agpunt 6_2 Energieonderzoek_Teubenweg_1_De_Heurne_pdf.pdf
Tekst van het document
…….. Boerderij Teubenweg 1 De Heurne
Colofon Opdrachtgever: Gemeente Aalten Gemeente Oost Gelre Gemeente Winterswijk In samenwerking met Provincie Gelderland Uitvoerende organisaties: Dijkoraad Gelders Genootschap Februari 2021
2
Voorwoord Onze monumenten vertegenwoordigen het verhaal van onze plaats en streek. Het verhaal waar we vandaan komen, onze identiteit. Als eigenaar heeft u de bijzondere taak om voor dit erfgoed te zorgen. Een pittige opgave waar we u graag bij helpen. Want hoe zorgt u er nu voor dat dit bijzondere erfgoed toekomstbestendig blijft (zoals betaalbaar met voldoende comfort)? Er is veel onduidelijkheid over energiebesparende maatregelen bij monumenten; welke ingrepen mogen wel en welke zijn juist niet wenselijk? En welke maatregelen veroorzaken juist schade en schimmels bij het monument? Energiebesparende maatregelen in een monument vragen om zorgvuldigheid en maatwerk.
“Met deze scan kunt u een goede afweging maken tussen de te nemen maatregelen en het behoud van de cultuurhistorische waarden” Verduurzaming is mogelijk, mits de maatregelen aansluiten bij het monument. Om die reden willen we u als eigenaar goed informeren. Wij als gemeenten Aalten Oost Gelre, Winterswijk en provincie Gelderland willen u de benodigde kennis aanbieden. Deze Energiescan Monumenten vormt een goed startpunt om uw pand op de juiste wijze te verduurzamen. Met deze scan kunt u een goede afweging maken tussen de te nemen maatregelen en het behoud van de cultuurhistorische waarden. We hopen u met dit rapport de kennis aan te bieden, waarmee u een toekomstbestendig monument kunt behouden voor onze volgende generaties.
T.M.M. (Ted) Kok Wethouder Gemeente Aalten
3
Inhoudsopgave Deel 1 •
Inleiding
•
Wie zijn wij
•
Werkwijze en leeswijzer
•
Wat maakt een monument een monument?
•
Voor u begint
•
Over energiebesparing en duurzaamheid
•
Stappenplan
Deel 2 •
Gegevens van u en uw monument
•
Uw pand in beeld
•
Hoe is uw situatie
•
Uw energieverbruik
•
Warmte in beeld
•
Monumentale waarden in beeld
•
Uw monument verantwoord verduurzamen
Deel 3 •
Energieprestatie huidige situatie
•
Energie verbeteradvies
•
Conclusies en aanbevelingen
Bijlagen •
Gegevens constructies en installaties
•
Informatie financiering
•
Informatie over ingrepen en voorzieningen
4
1 5
Inleiding Door hun hoge leeftijd zijn historische gebouwen duurzaam. Ze scoren isolatie-technisch vaak niet zo hoog als nieuwbouw, maar door de lange technische levensduur van de bouwmaterialen wordt een eventuele milieubelasting verdeeld over een lange periode. Door functieveranderingen en verhoogde comforteisen zijn er vaak, op energie-technisch gebied, aanpassingen gewenst of zelfs noodzakelijk om een monumentaal pand ook in de toekomst te kunnen gebruiken. Bij een modern pand zijn er legio mogelijkheden om probleemloos isolerende maatregelen aan te brengen. Bij een monument zijn deze mogelijkheden veelal beperkt door de historische waarden en de bouwfysische risico’s. Elke ingreep vereist een zorgvuldige afweging waarbij het behoud van de monumentale waarden voorop staan.
“U krijgt inzicht in de monumentale waarden en uw energieverbruik” Door deze rapportage krijgt u antwoord op de vraag welke energiebesparende en comfortverhogende maatregelen mogelijk zijn binnen uw pand, met behoud van de monumentale waarden. Wat de maatregelen kosten en wat ze opbrengen, afgestemd op uw situatie, uw comfortwensen en uw budget. Daarnaast wordt uw huidige energielabel berekend en welk label haalbaar is na verbetering van uw monument. Bij de voorgestelde ingrepen is rekening gehouden met de milieulast van de geadviseerde materialen. Wij streven naar duurzame restauraties met zo min mogelijk milieulasten in het gehele proces.
6
Wie zijn wij Voor het uitvoeren van energieonderzoeken bij erfgoed is een brede expertise nodig, kennis van bouwfysica, duurzame installaties en natuurlijk de monumentale waarden en architectuurgeschiedenis. Hiervoor werken Dijkoraad en het Gelders Genootschap samen. Door deze brede kennis zijn wij in staat alle aspecten mee te laten wegen voor het opstellen van een goed energieadvies voor erfgoed. Wij stellen ons graag aan u voor:
Dijkoraad bestaat uit adviseurs met meer
De Vereniging Gelders Genootschap bestaat
dan alleen kennis van monumenten en
in 2019 honderd jaar. Een indrukwekkend feit
energie.
dat staat voor continuïteit en historie. Al die
Het monumentenbloed stroomt door onze
jaren luidt onze missie onveranderd:
aderen, maar ook de verantwoordelijkheid
'bevordering en instandhouding van de
voor onze wereld. Met passie en ambitie
schoonheid van stad en land'. De manier
creëren wij verantwoorde en toekomst-
waarop we onze missie invullen is veranderd
gerichte oplossingen voor erfgoed.
in de tijd. Wij staan voor integrale kwaliteitsborging van de publieke ruimte en het
Of het nu gaat om onderhoud,
erfgoed. Goede omgevingskwaliteit ont-
verduurzaming of verbetering, wij nemen u
wikkelt zich in de tijd en in dialoog tussen de
graag mee in de kansen en mogelijkheden
betrokkenen.
die uw monument te bieden heeft. Onze toegevoegde waarde bij 'het samen Onze visie is niet alleen “in ere herstellen”
maken van kwaliteit' bestaat uit onze
maar ook “behouden voor morgen”.
vakkennis, onze lokale betrokkenheid, onze
Samen met u verzorgen wij graag gehele
aandacht voor de bestaande en nieuwe
traject vanaf de planvorming tot en met de
kwaliteit en onze vaardigheden om mensen
oplevering en nazorg van uw restauratie en
te kunnen inspireren. Belangrijke
verduurzaming.
kernwaarden voor ons profiel zijn: schoonheid, maatschappelijk betrokken, onafhankelijk en deskundig.
7
Werkwijze en leeswijzer Vooraf aan de opname van uw monument is u gevraagd om een vragenlijst in te vullen. In deze lijst hebben wij u vragen gesteld over uw energiegebruik, uw ambities en uw huidige situatie. Al deze gegevens worden geanalyseerd en meegewogen in het onderzoek. Misschien heeft de vragenlijst u ook wel bewust gemaakt van uw verbruik. De monumentale waarden worden als basis genomen voor de mogelijke ingrepen. De monumentale waarden van de schil en van diverse constructieonderdelen zijn door onze bouwhistoricus beoordeeld op gaafheid, ouderdom en originaliteit. Deze uitkomsten bepalen de mogelijkheden van energiebesparende maatregelen. Onze energieadviseur heeft de tekeningen bestudeerd, de isolatiewaarden van de buitenschil bepaald, oppervlakten ingemeten en installaties beoordeeld. Met al deze gegevens kan de huidige energiezuinigheid van de woning worden bepaald. Deze wordt uitgedrukt in een getal, de zogenaamde energie-index. Bij dit getal is de letter van het bijbehorende label te plaatsen.
“De monumentale waarden worden als basis genomen voor de mogelijke ingrepen” Aan de hand van uw wensen en uw verbruiksgegevens worden de mogelijkheden doorberekend. .
Hieruit volgen een aantal maatregelpakketten. Het is mogelijk dat er geen realistische gebruiksgegevens voor handen zijn. Misschien woont u net in de woning of is uw gezinssituatie dermate veranderd. In dat geval wordt het verbruik berekend aan de hand van landelijke gemiddelden. Deze geven een redelijk goed beeld maar kunnen wel tot afwijkingen leiden in de berekening.
