CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

C29. Aanbiedingsbrief begrotingswijziging 2026 en begroting 2027 (geanonimiseerd)

Gemeenteraad 21 april 2026, gemeente AaltenBij agendapunt: Mededelingen van de voorzitter en advies van de agendacommissie over de ingekomen stukken16.883 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Omgevingsdienst Achterhoek

Provinciale

Staten

Gelderland

van

de

en

gemeenteraden

van

Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Lochem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek,

Winterswijk

Zutphen

en

Onderwerp:

Begrotingswijziging

2026

Geachte

de

leden

van

Hierbij bieden wij ontwerpbegroting zoals behandeld ODA

voert

ontwerpbegroting

gemeenteraad

en

2027

de Provinciale

Staten,

de eerste begrotingswijziging 2026 en de 2027 van de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA) aan tijdens het algemeen bestuur van 23 februari 2026. u

namens

u

toezicht, handhaving

veilige,

en

duurzame

en

taken

uit op

het

gebied

advisering. gezonde leefomgeving en

Met

deze

van

vergunningverlening, bij aan een

taken dragen wij in de Achterhoek.

voorliggende stukken geven inzicht in de financiële ontwikkeling van afgelopen jaren en markeren een noodzakelijke stap richting financiële stabiliteit en toekomstbestendigheid van onze organisatie. De

Jaarstukken

de

2025

jaarstukken 2025 bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening, hieraan wordt gewerkt en zullen uiterlijk 30 april 2026 aan u worden aangeboden. De

Begrotingswijziging 2026 Met de eerste begrotingswijziging

(geanonimise rd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)

2026 wordt de begroting geactualiseerd. Daarmee wordt het structurele verschil tussen begroting en uitvoering, dat al enkele jaren bestaat, gecorrigeerd en wordt de begroting weer in overeenstemming gebracht met de feitelijke taken en verantwoordelijkheden van de ODA. Sinds de oprichting van de organisatie is het takenpakket stap voor stap verder uitgebreid, maar doordat de begroting vooral is geïndexeerd zijn deze taken nooit volledig financieel ondergebracht in de begroting. Voorbeelden hiervan zijn: -

-__

-

-

-

-

-

-__

-

-__

-

De

_ Overgang

provinciale bedrijven naar gemeentelijk bevoegd gezag Strafrechtelijke milieuhandhaving Taken rond gevaarlijke stoffen en Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) _Energietaken (o.a. energiebesparingsplicht) __ Ondermijningsaanpak _RO-advisering en toetsen van plannen Uitbreiding van asbesttaken Overname van provinciale bodemtaken _ Watertaken vanuit Kaderrichtlijn Water (KRW) Overname van gemeentelijke milieuadviestaken (o.a. bodem, geluid) Toegenomen complexiteit door innovatie in bedrijven

Omgevingsdienst Achterhoek

Achterhoekse

gemeenten

en

voert de milieu- en specialistische de provincie Gelderland.

omgevingstaken

uit

voor

de

Omgevingsdienst Achterhoek www.odachterhoek.nl

De ontwikkelingen op het gebied van milieu zetten onverminderd door. Met name de aanscherpingen rondom Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) en de verplichtingen vanuit de Kaderrichtlijn Water (KRW) leiden tot een

toenemende druk op uitvoering en toezicht. Deze opgaven vragen in de komende jaren om extra inzet , specialistische capaciteit en verdere intensivering van werkzaamheden.

Datum 11 maart 2026 Pagina 2 van 3

Dit betekent dat er ook in de toekomst financiële keuzes noodzakelijk

blijven om deze wettelijke en maatschappelijke taken op een verantwoord niveau te kunnen blijven uitvoeren. Gemeenten moeten rekening houden met een structurele toename van kosten als gevolg van deze doorlopende ontwikkelingen. Het doel van deze wijziging is het creëren van een realistisch en

voorspelbaar financieel kader. Zonder deze actualisatie blijft het verschil tussen begroting en realisatie bestaan , wat leidt tot aanhoudende druk op de financiële positie van de ODA en verminderde voorspelbaarheid voor de deelnemers. De actualisatie van de begroting is tevens een voorwaarde in het kader van de fusie met Omgevingsdienst Veluwe , waarin van Omgevingsdienst Achterhoek wordt verwacht toe te werken naar een gelijkwaardige uitgangspositie.

Ontwerpbegroting 2027 De ontwerpbegroting 2027 bouwt voort op de geactualiseerde uitgangspunten van 2026. Deze begroting is onderdeel van het traject waarin Omgevingsdienst Achterhoek toewerkt naar een wettelijk verplicht niveau van een robuuste en toekomstbestendige organisatie , passend bij een fusie met Omgevingsdienst Veluwe. De ontwerpbegroting 2027 loopt niet vooruit op een definitief besluit over een fusie. Eventuele besluitvorming hierover vindt separaat plaats en wordt u op een later moment voorgelegd.

Zienswijzen Op grond van artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen stellen wij u in de gelegenheid uw zienswijze kenbaar te maken op de eerste begrotingswijziging 2026 en de ontwerpbegroting 2027. De termijn voor het indienen van zienswijzen bedraagt 12 weken na toezending van deze stukken. Ook rekening houdend met uw zomerreces vragen wij u om uw zienswijze uiterlijk eind augustus 2026 aan ons toe te sturen. De jaarstukken 2025 , de begrotingswijziging 2026 en de begroting 2027 zullen door het dagelijks bestuur worden voorbereid , waarna uw zienswijzen worden behandeld in de vergadering van het algemeen bestuur op 7 september 2026 en de begroting uiterlijk op 15 september 2025 aan de minister kan worden toegezonden. De raden en staten moeten de ontwerpbegroting 2027 voor een eenieder ter inzage leggen. Dit moet bekend gemaakt worden. Van de terinzagelegging en de verkrijgbaarstelling dient openbaar kennis te worden gegeven.

De Omgevingsdienst Achterhoek voert de milieutaken uit voor de Achterhoekse gemeenten en de provincie Gelderland.

Omgevingsdienst Achterhoek www. odachterhoek. nl

Omgevingsdienst Achterhoek

Behandeling directeur

toelichting

en

bereid om bij de Staten een behandeling van toelichting te geven en desgewenst in te spreken. Met name gezien de behandeling in de nieuwe samenstelling van de gemeenteraden achten wij het van belang dat raadsleden goed geïnformeerd tot een zienswijze kunnen De

van

de Omgevingsdienst Achterhoek is graag deze stukken in uw raad of in Provinciale

komen. Hiervoor de ODA. Ter

ondersteuning

kan

worden

contact

van

de

opgenomen

behandeling zijn

met

aanvullende

het secretariaat

Datum LLimaark

Pagina 3 van

2028

3

van

toelichtingen

beschikbaar. Tot

slot

Het

algemeen

bestuur is zich bewust

de financiële opgaven van gemeenten provincie. Tegelijkertijd wij het als onze gezamenlijke om te voor een verantwoordelijkheid zorgen toekomstbestendige, robuuste en kwalitatief goede omgevingsdienst. De voorliggende stukken bieden daarvoor een noodzakelijke basis. van

zien

en

Met

vriendelijke groet, het dagelijks bestuur,

Namens

(geanonimiseerd) voorzitter Omgevingsdienst

Achterhoek

Omgevingsdienst Achterhoek www.odachterhoek.nl

De

Omgevingsdienst Achterhoek

de provincie

Gelderland.

voert

de milieutaken

uit

voor

de Achterhoekse

gemeenten

en

1 e Begrotingswijziging 2026 1

1°

Begrotingswijziging 2026

Datum:

4 december

2025

© Omgevingsdienst Achterhoek

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) info@odachterhoek.nl www.odachterhoek.nl

www.gelderseomgevingsdiensten.nl

Inleiding Voor u ligt de 1 e begrotingswijziging van de begroting van 2026 van de Omgevingsdienst Achterhoek. Deze begrotingswijziging is nodig om verschillende redenen. Die worden hieronder uiteengezet. De cijfers met toelichting zijn daaronder opgenomen. De begrotingen van de ODA zijn al een aantal jaar niet meer actueel. Dat wil zeggen dat er over een kalenderjaar structureel meer wordt uitgegeven dan is opgenomen in de vastgestelde begroting. Dit zorgt ervoor dat gemeenten achteraf altijd bij moeten betalen. Nadeel van een onvolledige begroting die regelmatig wordt overschreden is dat het de ODA veel tijd en moeite kost om aan gemeenten uit te leggen waarom zij moeten bijbetalen aan het einde van een jaar terwijl het meestal om regulier werk gaat. De toename van deze begrotingswijziging betekent dus niet dat gemeenten meer gaan betalen voor diensten van de ODA. De begroting wordt alleen geactualiseerd zodat die correspondeert met de uitgaven die gemeenten nu al doen. Door deze actualisering van de begroting betalen gemeenten per saldo niet meer , maar is de begroting gelijkgetrokken met het inmiddels opgelopen jaarlijkse verschil in resultaat. Dat de begroting van de ODA niet actueel is , heeft een aantal oorzaken.

