Raadsmededeling 100-2021 1e begrotingswijziging 2021 en de 1e kwartaalrapportage 2021 Laborijn.pdf
Tekst van het document
-8.000 35.072 1.469.909 -21.000 -98.000 -1.649.928 115.965 742.202 586.220
6.000 110.800 1.469.909 24.000 342.000 1.350.324 265.965 742.202 4.311.200
Lasten Loonkosten Overige personeelskosten Huisvestingskosten Automatiseringskosten Algemene kosten Incidentele lasten Totaal lasten
3.999.677 449.274 993.091 1.100.394 893.000 119.700 7.555.136
-257.419 24.338 100.409 184.406 -57.000 2.018.602 2.013.336
3.742.258 473.612 1.093.500 1.284.800 836.000 2.138.302 9.568.472
Saldo baten en lasten
-3.830.156
-1.427.116
-5.257.272
1.502.663
-229.000 1.006.030
-229.000 2.508.693
-
-
-
-2.327.493
-650.086
-2.977.579
Mutatie bestem m ingsreserve Toevoeging Onttrekking Mutatie algem ene reserve Toevoeging Onttrekking Resultaat na bestem m ing
35
Rapportage eerste kwartaal 2021
Uitvoeringsorganisatie Laborijn Terborgseweg 106 7005 BC DOETINCHEM April 2021
Inhoudsopgave
1.
Financiële samenvatting na eerste kwartaal 2021 .......................................................................... 5
2.
Programma Inkomen & financiële dienstverlening .......................................................................... 6
3.
4.
5.
2.1
Ontwikkelingen aantal huishoudens in de bijstand .................................................................. 6
2.2
Financiële ontwikkeling programma Inkomen & financiële dienstverlening ............................ 7
2.2.1
Financiële ontwikkeling programma Inkomen & financiële dienstverlening per gemeente ..... 8
2.2.2
Inhoudelijke ontwikkeling programma Inkomen en financiële dienstverlening ...................... 10
2.2.3
Ontwikkeling BUIG-budget .................................................................................................... 11
2.2.4
Verwacht totaalresultaat BUIG per gemeente 2021 .............................................................. 12
2.3
Preventiequote, in- en uitstroom............................................................................................ 12
2.4
Doorlooptijden........................................................................................................................ 14
2.5
Overige regelingen ................................................................................................................ 15
Programma Participatie, ontwikkeling en re-integratie .................................................................. 17 3.1
Activiteiten in ontwikkeling, participatie en re-integratie ........................................................ 17
3.2
Voortgang taaleis ................................................................................................................... 21
3.3
Overzicht ontheffingen arbeidsverplichting per gemeente .................................................... 21
3.4
Financiële ontwikkeling programma Ontwikkeling, participatie & re-integratie ..................... 22
3.5
Ontwikkeling aantallen Sociale werkvoorziening ................................................................... 23
3.5.1
Ziekteverzuim Wsw’ers .......................................................................................................... 23
3.6
Langdurige loonkostensubsidie/ loonwaardemetingen ......................................................... 24
Programma Wsw ........................................................................................................................... 25 4.1
Algemeen............................................................................................................................... 25
4.2
Financiële ontwikkeling programma WSW ............................................................................ 26
Programma Algemene overhead ................................................................................................... 29 5.1
Financiële ontwikkeling programma Algemene overhead ..................................................... 29
5.2 Inhoudelijke ontwikkeling programma Algemene overhead ........................................................ 29 Bijlage 1: Afkortingen ............................................................................................................................. 31
2 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
Voorwoord
In deze rapportage informeren we u over de ontwikkelingen en realisatie in het eerste kwartaal 2021. De gevolgen van de Corona-crisis en de extra ondersteuning die mogen bieden zijn ook nu bepalend in het dagelijkse werk bij Laborijn. Zo zijn er op dit moment minder Wsw-medewerkers gedetacheerd en werken er meer collega’s intern dan we hadden gewild en moeten we constateren dat de omzet onder druk staat. Gelukkig is iedereen wel aan het werk! Het Rijk onderzoekt op dit moment of Wswbedrijven bij aanzienlijke omzetdaling en kostenstijgingen in verband met corona opnieuw gecompenseerd kunnen worden door een extra Rijksbijdrage voor de Wsw. Als gevolg van de aanhoudende corona-omstandigheden voeren we sinds vorig jaar de Tozo-regeling uit die inmiddels verschillende tranches kent. In dit kwartaal voerden we Tozo 3 uit. Naast de financiële dienstverlening aan deze ondernemers bieden we inhoudelijke ondersteuning. Die richt zich op financieel en bedrijfsadvies voor de continuering van het ondernemerschap. Daarnaast helpen we bij heroriëntatie, scholing en passende vacatures voor degenen die de overstap naar werken in loondienst willen maken. Het Rijk heeft, met terugwerkende kracht tot 1 januari, besloten tot de invoering van Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK).
Inwoners voor wie er sprake is van onvoorzienbare, onvermijdelijke en plotselinge terugval in inkomen als gevolg van de coronacrisis en wie daardoor acuut in de problemen komen met de betaling van noodzakelijke kosten kunnen aanspraak maken op de TONK. Deze tijdelijke regeling is gebaseerd op de bijzondere bijstand. De gemeenten Aalten en Doetinchem hebben de uitvoering belegd bij Laborijn. In deze rapportage informeren we graag over de eerste inzichten. We zien in het eerste kwartaal een lichte toename van het aantal inwoners dat een beroep moet doen op een Participatiewet-uitkering. De toename blijft nog achter bij de aantallen waar we in onze ramingen vanuit waren gegaan. Desondanks maken er in de gemeente Doetinchem op dit moment meer inwoners gebruik van de Participatiewet dan waarvoor het Rijk middelen beschikbaar heeft gesteld. Recent heeft het Rijk het BUIG-budget, op basis van nieuwe CPB-ramingen naar beneden bijgesteld. De komende maanden zal blijken of wij ook een daling van het uitkeringen gaan zien. Onder de huidige omstandigheden zien we gelukkig ook nog steeds perspectief voor inwoners om de stap naar betaald werk te zetten. De uitstroom, en specifiek die naar arbeid, ligt net boven hetgeen we hadden begroot. Tegelijk hebben we ook minder reïntegratieactiviteiten uit kunnen voeren.
