slechts beperkte ruimte beschikbaar in meeste bezoekersattracties, met name: het Hulpgemaal (246 bezoekers), het Wisboomgemaal (431 personen), het Vogeltheater (585 bezoekers) en de aak “Alles Heeft een Tijd” (86 personen). Ook in de bezoekersmolens lopen Blokweer (338 personen) en Overwaard (708) dan tegen hun bezoekerslimiet aan terwijl er wel nog ruimte is in Nederwaard (1169 personen). Met een ingeschatte persoonlijke ruimte van 3,75 m² per persoon, zou er in dit geval nog een behoorlijke ruimte overblijven op de Middelkade al moet wel vermeld worden dat 3,75 m² een behoorlijk drukke toestand inhoudt en enige restcapaciteit hier dus te verkiezen is. Belangrijk is wel op te merken dat er hier uitgegaan wordt van een gelijkmatig dagverbruik (i.e. eenzelfde aantal bezoekers doorheen de gehele bezoekdag).

Uit de tellingsdagen van het toekomstperspectief Kinderdijk (Defacto Stedenbouw, 2019), kunnen we afleiden dat dit niet geheel realistisch is. Op een weekdag waren de bezoekersaantallen tussen 10u en 16u behoorlijk gelijkmatig verdeeld, 21

maar met een sterke terugval in de vroege ochtend tussen 9u-10u en ’s avonds tussen 16u-18u. Tijdens de teldag in het weekend was het bezoekersaantal redelijk stabiel vanaf 9u tot en met 15u, maar wel met een duidelijke piek vanaf 11u tot en met 14u, en een terugval vanaf 15u. Een niet gelijkmatig gebruik van de toeristische bezienswaardigheden op Kinderdijk kan er uiteraard toe leiden dat er bij piekmomenten nog steeds een overbelasting van het systeem ontstaat. Voor dagen tijdens het weekend, zien we een verlaging van de optimale capaciteit naar 3904 bezoekers, waarvan opnieuw 3077 waardevolle bezoekers en 827 andere bezoekers. De verlaging in totaalcapaciteit is volledig toe te wijzen aan een verhoogde inschatting van het autogebruik tijdens het weekend. Of met andere woorden: indien het gebruik van de auto bij bezoekers kan verminderd worden ten voordele van andere vervoersmodi, zou er meer ruimte gecreëerd worden. Echter, verschuivingen in transportmodi vormen slechts een gedeeltelijke oplossing want ook binnen andere toeristische systemen is er dan nog weinig ruimte over. De ruimte voor waardevolle bezoekers is opnieuw beperkt door de Canal cruiser, waar geen ruimte meer is voor additioneel bezoek in dit scenario. Het betekent dat bijkomende waardevolle toeristen dan niet langer een optimale bezoekerservaring kunnen bekomen doordat sommige attracties oververzadigd zijn.

Voor andere toeristen die niet sterk focussen op het educatieve, museale aspect is er nog wel verdere ontwikkelingsruimte. Afleiden van bezoekers kan dan best naar museummolen Nederwaard (nog ruimte voor 1169 bezoekers) en de Canal hopper (nog maximaal ruimte voor 1908 personen). In de museale attracties blijft er bovendien nog enigszins ruimte over in het Wisboomgemaal (431 personen op dagbasis) en het Vogeltheater (585 personen). Tabel 8. Optimale dagcapaciteit laagseizoen Kinderdijk Optimale capaciteit Waardevolle bezoekers Andere bezoekers Restcapaciteit Categorie Wandelpad: Middelkade Noord Wandelpad: Middelkade Zuid Molen: Nederwaard Molen: Blokweer Molen: Overwaard Rondvaart: Canal cruiser Rondvaart: Canal hopper Musea: Hulpgemaal Musea: Wisboomgemaal Musea: Vogeltheater Musea: Alles Heeft een Tijd Parkeerplaatsen: auto’s Parkeerplaatsen: touringcars Waterbussen: waterbus Waterbussen: Driehoeksveer Capaciteit steigers

Weekdag 2115 3577

Weekend 2115 2365

168 3549 804 233 487 0 1312 169 296 402 334 0 8167 2245 195 942

1319 3792 804 233 487 0 1312 169 296 402 334 0 8231 642 256 1047

22

Voor wat het laagseizoen betreft (Tabel 8), ligt de optimale capaciteit ligt in deze periode op 5692 bezoekers voor weekdagen en 4480 bezoekers voor weekends. Het is opmerkelijk dat, ondanks de kortere openingstijd van Kinderdijk in deze periode, het optimale aantal bezoekers hoger ligt dan voor het hoogseizoen. Dit komt door het verschil in bezoekerssamenstelling. In het hoogseizoen is er meer ruimte voor waardevolle toeristen, terwijl we in het laagseizoen slechts plaats zien voor 2115 waardevolle bezoekers omwille van de verminderde openingstijd van de attracties. Immers, op dit punt is er niet langer capaciteit beschikbaar in de Canal cruiser en lopen ook de verschillende museumattracties tegen hun maximale capaciteit aan, te weten: het Hulpgemaal met restcapaciteit voor 169 bezoekers, het Wisboomgemaal met restcapaciteit voor 296 bezoekers, het Vogeltheater met ruimte voor nog 402 bezoekers en de aak “Alles Heeft een Tijd” met een capaciteit voor nog 334 geïnteresseerden. Doordat waardevolle bezoekers meer ruimtebeslag leggen op andere attracties, leidt een vermindering van waardevolle bezoekers tot ruimere mogelijkheden voor andere bezoekers, waarvan er 3577 (of 2365 tijdens het weekend) zouden kunnen arriveren in dit scenario. Op dit punt vormen de autoparkeerplaatsen een bijkomende beperking waardoor ook niet-betalende bezoekers tegen de capaciteitslimiet aanlopen.

Een verschuiving in vervoersmodaliteit naar Touringcars of de waterbus zou de totaalcapaciteit dan nog gedeeltelijk kunnen verhogen indien deze nieuwe bezoekers zich beperken tot het wandelpad en/of een molenbezoek. Tabel 7 en Tabel 8 geven een optimale inschatting van respectievelijk 4795 bezoekers (weekdag, hoogseizoen), 3904 bezoekers (weekend, hoogseizoen), 5692 bezoekers (weekdag, laagseizoen) en 4480 (weekend, laagseizoen). Tijdens de teldagen van het onderzoek van Defacto Stedenbouw (2019)4 werden er op donderdag 5 juli 3185 bezoekers geteld en op zondag 29 juli 4307 bezoekers. In beide gevallen kunnen we dus stellen dat deze dagen reeds tegen de optimale capaciteit van Kinderdijk aanleunden. Een belangrijke kanttekening bij de berekeningen van het optimale aantal bezoekers in Kinderdijk is de nieuwe visie en gehanteerde definitie omtrent de waardevolle toerist. In dit rapport hebben we gebruiksinschattingen gemaakt op basis van dit type bezoeker dat een sterke interesse toont in de geschiedenis en verhalen van Kinderdijk en daardoor ook meer actief de plaats zal consumeren. Daardoor raakt de capaciteit van bijvoorbeeld het Hulpgemaal en “Alles Heeft een Tijd” sneller verzadigd.

Dit is een noodzakelijke afweging: het kiezen voor waardevollere toeristen leidt tot een afname van beschikbare capaciteit doordat zulke groepen langer op de bestemming blijven en meer attracties aandoen dan recreanten of minder diepgaande bezoekers. Dit is erg duidelijk wanneer de optimale capaciteit tussen hoog-en laagseizoen wordt vergeleken: tegengesteld aan wat zou kunnen verwacht worden, ligt de optimale capaciteit in het laagseizoen hoger. Dit is volledig terug te brengen door de verschillende bezoekerscompositie waarbij er (door de kortere openingstijden van attracties) voornamelijk ruimte blijft voor de bezoekers die geen museale attracties aandoen. Zij hebben geen nood aan vrije capaciteit in de rondvaartboten, de molens of de attracties en kunnen dus in grotere aantallen arriveren tot op het punt dat het vervoer van en naar Kinderdijk een probleem vormt.