De belangrijkste is dat gemeenten de ODA gedurende het jaar meer advies en ondersteuning op VTHtaken en op het gebied van ruimtelijke ordening vragen dan vooraf is geprogrammeerd. Ook zijn afgelopen jaren en worden nog steeds meer taken van gemeenten overgedragen aan de ODA. Dit zorgt voor hogere kosten bij de ODA en tegelijkertijd voor lagere kosten bij de desbetreffende gemeenten. Verder zien wij in de nabije toekomst een extra vraag van de gemeenten op ons afkomen. Dit komt vooral door de ambitie om extra woningen en/of bedrijventerreinen te gaan bouwen in de Achterhoek. Daarnaast heeft de ODA te maken met belangrijke inhoudelijke ontwikkelingen die zorgen voor meerwerk. Denk daarbij aan de invoering van de Omgevingswet die ervoor gezorgd heeft dat de medewerkers van de ODA meer handelingen moeten verrichten t. b. v. ingediende meldingen en vergunningen en het toezicht en handhaving daarop. Onderzoek voorafgaande aan de invoering van de Omgevingswet heeft uitgewezen dat de kosten voor omgevingsdiensten met maximaal 10% kunnen stijgen. Ook ontwikkelingen rondom Zeer Zorgwekkende Stoffen zoals PFAS , de Kaderichtlijn Water , stikstof , energiebesparing etc. zorgen ervoor dat onze medewerkers veel meer uren moeten maken. Een andere belangrijke oorzaak is dat het Rijk afgelopen jaren de eisen (de Kwaliteitscriteria) heeft aangescherpt.

Elke omgevingsdienst moet per 1 april 2026 aan die eisen voldoen. Die eisen komen voort uit het Interbestuurlijke Programma dat is vastgesteld naar aanleiding van de commissie Van Aartsen. Hierdoor stijgen bijvoorbeeld de kosten voor opleidingen , innovatie , arbeidsvoorwaarden en moet er een informatie-

infrastructuur opgebouwd worden binnen elke omgevingsdienst. De Kwaliteitscriteria geven ook aan dat een omgevingsdienst een bepaald minimumaantal toezichthouders en vergunningverleners in dienst hoort te hebben. De ODA voldoet hier niet aan. Het gebrek aan aantallen toezichthouders en vergunningverleners komt vooral tot uiting in het feit dat de ODA niet voldoet aan het belangrijkste kwaliteitscriterium ; het omzetcriterium. De begroting van de ODA zou namelijk minimaal 165, miljoen euro moeten bedragen. Daar zit de ODA nu ongeveer 45, miljoen onder. In de praktijk bedragen de kosten voor gemeenten echter al een aantal jaar meer dan 14 miljoen euro. Om omgevingsdiensten te toetsen aan de kwaliteitscriteria wordt eens per twee jaar een visitatie uitgevoerd door Omgevingsdienst NL. Deze visitatierapporten leveren verbeterpunten op voor de werkwijze van de ODA. Het recentste visitatierapport van ODNL geeft aan dat de concept-risicoanalyse die samen met de gemeenten is voorbereid op een waardevolle wijze bijdraagt aan een goede verhouding tussen het aantal benodigde medewerkers en het werk dat gedaan zou moeten worden. Een dergelijke 3

risicoanalyse is opgesteld, maar door het AB vooralsnog aangehouden. De uitkomsten van de risicoanalyse laten duidelijk zien dat de ODA moet investeren in de uitbreiding van de operationele organisatie. Dit houdt in dat er meer vergunningverleners en toezichthouders nodig zijn. Door

de groei

van het aantal medewerkers van de ODA groeit ook de bedrijfsvoering Bijvoorbeeld voor grotere kantoorruimte, meer informatiemedewerkers, extra leidinggevenden en meer ICT-kosten. Ook kost de professionalisering van de organisatie extra geld. Denk daarbij aan het invoeren van een goede tijdschrijfregistratie zodat het voor gemeenten beter inzichtelijk wordt waar de ODA-medewerkers hun tijd aan mee.

besteden.

Maar

ook

(eveneens

een

aanbeveling

Om

aan

aan

het verbeteren van procesmatiguit het visitatierapport).

alle bovenstaande

uitvoeringsorganisatie

eisen

te

voldoen

en

een

en

projectmatig werken

toekomstbestendige

zetten, heeft het Algemeen Bestuur een verkenning laten uitvoeren naar een mogelijke fusie met de OD Veluwe. Op basis van die verkenning heeft het AB besloten deze fusie op termijn aan te gaan. Onderdeel van de verkenning en het bestuursbesluit is dat de ODA in drie jaar tijd eerst gaat doorgroeien naar een organisatie neer

te

voldoende financiële middelen worden besteed aan de uitvoeringsdienst om zo ook gelijkwaardige fusiepartner te zijn. In de verkenning is hiervoor een indicatief bedrag berekend voor een begroting van 18,1 miljoen euro. Om dit te bereiken is ervoor gekozen in drie jaar de begroting stapsgewijs te verhogen, waarbij nog wel kritisch gekeken om moet worden of dit indicatieve bedrag niet gereduceerd kan worden (bijvoorbeeld door de voorgenomen fusie). De eerste stap zou moeten zijn om de huidige begroting in lijn te brengen met de daadwerkelijke jaarlijkse kosten die worden gemaakt. Daarvoor ligt deze begrotingswijziging nu voor. waar een

1 april 2026 moet de ODA aan de Kwaliteitscriteria 3.0 voldoen. Dat gaan wij niet halen. Het ministerie heeft echter aangegeven dat omgevingsdiensten die een plan inleveren om op termijn wel aan de criteria te voldoen, niet op 1 april 2026 aan de eisen van de Kwaliteitscriteria gehouden zullen worden. Wel wil het ministerie dat er duidelijke stappen worden gezet om er op termijn wel aan te voldoen. Als dat het geval is, dan is het ministerie bereid bij te dragen aan de fusiekosten met de OD Veluwe. Ook heeft de provincie een bijdrage aan de fusiekosten toegezegd.

Op

Het Algemeen Bestuur van de OD Veluwe heeft voorts aangegeven dat ze ook graag ziet dat de ODA stappen zet om kwantitatief en kwalitatief te verbeteren en daar hoort bij dat de ODA meer financiële middelen beschikbaar gaat stellen. De tekorten op de begroting van de ODA mogen namelijk niet ten koste gaan van de robuustheid van de OD Veluwe. Om

deze

aan

u

stappen ook daadwerkelijk

te zetten leggen wij deze begrotingswijziging nu al zoals in het Verkenningsdocument staat pas in 2027. Hiermee halen iets naar voren. De volgende stap wordt gezet we planning van het Verkenningsdocument met de begroting 2027. Hiermee hopen we het fusieproces te versnellen en versoepelen. voor

Conclusie:

niet

en

nodig en verstandig een begrotingswijziging zienswijze leggen gemeenteraden. Niet alleen om belangrijke te zetten om ervoor te zorgen dat de ODA op een professionele noodzakelijke stappen manier kan werken aan een schone, duurzame, gezonde en veilige adequate blijven Achterhoek, maar ook om het fusieproces voorspoedig te laten verlopen. voor

Om

meerdere

een

voor

(geanonimiseerd) Voorzitter

DB

Achterhoek

reden

te

is het

nu

aan

de

en en

Voorstel/besluit In te stemmen met de voorliggende concept begrotingswijziging 2026 en deze een zienswijze voor te leggen aan de gemeenteraden en Staten.

en voor

Toelichting Hieronder worden de afzonderlijke posten toegelicht die verwerkt zijn in de tabellen van de financiële begroting. Volgens de geldende afspraken stelt normaalgesproken het DB de conceptbegrotingen vast. Gelet op het feit dat er meerdere keren een intensieve discussie heeft plaatsgevonden in het AB , wordt de conceptbegroting nu voorgelegd aan het AB. Inhoudelijke ontwikkeling (€ 500. 000) Zoals in de inleiding genoemd is de vraag naar onze expertise flink toegenomen. Dit geldt ook voor de vraag vanuit onze partners. Een goed voorbeeld hiervan is de toename van de problematiek rond ZZS (zeer zorgwekkende stoffen). Zo is er landelijk veel aandacht gekomen voor PFAS. PFAS zijn een grote greep zeer persistente (blijvende) chemische stoffen , die nauwelijks afbreken in het milieu. Deze stoffen zijn zeer schadelijk voor het milieu en de gezondheid van de inwoners. De ODA ontwikkelt beleid hierover , actualiseert vergunningen en houd toezicht op deze stoffen. Tevens voert de ODA waar nodig ook taken uit omtrent circulaire economie , energietoezicht en draagt de Omgevingsdienst Achterhoek bij aan de KRW-doelen , vooral via vergunningverlening en toezicht op indirecte lozingen van afvalwater.