Indien de omstandigheden dit weer toelaten, weer meer inwoners extra te kunnen helpen in hun stappen naar werk. Sinds 1 maart is de impulsregeling parttime werken van kracht. Wij geloven dat meedoen in de samenleving gelukkig en gezond maakt. Een stap richting parttime werken kan daarbij helpen. Graag ondersteunen en stimuleren we inwoners daarbij. Met de (pilot) regeling ‘Premie parttime werk’ wil Laborijn parttime werken aantrekkelijker en makkelijker maken. Vanaf 1 januari 2022 treedt de nieuwe Wet Inburgering in werking. Binnen dit nieuwe stelsel krijgen gemeenten een regierol in de uitvoering. De gemeenten Aalten en Doetinchem hebben in dit kwartaal besloten de uitvoering van de nieuwe Wet Inburgering bij Laborijn te beleggen. Hiervoor wordt een dienstverleningsovereenkomst afgesloten. We zijn blij met dit vertrouwen en zijn inmiddels in nauwe samenwerking met beide gemeenten en tal van netwerkpartners aan de slag om de invoering voor te bereiden. We zijn dit jaar van start gegaan met een aangepaste inrichting van de eigen Laborijn-organisatie. Een compactere organisatie met minder managementlagen, waarin de professionals voorop staan. 3 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
Gelijktijdig met het proces van totstandkoming van deze rapportage loopt ook de besluitvorming rondom onze gewijzigde begroting 2021. De organisatiewijziging komt ook tot uiting in de inrichting van de programma’s binnen deze begroting. In dit document hanteren we alvast de aangepaste begroting als uitgangspunt voor de rapportage. J.H. Janssen, Algemeen Directeur
4 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
1. Financiële samenvatting na eerste kwartaal 2021 Overzicht per program m a op hoofdlijnen (x € 1.000)
Realisatie Begroting t/m maart t/m maart
Prognose 2021
Begroting 2021 na wijziging (concept)
Verschil Begroting tov 2021 voor gewijzigde wijziging begroting
Program m a Inkom en & financiële dienstverlening Uitgaven uitkeringen en LKS
-6.965
-7.597
-27.527
-27.527
-23.996
-
Terugontvangsten uitkeringen
119
122
489
489
439
-
Bijdrage gemeenten uitkeringen en LKS
6.847
7.475
27.038
27.038
23.558
-
Directe salariskosten
-151
-154
-615
-615
2.640
-
Bijdrage gemeenten directe salariskosten
154
154
615
615
-2.640
-
3
-
-
-
-
-
-651
-743
-2.973
-2.973
-2.429
-
6
6
23
23
-
-
Bijdrage gemeenten re-integratiebudget
812
812
3.250
3.250
2.429
-
Directe salariskosten
-202
-244
-974
-974
-1.379
-
Bijdrage gemeenten directe salariskosten
244
244
974
974
502
-
209
75
300
300
-
-
Uitgaven Wsw
-5.809
-6.016
-23.796
-23.965
-22.399
169
Omzet Wsw
1.521
1.746
5.986
6.525
5.444
-539
Program m a Ontw ikkeling, participatie & re-integratie Uitgaven ontw ikkeling, participatie en re-integratie Inkomsten inleenvergoedingen Wiw
Program m a Wsw
Inkomsten Liv
71
66
262
262
272
-
Bijdrage gemeenten Wsw -budget
5.004
5.039
20.156
20.156
19.011
-
Directe salariskosten
-468
-522
-2.088
-2.088
-2.369
-
Bijdrage gemeenten directe salariskosten
522
522
2.088
2.088
2.369
-
840
835
2.608
2.978
2.327
-370
Lasten overhead
-2.546
-2.777
-11.137
-11.107
-7.555
-30
Baten overhead
675
740
2.874
2.961
725
-87
Bijdrage gemeenten
722
722
2.889
2.889
3.000
-
-1.149
-1.314
-5.374
-5.257
-3.830
-117
Resultaat voor bestem m ing
-96
-405
-2.467
-1.980
-1.503
-487
Toevoeging reserves
-132
-132
-529
-529
-
-
Onttrekking reserves
627
627
2.509
2.509
1.503
Reslutaat na bestem m ing
399
90
-487
-
-
Program m a Overhead
-487
Het totaalresultaat is als volgt verdeeld over de programma’s: Resultaat 2021
Realisatie t/m m aart
Begroting t/m m aart
Prognose 2021
Programma Inkomen & financiële dienstverlening Programma Ontw ikkeling, participatie & re-integratie Programma Wsw Programma Overhead
3.138 208.801 840.292 -1.148.620
75.000 834.570 -1.314.318
300.000 2.607.847 -5.374.408
Begroting 2021 na w ijziging (concept) 300.000 2.977.579 -5.257.272
-96.389
-404.748
-2.466.561
-132.250 627.173
-132.250 627.173
398.534
Resultaat voor bestem m ing Mutatie bestem m ingsreserve Toevoeging Ontrekking Mutatie algem ene reserve Toevoeging Onttrekking Resultaat na bestem m ing reserves
2.327.493 -3.830.156
Verschil tov gew ijzigde begroting -369.732 -117.136
-1.979.693
-1.502.663
-486.868
-529.000 2.508.693
-529.000 2.508.693
1.502.663
-
-
-
-
-
-
90.175
-486.868
-
-
-486.868
Begroting 2021 voor w ijziging
Effecten coronacrisis op de kwartaalrapportage De effecten van de coronacrisis zijn met name voelbaar bij het verlies aan detacheringsomzet. Daarnaast is Laborijn nog volop bezig met de uitvoering van de Tozo en de TONK om inwoners zo goed mogelijk te ondersteunen. 5 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
2. Programma Inkomen & financiële dienstverlening 2.1
Ontwikkelingen aantal huishoudens in de bijstand
In het eerste kwartaal van 2021 is de bijstand netto (resultaat totale instroom minus totale uitstroom) met 19 huishoudens toegenomen ten opzichte van het vierde kwartaal 2020. In de gemeente Doetinchem is er sprake van een toename van 14 huishoudens. De gemeente Aalten laat een stijging zien van 5 huishoudens. Op 31 maart 2021 heeft het Centraal Plan Bureau (CPB)1 op haar website een publicatie geplaatst over het percentage werkloosheid in 2021. Er is geen raming gedaan over de aantallen huishoudens in de bijstand maar de werkloosheid geeft wel een beeld over de mogelijke ontwikkelingen van het bestand. Het aflopen van de steunmaatregelen zal gepaard gaan met faillissementen waardoor de werkloosheid oploopt. De verrassend lage werkloosheid loopt op van 4.4% naar 4.7% in 2022. De verwachting is dat dit ook een effect gaat hebben op het bestand Participatiewet. Dit effect is echter wel fors lager dan in 2020 voorspeld werd. Het macrobudget is hierop door het Rijk naar beneden bijgesteld. Op dit moment is er landelijk een stijgende trend waarneembaar. Binnen het werkgebied van Laborijn zien we een beperkte stijging van het aantal uitkeringen met 19 (1,3% toename). Per gemeente ziet dit er als volgt uit: Standcijfer 1-1-21
Aantal uitkeringen Laborijn
Begroot
Standcijfer 31-3-21
Toename Toename Toename Toename
Werkelijk
Verschil
Begroot
Werkelijk
Verschil
Begroot
Werkelijk
Begroot
Werkelijk
Aalten
278
278
0
286
283
-3
8
5
2,9%
1,8%
Doetinchem
1233
1233
0
1257
1247
-10
24
14
1,9%
1,1%
Totaal
1511
1511
0
1543
1530
-13
32
19
2,1%
1,3%
Uit deze tabel blijkt dat het bestand met 1,3% is gestegen terwijl wij in de concept begrotingswijziging een stijging van 2,1% hebben begroot in het eerste kwartaal. Aan het einde van het kwartaal verstrekken we aan 13 huishoudens minder bijstand dan was begroot.
Grafiek: Volume BUIG-index landelijk en Laborijn t.o.v. december 2017 Wanneer wij de landelijke ontwikkeling van het bijstandsvolume vergelijken met de gerealiseerde ontwikkeling van Laborijn, dan zien wij dat de ontwikkeling bij Laborijn nog steeds positiever is dan landelijk. In de grafiek op de volgende bladzijde is de Laborijn-trend te zien in de groene lijn en de landelijke trend in de rode lijn. Bron: Divosa benchmark.
1 Ramingen | CPB.nl
6 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
2.2
Financiële ontwikkeling programma Inkomen & financiële dienstverlening
In onderstaande tabel zijn de werkelijke en begrote lasten over 2021 weergegeven. Programma Inkomen & financiële dienstverlening
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging voor wijziging (concept)
Begroting t/m maart
5.209.395 317.861 70.998 110.755 18.000 4.940 1.114.615 153.719 7.000.283
5.392.431 503.966 82.500 87.500 370.000 8.125 1.030.000 153.719 7.628.241
21.569.725 2.015.865 330.000 350.000 740.000 32.500 2.000.000 614.875 27.652.965
21.569.724 2.015.865 330.000 350.000 740.000 32.500 2.000.000 614.875 27.652.964
21.172.962 1.689.648 340.000 315.000 40.000 1.699.371 940.780 26.197.761
-
71.933 7.383 7.561 31.740 118.617
85.000 2.750 4.375 30.000 122.125
340.000 11.000 17.500 120.000 488.500
340.000 11.000 17.500 120.000 488.500
420.000 18.500 438.500
-
Totaal baten
7.118.899
7.750.366
28.141.465
28.141.464
26.636.261
-
Lasten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Individuele Inkomenstoeslag Tonk Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Directe salariskosten Kosten reorganisatie direct personeel
5.281.328 317.861 78.381 110.755 18.000 12.500 1.146.355 150.581 -
5.477.431 503.966 85.250 87.500 370.000 12.500 1.060.000 153.719 -
21.909.725 2.015.865 341.000 350.000 740.000 50.000 2.120.000 614.875 -
21.909.724 2.015.865 341.000 350.000 740.000 50.000 2.120.000 614.875 -
21.592.962 1.689.648 358.500 315.000 40.000 1.699.371 940.780
-
Totaal lasten
7.115.761
7.750.366
28.141.465
28.141.464
26.636.261
-
3.138
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
3.138
-
-
-
-
-
Baten Gemeentelijke bijdragen Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Individuele Inkomenstoeslag Tonk Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Bijdrage directe salariskosten Bijdrage Oude IJsselstreek inzake uittreding Overige baten Ontvangsten bijstand Ontvangsten bijzondere bijstand Ontvangsten Bbz leningen Ontvangsten Tozo
Saldo baten en lasten Toevoeging bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Totaal
Prognose 2021
Verschil tov gewijzigde begroting
Realisatie t/m maart
Het totale programma laat een klein voordeel zien van € 3.138. Dit betreft een klein positief verschil op de inzet van personeel. Wel zijn we met terugwerkende kracht per 1 januari 2020 gestart met het uitvoeren van de TONK-regeling. De eerste uitbetalingen zijn verantwoord in dit programma. Verder zijn er geen bijzonderheden te melden.
