Programmabegroting 2023.pdf
Tekst van het document
Te denken valt aan: • ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in Oost-Gelderland; • psychische gezondheid van inwoners; • economische impact voor bedrijven in de regio; • leer- en ontwikkelachterstanden bij jongeren. 3. Ondermijning Hoe maak je het onzichtbare, de verstrengeling tussen boven- en onderwereld, zichtbaar? Data-analyses kunnen daarbij zeker wel indicaties opleveren die op mogelijke ondermijning duiden. Daarnaast leeft er een algehele behoefte aan ‘fact checking’. Veel ondermijningsbeelden berusten op onderbuikgevoelens. Met behulp van data kunnen we deze hypotheses testen. 2. Welke concrete doelstellingen zijn er? Thema Doelstelling Actie 2023 1 Dienstverleningsconcept In 2022 is gestart met het project December 2023 - Het dienstverledienstverleningsconcept. Daarbij ningsconcept in 2023 actualiseren wordt gekeken naar hoe moderne en uitvoeren. dienstverlening hoort te zijn en hoe we onze burgers en ondernemers zo goed mogelijk kunnen bijstaan. 2 Informatieveiligheid en Voldoen aan Baseline InformatieveiDecember 2023 - Het hanteren van Privacy Wet ligheid Overheid (BIO) en de Algeme- de BIO normen is een continu prone Verordening Gegevensbescherces van nieuwe maatregelen introming (AVG). De Functionaris Gegeduceren en bestaande maatregelen vensbescherming voert jaarlijks een beoordelen en eventueel bijstellen.
toetsing uit in hoeverre wij voldoen December 2023 - In december 2020 aan de regels van de AVG. Aanbeve- is het informatieveiligheidsbeleid lingen uit deze toetsing worden opge- 2020 – 2022 vastgesteld. Dit beleid nomen in een actieplan. wordt in 2023 geactualiseerd. 3 Overgang van Civision Ons huidige financiële pakket Civision September 2023 - Migratie naar Middelen naar Middelen is aan vervanging toe. Daar- iFinanciën afgerond. iFinanciën voor heeft onze huidige leverancier PinkRoccade het pakket iFinanciën beschikbaar. Dit pakket voldoet aan de laatste technische standaarden en draait tevens in de cloud. 4 Invoeren Samenhangen- Het samenbrengen van de basisregi- Maart 2023 - Met de komst van BRK de objectenregistratie straties WOZ, BAG, Kadaster en BGT 2.0 is het mogelijk geworden om de op het gebied van data en kaartmate- kadastrale gegevens samen te voeriaal zodat er één samenhangende gen in iObjecten. registratie ontstaat. 5 Omzetting en vulling De Omgevingswet gaat in per 01-01- Maart 2023 - Testen zijn afgerond softwarepakketten Om2023. Dit betekent dat de softwareen implementatie is gereed. gevingswet pakketten van vergunningsverlening dan verplicht zijn aansloten op het landelijke Digitaal Stelsel Omgevingswet en moeten voldoen aan de eisen van de Omgevingswet. Programma 3 Bedrijfsvoering
40
3. Overzicht middelen per taakveld Dit programma is opgebouwd uit de volgende onderdelen:
Programma 3 Bedrijfsvoering
bedragen x € 1.000
Raming na Werkelijk Begroot Begroot Begroot Begroot wijziging 2021 2023 2024 2025 2026 2022
Baten Burgerzaken Beheer overige gebouwen en gronden Overhead Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Algemene uitkering en overige uitkeringen GF Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (Vpb) Mutaties reserves Resultaat van de rekening van baten & lasten Totaal baten
-349 -565 -366 -572 -3.473 -1.649 -229 -49.087 -121 0 -2.228 0 -58.639
-234 -336 -175 -576 -3.567 -1.701 -238 -49.502 -1.573 0 -3.051 0 -60.953
-289 -261 -181 -555 -3.638 -1.712 -195 -54.217 0 0 -1.182 0 -62.230
-395 -261 -181 -546 -3.638 -1.712 -150 -54.727 0 0 -609 0 -62.219
-417 -261 -181 -537 -3.638 -1.712 -105 -56.116 0 0 -733 0 -63.700
-434 -261 -181 -528 -3.638 -1.712 -54 -51.427 -2.646 0 -412 0 -61.293
Lasten Burgerzaken Beheer overige gebouwen en gronden Overhead Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Algemene uitkering en overige uitkeringen GF Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (Vpb) Mutaties reserves Resultaat van de rekening van baten & lasten Totaal lasten
817 386 9.494 187 231 122 109 5 -95 0 832 2.753 14.841
713 474 9.600 206 226 123 116 5 641 10 580 0 12.694
739 421 9.399 232 235 134 121 5 911 11 980 0 13.188
755 602 9.301 308 235 134 121 5 772 11 1.134 0 13.378
765 422 9.362 417 235 134 121 5 878 11 2.420 0 14.770
773 410 9.324 504 235 134 121 5 684 11 640 0 12.841
Totaal programma 3 Bedrijfsvoering
-43.798
-48.259
-49.042
-48.841
-48.930
-48.452
Toelichting op de verschillen tussen de jaarschijven Burgerzaken In 2023 neemt het verwacht aantal reisdocumenten toe ten opzichte van het huidige begrote aantal in 2022. Echter ligt het aantal uitgegeven reisdocumenten in 2022 ook al hoger, dit passen we in de Najaarsnota 2022 aan. Dit zorgt op dit taakveld voor een voordeel van per saldo € 29.000. Beheer overige gebouwen en gronden De fluctuatie in de geraamde lasten heeft betrekking op de onderhoudskosten voor de gebouwen die voortvloeien uit het MOP. Deze worden gedekt uit de reserve onderhoud gemeentelijke gebouwen. Overhead Op dit taakveld worden alle baten en lasten verantwoord die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces, zoals (interne) huisvesting, informatievoorziening, bestuursondersteuning en facilitaire zaken. De jaarlijkse fluctuatie in de lasten wordt grotendeels veroorzaakt door de geraamde kosten van groot onderhoud voor de twee locaties van het gemeentehuis en de werf. Deze zijn gebaseerd op het MOP en worden gedekt uit de reserve groot onderhoud gemeentelijke gebouwen.
Programma 3 Bedrijfsvoering
41
Treasury De rentebaten op de verstrekte geldleningen nemen af, omdat er wordt afgelost. Daarentegen stijgen de rentelasten jaarlijks als gevolg van het stijgen van de rentepercentages. In juli 2022 heeft de ECB de belangrijkste rentes met een half procentpunt verhoogd. De ECB wil hiermee de torenhoge inflatie afremmen en er worden nog meerdere verhogingen verwacht. Eind 2023 wordt voor 10 jaar een rente voorzien van ongeveer 2,75%, dit hebben we aangehouden in de voorliggende begroting. Een deel van deze rentelasten worden verdeeld over verschillende taakvelden. Per saldo is het effect op dit taakveld voor 2023 € 52.000 nadelig. OZB-woningen en niet-woningen In de begroting 2020-2023 is een jaarlijkse stijging van de OZB-opbrengst van 3% opgenomen. Dit resulteert voor het laatst in 2023 in een (cumulerende) meeropbrengst van € 135.000 per jaar. Doordat bij de Voorjaarsnota 2022 het budget voor 2022 is verhoogd met € 53.000, is er nu nog een stijging in 2023 ten opzichte van 2022 van € 82.000. In de paragraaf Lokale heffingen is dit nader toegelicht. Algemene uitkering De uitkomsten van de doorrekening van de Meicirculaire 2022 vormt de basis voor de berekening van de algemene uitkering voor 2023 en de jaren daarna. Deze doorrekening zorgt voor de jaren 2023 t/m 2025 voor substantiële financiële toevoegingen die oplopen van 7,4 miljoen euro in 2023 tot 10 miljoen euro in 2025.
