CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 23 Nota beantwoording zienswijzen geanonimiseerd.pdf

3.Raad (besluitvormend) 2 december 2021, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Herstelbesluit bestemmingsplan ‘Fort Kudelstaart’21.181 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Een tekort aan hotelkamers in de MRA is voorlopig niet aan de orde, waarmee de onderbouwing voor de

Zakelijk gebruik wordt inderdaad in de Agenda niet benoemd. Dit beleidsstuk is dan ook met name van toepassing op de reguliere (dag)horeca, zijnde het restaurant, de bar of het museumcafé. De reguliere horecavoorzieningen (maar ook de vergaderfaciliteiten) zijn wel daadwerkelijk gerelateerd aan de waterrecreatie, want er wordt namelijk een clubhuis voor de jachthaven en zeilerslounge gerealiseerd. De Agenda Economische Zaken Aalsmeer 2016 – 2020 geeft echter wel aan dat er behoefte bestaat aan meer congresfaciliteiten in Aalsmeer.

De ontwikkeling van een restaurant, bar en café sluit wel aan op het gemeentelijk beleid dat pleit voor meer horeca aan het water (zie de beantwoording van de zienswijze onder 51). Wat betreft de congreslocaties wordt inderdaad niet specifiek het Fort benoemd, maar het fort is hier wel de uitgelezen locatie voor. De gemeente stuurt namelijk op meer kwalitatief goede voorzieningen voor zowel zakelijke als toeristische doelgroepen. Het fort is als congresvoorziening, in tegenstelling tot de meeste congresvoorzieningen in (onaantrekkelijke, uniforme) hotels in de omgeving, een locatie die écht kwaliteit heeft en waarbij de historie echt kan worden beleefd. Het klopt dat de vraag naar hotelkamers momenteel fors is afgenomen. Op basis van meerdere onderzoeken (o.a. NBTC en Rabobank) wordt verwacht dat na de coronacrisis de markt zich weer binnen twee tot drie jaar zal herstellen en de vraag naar hotelkamers dan weer op hetzelfde niveau liggen als voor de crisis. Desalniettemin bestaat er buiten de harde plannen in de MRA een enorme vraag naar hotelkamers. Ook al zouden alle 1.813 kamers alsnog worden gerealiseerd, dan bestaat er dus nog steeds marktruimte voor het toevoegen van hotels.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

blz. 24

kwantitatieve behoefte is verdwenen. 53. Vanwege gemeentelijk beleid, waaronder de tender en Erfpachtovereenkomst, kan horeca (zoals vergaderruimten, congres/feestzalen) geen hoofdfunctie vervullen. Dit heeft gevolgen voor de beoordeling op kwalitatieve aspecten.

54. De hotelkamers leveren volgens indieners zienswijze geen aantoonbare kwaliteitsimpuls voor de directe omgeving. De nodige zorg voor het herstel van Fort Kudelstaart is deels al ingevuld door de consoliderende restauratie in opdracht van de gemeente Aalsmeer. Daarnaast kan een andere invulling, niet zijnde horeca, een kwaliteitsimpuls geven aan het fort. Dat een hotel een ontmoetingsplek wordt voor passanten en bewoners is onzin. 55. In de ruimtelijke criteria wordt vermeld dat de komst van het hotel geen grote verkeersaantrekkende werking meebrengt. Ook zal er geen inbreuk worden gedaan op het woon- en leefklimaat. Hier wordt de grote verkeersaantrekkende werking van de vergader/congres/feestzalen vergeten, welke eerder een pré waren om hotelkamers te willen realiseren. Bij het kopje 'functiemenging' wordt dit wel weer erkend. Het totaalconcept zal wel degelijk veel verkeer meebrengen, waarbij de parkeergarage niet toereikend is. De inbreuk op het woon- en leefklimaat is onacceptabel groot.

In het rapport van Bureau Stedelijke Planning is het beoogd programma aan de nieuwe stedelijke functies onderbouwd aan de Ladder en is niet de tender en Erfpachtovereenkomst getoetst. Daarbij is de horeca – zie tevens de beantwoording onder 50, waarin is aangegeven dat er beperkingen in de regels voor de hotel- en horecafunctie zijn opgenomen- geen hoofdfunctie. Overigens wordt door indiener zienswijze ook niet toegelicht op welke kwalitatieve aspecten dit punt uit de zienswijze betrekking heeft. Het hotel zelf is geen ontmoetingsplek, maar de horecavoorzieningen zijn dit wel. Hier komen toeristen, bewoners, zeilrecreanten en passanten bijeen om te genieten van het fort of hun fiets/vaarroute te starten of af te sluiten. De hotelkamers zorgen ervoor dat de bijzondere cultuurhistorische waarde van het fort door veel meer mensen en voor langere tijd kan worden beleefd dan alleen de eigen inwoners.

Nee

De verkeersaantrekkende werking van het hotel is beperkt omdat er maar 28 kamers voorzien zijn. Voor de vergader/congres/feestzalen geldt inderdaad een iets grotere verkeersaantrekkende werking. Echter is dit geen structurele (dagelijkse) maar eerder een incidentele verkeersstroom, en is in het verkeersonderzoek van Goudappel Coffeng aangetoond dat de huidige infrastructuur dit aankan en dat bij een maximale planologische invulling kan worden voorzien in voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein. Het is mogelijk dat er op grond van een evenementenvergunning en een omgevingsvergunning afwijken gebruik incidenteel een evenement plaatsvindt met een groter bezoekersaantal. In dat geval kan de inzet van pendeldiensten als voorwaarde worden gesteld. Echter geldt hierbij dat, door de beperkte

Nee

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

blz. 25

56. V.w.b. de behoefte aan horeca en vergaderfaciliteiten merkt indiener zienswijze op dat in haalbaarheidsonderzoek 'eerste verkenning van de mogelijkheden van herontwikkeling van Fort Kudelstaart' wordt aangegeven dat vermeden moet worden dat de horeca op het fort de concurrentie aangaat met het Westeinder paviljoen. Het blijkt dat, zoals voorgesteld in het ontwerpbestemmingsplan, en zoals vermeld in dit rapport, dit wel degelijk dreigt te gebeuren: het Westeinder paviljoen (tegenwoordig On the Rock geheten) biedt vergaderfaciliteiten, feestzalen, restaurant, café aan het water voor de recreatieve en zakelijke markt. Zelfs bootverhuur behoort tot de mogelijkheden. Aangezien zowel het Westeinder paviljoen als Fort Kudelstaart deel uitmaken van het grotere geheel 'Waterfront' is dit een zeer onwenselijke situatie. Door Fort Kudelstaart te herontwikkelen met een watersport functie met ondergeschikte horeca (zoals bedoeld), kan deze situatie worden voorkomen. 57. De effecten van de corona-crisis worden in dit rapport erg positief ingeschat en zijn, ondanks de lange beargumentering, op aannames gebaseerd. De realistische verwachting dat de effecten van de coronacrisis ten tijde van opening van Zeilfort

overnachtingsmogelijkheden, de bezoekers ook weer zullen vertrekken. Het totaalconcept zorgt inderdaad voor een toename van de verkeersstromen naar het fort, echter zal dit niet ten koste gaan van de leefbaarheid van de inwoners. Zie tevens de beantwoording van deze zienswijze onder 69. De gemeente is regisseur van een goede ruimtelijke ordening en mag niet economisch ordenen. Een zekere concurrentie is ook gezond, zoals in het geval met het Westeinder Paviljoen. Daarbij sluit de ontwikkeling van meer waterrecreatie gerelateerde horeca aan op het gemeentelijk beleid. De aantrekkelijkheid van het meer en het ‘Waterfront’ wordt juist vergroot door een aantrekkelijk en gevarieerd horeca aanbod te creëren. Daarbij kent juist het Westeinder Paviljoen een gunstige positie ten opzichte van het zwemstrand en de surfschool, terwijl het fort meer inspeelt op de (zeil)boten. De twee voorzieningen kunnen elkaar hierin prima aanvullen en versterken.