8
Bij het in beeld brengen van de kosten en opbrengsten van de besparingen, wordt enerzijds de besparing van energie en anderzijds de investeringskosten in beeld gebracht. De investeringskosten zijn begroot aan de hand van kostenkengetallen. Door marktwerking of verschil van inzicht kunnen de werkelijke kosten afwijken van de begrootte kosten. Uiteraard kunnen wij u adviseren bij het maken van de keuzes. Het uitvoeren van het onderzoek ter plaatse gebeurt op non-destructieve wijze. Dit betekent dat wij niets demonteren of beschadigen voor ons onderzoek. Hierdoor moeten wij soms inschattingen maken van de huidige isolatiewaarden of afgaan op door derden verstrekte informatie. Bij leegstand of actuele restauraties kan het zijn dat er bouwdelen ontbreken, zoals een raam of een deur. Om toch een reële berekening op te stellen, gaan wij in deze gevallen uit van een invulling van de meest voor de hand liggende oorspronkelijke situatie. Bij het ontbreken van een verwarmingsinstallatie houden we een hout/olie/gas kachel aan. Voor de warmwatervoorziening houden wij een gasgestookte geiser aan. Zonder installatie zou er immers geen energieverbruik zijn en kunnen besparingen niet doorberekend worden.
9
Leeswijzer Het onderzoek bestaat uit drie delen. In het eerste deel geven wij u uitleg over het onderzoek en het doel, ook krijgt u duidelijkheid over duurzaamheid, monumentale waarden en vervolgstappen. Wij omschrijven uw monument, geven inzicht in uw energieverbruik in vergelijking met landelijke gemiddelden en laten u zien waar warmtelekken in uw monument aanwezig zijn. Het tweede deel gaat over de monumentale waarden van uw gebouw. Dit is de basis voor het gehele onderzoek. Wij brengen in beeld waar hoge monumentale waarden aanwezig zijn en waar meer ruimte voor ingrepen is. In het derde deel beschrijven wij het energieonderzoek. Wij brengen gedetailleerd in beeld hoe uw woning geïsoleerd is en welke installaties aanwezig zijn. Met al deze gegevens kunnen wij de energieprestatie berekenen. Hieruit volgt de energie-index en het bijpassende energielabel. Vervolgens wordt het energie-advies behandeld. Met behulp van verschillende maatregelpakketten krijgt u inzicht in de mogelijke energiebesparingen, comfortverbeteringen, kosten, baten en terugverdientijden. Tenslotte worden de conclusies en aanbevelingen voor energiebesparing gepresenteerd. In de bijlagen geven wij meer informatie over isoleren, installaties, gebruik en financiering.
10
Wat maakt een monument een monument? Iedereen heeft wel een speciale binding met de streek waar hij of zij is opgegroeid, het huis waarin gewoond of de plaats waar gewerkt wordt. In de beleving en waardering van onze leefomgeving spelen monumenten vaak een grote rol. Soms zijn gebouwen of gebieden zo bijzonder dat de overheid ze een status toekent. De minister kan objecten en structuren aanwijzen als rijksmonument. Het gaat dan om objecten en structuren die van landelijk belang zijn wegens hun schoonheid, hun betekenis voor de wetenschap of hun cultuurhistorische waarde. Het bestuur van uw gemeente kan daarnaast objecten en structuren die op lokaal of regionaal niveau van belang zijn aanwijzen als gemeentelijk monument. Een traditionele hallehuisboerderij, een kerk uit de wederopbouwperiode, een 19de-eeuws treinstation of een koopmanswoning uit de achttiende eeuw: ieder monument vertelt zijn eigen verhaal, heeft zijn eigen (bouw)geschiedenis en bijzondere kenmerken en zijn eigen plek in de historisch gegroeide omgeving.
“Het bijzondere van monumenten wordt in hoge mate bepaald door de zichtbare ouderdom en de manier waarop ze worden ervaren” De opbouw en indeling van een monument is veelal te herleiden tot de oorspronkelijke functie en is afleesbaar in zowel het exterieur als het interieur. In die structurele ‘logica’ van het gebouwtype schuilt een belangrijk deel van de waarde van het monument. Zo heeft een traditionele stadswoning de voorgevel aan de straatzijde. Dat is de belangrijkste gevel, met een voordeur en vaak grote ramen. Daaraan werd dan ook vanouds de meeste aandacht en het meeste geld besteed. De gevels waarachter opslagruimte of een werkplaats was, hadden een veel meer sober en gesloten uiterlijk. De interne structuur van een monument vertelt ons veel over het gebruik. In een boerderij hadden de verschillende aspecten van het agrarische leven een eigen plek. In het voorhuis werd gewoond, en in het achterhuis werd het vee gehouden en het hooi opgeslagen. Interieuronderdelen als een bedstee of een schouw bevinden zich dus in het voorhuis van een boerderij en niet in het achterhuis.
11
De toegepaste bouwstijl vormt eveneens een belangrijk onderdeel van het karakter en de uitstraling van het monument. En daarmee van de waarde van het monument. Verschillende stijlen zoals gotiek, Hollands classicisme, Jugendstil of Het Nieuwe Bouwen plaatsen een monument in de tijd en zijn vaak nauw verweven met de functie. Een bouwstijl is herkenbaar in het ontwerp van de hoofdvorm, de plattegrond, de indeling van de gevels, de gebruikte materialen, de toegepaste afwerkingen, details en decoraties. Het bijzondere van monumenten wordt in hoge mate bepaald door de zichtbare ouderdom en de manier waarop ze worden ervaren. Die komt niet alleen tot uitdrukking in bijvoorbeeld de verschijningsvorm en de bouwstijl, maar ook in de manier waarop materialen zijn verwerkt en de wijze waarop ze verouderen. Behoud van historisch bouwmateriaal is dan ook een belangrijk punt. Een ander essentieel aspect is de wijze waarop onze monumenten zijn gebouwd: hoe de constructie in elkaar steekt, en hoe details en afwerking zijn uitgevoerd. De gebouwconstructie vertelt iets over de tijd waarin gebouwd is, de streek waarin het gebouw staat of de functie die het had. Ze geeft een beeld van veranderend technisch vakmanschap. Sommige gebouwen hebben een volledig houten draagconstructie. Bij andere gebouwen zijn alleen de vloeren van hout en is de rest van de constructie opgetrokken in steen.
Bij jongere monumenten zien we ook constructies in beton, gietijzer en staal. Ook kenmerkende afwerkingen, detailleringen en kleurtoepassingen verhalen over de bouw- en gebruikersgeschiedenis van het monument.
Voordat een plan voor wijzigingen aan een monument wordt gemaakt, is het belangrijk dat er een goed beeld bestaat van de aspecten die dat monument waardevol maken. Zo kan er steeds maatwerk worden geleverd. Een eerste bron voor het achterhalen van de waarde is de zogenaamde redengevende beschrijving. Van ieder beschermd monument is aangegeven – soms uiterst kort en soms heel uitgebreid – waarom het een beschermde status heeft. Deze beschrijving is vooral juridisch en geeft in veel gevallen niet voldoende informatie over de specifieke waarden om een verantwoord plan te kunnen maken. Zeker bij duurzaamheidsmaatregelen is de redengevende beschrijving vaak niet gedetailleerd genoeg. In deel 2 van dit rapport worden daarom de monumentale waarden van uw monument in beeld gebracht.
12
Over energiebesparing en duurzaamheid Energiebesparing en verduurzaming is nog nooit zo actueel geweest. De opwarming van de aarde en de problemen rond de gaswinning zorgen ervoor dat we moeten overstappen op alternatieve en schonere energiebronnen en dat we minder energie moeten gebruiken. Maar wat is nu precies duurzaamheid en hoe gebruiken we minder energie? Bij wonen en bouwen zijn de gebruikte bouwmaterialen en de hoeveelheid en soort energieverbruik van de woning meest bepalend voor de mate van duurzaamheid. Nagenoeg elk gebouw gebruikt energie. We gebruiken deze energie om te koken, te verlichten, apparatuur te gebruiken en om water te verwarmen. De term duurzaamheid wordt te pas en te onpas gebruikt, maar wat is nu de werkelijke definitie van duurzaamheid? “Duurzame ontwikkeling is de ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van de toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen” Samengevat komt het er op neer dat we geen energiebronnen of materialen gebruiken die de aarde uitputten. Het gebruik van fossiele brandstoffen voor onze energievoorziening moet dus worden vervangen door energie uit hernieuwbare grondstoffen. Maar ook onze (bouw)materialen dienen van hernieuwbare- of gerecyclede grondstoffen te worden gemaakt.
