CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

A4. Raadsmededeling 48-2026 Herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Gemeenteraad 7 juli 2026, gemeente AaltenBij agendapunt: Mededelingen van de voorzitter en advies van de agendacommissie over de ingekomen stukken27.019 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouders Onderwerp

: : : : : :

48-2026 7 april 2026 21 april 2026 M. van Dam T.M.M. Kok en A.B. Stapelkamp Herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Aanleiding: In de raadsvergadering van 24 februari 2026 heeft uw raad een motie aangenomen waarin wordt gevraagd om ruimte te creëren voor gematigde groei van toeristische en recreatieve ontwikkelingen, met specifieke aandacht voor agrotoerisme, passende landschappelijke inpassing en versterking van natuur en biodiversiteit. Daarnaast blijkt uit recente regionale onderzoeken binnen de Vrijetijdsagenda Achterhoek (Ginder en Ad Fontem, 2025) dat de markt voor kleinschalige verblijfsrecreatie sterk is veranderd. Het huidige beleid uit 2022 sluit daardoor onvoldoende aan op actuele ontwikkelingen en op de behoefte van ondernemers. Deze ontwikkelingen maken een herijking van het ruimtelijk beleid noodzakelijk. Inhoud mededeling: Het college heeft een startnotitie opgesteld om te komen tot een nieuw ruimtelijk beleid voor kleinschalige verblijfsrecreatie, waarin ruimte wordt gegeven voor groei op plekken waar dit bijdraagt aan kwaliteit, balans en leefomgeving. Dit houdt in dat er een structurele afweging gemaakt moet worden tussen impact enerzijds en ecologische, sociale, ruimtelijke en economische draagkracht anderzijds. Hierin past ook een ruimtelijke zonering binnen het grondgebied van de gemeente, waarbij verschillende zones, verschillende randvoorwaarden kunnen krijgen.

Voor het opstellen van het nieuwe beleidskader hanteert het college de volgende uitgangspunten: - Waardevol Toerisme als richtinggevend principe voor kwalitatieve, duurzame en gebiedsgerichte ontwikkeling. - Motie van 24 februari 2026: ruimte voor agrotoerisme met zorgvuldige landschappelijke inpassing en versterking van natuur en biodiversiteit (o.a. mini campings). - Motie van 23 maart 2021: woonbestemmingen die geschikt zijn voor recreatieve doeleinden kunnen hiervoor in aanmerking komen. - Regionale afstemming: streven naar meer eenduidige ruimtelijke kaders binnen de Achterhoek, conform aanbevelingen uit de onderzoeken van Ginder en Ad Fontem. De startnotitie met bijlagen wordt u ter kennisname aangeboden.

De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd: Startnotitie Herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie Bijlagen bij de startnotitie: - Bijlage 1, Beleidsnota VE januari 2021 - Bijlage 2, Raadsmededeling 161-2022 Beleidsregels ontwikkeling verblijfsrecreatie - Bijlage 3, Raadsmededeling 80-2021 Moties beleidsnota Vrije Tijdseconomie - Bijlage 4, Rapport Ginder, Kleinschalige logies accommodaties Achterhoek - Bijlage 5, Rapport Ad Fontem, Regelgeving Recreatie Achterhoekse gemeenten - Bijlage 6, Motie CDA GB PP Voorkeursscenario Omgevingsvisie – Toerisme - Bijlage 7, CDA, HMV, GB en PP Motie 14a Ruimte voor initiatieven 23-3-2021 Aangenomen - Bijlage 8, Amendement D66 Voorkeursscenario Omgevingsvisie - Toerisme - verworpen Pagina 1 van 1

Herijking ruimtelijk beleid kleinschaligeverblijfsrecreatie

Startnotitie Auteur de heer M. van Dam Functie Beleidsmedewerker recreatie en toerisme Datum 21 april 2026 Versienummer 2026.004

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Inhoudsopgave Inleiding ................................................................................................................................................... 3 Huidig beleid............................................................................................................................................ 4 Overzicht huidig beleid ........................................................................................................................ 4 Beleidsregels........................................................................................................................................ 4 Context en ontwikkelingen...................................................................................................................... 6 Waardevol Toerisme ........................................................................................................................... 6 Inwonerperspectief en draagvlak........................................................................................................ 6 Regionale ontwikkelingen ................................................................................................................... 7 Economische analyse (Bureau Ginder) ............................................................................................

7 Juridisch-ruimtelijke analyse (Ad Fontem) ...................................................................................... 9 Vergelijkingstabel beleidsregels met de adviesrapporten ............................................................ 10 Conclusies en aanbevelingen ................................................................................................................ 11 Plan van aanpak..................................................................................................................................... 12 Ambtelijke werkgroep ....................................................................................................................... 12 Externe ondersteuning ...................................................................................................................... 12 Doorlooptijd ...................................................................................................................................... 12 Budget ............................................................................................................................................... 12

Pagina 2 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Inleiding In de afgelopen jaren is de verblijfsrecreatieve sector stevig in beweging geweest. De COVID-19 periode en grote marktbewegingen hebben de sector sterk veranderd. Vanuit de vrijetijdsagenda Achterhoek, waarin 10 gemeenten samenwerken op het gebied van de vrijetijdseconomie, zijn in 2025 een tweetal rapporten opgesteld over de kleinschalige verblijfsrecreatie. Deze rapporten onderschrijven het beeld van de veranderde markt. In de raadsvergadering van 24 februari 2026 heeft de gemeenteraad een besluit genomen over het Voorontwerp Omgevingsvisie 2040. Daarin zijn vier verschillende toekomstscenario’s gepresenteerd. In elk van de mogelijke scenario’s is Toerisme en Recreatie één van de onderdelen. In het eerste scenario wordt toerisme beperkt, het tweede gaat uit van het huidige beleid, het derde van gepaste groei en het vierde van onbeperkte groei (zolang kwaliteit verzekerd is). Hierover is door de gemeenteraad een motie aangenomen waarin gevraagd wordt ruimte te creëren voor gematigde groei voor toeristische en recreatieve ontwikkelingen en hierbij passende ruimte te geven aan agrotoerisme, met passende landschappelijke inpassing en versterking van natuur en biodiversiteit, zoals nieuwe mini-campings (bijlage 6).

In dezelfde raadsvergadering is een amendement op deze voorkeursscenario’s omgevingsvisie behandeld waarin werd gevraagd in te zetten op “waardevol toerisme”. Alhoewel dit amendement is verworpen ten gunste van de bovengenoemde motie, beoogt dit hetzelfde. Alhoewel de gemeenteraad voor het grote geheel, met aanpassingen, heeft gekozen voor het voorkeursscenario van het college, past de motie beter bij hetgeen over toerisme en recreatie beschreven heeft bij de voorkeursscenario’s onder scenario 3: Toerisme: We zetten in op “waardevol toerisme” en ondersteunen verdere groei van kleinschalige verblijfsrecreatie, mits het bijdraagt aan brede welvaart. We creëren experimenteerruimte voor vernieuwende initiatieven, bijvoorbeeld blending van functies (zoals een boer die agrotoerisme met educatie combineert). Bestaande recreatiebedrijven die willen uitbreiden, faciliteren we als ze aan onze kwaliteitseisen voldoen. Hierdoor groeit het aantal overnachtingen merkbaar en neemt het aandeel van toerisme in de economie duidelijk toe – Aalten wordt aantrekkelijker om te bezoeken, met behoud van kwaliteit. Naast bovengenoemde was binnen de gemeente al langer sprake van discussie over een mogelijke verruiming van het beleid voor kleinschalige verblijfsrecreatie.

Dit kwam onder meer voort uit eerdere casuïstiek binnen het buitengebied, waarin duidelijk werd dat bepaalde initiatieven niet goed binnen het bestaande beleidskader pasten. Deze ontwikkelingen bijeen laten zien dat het huidige gemeentelijke beleid niet meer volledig aansluit bij wat er gevraagd wordt. Dit document beschrijft de aanleiding, context en uitgangspunten voor het actualiseren van het ruimtelijk beleid voor kleinschalige verblijfsrecreatie binnen de gemeente. Het vormt daarmee de start van het proces om te komen tot toekomstbestendig, duidelijk en gebiedsgericht beleid voor kleinschalige verblijfsrecreatie.

