CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsmededeling 102-2024 Herijking armoedebeleid

Gemeenteraad 26 november 2024, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel herijking armoedebeleid12.332 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

102-2024 4 juni 2024 18 juni 2024 C. Sloetjes J.C. Wikkerink Herijking armoedebeleid

Aanleiding: Ons huidige armoedebeleid is in 2016 voor het laatst herzien. De beleidsregels Armoedebeleid zijn in 2022 opnieuw vastgesteld. Hierin is destijds een aantal wijzigingen aangebracht maar dit betreft geen herziening van het brede armoedebeleid. In november 2023 (vastgelegd in de Bestuurlijke Termijnagenda) is toegezegd om in (de loop van) 2024 met een voorstel te komen over een herijking van het armoedebeleid. In deze Raadsmededeling informeren we u over de stand van zaken en de nog te nemen processtappen met betrekking tot de herijking van het armoedebeleid. De opgestelde interne startnotitie is een eerste aanzet richting het herijken van het armoedebeleid. Aansluitend is nu de visie financiële bestaanszekerheid opgesteld. Deze visie vormt de basis voor de verdere herijking van het armoedebeleid. In het kader van (meer) financiële bestaanszekerheid en de daaraan landelijk gekoppelde aanpak van geldzorgen, armoede en schulden gaan we ons armoedebeleid de komende jaren door ontwikkelen. Als gemeente Aalten kunnen we de armoede niet oplossen (daar hebben we het Rijk voor nodig). We kunnen wel de stress en zorgen aanpakken die met armoede gepaard gaan en ervoor zorgen dat alle inwoners die onder deze doelgroep vallen krijgen wat ze nu feitelijk nodig hebben.

Daarvoor is het nodig dat we bedragen en verstrekkingen aanpassen, ons (administratieve) systeem vereenvoudigen, onze regelingen toegankelijk(er) maken en zorgen dat iedereen van het bestaan van deze regelingen af weet. In deze visie staan richtinggevende voorstellen van aanpassingen die we per 1 januari 2025 willen gaan doorvoeren of nader gaan onderzoeken. Vooralsnog binnen de huidige financiële kaders. Aansluitend gaan we het gemeentelijk armoedebeleid verder door ontwikkelen. Inhoud mededeling: Definitie financiële bestaanszekerheid Bestaanszekerheid is meer dan financiële zekerheid. Het gaat ook om betaalbaar wonen, toegang tot zorg, toegang tot onderwijs, een veilige leefomgeving en meedoen. Armoede en schulden (communicerende vaten) vallen onder de financiële bestaanszekerheid, zoals weergegeven in onderstaande afbeelding. Financiële bestaanszekerheid in relatie tot de brede bestaanszekerheid We gaan hierbij uit van de brede definitie van de commissie sociaal minimum: ‘Financiële bestaanszekerheid betekent dat burgers over voldoende financiële middelen beschikken om te voorzien in elementaire levensbehoeften (zoals voeding, water en energie), maar ook in basale maatschappelijke participatie (sociale en culturele activiteiten en sport).

Voldoende financiële middelen betekent ook dat burgers beschikken over voldoende financiële buffers om onverwachte uitgaven op te vangen’.

Pagina 1 van 2

Totstandkoming In januari 2024 is er gestart met de herijking van het armoedebeleid. Er is een interne startnotitie opgesteld met daar in een planning. Voor doorontwikkeling van het armoedebeleid zijn er gesprekken gevoerd met stakeholders (intern en extern). Voor deze herijking maken we gebruik van ervaringsdeskundigen, dat wil zeggen inwoners uit de doelgroep. Om zo tot een zinvol en effectief armoedebeleid te komen. Inwoners van de gemeente Aalten die behoren tot de doelgroep denken mee in de basis van een nieuw armoedebeleid. Vanuit het project ‘van ervaringskennis naar een nieuw armoedebeleid’ zal in september 2024 een advies richting de gemeente gaan. In onderstaand schema1 staat de ontwikkeling van het armoedebeleid in fases opgedeeld.

Landelijke ontwikkelingen Landelijk zijn er veel ontwikkelingen gaande op het gebied van financiële bestaanszekerheid. De afgelopen periode is met de landelijke programma’s (Werk aan Uitvoering, Vereenvoudiging inkomensondersteuning voor Mensen en de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden) veel ingezet op het terugdringen van nietgebruik. In het Hoofdlijnenakkoord is de bestaanszekerheid een onderdeel, maar welke maatregelen hiermee samenhangen is nog onduidelijk. In de tussenliggende periode zien wij kansen om binnen het huidige armoede en schulden beleid aanpassingen door te voeren die onze inwoners direct ten goede komen. Samenhang beleid en uitvoering In de visie staan concrete richtinggevende voorstellen beschreven van aanpassingen die we per 1 januari 2025 willen gaan doorvoeren of nader gaan onderzoeken. Deze voorstellen richten zich op het terugdringen van niet-gebruik en proactieve benadering (door onder andere het vereenvoudigen van de aanvraagprocedure), informeren van netwerkpartners (sociaal domein breed) en het inzetten van een potjescheck. Het meedoen voor alle inwoners is ook een belangrijk onderdeel, wat voortkomt uit een opgave in de nota Sociaal Domein 2021. Daarnaast zal er meer ingezet worden op kinderen en jongeren, door deelname aan sport en cultuur te promoten, maar ook tegemoetkoming in de schoolkosten en zwemlessen zijn belangrijk.

Hiervoor is samenwerking gezocht met het onderwijs, Gelijke Kansen Alliantie en het Preventie Platform Jeugd. Daarnaast wordt ingezet op actualisatie (indexatie) en harmoniseren van de bedragen. Voor de gemeente Aalten is het van belang om in te zetten op een effectiever en efficiënter gemeentelijk beleid aan inkomensondersteuning. Integrale verbinding en de mogelijkheid tot het bieden van maatwerk is van belang. Het is daarbij essentieel voor de inwoners (en ketenpartners) dat het armoedebeleid overzichtelijk is. In dit traject is daarom ook, naast het bovengenoemde project ‘van ervaringskennis naar een nieuw armoedebeleid’, volop ingezet op communicatie met tal van lokale maatschappelijke organisaties die bij deze doelgroep betrokken zijn. Ook de Sociale Raad en de Jongerenraad zijn participatief betrokken. De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd: - Interne startnotitie financiële bestaanszekerheid - Visie financiële bestaanszekerheid 1

Schema fases, Hoofdstuk 3, pagina 6 van de Visie financiële bestaanszekerheid

Pagina 2 van 2

Startnotitie financiële bestaanszekerheid Bestaanszekerheid is meer dan financiële zekerheid. Het gaat ook om betaalbaar wonen, toegang tot zorg, toegang tot onderwijs, een veilige leefomgeving en meedoen. In de propositie van de VNG ‘De waarde van het sociaal domein’1 staat beschreven dat we bestaanszekerheid moeten bieden door onzekerheid te verminderen. Armoede en schulden vallen onder de financiële bestaanszekerheid, zoals weergegeven in onderstaande afbeelding.

Financiële bestaanszekerheid in relatie tot de brede bestaanszekerheid We gaan hierbij uit van de brede definitie van de commissie sociaal minimum 2: ‘Financiële bestaanszekerheid betekent dat burgers over voldoende financiële middelen beschikken om te voorzien in elementaire levensbehoeften (zoals voeding, water en energie), maar ook in basale maatschappelijke participatie (sociale en culturele activiteiten en sport). Voldoende financiële middelen betekent ook dat burgers beschikken over voldoende financiële buffers om onverwachte uitgaven op te vangen’.

