Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Commissie Omgevingskwaliteit van 18 september 2025 Agenda bijlagen Agpunt 4D Uitnodiging bijeenkomst TBC-lighallen def Agpunt 6A Optie beeld Jozef kunstlijst Agpunt 6B Concept beschrijving H Jozefbeeld Dijkstraat 6 Aalten gewijz 8 april 2025 Agpunt 7A EINDCONCEPT Waardestellend culthist oz vm Chr HBS Schaersvoorde Aalten Agpunt 7B Slingelaan 28 Aalten redengevende besch vm Chr. HBS CONCEPT 3 september 2025 Agpunt 8A Beschrijving Agpunt 8B Trafohuisjes Top 13 met foto Agpunt 9A Verzoek sraatnaamgeving Agpunt 9B Uitvoeringsvoorschriften Straatnaamgeving Aalten 2013 1 Opening 2 Vaststelling agenda Mogelijkheid tot toevoegen agendapunten 3 Besprekingsverslag vorige vergadering - D.d. 19 juni: geen besprekingsverslag, ivm geen openbaar deel 4 Ingekomen stukken/stukken ter kennisname A Tijdsplanning archeologische waardenkaart B Stand van zaken erfgoednota C Invulling vertegenwoordiger Bredevoorts Belang D Uitnodiging feestelijke bijeenkomst afronding reconstructie TBC-lighalletjes 5 Terugkoppeling aanzet nieuwe structuur 6 Jozefbeeld bij Jozefschool Dijkstraat 6 Aalten - Bijlagen: A Informatie over de gemeentelijke kunstlijst B Aangepaste redengevende beschrijving 7 Rapport karakteristieke waarde en redengevende beschrijving HBS gebouw - Bijlagen: A Rapport eindconcept waardestellend culthuurhistorisch onderzoek voormalig CHR.
HBS Schaersvoorde Aalten B Redengevende beschrijving Slingelaan 28 (Christelijke H.B.S.) 8 Lijst selectie transformatorhuisjes - Bijlagen: A Beschrijvingen B Trafohuisjes Top 13 met foto 9 Ingekomen verzoek tot straatnaamgeving - Bijlage: A Verzoek straatnaamgeving omtrent benoeming naar een persoon (verzetsvrouw WOII) B Uitvoeringsvoorschriften straatnaamgeving 10 Terugkoppeling mandaatcommissie omgevingskwaliteit 11 Agendapunten volgende vergadering d.d. 18 december 2025 12 Nabespreking Erfgoedprijs 2025 13 Rondvraag 15 Sluiting
Bredevoorts Belang Markt 8 7126, Bredevoort bredevoortsbelang@gmail.com
Bredevoort 21-08-‘25 Aan: Vrijwilligers, sponsoren en andere betrokkenen bij het erfgoed in Bredevoort Onderwerp: uitnodiging feestelijke bijeenkomst afronding reconstructie TBC-lighalletjes
Beste mensen, In de periode 2024-2025 zijn de beide monumentale Tbc-lighalletje in het Vestingpark Bernardus gerestaureerd of beter gezegd gereconstrueerd. Tijdens de komende open monumentendagen willen we graag op feestelijke wijze vieren dat dit project succesvol is afgerond en we nodigen u / jou / jullie daarbij van harte uit. Datum: Zaterdag 13 september Tijd: 11.00-11.45 uur, inloop vanaf 10.45 uur Plaats: Terras achter Boutique hotel De Heerlyckheid Het programma is als volgt: 10.45 uur Ontvangst met kop koffie/thee 11.00 uur Wandeling naar Tbc-lighalletjes 11.05 uur Inleidend woordje door Jochem Meulenbeek, voorzitter Bredevoorts Belang 11.10 uur Onthullen erfgoedpaneel door burgemeester Stapelkamp en Jochem Meulenbeek Gevolgd door korte toespraak burgemeester Stapelkamp 11.15 uur Wandeling door park langs andere monumentale gebouwtjes als Theehuisje, Lourdesgrot en terug het voormalige ‘R.K. Sanatorium Breedevoort’ 11.30 uur Bekijken expositie van ansichten en ander materiaal over de sanatorium periode 1907-1930 11.45 uur Einde officieel gedeelte.
We hopen van harte jullie welkom te mogen heten op zaterdag 13 september.
Met vriendelijke groeten, Jos Betting, eigenaar Boutique Hotel De Heerlyckheid Bestuur Vereniging Bredevoorts Belang, eigenaar Vestingpark
Jozef beeld Wat kan er verder als het geen gemeentelijk monument wordt: • • •
•
De gemeente kan erkennen dat het beeld belangrijk is door het te plaatsen op de gemeentelijke lijst met kunstwerken in de openbare ruimte. Deze lijst is aanwezig in de gemeente Aalten. Dit legt alleen geen juridische verplichtingen op omdat: - Het een inventarisatie c.q. beheerlijst betreft. De lijst is puur informatief. - De gemeente Aalten heeft geen formeel vastgesteld cultuurregister en geen koppeling met de monumentenverordening zodat bepalingen zoals een vergunningplicht bij verplaatsing of verwijdering niet van toepassing is . - Geen juridische bescherming zoals bij een gemeentelijk monument. - Geen formele rechten of verplichtingen voor de eigenaar van het terrein. Kunstwerken worden adhoc meegenomen in het onderhoud.
Alternatief Naast het opnemen op de gemeentelijke lijst afspraken maken tussen de gemeente en school, waarin het volgende wordt geregeld: • • • • • •
Gezamenlijke erkenning van de lokaal historische waarde van het beeld; Dat behoud het uitgangspunt is; Dat het beeld alleen met instemming van alle ondertekenaars verplaatst of verwijderd mag worden; De school zorgdraagt voor dagelijks toezicht (signaleren van schade, vandalisme, calamiteiten). De gemeente zorg draagt voor technisch onderhoud (schoonmaak, reparatie) Eventueel een derde partij betrekken voor het toezicht en het onderhoud. (adoptie beeld/kunstwerk)
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
gemeente postcode + plaats straat + huisnr. naam object
: AALTEN : 7121 ET AALTEN : Dijkstraat bij 6 : Beeld van H. Jozef
bescherming
: verzoek tot aanwijzing gemeentelijk monument
oorspr. functie huidige functie
: bouwfragment/ornamentiek : vrijstaand herdenkingsbeeld
bouwjaar kunstenaar/architect stijl
: 1902 (vermoedelijk) : onbekend :
beschrijver datum beschr. datum foto bronnen
: Gelders Genootschap/RO : 24 januari 2025 / 8 april 2025 : 22 oktober 2024 :informatie van de verzoeker, - aanwijzingen mw. P. Verhoeven museum Catharijneconvent Utrecht - www.oudaalten.nl
GELDERS GENOOTSCHAP
1
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
Omschrijving Zandstenen beeld van de Heilige Jozef met het Goddelijke Kind Jezus, staande tegen de voorgevel van de St. Jozefschool aan de Dijkstraat 6. Historie en ligging De voorganger van de St.-Jozefschool werd in 1882 gesticht als Bewaar- en Naaischool voor meisjes. Op 1 augustus 1884 werd deze voorganger omgevormd tot de school St.Jozef voor gewoon lager onderwijs voor meisjes en in juni 1886 ook tot jongensschool voor gewoon lager onderwijs. ‘Reeds jaren lang hadden wij den wensch gekoesterd het beeld van den H. Jozef, den bijzonderen patroon dezer school, in de daartoe bestemde nis te zien prijken, doch ter oorzake der vrij hooge onkosten daaraan verbonden, moest die wensch tot nu toe onvervuld blijven. Eindelijk is de Z. Eerw. Heer Pastoor er in geslaagd, die moeilijkheid uit den weg te ruimen, en werd op 21 juni 1902 het fraaie beeld van Jezus H. Voedstervader met het Goddelijke Kindje op de speelplaats aangebracht, tot groote vreugde van ons allen. Op 9 juli d.v. is door de Z. Eerw. Heer Pastoor, J.B. Wubbels, omringd van alle Zusters en de geheele schooljeugd, het beeld plechtig ingezegend.’ (bron: herinneringsuitgave Jozefschool, jaartal en auteur onbekend, p.15)
In de periode van het Rijke Roomse leven zijn er veel van soortgelijke heiligenbeelden gemaakt die gevels van (semi-)religieuze gebouwen sierden en kerkinterieurs opluisterden. Veel van deze beelden zijn overigens ook alweer verdwenen of dreigen te verdwijnen. Ook van de H. Jozef zijn rond 1900 talloze beelden gemaakt door diverse ateliers. Op basis van de stilistische kenmerken is het zeer lastig om het beeld toe te schrijven aan een bepaald atelier. Ook lijkt het beeld niet gesigneerd. Het beeld van de H. Jozef is dus in 1902 ontworpen en op maat gemaakt voor een al bestaande nis in de gevel van de school uit 1882-1886. Het beeld staat nu op het voorplein, tegen het linkerdeel van de voorgevel van de huidige St. Jozefschool aan de Dijkstraat 6 in Aalten. Het heeft oorspronkelijk tussen 1902 en 1975 in een nis boven de hoofdingang van de toenmalige St. Jozefschool gestaan. De school uit 1884 is gesloopt en in 1975 vervangen door de huidige school in een kenmerkende post ’65architectuur. In september 1976 werd de school geopend. Het beeld uit 1902 herkreeg een nieuwe plaats op het voorplein. Later is het beeld nogmaals verplaatst tegen de voorgevel, waar het nu wat verscholen achter het opgaande groen staat.