Pagina 3 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Huidig beleid Overzicht huidig beleid Het huidige beleid is neergelegd in: - Beleidsnota vrijetijdseconomie 2021 Deze geeft het toeristische-recreatieve beleid weer voor de gemeente Aalten (bijlage 1). - Raadsmededeling 161-2022 Hierin zijn de ruimtelijke beleidsregels voor ontwikkeling van verblijfsrecreatie vastgelegd, die zijn opgesteld naar aanleiding van de beantwoording van aangenomen moties via raadsmededeling 80-2021 (bijlagen 2 en 3). - Notitie Verbinden om te Versterken 2025 De algemene aanbevelingen uit bovengenoemde beleidsnota is in 2025 verder uitgewerkt in de notitie “verbinden om te versterken” waarover de gemeenteraad via raadsmededeling 402025 is geïnformeerd.

Beleidsregels De ruimtelijke beleidsregels staan als volgt geformuleerd: 4. Beleidsregels voor de ontwikkeling van verblijfsrecreatie 1. Hoewel er weinig tot beperkte marktruimte is, willen we blijven open staan voor nieuwe innovatieve ontwikkelingen in de categorieën hotels, groepsverblijven, vakantiewoningen/B&B’s. Onder innovatieve ontwikkelingen verstaan wij plannen die onderscheidend vermogen hebben en gericht zijn op de leisureleefstijlen stijlzoekers, avontuurzoekers, plezierzoekers (en in mindere mate inzichtzoekers). Dit dient door middel van een onderbouwing door een ter zake kundige te worden aangetoond en is aan de gemeente ter beoordeling. 2. We verlenen in principe alleen medewerking aan plannen die leiden tot toekomstgerichte vernieuwing van als zodanig bestemde bestaande recreatiebedrijven danwel plannen die bestaande/leegstaande bebouwing een nieuwe functie kunnen geven op of in aansluiting van een bestaand agrarisch erf, cf de regeling nevenactiviteiten. 3. Toevoeging van bebouwing met een verblijfsrecreatieve functie binnen agrarische bestemmingen dient te passen binnen de maatvoering in het bestemmingsplan (bijgebouwenregeling) en dient te worden gecompenseerd door sloop en daarmee kwaliteitsverbetering op locatie of elders volgens 1:2. 4.

Bij woonbestemmingen verlenen we medewerking aan plannen die passen in de nevenactiviteitenregeling (bestaande bebouwing). 5. Toevoeging van bebouwing ten opzichte van de bestaande situatie op woonbestemmingen ten behoeve van verblijfsrecreatie dient te passen binnen de maatvoering in het bestemmingplan (bijgebouwenregeling) en dient te worden gecompenseerd door sloop en daarmee kwaliteitsverbetering op locatie of elders volgens 1:4 en een gedegen landschappelijk inpassingsplan. Er mogen maximaal 3 eenheden worden toegevoegd; de woonfunctie dient de hoofdfunctie te blijven. 6. Bij toevoeging van bebouwing stellen we aanvullende eisen ten aanzien van duurzaamheid, landschappelijke inpassing en doelgroep benadering. Met duurzaam wordt in deze beleidsregel bedoeld dat de recreatieverblijven voldoen aan de duurzaamheidseisen voor nieuwbouw uit het geldende Bouwbesluit. Middels een door de gemeente goed te keuren landschapsinrichtingsplan dient te worden aangetoond dat er sprake is van een goede landschappelijke inpassing. En door middel van een onderbouwing door een deskundige dient te worden aangetoond dat het plan gericht is op de juiste doelgroep. 7. Toevoeging van nieuwe eenheden is uitsluitend toegestaan indien bedrijfsmatige exploitatie wordt gewaarborgd; dit wordt middels een overeenkomst vastgelegd.

Pagina 4 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie 8. We verlenen in principe geen medewerking aan uitbreiding van het aantal (mini)campings / camperplaatsen op nieuwe locaties. Indien een bestaande minicamping stopt, mag die ruimte door een ander worden ingevuld, mits passend binnen de bestaande afwijkingsmogelijkheid voor kleinschalig kamperen en voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing. 9. Geldende/gangbare ruimtelijke ordenings- en duurzaamheidsprincipes zijn van toepassing. Er moet sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Bovengenoemde beleidsregels zijn van toepassing op verzoeken, die vallen binnen het plangebied ‘Landelijk Gebied 2015’ en/of herzieningen/wijzigingen op dit plan. Voor de bebouwde kommen gelden deze regels niet. (Her)ontwikkeling van verblijfsrecreatie is maatwerk. De regels zijn niet uitputtend en moeten als een hoofdlijn van beleid worden gezien. De beleidsregels vervangen de beleidslijn voor (her)ontwikkeling van verblijfsrecreatie op p. 11 van de Beleidsnota Vrijetijdseconomie (vastgesteld 23 maart 2021).

Pagina 5 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Context en ontwikkelingen Waardevol Toerisme September 2019 heeft de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur het rapport “Waardevol Toerisme” uitgebracht. In dit rapport is deze aanduiding voor het eerst gebruikt. Een huidige gangbare definitie van Waardevol Toerisme is: Een benadering van toerismeontwikkeling waarbij de groei en inrichting van toerisme in balans worden gebracht met de draagkracht van de leefomgeving, het draagvlak van inwoners en de economische, sociale en ecologische effecten van toerisme. Het doel is dat toerisme maatschappelijke meerwaarde creëert – niet alleen financieel, maar ook voor leefbaarheid, natuur, kwaliteit van leven en cultureel erfgoed. In waardevol toerisme staat niet de maximale groei, maar de optimale groei binnen grenzen centraal. Hierbij wordt gestreefd naar een evenwicht tussen positieve impact (werkgelegenheid, voorzieningen, levendigheid) en negatieve effecten (drukte, overlast, natuurdruk) en wordt toerisme beschouwd als een middel om bredere maatschappelijke doelen te bereiken, zoals leefbaarheid en duurzaam ruimtegebruik. Deze benadering vraagt om sturing door overheden en samenwerking met ondernemers, inwoners en maatschappelijke organisaties. Deze benadering sluit aan bij motie zoals aangenomen in de raadsvergadering van 24 februari 2026 en de discussie die de raad daarover heeft gevoerd.

Deze benadering sluit ook aan bij de uitgangspunten voor de nieuwe omgevingsvisie, zoals gebiedsgericht beleid, gematigde groei en behoud van karakter. Waardevol Toerisme zal dan ook als richtinggevend principe voor het nieuwe beleid worden gehanteerd.

Inwonerperspectief en draagvlak Belangrijk onderdeel voor Waardevol Toerisme is inwonersperspectief en draagvlak. In maart 2024 is onder inwoners van de gemeente Aalten een uitgebreid onderzoek uitgevoerd naar recreatie en toerisme. De resultaten geven waardevolle inzichten in hoe inwoners recreatie en toerisme ervaren en welke ontwikkelrichting zij wenselijk achten. Algemene houding t.o.v. toerisme De meerderheid van de respondenten staat positief tegenover het huidige toeristische aanbod. 76% vindt dat het aanbod niets mist, terwijl 24% wél aanvullingen ziet, vooral in hotels, horeca en dagrecreatieve activiteiten zoals zwembaden en evenementen. Ook het aantal toeristen wordt overwegend als passend ervaren: 50% vindt het ‘niet te veel, niet te weinig’ Positieve impact Inwoners ervaren vooral positieve effecten van recreatie en toerisme. Zo geeft 78% aan dat de lokale economie wordt gesteund en 60% vindt dat recreatie bijdraagt aan het aanbod voor inwoners zelf. Ook wordt een duidelijke bijdrage gezien aan culturele identiteit en behoud van historisch erfgoed (55%). Daarnaast versterkt toerisme in brede zin het gevoel van trots en verbondenheid: 56% is trots om inwoner van Aalten te zijn door toerisme 82% ervaart positieve effecten op trots en lokale identiteit in bredere zin Negatieve impact Negatieve effecten worden veel minder ervaren.