Het jaar 2026 wordt in de context van de algemene uitkering omschreven als het ravijnjaar en valt terug naar 5,6 miljoen euro. Over het laatste jaar is op dit moment nog geen duidelijkheid te geven, de opschalingskorting staat nog geheel voor dat jaar en met name de systematiek van de groei van de algemene uitkering is door het kabinet vanaf 2026 fors ingeperkt door geen volumedeel meer toe te passen. Overige baten en lasten Aan de batenkant worden op dit taakveld de negatieve saldo’s gepresenteerd. De positieve resultaten in 2023 t/m 2025 staat aan de lastenkant. Onvoorzien maakt ook onderdeel uit van dit taakveld. In 2022 is deze volledig ingezet, in 2023 is dit, gezien alle ontwikkelingen die er zijn, bepaald op € 350.000. Daarmee komt de post onvoorzien op circa een half procent van ons begrotingstotaal. Naast onvoorzien is er voor het Raadsprogramma 2022-2026 in 2023 een bedrag gereserveerd van € 200.000 en vanaf 2024 € 250.000. Nadere uitwerking en aanwending volgen bij de behandeling en vaststelling van het Uitvoeringsprogramma door de gemeenteraad in december 2022. Ook is er een buffer opgenomen van € 130.000 voor nog te verwachten indexaties. Mutaties reserves In het overzicht reserves en voorzieningen worden de mutaties 2023 en volgende jaren toegelicht.
Het grote verschil ten opzichte van 2022 komt door de toevoegingen en onttrekkingen aan de algemene reserve en de reserve inkoop zorg. Met het ravijnjaar 2026 in het vooruitzicht en in afwachting van meer duidelijkheid, is ervoor gekozen om de ruimte die in de begroting zit voor in de jaren 2023 € 400.000, 2024 € 500.000 en in 2025 1,8 miljoen euro, veilig te gebruiken ter versterking van de algemene reserve. Opgeteld over de drie jaar levert dit 2,7 miljoen euro op. Een bedrag dat als er niets verandert, het tekort over 2026 van circa 2,7 miljoen euro dekt. Tegenover het versterken van de algemene reserve staat dat er in 2023 eenmalig geld ter beschikking wordt gesteld voor de gemeenschapshuizen (€ 250.000) en de nieuwe Leaderperiode 2023-2027 (€ 483.500). In de jaarrekening 2021 is besloten € 1 miljoen vanuit het positieve saldo te storten in een nieuw te vormen bestemmingsreserve Inkoop zorg. Hieruit hoeven eventuele toekomstige tegenvallers door het nieuwe inkoopmodel zorg niet onmiddellijk ten laste te komen van de algemene reserve, maar kunnen over-en onderschrijdingen door de nieuwe zorginkoop met deze reserve verrekend worden. 4. Eigen indicatoren De verplichte op te nemen indicatoren van waarstaatjegemeente.nl zijn verplaatst naar de bijlagen, om ze daar te bundelen als aparte bijlage, zie ‘Verplichte indicatoren waarstaatjegemeente.nl. Tijdig betaalde facturen 100%
95,00%
2021
Dagen tot betaling
94,00%
87,00%
87,00%
80%
25 20
60%
15
40%
10
20%
5
0%
0 Aalten
Regio
2019
30
Gelderland
Het % facturen dat tijdig is betaald.
Programma 3 Bedrijfsvoering
NL
22
23
Gelderland
NL
17
7
Aalten
Regio
Het gemiddeld aantal dagen tot betaling facturen.
42
Paragrafen
Paragraaf Bedrijfsvoering ‘Samen volop blijven inzetten voor onze burgers en bedrijven’ Een goede bedrijfsvoering van de gemeente, die gericht is op de gemeentelijke omgeving, betekent beheersing van alle processen, inclusief bijsturing waar nodig. Dit is een voorwaarde om aan de verwachtingen van de maatschappij en het bestuur te voldoen en om gemeentelijk beleid te realiseren. Eén van de doelstellingen daarbij is zo goed mogelijk verslag te doen over de uitvoering via de reguliere P&C (planning & control) cyclus of bij actuele onderwerpen en vragen daarover door middel van een raadsmededeling. Rondom de organisatie en algemene thema’s speelt in 2023 het volgende: 1. Wijziging organisatiestructuur per 1 januari 2023 De nieuwe organisatiestructuur bestaat per 1 januari 2023 uit een tweehoofdige directie (de gemeentesecretaris/algemeen directeur en de directeur Bedrijfsvoering) met daaronder zes teams. Daarnaast een staf, die alleen nog bestaat uit het taakveld P&O. De zes teams zijn (onderstaand grafisch weergegeven): • Team Buitendienst • Team Openbare Ruimte • Team Bestuursondersteuning en Veiligheid • Team Mens en Samenleving • Team Dienstverlening • Team Informatiebeheer
De teams worden geleid door een teammanager, die hiërarchisch en functioneel leidinggevende is. De teammanagers worden functioneel aangestuurd door de directeur Bedrijfsvoering en hiërarchisch door de gemeentesecretaris/algemeen directeur. We willen in de nieuwe organisatiestructuur de integrale advisering, het projectmatig werken en de coördinatie van de raadsprogramma’s verder versterken door het instellen van een projectenbureau. We gaan dit eerst doen in de vorm van een pilot om hiermee ervaring op te kunnen doen. Tussentijds en na afloop van de pilot vindt een evaluatie plaats. Op basis van de bevindingen van de evaluatie wordt de organisatiestructuur aangepast.
Paragraaf Bedrijfsvoering
44
2. Ontwikkelingstraject organisatie Zoals aangekondigd in de programmabegroting 2021 loopt er sinds het voorjaar van 2021 een ontwikkelingstraject binnen de organisatie gericht op een professionele cultuur. Medewerkers worden getraind op de verdere ontwikkeling van een professionele cultuur binnen de organisatie en het geven en ontvangen van feedback. Dit ontwikkelingstraject wordt benut om de kernwaarden van de organisatie en de nieuwe beoordelingsmethodiek met 360 graden feedback te lanceren. Het ontwikkelingstraject krijgt door de coronamaatregelen een langere doorlooptijd dan voorzien. Bepaalde activiteiten kunnen nu eenmaal moeilijk online worden gehouden. We verwachten dat dit traject doorloopt tot begin 2023. Parallel aan dit ontwikkelingstraject voor de gehele organisatie worden de teammanagers getraind voor hun nieuwe taken op met name HRM-gebied. 3. Project hybride werken Als organisatie hebben we tijdens de coronacrisis steeds actief ingespeeld op het verloop van de pandemie door een protocol te hanteren met interne richtlijnen voor het werken onder de wisselende omstandigheden. Om de dienstverlening te waarborgen, hebben wij geïnvesteerd in bandbreedte, mobiele werkplekken en voorzieningen voor thuiswerken. Na aanvankelijke aarzelingen hebben organisatie én medewerkers het gedeeltelijk thuiswerken inmiddels omarmd. Voor veel functies is het efficiënt gebleken.
Belangrijke bijkomende voordelen zijn de afname van het woon-werkverkeer (minder milieubelasting, minder parkeerplaatsen) en de afname van het aantal benodigde kantoorwerkplekken. Daar staan de benodigde investeringen in ICT en andere voorzieningen voor thuiswerken tegenover. Aandachtspunten zijn het behoud van collegiale contacten, samenwerking en teambuilding. We blijven zoeken naar de juiste balans en maatvoering, maar duidelijk is al wel dat gedeeltelijk thuiswerken blijvend is. Na de eerdere onderzoeken van de werkgroep Aalten na corona en het studieproject van vijf HBO-studenten hebben wij besloten een project hybride werken in te stellen, dat met gebruikmaking van de uitkomsten van de eerdere onderzoeken in breder perspectief adviseert over de inrichting van het hybride werken. De projectgroep betrekt daarbij in ieder geval de uitkomsten van het project dienstverleningsconcept. Verder richt het project zich onder andere op vragen met betrekking tot de aan de huisvesting te stellen eisen, het aantal benodigde werkplekken, ruimten, inrichting, het eventueel afstoten van gebouwdelen, gezondheid en vitaliteit, behoud van collegiale contacten en overlegvormen. 4. Visie op gezondheid Recent hebben wij een nieuwe visie op gezondheid voor de organisatie vastgesteld, die in lijn is met de algemene visie van de gemeente Aalten op de publieke gezondheid.
Als werkgever willen we primair uitgaan van de eigen kracht en verantwoordelijkheid van de medewerkers, maar we hebben uit betrokkenheid met de medewerkers en om uitval te voorkomen tegelijkertijd specifiek aandacht voor medewerkers die een verhoogd risico hebben op gezondheidsproblemen. De waarde van preventie en positieve gezondheid staat centraal. De rol van de werkgever is om medewerkers te ondersteunen en te stimuleren bij het maken van gezonde keuzes. Dat doen we door een omgeving te creëren waarin het makkelijker is om aan een gezonde leefstijl te werken. We zorgen voor gezonde werkomstandigheden. We hebben nadrukkelijk aandacht voor invloeden uit de privé omgeving van de medewerker en stimuleren gezonde verhoudingen en een gezonde balans. We hebben een dienstverleningsovereenkomst gesloten met Caretowork, waarvan de visie op gezondheid goed aansluit op de onze. 5. Vitaliteit en wendbaarheid Ondanks gerichte maatregelen is de leeftijdsopbouw binnen de gemeentelijke organisatie nog steeds minder gunstig. De beide generatiepacten en het speerpunt verjonging als hoogste prioriteit binnen het werving- en selectiebeleid hebben niet kunnen voorkomen dat de gemiddelde leeftijd eind vorig jaar 48,6 jaar was. Dat is boven de gemiddelde leeftijd in de toch al vergrijzende gemeentelijke sector (47,4 jaar).
