3. VNOG Regionaal beleidsplan, risicoprofiel en dekkingsplan 2025-2028 (geanonimiseerd)
Tekst van het document
zoals ze zijn. Nauwkeurig alarmeren
Alle eerstelijns eenheden zijn uitgerust met een voertuignavigatiesysteem. Dit houdt in dat de adresgegevens van de incidentlocatie automatisch
Voortschrijdende techniek maakt het mogelijk om nauwkeuriger de juiste
worden ingevoerd. Met de invoering van deze functionaliteit wordt de
brandweereenheden te kunnen alarmeren. Voorheen werd een vastgesteld
eenheid op een slimme en altijd op de snelste wijze naar de incidentlocatie genavigeerd.
geografisch gebied (vakkensystematiek) als uitgangspositie beschouwd. Nu kunnen we de snelste brandweerzorgeenheden en functionarissen alarmeren, op basis van een nauwkeurige kaartpositie van het incident. Dit heet ‘dynamisch alarmeren’. Dit biedt ook de mogelijkheid om
First Responder teams Binnen onze regio is een aantal posten toegerust op het verlenen van
specifieke afspraken te automatiseren. Bij voorbeeld op het terrein van een
reanimatie-ondersteuning. Dit is ooït ontstaan vanwege het feit dat
zorgaanbieder binnen gemeente Voorst. In theorie zou brandweer Deventer hier een aantal seconden eerder kunnen zijn. Brandweer Twello wordt hier
beschikbare ambulancezorg op wat grotere afstand zat en er nog niet veel
echter voor gealarmeerd, omdat zij hier beter bekend is en veelvuldig oefent.
werd gewerkt met hartveilig wonen/hartslag nu en/of beschikbare AED's in de buurt. De korpsen die hiermee zijn uitgerust vormen een waardevolle
Springbemanning
aanvulling. De brandweerposten Oldebroek, Wezep, Elspeet, Uddel, Bergh, Didam, Dinxperlo en Aalten zijn voorzien van een daartoe uitgerust voertuig
Op een aantal posten wordt gewerkt met een springbemanning. Dit
met AED.
betekent dat één bezetting uit kan rukken met verschillende soorten brandweervoertuigen.
Regionaal Dekkings- en spreidingsplan 2025-2028
_n
Externe ontwikkelingen
Infrastructuur
Wij streven naar nauwe verbondenheid met onze maatschappij. De maatschappij verandert en daarmee ook de eventuele hulpvraag van
inwoners en bezoekers van de regio. Daarbij blikken we niet alleen terug, maar kijken we ook vooruit.
Ons regionaal risicoprofiel schetst een beeld van de incidenten, rampen en (langdurige) crises die in ons werkgebied kunnen plaatsvinden. Het document geeft antwoord op de vragen: wat kan ons overkomen? Figuur 4 Regio NOG wordt
En hoe erg is dat?
doorkruist door transportassen over de weg (A1/A18/A28/
Rookmelders
A50 - rood), het water (lJssel- blauw) en het
sinds 2003 is wettelijk vastgelegd dat een nieuw te bouwen woning of woongebouw voorzien moet zijn van rookmelders. Sinds 1 juli 2022 is dat uitgebreid naar alle bestaande woningen en woongebouwen. Het is
spoor (groen)
nog te vroeg om hier resultaten van te zien. Feit is dat overdag de meeste branden kleiner blijven dan ’s nachts. Overdag wordt een brand namelijk sneller ontdekt. Door de komst van de verplichte rookmelder in bestaande
In de afgelopen jaren is groot onderhoud uitgevoerd aan provinciale en
woningen zal ook ’s nachts de ontdekkingstijd korter worden.
gemeentelijke wegen in de regio. Ook zijn er aanpassingen gedaan om de
Verlaging algemene snelheidslimiet van 30 km/uur binnen de
veiligheid en de doorstroming te verbeteren. Dit heeft echter niet geleid tot significante tijdwinst voor de brandweer.
