Bijlage 1 toelichting
Tekst van het document
8.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
8.2.1 Vooroverleg Het TAM-omgevingsplan is naar alle relevante vooroverlegpartners gestuurd. De provincie Gelderland heeft op het TAM-omgevingsplan gereageerd met een adviesbrief. Naar aanleiding van deze adviesbrief heeft een overleg plaatsgevonden tussen gemeente, initiatiefnemer en provincie. Dit overleg vond plaats op 27 oktober 2025. Hieronder worden kort de conclusies van dit overleg besproken. Tijdens het overleg van 27 oktober 2025 zijn de uitgangspunten voor de landschappelijke inpassing en de toelichting bij het plan gezamenlijk besproken. De gemeente gaf aan dat het plan te vroeg is ingediend zonder te wachten op het advies van de provincie en heeft daarvoor haar excuses aangeboden. Vanuit de provincie werd aangegeven dat het advies uit de adviesbrief te scherp was ingestoken, met name waar werd gesteld dat de kernkwaliteiten van het landschap zouden worden geschaad. Dat beeld blijkt eigenlijk niet juist te zijn. De provincie benadrukte dat het plan in de kern juist goed en aantrekkelijk is, mits de toelichting en kaarten op enkele punten worden verduidelijkt en aangepast. De volgende punten zijn aangepast in Bijlage 1 en/of onderhavige toelichting: In paragraaf 3.1 is explicieter ingegaan op de kernkwaliteiten van het landschap en hoe deze met het plan worden gerespecteerd en versterkt.
Het essenlandschap vormt daarbij het uitgangspunt; De poel zal verdwijnen, maar blijft wel een laagte zodat het de wadi-functie kan behouden, en dat deze wadi-functie beter tot uitdrukking komt. De voorgestelde wilgen worden vervangen door meer passende, inheemse boomsoorten die beter aansluiten bij het essenlandschap. De grondwal blijft behouden op de ingetekende locatie. Het laatste stukje houtwal wordt iets uitgedund om de gewenste openheid te creëren, zodat op de es zelf minder dichte planting wordt aangebracht. Daarmee ontstaat letterlijk en visueel meer openheid in het gebied; De stijlrand van de es stijlrand wordt waar mogelijk iets teruggebracht in glooiing en zal duidelijker tot uiting komen in de landschappelijke inpassing.
TAM-omgevingsplan Lichtenvoordsestraatweg 69
NL.IMRO.0197.TAM20240003-VG01
vastgesteld
57
In de toelichting van zowel het stedenbouwkundige boekje als de ruimtelijke motivering zal worden benoemd dat huidige (bedrijfs)woning van de initiatiefnemer de hoofdwoning is en blijft, met de voorzijde gericht naar de weg en de erven aan de achterzijde. De nieuwe woningen worden dan ook allen uitgevoerd als ‘schuurwoningen'; GO-versterkingstabel geactualiseerd met de meest recente informatie, inclusief een toelichting op de effecten van het verdwijnen van het agrarische bouwperceel; Het advies van de provincie wordt integraal opgenomen in bij het onderdeel vooroverleg van de ruimtelijke motivering, waarbij expliciet wordt teruggekomen op de eerdere te scherpe formulering over aantasting van kernkwaliteiten. Naar aanleiding van bovenstaande afspraken heeft de provincie ervoor gekozen om een positieve zienswijze in te dienen. In paragraaf 8.2.3 wordt hier verder op ingegaan. 8.2.2 Participatie In paragraaf 4.1 is opgenomen op welke wijze burgers en maatschappelijke belangenorganisaties bij de voorbereiding van het omgevingsplan zijn betrokken. 8.2.3 Zienswijzen Het ontwerp van dit wijzigingsbesluit is op grond van artikel 3:11 van Algemene wet bestuursrecht gedurende zes weken voor iedereen ter inzage gelegd en het is tegelijkertijd elektronisch beschikbaar gesteld via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB).
Voorafgaand is hiervan mededeling gedaan in het Gemeenteblad. Gedurende deze periode kon eenieder een zienswijze over het ontwerpbesluit bij de gemeenteraad naar voren brengen. Het ontwerp 'TAM-omgevingsplan Lichtenvoordsestraatweg 69' heeft vanaf 25 september 2025 gedurende zes weken voor eenieder ter inzage gelegen. Ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan is binnen de daarvoor gestelde termijn één zienswijze naar voren gebracht. Dit betreft een positieve zienswijze van de provincie Gelderland. De zienswijze is bijgevoegd als Bijlage 13. Er is geen aparte zienswijzennota opgesteld, gezien de wijzigingen naar aanleiding van de zienswijze in samenspraak met de indiener van de zienswijze zijn opgesteld. Zie voor de wijzigingen paragraaf 8.2.1. Hiermee is de zienswijze voldoende beantwoord.