Aanleiding Ons huidige armoedebeleid is in 2016 voor het laatst herzien. De beleidsregels Armoedebeleid zijn in 2022 opnieuw vastgesteld, hier in zijn destijds een aantal wijzigingen aangebracht maar betreft geen herziening van het brede armoedebeleid. Onder het armoedebeleid vallen onze structurele armoederegelingen, maar ook de subsidieverlening voor organisaties die actief zijn in de Aaltense samenleving. De gemeente Aalten heeft zeven structurele inkomensondersteunende regelingen: meedoenregeling, bijzondere bijstand, bijzondere bijstand zorgkosten, collectieve aanvullende zorgverzekering (Gemeentepolis Menzis), Kindpakket, Bijzondere bijstand voor zwemdiploma A en de individuele inkomenstoeslag (IIT). Daarnaast kennen we de landelijke regelingen (lokaal uitgevoerd door Laborijn) van de woonkostentoeslag, jongerennorm en studietoeslag. De doelstellingen, voorwaarden verschillen per regeling. 3 Subsidierelaties zijn voor 2024 aangegaan met het Jeugdfonds Sport en Cultuur, Voedselbank en Humanitas

1

De waarde van het sociaal domein, Een vernieuwde propositie van gemeenten aan het nieuwe kabinet, december 2023 2 Adviesrapport ‘Een zeker bestaan II’ van de Commissie sociaal minimum, 28 september 2023 3 Beleidsregels armoedebeleid 2022, Folder financiële regelingen en toeslagen februari 2024

1 maart 2024

Formulierenbrigade. Daarnaast is er een contract met Menzis voor de gemeentelijke collectieve zorgverzekering waar inwoners gebruik van kunnen maken. In 2022 zijn er ook rondom energiearmoede een aantal regelingen opgestart, waaronder de Energietoeslag (2022 en 2023), Bespaarcoaches en de Witgoedregeling (beide onderdeel van de structurele borging aanpak Energiearmoede, deze loopt t/m 2026). De samenhang met andere armoederegelingen en subsidierelaties is van belang. Herziening van het armoedebeleid in de komende jaren is noodzakelijk om de kwetsbare doelgroepen, aanvullend op het Rijksbeleid (inkomensbeleid), meer financiële bestaanszekerheid te bieden. Dit door een effectiever en efficiënter gemeentelijk beleid aan inkomensondersteuning. Integrale verbinding en het voor de inwoners (en ketenpartners) overzichtelijker te maken is daarbij essentieel.

Landelijke ontwikkelingen Op landelijk niveau doen het Nibud, het CBS en het SCP onderzoek naar een nieuwe armoedegrens. Het fundament hiervan wordt het minimaal benodigde budget om van te kunnen leven én mee te kunnen doen in de maatschappij.4 Ook concludeerde de commissie sociaal minimum in juni 2023 dat het sociaal minimum aanzienlijk moet worden verhoogd.5 Per 1 januari 2024 ging het wettelijk minimumloon ook omhoog, met 3,75%. Dit is het gevolg van de reguliere indexatie. Ook kent Nederland vanaf deze datum een minimumloon op uurbasis, in plaats van een minimumloon per maand. Dan gaat het wettelijk minimumloon per 1 juli 2024 met 1,2% omhoog en wordt daarnaast geïndexeerd. Het hogere minimumloon werkt ook door in uitkeringen zoals de bijstand, AOW en UWV-uitkeringen.6 De meeste Nederlandse huishoudens hebben dankzij loonstijgingen en verhoging van de bijstand en het minimumloon in 2024 meer te besteden dan in 2023. Het verdwijnen van de energietoeslag betekent echter een koopkrachtdaling voor de huishoudens met de laagste inkomens. De koopkracht herstelt na eerdere forse daling dankzij stijgende lonen met 1,9 procent in 2024. Dat blijkt uit voorspellingen van het Centraal Planbureau (CPB). Het aantal mensen in armoede stijgt zonder aanvullend beleid tot 5,7 procent van de bevolking en 7 procent van de kinderen in 2024.

Het Nibud heeft al eerder aangegeven dat, als er niets gebeurt, meer mensen in armoede raken. Dat is een zorgwekkende ontwikkeling. Daarnaast zet het kabinet in op vermindering van niet-gebruik, via programma’s als Werk aan Uitvoering, Vereenvoudiging inkomensondersteuning voor Mensen en de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden. Het literatuuronderzoek bevestigt hoe moeilijk het is om inzicht te krijgen in het fenomeen niet-gebruik en hoe lastig het is om mensen die hulp nodig hebben tijdig in beeld te krijgen. 7 De fundamentele herziening (Rijksaanpak van geldzorgen, armoede en schulden8) van de sociale zekerheid en het toeslagenstelsel gaat jaren duren. Ook de Participatiewet in Balans is hier een onderdeel van waar meer vanuit vertrouwen gekeken gaat worden. In de tussenliggende periode zien wij kansen om binnen het huidige armoede en schulden beleid aanpassingen door te voeren die onze inwoners direct ten goede komen. Deze nota beperkt zich tot wat onze visie op financiële bestaanszekerheid is. Hoe wij armoede en schulden willen bestrijden en het blijven meedoen willen bevorderen. Het is nog niet mogelijk om op dit moment de volledige kaders voor ons nieuwe armoedebeleid te schetsen.

4

Nibud (30 juni 2023). Minimumvoorbeeldbegrotingen herijkt voor vaststellen armoedegrens - Nibud Commissie Sociaal Minimum (30 juni 2023). Een zeker bestaan. Naar een toekomstbestendig stelsel van het sociaal minimum. 6 Rijksoverheid (15 januari 2024) 5

7

Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 24 515, nr. 737

8

Kamerbrief: 19 december 2023, Tweede voortgangsrapportage Aanpak geldzorgen, armoede en schulden

1 maart 2024

Waar gaan we ons voor 2025 op richten? Onze visie en leidende principes uit de Nota Sociaal Domein 2021 zijn van belang. Daarnaast komt deze startnotitie en het vervolg voort uit de opgave ‘De basis op orde: onze inwoners ervaren bestaanszekerheid’ van het thema: ‘Blijven meedoen in Aalten’. Dit gaan we doen door het vereenvoudigen van het vinden en krijgen van inkomensondersteuning en specifiek armoedebeleid gericht op kinderen en jongeren. Voor inwoners is het lang niet altijd duidelijk waar zij wel en geen recht op hebben, welke ondersteuning beschikbaar is of welke voorwaarden er voor een bepaalde regeling gelden. De stap zetten om hulp te vragen is niet zo makkelijk als het lijkt. Een laag inkomen en/of het niet hebben van werk of dagbesteding leidt daarnaast tot stress, wat invloed heeft op iemands vermogen om keuzes te maken, stappen te zetten en om te gaan met tegenslagen.9 In 2024 gaan we aan de slag met de onderstaande onderdelen. Vaststellen visie financiële bestaanszekerheid In de lijn met de nota Sociaal Domein 2021 specifiek het thema Blijven Meedoen en de Verordening Sociaal Domein 2024. De uitwerking van de Global Goals (Subdoel 1.3 Geen Armoede) is een onderdeel in deze visie. Richten op betaald werk in samenwerking met Laborijn, maar meedoen op de best passende plek is ook van belang (Simpel Switchen).

Ook de schuldhulpverlening wordt meegenomen in deze visie. In de visie wordt ook een overzicht gegeven van aantallen (cijfermatig inzicht) en het gebruik van de huidige regelingen. Beleid op basis van co-creatie, in samenwerking met de inwoners Voor deze herijking maken we gebruik van ervaringsdeskundigen, dat wil zeggen inwoners uit de doelgroep. Om zo tot een zinvol en effectief armoedebeleid te komen. Voor het bereiken van deze doelgroep wordt gebruik gemaakt van de bestaande netwerken (ketenpartners). Inwoners van Aalten die behoren tot de doelgroep denken mee in de basis van een nieuw armoedebeleid. Vanuit het project ‘van ervaringskennis naar een nieuw armoedebeleid’ zal in september 2024 een advies richting de gemeente.

Herijken minimaregelingen (zoals beschreven in beleidsregels armoedebeleid 2022) per 1 januari 2025 Gericht op onderstaande onderwerpen: ➢ ➢ ➢

Kinderarmoede: kindpakket (educatie en schoolgerelateerde activiteiten) en zwemles diploma A Meedoen voor kinderen en volwassenen Vereenvoudiging vinden en krijgen van ondersteuning

Dit in samenwerking met de maatschappelijke organisaties (netwerkpartners). Daarnaast vinden er gesprekken plaats met netwerkpartners en organisaties waar een subsidierelatie mee is, een overzicht van de stakeholders is opgenomen in deze startnotitie. Ook wordt daar in het afstudeeronderzoek ‘van Meedoenregeling in geld naar Meedoenarrangement in natura’ meegenomen.