4 In 2019 werden er nog losse tickets verkocht voor Kinderdijk en was er geen All-in ticket, wat eventueel

enkele verschillen zou kunnen geven.

23

Ook is er de capaciteitsgrens waar rekening mee moet worden gehouden. Bijvoorbeeld, bij een totaal aantal bezoekers van 4795 (weekdagen, hoogseizoen) zou er geen ruimte meer zijn bij de autoparkeerplaatsen of de Canal cruiser. Echter, indien bezoekers kunnen getriggerd worden om bijvoorbeeld met de waterbus te komen (waar nog ruime mogelijkheden liggen) en bezoekers in plaats van de Canal cruiser de Canal hopper gebruiken of over de Middelkade wandelen, zijn er perfect bijkomende bezoeken mogelijk. Echter, verschillende museale attracties zitten dicht tegen een capaciteitslimiet aan, waardoor verschuivingen nog maar in beperkte mate mogelijk zijn. Het is bovendien zo dat er bij een bezoekersaantal van 4795 dan geen absolute keuzevrijheid meer is. Met andere woorden, bezoekers die de Canal cruiser willen nemen, zouden deze optie niet langer hebben. Verder is er nog een belangrijke kanttekening te maken: de autoparkeerplaatsen vormen in elke inschatting een duidelijke bovengrens. Binnen bestemming Kinderdijk kunnen betalende versus niet-betalende bezoekers verschillend benaderd worden door het verschil in ruimtegebruik.

Echter, voor de autoparkeerplaatsen (en ook andere vervoersmodi) is er in wezen een directe concurrentie tussen betalende en niet-betalende bezoekers en hoewel er een duidelijke kwalitatieve voorkeur is voor de waardevolle toerist, kan niet vermeden worden dat niet-betalende toeristen mogelijk de autoparkeerplaatsen innemen waardoor het optimale niveau in waardevolle bezoekers niet bereikt kan worden.

Synthese bezoekersoptimalisatie De bezoekersoptimalisatie wordt voor elk van de bestemmingen bepaald door andere factoren (Tabel 9). Zo focust Giethoorn als enige bestemming op de verblijfstoeristen, met bijhorende segmentering op basis van de verblijfsduur van de bezoeker, aangezien het aantal accommodaties een beperkende factor is in deze bestemming (Tabel 10). De segmentering voor Kinderdijk gebeurt op basis van de waarde van de bezoeker; een waardevolle bezoeker en een andere bezoeker. Kinderdijk wenst de maximalisering van de kwaliteit van de bezoeker te gebruiken bij de bezoekersoptimalisatie als enige van de drie bestemmingen. Giethoorn en Zaanse Schans kiezen voor inkomstenmaximalisatie. Tabel 9. Vergelijking keuze optimalisatiefunctie Focus type bezoeker Segmentering op basis van… Maximalisering van…

Giethoorn Verblijfstoerist & Dagbezoeker Verblijfsduur

Kinderdijk Dagbezoeker

Zaanse Schans Dagbezoeker

‘Waarde’ bezoekers

Inkomsten

Kwaliteit

Afkomst (NL, EU, OA, WE) Inkomsten

Tabel 10 geeft een vergelijkend overzicht van het toeristisch systeem per bestemming. De vernoemde subsystemen in de tabel hebben invloed op de beperkingen van de optimalisatiefunctie. Voor Giethoorn zijn de subsystemen attracties/erfgoed en het molenlandschap niet relevant. Voor Zaanse Schans wordt het subsysteem waterrecreatie niet in rekening gebracht. De cursieve onderlijnde tekst duidt aan wat het voornaamste subsysteem is dat de capaciteit van de bestemming bepaald. 24

Tabel 10. Vergelijking identificatie van het toeristisch systeem Subsysteem o.b.v. customer journey Wandelen

Giethoorn

Kinderdijk

Zaanse Schans

Binnenpad naast Dorpsgracht

Middelkade, opgedeeld in Middelkade Noord en Middelkade Zuid (+ Rib)

4 deelgebieden: Molenpanorama, Lint, Pad, Erf

Attractiebezoeken /erfgoed

X

Hulpgemaal, Wisboomgemaal, Vogeltheater, Alles Heeft een Tijd

Zaans Museum, Kaasboerderij, Klompenmakerij

Molenlandschap

X

3 molens: Nederwaard, Blokweer, Overwaard

4 toegankelijke molens: De Huisman, De Kat, Het Jonge Schaap, De Zoeker

Waterrecreatie

Rondvaartboten, individuele bootverhuur en capaciteit van Dorpsgracht

Canal cruiser en Canal hopper

X

Vervoer

Parkeerplaatsen voor auto’s

Parkeerplaatsen voor auto’s en touringcars, aanlegsteigers, waterbu s, Driehoeksveer

Parkeerplaatsen voor auto’s en touringcars

Accommodatie

Aantal beschikbare bedden

X

X

De kleurcodes in Tabel 10 geven de manier van capaciteitsbepaling van de subsystemen weer. De kleur oranje betekent dat de capaciteit bepaald werd door inschatting, de gele kleur staat voor een capaciteit berekend op beschikbare data en de groene kleur duidt aan dat de daadwerkelijke capaciteit gekend is en geen verdere inschatting of berekening nodig was. Opvallend is dat Kinderdijk van de drie bestemmingen meest accurate cijfers ter beschikking heeft omtrent de capaciteit van de toeristische subsystemen.

25

4.

Besluit

4.1

Algemene reflectie en conclusie

De gebieden Giethoorn, Kinderdijk en de Zaanse Schans, zijn drie verschillende voor Nederland iconische bestemmingen, met enkele overeenkomende kenmerken. Het zijn namelijk drie gebieden met bijzonder cultureel erfgoed, die openbaar toegankelijk zijn en die grenzen aan een Natura-2000 gebied. Het zijn ook drie gebieden die werken aan de toeristische drukte en aan een toekomstvisie waarbij de lusten en lasten in balans moeten zijn voor bewoners, bezoekers, ondernemers en andere belanghebbenden die betrokken zijn. Het in balans brengen van lusten en lasten is een van de pijlers binnen het perspectief 2030 en de visie op toerisme van het NBTC. Het NBTC speelde in dit draagkrachtonderzoek een onpartijdige verbindende rol tussen de drie gebieden, opdat de drie gebieden ook van elkaar kunnen leren. Er wordt dus niet alleen gekeken naar de drie bestemmingen op zichzelf, maar ook naar de drie bestemmingen samen. Het is de bedoeling dat de drie gebieden met elkaar communiceren over oplossingen, visitor managementtechnieken en andere aspecten om zo van elkaar te leren en zaken van elkaar over te nemen. Op die manier kan er een samenwerkingsplatform tussen de drie bestemmingen ontstaan voor een duurzaam ontwikkelingsparcours.

Van een verdienmodel waar de focus vooral ligt op groei, een model dat gericht is op hoe meer bezoekers hoe beter, zal in de toekomst moeten worden afgestapt, ten gunste van een verdienmodel waar de focus zal liggen op kwaliteit, om zo de balans tussen leefbaarheid, toeristische belevingswaarde en ondernemerswaarde in evenwicht te houden. Dit draagkrachtonderzoek met als doel het bepalen van de optimale bezoekersaantallen en bezoekersmix draagt bij aan de verandering van het gewenste verdienmodel. Kinderdijk heeft een optimale inschatting van respectievelijk 5692 bezoekers (weekdag, hoogseizoen), 3904 bezoekers (weekend, hoogseizoen), 5692 bezoekers (weekdag, laagseizoen) en 4480 (weekend, laagseizoen). Toch moeten er enkele kanttekeningen geplaatst worden bij de inschattingen van het volume bezoekers van de bestemmingen. Ten eerste gaat het over een optimum, geen kritisch maximum. Voor het berekenen van het optimum werd er rekening gehouden met noodzakelijke voorwaarden voor een kwaliteitsvolle toeristische ervaring (e.g. voldoende ruimte op wandelpaden, vrije toegang tot molens, voldoende parkeerplaatsen, etc.). Hogere bezoekersaantallen zullen daarom niet meteen leiden tot echte duurzaamheidsproblemen in termen van de bescherming en het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed en de natuurlijke omgeving, maar hebben wel een invloed op de bezoekerskwaliteit en tevredenheid.

