Bijlage 4 Bestemmingsplan CKC locatie Alblasserdam Bijlagen Toelichting.pdf
Tekst van het document
BESTEMMINGSPLAN CKC LOCATIE ALBLASSERDAM WOONKRACHT 10 vastgesteld september 2021 ruimte voor ideeën
CKC locatie Alblasserdam
Inhoudsopgave Bijlagen toelichting
3
Bijlage 1
Bezonningsstudie
4
Bijlage 2
Onderzoek lichthinder
15
Bijlage 3
Lichthinder onderzoek
34
Bijlage 4
Akoestisch onderzoek
39
Bijlage 5
Verkeersonderzoek
139
Bijlage 6
Onderzoek luchtkwaliteit
159
Bijlage 7
Quickscan flora en fauna
166
Bijlage 8
Onderzoek stikstofdepositie
195
Bijlage 9
Archeologie onderzoek
219
Bijlage 10
Verkennend bodemonderzoek
266
Bijlage 11
Waterberekening
324
Bijlage 12
Memo haalbaarheid compensatie maatregelen water
326
Bijlage 13
Digitale Watertoets
338
Bijlage 14
Vraag- & antwoordlijst inloopavond 27 mei 2019
344
Bijlage 15
Nota zienswijzen
348
(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01
2 - 354
Bijlagen toelichting
(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01
3 - 354
Bijlage 1
Bezonningsstudie
(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01
4 - 354
aanvullende bezonningsstudie o.b.v. actualistie plan CKC-locatie alblasserdam| 23 september 2021 |19-1560
bestemmings-
toelichting DATA EN TIJDEN
AFBEELDINGEN
te Alblasserdam, op de voormalige clubhuislocatie van CKC, is
Door middel van een 3D-model wordt de schaduw in de nieuwe
Vanaf pagina 4 worden per seizoensdag de drie verschillende
In deze aanvullende bezonningsstudie wordt op basis van de
- 21 maart; de dag tussen de laagste en de hoogste zonnestand
we de maximale gebouwhoogte van 10,5 meter en de maximale
- 21 juni; de dag met de hoogste zonnestand (zomertijd);
Voor het plan voor 20 nieuwbouw appartementen aan de Kreken
een actualisatie uitgevoerd voor de zonnestudie. Dat is dit document.
maximale afmetingen uit het bestemmingsplan nogmaals de
schaduwwerking van de nieuwbouw getoetst. Hiervoor nemen bebouwingsgrens. Door uit te gaan van deze maximale afmetingen
situatie weergegeven. Er wordt in deze studie uitgegaan van data en tijden die ook in de vorige studie zijn gebruikt: (wintertijd);
krijgen we ook de maximale schaduwwerking inzichtelijk.
- 21 september; de dag tussen de hoogste en laagste zonnestand
afmetingen uit het bestemmingsplan worden gegaan. Dit
- 21 december; de dag met de laagste zonnestand (wintertijd).
getoonde afbeeldingen.
de schaduw inzichtelijk te maken: 9:00 uur, 13:00 uur en 17:00
In de uitwerking van het plan mag niet over deze maximale betekent dat de schaduwwerking in realiteit dus gelijk is (of
minder, bij gunstigere afmetingen van het gebouw) aan de
(zomertijd);
Er worden de volgende tijdstippen gebruikt om het verloop van uur. Met uitzondering van 22 december waar het om 17:00 uur al donker is, hiervoor wordt de situatie van 16:00 uur getoond.
tijdstippen getoond. Hiervoor wordt zowel een bovenaanzicht (top view) als een impressie (3D) gebruikt.
In de top view zijn drie situaties samengevoegd om het verschil tussen deze situatie kenbaar te maken. Deze drie situatie zijn: 1. bestaande situatie (donkergrijze schaduw= 2. schetsontwerp
overeenkomend schaduw=
ten
);
met
tijde de
van
de
vorige
);
bewonersavonden,
zonnestudie
(grijze
3. maximale afmetingen uit het nieuwe bestemmingsplan, de actualisatie van het plan (lichtgrijze schaduw=
);
Op de top view afbeeldingen zijn dus drie tinten grijs te zien. De grijze schaduw (2) laat de extra schaduwwerking van het
schetsontwerp zien ten opzichte van de bestaande situatie. De licht grijze vlakken (3) zijn de extra schaduwwerking van
de actualisatie ten op zichte van het schetsontwerp. De grijze vlakken (2) en de licht grijze vlakken (3) samen, vormen dus de nieuwe schaduwwerking ten opzichte van de bestaande situatie.
De 3D-beelden laten enkel de situatie zien met de maximale afmetingen uit het bestemmingsplan.
2
overzicht
N top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 13:00uur (UCT +2:00)
top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 13:00uur (UCT +1:00)
top view - zonnestand 21 september 13:00uur (UCT +2:00)
N
N
N top view - zonnestand 21 december 13:00uur (UCT +1:00)
3
zonnestand 21 maart
N
N
N
top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 09:00uur (UCT +1:00)
top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 13:00uur (UCT +1:00)
top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 17:00uur (UCT +1:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 maart 09:00uur (UCT +1:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 maart 13:00uur (UCT +1:00)
3D maximale situatie- zonnestand 21 maart 17:00uur (UCT +1:00)
4
zonnestand 21 juni
N
N
top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 09:00uur (UCT +2:00)
top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 13:00uur (UCT +2:00)
top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 17:00uur (UCT +2:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 juni 09:00uur (UCT +2:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 juni 13:00uur (UCT +2:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 juni 17:00uur (UCT +2:00)
N
5
zonnestand 21 september
N
N
N
top view - zonnestand 21 september 09:00uur (UCT +2:00)
top view - zonnestand 21 september 13:00uur (UCT +2:00)
top view - zonnestand 21 september 17:00uur (UCT +2:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 september 09:00uur (UCT +2:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 september 13:00uur (UCT +2:00)
3D maximale situatie - zonnestand 21 september 17:00uur (UCT +2:00)
6
zonnestand 21 december
N
N
N
top view - zonnestand 21 december 09:00uur (UCT +1:00)
top view - zonnestand 21 december 13:00uur (UCT +1:00)
top view - zonnestand 21 december 16:00uur (UCT +1:00)
3D maximale situatie - zonnestand 22 december 09:00uur (UCT +1:00)
3D maximale situatie - zonnestand 22 december 13:00uur (UCT +1:00)
3D maximale situatie - zonnestand 22 december 16:00uur (UCT +1:00)
7
conclusie CONCLUSIE Het effect van de nieuwbouw op de bestaande situatie hebben
we getoetst aan de hand van deze zonnestudie, zoals hiervoor getoond. Om een concreter beeld te geven van de extra schaduwuren is hiernaast inzichtelijk gemaakt op welke hele
uren de zon hinder geeft op delen van de bestaande gevels (in rood gearceerd op de volgende pagina).
De tabel hiernaast laat voor de vier meetmomenten zien op welke hele uren er daadwerkelijk extra schaduw wordt geworpen op
de omgeving door de nieuwbouw. En op welke uren er direct zonlicht op de bestaande gevels schijnt.
Uitgaande van de TNO-eis voor minimaal 2 uur daglicht tussen 19 februari en 21 oktober, voldoen we bijna voor alle gevels. Ook
aan de strengere TNO-eis van minimaal 3 uur daglicht tussen 21 januari en 21 november wordt grotendeels voldaan.
Het enige meetmoment waar te weinig direct daglicht komt
voor beide eisen is blok A op 21 maart en 21 september. De lage
ochtendzon wordt hier op één heel uur teveel geblokkeerd om de standaard eis van 2 uur te halen.
Verder valt het op dat de woningen aan de Boezem (A en B) vooral in de ochtenduren last ondervinden van de nieuwbouw. Naast de nieuwbouw zorgt ook de bomenrij, die voor extra privacy zorgt, voor schaduw voor de patiowoningen (A).
Voor B geldt dat alleen de noordelijke helft van het blok hinder
ondervindt. De hinder beperkt zich tot de voortuin en de voorgevel van de woningen. De kopwoning van blok C heeft alleen last van de nieuwbouw in de winter, als de zon lager staat en dus langere schaduwen werpt.
De patiowoningen aan de Kreken (D) vinden vooral in de avonduren hinder van de nieuwbouw. De schaduw komt alleen
op 22 december tot in de patio’s. Op de overige meetmomenten valt de schaduw op het voorste gedeelte van het dak.