9

Weten is nog geen doen. Een realistisch perspectief op redzaamheid | Rapport | WRR

1 maart 2024

Doorontwikkeling en monitoring vanaf 2025 In 2024 kan niet het volledige armoedebeleid herzien worden, aangezien er gekozen wordt voor zorgvuldigheid. Maar ook de impact voor de inwoners van een nieuw armoedebeleid moet bekeken worden. Naast het herijkte armoedebeleid zal er ook een voorstel komen voor nader te onderzoeken onderwerpen in de komende jaren. En de monitoring van het huidige armoedebeleid krijgt aandacht. Inzet onafhankelijke partij voor monitoring armoedebeleid (bijvoorbeeld een MER vanuit het Nibud) en hierbij de werkgroep leden (van het participatief traject) betrekken. In de volgende paragraaf geven we aan waar we in de komende jaren op gaan inzetten. Er is een proces opgesteld, in deze planning is opgenomen welke stappen gezet worden om te komen tot een herijkt armoedebeleid. Zie hiervoor het Proces van startnotitie naar beleid.

Doorontwikkeling financiële bestaanszekerheid (armoedebeleid) in 2025 e.v. Om te komen tot een verdere doorontwikkeling van het armoedebeleid is het van belang dat dit in het geheel van financiële bestaanszekerheid geplaatst gaat worden. Om specifiek in te gaan zetten op thema’s is gedegen onderzoek noodzakelijk met de bijbehorende financiële kaders. Aandachtspunten in deze doorontwikkeling zijn: -

-

Landelijke ontwikkelingen: Miljoenennota: extra budget voor armoedebestrijding, maar een klein deel voor gemeenten. Dit is afhankelijk van het nieuw te formeren kabinet welk budget de gemeenten kunnen verwachten. Programma Vereenvoudiging inkomensondersteuning voor Mensen (VIM): opdracht voor het opstellen van lange termijnscenario’s voor een vereenvoudigd stelsel voor inkomensondersteuning. Structurele lokale aanpak energiearmoede: huidige inzet van bespaarcoaches en witgoedregeling is verlengd t/m 2026. Hoe willen we dit naar de toekomst vormgeven? Blijvende aandacht voor ontbreken basisvaardigheden (laaggeletterdheid). Kwijtschelding gemeentelijke belastingen (samen met huidige beleid van Financiën) Intensivering beleid voor andere doelgroepen Voortzetting gemeentepolis Doorontwikkeling administratieve lastenverlichting Doorontwikkeling bereiken van de inwoners Samenwerking met schulphulpverlening

Stakeholders Externe stakeholders Figulus Talentverbinders: Richard en Karlijn Meedoenpact Taalhuis/bibliotheek Laborijn Jeugdfonds Sport en Cultuur Menzis Voedselbank Zwembad ’t Walfort Scholen Formulierenbrigade en thuisadministratie - Humanitas POH/huisartsen AMW en SR - Sensire

1 maart 2024

MEE Present Werkgevers Lokale werkgroep Laaggeletterdheid: Figulus, Bibliotheek/Taalhuis, Laborijn en Stichting Lezen en Schrijven Werkgroep Simpel Switchen: Laborijn, gemeente (Wmo/Participatie) Interne stakeholders Wmo, eenzaamheid Jeugd preventie PPJ Onderwijs (kinderopvang) Jeugd Consulenten/kwaliteit Gezondheid (preventie, terugdringen gezondheidsachterstanden) Financiën/cijfers Gelijke Kansen Alliantie Energiearmoede Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bestaanszekerheid en participatie breed

Proces van startnotitie naar beleid Wat Oriëntatiefase

Wanneer Start januari 2024 – mei 2024

Toelichting De oriëntatiefase bestaat uit het oriënteren op verschillende actuele onderwerpen op het terrein van armoede. Wat leeft er? Wie zijn er betrokken? Welke data is er beschikbaar? Wat doen we nu al? Welke signalen vangen we op, met wie werken we samen en met wie willen we samen werken? In nauwe samenwerking met de netwerkpartners. Maar ook het in gesprek gaan met andere gemeenten (waaronder Montferland, Oude IJsselstreek, Doetinchem)

Startnotitie financiële bestaanszekerheid

Afronding in februari -maart 2024

Inwonerparticipatie – ‘project vanuit ervaringskennis naar een nieuw armoedebeleid’

Start januari 2024 (zie planning project) Oplevering advies begin september 2024

1ste fase: Opdrachtformulering en netwerkbijeenkomst – februari 2024 2de fase: start traject – maart t/m juli 2024 Bereiken van de inwoners? Sluiten de regelingen aan op de behoeften van de inwoners? 3de fase: afronding traject – oplevering advies - begin september 2024

Schrijven visie financiële bestaanszekerheid (armoede en schulden)

Concept in april 2024 Afronding juni 2024

Inhoud kaders voor het herijken van het armoedebeleid Positie schuldhulpverlening – convenant bewindvoering. Thema’s • Kinderen en jongeren • Het vereenvoudigen van het vinden van ondersteuning • Voorkomen en aanpak van schulden

Commissie Sociaal Domein

8 april 2024

Input ophalen voor de visie financiële bestaanszekerheid.

1 maart 2024

3 juni 2024 (toelichting stand van zaken)

Vragen vanuit de Commissie: * Loopt er een planning voor het armoedebeleid? * Participatie voldoende vormgegeven? * Armoede; er is ook een groep die hier tegenaan schuurt. Wat gaan we daarvoor doen? * Hoe maak je bovenstaande punten concreet? * Waar zit de armoede in Aalten, welke groepen? * Wat hebben mensen nodig om zelfredzamer te worden? * Wat hebben we in het verleden gedaan en was dit effectief?

Sociale Raad

Mei 2024

Concept visie inbrengen en input ophalen – aansluiten bij de werkgroep Participatie.

Gesprekken met stakeholders (intern en extern)

Doorlopend tot Q3

Actualisatie armoedebeleid rekening houdend met potentieel kwetsbare groepen

Doorlopend

Opstellen/ intern bespreken nieuwe beleidsregels Opstellen/ intern bespreken wijziging verordening sociaal domein

Afgerond september 2024

Informeren en advies aanvraag Sociale Raad

In juni/juli 2024 September 2024

Bestuurlijke planning: herijking armoedebeleid (incl. beleidsregels)

•

Input ophalen en met elkaar verbinden.

•

In beeld brengen van de afweging van de subsidies (verantwoording armoedebestrijding) – verbinding tussen samenwerkingspartners. Inzichtelijk maken welke partijen subsidie ontvangen, hoeveel en waarom.

Met aandacht voor: • Vergroten bereik van de armoederegelingen: Toegankelijker maken van regelingen (één A4), begrijpelijke taal (beperkte basisvaardigheden/laaggeletterdheid), meer in gesprek met de inwoner vanuit omgekeerde verordening. • Outreachend te werk gaan? Regelingen check aan huis? • Formuleren (financieel) houdbare beleidsopties: - verdiepen van de doelgroep (meer regelingen) en/of - verbreden van de doelgroep (hogere inkomensnormen bijv.) • Doelgroep: kinderen(kindpakket), jongeren, meedoen • Vereenvoudigen beschikkingen (ambtshalve toekenning en uitbetaling?) • Afstudeeronderzoek van Meedoenregeling in geld naar Meedoenarrangement in natura meegenomen.

Visie ter kennisgeving delen Toelichting geven in de Sociale Raad en verzoek voor advies College: 18 juni (kennisnemen van visie) gevolgd door een Raadsmededeling P-overleg: 30 september

1 maart 2024

College: 8 oktober 2024 Beeldvormende Raad: 12 november 2024 Oordeelsvormende Raad: 19 november 2024 Raad: 26 november 2024

Overhandigen nieuw beleid aan inwoner (vanuit inwonerparticipatie)

December 2024

Implementatie

December 2024 januari 2025

Uitvoeringsagenda komende 2 jaar 2025-2026?

Januari 2025

•

Structurele aanpak uitvoering armoedeaanpak

Monitoring armoedebeleid

Doorlopend

-

Voorbeeld: MER (Nibud) Werkgroep leden van inwonersparticipatie betrekken.