Maar de meeste energie wordt gebruikt om de temperatuur binnen in het pand op een comfortabel niveau te houden. Dit gaat dan overwegend over de verwarming van de ruimten maar in de zomer wordt er steeds vaker gebruik gemaakt van airconditioners om te koelen. Tussen de 80% en de 90% van de energie wordt gemiddeld verbruikt voor het verwarmen. Deze warmte verdwijnt door de constructie en door kieren en openingen. Om energie te besparen is het noodzakelijk dat deze “jas” van het gebouw bij kouder weer zo veel mogelijk warmte binnen houdt. Een bijkomend voordeel is dat de warmte in de zomer ook langer buiten blijft. Monumenten zijn per definitie erg duurzaam. Ze staan er immers al heel lang en de milieulast van de bouwmaterialen (voor zover deze aanwezig is) is over een hele lange periode verdeeld. Ondanks de duurzaamheid van monumenten is het beperken van warmteverlies door de constructies een manier om energie te besparen en het comfort in de woning te verhogen.
13
Het aanbrengen van isolatie zorgt ervoor dat dit warmteverlies wordt beperkt. Maar naast de positieve effecten (vertragen van het warmteverlies) kunnen ook negatieve effecten ontstaan. Eén van de schadelijkste effecten is condensatie van vocht in de constructie. Hierdoor kan grote schade ontstaan door houtrot en zwamvorming. Om dit te voorkomen is een juiste keuze van materialen én een goede uitvoering door vakmensen noodzakelijk. Door de totale inhoud van de te verwarmen ruimte in uw monument te verkleinen, kan er ook energie worden bespaard. Dit kan door bufferzones te creëren. Bijvoorbeeld een bergzolder: door het dak boven de zolder te isoleren, wordt de zolder mee verwarmd met de woning. Door de zoldervloer te isoleren in plaats van de kap wordt de zolder niet mee verwarmd. De ingreep is vaak eenvoudiger en goedkoper. Gemiddelde warmteverliezen bij een gebouw 30 % door het dak 30 % door de ramen en deuren 25 % door de muren 10 % door de begane grond vloer 5 % door kieren, schoorstenen en ventilatie
Installaties zijn in veel gevallen ook te verduurzamen. De meeste verwarmingssystemen werken op gas, een omschakeling naar elektra of een andere soort energie zal nu of straks een gewenste en een noodzakelijke stap zijn. Dit kan door het plaatsen van een warmtepomp of bijvoorbeeld een biomassa installatie, maar er zijn meer mogelijkheden. En ook hier staat de technische ontwikkeling zeker niet stil. Naast de “gebouwgebonden” installaties kan het aanschaffen van zuinige apparatuur en ledverlichting veel energie en geld besparen.
TRIAS ENERGETICA Bij het opstellen van energie-adviezen gaan wij uit van de “trias energetica”. Deze strategie gaat uit van het volgende drie-stappenplan:
BEPERK DE ENERGIEVRAAG
1. Beperk de energievraag 2. Gebruik duurzame energiebronnen 3. Gebruik fossiele energie zo efficiënt mogelijk
TRIAS ENERGETICA
EFFICIENT GEBRUIK VAN FOSSIELE BRANDSTOFFEN
GEBRUIK DUURZAME ENERGIE
Op deze strategie zijn diverse varianten ontwikkeld. 14
Voor u begint Een goede voorbereiding is het halve werk. Om uw plannen te realiseren is het goed om vroegtijdig contact te hebben met uw gemeente over eventueel aan te vragen vergunningen voor uw gewenste ingrepen. Wijzigingen aan beschermde monumenten zijn volgens de Erfgoedwet (bij rijksmonumenten) of een gemeentelijke verordening (bij gemeentelijke monumenten) veelal vergunningsplichtig.
“Informeer vroegtijdig bij de afdeling Monumentenzorg van uw gemeente of er voor uw gewenste ingrepen een omgevingsvergunning aangevraagd dient te worden” De Provincie Gelderland en Monumentenwacht Gelderland stimuleren kennis en kunde bij bouwbedrijven en het behoud daarvan. Samen met Bouwend Nederland, erfgoed- en onderwijsinstellingen hebben zij kwaliteitseisen vastgelegd in de kwaliteitsregeling Kennis & Kunde. Het doel is een betere kwaliteit restauratie- en onderhoudswerk. U kunt een aangesloten deskundig bedrijf vinden op www.kennisenkunde.info. Ruim 70 Gelderse zijn intussen gekwalificeerd. De kwaliteitsregeling staat open voor algemene bouwbedrijven en specialistische bedrijven in Gelderland. Zij moeten ervaring hebben met onderhoud/restauratie van monumenten bereidheid zijn om aan scholing te doen. Mocht het gewenst zijn, dan kunnen wij dit traject voor u verzorgen en begeleiden. Uiteraard kunnen wij u ook adviseren in dit traject. Voor meer informatie over onze diensten kunt u onze website raadplegen: www.huisenerfgoed.nl of u kunt contact met ons opnemen.
15
Stappenplan verduurzaming
kies de meest passende energiebesparende maatregelen bij uw ambities en budget
neem contact op met uw gemeente over een eventuele vergunningsplicht
vraag de benodigde vergunningen aan
maak een goede omschrijving en tekeningen van uw wensen
regel een mogelijke financiering bij bijvoorbeeld het Nationaal Restauratiefonds
vind een geschikte uitvoerende partij en vraag een offerte aan
na oplevering kunt u nog meer genieten en is uw monument klaar voor de toekomst
kloppen alle geoffreerde werkzaamheden en passen deze binnen uw budget en ambities? Dan kunt u tot uitvoer overgaan.
16
2 17
Dit is uw monument Dit zijn uw gegevens Uw naam
Leo en Wil van den Berg
Straat + nr.
Teubenweg 1
PC + plaats
7095BW De Heurne
Telefoonnummer
06 55 78 14 96
w-vanden-berg@kpnmail.nl
Dit zijn de gegevens van uw monument Naam gebouw
Boerderij
Straat + nr.
Teubenweg 1
PC + plaats
7095BW De Heurne
Bouwjaar
Ca 1760
Status
Gemeentelijk monument
Gegevens adviseurs en onderzoek Energie-adviseur
Dijkoraad
Examennummer
45682
Bouwhistoricus
Gelders Genootschap
Datum opname
1 december 2020
Datum rapport
6 februari 2021
18
Uw monument in beeld
19
Hoe is uw situatie?
DE BOUWTECHNIEK
DE INSTALLATIETECHNIEK
HET HUIDIGE GEBRUIK
In de woning zijn nauwelijks
De warmtevoorziening wordt
Het pand is in gebruik als
energiebesparende
verzorgd door een
woonhuis en wordt thans
maatregelen aangebracht.
verschillende gaskachels.
door 2 personen bewoond.
Het grootste gedeelte van
Het warme tapwater voor de
Het pand wordt niet
de woning is opgetrokken
gehele woning wordt
bedrijfsmatig gebruikt al is
uit ongeïsoleerd metselwerk.
verzorgd door een
het oorspronkelijke
Alle ramen zijn voorzien van
elektrische boiler. Het huis
achterhuis op dit moment
enkele beglazing.
heeft geen mechanische
niet als woonruimte
Het dak is voorzien van
ventilatie. De aan- en afvoer
ingericht.
dakbeschot maar is tevens
van lucht wordt natuurlijk
ongeïsoleerd
geregeld. Nabij de woning zijn 10 zonnepanelen geplaatst.
Uw monument heeft label
G* * Het label is vastgesteld volgens de methodiek van 2020. Deze wijkt af van de thans vigerende labelberekening. Maatwerkadviezen kunnen op dit moment alleen nog volgens de oude methodiek worden berekend. De labels genoemd in het maatwerkadvies zijn ook volgens de oude methodiek bepaald en kunnen afwijken van de nieuwe NTA 8800 methodiek.
20
Uw energieverbruik
Jaarlijks gebruik een huishouden in Nederland ongeveer 3.500 kWh stroom en 1.500 m3 gas. Het werkelijke gebruik wordt bepaald door de grootte en type woning en de mate van aanwezige isolatie. Daarnaast is de samenstelling van het gezin of huishouden, het verbruiksgedrag en het gewenste comfortniveau van belang voor het energieverbruik. De meeste gebouwen in Nederland gebruiken gas voor het verwarmen van de woning. Het uitvoeren van energiebesparende maatregelen aan uw woning heeft dus het meeste invloed op uw gasverbruik. Het gebruik van energiezuinige apparatuur en verlichting heeft een positieve invloed op uw elektraverbruik. In de onderstaande tabellen vindt u de Nederlandse verbruiksgemiddelden per jaar.