7 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
2.2.1 Financiële ontwikkeling programma Inkomen & financiële dienstverlening per gemeente In het eerste kwartaal van 2021 zijn in totaal voor beide gemeenten 98 huishoudens ingestroomd in de bijstand. In het eerste kwartaal van 2020 zijn in totaal 108 huishoudens ingestroomd. De coronaeffecten op het bijstandsvolume zijn ook nog niet erg duidelijk zichtbaar. Wij blijven de in- en uitstroom continu scherp monitoren. In onderstaande tabellen wordt een overzicht van het verloop van de kosten per gemeente weergegeven en vergeleken met de begroting. Tevens wordt de stijging van het aantal uitkeringsgerechtigden toegelicht. Aalten Het aantal huishoudens in de bijstand per 1 januari 2021 was 278. Het aantal huishoudens in de bijstand per 31 maart 2021 is 283. De eindstand is iets hoger dan de beginstand maar lager dan het begrote aantal van 286. Het aantal huishoudens in de bijstand is in het eerste kwartaal 2021 derhalve gestegen met 5 uitkeringen. De werkelijke lasten bijstand voor de gemeente Aalten zijn tot en met het eerste kwartaal 2021 circa € 1,4 miljoen. Het saldo van de baten en lasten loopt nog conform begroting. Programma Inkomen & financiële dienstverlening Aalten
Begroting t/m maart
946.339 76.165 12.228 38.562 -2.060 268.526 38.807
3.932.001 403.428 50.000 50.000 185.000 5.000 500.000 155.227
1.378.568
983.000 100.857 12.500 12.500 92.500 1.250 255.000 38.807 1.496.414
24.192 125 4.560 6.321 35.198
Baten Gemeentelijke bijdragen Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Individuele Inkomenstoeslag Tonk Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Bijdrage directe salariskosten Bijdrage Oude IJsselstreek inzake uittreding
Verschil tov gewijzigde begroting
5.280.656
3.911.836 358.959 59.500 9.000 430.652 175.873 4.945.820
-
15.000 250 1.250 5.000 21.500
60.000 1.000 5.000 20.000 86.000
60.000 1.000 5.000 20.000 86.000
70.000 2.500 72.500
-
1.413.765
1.517.914
5.366.656
5.366.656
5.018.320
-
970.531 76.165 12.353 38.562 2.500 274.847 38.015
998.000 100.857 12.750 12.500 92.500 2.500 260.000 38.807 -
3.992.001 403.428 51.000 50.000 185.000 10.000 520.000 155.227
3.992.001 403.428 51.000 50.000 185.000 10.000 520.000 155.227 -
3.981.836 358.959 62.000 9.000 430.652 175.873
-
1.412.973
1.517.914
5.366.656
5.366.656
5.018.320
-
792
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
792
-
-
-
-
-
Lasten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Individuele Inkomenstoeslag Tonk Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Directe salariskosten Kosten reorganisatie direct personeel Totaal lasten
Prognose 2021
3.932.001 403.428 50.000 50.000 185.000 5.000 500.000 155.227 5.280.656
Overige baten Ontvangsten bijstand Ontvangsten bijzondere bijstand Ontvangsten Bbz leningen Ontvangsten Tozo
Totaal baten
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging voor wijziging (concept)
Realisatie t/m maart
Saldo baten en lasten Toevoeging bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Totaal
8 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
Doetinchem Het aantal huishoudens in de bijstand per 1 januari 2021 was 1233. Het aantal huishoudens in de bijstand per 31 maart 2021 is 1247. Dit is een toename van 14 huishoudens (1,1%) ten opzichte van de beginstand. De eindstand is iets hoger dan de beginstand maar lager dan de begroting van 1257. De werkelijke lasten bijstand in het eerste kwartaal 2021 zijn circa € 5,7 miljoen. Het saldo van de baten en lasten loopt nog conform begroting. Programma Inkomen & financiële dienstverlening Doetinchem
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging voor wijziging (concept)
Realisatie t/m maart
Begroting t/m maart
4.263.055 241.696 58.770 72.193 18.000 6.999 846.089 114.912
17.637.724 1.612.437 280.000 300.000 555.000 27.500 1.500.000 459.648
5.621.715
4.409.431 403.109 70.000 75.000 277.500 6.875 775.000 114.912 6.131.827
47.741 7.258 3.001 25.419 83.419
Totaal baten
Baten Gemeentelijke bijdragen Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Individuele Inkomenstoeslag Tonk Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Bijdrage directe salariskosten Bijdrage Oude IJsselstreek inzake uittreding
Prognose 2021
Verschil tov gewijzigde begroting
22.372.309
17.637.724 1.612.437 280.000 300.000 555.000 27.500 1.500.000 459.648 22.372.309
17.261.126 1.330.689 280.500 315.000 31.000 1.268.719 764.907 21.251.941
-
70.000 2.500 3.125 25.000 100.625
280.000 10.000 12.500 100.000 402.500
280.000 10.000 12.500 100.000 402.500
350.000 16.000 366.000
-
5.705.134
6.232.452
22.774.809
22.774.809
21.617.941
-
Lasten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Individuele Inkomenstoeslag Tonk Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Directe salariskosten Kosten reorganisatie direct personeel
4.310.796 241.696 66.028 72.193 18.000 10.000 871.508 112.566
4.479.431 403.109 72.500 75.000 277.500 10.000 800.000 114.912 -
17.917.724 1.612.437 290.000 300.000 555.000 40.000 1.600.000 459.648
17.611.126 1.330.689 296.500 315.000 31.000 1.268.719 764.907
Totaal lasten
5.702.788
6.232.452
22.774.809
17.917.724 1.612.437 290.000 300.000 555.000 40.000 1.600.000 459.648 22.774.809
21.617.941
-
2.346
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
2.346
-
-
-
-
Overige baten Ontvangsten bijstand Ontvangsten bijzondere bijstand Ontvangsten Bbz leningen Ontvangsten Tozo
Saldo baten en lasten Toevoeging bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Totaal
-
9 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
2.2.2 Inhoudelijke ontwikkeling programma Inkomen en financiële dienstverlening Externe dienstverlening Vanwege de coronacrisis verlopen de contacten met externe partners veelal op afstand, via de digitale weg of telefonisch. Het bestaande aanbod van instrumenten in het kader van de crisis is aanzienlijk uitgebreid en is continue aan aanpassing onderhevig. Voor onze klanten en hun adviseurs is het overzicht in het aanbod vaak onvoldoende. Vanuit Laborijn onderzoeken wij samen met de klant de actuele landelijke en lokale mogelijkheden om zo een tot passende oplossing te komen. Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) Uitvoering In het eerste kwartaal 2021 hebben we verder uitvoering gegeven aan de Tozo 3-regeling. Hierbij is er fors meer aandacht voor het ondersteunen van de inwoner met een Tozo-uitkering dan het inkomen. In het eerste kwartaal 2021 zijn bijvoorbeeld inwoners werkzaam in de reisbranche en in de horeca met ondersteuning van Laborijn aan het werk gegaan in een andere branche. Aantal aanvragen In het eerste kwartaal van 2021 zijn er 128 aanvragen Tozo 3 ontvangen, waarvan er eind van het eerste kwartaal 2021 nog 1 moet worden afgehandeld. 82% van de aanvragen is toegekend. Tozo 3 is per 31 maart 2021 gestopt. Inclusief 2020 zijn hiervoor 468 aanvragen ingediend waarvan 394 toegekend. Per 1 april 2021 is er sprake van een Tozo 4-regeling.