Het klopt dat de effecten van de coronacrisis op de lange termijn onduidelijk zijn en dat de hotel- en horecasector hard zijn geraakt. Bureau Stedelijke Planning, maar ook alle andere marktonderzoeksbureaus, beroepen zich daarom op de prognoses van (onafhankelijke) bronnen, zoals het NBTC en de Rabobank. In beide prognoses

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

Nee

blz. 26

Kudelstaart zijn uitwerkt is daarmee niet juist. De vraag naar vergaderfaciliteiten zal, zoals vermeld, trager reageren, maar ook hier is een inschatting onmogelijk. Bijkomstig feit is dat de opdrachtgever tevens initiatiefnemer van de toekomstplannen is: “de slager keurt zijn eigen vlees”. Indieners zienswijze zijn van mening dat, wanneer de vraag weer aantrekt, dit pas als laatst aan de randen van de MRA zal gebeuren, waardoor de vraag naar hotelkamers en vergader-, congres- en feestzalen op Fort Kudelstaart niet aanwezig is. 58. Paragraaf 6.2 is een indicatief (programma)advies en maakt geen deel uit van de ladderonderbouwing. Verzocht wordt daarom dan ook deze paragraaf te verwijderen uit de bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan. De doorkijk naar 40 hotelkamers, de druk om 24/7 een zo groot mogelijk aanbod te bieden en de referentie naar Fort Resort Beemster geven aan dat de voorgeschreven invulling van Fort Kudelstaart, een watersportfunctie met ondergeschikte horeca, nu al niet gerealiseerd wordt en liefst nog meer overschreden. 59. Een deugdelijke onderbouwing als bedoeld in artikel 3.1.6 lid 2 in samenhang met artikel 1.1.1 lid 1 onder i Bro ontbreekt derhalve, zodat van de voorgenomen bestemmingsplanwijziging behoort af te worden gezien. 60. Ten aanzien van bijlage 2, het onderzoek luchtkwaliteit wordt in hoofdstuk 3, situatieoverzicht, gemeld dat er voor ca.

gaat men uit van een hersteltijd van twee tot drie jaar, waarbij eerst het binnenlands toerisme opveert en later ook weer het internationaal toerisme en zakelijk verkeer. In aanvulling daarop kan worden vermeld dat Zeilfort Kudelstaart een kwalitatief hoogwaardig en kleinschalig boetiekhotel wordt, dat daadwerkelijk iets toevoegt aan het huidige bestaande aanbod. Juist in de Coronaperiode is de consument op zoek gegaan naar meer kwalitatief hoogwaardige en sfeervolle onderkomens. Tevens wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 23.

Het programma-advies maakt inderdaad geen onderdeel uit van de ladderonderbouwing, maar kan wel als aanvulling worden gezien over de haalbaarheid van het voorliggende plan en programma. De ladderonderbouwing geeft namelijk nu al aan dat er een zwaar tekort is aan hotelkamers in de MRA en dat een dergelijk kwalitatief onderscheidend hotelconcept zeer gewild is. De uitbreidingsruimte die de ladder aantoonde laat zien dat er eventueel ruimte is om de 28 kamers uit te breiden naar 40 kamers. Aan een mogelijke uitbreiding tot 40 kamers waarop in het rapport wordt ingegaan komt hoe dan ook geen zelfstandige betekenis toe, aangezien het bestemmingsplan het aantal hotelkamers maximeert tot 28. Er is wel degelijk voldaan aan de eisen zoals gesteld in artikel 3.1.6 lid 2 en artikel 1.1.1 lid 1 onder i Bro. Immers, de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte (zie paragraaf 5.4) en de behoefte wordt voorzien binnen bestaand stedelijk gebied, door transformatie van het voormalige fort (zie hoofdstuk 2). Mede n.a.v. deze zienswijze is het onderzoek luchtkwaliteit geactualiseerd (zie bijlage Buro Blauw, 16 oktober 2020, toets luchtkwaliteitseisen Zeilfort

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

Nee

Ja, het geactualiseerde onderzoek Buro Blauw, 16 oktober 2020, toets

blz. 27

160 auto's parkeervoorzieningen worden gerealiseerd. Het ontwerpbestemmingsplan spreekt echter over een parkeergarage van 150 tot 235 auto's, met nog 25 extra plaatsen op het fortterrein. Paragraaf 4.2.3 verwijst wel weer naar het verkeersonderzoek, met ca. 230 parkeerplaatsen. Toch wordt er gerekend met 150 voertuigen, waarbij wij betwisten dat dit een overschatting van de situatie zou zijn. Een worst-case-scenario wordt duidelijk niet onderkent. Tabel 4.3 geeft daarom een te lage inschatting weer van de emissies als gevolg van het parkeren. Tabel 4.3 houdt ook geen rekening met emissies als gevolg van de neveneffecten die optreden bij het wegrijden of oprijden van het fortterrein. Door de huidige verkeerssituatie met verkeerslichten, smalle weg, en krappe toegangsweg geeft dit verkeersopstoppingen. Dit effect treedt al op vanaf een groep van ca. 5 auto's of meer (huidige ervaring). Met de verwachte toename aan autoverkeer (nu te laag ingeschat) zullen verkeersopstoppingen eerder regel dan uitzondering zijn. De emissies ten gevolge van de vervoersbewegingen zijn daarmee hoger dan vermeld in dit onderzoek. De conclusie van deze toets aan de luchtkwaliteitseisen is daarmee onbetrouwbaar.

In het Onderzoek luchtkwaliteit wordt géén melding gemaakt van het voornemen een parkeergarage aan te leggen welke geheel ondergronds zal zijn, zie 3.2 programma parkeergarage ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart. Om te komen tot een deugdelijk luchtkwaliteitsonderzoek zal

Kudelstaart B.V.). Ook uit dit aanvullende onderzoek, waarin ook de ondergrondse parkeerplaatsen zijn opgenomen, blijkt dat er kan worden voldaan aan de vereisten van de Wet luchtkwaliteit. Tevens wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 23.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

luchtkwaliteitseisen Fort Kudelstaart B.V wordt als bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan opgenomen. Paragraaf 6.1. van de toelichting wordt aangevuld met de conclusies uit het geactualiseerde onderzoek.

blz. 28

men ook de ventilatie van de parkeergarage moeten opnemen. De luchtafvoer van een parkeergarage kan voor een piekbelasting zorgen in emissie van schadelijke gassen en stoffen. Er wordt in het rapport gesproken over parkeergelegenheid, niet over een parkeergarage. Ook hier is er sprake van een onvolledig, onjuist en misleidend rapport. Bijkomstig feit is dat een contactpersoon tevens initiatiefnemer van de toekomstplannen is. Dit rapport zou dus als zodanig niet mogen worden opgevoerd bij de bestemmingsplan wijziging. 61. Indiener zienswijze verwijst naar het rapport van Royal Haskoning DHV, met kenmerk BG3219TPNT1909041314, d.d. 12 september 2019. Dit rapport is opgesteld ten behoeve van geluidsonderzoek voor parkeerterrein Vrouwentroost als onderdeel van project Waterfront. Het onderzoeksgebied overlapt het onderzoeksgebied van Fort Kudelstaart, aangezien de woningen aan de Kudelstaartseweg nr. 81, 83, 97, 99, 99a en 101 in beide rapporten worden vermeld. In de VNG-publicatie “bedrijven en milieuzonering” worden twee gebiedstypen onderscheiden. Het rapport van Royal Haskoning DHV stelt het gebied vast als “rustige woonwijk”, het rapport van Valersi als “gemengd gebied”. De onderbouwing van bureau Valersi is niet correct: overwegend agrarische bedrijvigheid is niet aanwezig, en de woningen liggen niet onder de aanvliegroute van Schiphol.

