bijlage 2 HIA Fort Kudelstaart.pdf
Tekst van het document
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART KUDELSTAART Provincie Noord-Holland Provincie Noord-Holland 19 MAART 2021
19 MAART 2021
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Contactpersoon KOOS MOL Adviseur archeologie en cultuurhistorie
M +31 6 27060748 E koos.mol@arcadis.com
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
Arcadis Nederland B.V. Postbus 220 3800 AE Amersfoort Nederland
2 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING
5
1
INLEIDING
6
1.1
Aanleiding
6
1.2
Doel
6
1.3
Aanpak
7
1.4
Stappenplan
7
1.5
Leeswijzer
7
2
3
METHODIEK
9
2.1
Statement of Outstanding Universal Value
9
2.2
Beleidskader: OUV en kernkwaliteiten
10
2.2.1
UNESCO World Heritage Description
10
2.2.2
Besluit Algemene Regels Ruimtelijke Ordening
11
2.2.3
Omgevingsverordening NH2020
11
2.3
Beoordelingsmethodiek
11
2.4
Begrenzing studiegebied en plangebied
13
2.5
Nul-situatie en referentiesituatie
14
GESCHIEDENIS EN BESCHRIJVING VAN DE SITE
20
3.1
OUV van de Stelling van Amsterdam
20
3.2
Fort bij Kudelstaart
22
3.2.1
Beschrijving van het fort (uit BunkerQ)
22
3.2.2
Kernkwaliteit hoofdverdedigingslijn
25
3.2.3
Kernkwaliteit militair system
28
3.2.4
Kernkwaliteit watermanagementsysteem
30
4
VOORGESTELDE ONTWIKKELINGEN
5
BEOORDELING EN EVALUATIE VAN TOTALE IMPACT VAN DE VOORGESTELDE VERANDERINGEN
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
32
40
3 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
6
5.1
Inleiding
40
5.2
Effectbeoordeling
40
5.3
Risico-inschatting en gevoeligheden
44
AANDACHTSPUNTEN VOOR HET ONTWERP
45
BIBLIOGRAFIE
46
BIJLAGEN
48
BIJLAGE 1: REDEGEVENDE OMSCHRIJVING
49
BIJLAGE 2: OUTSTANDING UNIVERSAL VALUE
52
COLOFON
54
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
4 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
SAMENVATTING In deze Heritage Impact Assessment (HIA) is in opdracht van de provincie Noord-Holland een effectbeoordeling opgesteld naar de voorgenomen ingrepen van ontwikkelaar Zeilfort Kudelstaart B.V. op de Stelling van Amsterdam, dat geregistreerd staat als UNESCO werelderfgoed. Zeilstaart Kudelstaart B.V. heeft plannen opgesteld om het Fort bij Kudelstaart te ontwikkelen als watersportlocatie, inclusief voorzieningen ten behoeve van bijeenkomsten, overnachtingen en horeca. De plannen van de ontwikkelaar zijn ontsloten in het ‘Masterplan Zeilfort Kudelstaart’, dat gebruikt is als basis voor de plannen. Bij de beoordeling van deze plannen is gewerkt conform de leidraad van ICOMOS voor het opstellen van een HIA, waarbij getoetst is op de kernkwaliteiten hoofdverdedigingslijn, militair systeem en watermanagementsysteem. Deze kernkwaliteiten zijn een vertaling van Statement of Outstanding Universal Value (SOUV) van de Stelling van Amsterdam. Per kernkwaliteit is gekeken naar eventuele effecten op het aspect integriteit en het aspect authenticiteit, die beide uit verschillende criteria bestaan. Op basis van de effectbeoordeling wordt ingeschat dat de ontwikkelingen een gering effect hebben op het werelderfgoed en daarmee een beperkt risico betekenen voor het behoud van de Outstanding Universal Value (OUV).
De kans dat het erfgoed potentieel of daadwerkelijk gevaar zal lopen is gering. Wat hierbij een rol speelt is dat het Fort bij Kudelstaart een onderdeel is van een ring van 46 forten en batterijen is. Gevolg hiervan is dat hoewel de voorgenomen ontwikkeling effect heeft op Fort bij Kudelstaart zelf, het effect van de ontwikkeling op het Werelderfgoed gering is. Twee van de drie kernkwaliteiten blijven ongewijzigd. Op één van de kernkwaliteiten, te weten het militaire systeem, vindt aantasting plaats. De zwaarste aantasting van het fort is de bouw van de ondergrondse parkeergarage. Op punten kan echter ook een verbetering plaatsvinden, zoals de bereikbaarheid en de beleving van het fort. In het laatste hoofdstuk van het rapport worden enkele aandachtspunten voor het ontwerp genoemd, waarbij ook kansen naar voren komen, gericht op het vergroten van de bekendheid en verbeteren van de toegankelijkheid van het Werelderfgoed.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
5 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
1
INLEIDING
1.1
Aanleiding
Het Fort bij Kudelstaart maakt sinds 1996 onderdeel uit van UNESCO Werelderfgoed de Stelling van Amsterdam. De Stelling van Amsterdam is een militair verdedigingswerk, aangelegd tussen 1880 en 1920. Het betreft een unieke, uitzonderlijke en monumentale verdedigingslinie van 135 kilometer lengte, op gemiddeld 15 kilometer van Amsterdam. In 1992 is Nederland toegetreden tot de Werelderfgoed Conventie van 1972. Dit betekent dat Nederland bijdraagt aan het waarborgen van natuurlijk en cultureel erfgoed, dat van universele betekenis is voor de geschiedenis van de mensheid. Met de ratificatie van het UNESCOverdrag heeft Nederland afgesproken zich te zullen inzetten voor identificatie, bescherming, behoud, het toegankelijk maken en het overdragen aan komende generaties, van de werelderfgoederen binnen haar landgrenzen. De Stelling van Amsterdam ligt in een zeer druk en hoog dynamisch gebied. In het gebied spelen diverse ontwikkelingen op het gebied van woningbouw, bedrijvigheid, waterbeheer, infrastructuur, recreatie en toerisme, landbouw, natuur en landschap. De provincies Noord-Holland en Utrecht zijn als siteholder eerstverantwoordelijke voor het beheer en de duurzame instandhouding van de Stelling van Amsterdam bij dergelijke ontwikkelingen. Daarnaast dragen zij zorg voor het herkenbaar, toegankelijk en beleefbaar maken van het Werelderfgoed.
Bij plaatsing op de Werelderfgoedlijst wordt de uitzonderlijke universele waarde van het erfgoed vastgesteld en beschreven in een verklaring van universele waarde (Statement of Outstanding Universal Value - SOUV). De Outstanding Universal Value (OUV) komt tot uitdrukking in een aantal kernkwaliteiten die middels het rijks- en provinciaal beleid worden beschermd. ICOMOS, de adviesorganisatie van UNESCO, heeft een leidraad geschreven voor de inzet van een specifieke methodiek - een Heritage Impact Assessment (HIA) om de mogelijke effecten op de OUV van het Werelderfgoed inzichtelijk te maken. Na een Europese aanbestedingsprocedure van de gemeente Aalsmeer in 2016 is Zeilfort Kudelstaart B.V. sinds 2018 gebruiker van Fort bij Kudelstaart en beoogd exploitant. De eigenaar heeft een plan opgesteld om het forteiland te ontwikkelen tot ‘Zeilfort Kudelstaart’. In het voorstel worden op de nieuwe locatie de huidige watersportfaciliteiten uitgebreid en worden voorzieningen ontwikkeld ten behoeve van bijeenkomsten, overnachtingen, horeca en vergaderingen. De beoogde aanpassing aan het forteiland is uitgewerkt in het document ‘Masterplan Zeilfort Kudelstaart’ (november 2020). Ook wordt een ondergrondse parkeergarage gerealiseerd. Onderdeel van de beoogde horeca zijn hotelkamers, kamers voor groepsverblijven, vergaderzalen, restaurant, bar, café, patio en zwembad.