Visie op Bestaanszekerheid (sociaal domein breed) Strategische visie, willen we dit vormgeven? In samenspraak met MT.

2025 e.v.

• •

Bijwerken werkinstructies Communicatiecampagne: overzicht van de inkomensregelingen, hoe aanvragen en waar ondersteuning? Met aandacht voor laaggeletterdheid. Vb. Utrecht: ‘weet jij waar je recht op hebt?’ • Informeren stakeholders

Verdere verbreding met diverse domeinen: Samenhang Nota Sociaal Domein Verordening Sociaal Domein Samenhang met gezondheid; welke effecten heeft armoedebeleid op gezondheid, wat kunnen we hierin nog extra doen? Terugdringen van gezondheidsachterstanden, gezonde leefomgeving. Gericht op preventie: financiële educatie vanuit de scholen, het belang daarvan bij de scholen onder de aandacht brengen. Samenwerking met wonen (sociale woningbouw). Verwijsfunctie richting wooncoaches, leeftijdsbestendig wonen. Laaggeletterdheid blijft een belangrijk onderdeel van het armoedebeleid onder de aandacht te brengen.

1 maart 2024

Auteur mevrouw C. Sloetjes Functie Beleidsmedewerker Bestaanszekerheid en Participatie Datum juni 2024 Versienummer 1

l

Visie Financiële bestaanszekerheid

Visie Financiële bestaanszekerheid

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

Inhoudsopgave Voorwoord .......................................................................................................................................... 3 1. Definitie financiële bestaanszekerheid ............................................................................................... 4 2. Aanleiding ............................................................................................................................................ 4 3. Totstandkoming................................................................................................................................... 5 4. Landelijke ontwikkelingen ................................................................................................................... 6 5. Huishoudens in beeld .......................................................................................................................... 7 6. Gebruik gemeentelijke regelingen in 2023 ......................................................................................... 9 7. Samenhang beleid en uitvoering ....................................................................................................... 10 7.1 Armoede en schulden zijn communicerende vaten....................................................................

11 7.2 Vereenvoudiging in het vinden en krijgen van ondersteuning ................................................... 12 7.3 Meedoen ..................................................................................................................................... 13 7.4 Kind en jongeren ......................................................................................................................... 15 7.5 Actualisatie .................................................................................................................................. 16 8. Financien ........................................................................................................................................... 16 9. Doorontwikkeling 2025 e.v. .............................................................................................................. 16 10. Monitoring ....................................................................................................................................... 17 11. Begrippenlijst................................................................................................................................... 17 Bijlage gemeentelijke regelingen .......................................................................................................... 18

Pagina 2 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

Voorwoord

Armoede (en schulden) is een probleem dat niet op zichzelf staat. Het heeft gevolgen voor je gezondheid, het zorgt voor stress, het heeft invloed op je dagelijks leven of schoolprestaties en je bent minder in staat kansen te benutten en goed mee te doen aan de samenleving.

Al in het raadsprogramma en het daarop gebaseerde uitvoeringsprogramma is sprake van actualisatie van ons armoedebeleid. Wat dat precies zou moeten inhouden is niet meteen duidelijk, maar er is een algemeen besef dat de kosten van levensonderhoud voor steeds meer inwoners een probleem wordt. Dat besef werd nog eens extra verstrekt versterkt door twee belangrijke gebeurtenissen in de afgelopen jaren: de coronacrisis en de energieprijs-explosie. Als gemeente zijn we daar samen met Laborijn zeer snel op ingesprongen door de beschikbare rijksregelingen snel en ruim uit te voeren. Denk aan de TOZO-regeling voor kleine ondernemers, de TONK voor huishoudens maar ook voor ZZP’ers en de energietoeslag voor huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. Ook hebben we werk gemaakt van een betere en nabije positionering van de schuldhulpverlening. Deze niet te plannen ontwikkelingen hebben veel inzet van onze organisatie gekost. Langzamerhand werd duidelijk dat het in het armoedebeleid steeds meer gaat om bestaanszekerheid. Natuurlijk zijn eenmalige of tijdelijke financiële regelingen (gefinancierd vanuit het Rijk) noodzakelijk en nuttig bij dit soort calamiteiten. Maar uiteindelijk gaat het om een situatie waarin al onze inwoners structureel kunnen blijven meedoen met daarbij bijzondere aandacht voor gezinnen met kinderen.

En niet de dagelijkse stress hoeven te voelen van tekortkomen en -schieten. Dat betekent dat lokaal bestaanszekerheid beleid om meer gaat dan alleen maar financiële tegemoetkomingen voor mensen met een minimuminkomen. Het gaat ook over gezondheid, wonen, werk en meedoen. Een tweede notie is dat beleid gericht op de bestaanszekerheid niet alleen een taak is van de gemeentelijke overheid, maar in de eerste plaats van de Rijksoverheid. En daarbij meteen aangetekend dat goed beleid niet kan zonder inbreng van en luisteren naar de mensen die het betreft. Vandaar dat wij in deze nota voorstellen de ontwikkeling van armoedebeleid naar lokaal bestaanszekerheid beleid in meerdere fasen vorm te geven. De eerste stap is een actualisatie van de bedragen, een vereenvoudiging van de procedures en het tegengaan van niet gebruik, alles op basis van de huidige loon- en prijsontwikkelingen. Een tweede fase is een doorontwikkeling op basis van en met behulp van ervaringsdeskundigen en een uit te voeren minima-effectrapportage. Dat moet leiden tot een lokaal bestaanszekerheidsbeleid in 2026 dat ook gemonitord kan worden door de ervaringsdeskundigen zelf. Hoe we dit allemaal willen bereiken, welke inzet daarvoor nodig is, vooral van onze inwoners en hun organisaties zelf, leest u in deze nota. Dat betekent ook een uitnodiging.

Een echt gedragen beleid zal uiteindelijk tot stand komen in co-creatie. Dus meedenken, ideeën aandragen en toetsen, luisteren naar ervaringen. Daartoe nodigen wij u graag uit.

Joop Wikkerink, Wethouder

Pagina 3 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

1. Definitie financiële bestaanszekerheid Bestaanszekerheid is meer dan financiële zekerheid. Het gaat ook om betaalbaar wonen, toegang tot zorg, toegang tot onderwijs, een veilige leefomgeving en meedoen. In de propositie van de VNG ‘De waarde van het sociaal domein’1 staat beschreven dat we bestaanszekerheid moeten bieden door onzekerheid te verminderen. Armoede en schulden vallen onder de financiële bestaanszekerheid, zoals weergegeven in onderstaande afbeelding.

Financiële bestaanszekerheid in relatie tot de brede bestaanszekerheid We gaan hierbij uit van de brede definitie van de commissie sociaal minimum 2: ‘Financiële bestaanszekerheid betekent dat burgers over voldoende financiële middelen beschikken om te voorzien in elementaire levensbehoeften (zoals voeding, water en energie), maar ook in basale maatschappelijke participatie (sociale en culturele activiteiten en sport). Voldoende financiële middelen betekent ook dat burgers beschikken over voldoende financiële buffers om onverwachte uitgaven op te vangen’.

