Agendabundel
Tekst van het document
Beleidskader sociale basis 2025-2030 Terugblik 2020-2024 Regioaanpak 'Veiligheid voor elkaar' | 8
jaar een casuïstiek- of netwerkbijeenkomst waar formele en informele organisaties van en met elkaar van casussen kunnen leren. Informele partners zijn onmisbaar De kracht van de informele partners is dat zij laagdrempelig zijn, aansluiten bij de doelgroep en op die manier een grote groep Amsterdammers bereiken. Voorbeelden van zulke partners zijn bijvoorbeeld vrijwilligers- of zelforganisaties, emancipatiegroepen of buurthuizen. De informele partners kunnen steun en een netwerk bieden, helpen op die manier buurtbewoners in hun kracht te zetten, maar kunnen ook stimuleren om melding te maken of aangifte te doen en daarbij begeleiding bieden. Informele partners zijn dus onmisbaar in het tegengaan van huiselijk geweld, kindermishandeling en seksueel geweld. Handboek voor samenwerken bij HGKM Om ook in de dagelijkse praktijk van elkaar te leren, werd in 2017 een kerngroep van dertien informele partners, de Blijf Groep en de gemeente Amsterdam opgericht. Deze informele organisaties hadden steeds vaker te maken met gezinnen waarin HGKM en seksueel geweld speelde en wilden zich inzetten voor preventie of ondersteuning van deze betrokkenen. Ook zagen zij kansen voor het versterken van de samenwerking tussen informele en formele partners en daarbij inzichtelijk te maken wat de informele partners kunnen bijdragen aan de preventie van HGKM en seksueel geweld.
Gezamenlijk is het Handboek Samen Sterker tegen Huiselijk Geweld (hierna: het Handboek) ontwikkeld en in 2021 opgeleverd. Het Handboek geeft handvatten aan informele organisaties om met situaties van HGKM om te gaan, om het gesprek met formele organisaties aan te gaan over samenwerking en geeft aan waar organisaties rekening mee moeten houden in hun (vrijwilligers)beleid en het vergroten van de expertise. Om het Handboek te lanceren en aandacht te genereren voor het werken met het Handboek organiseerde de gemeente Amsterdam in december 2022 een conferentie Heel Amsterdam samen sterker tegen HGKM. In 2023 is het Handboek van een update voorzien; zo is er onder andere een leeswijzer toegevoegd, is de route voor situaties van seksueel geweld opgenomen en is er een bijlage opgenomen waarmee vrijwilligersorganisaties zelf een routecode voor HGKM/SG kunnen opstellen. Daarnaast vond in 2024 wederom een conferentie plaats, hierbij stond het thema seksueel geweld centraal en was er gelegenheid om de verbinding tussen formele en informele partners te verstevigen. Tot slot wordt in aanvulling op het Handboek in 2024 een werkdocument ontwikkeld. Dit werkdocument helpt formele en informele partners het Handboek eigen te maken en optimaal benutten. In al deze ontwikkelingen speelt de kerngroep een belangrijke rol door hun ervaring en expertise te delen.
De ontwikkelingen rondom het Handboek en de investering in de samenwerking tussen formele en informele partners is nog niet af. Het vraagt doorlopend aandacht van alle betrokkenen en zal dus ook in de nieuwe Regioaanpak een plek krijgen.
Ongelijk investeren voor gelijke kansen Vanuit het Amsterdamse coalitieakkoord 2022-2026 is afgesproken om in te zetten op structurele verbetering van de leefbaarheid en veiligheid in Nieuw-West, Zuidoost en Noord. Zulke verbeteringen vergen tijd en langdurige inzet, de inzet in de vorm van masterplannen beslaat dan ook een periode van 25 jaar. In de drie stadsdelen zijn samen met bewoners, ondernemers, alliantiepartners en een programmabureau integrale aanpakken opgesteld. Met deze aanpakken werken de overheid, (maatschappelijke organisaties) én bewoners samen aan de opgaven, waarbij innovatie centraal staat. Het Nationaal Programma Samen Nieuw-West zet zich in voor het terugdringen van recidive van HGKM. Vanuit het Masterplan Zuidoost wordt gewerkt aan het bestrijden van HGKM en het werken aan huiselijk geluk. Beide programma’s kenden een opstartfase met planvorming, waarbij het werken op deze nieuwe manier samen met de bewoners, ervaringsdeskundigen en formele en informele organisaties veel afstemming vergde. Inmiddels zijn de eerste stappen gezet, zo is er in Nieuw-West een analyse uitgevoerd om de problematiek en de betrokkenheid van organisaties beter in beeld te brengen, starten er op korte termijn een debatreeks over huiselijk geluk en een supportgroep voor plegers en worden dialoogsessies georganiseerd met bewoners en betrokken organisaties.