De verklaring hiervoor ligt in de bovengemiddeld lange duur van de dienstverbanden. Het ziekteverzuim in onze organisatie was in 2021 7,1%. Duidelijk boven het gemiddelde in de sector (5,8%). Dit is te verklaren door het relatief grote aantal langdurig zieke medewerkers in 2021. Deze kenmerken van de organisatie zijn voor het MT een aandachtspunt. Hoe houden we onze organisatie gezond, vitaal en wendbaar? In de CAO Gemeenten 2019-2020 is afgesproken dat alle gemeentelijke werkgevers een vitaliteitsbeleid moeten hebben. In de nieuwe CAO 2021-2022 is de uitwerking daarvan echter beperkt gebleven tot de invoering van een mogelijkheid om verlof meerjarig te sparen. Naar onze mening moet er meer gebeuren en moeten we dus zelf aanvullend beleid ontwikkelen.
Paragraaf Bedrijfsvoering
45
Onze nieuwe visie op gezondheid en het project hybride werken kunnen daaraan bijdragen. In het verlengde daarvan gaan we in overleg met de ondernemingsraad een plan opstellen voor activiteiten om de vitaliteit te bevorderen. Daarnaast blijven we in ons gemeentelijk HRM-beleid bij de invulling van vacatures sterk inzetten op verjonging. We maken vacatures geschikt voor jongeren door (tijdelijk) te schuiven met werkzaamheden en door jongeren zelf verder op te leiden. 6. Integriteit In de afgelopen periode hebben we flinke stappen gezet bij de herijking van het beleid met betrekking tot bestuurlijke en ambtelijke integriteit. Gekozen is voor een gefaseerde aanpak op grond waarvan eerst de kaders en uitgangspunten van het nieuwe integriteitsbeleid door de gemeenteraad vastgesteld zijn. In de volgende fase zijn deze kaders en uitgangspunten uitgewerkt in regelingen en protocollen voor de bestuurlijke integriteit en de ambtelijke integriteit, waaronder de gedragscodes. De gemeente Aalten beschikt nu over een volledig herschreven en actueel integriteitsbeleid met gedetailleerde uitwerking in de diverse regelingen voor de bestuurlijke en de ambtelijke integriteit. Daarnaast is voortdurende bewustwording van groot belang.
Daarom zijn inmiddels in de implementatiefase twee permanente gremia ingesteld voor het onder aansturing van de stuurgroep opstellen en uitvoeren van implementatieprogramma’s: de commissie geloofsbrieven en integriteit en de werkgroep implementatie ambtelijke integriteit. Voor de ambtelijke integriteit is inmiddels een implementatieprogramma 2022 – 2025 vastgesteld, dat bestaat uit diverse bewustwordingsactiviteiten, die structureel ingebed worden. 7. Krapte op de arbeidsmarkt Er zijn al langere tijd signalen van een toenemende verkrapping van de arbeidsmarkt. In de afgelopen periode hebben ook wij ervaren dat het moeilijker wordt vacatures in te vullen. Gelet op de grote uitstroom wegens pensioneringen in de gemeentelijke sector verwachten wij dat deze spanning op de arbeidsmarkt in de komende jaren verder toeneemt. Dit leidt onherroepelijk tot een stijging van de loonkosten door opwaartse druk op de algemene loonontwikkeling in de cao, door druk op de salarisonderhandelingen bij de invulling van vacatures, door individueel rechtspositioneel maatwerk en door kosten van externe inhuur of andere tijdelijke oplossingen. Daarnaast leidt de krappe arbeidsmarkt tot risico’s met betrekking tot de continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening aan de inwoners en de gemeenteraad en de tijdige oplevering van producten.
Dit is met name het geval als we concessies moeten doen met betrekking tot de kwaliteit bij de invulling van vacatures en als vacatures langer open staan of niet ingevuld kunnen worden. We willen ons voorbereiden op deze blijvende verkrapping van de arbeidsmarkt door een heroverweging van onze arbeidsmarktpositie. Hoe aantrekkelijk zijn wij als werkgever? Zijn onze arbeidsvoorwaarden concurrerend? Bieden we voldoende ontwikkelingsmogelijkheden? Is het werk leuk, uitdagend en is er een goede balans tussen werk en privé? Komend jaar onderzoeken wij dit, zodat we in de begroting 2024 hiervoor zo nodig de benodigde middelen kunnen vrijmaken. 8. Inkoop Ook in 2023 blijft de samenwerking met de Achterhoekse gemeenten een feit. Het gezamenlijk ‘inkoop- en aanbestedingsbeleid’ wordt aangepast dan wel vernieuwd en er wordt geprobeerd om zoveel mogelijk gezamenlijk aan te besteden. Daarnaast zetten we de komende jaren stappen om de Global Goals in onze organisatie en in de projecten te borgen. We hebben hiermee al praktische ervaring opgedaan bij het project herinrichting Dijkstraat en Admiraal de Ruyterstraat. De oorlog in Oekraïne heeft invloed op de dagelijkse bedrijfsvoering in Aalten. Zo ook op hoe wij onze inkoop inrichten.
Met het vijfde sanctiepakket van de EU werd duidelijk dat er een verbod is gekomen per 10 oktober 2022 op deelname van Russische onderdanen en entiteiten aan overheidsopdrachten in de EU. Hierop zijn alle lopende contracten van de gemeente Aalten die geregistreerd staan in het contractenregister gecontroleerd op Russische inmenging. Uit de controle is gebleken dat wij geen zakendoen met bedrijven die Russische invloeden hebben. Nadat in 2021 het ‘convenant SROI’ (Social Return on Investment) ondertekend is door de diverse Achterhoekse colleges, is in 2022 het Dienstverleningsplan ontwikkeld. Aanvullend zijn de medewerkers van de gemeenten geïnformeerd via roadshows. De daadwerkelijke uitvoering vindt in 2023 plaats. Verder wordt 2023 het eerste volledige jaar waarin de per 1 juli 2022 gewijzigde regionale inkoop jeugdzorg en Wmo functioneert. Per 1 juli 2023 is de afloop van het eerste contractjaar. Het gedeelte voor hoog complexe jeugdzorg zit hier niet in. Daarvoor loopt in de tweede helft van 2022 een aparte aanbesteding. De lopende overeenkomsten zijn verlengd tot eind 2022 volgens het huidige tariefmodel dat nog het hele jaar 2022 geldt. De beoogde ingangsdatum van de nieuwe contracten is 1 januari 2023. Paragraaf Bedrijfsvoering
46
9. Subsidieverwerving In 2023 blijven we inzetten op subsidieverwerving en worden relevante subsidies en regelingen in de gaten gehouden via Vindsubsidies.nl. Door de subsidiecoördinator wordt dagelijks in deze database gekeken naar interessante subsidieregelingen en worden deze zo nodig doorgezet naar de betrokken beleidsmedewerkers of eventueel naar maatschappelijke partners van de gemeente. In 2022 is de samenwerking opgezocht met Winterswijk en Oost Gelre om periodiek de subsidiewerving te bespreken en eventuele samenwerkingen aan te gaan waar dat zinvol is. Het plan is om deze lijn volgend jaar door te zetten. Er is in 2022 een subsidiescan uitgevoerd door Hezelburcht voor onze gemeente. Hieruit volgde de conclusie dat Aalten al goed georiënteerd is op subsidieverwerving. Met name de regelingen van de voor ons relevante subsidieverstrekkers zoals het Rijk en de Provincie Gelderland hebben we goed in kaart. Er waren nog wel adviezen om bepaalde kansen nog beter te benutten, bijvoorbeeld het uitdiepen van de functie van subsidiecoördinator en om een extern specialist in te schakelen bij de complexere aanvragen. Ook is er een overzicht opgesteld met subsidies en regelingen die in de nabije toekomst voor Aaltens kansrijk kunnen zijn. De verwachting is dat de subsidiekansen voor de woningbouwopgave, duurzaamheid en klimaat nog verder gaan toenemen.