2. Aanleiding Ons huidige armoedebeleid is in 2016 voor het laatst herzien. De beleidsregels Armoedebeleid zijn in 2022 opnieuw vastgesteld. Hierin is destijds een aantal wijzigingen aangebracht maar dit betreft geen herziening van het brede armoedebeleid. Onder het armoedebeleid vallen onze structurele armoederegelingen, maar ook de subsidieverlening voor organisaties die actief zijn in de Aaltense samenleving. De gemeente Aalten heeft zeven structurele inkomensondersteunende regelingen. Er zijn regelingen met een grondslag in de Gemeentewet, namelijk de meedoenregeling, collectieve zorgverzekering (Gemeentepolis Menzis), Kindpakket en het zwemdiploma A. Daarnaast heeft de bijzondere bijstand (zorgkosten) een grondslag in de Participatiewet. Er worden ook een aantal regelingen op grond van de Participatiewet uitgevoerd door Laborijn, namelijk de individuele inkomenstoeslag (IIT), woonkostentoeslag, jongerennorm en studietoeslag. De doelstellingen en voorwaarden verschillen per regeling.3 Subsidierelaties zijn voor 2024 aangegaan met het Jeugdfonds Sport en Cultuur, Voedselbank en Humanitas 1

De waarde van het sociaal domein, Een vernieuwde propositie van gemeenten aan het nieuwe kabinet, december 2023 2 Adviesrapport ‘Een zeker bestaan II’ van de Commissie sociaal minimum, 28 september 2023 3 Beleidsregels armoedebeleid 2022, Financiële regelingen in 2024, inkomensondersteuning voor inwoners met een smalle beurs

Pagina 4 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

Financiële Thuisadministratie en de Formulierenbrigade. Ook is er een subsidierelatie met het burgerinitiatief Meedoenpact. Dit is een informele samenwerkingspartner. Aanvullend kennen we kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen. In 2022 is er ook rondom energiearmoede een aantal regelingen opgestart, waaronder de Energietoeslag (2022 en 2023), Bespaarcoaches en de Witgoedregeling (beide onderdeel van de structurele borging aanpak Energiearmoede, deze loopt t/m 2026). De samenhang van aanpak energiearmoede met de armoederegelingen en subsidierelaties is van belang. Herziening van het armoedebeleid in de komende jaren is noodzakelijk om de kwetsbare doelgroepen, aanvullend op het Rijksbeleid (generiek inkomensbeleid), meer financiële bestaanszekerheid te bieden. In het hoofdlijnenakkoord4 van het nieuwe kabinet worden een aantal maatregelen genoemd, namelijk maatregelen die mensen direct merken in de portemonnee, waardoor ze meer loon naar werken krijgen. Maatregelen die gericht zijn op zekerheid en meedoen op de arbeidsmarkt, die niet verder nivelleren en tegelijkertijd (kinder)armoede in Nederland beperken. Waar deze maatregelen toe leiden is nog niet concreet. Als gemeente Aalten is het van belang om in te zetten op een effectiever en efficiënter gemeentelijk beleid aan inkomensondersteuning.

Integrale verbinding en de mogelijkheid tot het bieden van maatwerk is van belang. Het is daarbij essentieel voor de inwoners (en ketenpartners) dat het armoedebeleid overzichtelijk is. Deze visie is de basis voor eventuele aanpassingen van de volgende nadere regelgeving die we in het kader van de Participatiewet, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en/of Gemeentewet uitvoeren: o Beleidsregels Armoedebeleid gemeente Aalten 2022 (artikel 35 Participatiewet) o Verordening Sociaal Domein 2024 (Gemeentewet) o Individuele Inkomenstoeslag (artikel 8 en 36 Participatiewet) o Bieden van schuldhulpverlening (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening)

3. Totstandkoming In januari 2024 is er gestart met de Voor deze herijking maken we gebruik van ervaringsdeskundigen, dat wil zeggen inwoners uit de doelgroep. Om zo tot een zinvol en herijking van het armoedebeleid. Er effectief armoedebeleid te komen. Voor het bereiken van deze is een interne startnotitie opgesteld doelgroep wordt gebruik gemaakt van de bestaande netwerken met daar in een planning. Voor (ketenpartners). Inwoners van Aalten die behoren tot de doorontwikkeling van het doelgroep denken mee in de basis van een nieuw armoedebeleid. armoedebeleid zijn er gesprekken Vanuit het project ‘van ervaringskennis naar een nieuw gevoerd met stakeholders (intern en armoedebeleid’ zal in september 2024 een advies richting de extern). gemeente gaan. Uit deze inventarisatie is een aantal onderdelen naar voren gekomen en deze zijn meegenomen in de totstandkoming van deze visie. In het volgende hoofdstuk worden de landelijke ontwikkelingen nader toegelicht. In de tussenliggende periode zien wij kansen om binnen het huidige armoede en schulden beleid aanpassingen door te voeren die onze inwoners direct ten goede komen. Deze nota beperkt zich tot wat onze visie op financiële bestaanszekerheid is. Deze visie leidt tot herijkt armoedebeleid en het terugdringen van niet-gebruik in 2025 en is leidend voor de doorontwikkeling van het armoedebeleid richting 2026.

Hieronder in een schema weergegeven.

4

HOOP, LEF EN TROTS - Hoofdlijnenakkoord 2024 – 2028 van PVV, VVD, NSC en BBB, hoofdstuk 1 bestaanszekerheid en koopkracht, mei 2024

Pagina 5 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

Eerste fase (ingang 1 januari 2025)

Tweede fase (per 1 januari 2026)

•Herijkt armoedebeleid (bestaande regelingen) op basis van de visie financiële bestaanszekerheid: - Actualisering van de bedragen; - Vereenvoudigen in het vinden en krijgen van ondersteuning; - Terugdringen van niet gebruik; - Proactieve benadering; - Inzetten op kinderarmoede (deelname sport/cultuur, zwemlessen, tegemoetkoming schoolkosten); - Inzetten op meedoen.

•Doorontwikkeling op basis van de visie financiële bestaanszekerheid en het project ‘van ervaringskennis naar een nieuw armoedebeleid’

Doorontwikkeling vanaf 2026

•Vanaf 2026 gaan we het beleid breder door ontwikkelen richting lokaal beleid voor bestaanszekerheid.

Onderzoek doen naar het mogelijk anders inrichten van de regelingen, schrappen of toevoegen (beschrijven van scenario’s). Dit op basis van input van de inwoners en het laten uitvoeren van een Minima Effect Rapportage (MER). Door dit in 2025 te doen is er ook meer zekerheid over de structurele middelen vanuit het Rijk voor de armoede aanpak zoals hierboven beschreven.

4. Landelijke ontwikkelingen Op landelijk niveau doen het Nibud, het CBS en het SCP-onderzoek5 naar een nieuwe armoedegrens. Het fundament hiervan wordt het minimaal benodigde budget om van te kunnen leven én mee te kunnen doen in de maatschappij.6 Ook concludeerde de commissie sociaal minimum in juni 2023 dat het sociaal minimum aanzienlijk moet worden verhoogd.7 Per 1 januari 2024 ging het wettelijk minimumloon ook omhoog, met 3,75%. Dit is het gevolg van de reguliere indexatie. Ook kent Nederland vanaf deze datum een minimumloon op uurbasis, in plaats van een minimumloon per maand. De Eerste Kamer heeft tegen de extra verhoging (van 1,2%) van het wettelijk minimumloon per 1 juli 2024 gestemd. De reguliere indexering van het wettelijk minimumloon gaat wel door. Het hogere minimumloon werkt ook door in uitkeringen zoals de bijstand, AOW en UWV-uitkeringen.8 De meeste Nederlandse huishoudens hebben dankzij loonstijgingen en verhoging van de bijstand en het minimumloon in 2024 meer te besteden dan in 2023. Ook is er een aantal andere koopkrachtmaatregelen doorgevoerd, namelijk het verhogen van het kind gebonden budget en de huurtoeslag. Het verdwijnen van de energietoeslag (en aanvullend het landelijk Tijdelijk Noodfonds Energie) betekent echter een koopkrachtdaling voor de huishoudens met de laagste inkomens.

De koopkracht herstelt na eerdere forse daling dankzij stijgende lonen met 1,9 procent in 2024. Dat blijkt uit voorspellingen van het Centraal Planbureau (CPB). Het aantal mensen in armoede stijgt zonder aanvullend beleid tot 5,7 procent van de bevolking en 7 procent van de kinderen in 2024. Het Nibud heeft al eerder aangegeven dat, als er niets gebeurt, meer mensen in armoede raken. Dat is een zorgwekkende ontwikkeling. Daarnaast zet het kabinet in op vermindering van niet-gebruik, via programma’s als Werk aan Uitvoering, Vereenvoudiging inkomensondersteuning voor Mensen en de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden. Het literatuuronderzoek bevestigt hoe moeilijk het is om inzicht te krijgen in het fenomeen niet-gebruik en hoe

5

Zie begrippenlijst, hoofdstuk 11 Nibud (30 juni 2023). Minimumvoorbeeldbegrotingen herijkt voor vaststellen armoedegrens - Nibud 7 Commissie Sociaal Minimum (30 juni 2023). Een zeker bestaan. Naar een toekomstbestendig stelsel van het sociaal minimum. 8 Rijksoverheid (15 januari 2024) 6

Pagina 6 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

lastig het is om mensen die hulp nodig hebben tijdig in beeld te krijgen.9 De fundamentele herziening (Rijksaanpak van geldzorgen, armoede en schulden10) van de sociale zekerheid en het toeslagenstelsel gaat jaren duren. Ook de Participatiewet in Balans is hier een onderdeel van waar meer vanuit vertrouwen gekeken gaat worden.

