3. VNG Ledenbrief 43-2024 Uitnodiging Najaars ALV 29 november 2024
Tekst van het document
Verantwoording:
Betaalbaarheid van de warmtetransitie is doorlopend onderwerp van gesprek tussen VNG en het Rijk. De maatschappelijk meest gewenste oplossing in de warmtetransitie moet ook een betaalbare oplossing zijn voor inwoners. Het bestuur voert actief overleg met de ministers van Klimaat en Groene Groei (KGG) en Volkshuisvesting en Ruimtelijke ontwikkeling (VRO) over betaalbaarheid. Dit betreft zowel de (door)ontwikkelingen van financieringsinstrumenten als de ontwikkeling van landelijke uniforme kaders voor betaalbaarheid. Om het gesprek over landelijke kaders te faciliteren heeft de VNG een onderzoeksopdracht verstrekt die medio oktober gereed is. Tot slot is het ons doel dat landelijke kaders over betaalbaarheid ook worden vastgelegd in instructieregels voor betaalbaarheid in de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw). Daarover zijn we in gesprek met rijk en dit loopt via de politiek.
Voorstel:
De motie aan te houden
25
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener:
Motie West-Betuwe “Warmtegemeenschappen”
Inhoud/oproep: (samengevat)
Deze motie roept het VNG bestuur op om met de aanstaande minister van Klimaat en Groene Groei aan te dringen op duidelijkheid over warmtegemeenschappen zodat gemeenten invulling kunnen geven aan hun regierol die voortkomt uit de Wet Collectieve Warmte (WCW).
Verantwoording:
In de nota van wijzigingen op de WCW wordt iets meer duidelijkheid gegeven over de definitie en de rol van warmtegemeenschappen bij collectieve warmte. Dit is nog niet vertaald naar het laten vervallen van het lichtere regime en is nog onderwerp van gesprekken met het rijk. Het bestuur zal indien noodzakelijk dit verder agenderen in een bestuurlijk overleg.
Voorstel:
De motie aan te houden
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener: Inhoud/oproep: (samengevat)
Motie Druten “Beleidsaanpassing op basis van vervallen salderingsregeling en doorberekening kosten op het gebied van verduurzaming” In het hoofdlijnenakkoord is opgenomen dat de salderingsregeling per 1 januari 2027 wordt afgeschaft. Eigen opgewekte elektriciteit mag dan niet meer worden verrekend met eigen verbruik. Energiebedrijven berekenen vooruitlopend op deze afschaffing kosten voor het terug leveren van opgewekte elektriciteit op het elektriciteitsnet. De investeringen voor hernieuwbare elektriciteit zullen hierdoor vertragen. In het buitenland wordt duurzame energieopslag bevordert en is energie delen mogelijk te maken om efficiënter met het net om te gaan en betaalbare energie te organiseren. De indieners verzoeken het bestuur het rijk te verzoeken subsidiebeleid te ontwikkelen op gebruik van energieopslag en energie delen mogelijk te maken in de Energiewet.
26
Onderwerp: fysiek domein Verantwoording:
In het kader van het Nationaal Plan Energiesysteem is de VNG met het rijk in overleg om het energiesysteem soepeler, slimmer en sneller te realiseren. Daar is een sterke decentrale ontwikkeling voor nodig op hernieuwbare energie en de bijbehorende opslag. De VNG voert en heeft een actieve lobby gevoerd op het mogelijk maken van energie delen in de Energiewet. Het belang van Energieopslag wordt erkend. De VNG heeft in samenwerking met Aedes, Vereniging Eigen Huis, Techniek NL, Woonbond, Consumentenbond en Unie van Waterschappen gepleit voor aanvaarding van het amendement Kröger 36378-65. Dit amendement maakt het mogelijk dat inwoners en bedrijven, individueel of in energiecoöperaties, lokaal opgewekte energie kunnen delen, ook als zij niet bij dezelfde energieleverancier zijn aangesloten. Bij de definitieve stemming is dit amendement niet aangenomen. Wij blijven echter onverminderd het belang van energie delen onderstrepen in de gesprekken met het Rijk. Om energieopslag goed te kunnen inzetten binnen het energiesysteem dient het energietarievenstelsel tevens te worden aangepast. VNG is hier beleid op aan het ontwikkelen. Bij de inzet van gesubsidieerde opslag is het van belang dat de ontwikkeling een positief effect heeft binnen het energiesysteem.