Met de actualisatie van het plan zijn er geen extra schaduwuren
voor de omliggende woningen gecreëerd. De nieuwbouw zorgt echter wel voor teveel schaduwwerking in de ochtend op twee meetmomenten voor de patiowoningen aan de Boezem (A).
8
21 maart Zon op Zon onder
21 juni : 6:10 uur : 18:54 uur
Blok A : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 7:00 & 8:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 9:00 & 10:00 uur Blok B : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 7:00, 8:00, 9:00 & 10:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 11:00, 12:00, 13:00, 14:00 & 15:00 uur Blok C : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) Geen extra schaduw door nieuwbouw Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie Blok D : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 18:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie
Zon op Zon onder
: 5:20 uur : 22:03 uur
Blok B uur
: Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 6:00, 7:00, 8:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 9:00, 10;00, 11:00, 12:00, 13:00, 14:00 & 15:00
Blok A : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 6:00, 7:00 & 8:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 9:00, 10:00, 11:00 & 12:00 uur
Blok C : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) Geen schaduw Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie
21 september
Blok D : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) Geen schaduw Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie
Zon op Zon onder
Zon op Zon onder
: 07:25 uur : 19:41 uur
Blok A : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 8:00 & 9:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 10:00 & 11:00 uur Blok B : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 8:00, 9:00, 10:00 & 11:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 12:00, 13:00, 14:00, 15:00 & 16:00 uur Blok C : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) Geen extra schaduw door nieuwbouw Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie Blok D : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 19:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie
21 december
: 8:16 uur : 16:30 uur
Blok A : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) Geen extra schaduw door nieuwbouw Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie Blok B : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 9:00, 10:00 & 11:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 12:00, 13:00, 14:00 & 15:00 uur Blok C : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 10:00, 11:00, 12:00 & 13:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) 14:00 & 15:00 Blok D : Extra schaduw op de belaste gevel (rood) 14:00, 15:00 & 16:00 uur Direct zon op de belaste gevel (rood) Conform bestaande situatie
conclusie C
C geen extra schaduw
D B
A extra schaduw om 7:00, 8:00, 9:00 en 10:00 uur
geen extra schaduw extra schaduw om 18:00 uur
extra schaduw om 7:00 en 8:00 uur
top view - schaduwuren door nieuwbouw per omliggend gebouw op 21 maart
D B
A extra schaduw om 06:00, 7:00 en 8:00 uur
extra schaduw om 06:00, 7:00 en 8:00 uur
top view - schaduwuren door nieuwbouw per omliggend gebouw op 21 juni
C
C geen extra schaduw
D B
A extra schaduw om 8:00, 9:00, 10:00 en 11:00 uur
geen extra schaduw
extra schaduw om 19:00 uur
extra schaduw om 8:00 en 9:00 uur
top view - schaduwuren door nieuwbouw per omliggend gebouw op 21 september
extra schaduw om 10:00, 11:00, 12:00 en 13:00 uur
D B
A
extra schaduw om 14:00, 15:00 en 16:00 uur
geen extra schaduw
extra schaduw om 09:00, 10:00 en 11:00 uur
top view - schaduwuren door nieuwbouw per omliggend gebouw op 21 december
9
mAASKADE 171D 3007 DH ROTTERDAM TEL.: 010 411 3630 ALG@A3ARCHITECTEN.NL WWW.A3ARCHITECTEN.NL
Bijlage 2
Onderzoek lichthinder
(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01
15 - 354
Gatwickstraat 11 1043 GL AMSTERDAM T +31 (0)88-5152505 E info@cauberghuygen.nl www.cauberghuygen.nl
K.v.K 58792562 IBAN NL71 RABO 0112 075584
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
Datum Referentie
14 november 2019 05174-49101-02
Referentie Rapporttitel
05174-49101-02 Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
Datum
14 november 2019
Opdrachtgever
Wissing B.V. Postbus 37 2990 AA BARENDRECHT Mevrouw D. Best
Contactpersoon
Behandeld door
ir. M. Spierenburg Cauberg Huygen B.V. Gatwickstraat 11 1043 GL AMSTERDAM Telefoon
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
088-5152505
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 1
Samenvatting 0.1 Inleiding In opdracht van Wissing B.V. is voor het plangebied CKC locatie een lichthindermeting uitgevoerd voor een bouwplan van 20 appartementen ter plaatse van de oude positie van de sportkantine. Deze locatie is direct naast het hoofdveld van de korfbalvereniging CKC Kinderdijk gelegen. In het huidige onderzoek is bepaald of de huidige verlichting tot hinder zal leiden bij de nieuw te bouwen woningen. 0.2 Resultaten Ter plaatse van de maatgevende gevel zijn lichthindermetingen uitgevoerd en is getoetst op verlichtingssterkte (Ev) en lichtsterkte (I). Uit de metingen is gebleken dat in de huidige situatie sprake is van forse overschrijdingen op beide toetsingscriteria. Bij realisering van de appartementen zal overschrijding van de NSVV richtlijn plaatsvinden en mag lichthinder verwacht worden. 0.3 Maatregelen De positionering van de huidige verlichting leidt tot overschrijding van de grenswaarden uit de NSVV richtlijn. Om aan deze richtlijn te voldoen en lichthinder te beperken zijn maatregelen noodzakelijk. In onderstaande tabel 0.1 is weergegeven welke mogelijke maatregelen getroffen kunnen worden en of er een risico bestaat dat na het treffen van maatregelen alsnog niet aan de NSVV richtlijn voldaan wordt. Tabel 0.1:
Maatregelen en bijbehorende risico’s op lichthinder
Maatregelen
Risico op niet voldoen aan NSVV richtlijn
1.
Opnieuw richten masten met aanpassing aan armaturen (afscherming en spiegels)
Risico
2.
Verplaatsen lichtmasten naar hoeken van het veld met aanpassing aan armaturen
Beperkt risico
(afscherming en spiegel)
3.
Aanbrengen nieuwe verlichting met focus op tegengaan lichthinder
Zeer beperkt risico
Bij maatregel 1 en 2 wordt geadviseerd om de situatie achteraf met een meting te toetsen.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 2
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
Uitgangspunten
5
2.1 2.2
Situatie Gebruik verlichting
5 5
3
Beoordelen van lichthinder
7
3.1 3.2
Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit) Algemene richtlijn betreffende lichthinder van de NSVV
7 8
4
Metingen en resultaten
10
4.1 4.2 4.3 4.3.1 4.3.2
Meetsituatie Meetplan Resultaten Verlichtingssterkte Ev Lichtsterkte I
10 10 11 11 12
5
Maatregelen
15
Bijlagen Bijlage I
Kalibratiecertificaat lichtmeter
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 3
1
Inleiding
In opdracht van Wissing B.V. is voor het plangebied CKC locatie te Alblasserdam een lichthindermeting uitgevoerd. Het betreft een bouwplan voor 20 sociale huurappartementen op de voormalige positie van de sportkantine van Korfbalvereniging CKC Kinderdijk. Voor de maatgevende gevel zijn de effecten van de sportveldverlichting in kaart gebracht. De beoordeling van de rekenresultaten heeft plaatsgevonden aan de hand van de voorschriften uit het Activiteitenbesluit. De resultaten zijn voorts getoetst aan de algemene richtlijn betreffende lichthinder van de Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde (NSVV). Onderhavig onderzoek bestaat uit het vastleggen van de verlichtingssterkte ter plaatse van de toekomstige gevel en de lichtsterkte van de armaturen die worden gebruikt voor het belichten van het sportveld. Het doel van de metingen is het vaststellen of er sprake kan zijn van lichthinder ter plaatse van de meest kritische gevel grenzend aan de westzijde van de sportvelden.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 4
2
Uitgangspunten
2.1
Situatie
De sportvelden van korfbalvereniging CKC Kinderdijk is gelegen aan de rand van Alblasserdam. Het sportpark bestaat uit twéé trainingsvelden en één hoofdveld. De nieuwe appartementen zullen direct naast het hoofdveld worden gerealiseerd. In figuur 2.1 en 2.2 zijn respectievelijk de huidige situatie en de toekomstige uitbreiding weergegeven.