In Zuidoost zet het netwerk Gewel(dig) in huis zich in om in gesprek te gaan met sleutelpersonen die huiselijk geweld kunnen signaleren. De komende periode wordt vanuit gelijkwaardigheid met bewoners, lokale professionals, informele en formele organisaties samengewerkt om tot een gericht plan te komen voor het verbeteren van de preventie en aanpak van HGKM.
2.5 Verbinding tussen het zorg- en strafdomein Naast de verandering in het stelsel, de versterking van de samenwerking tussen jeugdzorg en volwassenen GGZ en het verstevigen van de voorkant via de sociale basis, is het van groot belang dat er ook inzet is op de achterkant van het probleem; bij de plegers. Om dat te bewerkstelligen is een stevige verbinding tussen het zorg- en strafdomein noodzakelijk. We stelden ons daarbij als doel dat er optimale informatie-uitwisseling is tussen de zorg- en justitiepartijen. Bij een optimale informatie-uitwisseling stellen de zorgpartijen hun informatie zo vroeg en volledig mogelijk beschikbaar, zodat de strafrechtelijke beslissingen afgewogen en goed geïnformeerd plaatsvinden. Waar nodig, kan strafoplegging dan met zorg in verplicht kader worden gecombineerd. Hier moet ook tijdig afstemming over het veiligheidsplan plaatsvinden met Veilig Thuis, of in de toekomst met Blijvend Veilig, als er vanuit het strafrecht geen instrumenten ingezet kunnen worden. Hoewel hier stappen in zijn gezet, is de informatie-uitwisseling nog niet optimaal. Dit blijft daarom aandacht vragen van alle betrokken partners.
Terugblik 2020-2024 Regioaanpak 'Veiligheid voor elkaar' | 9
2.5.1
Versterken inzet op plegers
Toen de Amsterdam-Amstellandgemeenten de Regioaanpak opstelden, lieten cijfers zien dat in 96% van de gevallen van kindermishandeling de ouder de pleger was. Van deze plegers is 44% ooit zelf slachtoffer geweest. Het doorbreken van dit patroon en het stoppen van de intergenerationele overdracht is belangrijk in het stoppen van HGKM. Daarom zet de regio vanuit deze Regioaanpak in op het versterken van de aanpak van plegers van HGKM/SG. In de aanpak van HGKM ligt de focus van oudsher op de slachtoffers, wat ervoor zorgt dat het patroon van geweld niet wordt doorbroken. Door in te zetten op het versterken van de inzet op plegers worden de onderliggende oorzaken van geweld doorbroken. De inzet op plegers staat niet op zichzelf, het is een integrale aanpak waarbij de behoeften van alle betrokkenen in kaart worden gebracht. Het bieden van de juiste ondersteuning voor de pleger (naast een eventuele strafrechtelijke aanpak) draagt bij aan een veilige situatie voor het hele gezin of huishouden. Om een helder beeld te krijgen van het aanbod voor plegers van HGKM/SG liet de regio in 2023 een onderzoek uitvoeren. Dit betrof een brede inventarisatie van het huidige aanbod aan zorg en ondersteuning voor (potentiële) plegers, een analyse van het huidige functioneren van dat aanbod en aansluitend het benoemen en beschrijven van de mogelijkheden om dat aanbod nog beter te laten aansluiten.
