CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Taken trends ontwikkelingen DGJ.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 3 oktober 2023, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 6: Bouwstenennotitie DG&J en MJP-ambities DG&J - Voorstel14.460 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlage 1 bij bouwstenennotitie Taken, trends en ontwikkelingen DG&J

Taken, trends en ontwikkelingen DG&J: GGD, LVS, SOJ en Veilig Thuis Input voor gesprekken over MJP-ambities DG&J 2024-2027

DG&J, 1 mei 2023

SOJ

Inhoudsopgave 1

Inleiding

3

2

Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD)

4

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9 2.10

4 5 7 9 11 14 17 24 26

2.11 2.12

3

4

5

Inleiding Gezondheidsbevordering Gezondheid, Medische milieukunde en leefomgeving Jeugdgezondheidszorg (Ketenaanpak) Kansrijke Start Ouderengezondheidszorg (programma Vitaal ouder worden) Infectieziektebestrijding Monitoring en epidemiologisch onderzoek Crisisorganisatie Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ) en sluitende aanpak personen met onbegrepen gedrag Toezicht kinderopvang Kwaliteitstoezicht Wet maatschappelijke ondersteuning

27 28 30

Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten (LVS)

32

3.1 3.2

Taken Trends en ontwikkelingen

32 32

Serviceorganisatie Jeugd (SOJ)

34

4.1 4.2

34 35

Taken Trends en ontwikkelingen

Veilig Thuis

36

5.1 5.2

36 37

Taken Trends en ontwikkelingen

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 2

1 Inleiding Deze bijlage hoort bij de "Bouwstenennotitie; Input MJP-ambities DG&J 2024-2027". In deze bijlage worden voor elk van de vier organisatieonderdelen de huidige taken met daarbij behorende relevante trends en ontwikkelingen beschreven. Deze trends en ontwikkelingen hebben naar verwachting grote invloed op de uitvoering van taken door de DG&J in de komende jaren. In de Bouwstenennotitie zijn onder andere uit de beschreven trends en ontwikkelingen mogelijke leidende principes en een gezamenlijke ambitie afgeleid voor het Meerjarenbeleidsplan 2024-2027 van de DG&J. In deze bouwstenennotitie vindt u achtereenvolgens een beschrijving van de taken, trends en ontwikkelingen van de organisatieonderdelen GGD, LVS, SOJ en Veilig Thuis.

In deze bijlage is de beschrijving van de taken, trends en ontwikkelingen van het organisatieonderdeel GGD het meest uitgebreid. Dit heeft ermee te maken dat de gemeenten die in 2023 of 2024 nieuw lokaal beleid voor publieke gezondheid moeten maken, deze informatie hiervoor kunnen benutten. Voor ditzelfde doel zijn ook bijlagen 2 en 3 bijgevoegd bij de Bouwstenennotitie. In de Bouwstenennotitie zelf zijn per organisatieonderdeel de belangrijkste trends en ontwikkelingen opgenomen. Deze bijlage is bedoeld als achtergrondinformatie.

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 3

2 Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) 2.1 Inleiding De taken die de GGD uitvoert, zijn grotendeels gebaseerd op de Wet publieke gezondheid: Infectieziektebestrijding, Gezondheidsbevordering, Medische Milieukunde, Jeugdgezondheidszorg, Ouderengezondheidszorg, Monitoring en epidemiologisch onderzoek, en de crisisfunctie. Daarnaast is de Wet maatschappelijke ondersteuning van toepassing op de taakvelden Openbare Geestelijke Gezondheidszorg en Toezicht op Wmo-voorzieningen. De Wet Kinderopvang vormt de basis voor de toezichthoudende taak op kinderopvang. In onderstaand overzicht staan alle taken van de GGD overzichtelijk bij elkaar. In de navolgende paragrafen wordt toegelicht wat de bijbehorende taken zijn en hoe daaraan uitvoering wordt gegeven, gevolgd door trends en ontwikkelingen die voor gemeenten in de komende vier jaar relevant zullen zijn.

Figuur 1: inhoudelijke expertisegebieden GGD. In de komende beleidsperiode zullen de aan gemeenten gevraagde inspanningen vanuit het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en vanuit het Integraal Zorg Akkoord (IZA) in grote mate van invloed zijn op beleidskeuzes. In de beleidstheorie (bijlage 3 bij de bouwstenennotitie) is aangegeven dat zes determinanten van gezondheid bepalend zijn voor gezondheid van de bevolking. De nadruk van de werkzaamheden van de GGD ligt bij die zes determinanten vooral leefomgeving en leefstijl (wel breed gedefinieerd, dus inclusief infectieziektebestrijding). In onderstaand overzicht is de samenhang geduid tussen zowel de GALA-thema's, als de voor gemeente relevante onderdelen van IZA, én deze zijn gekoppeld aan de gezondheidsdeterminanten. Let wel: al deze elementen staan ook met elkaar in verbinding. Naast IZA en GALA heeft de GGD te maken met het

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 4

programma VIP: Versterking Infectiepreventie en Pandemische Paraatheid, met een eigen SPUK.

G

ersterking mentale weerbaar eid en mentale gezond eid G Terugdringen gezond eids a terstanden inwoners lage

G ersterken van G B Gezonde de verbinding met de f sieke leefomgeving so iale basis die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten

G

G

D Gezonde leefstijl

itaal ouder worden

G G Domeinoverstijgendeinzet vanuit een regionale preventie basis infrastru tuur i Bouwstenen regionale preventie infrastru tuur egiobeelden enplannen ii erkagenda inri ting ketenaanpakken

Figuur 2: GALA-thema's, IZA opdrachten en gezondheidsdeterminanten

2.2 Gezondheidsbevordering 2.2.1 Taken Met Gezondheidsbevordering voert de GGD in opdracht van Colleges van Burgemeesters en Wethouders de volgende wettelijke taak uit op basis van de Wpg: het bijdragen aan opzet, uitvoering en afstemming van preventieprogramma’s, met inbegrip van programma’s voor de gezondheidsbevordering. De GGD voert deze taak uit door een gezonde leefstijl en gezonde sociale en fysieke (leef)omgeving te stimuleren, ter bevordering van de gezondheid en/of voorkoming van ziekte van inwoners. Leefstijl moet daarbij breed worden geïnterpreteerd: naast voeding, bewegen en verslavingspreventie gaat het ook om voldoende slaap, mentale gezondheid en een kansrijke start. Daarbij is afstemming op de verschillende doelgroepen van belang. De doelgroepen kinderen, (jong)volwassenen en ouderen vragen elk een andere aanpak. Ook het begrip 'omgeving' kent een brede definitie: de thuisomgeving, schoolomgeving, werkomgeving, eetomgeving, media-omgeving, sportomgeving, buitenruimte, buurt. Gezondheidsbevordering staat uiteraard niet los van activiteiten die de gezondheid beschérmen, bijvoorbeeld vanuit Medische Milieukunde en Infectieziektebestrijding. De GGD is kennispartner van gemeenten en geeft gefundeerd advies, gevraagd en ongevraagd, gebaseerd op (wetenschappelijk) onderzoek, kennis (data) en ervaring (praktijk).

Daarnaast motiveert en stimuleert de GGD haar partners om met deze adviezen in de praktijk aan de slag te gaan, bijvoorbeeld door inzet van interventies. Dit Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 5

vult de GGD vervolgens regionaal aan met campagnes en regionale activiteiten. Landelijke trends en ontwikkelingen vertaalt de GGD in regionale en lokale kansen. Waar nodig worden nieuwe activiteiten ontwikkeld of wordt meegedacht over het aanpassen van beleid. Het team gezondheidsbevordering verbindt thema's, partners en effectieve interventies met elkaar om zo op een duurzame manier de gezondheid van inwoners te vergroten. Dit gebeurt tot nu toe in de vorm van het programma Samen voor Gezond dat de GGD vierjaarlijks samen met gemeenten en partners opstelt en uitvoert. In het programma Samen voor Gezond 2019-2023 ligt de nadruk op het versterken van preventie (postCOVID) voor een gezonde en vitale bevolking in onze regio. Er wordt gewerkt aan de volgende thema's, waarbij kwetsbare groepen in de samenleving centraal staan: • Voeding en Bewegen • Mentale Gezondheid • Alcohol en Roken • Vitaal Ouder Worden • Gezonde School Daarnaast levert het team gezondheidsbevordering expertise over en betrokkenheid bij de thema's: Gezonde Leefomgeving; Kansrijke Start; Armoede en gezondheid. Hierbij vindt al veel domeinoverstijgend werken plaats. Wat betreft de expertise op vitaal ouder worden: hier komen gezondheidsbevordering en ouderengezondheidszorg (ook een Wpg taak) bij elkaar in één programma: Vitaal Ouder Worden. Dit staat verder toegelicht in paragraaf 2.6.