Schade aan natuur en verkeersdrukte worden het vaakst genoemd (27% respectievelijk 25%), maar in beide gevallen is de groep die het hiermee oneens is groter dan diegenen die het als probleem ervaren. Een minder aantrekkelijke openbare ruimte wordt slechts door 16% als probleem genoemd.

Pagina 6 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie Belangrijke waarden voor toekomstig beleid Bij toekomstige ontwikkeling vinden inwoners de volgende thema’s het belangrijkst: - Beschermen van natuur en landschap (69%) - Ontwikkelen van toerisme op een schaal die past bij Aalten (66%) - Versterken van levendigheid en gezelligheid (43%) - Behoud van culturele identiteit en historische gebouwen (36%) Conclusie inwonerperspectief Het inwoneronderzoek laat zien dat inwoners over het algemeen positief zijn over recreatie en toerisme, mits de ontwikkeling past bij de schaal en identiteit van de gemeente en zorgvuldig wordt ingepast in landschap en leefomgeving. Dit bevestigt de richting van de aangenomen moties en sluit aan bij de principes van waardevol toerisme.

Regionale ontwikkelingen De Achterhoekse gemeenten werken sinds 2006 samen op het gebied van toerisme en recreatie. Sinds 1 januari 2026 zijn dit tien Achterhoekse gemeenten. De door de gemeenten gezamenlijk opgestelde Vrijetijdsagenda inclusief uitvoeringsprogramma dient als kompas voor de uitvoering en inzet van middelen. Dit heeft geresulteerd in gezamenlijk beleid, productontwikkeling, monitoring en kennisontwikkeling. Onderdeel van de vrijetijdsagenda is de verbetering van de vitaliteit van de verblijfsrecreatieve sector. In 2025 heeft de vrijetijdsagenda opdracht gegeven aan een tweetal bureaus om onderzoek te doen naar kleinschalige verblijfsrecreatie in de Achterhoek. Bureau Ginder heeft daarbij de economische kant belicht, terwijl Ad Fontem de meer juridische kant heeft onderzocht. Alhoewel dit startdocument alleen de herijking van het beleid voor de gemeente Aalten betreft, vormen regionale ontwikkelingen ook een belangrijke factor.

Hieronder zijn de belangrijkste conclusies van beide bovengenoemde rapporten Economische analyse (Bureau Ginder) De opdracht aan Bureau Ginder was: Inzicht krijgen hoe het huidige aanbod in de acht gemeenten (Montferland en Zutphen zijn per 1 januari 2026 aangesloten) aansluit bij de huidige en toekomstige marktbehoefte/trends (algemene verkenning en niet op bedrijfsniveau) en welke ontwikkelruimte/behoefte er in de toekomst is voor minicampings en kleinschalig recreëren in de Achterhoek (o.a. met het oog op de economische haalbaarheid en de bredere ontwikkelingen op het platteland). Daarnaast moest Ginder in beeld brengen wat er vanuit de Achterhoekse gemeenten (beleidsmatig) nodig is om in te spelen op de uitkomsten van de eerste vraag (en daarmee kunnen sturen op de ontwikkelingen van minicampings en kleinschalig recreëren in de Achterhoek). De inzichten die deze acties opleveren zijn bruikbaar voor eventuele beleidskeuzes rondom kleinschalig recreëren (bijlage 4). Dit heeft geleid tot de volgende conclusies: - Aanbod en vraag zijn gestegen, met uitzondering van de kampeereenheden. Bij kampeereenheden is het aanbod gedaald en de vraag gestegen. Dit houdt in dat er voldoende ruimte is voor uitbreiding van het kampeeraanbod. Bij de trends zien we dat het hier met name gaat om kleinschalig aanbod waar interesse in is. -

Hoewel er voldoende ruimte is en accommodaties/campings over het algemeen op orde zijn, is er behoefte aan kwaliteitsverbetering van het aanbod.

-

Gemeenten hebben behoefte aan duidelijke handvatten voor beleid.

-

De toenemende vraag naar rustgevende plattelandsvakanties, vooral door de vergrijzende bevolking met een groeiende koopkracht, biedt een groeipotentieel.

-

De logiesmarkt vertoont een duidelijke tweedeling. Enerzijds zien we een trend van ketenvorming, waarbij grote spelers profiteren van schaalvoordelen door meerdere accommodaties onder één merk te verenigen. Anderzijds verschuift het aanbod steeds meer naar kleinschalige, onafhankelijke accommodaties, waar juist het unieke karakter en de persoonlijke service, of gastheerschap, centraal staan. Deze verschuiving benadrukt het

Pagina 7 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie groeiende belang van een persoonlijke benadering in de sector, wat voor veel reizigers een doorslaggevende factor is bij het kiezen van een verblijf. -

Accommodaties die duurzaamheid, inclusie (met de oudere doelgroep), unieke ervaringen en persoonlijke service benadrukken, kunnen zich onderscheiden en aantrekkelijk blijven voor gasten.

-

Gemeenten tonen toenemende steun voor de ontwikkeling van kleinschalige logiesaccommodaties, wat kansen biedt voor revitalisering van het platteland en diversificatie van inkomstenbronnen voor voormalige agrariërs.

-

In de afgelopen jaren blijkt dat het zoekvolume naar overnachtingen in de Achterhoek aanzienlijk is gestegen. Daarbij groeide het zoekvolume naar kleinschalige accommodaties gestaag mee, opgeteld zelfs iets sterker dan naar overnachtingen in het algemeen.

-

In de coronaperiode was er vooral zoekgedrag naar accommodaties die rust, luxe en natuur boden. Nu, na corona, zien we dat algemene termen als het (stads)centrum en goedkoop weer groeien.

Conclusies gericht op verblijfsvormen: B&B’s en kleine pensions: - In 2022 waren er ongeveer 170 B&B’s en kleine pensions in de acht gemeenten, met gezamenlijk 380 kamers. Voor de coronacrisis was er een lichte stijging in het aantal B&B’s en pensions, maar tijdens de coronajaren daalde dit aantal doordat veel aanbieders moesten sluiten. Veel B&B’s worden als hobby of bijverdienste gerund, wat de vraag oproept in hoeverre deze accommodaties in de toekomst heropend zullen worden. -

B&B.nl ziet een sterke stijging in het aantal B&B’s op hun website, gedreven door mediaaandacht en een toenemende vraag naar duurzame vakantieadressen.

-

B&B's, daarentegen, kenden een heropleving in zoekgedrag na een mindere groei tijdens de coronaperiode.

Mini-campings (incl. camperparken): - Er waren in 2022 ongeveer 120 mini-campings in de regio met in totaal 2.250 plaatsen. Gedurende de gehele periode was er sprake van een lichte groei in het aantal aanbieders en plaatsen. Deze categorie heeft de meeste plaatsen in vergelijking met B&B’s en solitaire vakantiewoningen. -

Vekabo/in ‘t Groen merkt een verjonging en dynamiek binnen de sector, mede door de groei van bedrijven en de levensvatbaarheid van kleinschalige recreatie.

-

Brancheorganisatie KCI/Campercontact geven aan een groei in het aantal camperparken te zien Deze ontwikkelingen tonen aan dat kleinschalige logiesaccommodaties steeds aantrekkelijker worden.

-

Specifiek de minicampings, die tijdens corona een sterke groei doormaakten, zagen een afname in zoekvolume in 2022 en 2023. Toch liggen ze daarmee nog boven het niveau van 2019.

Solitaire vakantiewoningen: - Het aanbod van solitaire vakantiewoningen is vrij stabiel gebleven van 2013 tot 2022, met ongeveer 230 vakantiewoningen en ruim 400 kamers.