5. Huishoudens in beeld Voor het armoedebeleid gaan we uit van verschillende inkomensgrenzen, met daarboven een draagkrachtberekening. Met een draagkrachtberekening komt de inwoner mogelijk wel in aanmerking voor een deel van de vergoeding, ook als het inkomen boven de vastgestelde inkomensgrenzen ligt. In figuur 1 zijn de verschillende inkomensgrenzen tot 120% weergegeven. Dit zijn de netto bijstandsnormen (inclusief vakantietoeslag) op grond van de Participatiewet per 1 januari 2024. Normen 21 tot pensioengerechtigde leeftijd

100%

110%

120%

Alleenstaande

€ 1.219,64

€ 1.441,60

€ 1.463,57

Alleenstaande ouder11

€ 1.219,64

€ 1.441,60

€ 1.463,57

Gehuwden / samenwonenden

€ 1.742,34

€ 1.916,57

€ 2.090,81

Alleenstaande

€ 1.354,47

€ 1.489,92

€ 1.625,36

Alleenstaande ouder

€ 1.354,47

€ 1.489,92

€ 1.625,36

Gehuwden / samenwonenden

€ 1.835,70

€ 2.019,27

€ 2.202,84

Normen pensioengerechtigden

Figuur 1: Inkomensnormen Participatiewet

De meest recente armoedescan van het CBS dateert van 2022, deze is onlangs gepubliceerd. Bij onderstaande figuur 2 is het belangrijk om te vermelden dat het hier gaat om het inkomen van de huishoudens. Er is hier niet gekeken naar het vermogen12. In de gemeente Aalten hebben 1000 huishoudens een inkomen tot 120% en in totaal 1900 huishoudens een inkomen tot 150% van het sociaal minimum. Inkomensgrens

Aantal huishoudens 110%

700

115%

900

120%

1000

125%

1200

130%

1300

135%

1400

140%

1500

145%

1700

150%

1900

Figuur 2: Inkomensgrenzen en aantal huishoudens gemeente Aalten, Armoedescan CBS 2022*

9

Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 24 515, nr. 737

10

Kamerbrief: 19 december 2023, Tweede voortgangsrapportage Aanpak geldzorgen, armoede en schulden Voor alleenstaande ouder is de norm gelijk aan alleenstaanden, zij krijgen via het Kindgebonden budget (uitgevoerd door de Belastingdienst) aanvullende vergoeding. 12 Normenbrief 1 januari 2024 - informatie voor gemeenten, 6 december 2023 11

Pagina 7 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

Er zijn 11.685 huishoudens in de gemeente Aalten, afgerond heeft ongeveer 8,5% (1000 huishoudens) van het totaal aantal huishoudens een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. Daarbij is het nogmaals belangrijk om te vermelden dat er niet gekeken wordt naar het vermogen. Tot het vermogen behoort ook een eigen woning (behalve bij de bijzondere bijstand zorgkosten). Van alle inwoners in de gemeente Aalten heeft 70% een eigen woning en 30% een huurwoning (particulier of via een coöperatie). In onderstaande figuur 3 is weergegeven wat de voornaamste inkomstenbron is van huishoudens in de gemeente Aalten. Van de 1000 huishoudens in de gemeente Aalten met een inkomen tot 120% hebben 600 huishoudens (54,1%) een inkomen uit pensioen. Daarnaast hebben 100 huishoudens inkomsten uit arbeid (10%). De huishoudens met inkomsten uit arbeid is groter in de categorie met een inkomen van 150% of minder, namelijk 200 huishoudens (12,5%).

Figuur 3: Inkomstenbron 2021, Armoedescan CBS 2022*

Het beroep op inkomensondersteunende maatregelen stijgt. De armoedeaanpak in Aalten richt zich nu met name op de huishoudens met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum (WSM) en daarnaast worden de vermogensgrenzen vanuit de Participatiewet gehanteerd. In Aalten kennen we voor alle gemeentelijke armoederegelingen een draagkrachtberekening. Mogelijk komen inwoners met een inkomen boven de 120% dan wel in aanmerking voor een gedeeltelijke vergoeding. Eind 2023 waren er 300 huishoudens met een uitkering op grond van de Participatiewet (uitgevoerd door Laborijn). Hiervan is 56,9% alleenstaand, 11,8% alleenstaande ouder en 31,3% gehuwd/samenwonend. In het 1ste kwartaal 2024 zijn er 316 huishoudens met een Participatiewet uitkering. Hiervan is 58,9% alleenstaand, 11% alleenstaande ouder en 30,1% gehuwd/samenwonend. We zien een verschuiving van armoede naar de hogere inkomens. De huidige norm is 120% bij de meeste gemeentelijke inkomensondersteunende regelingen (met daarboven draagkrachtberekening). Met name werkenden met een inkomen tussen de 130% - 140% (deze groep betreft 200 huishoudens) komen voor een aantal regelingen deels in aanmerking, waardoor het besteedbaar inkomen lager uitvalt. Zo blijkt ook uit het eindverslag van de Hogeschool Utrecht. Dat «rondkomen» een lastig(er) vast te pakken begrip is. Het is abstract en bovenal subjectief, aldus de onderzoekers.

Het begrip «armoede» is meer eenduidig en kan vaker worden geobjectiveerd. Er zitten derhalve conceptuele verschillen tussen «rondkomen» en «armoede».

Pagina 8 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

De onderzoekers geven in de literatuurstudie aan dat rondkomen bestaat uit: −Het inkomen, in dit geval uit werk, maar het kan ook een uitkering zijn, aangevuld met (een) toeslag(en); −De financiële buffer (vermogen); −De (variabele) vaste lasten; −De aanwezigheid van (problematische) schulden; −Ook is het gevoel van de persoon een belangrijk aspect dat meespeelt. 13 Het «rondkomen» is een belangrijk aspect dat de consulent van de gemeente in de individuele gesprekken met de inwoner meeneemt. Zodat er ook gekeken kan worden (in samenwerking met netwerkpartners) hoe het rondkomen verbeterd kan worden.

6. Gebruik gemeentelijke regelingen in 2023 We hebben op dit moment zeven gemeentelijke inkomensondersteunende regelingen waaronder de meedoenregeling. Onderstaand is ook de deelname aan de Voedselbank en het Jeugdfonds Sport en Cultuur weergegeven. In de folder Financiële regelingen 202414 en begrippenlijst (hoofdstuk 11) staan alle regelingen toegelicht. De onderstaande gegevens zijn met als peildatum 31 december 2023.

Gebruik regelingen 2023 247

Meedoenregeling

419 441

Kinderen (< 18 jaar)

217

Kindpakket (educatief tot 4 jaar)

120

Individuele bijzondere bijstand (o.a. kosten voor bewindvoering, woninginrichting en…

Volwassenen

133

Bijzondere bijstand zorgkosten

Totaal huishoudens

231

Individuele inkomenstoeslag (uitgevoerd door Laborijn)

169 38

Zwemdiploma A Deelname Menzis (gemeente collectief)

336

Deelname Voedselbank

61 72

Deelname Jeugdfonds Sport en Cultuur 0

100

200

300

400

500

Aantallen Daarnaast kennen we de kwijtschelding gemeentelijke belastingen, deze kwijtschelding valt niet onder het huidige armoedebeleid. Voor de kwijtschelding gemeentelijke belastingen wordt uitgegaan van 100% van de Participatiewet norm, voor pensioengerechtigden wordt uitgegaan van verruimde normen (nettoouderdomspensioen). Daarnaast geldt er een afwijkende (in relatie tot de Participatiewet) vermogenstoets. In 2023 hebben 267 huishoudens kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen ontvangen.