bebouwde
kom
Op landelijk niveau wordt op dit moment gewerkt aan een haalbaarheidsstudie om
de maximale
snelheid
binnen de bebouwde
kom te standaar-
In het kader van verkeersdoorstroming heeft gemeente Apeldoorn een spoorviaduct aan laten leggen op de Laan van Osseveld. In Nunspeet wordt
diseren naar 30 km/uur. Dit heeft nadelige gevolgen voor de opkomsttijd
gewerkt aan een spoorviaduct bij het Stationsplein. Hierdoor hoeft de
van de brandweer. De wegbeheerder heeft namelijk de plicht om de weginrichting op de verlaagde snelheid aan te passen. Door meer verkeers-
brandweer niet meer voor gesloten spoorbomen te wachten. Ook heeft het een positief effect op snelle ontsluiting naar de A28 en de natuurgebieden
drempels en bloembakken op de openbare weg is de aanrijdtijd voor
aan de zuidkant van Nunspeet. Op de A1 wordt gewerkt om de toenemende
vrijwilligers richting de kazerne langer, maar ook voor de uitrukkende voertuigen naar het incident. Deze voertuigen moeten zich, ondanks het
filedruk te verminderen met behulp van een derde baan, tussen Apeldoorn en Deventer. Verkeersdrukte door het dorp Voorst en het verderop gelegen
voeren van optische en akoestische signalen, verhouden tot de maximaal
De Hoven (Zutphen) is dankzij de aanleg van een rondweg om deze kernen
toegestane snelheid van de brancherichtlijn. Ook de weginrichting moet zich lenen voor een verantwoorde verhoging van de rijsnelheid.
sterk afgenomen.
Regionaal Dekkings-
en spreidingsplan 2025-2028
velgheldersgie
e
p
Klimaatverandering
Industrieterreinen
In de afgelopen jaren hebben zich geen grote uitbreidingen op bestaande
De opwarming van de aarde versnelt, met als gevolg stijgende zeespiegels,
industrieterreinen voorgedaan. Ook waren er geen ontwikkelingen van nieuwe industrieterreinen die effect hadden op de brandweer of de
toenemende droogte en hevige regenval. In oktober 2023 heeft het KNMI de wereldwijde klimaatscenario's van het klimaatpanel van de Verenigde
brandrisico's in die gebieden.
Naties vertaald naar Nederlandse klimaatscenario's.
Wonen
dat klimaatverandering gevolgen heeft voor veiligheid, gezondheid en natuur. Het KNMI waarschuwt voor gezondheidsrisico's zoals allergieën en
Hierin werd bevestigd
Om aan de grote vraag naar woningen te voorzien vinden binnen gemeenten
hitte-gerelateerde klachten. De natuur past zich langzaam aan, wat kan
veel bouwactiviteiten plaats. Gemeenten zetten hierbij vooral in op inbreidingslocaties. Een ontwikkeling die enige tijd geleden is ingezet is het
leiden tot verlies van en veranderingen binnen biodiversiteit. Door stijgende temperaturen neemt het aantal brandgevoelige dagen toe. Hierdoor bestaat
veranderen van kantoorgebouwen naar woongebouwen. Dit vergt nauwe
de kans dat er vaker natuurbranden
samenwerking tussen gemeenten en onze organisatie, zodat er voldoende aandacht is voor de mate van (brand)veiligheid.
dagen voorspeld waarop extreem weer voorkomt, zoals hevige regenval of
zullen ontstaan. Ook worden
er meer
windhozen.
Op dit moment worden er grootschalige bouwprojecten voor de ontwikkeling van nieuwe woonwijken uitgevoerd. Wij worden bij de plannen betrokken
en kunnen
hierover adviseren.