Pagina 8 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie Juridisch-ruimtelijke analyse (Ad Fontem) De opdracht van Ad Fontem is als volgt door hen geformuleerd: Acht gemeenten in de Achterhoek werken samen op gebied van Recreatie &Toerisme. Deze gemeenten zijn Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Lochem, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk ((Montferland en Zutphen zijn per 1 januari 2026 aangesloten) Vanuit deze samenwerking is er de wens om duidelijkere en meer eenduidige regelgeving te ontwikkelen op het gebied van kleinschalige verblijfsrecreatie. Harmonisatie van deze regels draagt bij aan een gelijkspeelveld en een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor ondernemers in de recreatiesector. Dit versterkt de recreatieve aantrekkingskracht en positie van de regio Achterhoek. Voor de deelnemende gemeenten is een uitgebreide inventarisatie van de verschillende regelingen rondom verblijfsaccommodaties uitgevoerd. Hierbij zijn de regels, voorwaarden en definities met betrekking tot toeristisch verblijf en recreatieve voorzieningen nauwkeurig in kaart gebracht en is gekeken naar de onderliggende overwegingen die hebben geleid tot deze beleidskeuzes.

Dit alles om uiteindelijk inzicht te krijgen in de onderlinge verschillen en overeenkomsten ten aanzien van kleinschalige verblijfsrecreatie tussen de gemeenten en op basis daarvan een voorstel voor harmonisatie van de regelingen te ontwikkelen. In dit eindadvies worden handvaten geboden welke kunnen bijdragen aan de beantwoording van de vraag welke begrippen en uitgangspunten het beste in regelingen kunnen worden gehanteerd (bijlage 5). Ad Fontem komt tot de volgende conclusies: -

Bij het vormgeven van de nieuwe regelingen en beleidskaders zijn er enkele specifieke uitgangspunten die als leidraad dienen. Deze uitgangspunten helpen om een balans te vinden tussen het stimuleren van kleinschalige recreatieve initiatieven en het behouden van de ruimtelijke kwaliteit en het karakter van het landschap.

-

De landschappelijke inpassing dient als leidraad voor alle ruimtelijke afwegingen. Nieuwe initiatieven moeten aantoonbaar bijdragen aan de versterking van deze kwaliteiten van een gebied en passende zijn naar aard en schaal. Dit uitgangspunt waarborgt dat het landschap in balans blijft, zelfs als er nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden. Door streng te waken over de landschappelijke inpassing blijven recreatieve uitbreidingen verantwoord en passend binnen het bestaande gebied.

-

Het blijven hanteren van het basis uitgangspunt van een ruimtebeslag van 350 m² aan bebouwing binnen het bouwvlak voor kleinschalige recreatieve nevenactiviteiten, hierbij wordt cumulatie van functies toegestaan. Afwijken naar een groter oppervlak (optioneel met een maximum maatvoering van 750 m², waarvan maximaal 500 m² voor kleinschalige verblijfsrecreatie) blijft binnen het beleid toegestaan om economische dragers op het platteland te behouden.

-

Geen onderscheid maken tussen recreatiewoning en appartement maken. Wel een onderscheid maken tussen inpandige of solitaire recreatiewoningen.

-

Het algemene uitgangspunt dat vervangende nieuwbouw onder voorwaarden is toegestaan. Hierbij wordt gekeken naar de locatie en inpassing binnen de bestaande structuur. Vervangende nieuwbouw moet bijdragen aan de vernieuwing en verduurzaming van de sector, zonder een toename van het totale bebouwde oppervlak. Dit voorkomt wildgroei van bebouwing en ondersteunt de kwaliteit en duurzaamheid van het landschap. Vervangende nieuwbouw op een andere plek passend binnen het erfensemble is mogelijk, mits de ruimtelijke kwaliteit toeneemt. Extra bebouwing is maatwerk en uitsluitend mogelijk indien het ruimtebeslag wordt gecompenseerd middels ‘Het Balansmodel’.

-

Deze uitgangspunten vormen samen een solide basis voor het ontwikkelen van nieuwe regelingen die aansluiten op moderne behoeften, maar tegelijk zorgvuldig omgaan met de waarden en kwaliteiten van de omgeving. Door een balans te vinden tussen flexibiliteit en behoud van bestaande rechten, wordt de ruimtelijke ordening niet alleen toekomstbestendig, maar ook sociaal en ecologisch verantwoord.

Pagina 9 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie Vergelijkingstabel beleidsregels met de adviesrapporten

Thema

Aalten – Raadsmededeling

Geen nieuwe minicampings of Nieuwe minicampings camperplaatsen toegestaan.

Ginder-rapport (2024)

Ad Fontem (2025)

Vraag naar minicampings groeit; markt corrigeert zichzelf; uitbreidings-ruimte gewenst.

Max. 30 plaatsen (<1 ha), uitbreidbaar naar 40 via kwaliteitstoets.

Nieuwe camperplaatsen

Nieuwe camperplaatsen niet toegestaan (m.u.v. bestaande afwijkingsmogelijkheden).

Campermarkt sterk groeiend; vooral behoefte aan kleine, korte verblijfsplaatsen

Max. 4 plaatsen per erf, 72 uur, landschappelijk ingepast.

Doelgroepen / leefstijlen

Gericht op drie doelgroepen: stijlzoeker, avontuurzoeker, plezierzoeker.

Doelgroep breder: rust, natuur, duurzaamheid, ouderen, diversiteit.

Gericht op kwaliteitsconcept + doelgroep passend bij erf/omgeving.

Recreatiewoningen – Max. 3 recreatie-eenheden bij aantal woonbestemmingen.

Trend naar grotere Max. 5 recreatiewoningen, diversiteit; geen specifieke 75 m² per unit. max, wel kwaliteit belangrijk.

Recreatiewoningen – Geen vaste maat; compensatie 1:2 omvang of 1:4 bij nieuwbouw.

Advies: duidelijke maatvoering; max. 75 m².

Max. 75 m² per recreatiewoning, uniformering.

Compensatie-eisen (sloop)

Zeer zwaar: 1:2 bij agrarisch, 1:4 bij wonen.

Focus op balansmodel en kwaliteit i.p.v. sloop-eis.

Balansmodel: 350 m² → afwijking tot 500 m², optioneel tot 750 m².

Semipermanente verblijfsobjecten

Niet expliciet toegestaan; minicampingbeleid sluit ze feitelijk uit.

Advies: toestaan (yurts, safaritenten) bij groeiende trend.

Toestaan onder voorwaarden; max. 5 per terrein.

Sterke nadruk op transformatie en Belangrijk, maar niet Gebruik van nevenactiviteiten binnen bestaande exclusief: ook nieuwe kleine bestaande bebouwing bebouwing. eenheden mogelijk.

Inpandig & vrijstaand onderscheid; vervangende nieuwbouw toegestaan.

B&B – voorwaarden

Geen harde volumeregels; wel binnen bebouwing en nevenactiviteit.

Norm: max. 4 kamers, min. 20 m², eigen sanitair.

Max. 4 kamers, 30 m² max per kamer, eigen sanitair.

Camperplaatsen op erf

Max. 4 campers, max. 72 uur (al opgenomen in bestemmingsplan).

Vraag stijgt; voorkeur voor eenvoudige voorzieningen.

Regionale norm: max. 4, 72 uur.

Jaarronde openstelling

Jaarrond openstelling Niet expliciet toegestaan voor wenselijk mits minicampings; feitelijk niet mogelijk. landschappelijk passend.

Ontwikkelkader & toetsingscriteria

Niet aanwezig: alleen beleidsregels.

Pagina 10 van 12

Jaarrond openstelling mogelijk via BOPA.

Geeft volledig Eveneens compleet ontwikkelkader + principes + toetsings- en toetsingsmatrix. begrippenkader.

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Conclusies en aanbevelingen De analyse van het huidige beleid, de beleidsmatige context en de regionale ontwikkelingen laat zien dat een herijking van het ruimtelijk beleid voor kleinschalige verblijfsrecreatie noodzakelijk en urgent is. Uit de diverse onderzoeken, politieke besluiten en praktijkervaringen komen de volgende hoofdlijnen naar voren. 1. Het huidige beleid sluit onvoldoende aan op marktontwikkelingen De vraag naar kleinschalige, kwalitatieve, duurzame en persoonlijk gerunde verblijfsaccommodaties en campings groeit. Tegelijkertijd lopen initiatiefnemers binnen het huidige beleid tegen beperkingen aan. Hierdoor sluit het bestaande beleidskader niet meer optimaal aan op de hedendaagse marktbehoefte. 2. Regionale rapporten wijzen op ontwikkelruimte De onderzoeken van Bureau Ginder en Ad Fontem tonen aan dat er ruimte is voor kleinschalige groei, vooral in minicampings en onderscheidende logiesvormen, mits deze kwalitatief zijn en landschappelijk passend. 3. Waardevol Toerisme vormt een richtinggevend principe Zowel maatschappelijke trends als bestuurlijke sturing wijzen in dezelfde richting: toerisme moet bijdragen aan brede welvaart, ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid. Groei is mogelijk, maar alleen waar dit past bij het landschap, de schaal van Aalten en het draagvlak van inwoners.