Tozo 3 aanvragen levensonderhoud
In behandeling per 31-12-20
Ingediend
Toegekend
Afgew ezen
Ingetrokken
Buiten behandeling
In behandeling
Aalten
12
24
29
7
0
0
0
Doetinchem
35
104
113
18
1
6
1
Laborijn
47
128
142
25
1
6
1
Er zijn in het eerste kwartaal 2021 20 aanvragen ingediend voor een bedrijfskrediet, samen met de 9 aanvragen die nog openstonden zijn hiervan 18 aanvragen toegekend en 5 nog in behandeling. Het toekenningspercentage bedraagt 75%. De aflossing van deze leningen is door de overheid uitgesteld tot na 1 juli 2021. Tozo aanvragen bedrijfskrediet
In behandeling per 31-12-20
Ingediend
Toegekend
Afgew ezen
Ingetrokken
Buiten behandeling
In behandeling
Aalten
1
4
2
1
0
1
1
Doetinchem
8
16
16
2
1
1
4
Laborijn
9
20
18
3
1
2
5
Kosten toegekende uitkeringen en kredieten In het eerste kwartaal van 2021 is voor ruim € 1,1 miljoen uitgekeerd aan uitkeringen en kredieten. Financieel risico Tozo Op dit moment voorzien wij geen grote risico's op de Tozo. De kosten worden volledig vergoed door het Rijk. De reeds verstrekte voorschotten zijn ruim voldoende om deze kosten te betalen. Uitvoeringskosten De Rijksvergoeding voor de uitvoering van de Tozo bedraagt € 450 per besluit voor een aanvraag levensonderhoud en € 800 per besluit voor een aanvraag bedrijfskrediet. Laborijn verwacht geen overschrijding van de uitvoeringskosten. Ondernemersdienstverlening De uitbreiding en doorontwikkeling van het instrumentenpalet voor ondernemers is mede door de coronacrisis in een versneld tempo ingezet. Naast informatie en advies aan ondernemers en
10 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
adviseurs worden bedrijfsanalyses doorgevoerd en begeleiden we ondernemers die zich willen herbezinnen op hun toekomst. Heroriëntatie Laborijn biedt ondernemers met een Tozo-uitkering vanaf 1 oktober 2020 de mogelijkheid voor een heroriëntatietraject. In deze fase ondersteunt het kabinet via gemeenten zelfstandig ondernemers om waar nodig zich voor te bereiden op een nieuwe toekomst. Als zelfstandig ondernemer, als werknemer in loondienst of een combinatie. Het traject wordt vanuit een persoonlijk contact met de ondernemer opgestart en wij dragen zorg voor een eerste (probleem)analyse en een warme doorverwijzing binnen Laborijn en naar haar samenwerkingspartners. Er zijn immers al veel faciliteiten en contacten beschikbaar die inzetbaar zijn voor ondernemers (Kamer Van Koophandel (KVK), Ondernemers Klank Bord (OKB), Bureau voor Financiële Ondersteuning (BvFO), Industriekring Aalten etc.). Zoals hierboven aangegeven zijn in het eerste kwartaal van 2021 met succes inwoners werkzaam in de reisbranche en in de horeca met ondersteuning van Laborijn aan het werk gegaan in een andere branche. Verder blijven we ondersteuning geven door onze Bbz-consulenten bij het voortzetten van het ondernemerschap van de inwoner met een Tozo-uitkering. Deze nieuwe aanvullende dienstverlening is steeds verder verankerd in de dienstverlening van Laborijn.
Ondernemerssteunpunt In maart zijn de voorbereidingen gestart voor het oprichten van het Ondernemerssteunpunt Aalten Doetinchem. Binnen dit construct wordt dienstverlening aangeboden in nauwe samenwerking met de afdelingen Schulddienstverlening, Zorg en Economische Zaken van de gemeenten Doetinchem en Aalten. Tijdelijke ondersteuningsmaatregelen noodzakelijke kosten (TONK) In het eerste kwartaal 2021 hebben we samen met de gemeenten Aalten en Doetinchem de uitvoeringsregeling TONK vastgesteld. Laborijn voert deze regeling via een dienstverleningsovereenkomst (DVO) uit voor de gemeenten. Vanaf 1 maart 2021 konden inwoners digitaal een aanvraag TONK indienen. Aan het eind van het eerste kwartaal 2021 zijn er 41 aanvragen TONK ontvangen. 8 voor de gemeente Aalten en 33 voor de gemeente Doetinchem. 16 aanvragen zijn aan het eind van het eerste kwartaal 2021 afgehandeld. Hiervan is 62,5% toegekend. Zowel lokaal als landelijk is het aantal aanvragen TONK nog niet op het verwachte niveau. Laborijn geeft extra aandacht aan de TONK-regeling bij alle aanvragen die binnenkomen voor Tozo 4. Bij de aanvraag voor Tozo 4 onderzoeken we gelijktijdig of er recht is op de TONK. In het tweede kwartaal van 2021 worden inwoners die in 2020 beroep hebben gedaan op de Tozo persoonlijk geïnformeerd over de TONK-regeling.
Wij verwachten door deze aanpak een groter aantal inwoners te bereiken die gebruik kunnen maken van de TONK-regeling. 2.2.3 Ontwikkeling BUIG-budget Het macrobudget wordt voorlopig vastgesteld in september voorafgaand aan het uitvoeringsjaar. Het macrobudget 2021 wordt gedurende het jaar nog bijgesteld naar aanleiding van gewijzigde inzichten in conjunctuur, realisaties, Rijksbeleid en loon- en prijsbijstelling (lpo). Hierover worden gemeenten geïnformeerd bij het nader voorlopig budget in het voorjaar van 2021 en bij de definitieve toekenning van de budgetten in september 2021. Omdat er een minder grote stijging van de werkeloosheid is dan tot nu toe was verwacht is het nader voorlopig budget door het Rijk naar beneden bijgesteld. Het definitieve macrobudget wordt bepaald door uit te gaan van de gerealiseerde prijs en het gerealiseerde volume in het voorgaande jaar, van een inschatting van de effecten van de conjunctuur en Rijksbeleid in het begrotingsjaar zelf en van een indexering van de gemiddelde prijs. Voor de
11 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
conjunctuurraming worden de actuele en onafhankelijke rekenregel en de autonome correctie van het Centraal Plan Bureau (CPB) gevolgd. Ter informatie hieronder de budgetontwikkeling van de afgelopen jaren per gemeente. Ontw ikkeling budget BUIG Aalten Doetinchem Totaal
Definitief budget Definitief budget Definitief budget Definitief budget 2017 2018 2019 2020 4.273.319 4.676.610 4.347.426 4.589.074 17.711.194 19.434.941 18.120.595 18.646.076 21.984.513 24.111.551 22.468.021 23.235.150
Nader voorlopig budget 2021 4.493.649 18.975.865 23.469.514
2.2.4 Verwacht totaalresultaat BUIG per gemeente 2021 In onderstaande tabel worden de tekorten en overschotten weergegeven ten opzichte van het voorlopige BUIG-budget per gemeente. Verw acht Buig resultaat ten opzichte van het nader voorlopig budget 2021 Nader voorlopig budget Prognose kosten Resultaat
Aalten 4.493.649 4.335.431 158.218
Doetinchem 18.975.865 19.250.160 -274.295
Laborijn 23.469.514 23.585.591 -116.077
Het resultaat BUIG is over het eerste kwartaal van 2021 in overeenstemming met de begroting. Laborijn heeft de doelstelling dat de ontwikkeling van het bijstandsvolume per saldo 1% lager is dan landelijk. Op dit moment voldoen we aan deze doelstelling. De prognose 2021 van het Buig-resultaat laat voor de gemeente Doetinchem een negatief resultaat zien van circa € 274.000. In september 2021 wordt het definitief budget Buig bekend gemaakt. Indien Laborijn beter blijft presteren dan het landelijk gemiddelde is de verwachting dat het definitieve Buig budget positief wordt bijgesteld. Helaas is de ontwikkeling van het Buig budget zeer onvoorspelbaar. Het risico blijft aanwezig dat, ondanks dat de prestaties van Laborijn beter zijn dan het landelijk gemiddelde, er uiteindelijk een tekort blijft bestaan voor de gemeente Doetinchem. De verwachting is dat geen van de gemeenten een beroep hoeft te doen op de vangnetregeling. Om in aanmerking te komen voor deze regeling moet het tekort op het budget minimaal 7,5% zijn. 2.3
Preventiequote, in- en uitstroom
Preventiequote In de aanvraagprocedure van een uitkering zijn diverse momenten waarop onze dienstverlening niet langer noodzakelijk is: de klant die zich oorspronkelijk meldde voor een uitkering heeft recht op een andere uitkering (WW, Wajong, WIA), vindt zelf werk, wordt op korte termijn bemiddeld naar werk of vindt andere mogelijkheden om zelfstandig in de kosten van levensonderhoud te voorzien. Door de werkwijze om scherp naar de individuele mogelijkheden te kijken om zelf in de kosten voor levensonderhoud te voorzien, wordt de aanvraag niet omgezet in een uitkering. Deze zogenaamde preventiequote (het verschil tussen het aantal mensen dat zich meldt voor een uitkering en het aantal mensen waarbij de uitkering daadwerkelijk wordt toegekend) is geen doel op zich, maar de uitkomst van een effectief intake- en screeningsproces. De preventiequote over het eerste kwartaal 2021 is 34% (in het vierde kwartaal 2020 was dit 44%). Redenen instroom Zoals in onderstaande tabel is te zien, zijn voor alle gemeenten belangrijke redenen van instroom gelegen in het ‘niet voldoende kunnen voorzien in de kosten van het bestaan’. We zien ook in 2021 mensen die moeite hebben om in de kosten van levensonderhoud te voorzien. In begin 2020 zagen we dit veel bij jongeren. In het begin van 2021 kunnen we constateren dat er geen bijzonderheden meer zijn.
