CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Mobiliteitsagenda Aalsmeer_versie raad.pdf

3.Raad (besluitvormend) 27 januari 2022, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Vaststellen Mobiliteitsagenda Aalsmeer16.975 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Mobiliteitsagenda Aalsmeer Versie voor behandeling in Gemeenteraad januari 2022

Aalsmeer duurzaam bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig voor iedereen

Colofon Projectteam Mobiliteitsagenda Aalsmeer januari 2022

2

Inhoudsopgave Voorwoord

5

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

7 13 21 25 35 41 49 57

Inleiding Analyse Mobiliteit Aalsmeer 2040 Mobiliteitsagenda Aalsmeer in drie uitgangspunten Uitgangspunt 1: Aalsmeer via alle modaliteiten bereikbaar Uitgangspunt 2: Aalsmeer verkeersveilig en toegankelijk Uitgangspunt 3: Aalsmeer innovatief, duurzaam bereikbaar Overzicht acties Mobiliteitsagenda Borging en evaluatie

Bijlage 1: Overzicht van eerdere documenten: Analysedocument en Koersdocument Bijlage 2: Beleidsanalyse nationaal en regionaal Bijlage 3: SWOT-analyse Mobiliteit Aalsmeer en Koersen Mobiliteitsagenda

61 65 71

3

4

Voorwoord “Voor u ligt de Mobiliteitsagenda Aalsmeer. Deze agenda laat via de drie uitgangspunten: Aalsmeer via alle modaliteiten bereikbaar, Aalsmeer verkeersveilig en toegankelijk en Aalsmeer innovatief duurzaam bereikbaar, zien hoe wij de komende jaren Aalsmeer duurzaam bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig willen houden en maken voor iedereen! Om Aalsmeer bereikbaar en toekomstbestendig te houden werkt het college aan een goed wegennet en goede (logistieke) verbindingen in de regio. Dit houdt in goed onderhoud, veilige wegen, betere doorstroming van verkeer, goede openbaar vervoer verbindingen en prettige wandelpaden. Een ambitieus programma waardoor de bereikbaarheid van Aalsmeer volop in de aandacht staat. Niet alleen lopen er nu veel infrastructurele en ruimtelijke projecten in Aalsmeer en omgeving, ook komen er op mobiliteitsvlak nieuwe ontwikkelingen op Aalsmeer af. Denk aan deelmobiliteit, opkomst van de elektrische auto en fiets, nieuwe vormen van logistiek, maar ook regionale veranderingen in het openbaar vervoer die vragen om creatieve, fijnmazige oplossingen. Daarnaast heeft de Covid-19-pandemie gevolgen voor de mobiliteit. Zo zien we versnelling in trends als thuiswerken, meer fietsgebruik en een toename van het aantal pakketbezorgingen. Daarnaast is in deze periode ook het openbaar vervoer veranderd.

Er reizen veel minder mensen met het openbaar vervoer en de vraag is of de oude en nieuwe openbaar vervoer-reizigers het openbaar vervoer (weer) vinden. Al deze ontwikkelingen vragen om nieuw mobiliteitsbeleid voor Aalsmeer. Deze Mobiliteitsagenda noemt aan de ene kant concrete maatregelen en richtingen en aan de andere kant laat de agenda ook ruimte voor invulling. Deze ruimte is nodig om in te kunnen spelen op de exacte gevolgen van grote infrastructuurprojecten als de Burgemeester Kasteleinweg, Middenweg en Burgemeester Hoffscholteweg en de langetermijngevolgen van de Covid-19-pandemie die nu nog niet bekend zijn. De drie uitgangspunten worden uitgewerkt in vragen als: hoe kunnen we mensen stimuleren van andere vervoerswijzen gebruik te maken, welke investeringen moeten we doen in infrastructuur voor auto, fietsen en lopen, hoe laten we ons netwerk goed aansluiten op de regionale infrastructuur en vervoerswijzen en natuurlijk worden ook de belangrijke vraagstukken logistiek en verkeersveiligheid belicht. Ik wil iedereen die heeft meegeholpen aan de totstandkoming van deze agenda van harte bedanken.” Wethouder Verkeer, wonen en openbare ruimte, Robert van Rijn

5

6

1 Inleiding

In dit eerste hoofdstuk wordt ingegaan op de aanleiding om de Mobiliteitsagenda Aalsmeer op te stellen en hoe uiteindelijk tot de Mobiliteitsagenda gekomen is. Er wordt ook ingegaan op intern en extern beleid dat van invloed is op de Mobiliteitsagenda en er wordt afgesloten met een leeswijzer.

7

1.1 Aanleiding Aalsmeer maakt onderdeel uit van de Metropoolregio Amsterdam (MRA). In de MRA is afgesproken om tot 2040 250.000 nieuwe woningen te bouwen en vele hectares en vierkante meters nieuwe werkruimte te creëren. Ook Aalsmeer gaat, weliswaar minder snel dan andere groeigemeenten in de MRA, groeien qua inwoners en arbeidsplaatsen en de gemiddelde leeftijd van de inwoners van de gemeente stijgt de komende jaren verder door. Dit leidt tot allerlei (nieuwe) vragen over de bereikbaarheid van, naar en in Aalsmeer. Ook komen er allerlei nieuwe mobiliteitsontwikkelingen en -concepten op Aalsmeer en de regio af. Er worden steeds meer elektrische fietsen en auto’s verkocht, veel gemeenten experimenteren met deelmobiliteit, de logistiek wordt slimmer en er wordt steeds meer naar de totale mobiliteit gekeken in plaats van elke vervoerwijze apart en ook in samenhang met ruimtelijke ontwikkelingen. In het Klimaatakkoord speelt mobiliteit ook een grote rol: inzet op duurzame mobiliteit is nodig om de klimaatdoelen te behalen. Daarnaast is de mobiliteit door de Covid 19-pandemie veranderd.

Enerzijds zijn al lopende trends als thuiswerken, (e-)fietsgebruik en toename pakketbezorgingen versterkt en anderzijds heeft vooral het openbaar vervoer het erg zwaar gekregen omdat reizigers of niet meer mochten reizen of voor een andere vervoerswijze (auto en fiets) gekozen hebben om zich toch te verplaatsen. Het vele thuiswerken, minder reizen en flexibel over de dag reizen heeft ook positieve gevolgen gehad: minder files, meer fietsgebruik en minder grote verkeerspieken in de ochtend- en avondspits. Dit was een tijdelijke mobiliteitstransitie, maar hoe houden we deze vast? Dit zijn allemaal ontwikkelingen die vragen om nieuw beleid voor mobiliteit, voor verkeer en vervoer, om Aalsmeer ook in de toekomst bereikbaar te houden. Het huidige beleid, het Aalsmeers Verkeer en Vervoerplan (AVVP), dateert namelijk van 2009 en daar is geen rekening gehouden met de huidige trends, ontwikkelingen en vraagstukken. Een update van 8

het verkeer- en vervoersplan is dan ook opgenomen in het Collegeprogramma Aalsmeer 2018-2022. In het tekstkader is weergegeven wat er in het AVVP stond en welke doelen zijn behaald. Deze Mobiliteitsagenda is echter meer dan een traditioneel verkeer- en vervoersplan: niet alleen worden de vervoerswijzen gezamenlijk bekeken, maar ook andere beleidsvelden als duurzaamheid en ruimtelijke ontwikkeling worden in deze agenda meegenomen. Monitor AVVP 2009 In 2009 heeft de gemeenteraad van Aalsmeer het Aalsmeers Verkeer en Vervoer Plan (AVVP) vastgesteld. Het hoofddoel van het AVVP was “het realiseren van een helder en goed functionerende verkeersstructuur”. Dit hoofddoel is in het AVVP vertaald in drie doelstellingen: 1. Het verbeteren van de regionale en lokale bereikbaarheid met alle vervoerwijzen 2. Zorgen voor een verkeersveilige leefomgeving 3. Zorgen voor een leefbaar verblijfsklimaat Belangrijkste wijzigingen in het infrastructuurnetwerk de afgelopen jaren, waar ook in het AVVP veel aandacht voor is, is de omlegging van de N201 om Aalsmeer heen. Uitgangspunt in het AVVP was ervoor te zorgen dat het doorgaande verkeer zoveel mogelijk gebruik zou maken van de ‘nieuwe’ N201. Hiervoor zijn in het AVVP enkele maatregelen opgenomen. De Burgemeester Kasteleinweg (voormalige N201) moet worden geknipt. De Burgemeester Kasteleinweg is heringericht, inclusief de knip.

Realisatie Noordvork. De voorbereidingen voor de Burgemeester Hoffscholteweg, zoals de Noordvork gaat heten, zijn in een ver gevorderd stadium.