Dit vraagt om gebiedsgericht werken, kwaliteitseisen en zorgvuldige ruimtelijke afweging. 4. Inwoners staan positief tegenover toerisme, mits passend en zorgvuldig ingepast Het inwoneronderzoek laat zien dat de meerderheid recreatie en toerisme positief beoordeelt en ruimte ziet voor ontwikkeling, zolang natuur, landschap en identiteit behouden blijven. Dit bevestigt het belang van een kader dat kwaliteit en balans centraal stelt. 5. Beleidsmatige knelpunten vragen om actualisatie van het ruimtelijke kader De analyse maakt duidelijk dat de huidige beleidsregels te beperkt zijn voor nieuwe vormen van verblijfsrecreatie en onvoldoende aansluiten op regionale inzichten en gemeentelijke ambities. Op basis hiervan is de aanbeveling om te komen tot een nieuw ruimtelijk beleid voor kleinschalige verblijfsrecreatie, waarin ruimte wordt gegeven voor groei op plekken waar dit bijdraagt aan kwaliteit, balans en leefomgeving. Dit houdt in dat er een structurele afweging gemaakt moet worden tussen impact enerzijds en ecologische, sociale, ruimtelijke en economische draagkracht anderzijds. Hierin past ook een ruimtelijke zonering binnen het grondgebied van de gemeente, waarbij verschillende zones, verschillende randvoorwaarden kunnen krijgen.

Hierbij worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: - Waardevol Toerisme vormt een richtinggevend principe voor het op te stellen beleid; - De motie van 24 februari 2026, waarin gevraagd wordt hierbij passende ruimte te geven aan agrotoerisme, met passende landschappelijke inpassing en versterking van natuur en biodiversiteit, zoals nieuwe mini-campings; - De motie van 23 maart 2021, waarin onder meer gevraagd wordt woonbestemmingen die geschikt zijn voor recreatieve doelen hiervoor ook in aanmerking te laten komen; - Het streven naar regionaal meer eenduidige ruimtelijke kaders voor kleinschalige verblijfsrecreatie, in lijn met de aanbevelingen uit de onderzoeken van Ginder en Ad Fontem.

Pagina 11 van 12

Gemeente Aalten

Startnotitie herijking ruimtelijk beleid kleinschalige verblijfsrecreatie

Plan van aanpak Ambtelijke werkgroep Voor het proces om te komen tot nieuwe ruimtelijke kaders wordt een ambtelijke werkgroep ingezet bestaande uit: - Mark van Dam, beleidsmedewerker Toerisme en Recreatie (coördinator) - Heleen te Winkel, beleidsadviseur Ruimtelijke Ordening - Ellis Koenders, beleidsmedewerker Economische Zaken - Annette van Straten, beleidsadviseur Landschap en Biodiversiteit en Omgevingsvisie Andere beleidsvelden, worden daar waar nodig gevraagd advies te geven.

Externe ondersteuning Hoewel veel intern kan worden uitgevoerd, is externe expertise gewenst. Dit is niet alleen vanwege de complexiteit van het werken met de principes van waardevol toerisme, bijvoorbeeld door het gebiedsgerichte karakter, maar ook om een onafhankelijke blik te verkrijgen. Hiermee kunnen de beleidskaders aansluiten bij hedendaagse eisen én bij de werkwijze van de omgevingsvisie. Daarbij wordt uitgegaan van de reeds beschikbare gegevens uit de twee regionale rapporten. De opdracht voor een bureau zou het volgende moeten omvatten: - Het samen met de ambtelijke werkgroep identificeren van stakeholders voor participatie en het vormgeven van dit participatieproces. - Het samen met de ambtelijke werkgroep opstellen van een realistisch tijdspad. - Ondersteuning bij het opstellen van een beleidskader voor kleinschalige verblijfsrecreatie, gebaseerd op de principes van waardevol toerisme. - Het leveren van onderbouwde analyses, zoals zoneringsvoorstellen, ontwikkelruimte en kwaliteitsomschrijvingen, voor zover deze niet intern beschikbaar zijn. - Advisering over de gewenste vorm van het eindresultaat. De exacte vorm van het eindresultaat staat op dit moment nog niet vast. Het proces moet uitwijzen of het resulteert in een afwegings- en toetsingskader voor BOPA’s, in aanpassing van regels binnen het omgevingsplan, of in een combinatie hiervan.

Dit kan bovendien per onderwerp of categorie verschillen. Indien het eindproduct (deels) bestaat uit een afwegings- of toetsingskader voor BOPA’s, wordt tevens bezien of en op welke wijze dit een plek krijgt binnen de omgevingsvisie.

Doorlooptijd Om dit proces zorgvuldig te doorlopen is een periode van een jaar benodigd. De beoogde oplevering zal maart 2027 zijn. Eventuele aanpassingen binnen het omgevingsplan, die voortkomen uit dit proces, zullen langer tijd nodig hebben voor implementatie.

Budget Er is budget benodigd voor deskundige inhuur en het participatietraject. Daar waar voor het participatie traject budget is binnen recreatie en toerisme, is dat er niet voor de inhuur van het bureau. Naar verwachting zullen deze kosten € 25.000, = bedragen. Dit budget zou in de voorjaarsnota 2026 aangevraagd moeten worden.

Pagina 12 van 12

Gemeente Aalten

BELEIDSNOTA K

Vrijetijdseconomie

Auteur Ellis Koenders Functie Beleidsmedewerker Vrijetijdseconomie Datum Januari 2021

1. Inleiding

De nota Vrijetijdseconomie 2015-2018 van de gemeente Aalten is aan herziening toe. In het College Uitvoeringsprogramma 2018-2022* zijn als uitgangspunten daarbij benoemd voortzetting van en de samenwerking met Stichting Achterhoek Toerisme en de doorontwikkeling van toekomstbestendige VVV’s. Het college heeft daarbij aangegeven stevig in te willen zetten op de regionale samenwerking op het gebied van vrijetijdseconomie, marketing en promotie, om de Achterhoek als vrijetijdsregio op de kaart te zetten.

Bij de vaststelling van het uitvoeringsprogramma is door de gemeenteraad bij amendement daarnaast bepaald dat in de visie de mogelijkheden voor doorontwikkeling van recreatieve fiets- wandel- en ruiterpaden moet worden betrokken. Ook de inzet op gemeentemarketing, als onderdeel van het Nationaal Landschap, en daarbij de inwoner als ambassadeur is benoemd.

Omdat een nieuwe regionale Vrijetijdsagenda in ontwikkeling was heeft het college besloten deze als basis voor lokaal beleid te laten dienen. Immers, regionale samenwerking is onontbeerlijk wanneer het gaat om versterking van de kwaliteit en de positionering van de Achterhoek als toeristische bestemming. In de regionale Vrijetijdsagenda onderbouwen we met feiten, cijfers, trends en ontwikkelingen en een SWOT analyse het belang van onze gezamenlijke regionale inspanningen op het gebied van vrijetijdseconomie. We stellen vast dat de vrijetijdssector een bijdrage levert aan de economie, leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de Achterhoek, en een belangrijke groeisector is. We hebben een gezamenlijke regionale ambitie en doelen geformuleerd en een uitvoeringsprogramma vastgesteld.

Laten we het dan daarbij? Nee. Want wij zijn van mening dat we ons ook op lokaal niveau moeten blijven inzetten om de sector te versterken en ondersteunen en daarmee de economische potentie te benutten en vergroten. Daarnaast willen we de gast ter plaatse gastvrij ontvangen en ons lokale product promoten. In deze notitie vullen we de regionale agenda aan met lokale beleids-en actiepunten. Wij geven hiermee uitvoering aan onze ambitie om in te zetten op verhoging van kwaliteit en vitaliteit.

