CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

A8. Raadsmededeling 52-2026 Toelichting op achterblijven taakstelling eerste cyclus Spreidingswet

Gemeenteraad 7 juli 2026, gemeente AaltenBij agendapunt: Mededelingen van de voorzitter en advies van de agendacommissie over de ingekomen stukken13.814 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

52-2026 7 mei 2026 12 mei 2026 G.W. Olthof J.C. Wikkerink Toelichting op achterblijven taakstelling eerste cyclus Spreidingswet

Aanleiding: Bij brief van 9 april 2026 heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid het college verzocht om een nadere toelichting te geven op het niet voldoen aan de in het Verdeelbesluit Gelderland van 20 december 2024 opgenomen wettelijke taak om op 1 juli 2025 200 opvangplekken voor asielzoekers te hebben gerealiseerd. Het college werd daarin ook verzocht om toe te lichten wat de huidige stand van zaken is m.b.t. de realisatie van asielopvangplaatsen, welke stappen de gemeente al heeft gezet en indien van toepassing - op welke termijn het college verwacht aan de wettelijke taak te voldoen. Gevraagd wordt, indien van toepassing, ook onderliggende stukken te delen. Inhoud mededeling: Op 30 april 2026 heeft het college per brief toegelicht waarom nog niet is voldaan aan de wettelijke taak om 200 opvangplekken te realiseren. De inhoud van die brief alsmede de daarbij horende bijlagen zijn bijgevoegd. De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd: 1. Brief van college aan ministerie van Justitie en Veiligheid: Toelichting op achterblijven taakstelling eerste cyclus Spreidingswet, 14 april 2026 inclusief bijlagen

Pagina 1 van 1

Ministerie van Asiel en Migratie Postbus 20011 2500 EH DEN HAAG

Aalten Verzonden

: :

14 april 2026

Zaaknummer Bijlage(n) Uw brief van Uw kenmerk Telefoonnummer Beh. ambtenaar Onderwerp

: : : : : : :

Z/26/208738 8 9 april 2026 7468089 (0543) 49 33 33 de heer G. Olthof Toelichting op achterblijven taakstelling eerste cyclus Spreidingswet

Uwe Excellentie, Bij brief van 9 april 2026 heeft u het college verzocht om een nadere toelichting te geven op het niet voldoen aan de in het Verdeelbesluit Gelderland van 20 december 2024 opgenomen wettelijke taak om op 1 juli 2025 200 opvangplekken voor asielzoekers te hebben gerealiseerd. Middels bovengenoemde brief stelt u het college in staat om binnen drie weken na dagtekening het ministerie te informeren waarom (nog) niet aan die wettelijke taak is voldaan. U verzoekt het college ook om toe te lichten wat de huidige stand van zaken is m.b.t. de realisatie van asielopvangplaatsen, welke stappen de gemeente al heeft gezet en - indien van toepassing - op welke termijn u verwacht aan de wettelijke taak te voldoen. Gevraagd wordt, indien van toepassing, ook onderliggende stukken te delen. Middels deze brief wordt nader ingegaan op uw verzoek om nadere toelichting. Procesverloop zoektocht locaties Op 16 november 2023 zijn de mogelijke locaties, panden en/of kavels voor huisvesting van aandachtsgroepen (vluchtelingen, asielzoekers, statushouders en spoedzoekers) vastgesteld door het college. Het onderzoeken van alle leegstaande panden en locaties, vroeg om een gestructureerde werkwijze. Per thema is daarom een aparte taskforce aangewezen om de panden en locaties op potentie te onderzoeken.

Bij elk pand en locatie is gekeken naar de mogelijke knelpunten en aandachtspunten om deze eventueel in te gaan zetten voor huisvesting van aandachtsgroepen. Elke taskforce heeft begin maart een overzicht opgeleverd met daarin de kansrijke panden en/of locaties. Voor de opvang van asielzoekers is een pand aangedragen aan het COA aangezien deze voldeed aan de gestelde criteria gelegen aan de Industriestraat te Dinxperlo. Deze locatie werd echter door het COA afgewezen. Als redenen voerde het COA toen aan dat het pand niet geschikt was want liggend op een industrieterrein waar veel vrachtverkeer plaatsvindt, omdat essentiële voorzieningen zoals infrastructuur (onveilig) en daglicht ontbraken in de boxen naast het kantoorpand en vanwege de aanwezigheid van een grote waterpartij in de omgeving. Inmiddels is deze locatie nota bene verbouwd en geschikt gemaakt voor de opvang van circa 120 Oekraïense ontheemden. Na deze afwijzing door het COA heeft de gemeente Aalten een Taskforce de opdracht gegeven om de geïnventariseerde locaties in kaart te brengen en te beoordelen of deze inzetbaar zijn voor de opvang van asielzoekers. Uit de longlist die daaruit ontstond is op basis van selectiecriteria een shortlist opgesteld van potentiële locaties.

Een extern bureau heeft vervolgens de opdracht gekregen om op basis van die criteria de kansrijkheid van zeven locaties vast te stellen, mede aan de hand van een

planologisch en ruimtelijke QuickScan. Dat heeft geleid tot een onafhankelijk advies m.b.t. zeven potentieel geschikte locaties. Na analyse bleken uiteindelijk 3 locaties geschikt, 3 in beperkte mate geschikt en één locatie ongeschikt. Van de 3 geschikte locaties werden er door het COA twee afgewezen, waardoor het college op 7 mei 2025 uiteindelijk één locatie als zijnde geschikt voor opvang van asielzoekers aan de gemeenteraad heeft voorgelegd. Later is nog een locatie aangedragen namelijk Eerste Broekdijk 71. Ook die werd door het COA afgewezen. Taakstelling De oorspronkelijke taakstelling voor de gemeente Aalten bedroeg 157 opvangplekken. Gezien de toenmalige situatie in Ter Apel, de solidariteit tussen de 8 Achterhoekse gemeenten1 en de verwachting dat het aantal vluchtelingen dat op termijn zou moeten worden opgevangen nog zou toenemen, heeft het college besloten om de formele taakstelling vrijwillig op te hogen naar 200 opvangplekken, zij het onder voorwaarden zoals opgenomen in de Achterhoekse Aanpak (zie bijlage 6, pagina 7). In de vervolggesprekken met het COA over de opvang van asielzoekers bleek al snel dat een locatie met 200 opvangplekken door hen niet als een volwaardig AZC werd beschouwd maar als een satellietvestiging. Dat zou betekenen dat de dienstverlening aan asielzoekers van een aanpalend volwaardig AZC zou moeten worden betrokken.

Voor de gemeente Aalten is dat het AZC Winterswijk. Echter, het AZC Winterswijk (400 opvangplekken) blijkt niet in staat die dienstverlening te leveren. Voor de gemeente Aalten zou dat betekenen dat een aanzienlijk deel van de dienstverlening zelf zou moeten worden georganiseerd. Dat zou een zware belasting betekenen voor het ambtelijk apparaat. Het college heeft n.a.v. die gesprekken met het COA dan ook besloten om een volwaardig AZC te realiseren met 300 opvangplekken waarbij het COA de gemeente volledig zou ontzorgen zo werd door hen toegezegd. Op 7 mei 2025 heeft het college de locatie Singel 2 aan de provinciale weg N313 aangewezen als potentiële AZC locatie. Nadat ook het COA akkoord was met nieuwe locatie heeft het college dit op 7 mei 2025 gedeeld met de gemeenteraad. Inwoners zijn kort daarna geïnformeerd op meerdere informatieavonden waarin het college uitgebreid heeft toegelicht waarom men tot de keuze van zowel de locatie als wat betreft de keuze voor 300 opvangplekken is gekomen. Op deze informatieavonden in mei 2025 waren ook raadsleden aanwezig. In een openbare vergadering op 27 mei 2025 hebben vier partijen een motie ingediend waarin het college werd opgeroepen om: 1. De gesprekken met het COA om te komen tot een intentieovereenkomst op te schorten; 2. De formulering van politiek-bestuurlijke kaders en/of voorwaarden door de gemeenteraad af te wachten; 3.