GELDERS GENOOTSCHAP
2
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
Beschrijving beeld Het gaat om een neogotisch beeld van de H. Jozef met Kindje Jezus op zijn rechterarm. Met zijn linkerarm houdt hij zijn mantel omhoog. Het is gemaakt van zandsteen (vermoedelijk Bentheimer steen) en staat op een kleine sokkel. Het beeld is ca 2,0 meter hoog
GELDERS GENOOTSCHAP
3
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
Waardering Kunsthistorische waarden De kunsthistorische waarde van het beeld wordt vooralsnog als laag aangemerkt. Dit wordt bepaald door de beschikbaarheid van dergelijke beelden, die destijds in grote aantallen, haast productiematig, zijn vervaardigd. Het beeld lijkt niet gesigneerd door het atelier of de kunstenaar. Desalniettemin is er wel sprake van enig vakmanschap van het atelier en de beeldhouwer. Het beeld is op meerdere plekken beschadigt door weersinvloeden, omdat het al langer tijd niet beschut staat. Op basis van deze argumenten vertegenwoordigt het beeld vooralsnog een lage kunsthistorische waarde. Ensemblewaarden Het beeld is gemaakt als onderdeel van de gevelornamentiek van het inmiddels verdwenen schoolgebouw, dat niet direct bij de oplevering van de school (1882) lijkt te zijn geplaatst, maar pas op een later tijdstip (1902). Na de sloop van de school kreeg het beeld als bouwfragment of ornament een nieuwe vrijstaande (museale) opstelling op het voorplein van de nieuwe school. Van oorspronkelijke context en ensemble is daardoor geen sprake (meer). Tot slot wordt door de verzoeker(s) aangegeven dat het beeld nog steeds verplaatsbaar moet zijn als ontwikkelingen daar aanleiding voor zijn. Cultuurhistorische waarden Het beeld vertegenwoordigt vooral een lokaal-historische waarde.
Het beeld verbeeld mede de emancipatie van het katholieke volksdeel in het overwegend en dominant reformatorische dorp Aalten aan het eind van de 19de eeuw en het begin van de 20ste eeuw. In mindere mate herinnert het beeld ook aan de inspanningen van de van de zusters Franciscanessen van het aangrenzende St. Elisabethgesticht en aan de inspanningen van de textielondernemers Driessen. Deze ondernemers waren in het vierde kwart van de 19de eeuw van grote betekenis voor de gelijkwaardige positie van katholieken in Aalten en stimuleerden het R.K. lager onderwijs. Tot slot symboliseert de H. Jozef met het kind op de arm de erfenis uit het verleden waarop de huidige St.Jozefschool is gebouwd. Advies. Op basis van bovengenoemde argumenten heeft het beeld onvoldoende waarde om het voor te dragen als beschermd gemeentelijk monument, zoals bedoeld in artikel 3 van de Erfgoedverordening gemeente Aalten 2017. Het beeld vertegenwoordigt wel degelijk lokaal-historische waarde, waardoor behoud op een andere wijze wel wenselijk is. Desnoods in een meer beschutte en museale opstelling. Dit komt ook tegemoet aan de wens van de verzoeker(s) dat het beeld verplaatsbaar moet blijven. Geadviseerd wordt het verzoek tot aanwijzing als beschermd gemeentelijk monument af te wijzen. .
GELDERS GENOOTSCHAP
4
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
Het Elisabethgesticht aan de Dijkstraat, waar rechts nog een klein deel van de terug gelegen school is te zien. (bron: Oudaalten.nl)
de R.K. St. Jozefschool, waarschijnlijk kort voor de sloop in 1975. Boven de hoofdingang is het betreffende beeld te zien (bron: oudaalten.nl)
GELDERS GENOOTSCHAP
5
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
Beeld van de sloop van de school en het gespaarde beeld, dat hier wordt gereinigd. (bron: parochie St.Ludger/Paulus)
oorspronkelijke plaats van het beeld na de opening van de nieuwe school in 1975. GELDERS GENOOTSCHAP
6
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
detailfoto’s van de hoofden
GELDERS GENOOTSCHAP
7
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
schade aan de hals en de nek
voet van het beeld
GELDERS GENOOTSCHAP
8
ERFGOED
MOTIVERING NIET AANWIJZEN GEMEENTELIJK MONUMENT
H. JOZEFBEELD, DIJKSTRAAT BIJ 6, AALTEN
verankering/afstandhouder van het beeld aan de gevel van de school.
GELDERS GENOOTSCHAP
9
ERFGOED
Inhoud 1
Inleiding ........................................................................................................................................................................................................... 2
2
Ruimtelijke en historische context .............................................................................................................................................. 4 2.1 Historische schets van de omgeving ..................................................................................................................................... 4 2.2 Wederopbouw 1940-1965.............................................................................................................................................................. 5 2.3 De aanleiding voor de bouw .........................................................................................................................................................6 2.3 Scholenbouw na de Tweede Wereldoorlog ........................................................................................................................7 2.4 De totstandkoming van de H.B.S. ...........................................................................................................................................9 2.5 De architectuur van de Wederopbouw................................................................................................................................14 2.6 De architecten Hendrik Geels (1906-1978) en Wim Hebly (1908-1996)..................................................