De instroom van jongeren en statushouders is in het eerste kwartaal van 2021 nog beperkt.
12 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
Ook opvallend blijft het aantal verhuizingen als reden voor instroom. Hierbij zien we een percentage van 23% en 14% bij de gemeenten. Dit blijft nog steeds een van de belangrijkste redenen van instroom. Door de coronacrisis zien we de instroom in de categorie arbeid en dienstbetrekking/uitkering ziekte vooral in Doetinchem iets toenemen. Dit zijn met name inwoners die hun baan kwijtraken maar geen recht hebben op een WW-uitkering. Deze inwoners hebben meestal een kortere afstand tot de arbeidsmarkt en stromen naar verwachting ook snel weer uit. Onderstaande tabel laat per gemeente de belangrijkste instroomredenen zien. Redenen instroom ultimo maart 2021 (%) Niet voldoende midd. om in lev. te voorzien Uitkering w erkloosheid Verhuizing Arb. dienstbetr./uitk. ziekte Beeindiging huw elijk/relatie Beeindiging studie Komende van het AZC Zelfstandig beroep of bedrijf Overig
Redenen instroom ultimo maart 2021 (absoluut) Niet voldoende midd. om in lev. te voorzien Uitkering w erkloosheid Verhuizing Arb. dienstbetr./uitk. ziekte Beeindiging huw elijk/relatie Beeindiging studie Komende van het AZC Zelfstandig beroep of bedrijf Overig Totaal
A
D
Lab
18% 23% 23% 5% 0% 0% 23% 5% 5%
30% 14% 12% 17% 9% 3% 4% 3% 8%
28% 16% 14% 14% 7% 2% 8% 3% 7%
A
D
Lab
4 5 5 1 5
23 11 9 13 7 2 3
1 1 22
2 6 76
27 16 14 14 7 2 8 3 7 98
Redenen uitstroom Net zoals onze klanten zich met uiteenlopende redenen melden voor financiële ondersteuning en/of hulp bij het vinden van werk (instroom), zijn er diverse redenen waarom de uitkering wordt beëindigd (uitstroom). In het eerste kwartaal 2021 is de belangrijkste reden voor de uitstroom, ondanks corona, toch arbeid of het starten met een zelfstandig bedrijf/beroep (48% van het totaal). 16% van de uitstroom komt doordat de inwoner gaat verhuizen naar een andere gemeente. Het bereiken van de AOW-leeftijd is sinds 2019 ook een belangrijke reden van uitstroom. In het eerste kwartaal van 2021 zijn er 10 huishoudens uitgestroomd door het bereiken van de AOW-leeftijd. Onderstaande tabel laat per gemeente de belangrijkste uitstroomredenen zien. Redenen uitstroom ultimo maart 2021 (%) Arbeid Verhuizing Bereiken AOW leeftijd Geen inlichtingen Aanvang studie Aangaan relatie Uitkering vrijw illig ingetrokken Overlijden Uitkering Wajong Ander inkomen Overig
A
D
35% 18% 18% 0% 0% 0% 6% 12% 0% 6% 6%
52% 16% 11% 3% 2% 3% 0% 0% 2% 5% 6%
Lab 48% 16% 13% 3% 1% 3% 1% 3% 1% 5% 6%
13 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
Redenen uitstroom ultimo maart 2021 (absoluut) Arbeid Verhuizing Bereiken AOW leeftijd Geen inlichtingen Aanvang studie Aangaan relatie Uitkering vrijw illig ingetrokken Overlijden Uitkering Wajong Ander inkomen Overig Totaal
2.4
A
D 6 3 3 1 2 1 1 17
Lab 32 10 7 2 1 2 1 3 4 62
38 13 10 2 1 2 1 2 1 4 5 79
Doorlooptijden
Laborijn heeft als doelstelling om alle aanvragen binnen 4 weken af te handelen. Wettelijk gezien hebben we hiervoor 8 weken. In onderstaand cirkeldiagram laten we zien dat 74% van de aanvragen binnen 4 weken wordt afgehandeld. De afhandelingstermijn kan worden opgeschort omdat de klant nog gegevens moet aanleveren. Hierdoor is het mogelijk dat de totale termijn de 8 weken overschrijdt. Tijdens de coronacrisis is het proces aangepast en met name op afstand vormgegeven. Omdat het in de huidige tijd voor klanten ingewikkelder is om bewijsstukken aan te leveren geven we meer tijd en ruimte om dit te doen. Dit heeft effect op de doorlooptijd die daarom doorgaans langer is. Bij aanvragen die een lange doorlooptijd hebben kan elke maand een voorschot van 90% van de bijstandsnorm verstrekt worden, mits er vermoedelijk recht op een bijstandsuitkering is. De inschatting van het recht op bijstand is van cruciaal belang omdat de voorschotten teruggevorderd moeten worden indien blijkt dat er geen recht op bijstand is.
14 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
2.5
Overige regelingen
De overige regelingen bestaan uit de Bbz-bedrijfskredieten, de individuele inkomenstoeslag en de (belaste) bijzondere bijstand (alleen de onderdelen die betrekking hebben op levensonderhoud). Bbz De Bbz (Besluit bijstandsverlening zelfstandigen) is specifiek bedoeld voor zelfstandigen die in financiële problemen komen maar wel een levensvatbaar bedrijf hebben en tijdelijk financiële ondersteuning nodig hebben. In het eerste kwartaal van 2021 zijn er geen nieuwe bedrijfskredieten Bbz toegekend. Op dit moment adviseren wij de ondernemers een bedrijfskrediet via de Tozo-regeling aan te vragen. De voorwaarden voor deze leningen zijn veel gunstiger voor de ondernemer. Wij verwachten na het stoppen van de overheidsregelingen dat er weer aanspraak gedaan gaat worden op de reguliere Bbz.
Bbz bedrijfskredieten t/m maart 2021 Onderzoekskosten
Aalten
Doetinchem
Laborijn
2.500
10.000
12.500
-
-
-
Aflossing en rente leningen vanaf 2020 Aflossing en rente leningen vóór 2020 Af te dragen aan Rijk (75%)
18.239 -13.679 4.560
12.003 -9.002 3.001
30.242 -22.682 7.561
Bijdrage gemeente
-2.060
6.999
4.940
Bedrijfskredieten Terug te ontvangen van Rijk in 2022
Aan het einde van het eerste kwartaal 2021 staat er ruim € 1 miljoen aan verstrekte bedrijfskredieten open.