Dit geldt ook voor het samenkomen van expertise vanuit gezondheidsbevordering op gezonde leefomgeving, gecombineerd met gezondheidsbescherming in de leefomgeving vanuit Medische Milieukunde. Dit wordt beschreven in paragraaf 2.3. Kansrijke Start wordt beschreven in paragraaf 2.5. Dit is een mix tussen onder andere de Wpg-taken gezondheidsbevordering en jeugdgezondheidszorg.

2.2.2 Trends en ontwikkelingen Trends De afgelopen jaren zien we de volgende trends: • Toename mentale problemen onder jongeren. De mentale gezondheid van jongeren staat onder druk. Met name jongeren in het middelbare onderwijs dreigen vast te lopen. De Corona Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen (vragenlijsten afgenomen in voorjaar/zomer 2022) laat zien dat een aanzienlijk deel van de jongeren van 16-25 jaar klachten ervaart: veel stress (47%), psychische klachten (54%), sociale (62%) en emotionele eenzaamheid (71%) en sterke suïcidale gedachten (7%). Dit regionale beeld is in lijn met het landelijke beeld. Disclaimer: de onderzoeksuitkomsten kunnen door de onderzoeks-aanpak (oproep om te laten weten als je iets kwijt wilt) wellicht iets negatiever zijn dan gemiddeld. De vragenlijst is afgenomen in het voorjaar/zomer van 2022. Begin 2022 was Nederland nog in een lockdown. Desalniettemin is het beeld ernstig. En niet alleen gerelateerd aan COVID-19. • De wachtlijsten zijn lang waardoor hulp niet snel mogelijk is en de problemen ondertussen groter worden. Extra inzet aan de voorkant is nodig: enerzijds om problemen te voorkomen en anderzijds om partners rondom deze groep jongeren beter met elkaar te verbinden, zodat ze elkaar meer aanvullen en zij jongeren beter en adequater bereiken.

• De zorg staat in Nederland staat in algemene zin onder druk, waardoor het belang van preventie steeds groter wordt. Het belang van een gezonde leefstijl is naar

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 6

•

•

aanleiding van de Covid-pandemie steeds urgenter geworden en staat hoog op de agenda. Het werk van gezondheidsbevordering wordt naar aanleiding van IZA en GALA in een bredere keten gezien. Dit betekent dat we samen met zorgverzekeraars, 1 e en 2e lijns zorgpartners een sluitende preventie/zorgketen moeten afstemmen. Dit betekent dat we afspraken moeten maken met onder andere zorgverzekeraars en eerste en tweedelijns zorgpartners. De gezonde leefomgeving wordt steeds belangrijker als het gaat om gezond gedrag in een gezonde leefomgeving. Een goed ingerichte ruimte bevordert gezond gedrag (bewegen, ontmoeten). Vanuit oogpunt van gezondheidsbescherming moet deze dan wel een goede luchtkwaliteit hebben, geen geluidsoverlast, goed inspelen op klimaatverandering, en het voorkomen van infectieziekterisico's. Dit betekent toenemende verbinding binnen teams binnen de GGD (gezondheidsbevordering, medische milieukunde), maar ook steeds meer afstemming met gemeenten over gezondheidsrandvoorwaarden, en het afwegen van gezondheidsrisico's en - kansen bij ruimtelijke inrichting.

Ontwikkelingen •

•

•

•

Het huidige preventieprogramma Samen voor Gezond loopt tot en met 2023. Voor de periode daarna moet een nieuw programma worden voorbereid met gemeenten en partners, passend binnen de uitgangspunten van domeinoverstijgend werken en bij de t ema’s van o a G Het werk van gezondheidsbevordering zal zich steeds meer uitspreiden over meerdere domeinen, zowel binnen als buiten het sociaal domein. Gezondheid zal steeds meer een plek krijgen in andere beleidsterreinen: "Health in all policies". Op dit moment werkt het team gezondheidsbevordering vanuit expertiseteams. Met het oog op domeinoverstijgend werken zal deze expertise steeds meer in verbinding worden ingezet. De grote thema's waar we voor staan zijn gezond opgroeien, vitaal ouder worden en gezonde leefomgeving. Op deze manier zijn we ook beter in staat om tegemoet te komen aan het domeinoversteigende karakter van onder andere GALA, en bijvoorbeeld ook aan te sluiten op de regionale preventie infrastructuur. Daarnaast wordt co-creatie steeds belangrijker. We moeten samen met inwoners programma's en activiteiten in gaan zetten en ontwikkelen.

Het programma Samen voor Gezond 2020-2023 heeft een sterke lokale component. De GGD is een regionale partner die lokale gemeenten en partners kan ondersteunen. Het GALA vraagt ook om slimme verbindingen te maken en vraagt van de GGD zich ook als Regionale partner verder te ontwikkelen. De GGD wordt steeds meer een spil tussen landelijke kennisinstituten en lokale gemeenten. Het vertalen van nieuwe ontwikkelingen en onderzoek naar lokale behoeften zal nog belangrijker worden.

2.3 Gezondheid, Medische milieukunde en leefomgeving 2.3.1

Taken Op basis van de Wpg bevordert de GGD medisch milieukundige zorg: 1. De medische milieukundigen van de GGD geven gemeenten inzicht in de mogelijkheden om de publieke gezondheid te beïnvloeden via een veilige fysieke leefomgeving, die uitnodigt tot gezond gedrag. De medische milieukundigen bieden concrete oplossingen, onder andere voor het meewegen van gezondheidsfactoren bij

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 7

2.

3. 4.

nieuwe ruimtelijke projecten en ander gemeentelijk beleid en voor het ingaan op klachten en signalen van inwoners. Daarnaast geven de medische milieukundigen van de GGD advies aan inwoners en gemeenten over het beperken van gezondheidsrisico's als gevolg van milieufactoren. Voorbeelden zijn gezondheidseffecten van luchtverontreiniging, bodemverontreiniging, geluidsbelasting, veehouderijen, asbest, gezond binnenmilieu en klimaatadaptatie. Bij (dreigende) rampen ondersteunen de medische milieukundigen gemeenten bij het ins atten van de gezond eidsrisi o’s en geven zij gezond eidskundig advies Bij milieu-incidenten ondersteunt de GGD gemeenten bij de medische milieukundige nazorg.

Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet, ondersteunt de GGD gemeenten bij de implementatie en uitvoering van deze wet. Dit doet de GGD in samenwerking met de Omgevingsdienst ZHZ en de Veiligheidsregio ZHZ. Gezamenlijk met deze diensten adviseert de GGD gemeenten over omgevingsvraagstukken. De GGD bevordert daarbij dat gezondheid structureel onderdeel wordt van het maken van afwegingen in relatie tot de fysieke leefomgeving. Daarnaast denkt de GGD mee over de implementatie van ruimtelijke interventies ter bevordering en bescherming van gezondheid.

2.3.2

Trends en ontwikkelingen Trends •

•

Door klimaatverandering worden de zomers heter en de winters zachter en natter. Dit betekent dat piekbuien, hitte, droogte en overstromingen vaker voorkomen en ze ook extremer kunnen zijn. Deze effecten kunnen grote gevolgen hebben voor de gezondheid. Ook door de woningbouwopgave zullen steeds vaker milieubelaste locaties mogelijk gebruikt gaan worden voor woningbouw, wat effect kan hebben op de gezondheid van de toekomstige bewoners.