15 2.7 Het oorspronkelijke schoolgebouw en de latere bouwfasering ......................................................................... 18 2.7.1 Bouwfase 0, 1959 ..................................................................................................................................................................... 18 2.7.2 Bouwfase 1, 1971-1975 ....................................................................................................................................................... 19 2.7.3 Bouwfase 2, 1995-1996 ......................................................................................................................................................20 2.7.4 Bouwfase 3, 2001-2002 ...................................................................................................................................................... 22 2.7.5 Bouwfaseringsoverzicht ....................................................................................................................................................... 23
3
Beschrijving van de school (fase 0: 1959)..........................................................................................................................24 3.1
Aanleg ...............................................................................................................................................................................................24
3.2
Hoofdvorm .....................................................................................................................................................................................24
3.3
Exterieur .........................................................................................................................................................................................24
3.3.2 Middenvleugel, gevel C en D ........................................................................................................................................... 27 3.3.3 Rechtervleugel, gevel G, H en I .................................................................................................................................... 28 3.3.4 Kantine/overblijflokaal, gevel J, K en L ...................................................................................................................30 3.4
Interieur .......................................................................................................................................................................................... 32
3.4.1 Algemeen ....................................................................................................................................................................................... 32 3.4.2 Linkervleugel ...............................................................................................................................................................................34 3.4.3 Middenvleugel............................................................................................................................................................................. 38 3.4.4 Rechtervleugel,..........................................................................................................................................................................42 3.4.5 Kantine/overblijflokaal: .......................................................................................................................................................45 3.5
Toegepaste wandkunst interieur ...................................................................................................................................47
3.6 Bijgebouwen en terrein ................................................................................................................................................................ 49 3.6.1 Conciergewoning ..................................................................................................................................................................... 49 3.6.2 Fietsenstalling.............................................................................................................................................................................50 4
Waardenstelling........................................................................................................................................................................................ 51 4.1 Externe of contextuele waardenstelling ............................................................................................................................. 51 4.2 Interne of intrinsieke waardenstelling ............................................................................................................................... 53
5. Conclusie, advies en aanbeveling ................................................................................................................................................. 57 5.1 Conclusie ................................................................................................................................................................................................. 57 5.2 Advies ........................................................................................................................................................................................................ 57 5.3 Aanbevelingen ..................................................................................................................................................................................... 57 6. Bronnen............................................................................................................................................................................................................ 58 Bijlage ......................................................................................................................................................................................................................
59 Plattegronden met waardestelling .................................................................................................................................................. 59
1
1
Inleiding
Administratieve basisgegevens Adres: Postcode: Coördinaten: Status: Onderzoek: Functie: Bouwjaar:
Slingelaan 28 7122 AW Aalten X = 236.577, Y = 438.156 niet beschermd cultuurhistorische verkenning met waardestelling onderwijs 1959
In opdracht van de gemeente Aalten is dit waardestellend onderzoek uitgevoerd met als doel om inzicht te krijgen in de cultuurhistorische waarden van het oorspronkelijke schoolgebouw uit 1959. Het gebouw aan de Slingelaan, dat sinds 1959 dienst doet als schoolgebouw, wordt nog steeds gebruikt door het (Christelijk College) Schaersvoorde. In januari 2025 heeft de gemeenteraad van Aalten een motie van D66 aangenomen en besloten te onderzoeken of het gebouw uit 1959 een karakteristieke en/of monumentale waarde heeft. Het Gelders Genootschap is gevraagd dit onafhankelijke onderzoek uit te voeren. Onderzoeksopzet Het onderzoek is voor een groot deel gebaseerd op de criteria uit de Uitvoeringsrichtlijn (URL) 2007 van de stichting ERM. Het onderzoek is opgebouwd uit een aantal onderdelen: Literatuuronderzoek Het inventariseren van direct beschikbare gegevens uit de literatuur. Een belangrijke bron van informatie vormden de websites Delpher en Oud Aalten. Voor de informatie over de toegepaste kunst in de school danken we Remco Neerhof van ‘Oud Aalten’ voor het speurwerk. Archiefonderzoek Het raadplegen van het bouwarchief bij het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (ECAL) Het raadplegen van beeldbanken voor historische afbeeldingen en kaarten. Veldwerk Het veldwerk op locatie heeft plaatsgevonden op 29 april en 9 mei 2025.
Aan de hand van de verschijningsvorm, de constructie, de indeling en het interieur, zijn de zichtbare bouwfasen en veranderingen van het gebouw gedocumenteerd. Dankzij de welwillende medewerking van de school (in de persoon van de heer Pascal Koolhof) waren er geen beperkingen voor het locatieonderzoek. Conclusie en advies Naast de waardenstelling worden in hoofdstuk 5 adviezen en aanbevelingen gegeven voor verder onderzoek en behoud.
2
“Een groot aantal belangstellende vertegenwoordigers…zijn gistermiddag getuige geweest van de officiële opening van de nieuwe Chr. H.B.S. te Aalten, een monumentaal schoolgebouw dat zeker als een sieraad voor heel de streek kan worden beschouwd..” (18 november 1960)
3
2
Ruimtelijke en historische context
2.1 Historische schets van de omgeving Het dorp Aalten ligt in de gelijknamige gemeente in het oostelijke deel van Nederland in de provincie Gelderland in de Achterhoek. Aalten ligt op de rand van het Oost-Nederlands Plateau, die loopt van Aalten, via Groenlo naar Eibergen. De gemeente Aalten bestaat verder uit het stadje Bredevoort, de dorpen Dinxperlo en De Heurne en de buurtschappen Barlo, Dale, Haart, Heurne, Lintelo, IJzerlo en ’t Klooster. Vanaf halverwege de 19de eeuw ontwikkelde Aalten zich van een agrarische nederzetting door industrialisatie en een spoorwegaansluiting tot een aanzienlijk dorp. Tijdens de Tweede Wereldoorlog herbergde het dorp de meeste joodse en niet-joodse onderduikers van Nederland, tot wel 2.500 op een inwoneraantal van 13.400. Aalten vervult, naast de basisscholen en twee scholen voor speciaal onderwijs, een centrumfunctie voor het protestants-christelijk voortgezet onderwijs1. De voormalige H.B.S. ligt in het gebied dat bekend staat als ’t Dal en ontleent haar naam aan het beekdal van de Boven-Slinge (in Aalten ook wel Slingebeek genaamd). Een beek die bij Kotten en Woold (gemeente Winterswijk) Nederland binnenkomt en verder als Bielheimerbeek bij Gaanderen in de Oude IJssel uitmondt2. Na de Tweede Wereldoorlog werd de beek in Aalten gekanaliseerd om ruimtelijke ontwikkelingen in het zuiden en westen van het dorp mogelijk te maken.
Daar, op een ruim terrein van meer dan 1,5 hectare, werd de school gebouwd aan een nieuwe ontsluitingsweg; de Slingelaan.
Links: topografische kaart van het dorp Aalten met in rood aangegeven de schoollocatie (bron: openbasiskaart.nl) Rechts: Actueel hoogtebestand. Rechts het hoger gelegen centrum en links het lagere beekdal van de BovenSlinge. In het midden de schoollocatie. (bron: ahn.nl)
1 2
nl.wikipedia.org/wiki/Aalten_(dorp) nl.wikipedia.org/wiki/Boven-Slinge
4
1900
1936
1955
1966
1975
2000
Ontwikkeling van het gebied tussen 1900 en 2000 aan de hand van topografische kaarten. (Bron: topotijdreis.nl)
2.2 Wederopbouw 1940-1965 De wederopbouwperiode (1940-1965) wordt steeds meer gezien als een belangrijk tijdvak in de Nederlandse architectuur- en stedenbouwgeschiedenis. Het is een periode van vernieuwing op het gebied van architectuur door de toepassing van nieuwe materialen en werkwijzen. Maar ook van het stedenbouwkundige ontwerp door nieuwe verkavelingpatronen, nieuwe ideeën over gemeenschapsvorming en een belangrijkere rol van het verkeer in de ruimtelijke ordening. Bestaande kwaliteiten van deze gebouwen en gebieden worden vaak nog onvoldoende erkend en herkend. Dit geldt met name ook voor de scholen en de naoorlogse woonwijken. Want het fysiek ingrijpen door sloop van gebouwen, in het belang van de volkshuisvesting en het onderwijs, is vaak en vroeg al een uitgangspunt. Scholen werden al snel te klein en breidden vaak meermalen uit en niet altijd even zorgvuldig. De overweging om alles te slopen en nieuw te bouwen is dan ook begrijpelijk. Het aantal scholen uit de wederopbouwjaren is sinds 2000 dramatisch afgenomen. Dat geldt ook in de gemeente Aalten. Deze innovatieve bouwwerken, waar kunst en architectuur op een zeldzame wijze samengaan, zijn als gevolg van andere inzichten in het onderwijs en krimp in hoog tempo
5
verdwenen. Door te zoeken naar een goede herbestemming kunnen ze de rol die ze verdienen blijven vervullen in de maatschappij.