Dit betekent dat er duidelijke afspraken gemaakt moeten worden over het gebruik en de toepassing van de opslagmodaliteiten zodat deze niet tot ongewenste resultaten leiden (netcongestie veroorzaken). Dit is bij het rijk benoemd en onderdeel van verdere uitwerking van instrumentarium.
Voorstel:
De motie als afgedaan te beschouwen
27
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener:
Motie Schagen “Verlichten van netcongestie door inzet op lokale energiehubs”
Inhoud/oproep: (samengevat)
Netcongestie heeft een toenemende impact op het besturen van gemeenten: woningen, bedrijven, maatschappelijke voorzieningen en duurzame energieprojecten kunnen steeds vaker niet meer worden aangesloten op het elektriciteitsnet en komen op een wachtlijst. De verschillende overheidslagen hebben een rol in het zorgen voor een betaalbaar, beschikbaar, slim inzetbaar en robuust energiesysteem. De motie verzoekt de VNG een visie te ontwikkelen over de rol van gemeenten bij het realiseren van energiehubs en andere innovatieve oplossingen. Deze visie mee te nemen in de lobby. De benodigde wet- en regelgeving onder de aandacht te brengen bij het rijk. Bij het rijk aan te dringen dat netbeheerders gebruik maken van de bevoegdheid om netcodes toe te passen en bedrijven en gemeenten voor te lichten gebruik te maken van deze maatregelen. Mogelijkheden voor netbeheerders om systeembatterijen te plaatsen te verruimen. Gemeenten te ondersteunen in de praktijk door kennisdeling. Gemeenten te betrekken in de onderhandelingen met het rijk over de middelen voor na 2025.
Verantwoording:
Op het gebied van energiehubs zijn reeds veel initiatieven ontplooid en zijn ministerie KGG, Netbeheer Nederland (NBNL), IPO, VNG en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) en andere inhoudelijke partijen druk bezig deze energiehubs mogelijk te maken. Vanuit het rijk is € 166 miljoen ter beschikking gesteld aan met name de provincies. De provincies zijn nu bezig een uitvoeringsagenda uit te werken. Daar worden gemeenten ook actief bij betrokken. Uit dit geld worden ook de ROM’s in stelling gebracht. De ontwikkelingen op dit vlak zijn te uitgebreid om hier een volledig overzicht van te geven. Vanuit de VNG zullen gemeenten die met energiehubs bezig zijn of bezig gaan actief benaderd worden om hen op vlieghoogte te brengen.
Voorstel:
De motie als afgedaan te beschouwen.
28
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener:
Motie Goirle “Grenzen aan investeringsruimte woningcorporaties”
Inhoud/oproep: (samengevat)
Woningcorporaties hebben op termijn niet allemaal voldoende financiële ruimte om de maatschappelijke opgaven te realiseren. Voldoende financiële ruimte voor woningcorporaties is enorm belangrijk. Gevraagd wordt om de financiële positie van de woningcorporaties onder de aandacht te brengen van het nieuwe kabinet en te vragen om passende maatregelen bij de uitwerkingen van het Hoofdlijnenakkoord.
Verantwoording:
De VNG hamert bij voortduring op een gezonde financiële positie voor de woningcorporaties. Dat een gezonde financiële positie voor de corporaties van belang is wordt in het kabinet en in de Tweede Kamer breed onderkend. De financiële positie van woningcorporaties wordt in het najaar van 2024 herijkt. Dit zal onder meer inzicht geven in het effect van de woningbouwdoelstellingen van het kabinet op de investeringscapaciteit van corporaties en laten zien in hoeverre deze doelen haalbaar zijn. De financiële positie van de corporaties zal ook aan de orde zijn bij de herijking van de Nationale Prestatieafspraken Woningcorporaties; een afsprakenkader te ondertekenen door het rijk, AEDES, de Woonbond en de VNG. De komende maanden worden nog afspraken met de corporaties gemaakt (Nationale Prestatieafspraken Corporatiesector). Als dit proces aan eind van het jaar afgerond is, kunnen we de motie afdoen (volgende ALV).