15 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
Bijzondere bijstand en individuele inkomenstoeslag Een aantal voorzieningen binnen de bijzondere bijstand is direct gerelateerd aan levensonderhoud en wordt om praktische redenen door Laborijn toegekend en uitbetaald. Dit zijn onder andere de aanvullende bijstand voor klanten onder de 21 jaar en de overbruggingsuitkering voor statushouders. De kosten hiervan zijn begroot op basis van de uitgaven van voorgaande jaren. De voornaamste uitgaven in het eerste kwartaal van 2021 voor de bijzondere bijstand zijn:
aanvullende bijstand voor jongeren onder 21 jaar (€ 56.176) bijstand voor belastingaanslag (€ 4.549) individuele studietoeslag (€ 6.031) overbruggingsuitkeringen voor statushouders (€ 8.293)
Wij voorzien op dit moment geen bijzonderheden bij de budgetten voor de bijzondere bijstand en de individuele inkomenstoeslag. De gemeenten krijgen na afloop van ieder kwartaal een afrekening met daarbij een specificatie van de uitgaven per kostensoort. Bijzondere Bijstand, individuele inkomenstoeslag en Tonk t/m maart 2021 Aanvullende bijstand < 21 jaar Belastingaanslag Eenmalige overbrugging Individuele studietoeslag Leenbijstand Overige algemene levensbehoeften Woonkostentoeslag
Aalten
Doetinchem
Laborijn
4.723 264 3.503 1.512 1.734 617 12.353 -125 12.228
51.453 4.285 4.790 4.519 560 421 66.028 -7.258 58.770
56.176 4.549 8.293 6.031 560 2.155 617 78.381 -7.383 70.998
Individuele inkomenstoeslag Tonk
38.562 -
72.193 18.000
110.755 18.000
Bijdrage gemeente
50.790
148.963
199.753
Aflossing
16 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
3. Programma Participatie, ontwikkeling en re-integratie 3.1
Activiteiten in ontwikkeling, participatie en re-integratie
In deze paragraaf doen we verslag van de activiteiten en resultaten gericht op het ondersteunen van ontwikkeling bij inwoners. Met de geboden dienstverlening ondersteunen we inwoners in de voorbereiding en realisatie van de stap naar sociale activering, participatie en richting betaald (parttime) werk. De huidige corona-omstandigheden hebben nog steeds een forse impact op de vorm van dienstverlening en de behaalde resultaten binnen dit programma. We proberen daarbij creatief te zijn en, strikt rekening houdend met alle voorschriften, te bekijken wat juist wel kan. Onze dienstverlening is zo georganiseerd dat er een doorlopende ontwikkellijn mogelijk is. Daarin onderkennen wij 2 hoofdrichtingen: Maatschappelijke Participatie en Werkacademie. Voor de inwoners waarbij een aanvullende actieve diagnosefase wenselijk is, om een goed beeld te krijgen welke hoofdrichting het beste de ontwikkeling van de inwoner ondersteunt, hebben we een Trajectfit-fase ontwikkeld. In deze fase, van maximaal 6 maanden, gaat de professional intensief met de inwoner aan de slag om samen met de inwoner te onderzoeken wat een passende vervolgstap is. Vanuit Maatschappelijke Participatie kan de inwoner ook de stap zetten naar Trajectfit, met als doel het ontwikkelpotentieel te vergroten richting betaald (parttime) werk.
Maatschappelijke participatie Binnen Maatschappelijke Participatie bieden we ondersteuning en activiteiten gericht op het (weer) kunnen deelnemen aan de maatschappij. We bieden dienstverlening op een aantal niveaus. Veel activiteiten zijn in de loop van 2020 stilgevallen. In het eerste kwartaal zijn we aan de slag gegaan met het opnieuw in beeld brengen van alle inwoners met een traject Maatschappelijke Participatie. Onze professionals hebben een leeraanbod ontwikkeld specifiek voor inwoners die deelnemen aan Maatschappelijke Participatie en waarbij, ondanks de persoonlijke situatie, wel degelijk ontwikkelpotentieel aanwezig is. Ook daar waar dat perspectief nog niet aanwezig is (inwoners met een intensief zorgtraject en een tijdelijke ontheffing) wordt in nauwe samenwerking met maatschappelijke partners ingezet op activiteiten buitenshuis. Het elkaar ontmoeten staat daarbij centraal. We faciliteren zo dat zij een stap kunnen zetten van isolatie naar sociale activering. En waar mogelijk een vervolgstap naar vrijwilligerswerk kunnen zetten. Werkacademie De Werkacademie betreft onze (groepsgewijze) aanpak voor Participatiewet-inwoners waarbij werken en leren wordt gecombineerd. Het traject is gericht op het verkrijgen van betaald (parttime) werk of het vergroten van het ontwikkelingspotentieel.
Het totaal aantal actieve trajecten (in categorie 2) bedroeg 667 ultimo het eerste kwartaal. Het leeraanbod is in het eerste kwartaal verder ontwikkeld. Voor beide hoofdrichtingen zijn we aan de slag gegaan met een doorlopende ontwikkellijn om doorgroeimogelijkheden voor inwoners te kunnen bieden van isolatie naar uitstroom richting betaald (parttime) werk. Naast de bestaande leerdelen hebben we hybride leerdelen ontwikkeld.
17 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
In de corona-periode hebben veel inwoners ‘stil gezeten’. Om de inwoners weer in beweging te krijgen, hebben we extra aandacht besteed aan de ontwikkeling van een passend beweegaanbod per traject. In samenwerking met Sportbedrijf Doetinchem (Doetinchem) en Brichbouw (Aalten) is er een beweegaanbod voor inwoners die nieuw instromen in de Werkacademie. Daarnaast hebben we in samenwerking met de Graafschap een beweegaanbod ontwikkeld voor inwoners die de stap naar werk gaan zetten. Het doel is om in het tweede kwartaal te starten met kleine groepen inwoners waar mogelijk. Met dit aanbod willen we bijdragen aan de vitaliteit (inclusief leefstijl) van de inwoner en het participatie- en arbeidspotentieel vergroten. In het eerste kwartaal hebben we 70 operationele plaatsingen gerealiseerd, variërend van volledige uitstroom tot parttime uitstroom. Extra aandacht jongeren Het jongeren actieteam heeft de activiteiten en het contact in januari en februari nog digitaal voortgezet. In maart ontstonden er versoepelingen voor jongeren onder de 27 jaar. In kleine groepen, van maximaal 4 personen, hebben we de activiteiten hervat. We hebben, naast het bestaande aanbod, ook buitenactiviteiten ingezet met daaraan gekoppeld diverse leerdelen.
In dat kader hebben we, in goede samenwerking met het Leerwerkloket, de Rondkomers en het Graafschap College, veel groepsgewijze voorlichtingssessies georganiseerd over kansen en mogelijkheden om (terug) naar school te gaan en waar je als jongere tegenaan kunt lopen (financiële situatie, aanvraag studiefinanciering etc.). Er zijn afspraken tussen scholen uit omgeving Aalten en Doetinchem gemaakt om ervoor te zorgen dat jongeren die bijna kunnen uitstromen vanuit het VSO/Pro onderwijs begeleid worden. De professional (re-integratieconsulent en jobcoach) voert in het laatste schooljaar van de jongeren samen met de mentor diverse gesprekken om het vervolg te bespreken, zodat er sprake is van een naadloze overgang vanuit het onderwijs naar werk. In totaal zijn er in het eerste kwartaal 11 VSO/Proplaatsingen gerealiseerd. Deze jongeren worden vanuit Laborijn actief begeleid (loonwaardemeting, loonkostensubsidie en jobcoaching). Jongeren (aantal personen)
Aalten
Doetinchem
Totaal
18 tot 21 jaar
11
24
35
21 tot 27 jaar
25
153
178
Totaal
36
177
213
Uitstroom resultaat Participatiewet (totaal) In deze rapportageperiode zijn in totaal 79 uitkeringsdossiers beëindigd. Bij een uitkeringsdossier (huishouden) zijn in sommige gevallen meer inwoners betrokken. Bij deze 79 dossiers zijn circa 90 inwoners betrokken. Het ging om 38 uitkeringen die volledig zijn beëindigd als gevolg van uitstroom naar betaald werk/zelfstandig ondernemerschap. Deze realisatie ligt op schema met de doelstelling. Geen uitstroom, wel resultaat In het eerste kwartaal hebben 140 inwoners inkomsten weten te genereren uit parttime werk. Dit aantal ligt, als gevolg van de economische omstandigheden, lager dan in de voorgaande kwartalen. Parttime werk is voor een deel van onze klanten het maximaal haalbare perspectief. Het is voor hen de manier om toch actief deel te nemen aan de arbeidsmarkt. De door de inwoner zelf gerealiseerde inkomsten leiden in het eerste kwartaal direct tot een lagere uitkeringslast van ruim € 0,2 miljoen. Dit heeft geen direct effect op het aantal huishoudens in de bijstand. In maart 2021 zijn we van start gegaan met de impulsregeling ‘Premie parttime werk’. Naar verwachting zal het aantal parttime betaalde arbeid toenemen. Het is een financiële stimulans om de stap naar parttime werk te vergroten.