21
Gemiddeld elektraverbruik in kWh/jaar 6000 5000 4000 3000 2000 1000 0 1 persoon
2 personen
Gezin met 1 kind
Gezin met 2 kinderen
Gezin met 3 kinderen
2 onder 1 kap
Vrijstaande woning
Gemiddeld gasverbruik in m3/jaar 2500 2000 1500 1000 500 0 Appartement
Tussenwoning
Hoekwoning
Gemiddeld waterverbruik in m3/jaar 200 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0 1 persoon
2 personen
Gezin met 1 kind Gezin met 2 kinderenGezin met 3 kinderen
22
uw elektraverbruik is 7.400 kWh Vergeleken met de Nederlandse gemiddelden is uw elektraverbruik boven het gemiddelde. Eventuele teruglevering is nog niet opgenomen.
totale opwekking van de zonnepanelen is naar verwachting circa 2.500 kWh
uw gasverbruik is 1.500 m3 Vergeleken met de Nederlandse gemiddelden is uw gasverbruik onder het gemiddelde.
uw waterverbruik is niet bekend.
23
Warmte in beeld: infraroodfotografie Geen enkel huis is zo goed geïsoleerd dat er geen energie verdwijnt. Door de constructies en locaties van de mogelijke warmtelekken in beeld te brengen, is een gerichter plan van aanpak mogelijk om zoveel mogelijk energie binnen het gebouw te houden. Met infraroodfotografie is het mogelijk deze lekken te visualiseren. Alleen bij voldoende temperatuurverschillen tussen interieur en exterieur kan infraroodfotografie worden toegepast. Bij voorkeur dient de buitentemperatuur onder de 4°C te zijn, de binnentemperatuur dient circa 20°C te zijn. Een exacte aflezing van een infrarood foto dient te gebeuren door een deskundige met bouwkundige en bouwfysische kennis. Zo kan de afbeelding juist worden geïnterpreteerd. In grote lijnen kan een afbeelding als volgt gelezen worden: Rechts in de foto staat een indicatieve temperatuurbalk met kleuren afgebeeld. Het bovenste getal is de maximale richttemperatuur van de gefotografeerde oppervlakten, het onderste getal is de minimum richttemperatuur. Reflectie van materialen kan ervoor zorgen dat bepaalde materiaalsoorten een andere temperatuur lijken te hebben dan de omgevingstemperatuur.
Voorbeeldafbeeldingen van thermografische fotografie en een reguliere foto
Onderdelen die een lage temperatuur hebben, laten weinig warmte van binnen door. Oppervlakten met een relatieve hoge temperatuur laten daarentegen dus wel warmte van binnen door en kunnen beschouwd worden als een minder geïsoleerd onderdeel.
24
Van de geïnspecteerde objecten zijn infraroodfoto’s gemaakt. De foto’s zijn vervolgens in deze rapportage verwerkt. Dijkoraad gebruikt bij haar inspecties de volgende apparatuur: FLIR Infrarood camera type C2 Datum opnames: 1 december 2020 Weersomstandigheden: Temperatuur:
4
oC
Windsnelheid: zwakke wind Hemel:
zwaar bewolkt
Conclusie “warmte in beeld” Uit de gemaakte warmtefoto’s kunnen we de volgende warmtelekken concluderen: Op de foto’s is zichtbaar dat de ramen en deuren een lagere warmteweerstand hebben dan de muren en dus meer energie doorlaten. Dit is een normaal verschijnsel. Daarnaast heeft de aansluiting van de begane grondvloer met de muren een koudebrug waardoor er energieverlies plaats vindt. De rookgasafvoeren van de gaskachels laten ook warmteverlies zien.
25
26
27
Monumentale waarden in beeld Bij het duurzaam gebruiken van een monument is het de kunst om steeds een goede balans te vinden tussen wensen en eisen vanuit gebruik, comfort, energiezuinigheid en de mogelijkheden die het monument biedt. Voor deze zoektocht is het essentieel dat er een goed beeld is van de aspecten die het monument waardevol maken. Daarom wordt in dit hoofdstuk een beeld gegeven van de monumentale waarden van uw pand. Hierbij wordt gefocust op de onderdelen die van belang zijn bij de verduurzaming: de thermische schil en het casco.
Beschermde status Uw monument is beschermd als Rijksmonument. De redengevende beschrijving luidt als volgt: Boerderij met schuur, ca 1800.
Bouwgeschiedenis in grote lijnen De eerst bekende bewoner, Cornelis Heideman, kwam in 1760, net na zijn huwelijk met Geertruid Hengeveld op de boerderij wonen. De bouwgeschiedenis van het erf gaat dus terug tot de achttiende eeuw. In lijn met deze constatering zien we op het kadastrale minuutplan, opgesteld in de periode 1811-1832 bebouwing op deze plek. Wonderlijk genoeg staat het grootste bouwvolume (waarschijnlijk de boerderij) verder naar het noorden dan de huidige boerderij. Ongeveer op de plek van het huidige voorhuis staan twee kleinere bouwvolumes met een vierkant grondplan; dit zouden hooibergen kunnen zijn.
Kadastraal minuutplan 1811-1832 in rood, geprojecteerd op actuele luchtfoto. Bron: www.hisgis.nl
28
Omdat andere lijnen en vlakken van het gedigitaliseerde minuutplan in de nabije omgeving van het betreffende erf wél overeenkomen met de huidige situatie, is het niet aannemelijk dat we te maken hebben met een meet- of tekenfout in de kadastrale kaart of een fout in de recente digitalisering. We gaan er dan ook vanuit dat de boerderij na gereedkoming van de kadastrale kaart ongeveer 20 m is verplaatst naar het zuiden. Gelijk met deze verplaatsing, of vrij kort daarna, is de boederij uitgebreid: er werd tegen de bestaande voorgevel een volledig nieuw voorhuis gebouwd. Afgaande op de bouwstijl van het voorhuis moet dit in de eerste helft van de negentiende eeuw gebeurd zijn. Het achterhuis van de boerderij heeft nog de volledige - vermoedelijk achttiende-eeuwse (en dus verplaatste) houtconstructie, voorzien van gegutste telmerken op de ankerbalkgebinten en getrokken telmerken op de sporen. Afgaande op bouwsporen in deze houtconstructie kunnen we afleiden dat het achterhuis van de boerderij is verlengd. In het op één na laatste gebint zijn in de gebintbalk namelijk sporen aanwezig van onder andere een middenstijl: hier heeft een deeldeur gezet. Verder zijn de sporen tussen dit gebint en de achtergevel niet meer voorzien van telmerken; zij stammen uit een latere bouwfase.
Vermoedelijk heeft deze uitbreiding plaatsgevonden in 1914, toen het achterhuis ook grotendeels nieuwe gevels heeft gekregen, voorzien van voor die tijd karakteristieke gietijzeren stalramen. In de tweede helft van de twintigste eeuw is de boerderij in verschillende fasen gemoderniseerd. In het voorhuis werden de woonvertrekken voorzien van klampmuren of voorzetwanden van plaatmateriaal en de rechter voorkamer kreeg een plafond van houtwolcement. In het gebied tussen voorhuis en achterhuis werden verschillende vertrekken gerealiseerd of gewijzigd ten behoeve van de veranderende wooncultuur. Zo werd er bijvoorbeeld een badkamer gerealiseerd, bereikbaar vanuit de rechter voorkamer. Het achterste deel van het achterhuis behield haar authentieke bedrijfsmatige indeling, inrichting en uitstraling.
29
Plattegrond begane grond met vermoedelijke datering. Getekend door eigenaar op basis van eigen onderzoek.
Balklagen met vermoedelijke datering. Getekend door eigenaar op basis van eigen onderzoek.
30
Kapconstructie met vermoedelijke datering. Getekend door eigenaar op basis van eigen onderzoek.
Gevels met vermoedelijke datering. Getekend door eigenaar op basis van eigen onderzoek.
31
Interne waardenstelling In deze paragraaf wordt een zogenaamde interne waardenstelling gegeven van de thermische schil en het casco van uw monument. In deze interne waardenstelling wordt een onderlinge vergelijking gemaakt van de waarden van de verschillende onderdelen binnen het gebouw. Doel van de interne waardenstelling is het bepalen van het relatieve belang van de monumentale waarden van onderdelen van het bouwwerk of structuur, voorafgaande aan een herbestemming, verbouwing of restauratie waarbij men voor de keus staat deze onderdelen te behouden, te vervangen of te verwijderen. Normaal gezien wordt de onderlinge vergelijking van de waarden van de verschillende onderdelen in kleur aangegeven plattegrondtekeningen. Hierbij wordt de volgende legenda gehanteerd.
