Raadsmededeling 105-2024 beantwoording toezegging oordeelvormende vergadering d.d. 17 juni 2024 criteria ODA
Tekst van het document
Met de Gelderse Omgevingsdiensten worden daarnaast de verkennende gesprekken voortgezet, maar ook kijkt een ieder buiten onze provinciegrens. Meer hierover in paragraaf 4.3. het derde spoor. 4.3.1. Voorstel gelijkwaardige Gelderse omgevingsdiensten Binnen het Gelders Stelsel zijn de directeuren gestart met de verkenning om de individuele Gelderse Omgevingsdiensten gelijkwaardig in te richten. Dit kan zijn op basis van een herverdeling van de verschillende milieu(plus)taken en/of de herindeling van de regio’s op basis van de congruentie binnen de leefomgeving.
21
De Gelderse omgevingsdiensten zullen daarnaast onderling met elkaar verkennende gesprekken starten en met aangrenzende provinciegrensoverschrijdende omgevingsdiensten. Op het moment van het schrijven van dit plan van aanpak is hiervoor nog geen concrete einddatum beschikbaar waarop dit zou moeten zijn afgerond. Gestreefd wordt in ieder geval voor 2026. 4.3.1.1. Milieu(plus)takenpakket vanuit de provincie Gelderland De provincie Gelderland heeft verschillende milieu(plus)taken onder zich die andere provincies veelal hebben ondergebracht bij de eigen omgevingsdiensten. Denk bijvoorbeeld aan de onderwerpen natuur, geitenmoratorium en drinkwaterzuivering. De Gelderse Omgevingsdiensten gaan in gesprek met de provincie om deze milieuplustaken alsnog per regio in te brengen bij de diensten. Ook zal daarbij kritisch moeten worden gekeken naar de inmiddels verdeelde milieuplustaken vanuit de provincie om te komen tot gelijkwaardige omgevingsdiensten.
22
4.4 Spoor 3: Voorbereiding verkenning van samenwerking en fusiemogelijkheden Na de bekendmaking van de robuustheidscriteria is ODA gestart met het opzetten van verkennende gesprekken met de collega Gelderse Omgevingsdiensten en de aangrenzende omgevingsdiensten in de provincie Overijssel. Zoals de staatssecretaris heeft geadviseerd is ODA in gesprek met Omgevingsdienst Twente en Omgevingsdienst IJsselland om de mogelijke verkennende gesprekken verder voort te zetten. Gezien de beperkte tijd die hiervoor beschikbaar is worden zowel de scenario’s als de voor- en nadelen nog nader uitgewerkt. Tijdens de gesprekken is inmiddels al concreet doorgepraat over een nog robuustere samenwerking tussen Gelderland en Overijssel.
4.5 Toewijzen van verantwoordelijkheden aan betrokken partijen Het Algemeen Bestuur heeft op d.d. 29 maart 2024 de directeur van ODA opdracht gegeven dit plan van aanpak toe te sturen aan de staatssecretaris van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. De opdracht om dit plan van aanpak uit te voeren volgt nadat de reactie van de staatssecretaris is ontvangen. De directeur heeft voor dit plan van aanpak een programmamanager aangesteld die de uitvoering van de acties uitzet binnen de organisatie en daarvoor periodiek verantwoording aflegt zoals opgenomen in hoofdstuk 5. De programmamanager heeft het projectteam samengesteld bestaande uit de organisatieadviseur, kwaliteitsadviseur, informatiemanager, archiefadviseur en de (deels) nog te werven functies van teamleiders van de verschillende teams en adviseur bedrijfsvoering en concernjurist. Daarnaast zijn afspraken gemaakt over het aanhaken op de specifieke netwerken die beschikbaar zijn of nog zullen worden opgesteld. De directeur onderhoudt het contact met de directeuren van de Gelderse Omgevingsdiensten en andere omgevingsdiensten vanuit Omgevingsdienst NL. De managers onderhouden het contact met de managers van de Gelderse Omgevingsdiensten en andere omgevingsdiensten vanuit Omgevingsdienst NL.
De programmamanager onderhoudt het contact met de programmamanagers vanuit de Gelderse Omgevingsdiensten en de nieuw in te richten netwerkgroep vanuit Bureau Omgevingsdienst NL (voormalig netwerk projectleidersoverleg Omgevingswet).