Gelet op de mate van functiemenging betekent dit dat het gebiedstype voor het gebied

De door indiener zienswijze gemaakte vergelijking gaat niet op. De ontwikkeling voor het Waterfront, in de directe omgeving van woningen, vindt plaats op een andere locatie dan de onderhavige. Mede naar aanleiding van deze zienswijze heeft Valersi aanvullend onderzoek verricht, waarin tevens een beantwoording op de ingekomen zienswijze is opgenomen (zie bijlage Valersi, Akoestisch onderzoek, versie 22 oktober 2020 en specifiek het addendum zienswijze, waarin uitgebreid wordt ingegaan op de beantwoording). Uit dit onderzoek blijkt dat indien wordt uitgegaan van ‘ de meest geluidbelastende dag’ van het jaar er kan worden voldaan aan de geluidnormen. Dat brengt met zich dat bij alle andere denkbare scenario’s ook aan de geluidnorm kan worden voldaan. Wel worden naar aanleiding van verdere planvorming en mede gelet op de akoestische situatie de terrassen specifiek vastgelegd op de verbeelding/ in de regels. Ook wordt geborgd dat versterkte muziek op deze terrassen niet is toegestaan, met uitzondering van een terras op het Terreplein. Tevens zal het laden en lossen plaats vinden op het dijklichaam, waarvoor aanvullend akoestisch onderzoek heeft plaatsgevonden. Voor deze aanpassingen wordt verwezen naar de ‘Staat van Wijzigingen’. Tevens wordt

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Ja, bijlage Valersi, Akoestisch onderzoek, , versie 22 oktober 2020 wordt als bijlage bij de toelichting opgenomen. Paragraaf 6.2 wordt aangevuld met de conclusies uit het geactualiseerde onderzoek. Terrassen worden nader vastgelegd op de verbeelding. In de regels wordt geborgd dat op terrassen geen versterkte muziek is toegestaan, behoudens het terras op het Terreplein. Voor dit laatste terras blijkt uit het akoestische onderzoek dat versterkte muziek hier mogelijk is tot max. 90 dB(A) en maximaal 3

blz. 29

vastgesteld moet worden als “rustige woonwijk”, zoals het bureau Royal HaskoningDHV heeft gedaan. Er zal dus met andere geluidsnormen gerekend moeten worden. Er hebben geluidsmetingen plaatsgevonden van vrijdag 10 januari 2020 13:00 t/m maandag 13 januari 2020 9:00. Duidelijk is dat, wanneer de geluidsmetingen stoppen, de ochtendspits net begonnen is. Dan is de grootste geluidsbelasting gemeten. Met de komst van grootschalige horeca en vele evenementen zal spreiding over de dag/avond/nacht van verkeer wezenlijk veranderen. Een nieuwe spitstijd na 23:00, tegen sluitingstijd, is aannemelijk. Hier wordt geen aandacht aan besteed in het onderzoek. De geluidsberekeningen hebben betrekking op de geluidsbelasting op de gevels van de omliggende woningen. De geluidsmetingen zijn echter gedaan door te meten ca. 1 m boven het dak van het fort. Dit is naar de mening van indieners zienswijze niet representatief voor de geluidsbelasting voor de omliggende woningen. Ook zijn niet alle omliggende woningen meegenomen in de berekeningen. In de berekening wordt uitgegaan van een geluidsniveau van 90 dB(A) bij feesten in de poterne of bar als maximaal wenselijk. Aangezien de ruimtes ook voor bruiloften, feesten enz. gebruikt kunnen worden is het noodzakelijk om uit te gaan van het gangbare maximale geluidsniveau van 103 dB(A) voor een feestzaal.

Het worst-case-scenario gaat uit van een capaciteit van de parkeergarage van 150 auto's. In het

verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 23.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

geluidbronnen tot een maximale bronhoogte van 1 m boven het maaiveld (zie blz. 20 akoestisch onderzoek i.c.m. de afbeelding op pagina 108 van het akoestisch onderzoek, dat van 3 geluidbronnen (7a, 7b, 7c) op deze locatie uitgaat. Zie tevens de Staat van Wijzigingen op dit onderdeel en de voorgestelde regeling in de regels van het bestemmingsplan.

blz. 30

ontwerpbestemmingsplan wordt echter gesproken van een capaciteit van 235 auto's, met daarbij nog 25 extra parkeerplaatsen op het fortterrein. Het onderzoek zou deze maximale capaciteit moeten meenemen in de berekeningen. Indien er meerdere auto's achter elkaar het fortterrein betreden of verlaten geeft dit, in combinatie met de verkeerslichten en smalle weg, verkeersopstoppingen. Dit effect treedt al op vanaf een groep van ca. 5 auto's of meer (huidige ervaring). Met de verwachte toename aan autoverkeer (toename van 971 verkeersbewegingen per etmaal wat zelfs te laag is ingeschat, gezien de te lage capaciteit van de parkeergarage) zullen verkeersopstoppingen eerder regel dan uitzondering zijn. Het akoestisch onderzoek kijkt enkel naar verkeersbewegingen ten behoeve van het fort binnen 100 meter vanaf de toegangsweg. Er wordt daarmee voorbij gegaan aan de geluidsproductie van optrekkende/remmende auto's bij de verwachte verkeersopstoppingen op de Kudelstaartseweg. Daarmee is dit akoestisch onderzoek dus niet toereikend. Voor het terras bij de zeilerslounge wordt ervan uitgegaan dat er op normaal volume gesproken wordt, door zittende personen. Een andere aanname is dat luider roepen niet gepast is en daar door de exploitant tegen opgetreden zou moeten worden.

Dit is niet realistisch: bezoek van een terras bij een bar zal voornamelijk staan, en met het nuttigen van alcohol zullen de stemvolumes omhoog gaan. Voor de berekeningen van stemgeluid en muziek op het buitenterrein

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 31

zijn de aannames niet correct: men gaat uit van één buitenruimte. Terwijl in de Projectomschrijving artikel 3.1 van het ontwerpbestemmingsplan er op drie plaatsen terrassen ingetekend staan. Deze zijn gelegen aan de kant van het restaurant en de kant waar de woningen met huisnummers 115, 117 en 119 gelegen zijn, welke bovendien niet in dit onderzoek zijn meegenomen. Ook hier wordt het stemvolume erg laag ingeschat, men gaat uit van spreken met verheven stem. Terwijl luid praten en roepen (door alcohol gebruik en muziek volume) realistisch is. Ook hier is het optreden van de exploitant niet realistisch. Hier wordt in dit akoestisch onderzoek geen rekening mee gehouden. Voor het komen en gaan van boten naar de passantenhaven, wordt de aanname gedaan dat dit veelal zeilboten zijn of elektrisch aangedreven. Ook dit is een onjuiste aanname: de aanlegplaatsen kunnen niet zeilend bereikt worden, zodat de zeilboten met behulp van de motor zullen varen. Het aantal elektrisch aangedreven boten zal minimaal zijn, gezien de over het algemeen lange vaarroutes om Fort Kudelstaart te kunnen bereiken. De snelheid van 5 km/h is weliswaar het aangegeven maximum in de haven maar wordt gemakkelijk overschreden en valt niet te handhaven. Dit is dus geen realistisch uitgangspunt.

Algemeen bekend is dat geluid over het water ver draagt, dit wordt rond de locatie van het fort nog versterkt bij de (vaak aanwezige) zuidwesten wind. Omwonenden van Fort Kudelstaart kunnen de boten op

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 32

de Westeinderplassen nu al horen, net als muziek van het Westeinder Paviljoen gelegen op het surfstrand. V.w.b. muziekgeluid is het aannemelijk dat, aansluitend op bovenstaande argumenten, dit hoorbaar is in de aanliggende woningen. De strafcorrectie van 10 dB(A) is daarmee wel van toepassing, in tegenstelling tot de aanname uit het akoestisch rapport. Stichting Werkgroep Fort Kudelstaart. De bevoorrading van catering wordt verwacht in de vroege ochtenduren (nacht) door een vrachtwagen. Indieners zienswijze hebben hun twijfels bij de geplande locatie voor het laden en lossen: direct voor hotelkamers. Daarmee is ook de verwachte geluidsbelasting voor het laden en lossen twijfelachtig. Mocht dit toch direct voor de hotelkamers gaan gebeuren, dan wordt er in het rapport geen rekening gehouden met weerkaatsend geluid van de muren van het fort naar de omliggende woningen. Overige laad- en los activiteiten, zoals een stomerij, afval, enz., worden niet omschreven terwijl dit ook met de nodige geluidsproductie gepaard zal gaan. De conclusie van het akoestisch rapport is gebaseerd op onjuiste aannames en een foutieve gebiedstype bepaling, en het akoestisch onderzoek is op meerdere onderdelen ondermaats, onvolledig en zelfs misleidend. Bijkomstig feit is dat de opdrachtgever tevens initiatiefnemer van de toekomstplannen is: “de slager keurt zijn eigen vlees”.