Voorstel:
Deze motie aan te houden.
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener:
Motie Gooise Meren “Het milieurendement centraal stellen bij vergoedingen PMD”
Inhoud/oproep: (samengevat)
Oproep aan bestuur: - Bij herziening van de afspraken met Verpact (voorheen: Afvalfonds Verpakkingen), in het kader van de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid (UPV), meer aandacht te besteden aan het milieurendement van het door gemeenten ingezamelde Plastic-, Metaal- en Drankenkarton- (PMD) verpakkingsafval - Het milieurendement van de inzameling en verwerking van materialen nadrukkelijker te wegen bij de te maken keuzes. Dit moet leiden tot een stimulans voor het bedrijfsleven om verpakkingsmateriaal te gebruiken, dat leidt tot beter recyclebare monostromen - Bij het Rijk aan te dringen op verdere aanscherping van de normen voor recycling en meer transparantie rondom de verwerking van huishoudelijke afvalstromen, waarbij de milieueffecten centraal worden gesteld.
29
Onderwerp: fysiek domein Verantwoording:
De motie strookt met de inzet van de VNG om bij het maken van nieuwe afspraken nadrukkelijk rekening te houden met onder meer het milieuresultaat en ondersteunt de eerdere oproep van gemeenten om een prikkel in te bouwen aan de zogenoemde voorkant van de keten, wetende dat het de verantwoordelijkheid is van producenten om dit aannemelijk te maken. Door bij ontwerp en de productie van verpakkingen (en andere producten) al rekening te houden met duurzaamheid en hergebruik, kan beter worden toegewerkt naar de gemeentelijke ambities in het kader van de transitie naar een circulaire economie, kan de afvalberg worden beperkt en komt de gewenste sluiting van ketens dichterbij. Gezien de circulaire ambities van gemeenten wordt bij het maken van de nieuwe afspraken bovendien ingezet op een goed uitlegbare boodschap richting inwoners. De boodschap om verpakkingsafval op de juiste wijze in te zamelen, dient dan ook duidelijk, uitlegbaar en transparant te zijn. De in de motie gedane oproep maakt onderdeel uit van de inzet van de VNG tijdens het inmiddels in gang gezette onderhandelingstraject met Verpact en het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat. N.B. De voortgang van het onderhandeltraject wordt toegelicht in sessie 4 tijdens de tweede ronde van de door VNG georganiseerde deelsessies op de bestuurdersdag op 29 november a.s.
Voorstel:
De motie als afgedaan te beschouwen.
30
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener: Inhoud/oproep: (samengevat)
Verantwoording:
Motie Gouda “Slappe bodem, sterke samenwerking” 1. De onderwerpen bodemdaling, (grond)waterbeheer en funderingsproblematiek binnen de VNG een plek te geven gezien de uitdagingen zullen toenemen en steeds meer gemeenten met deze thematiek te maken krijgen. Daarbij vanuit de VNG het belang van de aanpak van bodemdaling, (grond)waterbeheer, funderingsproblematiek uit te dragen ook vanwege de grote maatschappelijke impact en implicaties voor andere ontwikkelingen zoals klimaatadaptatie, vitaliteit van gebieden, behoud en ontwikkeling van de woningvoorraad , bodem- en watersturend e.d.; 2. Bodemdaling, (grond)waterbeheer en funderingsproblematiek in de volle breedte te beleggen in één van de VNG commissies en daar frequent te agenderen. Bij bespreking van deze onderwerpen zoveel mogelijk de verbinding te leggen de gemeentelijke leden van het Platform Slappe bodem door bijvoorbeeld de voorzitter te vragen aan te sluiten in de commissie; 3. De thema’s bodemdaling, (grond)waterbeheer en funderingsproblematiek en de benodigde ontwikkeling van kennis en innovatie bij de Rijksoverheid onverminderd onder de aandacht te blijven brengen met inachtneming van het feit dat deze thematiek ook substantiële kosten voor gemeenten zich meebrengt. Daarbij te vragen om een integrale benadering binnen de Rijksoverheid voor deze thematiek omdat de aanpak anders teveel versnipperd blijft.