Vanaf 2024 werken de Amsterdam-Amstelland gemeenten samen aan een integrale plegeraanpak, waarin onder andere de aanbevelingen uit het rapport een plek krijgen. Een aantal van de aanbevelingen is al in gang gezet, zo vindt in 2024 de eerste bijeenkomst van en voor plegers plaats en zijn er sociale kaarten opgesteld van hulpaanbod voor plegers van HGKM/SG. Ook zijn er sessies
8
georganiseerd met gedragsdeskundigen met als doel om interventiemogelijkheden voor plegers te bepalen. Tot slot krijgt de plegeraanpak ook een plek binnen Blijvend Veilig. Tijdelijk Huisverbod voor plegers Eén van de instrumenten die beschikbaar is voor plegers, is het Tijdelijk Huisverbod (THV). Een THV is een bestuurlijke maatregel die de burgemeester kan opleggen aan een persoon van wie een ernstige dreiging van geweld in de privésfeer uitgaat. Het doel van het THV is ingrijpen in een noodsituatie, het voorkomen van (verdere) escalatie en het op gang brengen van noodzakelijke hulpverlening. Bij de start van de Regioaanpak spraken we af dat we ervoor wilden zorgen dat de maatregel eerder in het proces wordt geïnitieerd door professionals van Gecertificeerde Instellingen, Veilig Thuis, Blijf Groep, sociale wijkteams, GGD Vangnet en de GGZ. Een THV kan namelijk helpen om escalatie te voorkomen en het geweldspatroon te doorbreken. Tussen 2020 en 2023 zijn de cijfers8 over het aantal THV’s relatief stabiel gebleven, met een lichte daling. In 2020 werden 264 risicotaxaties afgerond en 223 THV’s daadwerkelijk opgelegd, in 2023 waren dit er respectievelijk 216 en 199. Een groot deel van de THV’s werd verlengd: in 2023 werden 132 van de 199 THV’s verlengd van 10 tot 28 dagen.
Het aantal THV’s opgelegd in de regio Amsterdam-Amstelland blijft relatief laag in verhouding tot het aantal Veilig Thuis meldingen (en in vergelijking met andere steden zoals Rotterdam). Mede naar aanleiding van de dalende trend voerden de Amsterdam-Amstelland gemeenten, in samenwerking met de betrokken zorg- en veiligheidspartners, in 2021 een onderzoek uit naar de effectiviteit van het instrument THV. Hieruit bleek dat er in 70% van de gevallen sprake was van afname van de directe
Impactmonitor huiselijk geweld en kindermishandeling (cbs.nl) Terugblik 2020-2024 Regioaanpak 'Veiligheid voor elkaar' | 10
geweldsdreiging en dat in 38% ook de duurzame veiligheid in beeld kwam. Het onderzoek gaf ook aanbevelingen om het instrument verder te verbeteren, daarom zetten we vanaf 2022 in op het verhogen van het aantal THV’s en het intensiveren van de inspanningen hierbij. Deze doelstelling is echter nog niet gerealiseerd, we zullen daarom ook in de volgende Regioaanpak hier aandacht aan besteden en onderzoeken wat achterliggende oorzaken zijn. Ook zorgden we, onder andere via Veiligheid Voorop, voor een betere aansluiting met het strafrecht en mogelijkheden voor tijdelijke opvang om de hulpverlening sneller op gang te brengen. In 2023 stelden Blijvend Veilig en de Blijf Groep een geïntegreerd werkproces THV op, met als doel om een beslisboom duurzame veiligheid op te stellen voor huishoudens waar een hoog risico op (herhaling van) HGKM speelt. Hiermee kunnen betrokken professionals beter bepalen welk instrument ingezet moet worden en waar nodig tijdig een THV initiëren. Vanaf 2024 en verder zal het inzetten van THV’s ook binnen de uitrol van Blijvend Veilig een rol spelen. Preventieve THV vanuit hulpverlening THV’s kunnen ook ingezet worden als preventief middel, bij situaties die nog niet zijn geëscaleerd, maar waarbij wél sprake is van een dreiging van gevaar. De THV-procedure wordt dan door de betrokken hulpverleners gestart.