4.6 Planning opstellen voor de uitvoering van het plan van aanpak Vanuit het Interbestuurlijk programma is de termijn gesteld om dit plan van aanpak voor 1 januari 2026 te hebben uitgevoerd. De planning van het plan van aanpak zal concreet worden afgestemd met de ambtelijk opdrachtgevers zodra de reactie van de staatssecretaris is ontvangen.
23
5. Communicatie en monitoring Het programma staat of valt met de communicatie en het informeren van alle betrokken partijen over de monitoring van acties. In dit hoofdstuk leggen wij uit hoe de betrokken partijen blijvend worden geïnformeerd over de voortgang van dit plan van aanpak. De invloed van verantwoordelijke partijen zijn eerder aan de orde gekomen in par. 4.15. Gemeenteraden en provinciale staten Voor dit plan van aanpak is de organisatie in gesprek getreden met de gemeenteraden en daarbij zijn aanvullingen opgehaald voor dit plan. Vanuit de provincie Gelderland is een eigen traject doorlopen met de Gelderse Omgevingsdiensten en gemeenten. Gemeenteraden worden tegelijkertijd met het in routing brengen van de begroting uitgenodigd in gesprek te gaan over de effecten van dit plan op de eigen gemeente. Ook zal een tussenmoment in oktober worden gepland om de gemeenteraden te informeren over de voortgang van dit plan van aanpak. Indien nodig en bij ingrijpende aanpassingen vanuit de staatssecretaris zullen de raden tussentijds worden geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief.
Q1
2024 Q2 Q3
Q4
Q1
2025 Q2 Q3
Q4
Q1
2026 Q2 Q3
Q4
Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur komt 4 maal per jaar samen en de voortgang van het plan van aanpak zal structureel op de agenda worden toegevoegd. Indien nodig kan een overleg buiten de jaarlijkse vergadercyclus worden gepland. Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur komt 8 maal per jaar samen en de voortgang van het plan van aanpak zal structureel op de agenda worden toegevoegd ter voorbereiding op het overleg met het Algemeen Bestuur. Indien nodig kan een overleg buiten de jaarlijkse vergadercyclus worden gepland. Opdrachtgeversoverleg Het opdrachtgeversoverleg vindt 2-maandelijks plaats en de voortgang van het plan van aanpak zal structureel op de agenda worden toegevoegd. Daarnaast is er 2 maal per jaar een overleg met de financieel specialisten. Managementteam Het managementteam vindt wekelijks plaats en de voortgang van het plan van aanpak zal maandelijks structureel op de agenda worden toegevoegd bij het opstellen van de agenda voor het opdrachtgeversoverleg. Medewerkers De medewerkers worden regelmatig geïnformeerd via de werkoverleggen. Bij het informeren van de gemeenteraden over de voortgang zullen personeelsbijeenkomsten gepland worden zodat de medewerkers tegelijkertijd met de raden worden geïnformeerd.
Ondernemingsraad In het OR-overleg met de bestuurder voorafgaand aan de medewerkersbijeenkomst zal de Ondernemingsraad worden geïnformeerd over de voortgang van het plan van aanpak. Informeren van de staatssecretaris ministerie Infrastructuur en Waterstaat Op het moment van schrijven is nog niet bekend welke formele momenten de staatssecretaris de periodieke terugkoppeling verwacht. Hierdoor beschouwen wij de lijn in communicatie aan onze gemeenteraden en provinciale staten als leidend waarop ook de staatssecretaris dezelfde informatie ontvangt.
24
Bijlage I SWOT-analyse Hieronder zijn de onderdelen uit de SWOT-analyse omschreven. Sterkte punten Ervaren personeel in vaste dienst Binnen ODA werkt meer dan 90% in vaste dienst en deze medewerkers beschikken over de benodigde diploma’s en ervaring volgens de kwaliteitscriteria 2.1. Financiële veerkracht De organisatie is opgericht in een periode dat het land uit een financiële crisis klom en gemeenten zich aan het voorbereiden waren op de ingrijpende transitie rondom de Wmo. Gemeenten hadden daarom minder middelen beschikbaar om een organisatie op te zetten, maar ODA heeft laten zien kritisch met deze middelen zo efficiënt en effectief de organisatie op te bouwen met hoogwaardige kwaliteit van dienstverlening. Geavanceerde technologie Binnen de verschillende vakgebieden wordt gewerkt met hoogwaardige technologie en heeft de organisatie oog voor de doorontwikkeling van deze techniek. Een goed voorbeeld hiervan is onze geluidsapparatuur die meegroeit met de technologische verbeteringen in de tijd. De ODA beschikt tevens over een drone en gediplomeerd dronepiloot die steeds vaker wordt ingezet om op een efficiënte en effectieve wijze toezicht te houden. Voor complexe metingen zoals emissiemetingen bij bedrijven wordt intensief samengewerkt met de meetdienst van Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA).