Ook wordt er een museumruimte en een receptie gerealiseerd. De watersportlocatie wordt uitgebreid door de aanleg van een passantenhaven (50 ligplaatsen), jachthaven (200 ligplaatsen) en een jollensteiger (60 jollen). Er wordt ook een starttoren en een uitkijkplatform gebouwd. Om de ontwikkelingen te kunnen toetsen aan de impact op het werelderfgoed heeft de Provincie Noord-Holland behoefte aan een nader onderzoek waarin de impact op de OUV wordt beschreven en beoordeeld.
1.2
Doel
De HIA geeft inzicht in de mogelijke effecten van de ontwikkeling van het Zeilfort op het UNESCO Werelderfgoed Stelling van Amsterdam. De HIA heeft tot doel de totale omvang van de effecten (impact) te beoordelen van het project op de OUV van het Werelderfgoed, de bijbehorende kernkwaliteiten (elementen en structuren) en op de samenhang daartussen. De HIA geeft daarmee inzicht in de mogelijke risico’s voor de instandhouding van de Werelderfgoedstatus. De resultaten van de HIA vormen een transparant en onafhankelijk advies voor de provincie Noord-Holland. Het advies stelt de provincie in staat een onderbouwde afweging te maken voor het al dan niet ondersteunen van de voorgenomen ontwikkelingen van het project en onder welke voorwaarden.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
6 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
1.3
Aanpak
De aanpak sluit aan op “De Leidraad voor Heritage Impact Assessments inzake culturele werelderfgoederen” van ICOMOS (ICOMOS, 2011). In de leidraad wordt een methodiek beschreven om de effectbeoordeling specifiek af te stemmen op Werelderfgoedsites. De ICOMOS Leidraad schrijft voor dat effecten op een navolgbare en samenhangende manier moeten worden beoordeeld en beschrijft de te hanteren methodiek. Tevens wordt gebruik gemaakt van relevante beleidsstukken zoals de Omgevingsverordening NH2020 van de provincie Noord-Holland en de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (Provincie Noord-Holland, 2010) en het Beeldkwaliteitsplan Stelling van Amsterdam (Provincie Noord-Holland, 2008). De HIA levert inhoudelijke informatie op, die gebruikt kan worden bij besluitvorming. Informeren van betrokken partijen is daarbij een belangrijk instrument. Voor een gedragen besluitvorming worden de belangrijke betrokkenen ten behoeve van de totstandkoming van de HIA geraadpleegd. Voor dit project zijn dat de initiatiefnemer van de voorgenomen ontwikkeling, Zeilfort Kudelstaart B.V., en de Stichting Werkgroep Fort Kudelstaart. De keuze voor het betrekken van deze partijen is genomen in overleg tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. De provincie (als siteholder) en de RCE (adviseur erfgoed en UNESCO) adviseren daarnaast over de totstandkoming van dit rapport.
Buiten het opstellen van deze HIA loopt een participatietraject rondom de voorgenomen ontwikkelingen in de vorm van de bestemmingsplanprocedure voor de wijzigingen. Binnen deze procedure kunnen betrokkenen reageren middels zienswijzen op het voorstel van de wijziging in het bestemmingsplan. Het voorontwerp voor de bestemmingsplanwijziging heeft 6 weken ter inzage gelegen. Daarnaast is er nog een toekomstig participatietraject bij de nog komende aanvraag voor een omgevingsvergunning. Voor deze procedure geldt eveneens dat betrokkenen inzage krijgen in de stukken behorende bij de vergunning met de mogelijkheid om hierop te reageren. Vanwege de bestaande participatietrajecten is afgezien van een uitgebreid participatietraject in deze fase bij het opstellen van de HIA. Op dit moment is het van belang om de effecten op de OUV en kernkwaliteiten van de voorgenomen ontwikkeling te beoordelen; er worden geen alternatieven beoordeeld.
1.4
Stappenplan
1. Plan van Aanpak Er is een Plan van Aanpak opgesteld dat fungeert als startdocument (Mol, 2020). Hierin is de afbakening van de reikwijdte en het detailniveau van het onderzoek opgesteld. Het beschrijft de beoordelingsmethodiek, het te doorlopen proces en de uitgangspunten. In een overleg met de opdrachtgever is overeenstemming bereikt over de inhoud van het document. 2. Inventarisatie en onderzoeken De benodigde achtergrondinformatie voor de effectbeoordeling is verkregen door middel van een inventarisatie van beschikbare informatie. Daarnaast in informatie opgevraagd bij ontwikkelaar Zeilfort Kudelstaart B.V. en de Stichting Werkgroep Fort Kudelstaart. Onderzoek is uitgevoerd in de vorm van een analyse van bestaande literatuur, digitaal beschikbare (historische) kaarten en een veldbezoek. Voor het in kaart brengen van visuele effecten c.q. het bepalen van de ruimtelijke invloed van de voorgenomen ontwikkelingen is gebruik gemaakt van het Masterplan Zeilfort Kudelstaart. 3. Beoordeling van effecten De effectbeoordeling zelf bestaat uit een beschrijving en beoordeling van mogelijke negatieve effecten van het project op de authenticiteit en integriteit van de kernkwaliteiten en bijbehorende kenmerken van de Stelling van Amsterdam, volgens de criteria ‘schaal en ernst van de effecten’ en ‘omvang van de totale impact’. De beoordeling is kwalitatief.
Ook wordt een risico-inschatting gedaan voor het behoud van de OUV en instandhouding van de Werelderfgoedstatus. Daarnaast zijn mogelijke mitigerende maatregelen beschreven om de effecten te vermijden, te beperken of op te vangen.
1.5
Leeswijzer
Voor de opzet van deze HIA is de Leidraad van ICOMOS gevolgd. Het rapport bestaat in de kern uit een inventarisatie en een effectbeoordeling. Achtereenvolgens is beschreven: de methodiek en de Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
7 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
referentiesituatie (hoofdstuk 2), achtergrond van de site (hoofdstuk 3), de voorgenomen activiteit en alternatieven (hoofdstuk 4) en de effectbeoordeling (hoofdstuk 5) en mitigerende maatregelen (hoofdstuk 6). Voorafgaand aan het eerste hoofdstuk is een samenvatting gegeven en wordt de conclusie gebruikt voor aanbevelingen in de omgang met het werelderfgoed bij de geplande ontwikkeling van het Zeilfort. In afwijking op de leidraad is ervoor gekozen om geen hoofdstuk met een verklarende woordenlijst op te nemen. In plaats daarvan worden begrippen en afkortingen in de tekst uitgelegd waar nodig.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
8 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
2
METHODIEK
In de leidraad van ICOMOS (ICOMOS, 2011) wordt een methodiek beschreven om cultuurhistorische effectrapportages specifiek af te stemmen op werelderfgoederen. Werelderfgoederen zijn namelijk op zichzelf staande entiteiten met een duidelijk omschreven internationale waarde. Deze uitzonderlijke universele waarde (Outstanding Universal Value; OUV) komt tot uitdrukking in een aantal kernkwaliteiten. De effecten op deze kernkwaliteiten moeten in een HIA op een systematische en samenhangende wijze, zowel afzonderlijk als cumulatief worden beoordeeld. Mogelijke cumulatieve effecten van de te beoordelen ontwikkelingen met externe ontwikkelingen zijn niet aan de orde, omdat er binnen het plangebied geen andere ontwikkelingen plaatsvinden. De cumulatieve impact van de afzonderlijke effecten binnen de ontwikkeling, wordt wel in aanmerking genomen. Dit hoofdstuk gaat allereerst in op de Statement of Outstanding Universal Value (SOUV) voor de Stelling van Amsterdam en de begrippen integriteit en authenticiteit. Vervolgens wordt de beoordelingsmethodiek beschreven. De laatste paragraaf gaat in op de afbakening van het plangebied en de referentiesituatie.