Een overschrijding van het optimum van een bestemming moet dan ook in deze context gezien worden. Wanneer er een groter dan optimaal aantal bezoekers aanwezig zijn kunnen problemen ontstaan in: a) De toeristische beleving: Bezoekers een suboptimale ervaring hebben waarbij zij potentieel niet alle gewenste activiteiten kunnen uitvoeren (e.g. het bezoeken van een 26

molen of wandelen in een rustige omgeving) door de te grote drukte. De kwaliteit van het bezoek vermindert hierdoor en op langere termijn kan dit betekenen dat kwaliteitsvolle, ervaringsgerichte bezoekers wegblijven en vervangen worden door toeristen die minder overlast ervaren van drukte doordat zij de plek slechts oppervlakkig ‘consumeren’. b) De lokale levenskwaliteit: De inwoners in en rondom de drie bestemmingen krijgen dan stelselmatig te maken met grote bezoekersstromen in hun persoonlijke levensomgeving, waarbij de piekbezoekmomenten zich uitstrekken over een langere periode van het jaar en het ontbreekt aan rustpunten. Dit kan fricties veroorzaken tussen de lokale omwonenden en de bezoekers aan de bestemming c) Verkeersstromen en parkeren: In het ingeschatte optimum was er reeds een beperkte ruimte over op de auto en touringcar parkeerplaatsen. Een relatief grote overschrijding van het bezoekersoptimum leidt dan tot een knelpunt in beschikbare parkeerplaatsen, waardoor bezoekers in de nabije omgeving parkeren, wat meer overlast veroorzaakt voor omwonenden. Het is bovendien wel degelijk mogelijk dat dergelijke overschrijding eveneens lange termijn duurzaamheidsproblemen kan veroorzaken in termen van het onderhoud van de historische panden en natuurlijke omgeving.

Echter, de capaciteitslimieten die in dit rapport berekend werden, waren gebaseerd op een gewenste kwaliteitsvolle bezoekerservaring, niet op de fysische draagkracht van de historische panden. Ten tweede moet opgemerkt worden dat de inschatting erg afhankelijk is van de assumpties met betrekking tot het gebruiksniveau van de verschillende types toeristen. Indien bijvoorbeeld een lager percentage van de toeristen effectief de wandelpaden of molens bezoekt, dan zou er op dit punt meer ruimte vrijkomen voor andere bezoekers. Anderzijds kunnen andere inschattingen mogelijk te ruime parameters hanteren. Denken we bijvoorbeeld aan het aantal omwentelingen per parkeerplaats. Dit kan enkel gerealiseerd worden mits een optimaal parkeerbeleid, een degelijke bezoekersspreiding doorheen de dag en een parkeerduur die strikt gekoppeld is aan het bezoek aan de bestemming. Ten derde berekent het model een optimum op dagbasis. Er wordt dan uitgegaan van een gelijkmatige spreiding van bezoekers doorheen de bezoekdag. Indien geen perfecte spreiding bekomen wordt, is het mogelijk dat het dagoptimum niet bereikt wordt, maar er op bepaalde tijdstippen toch enige knelpunten ontstaan. Verder speelt ook seizoensmatigheid een rol. Zo zien we voor Giethoorn, Kinderdijk en de Zaanse Schans dat de wintermaanden minder druk zijn en de zomermaanden een groot aantal bezoekers tellen.

Beide situaties zijn suboptimaal, want kleinere bezoekersaantallen in het laagseizoen bemoeilijken te continuering van de werkgelegenheid in de toeristische sector en leiden tot inkomensfluctuaties. Tenslotte moet vermeld worden dat het optima van het aantal bezoekers niet als exacte, magische richtwaarde hoeft gezien te worden. Het optimum is dus niet noodzakelijk te interpreteren als een plafond, maar het kan wijzen op de nood (en mogelijkheden) van flexibel bezoekersmanagement. De grootteorde is richtinggevend, maar er is uiteraard ruimte naar boven en onder toe. Zo zullen bezoekdagen van +10.000 bezoekers niet meteen tot negatieve uitkomsten leiden en zit er wel een bepaalde veerkracht in het toeristische systeem. Echter, wanneer het optimum stelselmatig overschreden wordt, kunnen de negatieve effecten, zoals eerder werden opgesomd, zichtbaar 27

worden. Daar waar negatieve gevoelens bij de plaatselijke inwoners sneller aan het licht zullen komen, is de afkalving van de bezoekerskwaliteit een traag en stelselmatig proces. Om de inschattingen van het optimum te verstevigen is een degelijke marktstudie onmisbaar en een verbetert inzicht in de verschillende marktsegmenten en de gedragingen van deze segmenten in de drie bestemmingen is dan ook wenselijk. Bij deze, eventueel gezamenlijke marktstudie kan het NBTC best een leidende rol innemen om de drie bestemmingen te begeleiden.

4.2

Aanbevelingen

4.2.1

Algemene aanbevelingen voor de drie bestemmingen

Alle drie de bestemmingen hebben al een aantal belangrijke stappen gezet hebben in de richting van een duurzamere toeristische ontwikkeling van hun bestemming. Toch zijn er nog enkele aanbevelingen vanuit dit draagkrachtonderzoek dat kunnen bijdragen aan een meer duurzame toekomst van de drie bestemmingen. A. Ontwikkelen van een Dashboard Alle drie de bestemmingen hebben duidelijk baat bij het ontwikkelen, bij het verder op punt stellen of bij het uitbreiden van een dashboard waarmee een aantal belangrijke competitiviteits- en duurzaamheidsindicatoren verzameld kunnen worden en ook zichtbaar kunnen worden gemaakt. Voor een overzicht van mogelijke indicatoren kan bijvoorbeeld worden gekeken naar het jaarlijkse Travel & Tourism Competitiveness rapport5 van het World Economic Forum of het European Tourism Indicators System for Sustainable Destination Management van de Europese Commissie6. Een dashboard moet niet alleen compleet genoeg zijn, maar de indicatoren moeten op een aantrekkelijke manier gevisualiseerd worden opdat het makkelijk wordt het toeristische beleid en het toeristisch bedrijfsleven in de toekomst continu en correct aan te sturen met informatie die niet alleen relevant is voor de toeristische ontwikkelingsstrategie en de bezoekersmanagementstrategie, maar ook voor de ondernemers bij hun beleidsvoering.

Om een beter idee te krijgen van hoe een dashboard er uit kan zien kan er gekeken worden naar bijvoorbeeld het dashboard van UNWTO7, het NBTC8 of Amsterdam9. Het ontwikkelen van een dashboard met relevante indicatoren vraagt niet alleen om een sterke coördinerende rol van het NBTC ten aanzien van de minimale voorwaarden waaraan een dergelijk dashboard en de indicatoren zouden moeten voldoen om ook een bredere betekenis te hebben

5 WEF_TTCR_2019.pdf (weforum.org) 6 file:///C:/Users/u0139148/Downloads/ETIS%20toolkit%202016%20150316.pdf 7 https://www.unwto.org/tourism-data/unwto-tourism-dashboard 8 https://dashboard.nbtc.nl/ 9 https://amsterdam.toeristischebarometer.nl/Current

28

dan alleen voor de bestemming (alsmede een structurelere samenwerking tussen de drie bestemmingen), maar impliceert ook:  Een actievere rol van de gemeente bij het regelmatig organiseren van bezoekersbevragingen, waarmee de zogenaamde customer journey en de veranderingen hierin kunnen worden gereconstrueerd en specifieke marktanalyses, die de globale en nationale voorspellingen projecteren op de ontwikkeling van de vraag naar de bestemming, en hiermee de draagkrachtberekeningen helpen verfijnen;  Een intensievere samenwerking met de bedrijven in en buiten de gebieden opdat een deel van de door die bedrijven verzamelde gegevens, die relevant kunnen zijn voor eerdergenoemde strategieën, sneller en makkelijker gedeeld kunnen worden. Zoals hierboven al eerder werd aangegeven is de simulatie van de draagkracht erg afhankelijk van de gemaakte assumpties met betrekking tot het gebruiksniveau van de verschillende toeristische subsystemen door de verschillende types toeristen. Om deze simulaties te verstevigen is een degelijke studie van de bezoekersprofielen en de karakteristieken van hun bezoek aan een bestemming dan ook wenselijk. Voorbeelden van zulke marktonderzoeken zijn het kunststedenonderzoek naar de recreatieve verblijfs- en dagtoerist van Toerisme Vlaanderen uit 201810 of het onderzoek naar de Nederlandse doelgroep van NBTC uit 202211.