Ontwikkelingen •

•

Het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) speelt een grote rol in de komende beleidsperiode Over et algemeen is et een intensivering van de t ema’s die al door de gemeenten en GGD opgepakt worden. Het vraagt wel meer van zowel gemeenten als GGD, omdat er integraal samengewerkt moet worden. Het thema "Een gezonde fysieke leefomgeving die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten" wordt expliciet benoemd in het GALA, waarin een duidelijke brug wordt geslagen tussen het fysieke (gezonde leefomgeving) en het sociale domein (uitnodiging tot ontmoeten en bewegen). De Omgevingswet treedt per 1 januari 2024 in werking. De Omgevingswet staat voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. Het belang van gezondheid en veiligheid moet meegenomen worden in ruimtelijke initiatieven. Dat betekent meer samenwerking tussen het sociale en het fysieke domein. Ook komen er regels over snelle(re) afwikkeling van vergunningaanvragen waarin samenwerking cruciaal is.

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 8

2.4 Jeugdgezondheidszorg 2.4.1 Taken De jeugdgezondheidszorg (JGZ) is een onderdeel van de publieke gezondheidszorg vanaf de zwangerschap tot de leeftijd van 18 jaar. Het doel van de JGZ is de gezondheid en sociale ontwikkeling van alle kinderen en jongeren in de regio te waarborgen, waardoor kinderen en jongeren zo gezond mogelijk opgroeien. Met individuele en collectieve preventie, vroegsignalering, vaccinaties en een gezinsondersteunende aanpak, afgestemd op de lokale gemeenschap en in aansluiting op lokale sociale systemen, wordt ernstige problematiek zoveel mogelijk voorkomen. De Wet Publieke Gezondheid (Wpg) legt voor de JGZ de volgende taken vast: • het op systematische wijze volgen en signaleren van ontwikkelingen in de gezondheidstoestand van jeugdigen en van gezondheidsbevorderende en bedreigende factoren; • het ramen van de behoeften aan zorg; • de vroegtijdige opsporing en preventie van specifieke stoornissen en het aanbieden van vaccinaties voortkomend uit het Rijksvaccinatieprogramma (RVP); • het geven van voorlichting, advies, instructie en begeleiding op het gebied van opvoeden en opgroeien; • het formuleren van maatregelen ter beïnvloeding van gezondheidsbedreigingen.

De JGZ draagt bij aan het verkleinen van gezondheidsverschillen door extra aandacht te hebben voor kinderen en gezinnen in kwetsbare omstandigheden: minder steun waar dat kan en meer steun waar dat nodig is, vanuit een aanbod dat overal voor ieder kind beschikbaar is. De JGZ draagt bij aan het vergroten van kansengelijkheid door kinderen (en hun ouders) gezondheidsvaardigheden aan te leren waar zij hun hele leven profijt van hebben. Ook het versterken van ouderschap draagt bij aan het vergroten van kansengelijkheid. Organisatie De JGZ-uitvoeringsorganisatie is verantwoordelijk voor de te leveren zorg en bepaalt in eerste instantie hoe de JGZ inhoudelijk wordt uitgevoerd. Uiteraard met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving, zoals bijvoorbeeld de van toepassing zijnde professionele richtlijnen. De gemeente kan ervoor kiezen (onderdelen van) de JGZ uit te laten voeren door de GGD of een andere organisatie. Namens de gemeenten in Zuid-Holland Zuid heeft de DG&J JongJGZ gecontracteerd voor de uitvoering van het basispakket van de JGZ. Daarnaast kunnen gemeenten rechtstreeks lokaal maatwerk inkopen bij JongJGZ, bovenop het basispakket.

2.4.2 Trends en ontwikkelingen Trends • • •

Overgewicht en obesitas, mentale gezondheid en weerbaarheid, schoolziekteverzuim en taal-/spraakachterstand vragen steeds meer aandacht van de JGZ. Ook (het ontbreken van) gezondheidsvaardigheden bij ouders vormt een toenemend aandachtspunt. Daarnaast blijft de vaccinatiebereidheid een aandachtspunt in de regio.

Ontwikkelingen

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 9

•

•

•

•

•

•

•

•

•

Het contract met JongJGZ is verlengd tot en met 2025. Er wordt een bestuursopdracht voorbereid voor een evaluatie met als doel te komen tot een passende opdrachtverleningsconstructie voor de periode vanaf 2026. Onderdeel van deze bestuursopdracht is een beleidsverkenning naar de positionering, rollen, taken en verantwoordelijkheden van de JGZ als kerntaak in de publieke gezondheid. E.e.a. in relatie tot de veranderingen in het sociaal domein (zoals de kanteling naar preventie), domeinoverstijgend werken, de ontwikkelingen in het rijksvaccinatieprogramma en de infectieziektebestrijding. In 2022 is het Landelijk Professioneel Kader (LPK) vernieuwd. Het vernieuwde LPK biedt JGZ-professionals, managers en gemeenten meer duiding bij het bieden van passende zorg op maat met veel aandacht voor de implementatie. Ook is rekening gehouden met nieuwe ontwikkelingen in de JGZ zoals de komst van het prenatale huisbezoek en de maternale kinkhoest vaccinatie. JongJGZ werkt aan een toekomstbestendige JGZ. Er is een meerjarenplan in de maak om het huidige aanbod door te ontwikkelen op basis van het vernieuwde LPK. De implementatie van de nieuwe landelijke richtlijnen en de richtlijnen die in de komende drie jaar nog geëvalueerd en vernieuwd worden, zal het nodige vragen van de JGZprofessionals. Er heerst krapte op de arbeidsmarkt.

De verwachting is dat dit de komende jaren alleen nog maar nijpender wordt. JongJGZ werkt daarom aan een stevige positionering op de arbeidsmarkt, gebaseerd op scholing en ontwikkelmogelijkheden voor medewerkers, taakherschikking, arbeidsmarktcommunicatie en werkplezier. Op die manier worden JongJGZ medewerkers behouden en is JongJGZ een aantrekkelijke werkgever voor nieuwe medewerkers. De toenemende digitalisering krijgt ook in de JGZ steeds meer vorm. De implementatie van digicoaches wordt door JongJGZ verder verstevigd om de medewerkers te ondersteunen bij deze digitalisering. Daarnaast worden de mogelijkheden van robotisering onderzocht om met name administratieve processen verder te automatiseren waar dat mogelijk is. Hiervoor wordt de samenwerking gezocht met landelijke partners. Daarnaast organiseert JongJGZ Webinars samen met netwerkpartners om de doelgroep laagdrempelig te informeren en verkent JongJGZ de mogelijkheden om deskundigheidsbevordering gezamenlijk te organiseren. Informatiemanagement wordt steeds belangrijker. Dagelijks leggen de JGZprofessionals een grote hoeveelheid inhoudelijke data vast in het digitaal kinddossier. Deze data worden steeds vaker omgezet naar informatie (zoals factsheets) die de JGZ-professionals kunnen gebruiken voor de prioritering van hun inzet in een wijk of gemeente.