Hierop werken wij samen met het waterschap om lozingen op het riool te beheersen , wat uiteindelijk kan helpen om de waterkwaliteit van wateren in de Achterhoek te verbeteren en te voldoen aan Europese KRW-normen. Tot slot is de Omgevingswet in 2024 in werking getreden en kost de overgang naar de Omgevingswet nog steeds veel uren. Al deze externe ontwikkelingen zijn nooit in de begroting meegenomen , maar worden wel door de ODA uitgevoerd. De hierboven genoemde inzet correspondeert met ongeveer 5 fte. Meer advies en ondersteunde vragen deelnemers (€ 900. 000) Gemeenten besteden structureel meer taken en adviesopdrachten uit aan de ODA (gebiedsontwikkeling , RO-adviezen , specialistische milieuvraagstukken). Dit effect is cumulatief en zichtbaar in de toename van het aantal adviesuren. De inhoudelijke kennis verdwijnt langzaam bij de aangesloten gemeenten en veel taken vloeien daardoor over naar de omgevingsdienst. Tot slot is de Achterhoek een levendige regio waar veel innovatie plaatsvindt. De toename van circa 9 fte (of 12. 150 uur) over de afgelopen jaren ligt ten grondslag aan deze bijstelling.

Organisatieontwikkeling (€ 1. 107. 000) Daarnaast heeft de ODA haar organisatie ook over de jaren verder moeten ontwikkelen. Over de afgelopen jaren zijn er 8 fte bijgekomen , waarvan een gedeelte eerst ingehuurd was. Zo is de ODA onlangs verhuisd naar Doetinchem. Door de externe vraag is de ODA sterk gegroeid en daarmee is de bedrijfsvoering toegenomen. De lasten voor ICT zijn sterk toegenomen door stijgende contractlasten , meer werkplekken in het nieuwe kantoorpand en stijgende lasten vanuit ICT-Samen en door meer kosten voor de salarisadministratie. Daarnaast was de werkdruk binnen de bedrijfsvoering de afgelopen jaren erg hoog en heeft de ODA hierop moeten inzetten door extra mensen aan te nemen binnen het secundaire proces. Vanwege de groei in aantal mensen was er ook behoefte aan meer leidinggevende- en strategische capaciteit in de vorm van teamleiders en een extra afdelingsmanager bedrijfsvoering. Externe ontwikkeling (€ 250. 000) Zoals in de inleiding al is aangegeven zijn er diverse kwaliteitscriteria opgesteld naar aanleiding van het rapport van de commissie van Aartsen waaraan de omgevingsdiensten worden getoetst. Om aan de criteria , los van het omzetcriterium , te voldoen zal er geïnvesteerd moeten worden. Er zal een innovatiebudget van 1% van de totale loonsom (€ 140. 000) vastgesteld moeten worden.

Daarnaast is een aanpassing van het opleidingsbudget van 2% naar 3% (€ 90. 000) nodig. Uit het visitatierapport blijkt dat ODA moet inzetten op de ontwikkeling van personeel , waaronder trainees. Een belangrijk onderdeel van het rapport is de ruimte voor kennisontwikkeling en deskundigheidsbevordering personeel. De ODA wil in het voorjaar van 2026 beginnen 5

met het opleiden van een zestal trainees (€ 270. 000). Op deze manier kan dure inhuur worden vervangen , kunnen pensioenen worden opgevangen en enthousiasmeert de ODA jonge mensen uit de regio om zich in te zetten voor de verbetering van de leefomgeving. Naast de besparing op de inhuur kijkt de ODA altijd kritisch naar haar kosten en haar begroting. Ook op de werkzaamheden vanuit de ODRN is een besparing van € 250. 000 opgenomen in de begrotingswijziging.

Fusiekosten (€ 400. 000) Eind van 2025 hebben de Algemeen Besturen van zowel de ODA , alsmede van de Omgevingsdienst Veluwe de intentieverklaring voor de fusie getekend. Vanaf 2026 zal gestart worden met de geleidelijke fusie van beide diensten. De inschatting is dat de kosten tussen de 1. 5 en 2 miljoen zullen uitvallen voor de ODA. Hier staan subsidies vanuit het Rijk en mogelijk vanuit de provincie tegenover. De verwachting is dat de fusiekosten in het eerste jaar rond de € 400. 000 zullen uitvallen , waarvan € 300. 000 ten laste komt van de partnergemeenten en € 100. 000 gedekt kan worden uit de landelijke subsidie.

6

FINANCIËLE

BEGROTING

Vorenstaande mutaties zijn verwerkt in onderstaande financiële begroting 2026. Overzicht van baten en lasten Omschrijving

1

2 3 4 5 6

21 25

26 27

LASTEN Personele kosten/Inhuur en diensten derden

2024 Realisatie

2025 Begroting

2026 Begroting

2026 Begrotingswijziging

10. 071

8. 869

9. 090

11. 602

1. 357 0 432 706 0

957 118 380 720 79

1. 450 66 782 570 81

12. 566

11. 123

12. 039

1. 941 0 520 651 81 400 15. 195

1. 069 11. 400 12. 469

85 11. 038 11. 123

85 11. 954 12. 039

291 14. 505 14. 796 300 100

Resultaat reguliere bedrijfsvoering

-97

0

0

0

Verrekening resultaat Verrekening met deelnemers rekeningsaldo Bijdrage/Onttrekking algemene reserve Gerealiseerde resultaat

-97

0

0

0

Organisatiekosten Organisatieontwikkeling en SPP Bovenregionale taken Organisatie ondersteuning Algemene lasten Fusie kosten Totaal Lasten BATEN Bijdragen van derden Bijdragen deelnemers Totaal Baten Fusie bijdrage deelnemers Tegenmoetkoming Rijksbijdrage Fusie

Bijdragen deelnemers (€ 2. 551. 000) De bijdrage van de deelnemers neemt toe met € 2. 551. 000. Zoals hierboven beschreven staat komt dit voort uit de toegenomen vraag vanuit gemeenten , die nooit verwerkt is in de begroting , maar die al wel worden uitgevoerd (€ 900. 000). Maar ook om te voldoen aan de externe ontwikkelingen zoals ZZS , ondermijning , toezicht op energiegebruik , kaderrichtlijn water en stikstof (€ 500. 000). Tot slot stijgt de bijdrage van deelnemers door een stijgend uurtarief om tot dekking van de stijgende lasten , van de afgelopen jaren , te komen ( € 1. 151. 000). Het overgrote deel van deze kosten wordt nu jaarlijks al door de gemeenten betaald. Vooraf door middel van een voorschot op basis van de begroting , achteraf door middel van een naheffing. De kosten voor gemeenten stijgen niet door deze begrotingswijziging. Bijdragen van derden (€ 206. 000) In de begrotingswijziging 2026 nemen we de subsidie voor energie (€ 247.000) , inkomsten voor project “regio Archeologie” (€ 23. 000) en project “Asbestsanering en Omgevingswet flora- en fauna-adcitiveit” (€ 21. 000) op. De inkomsten voor de HRMtaken (€ 85. 000) nemen naar verwachting af. Verhogen personele kosten/diensten derden (€ 2. 512. 000) Zoals hierboven genoemd is de vraag naar onze expertise flink toegenomen. Om aan deze vraag te kunnen voldoen is er voldoende capaciteit nodig (14 fte).