Dit akoestisch rapport dient daarom niet toegelaten te mogen worden bij de onderbouwing van het ontwerpbestemmingsplan. Tot slot wijzen

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 33

wij u op de nieuwe inzichten bij het RIVM inzake geluidsbelasting met de gevolgen voor de gezondheid. Omdat de herontwikkeling voor Fort Kudelstaart niet voor 2022 verwacht wordt is het aan te bevelen met deze adviezen rekening te houden. Zie hiervoor RIVM Rapport 20190227, Motie Schonis en de WHO Richtlijnen voor omgevingsgeluid (2018). 62. Ten aanzien van bijlage 4, het bodemonderzoek wordt opgemerkt dat dit onderzoek is uitgevoerd in 2010, de onderzoeksresultaten hebben daardoor een beperkte houdbaarheidsduur. Met verwijzing naar een aantal NEN-normen merkt indiener zienswijze op dat voor zover de verplichting van het gebruik van de NEN-normen volgt uit de regelgeving, formeel geldt dat de nieuwe NEN-normen en/of wijzigingsbladen pas gebruikt kunnen worden op het moment dat in de regelgeving naar de nieuwe versies van deze NEN-normen verwezen wordt: via een wijziging van de Regeling bodemkwaliteit is dit bepaald op 30 november 2018. Er is daarbij geen overgangstermijn geregeld. Dit betekent dat direct na inwerkingtreding van de gewijzigde regelgeving van de nieuwe versies van de NEN-normen gebruik gemaakt moet worden. Hierbij is het moment van uitvoering van respectievelijk het vooronderzoek en het veldwerk bepalend. Bovenstaande geeft duidelijk aan dat het onderzoek dat is gedaan in 2010 niet meer van deze tijd is. De regeling is bepaald op 30 november 2018.

De vorige gebruikers hebben het fort als winterstalling gebruikt voor de schepen van

Het enkele feit dat een onderzoek ouder is dan 10 jaar maakt niet dat het daarmee onbruikbaar is voor het bestemmingsplan. Niettemin is mede naar aanleiding van deze zienswijze is aanvullend onderzoek gedaan naar de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan t.a.v. het aspect bodem, zie Tauw B.V., Zeilfort Kudelstaart, Vooronderzoek landbodem 20 oktober 2020 en AKTB 13 oktober 2020.Uit deze onderzoeken blijkt dat het bestemmingsplan uitvoerbaar is t.a.v. het aspect bodem.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Ja, de bodemonderzoeken Tauw B.V., Zeilfort Kudelstaart, Vooronderzoek landbodem 20 oktober 2020 en AKTB, 13 oktober 2020 worden als bijlage bij de toelichting opgenomen. Paragraaf 6.3 wordt aangevuld met de conclusies uit de geactualiseerde onderzoeken.

blz. 34

de jachthaven, en er hebben hier ter plaatse onderhoudswerkzaamheden plaatsgevonden, waaronder schilderwerk, antifouling etc. Aangezien de huidige gebruikers/beoogd exploitant (illegaal) graaf- en sloopwerkzaamheden hebben uitgevoerd en er dus sprake is van grondberoering en milieubelastende werkzaamheden is een nieuw bodemonderzoek wettelijk noodzakelijk. Het huidige bodemonderzoek is gedateerd, voldoet niet aan de huidige NEN-normen en er zijn in de 10 jaar na het onderzoek diverse activiteiten geweest die een nieuw onderzoek noodzakelijk maken. Dit bodemonderzoek is uitgevoerd met als aanleiding het voornemen tot afstoting van het perceel door Defensie. Fort Kudelstaart is uiteindelijk in 2016 door de gemeente Aalsmeer aangekocht. Plannen voor herontwikkeling van Fort Kudelstaart waren in 2010 nog niet in beeld. Doel van dit verkennend onderzoek is om na te gaan of vroegere en/of recente activiteiten eventuele negatieve invloed hebben gehad op de kwaliteit van de grond en/of het grondwater. Dit is een andere doelstelling dan benodigd zou zijn voor de bouw van het 'Zeilfort'. Uit de conclusie blijkt dat op diverse plaatsen in de landbodem een sterke verhoging van verschillende schadelijke stoffen is aangetroffen. Verder onderzoek naar de exacte omvang was, gezien de doelstelling van dit rapport, toen niet nodig.

De verontreiniging bevindt zich in de ondergrond en is afgesloten door middel van een klinkerverharding zodat er geen contactrisico's zijn. De gewenste

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 35

bouwactiviteiten voor het 'Zeilfort', zoals een grootschalige ontgraving van het forteiland om de parkeergarage te kunnen realiseren, zullen plaatsvinden in het gebied waar de verontreinigingen in 2010 zijn geconstateerd. Met deze werkzaamheden is geen rekening gehouden in dit onderzoek. Het onderzoek vermeldt wel dat, indien er meer dan 25 m³ sterk verontreinigd is, er een saneringsplicht geldt. Van belang is de verontreiniging van de grond goed in kaart te brengen. Dit kan gevolgen hebben voor de gewenste bouwplannen, en de benodigde bestemmingsplan wijziging. 63. Ten aanzien van bijlage 5, de quickscan van AKTB wordt volgens indiener zienswijze onder punt 2.2 geen rekening gehouden met de toekomstige situatie van een hotel / congres centrum met wat ondergeschikte watersport. Men heeft zich gebaseerd op de herstelwerkzaamheden aan het dak van het fort en enkele bomen in de omgeving. De quickscan van ATKB is daarom onvolledig en/of ontoereikend en zou daarom geen onderdeel mogen zijn van het ontwerpbestemmingsplan. 64. De bijlage ‘brief ringslang’ is het rapport van 2 juli 2019, met referentie 20190134/brf03, versie 2. Er wordt hierin verwezen naar een aanvullende notitie welke in februari 2019 is geschreven.

Bijlagen 5 en 6 van het ontwerpbestemmingsplan zijn respectievelijk de quickscan en het nader onderzoek, zodat alle flora/fauna onderzoeken met betrekking tot Fort Kudelstaart als bijlagen zijn opgenomen.

Paragraaf 2.2. geeft een beschrijving van de werkzaamheden die mogelijkerwijs gevolgen kunnen hebben voor het aspect flora en fauna en maakt onderdeel uit van het totale rapport, dat weergeeft hoe de bestemmingsplan ontwikkeling zich verhoudt tot de Wet natuurbescherming. Indiener zienswijze geeft niet nader aan op welk onderdeel de rapportage onvolledig zou zijn.

Nee

Als bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan zijn de meest recente onderzoeken opgenomen, zo ook t.a.v. de bedoelde brief inzake de ringslang. Ten aanzien van de ringslang wordt voor het overige verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 24.