Naar aanleiding daarvan te komen tot een voorstel aan de raad, dat kan rekenen op een breder draagvlak bij zowel de samenleving als bij de gemeenteraad. Dit omdat naar mening van de gemeenteraad zij onvoldoende haar kaderstellende rol heeft kunnen uitoefenen en omdat er naar aanleiding van de informatieavonden veel zorgen zijn onder de Aaltense bevolking omtrent de veiligheid rondom een toekomstig AZC, over de genoemde aantallen op te vangen asielzoekers, de genoemde locatie, de opvangvorm, over de druk op de capaciteit van de zorg en over jeugdige inwoners die in de toekomst niet of minder goed aan een starterswoning kunnen komen. Op 27 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie de indicatieve verdeling voor de 2de cyclus van de Spreidingswet vastgesteld. Gemeente Aalten moet volgens die opgave 143 asielzoekers opvangen en 9 alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv’ers). Nieuwe kaders 25 februari 2026 1

Achterhoekse aanpak In de Achterhoek pakken de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost-Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk ieder hun eigen opgaven en verantwoordelijkheid om voldoende en adequate huisvesting voor vluchtelingen te realiseren. Het gaat daarbij om de mensen en niet om de cijfers is de gezamenlijke opvatting. Samen wordt gewerkt aan het realiseren van randvoorwaarden en voorzieningen. In deze zogenoemde Achterhoekse Aanpak hebben de acht gemeenten afgesproken te willen voldoen aan de regionale taakstelling om in 2025, of zo snel mogelijk daarna, in totaal 1.691 opvangplaatsen voor asielzoekers beschikbaar te stellen. Ook de gemeente Aalten heeft zich hieraan gecommitteerd.

In de eerdergenoemde motie van 27 mei 2025 heeft de gemeenteraad opgenomen dat de gemeente Aalten vooralsnog aan haar wettelijke taakstelling wil voldoen en dat de gemeente in beginsel positief staat tegenover het helpen van mensen die niet meer veilig zijn in hun land van herkomst. De raad heeft op 25 februari 2026, na gesprekken met inwoners, een politiek-bestuurlijke bandbreedte meegegeven aan het college op grond waarvan het college opnieuw aan de slag kan om passende locaties te zoeken. De zoektocht op basis van de nieuwe kaders is inmiddels volop gaande. Prognose realisatie Het college onderzoekt momenteel, samen met het COA, welke locatie of locaties beschikbaar en passend zijn binnen zowel de recente kaders van de gemeenteraad als passend bij het Programma van Eisen zoals het COA die hanteert. De verwachting is dat voor de zomer van 2026 een definitieve keuze gemaakt kan worden voor één of twee locatie voor in totaal 200 opvangplekken. Hoe snel die opvangplekken daarna gerealiseerd kunnen worden hangt mede af van de bezwaren die daartegen worden ingediend. Bezwaar en beroep tegen Verdeelbesluit Op 20 december 2024 heeft de Minister van Asiel en Migratie, mevrouw M.H.M. Faber – van de Klashorst besloten tot het Verdeelbesluit Gelderland 2024. Tegen voornoemd besluit zijn wij op 28 januari 2025 in bezwaar gegaan bij het Rijk.

Op 8 december 2025 heeft de Minister van Asiel en Migratie, mevrouw mr. drs. M.C.G. Keijzer, op de beslissing op het bezwaarschrift bekendgemaakt. Wij hebben bij brief van 13 januari 2026 pro forma beroep ingesteld tegen het heroverwegingsbesluit. Bij brief van 10 februari 2026 hebben wij nadere beroepsgronden ingediend. In de optiek van het college heeft het Verdeelbesluit geleid tot een onevenredige verdeling van de opvangplekken in Gelderland en de rest van Nederland. Dit staat haaks op de oorspronkelijke gedachte achter de Spreidingswet. Vanuit dat perspectief maken wij alsnog bezwaar tegen de 200 plekken die de gemeente Aalten blijkens het Verdeelbesluit moet realiseren. De beroepsgronden zien, kort samengevat, verder op: het aantal op te vangen asielopvangplekken, de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van de gestelde termijn voor het realiseren van de opvangplekken en het interbestuurlijk toezicht. Op dit moment is nog niet bekend wanneer de rechtszitting plaatsvindt. De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd: 1. Brief interbestuurlijk toezicht Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid, 9 april 2026 2. Nadere beroepsgronden d.d. 10 februari 2026 3. Pro forma beroepschrift d.d. 15 januari 2026 4. Beslissing op het bezwaarschrift d.d. 8 december 2025 5. Nadere gronden pro forma bezwaarschrift d.d.

11 maart 2025 6. Regionaal plan huisvesting vluchtelingen Achterhoek, oktober 2024 7. Motie nadere kaders voor de realisatie van een AZC in de gemeente Aalten, 27 mei 2025 8. Initiatiefvoorstel, aangepaste versie, 25 februari 2026 (nieuwe kaders) Neem contact op als u vragen hebt Nog vragen? Neem dan contact met ons op via het algemene telefoonnummer (0543) - 49 33 33. Of stuur een e-mail: gemeente@aalten.nl Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten

Drs. A.J.M. Gildhuis Secretaris/Algemeen Directeur

mr. A.B. Stapelkamp Burgemeester

> Retouradres Postbus 20011 2500 EH Den Haag

Aan het college van B&W van de gemeente Aalten Postbus 119 7120 AC Aalten

Directoraat-Generaal Migratie Directie Regie Migratieketen Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20011 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/jenv Onze referentie 7468089

Datum Betreft

9 april 2026 Brief interbestuurlijk toezicht Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen

Geacht college, De situatie in de asielopvang is urgent en kritiek. De asielketen loopt tegen de grenzen van het mogelijke aan en dat is de afgelopen tijd weer duidelijk zichtbaar door de grote druk op het aanmeldcentrum in Ter Apel en de gevolgen die dat heeft voor de directe omgeving. Het is daarom zeer van belang dat iedere gemeente haar bijdrage levert aan de opvang, op de langere termijn maar ook voor de acute korte termijn. Daarom heeft de minister in de brief ‘Samen werken aan meer grip op migratie en opvang’ van 26 maart jl. een expliciet beroep gedaan op alle gemeenten om opvangplekken te regelen, in het bijzonder de gemeenten die nog niet voldoen aan hun wettelijke taak in het kader van de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (hierna: Spreidingswet). De minister van Asiel en Migratie vertrouwt erop dat uw solidariteit met andere gemeenten ertoe leidt dat u uw bijdrage zult leveren. In het kader van het interbestuurlijk toezicht worden de prestaties van uw gemeente op het gebied van het mogelijk maken van asielopvangplekken conform de Spreidingswet beoordeeld. Op 1 juli 2025 dienden gemeenten te voldoen aan hun wettelijke taak door vanaf deze datum het aantal asielopvangplekken mogelijk te maken zoals bepaald in eerder genomen verdeelbesluiten.

Beoordelingskader toezicht Het interbestuurlijk toezicht op de Spreidingswet is belegd bij de minister van Asiel en Migratie. Toepassing van het interbestuurlijk toezicht geschiedt op basis van een interventieladder1 die uit de volgende stappen bestaat: Fase 1 Fase 2 Fase 3 Fase 4 Fase 5 Fase 6

Signaleren Informatie opvragen en valideren Actief toezicht: afspraken over acties, termijnen en vervolg Vooraankondiging van juridische interventie Besluit tot indeplaatsstelling met laatste termijn om alsnog zelf te voorzien Sanctie indeplaatsstelling

Bevindingen Op 30 juni 2025 ontving het ministerie van de Provinciale Regietafel de voortgangsrapportage van de realisatie van asielopvangplekken in de provincie. Op basis van deze rapportage is geïnventariseerd wat de stand van zaken was van

Deze is gebaseerd op de Wet revitalisering generiek toezicht en het bijbehorend beleidskader indeplaatsstelling bij taakverwaarlozing 1

Pagina 1 van 3

Directoraat-Generaal Migratie Directie Regie Migratieketen

de realisatie van asielopvangplekken op 1 juli 2025. Voor uw gemeente zijn de cijfers als volgt: Regulier AMV