Voor de feiten, cijfers etc. verwijzen we naar de regionale agenda en willen we hier niet in herhaling vallen. Wel hebben we enkele kengetallen voor de gemeente Aalten afgezet tegen de Achterhoek in de bijlage opgenomen.

2

Participatie In de voorbereiding op het opstellen van deze nota is gesproken met o.a. vertegenwoordigers van de drie VVV-agentschappen, Vereniging van Logiesverstrekkende Bedrijven, Horeca Nederland afdeling Aalten-Dinxperlo, Ondernemersfonds Dinxperlo, St. Aalten Promotie en St. Achterhoek Toerisme, Onderduikmuseum, Grenslandmuseum en Koppelkerk. Daarnaast heeft de nota gedurende zes weken ter inzage gelegen.

Covid-19 De afgelopen periode heeft getoond dat cijfers en prognoses in één klap onderuit gehaald kunnen worden. De sector heeft grote klappen gekregen en met name horeca, dagrecreatieve voorzieningen en groepsverblijven leven nog altijd in grote onzekerheid wat betreft de (nabije) toekomst. Veel logiesverstrekkende bedrijven hebben juist na de intelligente lockdown in het voorjaar alsnog een heel goede zomer gedraaid doordat Nederlanders gedwongen in eigen land op zoek gingen naar nieuwe bestemmingen. En bij veel bedrijven is enorm veel veerkracht getoond om met nieuwe concepten een deel van hun verlies goed te maken. Dit nieuwe elan willen wij vasthouden en de sector, juist in deze tijd, met deze vrijetijdsnota ondersteunen. * In het College Uitvoeringsprogramma 2018-2022 is opgenomen om een Economische visie te ontwikkelen met daarin specifieke aandacht voor het beleidsveld Vrijetijdseconomie. Vanwege de op handen zijnde regionale VE-agenda is besloten deze met een lokale nota aan te vullen en hiermee het onderdeel Vrijetijdseconomie los van een economische visie te behandelen.

3

2. Terugblik nota Vrijetijdseconomie 2015-2018 In juni 2015 is de nota Vrijetijdseconomie 2015-2018 door de gemeenteraad vastgesteld. Deze nota had als uitgangspunt stevig in te zetten op regionale samenwerking maar daarnaast ook de toeristische structuur en voorzieningen binnen gemeente Aalten te willen versterken. Daarnaast zijn vele uitvoeringsprojecten (mede)gefinancierd of geïnitieerd. Hieronder volgt per doel uit de nota een korte uiteenzetting van de behaalde resultaten en gerealiseerde projecten: Achterhoek sterke vrijetijdsregio: 

gezamenlijke Vrijetijdsagenda 2016-2019 en beschikbaarstelling cofinanciering voor projecten (MIP T&R).

aanstelling Kennismakelaar om samenwerking/verbinding in de sector te stimuleren en innovatieve projecten (cross-overs smart industry) aan te jagen.

Regionale marketing, promotie, routebeheer en monitoring door subsidiëring Stichting Achterhoek Toerisme.

Projecten (in diverse fases van aanjagen, opstarten, pilotfase etc.): SMAAS (laagdrempelig vervoer), TOP’s 2.0, sensortechnologie, Kennisplatform, VVV-gastheerschap, crossover zorg, vitaliteitsonderzoek verblijfssector.

Versterking toeristisch-recreatief aanbod gemeente: 

projecten ter behoud en versterking thema’s Erfgoed en Cultuur, Landschap, bijvoorbeeld: projecten/activiteiten in het kader van 250 jaar grens; grensstenen Keupenstraat; erfgoedpanelen; erfgoedroute grens; participatie Cultuur-Erfgoedpact; participatie Nazomeren in Nationaal Landschap.

versterking routestructuren: aanleg ruiternetwerk Winterswijk-Aalten; voorbereiding ontbrekende schakel fietspad Keizersbeek (Oude IJsselstreek-Aalten); voorbereiding aanleg mtb-routenetwerk.

behoud en versterking lokale toeristische organisatiestructuur: gastheerschap en route-activiteiten door 3 VVV-agentschappen; bestuurlijk verenigd binnen VVV’s gemeente Aalten met daarin VVV’s en sector (horeca en logies); aangesloten bij St. Achterhoek Toerisme voor dienstenpakket met oogmerk doorontwikkeling VVV’s.

productontwikkeling, marketing en promotie door de inzet van een regiocoördinator via Achterhoek Toerisme. Focus op lokale (toeristische) activiteiten en evenementen en input naar regionale campagnes en Nationaal Landschap campagnes.

laagdrempelige dialoog met bedrijfsleven; diverse netwerkdagen toerisme, integraliteit bevorderd o.a. door samenwerking Cultuur en Erfgoed.

4

3. Beleidskader

Vrijetijdsagenda Achterhoek 2020-2030 Het college van B&W van de gemeente Aalten heeft op 7 juli 2020 de regionale Vrijetijdsagenda Achterhoek 2020-2030 vastgesteld. Gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Lochem, Oost-Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk onderschrijven daarin de ambitie om de vrijetijdssector in de Achterhoek verder te laten groeien. Daarmee willen ze een grotere bijdrage leveren aan de economische groei van de Achterhoek en maatschappelijke opgaven, zoals het in stand houden van voorzieningen, werkgelegenheid creëren en jongeren aan de Achterhoek binden. Om dat te realiseren zetten de gemeenten zich de komende jaren op de volgende speerpunten in:

1. Aanbodontwikkeling: de beleefbaarheid van de Achterhoek vergroten Voorzieningen dragen bij aan de zichtbaarheid en aantrekkingskracht van de regio; daarnaast moeten basisvoorzieningen goed op orde zijn. Er is ruimte voor extra aanbod, mits met voldoende onderscheidend vermogen. Gemeenten kunnen niet op de stoel van de ondernemer zitten maar wel ondernemerschap faciliteren en stimuleren. Dit speerpunt heeft specifiek betrekking op dagrecreatie.

2. Vitaliteit verblijfsrecreatie op peil houden In 2019 hebben we een onderzoek naar de vitaliteit van de verblijfssector laten uitvoeren. Over het algemeen is sprake van een markt met groeiende bezettingen, uitgezonderd de ‘traditionele’ kampeersector inclusief minicampings. We willen werken aan een vitale verblijfsrecreatiesector middels een integrale aanpak. Na het bepalen van gezamenlijke doelstellingen wordt bepaald welke instrumenten we gaan inzetten.

3. Werken aan een onderscheidend profiel; de Achterhoek zichtbaarder maken voor de nationale- en internationale gast De zichtbaarheid van de Achterhoek kan worden verbeterd. Dat gaan we doen door te blijven investeren in Achterhoek Toerisme en regiomarketing. Daarbij focussen we specifiek op de internationale markt. Voor de nationale markt zetten we in op thematische campagnes waarmee we uiteenlopende doelgroepen bedienen.

4. Gastvrijheid in de regio bevorderen Met goed gastheerschap stimuleren we langer verblijf en herhaalbezoek, en het geeft ons de mogelijkheid om bezoekersstromen beter te spreiden. We willen de gastvrijheid zowel wat betreft informatiepunten als informatievoorziening naar een hoger plan tillen.

5

5. Positie vrijetijdseconomie in de regio versterken, verbindingen met andere sectoren intensiveren. De vrijetijdssector is een belangrijke banenmotor voor de Achterhoek, maar is binnen de Achterhoeksamenwerking geen speerpunt. Daardoor zijn we minder goed in beeld en ontbreekt directe toegang tot (structurele) financiën. We willen die samenwerking intensiveren en cross sectorale initiatieven stimuleren, bijv. op het gebied van food, cultuur, erfgoed, sport of smart industry.