Energietransitie Nederland streeft ernaar energieneutraal te worden, door over te
schakelen naar duurzame
energiebronnen zoals zonne-energie, wind-
Maatschappelijke ontwikkelingen Onze samenleving wordt complexer. Er is een toename in het aantal
energie en waterstof. Dit brengt uitdagingen met zich mee, voor bijvoorbeeld infrastructuur en productie. Waterstof wordt gezien als een
onbekende veranderingen en dreigingen waarmee we geconfronteerd
veelbelovend alternatief op fossiele brandstoffen, maar de productie
worden. Het gaat hier om veranderingen waarbij diverse factoren en
ervan is nog grotendeels niet duurzaam. De energietransitie brengt ook nieuwe veiligheidsrisico's met zich mee, zoals brandveiligheid in duurzame
effecten (vergrijzing, verdroging, polarisatie, etc.) zodanig samenkomen dat er sprake is of zou kunnen zijn van een langdurige ontwrichting van de
gebouwen en het gebruik van nieuwe brandstoffen en energiedragers.
maatschappij. Deze veranderingen zullen leiden tot nieuwe veiligheidsen gezondheidsrisico’s waarop wij als veiligheidsregio, samen met onze
Demografie
partners, moeten inspelen. Ook de beleving van risico's is aan verandering
De demografie van Nederland is aan veranderingen onderhevig. De
onderhevig, al dan niet veroorzaakt door media-aandacht of gebeurtenissen
bevolkingsgroei wordt beïnvloed door stijgende levensverwachting en buitenlandse immigratie. De Nederlandse bevolking vergrijst. Binnen onze
elders in de wereld.
regio is het percentage van vergrijzing hoger dan het landelijke gemiddelde. Voor ons zijn zes maatschappelijke ontwikkelingen van belan verandering, energietransitie, demografie, sociale verhoudingen, data en
Dit leidt mogelijk tot arbeidstekorten in verschillende sectoren, waaronder zorg en techniek. De vergrijzing vergroot ook de druk op de gezondheidszorg
technologie en langdurige crises. Deze hebben invloed op onze fysieke
en kan leiden tot een tekort aan mantelzorgers.
leefomgeving.
DN
ligheidsregio
i
Sociale verhoudingen
De sociale ongelijkheid tussen groepen wordt groter. Dit heeft te maken met de leefomstandigheden die worden beïnvloed door opleiding en inkomen, en daarmee de grip van personen op hun leven. Het CBS verwacht dat
ongelijkheid in inkomen en in het vermogen van personen om zich aan te passen aan de snel veranderende omgeving de komende jaren steeds blijft groeien. Naast sociale ongelijkheid is er een toename in ‘wij zij denken’,
Langdurige crises Nieuwe crises, zoals COVID-19 en de vluchtelingencrisis, hebben een langdurig karakter en vereisen flexibiliteit en veerkracht van de crisisbeheersing. Deze crises zijn vaak grensoverstijgend en hebben impact op verschillende aspecten van de samenleving. Als veiligheidsregio moeten wij ‚ons samen met onze partners aanpassen aan deze nieuwe realiteit en onze veerkracht vergroten.
oftewel polarisatie. Ook de individualisering van de samenleving wordt sterker. In Nederland is voornamelijk sprake van polarisatie waarin gevoelens van afkeer en onbegrip tussen inwoners en richting de overheid toenemen.
Polarisatie kan worden versterkt door sociale media en de verspreiding van desinformatie.
Data en technologie De samenleving wordt steeds meer datagedreven. Hierdoor groeit de mate van afhankelijkheid van technologieën, zoals sensoren en
kunstmatige intelligentie. De evolutie in data en technologie biedt kansen voor efficiëntere dienstverlening en innovatie, maar brengt ook privacyvraagstukken en -risico's met zich mee. Bijvoorbeeld cybercriminaliteit
en de verspreiding van desinformatie. Het gebrek aan regelgeving en ethische richtlijnen kan leiden tot onvoorspelbare consequenties van technologische ontwikkelingen.