Ja. De aanvullende notitie d.d. 14 augustus 2020 van AKTB wordt als bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan opgenomen. Paragraaf 6.6. van de toelichting wordt aangevuld met de conclusie uit de aanvullende notitie.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 36

Alleen de genoemde aanvullende notitie ontbreekt in de bijlagen die betrekking hebben op de flora en fauna. Volgens indieners zienswijze gaat dit om het rapport van ATKB van 7 februari 2019, met referentie 20190134/brf01, versie 1. Deze moet volgens indiener zienswijze ook als bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan worden opgenomen. Het plangebied is onderdeel van het leefgebied van de ringslang. De effecten op het leefgebied van de ringslang als gevolg van de voorgestelde ontwikkeling, waarbij ongeveer 125.000 bezoekers per jaar verwacht worden, met bijbehorende verkeersbewegingen, gewijzigde openingstijden enz., dienen voorafgaand aan de bestemmingsplanwijziging goed onderzocht te worden. Volgens het rapport blijkt dat de aanwezigheid van de ringslang niet uit te sluiten is. Dit wordt bevestigd met waarnemingen door ligplaatshouders, welke in de zomerperiode de ringslang hebben gezien vlakbij hun ligplaats in de jachthaven, oftewel binnen het plangebied. Deze waarnemingen zijn helaas niet gemeld via de daartoe bestemde kanalen, maar hun verklaring is op verzoek beschikbaar. 65. Ten aanzien van bijlage 8, AERIUSberekening aanlegfase merkt indiener zienswijze op dat volgens de disclaimer verstrekte gegevens ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, maar kunnen er geen rechten aan worden ontleend. Het betreft hier een ontwerpbestemmingsplan en geen vergunningaanvraag.

Omdat er geen rechten aan deze berekening kunnen

Het plangebied ligt op 10 kilometer afstand van de dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden. Reeds om die reden alleen kan geconcludeerd dat op voorhand significante effecten op stikstofgevoelige habitattypes in Natura 2000-gebieden zijn uit te sluiten. Niettemin is in het kader van de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan een zogenaamde AERIUS-berekening uitgevoerd. De betreffende disclaimer wordt automatisch aangemaakt bij een uitdraai vanuit AERIUS. In beginsel

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

blz. 37

worden ontleend is deze bijlage volgens indiener zienswijze zinloze informatie. Inhoudelijk: De informatie is uiterst twijfelachtig; alleen al voor de graafwerkzaamheden ten behoeve van de parkeergarage, tot aan de randen van de fundering van het fort en de randen van het forteiland, en gedeeltelijk onder de waterlijn, zal aanzienlijk meer materieel met bijbehorende uitstoot benodigd zijn dan vermeld in dit rapport. Het plangebied ligt tegen NNN-gebied (Natuur Netwerk Nederland). Het water van de fortgracht staat in directe verbinding met de Westeinderplassen. De stikstof uitstoot tijdens de aanlegfase heeft een directe invloed op het NNN-gebied. Ook heeft het een directe invloed op de belanghebbende inwoners in de naast gelegen woningen. De gevolgen hiervan worden in het ontwerpbestemmingsplan onvoldoende onderbouwd. Gelet op de gebrekkige onderbouwing, zoals gegeven met bijlage 8 en 9, alsmede de omstandigheid dat het betreffende Aerius-model aan veel kritiek onderhevig is en nog niet is getoetst door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, dient er vooralsnog vanuit gegaan te worden dat de toevoeging aan de stikstofdepositie aan de bestemmingsplanwijziging in de weg staat. Een goede ruimtelijke ordening is simpelweg niet verzekerd.

is AERIUS gericht op het leveren van een onderbouwing van vergunningaanvragen, zoals vermeld in deze disclaimer. Er is geen specifieke rekentool voor plannen. Ook voor plannen dient gebruikt gemaakt te worden van het rekenprogramma AERIUS Calculator. Volgens de Regeling natuurbescherming (d.d. 24-03-2020 - art. 2.1) is het verplicht om AERIUS Calculator te gebruiken voor het berekenen van de stikstofdepositie van een project op zichzelf en in cumulatie met andere plannen en projecten. Het is het beste rekenprogramma dat momenteel beschikbaar is en voor verschillende situaties gebruikt kan worden. De berekening is gebaseerd op eerdere ervaringen van vergelijkbare projecten en bijhorende werkzaamheden. Hiermee is er voor de invoer van gegeven een zo goed mogelijke inschatting gemaakt. Omdat de werkzaamheden nog niet volledig zijn uitgewerkt is er gebruik gemaakt van een worst case-scenario berekening, zowel voor de parkeergarage als voor de bouw van de horeca/congres voorzieningen (zie voor een gedetailleerde uitleg hieronder). Voor het afgraven van de grond is door een aannemer bepaald hoeveel draaiuren hiervoor nodig zijn. Hiermee is met voldoende zekerheid aan te nemen dat de beoogde werkzaamheden binnen de gehanteerde invoer van AERIUS vallen. Bebouwing --> Het gehanteerde referentie project heeft een bouwoppervlakte van minimaal 11.000 m2.

Dit is ongeveer 3x zo’n grootte oppervlakte als wat bij Fort Kudelstaart gebouwd gaat worden. Door de draaiuren van de werktuigen die gebruikt zijn bij het referentie (woningbouw)project en het aantal verkeersbewegingen te vermenigvuldigen met 0,7 is een zeer ruim worst case-scenario aangehouden. Parkeergarage --> De inzet van materiaal voor de parkeergarage is separaat inzichtelijke gemaakt op basis van een ander, meer vergelijkbaar, referentieproject. De parkeergarage die ter referentie heeft gediend is een bovengrondse parkeergarage. Daarom is aanvullend aan

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 38

66. Ten aanzien van bijlage 9, AERIUSberekening gebruiksfase merkt indiener zienswijze op dat volgens de disclaimer verstrekte gegevens ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, maar kunnen er geen rechten aan worden ontleend. Het betreft hier een ontwerpbestemmingsplan en geen vergunningaanvraag. Omdat er geen rechten aan deze berekening kunnen

een aannemer gevraagd in te schatten hoeveel draaiuren een graafmachine nodig heeft om de grond af te graven en hoeveel verkeersbewegingen van zwaar verkeer nodig zijn om de grond af te voeren. Deze waardes zijn bij de waardes van de referentie parkeergarage opgeteld. Hiermee is een ruime inschatting gemaakt en daarmee zorgvuldige afweging gemaakt voor de berekening van de betreffende parkeergarage voor Fort Kudelstaart. Daarnaast heeft de ter referentie geldende parkeergarage 174 parkeerplaatsen. Door het aantal draaiuren van werktuigen en verkeersbewegingen te vermenigvuldigen met 1,5 is gerekend met een worst case-scenario (261 parkeerplaatsen is immers meer dan de maximaal beoogde 235 parkeerplaatsen). Verkeerswerking gebruiksfase--> Voor de gebruiksfase is tevens als worst case-scenario gerekend met in totaal 3000 verkeersbewegingen van licht verkeer en 100 verkeersbewegingen van zwaar verkeer per dag. Ten aanzien van het NNN wordt nog opgemerkt dat het NNN geen externe werking kent (e.e.a. conform de Provinciale Ruimtelijke Verordening 2019). Aangezien het plangebied niet binnen het NNN valt, hoeft er daarom geen toetsing aan het NNN plaats te vinden, ook niet voor stikstof.

Stikstofdepositie in nietnatuurgebieden hoeft niet berekend te worden, evenzo hoeft er in het kader van de Wet natuurbescherming niet gekeken te worden naar invloed van stikstof op nabijgelegen woonkernen. Ten aanzien van de disclaimer wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 65. Ten aanzien van het opgemerkte inzake het wegverkeer zijn de berekening en rapportage hierop aangepast (De aanpassingen heeft geen invloed op de uitkomsten, het maakt geen verschil voor de uitkomst van de berekening, mede aangezien de Kudelstaartseweg ten zuiden van het fort niet vlak langs een Natura 2000gebied gaat. Voor de overige hiernaast aangevoerde

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Ja. De AERIUSberekening voor de aanleg- en gebruiksfase is aangepast. Deze bijlage (AKTB d.d. 20 oktober 2020) wordt als bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan

blz. 39

worden ontleend is deze bijlage volgens indiener zienswijze zinloze informatie. Inhoudelijk: v.w.b. het wegverkeer in de gebruiksfase wordt ervan uitgegaan dat dit zich enkel op de Kudelstaartseweg ten noorden van het fort zal bevinden. Dit is niet correct, wegverkeer kan ook vanaf de Kudelstaartsweg ten zuiden van het fort de toegangsweg bereiken. Het plangebied ligt tegen NNN-gebied (Natuur Netwerk Nederland). Het water van de fortgracht staat in directe verbinding met de Westeinderplassen. De stikstof uitstoot tijdens de gebruiksfase heeft een directe invloed op het NNN-gebied. Ook heeft het een directe invloed op de belanghebbende inwoners in de naast gelegen woningen. De gevolgen hiervan worden in het ontwerpbestemmingsplan onvoldoende onderbouwd. Gelet op de gebrekkige onderbouwing, zoals gegeven met bijlage 8 en 9, alsmede de omstandigheid dat het betreffende Aerius-model aan veel kritiek onderhevig is en nog niet is getoetst door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, dient er vooralsnog vanuit gegaan te worden dat de toevoeging aan de stikstofdepositie aan de bestemmingsplanwijziging in de weg staat. Een goede ruimtelijke ordening is simpelweg niet verzekerd. 67. Ten aanzien van bijlage 10, Archeologisch bureauonderzoek, wordt door indiener zienswijze opgemerkt dat dit rapport een selectieadvies is.