Grondwaterbeheer, bodemdaling en funderingsproblematiek zijn thema’s die onderdeel zijn van het interbestuurlijk traject Water en Bodem Sturend (WBS) en de Nationale aanpak Funderingen. Bij beide trajecten neemt de VNG actief deel. Deze trajecten vormen een belangrijke basis voor de VNG-inzet op de thema’s: bodemdaling, (grond) waterbeheer en funderingsproblematiek. De VNG streeft naar geïntegreerde agendering in de commissie Ruimte Wonen en Mobiliteit (RWM). Specifieke aspecten zoals bijvoorbeeld financiële consequenties worden daarnaast ook in andere commissies besproken. De gemeentelijke expertise in het Platform Slappe bodem is waardevol en de VNG wordt actief bij het platform betrokken. Ook bij het opstellen van een VNGPosition Paper funderingen (december 2024 beschikbaar). De VNG zal zich ook in de toekomst blijven inzetten om het belang van dit thema in gesprekken met het rijk te agenderen. De noodzaak voor een integrale, samenhangende aanpak binnen het rijk blijft onverminderd nodig. Zo vroeg VNG bij het Commissiedebat Water 24 september jl. aandacht voor dit aspect en gevolgen bodemdaling.
Voorstel:
De motie als afgedaan te beschouwen. 31
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener:
Motie Gulpen-Wittem “Uitvoering soortenmanagementplannen”
Inhoud/oproep: (samengevat)
Gemeenten hebben een belangrijke rol wanneer het gaat om het realiseren van oplossingen voor natuurvriendelijk isoleren. Zonder de inzet van gemeenten komt de isolatie grotendeels stil te liggen. Deze motie roept het VNG-bestuur op om in gesprek te gaan met het Kabinet op een 6-tal punten waaronder het creëren van duidelijkheid voor het te voeren (gemeente)beleid, slagvaardige sturing en ondersteuning vanuit de provincie, te onderzoeken of er nog nieuwe denkrichtingen zijn om de uitvoerbaarheid te verbeteren, de financiele middelen te verhogen voor SMP’s en compenserende maatregelen, te zorgen voor handelingsperspectief voor gemeenten en gemeenten in staat te stellen al met de pre-smp aan de slag te gaan.
Verantwoording:
De uitvoerbaarheid en betaalbaarheid van soortenmanagementplannen vraagt nog steeds inzet van de VNG. De VNG is hierover structureel in gesprek met het rijk en IPO. De motie ondersteunt die gesprekken en geeft een duidelijke inkadering mee waarop de VNG in haar inzet de focus moet houden. In 2024 heeft de VNG verzocht om een uitvoeringstoets over de impact van soortenbescherming op na-isolatie. Deze toets wordt op dit moment uitgevoerd en moet inzicht geven in de impact van de tijdelijke werkwijze NVI, de voorwaarden voor een tijdige realisatie van de SMPs, maar ook de capaciteitsen financiële vragen die na het opstellen van een SMP bij gemeenten zullen blijven spelen. Tevens geeft de impactanalyse aanbevelingen voor een succesvolle implementatie. De uitkomsten van deze toets zullen als aanvullende onderbouwing dienen voor de financiële claims en de noodzaak voor duidelijke informatie en handelingsperspectief voor gemeenten richting het rijk en IPO en landelijke politiek.
Mede op basis van de input van gemeenten die wij tijdens het tweewekelijkse inloopspreekuur en consultatie-oploopjes, en via e-mails en het forum ophalen, waarin telkens blijkt dat gemeenten door een gebrek aan duidelijke informatie, ondersteuning/advisering door provincies, financiële middelen, handelingsperspectief en het tekort aan ecologen onvoldoende vaart kunnen maken, blijft VNG deze gebreken aankaarten en oproepen dat de noodzakelijke stappen worden genomen om gemeenten daadwerkelijk in staat te stellen hun belangrijke rol in deze opgave te kunnen vervullen. Dit doen wij zowel tijdens de structurele overleggen, als ook via consultatie-reacties en onze lobbyinzet.