2.3 De aanleiding voor de bouw In een krantenartikel “Ook Aalten krijgt nu nieuwe woonwijken” uit 1956 3 laat de journalist zich uit dat het met de woningbouw in Aalten merkwaardig is gesteld. “Wordt er eigenlijk wel gebouwd? En waar dan? “Overal!” is het antwoord. De honderden huizen die na de bevrijding van Aalten zijn gebouwd, liggen namelijk niet in één wijk, maar her en der verspreid over het dorp. In tegenstelling tot veel steden en dorpen waar (vooroorlogse) uitbreidingsplannen klaar lagen, was het Aaltense woningbouwbeleid er op gericht om het dorp geleidelijk een wat compacter aanzien te geven en de ‘gaten’ tussen de linten te vullen. Zo werd er ogenschijnlijk efficiënt gebouwd, waardoor er in de eerste naoorlogse jaren vooralsnog “geen grote uniforme ‘krappe’ nieuwbouwwijken verrezen, maar ‘riante’ kleinschalige buurten”, aldus de krant. Toch ontkwam Aalten niet aan opschaling van de woningbouwcapaciteit. In de tweede helft van de jaren 50 ontstonden uitbreidingsplannen voor Aalten-Zuid, de Meiberg (noord) en ’t Dal (west). Daar waar in Aalten-Zuid en de Meiberg veel complexmatige bouw werd gerealiseerd, werd in ’t Dal veel particuliere woningbouw ontwikkeld. De bestaande Dalweg werd hiervoor doorgetrokken, waar aan het eind de Christelijke Streek-H.B.S.. zou verrijzen.
Plan ‘Meiberg’. Afbeelding bij artikel ‘Terreinen voor honderd woningen’ (bron: Twentsch dagblad Tubantia 3 december 1955;)
3
Twentsch dagblad Tubantia, 31 oktober 1956, via delpher.nl
6
2.3 Scholenbouw na de Tweede Wereldoorlog Na de Tweede Wereldoorlog was de noodzaak om het aantal scholen uit te breiden erg groot geworden. Veel scholen waren beschadigd en door de in 1942 afgekondigde bouwstop was er nagenoeg niet meer gebouwd. Ook het groot aantal geboortes vanaf 1945 (de babyboom) zorgde daarbij voor een sterke uitbreidingsbehoefte. De rijksoverheid had de centrale leiding over de scholenbouw. Elk jaar werden in een bouwprogramma de bouwvolumes vastgesteld voor scholen in het totaal, maar ook met betrekking tot de verschillende takken van onderwijs. Na de oorlog was niet de bouwcapaciteit, maar de behoefte van de gemeente maatgevend voor het bouwprogramma. Daarom werd voorrang verleend aan herbouw in de zwaarst getroffen provincies; Gelderland, Limburg, Noord-Brabant en Zeeland. In de eerste naoorlogse jaren werden op grote schaal nood- en semipermanente scholen gebouwd met een eenvoudige plattegrond en een goedkope en lichte bouwconstructie. Door een andere financiering en het stimuleren van systeembouw nam de scholenbouwproductie vanaf 1958 fors toe. Belangrijk in de naoorlogse onderwijsvernieuwing was de overgang van een passief klassikaal en kennisgericht onderwijs naar een meer actievere vorm met een losser klassenverband.
Verdere individualisatie en de differentiatie van het onderwijs zorgden voor een grotere bewegingsvrijheid in het lokaal, meer zelfwerkzaamheid en daardoor een losser klassenverband. Dit leidde ook tot de Mammoetwet uit 1968. Maar ook kreeg de scholenbouw in Nederland belangrijke nieuwe impulsen vanuit het buitenland, vooral uit Engeland, Duitsland, Scandinavië en de Verenigde Staten. Een belangrijk thema uit deze invloeden was het ontstaan van een centrale hal in de school. In de eerste tien jaar na de Tweede Wereldoorlog zag je in de Nederlandse scholenbouw een ombuiging van het streven naar monumentaliteit en representativiteit van de gebouwen naar een meer zakelijke benadering, waarbij het schoolgaande kind centraal staat. Een bekend type schoolgebouw vormt hierbij het H-type. Een school van dit type heeft een H-vormige structuur. De lokalen voor lesgeven en de overige ruimten voor algemeen gebruik zijn samengebracht in één of meerdere evenwijdige vleugels. De vleugels worden met elkaar verbonden door haaks daarop staande verbindingen met trappenhuizen. De H.B.S. in Aalten is ook volgens dit principe ontworpen.
Rhedens Lyceum in Rozendaal, een school van het paviljoentype uit 1958 naar ontwerp van ir. R.D. Bleeker. (bron: ”Bouwkundig Weekblad, 1961, nr. 21)
7
RK HBS Marianum in Groenlo, gebouwd in 1959-1961 naar ontwerp van architectenbureau Wiegerinck en Van Balen. (bron marianum.nl)
Rietveld Lyceum Doetinchem (bouwjaar 1961-1971), naar ontwerp van Gerrit Rietveld en Johannes van Tricht. Gemeentelijk monument (bron: pouhou.aminus3.com)
Scholen in de gemeente Aalten De scholenbouw beleefde in de wederopbouwjaren in de gemeente Aalten een bloeiperiode als gevolg van spectaculaire groei van de dorpen Aalten en Dinxperlo. In de gemeente Aalten zijn in tegenstelling tot andere gemeenten in de regio nog maar een relatief klein aantal schoolgebouwen voor basis- en voortgezet onderwijs uit de wederopbouwjaren bewaard gebleven en ze zijn vaak ingeruild voor woningbouw.
8
Karakteristieke voorbeelden van deze nieuwe scholen in de gemeente Aalten waren o.a. in het dorp Aalten de Lagere landbouwschool (Lijsterbeslaan 3, gebouwd in 1963, gesloopt 1998-1999) en de Lagere Technische School (Ludgerstraat, gebouwd 1955 en gesloopt in 2007). Andere voorbeelden in de gemeente zijn de Dominee van Dijkschool in Dinxperlo (gesloopt) en de school op ‘t Zand in Bredevoort (herbestemd).
2.4 De totstandkoming van de H.B.S. De ‘hogereburgerschool’ (ook: hogere burgerschool; destijds altijd afgekort tot hbs) was vanaf 1863 een Nederlandse onderwijsvorm voor voortgezet middelbaar onderwijs. Met de invoering van de Mammoetwet in 1968 werd de H.B.S. opgevolgd door de vijfjarige havo en het zesjarige vwo (inclusief het zesjarige atheneum, naast het vanouds bestaande gymnasium). Naast de H.B.S. (voor ‘burgers’) bestond er parallel in naam en functie de in 1868 opgerichte Hogere Krijgsschool (H.K.S.) voor hogere functies in het leger. Nadat de ‘Vereniging voor Christelijk Middelbaar- en voorbereidend hoger onderwijs voor Gelderlands Oosthoek’ besloot in Aalten te starten met een H.B.S., werd vanaf het schooljaar 1955-1956 in een leeggekomen school aan de Haartsestraat begonnen met 50 leerlingen. Tot die tijd waren leerlingen aangewezen op Zutphen of Arnhem. Het aantal leerlingen groeit snel en plannen voor een nieuw te bouwen school worden al in 1957 gemaakt, blijkt uit de datering van de eerste bouwtekeningen. ‘ Christ. H.B.S. te Aalten’ , Nijmeegsch Dagblad (27 augustus 1955)
Start van de bouw in januari 1959 met de eerste palen. Op de achtergrond de bebouwing aan de Willemstraat. (bron: Facebook/oud Aalten).
Nadat bouwbedrijf Schipper & Meijerink uit Hengelo (ov) op 10 oktober 1958 de aanbesteding won voor ‘de bouw van een schoolgebouw met rijwielberging en conciërge-woning’, worden in januari 1959 de eerste palen in de grond geslagen, waarna de bouw in fasen word opgeleverd. Op 1 september kan namelijk de linker praktijkvleugel van de school al in gebruik worden genomen.