Wereldwijd komt de veiligheid steeds meer in het geding. Door bijvoorbeeld verschuivende machtsverhoudingen, cybercriminaliteit, de impact van klimaatverandering en de toenemende instabiliteit aan de randen van Europa. Dit heeft directe gevolgen voor de veiligheid binnen Europa en Nederland. Ook directe dreigingen tegen vitale infrastructuur (zoals het stroomnet of een cyberaanval op een drinkwaterleverancier) vormen een steeds grotere, en wellicht langdurige, bedreiging voor de Nederlandse (veiligheids)belangen.
Regionaal Dekkings-
en spreidingsplan 2025-2028
velgheldersgie
e
p
Brandweereenheden worden ingezet volgens het principe van ‘operationele
DEKKING BESCHRIJVEN |
grenzen’. Dit betekent dat gemeente- en regiogrenzen geen belemmeringen
PROCESSTAP
vormen voor de snelste basisbrandweerzorg. Het dekkings- en spreidingsplan geeft inzage in de prestaties op regionaal niveau. Interregionale eenheden
2
zijn meegenomen in de berekeningen. Dit sluit aan bij de afspraken met de In dit hoofdstuk beschrijven we de verwachte dekking in ons verzorgingsgebied. Hiermee maken we inzichtelijk welke brandweerzorg onder welke voorwaarden kan worden verwacht. In dit hoofdstuk is de uitwerking voor de basisbrandweereenheid weergegeven. De uitwerking van andere eenheden, zoals het hulpverleningsvoertuig, redvoertuig en een waterongevallenvoertuig is opgenomen in de bijlage.
Beschi
g onderdelen snelheid, capaciteit, paraatheid
en werkdruk
De kwaliteit van de brandweerzorg wordt inzichtelijk gemaakt aan de hand van de factoren snelheid, capaciteit, paraatheid en werkdruk. overzicht is aangegeven welke aspecten hiervan onderzocht
In onderstaand
Snelheid
** Maatgevend scenario gebouwbrand Eerste tankautospuit ter plaatse
Capaciteit
«* Slagkracht Grootschalige en langdurige inzetten
Paraatheid
* Beschikbaarheid Gelijkijdigheid en restdekking Alarmeringsfrequentie
Werkdruk
+ Alarmeringsfrequentie
omliggende regio's en de wens van de minister van Justitie en Veiligheid om tot een landelijk dekkings- en spreidingsplan te komen. Dit dekkings- en spreidingsplan is voor het eerst samengesteld op basis
van de nieuwe landelijke (reken)systematiek en bijbehorende kaartlagen. Doorlopend werken wij aan het inleren van het nieuwe systeem zodat uitkomsten de realiteit benaderen en ontwikkelingen worden meegenomen.
Regionaal Dekkings-
en spr.
velligheidsregio
gsplan 2025-2028
Nedernd
Eerste tankautospuit ter plaatse
Snelheid
Een snelle reactie kan levens redden en schade voorkomen.
De factor
Bij melding van gebouwbrand stuurt de brandweercentralist van Meldkamer
‘snelheid’ is onderzocht aan de hand van het maatgevende incidenttype gebouwbrand en de berekening van de snelheid van de eerste tankautospuit
Oost-Nederland altijd als eerste een tankautospuit (basisbrandweereenheid). Daarom is snelheid gedefinieerd als ‘de tijd waarmee de eerste tankautospuit
ter plaatse. In Bijlage 2 is een overzicht opgenomen van de technische
ter plaatse kan zijn’.
uitgangspunten van de berekeningen.
prognose van de basisbrandweereenheid in onze regio inzichtelijk gemaakt.
In een geografische weergave is hieronder de opkomst-
Maatgevend scenario gebouwbrand De
brandweer
beschikt
over diverse
soorten eenheden
met verschillende
opkomsttijden. Voor het beschrijven van de factor snelheid s ‘gebouwbrand’
het maatgevend incidenttype. Het gaat hier bijvoorbeeld om woningbranden of industriebranden.