Voorstel:
De motie als afgedaan te beschouwen
32
Onderwerp: fysiek domein Motie en indiener:
Motie Roerdalen “Financiële tegemoetkoming bij uitbreiding woonwagenstandplaatsen”
Inhoud/oproep: (samengevat)
Gemeenten beschikken niet over voldoende middelen om extra investeringskosten alleen te kunnen dragen. Het realiseren van én nieuwe standplaatsen en het inrichten en bewerken van nieuwe woonwagenlocaties is bewerkelijk en duur.
Verantwoording:
Het ligt in de lijn der verwachting dat er geen extra geld komt in het gemeentefonds voor de extra investeringskosten. Waar de VNG wel mee aan de slag is gegaan met het Rijk en financiële instellingen (SVn, NHG en RABObank) zijn oplossingen voor de hypotheekverstrekking en verhoging van de hypothecaire waarde van standplaatsen en woonwagens. De eerste resultaten zijn hoopvol.
Voorstel:
De motie als afgedaan te beschouwen
33
Aan de leden
Datum
25 oktober 2024 Ons kenmerk
U20240527 Lbr. 24/042 Telefoon
070 3738393
Onderwerp
Bekendmaking voorgedragen kandidaten VNG-bestuur en -commissies Geachte leden van college en gemeenteraad, De Voordrachtscommissie heeft op 21 oktober 20 kandidaten voorgedragen voor in totaal 21 vacatures in het VNG-bestuur en de -commissies. Voor de invulling van een van de vacatures waren er onvoldoende kandidaten. Hierna ontvangt u het overzicht van de voorgedragen kandidaten en een toelichting op deze voordracht en op de procedure richting de Najaars ALV van 29 november. Met deze ledenbrief wordt ook de mogelijkheid tot het stellen van andere kandidaten geopend. Voorgedragen kandidaten Hierbij geven we een overzicht van de opengestelde vacatures en de voorgedragen kandidaten. Bestuur/commissie: Bestuur: 1. Voorzitter commissie Participatie, Schuldhulpverlening en Integratie 2. Lid: vacature griffier 3. Lid: vacature raadslid 4. Lid: vrije vacature
Vacature door (komend) vertrek uit bestuur/commissie van:
Voorgedragen kandidaten:
Peter Heijkoop, wethouder Dordrecht
Marianne van der Sloot, wethouder ’s-Hertogenbosch
Geert van Soest, griffier Venlo Ojanne Chang, raadslid Heerenveen Rutger Groot Wassink, wethouder Amsterdam
Gert-Jan Broer, griffier Almere Jan de Koning, raadslid Gouda Hester van Buren, wethouder Amsterdam
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
vng.nl
Bestuur/commissie:
Vacature door (komend) vertrek uit bestuur/commissie van:
Voorgedragen kandidaten:
Commissie Bestuur en Veiligheid (1 lid)
Sjoerd Potters, burgemeester De Bilt
Sjoerd Potters, burgemeester Helmond
Commissie Europa en Internationaal (2 leden)
Brigitte van den Berg, wethouder Beverwijk Hans Boerkamp, wethouder Rhenen
Hilde Moerland, wethouder Tholen
Commissie Economie, Klimaat, Energie en Milieu (1 lid)
Thijs Kuipers, wethouder Horst aan de Maas
Jaap-Willem Eijkenduijn, wethouder Goeree-Overflakkee
Commissie Informatiesamenleving (1 lid)
Cathy Noordergraaf-Jansen, raadslid Hilvarenbeek
Maarten Burggraaf, wethouder Dordrecht
Commissie Participatie, Schuldhulpverlening en Integratie (2 leden)
Jacqueline de Maa, wethouder Ouder-Amstel Froukje de Jonge, wethouder Almere
Cees Paas, wethouder Sliedrecht
Commissie Ruimte, Wonen en Mobiliteit (2 leden)
Mariette de Visser, wethouder Het Hogeland Zita Pels, wethouder Amsterdam
Noël Vergunst, wethouder Nijmegen
Commissie Raadsleden en Griffiers (2 leden)
Hendrie van Assem, raadslid Woerden Femke Koekoek, raadslid Hoogeveen
Annelie Bonnet, raadslid Westerkwartier Steven van der Heijden, raadslid Best