13 14

Versterken kennisbasis rondkomen bij werkenden | Hogeschool Utrecht (hu.nl) (p. 26) Financiële regelingen in 2024, inkomensondersteuning voor inwoners met een smalle beurs

Pagina 9 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

Regeling

Inwoners met een toekenning

Meedoenregeling

419

Inwoners met uitkering op grond van de Participatiewet 300

Percentage dat gebruik maakt van de regeling 100%

Aantallen CBS met een inkomen tot 120% 1000

Percentage dat gebruik maakt van de regeling 41,90%

Belangrijk hierbij te vermelden is dat de aantallen van het CBS geen rekening houden met het vermogen, hierbij is alleen gekeken naar het inkomen tot 120%. Als we kijken naar het aantal inwoners met een Participatiewet uitkering en het aantal inwoners dat gebruik maakt van de meedoenregeling is naar verwachting dat al deze inwoners een toekenning ontvangen van de meedoenregeling (100%). Toch zien we dat niet alle inwoners de meedoenregeling declareren. Als we kijken naar de vergelijking met de aantallen vanuit het CBS maakt 41,9% van de 1000 huishoudens gebruik van de meedoenregeling, maar daarentegen maakt 58,10% geen gebruik van de meedoenregeling. Door in te zetten op het vereenvoudigen in het vinden en krijgen van ondersteuning gaat het bereik van de inwoners met een inkomen tot 120% naar verwachting stijgen.

7. Samenhang in beleid en uitvoering Onze visie en leidende principes uit de Nota Sociaal Domein 2021 zijn van belang en richtinggevend voor verbetering van het armoedebeleid. De opgave ‘De basis op orde: onze inwoners ervaren bestaanszekerheid’ van het thema: ‘Blijven meedoen in Aalten’ uit de nota Sociaal Domein 2021 zijn leidend. Deze opgaven liggen verankerd in de gehele gemeentelijke organisatie en in onze samenwerking met netwerkpartners en inwoners. Onze beleidsnota’s en uitvoeringsprogramma’s in het sociaal en ruimtelijk domein hangen dan ook nauw met elkaar samen. Voor de doorontwikkeling richting de brede bestaanszekerheid is deze samenwerking van groot belang. De verordening Sociaal domein 202415 is de basis voor het bieden van maatwerk, daarnaast is het van belang dat de inwoner zelfredzaam is. Voor inwoners is het lang niet altijd duidelijk waar zij wel en geen recht op hebben, welke ondersteuning beschikbaar is of welke voorwaarden er voor een bepaalde regeling gelden. De stap zetten om hulp te vragen is niet zo makkelijk als het lijkt.

Een laag inkomen en/of het niet hebben van werk of dagbesteding leidt daarnaast tot stress, wat invloed heeft op iemands vermogen om keuzes te maken, stappen te zetten en om te gaan met tegenslagen.16 De sociale basis is hierbij van belang om het gesprek met de inwoner aan te gaan en welke mogelijkheden er binnen de gemeente Aalten allemaal zijn. De Gemeente Aalten is een Global Goals gemeente. Een van de doelen vanuit de Global Goals is geen armoede. Ons gemeentelijk armoedebeleid draagt, aanvullend op het Rijksbeleid (landelijk inkomensbeleid), bij aan deze Global Goal.

In hoofdstuk 7.2 t/m 7.5 staan concrete voorstellen van aanpassingen die we per 1 januari 2025 willen gaan doorvoeren of nader gaan onderzoeken in de herijking van het gemeentelijk armoedebeleid.

15 16

Verordening Sociaal Domein 2024, hoofdstuk 6 Inkomensondersteuning en schulden. Weten is nog geen doen. Een realistisch perspectief op redzaamheid | Rapport | WRR

Pagina 10 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

7.1 Armoede en schulden zijn communicerende vaten Armoede en schulden zijn twee aparte begrippen, maar in de praktijk zien we dat oorzaken, gevolgen en oplossingen veel overlap hebben met elkaar. Mensen die leven in armoede lopen verhoogd risico op schulden en mensen met problematische schulden hebben vaak een laag besteedbaar inkomen. Armoede en schulden hebben invloed op de manier waarop mensen in de samenleving staan en in hoeverre zij mee kunnen doen in de maatschappij van alledag. Veel problemen op verschillende leefgebieden beginnen bij een gebrek aan geld c.q. financiële middelen. Het hebben van problematische schulden en/of het missen van financieel overzicht staan ook vaak oplossingen in de weg. De ketens van werk en inkomen, armoedebestrijding en schuldhulpverlening (financiële bestaanszekerheid) dienen dan ook (integraal) in samenhang te worden bezien met andere aanpalende beleidsterreinen (zie hiernaast). Visie op (integrale) schuldhulpverlening Tot 1 januari 2015 was de gemeentelijke schuldhulpverlening volledig uitbesteed aan de Stadsbank Oost Nederland en stond dus ‘op afstand’. Door de decentralisaties (Wmo 2015, Jeugdwet en Participatiewet) per 1 januari 2015 is toen besloten om de voorkant (aanmelding, intake, indicatiestelling met een plan van aanpak en afgifte beschikking) van de schuldhulpverlening zelf uit te voeren.

Wij vonden en vinden namelijk dat, als je integraal (levensbreed) wilt werken binnen het gemeentelijk sociaal domein (en in de verbinding naar buiten vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid), je als gemeente ook zelf zicht moet hebben op de (dreigende) schuldenproblematiek en de onderliggende oorzaken. Schulden staan nooit op zichzelf en bijna altijd zijn er problemen op meerdere levensgebieden. Door zicht te krijgen op alle levensdomeinen, kunnen we snel interveniëren, verbinden en schakelen met aanpalende beleidsterreinen zoals de Wmo, Jeugdwet, Participatiewet (inkomensondersteuning en re-integratie), inburgering, onderwijs, gezondheidszorg, wonen maar ook op het snijvlak van zorg en veiligheid. Binnen de schuldhulpverlening is het van cruciaal belang om de financiële en sociale basis op orde te krijgen en te houden. Deze samenhang wordt geïllustreerd in onderstaand overzicht (voetnoot: uit informatienota Schuldhulpverlening gemeente Aalten oktober 2021). Door onze praktijkervaring, voortschrijdend inzicht en visie op de integrale schuldhulpverlening, kregen we in 2020 steeds meer het besef om de schuldhulpverlening in al zijn facetten zo dicht mogelijk bij huis (de inwoner) te organiseren. Deze slag in de transformatie in de kijk op schulden (en zelf de regie pakken), is geëffectueerd per 1 januari 2023.

Wij zijn toen uit de Gemeenschappelijke Regeling Stadsbank Oost Nederland getreden, en hebben de curatieve schuldhulpverlening via een dienstverleningsovereenkomst ondergebracht bij de gemeente Doetinchem. Nu deze positionering in 2023 goed is geland, zijn we aan zet om de integrale schuldhulpverlening de komende jaren op inhoud door te ontwikkelen. Het spreekt voor zich dat wij, met betrekking tot de curatieve schuldhulpverlening, dit doen in nauwe samenwerking met de gemeente Doetinchem. Dit ook in aansluiting op de landelijke ontwikkelingen rondom de aanpak van gelzorgen, armoede en schulden en eerdergenoemde uitgangs- en actiepunten in de informatienota Schuldhulpverlening gemeente Aalten. Daarnaast komt het ministerie van SZW (i.s.m. met Divosa en de NVVK) vóór de zomervakantie met een actieplan ‘basisdienstverlening schuldhulpverlening’ met als doel het verbeteren van de gemeentelijke schuldhulpverlening. Op dit moment zitten we nog in de oriëntatiefase en voeren gesprekken met diverse lokale (formele en informele) organisaties die betrokken zijn in de brede keten van schuldhulpverlening. Uiteindelijk willen we

Pagina 11 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

toewerken naar een beleidskader en een gefaseerd uitvoeringsprogramma met speerpunten c.q. prioriteiten. Hierbij kan gedacht worden aan: -

-

Doelgroepen (specifiek gezinnen, jongeren, statushouders inclusief financieel ontzorgen, ondernemers al dan niet i.s.m. het Ondernemerssteunpunt van Laborijn, overige kwetsbare inwoners met een uitkering); verbeteren en intensiveren aanpak vroegsignalering van betalingsachterstanden (zie ook rapport Nationale Ombudsman ‘hoe eerder hoe beter’ van 28 februari 2024); Preventie: investeren in samenwerking (vindplaatsen) met bijvoorbeeld werkgevers, zorgprofessionals (huisartsen), onderwijs (financiële educatie), bewindvoerders (met name bij schuldenbewind), rechtbank (schuldenfunctionaris), Ondersteuningsteam Jeugd en overige maatschappelijke partners.