Hoge waarde Deze elementen zijn in fysieke zin van groot belang vanwege hun uiterlijke verschijningsvorm en hun essentiële functie in de structuur van het object. Bij interventies aan deze elementen is het uitgangspunt dat zij een terughoudend karakter hebben, het totale beeld én de functionaliteit in sterke mate ten goede komen en van zeer hoge kwaliteit zijn. Positieve waarde Deze elementen spelen een belangrijke rol in de structuur van het gebouw. Bij interventies aan deze elementen is het uitgangspunt dat de structuur van het gebouw niet wordt beschadigd, dat het totaalbeeld of de functionaliteit wordt verbeterd en de interventie van hoge kwaliteit is. Indifferente waarde Deze elementen zijn van geringe waarde, zowel in fysieke zin als in structurele zin. Zij kunnen zonder verlies aan waarden aangepast of verwijderd worden. Ook bij deze interventies mag uiteraard worden verwacht dat de kwaliteit van het totale object wordt verbeterd. Plafondafwerking De kleur van de lijnen geeft de waarde weer van de zichtbare afwerking van het plafond. Let op! Dit zegt dus niks over afwerkingen en constructies die boven dit zichtbare plafond zitten.
32
Vloerafwerking De kleur van de lijnen geeft de waarde weer van de zichtbare afwerking van de vloer. Let op! Dit zegt dus niks over afwerkingen en constructies die onder deze zichtbare vloerafwerking zitten. Geen onderdeel van thermische schil of casco en dus niet meegenomen in deze interne waardenstelling
33
Toelichting bij waardenstelling Gevelmetselwerk en houten geveltoppen Het gevelmetselwerk heeft, vanwege zijn ouderdom, de karakteristieke, verzorgde uitstraling en de afleesbare (bouw)historische ontwikkeling in zijn totaliteit een hoge waarde. De houten geveltop van de voorgevel stamt in zijn huidige vorm vermoedelijk uit het midden van de twintigste eeuw (smalle houten delen) en heeft een positieve waarde. Gevelopeningen Ter plaatse van het voorhuis hebben nagenoeg alle gevelopeningen kozijnen uit de achttiende of negentiende eeuw; deze hebben een hoge waarde. In deze kozijnen bevinden zich ramen en deuren van vrij recente datum. De roedenverdelingen zijn niet volgens de historisch juiste verhoudingen. Deze ramen en deuren hebben een indifferente waarde. De invullingen van de gevelopeningen in de achtergevel (staldeuren, stalramen en deeldeuren) stammen nagenoeg alle uit 1914 of daarvóór en hebben een hoge waarde. Uitzondering is de loopdeur in de linker zijgevel, deze deur is van vrij recente datum en heeft een indifferente waarde; het kozijn heeft wel een hoge waarde. Houtconstructie en dak Zoals beschreven in de paragraaf ‘Bouwgeschiedenis in grote lijnen’ heeft de boerderij een houtconstructie, die vanaf de achttiende eeuw tot 1914 in verschillende bouwcampagnes tot stand is gekomen. Deze interessante bouwgeschiedenis is goed af te lezen in de houtconstructie.
Sinds 1914 hebben geen ingrijpende wijzigingen plaatsgevonden en is de historisch gegroeide houtconstructie bijzonder gaaf bewaard gebleven. Dit maakt dat de totale houtconstructie (van ankerbalkgebinten tot sporen) van hoge waarde is. Uitzondering hierop zijn de versterkingen die in de jaren negentig aan de linker zijde ter plaatse van het onderste deel van de sporen zijn aangebracht. Het dakbeschot heeft een indifferente waarde. De rode (gemêleerd met gesmoorde) Oude Holle pannen hebben een hoge waarde. Begane grondvloer In het voorhuis bevinden zich in beide voorkamers en in beide zijvertrekken, onder de niet waardevolle vloerbedekking (tapijt), plavuizen. Deze vloerafwerking stamt vermoedelijk uit de negentiende eeuw stammen en heeft een hoge waarde. Het achterste deel van het achterhuis heeft een klinkervloer met voergoten. Deze vloerafwerking heeft een hoge waarde.
34
Plafonds en verdiepingsvloer (voorhuis) In de linker voorkamer zijn de balken van de verdiepingsvloer in het zicht. Dit balkenplafond heeft een hoge waarde. Het plafond van houtwolcementplaten in de rechter voorkamer heeft een indifferente waarde. De balkenplafonds in de zijkamers van het voorhuis hebben een positieve waarde. Overige interieur elementen De oorspronkelijke indelingsstructuur en de karakteristieke verschillen tussen voorhuis en achterhuis zijn nog nagenoeg onaangetast en zeer goed herkenbaar. Verder bevinden zich in het interieur, onder meer de volgende waardevolle onderdelen: -
twee ruggelings geplaatste schouwen (in de voorkamers);
-
een servieskast;
-
een bedstedewand;
-
hilden;
-
een poepdoos;
-
een varkenshok.
35
Uw monument verantwoord verduurzamen Verduurzamen kan op vele manieren. Een monument is echter anders dan een nieuwbouwwoning en vraagt om een specifieke behandeling. Niet in ieder historisch raam kan zomaar isolerende beglazing worden geplaatst. Er moet rekening worden gehouden met de monumentale waarden zoals we die in het voorgaande hoofdstuk hebben vastgesteld. Daarnaast is het van belang ons te realiseren dat het gebouw tijdenlang een eigen vochten temperatuurhuishouding heeft gehad. Wanneer we opeens de bouwfysische eigenschappen veranderen, kan dit nare gevolgen hebben. Te denken valt aan vochtproblemen, schimmelvorming en houtrot. Kortom: monumenten vragen om maatwerk, niet om standaardoplossingen. In dit hoofdstuk geven we u een beeld welke ingrepen bij uw monument passen.
36
Plattegronden met mogelijkheden In dit hoofdstuk wordt in de plattegronden aangegeven wat de mogelijkheden zijn om uw monument op verantwoorde wijze te verduurzamen. Isoleren wand De positie van de lijn geeft aan waar isolatie mogelijk is. Isoleren dak De toevoeging Bi betekent dat aan de binnenzijde kan worden geïsoleerd. De toevoeging Bu betekent dat aan de buitenzijde kan worden geïsoleerd. Isoleren vloer De toevoeging Bi betekent dat aan de binnenzijde kan worden geïsoleerd. De toevoeging Bu betekent dat aan de buitenzijde kan worden geïsoleerd.
*
Verbeteren isolatie gevelopening mogelijk Gevelopeningen gemarkeerd met een * bieden mogelijkheden voor het verbeteren van de thermische isolatie. Nieuwe mogelijkheden voor verwarming De streep geeft radiatoren of wandverwarming weer en een vlak vloerverwarming. Zoekzone zonnepanelen / zonnecollectoren Deze kleurvlakken markeren zones waarin zonnepanelen of zonnecollectoren aangebracht zouden kunnen worden.
37
Plattegrond met daarin aangegeven de mogelijkheden voor verduurzaming
Toelichting bij de plattegronden Thermische isolatie dak Het dak van de boerderij is nu voorzien van een dakbeschot van plaatmateriaal; er is geen thermische isolatie aanwezig. Bij een toekomstige ontwikkeling ligt het aanbrengen van dakisolatie erg voor de hand. Gezien de fraaie uitstraling en historische waarde van de sporenkap en omdat het dakbeschot waarschijnlijk toch moeten worden vervangen bij een herontwikkeling, wordt geadviseerd om de isolatie aan de buitenzijde (dus op het dakbeschot) aan te brengen. De bestaande waardevolle dakpannen kunnen na het aanbrengen van de isolatie weer terug worden gelegd, maar zullen wel iets hoger komen te liggen, omdat het dakpakket dikker wordt. Om dit zo gering mogelijk te houden, wordt geadviseerd wordt om de isolatie zo dun mogelijk te houden en de detailleringen van de dakranden en -aansluitingen zorgvuldige uit te denken en uit te voeren.