(geanonimise rd) Figuur5 Overzicht van de posten ’s nachts, inclusief die in de omliggende veiligheidsregio's. Apeldoorn: Post Zuid (beroeps) is tijdens kantoortijden inzetbaar, in de nacht wordt dit
overgenomen door posten De Maten en Beekbergen.
Figuur 6 Opkomsttijd eerste tankautospuit in minuten ’ avonds, ’s nachts en in het weekend.
De lichtste
Kleur geeft de kortste opkomsttijd weer (0-6 minuten)
en de donkerste kleur de langste (18+ minuten).
Regionaal Dekkings-
en spreidingsplan 2025-2028
velgheldersgie
e
p
Analyse Snelheid
Over het algemeen is de opkomsttijd bij gebouwbrand binnen de steden Apeldoorn, Doetinchem en Zutphen het snelst. Dit komt doordat deze posten
24/7 gekazerneerd zijn. Hierdoor hebben zij een snelle respons en altijd een volledige bezetting. De opkomsttijd bij de vrijwillige posten in de regio is relatief hoger, doordat in niet-stedelijk gebied de gebouwen meer verspreid liggen. Daarnaast maken de posten in die gebieden gebruik van het vrije
instroomprofiel. Dat betekent dat degene die beschikbaar is naar de kazerne komt. Dit heeft automatisch gevolgen voor de uitruktijd ten opzichte van een
gekazerneerde post.
Slagkracht
79% van de objecten binnen onze regiogrenzen wordt binnen 10 minuten
bereikt.
0000% &
scnon oo
In Figuur 7 zijn de opkomsttijden van de eerste tankautospuit weergegeven. We zien dat met name (afgelegen) bospercelen en natuurgebieden een
j oo 5 o
tot een kazerne (in natuurgebieden bevinden zich geen kazernes) en de (on)begaanbaarheid van die gebieden. Hier is niet altijd voorzien in wegen en
E e E oo
paden die voor blusvoertuigen begaanbaar zijn. Ook kan de locatiebepaling
e
van het incident uitdagend zijn. Niet iedere melding wordt gedaan door
oo
langere opkomsttijd kennen. Dat heeft logischerwijs te maken met de afstand
plaatselijk bekenden en exacte locatieaanduiding ontbreekt vaak bij een
melding.
£ jZIJ _ 1232456789
0unDus6N8n0annn
Opkomstijd n minuten
De brandweer kan niet alle objecten in de regio binnen de normtijd van
18 minuten bereiken conform het Besluit Veiligheidsregio's. In minder dan
Figuur 7 Het percentage van objecten in de regio dat binnen een bepaalde
0,1% van onze totale regio heeft de brandweer een overschrijding, met een maximale opkomsttijd van 22 minuten.
tijd kan worden bereikt is weergegeven in een grafiek (s-curve).
Regionaal Dekkings-
en spreidingsplan 2025-2028
velgheldersgie
e
p
Capaciteit
Als de brandweer ter plaatse is begint de bestrijding van het incident.
Figuur 8 Opkomsttijden van eerste tankautospuiten in minuten ’s avonds, 's nachts en in het weekend.
Hiervoor zijn mensen en materieel nodig, soms voor langere tijd. De factor ‘capaciteit’is onderzocht aan de hand van de aspecten
De lichtste kleur geeft de kortste tijd aan (0-10 minuten) en de donkerste kleur de langste (30+ minuten).
‘slagkracht’ en 'grootschalige en langdurige inzetten’. De prestaties op het gebied van slagkracht zijn berekend onder het principe van basisbrandweerzorg. Het spreidingsplan van onze organisatie is hiervoor
als basis gebruikt. De prestaties op het gebied van grootschalige en langdurige inzetten zijn
geanalyseerd onder het principe van Grootschalig Brandweeroptreden (GBO). In Bijlage 2 is een overzicht opgenomen van de technische uitgangspunten van de berekeningen.