2.1
Statement of Outstanding Universal Value
Bij plaatsing op de Werelderfgoedlijst wordt de uitzonderlijke universele waarde van het erfgoed vastgelegd in een verklaring van universele waarde (de SOUV). Hierin staat beschreven op welke punten het Werelderfgoed uniek wordt bevonden en wat de criteria zijn op grond waarvan de site op de UNESCO Werelderfgoedlijst staat. Ook worden de integriteit en authenticiteit van het werelderfgoed beschreven. Bij de beoordeling van effecten op de uitzonderlijke universele waarde van het werelderfgoed en de integriteit en authenticiteit daarvan, staan de SOUV en de uitwerking van de bijbehorende kernkwaliteiten zoals beschreven in het rijks- en provinciaal beleid (het Barro en de Omgevingsverordening NH2020) centraal. De originele (Engelse) tekst van de SOUV van de Stelling van Amsterdam is opgenomen in Bijlage 2. Voor de beschrijving van de criteria integriteit en authenticiteit in deze HIA is gebruik gemaakt van de “Operational Guidelines for the Implementation of the World Heritage Convention” (UNESCO World Heritage Centre, 2012) en eerder uitgevoerde beoordelingen voor Werelderfgoederen in Nederland (Land-id, 2018; Land-id en Cultuurhistorische Projecten, 2015).
Integriteit De integriteit van een Werelderfgoed duidt de mate van compleetheid en gaafheid van het Werelderfgoed en geeft aan of de OUV nog aanwezig is en niet is aangetast of bedreigd wordt. In deze HIA wordt de integriteit van het Werelderfgoed beoordeeld aan de hand van: •
•
Compleetheid: zijn alle waarden en objecten nog aanwezig? Bevat het Werelderfgoed alle elementen die noodzakelijk zijn voor de weergave van de Uitzonderlijke Universele Waarde? En heeft het Werelderfgoed een voldoende omvang om de volledige werking te laten zien. Vertaald naar de Stelling van Amsterdam gaat het om de compleetheid van het systeem, de combinatie van liniedijk, keten van inundatievelden en militaire elementen. Gaafheid: zijn waarden en objecten nog intact? In hoeverre hebben er negatieve effecten van bijvoorbeeld ontwikkelingen en/of verwaarlozing plaatsgevonden? Ontbreken er bijvoorbeeld (essentiële) onderdelen van objecten?
Authenticiteit Het begrip authenticiteit omvat de waarheidsgetrouwe en geloofwaardige verbeelding van de historische en culturele betekenis van het Werelderfgoed. In deze HIA wordt de authenticiteit van het Werelderfgoed beoordeeld aan de hand van de vijf criteria hieronder, waarbij gekeken wordt in hoeverre deze criteria waarheidsgetrouw zijn en de oorspronkelijke situatie verbeelden. • • •
Vorm en ontwerp: feitelijke vorm en ontwerp van objecten en elementen. Objecten en elementen hebben nog hun oorspronkelijke vorm en ontwerp. Materiaal en substantie: gebruik van materiaal en substantie bij reparaties en/of renovaties van de elementen. Bij reparaties en/of renovaties is gebruik gemaakt van originele materialen. Gebruik en functie: oude functie versus nieuwe functie. Hergebruik van gebouwen sluit aan en is ondergeschikt aan de originele architectuur. De OUV is nog steeds te begrijpen ondanks de nieuwe
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
9 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
•
•
bestemming. Elementen kunnen nog (indien gewenst) hun oorspronkelijke functie uitvoeren. Indien gewenst kan het systeem nog grotendeels functioneren. Locatie en positionering: verbanden en relaties tussen de structuren en elementen. Structuren en elementen liggen nog op hun oorspronkelijke locatie. Het systeem en/of de context kan nog steeds goed begrepen worden, doordat structuren en elementen nog een zichtbare, fysieke en werkende relatie hebben met het landschap en elkaar. Beleving: het erfgoed is nog beleefbaar en uitlegbaar, nu en in de toekomst. Het systeem en de wijze waarop het heeft gefunctioneerd is nog herkenbaar en begrijpelijk. Het karakter en de sfeer van de omgeving ondersteunt de beleving van het erfgoed.
2.2
Beleidskader: OUV en kernkwaliteiten
Hieronder worden de OUV, kernkwaliteiten en bijbehorende kenmerken opgesomd zoals deze zijn opgenomen door UNESCO, in het Rijksbeleid (Besluit algemene regels ruimtelijk ordening (Barro, 2011)) en het Provinciaal Beleid (Omgevingsverordening NH2020 (Noord-Holland 2020)).
2.2.1
UNESCO World Heritage Description
In de SOUV staat beschreven op welke punten het Werelderfgoed uniek wordt bevonden. UNESCO hanteert hiervoor tien selectiecriteria, waarbij geldt dat werelderfgoed aan ten minste één van deze tien criteria moet voldoen. De Stelling van Amsterdam is beschreven aan de hand van criterium II, criterium IV en criterium V. Hieronder is per criterium aangegeven wat de definitie is volgens UNESCO in het Engels met daarna de interpretatie voor de Stelling van Amsterdam volgens de Nederlandse vertaling. Criterium II: to exhibit an important interchange of human values, over a span of time or within a cultural area of the world, on developments in architecture or technology, monumental arts, town-planning or landscape design; Criterium (ii): De Stelling van Amsterdam is een uitzonderlijk voorbeeld van een omvangrijk geïntegreerd Europees verdedigingsstelsel uit de moderne tijd dat nog volledig intact is en goed bewaard is gebleven sinds de aanleg in de late negentiende eeuw. Zij maakt deel uit van een continuüm van verdedigingsstrategieën die enerzijds afhankelijk waren van de aanleg van de Stelling en anderzijds delen ervan beïnvloedden in de periode direct voor en na de Tweede Wereldoorlog.
Criterium IV: to be an outstanding example of a type of building, architectural or technological ensemble or landscape which illustrates (a) significant stage(s) in human history; Criterium (iv): De forten van de Stelling zijn een uitzonderlijk voorbeeld van een omvangrijk geïntegreerd verdedigingsstelsel uit de moderne tijd dat nog volledig intact is en goed bewaard is gebleven sinds de aanleg eind negentiende eeuw. Ze laten de overgang zien van bouwen met baksteen in de negentiende eeuw naar het gebruik van gewapend beton in de twintigste eeuw. Deze overgang, waarin werd geëxperimenteerd met het gebruik van beton en dan met name ongewapend beton, is een periode in de Europese architectuurgeschiedenis waaruit slechts weinig materiële resten bewaard zijn gebleven. Criterium V: to be an outstanding example of a traditional human settlement, land-use, or sea-use which is representative of a culture (or cultures), or human interaction with the environment especially when it has become vulnerable under the impact of irreversible change; Criterium (v): De Stelling is ook bijzonder vanwege de unieke manier waarop het Nederlandse waterbouwkundige vernuft is toegepast op de verdediging van de hoofdstad.
Uit de criteria van de OUV van de Stelling van Amsterdam zijn op hoofdlijnen drie kernkwaliteiten te destilleren: - Kernkwaliteit hoofdverdedigingslijn (Criterium ii); - Kernkwaliteit militair systeem (Criterium iv); - Kernkwaliteit watermanagementsysteem (Criterium v).
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
10 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
2.2.2
Besluit Algemene Regels Ruimtelijke Ordening
Artikel 2.13.3 van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening gaat in op de kernkwaliteiten. In bijlage 8 zijn voor ieder erfgoed van uitzonderlijke universele waarde, de kernkwaliteiten in hoofdlijnen beschreven. Voor de Stelling van Amsterdam zijn de volgende kernkwaliteiten opgenomen: 1. Het unieke, samenhangende en goed bewaard gebleven, laatnegentiende-eeuwse en vroeg twintigste -eeuwse hydrologische en militair-landschappelijke geheel, bestaande uit: - Een doorgaand stelsel van liniedijken in een grote ring om Amsterdam; - Sluizen en voor- en achterkanalen; - De forten, liggend op regelmatige afstand, voornamelijk langs dijken; - Inundatiegebieden; - Voormalige schootsvelden (visueel open) en verboden kringen (merendeels onbebouwd gebied); - De landschappelijke inpassing en camouflage van de voormalige militaire objecten. 2. Relatief grote openheid. 3. Groene en relatief stille ring rond Amsterdam.