Wettelijke taak 200 0

Realisatie per 1-7-2025 0 0

Datum 9 april 2026 Onze referentie 7468089

Uit deze cijfers blijkt dat uw gemeente niet voldoet aan de in het verdeelbesluit opgenomen wettelijke taak. Op grond van deze informatie wordt uw gemeente ingeschaald op trede 2 van de interventieladder. U ontvangt daarom hierbij een verzoek om nadere informatie. Na ontvangst van deze informatie zal een gesprek plaatsvinden op ambtelijk niveau waarin een nadere toelichting wordt gevraagd. Als uit de aangeleverde informatie en/of het gesprek onvoldoende voortgang blijkt, zal opschaling naar trede 3 plaatsvinden. Uw gemeente komt dan onder actief toezicht te staan. Verzoek om informatie Met deze brief wordt u verzocht het ministerie te informeren over de stand van zaken met betrekking tot de realisatie van asielopvangplekken in uw gemeente en hierbij aan te geven wat de reden is waardoor u niet (volledig) aan de wettelijke taak voldoet. Dit voor zover u dit nog niet heeft aangegeven in het kader van de wettelijke meldplicht. U wordt verzocht om hierbij ook toe te lichten wat de huidige stand van zaken is van de realisatie van asielopvangplaatsen in uw gemeente, welke stappen uw gemeente al heeft gezet en – indien van toepassing - op welke termijn u verwacht aan de wettelijke taak te voldoen. Gevraagd wordt indien van toepassing ook onderliggende stukken te delen.

Verzoek is uw antwoord schriftelijk binnen drie weken na dagtekening van deze brief toe te sturen via ibtspreidingswet@minjenv.nl. Na ontvangst van de informatie zal bij de gemeenten waar daar aanleiding voor is zeer spoedig tot de volgende stap van gespreksvoering worden overgaan. Tot slot Het verdeelbesluit van 20 december 2024 geldt voor de duur van twee jaar. Op 27 februari 2026 is een nieuwe tweejarige cyclus gestart met een nieuwe capaciteitsraming, provinciale opgave en indicatieve verdeling. Deze indicatieve verdeling vormt opnieuw het startpunt voor gemeenten om aan de Regionale en Provinciale Regietafel tot afspraken te komen over welke bijdrage elke gemeente levert. Bij het interbestuurlijk toezicht op de wettelijke taak uit het verdeelbesluit van 20 december 2024 worden alle relevante feiten en omstandigheden in acht genomen, waaronder ook de hoogte van de nieuwe indicatieve opgave en de afspraken die aan de PRT worden gemaakt. Mochten zich omstandigheden voordoen waardoor u niet meer aan uw taak kunt voldoen, dan wordt u verzocht hiervan melding te doen conform artikel 8 van de wet. U kunt dit doen door een mail te sturen aan ibtspreidingswet@minjenv.nl. Indien u nog vragen heeft, kunt u eveneens via dit mailadres contact opnemen. Dit kabinet zal geen onduidelijkheid laten ontstaan over de uitvoering van de Spreidingswet.

Meerdere gemeenten die de afgelopen jaren al een bijdrage hebben geleverd, hebben om duidelijkheid gevraagd. Middels deze brief maakt de minister van Asiel en Migratie opnieuw duidelijk dat de Spreidingswet wordt gehandhaafd, het interbestuurlijk toezicht op de wet geldig is en onverkort Pagina 2 van 3

Directoraat-Generaal Migratie Directie Regie Migratieketen

wordt uitgevoerd en dat gemeenten die niet aan hun wettelijke taak voldoen hierop worden aangesproken. De commissaris van de Koning van uw provincie wordt geïnformeerd over deze brief.

Datum 9 april 2026 Onze referentie 7468089

Hoogachtend, De minister van Asiel en Migratie, namens hem,

Drs. K. Morren Directeur Regie Migratieketen

Pagina 3 van 3

AANGETEKEND

Postbus 119 7120 AC Aalten

Rechtbank Gelderland t.a.v. Team bestuursrecht Arnhem Postbus 9030 6800 EM ARNHEM

Aalten Verzonden

10 februari 2026

Zaaknummer Bijlage(n)

Z/25/172425 1

Uw kenmerk Telefoonnummer Beh. ambtenaar Onderwerp

ARN 26 / 313 BESLU (0543) 49 33 33 mevrouw F. Knipscheer nadere beroepsgronden

T 0543 49 33 33 E gemeente@aalten.nl www.aalten.nl

Edelachtbare, Bij brief van 13 januari 2026 hebben wij beroep ingesteld tegen het besluit op het bezwaarschrift (hierna: het heroverwegingsbesluit) betreffende het Verdeelbesluit Gelderland (hierna: het verdeelbesluit) van Minister Keizer (hierna: de Minister) van 8 december 2025, kenmerk 7009190. In de brief van 13 januari 2026 hebben wij u verzocht ons een nadere termijn te geven voor het indienen van beroepsgronden. Bij uw brief van 19 januari 2026 stelt u ons in de gelegenheid om uiterlijk binnen vier weken na verzending van voornoemde brief de nadere beroepsgronden en het bestreden besluit toe te sturen. Hierbij doen wij u de nadere beroepsgronden toekomen. In de bijlage treft u tevens een kopie van het bestreden besluit aan. Ontvankelijkheid Het bestreden besluit van 8 december 2025 is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Hiertegen staat beroep open. Beroep kan alleen worden ingesteld door belanghebbenden. Een belanghebbende is degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Wij zijn als geadresseerde van het besluit van 8 december 2025 direct belanghebbende. Daarnaast hebben wij procesbelang. Ons pro forma beroepschrift is binnen de wettelijke termijn van zes weken na de verzending van het bestreden besluit ingediend.

Wettelijk kader de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen de Beleidsregel verdeelbesluiten Procesverloop Bij brief van 20 december 2024 heeft de Minister van Asiel en Migratie, mevrouw M.H.M. Faber - van de Klashorst, ons het Verdeelbesluit Gelderland 2024, kenmerk 6015728, toegezonden. Bij brief van 28 januari 2025, aangevuld op 11 maart 2025, hebben wij een (pro forma) bezwaarschrift ingediend tegen het Verdeelbesluit Gelderland 2024. Op 28 mei 2025 heeft er een hoorzitting plaatsgevonden bij het Ministerie van Justitie en Veiligheid, naar aanleiding van de bezwaarschriften ingediend door verscheidene gemeenten, waaronder de gemeente Aalten, in Gelderland.

Bij brief van 8 december 2025 heeft de Minister van Asiel en Migratie, mevrouw mr. drs. M.C.G. Keijzer, ons het besluit op het bezwaarschrift toegezonden. Bij brief van 13 januari 2026 hebben wij pro forma beroep ingesteld tegen het besluit op het bezwaarschrift van de Minister van Asiel en Migratie, mevrouw mr. drs. M.C.G. Keijzer van 8 december 2025. Beroepsgronden De hogere taakstelling is in strijd met het evenredigheidsbeginsel en het doel en de strekking van de Wet gemeentelijke taak moge/ijk maken asielopvangvoorzieningen Wij stellen ons op het standpunt dat het heroverwegingsbesluit in strijd is met het evenredigheidsbeginsel als bedoeld in artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht en in strijd is met het doel en de strekking van de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen. Voornoemde wet beoogt een eerlijke en evenredige verdeling van de asielopvangplekken over de verschillende gemeenten. Doordat wij zijn gebonden aan een hogere taakstelling, wordt dit doel naar onze mening voorbijgegaan. Ondanks het feit dat wij hebben aangegeven welwillend en bereid zijn om 200 opvangplekken te realiseren, was onze bereidheid vrijwillig en aanvullend van aard.

Deswege stellen wij ons op het standpunt dat dit geen formele instemming is die kan worden aangemerkt als toestemming voor een structurele verhoging van de formele taakstelling en zijn wij van mening dat wij alsnog onevenredig benadeeld worden ten opzichte van andere gemeenten die geen plannen hebben ingediend voor (aanvullende) asielopvangplekken. De Minister stelt in haar besluit van 8 december 2025 dat de wet de onderlinge samenwerking tussen gemeenten en de vrijwillige inbreng van opvangplaatsen vooropstelt bij het nemen van een verdeelbesluit. Met het oog op voornoemde zijn wij van mening dat het besluit van 8 december 2025 met betrekking tot het aantal asielopvangplekken en de vrijwillige inbreng van onze gemeente onvoldoende gemotiveerd is, nu wij juist van mening zijn dat wij met onze vrijwillige inbreng niet verplicht gehouden kunnen worden aan het realiseren van meer asielopvangplekken en wij dus onevenredig benadeeld worden ten opzichte van andere gemeenten.