TAM-omgevingsplan Lichtenvoordsestraatweg 69
NL.IMRO.0197.TAM20240003-VG01
vastgesteld
58
Hoofdstuk 9 9.1
Juridische uitvoerbaarheid
Algemeen
In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op de bestaande situatie, het relevante beleid en de relevante milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het opstellen van dit TAM-IMRO Omgevingsplan, bestaande uit een plankaart (verbeelding) en regels. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de opzet van dit TAM-IMRO omgevingsplan. Met het TAM-Omgevingsplan woongebied Barlo wordt de herstructurering van het plangebied mogelijk gemaakt. Deze wijziging op het tijdelijk deel van het 'Omgevingsplan gemeente Aalten' is technisch opgesteld conform het InformatieModel Ruimtelijke Ordening (IMRO) op basis van de voormalige Wet ruimtelijke ordening (Wro), maar inhoudelijk uitgewerkt op basis van de vereisten volgens de Omgevingswet. Omgevingsplan Op 1 januari 2024 is het 'Omgevingsplan gemeente Aalten' van rechtswege ontstaan. Dit omgevingsplan bestaat uit alle ruimtelijke plannen, waaronder bestemmingsplannen en wijzigingsplannen, en uit de Bruidsschat die de gemeente van het Rijk heeft ontvangen. In deze Bruidsschat zitten onder meer regels voor milieubelastende activiteiten en bouwactiviteiten. Gemeenten krijgen tot 1 januari 2032 de tijd om het omgevingsplan van rechtswege en andere regels over de fysieke leefomgeving om te zetten naar een nieuw omgevingsplan.
Op grond van artikel 2.4 en 22.6 van de Omgevingswet kan de gemeenteraad het omgevingsplan van rechtswege (laten) wijzigen. Toepassing TAM-IMRO De Omgevingswet integreert wetgeving en regels voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ondersteunt bij de uitvoering van de Omgevingswet. Het bestaat uit lokale systemen van overheden en de landelijke voorziening (DSO-LV), zoals Regels op de kaart en het Omgevingsloket. Er zijn tijdelijke alternatieve maatregelen (TAMs) ontwikkeld voor organisaties die nog geen gebruik kunnen maken van lokale of landelijke onderdelen van het DSO. Een van deze TAMs is TAM-IMRO. Bij TAM-IMRO wordt het omgevingsplan gewijzigd via de – onder de Wro gebruikte – IMRO-standaard en de voorziening ruimtelijkeplannen.nl. Het gebruik van TAM-IMRO is toegestaan tot en met 31 december 2025. Als het ontwerp van een TAM-omgevingsplan uiterlijk 31 december 2025 ter inzage is gelegd, mag het ook na 1 januari 2025 worden afgemaakt met TAM-IMRO. Werkingsgebied De regels in dit TAM-omgevingsplan zijn van toepassing op het werkingsgebied, waarvan de geometrisch bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0197.TAM20240003-VG01, zoals vastgelegd op https://www.ruimtelijkeplannen.nl. In paragraaf 1.2 van deze motivering is een globale begrenzing van het werkingsgebied c.q. plangebied opgenomen.
9.2
Toedelen van functies aan locaties
9.2.1 Inleidende regels Hoofdstuk 1 bevat bepalingen die gelden voor het gehele plangebied en bestaat uit: Artikel 1 Toepassingsbereik: In dit artikel is opgenomen dat het TAM-omgevingsplan gelezen moet worden als hoofdstuk in het 'Omgevingsplan gemeente Aalten' en de artikelen TAM-omgevingsplan Lichtenvoordsestraatweg 69
NL.IMRO.0197.TAM20240003-VG01
vastgesteld
59
als paragrafen van dat hoofdstuk. Dit om onduidelijkheden met het omgevingsplan van rechtswege te voorkomen. Het artikel geeft aan voor welk werkingsgebied de regels van toepassing zijn. Tevens wordt aangegeven dat specifieke artikelen uit de Omgevingswet en het omgevingsplan van rechtswege niet van toepassing zijn, indien strijdigheid bestaat met de regels uit het TAM- omgevingsplan. Artikel 2 Begrippen: In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen, voor een eenduidige interpretatie van deze begrippen. Artikel 3 Wijze van meten: Dit artikel geeft onder meer bepalingen waar mag worden gebouwd en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. 9.2.2 Specifieke regels over functies In Hoofdstuk 2 is opgenomen welke functies binnen het plangebied zijn toegestaan. Per toegestane functie is aangegeven waar en hoe bouwen ten behoeve van de functie is toegestaan. In dit TAM-omgevingsplan zijn de functies 'Agrarisch met waarden', 'Groen', 'Natuur', 'Tuin - Gaarde', 'Verkeer - Verblijfsgebied' en 'Wonen' opgenomen. Navolgend worden de regels die zijn opgenomen voor deze functies nader toegelicht. Agrarisch met waarden (Artikel 4) Alle gebieden met (landschaps- en natuur) waarden die in agrarisch gebruik zijn, zijn aangewezen als 'Agrarisch met waarden'.