Aanpak kruising Stationsweg-Van Cleeffkade. Voor deze kruising is in het AVVP uitgegaan van een shared space- achtige inrichting. Eind 2019 is door de gemeenteraad besloten op deze specifieke kruising een rotonde te gaan realiseren. Inzetten op hoogwaardig openbaar vervoer. Samen met de Vervoerregio Amsterdam zijn de afgelopen jaren diverse maatregelen getroffen in het kader van R Net. Bushaltes zijn aangepast, fietsvoorzieningen zijn uitgebreid en het lijnennet is aangepast. De komende jaren zal dit met onder andere de aanleg van HOVASZ (HOV Aalsmeer – Schiphol-Zuid) en de nieuwe halte bij Royal Flora Holland verder worden verbeterd. De fiets moest een serieus alternatief worden voor de interne autoverplaatsing. Maatregelen die hier aan bij moesten dragen waren onder andere het uitbreiden van de fietsparkeerplekken bij belangrijke publieksvoorzieningen, het verbeteren van woonwerkverbindingen en het aanpakken van ontbrekende schakels op hoofdfietsroutes. Vooral het aantal fietsvoorzieningen is de laatste jaren flink uitgebreid. Daarnaast wordt in het project ‘herinrichting Burgemeester Kasteleinweg’ een snelfietsroute meegenomen die Uithoorn via Aalsmeer verbindt met Hoofddorp/ Schiphol. De in het kader genoemde projecten zijn of worden de komende tijd uitgevoerd.

Nog onzeker is wat de exacte gevolgen van de wegprojecten zijn voor de doorstroming in Aalsmeer: zullen automobilisten en vrachtwagenchauffeurs daadwerkelijk vooral de N201 pakken voor het doorgaande verkeer en welke gevolgen heeft de “knip” op de Burgemeester Kasteleinweg voor de omliggende wegen en wijken? Daarnaast zijn de lange termijn gevolgen van de Covid-19 pandemie niet te voorspellen. Dit vraagt om een adaptieve, flexibele Mobiliteitsagenda. In de Mobiliteitsagenda wordt nu wel al een koers uitgezet om Aalsmeer bereikbaar te houden, inclusief uitgangspunten en concrete acties, maar de ontwikkelingen

worden tijdens de volgende collegeperiode gemonitord en over 2 à 3 jaar wordt de Mobiliteitsagenda geüpdatet. De Mobiliteitsagenda vormt één van de bouwstenen voor de Omgevingsvisie Aalsmeer die een college in de periode 20222026 op zal gaan stellen. 1.2 Proces van totstandkoming van de Mobiliteitsagenda De Mobiliteitsagenda Aalsmeer is in drie stappen opgesteld: van een Analysedocument (hoe is van de stand van de mobiliteit nu?) via een door de Gemeenteraad vastgesteld Koersdocument (welke ontwikkelingen zijn voorzien en welke mobiliteitskoersen passen daarbij?) naar de Mobiliteitsagenda zelf. Zie bijlage 1 voor deze documenten. De Mobiliteitsagenda is samengesteld in nauwe samenhang met andere beleidsvelden binnen de gemeente Aalsmeer en met andere partijen als de Vervoerregio Amsterdam, de provincie Noord-Holland, gemeenten Amstelveen, Uithoorn en Haarlemmermeer en samenwerkingsverband HollandRijnland. Ook vervoermaatschappij Connexxion (huidige concessiehouder Openbaar Vervoer), de Fietsersbond en de nood- en hulpdiensten zijn betrokken.

Ook de inwoners en ondernemers van Aalsmeer zijn actief betrokken: zo heeft er bij het Analysedocument een onderzoek plaats gevonden onder inwoners en ondernemers over hun mobiliteitsgedrag en hun ideeën over de toekomstige bereikbaarheid van Aalsmeer, zijn bij het Koersdocument jongeren specifiek bevraagd en is er in de laatste fase uitgebreide participatie geweest over de uitgangspunten voor de Mobiliteitsagenda, de vraagstukken voor deelgebieden binnen de gemeente en de rol van de ondernemers bij de bereikbaarheid van Aalsmeer. In oktober en november 2021 heeft het Ontwerp van de Mobiliteitsagenda voor een periode van 4 weken ter inzage gelegen. Ook de Gemeenteraad is actief betrokken: zij hebben bij de start het Plan van aanpak vastgesteld, hebben het Koersdocument vastgesteld en zijn actief betrokken bij het formuleren van de uitgangspunten. 9

1.3 Beleidsanalyse Mobiliteit Mobiliteit is geen doel op zich. Het bewegen van A naar B heeft een nauwe relatie met andere beleidsvelden als ruimtelijke ordening, energie en milieu en het gemeentelijke beleid moet afgestemd worden met regionaal en nationaal mobiliteitsbeleid. In bijlage 2 is de beleidsanalyse opgenomen met de belangrijkste nationale en regionale beleidskaders als de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), het Klimaatakkoord, het Perspectief Mobiliteit van de Provincie Noord-Holland en het Beleidskader Mobiliteit van de Vervoerregio Amsterdam. Mobiliteit heeft zoals eerder gezegd ook relatie met andere beleidsterreinen en gemeentelijke visies en beleidsstukken. Dit gaat bijvoorbeeld om de Parkeernota, de visie op Schipholparkeren, gebieds- en structuurvisies als Centrumvisie Aalsmeer, Uiterweg, Green Park, Bovenlanden Oosteinderweg en Tussen de Linten. Ook de visies rond woningbouw, de Strategie Werklocaties Aalsmeer en de Agenda Economie en Recreatie & Toerisme Aalsmeer zijn als input meegenomen voor de Mobiliteitsagenda. 1.4 Leeswijzer De Mobiliteitsagenda Aalsmeer start na deze inleiding met een doorkijk naar 2040: welke trends en ontwikkelingen komende op Aalsmeer af en gaan er in Aalsmeer spelen en wat zijn de gevolgen voor de mobiliteit.

In hoofdstuk 3 worden de drie uitgangspunten van de Mobiliteitsagenda kort beschreven en in de hoofdstukken 4 tot en met 6 worden deze uitgangspunten verder uitgewerkt. In hoofdstuk 7 wordt een overzicht van de acties gegeven en in hoofdstuk 8 wordt ingegaan op borging en valuatie van de Mobiliteitsagenda. De Mobiliteitsagenda eindigt met drie bijlagen: links naar eerdere documenten, een beleidsanalyse en de SWOT en koersen uit het Koersdocument.

10

11

12

2

Analyse Mobiliteit Aalsmeer 2040 In het Koersdocument Mobiliteit Aalsmeer zijn de belangrijkste trends en ontwikkelingen opgenomen die de komende jaren in Aalsmeer plaats gaan vinden en die op Aalsmeer afkomen. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste Mobiliteitstrends op een rij gezet en worden de ontwikkelingen van Aalsmeer tot 2040 in het kort geschetst.

13

2.1 Tends en ontwikkelingen Mobiliteit 2040 Welke trends en ontwikkelingen hebben de meeste impact op de mobiliteit tot 2040? H

H

3. MASSA VERVOER NEEMT TOE

1. VERSTEDELIJKING ZET DOOR

2. SNELLE TECHNOLOGISCHE 3. MASSA ONTWIKKELINGEN

VERVOER

NEEMT TOE 1. Verstedelijking zet door, maar hoe snel? 4. Gezondheid en milieu worden steeds belangrijker 1. VERSTEDELIJKING 2. SNELLE TECHNOLOGISCHE Wereldwijd groeien de steden en is een trek De bewustwording dat we zuinig op onszelf en ZET DOOR ONTWIKKELINGEN 6. GEZONDHEID EN 4. FIRST & LAST KM naar de stad waarneembaar. De vraag is,5. GRENSVERVAGING de wereld moeten zijn neemt steeds verder toe. MILIEU WORDEN NOG BELANGRIJKER PUBLIEK EN PRIVAAT als resultante van Covid-19, of deze trend in VERVOER Duurzame mobiliteit en zelf bewegen wordt dezelfde snelheid doorzet. Thuiswerken en steeds belangrijker. Door Covid-19 is deze trend 6. GEZONDHEID EN 4. FIRST & LAST KM MILIEU WORDEN NOG een groene woonomgeving zijn immers meer versterkt. GRENSVERVAGING 3. MASSA VERVOER5. 4G BELANGRIJKER PUBLIEKvoor EN PRIVAAT TOE populair geworden, heeftNEEMT dit gevolgen VERVOER 1. VERSTEDELIJKING 2. SNELLE TECHNOLOGISCHE 7. MEER FIETSGEBRUIK 9. TRANSITIE NAAR EEN de populariteit van de stad? ZET DOOR ONTWIKKELINGEN H