Slagkracht Voor het beschrijven van het aspect slagkracht zijn twee uitgangspunten
gebruikt. 1. De maximale opkomsttijd van drie tankautospuiten en 2 het totale aantal tankautospuiten dat binnen 15 minuten ter plaatse kan zijn. Deze 15 minuten is de referentiewaarde die in de handreiking als
beoordelingskader is meegegeven.
Slagkracht
Het percentage van de objecten en gebieden in de regio die binnen een
10004
bepaalde tijd door één, twee of drie tankautospuiten kan worden bereikt is n Figuur 9 weergegeven.
soox soon
loPecravtinsg
oo
soox soox
aoox
300%
n
_
200% _
1004 oon 1234567891042
1141516171819
222324
Opkomstijd in minuten
Figuur 9 Het percentage van de objectlocaties in de regio dat binnen een bepaalde tijd door één, twee of drie tankautospuiten kan worden bereikt.
Regionaal Dekkings- en spreidingsplan 2025-2028
e
°
velligheidsregio
Analyse slagkracht
Analyse grootschalige en langdurige inzetten
Wij beschikken op iedere post over één of meerdere operationele
De brandweer n onze regio kan voor grootschalige en langdurige inzet in
voertuigen. Daarbijis in het vervangingsschema blusvoertuigen rekening
eigen regio drie basispelotons, een peloton Grootschalige Watervoorziening
gehouden met een aantal reservevoertuigen. Zo kunnen we de dekking garanderen bij (groot) onderhoud of reparatie van een blusvoertuig.
(GWV), twee pelotons Natuurbrand en een peloton Redding & Technische Hulpverlening (THV) leveren. Als één van de zes steunpunten IBGS in
Regionaal kunnen we bijna overal binnen 15 minuten met drie tankautospuiten ter plaatse zijn. Aan de randen van de regiogrens, over het algemeen
Nederland leveren we ook een peloton Grootschalige Ontsmetting (GOE). Vanzelfsprekend zijn de pelotons ook beschikbaar voor interregionale
dunbevolkte gebieden, zien we dat we binnen 15 minuten over minder dan
bijstand. Inzetvoorstellen hiervoor houden rekening met het bieden van
drie tankautospuiten kunnen beschikken. Bij 99% van alle objecten in onze regio kunnen binnen 18 minuten drie tankautospuiten ter plaatse zijn.
voldoende restdekking voor de bestrijding van overige incidenten.
Capaciteit voor grootschalige en langdurige inzetten Voor grootschalige en langdurige inzetten hebben we gekeken naar de
regionale organisatie van eenheden voor grootschalig brandweeroptreden. Voor (interregionale) grootschalige en langdurige inzetten kunnen we in ieder geval drie basispelotons leveren, conform de landelijke visie
Grootschalig Brandweeroptreden. Een basispeloton levert extra capaciteit bij brandbestrijding, redding, basis-Incidentbestrijding Gevaarlijke Stoffen (IBGS) en waterongevallen. Basispelotons worden dynamisch gevormd en afgestemd op de incidentlocatie en prioriteit. Ze worden conform Kazerne Volgorde Tabel (KVT)
gealarmeerd. Een dienstdoende Officier van Dienst wordt dynamisch toegewezen aan dit peloton óf, indien alle gepiketteerde Officieren van Dienst ingezet zijn, door middel van vrije instroom.