De haalbaarheid en uitvoerbaarheid is onvoldoende gemotiveerd in het besluit van 8 december 2025 De Minister stelt in haar besluit van 8 december 2025 dat er bij het toekennen van het aantal opvangplekken in de gemeente rekening wordt gehouden met de draagkracht van de gemeente, en daarmee met de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van het Verdeelbesluit, door gebruik te maken van de indicatieve verdeling gebaseerd op het inwonersaantal, de SES-WOA-score, welke vervolgens is betrokken bij de vaststelling van de restopgave. Wij stellen ons op het standpunt dat deze benadering onvoldoende gemotiveerd en beperkt is. De draagkracht voor het opvangen van de verplichte aantallen dient mede te worden beoordeeld in samenhang met de in het Verdeelbesluit c.q. het heroverwegingsbesluit gestelde termijn waarbinnen de opvangvoorziening gerealiseerd dient te worden. Door de termijn niet expliciet te betrekken bij de haalbaarheid en uitvoerbaarheid, heeft de Minister naar onze mening onvoldoende rekening gehouden met de daadwerkelijke uitvoeringsmogelijkheden van onze gemeente. Resumerend zijn wij van mening dat de termijn voor het realiseren van het aantal verplichte opvangplekken tevens onder de haalbaarheid en uitvoerbaarheid zoals opgenomen in het Verdeelbesluit c.q. het heroverwegingsbesluit valt.

Daarbij willen wij nogmaals benadrukken dat wij voor een onmogelijke opgave worden gesteld om binnen de gestelde termijn 200 asielopvangplaatsen gerealiseerd te hebben. Dit, met het oog op ons voornemen om te sturen op duurzame asielopvang. De gestelde realisatietermijn maakt het realiseren van de asielopvangplaatsen onuitvoerbaar. De plannen voor het realiseren van de asielopvangplaatsen zijn nog niet vergevorderd en deswege tevens onterecht als kansrijke initiatieven aangemerkt. Er is naar onze mening dan ook onvoldoende rekening gehouden met (lokale) omstandigheden, zoals het vinden van geschikte locaties en juridische procedures. Het interbestuurlijk toezicht is onvoldoende gemotiveerd en in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel in het besluit van 8 december 2025 Het Verdeelbesluit c.q. het heroverwegingsbesluit is naar onze mening onvoldoende gemotiveerd wat betreft het interbestuurlijk toezicht. In het Verdeelbesluit c.q. het heroverwegingsbesluit wordt een

2

termijn gesteld waarbinnen onze gemeente dient te voldoen aan de opgelegde opgave. Tegelijkertijd stelt de Minister in haar besluit van 8 december 2025 dat het bij voorbaat al bekend is dat het zeer lastig wordt voor gemeenten om tijdig (binnen zes maanden) alle benodigde plekken te realiseren. Daarbij stelt de Minister in haar besluit van 8 december 2025 dat, met het oog op de beperkte tijd (twee maanden) waarin de verdeelbesluiten genomen dienen te worden, het niet mogelijk is om bij de totstandkoming van de verdeelbesluiten al te komen tot een kwalitatieve afweging van de haalbaarheid en uitvoerbaarheid op gemeenteniveau. Bovengenoemde redenering is onzorgvuldig gemotiveerd. Wij zijn van mening dat indien een termijn wordt opgenomen in het Verdeelbesluit c.q. het heroverwegingsbesluit, duidelijk dient te zijn welke rechtsgevolgen aan het overschrijden daarvan verbonden zijn en op welke wettelijke grondslag die termijn rust. Door enerzijds termijnen te hanteren en anderzijds te stellen dat het op dit moment niet mogelijk is om een kwalitatieve afweging van de haalbaarheid en uitvoerbaarheid op gemeenteniveau te maken, blijft onduidelijk hoe tot de inzet van interbestuurlijk toezicht kan worden gekomen. Voornoemde is naar onze mening in strijd met het motiverings- en rechtszekerheidsbeginsel.

Tot slot Hoewel de inzet van het interbestuurlijk toezicht naar onze mening onvoldoende gemotiveerd is in het besluit van 8 december 2025, willen wij benadrukken dat wij van mening zijn reeds aan onze meldplicht te hebben voldaan voor het niet tijdig kunnen realiseren van de opgenomen opvangplekken. Wij, alsmede de gemeente Oldebroek, hebben tijdens de hoorzitting van 24 mei 2025 onze zorgen over de haalbaarheid van het Verdeelbesluit tijdig kenbaar gemaakt aan de toezichthouder. Resumerend Gelet op voorgaande stellen wij ons op het standpunt dat het heroverwegingsbesluit in strijd is met het motiveringsbeginsel en het rechtszekerheidsbeginsel. De Minister heeft naar onze mening onvoldoende rekening gehouden met de lokale omstandigheden en de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van het besluit, met het oog op de gestelde termijn. Tevens is het interbestuurlijk toezicht onvoldoende gemotiveerd. Verzoek Wij verzoeken u het bestreden besluit te vernietigen, en de Minister op te dragen een nieuw besluit te nemen.

Hoogacht 1d, burgemee ter en wethouders van de gemeente Aalten

/

3

AANGETEKEND

Postbus 119 7120 AC Aalten

Rechtbank Gelderland t.a.v. Team bestuursrecht Arnhem Postbus 9030 6800 EM ARNHEM

T 0543 49 33 33 E gemeente@aalten.nl www.aalten.nl

Aalten Verzonden

15 januari 2026 16 januari 2026

Zaaknummer Bijlage(n)

Z/25/172425

Uw kenmerk Telefoonnummer Beh. ambtenaar Onderwerp

(0543) 49 33 33 Mevrouw F. Knipscheer Pro forma beroepschrift besluit op bezwaar Verdeelbesluit Gelderland

Edelachtbare , Op 8 december 2025 ontvingen wij het besluit op het bezwaar betreffende het Verdeelbesluit Gelderland van Minister Keizer. Wij tekenen hierbij formeel beroep aan tegen het besluit van 8 december 2025, kenmerk 7009190, op nader aan te voeren gronden. Wij kunnen ons niet met het heroverwegingsbesluit verenigen, omdat het besluit van 8 december 2025 (onder meer) stelt dat onze initiatieven terecht als kansrijk zijn aangemerkt. Wij zijn dan ook van mening dat het besluit van 8 december 2025 onzorgvuldig tot stand is gekomen, immers gaat de spreidingswet uit van een evenredige verdeling en door het bestreden besluit is daarvan geen sprake meer. Op grond van artikel 6:6 van de Algemene wet bestuursrecht verzoeken wij u een redelijke termijn te geven voor het indienen van nadere gronden. Graag ontvangen wij van u de datum waarbinnen het inhoudelijke beroepsschrift moet worden aangeleverd. tend, ester en wethouders van de gemeente Aalten

uis s/Algemeen Directeur

1

Postbus 119 7120 AC Aalten

AANGETEKEND Ministerie van Justitie en Veiligheid Directie Wetgeving en Juridische Zaken Postbus 20301 2500 EH DEN HAAG

Aalten Verzonden

11 maart 2025

Zaaknummer Bijlage(n)

Z/23/145191

Uw kenmerk Telefoonnummer Beh. ambtenaar Onderwerp

6186679 (0543) 49 33 33 mevrouw F. Knipscheer nadere gronden pro forma bezwaarschrift 22 januari 2025