Tijdens de COVID-19-pandemie heeft JongJGZ de DG&J op verschillende manieren ondersteund bij de bestrijding. Dit heeft veel van de JGZ-medewerkers gevraagd. Ook onvoorziene omstandigheden zoals de oorlog in Oekraïne en de (extra) zorg voor nieuwkomers vragen om het maken van expliciete keuzes in de prioritering en borging van bestaande en nieuwe projecten binnen de JGZ. De ontwikkeling van het Rijksvaccinatieprogramma staat niet stil. Er komen nieuwe vaccins op de markt, de kennis over vaccinaties neemt toe en soms komt een nieuwe infectieziekte in beeld. Ook in de komende jaren zullen er nieuwe vaccinaties aan het Rijksvaccinatieprogramma worden toegevoegd en wijzigingen plaatsvinden in het schema voor bestaande vaccinaties. Daarnaast zal de implementatie van het 'Evaluatieschema RVP' vanaf 2025 ook voor JongJGZ consequenties hebben. De JGZ is een belangrijke speler in de preventieketen voor de jeugd. Versterking van deze keten draagt bij aan de 'beweging naar de voorkant', die ook via het Gezond en Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 10

•

•

•

Actief Leven Akkoord (GALA) een sterke impuls krijgt. In het GALA en het Integraal Zorg Akkoord (IZA) komen veel onderwerpen terug die raken aan de JGZ: Kansrijke Start, aanpak overgewicht, terugdringen gezondheidsachterstanden, mentale gezondheid, leefomgeving, alcoholpreventie, versterken sociale basis. GALA en IZA vragen van gemeenten en zorgverzekeraars om uiterlijk op 1 januari 2024 gestart te zijn met het inrichten van de ketenaanpak overgewicht en obesitas bij kinderen, in zoveel mogelijk gemeenten in de regio. JongJGZ voert de aanpak Kind naar Gezonder Gewicht (KnGG) uit in de gemeenten Dordrecht en Zwijndrecht in het kader van de JOGG-aanpak. Hierin werken professionals uit zowel het zorg- als sociaal domein gedurende het hele traject nauw samen rondom kind en gezin. De JOGG-aanpak wordt uitgevoerd in 4 gemeenten; met 5 andere gemeenten vinden verkennende gesprekken plaats. GALA en IZA roepen gemeenten en zorgverzekeraars op om uiterlijk op 1 januari 2024 in elke regio gestart te zijn met de inrichting van de ketenaanpak Kansrijke Start in zoveel mogelijk gemeenten. JongJGZ participeert in alle lokale Kansrijke Start-coalities en heeft een belangrijke rol gespeeld bij de totstandkoming van de regionale coalitie Kansrijke Start. Zie ook de paragraaf over Kansrijke Start.

2.5 (Ketenaanpak) Kansrijke Start 2.5.1 Taken Het ministerie van VWS heeft in 2018 het landelijke actieprogramma Kansrijke Start ontwikkeld. Het programma is gericht op de eerste 1000 levensdagen (circa tien maanden vóór de geboorte tot twee jaar erna) van kinderen in kwetsbare situaties. De gezondheid vóór, tijdens en na de geboorte blijkt een belangrijke voorspeller te zijn van zowel fysieke als mentale problemen op latere leeftijd en zelfs van volgende generaties. Inzetten op een kansrijke start vormt daarmee de ultieme vorm van preventie. Op basis van het stimuleringsprogramma Lokale Coalities Kansrijke Start ondersteunt Pharos gemeenten bij het opzetten van lokale coalities. In deze coalities maken professionals uit het sociaal(-medische) domein (zoals jeugdgezondheidszorg en welzijn) en het medische domein (zoals verloskundigen, gynaecologen en kraamzorg) samenwerkingsafspraken over een lokale Kansrijke Start-aanpak (inclusief de inzet van interventies), zodat (aanstaande) ouders tijdig de juiste zorg en ondersteuning ontvangen, aansluitend op hun hulpbehoefte. Als adviseur en kennispartner ondersteunt de GGD gemeenten en lokale coalities op verzoek, door: 1. monitoring: verzamelen en duiden van data en verkennen van mogelijkheden voor verdiepend onderzoek; 2. kennisuitwisseling en verbinding leggen tussen betrokken partijen in het medisch en sociaal domein; 3.

voorlichting aan (aanstaande) ouders over het belang van de eerste 1000 dagen; 4. stimuleren van bewustwording bij bestuurders/managers, beleidsmakers en professionals in het medisch en sociaal domein over het belang van de eerste 1000 dagen; 5. handvatten bieden aan professionals (deskundigheidsbevordering). Daarnaast heeft de GGD samen met JongJGZ en de Verloskundig Samenwerkingsverbanden (VSV's) in de regio in 2023 de regionale coalitie Kansrijk Start ZHZ opgezet. Naast deze drie partijen, bestaat deze regionale coalitie uit de tien Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 11

gemeenten in ZHZ, de zorgverzekeraars en zorggroepen van huisartsen in de regio, Pharos en een vertegenwoordiging namens cliënten (ouders). De GGD brengt in deze coalitie haar expertise en brede netwerk in. De regionale coalitie bevordert domeinoverstijgende samenwerking tussen partijen, voor optimale preventie en zorg voor (aanstaande) gezinnen. Het onderling delen van kennis zorgt voor begrip van en voor elkaars werkterrein en bijbehorende verschillen in wet- en regelgeving, bekostiging en werkgebied. De regionale coalitie deelt actuele informatie voor continue afstemming tussen en ondersteuning van alle losse initiatieven in de regio. De regionale coalitie heeft als doel om door krachtenbundeling de preventieve gezondheidszorg in de eerste 1000 dagen effectiever en efficiënter te organiseren, opdat het in deze regio voor de gezondheid en ontwikkelingskansen van kinderen niet meer uitmaakt waar iemands wieg staat. Kansrijke Start heeft veel dwarsverbanden met andere taken binnen de DG&J. Belangrijke dwarsverbanden zijn die van de jeugdgezondheidszorg met de gezonde kinderopvang, en met het programma Seksuele gezondheid. Preconceptionele gezondheid In de landelijke vervolgaanpak Kansrijke Start 2022-2025 krijgt het onderwerp preconceptionele gezondheid (gezond zwanger worden) extra aandacht. De preconceptiefase is de periode vóór de zwangerschap.

Belangrijk in deze fase zijn seksuele gezondheid en voortplantings-/reproductieve gezondheid. Voortplantings- en reproductieve gezondheid gaat over het voorkomen van onbedoelde zwangerschappen (denk aan anticonceptie, abortuszorg, Nu Niet Zwanger) en gezond zwanger worden: • Vanuit het Centrum Seksuele Gezondheid wordt de aanpak Nu Niet Zwanger in onze regio geïmplementeerd en ondersteund voor zeven gemeenten. Nu Niet Zwanger is bedoeld voor inwoners met een verhoogde kwetsbaarheid, door een combinatie van bijvoorbeeld psychiatrische problemen, verstandelijke beperking, verslaving, dakloos eid, s ulden, problemen met loverbo ’s of illegaliteit Met en worden gesprekken gevoerd over seksualiteit, invulling geven aan hun kinderwens en eventuele wens tot gebruik van anticonceptie. De GGD heeft bij het CSG ook een eigen Aandachtsfunctionaris NNZ; om cliënten die op het CSG-spreekuur komen ook bij deze vraagstukken te begeleiden. Het CSG biedt ook keuzehulpgesprekken bij onverwachte zwangerschap. • De gezondheid van aanstaande ouders en de ontwikkeling van hun ongeboren kind bepalen voor een groot deel de gezondheid van toekomstige generaties.

Een kind met een gezonde start heeft immers meer kansen op een goede gezondheid (ook op latere leeftijd) en meer kansen op optimale deelname aan onderwijs en op participatie op de arbeidsmarkt, in het eigen sociale netwerk en in de samenleving. Het is dan ook van het grootste belang om in samenwerking tussen het medische en sociale domein al vóór de geboorte te investeren in gezondheid en het terugdringen van gezondheidsverschillen; met preventie en zorg voor koppels met een kinderwens, (aanstaande) ouders en (ongeboren) kinderen. Gezond zwanger worden is een vorm van primaire preventie en daarmee onderdeel van gemeentelijk beleid. Zowel bij mensen met een (mogelijke) kinderwens, hun directe omgeving als bij professionals valt nog veel te winnen aan bewustwording, kennis en gedrag over preconceptionele gezondheid en de optimale voorbereiding op een zo gezond mogelijke zwangerschap. Jeugdgezondheidszorg Het spreekt voor zich dat de jeugdgezondheidszorg bijdraagt aan een kansrijke start van kinderen. Zie paragraaf 2.4 voor een beschrijving van de taken van de jeugdgezondheidszorg.

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 12

Gemeenten zijn op basis van een wijziging van de Wet publieke gezondheid sinds 1 juli 2022 verplicht een prenataal huisbezoek aan zwangere vrouwen en gezinnen in kwetsbare situaties aan te bieden. Dit huisbezoek wordt in onze regio uitgevoerd door JongJGZ en houdt in dat een jeugdverpleegkundige al vroeg in de zwangerschap (na signalering door de verloskundig zorgverlener) hulp en ondersteuning kan bieden aan zwangeren en hun gezinnen in een kwetsbare situatie. Naast de uitvoering van het prenataal huisbezoek biedt JongJGZ in onze regio de maatwerkprogramma's Prezorg en Voorzorg aan voor kwetsbare zwangeren. Ook wordt door JongJGZ in het Albert Schweitzer Ziekenhuis en Beatrix Ziekenhuis een nazorgbureau aangeboden voor pre- en dysmatuur geboren kinderen.