2.2.3
Omgevingsverordening NH2020
In het vigerende provinciaal beleid, de Omgevingsverordening NH2020 van de provincie Noord-Holland zijn in paragraaf 6.4.3 regels opgenomen over erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Deze paragraaf bevat regels met het oog op de uitwerking en bescherming van de essentiële landschappelijke en cultuurhistorische kenmerken van de erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. De kernkwaliteiten van de erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde zijn uitgewerkt en geobjectiveerd in Bijlage 7 van de verordening. Voor de Stelling van Amsterdam zijn dezelfde kernkwaliteiten opgenomen als in Bijlage 8 van het Barro (zie paragraaf 2.2.2).
2.3
Beoordelingsmethodiek
In de “Leidraad voor Heritage Impact Assessment inzake culturele werelderfgoederen” van ICOMOS (ICOMOS, 2011) wordt als eerste stap in de beoordeling de waarde van het erfgoed bepaald. In bijlage 3A van de Leidraad wordt daarvoor een methode beschreven. De waarde van het erfgoed kan in de volgende categorieën worden ingedeeld: zeer hoog, hoog, matig, laag, minimaal of onbekend. In het geval van het Fort bij Kudelstaart, dat deel uitmaakt van de Stelling van Amsterdam is sprake van een site van internationaal erkende betekenis en universele waarde. De Stelling van Amsterdam is namelijk opgenomen op de Werelderfgoedlijst en wordt daarmee gezien als erfgoed van zeer hoge waarde. In principe moet al het mogelijke worden gedaan om nadelige gevolgen te voorkomen of te minimaliseren. Maar uiteindelijk kan het toch noodzakelijk zijn om een afweging te maken tussen het algemene nut van de voorgestelde verandering en de schade voor de plek. Bij de beoordeling van de effecten van de ontwikkeling op het Werelderfgoed Stelling van Amsterdam gaat het om de effecten op de OUV van de site. De effecten op de OUV worden geëvalueerd door de effecten van de planvorming op de site te beoordelen. Voor de verschillende kernkwaliteiten van de OUV wordt beoordeeld wat het effect op de integriteit en authenticiteit is. Daarbij wordt gekeken naar alle veranderingen ten aanzien van de OUV.
Vervolgens wordt de schaalgrootte en ernst van een bepaald effect op de OUV gedefinieerd. Daarop volgt de beoordeling van de totale omvang van het effect (totale impact) van de ontwikkeling op de afzonderlijke onderdelen van de OUV en op het werelderfgoed als geheel. Op basis van deze effectbeoordeling worden tenslotte de risico’s en gevoeligheden voor behoud van de OUV en het Werelderfgoed bepaald. De verschillende stappen van deze aanpak worden in de volgende paragrafen nader toegelicht.
Schaalgrootte of ernst van het effect De schaalgrootte of ernst van de ontwikkeling wordt beoordeeld aan de hand van de criteria integriteit en authenticiteit voor de verschillende kenmerken. Veranderingen kunnen directe of indirecte effecten hebben en zijn tijdelijk of permanent, omkeerbaar of onomkeerbaar. Ook de cumulatieve impact van de afzonderlijke effecten wordt meegenomen in de beoordeling. De schaalgrootte of ernst van de effecten wordt (los van de
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
11 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
waarde van het erfgoed) beoordeeld volgens een vijfpuntsschaal: van geen verandering tot grote verandering, zoals weergegeven in Tabel 1 en Tabel 2.
Tabel 1 Beoordeling van de schaalgrootte en ernst van het effect
Beoordeling
Kenmerken van gebouwd erfgoed of historisch stedelijke landschappen
Historisch-landschappelijke kenmerken
Groot
Verandering in belangrijke bouwhistorische elementen die bijdragen aan de OUV, waardoor rijkdom van het erfgoed volledig verandert.
Verandering in de meeste of alle belangrijke historisch-landschappelijke elementen of structuren; extreme visuele effecten; sterke verandering in lawaai of geluidskwaliteit; fundamentele veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; hierdoor verandert het historisch-landschappelijk karakter volledig en gaat de OUV verloren
Ingrijpende veranderingen in de setting.
Matig
Veranderingen in veel belangrijke bouwhistorische elementen, waardoor rijkdom van het erfgoed aanzienlijk verandert. Veranderingen in de setting van een historisch gebouw, waardoor rijkdom van het erfgoed aanzienlijk verandert
Klein
Veranderingen in belangrijke bouwhistorische elementen, waardoor rijkdom van het erfgoed enigszins verandert. Veranderingen in de setting van een historisch gebouw, waardoor rijkdom van erfgoed merkbaar verandert
Verandering in veel belangrijke historischlandschappelijke elementen of structuren; visuele verandering in veel belangrijke aspecten van het historische landschap; merkbare verschillen in lawaai of geluidskwaliteit; aanzienlijke veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; matige invloed op historisch-landschappelijk karakter Verandering in enkele belangrijke historischlandschappelijke elementen of structuren; geringe visuele veranderingen in enkele belangrijke aspecten van het historische landschap; beperkte veranderingen in lawaai of geluidskwaliteit; geringe veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; beperkte invloed op historisch-landschappelijk karakter
Minimaal
Geringe veranderingen in bouwhistorische elementen of in de setting, waardoor rijkdom van het erfgoed nauwelijks verandert
Zeer geringe veranderingen in belangrijke historisch-landschappelijke elementen of structuren; nauwelijks visuele veranderingen; zeer geringe veranderingen in lawaai of geluidkwaliteit; zeer geringe veranderingen in gebruik of toegankelijkheid; zeer geringe invloed op historisch-landschappelijk karakter
Geen verandering
Geen verandering in samenhang of setting
Geen verandering in elementen of structuren; geen visuele of akoestische veranderingen; geen veranderingen in belevingswaarde
Omvang van het effect (totale impact) De omvang van het effect, dat wil zeggen de totale impact van een ontwikkeling op een kernkwaliteit is afhankelijk van het belang van de kernkwaliteit en de omvang van de verandering. Voor iedere beschreven kernkwaliteit wordt de omvang van het totale effect bepaald aan de hand van een vijfpuntsschaal: van neutraal tot zeer groot. De effecten in relatie tot de voorgenomen ontwikkeling kunnen zowel positief als negatief zijn. De onderstaande Tabel 2 uit de Leidraad laat de verbinding tussen de omvang van de verandering en de omvang van het effect zien.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
12 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Tabel 2 Scoretabel omvang of ernst van het effect en de omvang van het effect (of totale impact)
OMVANG EN ERNST VAN EFFECT WAARDE VAN ERFGOED
Geen verandering
Minimale verandering
Kleine verandering
Matige verandering
Grote verandering
OMVANG VAN EFFECT OF TOTALE IMPACT (NEGATIEF OF POSITIEF) Voor werelderfgoederen ‘Zeer hoog’
Neutraal
Gering
Matig tot groot
Groot tot zeer groot
Zeer groot
Risico-inschatting Centraal in deze HIA staat de vraag of er sprake is van een bedreiging of risico voor de Stelling van Amsterdam als werelderfgoed. Aan de hand van de effectbeoordeling wordt een inschatting gemaakt van de bedreiging of het risico van de voorgenomen ontwikkeling voor het behoud van de werelderfgoedstatus. De wijze van uitvoering hiervan is niet uitgewerkt in de ICOMOS Leidraad. Op basis van de effectbeoordeling, ervaringen van eerder uitgevoerde HIA’s en expert judgement wordt een risico-inschatting van de voorgenomen ontwikkeling gemaakt. In Tabel 3 wordt aangegeven op welke wijze de risico-inschatting voor de werelderfgoedstatus in deze HIA is gemaakt, aan de hand van de resultaten van de effectbeoordeling. Tabel 3 Risico-inschatting in relatie tot de effectbeoordeling
Effecten
Risico-inschatting
Neutraal
Ontwikkelingen die een neutraal (of positief effect) hebben, zijn geen risico voor het behoud van de OUV. Het erfgoed loopt geen gevaar
Gering
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een gering effect een beperkt risico betekenen voor het behoud van de OUV en de kans dat het erfgoed potentieel of daadwerkelijk gevaar zal lopen
Matig
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een matig effect een behoorlijk risico betekenen voor het behoud van de OUV. De kans bestaat dat het erfgoed daadwerkelijk gevaar zal lopen
Groot
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een groot effect een wezenlijk risico betekenen voor het behoud van de OUV. Het erfgoed loopt daadwerkelijk gevaar
Zeer groot
De inschatting is dat de ontwikkelingen met een zeer groot effect een fundamenteel risico betekenen voor het behoud van de OUV. Het erfgoed loopt daadwerkelijk gevaar
Ontwikkelingen met een gering effect kunnen onder bepaalde voorwaarden gerechtvaardigd worden binnen het Werelderfgoed. Ontwikkelingen met een matig effect zijn mogelijk niet te rechtvaardigen, alleen onder strenge voorwaarden (het nee, tenzij-principe) zoals het nut en de noodzaak van de ingreep. Ontwikkelingen met een groot en zeer groot effect betekenen een wezenlijk en/of fundamenteel risico voor het behoud van de OUV en daarmee de werelderfgoedstatus. De inschatting is dat deze ontwikkelingen in principe niet te rechtvaardigen zijn binnen het Werelderfgoed, zeker wanneer andere opties beschikbaar zijn.