9
De linker vleugel in aanbouw met op de voorgrond de conciërgewoning. Foto genomen in het voorjaar/zomer van 1959 vanaf de Willemstraat (bron: Facebook/oud Aalten)
Zicht op de rechtervleugel vanaf de middenvleugel. Datering vermoedelijk najaar 1959/voorjaar 1960. De bekisting van de kolommen voor het gymnastieklokaal wordt gemaakt. Op de achtergrond de RK Helenakerk aan de Dijkstraat. (bron: Facebook/oud Aalten)
10
Links: Zicht op de achtergevel van de middenvleugel met op de achtergrond de inmiddels voltooide linker vleugel en de kenmerkende zeshoekige schoorsteen. Vermoedelijk najaar 1959/voorjaar 1960 (bron: Facebook/oud Aalten) Rechts: Aanbrengen voegwerk in de voorgevel van de middenvleugel. Zomer 1960 (Bron: Facebook/oud Aalten)
Zicht vanaf de kruising Slingelaan met de Beeklaan/Van Heemskerckstraat tijdens de school in aanbouw. Voorjaar 1960. (Bron: Facebook/oud Aalten)
11
Bereiken van het hoogste punt door het plaatsen van de kop van de schoorsteen. Datering vermoedelijk voorjaar 1960 (bron: Facebook/oud Aalten)
In de loop van 1960 wordt de rest van het complex opgeleverd, waarna de officiële opening plaats vindt op 18 november. Dagblad Tubantia schrijft hierover op 19 november:
“Een groot aantal belangstellende vertegenwoordigers…zijn gistermiddag getuige geweest van de officiële opening van de nieuwe Chr. H.B.S. te Aalten, een monumentaal schoolgebouw dat zeker als een sieraad voor heel de streek kan worden beschouwd..”
Overzichtsfoto kort na de oplevering, genomen vanaf de Slingelaan. (bron: Facebook/ oud Aalten)
12
Johan Grievink is oud-leerling en schetst in april 2025 onder een bericht van Oud Aalten zijn ervaringen over de H.B.S.: “Op 1 september 1959 werd de linkervleugel van het gebouw in gebruik genomen voor de exacte vakken (biologie, natuurkunde en scheikunde), tekenen en aardrijkskunde. Bovendien was er een kleine bibliotheek met veel boeiende leesboeken. Daar heb ik met veel plezier in mijn eerste schooljaar de tussenuren doorgebracht. De rest van het gebouw werd een jaar later opgeleverd voor algemeen gebruik. De vooringang was gereserveerd voor de directeur, docenten en gasten. Als leerling had je daar niets te zoeken, zo was de boodschap van de directie; de leerlingen gaan achterom naar binnen, langs de werkkamer van de conciërge, de streng-vriendelijke heer Wevers. Dat strakke reguleren paste bij de hiërarchie en de orthodoxie die toen heersten op deze school. De school kreeg al snel een uitstekende reputatie in Den Haag voor haar examenprestaties en studievoortgang. Of dat strakke regime voor de leerlingen ook prettig was is een andere zaak. Ik ervoer het vele huiswerk als een strak korset dat weinig ruimte liet bij de leerlingen voor vrije tijd en fantasie. Daar werd toen weinig rekening mee gehouden. In 1964 ben ik met HBS-B diploma vertrokken naar de Universiteit Twente. Daar ervoer ik het inhoudelijk veel zwaardere studieprogramma als een grote verademing.
Er was veel meer ruimte om na te denken en dingen uit te zoeken. Al met al heb ik mixed feelings bij het instituut in dit gebouw en zijn toenmalige leercultuur. Al is het gebouw op zich een mooi monument van die tijd dat het behoud waard is.”
Luchtfoto van wijk ’t Dal vanaf het westen. Datering 1964. Op de achtergrond de Oude Helenakerk op de Markt en midden onder de H.B.S. (bron: Facebook/ oud Aalten)
13
Door een groeiend aantal leerlingen werd het schoolgebouw vanaf 1970 meermalen uitgebreid met een aantal noodlokalen. In 1993 fuseerde de Christelijke HBS met andere lokale scholen, waaronder de Christelijke Technische School en de Christelijke Mavo Irene, tot het Christelijke Scholengemeenschap Aalten (CSA), later Christelijk College Schaersvoorde. Deze fusie markeerde het einde van de HBS als zelfstandige instelling. Tegelijkertijd met deze fusie werd in 1995 een grote aanbouw voltooid op het voormalige schoolplein. Tot slot vond in 2001 een laatste grote bouwcampagne plaats, toen op de plaats van noodlokalen een extra vleugel is bijgebouwd waarin vooral een mediatheek en informaticalokalen zijn ondergebracht.
2.5 De architectuur van de Wederopbouw De periode van de Wederopbouw wordt gedomineerd door drie architectuurstromingen: de Delftse School, de zogenaamde Shake-Hands architectuur en het (internationale) Functionalisme. De HBS is gebouwd in de Shake Hands-architectuur. Shake Hands Onder andere door invloed van het veranderende bouwbedrijf en opdrachtgeverschap wordt de architectuur in de loop van de jaren vijftig steeds zakelijker. In veel gebouwen worden de traditionalistische kenmerken gecombineerd met moderne constructies en materialen tot een nieuw architectonisch geheel, die daarom ook wel ‘Shake Hands’ architectuur wordt genoemd, waarbij twee stromingen samenwerken. De twee voor de oorlog recht tegenover elkaar staande opvattingen namelijk die van de ‘modernen’ (functionalisten) en die van de traditionalisten (Delftse School) komen nader tot elkaar. In de gebouwen combineren in zicht gelaten betonconstructies met baksteen, met soms sterk op het ‘esthetische’ gerichte gevelonderdelen of ornamentiek, zoals venteromlijstingen of een golvende afsluiting van de gevel.
Raadhuis gemeente Velsen, Dudokplein IJmuiden, 1962-1965, Willem Dudok. (bron: tgooi.info)
14
2.6 De architecten Hendrik Geels (1906-1978) en Wim Hebly (19081996) Hendrik Geels, geboren op 18 juni 1903 in Arnhem en aldaar overleden op 16 oktober 1978, was een Nederlandse architect die actief was in de tweede helft van de 20e eeuw. Zijn bureau was gevestigd in Oosterbeek en Arnhem en bekend onder de namen Bureau H. Geels & W. Vos en Bureau H. Geels & T. Bokhorst. Geels en Vos behoorden in de jaren veertig ook tot de architecten die opdrachten kregen voor de wederopbouw van boerderijen in de omgeving van Gendringen. Ook ontwierpen ze de nodige landhuizen en villa’s. In Arnhem ontwierp Geels onder andere de Hersteld Apostolische kerk aan de Spijkerstraat (1951) en de Uitzichtkerk aan de Zaslaan (1955) alsmede nog een zestal andere Protestantse kerken. Andere opdrachten betroffen de Gimborn-fabriek in Zevenaar (1958), het politiebureau van Emmeloord (1967)en het bejaardentehuis Vreedenhoff (1961) aan de Velperweg in Arnhem. Andere opvallende kerkgebouwen zijn de Rehobothkerk in Hilversum (1959) en de Nebokerk in Rotterdam (1964-1966). Ook scholen vormden een belangrijke categorie opdrachten zoals de inmiddels afgebroken Christelijke Technische School aan de Vijverlaan in Arnhem, de Rijksscholengemeenschap Koning Willem II in Breda en het Christelijk Lyceum in Veenendaal. Het ontwerp voor de H.B.S.
in Aalten moet gezien worden als een tijdelijke samenwerking met Willem Hebly.