Figuur 2.1 en 2.2:
Huidige situatie en toekomstige uitbreiding
De gevel die het dichtst bij het hoofdveld komt te liggen wordt voorzien van gevelopeningen en is daarmee maatgevend. Over de gehele gevellengte is met een stramien van 1 meter gemeten. 2.2
Gebruik verlichting
Op het hoofdveld zijn vier lichtmasten aanwezig. Twee masten aan de noord-westkant van het veld (A en B) per mast voorzien van één armatuur met halogeen verlichting en twee masten aan de zuid-oostkant van het veld (C en D). Iedere mast is hier eveneens voorzien van één armatuur met halogeen verlichting. In figuur 2.3 zijn de posities van de masten weergegeven. Tijdens de inspectie op 16 juli 2019 zijn de hoogtes van de verlichtingsarmaturen gemeten vanaf het maaiveld. Deze hoogtes zijn opgenomen in tabel 2.1. Tabel 2.1:
Hoogtes lichtmasten
Lichtmast
Hoogte t.o.v. maaiveld [m]
A t/m D
15
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 5
B D
A C
Figuur 2.3:
Posties van de lichtmasten.
De verlichting wordt ingeschakeld om voldoende zicht te hebben op het veld tijdens het uitvoeren van trainingen. Uitgegaan kan worden dat de verlichting aanstaat op trainingsdagen in de avondperiode van 18.00 tot 23.00 uur. Conform het Activiteitenbesluit dient de verlichting uit te zijn in de periode van 23.00 tot 07.00 uur.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 6
3
Beoordelen van lichthinder
3.1
Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit)
Op 1 januari 2008 is het Activiteitenbesluit in werking getreden. Met ingang van die datum vallen de onderzochte inrichtingen onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit. In het Activiteitenbesluit zijn de volgende voorschriften opgenomen omtrent licht en lichthinder. Hoofdstuk 2 Algemene regels ten aanzien van alle activiteiten Afdeling 2.1 Zorgplicht Artikel 2.1 1. Degene die een inrichting drijft en weet of redelijkerwijs had kunnen weten dat door het in werking zijn dan wel het al dan niet tijdelijk buiten werking stellen van de inrichting nadelige gevolgen voor het milieu ontstaan of kunnen ontstaan, die niet of onvoldoende worden voorkomen of beperkt door naleving van de bij of krachtens dit besluit gestelde regels, voorkomt die gevolgen of beperkt die voor zover voorkomen niet mogelijk is en voor zover dit redelijkerwijs van hem kan worden gevergd. 2. Onder het voorkomen of beperken van het ontstaan van nadelige gevolgen voor het milieu als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan: […] h. het voorkomen dan wel voor zover dat niet mogelijk is het tot een aanvaardbaar niveau beperken van lichthinder; […] Artikel 3.148 1. De verlichting bij een gelegenheid voor sportbeoefening in de buitenlucht is uitgeschakeld: a. tussen 23.00 uur en 07.00 uur, en b. indien er geen sport wordt beoefend noch onderhoud plaatsvindt. 2.
Het eerste lid is niet van toepassing op dagen of dagdelen in verband met: a. de viering van festiviteiten die bij of krachtens een gemeentelijke verordening zijn aangewezen, in de gebieden in de gemeente waarvoor de verordening geldt; b. de viering van andere festiviteiten die plaatsvinden in de inrichting, waarbij het aantal bij of krachtens een gemeentelijke verordening aan te wijzen dagen of dagdelen niet meer mag bedragen dan twaalf per kalenderjaar, of c. door het bevoegd gezag aangewezen activiteiten in een inrichting, anders dan festiviteiten als bedoeld in onderdeel b, waarbij het aantal aan te wijzen dagen of dagdelen gebaseerd op dit artikel tezamen niet meer bedraagt dan twaalf dagen per kalenderjaar. 3. Een festiviteit of activiteit als bedoeld in het tweede lid die maximaal een etmaal duurt, maar die zowel voor als na 00.00 uur plaatsvindt, wordt hierbij beschouwd als plaatshebbende op één dag. Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 7
Samengevat kan dus gesteld worden dat er vanuit het Activiteitenbesluit geen doelvoorschriften gelden, tenzij er een maatwerkvoorschrift is gesteld. 3.2
Algemene richtlijn betreffende lichthinder van de NSVV
De commissie Lichthinder van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde heeft in 1999 een aanbeveling uitgebracht waarin grenswaarden worden gesteld aan sportverlichting1). Deze commissie heeft de aanbeveling opgesteld op basis van externe onderzoeken. Eén van deze onderzoeken is onder andere in opdracht van het Ministerie van VROM uitgevoerd. Deze NSVV-richtlijn is voorts geaccepteerd in de bestuursrechtspraak, zie onder meer ABRvS 200601037/1 d.d. 21 februari 2007, met name r.o. 2.13 tot en met 2.17. In november 2014 heeft de commissie lichthinder de nieuwe Richtlijn Lichthinder uitgebracht. Deze nieuwe richtlijn omvat de inhoud van de vijf eerder uitgegeven delen, aangevuld met richtlijnen voor het voorkomen van lichthinder door lichtuitstraling uit gebouwen. Delen 1 tot en met 5 van de oorspronkelijke richtlijn zijn met het uitkomen van de nieuwe richtlijn komen te vervallen. Uit de vergelijking van de richtlijn uit 1999 met de Richtlijn Lichthinder uit 2014 blijkt dat de grenswaarden aan de verlichtingssterkte alsmede de lichtsterkte niet gewijzigd zijn. Evenmin zijn de meet- en beoordelingsmethode gewijzigd. In de Richtlijn Lichthinder uit 2014 worden grenswaarden gegeven voor de lichtemissie van een verlichtingsinstallatie voor sportaccommodaties ter voorkoming van lichthinder voor omwonenden.
De zone-indeling en de daarbij behorende grenswaarden staan weergegeven in tabel 3.1. Tabel 3.1:
Te
Grenswaarden voor de lichtemissie ter plaatse van een vensteropening in een gevel van een omwonende en de lichtemmissie van een verlichtingsinstallatie ter voorkoming van lichthinder
parameter
condities Dag en avond
2)
Ev (lux) op
07.00-23.00 uur
de gevel
Nacht 23.00-07.00 uur
Dag en avond 3)
I (cd)
van elk 07.00-23.00 uur
armatuur
Nacht 23.00-07.00 uur
2) 3)
1)
E= I=
OMGEVINGSZONE
hanteren Toepassings-
E2: Landelijk ge-
E3: Stedelijk ge-
E4: Stadscentrum
bied
bied
/ Industriegebied
2 lux
5 lux
10 lux
25 lux
1 lux
1 lux
2 lux
4 lux
2.500 cd
7.500 cd
10.000 cd
25.000 cd
0 cd
500 cd
1.000 cd
2.500 cd
E1: Natuurgebied
Verticale verlichtingssterkte in lux (lumen per m²) Lichtsterkte in candela (lumen per eenheid van ruimtehoek)
Algemene richtlijn betreffende lichthinder – Deel 1 Algemeen en Grenswaarden voor sportverlichting; NSVV Commissie Lichthinder; november 1999.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 8
In de Richtlijn Lichthinder wordt een algemene beschrijving gegeven van de verschillende omgevingszones. Wel dient de daadwerkelijke toewijzing van een zone door het bevoegd gezag uitgevoerd te worden. Gezien de omgeving van de toekomstige appartementen in het bestemmingsplan van Alblasserdam ‘Stedelijk gebied’ wordt genoemd, kan worden vastgesteld dat CKC Kinderdijk dient te voldoen aan de eisen uit omgevingszone type E3.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 9
4
Metingen en resultaten
4.1
Meetsituatie
Er zijn lichtmetingen uitgevoerd op 18 representatieve beoordelingslocaties rondom het sportveld. De meting is uitgevoerd op 11 november 2019 tussen circa 19:00 uur – 20:30 uur. De metingen zijn uitgevoerd bij een zeer zwakke wind, bewolkt weer en halfvolle maan. Het meteorologisch zicht bij het dichtstbijzijnde meetstation van de KNMI (Rotterdam) bedroeg ten tijde van de meting tussen 24.000 en 25.000 meter. De metingen zijn uitgevoerd met een lux- en luminantiemeter merk HAGNER UNIVERSAL \PHOTOMETER/RADIOMETER model S4. Hiermee is de verticale verlichtingssterkte [lx] gemeten evenals de luminantie [cd/m2] per armatuur. Conform de NSVV richtlijn is de luminantie per armatuur omgerekend naar lichtsterkte. Het kalibratiecertificaat van de gebruikte meetapparatuur is opgenomen in bijlage I. De metingen zijn uitgevoerd voor een (nog) niet bestaande situatie. 4.2
Meetplan
De meting is uitgevoerd aan de zijgevel van de toekomstige woningen. Op deze posities is direct zicht op de verlichting van het sportveld. In figuur 4.1 zijn de meetlocaties weergegeven en de situatie met de hierbij horende meetpunten. Op ieder meetpunt zijn de lichtmetingen uitgevoerd. Per meetpunt is de verlichtingssterkte (Ev) gemeten in het verticale vlak. Conform de NSVV richtlijn is gemeten op circa 1,8 meter hoogte. Tevens is op dezelfde positie de luminantie per lichtbron gemeten. Gezien de armaturen zijn gericht op het sportveld (gericht naar beneden) zal op grotere hoogte, bijvoorbeeld op de eerste verdieping, geen hogere waarde worden gemeten. Opvallend is dat de armaturen niet haaks op het veld staan gericht, maar allen een stuk gedraaid. In figuur 4.1 staat de richting van de armaturen weergegeven (blauwe pijl). Ten behoeve van de verlichtingssterkte meting zijn allereerst metingen verricht waarbij alle lichtmasten van het sportveld zijn ingeschakeld. Voor alle meetpunten zijn de metingen herhaald waarbij de lichtmasten zijn uitgeschakeld.