Het onderzoeksbureau wijst erop dat dit niet betekent dat reeds bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden

aspecten wordt verwezen naar de beantwoording onder 65.

opgenomen. De tekst van de toelichting wordt aangepast met een verwijzing naar het geactualiseerde onderzoek.

Voor de beantwoording van deze zienswijze wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 3, 26 en 43. Ter borging van mogelijke archeologische waarden is een dubbelbestemming Waarde- Archeologie 1’ in het bestemmingsplan opgenomen. Voor bepaalde bodemverstorende activiteiten is een naast een monumentenvergunning

Nee

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 40

ondernomen. Ondanks deze kennis uit 2015 zijn er in 2019 en 2020 door de projectontwikkelaar al bodemverstorende activiteiten ondernomen, bij de fundering van het fort en bij de geschutskoepels. In dit rapport wordt de mogelijkheid genoemd dat het terrein bij de aanleg van het fort niet volledig afgegraven hoeft te zijn, maar dat de oorspronkelijke oude dijk en/of ondergrond nog aanwezig kan zijn. Dit kan gevolgen hebben voor de geplande aanleg van de ondergrondse parkeergarage. Door indiener zienswijze wordt gewezen op het archeologisch onderzoek van Bureau voor Archeologie Rapport 367 d.d. 10 augustus 2016, zijnde bijlage 1 bij het ontwerp dijkverbeteringsplan Kudelstaartseweg A157, met kenmerk 20.011315, van Waterschap Amstel Gooi en Vecht. In dit rapport wordt melding gemaakt van een boring op het forteiland, ter plaatse van de geplande parkeergarage. Er blijkt een veenlaag aanwezig op ca. twee meter diepte, welke verstoord zal worden bij aanleg van de parkeerkelder. Dit staat de uitvoerbaarheid van het initiatief in de weg. 68. Ten aanzien van bijlage 11 is indiener zienswijze van mening dat gezien de onduidelijkheid over de werkelijke grootte van de parkeergarage en de werkelijke capaciteit van parkeerplaatsen op het fortterrein, in combinatie met onjuiste aannames en onvolledig onderzoek de conclusies uit het verkeersonderzoek onjuist en/of misleidend zijn.

In de aanleiding wordt vermeld dat Fort Kudelstaart bij de herontwikkeling “extra” horecafuncties krijgt. Dit wekt de suggestie

tevens een omgevingsvergunning nodig.

Ten aanzien van de horecafuncties wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 2. De parkeernorm van 0.6 per ligplaats is overeenkomstig de Nota Parkeernormen 2016 van de gemeente Aalsmeer. Voor het overige wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 27.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

blz. 41

dat er al een horecafunctie aanwezig is. Dit is op dit moment niet het geval. Voor de jachthaven wordt gerekend met de parkeernorm van de gemeente Aalsmeer, zijnde 0,6 per ligplaats. Het haalbaarheidsonderzoek voor Fort Kudelstaart van Tenman/BunkerQ d.d. 6 november 2012, op basis waarvan de gemeente 'scenario 3 (Zeilfort)' heeft gekozen, vermeldt dat indien de jachthaven gehandhaafd blijft er rekening gehouden moet worden met een parkeernorm van 1,5 parkeerplaats per ligplaats. Nergens wordt onderbouwd waarom hier niet voor gekozen wordt. Door in het verkeersonderzoek de norm van 0,6 te hanteren is het uitgangspunt voor het verkeersonderzoek onjuist. 69. De aanwezigheidspercentages volgens tabel 2.1 is voor zeilevenementen ingeschat op basis van informatie van de ontwikkelaar. Deze informatie geeft aan dat zeilevenementen enkel in het weekend gaan plaatsvinden. Dit zou dan vastgelegd moeten worden in het ontwerpbestemmingsplan, zodat er geen zeilevenementen plaatsvinden doordeweeks. Voor scenario 3, bruiloft, wordt niet onderbouwd waarom het maximum op 250 gasten gesteld wordt. In ontwerpbestemmingsplan wordt immers een zaalcapaciteit opgegeven tot 500 personen. Voor scenario 4, zeilevenement: eerst geeft men aan dat er gerekend gaat worden met 60 voertuigen met trailers, in de behandeling van dit scenario wordt er niets

Voor het bepalen van de parkeereis dient het aantal benodigde parkeerplaatsen vastgesteld te worden op basis van de Nota Parkeernormen Aalsmeer. Uitgangspunt hierbij is dat de parkeereis op eigen terrein wordt opgelost, waarbij ook rekening wordt gehouden met het dubbelgebruik van de betreffende parkeerplaatsen. Mede naar aanleiding van deze zienswijze is aanvullend onderzoek verricht/ een aanvullende onderbouwing aangereikt (zie bijlage Goudappel Coffeng, Verkeersonderzoek Fort Kudelstaart, addendum 22 oktober 2020), waarin o.a. enkele aanvullende bezoekersscenario’s zijn doorberekend en inzichtelijk zijn gemaakt. Uit het aanvullende onderzoek blijkt dat bij alle scenario’s, die uitgaan van een worstcase scenario en die in de praktijk niet of nauwelijks zullen voorkomen – sprake is van een goede verkeersafwikkeling. Ook het parkeren – waaronder ook van trailers – kan volledig op eigen terrein worden opgelost. Bij een incidentele zeilwedstrijd in combinatie met een congres van 2000 m2 bvo kan er in een worst

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Ja, de bijlage Goudappel Coffeng, Verkeersonderzoek Fort Kudelstaart, addendum 22 oktober 2020 wordt als bijlage bij de toelichting opgenomen. Paragraaf 6.8 van de toelichting wordt aangevuld met de conclusie uit de geactualiseerde onderzoek. In de regels wordt in artikel 3.1. het maximale bvo voor vergaderaccomodatie beperkt tot 1650 m2 bvo.

blz. 42

meer over trailers vermeld en rekent men enkel met 60 auto's. Ook voor trailers geldt dat parkeren op eigen terrein (fortterrein) moet plaatsvinden. Dit wordt nogmaals bevestigd in de Nota van Beantwoording, bijlage 15 van het ontwerpbestemmingsplan. Boottrailers nemen bovendien meer plaats in dan één parkeerplaats. Ook is interessant of de trailers daadwerkelijk in de parkeergarage geparkeerd kunnen en zullen worden. Het rapport gaat er gemakshalve van uit dat een bruiloft (in het weekend) niet zal samenvallen met een zeilevenement (in het weekend). Een gecombineerd scenario 3 +4 wordt daarmee niet doorgerekend, hetgeen volgens indieners zienswijze wel zou moeten. Het ontwerpbestemmingsplan legt namelijk niet vast dat een bruiloft en zeilevenement niet samen mogen vallen. De beschikbare parkeercapaciteit wordt omgeschreven als 235 plaatsen in de parkeergarage en 25 plaatsen op het fortterrein. Dit is echter volstrekt onzeker: in het ontwerpbestemmingsplan wordt de capaciteit van de parkeergarage bepaald op 150 tot 235 plaatsen, afhankelijk van het ontwerp en de daadwerkelijke uitvoering. In de aarden wallen, tegen het binnenterrein van het forteiland, bevinden zich nu op twee plaatsen de originele frontbatterijen, onderdeel van het rijksmonument. In de toekomstige situatie zullen deze frontbatterijen de bouw van de parkeergarage in de weg zitten.