Het betreft hier de gebieden in agrarisch gebruik, maar waarbij de bescherming van waarden, zoals openheid, hoogteverschillen, houtsingels, onverharde paden, belangrijk is. Ter plaatse van het projectgebied geldt de waarde 'hoogteverschillen'. Aan deze gronden zijn de functies agrarisch grondgebruik, kleinschalige landschapselementen, hoogteverschillen, watergangen ten behoeve van de waterhuishouding, extensieve (dag)recreatie, bestaande bouwwerken, geen gebouwen zijnde en het hobbymatig beweiden van de gronden toegekend. Binnen deze locaties zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. De maatvoeringseisen van deze bouwwerken zijn opgenomen in de regels onder het artikel 'bouwactiviteiten'. Groen (Artikel 5) De gronden die zijn beoogd als groenvoorziening zijn aangewezen als 'Groen'. Aan deze gronden zijn de functies groenvoorzieningen en bermen, voet- en fietspaden, speelvoorzieningen en voorzieningen voor de waterhuishouding toegekend. Binnen deze locaties zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. De maatvoeringseisen van deze bouwwerken zijn opgenomen in de regels onder het artikel 'bouwactiviteiten'. Natuur (Artikel 6) De gronden die zijn beoogd als natuur zijn aangewezen als 'Natuur'. Aan deze gronden zijn de functies natuur- en landschapswaarden en water en waterhuishoudkundige voorzieningen toegekend.
Binnen deze locatie mogen geen gebouwen en bouwwerken worden gebouwd. Tevens is het verboden om zonder omgevingsvergunning bepaalde werken, geen gebouwen zijnde en werkzaamheden uit te voeren. Tuin - Gaarde (Artikel 7) De gronden die zijn beoogd ter bescherming en handhaving van (moes-)tuinen, huisweiden, boomgaarden en dergelijke in de kern zijn aangewezen als 'Tuin - Gaarde'. Deze tuinen en
TAM-omgevingsplan Lichtenvoordsestraatweg 69
NL.IMRO.0197.TAM20240003-VG01
vastgesteld
60
weitjes hebben een semi-agrarische functie en geven de kern een open en groen karakter. Gezien de gronden met deze toekomstige functie worden verkocht aan de aanliggende woningen in de kern Barlo, is gekozen om aan te sluiten bij deze functie, waarbij de aanliggende gronden reeds deze functie hebben. Verkeer - Verblijfsgebied (Artikel 8) De locaties waar de weg wordt gerealiseerd of parkeervoorzieningen zijn voorzien zijn aangewezen als Verkeer - Verblijfsgebied'. Aan deze gronden zijn de functies wegen met een ondergeschikte verkeersfunctie, voet- en fietspaden, bermen, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, speelvoorzieningen, voorzieningen voor de waterhuishouding en beeldhouwwerken en daarmee gelijk te stellen kunstzinnige elementen. Binnen deze locaties zijn gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. De maatvoeringseisen van deze bouwwerken zijn opgenomen in de regels onder het artikel 'bouwactiviteiten'. Wonen (Artikel 9) De locaties van de nieuwe woningen (met bijbehorende tuinen en achterpaden) zijn aangewezen als 'Wonen'. Voor deze gronden gelden de functies wonen aan huis verbonden beroepen, gebouwen, bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tuinen en erven, parkeer-, speel- en groenvoorzieningen, water en voorzieningen voor de waterhuishouding, straatmeubilair en nutsvoorzieningen.