De adviezen van Hezelburcht worden ter harte genomen en ook in 2023 verder uitgewerkt. 10. Invoering rechtmatigheidsverantwoording over verslagjaar 2023 Nu verstrekt onze externe accountant nog een controleverklaring met een oordeel over zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid bij onze jaarrekening. Op 31 mei 2022 ging de Tweede Kamer akkoord met het wetsvoorstel ‘versterking decentrale rekenkamers’. De behandeling door de Eerste Kamer wordt ook nog in 2022 verwacht. De invoering van de rechtsmatigheidsverantwoording is onderdeel van dit wetsvoorstel. Burgemeester en wethouders waren altijd al verantwoordelijk voor de rechtmatigheid van de financiële beheershandelingen binnen de gemeente. Met ingang van verslagjaar 2023 geeft het college van burgemeester en wethouders een rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. Hierin legt zij expliciet verantwoording af over de rechtmatigheid in plaats van de accountant. Daarmee valt de rechtmatigheidsverantwoording onder het getrouwheidsoordeel van de accountant. De accountant kijkt dus nog wel of de rechtmatigheidsverantwoording ‘juist’ is. De intentie van de wetswijziging is om de gemeentelijke organisatie beter in control te laten komen en gaat uit van collectieve verantwoordelijkheid van het college. Dat vraagt om het creëren van een breed draagvlak en betrokkenheid.
De kaderstellende en controlerende taak van de gemeenteraad op de financiële rechtmatigheid krijgt hierdoor ook weer extra aandacht. Beoogd wordt dat alle financiële beheershandelingen volgens de geldende regelgeving nog beter worden beheerst en nageleefd. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het niet overschrijden van de begroting, geen investering doen zonder dat de raad hiervoor een krediet heeft vastgesteld of het naleven van de verordening op het financieel beheer volgens de door de raad vastgestelde Verordening volgens artikel 212 van de Gemeentewet. Ook de interne naleving van maatregelen die misbruik en oneigenlijk gebruik moeten tegengaan vormen onderdeel van de rechtmatigheidsverklaring. In de paragraaf bedrijfsvoering moet het college informeren over de rechtmatigheidsbevindingen. 11. Overige onderwerpen Over verdere ontwikkelingen rondom onder andere dienstverlening, de gemeentelijke website, IT-ontwikkelingen en informatieveiligheid en privacy wordt verwezen naar de ontwikkelingen zoals genoemd in Programma 3 Bedrijfsvoering. 12. Uurtarief ten behoeve van doorberekeningen Voor het doorberekenen van diverse werkzaamheden wordt gewerkt met een uniform uurtarief. Er is een berekening gemaakt op basis van totale loon- en overheadkosten voor het tarief per uur. Dit resulteert in een tarief voor 2023 van € 74. In 2022 was het uurtarief € 69.
Dit uurtarief wordt gebruikt voor onder meer het bepalen van de legestarieven en voor de toerekening van de kosten aan riolering en afvalverwerking. Onderbouwing uurtarief 2023 Loonkosten Overhead Uurtarief
Kosten € 14,1 miljoen € 7,8 miljoen
13. Verplichte beleidsindicatoren Naam indicator Eenheid 1 Formatie fte per 1.000 inwoners 2 Bezetting fte per 1.000 inwoners 3 Apparaatskosten kosten per inwoner 4 Externe inhuur % van totale loonsom 5 Overhead % van totale lasten Paragraaf Bedrijfsvoering
Uren 295.000 295.000
Uurtarief € 48 € 26 € 74
2023 6,94 6,94 € 688,90 2,66% 12,70% 47
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing De paragraaf weerstandsvermogen geeft inzicht in: • de mate waarin de gemeente belangrijke financiële risico’s loopt; • de financiële buffer (weerstandscapaciteit) die zij daarvoor achter de hand heeft. Voor een beoordeling van het weerstandsvermogen worden in deze paragraaf de bedoelde risico’s geconfronteerd met de aanwezige weerstandscapaciteit. bedragen x € 1.000
1. Weerstandscapaciteit Met weerstandscapaciteit worden al die elementen bedoeld waarmee tegenvallers kunnen worden opgevangen, zonder dat het beleid moet worden aangepast. Door de financiële risico's te beheersen en het weerstandsvermogen hierop af te stemmen, moet worden voorkomen dat elke nieuwe financiële tegenvaller dwingt tot bezuinigen. De weerstandscapaciteit wordt onderverdeeld in structurele en incidentele weerstandscapaciteit. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit structurele middelen in de begroting waarmee optredende risico’s kunnen worden opgevangen. De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit vrij besteedbare middelen die eenmalig kunnen worden aangewend. Bepaling van de weerstandscapaciteit Incidentele weerstandscapaciteit Rekeningresultaat Het positieve resultaat Vrij aanwendbare algemene reserve De algemene reserve is de reserve waaraan de raad geen specifieke bestemming heeft gegeven en die een financiële bufferfunctie heeft. Op dit moment is hiervan nog niets bestemd. Bestemmingsreserves Deze reserves zijn beklemd. Stille reserve effecten De stille reserve in deze financiële vaste activa wordt niet meegenomen in de berekening, omdat de verhandelbaarheid van deze aandelen (Alliander, Vitens, BNG en ROVA) zeer beperkt is.
Stille reserve activa Deze stille reserve bestaat uit de bezittingen waarvan de waarde bij verkoop hoger is dan de boekwaarde. Op basis van ervaring zetten we een derde deel in. Totaal incidentele weerstandscapaciteit Structurele weerstandscapaciteit Onbenutte belastingcapaciteit
Hieronder wordt voor de OZB de ruimte opgenomen die er is tussen onze eigen tarieven en de normtarieven voor de zogenaamde artikel 12 gemeenten. De overige belastingen/heffingen zijn kostendekkend of van geringe betekenis. Aangezien geen rente meer toegevoegd wordt aan de reserves is inzet niet mogelijk.
6 10.560
0 0
948
11.514
1.136
Rentebaten algemene reserve vrij besteedbaar Onvoorzien (structureel) Totaal structurele weerstandscapaciteit
350 1.486
Totaal beschikbare weerstandscapaciteit
13.000
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
0
48
2. Risico’s Het hebben van risico’s is inherent aan het uitoefenen van een organisatie zoals een gemeente. Het is echter van belang deze risico’s te kennen en hier adequate maatregelen voor te treffen (verzekeren) dan wel risico’s te wegen bij het aangaan ervan of hier tijdig op in te spelen. Een overzicht van de risico’s wordt steeds geactualiseerd. De 25 belangrijkste risico’s worden beschreven en gekwantificeerd. De tien grootste worden afzonderlijk genoemd. Bij een zekerheidsniveau van 99% is de aan te houden reserve voor de gemeente Aalten volgens de nieuwe berekening ruim € 6 miljoen. Dit houdt in dat, als de gemeente Aalten dit bedrag als reserve op haar balans aanhoudt, zij in 99 van de 100 jaar voldoende reserves heeft om de schades op te vangen, maar in één jaar is er niet genoeg. In de begroting zijn de meest actuele risico’s opgenomen. Risico Budgettaire tekorten bij partijen waar door de gemeente uitbestede gemeentelijke taken zijn neergelegd. Ook kunnen deelnemende gemeenten individueel besluiten nemen die voor andere gemeenten nadelige gevolgen hebben (bijvoorbeeld uittreding). Budget Jeugdzorg.
Mogelijk gevolg Politieke druk om financiële steun te bieden
% 6,4%
Overschrijding budget
6,4%
Budget Wmo.