Links: Hersteld Apostolische Zendingskerk, Spijkerstraat 289 Arnhem, 1951 (bron: reliwiki.nl) Rechts: Uitzichtkerk, Zaslaan 22 Arnhem, 1955. (bron: reliwiki.nl)
Links: Rehobothkerk, Kleine Drift 63 Hilversum, 1959 (bron: tgooi.info) Rechts: Zorgcentrum Vreedenhoff, Velperweg Arnhem, 1961 (bron: arnhemschecourant.nl)
15
Links: Nebokerk, Smeetlandsedijk Lombardijen Rotterdam, 1964-1966. Bron: Wederopbouw Rotterdam via Instagram. Rechts: Politiebureau Emmeloord, 1967 (bron: emmeloord.info)
Willem Hebly werd op 17 oktober 1908 geboren in Rotterdam en studeerde in 1934 af aan de Academie van Bouwkunst in Rotterdam als architect. Na een reactie op een cynisch bedoelde advertentie in een lokale Aaltense krant vestigde hij zich eind 1934 in Aalten als architect. Al direct na zijn aankomst in Aalten ontving hij een aanbod om een villa met bedrijfsgebouw te ontwerpen voor Jan Ackerman aan de Stationsstraat 55 (rijksmonument 523201). Rond zijn huwelijk in 1936 ontwierp hij twee dubbele woonhuizen aan de Wehmerstraat 1-7, waar hij zelf op nummer 7 tot 1967 ging wonen. Na de crises- en oorlogsjaren was er volop werk, zoals de wederopbouw van gebombardeerde woonhuizen en boerderijen. Het kantoor groeide naar drie tot vier medewerkers, bouwkundige tekenaars en opzichters. Willem Hebly had op het terrein van scholenbouw in Aalten al het een en ander gepresteerd, voordat hij de H.B.S. in samenwerking met Hendrik Geels mocht ontwerpen. De L.T.S. aan de Ludgerstraat en de Lagere landbouwschool aan de Lijsterbeslaan zijn inmiddels al weer afgebroken, maar de lagere landbouwschool bleek destijds het paradepaardje van het Ministerie van Landbouw en werd vanuit Den Haag met buitenlandse gasten bezocht. Zoon Just Hebly trad in 1965 als firmant in het bedrijf en tekende al snel het nieuwe woonhuis voor zijn ouders aan de Bonifaciusstraat 17.
Het architectenbureau Hebly verhuisde in 1986 van Aalten naar Winterswijk. In de tweede helft van de 80er jaren verslechterde de werkgelegenheid in de bouwwereld nog meer en begin jaren 90 werkte Just in zijn eentje de lopende opdrachten af, waarna het bureau in 1995 haar deuren sloot. Willem Hebly overleed op 7 januari 1996 op 87-jarige leeftijd
16
Links: Stationsstraat 55 Aalten, 1935. Rijksmonument 523201 (bron: Google streetview) Rechts: Wehmerstraat 5-7, 1936, Nummer 7 was woonhuis Hebly. Gemeentelijk monument (bron: oudaalten.nl)
Links: Christelijke Technische School (LTS), Ludgerstraat Aalten (bouwjaar 1955) (bron oudaalten.nl) Rechts: Lagere landbouwschool, Lijsterbeslaan Aalten (bouwjaar 1963) (bron: oudaalten.nl)
De Boven-slinge met op de Aalten 1945-1975, Beeld van een veranderend dorp, Beukelaer en Leo van der Linde ISBN 978-90-78202-87-5
17
pagina 94 (z.j.) Hans de
2.7 Het oorspronkelijke schoolgebouw en de latere bouwfasering Dit waardestellende onderzoek focust zich alleen op de oorspronkelijke bouw uit 1959. De kenmerken van deze oorsprongsfase (hieronder gedefinieerd als fase 0) worden verder uitvoerig beschreven in hoofdstuk 3.
2.7.1 Bouwfase 0, 1959 De Christelijke HBS is een omvangrijk schoolgebouw, prominent gelegen op een terrein aan de Slingelaan en de hoek met de Beeklaan. De school is oorspronkelijk opgezet op een ongelijke plattegrond van drie geschakelde vleugels van verschillende hoogten en verdiepingen in een soort H-vormige plattegrond. De vleugels onderscheiden zich in functie door een middenvleugel bestaande uit drie bouwlagen met theorielokalen, een bijna haaks hierop staande lange tweelaagse zijvleugel met vaklokalen en aan de andere zijde onder een kleine hoek gekoppelde zijvleugel met een gymnastieklokaal, annex theaterzaal. Tot slot is op de overgang tussen hoofdvolume en gymnastieklokaal een zeshoekige (hexagon-vormige) half verdiepte kantine aangebouwd. Op de overgang tussen hoofdvolume en praktijkvleugel bevond zich de formele hoofdingang. Ten noorden worden op de perceelsgrens fietsoverkappingen gesitueerd. Ten westen van de school is een conciërgewoning bijgebouwd in de vorm van een bungalow, maar verwant aan de bouwstijl van de school. Opvallend en bijzonder is dat alle gebouwen en bouwdelen voor het overgrote deel nog aanwezig en herkenbaar zijn. Zowel in het ex- als het interieur.
Overzichtsplattegrond van de oorspronkelijke bouw zonder fietsenstalling en conciërgewoning, 1959 (bron: Bouwvergunningenarchief Aalten, ECAL)
18
Luchtfoto van het scholencomplex, kort na de gereedkoming. Geheel links de conciërgewoning. (bron: oudaalten.nl)
2.7.2 Bouwfase 1, 1971-1975 Door ruimtegebrek worden in 1971, 1973 en 1975 semipermanente paviljoens tussen de school en de conciërgewoning gebouwd. Deze prefab lokaalgebouwen zijn alle drie ontworpen en gebouwd door NV Timmerfabriek De Oude IJssel uit Terborg. Door een latere uitbreiding in 2001 moesten de lokalen uit 1973 en 1975 verdwijnen. Het lokalengebouw uit 1971 is echter gespaard gebleven tot op heden, dit gebouw van ca. 3,5 x 20 x 9 meter bestaat uit drie leslokalen, een gang en een toiletgroep. Het gebouw wordt tegenwoordig gebruikt als berging.
Ontwerptekening en situering van het prefablokaal uit 1971 (bron: Bouwvergunningenarchief Aalten, ECAL)
19
2.7.3 Bouwfase 2, 1995-1996 In 1994 wordt door architect Henk Gersen van IAA Architecten uit Enschede een ontwerp gemaakt voor de bouw van een drielaags schoolgebouw, een uitbreiding van de kantine en een nieuwe hoofdingang. Het plat afgedekte schoolgebouw met een H-vormige plattegrond wordt tegen de achtergevel van de middenvleugel gesitueerd. Opvallend is dat de uitbreiding zorgvuldig tegen de bestaande school uit 1959 is aangebouwd. De uitbreiding betekende wel dat het grote besloten schoolplein, dat tussen de school en de fietsenstalling ligt, voor een groot deel werd opgeofferd.
Ontwerp van de westgevel, rechts de bestaande school (bron: bouwvergunningenarchief Aalten, ECAL)
De uitbreiding bestaat vooral uit klaslokalen, waarbij de bestaande garderobe op de begane grond wordt vergroot en als overgangsgebied gaat functioneren. Tegen het bestaande zeshoekige overblijflokaal wordt een nieuw overblijflokaal aangebouwd, maar in een afwijkende ronde hoofdvorm. Tussen dit nieuwe deel en de voorgevel van de middenvleugel wordt een nieuwe hoofdentree gemaakt. Ook aan deze zijde wordt voorzichtig aangehaakt op de oorspronkelijke structuren. Binnen bij de nieuwe hoofdentree ontstaat een nieuwe centrale verkeersruimte. De oude hoofdingang wordt kort na realisatie van deze bouwcampagne gesloten, verbouwd en uitgebreid als nieuwe docentenkamer.