Figuur 4.1 en 4.2:
Links de werkelijk gemeten situatie, rechts de toekomstige planverbeelding. Meetpunten 1 – 17 bevinden zich ter hoogte van de gevellijn die het dichtst bij het korfbalveld gelegen is.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 10
Figuur 4.3 en 4.4:
Links de twee masten (A en B) en rechts de twee masten (C en D) allen met enkele armatuur.
4.3
Resultaten
4.3.1
Verlichtingssterkte Ev
Uit de toetsing van tabel 4.1 blijkt dat op geen van de beoordelingslocaties wordt voldaan aan de grenswaarde van de Richtlijn Lichthinder. De gemeten niveaus met lichtmasten aan zijn inclusief de lichtniveaus ten gevolge van de openbare verlichting ter plaatse van het plangebied en de halfvolle maan ten tijde van de metingen. Om te onderzoeken hoe groot de invloed is van de lichtmasten van het sportveld op de totale gemeten verlichtingssterkte, zijn eveneens metingen verricht waarbij de verlichting was uitgeschakeld. De resultaten zijn weergegeven in tabel 4.1. Tabel 4.1:
Verlichtingssterkte Ev [lux] ten gevolge van lichtmasten
Beoordelingspunt
Ev [lux] op 1,8m boven maaiveld
Grenswaarden Richtlijn Lichthinder
Lichtmasten aan
Lichtmasten uit
Verschil
1
21
0,25
20,75
10
2
21
0,25
20,75
10
3
23
0,24
22,76
10
4
23
0,24
22,76
10
5
23
0,23
22,77
10
6
24
0,23
23,77
10
7
24
0,23
23,77
10
8
23
0,23
22,77
10
9
22
0,22
21,78
10
10
22
0,22
21,78
10
11
22
0,22
21,78
10
12
22
0,22
21,78
10
13
22
0,22
21,78
10
14
22
0,22
21,78
10
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 11
Vervolg tabel 4.1 Beoordelingspunt
Ev [lux] op 1,8m boven maaiveld
Grenswaarden Richtlijn Lichthinder
Lichtmasten aan
Lichtmasten uit
Verschil
15
21
0,22
20,78
10
16
21
0,21
20,79
10
0,21
17,79
10
17 18 Ev: verlichtingssterkte in het verticale vlak
4.3.2
Lichtsterkte I
De lichtsterkte van de maatgevende armaturen is berekend conform bijlage 14 van de ‘Richtlijn lichthinder’ uit 2014. In tabel 4.2 zijn de lichtsterkten van de maatgevende armaturen op de beoordelingspunten samengevat. Tabel 4.2:
Lichtsterkte I [cd] Gemeten
Beoordelingspunt
Gemeten
lichtbron* (r)
hoogte licht-
[m]
bron [m]
A
16,1
15
12.000
2,8710
748
10.000
C
47,0
15
15.200
3,6365
8.017
10.000
D
55,6
15
48.800
11,6752
36.141
10.000
A
16,7
15
12.000
2,8710
803
10.000
C
47,0
15
14.900
3,5648
7.859
10.000
D
55,6
15
47.400
11,3403
35.104
10.000
A
16,7
15
12.700
3,0384
849
10.000
C
47,0
15
13.800
3,3016
7.279
10.000
D
54,7
15
50.800
12,1537
36.322
10.000
A
16,7
15
12.600
3,0145
843
10.000
C
47,0
15
13.300
3,1820
7.015
10.000
D
54,7
15
52.000
12,4408
37.180
10.000
A
17,3
15
14.100
3,3734
1.014
10.000
C
47,0
15
11.900
2,8470
6.276
10.000
D
53,7
15
50.900
12,1776
35.115
10.000
A
17,3
15
14.500
3,4691
1.043
10.000
C
47,0
15
10.500
2,5121
5.538
10.000
D
53,7
15
56.000
13,3978
38.633
10.000
A
18,0
15
12.800
3,0623
991
10.000
C
47,0
15
7.400
1,7704
3.903
10.000
D
52,7
15
58.800
14,0677
39.116
10.000
Maatgevende mast
1
2
3
4
5
6
7
Grenswaarden
Afstand tot
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
luminatie
Verlichtings-
Lichtsterkte
Richtlijn
L [cd/m²]
sterkte E [lx]
I [cd]
Lichthinder [cd]
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 12
Vervolg tabel 4.2 Gemeten Beoordelingspunt
Gemeten
lichtbron* (r)
hoogte licht-
[m]
bron [m]
A
18,0
15
12.100
2,8949
937
10.000
C
47,0
15
6.700
1,6029
3.534
10.000
D
52,7
15
58.800
14,0677
39.116
10.000
A
18,7
15
11.100
2,6556
926
10.000
C
47,9
15
5.600
1,3398
3.076
10.000
D
51,8
15
58.000
13,8763
37.182
10.000
A
19,4
15
8.200
1,9618
737
10.000
C
47,9
15
4.900
1,1723
2.691
10.000
D
51,8
15
57.100
13,6609
36.605
10.000
A
19,4
15
8.000
1,9140
719
10.000
C
47,9
15
4.300
1,0288
2.362
10.000
D
50,8
15
56.300
13,4695
34.759
10.000
A
20,1
15
7.300
1,7465
707
10.000
C
47,9
15
4.500
1,0766
2.471
10.000
D
50,8
15
59.200
14,1634
36.549
10.000
B
23,2
15
6.500
1,5551
841
10.000
C
47,9
15
4.200
1,0048
2.307
10.000
D
49,8
15
59.400
14,2112
35.294
10.000
B
22,4
15
7.000
1,6747
843
10.000
C
48,9
15
4.100
0,9809
2.343
10.000
D
49,8
15
58.800
14,0677
34.938
10.000
B
21,6
15
8.200
1,9618
919
10.000
C
48,9
15
3.900
0,9331
2.229
10.000
D
49,8
15
59.100
14,1394
35.116
10.000
A
23,2
15
6.700
1,6029
866
10.000
C
48,9
15
3.500
0,8374
2.000
10.000
D
48,9
15
60.300
14,4265
34.459
10.000
A
23,2
15
7.600
1,8183
983
10.000
C
48,9
15
3.700
0,8852
2.114
10.000
D
49,8
15
59.000
14,1155
35.057
10.000
Maatgevende mast
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
Grenswaarden
Afstand tot
luminatie
Verlichtings-
Lichtsterkte
Richtlijn
L [cd/m²]
sterkte E [lx]
I [cd]
Lichthinder [cd]
*Horizontale afstand is bepaald met behulp van google.maps.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 13
Uit de toetsing van tabel 4.2 blijkt dat op alle beoordelingslocaties de lichtsterkte boven de maximale toegestane lichtsterkte van 10.000 uitkomt. Dit wordt veroorzaakt door de afstelling van de armaturen, het type armatuur en het type verlichting in de lampen. In figuur 4.5 en 4.6 is te zien dat de sloot en de daarachter gelegen percelen en woningen goed verlicht worden door de veldverlichting. Over de gehele breedte van het veld is het naastgelegen perceel goed zichtbaar. Dit betekent dat de verlichting onvoldoende is afgesteld.
Figuur 4.5 en 4.6:
De naastgelegen woning van het plan (links) en het inmiddels braakliggend terrein waar de nieuwe appartementen worden gerealiseerd (rechts) zijn dankzij de veld-verlichting duidelijk zichtbaar.