De personele lasten zijn , net als de bijdrage van deelnemers , de afgelopen jaren niet op een juist niveau begroot. We hebben de afgelopen jaren een doorontwikkeling moeten maken in het secundaire proces. We hebben groei doorgemaakt in leidinggevende en strategische capaciteit en we hebben op gebied van o. a. IT moeten door ontwikkelen en uitbreiden. In totaal zijn er in het secundaire proces/bedrijfsvoering 11 fte bijgekomen over afgelopen jaren. Tot slot zijn we voor de loonstijging uitgegaan van een stijging van 255% , per 1 januari en 125% , per 1 juli. Organisatie- kosten , ontwikkeling en ondersteuning (€ 507. 000) Om te voldoen aan de robuustheidscriteria , los van het omzetcriterium is een aanpassing in het opleidingsbudget van € 90. 000 nodig. Ook moeten we voldoen aan het hebben van een innovatiebudget á € 140. 000. Om te kunnen voldoen hebben we ook moeten inzetten 7

verbetering van de bedrijfsvoering. Dit betekent stijgende ICT-lasten vanwege werkplekken en medewerkers. Stijgende lasten vanwege de aanschaf van applicaties t.b.v. datagedreven werken. Daarnaast zijn de kosten voor onze “key” applicaties de laatste jaren toegenomen vanwege het aantal gebruikers, maar ook vanwege de hoge inflatie. Dit stond niet in verhouding met de stijging in de begroting. Ook moeten worden ingezet op betere informatievoorziening en informatieveiligheid. Deze kosten (€ 152.000) zijn in de vorige begrotingen niet meegenomen en vragen nu om een investering. Tot slot zijn de kosten van onze gastheercontracten op het gebied op

een

meer

ICT en

van

salarisadministratie

toegenomen

met

€

125.000.

Bovenregionale

taken (€ -262.000) kosten voor de ODRN vielen onder de bovenregionale taken, deze zijn afgenomen met € 250.000. Daarnaast zijn er minder lasten voor een aantal andere bovenregionale taken. De

Overzicht

naar

taakvelden Begroting 2026

x€

Taakveld

1.000

Programmaplan

Baten

Programma

1 Vergunningverlening

7.4 Milieubeheer

Programma

2 Toezicht

7.4 Milieubeheer

Programma

3 Advies

Programma

4 Stelseltaken

handhaving

en

Begroting wijziging 2026

Lasten

Baten

7.4 Milieubeheer 7.4 Milieubeheer

Eigen

stelseltaak

Kosten Gelders

stelsel van

Omgevingsdiensten

(geanonimiseerd)

Omgevingsdiensten Programma

Lasten

5 Projecten

7.4 Milieubeheer

Overzichten Fusie Fusie

Bijdrage partners Rijksbijdrage

Overhead

organisatie

Algemene dekkingsmiddelen Bedrag onvoorzien

0.5

Gerealiseerde totaal

Bijdrage

0.8

saldo van baten

en

lasten normale

Treausury Algemene

(geanonimiseerd) baten

en

lasten

bedrijfsvoering

deelnemers in het tekort 2024

Toevoegingen en ontrekkingen

aan

de

reserves

Resultaat

Procedure

Aangezien deze begrotingswijziging deelnemers Dit houdt e

Het aan

e

wordt de

leidt tot een verhoging van de bijdragen gebruikelijke procedure (met zienswijze) toegepast:

e

de

in:

dagelijks bestuur zendt de ontwerp begrotingswijziging de gemeenteraden en Provinciale Staten.

Gemeenteraden

2026

vóór

30

april

2026

Staten hebben 12 weken om hun zienswijzen over de te dienen bij het dagelijks bestuur. begrotingswijziging Het dagelijks bestuur verzamelt de zienswijzen en biedt de ontwerp begrotingswijziging aan het algemeen bestuur aan voorzien van de zienswijzen. Het algemeen bestuur stelt de begrotingswijziging vóór 15 september 2026 vast. Onmiddellijk na de vaststelling van de begrotingswijziging 2026 door het algemeen bestuur zendt het algemeen bestuur deze aan Provinciale Staten en de en

Provinciale

ontwerp e

van

gemeenteraden. Het dagelijks bestuur aan

de minister.

in

zendt

de

gewijzigde begroting

2026

vóór

15

september

2026

Bijdrage partners Vergunningen

Aalten Berkelland Bronckhorst Doetinchem Lochem Montferland Oost Gelre Oude IJsselstreek Winterswijk Zutphen

Totaal

€ € € € € € € € € € €

Toezicht & Handhaving

1 38. 900€ 3 03. 100€ 2 79. 000€ 2 72. 700€ 1 87. 200€ 1 34. 400€ 2 48. 100€ 1 85. 300€ 1 18. 100€ 1 39. 800€ 2. 006. 600€

Specialismen

3 43. 000€ 7 82. 200€ 6 64. 400€ 6 47. 100€ 5 47. 800€ 3 81. 200€ 5 99. 300€ 4 27. 300€ 4 38. 800€ 4 25. 300€ 5. 256. 400€

Fusiekosten

Aalten Berkelland Bronckhorst Doetinchem Lochem Montferland Oost Gelre Oude IJsselstreek Winterswijk Zutphen

Totaal

€ € € € € € € € € € €

3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 3 0.00000 300.00000 , , , , , , , , , , ,

9

90. 000€ 3 40. 300€ 1 37. 300€ 2 25. 700€ 1 30. 500€ 78. 500€ 2 84. 900€ 1 42. 000€ 1 64. 500€ 1 22. 100€ 1. 715. 800

Overhead

3 48. 000€ 8 83. 100€ 6 69. 400€ 7 09. 600€ 5 36. 100€ 3 54. 100€ 6 99. 900€ 4 58. 200€ 4 46. 900€ 4 25. 600€ 5. 530. 900

Totaal

9 19. 900 2. 308. 700 1. 750. 100 1. 855. 100 1. 401. 600 9 48. 200 1. 832. 200 1. 212. 800 1. 168. 300 1. 112. 800 14. 509. 700

Verdeling De

kosten

Overzicht x

baten

over

de

worden en

lasten

programma’s

naar

programma’s toegerekend.

Programma 1 Vergunningverlening

€ 1.000

Begroting

2026

Lasten

Baten

Programmaplan programma

2.703)

1 vergunningverlening

Saldo Lous)

788)

sus]

Begroting

Saldo

Lasten

623}

-109

2026

wijziging Lasten

Baten

3.2i8[

|_Saldo

18oe|

1412)

overzicht

Algemene dekkingsrmiddelen

9

overhead

Heffing vennootschapsbelasting

onvoorzien saldo

x

van

baten

en

2.703)

lasten

Begroting

2026

Programmaplan en

1935)

6.649)

Handhaving

overzicht

Algemene dekkingsmiddelen

overhead Heffing vennootschapsbelasting onvoorzien Saldo

x

van

baten

en

649)

€ 1.000

Begroting

2026

Programma

zal

3.859)

2.790)

x

baten

en

2.603)

lasten

Begroting

2026

Programmaplan Programma 4 Stelseltaken

1

baten

Lasten

Baten

baten

en

lasten

Overzicht x€ 1.000

baten

en

lasten Overhead

0)

17e)

Begroting

2026

Lasten

Baten

Saldo

1.089)

9

2.779[_

2026

of of 467

206)

-262

2026

IE

1)

1708

1.070

wijziging

|_ 520)

Lasten

Saldo -230

9

Saldo

Lasten

9

291 Begroting

2026

D D D

520) wijziging Lasten

Baten =|

D

Saldo

D

|_

EEG

BE

Saldo -236

D

D

0) Baten

D

D

D

rijksbijdrage

D

D

D

59)

9

-59|

0)

overhead Heffing vennootschapsbelasting onvoorzien

361

300

100)

-3.611 D

300

1oof

zon

12.039]

12.039

GE

of

10

soo| 3.156)

2026

Baten

236) wijziging

|_ 300) 100)

Lasten

0

300

B

EGO

-236

Saldo 9 D

9

82e)

-826) 0)

2.226

=1826

3.156)

1824)

dd D

Begroting

Saldo

Lasten

ol

Algemene dekkingsrmiddelen

Resultaat

|_

1.690

201

D

partners

lasten

3.439)

D

—174)

overzicht

en

069]__

Lasten

Baten

9)

Fusie kosten

baten

aal

wijziging

2.779)

467

59)

Fusie Kosten

van

E

Fusie

Programmaplan

Saldo

2026

Begroting

dl en

3.483

D

Baten

overhead Heffing vennootschapsbelasting onvoorzien

8.508)

143}

-262

=d

Algemene dekkingsmiddelen

_

so2s|

of

Baten

Saldo

Lasten

206)

wijziging

Saldo zel

D

overzicht

van

2026

dd -697)

787)

E 2026

Programmaplan Programma 5 Projecten

Saldo

33)

D

Begroting

__

Saldo

D

0

lasten

|_

Lasten

0

143

D

€ 1.000

1.393)

of of

-697/

overhead Heffing vennootschapsbelasting onvoorzien

1824

0)