2.5.2 Trends en ontwikkelingen Trends •

•

•

In Nederland krijgt nog steeds één op de zes kinderen geen kansrijke start bij de geboorte. Oorzaken hiervoor zijn een te laag geboortegewicht, vroeggeboorte en/of een combinatie met medische, psychische of sociale risicofactoren bij de ouders (stress, geweld, alcohol, ongezonde voeding of een gebrek aan liefdevolle aandacht). Deze kinderen hebben later een grotere kans op fysieke en mentale gezondheidsproblemen. Helaas blijkt dat bab ’s die in a terstandswijken worden geboren een groter risi o lopen op aangeboren afwijkingen, vroeggeboorte en een te laag geboortegewicht. Deze kinderen krijgen later vaker groei- en psychische problemen, suikerziekte, harten vaatziekten en overgewicht. Ook komen zij vaker in aanraking met jeugdhulp. Het krijgen van een kind is een intense en ingrijpende gebeurtenis. Tijdens de zwangerschap of na de geboorte van een kind kunnen ouders gevoelens krijgen van onzekerheid, angst, depressie en/of oververmoeidheid. Ook kunnen er trauma's uit de eigen jeugd (weer gaan) opspelen. Een op de tien vrouwen krijgt zelfs langdurige psychische problemen rond de zwangerschap, zoals een postpartum depressie, angststoornis, psychose of posttraumatische stressstoornis (PTSS).

Ontwikkelingen •

•

•

•

Kansrijke Start is een prominent thema in het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Gemeenten kunnen SPUK-middelen inzetten voor het vormen, versterken en behouden van de lokale coalities, het inzetten van erkende interventies en het maken van regionale samenwerkingsafspraken rondom Kansrijke Start. Het Integraal Zorg Akkoord (IZA) roept zorgverzekeraars en gemeenten op om uiterlijk op 1 januari 2024 in elke regio gestart te zijn met de inrichting van de ketenaanpak Kansrijke Start in zoveel mogelijk gemeenten. Met het opzetten van de regionale coalitie Kansrijke Start Zuid-Holland Zuid geven de gemeenten in onze regio in 2023 al invulling aan deze regionale samenwerkingsafspraken. Door het inzetten van ervaringsdeskundigen in de regionale coalitie geven de gemeenten ook alvast invulling aan de oproep vanuit het IZA om cliënten te betrekken bij de ketenaanpak. Gemeenten en DG&J verkennen de mogelijkheid van het borgen van de regionale coalitie Kansrijke Start vanuit de SPUK-middelen. De personeelstekorten in de zorg en welzijnssector vormen een risico, zowel voor het kunnen blijven bieden van passende zorg in de komende jaren, als voor het kunnen investeren in domeinoverstijgende samenwerking.

In samenwerking met experts uit praktijk, wetenschap en beleid heeft het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) een indicatorenset vastgesteld voor de Lokale Monitor Kansrijke Start. Met deze indicatoren kunnen lokale coalities inzicht krijgen in de uitvoering van het actieprogramma Kansrijke Start en de gezondheid

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 13

van kinderen en ouders in de eigen gemeente of regio. De uitkomsten kunnen worden gebruikt om met beleidsmakers, bestuurders en zorgverleners te bespreken wat er binnen de lokale coalitie speelt en in hoeverre het programma zich in de gewenste richting ontwikkelt. Door dezelfde indicatoren te gebruiken en de uitkomsten met elkaar te vergelijken kunnen lokale coalities ook van elkaar leren, door hierover met elkaar in gesprek te gaan. Via Regiobeeld.nl/kansrijke-start kunnen lokale coalities hun eigen gegevens uit de lokale indicatorenset inzien en downloaden. De GGD verzamelt in 2023 de beschikbare data over Kansrijke Start en publiceert dit op www.hoegezondiszhz.nl.

2.6 Ouderengezondheidszorg (programma Vitaal ouder worden) 2.6.1 Taken Op basis van de Wpg dragen gemeenten zorg voor de uitvoering van de ouderengezondheidszorg. Met ouderengezondheidszorg wordt bedoeld de publieke gezondheidszorg voor personen boven de vijfenzestig jaar. Gemeenten voeren hiervoor de volgende wettelijke taken uit: 1. het op systematische wijze volgen en signaleren van ontwikkelingen in de gezondheidstoestand van ouderen en van gezondheidsbevorderende en -bedreigende factoren; 2. het ramen van de behoeften aan zorg; 3. de vroegtijdige opsporing en preventie van specifieke stoornissen als comorbiditeit; 4. het geven van voorlichting, advies, instructie en begeleiding; 5. het formuleren van maatregelen ter beïnvloeding van gezondheidsbedreigingen. De GGD draagt met onderstaand programma Vitaal Ouder Worden met drie programmalijnen bij aan de wettelijke taken nummer 1 en 4.

Programmalijn 1 Vitaliteit We zijn zelf het medicijn Onze lopende campagne (2022-2023) 'We Zijn Zelf het Medicijn' vraagt op een positieve en laagdrempelige wijze aandacht voor de relatie tussen leefstijl en de kans om dementie te ontwikkelen Op dit moment wonen zo’n 8 mensen met dementie in de regio ZuidHolland Zuid en de verwachting is dat dit aantal de komende 30 jaar verdubbelt. Op 4 april '23 sluiten we de campagne af, maar de lessen en inspiratie die we met deze campagne hebben opgedaan, zijn verwerkt in het nieuwe beleid voor senioren. Voorlichtingsbijeenkomsten met Drechtdokters Een uitwerking van onze samenwerking met Drechtdokters is het organiseren van informatiebijeenkomsten op het thema 'Goed voorbereid Ouder worden'. Er wordt stilgestaan bij wat er nodig is om goed voorbereid een nieuwe levensfase in te gaan en hoe huisartsen, de GGD en de gemeente daarbij kunnen faciliteren. In deze bijeenkomsten verzorgt de GGD voorlichting over vitaliteit passend bij de doelgroep (70+). Drechtdokters verzorgt voorlichting over kwaliteit van leven en zorgwensen. Gemeentes kunnen voorlichting verzorgen over speciale regelingen voor senioren, het lokale aanbod onder de aandacht brengen of over toekomstbestendig wonen. Het doel is

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 14

senioren stimuleren, activeren én enthousiasmeren om zelf verantwoordelijkheid te nemen in hun vitaliteit en hen bewust te maken over toekomstige zorg- en woonwensen. Op basis van de opgedane ervaringen verkent de GGD of er ook bijeenkomsten kunnen worden georganiseerd samen met andere huisartsengroepen in de regio. Ketenaanpak valpreventie Gemeenten staan voor een uitdaging om een ketenaanpak valpreventie (IZA) te maken. Daaronder valt het uitvoeren van een valrisico-inschatting en het aanbieden van een valpreventieve beweeginterventie. GGD ZHZ werkt samen met gemeenten aan de vertaling van de landelijke ambities naar een regionale ketenaanpak. De GGD faciliteert en adviseert gemeenten in een regionale denktank.

Programmalijn 2 participatie Hoorwinst De campagne Hoorwinst is een bewustwordingscampagne die zich richt op de sociale gevolgen van gehoorverlies. Er is een correlatie tussen beperkingen in het gehoor en ervaren gezondheid. Het is een unieke campagne in Nederland. Het doel van Hoorwinst is het bevorderen van de participatie van senioren met slechthorendheid. De ambitie is om deze lokale campagne uit de gemeente Hoeksche Waard regionaal uit te rollen.