T 0543 49 33 33 E gemeente@aalten.nl www.aalten.nl

Uwe Excellentie, Bij brief van 20 december 2024 heeft u ons het Verdeelbesluit Gelderland 2024, kenmerk 6015728, toegestuurd. Bij brief van 28 januari 2025 hebben wij tegen het Verdeelbesluit van 20 december 2024 een pro forma bezwaarschrift ingediend. Bij brief van 14 februari 2025 stelt u ons in de gelegenheid om binnen vier weken na dagtekening van bovengenoemde brief de gronden van bezwaar in te dienen. Middels deze brief doen wij u de gronden van bezwaar toekomen. Zoals wij reeds in het pro forma bezwaarschrift van 28 januari 2025 hebben benoemd, kunnen wij ons niet met uw besluit verenigen omdat het besluit van 20 december 2024 ons voor een onmogelijke opgave stelt. In het besluit inhoudende de verdeling van asielopvangplaatsen in het kader van de Wet gemeentelijke taak asielopvangvoorzieningen over de provincie Gelderland is opgenomen dat de gemeente Aalten op 1 februari 2026 200 reguliere opvangplaatsen gerealiseerd dient te hebben. Wij zien ons hier gesteld voor een onmogelijke opgave. Het Verdeelbesluit heeft geleid tot een onevenwichtige spreiding van opvangplekken Ten eerste willen wij vooropstellen géén bezwaar te maken tegen de oorspronkelijk taakstelling van 157 opvangplekken conform de Spreidingswet. Het vrijwillige aanbod van gemeente Aalten om dit op te hogen naar 200 opvangplekken vindt zijn oorsprong in de Achterhoekse aanpak.

De acht Achterhoekse gemeenten committeren zich nadrukkelijk aan hun verantwoordelijkheid om asielzoekers zo goed en duurzaam mogelijk op te vangen en te huisvesten. Echter, het Verdeelbesluit heeft geleid tot een onevenredige verdeling van de opvangplekken in Gelderland en de rest van Nederland, Dit staat haaks op de oorspronkelijke gedachte achter de Spreidingswet. Vanuit dat perspectief maken wij alsnog bezwaar tegen de 200 plekken die de gemeente Aalten blijkens het Verdeelbesluit moet realiseren. Dit omdat gemeenten die méér hebben willen doen dan de oorspronkelijke taakstelling daardoor onevenredig belast worden terwijl gemeenten die- al dan niet bewust - geen plannen hebben ingediend, hiervoor beloond worden met een doorgaans veel lager aantal te realiseren opvangplekken dan hun oorspronkelijke taakstelling. Gemeente Aalten kwalificeert het ophogen van de oorspronkelijke taakstelling met 43 plekken dan ook als een bovenwettelijke taakstelling. o De door u gestelde termijn is niet haalbaar en onuitvoerbaar

1

Ook hebben wij ernstige bezwaren tegen de termijn waarbinnen wij de asielopvangplaatsen gerealiseerd dienen te hebben. De gemeente Aalten acht het niet mogelijk om op 1 februari 2026 200 asielopvangplaatsen gerealiseerd te hebben. De gemeente Aalten wil sturen op duurzaamheid wat betreft het realiseren van asielopvangplaatsen. De door u gestelde termijn in het verdeelbesluit maakt het realiseren van de asielopvangplaatsen onuitvoerbaar. De concretisering van de plannen van de gemeente Aalten bevinden zich pas in het beginstadium. En wat de realisatie van een AZC betreft is de gemeente Aalten mede afhankelijk van het besluitvormingsproces bij het COA, evenals van veel tijd vragende bestemmingsplanprocedures en zaken als de stikstof- en PFAS-crises. De plannen kunnen niet als kansrijke initiatieven worden aangemerkt Wij zijn van mening dat de plannen van de gemeente Aalten ten behoeve van het realiseren van de asielopvangplaatsen niet als kansrijke initiatieven kunnen worden beschouwd.

In uw besluit van 20 december 2024 beschrijft u dat plannen als kansrijke initiatieven worden beschouwd indien ten minste is voldaan aan een van de volgende voorwaarden: Lokale besluitvorming is afgerond; Een beoogde locatie is niet binnen zes maanden na bekendmaking van het verdeelbesluit beschikbaar, maar wel voor publicatie van de nieuwe capaciteitsraming op 1 februari 2026; Een bestaande locatie is niet beschikbaar tot de datum van de volgende capaciteitsraming, maar er is aantoonbaar zicht op de verlenging van de locatie; Er is een duidelijke toezegging van een gemeente om de opvangplaatsen tijdig (binnen 6 maanden na bekendmaking van het verdeelbesluit) te realiseren. Aan geen van deze voorwaarden is voldaan. Lokale besluitvorming is afgerond De lokale besluitvorming is nog niet afgerond. De bestuurlijke plan- en besluitvorming verkeert nog in het beginstadium. Een beoogde locatie is niet binnen zes maanden na bekendmaking van het verdeelbesluit beschikbaar, maar wel voor publicatie van de nieuwe capaciteitsraming op 1 februari 2026 Zoals reeds benoemd stuurt de gemeente Aalten op duurzaamheid en maatwerk wat betreft de realisatie van opvangplaatsen. Er is dan ook nog geen locatie beschikbaar voor de publicatie van de nieuwe capaciteitsraming op 1 februari 2026.

Een bestaande locatie is niet beschikbaar tot de datum van de volgende capaciteitsraming, maar er is aantoonbaar zicht op verlenging van de locatie. Deze voorwaarde is tevens niet van toepassing op de gemeente Aalten, er is immers geen bestaande locatie. Er is een duidelijke toezegging van een gemeente om de opvangplaatsen tijdig (binnen 6 maanden na bekendmaking van het verdeelbesluit) te realiseren. Er is door de gemeente Aalten geen (duidelijke) toezegging gedaan om de opvangplaatsen binnen zes maanden na bekendmaking van het verdeelbesluit te (kunnen) realiseren. Ten overvloede Ten overvloede hebben wij bezwaar tegen het feit dat de in het Verdeelbesluit genoemde termijn niet conform artikel 5, eerste lid, van de Spreidingswet is genomen. In voornoemd artikel is bepaald dat de Minister eens in de twee jaren, voor 31 december van dat kalenderjaar, een verdeelbesluit, per provincie neemt, waarin de benodigde opvangplaatsen per provincie voor de duur van twee daaropvolgende kalenderjaren voor asielzoekers over de in het besluit aangewezen gemeenten worden verdeeld. Uw Verdeelbesluit ziet immers op de verdeling van asielopvangplaatsen in de periode tussen 1 juli 2025 en 1 februari 2026, en niet voor de duur van twee kalenderjaren volgend op de datum van het besluit. Tevens wijkt het Verdeelbesluit af van hetgeen is opgenomen in het Provinciaal plan/regioplan Achterhoek.

In voornoemde plannen is opgenomen dat de gemeente Aalten een bestuursovereenkomst met het COA heeft getekend, met dien verstande dat uiterlijk 1 september 2026 de asielopvanglocatie geopend zal worden. Op basis van voortschrijdend inzicht zien wij de termijn van 1 september 2026 eerder als een streefdatum, aangezien de voorwaarden voor realisatie

Postbus 119 7120 AC Aalten T 0543 49 33 33 E gemeente@aalten.nl www.aalten.nl

van de asielopvangplaatsen zoals netcongestie en de planologische- en vergunningprocedures een proces van de lange adem zijn. Ons verzoek Resumerend kunnen wij ons niet verenigen met uw Verdeelbesluit van 20 december 2024. Wij verzoeken u dan ook onze bezwaren gegrond te verklaren en het Verdeelbesluit te heroverwegen. In afwachting van uw reactie.

Hoogachtend, burgemeester en wethouders v

JrS. A

tari:

en Directeur

emeente Aalten

mr. A.B. Stap Burgemeester

1

Regionaal plan huisvesting vluchtelingen Achterhoek Oktober 2024 1

Inhoud Inleiding ............................................................................................................................ 2 Overzicht van de ontwikkelingen en focuspunten per doelgroep ................................................ 3 Opvang asielzoekers (inclusief AMV) ................................................................................... 3 Opvang Oekraïense ontheemden ........................................................................................ 4 Huisvesten statushouders.................................................................................................. 5 Thema’s en voorwaarden bij de invulling van opvang ............................................................... 7 Werk .............................................................................................................................. 7 Onderwijs........................................................................................................................ 7 Zorg ............................................................................................................................... 8 Realisatie taakstellingen/opgaven Achterhoek ....................................................................... 10 Bijlage I – Detail informatie per gemeente ...........................................................................