Impressie van het exterieur en de aansluiting op de bestaande school in het interieur
20
Overzichtstekening van de uitbreidingen van 1995-1996 (blauw) op de oorspronkelijke structuur (rood). Links zijn de drie prefab-lokaalgebouwen (groen) nog aanwezig. (bron: bouwvergunningenarchief Aalten, ECAL)
21
2.7.4 Bouwfase 3, 2001-2002 Vijf jaar na de uitbreiding van 1995/1996 is er vanwege ruimtegebrek weer behoefte aan uitbreiding. Vooral de toenemende automatisering en digitalisering in combinatie met de ontstane behoefte voor een mediatheek, leidt tot de nieuwbouw aan de westzijde van de school. Daar waar de twee semipermanente gebouwen uit 1973 en 1975 staan wordt de nieuwbouw voorgesteld en deze tijdelijke lokalen worden dan ook verwijdert. Ook bij deze uitbreiding wordt aan de oorspronkelijke opzet en verschijningsvorm van de school niet getornd. Ook hier tekent IAA-architecten voor het ontwerp.
Links: zicht vanaf de Slingelaan op de zuidgevel van de uitbreiding uit 2001 Midden: zicht op het prefab lokalengebouw uit 1971 en rechts de uitbreiding uit 2001. Rechts: verbindingsgang van de oude school naar de nieuwbouw van 2001. Hiervoor is een toiletgroep verdwenen.
Overzichtstekening van de uitbreidingen van 2001 (blauw) op de oorspronkelijke structuur (rood). In groen nog de bestaande prefab noodlokalengebouw en de uitbreidingen van 1995-1996. Bron: bouwvergunningenarchief Aalten, ECAL.
22
De nieuwbouw is vormgegeven als een vergelijkbaar plat afgedekt volume van twee bouwlagen, en is evenwijdig geplaatst aan de oorspronkelijke linkervleugel. Het nieuwe bouwvolume wordt gekoppeld aan de bestaande linkervleugel via een nieuw tweelaags tussenlid, waarvoor een bestaande toiletruimte op de begane grond moet wijken. Links van het tweelaags volume sluit een eenlaags volume aan, bestemd voor de mediatheek. Dit eenlaags volume strekt zich tot de bestaande conciërgewoning en omsluit deze gedeeltelijk. Het interieur van de conciërgewoning wordt in deze fase integraal onderdeel van de programmering in het complex.
2.7.5 Bouwfaseringsoverzicht Op basis van de voorgaande analyse is de datering van de verschillende gebouwonderdelen weergegeven in een visualisatie. De druk op het van oorsprong ruime terrein is door deze uitbreidingen uit de jaren 1995 en 2001 toegenomen, maar door de zorgvuldige vormgeving ligt het totale complex vooral aan de west- en zuidzijde nog steeds in een groene en open omgeving.
Bouwfaseringsoverzicht
23
3
Beschrijving van de school (fase 0: 1959)
3.1
Aanleg
Het scholencomplex is gebouwd op een daarvoor geschikt gemaakt terrein in de uitbreidingswijk ’t Dal. Ter plaatse slingerde tot kort voor de bouw nog de Boven-slinge, waardoor de ondergrond niet stabiel was en gekozen is voor een palenfundering in plaats van de gebruikelijke funderingsaanleg op staal. Het complex is niet specifiek gericht op de bestaande bebouwing, de Slingelaan of de later aangelegde Beeklaan, maar is in de vrije ruimte gepositioneerd, met de linkervleugel als het ware haaks op de Slingelaan. Uitzondering daarop is de conciërgewoning ten westen van de school, die duidelijk in de rooilijn van de Slingelaan is geplaatst om aan te sluiten op de ontwikkeling van woonbebouwing in deze laan. De aanleg van de buitenruimte is een integraal onderdeel geweest van de bouw. Ter accentuering van de toegangen tot het complex werden achthoekige stenen pijlers ontworpen. Eén van deze pijlers is nog aanwezig op de noordwestelijke hoek van het terrein.
3.2
Hoofdvorm
De school is oorspronkelijk gebouwd als vier aaneengesloten bouwvolumes met verschillende hoogten en steeds onder een flauw zadeldak. De volumes zijn onder verschillende hoeken met elkaar verbonden. De conciërgewoning is vrijstaand gebouwd. Het casco van de school bestaat uit een uit het zicht gelaten gewapende betonconstructie van kolommen en liggers, waartussen bakstenen gevelvullingen en een buitenschil van schoon metselwerk in Vlaams verband. De gevelopeningen bestaan over het algemeen uit grote verticale ramen of raampartijen die per gebouwdeel variëren in maat, vorm en samenstelling. De flauw hellende daken zijn voorzien van bitumineuze dakbedekking en worden rondom geaccentueerd door brede betonranden. Op de overgangen tussen de verschillende vleugels bevonden zich oorspronkelijk alle toegangen en ontstonden functionele knooppunten. Bij latere uitbreidingen zijn een aantal van deze toegangen verplaatst of komen te vervallen. De twee grotere uitbreidingen uit 1995 en 2001 sluiten qua materiaalgebruik (gele baksteen) via tussenleden aan op de oorspronkelijke school maar zijn qua architectuur geen kopieën. Het ronde volume dat in 1995 tegen de bestaande kantine is gebouwd, wijkt zeer sterk af door de ronde vorm en de rode baksteen.
3.3
Exterieur
Vanwege de verschillende bouwdelen en het ontbreken van een duidelijke voorgevel, is gekozen om de gevelaanduidingen over te nemen van indeling zoals deze in 1959 op de bouwtekeningen is aangehouden. De gevels van de drie vleugels bestaan uit schoon metselwerk van gele baksteen in Vlaams verband, waarachter een betonskelet schuilgaat. Daar waar de gevels eindigen is het betonskelet zichtbaar als dakrand zonder overstek. Over het algemeen bestaan alle gevelopeningen uit houten kozijnen, waarbij de deuren ook van hout zijn en de ramen van staal. Het overgrote deel van de ramen bestaat uit een rechthoekig vlak met horizontale tweedeling waarbij het grote bovenraam kan kantelen voor maximale luchttoetreding. De raamopeningen zijn voorzien van enkelglas. Bij de verticale raampartijen van de gymzaal is het betonskelet ook zichtbaar als accentuering/begeleiding.
24
3.3.1 Linkervleugel, gevel A, B, E, F Gevel A oost De gevel bestaat uit 21 traveeën bestaat voor het overgrote deel uit een 30-tal raampartijen over twee bouwlagen. Ter plaatse van de koppeling met de middenvleugel wordt de gevel onderbroken (zie kader) Gevel B west Deze gevel bestaat uit voornamelijk ook uit raamopeningen 21 traveeën waarvan 19 gelijke geledingen met raampartijen over twee bouwlagen. Ter plaatse van de onderbreking takt de aanbouw uit 2001 aan (zie kader).
Gevel E zuid Deze volledig blinde bakstenen gevel is gelijktijdig met de bouw verrijkt met een in het metselwerk opgenomen gevelmozaïek naar ontwerp van Jan Goeting (1918-1991).
25
In 1959 kreeg de Haagse kunstenaar Jan Goeting (1918-1991) opdracht voor het maken van een gevelmozaïek aan de kopgevel van de linkervleugel, ook wel vakvleugel genoemd. Goeting werd gekozen uit een selectie van meerdere kunstenaars. Op suggestie van schoolbestuursvoorzitter en dominee L.J. Goede, werd als onderwerp ‘Zoek God in je jeugd’ (hoofdstuk 12 uit het bijbelboek ‘Prediker’) gekozen. Het hoofdmotief bestaat uit een duiventil met vogels. Daarboven bevindt zich het alziend oog, eronder een verwijzing naar goed en kwaad, gesymboliseerd door lelie-achtige bloemvormen tegenover doorntakken. Het onderste deel bestaat uit een ineengedoken zwarte vogel en twee gesloten deuren. Het illustreert de tekst: ‘De mens gaat naar zijn eeuwig huis en de rouwklagers gaan rond in de straat’. Vanwege de slechte ondergrond waarop het mozaïek in het atelier is gezet, moest het hele mozaïek al eens gerestaureerd worden. De kunstenaar zelf herstelde de onderpartij, terwijl oud-leerling Richard Monasso de rest heeft gerestaureerd4. De restauratie van beide delen is van verschillende kwaliteit, waardoor het kunstwerk opnieuw aan een restauratie toe is.