De agenda zet de koers voor de komende 10 jaar uit. Hieraan gekoppeld is een uitvoeringsagenda met concrete acties voor de periode 2020-2023 (zie bijlage 3). De uitvoeringsagenda wordt om de vier jaar geactualiseerd. De genoemde gemeenten financieren de uitvoeringsagenda door een jaarlijkse bijdrage van € 0,80 per inwoner. Daarnaast subsidiëren zij St. Achterhoek Toerisme voor regionale marketing, promotie en productontwikkeling, en het regionale Routebureau.

De Vrijetijdsagenda Achterhoek sluit aan op landelijke en provinciale ontwikkelingen, zoals ‘Perspectief 2030’ van het NBTC en de provinciale koers ‘Beleef het in Gelderland’ en is opgesteld in nauw overleg en afstemming met St. Achterhoek Toerisme en de vrijetijdssector. De bevindingen uit het Vitaliteitsonderzoek Verblijfsrecreatie zijn daarin tevens meegenomen.

6

4. Voorbereidingen nieuwe nota/participatie Input vooraf Voor het bepalen van de lokale beleidsthema’s en actiepunten hebben we gebruik gemaakt van input uit overleg met stakeholders. Vanwege de beperkingen in coronatijd zijn geen grote bijeenkomsten gehouden maar is in meerdere online-sessies gesproken met vertegenwoordigers van: Vereniging van Logiesverstrekkende Bedrijven, Horeca Nederland afdeling Aalten-Dinxperlo, de drie VVVagentschappen, Stichting Achterhoek Toerisme, Stichting Aalten Promotie en Ondernemersfonds Dinxperlo, Onderduikmuseum, Grenslandmuseum en Koppelkerk en beleidsambtenaren van de gemeente Aalten vanuit verschillende disciplines (cultuur, erfgoed, ruimtelijke ordening, sport, grensoverschrijdende zaken, communicatie, beheer en onderhoud wegen).

Uit de gesprekken komen de volgende accenten naar voren:

Toeristisch netwerk: informeren, initiëren en combineren Er wordt breed behoefte gevoeld om toe te werken naar een toeristisch netwerk, waarin partijen gelijkwaardig en ieder vanuit hun eigen rol samenwerken om (toeristische) projecten en promotieactiviteiten te initiëren en bundelen. Erkend is dat tot nu toe veelal ieder voor zich wordt gewerkt terwijl bundeling tot een veel krachtiger geheel kan leiden, bijvoorbeeld wanneer het gaat om evenementpromotie over de grens of het bedenken en uitvoeren van projecten die leiden tot meer beleving van onze highlights, maar ook bijvoorbeeld de verbinding met de sportsector, via de Talentverbinders. In een toeristisch netwerk kunnen afvaardigingen van partijen als hierboven genoemd regulier kennis delen, met elkaar bespreken welke ontwikkelingen op stapel staan en wie daarin welke rol pakt of hoe eventueel combinaties kunnen worden gelegd.

Aanbodontwikkeling: Aan de beleving van onze bijzondere geschiedenis in de kernen is de afgelopen jaren veel toegevoegd, zo wordt alom erkend. Daar waar kansen en ideeën zijn voor verdere conceptuele doorontwikkeling en daarmee verhoging van aantrekkelijkheid en beleving kan in het te vormen toeristisch netwerk of een subgroep daaruit, een project uitgedacht worden. Veel initiatieven zijn nog te onbekend. Men ziet mogelijkheden voor arrangementen om bijv. verblijf met een bezoek aan musea (ook grensoverschrijdend) te combineren. Ook hierin kan het netwerk een rol spelen. Daarbij is het wenselijk nieuwe activiteiten met name te ontplooien voor de in het vitaliteitsonderzoek genoemde leefstijlen, waarvoor het nog aan voldoende aanbod in de regio ontbreekt. Dus niet meer van hetzelfde, maar durf te kiezen.

7

Lokale promotie en productontwikkeling: Er wordt alom gepleit voor voorzetting van de gemeentelijke inzet op het terrein van lokale promotie en productontwikkeling. “We hebben het nu goed op orde, dit moeten we zo houden”. Veel bedrijven en organisaties in onze gemeente ontbreekt het aan kennis van en budget voor marketing. Het maatschappelijk belang van investeringen op het terrein van toerisme is evident in vele andere sectoren. Daarnaast wordt door de verblijfssector benoemd dat de besteding door de gemeente voor een deel de (verhoogde) toeristenbelasting rechtvaardigt. De huidige ‘hardcopy’ producten (o.a. gids Grenzeloos Genieten, lokale flyers en plattegronden) worden hogelijk gewaardeerd. Bij de lokale producten zou meer aandacht voor en uitdieping van de lokale concepten wenselijk zijn en de evenementenkalender doorontwikkeld moeten worden, ook grensoverschrijdend. De ondernemersfondsen hebben uitgesproken kansen te zien om hun promotie ‘aan gunne kant’ te combineren met toeristische promotie. In de basis zijn ons (religieus) erfgoed, cultuur en landschap belangrijke waarden in de promotie van onze gemeente. Om er regionaal uit te springen, zouden we het onderscheidend aanbod nog meer kunnen uitlichten: de bijzondere grensligging en smokkelgeschiedenis, het onderduikthema, Bredevoort met al haar charme.

Van offline naar online: hoewel onze doelgroepen nog altijd ter plaatse geïnformeerd willen worden en papieren producten gretig aftrek vinden, moeten we de ogen niet sluiten voor digitale ontwikkelingen en gaandeweg een omslag bewerkstelligen. Stappen daarin zijn al gezet, door promotie via social media en de nieuwe website van de VVV’s. Indien minder themaroutes op papier geproduceerd worden, is de wens de verhalen wel elders te ontsluiten. Het verdienmodel behoeft daarbij ook aandacht.

Gastvrijheid: Alom wordt het behoud van een VVV-agentschap in elk van de kernen als must gezien. Zij hebben een belangrijke taak in het informeren van de gast ter plaatse en het organiseren van routegebonden activiteiten. De agentschappen zullen onder de hoede van St. Achterhoek Toerisme de gastheerschapformule doorontwikkelen. Hier wordt al aan gewerkt en verdere mogelijkheden gezien. Erkend wordt dat bedrijven in eerste instantie zelf gastheer zijn en verantwoordelijk voor de promotie van het eigen bedrijf. De dienstverlening van de VVV’s staat of valt met aanlevering van goede en juiste informatie vanuit bedrijven en deelnamebereidheid. Ook is van belang dat bedrijven de promotiemiddelen die er zijn, bijv. de Gids Grenzeloos Genieten, zelf ook voor de gast beschikbaar hebben. Een distributiemodel zou hierbij helpen.

Ambassadeurschap: We moeten de bescheidenheid voorbij. Trots op onze kern, buitengebied, al het moois dat te beleven valt, mag gezien en gehoord worden. We moeten in eerste instantie bedrijven en inwoners zelf aan spreken om die trots te tonen en te delen. In coronatijd zagen/zien we een grote gunfactor en uiten we 8

onze trots op onze bedrijven die met nieuwe acties het hoofd boven water probeerden te houden. Dit gevoel willen we vasthouden en blijven delen. Niet alleen via de eigen social media van individuele bedrijven en organisaties, maar ook via #beleefaaltenbredevoortdinxperlo. Ook binnen en vanuit het toeristisch netwerk kan meer draagvlak gecreëerd worden en onze ‘trots’ uitgedragen worden.

Routestructuren: De gemeente is reeds bij wijze van proef gestart met het opknappen van een aantal wandel/fietspaden met een speciale toplaag. Hiermee wordt beoogd het fietscomfort te verhogen. Indien dit positief uitpakt, wordt geïnventariseerd welke recreatieve paden in aanmerking zouden moeten worden voor een zelfde aanpak. Vanuit toeristisch oogpunt is het gemis aan een goede fietsverbinding tussen Aalten en Bredevoort herhaaldelijk benadrukt. Provincie Gelderland voert op dit moment een analyse uit voor een fietspad langs de N318. We sluiten verder aan op het gebiedsproces Oude IJssel/Aa-strang dat mogelijk leidt tot versterking van route(s) en andere activiteiten langs het (grensoverschrijdende) water. Dit geldt overigens ook voor de Keizersbeek, waar aanpassingen aan talud en maaipad door Waterschap Rijn IJssel mogelijk kan worden gecombineerd met de ontwikkeling van fietspaden. Vanuit toeristisch oogpunt juichen we tenslotte de hervatting van de busverbinding Aalten-Bocholt toe; al dan niet in combinatie met de deelfietsen die in het kader van fijnmazige bereikbaarheid bij het treinstation in Aalten staan, een welkome aanvulling op mogelijkheden om ons gebied vanuit Duitsland te bezoeken.