De functies aan huis verbonden bedrijf, bed en breakfast en/of bijzondere woonvorm zijn daarnaast, onder voorwaarden, na verlening van een omgevingsvergunning toegestaan. Op de verbeelding zijn bouwvlakken opgenomen. Woningen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd. Per bouwvlak is aangegeven welke bouwvorm (twee-aaneengebouwd of aaneengebouwd) is toegestaan en hoeveel woningen zijn toegestaan. Ook is de maximale goot- en bouwhoogte aangegeven. Naast de woningen mogen tevens, onder voorwaarden, bijbehorende bouwwerken (bijvoorbeeld bijgebouwen) en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd. De maatvoeringseisen van deze bouwwerken zijn opgenomen in de regels onder het artikel 'bouwactiviteiten'. Op enkele locaties is afgeweken van de standaardafstand van 3 meter tussen bebouwing en de zijdelingse perceelsgrens. Deze keuze is gemotiveerd vanuit meerdere ruimtelijke overwegingen. Ten eerste is bewust gekozen voor een compacte erfstructuur, waarbij de bebouwing rondom het gezamenlijke erf een samenhangende, semi-gesloten ruimtelijke eenheid vormt. Om dit te realiseren, is het noodzakelijk dat de bebouwing met de voorgevel direct aan het erf is gepositioneerd. De percelen zijn hier geclusterd, waardoor de bebouwing dichter op elkaar staat dan gebruikelijk.
Daarnaast is er op strategische plekken langs de zijdelingse perceelsgrenzen die grenzen aan de openbare ruimte (zichtlocaties) gekozen voor een situering van de bouwvlakken direct op de perceelsgrens. Dit is bedoeld om vanuit het aanzicht bij binnenkomst op het erf de uitstraling van een kop- of zijgevel met een groene inrichting (zoals natuur of boomgaard) te waarborgen. Hiermee wordt voorkomen dat er zicht ontstaat op erfafscheidingen of particuliere tuininrichtingen die een rommelig straatbeeld kunnen opleveren. Wat betreft de ontsluiting van de percelen: de rijwoningen beschikken over een eigen achterpad, bereikbaar via de parkeervoorzieningen in de boomgaardzones. Voor de overige woningen is het perceel via de zijtuin toegankelijk. Ook op de locaties waar de standaardafstand van 3 meter niet wordt gehaald, blijft voldoende functionele ruimte beschikbaar voor bereikbaarheid en gebruik. De in artikel 9.6 opgenomen bepaling onder b. borgt dat het beeldkwaliteitsplan, zoals TAM-omgevingsplan Lichtenvoordsestraatweg 69
NL.IMRO.0197.TAM20240003-VG01
vastgesteld
61
opgenomen in bijlage 1 van de regels, ook na realisatie wordt gerespecteerd. Deze bepaling is bedoeld om te waarborgen dat de hoofdopzet, architectonische kwaliteit en materiaalkeuze van de bebouwing in overeenstemming blijven met het vastgestelde beeldkwaliteitsplan. De verplichting heeft geen betrekking op vergunningvrije bouwwerken als bedoeld in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Evenmin is beoogd dat een eventuele afwijking van de beeldkwaliteitseisen leidt tot het beëindigen van het gebruik van de woning. De bepaling is uitsluitend bedoeld als stimulans en toetsingskader bij wijzigingen waarvoor een omgevingsvergunning vereist is, zodat ook in de toekomst de beoogde ruimtelijke en architectonische kwaliteit wordt gewaarborgd. Tot slot zijn de bouwvlakken ruimer ingetekend dan de daadwerkelijke woningbouw waarschijnlijk vereist. Hierdoor behouden toekomstige bewoners de mogelijkheid om alsnog meer afstand tot de zijdelingse perceelsgrens te creëren, indien zij daartoe wensen over te gaan. Gezien bovenstaande redenen is de standaard regel omtrent zijdelingse perceelsgrenzen niet opgenomen in onderhavig plan. 9.2.3 Algemene regels over functies Hoofdstuk 3 bevat de algemene bepalingen. Deze bepalingen gelden voor het gehele plangebied en zijn van algemene aard. Deze worden daarom niet nader toegelicht in deze paragraaf.
9.2.4 Algemene regels ter bescherming van waarden en objecten Een locatie die is aangewezen als 'Groene ontwikkelingszone' heeft mede als functie de bescherming en ontwikkeling van landschappelijke en ecologische waarden. 9.2.5 Overgangsrecht In Hoofdstuk 5 staan de overgangsregels. In Artikel 17 is het overgangsrecht beschreven. Hierin wordt aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met het omgevingsplan.
TAM-omgevingsplan Lichtenvoordsestraatweg 69
NL.IMRO.0197.TAM20240003-VG01
vastgesteld
62