Online zijn er van bijna elke toeristische bestemming wel marktonderzoeken terug te vinden. Ook NBTC, Landelijke Data Alliantie en/of Data & Development Lab kunnen bijdragen en meehelpen bij het voeren van marktonderzoeken. De data bekomen uit marktonderzoek en het dashboard kunnen zeker bijdragen aan het versterken van de gemaakte schattingen in dit draagkrachtonderzoek.

B. Visitor management Al eerder werd aangeven dat er momenteel geen harde indicaties zijn dat de draagkrachtproblemen dusdanig dramatisch zijn dat er op korte termijn drastisch moet worden ingegrepen. Wel lijkt het waarschijnlijk dat als de COVID-19 pandemie aan kracht verliest en het globale toerisme terug zal keren op het oorspronkelijke door de UNWTO voorspelde groeipad (tussen 2015 en 2030 een verdubbeling van het aantal toeristen op wereldniveau), de spanningen tussen de toenemende bezoekersaantallen en de duurzaamheid van dit bezoek waarschijnlijk sterk zullen toenemen. Zo ligt het voor de hand dat de lokale reflectie van een globale verdubbeling van het aantal internationale toeristen, een belangrijk marktsegment voor de drie bestemmingen, zal betekenen dat ook in de nog relatief rustigere maanden de door ons gesimuleerde draagkracht overschreden zal worden. Deze overdenkingen leiden tot een aantal bezoekersmanagementsuggesties voor de korte en de middellange termijn. Op korte termijn lijkt het wel degelijk noodzakelijk om gedurende de drukste dagen (en zeker gedurende de drukste uren van die dagen) van het jaar een strikte routing van de bezoekersstroom te introduceren. In sommige andere bestemmingen in Europa worden hiervoor

10https://toerismevlaanderen.be/sites/default/files/assets/documents_KENNIS/onderzoeken/Kunststedeno

nderzoek%202018_NL.pdf 11 https://www.nbtc.nl/nl/site/download/factsheet-over-nl-doelgroep.htm

29

reeds verschillende ICT-applicaties (intelligente bewegwijzering via smartphones en tablets, realtime visualisatie van hotspots waardoor bezoekers de drukkere plekken wat makkelijker weten te vermijden, etc.) ingezet. Dit draagt bij tot het beter benutten van de beschikbare ruimte en het optimaliseren van voorzieningen. Bezoekersstromen worden dan waar mogelijk gediversifieerd (m.a.w. niet alle bezoekers op dezelfde route/wandelpaden), en een aantal evidente en structurele pijnpunten in het systeem van wandelpaden, molens en recreatieve en commerciële voorzieningen, kunnen deels worden weggenomen. Duidelijk moet zijn dat de mogelijkheden om de capaciteit van de bestaande ruimte en voorzieningen uit te breiden op het moment tegen zijn grenzen aanloopt, en in de toekomst een aantal radicalere keuzes mogelijk onvermijdelijk zijn. Niet alleen op de bestemming zelf is bezoekersmanagement belangrijk, maar ook buiten de bestemming. Er zou in elke bestemming een bufferzone moeten worden gecreëerd. Door middel van een Park & Ride (P&R) systeem dat in steden als bijvoorbeeld Amsterdam12 en Salzburg13 succesvol gebleken is, kan de drukte op de bestemming deels opgevangen worden.

Zowel voor de bufferzone als voor de terminals van het P&R systeem zouden in de drie gebieden gerelateerde informatievoorzieningen, microattracties, en commerciële activiteiten (winkels en restauratieve voorzieningen) moeten worden ontwikkeld, waar de bezoeker ook enkele tijd kan vertoeven. Dit gebeurt liefst in samenwerking met de meerdere ondernemers in de drie bestemmingen in de vorm van Publiek-Private Partnerschappen. Zo werkt de bestemming Cambridge samen met private ondernemingen buiten het drukbezochte toeristische gebied die kortingen of speciale gegidste tours aanbieden. Een voorbeeld van een toeristische bestemming dat veel van het bovenstaande toepast is de stad Kopenhagen. Het toeristische informatiepunt en bezoekerscentrum14 is in Kopenhagen het eerste aanspreekpunt voor toeristen. In dit centrum kunnen bezoekers alles terugvinden wat er te beleven valt in de stad in de vorm van digitale posters, robots en Virtual Reality experiences rond de highlights van Kopenhagen. Eens de bezoeker het toeristische informatiepunt verlaat, kan hij of zij gebruik maken van een applicatie15 die de bezoeker leidt naar verschillende toeristische highlights afhankelijk van de drukte en dit door middel van real-time informatie. De app verzamelt gegevens die bewegingspatronen in de stad duidelijk maken en die bijdragen aan een betere dienstverlening voor bezoekers.

Door van het bezoekerscentrum een centraal punt in de customer journey te maken, creëert Kopenhagen een soort van bufferzone binnen de stad en door het inzetten van technologie worden de bezoekersstromen meer gediversifieerd. Als het groeitempo van de toeristische markt zich na 2023 herpakt, moet er wel degelijk rekening gehouden worden met een mogelijke structurele overschrijding van de draagkracht van de drie bestemmingen. Drastische maatregelen worden dan op sommige momenten van de dag en van het jaar onvermijdelijk en een reserveringssysteem, d.w.z. een verplichte reservering voor toeristen (met een uitzondering voor recreanten uit de randgemeenten), kan dan wel eens de enige oplossing zijn om de duurzaamheid van het toerisme in een bestemming te garanderen en haar unieke historische en natuurwaarden te conserveren. Een reserveringsysteem gekoppeld 12 https://www.iamsterdam.com/en/plan-your-trip/getting-around/parking/park-and-ride 13 https://www.salzburg.info/en/travel-info/arrival-traffic/car/parking 14 https://visitorservice.dk/ 15 https://cphvisitorguide.dk/

30

aan een system integrator in de vorm van een all-in pass is een sterke marketing en visitor managementtechniek om ook andere bezienswaardigheden en routes in de kijker te zetten naast de welbezochte highlights. Zo werkt de toeristische bestemming Dubrovnik met de Dubrovnik Card16 om attracties buiten het historische centrum en bezoeken aan het centrum buiten de piekuren te promoten. Ook gratis transport naar de stad voor kaarthouders wordt aangeboden. Het rapport van UNWTO (2019) - ‘Overtourism’? Understanding and Managing Urban Tourism Growth beyond Perceptions – Volume 2: Case Studies biedt andere voorbeelden en interessante oplossingen van verschillende gebieden die te maken hebben met een draagkrachtprobleem. Om visitor management tot een goed einde te brengen moet er natuurlijk in elke bestemming een goede samenwerking tussen alle mogelijke partijen en belanghebbenden zijn. Daarom is het noodzakelijk om in de drie bestemmingen een overlegplatform te construeren om polariserende (toekomst)visies te convergeren in eenzelfde gezamenlijke visie voor alle stakeholders.