Gevel F noord Met uitzondering van een asymmetrisch geplaatst raam op de begane grond is deze bakstenen gevel ook blind uitgevoerd.
4
Kunst in Schaersvoorde, H. Dercksen, p.8
26
3.3.2 Middenvleugel, gevel C en D Gevel C zuid De ‘voorgevel’ van de school bestaat uit een volledig symmetrisch opgezet gevelvlak van drie bouwlagen met 18 traveeën waarin zich raamopeningen bevinden. Alleen op de begane grond wordt deze ritmiek onderbroken door de aansluiting met de kantine. In 1995 en 1996 wordt de hoofdentree verplaatst naar rechts en de oude entree verbouwd tot docentenkamer (zie kaders). NB. Beide kopgevels van deze middenvleugel worden niet apart benoemd, maar zijn beide blind. Tegen de linker kopgevel is een forse en hoge markant vormgegeven hexagonale (zeshoekige) gemetselde schoorsteen aangebouwd met een bijzonder vormgegeven kop van geprefabriceerd beton.
Gevel D noord Deze symmetrisch opgezette gevel wordt voor een groot deel aan het zicht onttrokken door de in 1995 gebouwde uitbreiding (zie kaders). Kenmerkend zijn de twee prominente traphallen met afgeschuinde hoeken, die verwijzen naar de veelvuldig toegepaste hexagonale vormen. Deze traphallen zijn voorzien van grote verticale glaspuien die vanaf maaiveld tot de dakrand doorlopen, waarbij onder aan de linker traphal op de begane grond een entreepartij met tochtportaal, bordestrap en leuning bevindt.
27
toegangsportal met bordes en reling
bordestrap van oorspronkelijke achteringang
De eenlaagse aanbouw aan de achterzijde wordt in 1995 gesloopt om de nieuwbouw aan te kunnen sluiten op het bestaande schoolgebouw. De beide traphallen blijven daarbij behouden. Van de 20 oorspronkelijke gangramen op de eerste en tweede verdieping blijven er met de verbouwing 12 gehandhaafd. Ook de kleine raampjes van de gangtoiletten blijven na de verbouwing in het interieur gehandhaafd en zichtbaar. Op het dak van de rechter traphal word een (zeshoekige) technische ruimte gebouwd, ter vervanging van de c.v.installatie in de kelder. De bordestrap van de voormalige achteringang aan de rechterzijde is gehandhaafd. De ingang aan de linkerzijde bevat een oorspronkelijk tochtportaal met bordes en reling.
Links: gevel D rond de oplevering in de zomer van 1960 Midden: huidig aanzicht vanuit de tweede verdieping van de aanbouw uit 1995 Rechts blinde kopgevel met schoorsteen
3.3.3 Rechtervleugel, gevel G, H en I Gevel G zuid Deze gevel wordt gekenmerkt door een wisselend, maar helder horizontaal karakter en is op te delen in drie vlakken over twee bouwlagen. De zes linker traveeën zijn op de verdieping uitgewerkt in zes raamopeningen. Op de begane grond zijn, door een latere aanpassing (2001), nu nog twee openingen aanwezig (zie kader). Ter hoogte van de gym/theaterzaal is de gevel van maaiveld tot daklijst met glasvlakken ingevuld, geaccentueerd door de zichtbaar gemaakte gewapende betonconstructie. De gevel wordt aan de rechterzijde afgesloten met een smalle raampartij, in eenzelfde hoogteverdeling als voorgaande langgerekte glaspartijen. Tussen deze vlakken bevinden zich gemetselde muurdammen van gele baksteen.
28
Gevel H noord Deze aan de achterzijde liggende gevel heeft grotendeels een gesloten karakter vanwege de functie als gym- en theaterzaal. Links in de gevel een enkele deur met daar recht boven een venster. In het midden van de gevel zijn onder de betonnen gootlijst zes gelijke vensters geplaatst. De rechterzijde van de gevel ligt iets terug, met op de verdieping weer vier gelijke vensters als in het midden. Het geveldeel op de begane grond is gewijzigd (zie kader)
29
Gevel I oost Deze kopgevel, nog volledig in oorspronkelijke staat, heeft een centrale glaspartij, strekkend van maaiveld tot de nok van het flauwe zadeldak. De glaspartij is opgedeeld in zes evenredige vlakken, aan weerszijde geaccentueerd door de zichtbaar gemaakte betonconstructie. Aan de onderzijde van de glaspartij een geïntegreerde koekoek van de onderliggende kelder. De gevel wordt aan de bovenzijde afgesloten met een betonnen dakrand.
3.3.4 Kantine/overblijflokaal, gevel J, K en L Gevel J west De gevel kenmerkt zich door een glazen pui aan de rechterzijde, als onderdeel van een omlopende glaswand. De pui is verticaal geleed en heeft een tussenkalf ter hoogte van de achterliggende galerij. De rest van de gevel is opgenomen in de uitbreiding van 1995. De plint onder de rondlopende glaspui is afgewerkt met ruwe stukken natuursteen (flagstones).
30
Gevel K zuid Deze ‘kopgevel’ van de kantine bestaat uit een bijna volledig glazen invulling als onderdeel van de rondlopende glaswand en uit een iets verdiepte centraal geplaatste nooduitgang met beglaasde dubbele deuren. De pui en de plint is opgedeeld en afgewerkt als gevel J en L. Aan de buitenzijde van de nooduitgang is aan weerszijden een gemetselde trap gemaakt.
Gevel L oost De linkerzijde van de gevel bestaat wederom uit glas, opgedeeld in dertien verticaal evenredige vlakken. Een horizontaal profiel markeert ook hier waar aan de binnenzijde een vide is bevestigt. In het meest rechtervlak boven het doorlopende horizontale profiel is een glazen deur, met toegang tot een flauw naar buiten draaiende betonnen trap met een dun geprofileerde stalen railing.
31
3.4
Interieur
3.4.1 Algemeen In het hele gebouw is de oorspronkelijke interieurafwerking van hoge kwaliteit en op meerdere plaatsen, voornamelijk in de verkeersruimten, nog aanwezig en waarneembaar. Daar waar latere verbouwingen ingrijpen op een ouder bouwdeel, is een oorspronkelijke afwerking verdwenen. Ook binnenkozijnen, -deuren, vitrines en onderkasten zijn in een groot aantal gevallen nog aanwezig. De vloeren zijn afwerkt met een leisteen, terwijl de wanden bestaan uit schoonmetselwerk van gele baksteen in vlaams verband. Het betonskelet is binnen ook zichtbaar en is geschilderd. De oorspronkelijke plafonds bestaan uit zachtboardplaten met een akoestische profilering. Onder de ramen natuurstenen vensterbanken. In andere gevallen is gekozen voor een nieuwe vloerafwerking, systeemplafond of zijn de binnenkozijnen qua kleur aangepast aan de tijdsgeest of de kleurstelling bij een van de uitbreidingscampagnes. Vrijwel alle lokalen zijn voorzien van oorspronkelijke stalen tuimelramen in houten kozijnen met meerpuntssluitingen, waarbij het grote bovenraam kan draaien en het onderraam vast is. Zeer opvallend, uniek en licht futuristisch is de vormgeving van de multifunctionele kantine/overblijflokaal in zowel ex- als interieur. Compleet met podium, galerij en benedenzaal. Oorspronkelijk grensde het muzieklokaal aan deze fraaie ruimte. N.B.
Vanwege de omvang van het gebouw is niet elke ruimte uitvoerig beschreven en worden alleen de bijzonderheden vermeld. .
De oorspronkelijke kantine
32
Impressie van het interieur van het oudste deel van de school
33
3.4.2 Linkervleugel Begane grond Oorspronkelijke indeling: gang I en II, hal I, trappenhal I, scheikunde, kabinet I, magazijn biologie, kabinet II, conrector, bibliotheek, verpleegster, dokter, toiletgroep.