16 Asielopvang ................................................................................................................... 16 Opvang Oekraïense ontheemden ...................................................................................... 18 Huisvesting statushouders ............................................................................................... 20

1

Versie 17-10-2024, aansluitend op PRT uitdraai dd 20241017 Achterhoek 1

Inleiding In de Achterhoek pakken de gemeenten (Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost-Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk) ieder hun eigen opgaven en verantwoordelijkheid om voldoende en adequate huisvesting voor vluchtelingen te realiseren. Het gaat daarbij om de mensen en niet om de cijfers. We werken ook samen aan het realiseren van randvoorwaarden en voorzieningen. We doen dit in de Achterhoek vanuit onze lokale karakteristiek: landelijke gemeenten die bestaan uit verschillende kernen met twee verstedelijkte centra in Doetinchem en Winterswijk. Voorzieningen liggen verspreid en zijn niet in iedere kern aanwezig. Tegelijk werken we aan de brede woonopgave in de Achterhoek. Dit samen vraagt om creatieve oplossingen, waarbij wonen, werken en integreren samen komen. Binnen gemeenten en regionaal zoeken we naar een duurzame aanpak. Van focus op noodopvang naar huisvestingsontwikkelingen die op termijn flexibeler kunnen worden benut door bredere groepen inwoners en vluchtelingen. Van noodverbanden naar brede participatie en deelname aan samenleving en arbeidsmarkt in de Achterhoek. De gemeenten werken aan hun lokale taakstelling en opgave en bundelen deze als regionale opdracht. Daarmee kunnen we als collectief opereren naar derde partijen, zoals provincie Gelderland en het COA.

Zo pakken de gemeenten drie grote uitdagingen aan: het voorzien in voldoende en adequate opvang voor asielzoekers en Oekraïense ontheemden én het zorgdragen voor voldoende passende huisvesting voor statushouders. De gemeenten zien kansen in uitwisselbaarheid, flexibiliteit en beleidsvrijheid om deze opgaven te combineren met de opgaven op het gebied van wonen, leefbaarheid, onderwijs en arbeidsmarkt. Vluchtelingenopvang is een onderwerp met grote maatschappelijke impact een onderwerp waarop de landelijke politiek in beweging is. Dit heeft gevolgen voor het lokale draagvlak voor de locaties die worden ontwikkeld en op het meerjarig perspectief daarvan. Er is op korte termijn behoefte aan meer opvang voor vluchtelingen. Tegelijk zien we dat we te kampen hebben met gebrek aan realisatiekracht en voortgang. Belangrijke oorzaken hierbij zijn de capaciteitsbeperkingen bij gemeenten, COA en ontwikkelaars, de doorlooptijd die samenhangt met ruimtelijke procedures, de noodzaak van langdurige financiële perspectieven om te kunnen investeren en het gemis van een toelichtende landelijke campagne die de gemeentelijke opgaven duidt en ondersteunt. Dit naast de andere kritische succesfactoren over o.a. werk, onderwijs, zorg en netcongestie. De gemeenten zien kansen in creatieve oplossingen waarbij wonen, werken en integreren samen komen. Dit plan bestaat dan ook uit drie onderdelen: •

Een Achterhoeks overzicht met de ontwikkelingen en focuspunten per doelgroep

•

De thema’s en voorwaarden die onderdeel zijn van de invulling van opvang

•

Een overzicht van de realisatie en ontwikkeling per gemeente.

In juli 2024 hebben we bestuurlijke afspraken gemaakt om de realisatie van zoveel nieuwe opvangplekken en het huisvesten van statushouders mogelijk te maken. Deze zijn puntsgewijs opgenomen onder de inhoudelijke paragrafen hieronder.

2

Overzicht van de ontwikkelingen en focuspunten per doelgroep

Opvang asielzoekers (inclusief AMV) In de Achterhoek staat één AZC met 400 plekken (in Winterswijk). Er is een opvang voor AMV (alleenstaande minderjarigen) met 44 plekken (in Berkelland). In Montferland is recent een tijdelijke gemeentelijke opvang geopend met 30 plekken. Vanaf 8 november zijn er 70 plekken voor AMV-ers in noodopvang in Bronckhorst. Samen zullen de gemeenten in de Achterhoek zich de komende twee jaar maximaal inspannen om 13 nieuwe locaties voor de opvang van asielzoekers te openen, om zo onze verantwoordelijkheid te nemen voor de opvang van asielzoekers in Nederland. In de Achterhoek opent iedere gemeente tenminste één locatie voor de opvang van asielzoekers. We realiseren in totaal 2.120 reguliere opvangplekken voor asielzoekers, waarvan 370 voor AMV. Voordat die allemaal gerealiseerd zijn, komen er ook tijdelijke noodopvangplekken voor 130 asielzoekers en 70 AMV-ers. Bij het realiseren van nieuwe locaties zien we de volgende kritische succesfactoren: Wet- en regelgeving Door meerdere procedures en het volgen van de huidige wet- en regelgeving duurt het realiseren van nieuwe opvanglocaties onnodig lang. Vereenvoudiging van regels kan de realisatie van locaties aanzienlijk versnellen. Netcongestie We verwachten dat verschillende locaties vertraagd zullen raken door netcongestie. Er zijn door netcongestie locaties afgevallen.

We vragen medewerking van de netbeheerder, ook bijvoorbeeld bij kleine administratieve veranderingen zoals het toestaan van hogere belasting op een bestaande aansluiting die daar al geschikt voor is. Capaciteit COA We zien dat doorlooptijden bij het COA lang zijn en dat de ontwikkelcapaciteit van het COA mogelijk niet groot genoeg is om locaties voor 1 juli 2025 te openen. We gaan als gemeenten inzetten op een goede samenwerkingsrelatie met het COA zodat zij tijdig kunnen anticiperen op ontwikkelingen. Draagvlak samenleving Het draagvlak in de samenleving voor de opvang van vluchtelingen staat onder druk. Het is van het grootste belang dat het Rijk, het COA en de gemeenten intensief samenwerken om het draagvlak te vergroten. Een landelijke campagne waarin de juiste feiten en cijfers gepresenteerd wordt en waar vluchtelingen ‘een gezicht’ krijgen, zou ons hierin helpen. Tot slot zijn toeleiding naar werk, zorg en onderwijs aandachtspunten. Daar hebben we onderstaand aparte paragrafen aan gewijd. De gemeenten in de Achterhoek: -

Willen voldoen aan de regionale taakstelling om in 2025, of zo snel mogelijk daarna, in totaal 1.691 opvangplaatsen voor asielzoekers beschikbaar te stellen; Zetten daarbij in op het realiseren van 370 reguliere opvangplaatsen voor alleenstaande minderjarige asielzoekers (amv) in de regio; Willen ook tijdelijk AMV opvangen in de regio, hiervoor realiseert Doetinchem 50 plekken en Bronckhorst 70; 3

-

-

-

-

Spreken daarbij af dat iedere gemeente vaart maakt met de plannen die zij aan elkaar hebben gepresenteerd om de gezamenlijke regionale taakstelling zo spoedig mogelijk te realiseren; Realiseren waar mogelijk opvangplaatsen voor een termijn van 10 jaar of langer, verdeeld over meerdere kleinere, middelgrote en enkele grote opvanglocaties, verspreid over de regio; Zien daarbij dat naast kleine en middelgrote locaties, minimaal één grote opvanglocatie in het westen van de Achterhoek gewenst is. Hier kunnen ook voorzieningen (waaronder onderwijs en zorg) gerealiseerd worden. De gemeente Oude Ijsselstreek neemt het initiatief om te zoeken naar een geschikte locatie voor een duurzaam opvangcentrum dat past in het landschap en trekt in dit project (in ieder geval) samen op met gemeente Doetinchem en de provincie Gelderland; Zetten zich waar mogelijk in om aanvullend tijdelijk noodopvangplaatsen te realiseren om in 2025 te voldoen aan de regionale taakstelling;

-

Signaleren dat netcongestie en de anderhalf jaar tussen plan en daadwerkelijke aansluiting van nutsvoorzieningen de realisatie van opvangplekken ernstig vertraagt, onmogelijk maakt of duur maakt;

-

Vragen het Rijk om met spoed maatregelen te treffen om de capaciteit van het net te vergroten en de realisatietermijn te verkorten zodat nieuwe woningen en opvanglocaties gerealiseerd kunnen worden; Spreken de wens uit dat het mogelijk wordt om het vermogen van bestaande aansluitingen te vergroten en dat nieuwe aansluitingen voor de realisatie van opvangplekken tijdig gerealiseerd worden.