Regionaal Dekkings-
en spreidingsplan 2025-2028
velgheldersgie
e
p
Paraatheid
Gelijktijdigheid
Paraatheid gaat over de mate waarin de brandweer volgens plan gereed is
Bij gelijktijdige incidenten (meer dan één incident in het reguliere inzet-
om uit te rukken. De factor ‘paraatheid’ is onderzocht aan de hand van de beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerd personeel en materieel, de
gebied van een korps) is de aangewezen eenheid al ingezet bij een ander incident en niet beschikbaar. Het dekkings- en spreidingsplan 2021-2024
kans op gelijktijdige incidenten en regionale restdekking.
ging niet uit van gelijktijdigheid van (grootschalige) incidenten. Op basis van
In Bijlage 2 is een overzicht opgenomen van de technische uitgangspunten van de berekeningen.
realisatie over de afgelopen periode en kwalitatieve inschatting wordt de kans op gelijktijdigheid nog altijd als klein ingeschat.
De bestuurlijke norm is 98%. Hierover leggen we twee keer per jaar verantwoording over af door middel van de prestatiekaart.
In periodes van grote drukte, zoals tjdens de jaarwisseling of een storm, vinden vaak meerdere prio 2-incidenten tegelijk plaats. Bij veel inzetten
Beschikbaarheid
wordt de meldkamer Brandweer ontlast en wordt de Decentrale Uitgifte
Beschikbaarheid is de mate waarin de brandweer voldoende (gemotiveerd en gekwalificeerd) personeel en werkend materieel beschikbaar heeft om
(DCU) procedure ingezet. Hierbij worden eenheden wel ingezet voor prio 2-inzetten, maar blijven ze beschikbaar voor prio 1-inzetten. Hierbij wordt
daadwerkelijk naar een incident uit te rukken en deze te bestrijden.
ook ondersteuning geleverd buiten ons reguliere verzorgingsgebied.
Om als brandweer te kunnen voldoen aan de opkomst- en capaciteitscriteria
Door ons netwerk van kazernes is opkomst van de brandweer gegarandeerd.
moeten we beschikken over voldoende gekwalificeerd personeel en
Wel kan e in het geval van gelijktijdigheid sprake zijn van een langere
materieel.
Binnen onze organisatie is op dit moment geen registratie aangelegd over
opkomsttijd. De impact van gelijktijdigheid op de paraatheid is daarmee beperkt. Bestrijding in geval van gelijktijdigheid van een maatgevend incident
de beschikbaarheid van eenheden. Buitendienststelling van voertuigen en
(gebouwbrand) zal naar verwachting niet leiden tot knelpunten als het gaat
posten wordt zo snel mogelijk doorgegeven aan Meldkamer Oost-Nederland.
om
Buitendienststeling
Dit is anders bij natuurbranden in droge periodes. Tijdens deze
Er kunnen situaties bestaan waardoor een post tijdelijk buiten dienst raakt. Dit kan een personele oorzaak hebben, maar bijvoorbeeld ook komen door
periodes worden vanaf het moment van de melding grote aantallen basisbrandweerzorgeenheden en veel menselijke capaciteit ingezet.
storingen aan materieel. Onze organisatie kent een paraatheidsregeling
Bestrijding heeft de hoogste prioriteit om een ontstane natuurbrand te
waarbij korpsen gedurende een kalenderjaar 72 uur afwezig mogen zijn voor verenigingsactiviteiten. Korpsen waar het, omwille van dekking,
kunnen doven. In een later stadium vindt (indien nodig) herschikking van mensen en materieel plaats.
capaciteit.
noodzakelijk is dat er twee tankautospuiten gestationeerd staan zijn hierop de uitzondering. Deze korpsen blijven altijd met minimaal één tankautospuit in dienst. Het gaat hier om de korpsen Zutphen, Nunspeet, Harderwijk, Apeldoorn-Centrum, Doetinchem en Winterswijk.
Analyse restdekking Bij grootschalige incidenten is het bewaken van de restdekking een
verantwoordelijkheid van de dienstdoende Algemeen Commandant Brandweer, indien nodig ondersteund door de sectie Brandweerzorg. Alarmering gebeurt primair op basis van operationele grenzen. Dit houdt
In dat de dichtstbijzijnde beschikbare eenheid wordt gealarmeerd.