Efficiënte samenwerking Binnen de organisatie is een cultuur ontwikkeld waarin samenwerken vanzelfsprekend en noodzakelijk is. Er wordt gewerkt vanuit een vierogenprincipe en gevraagd en ongevraagd kunnen collega’s bij elkaar terecht voor feedback, zeker als het gaat om onze aandachtsbedrijven. Daarnaast is er een stevige samenwerking met de direct betrokken collega’s bij de partners. Deze samenwerking is mede door de implementatie van de Omgevingswet verder versterkt. De organisatie beschikt over professionele korte lijntjes in de regio. Ook met de ketenpartners in de regio zijn sterke samenwerkingsverbanden opgezet. ODA heeft sinds 2021 een dienstverleningsovereenkomst met Waterschap Rijn en IJssel (WRIJ) en wil deze in 2024 actualiseren. Ook wil ODA in de toekomst samen met Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) nog concreter elkaars risicoanalyse aanvullen vanuit het eigen vakgebied. Deels is hiervoor gestart met een pilot om de onderlinge data met elkaar uit te wisselen om zo een nog beter inzicht te krijgen in de risico’s in de regio. Duidelijke procedures ODA beschikt over duidelijke werkprocessen, procedures en richtlijnen in de uitvoering van vergunningverlening, het houden van toezicht en de handhaving daarvan.
De werkprocessen zijn met de implementatie van de Omgevingswet verder geactualiseerd en zijn een vast onderdeel in het takenpakket van de kwaliteitsadviseur.
25
Kansen Doorontwikkeling naleving wet- en regelgeving De ODA neemt een proactieve positie in bij het signaleren van verschillende ontwikkelingen binnen het milieuwerkveld en hiermee samenhangende wet- en regelgeving. We beoordelen wat de consequentie voor onze omgeving en onze partners is van de veranderingen en adviseren hier onze partners over tijdens de consultatie in de wetgevingsprocedure. Voorbeelden hiervan zijn normen voor windparken en het nationaal programma landelijk gebied. Business Intelligence Vanwege de subsidie van het IBP is de organisatie in de gelegenheid gesteld om een eigen datawarehouse te bouwen en implementeren. Daarnaast is ODA gestart met het ontwikkelen van onze eigen Business Intelligencestrategie en onderzoeken we de mogelijkheden om met partners en ketenpartners data te delen in de regio, via het Gelders Datalab met de Gelderse Omgevingsdiensten en Omgevingsdienst NL. Capaciteitsopbouw Doordat in de regio (en het land) overal capaciteitsproblemen zijn ontstaan, ziet ODA kansen om hiervoor in de regio een centrale rol op te pakken bij het opleiden van medewerkers binnen het VTH-proces, specifiek op het gebied van milieu. Samenwerking met stakeholders In de regio is reeds sprake van een stevige samenwerking met de deelnemende gemeenten en de ketenpartners.
Hierin neemt ODA veelal het initiatief om de samenwerking te bevorderen en dit proces te coördineren, zoals ook met de implementatie van de Omgevingswet. Verder ziet ODA in de regio kansen in het aansluiten bij de Regio Achterhoek en haar inhoudelijke kennis in te brengen op de specifieke thematafels zoals energie, circulaire economie, etc. Wetgevingswijzigingen en ontwikkelingen Op verschillende gebieden is de landelijke ontwikkeling sterk toegenomen als het gaat over bijvoorbeeld zeer zorgwekkende stoffen, water, lucht en bodem. Maar ook de nieuwe Omgevingswet draagt op voorhand belangrijke wijzigingen in zich of wijzigingen die nog moeten gaan plaatsvinden. Ook zal er nieuwe jurisprudentie worden ontwikkeld op basis van deze nieuwe wet- en regelgeving. ODA ziet hierin de kans om zich dit nog concreter eigen te maken met een specialistisch team dat de gemeenten ondersteunt bij de interpretatie en implementatie van milieugerelateerde onderwerpen. Daarnaast is ODA van plan om haar kennis op het gebied van agrarisch en zeer zorgwekkende stoffen ook veel uitgebreider en concreter landelijk in te zetten via het Bureau Omgevingsdienst NL. Milieueducatie en -informatie Door educatieve initiatieven te ontwikkelen en te promoten, kan ODA het bewustzijn in de regio vergroten over milieukwesties en wet- en regelgeving.