38
In de bijlage vindt u een informatieblad over isolatie van hellende daken. Thermische isolatie begane grondvloer De begane grondvloer is nu niet geïsoleerd. Hoewel er in zowel het voorhuis als het achterhuis waardevolle vloerafwerkingen aanwezig zijn, lijkt het aanbrengen van een nieuwe, geïsoleerde betonvloer in de boerderij in principe mogelijk. Hierbij gaan wij er vanuit dat de aanwezige plavuizen en klinkers zonder schade opgenomen kunnen worden en na aanbrengen van de nieuwe betonvloer weer terug kunnen worden geplaatst. Of dit werkelijk kan, zal een klein destructief onderzoek ter plaatse uit moeten wijzen. In de bijlage vindt u informatiebladen over vloerisolatie. Thermische isolatie gevels De gevels zijn nu voorzien van niet waardevolle klampmuren of voorzetwanden. Vanuit het oogpunt van monumentenzorg is het goed denkbaar om deze klampmuren en voorzetwanden te vervangen door nieuwe, thermisch isolerende voorzetwanden. Geadviseerd wordt om te kiezen voor een vochtregulerend materiaal. De belegstukken van de oorspronkelijke kozijnen en andere waardevolle betimmeringen zullen hierbij op zorgvuldige wijze gedemonteerd en teruggeplaatst moeten worden. In de bijlage vindt u informatiebladen over duurzame isolatiematerialen. Gevelopeningen Ter plaatse van het voorhuis is geen sprake van waardevolle ramen of waardevol glas.
Vanuit het oogpunt van monumentenzorg is het dan ook goed denkbaar om isolerende beglazing aan te brengen (zie *1 in de tekening). Het vervangen van de ramen door nieuwe exemplaren met historisch juiste roedenverdeling is hierbij vanuit het oogpunt van monumentenzorg zeker een optie. Zowel bij behoud als bij vervanging van de bestaande ramen in het voorhuis, is het van belang dat gekozen wordt voor dunne isolerende beglazing, zodat de ramen hun slanke afmetingen kunnen houden en het glas op historisch juiste manier, met stopverf of gemodificeerde kit, kan worden geplaatst. Voor de stalraampjes in het achterhuis (zie *2 in de tekening) wordt geadviseerd om achterzetbeglazing aan de binnenzijde toe te passen. De historische raampjes kunnen op deze manier onaangetast blijven en door de achterzetramen op te nemen in de nieuwe voorzetwand ontstaat ook binnen een rustig beeld. Wat betreft de staldeuren en deeldeuren (*3) ligt het, wanneer et acteruis een woonfunctie zou krijgen, voor de hand om glaspuien aan de binnenzijde te plaatsen en de houten deuren open te zetten. Bij de naar binnendraaiende deeldeuren zou een terugliggend glasportaal gemaakt
39
kunnen worden. Op deze manier krijgt het achterhuis meer daglicht, kunnen de gevelopeningen worden geïsoleerd en de historische stal- en deeldeuren behouden blijven. In de bijlage vindt u informatiebladen over beglazingssystemen. Verwarming en duurzame energie Wanneer bovenstaande maatregelen uitgevoerd zijn, zou het pand in principe geschikt moeten zijn voor de toepassing van een lage-temperatuurverwarming. Deze kan van warmte worden voorzien door bijvoorbeeld een warmtepomp. Het elektriciteitsverbruik zal bij de toepassing van een warmtepomp flink stijgen. Uiteraard is het in het kader van de duurzaamheid dan belangrijk dat deze elektriciteit op een groene manier wordt opgewekt. Wellicht is het mogelijk om PV panelen in een goed ingepaste grondopstelling op het erf te plaatsen. Zo niet, dan zou aangesloten kunnen worden bij een collectieve bron van groene stroom. Naast PV-panelen zijn er echter ook andere manieren om gebruik te maken van zonne-energie. Gedacht kan worden aan een zonnecollectorsysteem onder de dakpannen (bijvoorbeeld Q-roof). Bij dit systeem wordt met zonnewarmte water opgewarmd; dit kan gebruikt voor warm tapwater of voor de verwarming. In de bijlage vindt u een informatieblad over warmtepompen en zonne-energie.
40
3 40
Energieprestatie huidige situatie Monumenten zijn in de huidige regelgeving vrijgesteld van het verplichte energielabel bij verkoop. Om een goed beeld te geven wat hoe de huidige situatie zich verhoudt tot de verbeterde situatie wordt de energieindex wel berekend. Voor het maatwerkadvies wordt er een uitgebreide methode gebruikt, hiermee wordt geen energielabel berekend, maar een energie-index. Deze woning heeft het volgende energie-index:
De energie-index van uw de huidige situatie is 4.66 Bij de energie-index staat een EI van 0,00 voor een zeer energiezuinige woning en EI van 5,00 voor een zeer onzuinige woning.
In de volgende tabel is het energielabel te vinden passend bij de energie-index.
Het label passend bij de berekende energie index is
G 41
Het berekende energiegebruik Met behulp van een computerapplicatie is het energiegebruik voor de woning berekend. Hierbij is rekening gehouden met het bewonersgedrag (aantal bewoners, binnentemperaturen, verlichting en ventilatie) van de woning. Omdat het energiegebruik door weerverschillen het ene jaar anders is dan het andere jaar, is uitgegaan van het referentieklimaat TRY (Test Reference Year) De Bilt. Hierdoor wordt het energiegebruik uitgerekend voor een gemiddeld klimaatjaar. Het berekend elektriciteitsverbruik heeft betrekking op de woning gebonden installaties en niet op apparatuur van bewoners (zoals koelkast, computers, wasmachine, droger, etc.). Het berekend elektriciteitsverbruik omvat alleen: verwarming, tapwater, hulpenergie (voor verwarmingsinstallatie, ventilatiesysteem en zonneboiler), verlichting (standaard omstandigheden), zonnecellen (PV), microwkk. Deelpost
Gas [m3]
Elektr. [kWh]
Warmte [GJ]
Primair [MJ]
Verwarming
10511
0
0
369656
Tapwater
0
1231
0
11362
Hulpenergie
0
0
0
0
Verlichting
0
1430
0
13204
PV
0
-1509
0
-13928
MicroWkk
0
-0
0
-0
Totaal
10511
1152
0
380293
CO2 [kg]
19361
De primaire energie is onafhankelijk van de energiedrager (gas, elektriciteit of warmte), zodat de deelposten met elkaar vergeleken kunnen worden. In onderstaand diagram zijn de deelposten tegen over elkaar gezet (exclusief de bijdrage van fotovoltaïsche zonnecellen PV en microwkk). Het energiegebruik voor ruimteverwarming is afhankelijk van de verwarmingsinstallatie (opwekker, transport en afgifte) en van de warmtevraag van de woning. De warmtevraag van de woning wordt bepaald door positieve en negatieve warmtestromen (enerzijds energieopwekken, anderzijds energieverlies door constructies). Warmtestroom
Warmteverlies [MJ]
Warmtewinst [MJ]
Transmissie
187673
0
Ventilatie
34623
0
Interne warmteproductie
0
26200
Zonnewarmte door ramen
0
3876
Resulterende warmtevraag
192221
MJ
42
Controle met werkelijk gasverbruik In onderstaand schema wordt het werkelijke gasverbruik van de woning vergeleken met het berekende verbruik. Op deze wijze kan de nauwkeurigheid van de invoergegevens en de berekeningsresultaten worden vastgelegd. Voor het totale gasverbruik heeft uw adviseur gebruik gemaakt van door u verstrekte verbruiksgegevens, bijvoorbeeld een gasafrekening van de woning. Het deelverbruik voor koken is geschat met behulp van de gezinsgrootte. Voorts is het deelverbruik voor tapwater berekend aan de hand van de tapwaterinstallatie en bewonersgedrag. Tenslotte is het resterende gasverbruik van rekening voor ruimteverwarming. Bij het (bij)stoken met hout is uw houtverbruik omgerekend naar gasverbruik. Hiervoor is aangehouden dat 1 m3 hout gelijk is aan 165 m3 gas. Omdat er veel verschil zit in de energieinhoud per houtsoort en vochtgehalte is hiervoor een gemiddelde aangehouden. Deelposten Koken
Werkelijk gasverbruik [m3] 65
Berekend gasverbruik [m3] 65
Afwijking [%] 0,0 %
Tapwater
0
0
0,0 %
Verwarming
1435
8720
507,7 %
Totaal
1500
8785
485,7 %
De grote afwijking heeft te maken met de mee berekende thans onverwarmde achterhuis. Omdat de toekomstige situatie een verwarmde ruimte wordt, is deze in de nulmeting ook als verwarmde zonde berekend.