Ter inzage legging De concept-nota heeft na vaststelling door het college van B&W gedurende zes weken ter inzage gelegen. Hierop zijn geen reacties ontvangen.

9

5. Beleidsthema’s gemeente Aalten

Op basis van bovenstaande komen we tot de volgende 6 lokale beleidsthema’s.

Beleidsthema 1.

Aanbodontwikkeling: gericht op leefstijlen en kwaliteit

Het aanbod verblijfsrecreatie in de gemeente Aalten kenmerkt zich door een aantal recreatieparken met veelal vaste stacaravans, veel minicampings en een ruim aanbod aan (veelal één kamer) B&B’s. Daarnaast is er een aantal groepaccommodaties. Afgezet tegen de Achterhoek is duidelijk dat hier sprake is van kleinschalig aanbod; gemeente Aalten realiseert 4% van het totaal aantal overnachtingen in de Achterhoek. Dit is voor een deel een historisch gegeven; wij hebben nu eenmaal geen grootschalige aanbieders als Twee Bruggen en Marveld. Absoluut gezien groeit het aantal overnachtingen gestaag. Dit valt mee, gezien de trend dat hoewel sprake is van groeiende bezettingen, verzadiging ontstaat voor traditionele campings en recreatieparken, zoals valt op te maken uit het Vitaliteitsonderzoek Achterhoek*. We zien wel relatieve verschuiving binnen de categorieën verblijfsaanbieders, zoals een groei in het aantal overnachtingen bij groepsaccommodaties. * Verblijfsrecreatie in de Achterhoek, onderzoek naar de vitaliteit van de verblijfsrecreatie in de Achterhoek, Bureau voor Ruimte en Vrije Tijd, september 2019

Uit het Vitaliteitsonderzoek Achterhoek zijn de volgende hoofdconclusies te trekken: 

Algemeen: er is sprake van groeiende bezettingen.

Er is (beperkte) marktruimte in de categorie hotels/groepsaccommodaties. Met planvoorraad is deze al grotendeels ingevuld.

Er is geen marktruimte voor bungalowparken en campings. Alle vraag kan op bestaande terreinen geaccommodeerd worden; er is geen ruimte voor nieuwe initiatieven. Hoewel nu sprake is van een stabiele bezettingsgraad is sprake van een teruglopende vraag. Indien deze zich doorzet, zijn minder campings nodig. Een kans voor campings is het omzetten van jaarplaatsen/toeristisch kamperen naar verhuuraccommodaties.

Leefstijlen (zie bijlage 5): het bestaande aanbod is met name geschikt voor verbindingszoeker, rustzoeker en harmoniezoeker. Nieuwe initiatieven voor deze doelgroepen voegen dus niets toe.

Er is behoefte aan vernieuwing t.b.v. doelgroepen stijlzoekers, avontuurzoekers en plezierzoekers (mensen met hang naar luxe & comfort, interesse in grandeur & historie en die graag verrast willen worden) kortom accommodaties op bijzondere locatie, met een eigentijdse inrichting, hoge servicegraad en bijzonder concept.

10

We moeten voorzichtig omgaan met het creëren van nieuw aanbod gezien verzadiging van de markt.

In het algemeen is de verblijfsrecreatiesector vitaal. Voor campings geldt dat hoewel sprake is van een teruglopende markt, de vitaliteit nu redelijk goed is maar ze zich wel meer moeten gaan onderscheiden.

In onze gemeente zien we dat beweging naar de toekomst is ingezet, indachtig de uitkomsten van het vitaliteitsonderzoek. Er is een aantal luxere en/of meer-kamer B&B’s en hotels bijgekomen (o.a. De Wilhelmina, De Meiberg, ’t Welink en Boetiquehotel De Heerlijckheid). Ook bij de campings zien we een trend in herontwikkeling en het maken van keuzes, bijvoorbeeld uitbreiding toeristisch (verhuur-) aanbod bij o.a. Lansbulten en Goorzicht, of juist keuze voor chalets op ruimere plaatsen bij Boomans. Hierbij wordt goed ingespeeld op de wens en noodzaak om bepaalde doelgroepen (leefstijlen) te bedienen. Ook de aandacht voor het tegengaan van bewoning en andere sociaal ongewenste aspecten draagt bij aan het besef dat voor een aantal locaties (her)ontwikkeling noodzakelijk is.

In de regionale Vrijetijdsagenda is als één van de speerpunten ingezet op de vitaliteit van verblijfsrecreatie. De komende jaren worden projecten uitgewerkt die betrekking hebben op het opstellen van gezamenlijke doelstellingen, borging van bedrijfsmatige exploitatie, experimenteerruimte en inzet van vitaliteitscoaches.

Vooruitlopend daarop hanteren wij de volgende uitgangspunten als

beleidslijn voor (her)ontwikkeling van verblijfsrecreatie: 

Hoewel er weinig marktruimte is, willen we blijven open staan voor nieuwe innovatieve ontwikkelingen, mits deze onderscheidend vermogen hebben en gericht zijn op de leisureleefstijlen stijlzoekers, avontuurzoekers, plezierzoekers (en in mindere mate inzichtzoekers).

We verlenen in principe alleen medewerking aan plannen die leiden tot toekomstgerichte vernieuwing van bestaande volwaardige recreatiebedrijven danwel die bestaande/leegstaande bebouwing een nieuwe functie kunnen geven op of in aansluiting van een bestaand erf, niet zijnde burgerwoning.

Toevoeging van bebouwing dient te worden gecompenseerd door sloop en daarmee kwaliteitverbetering op locatie of elders (volgens 1:2)

Toevoeging nieuwe eenheden uitsluitend indien bedrijfsmatige exploitatie wordt gewaarborgd; dit wordt middels een overeenkomst vastgelegd.

11

Geldende/gangbare ruimtelijke ordenings- en duurzaamheidsprincipes zijn van toepassing.

Hoewel dit thema met name gericht is op verblijfsrecreatie, zijn de conclusies uit het vitaliteitsonderzoek wat betreft de leefstijlen, ook (deels) van toepassing op dagrecreatie. In het kader van speerpunt 1 in de regionale Vrijetijdsagenda (Aanbodontwikkeling: de beleefbaarheid van de Achterhoek vergroten) volgt in 2021 een onderzoek naar de vitaliteit van dagrecreatie en de vraag waar ruimte is voor nieuwe- of een doorontwikkeling van bestaande initiatieven.

Hierbij kijken we uitdrukkelijk naar plannen en ideeën die bijdragen aan het versterken van de aantrekkingskracht en beleving van de grensligging Dinxperlo, Heerlijckheid Bredevoort met de 6 pijlers waaronder boeken, kunst & cultuur en ambachten en de onderduik- en ontstaansgeschiedenis van het dorp Aalten.

12

Beleidsthema 2.

Bevorderen samenwerking

Gebleken is dat er nog veel eilandjes zijn waarbinnen diverse stakeholders opereren. Alom bestaat echter de overtuiging dat meer samenwerking leidt tot meer resultaat en betere inzet van middelen.

Binnen dit thema hebben we de volgende prioriteiten.

1. Oprichting toeristisch netwerk We werken toe naar de oprichting van een toeristisch netwerk. In een eerste bijeenkomst zullen nut en noodzaak en doelen worden gedefinieerd en helder worden wie welke rol en/of taak heeft. Ook de al dan niet formele structuur van het netwerk dient besproken te worden. Van hieruit kunnen afspraken over frequentie van overleg en zaken als informeren en enthousiasmeren van de achterban worden gemaakt. De gemeente ziet het tot haar taak om de tot stand koming van en samenwerking en kennisuitwisseling binnen het netwerk te stimuleren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=8c529d48-f4df-4d04-8a07-a7777dee0fc9