INFORMATIESAMENLEVING

8. NIEUWE TYPE VOERTUIGEN

4G

6. GEZONDHEID EN 5. Opkomst duurzame brandstoffen 2. Snelle technologische 4. FIRST & LAST KMontwikkelingen MILIEU WORDEN NOG 5. GRENSVERVAGING 7. MEER FIETSGEBRUIK De techniek gaat steeds sneller, NAAR het EEN is lastig 9. TRANSITIE De fossiele energiebronnen zijn eindig. BELANGRIJKER PUBLIEK EN PRIVAAT INFORMATIESAMENLEVING VERVOER te bepalen waar we over 10 jaar staan qua Natuurlijke energiebronnen als zon en techniek en wat dat voor gevolgen heeft voor 8. NIEUWE TYPE licht komen steeds meer op en dit heeft VOERTUIGEN de mobiliteit. Het gaat zowel om techniek gevolgen voor zowel de voertuigen alswel 10. MEER VLIEGVERKEER 3. MASSA VERVOER 4G bijvoorbeeld 3. MASSA VERVOER in voertuigen als de verdere TUSSEN METROPOLEN de laadmogelijkheden in de openbare NEEMT TOE NEEMT TOE 12. OPKOMST 2. SNELLE TECHNOLOGISCHE ontwikkeling van datagedreven, slimme ruimte. DUURZAME 2. SNELLE ONTWIKKELINGEN 7. MEERTECHNOLOGISCHE FIETSGEBRUIK BRANDSTOFFEN 9. TRANSITIE NAAR EEN ONTWIKKELINGEN verkeerslichten. 11. ONTWIKKELING H

H

10 min

8 min

INFORMATIESAMENLEVING

NIEUWE MOBILITEITSDIENSTEN

8. NIEUWE TYPE

6. GEZONDHEID EN

VOERTUIGEN MILIEU WORDEN NOG 3. Transitie naar een informatiesamenleving 5. GRENSVERVAGING 6. GEZONDHEID EN BELANGRIJKER FIRST & LAST KM PUBLIEK EN PRIVAAT We5.kunnen op elke plek, elkNOG moment 1. MILIEU op WORDEN VERVOER GRENSVERVAGING 2. BELANGRIJKER PUBLIEK EN PRIVAAT beschikken informatie. Met deze 3. 10. MEERover VLIEGVERKEER 4. VERVOER TUSSEN METROPOLEN 5. informatie kunnen we ter plekke de 6. 4G 7. beste reis kiezen en zijn we minder 8. 9. afhankelijk van vaste patronen. Betere 10. IK 11. ONTWIKKELING 11. 9. TRANSITIE NAAR4G EEN beschikbaarheid van data kan ook de INFORMATIESAMENLEVING NIEUWE MOBILITEITS- 12. DIENSTEN brede 8. mobiliteit, zoals bijvoorbeeld de NIEUWE TYPE GEBRUIK 9. TRANSITIE NAAR EEN 10. MEER VLIEGVERKEER logistiek,VOERTUIGEN verder optimaliseren.

ST & LAST KM

10 min

8 min

INFORMATIESAMENLEVING TUSSEN METROPOLEN

1.

14

10 min

6. Massavervoer onder druk: van collectief naar individueel vervoer? Verstedelijking zet door Snelle technologische ontwikkelingen De afgelopen jaren is het massavervoer sterk Massa vervoer neemt toe First en last mile Grensvervaging publiek en privaat vervoer gestegen: er werd meer per trein en bus gereisd Gezondheid en12. milieu OPKOMST worden nog belangrijker Meer fietsgebruik en de verwachting was dat dit nog verder DUURZAME Nieuwe type voertuigen Transitie naar BRANDSTOFFEN een informatiesamenleving toe ging nemen. Door Covid-19 is de vraag in Meer vliegverkeer tussen metropolen Ontwikkeling nieuwe mobiliteitsdiensten hoeverre deze trend nog steeds geldt en of Opkomst duurzame brandstoffen individueel vervoer meer populair blijft. H

3. MASSA VERVOER

NEEMT TOE 12. OPKOMST 8. NIEUWE TYPE DUURZAME VERSTEDELIJKING 2. SNELLE TECHNOLOGISCHE VOERTUIGEN 1. BRANDSTOFFEN Verstedelijking zet door ZET DOOR 2. Snelle technologische ontwikkelingen ONTWIKKELINGEN 11. ONTWIKKELING 3. Massa vervoer neemt toe NIEUWE MOBILITEITS4. First en last mile DIENSTEN 5. Grensvervaging publiek en privaat vervoer 8 min

VERVOER

2. SNELLE TECHNOLOGISCHE ONTWIKKELINGEN H

LAST KM 5. GRENSVERVAGING PUBLIEK EN PRIVAAT VERVOER

3. MASSA VERVOER NEEMT TOE

6. GEZONDHEID EN MILIEU WORDEN NOG BELANGRIJKER

4G

7. Grensvervaging publiek en privaat vervoer 4G Er zijn steeds meer private ondernemingen die vervoersdiensten aanbieden. De oude taxi is SGEBRUIK 9. TRANSITIE NAAR EEN 9. TRANSITIE NAARovergenomen EEN INFORMATIESAMENLEVING inmiddels in veel landen door INFORMATIESAMENLEVING nieuwe services 8. NIEUWE TYPE als Über. Daarnaast is bezit steedsVOERTUIGEN minder normaal en wordt er steeds meer 6. GEZONDHEID EN gebruikMILIEU gemaakt vanNOG deelconcepten, zowel 8. WORDEN 5. GRENSVERVAGING deelauto’s, -scooters als -fietsen. BELANGRIJKER PUBLIEK EN PRIVAAT

OGISCHE EN

VERVOER

8. Opkomst nieuwe mobiliteitsdiensten Er komen nieuwe vormen en diensten van ERKEER vervoer. Mobility as a Service (MaaS) zorgt OLEN 12. OPKOMST er bijvoorbeeld voor dat je een specifiek DUURZAME reisadviesBRANDSTOFFEN krijgt voor een reis, met zowel E NAAR EEN 11. ONTWIKKELING collectief vervoer als deelvervoer. NIEUWE MOBILITEITS10 min

8 min

AMENLEVING

DIENSTEN

8. NIEUWE TYPE 1. VERSTEDELIJKING VOERTUIGEN

10. (elektrische) fiets volwaardig onderdeel totale mobiliteit De fiets vormt binnen de totale mobiliteit een steeds belangrijker vervoermiddel, zeker in stedelijke gebieden. Dit komt mede door de opkomst van de e-fiets en de speed pedelec waarmee grotere afstanden afgelegd kunnen worden en door de toenemende focus op NIEUWE TYPE een gezonde levensstijl.

VOERTUIGEN

11. Nieuwe typen voertuigen De e-bike, e-step, speed pedelec en biro zijn voorbeelden van voertuigen die de afgelopen jaren zijn ontwikkeld en hun intrede hebben gedaan in mobiliteitsland. Nieuwe voertuigen vragen soms om nieuw beleid, bijvoorbeeld rond infrastructuur, verkeersveiligheid en 3. MASSA VERVOER parkeren. H

NEEMT TOE

2. SNELLE TECHNOLOGISCHE

door ZET DOOR ONTWIKKELINGEN 9. Focus op1.2. firstVerstedelijking entechnologische lastzetmile Snelle ontwikkelingen

12. Opkomend belang van inclusiviteit en toegankelijkheid Iedereen heeft het recht om goed en veilig te kunnen bewegen en de juiste EER VLIEGVERKEER vermoermiddelen kunnen kiezen om te SEN METROPOLEN bewegen. Het belang van inclusiviteit Tijdens een reis wordt aan het begin en/of aan het eind 6. GEZONDHEID EN MILIEU WORDEN NOG (aanbod) en toegankelijkheid (comfort en van de reis de meeste tijd verloren, bijvoorbeeld om5.naar GRENSVERVAGING 12. OPKOMST BELANGRIJKER veiligheid) neemt toe. een OV-halte te komen of een parkeerplaats voor PUBLIEK de auto EN PRIVAAT 8 min DUURZAME te vinden. Hier is dus veel tijdwinst te behalen en vraagt VERVOER BRANDSTOFFEN bijvoorbeeld om deelconcepten bij belangrijke OV-haltes. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12.

Massa vervoer neemt toe First en last mile Grensvervaging publiek en privaat vervoer Gezondheid en milieu worden nog belangrijker Meer fietsgebruik Nieuwe type voertuigen 10 min Transitie naar een informatiesamenleving 4. FIRST & LAST KM Meer vliegverkeer tussen metropolen Ontwikkeling nieuwe mobiliteitsdiensten Opkomst duurzame brandstoffen

11. ONTWIKKELING NIEUWE MOBILITEITS4G DIENSTEN 12. OPKOMST

10 min

8 min

DUURZAME

15

2.2 Ontwikkelingen Aalsmeer tot 2040 Aalsmeer maakt onderdeel uit van de Metropoolregio Amsterdam (MRA). In de MRA is bestuurlijk afgesproken dat tot 2040 250.000 nieuwe woningen nodig zijn en is er ook veel vraag naar nieuwe werklocaties. Op welke locaties gewoond, gewerkt en gerecreëerd wordt heeft grote gevolgen voor de bereikbaarheid; er moet immers gereisd worden om van A naar B te komen. De ruimtelijke ontwikkelingen in de MRA hebben een grote impact op Aalsmeer, maar hoe ontwikkelt Aalsmeer zich zelf tot 2040? Waar worden nieuwe woningen gebouwd, waar komen bedrijfslocaties bij en welke infrastructurele projecten zijn gepland? Welke gevolgen heeft dit voor de te verwachten bereikbaarheid van Aalsmeer? Dit zijn de vragen die in deze paragraaf in hoofdlijnen worden beantwoord. De toekomstige ontwikkeling van Aalsmeer is meer uitgebreid beschreven in het Koersdocument Mobiliteit Aalsmeer, een link naar dat document staat in bijlage 1. Demografische ontwikkeling 2020 - 2040 Aalsmeer telt momenteel rond de 32.000 inwoners en zal de komende jaren gaan groeien. Daarnaast verandert Aalsmeer demografisch: de bevolking wordt gemiddeld ouder, er treedt vergrijzing op, en er komen meer huishoudens vanwege gezinsverdunning en vanwege de toename van alleenstaanden en/of éénpersoonshuishoudens. In de figuur zijn de meest opvallende ontwikkelingen geschetst.