2.4
Begrenzing studiegebied en plangebied
In deze HIA wordt onderscheid gemaakt tussen de effecten op de OUV en bijbehorende kenmerken voor het Werelderfgoed Stelling van Amsterdam als geheel (studiegebied) en specifiek voor de locatie van de
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
13 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
voorgenomen ontwikkeling het Fort bij Kudelstaart (plangebied). In onderstaande paragrafen worden het studiegebied en het plangebied nader toegelicht.
Studiegebied Het studiegebied heeft betrekking op de (volledige) Stelling van Amsterdam, zoals die in 1996 is opgenomen in de UNESCO Werelderfgoedlijst. De Stelling van Amsterdam is een voormalige verdedigingslinie rondom de stad Amsterdam (aangelegd tussen 1880 en 1914). De verdedigingslinie bestaat uit een samenhangend systeem van 45 forten en een complex stelsel van dijken en kaden (hoofdverdedigingslijn), sluizen, kanalen en inundatievelden (watermanagementsysteem). De Stelling van Amsterdam is in totaal 135 kilometer lang en tussen de 250 meter en circa 5 kilometer breed. Het UNESCO Werelderfgoed loopt over het grondgebied van 24 gemeenten, twee provincies (Noord-Holland en Utrecht) en drie waterschappen. De Stelling van Amsterdam overlapt deels met het Werelderfgoed De Beemster en de Nieuwe-Hollandse Waterlinie die is opgenomen op de voorlopige nominatielijst voor UNESCO. Een Werelderfgoedsite kan een bufferzone hebben, een gebied dat de UNESCO-begrenzing van het Werelderfgoed omringt. De Stelling van Amsterdam heeft geen bufferzone. De begrenzing van de Stelling van Amsterdam in de Omgevingsverordening NH2020 wijkt op sommige punten af van de UNESCO-begrenzing.
Een aanpassing van deze begrenzing maakt deel uit van het nominatiedossier ‘Significante grenswijziging van de Stelling van Amsterdam met uitbreiding van de Nieuwe Hollandse Waterlinie tot werelderfgoed’, dat in januari 2019 bij UNESCO is ingediend. Omdat deze uitbreiding (nog) niet is goedgekeurd door UNESCO maakt dit geen onderdeel uit van het studiegebied in deze HIA.
Plangebied Het plangebied is dat deel van de Stelling van Amsterdam waar de voorgenomen ontwikkeling van het Zeilfort Kudelstaart is voorzien. Het gaat om het Fort bij Kudelstaart, gelegen in de gemeente Aalsmeer. De gehele ontwikkeling heeft betrekking op het fortterrein, het glacis en op de laad- en loswal in de bocht van de Kudelstaartseweg. Het fort ligt enigszins vooruitgeschoven ten opzichte van de hoofdverdedigingslinie (gemeenschapsweg Kudelstaart-Uithoorn). Naast de twee opgeblazen hefkoepelgebouwen, bevinden zich in de frontwal twee betonnen opstelplaatsen voor geschut (batterijen). Vanuit de inlaatsluis aan de achterzijde van het fort kon de Zuiderlegmeerpolder onder water worden gezet. De oorspronkelijke functie van het fort was de verdediging van de Herenweg en de Westeinderplassen. Het fortterrein is nu voor een deel in gebruik als jachthaven.
2.5
Nul-situatie en referentiesituatie
Voordat een effectbeoordeling kan plaatsvinden is het van belang de nul-situatie en de referentiesituatie te bepalen. Bij een HIA is de nul-situatie de toestand van het Werelderfgoed op het moment dat de site is ingeschreven op de UNESCO Werelderfgoedlijst, in dit geval 1996. De stand van het werelderfgoed na uitvoering van de voorgenomen ontwikkeling wordt getoetst aan deze situatie. Om de effecten van de voorgenomen werkzaamheden te kunnen beoordelen is ervoor gekozen om de situatie van januari 2020 als referentiesituatie te hanteren. Op dat moment is het terrein inmiddels in handen van Zeilfort Kudelstaart, maar zijn de ontwikkelingen nog niet uitgevoerd. Voor een goede afweging is het bovendien van belang om inzicht te hebben in de effecten van ontwikkelingen tussen 1996 (nul-situatie) en 2020 (referentiesituatie) en in de effecten van de voorgenomen ontwikkeling ten opzichte van de referentiesituatie (de situatie waarin de ontwikkeling nog niet heeft plaatsgevonden).
Nul-situatie In 1996 was Fort Kudelstaart in gebruik en beheer van de Vafamil (Vakantie Faciliteiten Militairen), die sinds de jaren ‘60 gebruik maakten van het fort (zie Figuur 2 voor de situatie in 1977). In de periode voorafgaand aan 1996 heeft de Vafamil verschillende aanpassingen aan de terreininrichting uitgevoerd. Hierbij is het forteiland ingericht als watersportlocatie, met daarbij aanlegsteigers in de fortgracht en een trailerhelling in het westen van het eiland. Ten westen van de poterne werd op het terreplein een grote loods en een kleine schuur gebouwd (Figuur 4). Hierbij is een deel van het aardlichaam verwijderd. Ten zuiden van de poterne, tussen het fortgebouw en het voorgebouw, is een overkapte bootwerkplaats ingericht. Ook is er voor 1996 een doorgang in de frontwal gemaakt (Figuur 4). In de directe omgeving van het Fort bij Kudelstaart was in 1996 al sprake van glastuinbouw in de omliggende Legmeerpolder en verspreidde bewoning langs de
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
14 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Kudelstaartseweg in de vorm van veelal vrijstaande huizen. In het nominatiedossier van het werelderfgoed zijn topografische kaarten opgenomen van de nul-situatie in 1996 (Figuur 1).
. Figuur 1. Fort Kudelstaart en omgeving op het moment van inschrijving als werelderfgoed in 1996.
Referentiesituatie In deze HIA is de situatie van januari 2020 als referentiesituatie genomen. Dit moment is gekozen omdat de ontwikkeling zelf nog niet is uitgevoerd, maar er wel al enkele wijzigingen zijn uitgevoerd ten opzichte van de nulsituatie. De voorgenomen ontwikkeling wordt daarom getoetst aan de referentiesituatie. In de periode 2015 – 2020 zijn beide loodsen verwijderd en is ook de bootwerkplaats ten zuiden van de poterne verwijderd (Figuur 5 en Figuur 6). Daarnaast is door Zeilfort Kudelstaart B.V. een dakbedekking aangebracht op het dak van de fortgebouwen. Ook is opstand (begroeiing) verwijderd en is er een laag van de aarden vulling in de zuidelijke hefkoepel verwijderd. In een van de voormalige manschapslokalen in het fortgebouw is een verrotte vloer deels ingestort.