Baten

Algemene dekkingsmiddelen

x

33}

iel

wijziging

Saldo

-1e)

wijziging

8.508

Begroting

Saldo

Lasten

ol 1e)

782)

En

overzicht

Saldo

1.208

(geanonimiseerd)

Lasten

Baten

en

1.850

Baten

ze)

2026

Baten

652) 9) ol ol 652)

1.208

2026

9

€ 1.000

van

Begroting

Saldo

E

overhead Heffing vennootschapsbelasting onvoorzien

3.218

ze)

9

Saldo

Algemene dekkingsmiddelen

van

623}

-109

o) ol 0)

(geanonimiseerd) CN

3 Advies

overzicht

Saldo

1.860)

EKE

a

Lasten

Baten

Programmaplan

ss)

Lasten

of

lasten

dl

Saldo 3.818)

d

o

768

Lasten

Baten

2 Toezicht

ol -20)

zo)

€ 1.000

Programma

0

ol

o

5437)

5437

400[___583[

5457)

of 9

15.195

15.199)

D

BESLUIT

Het

ALGEMEEN

Algemeen

gelezen

Bestuur

het voorstel

de

van

van

BESTUUR

het

Omgevingsdienst Achterhoek; Dagelijks

Bestuur

van

21

Begroting

2026

januari

2026;

BESLUITEN: De

x

begroting

2026

als

volgt

Programma 4 Stelseltaken

Eigen stelseltaak Omgevingsdiensten

Programma 5 Projecten

7.4

0 85

0.4 Overhead

0.5 Treausury

deelnemers

in het

tekort aan

Toevoegingen en ontrekkingen

Resultaat

En stelt tevens 73 declarabele

Aldus 2026.

De

besloten

secretaris,

(geanonimiseerd)

-129 1168 15

1806 5.025 1690

o 14

o -25

o -86

o 60

0 28

8.508 2.779

668

o

-176

o

492

176

231

60

231

236

o

o

300

300

300

300

o

o

100

100

100

100

3612

o

1825

o

ondersteuning

0.8 Algemene baten

totaal saldo van baten en lasten normale

515 1.860 176

3.218

3.859 1675

o

organisatie

[Gerealiseerde Bijdrage

2026

0

Milieubeheer

Fusie Rijksbijdrage

Algemene dekkingsmiddelen Bedrag onvoorzien

Begroting wijziging

Omgevingsdiensten

partners,

overhead

1.935

2.703 6.649 2.603

7.4 Milieubeheer

Kosten Gelders stelsel van

Wijziging

EE

7.4 Milieubeheer 7.4 Milieubeheer

Programma 3 Advies

Fusie

wijzigen:

Taakveld 7.4 Milieubeheer

€ 1.000

Programmaplan Programma 1 Vergunningverlening Programma 2 Toezicht en handhaving

overzichten Bijdrage

te

en

o o

lasten

bedrijfsvoering

12.039

12.039

12.039

12.039

3.156

5.437

o 81 3.155

o 81 15.195

15.195

2024

0

de reserves

voor

het uurtarief te 45 Overhead

verlagen kosten

uren

en

in de

openbare vergadering

naar-

per

van

De

o

en

vast te

15.195

stellen op €

118

Algemeen

Bestuur

september

voorzitter,

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)

1d

(waarvan

uur). het

op 7

15.195

Begroting 2027 Meerjarenbegroting 2028

1

-

2030

Begroting Meerjarenbegroting

Datum:

8

Status:

2027 2028

-

2030

januari 2026 Concept

© Omgevingsdienst Achterhoek

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) info@odachterhoek.nl www.odachterhoek.nl

www.gelderseomgevingsdiensten.nl

Inhoudsopgave I.

Ontwikkelingen

. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .

5

ii.

De beleidsbegroting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

iii.

Programma 1 – Vergunningverlening

iv.

Programma 2 – Toezicht en Handhaving. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12

v.

Programma 3 – Advies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15

vi.

Programma 4 – Stelseltaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17

vii.

Programma 5 – Projecten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19

viii.

De paragrafen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21

PARAGRAAF PARAGRAAF PARAGRAAF PARAGRAAF

ix.

.. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .

10

BEDRIJFSVOERING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22 FINANCIERING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30

De financiële begroting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31

OVERZICHT VAN LASTEN EN BATEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31 TOELICHTING FINANCIËLE BEGROTING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31 FINANCIËLE MEERJARENBEGROTING 2026 – 2029 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34 OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN PER TAAKVELD . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34 OVERZICHT VAN DE OVERHEADKOSTEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35 GEPROGNOSTICEERDE BALANS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35 x.

Besluit Algemeen Bestuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 36 BIJLAGE BIJLAGE

1: BEVOORSCHOTTING DOOR DE PARTNERS 2027 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37 2: BESTUURSORGANEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38

3

Voorwoord Voor

ligt de begroting 2027, Omgevingsdienst Achterhoek.

inclusief de meerjarenraming

De ODA

is sterk

We

fusie met

OD

u

in

beweging.

zijn gestart

18 december

2025

met

een

proces dat moet

is hiervoor

van

de

leiden tot

een

Op intentieverklaring getekend Algemeen Besturen. Uiteindelijk moet deze fusie ervoor zorgen dat wij voldoen aan alle wettelijke eisen en criteria die aan omgevingsdiensten door middel van het Interbestuurlijk programma zijn gesteld. Dit fusietraject vraagt een investering aan de voorkant van het proces. Daarom zijn fusiekosten opgenomen in deze begroting. door

Veluwe.

2028-2030,

een

beide

Daarnaast zijn er veel ontwikkelingen op het gebied van milieu heeft naast alle reguliere taken die zij al uitvoert. Extra

waar

de ODA

mee

te

maken

milieu(plus)taken, complexiteit en extra verzoeken om inzet van de aangesloten gemeenten. Dit heeft de afgelopen jaren geleid tot extra inzet en dus extra uitgaven van de ODA. De begroting van de ODA was niet actueel en al jaren waren de uitgaven groter dan de inkomsten. Met de begrotingswijziging van 2026 is dit gerepareerd. Die wijzigingen zijn opgenomen in deze begroting. wetswijzigingen,

Dit betekent

toename

echter

van

dat alle nieuwe

ontwikkelingen al volledig geïmplementeerd en de uitgevoerde verkenning in 2025 hebben zijn begroting. laten zien dat de capaciteit van de ODA verder moet groeien om alle (wettelijke) ontwikkelingen op het gebied van milieu op te vangen. Denk daarbij aan de grote Achterhoekse ambities op het terrein van woningbouw, de Kaderrichtlijn Water, Zeer zorgwekkende stoffen, circulaire economie, ondermijning, de opbouw van een goede kennispositie etc. nog

niet

De

visitatie

in de

in

2024

ontwikkelingen zijn nu meegenomen in de voorliggende begroting van 2027. Met deze uitbreiding zorgen we er niet alleen voor dat we onze wettelijke taken goed kunnen uitvoeren maar ook dat we een gelijkwaardige partner zijn om te fuseren met de OD Deze

Veluwe. Al deze

ontwikkelingen kunnen niet door de huidige formatie worden opgevangen. Verkenning die vorig jaar ten behoeve van de fusie is opgesteld is een inschatting gemaakt van het aantal extra fte dat nodig is. Het gaat hier om zowel uitbreiding van het huidig aantal vergunningverleners en toezichthouders als uitbreiding met adviseurs voor de nieuwe taken. Zie hiervoor de toelichting op de personeelskosten / inhuur derden van de financiële begroting. nieuwe

In

taken

en

de

Tegelijkertijd blijven we scherp op onze uitgaven. Waar mogelijk proberen we nu al efficiencyvoordelen te behalen door het ingezette fusieproces met OD Veluwe. Ook blijven we kritisch kijken hoe we onze capaciteit zo optimaal mogelijk kunnen inzetten. Samen met gemeenten kijken we ook hoe kosten voor de omgevingsdienst kunnen worden doorbelast in de leges. Samen met onze gemeenten en andere partners zetten we Achterhoek schoon, gezond, duurzaam en veilig te houden.

(geanonimiseerd) Voorzitter

ons

onvermoeibaar

in

om

de

I.