Programmalijn 3 Onderzoek en monitors Voor het maken van passend gezondheidsbeleid voor volwassenen en senioren (vitaal ouder vergt actieve inzet vanaf de leeftijd van veertig jaar) is inzicht nodig in hun gezondheid. De GGD ZHZ voert, in opdracht van haar gemeenten, jaarlijks gezondheidsmonitors en eigen onderzoek uit. Medio 2023 worden de resultaten van de monitor 'Volwassenen & Ouderen' gepubliceerd. De monitors bevatten een schat aan regionale en gemeentelijke informatie over de gezondheid van 40-plussers. Om de impact van deze resultaten te vergroten organiseert de GGD ZHZ in oktober '23 een symposium. In dit symposium worden de belangrijkste resultaten gepresenteerd aan gemeenten, kennispartners, regionale en lokale partijen in het sociale- en zorgdomein. Wij zorgen voor een symposium waarin de resultaten mét de senioren worden besproken en waarin wij samen met senioren en onze samenwerkingspartners helpen de resultaten te duiden.

2.6.2 Trends en ontwikkelingen Trends Voor een zeer uitgebreid document over trends verwijzen we naar de website https://www.ouderworden2040.nl/ waar een document 'Trends en ontwikkelingen in de ouder wordende samenleving' te vinden is. (kopje Kennis) Een paar highlights: Meer aandacht voor leefstijl en preventie; Langer leven, langer ziek, meer medicijnen; Meer eigen regie en persoonlijke wensen; Langer thuis wonen.

Ontwikkelingen •

Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO): dit bestaat uit verschillende maatregelen, initiatieven en projecten om ervoor te zorgen dat de ouderenzorg ook in de toekomst blijft passen bij wat ouderen willen. Uitgangspunt is: "zelf als het kan, thuis als het kan en digitaal als het kan". De Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 15

•

•

•

•

aanwezigheid/ontwikkeling van digitale vaardigheden (onderdeel van de gezondheidsdeterminant gezondheidsvaardigheden) is daarbij vanzelfsprekend essentieel. Gemeenten fa iliteren et ‘omzien naar elkaar in de wijk’ door een breed, laagdrempelig en vindbaar aanbod van activiteiten en ondersteuning in de eigen buurt of wijk. In een vroeg stadium wordt ingezet op reablement. Voor mensen die niet beschikken over een eigen netwerk en waarbij sprake is van een bepaalde mate van kwetsbaarheid, zorgen gemeenten ervoor dat, waar mogelijk, een netwerk geactiveerd wordt. IZA: o Gemeenten zijn – gezien hun brede verantwoordelijkheid in het sociale en preventieve domein – goed in staat om passende en integrale ondersteuning en zorg te bieden aan of organiseren voor (kwetsbare) mensen. Met name voor ouderen (en hun mantelzorgers) is de rol van gemeenten vanuit de Wmo en op het terrein van volkshuisvesting belangrijk. o Ketenaanpak Valpreventie: voor gemeenten zijn vanaf 8 februari 2023 via de SPUK middelen beschikbaar om de onderdelen die vallen binnen de gemeentelijke domeinen aan te bieden. Zoals het uitvoeren van een valrisicoinschatting en het aanbieden van een valpreventieve beweeginterventie. Hierbij hoort ook het opzetten van een ketenaanpak met zorgverzekeraars.

Afgesproken is dat uiterlijk op 1 januari 2024 in elke regio wordt gestart met de inrichting van de ketenaanpak valpreventie in zoveel mogelijk gemeenten. o In 2025 zijn ouderen boven de 75 zich bewust van hun ideeën over kwaliteit van leven en toekomstige wensen met betrekking tot behandelen en sterven, door proactieve zorgplanning (Advance Care Planning). Uiterlijk in 2023 zorgen zorgverzekeraars voor heldere afspraken over een kwantitatief doel. Dit heeft in onze regio een directe link met de voorlichtingsbijeenkomsten van de GGD, Drechtdokters en de gemeenten (zie taakomschrijving). GALA: o Artikel 5a van de Wpg geeft gemeenten opdracht om zorg te dragen voor de uitvoering van de ouderengezondheidszorg. Met het oog op de vergrijzing wordt het steeds belangrijker hoe hier invulling aan gegeven wordt. Het ministerie van VWS en gemeenten brengen praktijkvoorbeelden van de wijze waarop artikel 5a van de Wpg wordt ingevuld in kaart en dragen zorg voor de verspreiding van goede voorbeelden. o Gemeenten dragen zorg voor een goed sluitende (en laagdrempelige) ondersteuning voor mentale gezondheid afgestemd op de behoefte van de eigen inwoners. In het bijzonder wordt gekeken naar doelgroepen, zoals kwetsbare ouderen en inwoners met een lage sociaal-economische positie.

o Gemeenten zetten een netwerksamenwerking op met relevante partijen om een aanpak voor vroegsignalering van alcoholproblematiek uit te voeren, waaronder in elk geval de GGD. Een uitgelichte doelgroep zijn ouderen. o Gemeenten kunnen buurtsport- en cultuurcoaches de ruimte geven om een gespecialiseerd aanbod voor ouderen te creëren. Onderdeel van hun werkzaamheden is om ouderen te begeleiden en les te geven aan kwetsbare ouderen. Voor ouderen is gezonde voeding een belangrijke motor om vitaal te blijven. Ondervoeding speelt, naast overgewicht, een belangrijke rol in een afnemende zelfstandigheid. Acties van de gemeenten:

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 16

o

o

o

o

Gemeenten dragen bij aan de agendering van gezonde voeding en ondervoeding bij ouderen door hier aandacht voor te hebben in de lokale nota gezondheidsbeleid of in het lokale preventieakkoord. Gemeenten kunnen het thema ondervoeding ook agenderen in regionale overleggen over (kwetsbare) ouderen waar zij bij aansluiten. Om te stimuleren dat toegangsmedewerkers in het sociaal domein aandacht besteden aan een gezond voedingspatroon en het signaleren van ondervoeding bij ouderen, kunnen gemeenten bijvoorbeeld in de afspraken met aanbieders in het sociaal domein aandacht vragen voor dit thema. Gemeenten kunnen bijdragen aan de bewustwording bij ouderen en hun mantelzorgers op dit t ema door bijvoorbeeld de inzet van de interventie ‘Goed gevoed ouder worden’ en et organiseren van buurttafels waar gezamenlijk gegeten wordt of informatiebijeenkomsten op dit thema. Vanuit het Kennisprogramma loopt bij de GGD in 2023 een onderzoek naar ondervoeding.

2.7 Infectieziektebestrijding 2.7.1 Taken De Wet publieke gezondheid (Wpg) belegt de zorg voor de uitvoering van infectieziektebestrijding bij de gemeente, die het op haar beurt overdraagt aan de GGD. Het is daarbij gebruikelijk om bij infectieziektebestrijding onderscheid te maken tussen de vakgebieden: algemene infectieziektebestrijding, seksuele gezondheid, reizigersadvisering en -vaccinatie, hygiëne en infectiepreventie en tuberculosebestrijding. (Bron: GGD GHOR Nederland, De kerntaken van de infectieziektebestrijding Adviesrapport Heroriëntatie deeltaken voor een optimale infectieziektebestrijding, september 2022.) Al deze vakgebieden richten zich op de bestrijding van infectieziekten en op het voorkomen van de verspreiding ervan. De uitvoering van de werkzaamheden bij algemene infectieziektebestrijding, seksuele gezondheid en tuberculosebestrijding zijn grotendeels hetzelfde. Het hoofddoel van de infectieziektebestrijding is: Het voorkomen van besmettingen door infectieziekteverwekkers, inclusief bijzonder resistente micro organismen (BRMO), en de verspreiding ervan, ter bescherming van de volksgezondheid. Om dit hoofddoel te bereiken wordt gewerkt langs de lijn van zeven kerntaken: 1. Bestrijden van infectieziekten en voorkomen van verdere verspreiding 2. Surveillance 3. Beleidsadvisering 4. Preventieactiviteiten 5. Netwerk en regie 6.