Figuur 2. Op de bladzijde hiernaast: luchtfoto van het fort uit 1977 (Bron: RCE, foto van Capital Press Schiphol, documentnummer 223.292). Figuur 3. Op de bladzijde daarnaast: een satellietopname van Fort Kudelstaart uit 2004 (bron: Google Earth). Figuur 4. Op de bladzijde daarnaast: weergave van de ruwe rasterdata uit het AHN3. De data is ingewonnen in 2017.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
15 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
16 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
17 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
18 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Figuur 5. De noordwestelijke zijde van het terreplein, gezien vanaf het dak van de poterne. Links de voormalige locatie van de loods met daarachter de geschutsemplacement en de restanten van de hefkoepel. Rechts is de nieuw aangebrachte dakbedekking zichtbaar. (Foto: Floor van Gils 08-01-2021).
Figuur 6. De zuidoostelijke zijde van het terreplein, gezien vanaf de poterne. Op de voorgrond is de geschutsemplacement en daarachter de restanten van de hefkoepel (Foto: Floor van Gils 08-01-2021).
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
19 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
3
GESCHIEDENIS EN BESCHRIJVING VAN DE SITE
De kern van dit hoofdstuk wordt gevormd door de SOUV, de aspecten authenticiteit en integriteit en een beschrijving van de kernkwaliteiten van de OUV van de Stelling van Amsterdam. De beschrijving van de OUV in het volgende hoofdstuk is een, naar het Nederlands vertaalde samenvatting van de verklaring. De volledige beschrijving van het Werelderfgoed en de uitzonderlijke universele waarde ervan zijn te vinden op de website van UNESCO (zie bijlage 2). Na de OUV wordt in dit hoofdstuk ingegaan op de ontwikkeling en lokale geschiedenis van het fort zelf, dat tevens een beschermd rijksmonument is en de provinciale monumenten: Kudelstaartseweg 99 en 101 (Fortloods, conducteurswoning (in Fortbocht) en nabijgelegen grenspalen (03 en 05); Kudelstaartseweg/ Fortbrug (ontvangkom van de inlaatsluis en de inlaatsluis) en de Liniedijk Kudelstaart-Uithoorn. Er wordt een beschrijving gegeven van de historische ontwikkeling en het karakter van het studiegebied: het historische landschap met de bijbehorende inrichtingspatronen, begrenzingen en nog bestaande historisch-landschappelijke- en cultuurhistorische elementen. Ook wordt ingegaan op de staat van het geheel, individuele kenmerken en onderdelen, fysieke kenmerken, zichtlijnen en eventuele associaties die met de kenmerken samenhangen.
3.1
OUV van de Stelling van Amsterdam
Hieronder is in schuine tekst de Nederlandse vertaling opgenomen van de SOUV. Dit is de oorspronkelijke (vertaling van de) tekst zoals die is opgesteld in 1996. Tussendoor is in de niet-schuingedrukte tekst aangegeven wat specifieke kenmerken zijn van de OUV. In het daaropvolgende hoofdstuk is gekeken hoe de OUV van toepassing is op de lokale situatie ter plaatse van Fort Kudelstaart. Korte samenvatting De Stelling van Amsterdam is een volledige ring van forten met een lengte van meer dan 135 km rondom Amsterdam. De verdedigingslinie is aangelegd tussen 1883 en 1920 en bestaat uit een ingenieus netwerk van 45 forten en een complex stelsel van dijken, sluizen, kanalen en inundatiepolders. Het is een belangrijk voorbeeld van een verdedigingssysteem waarbij stukken land tijdelijk onder water worden gezet. Sinds de zestiende eeuw gebruikt Nederland zijn bijzondere waterbouwkundige kennis voor verdedigingsdoeleinden. Het gebied rondom de forten is verdeeld in polders, die op verschillende hoogten liggen en omringd zijn door dijken. Elke polder heeft zijn eigen inundatiesysteem. De diepte van het water in de ondergelopen gebieden was een cruciale factor voor het succes van de Stelling: het water moest te diep zijn om eenvoudig door te waden, maar zo ondiep dat het niet bevaarbaar was. Het waterpeil werd geregeld door middel van inlaatsluizen en stuwen.
Op de zogenoemde accessen (strategische locaties waar de verdedigingslinie werd doorsneden door wegen of spoorlijnen) werden forten gebouwd. Deze forten werden nauwkeurig geplaatst op maximaal 3500 m van elkaar, een afstand die werd bepaald door het bereik van het geschut in de forten. De oudste zijn gebouwd van bakstenen, de nieuwere van beton. De landforten hebben een belangrijke rol gespeeld in de wereldwijde ontwikkeling van de militaire bouwkunst. Ze markeren de overgang van de opvallende (bak)stenen forten met kazematten uit de traditie van Montalembert naar de bouwwerken van staal en beton die hun hoogtepunt bereikten in de Maginotlinie en de Atlantikwall. De combinatie van vaste posities en de inzet van mobiele artillerie tussen de forten was ook een moderne ontwikkeling.
Hoofdverdedigingslijn Criterium (ii): De Stelling van Amsterdam is een uitzonderlijk voorbeeld van een omvangrijk geïntegreerd Europees verdedigingsstelsel uit de moderne tijd dat nog volledig intact is en goed bewaard is gebleven sinds de aanleg in de late negentiende eeuw. Zij maakt deel uit van een continuüm van verdedigingsstrategieën die enerzijds afhankelijk waren van de aanleg van de Stelling en anderzijds delen ervan beïnvloedden in de periode direct voor en na de Tweede Wereldoorlog.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
20 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
De hoofdverdedigingslijn heeft als belangrijkste kenmerk de liniedijk zelf. Deze lijn volgt de volledige omtrek van de Stelling en wordt alleen onderbroken door het Markermeer en het Noordzeekanaal. De liniedijk kon verdedigd worden door verschillende batterijen en nevenbatterijen.
Militair systeem Criterium (iv): De forten van de Stelling zijn een uitzonderlijk voorbeeld van een omvangrijk geïntegreerd verdedigingsstelsel uit de moderne tijd dat nog volledig intact is en goed bewaard is gebleven sinds de aanleg eind negentiende eeuw. Ze laten de overgang zien van bouwen met baksteen in de negentiende eeuw naar het gebruik van gewapend beton in de twintigste eeuw. Deze overgang, waarin werd geëxperimenteerd met het gebruik van beton en dan met name ongewapend beton, is een periode in de Europese architectuurgeschiedenis waaruit slechts weinig materiële resten bewaard zijn gebleven. Het belangrijkste kenmerk van het militair systeem is de relatie tussen de hoofdverdedigingslijn en de vooruitgeschoven forten. Deze relatie wordt onder andere kenbaar gemaakt door de kazematten en geschutsopstellingen met hun bijbehorende schootsvelden. Deze zijn zo gepositioneerd dat de volledige Stelling van Amsterdam werd gedekt. De kringenwet is een tastbaar onderdeel van dit systeem en heeft ertoe geleid dat een groot deel van de Stelling van Amsterdam lange tijd niet bebouwd is. De materialisatie van de forten verbeeldt de stand van de militaire technologie tijdens de aanleg, met de aanaardingen als belangrijk visueel kenmerk van de forten.
Watermanagementsysteem Criterium (v): De Stelling is ook bijzonder vanwege de unieke manier waarop het Nederlandse waterbouwkundige vernuft is toegepast op de verdediging van de hoofdstad. Het belangrijkste kenmerk van het watermanagementsysteem zijn de inundatievelden en de daarbij behorende elementen. Specifiek gaat het dan om de inundatiesluizen en ontvangstkommen, maar ook de dammen en andere kleinere sluizen die werden gebruikt bij het reguleren van het waterpeil. De fortgrachten van de forten zelf maken ook onderdeel uit van het watermanagementsysteem en zijn een voortvloeisel uit het concept om water te gebruiken bij de verdediging.