16 https://dubrovnikcard.com/

31

Specifieke aanbevelingen Kinderdijk Kinderdijk is een beetje het buitenbeentje van de drie bestemmingen die bij het draagkrachtonderzoek betrokken werden. Het is een overwegend landelijk gebied met een sterke recreatieve aantrekkingskracht en ligt verder verwijdert van bestemmingen als Amsterdam en de Keukenhof en is dus minder makkelijk te integreren in een tour. De ontsluiting van Kinderdijk via het water heeft het bezoek aan de UNESCO site een enorme boost gegeven en een reflectie over de draagkracht van het gebied aan de vooravond van de herstart van het wereldtoerisme pertinenter gemaakt dan ooit. Het landelijke karakter van de bestemming Kinderdijk betekent ook dat de site daardoor eveneens belangrijke natuurwaarden herbergt. Dit betekende vooral dat het lineaire programmeringsmodel voor Kinderdijk moest worden aangepast om juist aan de conservering van deze waarden aandacht te besteden en dus minder waarde te hechten aan de sociaaleconomische dimensie van de duurzaamheidsproblematiek. Dit betekende ook dat de optimalisatie van de inkomsten uit toerisme vervangen werd door de optimalisatie van de bezoekersstroom en de samenstelling ervan op basis van de intrinsieke kwaliteit van de bezoeker. De focus op de waardevolle bezoeker is consistent met de toekomstvisie van Kinderdijk, maar is nog niet verankerd in de informatieverzameling van Kinderdijk.

De eerste aanbeveling is dus om explicieter in te zetten op het verzamelen van informatie betreffende de visitor journey, waarbij de waardevolle bezoeker en de niet-waardevolle bezoeker een duidelijk omschreven profiel aangemeten krijgen, en er dus ook via de bevragingen verschillen in de visitor journey en in de consequenties hiervan voor de bestemming kunnen worden geobserveerd. Ook is het interessant om informatie te verzamelen over de visitor journey en gedragingen van bezoekers in groep en de individuele bezoekers. Met al deze informatie wordt het in de toekomst makkelijker om de duurzaamheid van de toeristische ontwikkeling van de bestemming te meten en de instrumenten voor het managen van de bezoekersstroom fijn te slijpen. De bekomen informatie kan dan verder gebruikt worden in het bovengenoemde dashboard. Uit de analyse bleek verder dat de ruimte voor waardevolle bezoekers vooral beperkt wordt door de capaciteit van verschillende attracties – ten eerste de Canal cruiser, maar ook de verschillende museale attracties die nog weinig ruimte over laten in het optimale ontwikkelingsscenario. Het betekent vooral dat bijkomende waardevolle toeristen dan niet langer een optimale bezoekerservaring kunnen bekomen doordat sommige attracties oververzadigd zijn.

Dit is een consequentie van de expliciete keuze om te mikken op een type bezoeker dat educatieve waarden nastreeft en dus ook vaker museale attracties zal aandoen, waarvan de capaciteit beperkter is dan voor het buitengebied van Kinderdijk. Een uitbreiding van educatieve attracties, zoals reeds gebeurd is met het vogeltheater en de ‘Alles Heeft een Tijd’ Zuid-Hollandse aak kan de capaciteit positief beïnvloeden, mits er een mogelijkheid bestaat bezoekers dynamisch te sturen en deze attracties (Hulpgemaal, Wisboomgemaal, vogeltheater, ‘Alles Heeft een Tijd’) deels als communicerende vaten te behandelen. Ook het inkorten van de speelduur van de film in het Hulpgemaal of bijvoorbeeld het aanbieden van een audiovisueel verhaal in het informatiecentrum kan deze attracties wat verder ontlasten en extra ruimte creëren.

32

Voor andere toeristen die niet sterk focussen op het educatieve, museale aspect is er nog wel verdere ontwikkelingsruimte in termen van pure capaciteit (i.e. extra aantal bezoekers). De tweede grens die bereikt wordt is die van de autoparkeerplaatsen. Bij 4795 bezoekers (hoogseizoen, weekdag) zijn de autoparkeerplaatsen allemaal in gebruik. Het betekent dat er nog steeds extra bezoekers kunnen komen, maar dat deze gebruik moeten maken van andere vervoersmodaliteiten teneinde fout parkeren te vermijden. Kinderdijk streeft ernaar om de derde entree Mercon Kloos/Molenkade ingang in het zuiden steeds minder te gebruiken voor bezoek en in plaats daarvan wordt erop aangestuurd dat iedereen naar binnen komt via de hoofdentree. Aangezien er wel nog ruimte overblijft op de Middelkade en ook de museummolens (voornamelijk molen Nederwaard), kan er, op momenten van extreme druk op de bestemming, een spreidingsmanagement waarbij een deel van die druk van de hoofdingangen naar de zuidingang dat leidt tot een intensiever gebruik van het eerdergenoemde stuk bestemming zorgen voor een eventuele capaciteitsverhoging op korte termijn. De diversificatie van de toegang tot de bestemming heeft zijn vruchten al afgeworpen, maar biedt waarschijnlijk nog genoeg mogelijkheden als het nog intensiever wordt ingezet als bezoekersmanagementstrategie op extreem drukke dagen.

Bewegwijzering voor de verschillende parkeerplaatsen en de terminals, informatievoorziening via smartphone en tablet voor de verschillende typen bezoekers voor de bestemming bereikt wordt, en een expliciet routingbeleid binnen de bestemming, zijn hier voorbeelden van. Het in 2019 geopende bezoekerscentrum zou een nog actievere rol kunnen spelen in het hierboven besproken spreidingsbeleid. Het is momenteel namelijk vooral gericht op functies die vooral na het bezoek interessant zijn (restauratieve voorzieningen; merchandising; enz.), maar het zou een nog belangrijkere rol kunnen spelen bij het actiever aansturen van de toerist en recreant voor het bezoek aan het gebied, en tegelijkertijd wat druk van het Hulpgemaal en van de Middelkade kunnen afnemen. Waarschijnlijk is het genoeg om de functie als informatiepunt nog prominenter te aan te geven. Omdat Kinderdijk inzet op de waardevolle bezoeker en dus op het waardevolle bezoek, een bezoek dat per definitie een minder intensief gebruik van de ruimte en van de aanwezige faciliteiten impliceert, werden in 2019 de grenzen aan het volume van de optimale bezoekersaantallen reeds min of meer bereikt tijdens sommige topdagen. Hoewel groei nog mogelijk is moet er, zeker indien de voorkeur uitgaat naar de waardevolle bezoeker met een intensiever bezoekpatroon, vooral ingezet worden op seizoensmatige spreiding doorheen het jaar.

Voor Kinderdijk is ook het uitwerken van een reservatie-systeem een mogelijke aanbeveling. Het al bestaande reserverings- en ticketsysteem biedt de bezoeker nu al genoeg meerwaarde om hen uit te nodigen om hun bezoek aan Kinderdijk vooraf te plannen en dus te reserveren. Het systeem informeert de potentiële bezoeker ook nu al over de te verwachten drukte. In combinatie met het beperkte aantal toegangspunten is het waarschijnlijk makkelijk over te stappen op een verplichte reservering voor alle bezoekers van Kinderdijk mocht dat op de midden- en de lange termijn noodzakelijk blijken.

33

5.