+20%

+17%

+4%

Wonen Tot 2030 zijn er concrete plannen voor in totaal 3.150 nieuwe woningen in Aalsmeer. De oplevering van 1.340 van deze woningen staat gepland in de periode tot 2025. Iets meer dan 1.800 woningen staan gepland voor de periode 2025 – 2029. Na 2030 zijn er nog geen harde woningbouwplannen. De grootste woningbouwprojecten zijn Oosteinde driehoek (1.0001.500 woningen), Van Cleeffkade (TV Studio’s, 600 woningen), Hoofdweg-Zuid (320 woningen) en Westeinderhage (270 woningen).

-4%

In 2040 zal 23% van bevolking Aalsmeer 65 jaar of ouder zijn, 12% ouder dan 75 jaar. 16

Ruimtelijk-economische ontwikkelingen Aalsmeer groeit de komende jaren naar verwachting naar ruim 38.500 inwoners in 2040. Dit komt vooral door de bouw van nieuwe woningen. Ook het aantal arbeidsplaatsen groeit naar verwachting licht en hiervoor wordt nieuwe werkruimte gecreëerd. Welke ruimtelijke projecten zijn in Aalsmeer en omgeving bekend?

Deze extra woningen zorgen voor nieuwe bereikbaarheidsvraagstukken: bereikbaarheid voor de woningen zelf en de directe omgeving, maar in totaal ook voor heel Aalsmeer. Ook woningbouwontwikkelingen in de omgeving van

Aalsmeer hebben invloed op de bereikbaarheid; zo wordt in Amstelveen gebouwd aan De Scheg (1.100 woningen), wordt bedrijventerrein Legmeer getransformeerd tot woon-werkgebied (3.500 woningen) en worden in Haarlemmermeer tussen de 20.000 en 30.000 woningen gebouwd. Een belangrijk deel van deze woningen wordt in Hoofddorp-Centrum en rond het station Hoofddorp gebouwd. Economie, toerisme en recreatie Naast ontwikkeling op het vlak van wonen, zal de economie zich ook verder ontwikkelen. Allereerst het aantal arbeidsplaatsen: de huidige verwachtingen gaan –zonder Covid-19 effect- uit van een bandbreedte van 500-2.500 extra arbeidsplaatsen tot 2040 (nu 14.000 arbeidsplaatsen). De scenario’s die rekening houden met Covid-19 gaan uit van een afname op de korte termijn, waarna het niveau in 2040 uitkomt op een bandbreedte van 14.000-14.500 arbeidsplaatsen. Een kwart van het aantal Aalsmeerse arbeidsplaatsen wordt ingevuld door Aalsmeerders zelf, de overige driekwart komt voornamelijk uit de omliggende gemeenten met Haarlemmermeer, Amsterdam en (opgeteld) de Zuid-Hollandse gemeenten ten zuiden van Aalsmeer als grootste herkomstgebied. Driekwart van de werkenden uit Aalsmeer werkt dus buiten de gemeente, voornamelijk in Amsterdam, Haarlemmermeer, Amstelveen en Uithoorn. Er is dus sprake van een grote woon-werk pendel van en naar Aalsmeer.

Voor wat betreft de ontwikkeling van de Aalsmeerse bedrijventerreinen/kantoorlocaties zet de Strategie Werklocaties Aalsmeer de komende jaren in op het accommoderen van bedrijven die aansluiten op identiteit en profiel van de Aalsmeerse werklocaties en die van belang zijn voor de lokale economie. Allereerst wordt de ruimtevraag voor werken op Green Park geaccommodeerd . Daarnaast wordt gericht op het beter benutten van de beschikbare ruimte op de formele werklocaties en mogelijk ook in de Schinkelpolder, waar kansen liggen om onbenutte ruimte in te zetten voor de

bedrijfsfunctie. Deze kansen worden verkend in een integraal toekomstperspectief op de Schinkelpolder. Voor Hornmeer wordt ingezet op een kwaliteitsimpuls voor het gebied en een betere organisatiegraad van de zittende bedrijven. De harde planvoorraad van kantoren wordt in stand gehouden. Een ander vraagstuk is de transformatie van glastuinbouw. Er is in de Greenport-regio in totaal 800 hectare verouderde kassen waar een nieuwe bestemming voor gevonden moet worden. In de omgeving van Aalsmeer vinden op ruimtelijk-economisch vlak twee grote ontwikkelingen plaats: het gaat om de ontwikkeling van Bedrijventerrein AmstelveenZuid (BTAZ) nabij de N201 en het Glastuinbouwgebied PrimA4a in Haarlemmermeer langs de A4. De gemeente Haarlemmermeer beraadt zich over de laatste ontwikkeling. Royal Flora Holland (RFH) heeft in Noord-Holland en ZuidHolland meerdere locaties. Het idee is dat de komende jaren de focus steeds meer komt op de verdere ontwikkeling van het RFH-cluster in Aalsmeer en Uithoorn en dat de andere 17

locaties afgebouwd worden. Dit zal leiden tot nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en waarschijnlijk ook extra transportbewegingen. Tegelijkertijd wil RFH het logistieke proces weer meer gaan regisseren om bijvoorbeeld te komen tot dikkere stromen, zijnde minder (half) lege vrachtwagens. Dit zorgt weer voor een afname van het aantal transportbewegingen. Aalsmeer positioneren als mooie, aantrekkelijke bestemming voor verschillende doelgroepen blijft de komende jaren een speerpunt, dit is vastgelegd in de Agenda Economie en Recreatie & Toerisme Aalsmeer. De toeristisch-recreatieve sector is sterk in Aalsmeer, maar desalniettemin zijn er kansen om de sector verder te versterken. De beleving en uitstraling van bloemen en water kan sterker. Dit gaat bijvoorbeeld om waterrecreatie op de Westeinderplassen. De komst van FloriWorld biedt kansen op het vlak van bloemen, mits de nieuwe attractie sterk verbonden wordt aan het lokale MKB. De opgave is daarbij om in te zetten op kwaliteitstoerisme, waarbij het niet gaat om méér toeristen, maar vooral het langer vasthouden van toeristen en hen te stimuleren om meer te besteden. Daarbij ligt de focus specifiek op de doelgroepen die goed passen bij Aalsmeer en die een positieve bijdrage leveren aan de leefbaarheid en economische vitaliteit van onze gemeente.

Vanuit toerisme en recreatie wordt gemikt op de regionale, nationale en internationale toerist. Dat vraagt dus ook iets van de mobiliteit en bereikbaarheid in en van Aalsmeer, bijvoorbeeld door verschillende locaties (duurzaam) met elkaar te verbinden en/of bezoekers meer via het water te vervoeren. Infrastructurele ontwikkelingen In het Koersdocument Mobiliteit Aalsmeer staan de belangrijkste infrastructurele ontwikkelingen uitgebreid beschreven. Voor de fiets gaat het om verder opwaarderen van de MRAfietsroutes naar Amstelveen en naar Hoofddorp-Uithoorn, onder andere door aanleg van een vrijliggend fietspad langs de Burgemeester Kasteleinweg. Op het vlak van openbaar vervoer zijn de belangrijkste wijzigingen de aanleg van een 18

vrijliggende busbaan op de Burgemeester Kasteleinweg, inclusief opwaardering van de haltes en nieuwe bushaltes ter hoogte van de hoofdingang van Royal Flora Holland/FloriWorld en de ingebruikname van Busstation Aalsmeer (Zwarteweg). Voor weg gaat het de komende jaren om afwaardering van de voormalige N201, de Burgemeester Kasteleinweg, inclusief een knip en aanleg van een busbaan en een fietspad. Ook gaat het om aanleg van de Burgemeester Hoffscholteweg en herinrichting van de Machineweg en de Middenweg. Voor ontsluiting van het veilingterrein wordt de Ongestoord Logistieke Verbinding (OLV) aangelegd. In de regio zijn de belangrijkste projecten het doortrekken van de Amstelveenlijn naar Uithoorn (Amsteltram), verdieping van de A9 bij Amstelveen, het mogelijk doortrekken van de NoordZuidlijn naar Station Hoofddorp en de ontwikkeling van een nieuw openbaar vervoer-knooppunt Schiphol-Zuid. Gevolgen ontwikkelingen voor Mobiliteit: Welke gevolgen hebben de hiervoor beschreven ruimtelijke en infrastructurele ontwikkelingen voor de toekomstige bereikbaarheid van Aalsmeer? In het Koersdocument Mobiliteit Aalsmeer is dit, uitgaande van het beleid uit 2009 en nog geen rekening houdend met Covid-19 gevolgen, uitgebreid in beeld gebracht.