Integriteit De onderdelen van de Stelling van Amsterdam vormen samen een volledig geïntegreerd verdedigingssysteem. De verdedigingswerken zijn in de afgelopen veertig jaar niet gebruikt voor militaire doeleinden. Doordat het omliggende gebied tientallen jaren een afgesloten militaire zone is geweest, was het beschermd tegen ontwikkeling, maar in de toekomst zouden ontwikkelingsplannen de locaties kunnen bedreigen. De ring van forten vormt een groep van verbonden gebouwen en andere bouwwerken waarvan de homogeniteit en positie in het landschap volledig onveranderd en herkenbaar zijn gebleven. De dijken, liniewallen, waterwerken, forten, batterijen en andere militaire bouwwerken van de Stelling vormen samen de hoofdverdedigingslinie en bepalen de structuur van het landschap. Authenticiteit De vestingwerken zijn bewaard gebleven zoals ze zijn ontworpen. De gebruikte materialen en constructies zijn eveneens ongewijzigd. Op sommige plekken is er sprake van achterstallig onderhoud. De Stelling heeft geen gereconstrueerde onderdelen.
De uitzonderlijke universele waarde is gelegen in de authenticiteit van het ontwerp (de typologie van de forten, sluizen, batterijen, liniewallen), het gebruik van specifieke materialen (baksteen, ongewapend beton, gewapend beton), het vakmanschap (de zorgvuldige bouw blijkt uit de bouwkundige staat en de perfecte uitvoering) en de bouwwerken in hun omgeving (als een onderling verbonden militair systeem in het cultuurlandschap van polders en steden).
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
21 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
De Stelling van Amsterdam is een samenhangend, door de mens gemaakt landschap dat duidelijk is gevormd door de manier waarop natuurlijke elementen als water en bodem zijn verwerkt in een bouwkundig systeem.
3.2
Fort bij Kudelstaart
Voor het Fort bij Kudelstaart is een cultuurhistorische verkenning uitgevoerd door BunkerQ (Meijer, 2013) en recent nog een bouwhistorische verkenning (HylkemaErfgoed, 2020). Omdat de informatie over de achtergrond van het fort in deze onderzoeken reeds is beschreven tot een diepgang die groter is dan die nodig is voor dit rapport, wordt de omschreven tekst van het fort uit het rapport van BunkerQ hieronder integraal opgenomen. De tekst na deze zin komt uit het rapport van BunkerQ (Meijer 2013), er zijn wel extra verwijzingen naar figuren aangebracht.
3.2.1
Beschrijving van het fort (uit BunkerQ)
Het Fort Kudelstaart is een variant op het standaardmodel A. Het was bedoeld om de accessen van de Kudelstaartseweg en de, bevaarbare, Westeinderplas af te grendelen. Het bestaat uit een aardwerk omgeven door een fortgracht. Oorspronkelijk was het fort bereikbaar via een brug. De brug is na de tweede wereldoorlog vervangen door een dam. Dit vanwege de bereikbaarheid van het fort voor zwaar verkeer (Figuur 7). Aan de keelzijde van het fort is een sluis gesitueerd waarmee vanuit de Westeinderplas de Zuidelijke Legmeerpolder kon worden geïnundeerd. De sluis is medio 2007 op kosten van de gemeente Aalsmeer gerestaureerd (Figuur 2 en Figuur 4). Even verderop ligt ten noordoosten van de Kudelstaartseweg de originele genieloods uit 1894. De genieloods is in particulier bezit en wordt gebruikt als kantoorruimte, atelier en expositieruimte. Naast de loods staat een recentelijk gereconstrueerde fortwachterswoning en achter de loods bevinden zich twee originele ´conducteurs´-huisjes. Deze waren gebouwd voor de toenmalige conducteur en de waarnemend conducteur der artillerie. Deze werkten als een soort van magazijnmeesters en beheerden de munitievoorraden en geschutsstukken (Figuur 2). Voorbij de fortbocht in de richting van Kudelstaart heeft in de bocht naar links een troepenloods gestaan.
Deze loods stond daar ten tijde dat de gebouwen op het fort nog niet gereed waren, dus van 1893 tot en met 1906. Opmerkelijk is dat de loods aan de frontzijde stond. Echter bij een vijandelijke aanval zouden de troepen stelling nemen op het fort en kon de loods afgebrand worden. Op het fort zelf is een betonnen hoofdgebouw ingericht. Dit gebouw heeft centraal in het midden een ruime poterne waar de vleugels van de kazerne en het frontgebouw op aansluiten. Voor de aansluiting met het frontgebouw zijn aan weerszijden van de poterne dubbele stormdeuren aangebracht. Troepen konden in de poterne een beschieting afwachten en na beëindiging ervan snel weer positie nemen op de frontwal. De kazerne bestaat uit twee ten opzichte van elkaar licht naar binnen geknikte vleugels van elk zo´n 70m lengte. De vleugels zijn opgedeeld in 13 traveeën. De eerste traveeën naast de poterne werden gebruikt als voorraadmagazijn, telegrafiekantoor en het bureau van de fortcommandant. De volgende vijf tot zes traveeën werden ingericht als manschappen verblijf. Ter hoogte van de geschutskazematten waren munitiemagazijnen ingericht. Voorbij de kazematten waren sanitaire ruimtes ingericht. De geschutskazematten waren gepositioneerd aan de keelzijde van het fort om te beschermen tegen vijandelijk vuur vanaf het front.
Zij waren ingericht om met behulp van 100mm kanonnen en mitrailleurs groot flankementsvuur af te geven. Zij bestreken dus het gebied tussen het Fort Kudelstaart en de Forten Aalsmeer en de Kwakel. Eventueel kon revers, naar achteren gericht, vuur afgegeven worden, mocht de vijand onverhoopt toch zijn doorgedrongen. Het frontgebouw was voornamelijk ingericht als manschappenverblijf. Eén ruimte was magazijn en op het frontgebouw was een waarnemingskoepel geplaatst. Via een smal ijzeren trappetje, nog steeds aanwezig, kon een soldaat positie nemen onder de koepel en had 360° uitzicht. Via een spreekbuisstelsel en later een telefoonverbinding, stond de waarnemer in contact met de fortcommandant.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
22 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
In de keelmuur van het frontgebouw, buiten de stormdeuren, zijn aan weerszijden van de poterne een zestal privaatnissen gespaard. Deze mochten echter uitsluitend tijdens belegering gebruikt worden. In vredestijd moest maar gebruik gemaakt worden van een latrine boven de fortgracht. De zuidwestzijde van het fort wordt gevormd door de frontwal. Een aarden wal die het terreplein beschermt tegen vijandelijk aanvalsvuur. In de frontwal zijn banketten opgenomen waarop de infanterie positie kan nemen om vijandelijke bestormingen af te slaan. Bij het standaardmodel A wordt deze infanterie ondersteund door twee kanonnen die in de frontwal onder een hefkoepel zijn geplaatst. Het zijn 60 mm snelvuurkanonnen die de aanstormende vijand van nabij onder vuur moest nemen. Tevens werd de infanterie ondersteund door zware mitrailleurs. Met name aan de zijde van de Westeinderplas was dat gewenst. De hefkoepels zijn gedurende de Tweede Wereldoorlog door de bezetter gedemonteerd en afgevoerd naar Duitsland. De sokkels zijn met explosieven onklaar gemaakt en de achter gebleven kraters werden met puin gevuld. Bijzonder aan het Fort Kudelstaart is dat er in de frontwal twee dubbele geschutsemplacementen zijn ingericht. Deze emplacementen hadden eigenlijk achter de geniedijk, de hoofdweerstandlijn, hun plek hebben moeten vinden.