Voorbereiding op grootschalige infectieziekte-uitbraken 7. Kennis en onderzoek Binnen elke GGD is een team (algemene) infectieziektebestrijding werkzaam, bestaande uit minimaal artsen Maatschappij + Gezondheid/Infectieziektebestrijding, verpleegkundigen Maatschappij + Gezondheid en deskundigen infectiepreventie die medisch-inhoudelijke expertise leveren. Deze expertise wordt GGD specifiek ondersteund door epidemiologen, onderzoekers, beleidsmedewerkers, data-specialisten en

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 17

communicatieadviseurs. Het team IZB krijgt eveneens ondersteuning van management, doktersassistenten en secretariaat. In het onderstaande staan de zeven kerntaken toegelicht.

Bij kerntaak 1 Bestrijden van infectieziekten en voorkomen van verdere verspreiding Infectieziekten worden ten behoeve van de bestrijding hiervan bij het team Infectieziektebestrijding gemeld volgens de Wpg. Het team Infectieziektebestrijding zet maatregelen in naar aan leiding van individuele casuïstiek, van meldingen van uitbraken volgens artikel 26 en van signalen. Bron- en contactonderzoek Om verdere verspreiding na vaststelling van een infectieziekte bij een patiënt of groep te voorkomen (secundaire preventie), voert de GGD Bron- en contactonderzoek (BCO) uit. Het doel van BCO is om de besmettingsbron op te sporen, en om contacten van een patiënt te identificeren, hen te informeren over de blootstelling en risico op besmetting, te wijzen op maatregelen die genomen moeten worden om verdere verspreiding te voorkomen en de patiënt(en) hierin te begeleiden. In het contactonderzoek gaat bijzondere aandacht uit naar kwetsbare contacten en contacten die werken met kwetsbare personen, zoals zorgmedewerkers. Outbreak management Als er sprake is van een uitbraak van een infectieziekte in de maatschappij, heeft de GGD de taak om te voorkómen dat dit zich verder verspreidt. Bij regionale uitbraken (van zogenaamde B1, B2 en C ziekten) ligt de regie bij het team Infectieziektebestrijding van de regionale GGD.

Bij bovenregionale en internationale uitbraken (A-ziekte of pandemie) vindt centrale regie plaats (landelijk). Spreekuren Centrum Seksuele Gezondheid Seksueel overdraagbare aandoeningen zijn ook infectieziekten. GGD'en hebben allemaal een Centrum Seksuele Gezondheid. Zij houden spreekuren waar inwoners zich kunnen laten testen op soa’s en indien nodig laten be andelen Ze kunnen er ook tere t voor allerhande vragen over seksuele gezondheid. In principe kunnen inwoners van Nederland met klachten die kunnen duiden op een soa en vragen over seksuele gezondheid terecht bij hun huisarts. Echter, voor een aantal specifieke groepen blijkt die drempel te hoog vanwege het gebrek aan anonimiteit en/of kosten, terwijl zij verhoogde risico's lopen op seksuele ongezondheid. Daarom bieden GGD'en met behulp van een rijkssubsidieregeling Aanvullende Seksuele Gezondheid (ASG) spreekuren aan deze groepen, kosteloos en desgewenst kan een client anoniem blijven: jongeren tussen 12 en 25 jaar, mannen die seks hebben met mannen, sekswerkers, mensen met klachten die wijzen op een SOA, slachtoffers seksueel geweld, en cliënten die een zgn. partnerwaarschuwing hebben gekregen.

Bij kerntaak 2 Surveillance Onder surveillance valt het consequent verzamelen, analyseren en interpreteren van data over infectieziekten. Het doel daarvan is om gericht acties uit te voeren voor het tegengaan van verspreiding van infe tieziekten GGD’en maken daarbij gebruik van diverse databronnen, signalen uit de maatschappij en het netwerk, zoals van laboratoria

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 18

en andere zorgprofessionals Nieuwe databronnen zoals ‘big data’ en so iale media zullen in de toekomst ook een rol van betekenis krijgen in de surveillance. Seksuele gezondheid: door deelname aan het landelijk onderzoek met regionale ophoging "Seks onder je 25e" in 2022/2023 (resultaten eind 2023) verkrijgen we specifieke data over onze regio, die als aanvulling geldt op data die het CSG zelf verzamelt via de spreekuren.

Bij kerntaak 3 Beleidsadvisering Het team Infectieziektebestrijding adviseert en ondersteunt stakeholders en ketenpartners, waaronder beleidsmakers en bestuurders, over de publieke gezondheid en het regionale en lokale volksgezondheidsbeleid. Dit gebeurt gevraagd en ongevraagd. Dit gaat over benodigde activiteiten die gericht zijn op het bestrijden van infectieziekten en het voorkomen van verdere verspreiding.

Bij kerntaak 4 Preventieactiviteiten Algemeen Het team Infectieziektebestrijding voert een breed scala aan activiteiten uit, gericht op infectieziektebestrijding en infectiepreventie. Preventieactiviteiten zijn met name gericht op primaire preventie: het zo goed als mogelijk voorkomen dat mensen een infectieziekte krijgen. Dat gebeurt door te voorkomen dat mensen besmet raken en te voorkomen dat besmetting tot ziekte leidt. Bovendien houdt het team Infectieziektebestrijding zich ook, maar in mindere mate, bezig met vroege opsporing van een infectieziekte (secundaire preventie) en het beperken van gezondheidsschade door een infectieziekte tertiaire preventie Op vers illende preventiet ema’s werkt et team Infectieziektebestrijding samen met andere relevante deskundigen binnen en buiten de GGD. Infectiepreventie en Technische Hygiëne zorg Infectiepreventie is een belangrijk instrument om de (verdere) verspreiding van infecties en infectieziekten te voorkomen. De deskundigen infectiepreventie van de GGD zetten zich, in samenwerking en in afstemming met het Infectiepreventie & Antibioticaresistentie Zorgnetwerk Zuidwest Nederland, nadrukkelijk in voor infectiepreventie in zorginstellingen waar veel kwetsbare inwoners bijeen zijn, zoals thuiszorg, ouderenzorg en gehandicaptenzorg.

De deskundigen infectiepreventie agenderen het belang van goede infectiepreventie (hygiënemaatregelen) en bieden trainingen aan, met als doel dat organisaties dit zelf goed gaan inrichten en beheren. Dit is primaire preventie. Bovendien zet de GGD zich in voor infectiepreventie in dak- en thuislozenopvang, kinderopvang en kinderboerderijen. De inspecteurs van Technische Hygiënezorg inspecteren periodiek locaties, ter voorkoming van de verspreiding van (infectie)ziekten: 1. Tattoo- en piercingshops, en salons die permanente make-up aanbrengen 2. Ship sanitation van zeeschepen 3. Seks- en relaxgelegenheden 4. Opvanglocaties voor vluchtelingen en asielzoekers 5. Evenementen 6. Opvanglocaties van dak- en thuislozen 7. Locaties waar risico is op legionella Technische hygiënezorg is bedoeld om risico's te beperken op plaatsen waar veel mensen samenkomen en waar gebruik gemaakt wordt van gemeenschappelijke voorzieningen. Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 19

De kosten voor de inspecties worden gefactureerd aan de opdrachtgevers. Gemeenten kunnen op basis van deze inspecties handhavend optreden. Vaccineren Vaccineren is de meest effectieve manier om infectieziekten te voorkomen. Kwetsbare mensen die vanwege hun gezondheid niet gevaccineerd kunnen worden, worden door het bestaan van groepsimmuniteit beschermd. Hiervoor is een voldoende hoge vaccinatiegraad nodig. Het vaccinatiebeleid wordt landelijk bepaald. Jong JGZ voert het Rijksvaccinatieprogramma uit. Daarnaast ontwikkelt GGD ZHZ een Regionaal Vaccinatie Expertisecentrum, om vragen van inwoners te beantwoorden op het gebied van vaccinaties en om aanvullende vaccinaties aan te bieden aan inwoners en professionals. Hieronder vallen de volgende vaccinatiegebieden: • Reizigersadvisering en -vaccinatie • Vaccinatie aan beroepsgroepen die een groter risico lopen op besmetting met een infectieziekte • Personen die als gevolg van een ziekte of medicijngebruik een verminderd afweersysteem hebben • Personen die aanvullende vaccinaties willen ontvangen, buiten het Rijksvaccinatieprogramma Seksuele Gezondheid De werkzaamheden voor seksuele gezondheid bestaan uit het testen op soa's, en daarnaast is ook voorlichting een belangrijke preventieve taak. Hierbij werken het Centrum Seksuele Gezondheid en team Gezondheidsbevordering nauw samen.