Overschrijding budget Beleid aanpassen Imago, boete autoriteit persoonsgegevens
6,4%
Dataverlies
4,8%
Financieel
4,8%
Datalekken: ongewild verspreiden en vernietigen van persoonsgegevens Virusaanvallen op ICT-gebied/ Hacks/ thuiswerken Integraal huisvestingsplan voor het onderwijs. Veel scholen in Aalten zijn verouderd en er worden strengere eisen ten aanzien van het klimaat gesteld. Droogte, veel dode bomen door droogte. Eikenprocessierups eikenbomen Oorlog (Oekraïne)
Kappen bomen en herplant ander (duurder) soort. Bestrijding EPR. Financieel Stijgende prijzen zoals energie en bouwkosten, omvallen bedrijven, extra financiele ondersteuning burgers Wmo/Jeugd herindicaties in verband met nieuwe Klachten/bezwaren bij inwoners die naar inkoop een andere aanbieder moeten; Hoge werkload doordat alle indicaties moeten worden omgeklapt; Mogelijk worden termijnen niet gehaald; Hoger budget vanwege overgangsperiode (tijdelijk dubbele plek financiering). Krapte op de arbeidsmarkt, het niet kunnen verWerk wordt niet tijdig uitgevoerd, stijging vullen van vacatures van de loonkosten, continuïteit van de dienstverlening aan de inwoners en de gemeenteraad en tijdige oplevering van producten komen in gedrang, verlenen van vergunningen van rechtswege Totaal van de tien grootste risico’s (49% van het totale risicoprofiel) Totaal overige risico’s (51% van het totale risicoprofiel) Totaal alle 25 risico’s
5,1%
3,8% 3,8%
3,8%
3,8%
2.950 3.100 6.050
Het terugbrengen van de reserves naar dit niveau is niet wenselijk, aangezien er niet voorzienbare toekomstige ontwikkelingen zijn die mogelijk leiden tot additionele risico’s in de toekomst. Een aanvullende buffer is daarom gewenst. Deze noodzakelijke buffer is op basis van ervaring opgenomen voor een percentage van het begrotingstotaal. Dit komt neer op een buffer van € 7,3 miljoen.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
49
3. Weerstandsvermogen Het vermogen van een gemeente om tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit van deze gemeente in gevaar komt. Dit wordt uitgedrukt als de verhouding tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen is van belang voor het bepalen van de gezondheid van de financiële positie van onze gemeente voor het begrotingsjaar, maar ook voor de meerjarenraming. Ratio weerstandsvermogen 2023 =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
Weerstandscapaciteit, incidenteel Weerstandscapaciteit, structureel Totaal beschikbare weerstandscapaciteit
11.514 1.486 13.000
Gekwantificeerde risico’s Buffer Aalten norm Totale benodigde weerstandscapaciteit
6.050 7.300 13.350
Saldo/overschot Ratio onder andere gehanteerd door provincie >2 = Uitstekend 1,4 - 2,0 = Ruim voldoende
1,0 - 1,4 0,8 - 1,0
-350 0,97
= Voldoende = Matig
0,6 - 0,8 < 0,6
= Onvoldoende = Ruim onvoldoende
Matig
De uitkomst van de ratio (0,97) is matig en is ten opzichte van de jaarrekening (1,25) flink gedaald. Het verwachte negatieve rekeningresultaat over 2022 (€ -1.573.000, stand Voorjaarsnota 2022) en de daarnaast reeds vastgestelde uitgaven/onttrekkingen uit de algemene reserve (instellen reserve inkoop zorg, bijdrage nieuwe Leaderperiode, gemeenschapshuizen) leiden tot een lagere beschikbare weerstandscapaciteit, terwijl de benodigde weerstandscapaciteit vrijwel gelijk is gebleven. Hierbij moet opgemerkt worden dat deze ratio altijd een momentopname betreft. Inmiddels is bekend dat het verwachte rekeningresultaat voor 2022 naar aanleiding van de Meicirculaire 2022 in de Najaarsnota 2022 positief wordt bijgesteld. Verplichte kengetallen Onderstaande kengetallen helpen bij het verkrijgen van inzicht in de financiële positie van een gemeente. Deze kengetallen geven aan hoe we er als gemeente voor staan. De categorieën zijn gebaseerd op de norm van de provincie (groen is voldoende, oranje matig en rood onvoldoende). Verplichte kengetallen
1a. Netto schuldquote (NS) 1b. NS gecorrigeerd voor alle leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatieruimte 4. Grondexploitatie 5. Belastingcapaciteit Norm provincie Gelderland 1a. Netto schuldquote (NS) 1b. NS gecorrigeerd voor alle leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatieruimte 4. 5.
Grondexploitatie Belastingcapaciteit
Werkelijk 2021 39,4% 26,1% 33,3% 6,5% 0,4% 70,6%
Raming na wijziging 2022 40,3% 34,9% 27,9% -1,2% 0,8% 73,8%
Begroot Begroot Begroot Begroot 2023 2024 2025 2026 48,3% 42,6% 26,7% 0,7% 0,5% 72,4%
45,9% 40,3% 27,1% 1,5% 0,3% 72,4%
Categorie A Categorie B tot 90% tussen 90% tot 135% tot 90% tussen 90% tot 135% hoger dan 50% tussen 20% tot 50% begroting en meer- begroting of meerjaren hoger dan 0% jaren hoger dan 0% tot 20% tussen 20% tot 35% tot 95% tussen 95% tot 105%
43,3% 37,9% 28,3% 3,9% 0,3% 72,4%
46,5% 40,9% 25,5% -3,5% 0,3% 72,4%
Categorie C hoger dan 135% hoger dan 135% kleiner dan 20% begroting en meerjaren kleiner dan 0% hoger dan 35% hoger dan 105%
De solvabiliteitsratio geeft de verhouding weer van het eigen vermogen ten opzichte van het totaal vermogen. Oftewel in hoeverre gemeentelijke bezittingen met eigen middelen betaald zijn. Het kengetal structurele exploitatieruimte geeft weer of de begroting in meerjarig opzicht structureel sluitend is. In de jaren 2023-2025 neemt ons eigen vermogen toe door het versterken van de algemene reserve. Over die drie jaar levert dit opgeteld 2,7 miljoen euro op. In 2026 boekt het kabinet forse kortingen in op het gemeentefonds. Met dat in het vooruitzicht hebben we, als er niets verandert, in 2026 het toegevoegde bedrag nodig om het tekort van bijna 2,7 miljoen euro te dekken.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
50
Paragraaf Lokale heffingen In de paragraaf lokale heffingen wordt ingegaan op de ontwikkelingen van de verschillende belastingen en heffingen en de consequenties voor onze inwoners en ondernemers. Daarbij wordt aandacht besteed aan de totstandkoming van de tarieven en de beleidskeuzes die daaraan ten grondslag liggen. Verder wordt inzicht gegeven in de kostendekking van een heffing. Voor de lokale heffingen zijn de onderwerpen zoals die genoemd zijn bij het vaststellen van de kaders van de begroting 2023, als uitgangspunt genomen. Onder andere gaan de lokale belastingen en heffingen voor de inwoners niet omhoog. Uitzondering daarop is de rioolheffing die conform het Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) met 1,5% wordt verhoogd. De hondenbelasting wordt in vier jaar afgebouwd en de overige leges en rechten worden met 3% geïndexeerd. Wettelijke bepalingen In de Gemeentewet staan de lokale heffingen die een gemeente mag heffen limitatief opgesomd. Deze heffingen worden verdeeld in algemene belastingen en rechten. De algemene belastingen zijn: onroerendezaakbelasting, hondenbelasting, reclamebelasting, forensenbelasting en toeristenbelasting. De opbrengsten van deze belastingen zijn door een gemeente vrij te besteden. De rechten zijn: afvalstoffenheffing, rioolheffing en diverse leges en overige rechten voor dienstverlening op verzoek.