Dit kan gevolgen hebben voor de realisatie van de parkeergarage, of een vermindering van het aantal beschikbare parkeerplaatsen tot

case scenario een tekort van 29 parkeerplekken op eigen terrein optreden. Dit tekort is opgelost door de toegestane omvang van de aan horeca gerelateerde vergaderaccomodatie in het bestemmingsplan te beperken tot 1650 m2 bvo. Bij een congres dat gebruikt maakt van 1.650 m2 is het mogelijk de parkeervraag wel op eigen terrein op te lossen. De beoogde 235 parkeerplekken kunnen worden aangevuld met de 60 parkeerplekken voor de trailers en de parkeerplaats voor vrachtwagens, waardoor in totaal 310 parkeerplaatsen kunnen worden gerealiseerd.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 43

gevolg hebben. De parkeergarage voorziet in een gecombineerde in- en uitrit aan de zuidoostzijde van het terrein. Daarmee zal verkeer in twee richtingen langs het fort moeten kunnen rijden, waardoor daar geen parkeerplaatsen op het terrein zelf gerealiseerd kunnen worden. Ter hoogte van het terras bij de zeilerslounge is ook geen ruimte voor parkeergelegenheid. Dit betekent dat het parkeeraanbod niet toereikend kan zijn. In scenario 3 en 4 wordt met onjuiste aannames gewerkt, waardoor er een hogere parkeerbehoefte is. Daarnaast wordt vermeld dat een congres een grillige parkeerbehoefte kan hebben. Er dienen, indien parkeren toch tot problemen leidt, afspraken gemaakt te worden met de gemeente en de buurt. Dit is wel erg vrijblijvend: de voorwaarde is dat parkeren te allen tijde op eigen terrein plaats moet vinden. Als deze voorwaarde wordt losgelaten wordt er niet voldaan aan de uitgangspunten van de tender. De onderbouwing, dat de verkeersafwikkeling in orde is, is onvoldoende: In de referentie (zonder herontwikkeld fort) is de verkeersafwikkeling goed, mits ervan uit gegaan wordt dat er een extra rijstrook op de N231 is aangelegd. Dit is tot op heden nog niet het geval. De verkeersafwikkeling komt verder in de knel met de voorgestelde herontwikkeling van het fort Daarmee ontbreekt een goede ruimtelijke onderbouwing.

De parkeerbehoefte en verkeersafwikkeling staan de uitvoerbaarheid van de toekomstplannen, zoals omgeschreven in het ontwerpbestemmingsplan, in de weg.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 44

70. Indiener zienswijze verwijst naar de ontwerp omgevingsvergunning OIAVHB Uiterweg Plasoevers 2005 – Waterfront vermeldt. De aanleg van de parkeerplaats aan de Bachlaan zorgt voor een vergrote verkeersaantrekkende werking. De verkeersintensiteiten betreffen er grofweg 60 heen en 60 voertuigbewegingen terug (in het zomerseizoen, en dan met name de weekenden) en bij evenementen (2 vervoersbewegingen per parkeerplaats). Er is voor dit onderzoek uitgegaan van een worst-case verkeerstoename van 200 extra mvt/etmaal, vanwege mogelijk dubbelgebruik van de parkeerplaatsen. Ondanks dat de verkeersaantrekkende werking voor vrachtverkeer als gering wordt ingeschat, is uitgegaan van de verdeling op de ontsluitingsweg. Het maximale aandeel is gevonden op de Bachlaan, ter hoogte van de aansluiting met de N231 Legmeerdijk.” Met deze extra toename aan verkeersintensiteit, over hetzelfde traject Bachlaan richting N231, is geen rekening gehouden. De verkeersstroom op de Kudelstaartseweg zal hierdoor worden beïnvloed. De cumulatieve effecten van deze ontwikkeling en de toename van verkeer ten behoeve van de herontwikkeling van Fort Kudelstaart zijn niet gering en moeten onderzocht worden. Indien er meerdere auto's achter elkaar het fortterrein betreden of verlaten geeft dit, in combinatie met de verkeerslichten en smalle weg, verkeersopstoppingen.

Dit effect treedt al op vanaf een groep van ca. 5 auto's of meer (huidige ervaring).

Voor de beantwoording van deze zienswijze wordt verwezen naar de beantwoording onder 69.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee.

blz. 45

Nergens wordt onderbouwd hoe er wordt omgegaan met de filevorming die ontstaat op de Kudelstaartseweg indien alle bezoekers voor een congres, evenement (bij zeilevenement ook met trailers), bruiloft, enz. arriveren of vertrekken rond ongeveer hetzelfde tijdstip. Het realiseren van een middenberm bij de bocht in de Kudelstaartseweg is een slecht onderbouwde, theoretische mogelijkheid. De middenberm ten noorden van de Watertoren is, gezien de smallere Kudelstaartseweg ter hoogte van het fort, niet als vergelijk te gebruiken. Waar is ter plaatse de ruimte om een middeneiland te realiseren? Het voorstel om de verkeerssituatie bij de entree van het fort aan te passen o.a. middels een middenberm is, gezien de ruimte die aanwezig is, onmogelijk gezien de “Eisen en Richtlijnen Bouw- en Infraprojecten (ERBI)” van de provincie Noord-Holland. Ook is het niet uitvoerbaar volgens de “Duurzaam Veilig Verkeer (DVV)” richtlijnen. In de huidige situatie moet het fietsverkeer richting Aalsmeer een bocht naar de brug nemen die reeds niet van gevaar is ontbloot door tegenliggers, het uitzicht is beperkt. Hetzelfde geldt voor de auto’s. Het schilderen van twee kruisen op de weg om de auto’s sneller te laten doorstromen lijkt indiener zienswijze een utopie.

Indiener zienswijze ziet graag gedetailleerde tekeningen van deze plannen, zodat deze door een andere onafhankelijke deskundige beoordeeld kunnen worden en eventuele bezwaren kunnen inbrengen. Gezien de

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 46

onduidelijkheid over de werkelijke grootte van de parkeergarage en de werkelijke capaciteit van parkeerplaatsen op het fortterrein, in combinatie met onjuiste aannames en onvolledig onderzoek, zijn de conclusies uit het verkeersonderzoek onjuist en/of misleidend. Daarmee ontbreekt een goede ruimtelijke onderbouwing. De parkeerbehoefte en verkeersafwikkeling staan de uitvoerbaarheid van de toekomstplannen, zoals omgeschreven in het ontwerpbestemmingsplan, in de weg. 71. Ten aanzien van bijlage 13, onderzoek Niet Gesprongen Explosieven merkt indiener zienswijze op dat bij punt 4.2 het beoogd gebruik door de gemeente Aalsmeer is weergegeven. Dit rapport is gebaseerd op recreatievaart, zwemmers en wandelaars als gebruik. Het rapport maakt geen melding van het uitgraven van een parkeergarage, hotel- en congrescentrum, maar vermeldt bij punt 4.1.6 slechts twee (beperkte) werkzaamheden als mogelijk uit te voeren op het forteiland in de toekomst. De mogelijke risico's ten aanzien van de grootschalige ontgraving van het forteiland om de bouw van de parkeergarage mogelijk te maken zijn daarmee niet onderzocht. Dit rapport is daarmee niet ter zake doend en kan daarmee niet dienen als onderbouwing van het ontwerpbestemmingsplan. 72. Ten aanzien van bijlage 14, de aanmeldingsnotitie m.e.r. merkt indiener zienswijze op dat de tender in 2017 niet door Zeilfort Kudelstaart B.V.

is gewonnen, maar door een andere B.V. Figuur 15

De in het bestemmingsplan opgenomen aanwijzing van risicogebieden zoals die zijn opgenomen op de verbeelding in combinatie met artikel 10.5 van de regels in verband met de (mogelijke) aanwezigheid van nietgesprongen explosieven berust op onderzoek dat is verricht door een ter zake gecertificeerd bureau. De resultaten van dit onderzoek hebben aanleiding gegeven voor het aanmerken van een deel van het plangebied als "risicovol gebied. Aan de hand van een concrete aanvraag omgevingsvergunning voor de betreffende garage kan vervolgens worden bezien of in voorkomend geval nog bijvoorbeeld nader onderzoek nodig is op grond van de bepalingen zoals die volgen uit artikel 10.5 van de regels van het bestemmingsplan.