Landelijke cijfers Schuldhulpverlening (uit jaarverslag 2023 NVVK) Aanmeldingen schuldhulpverlening 2007 – 2023

• • • • • • •

5% meer aanmeldingen (79.514) in 2023. Maar liefst 62% meer aanmeldingen van ondernemers (5.578 in 2023). Deze stijging werd verwacht, omdat de Belastingdienst uitgestelde vorderingen (corona periode) weer is gaan innen. Ongeveer 46% heeft een midden- of hoger inkomen (in 2022 was dat 43%). Gemiddelde schuld daalt van € 40.170 naar € 38.735. 8% minder schuldregelingen in 2023, maar het aandeel saneringskredieten neemt toe (70% van de schuldregelingen betreft een saneringskrediet). 12% meer doorverwijzingen naar de Wet schuldsanering natuurlijke personen (wettelijke schuldsanering door de rechter uitgesproken). 17% meer budgetcoaching (begeleiding tijdens schuldregeling).

Tabel cijfers Schuldhulpverlening gemeente Aalten per 1 april 2024 Aantal lopende schuldregelingen (van vóór 1 januari 2023) bij Stadsbank Oost Nederland Aantal lopende cliënten beschermingsbewind bij SON Aantal cliënten in budgetbeheer bij Bureau voor Financiële Ondersteuning (gemeente Doetinchem) Aantal cliënten in budgetbeheer bij BvFO op grond van het financieel ontzorgen Wet inburgering Aantal lopende schuldregelingen bij BvFO (vanaf 1-1-23) Aantal cliënten met budgetcoaching via BvFO Nazorg (na uitstroom budgetbeheer of schuldregeling) Gemiddeld totaal aantal huisbezoeken vroegsignalering per maand (op gemiddeld ruim 100 meldingen van vroegsignalering betalingsachterstanden huur, energie, water en zorgverzekering per maand)

Pagina 12 van 18

gemeente Aalten

10 12 53 7 14 9 3 12

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

7.2 Vereenvoudiging in het vinden en krijgen van ondersteuning Het aanvragen van regelingen is soms lastig, denk daarbij aan beperkte basisvaardigheden of digitale vaardigheden. Extra aandacht en ondersteuning is hierbij wenselijk, denk hierbij aan het vereenvoudigen (verminderen) van de aanvraagprocedures maar ook het ondersteunen van de inwoners (door bijvoorbeeld het inzetten van de Formulierenbrigade). Het gelijktijdig beoordelen van meerdere inkomensregelingen Onze werkwijze is erop ingericht dat als we weten dat een inwoner aan de financiële criteria voldoet, er direct beoordeeld wordt of hij ook voor andere regelingen/vergoedingen uit het armoedebeleid in aanmerking kan komen. Inzetten op het terugdringen van niet gebruik Dit is ook een beleidsdoel vanuit de Rijksoverheid, maar het blijft dat “niet-gebruik” moeilijk te meten is. Lokaal willen we hier op inzetten door het gesprek met de inwoner aan te gaan (ook als inwoners vanuit een andere rol contact hebben met de gemeente, bijvoorbeeld vanuit de Wmo). De netwerkpartners zijn belangrijk om de inwoners te infomeren op en ondersteunen bij het aanvragen van de gemeentelijke regelingen.

Het ‘opleiden’ van andere consulenten en netwerkpartners is belangrijk en hiervoor kan gebruik gemaakt worden van de signaleringskaart.17 Gebruik van een potjescheck Daarnaast is het informeren van de inwoners van belang, doordat inwoners zelf of samen met een netwerkpartner/hulpverlener een check kunnen doen op welke regelingen men aanspraak kan maken. Hierbij wordt onder andere gekeken naar De Voorzieningenwijzer: DatGeldtvoorMij.nl (potjescheck). Datgeldtvoormij.nl is een platform dat inwoners helpt bij het navigeren door verschillende financiële gemeentelijke regelingen. Vereenvoudigen formulieren en aanleveren bewijsstukken Aansluitend is het voor het terugdringen van niet gebruik van belang dat de regelingen eenvoudig aangevraagd kunnen worden. De laatste jaren zijn de formulieren (digitaal en op papier) al verder vereenvoudigd, hier willen we nogmaals samen met ervaringsdeskundigen naar kijken. Daarnaast gaat er gekeken worden welke bewijsstukken aangeleverd moeten worden en welke achterwege kunnen blijven. Proactieve benadering Bij de meeste huishoudens, die gebruik maken van het armoedebeleid, is er sprake van een langer durende of zelfs blijvende situatie. Vaak kan de inwoner een jaar later opnieuw in aanmerking komen voor een inkomensondersteunende regeling. We gaan als gemeente proactief een nieuwe beoordeling doen aan de hand van bekende gegevens.

Wanneer we voldoende van de inwoner weten volgt er een ambtshalve toekenning. Direct volledig uitbetalen De werkwijze is nu dat we pas uitbetalen als de kosten gemaakt zijn en de bonnen zijn ingeleverd. De huidige werkwijze is zo ingericht dat inwoners zich voor de meedoenregeling, als de tegemoetkoming besteed wordt in kleinere bedragen, steeds opnieuw melden totdat het maximumbedrag bereikt is. De inspanning die de inwoner en de medewerkers van de gemeente moeten verrichten, staat vaak niet in verhouding tot het bedrag dat ermee gemoeid is. Effect is dan ook dat inwoners zich niet altijd melden als een tegemoetkoming mogelijk is. Er is in januari 2024 een afstudeeronderzoek18 afgerond rondom de Meedoenregeling hieruit wordt duidelijk dat er in 2022 8,9% van het totaal toegekende bedrag niet is verzilverd en in 2023 was dit 13,6 % van het totaal toegekende bedrag. We vinden dat elke inwoner in Aalten mee moet kunnen doen op welke wijze dan ook, als er een toekenning is verzonden betekent dat de inwoner in aanmerking komt. Voor de Meedoenregeling willen we daarom het bedrag direct gaan uit betalen. Het inleveren van bewijsstukken heeft geen meerwaarde meer 17

Signaleren, bespreekbaar maken en doorverwijzen bij geldzorgen, Schouders Eronder, Hogeschool Utrecht, april 2023 18 Adviesrapport ‘Meedoen in Aalten: van regeling naar arrangement’ Afstudeeronderzoek Saxion, Heike Stulp, januari 2024

Pagina 13 van 18

gemeente Aalten

Visie Financiële bestaanszekerheid, juni 2024

aangezien er niet gekeken wordt waar het bedrag aan uit gegeven wordt (telefoonrekening of internet is al voldoende om de meedoenregeling uitbetaald te krijgen). De meedoenregeling is wel bedoeld om sportief, sociaal, cultureel of op educatief gebied mee te kunnen doen, hier gaan we dan in het gesprek met de inwoner op sturen. Persoonlijk contact met de inwoner Deze gesprekken op huisbezoek of op het gemeentekantoor zal het «rondkomen» een belangrijk onderwerp van gesprek zijn. Hierdoor wordt breed gekeken naar de mogelijkheden die ons armoedebeleid en schuldhulpverlening biedt. Hiervoor zal ook de kennisbasis rondom rondkomen 19 bij werkenden versterkt worden, onder andere door heldere informatievoorziening en het toepassen van de draagkracht. De wetgeving is nog vaak gebaseerd op controle en wantrouwen, maar de wijze waarop we werken gaat veel meer over maatwerk en vertrouwen. Er is niet altijd de vraag om bewijsstukken nodig, maar de vraag wat een inwoner nodig heeft om zijn of haar leven te kunnen leiden. Maatwerk en aandacht gaat meer tijd (en geld) kosten, maar het heeft een positief effect voor de inwoner. Ook de verbinding met de andere domeinen is van belang.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=d44adbed-de44-4169-9820-6532495f9854