De figuren laten zien dat het verwachte aantal verplaatsingen toe gaat nemen door groei van Aalsmeer en omgeving en dat de rol van de auto in Aalsmeer zonder aanvullend beleid nóg verder toe zal nemen. Een groei van de bevolking betekent dus een groei in het absolute aantal autoverplaatsingen, de druk op het regionale en lokale wegennet neemt daarmee verder toe.

Het is de verwachting dat het aantal fietsverplaatsingen (met reguliere en elektrische fiets) in ieder geval tot 2030 verder toe zal nemen. De route die het sterkst zal groeien is de Burgemeester Kasteleinweg, mede door aanleg van een nieuw vrijliggend fietspad. Verder neemt het aantal fietsers op de Aalsmeerderweg, de (aangepaste) Middenweg, de Kudelstaartseweg en de Legmeerdijk sterk toe. Meer fietsers op deze routes kan leiden tot een verminderde verkeersveiligheid (drukker op de fietspaden, meer kruisend verkeer) en/of doorstroming. Op het vlak van het openbaar vervoer was voor de Covid-19 pandemie de verwachting dat de meeste verbindingen voldoende capaciteit hebben. Alleen op de corridor UithoornAalsmeer-Schiphol zou mogelijk een knelpunt kunnen ontstaan. De groei van Aalsmeer en omgeving heeft de meest sterke gevolgen voor de autobereikbaarheid. Belangrijke regionale knelpunten vormen de N231-Zuid tussen de N201 en De Kwakel, de N201 richting Uithoorn en A2 en de Legmeerdijk-Bosrandweg, mede vanwege ruimtelijke ontwikkelingen in Amstelveen en in Aalsmeer (Oosteinderdriehoek). In Aalsmeer zelf zien we een toenemende verkeersdrukte op de route Van CleeffkadeStationsweg-Stommeerweg-Kudelstaartseweg en toenemende drukte op de parallelroutes van de Burgemeester Kasteleinweg zoals de Hortensialaan en de Witteweg, mede veroorzaakt door de knip.

Verder zijn er potentiele knelpunten op de Burgemeester Kasteleinweg (tussen de Aalsmeerderbrug en de Van Cleeffkade) en op de kruising Aalsmeerderweg-Machineweg. De verwachting is dat, door alle ontwikkelingen, de bestaande en reeds bekende (toekomstige) bereikbaarheidsknelpunten zwaarder worden, zeker in gebieden waar veel ruimtelijke ontwikkelingen plaats zullen vinden en waar veel verkeer samenkomt. Er worden geen nieuwe knelpunten verwacht.

De milieugevolgen van de groei van de mobiliteit zijn gering. Er is gekeken naar zowel gevolgen van de mobiliteitsgroei voor geluid als lucht en voor beide onderwerpen blijft Aalsmeer binnen de (nu geldende) normen.

19

20

De Mobiliteitsagenda Aalsmeer is opgebouwd uit drie uitgangspunten. Deze bepalen gezamenlijk het mobiliteitsbeleid van Aalsmeer en leiden opgeteld en in samenhang bezien tot een duurzaam bereikbaar en verkeersveilig Aalsmeer voor iedereen. In dit hoofdstuk zijn de uitgangspunten overzichtelijk beschreven met per uitgangspunt de belangrijkste uitwerkingen.

3

Mobiliteitsagenda Aalsmeer in drie uitgangspunten 21

Het doel van de Mobiliteitsagenda Aalsmeer is om Aalsmeer duurzaam bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig te houden voor iedereen. Inwoners, werknemers en bezoekers moeten fijn en veilig van, naar en binnen Aalsmeer kunnen reizen en geen last van overlast hebben. Mobiliteit heeft een direct verband met ruimtelijke ontwikkelingen, deze koppeling gaan we als gemeente sterker maken. De auto blijft het belangrijkste vervoermiddel in Aalsmeer, maar we gaan meer vanuit de totale mobiliteit kijken en stimuleren inwoners en werknemers (meer) van andere vervoerswijzen gebruik te maken. Er wordt geïnvesteerd in (nieuwe) infrastructuur voor de (vracht-)auto, voor het fietsen en lopen en er wordt goed aangesloten op regionale infrastructuur. We zorgen dat de vervoerswijzen op elkaar afgestemd worden, bijvoorbeeld door een goede comfortabele overstap tussen fiets en bus te creëren. Het openbaar vervoer van Aalsmeer richten we op goede snelle regionale verbindingen, maar we kijken ook naar oplossingen in Aalsmeer zelf, de fijnmazigheid. Op het vlak van de logistiek werken we aan slimme oplossingen om zowel de zware logistiek als de stadslogistiek in goede banen te leiden en tenslotte draagt duurzame mobiliteit bij aan de duurzaamheids- en klimaatdoelen en zorgt het voor een leefbaar Aalsmeer.

Niet elke ontwikkeling is met zekerheid te voorspellen, daarom is het een adaptieve, flexibele agenda zodat ingespeeld kan worden op nieuwe ontwikkelingen. Om het bovenstaande te bereiken zijn de 11 vastgestelde koersen uit het Koersdocument (zie bijlage 3) doorvertaald in drie uitgangspunten. Deze zijn hiernaast overzichtelijk weergegeven, samen met de belangrijkste uitwerking per uitgangspunt, en worden in de volgende drie hoofdstukken uitgebreid beschreven.

Uitgangspunt 1: Aalsmeer via alle modaliteiten bereikbaar • • • • • •

22

Wanneer we werken aan de bereikbaarheid van Aalsmeer, doen we dat met een regionale blik vanuit alle modaliteiten samen We maken lopen aantrekkelijker en veiliger, onder meer door verbetering van de bestaande routes en aanleg specifieke routes We versterken de rol van de (e-)fiets in de bereikbaarheid van Aalsmeer We werken aan een regionaal en lokaal bereikbaar Aalsmeer per openbaar vervoer voor iedereen De bereikbaarheid per auto blijft op orde, tegelijkertijd verleiden we automobilisten om vaker via de andere vervoerwijzen te reizen en de spits te mijden We werken aan slimmer, efficiënter en schoner vrachtvervoer om de doorstroming te verbeteren en de overlast te beperken

Uitgangspunt 2: Aalsmeer verkeersveilig en toegankelijk • •

Iedereen moet deel kunnen nemen in het verkeer en we streven naar nul dodelijke verkeersslachtoffers in 2050 Bij wegwerkzaamheden zorgen we voor goede (alternatieve) routes voor alle vervoerswijzen

Uitgangspunt 3: Aalsmeer innovatief, duurzaam bereikbaar • • • • •

Ruimtelijke ontwikkeling en mobiliteit worden vroegtijdig in de planvorming aan elkaar gekoppeld We kijken naar slimme vormen van mobiliteit Bij mobiliteitsvraagstukken kijken we naar het beter benutten van de bestaande infrastructuur en naar gedragsbeïnvloeding van inwoners en werknemers We houden de ontwikkeling van de bereikbaarheid van Aalsmeer goed in de gaten Duurzame mobiliteit draagt bij aan een schoon, gezond en leefbaar Aalsmeer

23

24

Het eerste uitgangspunt geeft aan dat we voor de bereikbaarheid van, naar en binnen Aalsmeer inzetten op alle modaliteiten, voor zowel personenvervoer als logistiek/ vrachtvervoer. Dit pakken we regionaal op. Binnen de modaliteiten leggen we wel de nadruk op het stimuleren en faciliteren van de actieve en duurzame mobiliteit, tegelijkertijd moet de autobereikbaarheid ook op orde blijven. Ook de logistiek kan efficiënter en de potentie van goederenvervoer over water wordt verder verkend.

4

Uitgangspunt 1: Aalsmeer via alle modaliteiten bereikbaar

25

Wanneer we werken aan de bereikbaarheid van Aalsmeer, doen we dat met een regionale blik vanuit alle modaliteiten samen De bereikbaarheid van Aalsmeer moet voor alle modaliteiten en voor alle soorten verplaatsingen (zoals woon-werk, studie, recreatie) op orde zijn en er moet van, naar en binnen Aalsmeer gereisd kunnen worden. Dat kan alleen bereikt worden als met een regionale blik vanuit alle modaliteiten samen gedacht wordt; dus niet los vanuit auto of openbaar vervoer en alleen bekeken vanuit Aalsmeer. De bereikbaarheid van Aalsmeer wordt regionaal opgepakt, bijvoorbeeld samen met de Vervoerregio Amsterdam (VRA), de provincie NoordHolland, omliggende gemeenten en vervoerders. Dit gebeurt in lopende trajecten als het Rijk-regio bereikbaarheidsprogramma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (SBaB) en de Bereikbaarheidsagenda Zuidlob VRA. In de Zuidlob-agenda, welke wordt opgesteld samen met gemeenten Amstelveen, Uithoorn en Ouder-Amstel en Provincie Noord-Holland en de VRA, worden de ruimtelijke en mobiliteitsontwikkelingen in de Zuidlob van de VRA in samenhang met elkaar bekeken. Voor de regionale bereikbaarheid van en naar Zuid-Holland is het belangrijk om aansluiting te houden bij Holland-Rijnland, het samenwerkingsverband van de Zuid-Hollandse gemeenten ten zuiden van Aalsmeer.