Nee

.

Ten aanzien van de tenderinschrijving wordt verwezen naar de beantwoording van deze onder zienswijze onder 5. Aan figuur 15 uit de aanmeldnotitie komt geen zelfstandige betekenis toe. Het bestemmingsplan maakt geen aanlegplaatsen aan de Ringdijk toe. T.a.v. de

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

blz. 47

vermeldt aanlegplaatsen aan de ringdijk. Dit is niet toegestaan volgens de tender, hetgeen bevestigd wordt in de Nota van Beantwoording. Onduidelijk is nu waar en hoe de gewenste uitbreiding van de jachthaven met ligplaatsen en passantenplaatsen wordt gerealiseerd. Tabel 1 van hoofdstuk 3, toetsing gevoelig gebied, vermeldt bij de toets aan het onderdeel “Landschappelijk waardevol gebied” informatie over de Stelling van Amsterdam. De “ring van stilte” wordt met de voorgestelde ontwikkeling van het fort ernstig aangetast op het gebied van natuur, geluid, luchtkwaliteit, enz. Verwezen wordt naar de zienswijze op de betreffende Bijlagen bij het ontwerpbestemmingsplan. Bij het onderdeel “Belvedere-gebied” wordt ingegaan op het plangebied als onderdeel van de Stelling van Amsterdam, Unesco werelderfgoed. De cultuurhistorische waarden worden met de herontwikkeling van het fort aangetast: de aarden wallen, onderdeel van het monument, passend in de historische context als verdedigingswerk, worden compleet afgegraven en vervangen door nieuwbouw. Hierop komt dan wel een groene dakbedekking, echter het idee en functie van een aarden wal als verdedigingswerk is verdwenen Daarnaast is onduidelijk wat er met de originele frontbatterijen, onderdeel van het monument, gaat gebeuren, aangezien deze de bouw van de parkeergarage in de weg staan. V.w.b.

de huidige staat van de vloeren: deze zijn (deels) rot. Het herstel hiervan is onderdeel

uitbreiding van de ligplaatsen van deze zienswijze wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 10. Ten aanzien van de aantasting van de aarden wal wordt verwezen naar de beantwoording van deze zienswijze onder 3. Voor de reactie van de beantwoording van de zienswijzen op de onderzoekbijlagen en de overige door indiener zienswijze aangevoerde aspecten wordt verwezen naar de beantwoording hiervoor.

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 48

van de consoliderende restauratie, waartoe besloten is in 2015 door de gemeenteraad van Aalsmeer. Dit wordt betaald door subsidie van de Provincie Noord-Holland en een gemeentelijke bijdrage, en staat los van de herontwikkelingsplannen. De staat van het fort is niet als matig te beoordelen, zie hiervoor de bijlage bij de aanvraag omgevingsvergunning voor het dakherstel van het fort, Arda Advies d.d. 7 januari 2017.In hoofdstuk 4, kenmerken van de activiteit, worden de diverse onderzoeken aangehaald zoals ook gepubliceerd als bijlagen bij het ontwerpbestemmingsplan. De zienswijze heeft betrekking op vrijwel alle genoemde onderzoeken. Op vele punten ziet indiener de aannames, uitgangspunten, berekeningen en conclusies in deze onderzoeken als niet correct. Nieuw zorgvuldig onderzoek, met de correcte uitgangspunten en aannames, is daarmee noodzakelijk. De conclusie dat de herontwikkeling van Fort Kudelstaart niet leidt tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu is daarmee onjuist. Naar het oordeel van indiener zienswijze zijn er op meerdere onderdelen wel degelijk nadelige gevolgen, en geeft dit belemmeringen. Onder 4.5.1 wordt aangegeven dat de periode tussen gunning en exploitatie van groot belang is om het imago op te bouwen en de bekendheid te vergroten, teneinde een succesvolle start van de exploitatie mogelijk te maken.

Tot op heden heeft de beoogd exploitant slechts één keer een evenement, deels watersport gerelateerd, gepoogd te organiseren. De afgelopen twee jaar

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

blz. 49

bruikleen hebben geleid tot schade aan het rijksmonument, handelen in strijd met het vigerend bestemmingsplan, handelen in strijd met de bruikleenovereenkomst en conflictsituaties met omwonenden. Volgens indiener zienswijze is daarmee een succesvolle start van de exploitatie uitgesloten. Er wordt gesteld dat de met de herontwikkeling toegevoegde elementen (parkeergarage, nieuwbouw) grotendeels verwijderd kunnen worden. Dit lijkt indiener zienswijze een onrealistisch scenario. Technisch zal dat mogelijk zijn, de kosten hiervoor zullen echter dusdanig hoog zijn dat het de vraag is of de gemeente Aalsmeer, als eigenaar van het fort, dit zou willen opbrengen. Daarnaast zijn de ontgraving van het forteiland, het verdwijnen van de originele aarden wallen en mogelijke sloop van de frontbatterijen niet meer te herstellen. Met de herontwikkeling verdwijnt de kernfunctie als fort van de Stelling van Amsterdam. Uit jurisprudentie volgt dat als er geen sprake is van belangrijke nadelige milieugevolgen, het niet noodzakelijk is om alternatieven te beschouwen. Volgens indiener zienswijze zijn er, zoals beargumenteerd bij de diverse Bijlagen van het ontwerpbestemmingsplan, wel degelijk nadelige gevolgen. Daarmee moeten er alternatieven worden beschouwd.

Een mogelijkheid is de herontwikkeling in lijn te brengen met de tender uitgangspunten en gemeentelijk beleid, zodat de horeca de voorgeschreven ondergeschikte functie aan de hoofdfunctie watersport krijgt. 73. Ten aanzien van bijlage 15, Nota Inspraak

Zoals reeds in de Nota Inspraak is verantwoord is de

Nota van beantwoording – ingekomen zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart

datum: oktober 2020

Nee

blz. 50

en vooroverlegreacties is indiener zienswijze van mening de inspraakreacties, welke in deze Nota zijn samengevat en beantwoord, betrekking hebben op de invulling voor Fort Kudelstaart zoals omschreven in het voorontwerpbestemmingsplan UiterwegPlasoevers 2019. Het ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart wijkt op meerdere onderdelen af van het voorontwerpbestemmingsplan UiterwegPlasoevers 2019. Deze gewijzigde invulling is nooit gedeeld met de inwoners van de gemeente Aalsmeer, noch door de initiatiefnemers, noch door de gemeente Aalsmeer. De website www.zeilfort.nl van de projectontwikkelaar geeft geen informatie over de plannen, en ondanks aanmelding voor informatie geen reactie. Het is daarom niet mogelijk geweest in een eerder stadium een inspraakreactie en/of zienswijze in te kunnen dienen op de gewijzigde onderdelen. In meerdere inspraakreacties wordt gevraagd om diverse onderzoeken uit te voeren, aangezien deze ten tijde van het voorontwerpbestemmingsplan UiterwegPlasoevers 2019 nog niet beschikbaar waren. Deze zijn inmiddels uitgevoerd en toegevoegd als Bijlagen bij het ontwerpbestemmingsplan Fort Kudelstaart. De zienswijze geeft voor de meeste onderzoeken aanleiding om deze onderzoeken opnieuw uit te voeren, vanwege niet correcte uitgangspunten, onjuiste aannames en onvolledigheid, waardoor de conclusies uit de onderzoeken onjuist zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=5062fa6b-4e69-4556-8544-3a7314ebe9d2