18 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
Laborijn biedt ook ondersteuning aan inwoners zonder uitkering (NUG) die zich melden voor ondersteuning bij het verkrijgen van betaald (parttime) werk. In het eerste kwartaal hebben we 274 inwoners daarbij ondersteuning geboden. Statushouders Het Participatiewet-bestand van Laborijn omvat 323 inwoners met een verblijfstatus conform artikel 8 Vreemdelingenwet. Daarvan zijn 206 klanten ingedeeld in categorie 2. Hiervan nemen inmiddels 187 klanten deel aan een actief traject gericht op werk. In het eerste kwartaal is het aantal statushouders met een Participatiewet-uitkering met 8 toegenomen. De uitstroom naar betaald werk in het eerste kwartaal is 9. De inwoners die nog niet deelnemen aan een Werkacademie-traject volgen voor een groot deel nog een verplicht inburgeringsprogramma. Bij deze groep wordt gekeken wat, aanvullend daarop, een passend traject kan zijn. Een deel volgt ook nog extra taallessen, verzorgd door het Graafschap College, om de Nederlandse taal te optimaliseren. Soms is een bepaald niveau het hoogst haalbare en bekijken we, in overleg met de Nederlandse taaldocent, welke stap met de inwoner gezet kan worden om te participeren en/of door te stromen naar een passende betaalde (parttime) baan. Het sociale netwerk in Aalten en Doetinchem rondom statushouders biedt goede mogelijkheden om een taalrijke omgeving aan te bieden.
Ter voorbereiding op de nieuwe Wet Inburgering nemen wij actief deel aan de pilot ‘Z-route’ en ‘Vaktaal op de werkvloer’. Binnen deze pilots testen en ontwikkelen we nieuw instrumentarium in de praktijk. Pilot Z-route In januari zijn we van start gegaan met 7 deelnemers in de pilot ‘Z-route’. Dit is een pilot in samenwerking met Stichting Aktief, GGnet, WSPA, Graafschap College en Laborijn. De deelnemers van deze pilot hebben veelal in hun land van herkomst weinig of geen scholing gehad of om een andere reden een zeer lage leerbaarheid. Het doel van het programma is zowel participeren in de maatschappij als werkervaring opdoen en, waar mogelijk, oriëntatie op betaald werk. De afgelopen 3
19 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
maanden zijn er mooie ontwikkelstappen gezet bij de deelnemers. We ervaren dat een taalcoach op de werkvloer een positieve invloed heeft op de taalontwikkeling en intrinsieke motivatie. Pilot Vaktaal op de werkvloer Na de start in november 2020 met 7 deelnemers, hebben we in het eerste kwartaal de praktische leeromgeving 1 op 1 voortgezet om de deelnemers actief betrokken te houden. De combinatie taaltraining en direct praktijkervaring opdoen heeft een positief effect op de ontwikkeling. De deelnemers van deze pilot hebben in het eerste kwartaal diverse ontwikkelstappen gezet. Samenwerking maatschappelijke partners De afgelopen 3 maanden hebben wij diverse gesprekken gevoerd met maatschappelijke partners in Doetinchem en Aalten. Deze samenwerking willen wij intensiveren. De inwoner staat centraal en gezamenlijk dragen wij bij aan de ontwikkeling van de inwoner. De gesprekken over het samenwerkingsproject met Humanitas, De Stadskamer, VV Doetinchem, Buurtplein, de Wijkregisseur en Vitaal op Weg, met als doel mensen actief deel te laten nemen aan de maatschappij door ontmoetingen en het delen van interesses, zijn in het eerste kwartaal herstart. De krachten van de partners worden gebundeld. Met deze partners gaan we in het tweede kwartaal vervolgstappen zetten en werken we aan duurzame alternatieve activiteiten op kleinere schaal.
Afronding project Samen sterk voor inwoners naar werk Doetinchem Begin 2019 is Laborijn, in opdracht van gemeente Doetinchem, gestart met het project ‘Samen sterk voor inwoners naar werk’. In dit project kregen 726 inwoners met een Participatiewet-uitkering een passend traject aangeboden om stappen te kunnen zetten in hun ontwikkeling richting de arbeidsmarkt. In het eerste kwartaal 2021 hebben we dit project mogen afronden. In april worden de resultaten tijdens een bijeenkomst met het college opgeleverd en staat een persconferentie gepland. Omschrijving
Samen sterk voor inwoners naar werk Doetinchem Alle inwoners in traject Alle inwoners actueel plan van aanpak Uitkeringsonafhankelijk door plaatsing naar betaald werk Plaatsing naar parttime werk
Doelstelling 2020/21
Doelstelling t/m eerste kwartaal 2021
Realisatie
100% 100% 10%
100% 100% 10%
99% 99% 11%
10%
10%
20%
Op schema
Bij de start omvatte het project 726 klanten met een bijstandsuitkering. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 522. 83 inwoners zijn volledige uitgestroomd naar betaald werk en 150 inwoners naar parttime werk. Naast de gerealiseerde doelen op het gebied van uitstroom naar betaald (parttime) werk, hebben inwoners ontwikkelstappen gezet richting sociale activering en participatie (vrijwilligerswerk).
20 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
3.2
Voortgang taaleis
Laborijn geeft invulling aan de uitvoering van de Wet Taaleis. Per kwartaal geven we inzicht in de huidige stand van zaken. Deze is weergegeven in onderstaande tabel. Voldoet aan taaleis PW
Aalten
Doetinchem
Totaal
Ja
205
1005
1210
Nee
98
321
419
Nog niet bekend
2
8
10
Totaal
305
1334
1639
Het aantal inwoners dat voldoet aan de taaleis is ten opzichte van het vierde kwartaal 2020 toegenomen. Met de inwoners die niet voldoen aan de taaleis zijn passende afspraken gemaakt. Indien er geen bewijsstukken zijn, volgt deelname aan een toets. De Wet Taaleis is niet van toepassing op de doelgroepen IOAW en IOAZ. De inwoners die gebruik maken van deze regelingen zijn derhalve niet opgenomen in de realisatie. Bij inwoners in Maatschappelijke Participatie sluiten de taaltrajecten naar vermogen aan op de directe leefwereld en activiteiten van de inwoner. 3.3
Overzicht ontheffingen arbeidsverplichting per gemeente
Bij een bijstandsuitkering horen verplichtingen. Bijvoorbeeld om mee te werken bij het vinden van werk. Dit noemen we de arbeidsverplichtingen. Als het niet lukt om aan de arbeidsverplichtingen te voldoen, kan men een tijdelijke ontheffing krijgen. Dit kan in 3 situaties, bij: sociale redenen, mantelzorg en medische redenen. Ontheffing van de arbeidsverplichtingen is iets anders dan de re-integratieverplichting. Dat betekent dat men er alles aan doet om zo snel mogelijk wel weer aan het werk te gaan. Bijvoorbeeld door psychische begeleiding, af te kicken, mee te doen aan activiteiten buitenshuis, een training of opleiding te volgen. Indien klanten (nog) niet in staat zijn te werken, maar een hulp- of zorgtraject ingaan, of indien men deel gaat nemen aan activiteiten, wordt er een zogenaamd ‘participatieplan’ opgesteld en is dat de nadere invulling van een verplichting. Duur van de ontheffing De ontheffing van de arbeidsverplichtingen om medische of sociale redenen duurt maximaal een jaar. Reden hiervan is dat de situatie van de inwoner kan verbeteren of verslechteren. Daarnaast willen we regelmatig contact met onze inwoners waarbij we in gesprek gaan over hun situatie. Samen met de inwoner worden vervolgafspraken gemaakt. Momenteel zijn er 114 klanten ontheven van de arbeidsplicht. Ontheffing arbeidsverplichting
Aalten
Doetinchem
Totaal
Ontheffing
27
87
114
Geen ontheffing
304
1330
1634
Totaal
331
1417
1748
21 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
3.4 Financiële ontwikkeling programma Ontwikkeling, participatie & re-integratie De financiële ontwikkeling van het programma Ontwikkeling, participatie & re-integratie is in onderstaande tabel weergegeven. Programma Ontwikkeling, participatie & re-integratie Baten Wiw inleenvergoedingen Rijksbudget Bijdrage gemeenten directe salariskosten Bijdrage Oude IJsselstreek inzake uittreding
Realisatie t/m maart
Begroting t/m maart
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging voor wijziging (concept)
Prognose 2021
Verschil tov gewijzigde begroting
5.797 812.466 243.552 -
5.750 812.466 243.553 -
23.000 3.249.864 974.211
23.000 3.249.864 974.211 -
2.428.662 438.397 940.780
-
1.061.815
1.061.769
4.247.075
4.247.075
3.807.839
-
1.206 63.794 30.444 66.783 5.506 281.388 66.491 18.877 70.011 8.591 37.447 -
3.750 63.794 30.445 69.000 5.436 281.388 66.491 14.000 223.716 22.750 37.447 -
15.000 255.175 121.778 276.000 21.744 1.125.553 265.965 80.000 870.863 91.000 149.786 -
15.000 255.175 121.778 276.000 21.744 1.125.553 265.965 56.000 894.863 91.000 149.786 -
255.175 83.361 3.957 50.000 21.744 1.125.553 115.965 59.432 418.732 144.957 149.786 -
Directe salariskosten Kosten reorganisatie direct personeel
202.475
243.553 -
974.211
974.211 -
438.397 940.780
24.000 -24.000 -
Totale lasten Re-integratie
853.013
1.061.769
4.247.075
4.247.075
3.807.839
-
Saldo baten en lasten
208.802
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
208.802
-
-
-
-
Totale baten Re-integratie Lasten Loonkostensubsidie kortdurend Jobcoaching Werkgeversservicepunt ID-banen Wiw Kinderopvang Interne re-integratietrajecten Infrastructuur Nieuw beschut Overige re-integratie Vergoedingen en premies Maatschappelijke participatie Interne doorbelasting naar overhead
Toevoeging bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat
-
De grootste afwijkingen in dit programma ten opzichte van de begroting zijn:
de realisatie van uitgaven re-integratiemiddelen is in het eerste kwartaal lager dan begroot. In het eerste kwartaal hebben wij niet alle activiteiten volledig in kunnen zetten vanwege de beperkte mogelijkheden door corona. Zodra de omstandigheden het weer toelaten zullen wij re-integratieactiviteiten weer fors intensiveren in de loop van het jaar. De verwachting is dat wij de re-integratiemiddelen volledig kunnen besteden ten gunste van de ontwikkeling van inwoners. verhoging loonkosten nieuw beschut ten opzichte van de gewijzigde begroting door aangeboden dienstverbanden. Per januari zijn de contracten van nieuw beschut voor 2021 verlengd met een tweede, derde ofvast contract. 1inwoner met een nieuw beschut- indicatie heeft een contract bij een werkgever gekregen. Daarnaast zijn er in januari 3 nieuw beschutmedewerkers gestart met het eerste contract. Dit is een positieve ontwikkeling, enkele zijn gestart in het WLC van Laborijn met als doel door te stromen naar een reguliere werkgever.