Waar de CSG-verpleegkundigen vooral expertise hebben over seksualiteit, soa's en anticonceptie/zwangerschap, heeft team Gezondheidsbevordering kennis over/een kennisnetwerk op de thema's (seksuele) wensen en grenzen, en seksuele diversiteit. Bovendien werken bij team Gezondheidsbevordering Gezonde School Adviseurs. Deze adviseurs ondersteunen scholen in onze regio vraaggericht bij Gezonde School thema's. Relaties en Seksualiteit is één van die thema's. Behalve op scholen, en via de spreekuren aan individuen, geeft de GGD ook aan andere groepen voorlichting. Denk aan jongerenwerk, beschermd wonen, vluchtelingen, ouders, sekswerkers. Andere manieren om te communiceren zijn het organiseren van kenniswebinars (bijv. voor ouders) en het posten van filmpjes over seksuele gezondheid voor jongeren via social media en de GGD-website. Op al die momenten wordt zowel kennis overgedragen als de bekendheid van de GGD en het CSG vergroot. Het Centrum Seksuele Gezondheid biedt sinds 2023 ook PREP-spreekuren. PREP is preventieve medicatie om een HIV-infectie te voorkomen.

Bij kerntaak 5 Netwerk en regie Algemeen Het samenwerken met en (zorg)professionals en andere ketenpartners is essentieel om (bedreigingen van) infectieziekten effectief te kunnen voorkomen of indammen. De GGD participeert hiervoor in het regionale netwerk van (zorg)instellingen en in het landelijke en wereldwijde netwerk van instellingen voor publieke gezondheid, waaronder RIVM/LCI, ECDC en WHO. Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 20

Seksuele gezondheid Het CSG heeft haar netwerk onder professionals sinds 2021 uitgebreid om de bekendheid van het CSG te vergroten, het belang van seksuele gezondheid te agenderen, kennis te delen over seksuele gezondheid en samenwerking te versterken. Denk aan scholen, wijkteams, jeugdteams, Jong JGZ, jongerenwerk, exploitanten van seks- en relaxgelegenheden en COC. De GGD bovendien participeert in het Regenboogoverleg ZHZ waarin kennis en initiatieven worden gedeeld over seksuele diversiteit met/tussen de tien gemeenten. De GGD neemt deel aan het Netwerk Seksueel Geweld ZHZ en is verbonden aan Centrum Seksueel Geweld in Rotterdam. Tuberculose TBC wordt voor ZHZ uitgevoerd door het Regionaal Expertise Centrum (REC) TBC ZuidHolland, waarin GGD'en samenwerken. De GGD behandelt patiënten in toenemende mate in samenwerking met wijkverpleging.

Bij kerntaak 6: Voorbereiding op grootschalige infectieziekte-uitbraken Om tijdig en adequaat te kunnen handelen bij een uitbraak, treft de GGD voorbereidingen voor regionale uitvoering van infectieziektebestrijding bij een grootschalige infectieziekte-uitbraak. Een opschalingsplan, draaiboeken, infrastructuur op orde (o.a. landelijk compatibele en flexibel inzetbare registratiesystemen, ICT, isolatieen quarantainefaciliteiten, interne en externe communicatie) en regelmatig oefenen zijn belangrijke zaken hierbij. Landelijk is de beleidsagenda Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraat eid GGD'en I vastgesteld Het doel iervan is zorgen dat GGD’en voldoende toegerust zijn om hun rol op het gebied van infectieziektebestrijding kwalitatief goed uit te voeren. En daarmee ook goed voorbereid te zijn op een infectieziekte-uitbraak met (potentieel) landelijke impact.

Bij kerntaak 7: Kennis en onderzoek Kennis en onderzoek zijn de basis voor een kwalitatief stevige infectieziektebestrijding. Naast richtlijnontwikkeling en het opleiden van voldoende IZB-professionals betreft dit ook professionalisering en academisering van het vakgebied. Het landelijke programma Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid GGD'en (VIP) bevat ook stimulansen om dit te versterken.

2.7.2 Trends en Ontwikkelingen Trends •

•

•

•

Het ligt in de lijn der verwa ting dat ‘oude’ infe tieziekten in 2 23/2 2 ver evigd terugkomen, omdat er minder immuniteit onder de bevolking is opgebouwd door de contactbeperkende maatregelen in het kader van de COVID-19 bestrijding. Vanwege globalisering, een aanhoudende vluchtelingenstroom en het steeds meer reizen, kunnen infectieziekten (via mens én dier) van over de hele wereld snel ons land binnenkomen. Doordat mens en natuur steeds dichter bij elkaar komen neemt de kans toe op introductie van een ziekteverwekker vanuit het dierenrijk naar mensen. Voorbeelden hiervan zijn de uitbraken van vogelgriep, COVID-19 en monkeypox. Deze uitbraken volgen elkaar bovendien in een steeds sneller tempo op.

Bijlage 1 bij Bouwstenennotitie 2024-2027 | Trends, ontwikkelingen GGD, LVS, SOJ en VT 21

•

•

•

• •

•

De invloed van klimaatverandering op het infectierisico in Nederland is moeilijk te bepalen, maar het is aannemelijk dat in de komende jaren (onder meer door klimaatverandering) de populaties van diverse muggen die infecties kunnen overbrengen (malaria, west nile virus) hier zullen groeien. Ook vergroten extreme weersomstandigheden (bijvoorbeeld overstromingen) het risico op een uitbraak. De beweging in de maatschappij van wantrouwen richting de overheid vertaalt zich concreet in een verminderde vanzelfsprekendheid om te vaccineren. We zagen dit tijdens de COVID-pandemie en dit heeft ook een negatief effect op de vaccinatiegraad voor het Rijksvaccinatieprogramma. Daarnaast zien we al langere tijd in onze regio een lagere vaccinatiegraad in specifieke wijken en kernen, wat ook verband lijkt te hebben met geloofs- en levensovertuigingen. De vraag naar vaccinaties die (nog) niet binnen het Rijksvaccinatieprogramma worden gegeven, is de afgelopen jaren toegenomen. We moeten rekening houden met een toename van het aantal kwetsbare inwoners als gevolg van vergrijzing en toename van gebruik van afweeronderdrukkende medicijnen bij verschillende chronische ziektes. Het vindpercentage van seksueel overdraagbare aandoeningen is stabiel.

Ontwikkelingen Infectieziektebestrijding algemeen • De GGD treft voorbereidingen voor een vaccinatie expertise centrum (zie bij taakomschrijving). • Landelijk is de beleidsagenda Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid (VIP) vastgesteld. De versterkte publieke gezondheidszorg en infectieziektebestrijding omvat de volgende onderdelen: A. Versterking capaciteit B. Wijzigingen in wetgeving C. Versterking zoönosebeleid D. Duurzame IV in de koude en warme fase E. Structuur opschaling Landelijke Functionaliteit IZB F. Versterking vaccinatiecentrum G. Versterking monitoring en surveillance IZB Het doel iervan is zorgen dat GGD’en voldoende toegerust zijn om un rol op et gebied van infectieziektebestrijding kwalitatief goed uit te voeren. En daarmee ook goed voorbereid te zijn op een infectieziekte-uitbraak met (potentieel) landelijke impact. GGD GHOR Nederland heeft dit voor 2023-2024 concreet uitgewerkt in vijf pijlers voor de GGD'en: 1. Kwetsbaarheden wegnemen voor pandemische paraatheid (personele capaciteit) 2. Versterking (boven)regionale monitoring en surveillance 3. Versterken wetenschappelijke kennisinfrastructuur 4. Samenwerken op bovenregionaal niveau 5. Slim en versneld opleiden •

Met het uitvoeren van GALA en IZA dragen gemeenten ook bij aan pandemische paraatheid en uitbraken van infectieziekten. Namelijk: hoe gezonder de inwoners zijn, hoe kleiner (waarschijnlijk) de impact van infectieziekten is, qua ziektelast en druk op de zorg.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/484/documents/11052