Referenties

Bertocchi D., Camatti, N., Giove, S., & van der Borg, J. (2020). Venice and Overtourism: Simulating sustainable development scenarios through a Tourism Carrying Capacity Model. Sustainability, 12, 512. Buijs, A. (2000). Kwantitatieve toepassingen in de bedrijfskunde. Groningen, Nederland: Stenfert Kroese. Canestrelli, E., Costa, P. (1991). Tourist carrying capacity: A fuzzy approach. Annals of Tourism Research, 18, 295–311. CrowdScan. (2021). Report Langemunt & Veldstraat (December 2020 – February 2021 – Confidential. Gent, Belgium: CrowdScan & Stad Gent. Defacto Stedenbouw (2019). Verkenning toekomstbeelden werelderfgoed – op weg naar een Gebiedsperspectief Kinderdijk. Desaeyere, W. (1998). Micro Economic Optimization. Leuven, België: Acco. ETIS beschikbaar op https://ec.europa.eu/growth/sectors/tourism/offer/sustainable/indicators_en Kinderdijk. (2015). World Heritage Kinderdijk is picking up steam. Geraadpleegd op 4 januari 2022. Beschikbaar op https://www.kinderdijk.com/latest-news/news/world-heritage-kinderdijkis-becoming-even-more-successfull/ Middleton V.C., & Hawkins R. (1998). Sustainable Tourism: A Marketing Perspective. Oxford: Butterworth-Heinemann. Neuts, B. (2016). An econometric approach to crowding in touristic city centres: Evaluating the utility effect on local residents. Tourism Economics, 22(5), 1055-1074. Neuts, B. (2021).

Revisiting Bruges: Investigating the importance of tourist crowding perception in the visitor experience through computational text analysis. In S. Suzuki, & R. Patuelli (Eds.), A broad view of regional science – Essays in honor of Peter Nijkamp (pp. 235-258). Singapore, Springer. Neuts, B., & Nijkamp, P. (2012). Tourist Crowding Perception and Acceptability in Cities: An Applied Modelling Study on Bruges. Annals of Tourism Research, 39(4), 2133-2153. doi:10.1016/j.annals.2012.07.016. Rogowski, M. (2019). Assessing the tourism carrying capacity of hiking trails in the Szczeliniec Wielki and Blędne Skaly in Stolowe Mts. National Park. Forest Research Papers, 80(2), 125135. Stichting Werelderfgoed Kinderdijk. (2016). Jaarstukken 2015. Molenlanden, Nederland: SWEK. Beschikbaar op https://assets.kinderdijk.nl/app/assets/jaarstukken-2017.pdf Stichting Werelderfgoed Kinderdijk. (2018). Jaarstukken 2017. Molenlanden, Nederland: SWEK. Beschikbaar op https://www.kinderdijk.nl/app/assets/jaarrekenking-swek-2015.pdf Stichting Werelderfgoed Kinderdijk. (2019). Jaarstukken 2018. Molenlanden, Nederland: SWEK. Beschikbaar op https://assets.kinderdijk.nl/app/assets/jaarstukken-swek-2018.pdf 34

Stichting Werelderfgoed Kinderdijk. (2020). Jaarstukken 2019. Molenlanden, Nederland: SWEK. Beschikbaar op https://assets.kinderdijk.nl/app/assets/jaarstukken-2019-stichtingwerelderfgoed-kinderdijk.pdf UNWTO. (2019). ‘Overtourism’? Understanding and Managing Urban Tourism Growth beyond Perceptions (Volume 2: Case Studies). WEF Travel and Tourism Competitiveness Report Beschikbaar https://www.weforum.org/reports/the-travel-tourism-competitiveness-report-2019

35

op

6.

Bijlagen

Bijlage A. Grafische voorstelling optimalisatiefunctie ter voorbeeld

Figuur B 1. Voorbeeld optimalisatiefunctie In dit fictieve model zijn er twee type bezoekers. De verticale as staat voor verblijfstoeristen en de horizontale as staat voor dagtoeristen. Rekening houdend met de twee type bezoekers en de respectievelijke uitgaven van beide types bezoeker, 617 euro per verblijfstoerist en 238 euro per dagtoerist komen we uit op de volgende optimalisatiefunctie: Max! W = 617*V + 238*D Een eerste beperking van het model is dat er geen negatieve aantallen verblijfs- en dagtoeristen bestaan. Het aantal verblijfs- en dagtoeristen is minstens gelijk aan of groter dan nul: V ≥ 0, D ≥ 0 Een tweede beperking is bijvoorbeeld de capaciteit van een molen. De fictieve molen in dit model kan een maximumaantal van 166 bezoekers aan. Deze tweede beperking wordt weergegeven als de groene rechte, waarbij nul dagtoeristen gelijkgesteld wordt aan 166 verblijfstoeristen en omgekeerd. V + D ≤ 166

36

Een derde beperking is het aantal van 100 bedden in en rond de bestemming, wat resulteert in een maximum van 100 verblijfstoeristen. Deze beperking is niet van toepassing op de dagtoeristen aangezien zijn niet overnachten, vandaar de paarse horizontale rechte in de figuur. V ≤ 100 Een vierde en laatste beperking is het bijvoorbeeld aantal parkeerplaatsen waar enkel dagtoeristen gebruik van kunnen maken. De aantal beschikbare parkeerplaatsen voor dagbezoekers komt bijvoorbeeld neer op een maximumaantal van 150 dagtoeristen. Dit maximum wordt weergegeven in de grafiek als een blauwe verticale rechte. D ≤ 150 Alle bovenstaande beperkingen en bijhorende rechten geven mogelijke combinaties weer van het aantal verblijfs- en dagtoeristen, wat we weerspiegelen in de grafiek als het oranje toegestane gebied. Ter oriëntatie stellen we nu de vraag welke waarden V en D kunnen aannemen als W de waarde aanneemt van 20.000 euro? 20.000 = 617*V + 238*D Uit deze vergelijking vinden we een isowinstlijn (stippenlijn op figuur) die parallel verschoven moet worden om het optimale punt te bekomen. Dit optimale punt geeft de capaciteit van een bestemming weer in termen van aantal verblijfstoeristen en dagtoeristen.

37

Bijlage B Kinderdijk A.

4 Personas

38

39

B.

Berekeningen beperkende voorwaarden

1.

Wandel- en fietspaden

Binnen het Kinderdijk UNESCO Werelderfgoed gebied is de Middelkade het centrale wandel- en fietspad. We delen dit pad op in twee zones: Middelkade Noord (het gedeelte van de hoofdingang tot aan Museummolen Nederwaard) en Middelkade Zuid (het gedeelte ten zuiden van Museummolen Nederwaard in de richting van Museummolen Blokweer en tot de kade tegenover Overwaard 11). Het gedeelde Middelkade Noord is ongeveer 600m in lengte en de breedte kan ingeschat worden op zo’n 2,5 meter (abstractie makend van het fietspad). De rest van het pad (Middelkade Zuid) is zo’n 1400m lang, onderverdeeld tussen het gedeelde Museummolen Nederwaard – Museummolen Blokwaar (ongeveer 800m) en het verdere molenpanorama. Bovendien biedt voor een gedeelde van Middelkade Zuid het Rib een bijkomende uitwijkmogelijkheid van zo’n 400m lengte en 1 meter breedte. Hoewel alle bezoekers de wandelpaden gebruiken, is het niet zo dat alle bezoekers ook de volledige afstand afleggen. Vandaar het belang om de Middelkade op te splitsen in twee delen. 40

Volgens inzichten van de Stichting Werelderfgoed Kinderdijk, komen de meeste groepstoeristen (die ongeveer de helft van de totale betalende bezoekers uitmaken) immers niet verder dan Museummolen Nederwaard, tenzij ze gebruik maken van de rondvaartboten, maar dan wordt het wandelpad niet belast. We kunnen verwachten dat individuele bezoekers en niet-betalende en lokale inwoners eveneens vaker de andere delen van het wandelpad gebruiken. Niet in het minst de bezoekers die gebruik maken van de zuidelijke ingang bij Mercon Kloos/Molenkade. Onderzoek van Rogowski (2019) in een Nationaal Park in Polen, schatte de draagkracht van wandelpaden in een natuurgebied op 4 meter per persoon. Andere onderzoeken in meer ontwikkelde gebieden stellen ruimere minimale normen om een degelijke bezoekerservaring te beschermen. In een onderzoek naar bezoekerscapaciteit van winkelstraten in Antwerpen vond Neuts (2016) een acceptabel gebruiksniveau van 2,5 m² per persoon. Een recent onderzoek van de firma CrowdScan in Stad Gent (CrowdScan, 2021) verhoogde de minimale beschikbare ruimte per persoon voor Gentse winkelstraten tot 5m² per persoon – al werd deze inschatting erg beïnvloedt door de Covid-19 pandemie en de social distancing vereiste.