Commissie Zorg, Jeugd en Onderwijs (1 lid)
Berend van der Ploeg, secretaris ‘sHertogenbosch
Hilde Reints, secretaris Oss
College voor Arbeidszaken (2 leden)
Dimitri Horsthuis Tangelder, wethouder Overbetuwe Marinka Mulder, wethouder Renkum
Magda Jansen-Van Harten, burgemeester Woudenberg (*)
Tijdelijke commissie Asiel en Migratie (3 leden)
Simon Ceulemans, raadslid Rotterdam Jan Kottelenberg, burgemeester Neder-Betuwe Don van Doorn, raadslid Lansingerland
Rutger Groot Wassink, wethouder Amsterdam Susanne Stolk, raadslid Krimpen aan den IJssel Eric Faassen, wethouder Capelle aan den IJssel
Tjapko Poppens, burgemeester Amstelveen
Micha Mos, wethouder Almere
Dirk de Jager, wethouder Amsterdam
(*) Voor het College voor Arbeidszaken was er slechts één kandidaat voor twee vacatures. De vacature zal opnieuw worden opengesteld richting de ALV van 18 juni 2025.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/3
Toelichting op overwegingen en werkwijze Voordrachtscommissie Voor de 21 vacatures in het bestuur en een aantal commissies hebben zich in totaal 70 burgemeesters, wethouders, secretarissen en raadsleden kandidaat gesteld. Uit deze kandidaten heeft de Voordrachtscommissie een keuze moeten maken. Om te komen tot een kwalitatief goede en representatieve samenstelling van bestuur en commissies heeft de Voordrachtscommissie zich, naast de profielschets voor de vacatures en de persoonlijke motivatie van kandidaten, mede gebaseerd op de aanbevelingen van provinciale afdelingen, gemeentelijke netwerken (G4, G40, M50, P10 en K80), verenigingen van doelgroepen (VGS, VvG en NVvR) en de Scoutingscommissie lokale partijen. Met het oog op een herkenbare samenstelling voor de achterban heeft de Voordrachtscommissie zich bovendien gericht op de criteria: geslacht, partijpolitieke samenstelling, functiegroep, gemeentegrootte en provincie. Tenslotte heeft de Voordrachtscommissie bij de selectie van kandidaten voor de commissie Europa & Internationaal rekening gehouden met Europese vereisten aan kandidaten (onder meer geslacht, functie en politieke partij).
Openstelling mogelijkheid tot stellen van andere kandidaten en besluitvorming in de Najaars ALV Met deze ledenbrief wordt de mogelijkheid geopend tot het stellen van andere kandidaten voor de kandidaten die door de Voordrachtscommissie zijn voorgedragen. Alleen de vacatures voor het lidmaatschap van de commissie Europa & Internationaal zijn hiervan uitgezonderd. De twee voorgedragen leden van deze commissie zijn inmiddels benoemd door het VNG-bestuur, conform het Reglement van de commissie Europa & Internationaal. De voorgedragen kandidaten en eventuele andere kandidaten worden in de Najaars ALV van 29 november aan de leden voorgelegd. De procedure voor het stellen van andere kandidaten loopt als volgt: - Tot uiterlijk drie weken voor de Najaars ALV op 8 november kunnen per vacature andere kandidaten worden gesteld door de gemeente waar de betreffende kandidaat actief is als burgemeester, wethouder, secretaris, griffier of raadslid. Deze kandidaatstelling dient mede ondersteund te worden door tien andere leden van de Vereniging. - Het bestuur maakt uiterlijk twee weken voorafgaand aan de ALV, 15 november, de namen van alle voorgedragen kandidaten en andere kandidaten bekend aan de leden.
Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
mr L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/3