De tarieven van deze rechten moeten zodanig worden vastgesteld dat de opbrengsten de kosten voor het verlenen van de diensten niet overschrijden. Op grond van het BBV is een gemeente daarom verplicht een kostenonderbouwing op te nemen waaruit de maximale kostendekkendheid van 100% blijkt. Geraamde opbrengsten uit lokale heffingen Overzicht belastingen en heffingen Onroerendezaakbelasting (OZB) Afvalstoffenheffing Rioolheffing Hondenbelasting Reclamebelasting Forensenbelasting Toeristenbelasting Marktgeld Secretarieleges Bouwleges Begraafrechten Totaal
bedragen x € 1.000
2023 5.343 1.455 2.011 140 54 101 106 23 438 101 311 10.083
2022 5.208 1.435 1.983 185 65 98 103 22 372 308 302 10.081
Ontwikkeling van de lokale heffingen Onroerendezaakbelasting (OZB) De OZB zorgt voor de hoogste belastingopbrengst en wordt gesplitst in een eigenaarsdeel (woningen en niet-woningen) en een gebruikersdeel (niet-woningen). De grondslag van de aanslag is de vastgestelde WOZ-waarde van de onroerende zaak. Voor het belastingjaar 2023 geldt een vastgestelde WOZ-waarde naar waardepeildatum 1 januari 2022. Voor deze begroting zijn alle mutaties van dit moment en een algemene waardeontwikkeling van woningen van 15% meegenomen. Voor het nieuwe tijdvak bedraagt de gemiddelde waarde van een woning ongeveer € 302.600 (2022 € 263.100). Voor het jaar 2023 is er geen verhoging van de OZB-opbrengst. De voorgestelde tarieven zijn: Tarieven onroerendezaakbelasting (OZB) Woningen - eigenaarsdeel Niet – woningen - eigenaarsdeel - gebruikersdeel
Paragraaf Lokale heffingen
2023
2022
0,0990%
0,1139%
0,2047% 0,1517%
0,2104% 0,1569%
51
De gemiddelde waardestijging van een woning bedraagt 15%. In de berekening van de tarieven is deze gemiddelde waardestijging verwerkt waardoor het tarief fors omlaag kan. De tarieven voor de niet-woningen worden aangepast aan de gemiddelde waardestijging van 1%. Zoals gebruikelijk zijn alle tarieven berekend aan de hand van de algemene waardeontwikkeling. In de raadsvergadering van december 2022 wordt de verordening OZB vastgesteld. Op dat moment zijn de definitieve WOZ-waarden bekend. Als daartoe aanleiding is, worden de tarieven bijgesteld. Afvalstoffenheffing Een gemeente heeft de wettelijke plicht tot het inzamelen van (huishoudelijk) afval bij huishoudens en mag de kosten daarvan verhalen op de burger. In de gemeente Aalten wordt het omgekeerd inzamelen toegepast. Naast het vastrecht, wordt alleen een afrekening verzonden voor het aantal aanbiedingen respectievelijk ledigingen van restafval. Het gemiddelde aantal aanbiedingen van een huisvuilzak en ledigingen van een restafvalcontainer is 12 huisvuilzakken of vijf ledigingen per jaar. De tarieven voor 2023 kunnen weer gelijk blijven. De afgelopen jaren is steeds een deel aan de opgebouwde voorziening onttrokken. Deze zou eind 2022 leeg zijn. Door meevallers in 2021 kan deze nog een jaar langer aangesproken worden.
Voor 2023 wordt € 197.000 uit de voorziening gehaald waardoor er geen tariefsverhoging hoeft plaats te vinden. Daarmee is de voorziening eind 2023 leeg. Hierdoor gaat het tarief vanaf 2024 extra stijgen (vastrecht met naar verwachting ongeveer € 20 per huishouden). Tarieven afvalstoffenheffing (in €) Vastrecht per huishouden Per aanbieding van een huisvuilzak 40 liter Per lediging van een restcontainer 140 liter Per lediging van een restcontainer 240 liter
2023 95,00 1,80 6,30 10,80
2022 95,00 1,80 6,30 10,80
Rioolheffing Uit de rioolheffing wordt niet alleen voorzien in rioleringskosten, maar ook in de kosten van de afvoer van regenwater en grondwater. Deze kosten zijn opgenomen in het Gemeentelijk Rioleringsplan. De tarieven worden met 1,5% verhoogd. De aanslagen worden berekend op basis van het werkelijke waterverbruik en worden via de waternota van Vitens geheven en geïnd. Tarieven rioolheffing (in €) Tot 2.500 m³, per m³ afvalwater Van 2.500 m³ tot 5.000 m³, per m³ Boven 5.000 m³, per 1.000 m³ Per m² verharde oppervlakte
2023 1,43 1,09 72,00 0,55
2022 1,41 1,07 70,94 0,54
Reclamebelasting De gemeente int reclamebelasting bij ondernemers in de winkelgebieden in Aalten en Dinxperlo. De opbrengst wordt ter beschikking gesteld aan de ondernemersfondsen in beide kernen en zij organiseren daarmee allerlei activiteiten in die gebieden. Tarief reclamebelasting (in €) Gebied Aalten, vast bedrag per object Gebied Dinxperlo, vast bedrag per object
2023 462,00 334,00
2022 449,00 324,00
Toeristenbelasting en forensenbelasting In 2020 is afgesproken om het tarief voor de toeristenbelasting jaarlijks te indexeren, maar pas te verhogen als het een veelvoud van € 0,05 heeft bereikt. Na de voorgaande verhoging bedroeg het tarief € 1,31. De algemene tariefsverhoging bedraagt nu 3,0%, zodat het geïndexeerde tarief € 1,35 bedraagt. Het vast te stellen tarief wordt dus gewijzigd naar € 1,35. Ook de tarieven van de forensenbelasting worden met 3,0% verhoogd. Tarief toeristenbelasting (in €) Tarief per persoon per overnachting Forfaitair tarief
Paragraaf Lokale heffingen
2023 1,35 196,00
2022 1,30 189,00
52
Tarieven forensenbelasting (in €) Waarde object € 30.000,00 of minder € 30.001,00 t/m € 60.000,00 € 60.001,00 t/m € 120.000,00 € 120.001,00 t/m € 180.000,00 € 180.001,00 t/m € 240.000,00 € 240.001,00 t/m € 300.000,00 € 300.001,00 t/m € 360.000,00 € 360.001,00 en meer
2023
2022
196,00 225,00 303,00 375,00 453,00 539,00 610,00 767,00
189,00 219,00 295,00 365,00 440,00 524,00 593,00 745,00
Hondenbelasting Afgesproken is om de hondenbelasting in vier jaar gefaseerd af te schaffen. Het tarief 2022 bedraagt € 65,00. Dit tarief wordt met 25% verlaagd en komt daarmee op € 48,75. Tarieven hondenbelasting (in €) Per hond Kennel
2023 48,75 146,25
2022 65,00 195,00
Overige leges/tarieven De tarieven van de overige leges worden met 3,0% verhoogd. Uitzondering daarop zijn de tarieven die gebaseerd zijn op het gemeentelijk uurtarief en/of een wettelijk (maximum)tarief.
Lasten- en batenoverzicht van de kostendekkende tarieven De tarieven voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing, lijkbezorgingsrechten, marktgelden en leges dienen zodanig te worden vastgesteld dat de opbrengsten de kosten voor het verlenen van de diensten niet overschrijden. Hieronder hebben we dat inzichtelijk gemaakt. bedragen x € 1.000
Afvalstoffenheffing Lasten afvalstoffenheffing Overhead (inclusief BTW) Onttrekking voorziening Totale kosten Opbrengst afvalstoffenheffing Totale opbrengsten
Bedrag Dekking 1.271 396 -197 1.470 1.470 1.470
Dekking Lijkbezorgingsrechten Lasten begraafplaats Overhead Totale kosten Opbrengst lijkbezorgingsrechten (inclusief luidrechten) Totale opbrengsten Dekking
Paragraaf Lokale heffingen
Rioolheffing Lasten riolering Overhead (inclusief BTW) Toevoeging voorziening Totale kosten Opbrengst rioolheffing Totale opbrengsten
100% Bedrag Dekking 266 113 379
Bedrag Dekking 1.461 486 81 2.028 2.028 2.028
Dekking Marktgeld Lasten markt Overhead Totale kosten
100% Bedrag Dekking 40 16 56
311
Opbrengst marktgeld
23
311
Totale opbrengsten
23
82%
Dekking
41%
53
bedragen x € 1.000
Toe te rekenen
Overhead
Totaal
Baten
Dekking
43
18
61
23
38%
206
84
290
116
40%
145
58
203
115
57%
7
3
10
4
40%
118
14
132
20
15%
519
177
696
278
40%
Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning 3 Omgevingsvergunning 637 224 861 7 Bestemmingsplannen 320 29 349 1,2,4,5,6,8 Diversen 0 0 0
123 43 0
14% 12% 0%
Hoofdstuk
Onderwerp
Titel 1 Algemene dienstverlening 1 Burgerlijke stand Reisdocumenten en Nederlandse 2 identiteit 3 Rijbewijzen Verstrekking uit de Basisregistratie 4 personen (BRP) 5 t/m 17 Diversen Subtotaal titel 1
Subtotaal titel 2
957
253
1.210
166
14%
50 11
141 96
14 56
10% 58%
176
61
237
70
30%
1.652
491
2.143
514
24%
Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn 2 Organiseren evenementen of markten 91 5A Algemene verordening Ondergrondse 85 infrastructuren Subtotaal titel 3 Eindtotaal
Bij het vaststellen van de legestarieven is maximaal 100% kostendekkendheid. Er mag geen winst worden gemaakt. Kruissubsidiëring in de legesverordening is binnen de titel wel toegestaan. Onder kruissubsidiëring wordt verstaan: het hoger vaststellen van tarieven van leges voor sommige diensten om daarmee de tarieven voor andere diensten laag te houden. Ontwikkeling van de woonlasten Onderstaande tabel geeft de omvang van de lokale woonlasten voor een gemiddeld (meerpersoons) huishouden weer en bestaat uit onroerendezaakbelasting (alleen voor de eigenaar), afvalstoffenheffing en rioolheffing. Bij de berekening van de OZB is uitgegaan van de gemiddelde WOZ-waarde van een woning van € 302.600. Bij de afvalstoffenheffing wordt uitgegaan van het vastrecht en 12 aanbiedingen van een huisvuilzak en voor de berekening van de rioolheffing gaan we uit van drie personen (waterverbruik 120 m³). Woonlasten per huishouden (in €) Gemiddelde OZB-aanslag Afvalstoffenheffing Rioolheffing Totale woonlasten
2023 299,00 116,60 171,60 587,20
2022 299,00 116,60 169,20 584,80
Wijziging Eigenaar Huurder 0,00% N.v.t. 0,00% 0,00% 1,42% 1,42% 0,41% 0,84%
Kwijtscheldingsbeleid Voor burgers met een laag inkomen bestaat de mogelijkheid om gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van betaling van belasting te verzoeken. Kwijtschelding is mogelijk voor hondenbelasting (één hond), afvalstoffenheffing (gemaximeerd aantal aanbiedingen/ledigingen) en rioolheffing (maximaal gemiddeld waterverbruik). Of men in aanmerking komt voor kwijtschelding hangt af van het netto besteedbaar inkomen; dit is het bedrag dat men overhoudt nadat de uitgaven zijn afgetrokken van de netto-inkomsten. Daarnaast vindt er een vermogenstoets plaats. In de begroting wordt rekening gehouden met een totaalbedrag van circa € 57.000 aan kwijt te schelden lokale heffingen.