22 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
3.5
Ontwikkeling aantallen Sociale werkvoorziening
De ontwikkeling van het aantal personen en fte Wsw-medewerkers per einde van de maand is in onderstaande tabel weergegeven. Aantal Wsw-medewerkers (personen) incl. OIJ Groeps deta Individuele deta Interne deta Intern werk Begeleid werken Totaal aantal personen Aantal Wsw-medewerkers (fte's) incl. OIJ Groeps deta Individuele deta Interne deta Intern werk Begeleid werken Totaal aantal fte's
31-dec
31-jan
28-feb
31-mrt
Gemiddeld
406 186 12 344 90 1038
406 184 15 340 90 1035
404 187 14 335 90 1030
396 186 14 340 89 1025
402 186 14 338 90 1030
31-dec
31-jan
28-feb
31-mrt Gemiddeld
359 158 10 273 75 875
360 155 13 268 75 872
357 157 12 265 75 867
351 157 12 269 74 863
356 156 13 267 75 867
In het eerste kwartaal is het aantal fte Wsw totaal met 12 gedaald. 15 personen zijn uitgestroomd: vanwege pensionering (9), wederzijds goedvinden na 2 jaar arbeidsongeschiktheid (5), en overlijden (1), Er zijn 2 personen nieuw ingestroomd als gevolg van verhuizing (naadloze overplaatsing vanuit ander SW-bedrijf). De formatie van de gemeente Oude IJsselstreek is gedaald met 4,39 fte. 6 personen zijn uitgestroomd: vanwege verhuizing (3), pensionering (2) en overlijden (1). 3.5.1
Ziekteverzuim Wsw’ers
Het verzuim Wsw is in het eerste kwartaal van 2021 met 14,9% hoog, maar in lijn met de ontwikkeling in 2020. De aanwezigheid van het coronavirus heeft daar zeker effect op. Mensen blijven thuis met corona-gelijkende gezondheidsklachten. Ook het feit dat de spreekuren van de bedrijfsartsen nog steeds grotendeels telefonisch worden uitgevoerd, heeft een negatief effect op het verzuim. Dit heeft te maken met een verminderde effectiviteit van het spreekuur. De stijging is voornamelijk zichtbaar in een stijging van de verzuimduur. De verzuimfrequentie daarentegen is gedaald. Met de komst van de nieuwe arbodienst en de inzet op de uitvoering van fysieke spreekuren is de verwachting dat het verzuim zal dalen. Een significante daling is echter pas te verwachten in de tweede helft van 2021, wanneer een groot deel van Nederland is gevaccineerd. 23 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
3.6
Langdurige loonkostensubsidie/ loonwaardemetingen
Door langdurige loonkostensubsidie compenseren wij werkgevers voor medewerkers die een lagere productiviteit hebben en tot het doelgroepenregister behoren. Hiervoor voert Laborijn jaarlijks een loonwaardemeting uit en bieden wij jobcoaching om onder andere te sturen op het vergroten van de productiviteit en daarmee de afname van de subsidie. Deze loonwaardemetingen worden sinds de eerste coronagolf veelal telefonisch uitgevoerd. Dit wordt waar mogelijk weer fysiek uitgevoerd, met inachtneming van alle RIVM-richtlijnen. Waar een telefonische loonwaardemeting heeft plaatsgevonden wordt deze, zodra dit fysiek kan, alsnog fysiek uitgevoerd. Hieronder zijn de aantallen weergegeven: Gemeente
Aantal Begroot lopend en gemiddeld verleningen 2021
Aalten
48
42
Doetinchem
146
160
Totaal
194
202
24 eerste kwartaalrapportage 2021 Laborijn
4. Programma Wsw 4.1
Algemeen
Binnen dit onderdeel van de kwartaalrapportage doen wij op hoofdlijnen verslag van de activiteiten en de resultaten die in het eerste kwartaal 2021 hebben plaatsgevonden rondom Werkgeversdienstverlening Ontwikkeling & detachering. Dit hoofdstuk heeft betrekking op de screening, coaching, bemiddeling en plaatsing van onze Wswmedewerkers en klanten die een Participatiewet-uitkering ontvangen, onze Wsw-medewerkers die gedetacheerd zijn of in begeleid werken werkzaam zijn en onze participanten met een doelgroepindicatie die bij reguliere werkgevers aan het werk zijn met loonkostensubsidie. De dienstverlening die wij binnen de afdeling Werkgeversdienstverlening, ontwikkeling & detachering bieden, richt zich op uitstroom naar betaald werk (bij een reguliere werkgever) en de coaching, ontwikkeling en verduurzaming hierin. Het coronavirus blijft haar impact in het eerste kwartaal van 2021 houden. De arbeidsmarkt staat op z’n kop en dit heeft invloed op onze detacheringen. Het detacheringspercentage is eind 2020 geëindigd op 65%. Dit hebben we in het eerste kwartaal kunnen vasthouden. Dit is ondanks de afname een positief resultaat aangezien de verwachting was dat wij eind 2020 op een detacheringspercentage van 62% zouden eindigen.
Dit detacheringspercentage hebben wij kunnen behouden door naast medewerkers die teruggekomen zijn van een detachering en al dan niet tijdelijk intern werken, ook uitstroom te realiseren naar nieuwe werkplekken. Kijkend naar de ontwikkeling in de arbeidsmarktregio is de afname van deze detacheringsplaatsen een logisch gevolg. In de industrie binnen de Achterhoek zijn een groot aantal banen verdwenen. Veel van onze gedetacheerde medewerkers zijn werkzaam in de industrie of maakindustrie. Gezien de grote vraag vanuit Laborijn naar passende arbeidsplaatsen voor onze Wsw-medewerkers in deze sectoren is het op dit moment eveneens lastig om nieuwe detacheringsplaatsen te realiseren. De uiteindelijke uitstroom en het behoud van het detacheringspercentage hebben wij mede kunnen realiseren door de samenwerking met onze werkgevers. Wij hebben arbeidsplaatsen kunnen behouden door mee te denken middels coulanceregelingen zodat, zodra er mogelijkheden zijn, onze Wsw-medewerkers weer terug kunnen keren naar hun detacheringsplaats. Dit zal dan ook, zodra de business weer opbloeit, een direct positief effect hebben op het detacheringspercentage en de omzet.