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 14
5
Maatregelen
Omdat in de huidige situatie niet voldaan wordt aan de grenswaarden uit de NSVV richtlijn mag verwacht worden dat lichthinder op zal treden ter plaatse van de nieuw te bouwen woningen. Daarom kan worden gesteld dat het niet wenselijk is om de woningen te realiseren zonder aanpassingen/maatregelen te treffen aan de verlichting van het hoofdveld. Een tweetal oplossingen zijn mogelijk: 1. Opnieuw richten lichtmasten (haaks op het veld) en aanpassingen verrichten aan de armaturen, waarbij afschermingskappen worden aangebracht en verbeterde spiegels in de armaturen worden geplaatst. 2. Verplaatsen lichtmasten naar hoeken van het veld en aanpassingen verrichten aan de armaturen, waarbij afschermingskappen worden aangebracht en verbeterde spiegels in de armaturen worden geplaatst. 3. Aanbrengen volledig nieuwe verlichting en in het ontwerp rekening houden met het beperken van lichthinder. Voor de bovengenoemde maatregelen geldt wel dat het risico op lichthinder (situatie waarbij niet aan de NSVV richtlijn wordt voldaan) per maatregel verschillend is. In tabel 5.1 is per maatregel het bijbehorende risico aangegeven. Tabel 5.1:
Maatregelen en bijbehorende risico’s op lichthinder
Maatregelen
Risico op niet voldoen aan NSVV richtlijn
1.
Opnieuw richten masten met aanpassing aan armaturen (afscherming en spiegels)
Risico
2.
Verplaatsen lichtmasten naar hoeken van het veld met aanpassing aan armaturen
Beperkt risico
(afscherming en spiegel)
3.
Aanbrengen nieuwe verlichting met focus op tegengaan lichthinder
Geen risico
In geval gekozen wordt voor optie 1 of 2 is het advies om achteraf opnieuw met een meting te toetsen aan de NSVV richtlijn. Cauberg Huygen B.V.
ir. M. Spierenburg Adviseur
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14 november 2019 Pagina 15
Bijlage I
Kalibratiecertificaat lichtmeter
Lichthinderonderzoek; CKC locatie te Alblasserdam
05174-49101-02 14-11-2019
Bijlage 3
Lichthinder onderzoek
(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01
34 - 354
170701.albl
Gemeente Alblasserdam Postbus 2 2950 AA ABLASSERDAM t.a.v. de heer K. Okker
Betreft: lichthinderonderzoek CKC Alblasserdam
Onze ref.: 170701.albl
Zwijndrecht, 17-07-2020
Geachte heer Okker,
Naar aanleiding van uw opdracht, hebben wij het genoegen u bijgaand rapport aan te bieden. De lichthinder aspecten werden onderzocht voor de omgeving van het complex van CKC Alblasserdam, voor het verlichten van het korfbalveld, met rapport L1707xx_albl. Uitgangspunt hiervoor is een ontwerp met 4 BVP 527 A35 NB+BL OptiVisionLED armaturen gemonteerd op 4 bestaande masten met een lichtpunthoogte van 15 meter. Verticale verlichtingssterkte Ev In november 1999 en in juni 2003 publiceerde de commissie lichthinder van de NSVV een algemene richtlijn met grenswaarden voor lichthinder van omwonenden van sportveld- en terreinverlichting. Deze algemene richtlijn is in november 2014 vervangen voor een nieuwe Richtlijn Lichthinder. Hierin wordt gesproken van een maximale Ev van 5 lux voor zone E2, gemeten op een hoogte van 1,80 meter. De gevonden lichtwaarden op de onderzochte gevels van de woningen voldoen aan deze criteria in de toekomstige situatie met een maximum waarde van 4,88 lux. Lichtsterkte I Ev is slechts één van beide genoemde hinderparameters in deze richtlijn. De tweede parameter is de lichtintensiteit, waarvoor een maximale grenswaarde van 7.500 cd voor zone E2 wordt opgegeven. De gevonden maxima van 379 2.741 (blz. 6 van rapport L1707xx_albl), op de onderzochte plaatsen, voldoen aan de grenswaarde van zone E2.
Grenswaarden De onderstaande grenswaarden wordt vermeld in Richtlijn Lichthinder van de NSVV, waarnaar in het activiteitenbesluit wordt verwezen wordt onder artikel 3.148
I1/3
Grenswaarden voor de lichtimissie ter plaatse van een vensteropening in een gevel van een omwonende en de lichtemissie van een verlichtingsinstallatie ter voorkoming van lichthinder
Omgevingszone Te hanteren parameter
Tijdsperiode (uur)
E1 natuurgebied
E2 landelijkgebied
E3 stedelijkgebied
E4 stadscentrum/ industriegebied
Ev (lux) op de gevel
dag en avond 07:00-23:00
2 lux
5 lux
10 lux
25 lux
nacht * 23:00-07:00
1 lux
1 lux
2 lux
4 lux
dag en avond 07:00-23:00
2.500 cd
7.500 cd
10.000 cd
25.000 cd
nacht * 23:00-07:00
0 cd
500 cd
1.000 cd
2.500 cd
I (cd) van elk armatuur
Upward Light Ratio ULR In de Europese richtlijn CIE 126 en de Richtlijn Lichthinder van de NSVV worden ook grenswaarden genoemd voor de hinder van 0,15 U(pward)L(ight)R(atio) voor zone E3 ten behoeve van "sky glow". Ook aan deze richtlijn wordt voldaan met een gevonden ULR van 0,00.
Omgevingszone Lichttechnische parameter
Omstandigheden
E1
E2
E3
E4
Upward Light Ratio (ULR)
zie afbeelding 7.1 uit de Richtlijn Lichthinder uit november 2014 van de NSVV (afbeelding staat hierboven afgebeelde tabel)
0,00
0,05
0,15
0,25
Beperkingen: Alle waarden uit het rapport moeten als theoretische indicatoren voor de situatie worden beschouwd. Schaduwvlakken van bomen, huizen en andere objecten zijn niet in aanmerking genomen, deze kunnen een hindersituatie verminderen, maar ook meer contrasteren. Ook de aanwezige straatverlichting in het gebied kan zowel hinder verminderen door contrastvermindering als vermeerderen door toename van de hoeveelheid licht uit een bepaalde richting. Conclusie: De omwonenden van het sportcomplex ondervinden geen lichthinder in de zin van de opgestelde grenswaarden door de NSVV bij uitvoering van lichtplan L1707xx_albl voor zone E2 Toetsing: Ondanks de theoretische uitkomsten van dit onderzoek lijkt het gewenst ook de praktijkresultaten te toetsen. Lichtmeting De lichtsterktemetingen zullen worden uitgevoerd conform de Richtlijn Lichthinder van de NSVV met een speciaal voor het gebruik als luxmeter gekalibreerde luminantiemeter overeenkomstig Europese aanbevelingen. De lichtniveaus zullen worden gemeten met een gekalibreerde luxmeter. De gemeten waarden zullen worden getoetst aan de hand van afbeelding 7.1 kolom E2, waarin de grenswaarden voor de lichtemissie van verlichtingsinstallaties voor sportaccommodaties in landelijk gebied worden beschreven.
Indien uit de gemeten waarden blijkt dat bepaalde armaturen hinderlijk zijn zullen mogelijke alternatieven worden voorgesteld c.q. onderzocht.
I2/3
Wij vertrouwen u hiermede een passend advies te hebben gemaakt en staan gaarne ter beschikking voor alle nader gewenste informatie. Hoogachtend, OOSTENDORP NEDERLAND B.V.,
Ing. J.W. de Boer Behandeld door: A.J. Veldhuizen Bijlage: CalcuLuX Lichtrapport L1707xx_albl
I3/3
Bijlage 4
Akoestisch onderzoek
(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01
39 - 354
Wissing BV
CKC locatie in Alblasserdam
Akoestisch onderzoek
Wissing BV
CKC locatie in Alblasserdam
Akoestisch onderzoek
Datum
20 april 2021
Kenmerk
RPT19160773-17
www.burodb.nl info@burodb.nl
Verklaring en documentatie Opdrachtgever(s)
Wissing BV
Titel rapport
CKC locatie in Alblasserdam Akoestisch onderzoek
Kenmerk
RPT19160773-17
Datum publicatie
20 april 2021
Projectteam opdrachtgever(s)
Mevrouw D. Best
Projectteam BuroDB
De heer T.S. de Boer
Projectomschrijving
Akoestisch onderzoek voor het plan voor de realisatie van 20 appartementen aan de Groen van Prinstererlaan 190 in Alblasserdam. De geluidsbelasting op de gevel(s) van de nieuwbouw ten gevolge van wegverkeer is bepaald en getoetst aan de wettelijke normen. Het geluid vanaf de 30 km/uur-wegen is beoordeeld aan de voorwaarden van een goede ruimtelijke ordening. Het geluid vanaf het sportpark 'Molenzicht' is bepaald en beoordeeld aan de grenswaarden van de VNGpublicatie 'Bedrijven- en milieuzonering' en de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit.