Een THV vanuit de hulpverlening wordt aangemeld bij een weegteam, bestaande uit de politie, gemeente, Veilig Thuis, Blijf Groep en de Jeugdbescherming. Deze route was echter niet zo bekend, daarnaast voelden hulpverleners terughoudendheid om de maatregel zelf te initiëren. Daarom verspreidden we in 2022 communicatiematerialen, zoals een handreiking en een weegformulier om dit traject te versterken. In die handreiking voor professionals staat informatie om hen te informeren wanneer het inzetten van een THV mogelijk is en hoe ze het aanvraagproces stapsgewijs kunnen doorlopen. Het inzetten van THV’s wordt ook opgepakt als onderdeel van Blijvend Veilig. Vanuit de gemeente Uithoorn werden ervaringsdeskundigen ingezet om professionals laagdrempelig te adviseren over casussen waarin een THV zou kunnen helpen om onveiligheid te beëindigen. Pilot THV voor specifieke doelgroep In 2020 startte een THV-pilot voor een specifieke doelgroep. Het betreft hierbij personen met een verhoogd risico op recidive vanwege zorg mijdend gedrag en/of agressieregulatie-problematiek in combinatie met verslavings- en/of GGZ-problematiek. Bij deze doelgroep werden vanaf de start van het THV kennis, expertise en interventies door de Reclassering toegevoegd aan de reguliere aanpak.
Na een positieve evaluatie in 2021, werd de aanpak in 2022 succesvol geïmplementeerd in samenwerking tussen de gemeente Amsterdam, het Actiecentrum Veiligheid en Zorg, de Blijf Groep en
9
Reclassering Nederland. In 2022 is deze werkwijze in twintig zaken toegepast, in 2023 waren dat er achttien. De Reclassering en Blijf Groep voeren, onder coördinatie van het Actiecentrum Veiligheid en Zorg continu gesprekken om de werkwijze en samenwerking te verbeteren. Samenwerken volgens één visie In 2020 vond de pilot Veelplegers HGKM plaats. Deze pilot had als doel het realiseren van directe en structurele veiligheid en herstel in het gezinssysteem, door advisering over en monitoring van de aanpak en het zorgen voor continuïteit van hulp- en zorgverlening voor alle leden van het gezinssysteem. De pilot Veelplegers was een voorloper van de landelijke aanpak MDA++. Op dit moment wordt bekeken of werkende onderdelen uit MDA++ kunnen worden toegepast binnen het Toekomstscenario. Thema-zittingen huiselijk geweld Om strafzaken met een huiselijk geweld component sneller en effectiever te behandelen, hebben het Openbaar Ministerie en de rechtbank Amsterdam in samenwerking met de Reclassering en zorg- en jeugdpartners thema-zittingen HGKM geïntroduceerd. Hierbij wordt op systematische wijze de onderliggende problematiek besproken in plaats van alleen het geweldsdelict. Doel is om herhaling of escalatie van het geweld beter te voorkomen. Afstemmen voor gerichte aanpak De samenwerking tussen straf en zorg wordt ook verbeterd via het gremium Veiligheid Voorop.
Vanuit het landelijke programma Geweld Hoort Nergens Thuis hebben het Openbaar Ministerie (hierna: OM), politie, Reclassering, Slachtofferhulp Nederland, Raad voor de Kinderbescherming, Halt en Veilig Thuis de opdracht om beter samen te werken wanneer iemand verdacht wordt van huiselijk geweld. Door beter op elkaar af te stemmen kan er een gerichte aanpak volgen en kunnen patronen worden doorbroken. Vanaf 2021 zet Veiligheid Voorop in op vier belangrijke afstemmingsmomenten: samen op bij acute onveiligheid, actie-overleg bij dreigend gevaar of risico op onveiligheid, aanpak van huiselijk geweld met Veilig Thuis & ZSM bij aangehouden verdachten en niet-vastzaken en tot slot samenwerken bij strafbare kindermishandeling. Nauwe samenwerking zorg en straf Een ander netwerk dat zich richt op het versterken van samenwerking tussen zorg en straf is het Regionaal Netwerk Zorg en Straf (hierna: RNZS)9. Het doel van het RNZS Amsterdam is om in gezamenlijkheid beter te werken voor slachtoffers, plegers en getuigen van HGKM. Het RNZS richt zich op de verbeteracties die zijn opgenomen in Veiligheid Voorop, maar werkt aanvullend daarop aan signalen die specifiek voor de regio Amsterdam-Amstelland zijn. Een van de voorbeelden is het Afstemmingsoverleg.