Ook de bereikbaarheid van belangrijke toeristisch-recreatieve locaties als Aalsmeer Dorp, Westeinderplassen en FloriWorld is van belang, ook dit vraagt om een regionale aanpak. In de voorziene update van de Mobiliteitsagenda wordt, na afronding van alle infrastructuurprojecten, een “Categoriseringsplan Modaliteiten Aalsmeer” opgesteld. In dit plan wordt aangegeven wat de belangrijkste routes zijn voor auto, openbaar vervoer en fiets en wat de functies van de wegen zijn en dit vormt een update van de categoriseringsplannen die bij het Verkeer en Vervoerplan uit 2009 hoorden. 26

Voor een goede bereikbaarheid van Aalsmeer zijn alle modaliteiten van belang en er moeten verbanden tussen de modaliteiten gelegd worden, bijvoorbeeld via vervoersknooppunten. Er moet goed nagedacht worden over de first en last mile: het gedeelte van de reis om bijvoorbeeld van huis naar een openbaar vervoer-halte te reizen of vanaf een openbaar vervoer-halte naar de uiteindelijke bestemming. Een concrete uitwerking hiervan is door bij bereikbaarheidsvraagstukken en gebiedsontwikkelingen in Aalsmeer vanaf het begin van de planvorming vanuit mobiliteit (alle modaliteiten samen) te denken en te bepalen welke rol welke modaliteit in het vraagstuk of de ontwikkeling speelt. Elk gebied en elke ontwikkeling heeft namelijk een eigen specifiek mobiliteitsprofiel en een bereikbaarheidsknelpunt kan op verschillende manieren aangepakt worden. We maken lopen aantrekkelijker en veiliger, onder meer door verbetering van de bestaande routes en aanleg specifieke routes Wanneer gedacht wordt vanuit de voetganger en de fietser (de zogenaamde actieve modaliteiten), moet er wel goed en veilig gelopen (zowel wandelen als hardlopen) en gefietst kunnen worden van, naar en binnen de gemeente Aalsmeer. Er moet comfortabel, frictievrij (zonder obstakels) en veilig gelopen kunnen worden in Aalsmeer.

In de wijk zelf, maar ook naar de belangrijkste voorzieningen, openbaar vervoerhaltes en naar de groengebieden. In 2021 is een uitgebreide weginspectie uitgevoerd. Op basis hiervan worden de komende jaren reeds de meest slechte en onveilige trottoirs aangepakt. Concrete maatregelen voor de komende jaren zijn bijvoorbeeld het verbeteren van de looproutes langs de Machineweg en de Aalsmeerderweg en het aantrekkelijker inrichten van het gebied Van Cleeffkade-Stationsweg-Raadhuisplein, onderdeel van de Centrumvisie Aalsmeer.

Maar om het lopen in Aalsmeer écht aantrekkelijk te maken is er de komende jaren meer nodig. De looproutes naar de belangrijkste Aalsmeerse bestemmingen als winkels, verzorgingscentra en openbaar vervoer-haltes moeten op orde zijn. Dit wordt, als aanvulling op de eerder genoemde weginspectie, nader verkend en moet ertoe leiden dat de komende jaren deze routes eventueel verbeterd worden. Naast verbetering van de bestaande routes, is het ook van belang om bij nieuwe ruimtelijke projecten en herontwikkelingen de loper en fietser een belangrijke plek te geven, hier wordt in uitgangspunt 3 verder op ingegaan.

met voorrang aangepakt worden. Daarnaast kunnen, specifiek voor ouderen met dementie, herkenbare en veilige routes rond de verzorgingstehuizen aangelegd worden. Bijvoorbeeld door samen met de verzorgingstehuizen een dementievriendelijke wandelroute te ontwikkelen die door middel van duidelijk herkenbare symbolen bewegwijzerd is. We versterken de rol van de (e-)fiets in de bereikbaarheid van Aalsmeer De fiets speelt, mede door de opkomst van de elektrische fiets, een steeds grotere rol in de regionale bereikbaarheid van Aalsmeer, voor zowel woon-werk als toeristisch-recreatief verkeer. Ook in Aalsmeer worden elektrische fietsen steeds meer verkocht en zijn er kansen om de (e-)fiets meer te gebruiken voor regionale ritten. Op de elektrische fiets komen bestemmingen tot 15 kilometer ineens binnen fietsbereikbaarheid. Zo zijn vanuit het centrum van Aalsmeer bestemmingen als de Zuidas, Amstelveen en Schiphol/Haarlemmermeer en vice versa prima per (elektrische) fiets bereikbaar. Om de rol van de fiets te versterken, moet ingezet worden op goede fietsverbindingen en voldoende veilige stallingsmogelijkheden.

Aalsmeer gaat de komende jaren vergrijzen, de bevolking van de gemeente wordt gemiddeld steeds ouder. Het aantal ouderen, en mogelijk ook mensen met een fysieke beperking en dementerenden zal verder toenemen en dit vraagt om specifieke maatregelen. Wandelen is voor deze doelgroep gezond en kan er ook voor zorgen dat men fitter blijft en dementie vertraagd wordt. Vooral in de wijken waar veel ouderen wonen en rond de verzorgingstehuizen moet de kwaliteit van de trottoirs in orde zijn en moet er zoveel mogelijk frictie- en obstakelvrij gewandeld kunnen worden. Dit moet 27

Voor de regionale bereikbaarheid van Aalsmeer zijn de MRAfietsroutes tussen Aalsmeer-Amstelveen-Amsterdam en tussen Uithoorn-Aalsmeer-Hoofddorp/Schiphol van belang. Ook de routes richting het zuiden, naar Holland-Rijnland, spelen daarin een rol. Er wordt vanuit deze regio bijvoorbeeld gedacht aan een regionale route vanuit Alphen aan de Rijn / Leimuiden via Kudelstaart naar de Burgemeester Kasteleinweg in Aalsmeer. Dit vraagt om verlenging van de MRA-route Amsterdam-Aalsmeer tot aan Kudelstaart en verder. De regionale routes moeten herkenbaar zijn en moeten ook goed aangesloten worden op het lokale fietsnetwerk.

Ook voor toeristisch en recreatief fietsverkeer zijn goede, fijne routes van belang bijvoorbeeld naar belangrijke bestemmingen als Aalsmeer Dorp, Westeinderplassen, Uiterweg-gebied en FloriWorld. De afgelopen jaren zijn al enkele fietsroutes 28

aangepakt, maar dit netwerk moeten we samen met regionale partners gaan completeren. Zo heeft Haarlemmermeer in haar Netwerkvisie Mobiliteit opgenomen om verbetering van de (langzaam verkeers-)verbindingen over de Ringvaart te onderzoeken, bijvoorbeeld door de pontverbinding bij Rijsenhout te verbeteren door deze vaker / langer te laten varen. Dit kan ook positief zijn voor (de bereikbaarheid van) het Uiterweggebied en de Bovenlanden. De afgelopen jaren zijn al enkele belangrijke fietsverbindingen verbeterd en in het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer (MPP) is het aanpakken van meer hoofdfietsroutes geprogrammeerd voor de komende jaren. Zo worden onder meer de volgende fietsroutes opgepakt: de Kudelstaartseweg in Kudelstaart, de Bilderdammerweg, de route AalsmeerderwegBielzenpad-Wissel-Baanvak en de Hornweg. Qua uitvoering streven we naar fietsroutes waar men comfortabel en veilig kan doorfietsen. Vanuit deze gedachte betekent dit dat we fietspaden daar waar mogelijk vrijliggend aanleggen. Wanneer dit niet mogelijk is, zorgen we voor een goed alternatief waarmee we de fietsers een duidelijke plek geven op de weg. Hierbij valt te denken aan het realiseren van fietsstroken of het toepassen van fietsstraten. Dit zijn straten waar de auto te gast is en waar de fiets het primaire vervoermiddel is.