Advies en rapport
BuroDB
Adres
Voorstraat 43
Postcode
8801 LA
Plaats
FRANEKER
Telefoon
+31 (0)6 209 57 903
Website
www.burodb.nl
info@burodb.nl
Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem/haar gebruikt worden voor het doel waarvoor het is opgesteld, met inachtneming van de rechten die voortvloeien uit de wetgeving op het gebied van het intellectuele eigendom. De auteursrechten van dit document blijven berusten bij BuroDB.
Inhoud
Pagina
1
Inleiding
1
2
Het plan en het wettelijk kader
3
2.1
Zonering wegverkeer
5
2.2
Gemeentelijk geluidsbeleid
6
2.3
Toetsingskader geluid sportterrein
8
2.3.1
Activiteitenbesluit
8
2.3.2
VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’
9
3
Uitgangspunten
11
3.1
Rekenmethodiek wegverkeer
11
3.2
Verkeersgegevens
12
3.3
Omgevingskenmerken
13
3.4
Uitgangspunten onderzoek sportpark 'Molenzicht'
16
3.4.1
Representatieve bedrijfssituatie (RBS)
16
3.4.2
Bronvermogens
17
3.4.3
Rekenmethode
18
3.4.4
Rekenmodel
18
4
Resultaten onderzoek wegverkeer
19
4.1
Van Hogendorpweg
19
4.2
30 km/uur-wegen (De Boezem en De Kreken)
20
5
Resultaten onderzoek sportterrein
22
5.1
Toets Activiteitenbesluit
22
5.2
Toets VNG-richtlijn 'Bedrijven- en Milieuzonering'
24
5.3
Beoordeling resultaten
27
5.4
Aangepast ontwerp
30
5.5
Motivering plan
36
6
Samenvatting en conclusies
39
Bijlagen 1
Items geluidsmodel wegverkeer
2
Verkeersgegevens
3
Items geluidsmodel sportpark
4
Resultaten geluidsmodel wegverkeer
5
Resultaten geluidsmodel sportpark
6
Resultaten geluidsmodel sportpark aangepast ontwerp
1
Inleiding
Woningcorporatie Woonkracht 10 heeft plannen voor de bouw van een appartementengebouw aan de Groen van Prinstererlaan 190 in Alblasserdam. Voor dit plan wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld. In de voormalige situatie was op deze locatie een sportkantine aanwezig. Deze is inmiddels gesloopt. Het plan bestaat uit de bouw van een appartementengebouw bestaande uit drie bouwlagen. Het gebouw biedt plaats aan 20 sociale huurwoningen. In figuur 1 is de ligging van de planlocatie in Alblasserdam weergegeven.
Figuur 1: Situering planlocatie in Alblasserdam
De nieuwe woningen zijn volgens de Wet geluidhinder (Wgh) geluidsgevoelige bestemmingen en de planlocatie is gelegen binnen de invloedsfeer van wegen en het wettelijke aandachtsgebied van volgens de Wgh gezoneerde wegen. Daarnaast ligt de planlocatie binnen de invloedssfeer van de aanwezige 30 km/uur-wegen en het sportterrein van de korfbalvereniging. Ten behoeve van de ruimtelijke onderbouwing van het plan moet daarom akoestisch onderzoek worden uitgevoerd. De te verwachten geluidsbelasting van de relevante geluidsbronnen op de gevel(s) van de woningen moet worden bepaald en getoetst aan de geldende wettelijke normen en grenswaarden. Wissing BV stelt de ruimtelijke onderbouwing van het plan op en heeft aan BuroDB opdracht verleend om het benodigde akoestisch onderzoek uit te voeren. In deze rapportage zijn de uitgangspunten en bevindingen van het onderzoek beschreven.
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
1
Leeswijzer In hoofdstuk 2 van dit rapport zijn de voor het plan geldende geluidscriteria beschreven. De relatie tussen het plan, de wetgeving en de randvoorwaarden voor een goede ruimtelijke ordening en het toetsingskader vanuit de VNG-publicatie 'Bedrijven- en milieuzonering' zijn hierbij aangegeven. In hoofdstuk 3 zijn de bij het onderzoek gehanteerde uitgangspunten beschreven. De resultaten van het akoestisch onderzoek wegverkeer en de beoordeling daarvan zijn opgenomen in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op het akoestisch onderzoek naar het geluid van sportterrein en de eventueel benodigde geluidsbeperkende maatregelen. Tot slot zijn in hoofdstuk 6 de conclusies van het onderzoek beschreven.
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
2
2
Het plan en het wettelijk kader
De planlocatie heeft als adres Groen van Prinstererstraat 190 maar is gelegen op de hoek van De Boezem en De Kreken in Alblasserdam. De planlocatie is daarmee gelegen in een 30 km/uurgebied. In figuur 2.1 is een foto van de huidige situatie van de planlocatie weergegeven, gezien vanaf de noordzijde.
Figuur 2.1: Weergave planlocatie CKC locatie in Alblasserdam in de voormalige situatie (foto: Google Streetview)
In figuur 2.2 is een 3D-impressie van het plan weergegeven.
Figuur 2.2: Impressie plan twintig appartementen (bron: A3 Architecten)
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
3
De plankaart van het plan is opgesteld door Wissing. In figuur 2.3 is deze plankaart weergegeven.
Figuur 2.3: Plankaart bestemmingsplan CKC locatie
Akoestisch onderzoek wegverkeer Voor de Wgh is de nabijgelegen 50 km/uur-weg, de Van Hogendorpweg, een gezoneerde weg. Voor deze weg dient de te verwachten geluidsbelasting op de gevel van het nieuwe woongebouw te worden onderzocht en getoetst aan de wettelijke normen. Daarnaast zijn binnen het plangebied verschillende 30 km/uur-wegen (woonstraten) aanwezig. Het gaat daarbij op De Boezem en De Kreken. De te verwachten geluidsbelasting van deze wegen moet worden beschouwd in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Het voor de het plan van de CKC locatie uitgevoerde akoestisch onderzoek wegverkeer is in deze rapportage beschreven in hoofdstuk 4. Akoestisch onderzoek sportpark 'Molenzicht' Het perceel waarop de appartementen worden gerealiseerd, grenst direct aan sportpark ‘Molenzicht’, bestaande uit de sporthal ‘Molenzicht’ aan de Groen van Prinstererstraat 107 en de bijbehorende sportvelden. De sporthal wordt onder meer gebruikt door korfbalvereniging CKC Kinderdijk en turn- en gymvereniging KDO. De sportvelden worden in de maanden april tot en met oktober gebruikt door de korfbalvereniging. In figuur 2.4 is de locatie van de nieuwe sporthal en de sportvelden op een kadastrale kaart aangegeven. Tevens is de planlocatie met het nieuw te realiseren appartementencomplex weergegeven.
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
4
Appartementen
Sportvelden
Sporthal
Figuur 2.4: Kadastrale kaart met locatie sporthal, sportvelden en nieuw te realiseren appartementencomplex
Om te kunnen beoordelen of ter plaatse van de nieuw te realiseren appartementen qua geluid wordt voldaan aan de geldende wetgeving en tevens sprake is van een goed woon- en leefklimaat, dient de geluiduitstraling van het sportpark ‘Molenzicht’ inzichtelijk te worden gemaakt. Relevant bij de productie van geluid in deze situatie zijn het stemgeluid van spelers, trainers, scheidsrechter en publiek, het stemgeluid van bezoekers van het terras van de sporthal, het stemgeluid van spelende kinderen bij de sporthal en het geluid dat wordt veroorzaakt door de technische installaties behorende tot de sporthal. Ook dient rekening te worden gehouden met het verkeer dat van en naar het sportpark rijdt. De regelgeving voor geluid van dergelijke activiteiten ligt vast in het Activiteitenbesluit Milieubeheer. Voor de beoordeling van een acceptabel woon- en leefklimaat kan de door de VNG opstelde publicatie 'Bedrijven- en milieuzonering' worden toegepast.