In de EPA methode wordt altijd gerekend met een referentieklimaat, namelijk TRY De Bilt. Om de werkelijke meterstanden van een energierekening te kunnen vergelijken met de resultaten van een EPA berekening, zijn de resultaten van de berekeningen gecorrigeerd met onderstaande klimaatgegevens. Klimaatlocatie
De Bilt
Aantal dagen
365
Aantal graaddagen
2715
43
Energiebesparingsadvies De pakketten van maatregelen Naar aanleiding van het bouwhistorisch- en energietechnisch onderzoek zijn een aantal verbeteringsmaatregelen doorberekend. Een combinatie van energiebesparende maatregelen noemen wij een pakket. We hebben de pakketten onderverdeeld in kleuren: Pakket Oranje Dit betreft een maatregel of een combinatie van maatregelen welke een beperkte, gunstige invloed hebben op uw energieverbruik en duurzaamheid. De maatregelen hebben een terughoudend karakter. Pakket Oranje kan interessant zijn wanneer het budget beperkt is of wanneer het gebouw vanwege monumentale waarden of bijzondere bouwkundige c.q. installatietechnische eigenschappen weinig ruimte biedt voor ingrepen. Pakket Geel Dit betreft een maatregel of een combinatie van maatregelen welke een gunstige invloed hebben op uw energieverbruik en duurzaamheid. De maatregelen zijn minder terughoudend dan die van Pakket Oranje. Zo wordt bij Pakket Geel rekening gehouden c.q. voorbereidingen getroffen voor de transitie van aardgas naar een alternatief. Pakket Groen Dit betreft een maatregel of een combinatie van maatregelen welke een zeer gunstige invloed hebben op uw energieverbruik en op de totale duurzaamheid. Pakket Groen is het meest ambitieus. In veel gevallen omvat dit pakket dan ook uitgebreide en ingrijpende maatregelen.
Uitgangspunt en ambitie is dat aardgasgebruik niet (meer) aan de orde is. Afhankelijk van de mogelijkheden kunnen deze soorten pakketten bij u geadviseerd worden. Het meest duurzame pakket is niet per definitie het beste pakket voor uw situatie. Om budgettaire redenen of gebruikssituatie kan het voorkomen dat wij een ander pakket adviseren. Het kan zijn dat het meest duurzame pakket op dit moment financieel zo onaantrekkelijk is, dat u beter de technische ontwikkelingen c.q. een natuurlijk vervangingsmoment kan afwachten.
44
Pakket
Omschrijving
Maatregelen
Pakket Geel
Bij Pakket Geel wordt rekening gehouden c.q. voorbereidingen getroffen voor de transitie van aardgas naar een alternatief.
- Aanbrengen vloerisolatie (R=3,5) met vloerverwarming - Plaatsen geisoleerde voorzetwand R=3,5 - Plaatsen geisoleerde voorzetwand R=3,5 - Plaatsen geisoleerde voorzetwand R=2,0 t.p.v. woonkamer - Staldeuren voorzien van HR++ achterzetglas - Plaatsen achterzetbeglazing stalramen - Plaatsen dunbladig isolatieglas U=2,0 - Plaatsen dunbladig isolatieglas U=2,0 - Verbeteren kierdichting en luchtdichtheid i.c.m. renovatie - Dakisolatie, R=4,0 van buitenaf aangebracht - Installeren inductiekookplaat
Pakket Groen
Uitgangspunt en ambitie is dat aardgasgebruik niet (meer) aan de orde is. Hiervoor wordt de schil geïsoleerd en de installatie aangepast.
- Aanbrengen vloerisolatie (R=3,5) met vloerverwarming - Plaatsen geisoleerde voorzetwand R=3,5 - Plaatsen geisoleerde voorzetwand R=3,5 - Plaatsen geisoleerde voorzetwand R=2,0 t.p.v. woonkamer - Staldeuren voorzien van HR++ achterzetglas - Plaatsen achterzetbeglazing stalramen - Plaatsen dunbladig isolatieglas U=2,0 - Plaatsen dunbladig isolatieglas U=2,0 - Verbeteren kierdichting en luchtdichtheid i.c.m. renovatie - Dakisolatie, R=4,0 van buitenaf aangebracht - Installeren warmtepomp bron buitenlucht - Installeren warmtepompboiler en closein-boiler keuken - Installeren inductiekookplaat
Maatregel
Investering [€]
Pakket Geel Pakket Groen
97.820 118.995
Terugverdientijd [jaar] 17,0 17,7
Energiebesparing [%] 79,8 94,1
Energie -index 1,56 0,78
45
Investeringskosten De investeringskosten zijn berekend aan de hand van marktconforme getallen en zijn indicatief. Onderhoudskosten zijn buiten beschouwing gelaten en worden niet meegenomen in de terugverdientijden. Het betreft enkel de kosten voor energietechnische verbeteringen. Eventuele aanvullende wensen c.q. stoffering en aanvullende afwerkingen (w.o. vloerbedekking en behang) zijn ook buiten beschouwing gelaten. Vraag voor een exacte prijs van uw werkzaamheden een offerte op bij een uitvoerend bedrijf. Bij de berekening van de terugverdientijden is uitgegaan van de volgende investeringsgegevens: Pakket
Kosten [€]
Pakket Geel
97.820
Pakket Groen
118.995
Rente [%/jaar]
0
Investering [€] 97.820
0
118.995
2,0
2,0
Bij de berekening van de terugverdientijden is uitgegaan van de volgende energieprijzen: Pakket Pakket Geel
Gasprijs [€/m3] 0,67
Elek. prijs [€/kWh] 0,22
Warmteprijs [€/GJ] 15,00
Prijsstijging [%/jaar] 3,0
Pakket Groen
0,67
0,22
15,00
3,0
Huidig
Gasverbruik [m3/jaar] 10.511
Elek. verbruik [kWh/jaar] 1.152
Warmteverbrui k [GJ/jaar] 0
CO2 kg/jaar] 19.361
Pakket Geel
1.876
1.152
0
3.992
Pakket Groen
0
2.443
0
1.383
Pakket
Gasbesparing [% tov huidig]
Elek. verbruik [% tov huidig]
CO2 [% tov huidig]
Pakket Geel
82,1
0,0
Warmteverbrui k [% tov huidig] 0,0
Pakket Groen
100,0
-112,0
0,0
92,9
Energetische gevolgen Pakket
79,4
46
Conclusies en aanbevelingen Op basis van uw wensen en mogelijkheden adviseren wij u het volgende maatregelpakket uit te laten voeren:
Pakket Huidig
Gasverbruik [m3/jaar] 10.511
Elek. verbruik [kWh/jaar] 1.152
Warmteverbrui k [GJ/jaar] 0
CO2 kg/jaar] 19.361
Pakket Geel
1.876
1.152
0
3.992
Pakket Groen
0
2.443
0
1.383
Afhankelijk van de fasering van de werkzaamheden zal één van de bovenstaande pakketten het meest interessant zijn voor uw situatie. Het verschil de pakketten zit in de verwarmingsinstallatie. Bij pakket Groen wordt er tevens verwarmd met een warmtepomp. Noodzakelijk voor beide pakketten is een goede isolatie van de thermische schil. Mocht deze aanpak enkel jaren duren, dan kunt u de technische ontwikkelingen afwachten en te zijner tijd kiezen voor de meest passende innovaties. De terugverdientijd van dit pakket is circa 17 jaar op basis van het berekende gebruik en te verwachten prijsontwikkelingen. Het berekend elektriciteitsverbruik heeft betrekking op de woning gebonden installaties en niet op apparatuur van bewoners (zoals koelkast, computers, wasmachine, droger, etc.). Het berekend elektriciteitsverbruik omvat alleen: verwarming, tapwater, hulpenergie (voor verwarmingsinstallatie, ventilatiesysteem en zonneboiler), verlichting (standaard omstandigheden), zonnecellen (PV), Het mogelijk verdwijnen van de saldering voor elektra-afrekening kan de terugverdientijd en de besparing negatief beïnvloeden. Hoe de nieuwe regeling opgesteld wordt, is nog niet bekend
Met de volgende investeringskosten wordt uw label bij de toepassing van pakket Groen:
€ 118.995,-
A
Zie het voorgaande hoofdstuk over de uitleg van de investeringskosten.