De Witteweg is bijvoorbeeld als fietsstraat ingericht en we kijken of dat bij andere straten ingevoerd kan worden. Fietsstraten worden alleen aanbevolen als het autoverkeer qua hoeveelheid en functie daadwerkelijk ondergeschikt is aan het fietsverkeer. Waar dit niet van toepassing is, zoals bijvoorbeeld op de Oosteinderweg en de Stommeerweg, passen we brede rode fietsstroken toe om de fietser een duidelijke eigen plek op de beperkte rijbaan te bieden en goed te laten opvallen. Bij rotondes geven we fietsers nadrukkelijk de voorrang en kijken we per locatie wat de doorgaande fietsverbinding is en of er eventueel een rotonde met twee-richtingen fietsverkeer

wenselijk is. Naast het verbeteren en optimaliseren van de fietsroutes, dragen stallingsfaciliteiten bij aan het stimuleren van het fietsgebruik. Door te zorgen voor voldoende stallingsfaciliteiten bij de belangrijkste openbaar vervoer-haltes en bij andere belangrijke voorzieningen als wijk- en winkelcentra en medische clusters wordt het fietsgebruik gestimuleerd, zowel voor de dagelijkse boodschap, als ook voor het woon-werkverkeer. Naast goede routes naar de belangrijkste werklocaties is het ook belangrijk dat op de werklocaties zelf veilig gefietst kan worden. Dat is nog niet overal het geval. Bij (toekomstige) herontwikkelingen op het terrein van Royal Flora Holland en bijvoorbeeld Hornmeer en Schinkelpolder is het belangrijk de fiets meer ruimte te geven. We werken aan een regionaal en lokaal bereikbaar Aalsmeer per openbaar vervoer voor iedereen Tien procent van de verplaatsingen van, naar en binnen Aalsmeer wordt met de bus gedaan, daarmee is het een belangrijke vervoerswijze voor de totale bereikbaarheid van Aalsmeer. Er zijn Aalsmeerders afhankelijk van het openbaar vervoer, bijvoorbeeld omdat ze zelf geen auto of fiets bezitten of slecht ter been zijn, en deze reizigers moeten bediend worden. Het openbaar vervoer moet ook toegankelijk zijn voor iedereen met goede looproutes naar de haltes en veilige en comfortabele haltes.

Streven is dat Aalsmeer zowel regionaal als lokaal goed bereikbaar is via het openbaar vervoer, minstens vergelijkbaar met de kwaliteit van het netwerk van vóór de Covid-19 pandemie. Hoewel de Vervoerregio Amsterdam verantwoordelijk is voor de openbaar vervoerconcessie in de regio Amstelland-Meerlanden, kunnen we met een duidelijke visie wel invloed op het openbaar vervoer uitoefenen. Bijvoorbeeld door te reageren op de jaarplannen van de openbaar vervoer-concessiehouder en ideeën voor aanpassingen van routes en haltes in te dienen en/of zelf uit te voeren.

De regionale busverbindingen worden met de vrijliggende busbaan langs de Burgemeester Kasteleinweg, de nieuwe bushaltes langs deze weg en de nieuwe halte bij Royal Flora Holland/FloriWorld sterk verbeterd. Voor de regionale bereikbaarheid streven we naar hoogfrequente bussen (6 tot 8 keer per uur) vanuit Aalsmeer naar Amstelveen / Amsterdam en Uithoorn / Schiphol. Deze moeten goed aangesloten blijven op andere lijnen van het openbaar vervoer. De bus/ tramhalte Sacharovlaan in Amstelveen wordt de komende jaren ontwikkeld tot Mobiliteitshub en hier kan vanuit Aalsmeer overgestapt worden van de bus op de Amsteltram en vice versa. Aansluiting op station Hoofddorp en het nieuw te ontwikkelen OV-knooppunt Schiphol-Zuid is ook van groot belang. Er is momenteel geen directe verbinding met de bussen die in ZuidHolland (Holland-Rijnland) rijden terwijl er wel vervoersverbanden zijn. We gaan daarom opties voor het koppelen van de beide openbaar vervoer-concessies onderzoeken. Belangrijke aandachtspunten in regionaal openbaar vervoer zijn de sterk gewenste frequentieverhoging van R-net in Kudelstaart en de 29

realisatie van een halte Greenpark/Nieuw Oosteinde Zuid in de R-net verbinding Uithoorn-Aalsmeer-Schiphol. Dat laatste knelpunt kan mogelijk verminderen of opgelost worden na opening van het openbaar vervoerknooppunt Schiphol-Zuid. Samen met de Gemeente Haarlemmermeer wordt dat in de gaten gehouden. Inzet op regionale verbindingen heeft er voor een aantal wijken toe geleid dat de lokale bereikbaarheid verminderd is. Dit doordat buslijnen op grotere afstand zijn komen te liggen en/of haltes opgeheven zijn en zijn vervangen door haltes op grotere afstand van de wijk. Waar de kwaliteit van het openbaar vervoer verslechterd is, onderzoeken we in samenwerking met de VRA en de openbaar vervoer-concessiehouder hoe we kunnen komen tot fijnmazige openbaar vervoer-systemen die zoveel als mogelijk wijken/gebieden bedienen die ver van bushaltes af zijn komen te liggen. Er wordt een dekkingskaart gemaakt om gebieden te identificeren waar de openbaar vervoer-bereikbaarheid verbeterd kan worden. Er zijn diverse opties mogelijk: een kleine bus die door vrijwilligers wordt gereden (‘wijkbus’), integratie van openbaar vervoer met Wet maatschappelijke ondersteuningvervoer/personeelsvervoer of nieuwe ontwikkelingen als ANWB Automaatje.

Er wordt allereerst ingezet op een fijnmazige openbaar vervoer-oplossing die de wijken Hornmeer, Stommeer en Aalsmeer Dorp met elkaar verbindt en het streven is ook om Nieuw-Oosteinde en grotere woon/verzorgingshuizen aan te doen. Aalsmeer kent tenslotte lange linten/lintbebouwing langs wegen waar geen (hoogfrequente) bus rijdt. Gekeken wordt of voor dit soort gebieden ook ‘vervoer op maat’ een optie biedt en financieel haalbaar is. Door in te zetten op sneller regionaal busvervoer zijn de afgelopen jaren niet alleen buslijnen, maar ook enkele bushaltes verdwenen, dit kan leiden tot een grotere reisafstand naar een bushalte. Het is daarom extra belangrijk om de bushaltes die er nog zijn goed bereikbaar te maken voor

iedereen en er moeten, indien hier ruimte voor is, voldoende (diefstalbestendige) stallingsfaciliteiten zijn voor fietsen. Het moet er bij voorkeur comfortabel (beschut) wachten zijn, er moet drempelvrij ingestapt kunnen worden en onderzocht wordt of er bij de drukste haltes en haltes nabij de grote werklocaties voorzieningen als fietskluizen, pakketwanden en deelfietsen¹ toegevoegd kunnen worden. Belangrijk is om te kijken of het aantal haltes met deelfietsen voor de zogenaamde “last mile” uitgebreid kan worden, mogelijk ook in combinatie met een werkgeversaanpak bij de belangrijkste werklocaties. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen is het van belang dat er vanaf het begin een goede aansluiting op het openbaar vervoer is. Sowieso moeten de loop- en fietsroutes naar de openbaar vervoer-haltes goed zijn, maar er kan ook met de VRA overlegd worden over mogelijk nieuwe haltes of het opwaarderen van bestaande haltes met meer voorzieningen. Dit geldt bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van de Oosteinderdriehoek: hier moet goed gekeken worden hoe de nieuwe wijk aangesloten kan worden op het bestaande en mogelijk ook toekomstige openbaar vervoer.

In de in 2020 uitgevoerde studie Bosrandweg/Fokkerweg is aangegeven dat mogelijk kan worden gekomen tot een betere regionale openbaar vervoer-verbinding vanaf Amstelveen-Zuid (Sacharovlaan), Nieuw-Oosteinde Noord, via de Bosrandweg (Oosteinderdriehoek, Schinkelpolder) naar Schiphol. Door de Covid-19 pandemie heeft het openbaar vervoer het (tijdelijk) zwaar gekregen: een tijdlang mocht niet of nauwelijks met het openbaar vervoer gereisd worden en dat heeft gezorgd voor een toename van het auto- en fietsgebruik. Nog niet duidelijk is of de oude (en nieuwe) openbaar vervoer-reizigers het openbaar vervoer wel weer weten te vinden en hoe het openbaar vervoer zicht ontwikkelt, daarom gaat hier in de geplande update van de Mobiliteitsagenda in 2024/2025 naar

30 ¹ In Aalsmeer en Amstelveen zijn, als onderdeel van de openbaar vervoer-concessie, al deelfietsen geplaatst. In Aalsmeer op de halte Hortensiaplein.