Paragraaf Lokale heffingen
54
Paragraaf Financiering De paragraaf Financiering in de begroting behandelt de beleidsplannen voor het komende jaar en de paragraaf Financiering in het jaarverslag gaat in op de resultaten van de beleidsuitvoering. De financiering is geregeld in het treasurystatuut dat iedere vier jaar door de raad wordt vastgesteld. Voor het laatst is dit in 2021 geactualiseerd. Dit statuut vormt de basis voor het treasurybeheer. Voor een goede uitvoering van de treasuryfunctie is het tijdig, juist en volledig beschikbaar hebben van financiële informatie van wezenlijk belang. Deze informatie wordt gebruikt voor het opstellen van een liquiditeitsplanning. Op basis van deze planning wordt geld aangetrokken of tijdelijk weggezet. Een belangrijke factor bij het uitvoeren van de treasuryfunctie is de renteverwachting op de geld- en kapitaalmarkt. Hiervoor wordt gekeken naar informatie van de grote Nederlandse banken waaronder de BNG maar ook het Centraal Planbureau. De groei van de wereldeconomie neemt af als gevolg van de oorlog in Oekraïne. De oorlog leidt tot een sterke stijging van energieprijzen en andere grondstoffen. De verwachting is daarom dat de centrale banken hun monetaire beleid verkrappen. Ook wordt het schuldenopkoopprogramma door de Europese Centrale Bank (ECB) gestopt. In juli 2022 heeft de ECB de belangrijkste rentes met een half procentpunt verhoogd.
Hiermee komt een einde aan een lange periode van negatieve rente. De ECB wil hiermee de torenhoge inflatie afremmen. Er worden nog meerdere verhogingen verwacht. Ook de lange rentes zijn inmiddels sterk gestegen. Eind 2023 wordt voor 10 jaar een rente voorzien van ongeveer 2,75%, dit hebben we aangehouden in de voorliggende begroting.
De deelfuncties van treasury zijn: kasbeheer, risicobeheer en gemeentefinanciering. 1. Kasbeheer Het kasbeheer behelst het geldstromenbeheer en het saldo- en liquiditeitenbeheer. Belangrijk is dat we aan de betalingsverplichtingen kunnen blijven voldoen. Met de BNG Bank heeft de gemeente een doorlopende financieringsovereenkomst afgesloten. Daarin is onder meer de kortkredietverlening geregeld. Deze overeenkomst is een belangrijk sturingsinstrument. In verband met een mogelijke wijziging van de basisrente in de toekomst is vanaf 2021 een terugvalbepaling aan deze overeenkomst toegevoegd. Door de negatieve rente moet per 1 juli 2021 bij een positief saldo groter dan € 500.000 bij de BNG Bank een rentevergoeding worden betaald. Deze vergoeding zal naar verwachting op korte termijn verdwijnen omdat de negatieve rente bijna is beëindigd. Het betalingsverkeer wordt zoveel mogelijk uitgevoerd bij één bank, de BNG Bank. 2. Risicobeheer Dit onderdeel geeft inzicht in het risicoprofiel van de organisatie en is het kernonderdeel van de paragraaf Financiering. De belangrijkste risico’s zijn renterisico, koersrisico en kredietrisico, waarbij de wet Fido een aantal indicatoren gedefinieerd heeft waarbinnen overheden moeten opereren. Kasgeldlimiet Het renterisico op kortlopende financiering (looptijd korter dan één jaar) wordt ingeperkt door de kasgeldlimiet.
Met name voor kortlopende financiering kan het renterisico groot zijn. Wijzigingen op de korte rente hebben direct invloed op de rentelasten. Alhoewel dit de laatste jaren sterk is afgenomen door de extreem lage rentestanden. De totale omvang van de vlottende schuld is gebonden aan een maximum van 8,5% van de jaarbegroting bij aanvang van het dienstjaar. Dit is de kasgeldlimiet. De aangetrokken vlottende schuld mag deze limiet in principe niet overschrijden. Als de gemiddelde liquiditeitspositie van drie achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet toch overschrijdt, dient de toezichthouder op de hoogte te worden gesteld en moet een plan worden ingediend om weer aan de limiet te voldoen. bedragen x € 1.000
Berekening Kasgeldlimiet 1 Begrotingstotaal 2023 (inclusief mutaties reserves) 2 Het bij ministeriële regeling vastgesteld percentage 3 Kasgeldlimiet (1 x 2)
€ 72.577 8,5% € 6.169
De verwachting is dat de kasgeldlimiet in 2023 niet wordt overschreden.
Paragraaf Financiering
55
Renterisiconorm De renterisiconorm beoogt het risico van rentewijziging bij herfinanciering van de vaste schuld (looptijd langer dan één jaar) te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in tijd gespreid wordt, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij renteherziening en herfinanciering. De mate van deze spreiding wordt uitgedrukt in de renterisiconorm. De renterisiconorm bedraagt 20% van de vaste schuld. Dat betekent dat in enig jaar 20% van de vaste schuld mag worden vernieuwd door middel van herfinanciering en/of renteherziening. bedragen x € 1.000
Variabelen renterisiconorm 1 Renteherzieningen 2 Aflossingen 3 Renterisico (1+2) 4 Renterisiconorm 5a = (4>3) Ruimte onder de renterisiconorm
2023 0 4.288 4.288 14.515 10.227
Berekening renterisiconorm 4a Begrotingstotaal (exclusief mutaties reserves) 4b Percentage regeling 4. Renterisiconorm: (4a x 4b/100)
2023 72.577 20% 14.515
Uit voorgaand overzicht blijkt dat verwacht wordt, dat het renterisico op de vaste schuld ruim binnen de wettelijk vastgestelde kaders blijft. In onderstaand renteschema wordt inzicht gegeven in de rentelasten van de externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening. bedragen x € 1.000
Renteschema De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten Rente die wordt doorberekend aan de grondexploitatie Rente die wordt toegerekend aan taakvelden via projectfinanciering Rentebaat van doorverstrekte leningen
517 -154 363 -6 0 0 -6 357
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente omslagrente 0,65% Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen
0 0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
0 357
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
357
Renteresultaat op het taakveld treasury
0
Koersrisicobeheer De koersrisico’s van de gemeente Aalten zijn nagenoeg nihil. Met de invoering van het schatkistbankieren, mag de gemeente overtollige middelen alleen in de schatkist aanhouden. Hetzij in rekening courant hetzij via deposito’s. Over de middelen die de gemeente in de schatkist aanhoudt, vergoedt de schatkist rente. Deze rente ligt over het algemeen lager dan de rente die de gemeente krijgt op de geld- en kapitaalmarkt. Daar staat tegenover dat ook geen beleggingsrisico meer wordt gelopen. Kredietrisicobeheer Voor wat betreft het kredietrisicobeheer (of debiteurenrisicobeheer) worden niet of nauwelijks problemen verwacht. Daar waar nodig zijn voorzieningen getroffen. Regelmatig wordt de hoogte van de voorziening beoordeeld en indien nodig aangepast.