2.1
Zonering wegverkeer
Zonering De wet- en regelgeving omtrent het geluid in Nederland is vastgelegd in de Wet geluidhinder (Wgh). In artikel 74 van de Wgh is bepaald dat zich langs alle wegen een geluidszone bevindt. Uitzonderingen hierop zijn wegen waarvoor een wettelijke maximum snelheid geldt van 30 km/uur en woonerven. De breedte van de geluidszone hangt af van het aantal rijstroken waaruit de weg bestaat en van de ligging van de weg in stedelijk dan wel buitenstedelijk gebied. Doel van de geluidszone is het vaststellen van de geluidsgevoelige bestemmingen die deel (moeten) uitmaken van het akoestisch CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
5
onderzoek. In tabel 2.1 is een overzicht gegeven van de geldende breedtes van de geluidszone per type weg. Aantal rijstroken
Wegligging binnen stedelijk gebied
Wegligging buiten stedelijk gebied
2
200 m
250 m
3 of 4
350 m
400 m
5 of meer
n.v.t.
600 m
Tabel 2.1: Overzicht breedte wettelijke geluidszones per wegtype
De Van Hogendorpweg, met in het verlengde daarvan het Scheldeplein en de Rijnstraat, is een 50 km/uur-weg. Deze weg bestaat uit twee rijstroken en heeft daarmee een wettelijke geluidszone van 200 meter aan weerszijden van de weg. De planlocatie ligt binnen deze zone en om die reden is de geluidsbelasting van de Van Hogendorpweg bepaald en getoetst. De Boezem en De Kreken hebben een 30 km/uur-regime. De wegen zijn daarmee wettelijk niet gezoneerd en de geluidsbelasting van het wegverkeer op de wegen hoeft niet te worden getoetst. De nieuwbouw wordt gerealiseerd direct aan de genoemde 30 km/uur-wegen. In dit onderzoek is de geluidsbelasting van de wegen daarom wel onderzocht en beoordeeld op de geldende randvoorwaarden voor een goede ruimtelijke ordening. Geluidsnorm(en) Bij de beoordeling van de in het onderzoek beschouwde geluidssituatie geldt voor de geluidscriteria als ruimtelijk uitgangspunt: 'bestaande weg en nieuwe woning'. Het gaat hier om de realisatie van nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen langs bestaande wegen. De voorkeursgrenswaarde voor de geluidsbelasting op de gevel(s) van woningen bedraagt 48 dB (artikel 82 lid 1 Wgh). In geval deze norm wordt overschreden dan dient eerst nader onderzoek plaats te vinden naar de mogelijkheden voor het toepassen van geluidsbeperkende maatregelen.
Het verlenen van ontheffing voor een hogere grenswaarde, zoals dat aan de orde kan zijn bij situaties langs gezoneerde wegen, is langs 30 km/uur-wegen (en woonerven) niet mogelijk. Omdat deze wegen volgens de Wgh niet gezoneerd zijn, bestaat hiervoor formeel (juridisch) gezien geen aanleiding/mogelijkheid. De geluidsbelasting van dergelijke wegen kan worden beoordeeld aan de hand van voorwaarden voor een 'goede ruimtelijke ordening'.
2.2
Gemeentelijk geluidsbeleid
De gemeente Alblasserdam hanteert geluidbeleid ten aanzien van het vaststellen van hogere grenswaarden en het maken van afweging of sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het gemeentelijke geluidbeleid is vastgelegd in de notitie 'Geluidbeleid Goede Ruimtelijke Ordening Gemeente Alblasserdam' met kenmerkt D-17-1688784/JAL d.d. 8 november 2017. Hierna zijn de voor dit onderzoek relevante zaken uit het beleid beschreven. Het gaat daarbij om de geluidsbelasting ten gevolge van (niet gezoneerde) 30 km/uur-wegen.
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
6
Goede ruimtelijke ordening Voor de beoordeling van de geluidsbelasting wordt gebruik gemaakt van de kwaliteit van de akoestische omgeving in een milieukwaliteitsmaat volgens de 'methode Miedema'. Hierin is een beoordeling van het leefklimaat opgenomen waarbij wordt gewerkt met een Milieu Kwaliteits Maat (MKM). Deze MKM is gebaseerd op de classificatie van de berekende gecumuleerde geluidsbelasting, zonder toepassing van de correctie ex artikel 110g Wgh. De beoordeling van het verkregen gecumuleerde geluidsniveau gaat volgens de in tabel 2.2 opgenomen classificatie. Gecumuleerde geluidsbelasting (Lden)
Classificering milieukwaliteit
< 51 dB
Goed
51 - 55 dB
Redelijk
56 - 60 dB
Matig
61 - 65 dB
Tamelijk slecht
66 - 70 dB
Slecht
> 70 dB
Zeer slecht
Tabel 2.2: Kwaliteitsniveau geluidsclassificatie (methode Miedema)
De beoordeling van 'een goede ruimtelijke ordening' vindt plaats op basis van de gecumuleerde geluidsbelasting, zonder toepassing van correctie(s) op de berekende waarde. Bij wegverkeer gaat het daarbij om de totale geluidsbelasting van alle aanwezige wegen samen. Geluidsbelasting 30 km/uur-wegen De gemeente Alblasserdam beoordeelt de geluidsbelasting ten gevolge van 30 km/uur-wegen hetzelfde als de geluidsbelasting van overige wegen. Dit leidt niet tot het vaststellen van hogere waarden, maar wel - bij de ruimtelijke inpassing van nieuwe woningen langs deze wegen - tot een oordeel of er sprake is van een goed woon- en leefklimaat voor wat betreft geluid. Het gemeentelijke beleid geeft aan onder welke voorwaarden een hogere geluidsbelasting dan 53 dB (exclusief aftrek) op woningen aanvaardbaar is. Indien bij nieuwbouw een geluidsbelasting van meer dan 53 dB wordt geconstateerd, dient de toepassing van geluidsbeperkende maatregelen te worden beschouwd en afgewogen. Als maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn moet worden aangetoond dat er binnen het plan sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat. Deze is acceptabel als er een geluidluwe gevel én een geluidsluwe buitenruimte aanwezig is. Indien een geluidluwe gevel niet mogelijk is dient dit te worden gemotiveerd.
Er is sprake van een geluidluwe gevel en buitenruimte als de gecumuleerde geluidsbelasting (exclusief correctie) van 30 km/uurwegen gelijk is aan of lager is dan 53 dB. Geluidsbeperkende maatregelen Bij geconstateerde overschrijding van de geluidsnormen (of de streefwaarden) dient het akoestisch onderzoek tevens in te gaan op de mogelijkheden en effecten van geluidsbeperkende maatregelen. Hierbij geldt de volgende prioriteitsvolgorde: bronmaatregelen, zoals verkeers- en wegdekmaatregelen; overdrachtsmaatregelen, zoals het vergroten van de afstand tussen de woning en de weg, schermen en wallen;
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
7
ontvangermaatregelen, zoals toepassing van ‘dove gevels’. Dit zijn gevels zonder te openen delen die grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte; het aanvragen van ontheffing (in combinatie met geluidwering gevels). Zoals al eerder beschreven is de laatste optie niet aan de orde langs 30 km/uur-wegen. Omdat 30 km/uur-wegen niet gezoneerd zijn is er geen juridische basis voor het verlenen van ontheffing. Maximale geluidsbelasting binnen de bestemming In het Bouwbesluit zijn eisen gesteld ten aanzien van de maximaal toegestane geluidsniveaus binnen woningen. De (geluidsbelaste) gevels van woningen moeten voldoende geluidsisolerend werken om hieraan te kunnen voldoen. In het Bouwbesluit is gesteld dat de karakteristieke gevelwering van nieuwe woningen minimaal 20 dB moet bedragen. Voor de maximale binnenwaarde van verblijfsgebieden in woningen geldt de norm van 33 dB. De gevelbelasting (geluidsbelasting buiten op de gevel) en de karakteristieke gevelwering (geluidsisolatie van de gevel) bepalen samen de binnenwaarde. Om de binnenwaarde te kunnen bepalen moet de geluidsbelasting op de gevel(s) dus altijd bekend zijn. Bij wegverkeerslawaai dient daarbij te worden uitgegaan van de totale geluidsbelasting (de belasting ten gevolge van alle aanwezige wegen samen), zonder toepassing van de correctie volgens artikel 110g van de Wet geluidhinder; de zogenaamde gecumuleerde geluidsbelasting.