gekeken worden. De bereikbaarheid per auto blijft op orde, tegelijkertijd verleiden we automobilisten om vaker via de andere vervoerwijzen te reizen en de spits te mijden De autobereikbaarheid van Aalsmeer en omgeving is van groot belang. De auto is het meest gebruikte vervoermiddel in Aalsmeer en de verwachting is dat dit ondanks het stimuleren van andere modaliteiten zo zal blijven. Het is daarom van belang dat de bereikbaarheid per auto op orde blijft en dat al dan niet verwachte knelpunten worden opgepakt en waar mogelijk verbeterd. Dit betekent dat we voor de auto inzetten op de regionale bereikbaarheid om Aalsmeer goed te kunnen ontsluiten op provinciale wegen en rijkswegen en kijken naar de lokale bereikbaarheid als het gaat om verkeersveiligheid, leefbaarheid en gezondheid. Daarnaast zetten we in op een totale autobereikbaarheid van Aalsmeer, door te kijken hoe we andere modaliteiten aantrekkelijker kunnen maken en door ze zo veel mogelijk buiten de spitstijden te laten reizen, het zogenaamde beter benutten van de infrastructuur. Dit wordt

verder uitgewerkt in het derde uitgangspunt. De regionale autobereikbaarheid is de afgelopen jaren verbeterd door de aanleg van de N201. De N201 vormt de belangrijkste oost-west verbinding, met de N231 (LegmeerdijkBosrandweg) als alternatief en als omleidingsroute wanneer bijvoorbeeld de Waterwolftunnel afgesloten is. De N231 en de Aalsmeerderweg vormen de belangrijkste noord-zuidroutes. Daar tegenover staat dat de voormalige provinciale weg N196, nu de Burgemeester Kasteleinweg, is afgewaardeerd en geen doorgaande functie meer kent. Ook zien we dat de N231-Zuid, in een situatie van autonome groei naar 2030 toe, mogelijk te weinig capaciteit heeft om verkeer naar en met name vanuit Kudelstaart goed te kunnen ontsluiten op de kruispunten met de Bachlaan, de Mijnsherenweg en de Hoofdweg. Met geplande ruimtelijke ontwikkelingen in dit gebied zal dit verder toenemen. Van belang in dit kader is bijvoorbeeld dat in overleg met Provincies Noord-Holland en Zuid-Holland, Vervoerregio Amsterdam, Gemeente Uithoorn en regio Holland-Rijnland wordt gekeken naar oplossingen. doorstroming van en om de N231, oftewel het inzetten op routes die we geschikt achten voor de auto. We willen een robuuste en verkeersveilige ontsluiting en willen ontmoedigen dat verkeer uitwijkt naar routes zoals de route langs de Kudelstaartseweg-Stommeerweg-Van Cleeffkade.

De komende jaren vinden een aantal grote projecten plaats die de (lokale) bereikbaarheid van Aalsmeer verder veranderen, zoals de aanleg van de Burgemeester Hoffscholteweg en de verlengde Molenvlietweg en de aanpassing van de Middenweg. Deze wegen zijn belangrijk voor een goede ontsluiting van lokaal verkeer op het bestaande hoofdwegennet. Daarnaast worden in het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte wegen benoemd die in de periode van 2021-2024 worden opgepakt, zoals de Ambachtsheerweg, Rietwijkeroordweg-Noordpolderweg en een reconstructie van de Machineweg. Hiervan vindt jaarlijks een 31

actualisatie plaats. Zo houden we ook de lokale wegen op orde. Door verandering van de functie van wegen, zoals de Burgemeester Kasteleinweg, en de vele werkzaamheden die nu en de komende jaren nog plaatsvinden, zien we dat er nu nog veel verkeer op lokale wegen zit die niet geschikt worden geacht om een dusdanige hoeveelheid verkeer te verwerken. Het doorgaande verkeer ten opzichte van Aalsmeer en Kudelstaart is inmiddels wel grotendeels naar de N201 verplaatst, maar over de Burgemeester Kasteleinweg en de Aalsmeerderbrug reed en rijdt ook veel verkeer met een herkomst of bestemming in Aalsmeer en Kudelstaart. Door de afwaardering van de Burgemeester Kasteleinweg wijkt dit verkeer uit naar lokale alternatieve routes. Voor hen is omrijden via de N201 en de N231 lang niet altijd een interessant alternatief, zeker niet op het moment dat de N231-zuid te weinig capaciteit kent en filevorming tot gevolg heeft in de spitsen. De projecten die nu in uitvoering zijn en op stapel staan de komende jaren, hebben invloed op de bereikbaarheid van Aalsmeer. Na afronding van de verschillende werkzaamheden zal blijken hoe het verkeer zich uiteindelijk gaat verplaatsen, waar bestaande knelpunten zwaarder worden belast en waar nieuwe knelpunten ontstaan (ook met betrekking tot verkeersveiligheid) en of dit vraagt om aanvullende maatregelen.

Op het moment dat de “nieuwe” wegenstructuur staat, maar uiterlijk in de evaluatie die gepland staat voor 20242025, volgt een update.

32

We werken aan slimmer, efficiënter en schoner vrachtvervoer om de doorstroming te verbeteren en de overlast te beperken Aalsmeer is een bedrijvige gemeente met veel werkgelegenheid, dit zorgt voor veel transportbewegingen. Het zijn niet alleen de zware vrachtwagens van de veiling, de kassen, de scheepsbouw en hieraan gelieerde bedrijvigheid die door Aalsmeer rijden, maar het gaat ook om bevoorrading van winkels en horeca en het bezorgen van pakketten aan huis. De logistieke stromen mogen niet leiden tot doorstromingsproblemen en voorkomen moet worden dat (zware) logistiek door de woongebieden gaat, dit beïnvloedt de leefkwaliteit negatief. Zware transportbewegingen Voor de grote stromen, de zware transportbewegingen, is de afgelopen jaren door de aanleg van de N201 een betere, meer betrouwbare en minder overlastgevende regionale verbinding ontstaan. De voorkeursroute van het zware transport richting de snelwegen A4 en A9 is via de N201. Mocht de Waterwolftunnel vanwege een calamiteit of vanwege onderhoud dicht zijn , dan is er de alternatieve route via de Legmeerdijk en de Bosrandweg (N231) naar de A9. Er wordt gestimuleerd om de vrachtwagens

via de N201 te laten rijden. Vanaf het terrein van Royal Flora Holland wordt de verbinding met de N201 bijvoorbeeld verder versterkt door de aanleg van de Ongestoord Logistieke Verbinding en door afwaarderen van de Burgemeester Kasteleinweg is doorgaand verkeer over de oude N201 niet meer mogelijk. Er is echter ook vrachtverkeer dat in Aalsmeer of Kudelstaart zelf moet zijn en deze bewegingen moeten ook niet tot overlast leiden in de vorm van congestie, hinder en verminderde verkeersveiligheid. Hier ligt een rol voor ons om deze wegen veilig te houden, maar ook van de ondernemers zelf om het transport efficiënter te maken. Er lopen op regionale schaal verschillende trajecten om de logistieke bereikbaarheid te verbeteren, hier werkt Aalsmeer actief aan mee. Bij het MRA-traject Connected Transport Corridors Amsterdam Westkant zijn bijvoorbeeld Aalsmeerse bedrijven betrokken. Door het breed delen van logistieke data wordt in dit traject real-time doorgegeven wanneer de meeste transportstromen plaatsvinden en vervolgens kunnen slimme verkeersregelinstallaties het vrachtverkeer meer voorrang geven op de N201-route. Dit leidt tot stimuleren om de N201 te gebruiken, betere doorstroming in Aalsmeer en minder overlast en tijdverlies.

Vanuit hetzelfde traject wordt gekeken of er in de MRA een modal shift mogelijk is van goederenvervoer over de weg naar vervoer over het spoor en het water. Voor Aalsmeer houdt dit concreet in dat gekeken wordt wat de potentie van de Ringvaart om de Haarlemmermeer is voor de logistiek. Dit kan kansen opleveren voor bedrijven die direct aan de Ringvaart gevestigd zijn als aan bedrijven in de nabijheid, bijvoorbeeld op Green Park. Samen met het bedrijfsleven wordt gekeken wat deze kansen zijn en hoe deze concreet gemaakt kunnen worden. Tenslotte wordt er op landelijke schaal onderzoek gedaan naar de Hyperloop / Cargoloop: een nieuwe snelle manier van vervoer van goederen door een buis die boven en/of onder de grond wordt aangelegd. De route AalsmeerSchiphol-Westland is een concreet te onderzoeken route binnen dit traject.

Stadslogistiek Op het vlak van de stadslogistiek heeft de Covid-19 pandemie een reeds lopende trend versneld: het aantal pakketbezorgingen aan huis is sterk gegroeid. Dit leidt tot veel extra verkeersbewegingen en mogelijke congestie in de smalle woonstraten. Daarnaast zorgt bevoorrading van winkels en horeca ook voor overlast. Om de gevolgen hiervan te verminderen heeft Aalsmeer in 2019 de MRA Green Deal Zero Emissie Stadslogistiek (ZES) ondertekend. In dit traject wordt gekeken hoe de stadslogistiek zo schoon mogelijk kan worden: niet alleen met schonere voertuigen, maar ook met minder transportbewegingen en slimme oplossingen. Zo kan samen met het bedrijfsleven en Amstelveen en Uithoorn en HollandRijnland gemeenten gekeken worden naar de kansen voor een regionale (stads)logistiek hub, bijvoorbeeld op het terrein van Royal Flora Holland of op Green Park om vanuit daar de gemeenten te bevoorraden. Daarnaast wordt er gekeken naar het realiseren van pakketwanden en pakketophaalpunten in de gemeente, bijvoorbeeld bij winkelcentra, belangrijke openbaar vervoer-haltes of in grote gebiedsontwikkelingen als de Oosteinderdriehoek. Deze ontwikkelingen zorgen voor bundeling van de logistieke stromen en voor een verlaging van het aantal (transport)bewegingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=c4840855-0d54-4e31-a65b-7010a285966a