Door het aanbieden van duidelijke informatie kan ODA het partnerschap met de gemeenschap verder uitbouwen en de acceptatie van milieubeleid vergroten. Het benutten van deze kans versterkt de relatie tussen ODA en de gemeenschap en draagt bij aan een nog meer milieubewuste regio Achterhoek.
26
Zwakte punten Digitaal Stelsel Omgevingswet Door de invoering van de Omgevingswet wordt ook het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ingevoerd, maar in een zeer afgeschaalde vorm. Ooit was het de bedoeling dat hierin de informatiehuizen beschikbaar zouden komen vanuit de Laan van de Leefomgeving. Met de invoering van het DSO gaat ons dienstverleningsniveau eerst een stuk achteruit en met uiteindelijk de verbeteringen vanuit het Rijk gaan we in het land stappen vooruit maken. In de tussentijd werken we met workarounds. Het verdwijnen van de informatiehuizen vangen we in de Achterhoek op door een eigen datawarehouse te bouwen dat deze informatie beschikbaar maakt in de regio en uiteindelijk in het land. Capaciteitsproblemen Met de komst van de Omgevingswet zouden vergunningenprocedures sneller moeten kunnen worden afgehandeld. Hiervoor zijn ook verschillende samenwerkingsafspraken gemaakt in de regio. Door capaciteitsproblemen in de regio komen doorlooptijden in het geding. Ditzelfde geldt voor aandachtsbedrijven die vanuit toezicht en handhaving in beeld komen en meer aandacht vragen dan in eerste instantie ingeschat. Niet alleen in de regio maar ook in het land is daarnaast de situatie ontstaan dat het moeilijk is om aan (agrarische) vergunningverleners te komen.
Bedreigingen Afgedwongen fusie Door de staatssecretaris wordt sterk aangestuurd op het fuseren van omgevingsdiensten als niet wordt voldaan aan de robuustheidscriteria. Een geforceerde fusie als zodanig vraagt aanzienlijk veel tijd, energie en kosten om dit tot een goed eindresultaat te laten leiden. Echter zal gedurende deze periode de focus verschuiven naar de fusie in plaats van de leefomgeving en worden maatschappelijke middelen ingezet om de fusie te bekostigen in plaats van dat deze worden geïnvesteerd in de leefomgeving. Bezuinigingen: ravijnjaar 2026 Al langer wordt aandacht gevraagd voor het zogenoemde ravijnjaar 2026 7 waarin gemeenten zullen moeten bezuinigen. Veranderingen in wet- en regelgeving De snelle ontwikkelingen in de regelgeving vereisen dat kennis voortdurend actueel gehouden moet worden. Dit geldt zowel voor wijzigingen in regelgeving als voor kennis van nieuwe technieken. Doorontwikkeling is dan ook noodzakelijk en hierbij moet de samenwerking en kennisdeling tussen de omgevingsdiensten worden versterkt. Politieke aandacht op milieu Vanaf de gemeenteraadsverkiezingen in 2022 zien we een sterke verbeterslag in de regio in het politieke landschap. Met de meest recente landelijke en provinciale verkiezingen worden verschuivingen verwacht rondom de aandacht en noodzaak voor een schone, gezonde en veilige leefomgeving.
Het is dan ook van belang dat Omgevingsdienst NL zich hard maakt binnen het politieke speelveld als landelijke belangenorganisatie voor alle omgevingsdiensten en de focus houdt op milieu. Capaciteit op specialisme Met de snelle ontwikkelingen kunnen individuele diensten op korte termijn (bijvoorbeeld bij calamiteiten) kwetsbaar zijn. Samenwerking binnen het Gelders Stelsel biedt korte lijnen om de kwetsbaarheid te beperken.
7
https://www.binnenlandsbestuur.nl/dossier/financiele-situatie-gemeenten-ravijnjaar-2026
27