Paragraaf Financiering
56
3. Gemeentefinanciering De financieringspositie van de gemeente en de daarbij behorende financieringsbehoefte wordt voor een groot deel bepaald door het verloop van de geplande investeringen en de aflossing op leningen. Er wordt naar gestreefd de benodigde leningen tegen zo gunstig mogelijke condities aan te trekken. Daartoe wordt bij het afsluiten van leningen rekening gehouden met de bestaande liquiditeitsplanning, de rentevisie en de renterisiconorm. In 2023 wordt op bestaande vaste geldleningen € 4,3 miljoen afgelost. Voor nieuwe investeringen is ongeveer € 2,5 miljoen nodig. In totaal dus een behoefte aan extra geld van bijna € 7 miljoen. De rentetarieven voor zowel lang als kort geld lopen behoorlijk op. Indien mogelijk wordt zo lang mogelijk met (goedkoper) kort geld gefinancierd. Dat wil zeggen via kasgeld en krediet in rekening courant. Toch zal er in de loop van 2023 een vaste geldlening moeten worden aangetrokken. Rekening houdende met de kasgeldlimiet denken we een vaste geldlening nodig te hebben van € 7 miljoen. Dit is in onderstaand overzicht verwerkt. bedragen x € 1.000
Mutaties leningenportefeuille Stand per 1 januari 2023 Nieuwe leningen (conversie) Nieuwe leningen (financieringsbehoefte) Reguliere aflossingen Vervroegde aflossingen (conversie) Stand per 31 december 2023
Bedrag 30.068 0 7.000 4.288 0 32.780
Gemiddelde rente 1,40 0 2,75 0 0 1,72
Ongeveer € 4,8 miljoen van de totaalschuld per 31 december 2023 betreft het aandeel verstrekte hypotheken. Hiervoor wordt een rentevergoeding ontvangen. Per saldo heeft de gemeente circa € 28 miljoen aan vaste schuld. Schatkistbankieren Alle decentrale overheden zijn verplicht (wet Fido) om hun overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist bij het ministerie van Financiën. Vanaf 1 juli 2021 is de drempel voor het verplicht schatkistbankieren verhoogd van 0,75% naar 2% van het begrotingstotaal inclusief mutaties op de reserves. Dit deel mag buiten de schatkist worden gehouden. Voor Aalten is de drempel voor 2023 berekend op € 1.451.540. Over de middelen die worden aangehouden in de schatkist wordt normaal gesproken rente vergoed. De schatkist biedt geen leen- of roodstandfaciliteit aan. Door de jaren heen maken wij relatief gezien weinig gebruik van de schatkist. Dit is in 2023 naar verwachting niet veel anders. De financieringsbehoefte wordt zo goed mogelijk afgestemd op de te verwachten investeringen en aflossingen.
Paragraaf Financiering
57
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Een deel van de gemeentelijke taken richt zich op het onderhoud van de openbare ruimte en kapitaalgoederen. Om deze kapitaalgoederen op een acceptabel niveau te houden, is goed beheer noodzakelijk. Gelet op de omvang van de te beheren kapitaalgoederen legt deze continu taak een substantieel beslag op budgettaire middelen. Het is daarom van groot belang om de omvang van de te beheren objecten in de openbare ruimte en de huidige kwaliteit volledig in beeld te hebben. Het beleid voor het uitvoeren van onderhoudsactiviteiten aan gemeentelijke kapitaalgoederen is opgenomen in de nota verkrijging/vervaardiging en onderhoud kapitaalgoederen. Op basis van looptijd moeten een aantal beleidsplannen opnieuw worden opgesteld. Aangezien er tot op heden nog wel mee gewerkt kan worden, is gekozen om te bekijken in welke vorm deze beleidstukken mee worden genomen in de nieuwe omgevingswet. Openbare ruimte Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) De voortdurende ontwikkeling en zorg die is gericht op het waarborgen van de kwaliteit van de openbare ruimte waarmee de belanghebbenden tevreden zijn en zich betrokken weten, zodanig dat ook de leefbaarheid en de economische vitaliteit wordt gediend. Door klimaatverandering worden andere eisen aan onze openbare ruimte gesteld. Daarom zijn we bezig met het opstellen van een klimaatvisie.
Hieruit komen maatregelen naar voren die getroffen moeten worden om de gevolgen van de klimaatverandering op te vangen. Onderhoud wegen Voor het onderhoud van de wegen is in 2009 een beleidsnota wegen vastgesteld. Het groot onderhoud van de wegen steunt op jaarlijks geactualiseerde onderhoudsschema’s die uitgewerkt en/of bijgesteld worden na visuele inspecties. In deze onderhoudsschema’s zijn de wegen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, opgenomen die voor de komende vijf jaar op de planning staan. De kosten van dit onderhoud worden gedekt door een onttrekking aan de reserve onderhoud wegen. De jaarlijkse voeding om het onderhoudsniveau sober te handhaven bedraagt € 290.000. Het reguliere jaarlijkse onderhoud van de wegen in 2023 bedraagt € 361.000. De reserve en het actuele meerjarenonderhoudsplan (MOP) zijn op elkaar afgestemd. Hierbij is geen sprake van afwijkingen of achterstallig onderhoud. Uit inventarisatierondes van de wegen blijkt dat er geen noemenswaardige afwijkingen zijn ten opzichte van de actuele onderhoudsplannen. Incidenten die zich voordoen, worden direct opgelost. Deze staan echter los van de reguliere onderhoudsplannen. Investeringen worden geactiveerd en volgens de economische levensduur afgeschreven. Onderhoud bruggen en duikers Om het onderhoud en de instandhouding van onze bruggen en duikers te waarborgen is een meerjarenonderhoudsplan opgesteld.
Jaarlijks worden alle bruggen en duikers geïnventariseerd en gecontroleerd. Uit de inventarisatieronde blijkt dat het meerjarenonderhoudsplan nog steeds actueel is. Voor 2023 hoeft het meerjaren onderhoudsplan dan ook niet te worden bijgesteld en wordt het geplande jaarlijkse onderhoud uitgevoerd. De lasten hiervoor zijn in 2023 € 52.000. Dit is inclusief het eventueel renoveren en tussentijds vervangen van bruggen en duikers. Openbare verlichting In de begroting is jaarlijks een bedrag van € 47.000 opgenomen voor investering in vervanging van lichtmasten. Deze investering wordt in 30 jaar afgeschreven. Een aantal jaren geleden is een vervangingsplan openbare verlichting opgesteld. Bij vervanging van verouderde lichtmasten worden deze vervangen door lichtmasten met Led-verlichting. Het onderhoud van de openbare verlichting bedraagt € 73.000 structureel. De jaarlijkse kapitaallasten (afschrijving en rente) bedragen € 24.000. In 2022 is begonnen met het opstellen van beleid met betrekking tot de verlichting in de openbare ruimte. Hieronder valt meer dan alleen de openbare verlichting. Als gevolg van het nieuw op te stellen beleid wordt ook een vervangingsschema opgesteld. Openbaar groen In 2012 is een groenbeleidsplan vastgesteld met daarin onder meer aangegeven aan welke kwaliteitseisen het openbaar groen binnen de kernen moet voldoen.
Op basis van dit plan zijn renovaties van beplantingsstroken uitgevoerd, waardoor de kwaliteit is toegenomen en het vastgestelde kwaliteitsniveau sober voor de komende jaren is gewaarborgd. Gekoppeld hieraan is een groenbeheersplan, waarop het jaarlijks onderhoud van het openbaar groen is gebaseerd. Door het onderhoud op basis van het groenbeheersplan te laten uitvoeren, wordt het gestelde onderhoudsniveau gehandhaafd. Jaarlijks wordt bekeken of een bijstelling van het groenbeheersplan moet plaatsvinden. De extreme hitte van afgelopen zomers heeft een behoorlijke aanslag op het openbaar groen gepleegd. Er wordt geïnventariseerd of vervangingen of extra aanpoot noodzakelijk is. Gezien de klimaatverandering blijft dit de komende jaren een aandachtspunt. Zo nodig wordt de raad hieromtrent aanvullend geïnformeerd.