Deelnemers zijn OM, politie, Raad voor de Kinderbescherming, Reclassering Nederland, Veilig Thuis en gemeente Amsterdam Terugblik 2020-2024 Regioaanpak 'Veiligheid voor elkaar' | 11
Maatwerk bij strafrechtelijke aanpak De Amsterdam-Amstellandgemeenten spraken binnen de Gemeenschappelijke Regeling af dat Veilig Thuis aansluit bij het ZSM-overleg, wat staat voor Zorgvuldig Snel Maatwerk. In dit overleg wordt maatwerk geleverd via een strafrechtelijke aanpak die recht doet aan de belangen van de dader, het slachtoffer en de maatschappij. Door deel te nemen aan dit overleg zou Veilig Thuis aanvullende informatie kunnen geven over de verdachte en het gezinssysteem van die persoon, waardoor er sneller passende maatregelen genomen zouden kunnen worden. Uitbreiding wijkrechtspraak Een ander initiatief waarbij het recht beter op burgers aansluit, is de wijkrechtspraak. Het doel is om tot laagdrempelige en oplossingsgerichte rechtspraak te komen. Sinds eind 2021 behandelt de Buurtrechter in Zuidoost zaken op het gebied van schulden, strafrecht, schoolverzuim en incidenteel ook familierecht en bestuursrecht. Als het gaat om het strafrecht, worden ook huiselijk geweld zaken behandeld.
Het team van vijf vaste buurtrechters doet zittingen en voert gesprekken met veel aandacht voor onderliggende problematiek. Daarnaast voert de Buurtrechter op gemeenschappelijk verzoek bemiddelende gesprekken bij schoolverzuim, bij huiselijke conflicten of bij hulpverleningstrajecten om de voortgang te bevorderen. Het doel is om daarmee rechtszaken te voorkomen. De Buurtrechter is zichtbaar en benaderbaar, en heeft haar locatie midden in de wijk. Naast het doen van zittingen en het voeren van gesprekken, steunt en initieert de Buurtrechter initiatieven in de wijk die bijdragen aan leefbaarheid en rechtvaardigheid. De Buurtrechter werkt bij alle activiteiten samen met alle relevante zorg- en veiligheidspartners en de gemeente. De wijkrechtspraak zal uitbreiden naar Nieuw-West. Het team van de Wijkrechtspraak voerde gesprekken met bewoners, hulpverleners en instanties in Nieuw-West om op te halen welke thema’s belangrijk zijn in dit stadsdeel, wat voor soort zittingen daarbij aan sluiten en wat de Buurtrechterrechter zou kunnen toevoegen. In het najaar van 2024 wordt tijdens een ontwerpsessie besproken op welke wijze het thema HGKM onderdeel gaat uitmaken van Wijkrechtspraak in Nieuw-West.
Terugblik 2020-2024 Regioaanpak 'Veiligheid voor elkaar' | 12
3. Maatschappelijke ontwikkelingen Huiselijk geweld, kindermishandeling en seksueel geweld kunnen in alle lagen van de samenleving en op elk moment van de dag voorkomen. De aandacht voor specifieke thema’s van het probleem en mogelijkheden ten aanzien van de oplossingsrichtingen veranderen daarentegen geregeld. Nieuwe (wetenschappelijke) inzichten, nationale gebeurtenissen met daaropvolgende media- of politieke aandacht vragen daarbij aanpassingen van de professionals en de Regioaanpak. Zo was er bijvoorbeeld vanaf februari 2021 een wereldwijde pandemie, inclusief maatregelen die de maatschappij flink beïnvloedden.