Ontwikkelingen

PVTH-uitvoeringsbeleid De ODA heeft samen met de Achterhoekse gemeentes een PVTH-uitvoeringsbeleid (PVTH staat voor Preventie , Vergunningverlening , Toezicht en Handhaving) opgesteld. Dit beleid bevat een omgevingsscan per milieuthema met daarin doelen en ambities , mogelijke beschikbare instrumenten en strategieën over hoe en wanneer deze instrumenten ingezet kunnen worden. Dit beleid geeft richting aan de wijze waarop de ODA zijn werk moet uitoefenen. Hierdoor kunnen wij niet alleen duidelijker sturen op onze werkzaamheden maar ook zorgen voor een betere kwaliteit van het werk. Risicoanalyse In bovenstaand PVTH-uitvoeringsbeleid was in eerste instantie ook een vernieuwde , geactualiseerde risicoanalyse meegenomen. Dit betreft een doorontwikkelde risicogerichte aanpak van de VTH-milieutaken binnen de ODA. Hiermee zou de aanpak ook in overeenstemming komen met de uitgangspunten van de Omgevingswet en neemt het ook ontwikkelingen mee zoals energiebesparing , circulaire economie , zeer zorgwekkende stoffen en de Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze risicoanalyse geeft echter ook aan wat de benodigde capaciteit voor de werkzaamheden zou moeten zijn. Gelet op de financiële situatie van de gemeenten en de toekomstige fusie is besloten om de risicoanalyse later mee te nemen in de komende ontwikkelingen samen met de OD Veluwe.

Hierdoor worden niet op voorhand al keuzes op capaciteit gemaakt die mogelijk later teruggedraaid moeten worden. Kanttekening is wel dat we dan terugvallen op de risicoanalyse uit 2017. We lopen daarmee dus enkele jaren behoorlijk achter de feiten aan en nagenoeg alles is complexer geworden in vergelijking met 10 jaar geleden. Daarom is in het PVTH-uitvoeringsbeleid ook aangegeven dat deze geactualiseerde risicoanalyse zo snel mogelijk en in ieder geval voor de formele fusie moet worden vastgesteld. Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor emissies van zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) , zoals PFAS , naar bodem , water en lucht. ZZS vormen een structureel risico voor de leefomgeving. Deze stoffen kunnen het milieu bereiken via meerdere emissieroutes , zoals indirecte lozingen van afvalwater via het rioolstelsel en rwzi's (rioolwaterzuiveringsinstallaties) en emissie naar de lucht. Beide routes dragen , direct of via depositie en doorwerking , bij aan de belasting van het oppervlaktewater en het grondwater. De zorg voor deze emissies is een wettelijke taak van de omgevingsdiensten omdat zij namens bevoegd gezag het milieurecht uitvoeren. Onder de omgevingswet geldt voor ZZS een verzwaarde minimalisatieplicht , ongeacht de emissieroute.

Emissies moeten zoveel mogelijk aan de bron worden voorkomen en , als dat niet mogelijk is , tot het minimaal technisch haalbare niveau worden teruggebracht. Daarbij ligt de bewijslast nadrukkelijk bij de initiatiefnemer. Dit vraagt om een actieve , integrale en specialistische inzet van de ODA op het gebied van zowel vergunningverlening , toezicht en handhaving en advies. Hiervoor is extra capaciteit

nodig. Kaderrichtlijn Water (KRW) De KRW is een Europese richtlijn die op 22 december 2000 van kracht werd. De doelstellingen van de KRW ondersteunen het realiseren en behouden van schoon en gezond oppervlaktewater en grondwater voor drinkwater , zwemmen , varen en een gezonde leefomgeving voor het waterleven. De Europese lidstaten hebben gezamenlijk afgesproken dat uiterlijk in 2027 een goede toestand bereikt moet zijn. In Nederland zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de indirecte lozingen die uiteindelijk ook in het oppervlaktewater en grondwater terechtkomen. De uitvoering van VTH-taken op het gebied van de indirecte lozingen bij bedrijven ligt bij de omgevingsdiensten. Om te voldoen aan de KRW moet nog veel gebeuren , ook ten aanzien van de indirecte lozingen. Dit betekent voor de ODA veel extra werk op zowel vergunningverlening , toezicht en handhaving en advisering. We doen dit in goede samenwerking met het Waterschap Rijn en IJssel.

5

Circulaire economie De rijksoverheid geeft aan dat de Nederlandse economie in 2050 volledig circulair moet zijn. Dat betekent dat producten en grondstoffen opnieuw gebruikt worden en er bijna geen afval meer is. Redenen voor de rijksoverheid om circulair te worden , zijn: -

de wereldwijde vraag naar producten en grondstoffen , waardoor voorraden slinken ; verminderde afhankelijkheid voor grondstoffen van landen buiten Europa ; verbetering economie , klimaat en biodiversiteit omdat minder grondstoffen nodig zijn ; minder (zwerf)afval op straat en in de natuur ; meer banen in b. v. de reparatiesector maar ook in nieuwe innovatieve bedrijven.

De rijksoverheid maakt hiervoor afspraken met bedrijven en andere organisaties om circulair te gaan werken. Zo is op 30 december 2025 het Circulair Materialenplan (CMP) als vervanger van het Landelijk afvalbeheerplan 2017–2029 (LAP 3) inwerking getreden. Dit plan ondersteunt de transitie naar een circulaire economie en fungeert als de schakel tussen beleid en uitvoeringspraktijk door praktische kennis en handvatten aan overheden en bedrijven te bieden. Het helpt bedrijven bij het maken van meer circulaire keuzes en bevoegde gezagen moeten rekening houden met het CMP bij het nemen van besluiten. Overheden zijn dan ook verplicht om de toetsingskaders van het CMP te gebruiken. Dit betekent dat de ODA ook deze toetsingskaders moet implementeren in haar milieutaken wat ook weer meer werk oplevert in b. v. het actualiseren van vergunningen en extra

toezicht en handhaving hierop.

Integraal advies aan de voorkant van ruimtelijke ontwikkeling De Omgevingswet vraagt om een integrale benadering van ruimtelijke ontwikkeling en alle nieuwe bouwinitiatieven , waarbij vroegtijdige afstemming en samenwerking centraal staan. De nadruk verschuift van toetsing achteraf naar het leveren van deskundig en samenhangend advies aan de voorkant van het proces. Dit vraagt om een actieve en zichtbare rol van de ODA in de initiatieffase van plannen. De ODA levert dit door structurele deelname aan omgevingstafels en andere vormen van vooroverleg , onder andere via inzet van gespecialiseerde adviseurs Fysieke Leefomgeving en Milieu. In deze fase wordt integraal advies gegeven op het gebied van milieu , gezondheid , veiligheid , duurzaamheid en uitvoerbaarheid. Hierdoor worden risico’s , randvoorwaarden en afwegingsruimte vroegtijdig inzichtelijk gemaakt voor initiatiefnemers en bevoegde gezagen. Deze werkwijze draagt bij aan kwalitatief betere plannen , meer voorspelbaarheid in besluitvorming en efficiëntere vergunningverlening. Door vroegtijdige signalering en afstemming worden aanpassingen in een later stadium voorkomen , wat leidt tot kortere doorlooptijden en een afname van herstelbesluiten en bezwaar- en beroepsprocedures. Dit komt zowel de bestuurlijke uitvoerbaarheid als het vertrouwen van initiatiefnemers ten goede.

Om deze rol structureel en kwalitatief goed te kunnen vervullen , is voldoende capaciteit en deskundigheid aan de voorkant noodzakelijk. Investeren in integrale advisering is daarmee geen uitbreiding van taken , maar een essentiële voorwaarde voor een doelmatige uitvoering van de Omgevingswet en voor het realiseren van een veilige , gezonde en duurzame leefomgeving. Uitstoot van stikstof (N) Al jaren loopt de stikstofdiscussie in Nederland. Gezien de politieke en maatschappelijke onenigheid zal dit ook niet direct tot duidelijkheid leiden. Wat dit voor de ODA gaat betekenen is nog niet heel concreet. Mogelijk moeten vergunningen geactualiseerd of ingetrokken worden en dat moeten we bij specifieke bronnen extra toezicht houden. Denk daarbij aan grotere veehouderijen of fabrieken met grote stookinstallaties.