2.3
Toetsingskader geluid sportterrein
2.3.1
Activiteitenbesluit
Het sportpark valt onder de regelgeving van het Activiteitenbesluit milieubeheer. In artikel 2.17 van dit besluit zijn de onderstaande grenswaarden gegeven: Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT, veroorzaakt door de in de inrichting aanwezige toestellen en installaties, alsmede door de in de inrichting verrichte werkzaamheden en de daarin plaatsvindende activiteiten, mag op de gevel van woningen van derden en andere geluidsgevoelige bestemmingen niet meer bedragen dan: 50 dB(A) tussen 07:00 uur en 19:00 uur (dagperiode) 45 dB(A) tussen 19:00 uur en 23:00 uur (avondperiode) 40 dB(A) tussen 23:00 uur en 07:00 uur (nachtperiode) Het maximaal optredende geluidsniveau mag op de gevel van woningen van derden en andere geluidsgevoelige bestemmingen niet meer bedragen dan: 70 dB(A) tussen 07:00 uur en 19:00 uur (dagperiode) 65 dB(A) tussen 19:00 uur en 23:00 uur (avondperiode) 60 dB(A) tussen 23:00 uur en 07:00 uur (nachtperiode)
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
8
De in de periode tussen 07:00 uur en 19:00 uur opgenomen maximale geluidsniveaus LAmax zijn niet van toepassing op laad- en losactiviteiten. Bij het bepalen van deze geluidsniveaus blijft buiten beschouwing: Het stemgeluid van personen op een onverwarmd en onoverdekt terrein, dat onderdeel is van de inrichting, tenzij dit terrein kan worden aangemerkt als een binnenterrein. Het stemgeluid van bezoekers op het open terrein van een inrichting voor sport- of recreatieactiviteiten.
2.3.2
VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’
Voor de toets van de verwachte geluidsbelasting aan de voorwaarden voor een acceptabel woonen leefklimaat zijn door de VNG richtafstanden en grenswaarden voor de geluidsbelasting opgesteld. Richtafstanden hindercontouren De VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ geeft per bedrijfscategorie een ‘veilige’ afstand voor het milieuaspect geluid, de zogenaamde richtafstand. Wanneer woningen binnen deze 1
richtafstand zijn gelegen, dan is de realisatie van het plan alleen gemotiveerd mogelijk als aangetoond wordt dat ter plaatse van de woningen wordt voldaan aan de geluidgrenswaarden. Voor een sporthal (SBI-code 931) of veldsportcomplex met verlichting (SBI-code 931) bedraagt de richtafstand voor wat geluid betreft 50 meter in het geval van omgevingstype ‘rustige woonwijk’. In geval van omgevingstype ‘gemengd gebied’ kan de afstand met één afstandsstap worden verlaagd tot 30 meter. Voor het gebied waarin zich de planlocatie bevindt geldt het omgevingstype ‘rustige woonwijk’. De VNG-publicatie gaat bij de gestelde richtafstanden uit van de afstand van een woning van derden tot de grens van een inrichting. De kortste afstand tussen de locatie van de nieuw te realiseren appartementen en het sportpark bedraagt minder dan 10 meter. De afstand valt binnen de richtafstand van 50 meter, waarmee een akoestisch onderzoek voor het plan noodzakelijk is.
1
De richtafstand wordt gemeten vanaf de terreingrens van de inrichting
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
9
Stappenplan VNG De VNG-publicatie omschrijft voor de beoordeling van geluidhinder het volgende stappenplan: Stap 1. Indien de richtafstanden niet worden overschreden, kan onderzoek en verdere toetsing in beginsel achterwege blijven. Stap 2. Indien stap 1 niet toereikend is: a.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘rustige woonwijk’ van maximaal: 45 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 65 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
b.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘gemengd gebied’ van maximaal: 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 70 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
c.
Vrijstelling is dan mogelijk.
Stap 3. Indien stap 2 niet toereikend is: d.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘rustige woonwijk’ van maximaal: 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 70 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
e.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘gemengd gebied’ van maximaal: 55 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 70 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 65 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
f.
Vrijstelling is dan mogelijk met dien verstande dat het bevoegd gezag moet motiveren waarom het deze geluidbelasting in de concrete situatie acceptabel acht.
Stap 4. Bij een hogere geluidbelasting dan aangegeven in stap 3 zal vrijstelling doorgaans niet mogelijk zijn.
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
10
3
Uitgangspunten
3.1
Rekenmethodiek wegverkeer
Het akoestisch onderzoek heeft betrekking op het geluid van wegverkeer. Het onderzoek is gebaseerd op Standaardrekenmethode II uit het Reken- en Meetvoorschrift Geluidhinder (RMG2012). De berekeningen zijn uitgevoerd met het programma GeoMilieu versie 5.20. Een overzicht van de in het rekenmodel voor wegverkeer opgenomen (relevante) items is gepresenteerd in bijlage 1 van dit rapport. Artikel 3.4 van het RMG2012 (wegverkeer) In artikel 110g van de Wet geluidhinder is bepaald dat er voor toetsing aan de normen een correctie op de berekende geluidbelasting mag worden toegepast voor het in de toekomst stiller worden van het wagenpark. De hoogte van de correctie is vastgelegd in artikel 3.4 van het RMG2012. Op de geluidsbelasting is een correctie toegepast van -5 dB voor wegen met een representatieve snelheid van minder dan 70 km/uur en -2 dB voor de overige wegen. Op alle in het onderzoek betrokken wegen geldt een wettelijke maximum snelheid die lager is dan 70 km/uur. Op de betrokken gezoneerde wegen is daarom een correctie van -5 dB van toepassing. De geluidsbelasting van 30 km/uur-wegen wordt niet getoetst aan normen, maar in dit onderzoek beoordeeld op basis van de MKM geluidsclassificatie. Deze classificatie gaat uit van de ongecorrigeerde (gecumuleerde) geluidsbelasting.
In dit onderzoek is de correctie op de geluidsbelasting van de 30 km/uur-wegen dan ook niet van toepassing. Op 20 mei 2014 is het RMG2012 gewijzigd (Staatscourant jaargang 2014, nr. 10330). De belangrijkste wijziging betreft de aanpassing van artikel 3.4 waarbij er een tijdelijke verruiming van de aftrek bij geluidberekeningen voor wegen met een maximum snelheid van 70 km/u of meer is ingevoerd. Voor deze wegen wijzigt de aftrek op basis van artikel 110g Wgh in: 4 dB voor situaties dat de geluidsbelasting zonder aftrek 110g Wgh 57 dB is. 3 dB voor situaties dat de geluidsbelasting zonder aftrek 110g Wgh 56 dB is. 2 dB voor andere waarden van de geluidsbelasting. De tijdelijke verruiming geldt tot de inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet. Binnen het onderzoeksgebied zijn deze wegen niet aanwezig. De correctie is dan ook niet van toepassing. Artikel 3.5 van het RMG2012 (wegverkeer) Conform artikel 3.5 van het RMG2012 is er een aanpassing van de wegdekcorrectie van toepassing, vooruitlopend op de effecten van invoering van stillere banden en strengere geluidseisen aan wegvoertuigen. De correctie is van toepassing op wegen met een representatieve snelheid van 70 km/uur of hoger en derhalve in dit onderzoek niet aan de orde.
CKC locatie in Alblasserdam, Akoestisch onderzoek
11
3.2
Verkeersgegevens
Bron van de gegevens De verkeersgegevens van de wegen rondom de planlocatie zijn ontleend aan door de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) aangeleverde verkeersprognoses. Deze gegevens komen uit de Regionale Verkeersmilieukaart van de Drechtsteden (RVMK DS) versie 2018. De prognoses beschrijven de situatie van planjaar 2030. In bijlage 2 van dit rapport zijn de betreffende verkeersgegevens weergegeven. De 30 km/uur-wegen De Boezem en De Kreken maken geen onderdeel uit van de RMVK DS. Voor deze wegen zijn de verkeersgegevens daarom op globale wijze bepaald op basis van de verwachte verkeersgeneratie van de woningen/bestemmingen in de achterliggende (woon)wijk en op basis van ervaringscijfers. Uitgegaan is van een hoge aanname van circa 100 woningen met een gemiddelde verkeersgeneratie van 8 autoritten per etmaal. Gesteld kan worden dat het daarmee gaat om een worst case situatie. Verkeersgegevens In tabel 3.1 zijn de bij het akoestisch onderzoek gehanteerde verkeersintensiteiten van de verschillende wegen samengevat weergegeven. Weg(vak)
Etmaalintensiteit [mvt/etm]
Van Hogendorpweg (Troelstrastraat - De Sarvornin Lohmanweg)
6.090
Van Hogendorpweg (De Sarvornin Lohmanweg - De Boezem)