47
A 48
Gegevens constructies en installaties In deze bijlage beschrijven wij de onderbouwing voor de berekening op basis van de actuele opname ter plaatse. Hierbij worden de isolatietechnische kenmerken van de constructie beschreven, de oppervlaktes en de aanwezige installaties. De woning beschikt over de volgende netto gebruiksoppervlaktes: 1e woonlaag
177.6
m2
2e woonlaag
60.8
m2
3e woonlaag
0.0
m2
4e woonlaag
0.0
m2
Totaal
238.4
m2
Onderstaande gegevens hebben betrekking op het gedrag van de huidige bewoners. Deze waarden hebben geen invloed op de bouwkundige en installatietechnische kwaliteit van de woning, maar hebben wel invloed op het energiegebruik. Aantal bewoners
2.0
-
Gemiddelde binnentemperatuur
14.0
°C
Wamteproductie (verlichting en apparatuur)
6.0
W/m2
Ventilatie correctiefactor
1.00
-
Elektrische kookplaat
Nee
-
Bouwkundige eigenschappen Kierdichting zorgt voor een betere luchtdichtheid van een woning. Hierdoor ontsnapt minder warmte ongewenst uit de woning, met lagere stookkosten als resultaat. In de woning is kierdichting in de meeste gevallen toegepast op: Onderdelen met kierdichting Draaiende delen
Niet aanwezig
Nok van het dak
Niet aanwezig
Kozijnen
Niet aanwezig
Doorvoeren dak/gevel
Niet aanwezig
49
Meterkast doorvoeren
Niet aanwezig
Aansluiting dak/gevel
Niet aanwezig
Kruipluik
Niet aanwezig
Naden in dakplaten
Niet aanwezig
In de woning komen de volgende type constructies voor: Constructie
Type
Rc [m2.K/W]
Vloer steenachtig monumentaal Gevel metselwerk ongeïsoleerd Gevel woonkamer aansluitend kastenwand Gevel met spouw
Vloer
0,150
Gevel
0,190
Gevel
0,350
Gevel
0,350
Gevelaansluiting
Gevel
0,190
Houten topgevel
Gevel
0,350
Deur ongeïsoleerd
Deur
3,400
Staldeur hout
Deur
3,400
Raam hout achterzetglas
Raam
2,900
70
Raam hout enkel beglaasd
Raam
5,100
80
Raam gietijzer enkel beglaasd Hellend dak ongeïsoleerd
Raam
6,200
80
Plat/hellend dak
U [W/m2.K]
ZTA [%]
0,220
Uitleg: • De Rc-waarde is de thermische weerstand van een constructie. Hoe hoger deze waarde, hoe beter de isolerende werking. • De U-waarde is de warmtegeleidingcoëfficiënt, deze wordt gebruikt voor ramen of onverwarmde zolders. Hoe hoger deze waarde, hoe slechter de isolerende werking. Voor een constructie moet ofwel de Rc-waarde ofwel de U-waarde bekend zijn. • De ZTA-waarde staat voor het percentage zonlicht dat door het raam daadwerkelijk binnentreedt. Hierbij zijn voor de energie-index de volgende beslissingen volgens het ISSO beslisdiagram genomen: Constructie
Beslissingen
Vloer steenachtig monumentaal Gevel metselwerk ongeïsoleerd Gevel woonkamer aansluitend kastenwand
Geen isolatie Geen isolatie Geen isolatie
Spouw
50
Gevel met spouw
Geen isolatie
Gevelaansluiting
Geen isolatie
Houten topgevel
Geen isolatie
Deur ongeïsoleerd
Deur
Staldeur hout
Deur
Raam hout achterzetglas
Hout of kunststof
Voorzetraam
Raam hout enkel beglaasd
Hout of kunststof
Enkel glas
Raam gietijzer enkel beglaasd
Metaal (niet thermisch onderbroken) Geen isolatie
Enkel glas
Hellend dak ongeïsoleerd
Spouw Spouw
De genoemde typen constructies komen als volgt in de woning voor: Bouwdeel Gevel met spouw (Noord)
A [m2] 22,0
Constructie
Grenst aan
Orientatie
Gevel met spouw Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Noord
Buitenlucht
Noord
1,2
Raam hout achterzetglas
Buitenlucht
Noord
0,9
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Noord
2,0
Deur ongeïsoleerd Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Noord
Buitenlucht
Noord
1,1
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Noord
0,7
Gevelaansluiting
Buitenlucht
Noord
13,0
Houten topgevel Gevel woonkamer aansluitend
Buitenlucht
Noord
Buitenlucht
Noord
Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel met spouw (Noord)) Raam hout achterzetglas (Gevel met spouw (Noord)) Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel met spouw (Noord)) Deur ongeïsoleerd (Gevel met spouw (Noord)) Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel met spouw (Noord)) Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel met spouw (Noord)) Gevelaansluiting (Gevel met spouw (Noord)) Houten topgevel (Noord)
1,1
Gevel woonkamer aansluitend kastenwand (Noord)
6,9
0,8
51
kastenwand Raam hout enkel beglaasd (Gevel woonkamer aansluitend kastenwand (Noord)) Deur ongeïsoleerd (Gevel woonkamer aansluitend kastenwand (Noord)) Raam hout achterzetglas (Gevel woonkamer aansluitend kastenwand (Noord)) Raam hout enkel beglaasd (Gevel woonkamer aansluitend kastenwand (Noord)) Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)
0,8
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Noord
2,0
Deur ongeïsoleerd
Buitenlucht
Noord
1,2
Raam hout achterzetglas
Buitenlucht
Noord
0,9
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Noord
28,1
Buitenlucht
Zuid
Staldeur hout (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Staldeur hout (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Staldeur hout (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Staldeur hout (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Raam gietijzer enkel
1,5
Gevel metselwerk ongeïsoleerd Staldeur hout
Buitenlucht
Zuid
0,2
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
Zuid
9,3
Staldeur hout
Buitenlucht
Zuid
0,2
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
Zuid
1,5
Staldeur hout
Buitenlucht
Zuid
0,5
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
Zuid
0,1
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
Zuid
0,7
Staldeur hout
Buitenlucht
Zuid
0,1
Raam gietijzer
Buitenlucht
Zuid
52
beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)) Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Zuid)
enkel beglaasd
3,3
Gevel metselwerk ongeïsoleerd Houten topgevel Gevel met spouw Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Zuid
Buitenlucht
Zuid
Buitenlucht
Oost
Buitenlucht
Oost
0,4
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Oost
0,3
Gevelaansluiting
Buitenlucht
Oost
14,8
Gevel metselwerk ongeïsoleerd Deur ongeïsoleerd
Buitenlucht
Oost
Buitenlucht
Oost
0,1
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
Oost
0,1
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
Oost
0,1
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
Oost
1,2
Staldeur hout
Buitenlucht
Oost
0,5
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Oost
0,3
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
Oost
Houten topgevel (Zuid)
6,3
Gevel met spouw (Oost)
9,0
Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel met spouw (Oost)) Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel met spouw (Oost)) Gevelaansluiting (Gevel met spouw (Oost)) Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)
0,9
Deur ongeïsoleerd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)) Staldeur hout (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)) Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)) Raam hout enkel beglaasd niet
1,6
53
monumentaal (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (Oost)) Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)
9,4
Gevel metselwerk ongeïsoleerd Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
West
Buitenlucht
West
Gevel metselwerk ongeïsoleerd Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
West
Buitenlucht
West
0,4
Raam hout enkel beglaasd
Buitenlucht
West
1,8
Staldeur hout
Buitenlucht
West
0,1
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
West
0,1
Raam gietijzer enkel beglaasd
Buitenlucht
West
4,2
Hellend dak ongeïsoleerd Hellend dak ongeïsoleerd Hellend dak ongeïsoleerd Hellend dak ongeïsoleerd Hellend dak ongeïsoleerd Vloer steenachtig monumentaal
Buitenlucht
Zuid
Buitenlucht
West
Buitenlucht
Oost
Buitenlucht
Oost
Buitenlucht
West
Grond
Horizontaal
Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)) Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)
1,1
Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)) Raam hout enkel beglaasd niet monumentaal (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)) Staldeur hout (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)) Raam gietijzer enkel beglaasd (Gevel metselwerk ongeïsoleerd (West)) Hellend dak ongeïsoleerd (Zuid) Hellend dak ongeïsoleerd (West) Hellend dak ongeïsoleerd (Oost) Hellend dak ongeïsoleerd (Oost) Hellend dak ongeïsoleerd (West) Vloer steenachtig monumentaal (Horizontaal)