Gezien de meer ontwikkelde karakteristieken van Kinderdijk lijkt een ruimtegebruik van 4m per persoon (Rogowski, 2019) mogelijk te beperkend, aangezien er een duidelijk verschil is tussen de bezoekersverwachtingen op Kinderdijk en de verwachtingen – en motivaties – waarmee mensen een Nationaal Park bezoeken. Hoewel een capaciteitsgebruik gelijk aan de verwachtingen in een binnenstedelijk winkelgebied een overschatting zou kunnen geven, moeten we rekening houden met het feit dat een groot deel toeristen als groepsbezoeker naar Kinderdijk komen en grote gegidste groepen een kleiner ruimtegebruik vereisen dan kleine, individuele groepen. Doordat groepsbezoekers en individuele toeristen ongeveer gelijk verdeeld zijn en de binnengroepsafstand in gegidste groepen mogelijk kleiner is (e.g. 2,5 m² per persoon), terwijl de afstand tussen individuele reisgezelschappen wat groter is (e.g. 5 m² per persoon), nemen we het midden tussen deze twee inschattingen als gemiddelde, met name 3,75 m². Indien we verder werken met deze inschatting, dan is de capaciteit van Middelkade Noord in Kinderdijk gelijk aan 400 (= (600m*2,5m) / 3,75m²pp). Verder moet er rekening gehouden worden met de tijd die het kost om de gehele afstand van het wandelpad af te leggen. Naar schatting (zie Figuur 1) doen bezoekers zo’n 10 tot 15 minuten over de afstand van Middelkade Noord.

We moeten er eveneens rekening mee houden dat de meeste bezoekers de weg twee keer zullen afleggen (heen-en-weer). Daardoor gaan we ervan uit dat bezoekers 25 minuten besteden op Middelkade Noord. Op uurbasis betekent dit dus dat er capaciteit is voor 960 bezoekers (= (400/25) * 60). Voeren we een vergelijkbare berekeningswijze door voor Middelkade Zuid en het Rib, waarbij we enkel het gedeelte van Middelkade Zuid tussen Museummolen Nederwaard en Museummolen Blokwaar als belangrijk beschouwen17, dan komen we hier op een oorspronkelijke capaciteit van 640 (= [(800m*2,5m) / 3.75m²pp] + [(400m*1m) / 3.75m²pp]). Bezoekers doen naar schatting zo’n 20 minuten over deze afstand, of 40 minuten heen-en-weer. Op uurbasis komen we dan opnieuw aan een capaciteit van 960 bezoekers (= (640/40) * 60).

17 Het verdere wandelpad met het molenpanorama bevat geen attracties buiten het natuurgezicht en is een

stuk rustiger waardoor het geen capaciteitsbeperking zal opleveren.

41

Tijdens de maanden januari-oktober is Kinderdijk – in normale, niet-Covid-19 openingstijden – geopend van 9u30 tot 17u30 (8u), terwijl in de maanden november en december het gebied is geopend van 10u30 tot 16u (5,5u), waardoor de dagcapaciteit verschillend is voor het hoog-en laagseizoen.18

Tabel B 1. Bezoekerscapaciteit wandelpaden Kinderdijk Molen

Capaciteit 400

Bezoekduur heen en weer 25 min

Middelkade Noord Middelkade Zuid (incl. Rib)

640

40 min

Capaciteit/u 960

Capaciteit/dag hoogseizoen 7680

Capaciteit/dag laagseizoen 5280

960

7680

5280

Gebruik makend van het ingeschatte gebruik van de Middelkade door waardevolle en andere toeristen (zie Tabel 4), komen we tot de capaciteitsbeperkingen in Tabel B 2. We houden hierbij rekening met het feit of het hoog- of laagseizoen is en of het een weekdag of een weekend is (wat voor de wandelpaden geen verschil maakt, maar in andere toeristische subsystemen soms wel van belang is). Tabel B 2. Beperkende voorwaarde wandelpaden Kinderdijk Seizoen Hoogseizoen Laagseizoen

2.

Beperkende voorwaarde (1a) Middelkade Noord (1b) Middelkade Zuid (1a) Middelkade Noord (1b) Middelkade Zuid

Weekdag

Weekend

0,81WT + 0,95AT ≤ 7680 0,48WT + 0,20AT ≤ 7680 0,81WT + 0,95AT ≤ 5280 0,48WT + 0,20AT ≤ 5280

0,81WT + 0,95AT ≤ 7680 0,48WT + 0,20AT ≤ 7680 0,81WT + 0,95AT ≤ 5280 0,48WT + 0,20AT ≤ 5280

Museummolens

Op het domein van Kinderdijk zijn drie museummolens te bezoeken: Blokweer, Nederwaard en Overwaard (deze laatste enkel bereikbaar via rondvaartboot). Tabel B 3 geeft een overzicht van de bezoekerscapaciteit per molen, opnieuw afhankelijk van of het bezoek plaatsvindt tijdens het hoogseizoen (openingstijd = 8u) of het laagseizoen (openingstijd = 5,5u). Hoewel er drie museummolens zijn, kunnen die niet eenvoudigweg de bezoekersstromen tussen elkaar verdelen, aangezien elke molen een eigen ervaring biedt en bezoekers dus ook meerdere molens kunnen bezoeken. Bovendien is de museummolen Overwaard moeilijker bereikbaar. In het focusgroep gesprek werd gesteld dat, volgens het ondernemingsplan van 2010, 1 op 4 betalende bezoekers een molen bezocht. Destijds konden bovendien nog aparte tickets voor een molenbezoek aangekocht worden, terwijl er nu gewerkt wordt met een all-in-one ticket. Hierdoor 18 Deze openingsuren zijn gebaseerd op de Covid-19

situatie en onder normale omstandigheden gaat Werelderfgoed Kinderdijk reeds om 9u open. Bovendien kan groepsbezoek nog een half uur vroeger arriveren, vanaf 8u30.

42

nemen we aan dat mensen nu mogelijk iets vaker een all-in-one ticket aankopen en dan ook een molen zullen bezoeken. Bovendien is de nieuwe focus op waardevolle toeristen er net op gericht om meer bezoekers aan te trekken met een diepere interesse in het erfgoed en Kinderdijk verhaal, waarbij verwacht kan worden dat zulke bezoekers vaker een molenbezoek zullen inplannen. Nietbetalende bezoekers kunnen geen molenbezoek afleggen. Uitgaande van de inschattingen in Tabel 4, geeft dit de beperkende voorwaarden per museummolen uit Tabel B 4. Tabel B 3. Bezoekerscapaciteit per molen Kinderdijk Molen Nederwaard

Toegankelijk voor Groepen en individueel

Blokweer

Groepen en individueel

Overwaard

Enkel groepen

Capaciteit 100 (50 in molen en 50 op erf) 50 (molen en erf samen) 50 (molen en erf samen)

Bezoek duur 20 min

Capaciteit /u 300

Capaciteit/dag hoogseizoen 2400

Capaciteit/dag laagseizoen 1650

20 min

150

1200

825

20 min

150

1200

825

Tabel B 4. Beperkende voorwaarde museummolens Kinderdijk Seizoen Hoogseizoen Laagseizoen

3.