Landelijke kennisinfrastructuur In het Interbestuurlijke programma (IBP) is gekeken naar een verbetering in de landelijke kennisinfrastructuur tussen omgevingsdiensten. De oplossing is gezocht in het verdelen van kennis op landelijk niveau , op het niveau van 6 landsdelen en op niveau van de individuele omgevingsdiensten , waarbij er tussen alle niveaus verbindingen tussen kennis en kennishouders zijn. De ODA bevindt zich in het landsdeel Oost wat bestaat uit alle omgevingsdiensten in Gelderland en Overijssel. In het kort gaat het om de volgende structuur. 6

Landelijk Kennisteam van 6 kennisregisseurs op de kennisthema’s bodem en ondergrond , waterkwaliteit , energie , ZZS , circulaire economie , data en informatie en actuele

onderwerpen. Landsdeel Per landsdeel zijn er: 1 van bovenstaande kennisregisseurs die kennis haalt , brengt , deelt en borgt per kennisthema en per landsdeel (is ook de verbinder tussen kennis bij omgevingsdiensten en ODNL) ; 6 kennisvertegenwoordigers die als VTH-expert een landsdeel vertegenwoordigt voor 1 van bovengenoemde kennisthema’s en als contactpersoon fungeert voor de VTH-experts bij de andere omgevingsdiensten binnen het landsdeel. Omgevingsdienst Per omgevingsdienst zijn er: een kennismakelaar die de verbindende schakel is tussen de VTH-experts binnen de eigen omgevingsdienst en tussen de kennisregisseur en andere kennismakelaars binnen het landsdeel ; minimaal 6 VTH-experts voor de bovengenoemde kennisthema’s. Voor de ODA is hiervoor extra capaciteit nodig voor een kennismakelaar en de VTHexperts. Echter dit zorgt voor nog meer kennis en kunde binnen de ODA waardoor het

werk op den duur kwalitatief beter en vaak ook efficiënter wordt.

7

II.

De beleidsbegroting

Het Programmaplan Het programmaplan van de Omgevingsdienst is opgebouwd uit de volgende

programma’s: ➢ ➢ ➢ ➢ ➢

Programma Programma Programma Programma Programma

1 2 3 4 5

Vergunningverlening Toezicht en Handhaving - Advies – Stelseltaken – –

- Projecten

Overzicht van baten en lasten per taakveld x

€ 1. 000 Programmaplan

Taakveld

Programma 1 Vergunningverlening Programma 2 Toezicht en handhaving Programma 3 Advies Programma 4 Stelseltaken

7. 4 Milieubeheer 7. 4 Milieubeheer 7. 4 Milieubeheer 7. 4 Milieubeheer

Programma 5 Projecten Overzichten Fusie Bijdrage partners Fusie Rijksbijdrage

Eigen stelseltaak Kosten Gelders stelsel van Omgevingsdiensten Omgevingsdiensten 7. 4 Milieubeheer

Baten

Begroting 2027 Lasten 2. 346 5. 964 2. 026 0 60 0 210 600 200

0. 4 Overhead ondersteuning Overhead organisatie Algemene dekkingsmiddelen 0. 5 Treausury 0. 8 Algemene baten en lasten Bedrag onvoorzien Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten normale bedrijfsvoering Bijdrage deelnemers in het tekort 2024 Toevoegingen en ontrekkingen aan de reserves Resultaat

1. 983 5. 883 1. 873 0 32 0 500 248 0 600 200

5. 872

5. 876 0 83

17. 278

17. 278 0

17. 278

0 17. 278

De begroting 2027 is gebaseerd op de begroting 2026 en begrotingswijziging 2026. Beleidswijzigingen die consequenties hebben voor de begroting 2027 (en volgende jaren) , worden in de begroting 2027 verwerkt , dan wel via de eerste begrotingswijziging 2027 indien dat nodig is.

Bovenregionale taken Taken die bovenregionaal worden uitgevoerd , maar inrichting gebonden zijn , zijn opgenomen in ons productenboek. Deze lopen dus gewoon mee in de begrote dienstverlening. De programmatische stelseltaken worden afgerekend op uren op basis van een vastgesteld werkplan met een passende verdeelsleutel , afhankelijk van het onderwerp. Indexatie Zowel de loonindex als de prijsindex baseren we op de externe berichtgeving aan de hand van de septembercirculaire. Deze geeft voor 2027 een loonindexatie aan van 51% , en een prijsindexatie aan van 23%. , Mochten bij nader inzien de indexaties toch duidelijk anders uitpakken dan kunnen deze , zo nodig , in de begrotingswijziging 2027 meegenomen worden. Deze (mogelijke) begrotingswijziging is een wijziging die , op basis van artikel 28 lid 10 van de GR , niet voor zienswijze naar de gemeenten en de Provincie hoeft. Mocht op het moment van opstellen van de begroting er een nieuw (meerjarig) cao-akkoord liggen dan zullen we rekenen met de percentages uit het akkoord. Kortom: De loonindex te bepalen op 51% , ; De prijsindex te bepalen op 23%. , 8

Ondersteunende diensten Voor de bestaande ondersteunende diensten zullen de in de begroting 2027 opgenomen bedragen worden geactualiseerd aan de hand van de eind 2026 geldende DVO’s. Weerstandsvermogen/Onvoorzien De relatie tussen weerstandsvermogen en benodigde weerstandscapaciteit is in een verhoudingsnorm weer te geven. In het Algemeen Bestuur van 9 november 2016 is besloten om te streven naar een voldoende weerstandscapaciteit. Volgens de robuustheidscriteria moet de weerstandsratio minimaal ≥08, zijn. Hier voldoet de ODA aan. Procedure Voor de aanbieding en vaststelling van de (ontwerp) begroting geldt de volgende procedure. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting 2027 vóór 30 april 2026 aan de • gemeenteraden en Provinciale Staten. • Gemeenteraden en Provinciale Staten hebben 12 weken om hun zienswijzen over de ontwerpbegroting in te dienen bij het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur verzamelt de zienswijzen en biedt de ontwerpbegroting aan het • algemeen bestuur aan voorzien van de zienswijzen. Het algemeen bestuur stelt de begroting vóór 15 september 2026 vast. • • Onmiddellijk na de vaststelling van de begroting 2027 door het algemeen bestuur zendt het algemeen bestuur deze aan de gemeenteraden en Provinciale Staten. Het dagelijks bestuur zendt de begroting 2027 vóór 15 september 2026 aan de • minister.

9

III.

Programma 1 – Vergunningverlening

1. Wat willen we bereiken? De Omgevingsdienst Achterhoek is verantwoordelijk voor de vergunningverlening aan agrarische- , industriële- en MKB-bedrijven. Daarbij staat een zorgvuldige en tijdige afhandeling , binnen de geldende termijnen , centraal. Vergunningen dienen handhaafbaar en juridisch houdbaar te zijn. Tevens dienen vergunningen bij te dragen aan een veilige ,

schone leefomgeving.

Naast vergunningaanvragen worden meldingen en informatieplichten behandeld. Deze

worden beoordeeld op juistheid en volledigheid. De omvang en planning van de vergunningverlening zijn lastig vooraf te voorspellen , omdat deze sterk afhankelijk zijn van het aantal aanvragen en het moment waarop deze worden ingediend. Dit vraagt om flexibiliteit in de inzet van capaciteit. Bij de behandeling van verzoeken wordt een heldere prioritering gehanteerd: aanvragen worden opgepakt op volgorde van binnenkomst. Vergunningaanvragen hebben daarbij voorrang op ambtshalve wijzigingen. Met deze werkwijze zorgen wij voor transparantie , rechtsgelijkheid en een zo efficiënt mogelijke inzet van middelen , terwijl de kwaliteit van

de vergunningverlening gewaarborgd blijft.

De ontwikkeling van de problematiek rond ZZS , indirecte lozingen en circulaire economie (zie hoofdstuk I Ontwikkelingen) betekent dat de complexiteit voor vergunningverlening toeneemt door: Identificeren en beoordelen van ZZS in processen , grondstoffen en emissies ; Integraal beoordelen van emissieroutes (indirecte lozingen en luchtemissies) ; -

Beoordelen en borgen van vermijdings- en reductieprogramma's (VRP's).

Daarnaast verliezen verleende vergunningen in de praktijk hun actualiteit door externe ontwikkelingen waarop het bevoegd gezag beperkt invloed heeft. Dit betreft onder meer nieuwe jurisprudentie , wijzigingen in wet- en regelgeving en voortschrijdende inzichten in de meest milieuvriendelijke technieken die een bedrijf kan inzetten op basis van Europese regelgeving (zoals BREF-documenten en Best Beschikbare Technieken). Deze ontwikkelingen maken periodieke herbeoordeling en actualisatie van vergunningen noodzakelijk om de juiste bescherming aan de omgeving te blijven bieden. 2. -

-

-

-

-

Wat gaan we daarvoor doen? Vergunningaanvragen integraal beoordelen en actief meedenken in oplossingen , met een zorgvuldige afweging van belangen van de aanvrager , omgeving en

gemeenten/provincie. De beschikbare menskracht en specialistische deskundigheid flexibel en doelmatig inzetten , zodat vergunningen met voldoende kwaliteit , juridisch houdbaar en handhaafbaar tot stand komen , met klantgericht werken als uitgangspunt. Afspraken met opdrachtgevers en ketenpartners uitvoeren en hierover transparant verantwoording afleggen. Investeren in het actueel houden van kennis en expertise van medewerkers , onder andere op het gebied van ZZS , BBT , VRP’s en jurisprudentie. Gerichte prioriteiten stellen en werken met meetbare doelstellingen voor vergunningverlening en – waar noodzakelijk – de actualisatie van bestaande vergunningen , waarbij deze tevens worden omgezet naar mba's.