Terreingesteldheid en de schootsveldmogelijkheden bleken echter van dien aard dat bij dit fort een uitzondering gemaakt wordt ten opzichte van andere forten van de Stelling van Amsterdam. Beide emplacementen zijn voorzien van betonnen afwachtingruimten en zijn nog bijna volledig op het fort aanwezig. Het fort is omgeven door een fortgracht die rondom omzoomd wordt door een doorgaand glacis. Bij de inrichting van de jachthaven is in de noordwesthoek van het glacis een 20 meter brede doorvaart gegraven naar de Westeinderplas. Sinds de vroege jaren 1960 is het Fort in gebruik als jachthaven voor (ex)defensiepersoneel. Vafamil (Vakantie Faciliteiten Militairen) heeft sindsdien het beheer over het fort. Dit heeft tot gevolg gehad dat inmiddels de gehele waterkant voorzien is van een hoge beschoeiing en loop- en aanlegsteigers. Het terrein aan de keelzijde en vrijwel het volledige terreplein zijn verhard door middel van klinkerbestrating en stelconplaten. Op de dam staat een groot hek die het fort afsluit voor onbevoegden. Naast de zuidoostelijke geschutsopstelling staat een botenlift op gesteld. Van het hoofdgebouw zijn enkele ruimtes in gebruik als kantoor voor de havenmeester en een kantine. In de uiteinden zijn sanitaire voorzieningen aangebracht ten behoeve van het gebruik door havengasten. Veel ruimtes staan leeg of worden gebruikt als opslag.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
23 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Figuur 7. Historische ontwikkeling van het plangebied. Op de afbeelding van 1970 is het fort weggelaten, het was gebruikelijk om militaire terreinen niet aan te geven op civiele topografische kaarten.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
24 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
3.2.2
Kernkwaliteit hoofdverdedigingslijn
Liniedijk (hoofdverdedigingslijn) De hoofdverdedigingslijn is gelegen langs de Westeinderplassen en de Legmeerpolder ten oosten en westen van Kudelstaart. De liniedijk volgt hier de reeds aangelegde polderdijken waarbij het gebruik maakte van het bestaande terrein en verhoging. De liniedijk diende als waterkering bij inundatie van de Legmeerpolder. Daarnaast bood de dijk bescherming bij verplaatsing van materieel (Vesters, 2015). Het Fort bij Kudelstaart is hier opgezet als een vooruitgeschoven post en ligt circa 250 m voor de hoofdverdedigingslijn. Het fort zelf snijdt hier door de Kudelstaartseweg, voorheen de Heerenweg, wat een belangrijke verbindingsweg was tussen Amsterdam en Den Haag. Het Fort bij Kudelstaart was verbonden met de liniedijk via de Kudelstaartseweg. Deze weg maakt onderdeel uit van de ringdijk van de Westeinderplassen en bleef zodoende voldoende toegankelijk tijdens inundaties. De hoofdverdedigingslijn is op dit moment ingericht als verkeersweg, met als gevolg dat de scherpe knik in de oorspronkelijke lijn is afgevlakt, daar waar nu de splitsing Kudelstaartseweg – Bachlaan is. De Bachlaan zelf is gelegen onder de dijk, waardoor de liniedijk hier nog goed zichtbaar is. Voor wat betreft het systeem van de hoofdverdedigingslijn kan gezegd worden dat deze ter plaatse van het fort gaaf is.
Figuur 8. De liniedijk met fietspad (hoofdverdedigingslijn) Vanaf Kudelstaart tot Uithoorn loopt de vuurlinie, die hier bestaat uit de liniedijk of liniewal (Figuur 8 en Figuur 9). De vuurlinie is een aarden wal die loopt van Fort bij Kudelstaart en de buurtschap Vrouwentroost, langs het dorp De Kwakel (met het Fort bij De Kwakel) naar Uithoorn waar het eindigt nabij Fort aan de Drecht en Fort bij Uithoorn. De vuurlinie maakt onderdeel uit van de hoofdverdedigingslijn van de sector Ouderkerk. De liniewal volgt de oorspronkelijke bedijking van de Hoornmeerpolder, de Legmeerpolder en de Thamerpolder. De oorspronkelijke bedijking tussen Aalsmeer en Uithoorn werd voor de militaire bestemming aangepast, onder andere door de aanleg van zes aarden batterijen, twee damsluizen en een met de dijk meelopende gemeenschapsweg. De liniewal had zowel de functie van waterkering als van gedekte gemeenschapsweg. De aanpassingen zijn tussen 1890 en 1895 uitgevoerd. Op de liniewal werden twee rijen vlierbomen aangeplant, omdat de beplanting met meidoorn te duur werd geacht (Natuurlijke Zaken, 2020). Voor de vuurlinie liggen de forten: Fort bij Kudelstaart, Fort bij De Kwakel, Fort aan de Drecht en Fort bij Uithoorn. Zij liggen in een vooruitgeschoven positie ten opzichte van de Vuurlijn. Door elkaar wederzijds met flankerend vuur te ondersteunen vormden zij een gesloten front.
De forten hadden tot taak de toegangswegen en vaarwegen te beschermen. In de wal lagen een zestal aarden batterijen. Twee zijn nog
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
25 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
goed herkenbaar, van twee is de situatie nog wel herkenbaar en twee zijn door wegconstructies geheel verdwenen (Provincie Noord-Holland, 2021). De liniedijk in de gemeenten Aalsmeer en Uithoorn is beleefbaar en herkenbaar. In Aalsmeer wordt de stelling gevormd uit de Westeinderplassen, het Fort bij Kudelstaart en de Geniedijk langs de Bachlaan. De Geniedijk wordt geflankeerd door een fietspad. De wal zelf is nog redelijk herkenbaar al is het profiel vooral in het dorp flink geërodeerd. De nevenbatterijen zijn verdwenen al zijn de grondlichamen nog herkenbaar. Er is geen beplanting meer aanwezig. De dijk is verpacht en wordt begraasd met schapen (Natuurlijke Zaken, 2020). De liniewal wordt doorsneden door de N231 Legmeerdijk. De originele situatie rond de liniewal is behouden (het open polderlandschap voor en achter de dijk). De forten liggen ingesloten in de bebouwing en het glastuingebied waardoor de Stellingzone niet meer als open ruimte herkenbaar is. Op een aantal punten zijn er woningen gebouwd. De linie is aangewezen als provinciaal monument.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
26 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
Figuur 9. Overzichtskaart kernkwaliteit Hoofdverdedigingslijn.
Onze referentie: D10026592:18 - Datum: 19 maart 2021
27 van 54
HERITAGE IMPACT ASSESSMENT ONDERNEMINGSPLAN FORT KUDELSTAART
3.2.3
Kernkwaliteit militair system
Systeem van militaire elementen De actieve verdediging van de Stelling van Amsterdam bestaat bij Kudelstaart in de gemeente Aalsmeer uit het Fort bij Kudelstaart, met ten oosten het Fort bij De Kwakel en ten westen het Fort bij Aalsmeer. De hoofdtaak van de forten was het afsluiten en verdedigen van accessen waarover de vijand makkelijker de stad Amsterdam kon naderen dan via de inundaties. Het Fort bij Kudelstaart ligt langs de Westeinderplassen langs de Linie Kudelstaart – Uithoorn. Het doel van het fort was het afsluiten en verdedigen van de Herenweg en de Westeinderplassen. De positie van de forten is ongewijzigd, maar de context is drastisch veranderd door nieuwe (stedelijke)ontwikkelingen en uitbreiding van de kassen voor de glastuinbouw. Daardoor zijn het Fort bij Kudelstaart, het Fort bij De Kwakel en het Fort bij Aalsmeer geïsoleerd komen te liggen. Fort bij Kudelstaart Het Fort bij Kudelstaart ligt aan de Westeinderplassen en heeft een vooruitgeschoven positie ten opzichte van de hoofdverdedigingslijn. De vooruitgeschoven positie was noodzakelijk om de bestaande bebouwing van het achtergelegen buurtschap Vrouwentroost buiten het vuurbereik van het flankementsgeschut te houden. In de frontwal zijn aan weerzijden in beton uitgevoerde frontbatterijen geplaatst. Deze zijn zo gesitueerd, dat de Westeinderplassen en de voorliggende dijk konden worden bestreken.