Beperkende voorwaarde (2a) Nederwaard (2b) Blokweer (2c) Overwaard (2a) Nederwaard (2b) Blokweer (2c) Overwaard

Weekdag

Weekend

0,40WT + 0,0AT ≤ 2400 0,28WT + 0,0AT ≤ 1200 0,16WT + 0,0AT ≤ 1200 0,40WT + 0,0AT ≤ 1650 0,28WT + 0,0AT ≤ 825 0,16WT + 0,0AT ≤ 825

0,40WT + 0,0AT ≤ 2400 0,28WT + 0,0AT ≤ 1200 0,16WT + 0,0AT ≤ 1200 0,40WT + 0,0AT ≤ 1650 0,28WT + 0,0AT ≤ 825 0,16WT + 0,0AT ≤ 825

Rondvaartboten

Naast de wandelpaden en museummolens, zijn de twee rondvaartboten een belangrijk element van de toeristische beleving in Kinderdijk. De Canal cruiser heeft een capaciteit van 25 personen en vaart heen en weer door het domein zonder tussenstops. De Canal hopper heeft een capaciteit van 50 personen en maakt tussenstops in het gebied, specifiek aan het bezoekerscentrum bij de hoofdingang, aan Museummolen Nederwaard en aan Museummolen Blokweer. Daarnaast zijn er nog twee operationele rondvaartboten die gecombineerd worden met groepsarrangementen en die we hier meetellen in de totale capaciteit. Boottochten worden gedurende de hele dag aangeboden en de route van de Canal cruiser duurt ongeveer 30 minuten. Voor de Canal hopper hangt het uiteraard af van de gekozen route door de bezoeker, maar we kunnen toch inschatten dat deze duur wat lager ligt vanwege het hop-on, hop-off systeem en ingeschat kan worden op 20 minuten (J. de Jong, persoonlijke communicatie, 29 april, 2021).

43

Tabel B 5. Bezoekerscapaciteit per rondvaartboot Kinderdijk Molen Canal cruiser Canal hopper/andere

Capaciteit /boot 25 50

Aantal boten 1 3

Duur boottocht 30 min 20 min

Capaciteit/u 50 450

Capaciteit/dag hoogseizoen 400 3600

Capaciteit/dag hoogseizoen 275 2475

Vanuit deze capaciteitsgegevens en de inschattingen met betrekking tot het toeristisch gebruik, komen we tot volgende capaciteitsbeperkingen voor de Canal cruiser en de Canal hopper voor het hoog-en laagseizoen in Kinderdijk: Tabel B 6. Beperkende voorwaarde rondvaartboten Kinderdijk Seizoen Hoogseizoen Laagseizoen

4.

Beperkende voorwaarde (3a) Canal cruiser (3b) Canal hopper/andere (3a) Canal cruiser (3b) Canal hopper/andere

Weekdag 0,13WT + 0,0AT ≤ 400 0,55WT + 0,0AT ≤ 3600 0,13WT + 0,0AT ≤ 275 0,55WT + 0,0AT ≤ 2475

Weekend 0,13WT + 0,0AT ≤ 400 0,55WT + 0,0AT ≤ 3600 0,13WT + 0,0AT ≤ 275 0,55WT + 0,0AT ≤ 2475

Museale attracties: Hulpgemaal, Wisboomgemaal, Vogeltheater en Alles Heeft een Tijd

Drie belangrijke museale attracties die zich in de buurt van de groepsingang en hoofdingang bevinden zijn het Wisboomgemaal, het Hulpgemaal en het Vogeltheater 19. In het Hulpgemaal kunnen bezoekers een film van 11 tot 12 minuten bekijken (die in de toekomst nog ingekort zal worden tot 10 minuten) over het ontstaan van Kinderdijk en de noodzaak van watermanagement. In het Wisboomgemaal kunnen bezoekers de vliegwielen in de machinekamer bekijken en meer leren over de geschiedenis van het gebied, alsook souvenirs aankopen in de souvenirwinkel. Beide gebouwen hebben een capaciteit van circa 50 bezoekers en zijn continu geopend doorheen de dag, rekenend met een openingsduur van 9u30 tot 17u30 in het hoogseizoen en een openingsduur van 10u30 tot 16u in het laagseizoen, komen we tot de berekende dagcapaciteit in Tabel B 7. Bezoekerscapaciteit Hulpgemaal en Wisboomgemaal Kinderdijk. Het recent geopende Vogeltheater stelt de zeldzame vogels en Kinderdijkse natuur voor. Voor dit gebouw rekenen we eveneens een capaciteit van om en bij de 50 personen en een bezoekduur van 20 minuten. Tenslotte bevindt zich aan Museummolen Blokweer de aak “Alles Heeft een Tijd”, waarin drie korte films dieper ingaan op het verhaal van de Sint-Elisabethvloed, het watersysteem van de Alblasserwaard en de uitdagingen van klimaatverandering.

Aangezien deze tentoonstelling zich op een schip bevindt, is de ingeschatte totaalcapaciteit hier wat lager met een capaciteit van 5 personen per 10 minuten.

19 Verder is er ook nog de Werkplaats die een capaciteit heeft van 50 personen maar enkel riviercruise

bezoekers ontvangt en daarom minder relevant is voor deze inschatting.

44

Tabel B 7. Bezoekerscapaciteit Hulpgemaal en Wisboomgemaal Kinderdijk Molen

Capaciteit

Hulpgemaal Wisboomgemaal Vogeltheater Alles Heeft een Tijd

50 50 50 5

Duur bezoek 15 min 20 min 20 min 10 min

Capaciteit/u 200 150 150 30

Capaciteit/dag hoogseizoen 1600 1200 1200 240

Capaciteit/dag laagseizoen 1100 825 825 165

Hierbij worden vervolgens de bezoekersproporties uit Tabel 4 toegevoegd om tot de volgende capaciteitsinschattingen te komen: Tabel B 8. Beperkende voorwaarde museale attracties Kinderdijk Seizoen Hoogseizoen

Laagseizoen

5.

Beperkende voorwaarde (4a) Hulpgemaal (4b) Wisboomgemaal (4c) Vogeltheater (4d) Alles Heeft een Tijd (4a) Hulpgemaal (4b) Wisboomgemaal (4c) Vogeltheater (4d) Alles Heeft een Tijd

Weekdag 0,44WT + 0,0AT ≤ 1600 0,25WT + 0,0AT ≤ 1200 0,20WT + 0,0AT ≤ 1200 0,05WT + 0,0AT ≤ 240 44WT + 0,0AT ≤ 1100 0,25WT + 0,0AT ≤ 825 0,20WT + 0,0AT ≤ 825 0,05WT + 0,0AT ≤ 165

Weekend 0,44WT + 0,0AT ≤ 1600 0,25WT + 0,0AT ≤ 1200 0,20WT + 0,0AT ≤ 1200 0,10WT + 0,0AT ≤ 240 0,44WT + 0,0AT ≤ 1100 0,25WT + 0,0AT ≤ 825 0,20WT + 0,0AT ≤ 825 0,10WT + 0,0AT ≤ 165

Parkeergelegenheid

In Alblasserdam bevinden zich momenteel 250 beschikbare parkeerplekken, die in de toekomst met de ontwikkeling van het Transferium nog zullen stijgen tot 350. Tijdens weekends en feestdagen wordt eveneens de parkeerplaats van IHC aangewend voor een bijkomende capaciteit van 300 plaatsen, echter het betreft hier geen officiële parkeergelegenheid waardoor we deze niet in rekening brengen voor het bestemmingsmanagement van Kinderdijk. Als we rekening houden met een gemiddelde gebruikstijd van maximaal 4u, kunnen er per dag 2 omwentelingen gebeuren, voor een maximale dagcapaciteit van 500. Vervolgens zetten we deze autoparkeerplaatsen om naar bezoekerseenheden door een gemiddeld aantal passagiers van 2,3 per auto te rekenen, waardoor de capaciteit van bezoekers per auto uitkomt op 1150. Om de beperkende voorwaarde op te stellen, moeten we inschatten hoeveel bezoekers er met de auto naar Kinderdijk komen. Vanuit de bezoekerstelling het Gebiedsperspectief Kinderdijk (Defacto Stedenbouw, 2019), kunnen we afleiden dat op een weekdag 29% van de bezoekers met de auto arriveerde, terwijl dit tijdens het weekend verhoogde naar 42%. Echter, gezien het onderzoek gebaseerd was op slechts twee teldagen, lijkt het verschil tussen weekdagen en weekends erg groot en mogelijk onderhevig aan toeval. Vandaar dat we voor het weekend een lager percentage zullen hanteren van 32%.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/491/documents/10471