-

Opvang Oekraïense ontheemden Iedere gemeente in de Achterhoek vangt al Oekraïense ontheemden op. Er zijn echter steeds meer opvangplekken nodig en we zijn druk bezig met de realisatie van nieuwe opvanglocaties. Alle gemeenten spannen zich maximaal in om invulling te geven aan die opgave. Daarbij lopen we ook tegen belemmeringen aan, zoals in de vorige paragraaf genoemd. De gemeenten in de Achterhoek: -

-

Willen voldoen aan de opgave om in 2025 in totaal 2.348 gemeentelijke opvangplaatsen voor Oekraïense ontheemden in de regio te realiseren en verwachten daar in de loop van 2025 aan te kunnen voldoen; Doen een beroep op het Rijk om de bestaande regeling voor de realisatie en exploitatie van voorzieningen in stand te houden; Verzoeken het Rijk om opvang door particulieren mee te tellen in de totale opgave van de opvang van ontheemden uit Oekraïne. Verzoeken het Rijk de landelijke coördinatie weer in te richten, inclusief een goede eerste screening en registratie om ‘shopgedrag’ langs de gemeenten te voorkomen Pleiten voor een landelijke aanpak van overlastgevers.

4

Huisvesten statushouders Het huisvesten van statushouders is voor de gemeenten in de Achterhoek een grote uitdaging. De Achterhoek wordt verzocht om ongeveer 600 statushouders per jaar huisvesting bieden. Veel gemeenten, ook in de Achterhoek, worstelen met het realiseren van de taakstelling voor de huisvesting van statushouders. Uitgangspunt voor de gemeenten in de Achterhoek blijft dat we ons maximaal blijven inzetten om de taakstelling te halen. Praktische belemmeringen in de uitvoering maken het niet makkelijker om de taakstelling te halen. Zo krijgen we soms niet de juiste informatie, waardoor mensen niet passend gehuisvest worden. Zo kan het voorkomen dat mensen in één woning terecht komen, terwijl ze geen gezinsleden van elkaar zijn. Ook ontbreken vaak BSN en bankrekeningnummer. Gemeenten kunnen statushouders niet inschrijven of een uitkering bieden als de basisinformatie ontbreekt. Dat terwijl de tien weken termijn van huisvesting aanbieden dan al loopt. Daarnaast worden er soms onvoldoende statushouders gekoppeld aan de gemeente. Flexwoningen Verschillende gemeenten zijn bezig met het maken en uitvoeren van plannen voor het realiseren van flexwoningen. Voor flexwoningen geldt dat deze door wet- en regelgeving en door het participatietraject met omwonenden een langere realisatie tijd vragen.

Daarnaast vormen ze een financieel risico voor woningbouwcorporaties omdat niet zeker is dat ze herplaatst kunnen worden en wat de waarde is na 10 of 15 jaar. Opvang Het COA heeft in een hotel in Montferland een noodopvanglocatie waar 30 statushouders wonen die gekoppeld zijn aan Montferland. Oost Gelre en Winterswijk hebben samen een HAR tussenvoorziening met 64 plekken voor statushouders. Bronckhorst heeft een doorstroomlocatie van 12 plekken, een HAR-locatie met 10 plekken en onderzoekt de mogelijkheid voor een derde doorstroomlocatie. Oude Ijsselstreek heeft een doorstroomlocatie met 7 plekken. Ook andere gemeenten overwegen een tussenvoorziening of doorstroomlocatie te openen. Voor doorstroomlocaties komt er een subsidieregeling. Het voornemen van het Rijk is om in die regeling een termijn voor doorstroming van één jaar op te nemen. De doorstroomtijd van statushouders die wachten op gezinshereniging zou gelijk moeten lopen aan de doorlooptijd van hun procedure voor gezinshereniging (ca. twee jaar). Dit zou voorkomen dat zij na verblijf van een jaar in een doorstroomlocatie opnieuw op een tijdelijke locatie ondergebracht moeten worden, tot hun gezin arriveert.

Een statushouder gedurende lange periode alleen in een eengezinswoning huisvesten is niet gewenst; niet alleen is vaak de huur van een eengezinswoning voor één persoon niet op te brengen, maar ook op maatschappelijk draagvlak kan een dergelijke situatie met de huidige krappe woningmarkt een negatief effect hebben. Tot slot ontvangen gemeenten geen tegemoetkoming vanuit het Rijk voor de gemaakte kosten. Een ander knelpunt bij doorstroomlocaties is dat bij het plaatsen van statushouders in de locaties bekend zou moeten zijn of deze mensen zonder problemen kunnen samenwonen met anderen. De enige manier om de rust te herstellen als er iemand problemen veroorzaakt is het doorplaatsen van die bewoner naar een eigen huis, wat een beloning is voor slecht gedrag. Deze mensen zouden terug moeten kunnen worden gestuurd naar een AZC of andere voorziening. De Achterhoekse Gemeenten vragen een goede screening op problematiek van individuele statushouders die geplaatst worden in doorstroomlocaties. 5

De doorstroom uit opvanglocaties stokt. Een termijn van 6 of 12 maanden is onhaalbaar om een passende woning te vinden. De kosten van opvang komen na 6 of 12 maanden volledig voor rekening van de gemeente. Kamergewijze verhuur Binnen meerdere gemeentes wordt onderzocht of tijdelijke kamergewijze verhuur een goede oplossing biedt voor de lange termijnen voor gezinshereniging en voor jongeren die studeren. Bronckhorst is gestart met het mogelijk maken van kamergewijze verhuur. Ze hebben hiervoor nu 2 woningen beschikbaar. Het vergunningsproces, de huurwet en ook de financiën zijn hierbij uitdagingen. We ontvangen hiervoor geen gelden vanuit het Rijk. Gezien de opgaven willen we toch deze mogelijkheden onderzoeken.

Hotel en accommodatie regeling De mogelijkheid voor opvang volgens de HAR vervalt eind 2024 in de gemeenten Bronckhorst, Winterswijk en Oost Gelre. Dit maakt dat er vanaf 1 januari 2025 geen nieuwe instroom kan plaatsvinden en er voor de huidige statushouders een andere verblijfsplaats moet worden gevonden.

De gemeenten in de Achterhoek: -

-

-

-

-

-

-

Vragen aandacht voor specifieke uitdagingen van gemeenten in De Achterhoek, zoals een lager percentage sociale woningen en het vooral beschikbaar komen van gezinswoningen van enig formaat (vooral geschikt voor gezinnen met 4 of 5 leden: het koppelen van alleenstaanden of hele grote gezinnen maakt het nog moeilijker om aan de taakstelling te voldoen); Rekenen op blijvende Rijksfinanciering voor het realiseren van opvangvoorzieningen, huisvesting voor statushouders en tijdelijke voorzieningen; uitgaande van een sluitende begroting voor de uitvoering van de spreidingswet. Doen een dringend beroep op de Rijksoverheid om regelingen eenvoudig te houden/maken en aan te laten sluiten bij de realiteit in onze regio en binnen de asielketen, bijvoorbeeld door toe te staan dat mensen twee jaar in een doorstroomlocatie kunnen verblijven; Werken samen met woningcorporaties en private partijen aan de realisatie van tussenvoorzieningen, doorstroomlocaties, flexwoningen en andere manieren om statushouders te huisvesten; Vragen om en werken mee aan creatieve oplossingen om kamergewijze verhuur en splitsing van woningen aan alleenstaande en alleenreizende statushouders mogelijk te maken.