Beperkingen De afgelopen jaren is duidelijk geworden dat het tijdig afhandelen van vergunningen steeds meer onder druk staat. Dit komt door de toenemende complexiteit van wet- en regelgeving , een tekort aan beschikbare capaciteit en het feit dat de provincie slechts beperkt verklaringen van geen bedenkingen afgeeft in het kader van de Wet natuurbescherming (bij vergunningaanvragen die nog voor de Omgevingswet zijn ingediend). Deze knelpunten spelen ook bij het verlenen van advies en instemming voor Natura 2000-aanvragen onder de Omgevingswet. Daarnaast worden (onder ander bij actualisaties) bestaande vergunningen omgezet naar milieubelastende activiteiten (mba’s). Deze overgang zal naar verwachting aanzienlijke inspanning vergen en de komende jaren veel capaciteit vragen. 10

3.

Wat mag het kosten?

Overzicht baten en lasten Programma 1 Vergunningverlening Begroting 2027 x € 1. 000 Baten

Lasten

Saldo

Programmaplan 2. 346

Programma 1 Vergunningverlening Overzicht

1. 983

362

Algemene dekkingsmiddelen Overhead

0

Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien Saldo van baten en lasten

2. 346

11

19

-19

2. 002

344

IV. 1.

Programma 2 – Toezicht en Handhaving

Wat willen we bereiken?

Toezicht

De ODA houdt toezicht op de naleving van milieuregelgeving. Hiervoor worden milieubelastende activiteiten gecontroleerd aan de hand van omgevingsplannen , een omgevingsvergunning of een melding. Als er voor de betreffende activiteit geen benodigde vergunning is verleend of wanneer er geen benodigde melding is ingediend , wordt erop toegezien dat dit alsnog gebeurt. Maar nog belangrijker: we zien erop toe dat bedrijven de

(landelijke) regels op het gebied van milieu naleven. Naast het toezicht op bedrijven worden in het uitvoeringsprogramma 2027 ook andere aspecten van toezicht meegenomen. Hierbij moet je denken aan bodemtoezicht , toezicht op geluid bij b. v. evenementen , airco’s en warmtepompen , toezicht op asbestsloop en toezicht op aspecten zoals vuurwerk en energiebesparing. Verder blijft ook ondermijning en ketentoezicht de komende jaren een grote rol spelen bij onze werkzaamheden.

Milieuklachten en meldingen De ODA neemt door burgers en/of bedrijven ingediende milieuklachten en meldingen in behandeling en geeft daar een vervolg aan. Het indienen van klachten en meldingen gaat via het meldpunt voor milieuklachten in Gelderland. Dit kan zowel telefonisch als digitaal. Handhaving , bezwaar en beroep De inzet vanuit de ODA is met name gericht op toezicht met daarin het bewustmaken van het naleven van de regelgeving. Maar helaas leidt alleen toezicht niet altijd tot het beoogde resultaat. Dan moeten we de naleving van de regels afdwingen door gebruik te maken van bestuursrechtelijke en/ of strafrechtelijke handhavingsinstrumenten. De afhandeling van de in dit kader ingediende bezwaar- en beroepschriften wordt ook door de ODA verzorgd. 2.

Wat gaan we daarvoor doen?

Preventie Met de komst van ons PVTH-uitvoeringsbeleid hebben we vastgelegd om waar mogelijk nog meer preventie als instrument toe te passen. Hierbij kun je denken aan: - voorlichting ; - publicaties ; - gerichte communicatie ; - bibob-toets (mits de gemeenten akkoord zijn met het gebruik van deze toets) ; - zelftoetsing door het bedrijf met behulp van een door de ODA gestuurde vragenlijst. Risico- , effect en naleefgericht toezicht op bedrijven We werken met een risico & effectgerichte benadering , gebaseerd op steeds meer beschikbare informatie vooraf. Zo is er een prioriteringslijst gemaakt van de eerst te bezoeken bedrijven op basis van milieurelevantie , naleefgedrag en wanneer de laatste reguliere controle is uitgevoerd. Verder werken we zoals ook aangegeven in ons PVTH-uitvoeringsbeleid met verschillende manieren van toezicht , zoals: - cyclisch door traditionele reguliere controles ; - branchegericht op basis van een thema of een doel ; - vrije veld (gebiedsgericht) ; - administratief vanuit aangeleverde gegevens zoals onderzoeksrapporten en/of certificaten ; - vraag gestuurd vanuit een vraag , (handhavings)verzoek of een melding. Complexe en aandachtsbedrijven Binnen het Gelders stelsel wordt toezicht op de gemeentelijke complexe bedrijven uitgevoerd onder een gezamenlijk Gelders programma.

Dit om meer uniformiteit en kennisverdeling- en uitbreiding te creëren op het gebied van dit soort bedrijven.

12

Verder hebben we binnen de ODA meerdere aandachtsbedrijven. Dit betreft bedrijven die extra aandacht nodig hebben en daardoor vaak ook veel tijd kosten. Elk jaar vallen er bedrijven af , maar er komen ook wat bij. Er zijn 4 verschillende categorieën , aandachtsbedrijven met: een hoog risicoprofiel ; een slecht naleefgedrag ; veel klachten uit de omgeving ; gevaar voor ondermijning/ milieucriminaliteit. Bedrijven kunnen soms ook in meerdere categorieën vallen. Niet geplande werkzaamheden Deze werkzaamheden ontstaan als gevolg van wensen van onze partners op dat moment , landelijke , regionale en lokale ontwikkelingen (zie ook hoofdstuk 1) , klachten en/of onvoorziene voorvallen/ incidenten. Ons uitvoeringsprogramma is daarom flexibel opgesteld , waardoor waar nodig ook verschuivingen van werkzaamheden binnen de ODA plaats kunnen vinden. Daarbij wordt altijd gekeken of deze verschuivingen geen risico’s voor het uitvoeren van de reguliere taken met zich meebrengen. We merken de laatste jaren echter dat deze niet geplande en vaak wel verplichte werkzaamheden steeds meer toenemen en dat hierdoor of de reguliere taken niet allemaal gedaan kunnen worden (en er dus achterstanden ontstaan) of dat er grote budgetoverschrijdingen op het gebied van toezicht en handhaving zijn.

Daarom is een capaciteitsuitbreiding voor toezicht en handhaving in 2027 benodigd om alle werkzaamheden goed uit te kunnen blijven voeren. Ondersteuning bij het voorkomen en bestrijden van ondermijning Ook in 2027 zal er weer aandacht worden besteed aan ondermijning. Ondermijning is de vermenging van de onderwereld met de bovenwereld. In de Achterhoek hebben wij er helaas ook regelmatig mee te maken. Denk daarbij aan de drugslabs en hennepkwekerijen die zijn aangetroffen en waar lozingen of dumpingen van (gevaarlijke) afvalstoffen op bodems , in mestkelders , etc. hebben plaatsgevonden. Daar wordt o. a. de expertise van de ODA met betrekking tot handhaving en het veiligstellen van de omgeving in de praktijk gebracht. De ODA helpt verder door de ogen en oren te zijn voor het signaleren van dit soort zaken en het meegaan met de politie en gemeentes naar verdachte situaties en bedrijven. Handhaving Als ODA opereren we , zoals ook aangegeven in ons PVTH-uitvoeringsbeleid , binnen de kaders van het Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingswet (LHSO). Op basis hiervan wordt bepaald welke vorm van handhaving passend is.

De volgende vormen van handhaving zijn mogelijk: waarschuwen , zowel mondeling als schriftelijk ; last onder dwangsom , waarbij een bedrag betaald moet worden als de overtreding niet of niet op tijd is hersteld ; last onder bestuursdwang , waarbij de ODA het (gedeeltelijk) herstellen van de overtreding regelt en de kosten verhaald worden op de overtreder als de overtreding niet of niet op tijd is hersteld ; intrekkingen van eerder genomen besluiten of gedane uitspraken ; bestuurlijke boete (bestuursrechtelijk) ; proces-verbaal (strafrechtelijk) ; gedogen (het initiatief en de besluitvorming hiertoe ligt bij de gemeente).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=6f272243-7716-4466-9f82-1ee283d98bcf