Dit vraagt onder meer om een inrichtingsbudget en woonbegeleiding, waar tot nu toe geen Rijksfinanciering voor is; Zoeken samen met gespecialiseerde organisaties en partners in de regio actief naar huisvestingsoplossingen voor alleenstaande minderjarige statushouders; Vragen het Rijk haast te maken met het wegwerken van de steeds langere wachttijden in de behandeling van aanvragen voor gezinshereniging door alleenreizenden. Deze alleenreizenden kunnen gedurende deze periode, die inmiddels oploopt tot bijna twee jaar, niet worden gehuisvest in een eengezinswoning. Signaleren dat bij gelijkblijvende taakstellingen alle gemeenten steeds meer moeite zullen hebben met realiseren van de taakstelling en dat in ieder geval enkele gemeenten niet in staat zijn om aan deze taakstelling te voldoen. 6

Thema’s en voorwaarden bij de invulling van opvang Werk We zien toeleiding naar werk als belangrijk hulpmiddel voor het welzijn en een snelle economische en maatschappelijke integratie van vluchtelingen en behoud van maatschappelijk draagvlak voor de opvang en huisvesting van vluchtelingen. Daarvoor haken we aan bij de pilot vanuit het Rijk. Voor statushouders zit dit verwerkt in de inburgeringstrajecten vanuit de wet IB. We gaan nog meer inzetten door belemmeringen bij ondernemers weg te nemen, hen goed te informeren en waar nodig bij te staan. Daarnaast moet er ook aandacht zijn voor taal. Juist door deel te kunnen nemen aan de maatschappij leren vluchtelingen naast de theorie ook door de praktijk sneller de Nederlandse taal, gewoonten en cultuur. We verwachten hierbij steun en inspanning van bijvoorbeeld het Rijk en het COA. Grote wens is dat statushouders met werk gekoppeld blijven aan de Achterhoek.

De gemeenten in de Achterhoek: -

-

Constateren dat er binnen verschillende sectoren tekorten zijn op de arbeidsmarkt en dat vluchtelingen deze tekorten kunnen helpen verminderen; Organiseren samen met bedrijven, vakbonden, UWV en onderwijs toeleiding van vluchtelingen naar krapteberoepen in onze regio, incl. benodigde scholing/training; Signaleren dat er extra capaciteit nodig is voor loopbaanbegeleiding van asielzoekers, statushouders en ontheemden en werken samen met het COA en andere maatschappelijke organisaties aan vroegtijdige loopbaanbegeleiding op alle opvanglocaties. Indien begeleiding naar betaald werk (na 6 maanden) niet haalbaar blijkt, dan wordt er onder verantwoordelijkheid van COA gezorgd voor een sluitend aanbod van pre-inburgering, training, beroepsoriëntatie, stages, etc; Vragen het COA bij het plaatsen van asielzoekers en statushouders in onze regio te kijken naar de aansluiting op onze regionale arbeidsmarkt; Maken met het COA afspraken over kinderopvang voor asielzoekers.

Onderwijs We willen nieuwkomers een goede kans geven binnen onze regio en investeren daarom in passend onderwijs en inburgering voor vluchtelingen. Doordat we structureel 370 AMV op gaan vangen en ook veel meer andere vluchtelingen huisvesten, moeten de internationale schakelklassen doorgroeien naar ongeveer 1.000 plekken. We werken daarbij ook samen met gemeenten vlak over de grenzen van onze regio heen. Schoolbesturen van de ISK’s en gemeenten hebben hierover een akkoord gesloten. We doen een dringend beroep op het Rijk om te zorgen voor voldoende financiering van het onderwijs voor nieuwkomers. Opvang kan immers niet zonder onderwijs, daar hebben kinderen recht op. Zowel voor het werven en behouden van docenten (langjarige zekerheid!) en de realisatie van onderwijsgebouwen zijn nu nog onvoldoende middelen beschikbaar gesteld.

7

De gemeenten in de Achterhoek: -

-

-

Hebben samen met het onderwijs een plan gemaakt om voldoende plekken te realiseren in het nieuwkomersonderwijs (po Taalschakelklassen, TSK, en vo Internationale schakelklassen, ISK); Gaan uit van voldoende en structurele financiering van het Rijk, want zonder financiering van het onderwijs is het opvangen van minderjarige vluchtelingen niet mogelijk; Spreken uit dat de gemeenten met een ISK er niet alleen voor staan als er toch kosten zijn die niet gedekt worden door het Rijk en dat zij een beroep kunnen doen op hun buurgemeenten die ook gebruik maken van deze voorziening; Vragen in het bijzonder aandacht voor de groep kinderen die niet binnen twee jaar mee kunnen komen in het reguliere onderwijs en/of extra zorg vraagt.

Zorg Door de opvang van asielzoekers en Oekraïners en de huisvesting van statushouders neemt het beroep dat gedaan wordt op de zorg in onze regio verder toe. Dit terwijl er al een ‘te groot’ beroep op de zorg wordt gedaan, mede gelet op de vergrijzing binnen onze regio. Binnen de groepen vluchtelingen zijn er mensen die ernstig getraumatiseerd zijn en specialistische hulp nodig hebben. Veel zorgprofessionals in onze regio hebben nog geen of onvoldoende ervaring met deze doelgroepen, waarbij taal en verschil in cultuur een van de knelpunten is. Het opbouwen van deze expertise vraagt op verschillende plekken extra handen erbij en tijd. We zetten in op leertrajecten voor vluchtelingen die in de zorg willen werken, waardoor wij verwachten dat een deel van de vluchtelingen zelf in de zorg gaat werken. Omdat we nog niet weten wie over een paar jaar naar onze regio komen is het moeilijk om uitspraken te doen over wat er precies nodig is om deze problematiek het hoofd te bieden. Maar we willen er in ieder geval zeker van zijn dat wij, en de zorgaanbieders in onze regio, er niet alleen voor staan en hulp van het COA, zorgverzekeraars en het Rijk kunnen verwachten als die nodig is. Huisartsen Oekraïners en statushouders maken gebruik van de basiszorg in de gemeenten. Asielzoekers maken gebruik van de GZA (gezondheidszorg asielzoekers) gefinancierd en gefaciliteerd door het COA.

In een aantal gemeenten in de Achterhoek kunnen huisartsen er nu al geen patiënten meer bij hebben. En de meeste andere gemeenten zijn al dicht bij dat punt. We verwachten voor al deze vluchtelingen extra basiszorglocaties en professionals nodig te hebben en doen om een beroep op het Rijk en/of zorgverzekeraars om dat mogelijk te maken. Jeugdzorg Maar weinigen slagen erin met hun hele gezin tegelijk naar Nederland te komen. Gezinnen die zich in onze regio vestigen zijn vaak jaren van elkaar gescheiden geweest. Ook maken vluchtelingen in hun land van herkomst en tijdens de vlucht van alles mee. Dit zorgt voor een groter beroep op de jeugdzorg en jeugd-ggz. De gemeenten in de Achterhoek: -

Stimuleren het opbouwen en uitwisselen van kennis en expertise binnen de (jeugd)zorg over de zorg voor vluchtelingen; Spreken met het COA af dat basiszorg voor asielzoekers door het COA geleverd wordt; Bevorderen goede samenwerking tussen ISK’s en de jeugdzorg; 8

-

Monitoren wachtlijsten en knelpunten in de zorg, in het bijzonder de huisartsenzorg, en zoeken daarbij naar regionale oplossingen en ondersteuning van het Rijk.

9

Realisatie taakstellingen/opgaven Achterhoek Tabel B. Asielopvang Taakstelling

Asielopvang Waarvan AMV

1.691 143

Realisatie vóór 1-7-2025 654 174

Verschil taakstelling & 1-7-2025 -1.037 31

Realisatie na 1-72025 2.240 440

Bij tekort: aangeven op welke wijze wordt voorzien in de realisatie van de taakstelling Eind 2025 840 plekken Eind 2025 340 plekken Tussen nov ‘24 en april ‘25 70 noodopvang plekken

Tabel C. opgave gemeentelijke opvang ontheemden Oekraïne (GOO) Opgave

Realisatie vóór 1-1-2025

2.348

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=a50cdb11-fc6d-42c3-a91b-20295978535a