Door toenemende zorgen over meiden en jonge vrouwen in Amsterdam die te maken hebben met seksueel grensover schrijdend gedrag, seksuele intimidatie en seksueel geweld is begin 2020 het programma tegen Seksuele Intimidatie en Seksueel Geweld (hierna: SISG) gestart. Het programma SISG wordt uitgevoerd door het Actiecentrum Veiligheid en Zorg (AcVZ). Aandacht voor dit probleem kwam vervolgens ook landelijk in een stroomversnelling doordat in 2022 misstanden bij The Voice of Holland groot in het nieuws kwamen.
3.1 Impact van lockdownmaatregelen Tussen januari 2020 en mei 2022 waren er in Nederland verschillende maatregelen door de wereldwijde Covidpandemie. Mensen kwamen met hele gezinnen thuis te zitten, waarbij er weinig ruimte voor ontspanning buitenshuis was. Zorg- en veiligheidspartners uit de regio zagen over het geheel genomen geen stijging in het aantal meldingen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Wel waren er zorgen die erop zouden wijzen dat er meer huishoudens zijn waar geweld of kindermishandeling speelde of dat het geweld in huishoudens toenam. HGKM is vaak niet los te zien van andere problemen zoals verslaving, financiële zorgen, opvoedstress of psychische klachten10, problemen die in deze periode mogelijk ook toenamen. Het zicht van zorg- en veiligheidspartners op HGKMen SG-problematiek nam af door verschillende lockdownmaatregelen. Het lukte partners om contact te onderhouden met bestaande cliënten, het signaleren van HGKM bij huishoudens die nog niet in beeld waren bleek moeilijker. Tijdens de pandemie deelden andere partners ook signalen over ontwikkelingen. Zo merkten partners een toename in spanningen, zorgen in gezinnen, verandering in gezondheid of somberheid en het gemis van sociale contacten. Professionals gaven daarnaast aan dat de situaties van HGKM/SG ernstiger en complexer werden.
Een van de redenen zou kunnen zijn dat het uitblijven van hulp ervoor zorgde dat de problemen opstapelden en de hulp langer
10
uitbleef. In samenwerking met de GGD en Veilig Thuis is er een publiekscampagne ontwikkeld “Quarantaine beschermt niet tegen huiselijk geweld”, om de aandacht te vestigen op signalen van huiselijk geweld en de meldingsbereidheid te vergroten. Daarnaast is er met green graffiti op de stoep bij 175 Amsterdamse supermarkten 'help mee aan een veilig thuis' geplaatst, ook zijn sociale media, mediazuilen en AT5 Informeert ingezet. Om regiobreed organisaties te helpen in de samenwerking in de coronaperiode organiseerden de regiogemeenten de onlineconferentie ‘Samenwerken in coronatijd voor de veiligheid van kinderen’. Hierbij waren 200 organisaties aanwezig die zich bezighouden met kinderen en jongeren, zoals onderwijs en kinderopvang. Centraal stond preventie van en samenwerking bij kindermishandeling. Deelnemers leerden waar ze terecht konden met zorgen en hoe er effectief kan worden samengewerkt in het belang van het kind. Hierbij kwam het gebruik van MULTIsignaal (de verwijsindex risicojongeren), privacywetgeving en gespreksvoering uitvoerig aan bod.
3.2 Seksueel geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag In oktober 2017 ontstond het initiatief #MeToo, nadat een aantal modellen en actrices zich openlijk uitspraken over het seksuele misbruik door een bekende Amerikaanse filmproducer. Dit heeft het maatschappelijk debat over seksueel geweld tegen vrouwen opengebroken en zorgde voor meer aandacht voor seksuele intimidatie en seksueel misbruik wereldwijd en heeft ook veel slachtoffers over de drempel geholpen om hulp te zoeken. In Amsterdam werd besloten om extra aandacht en inzet op het onderwerp in te zetten. Hierom ontstond het programma tegen Seksuele Intimidatie en Seksueel Geweld (hierna: SISG) bij het Actiecentrum Veiligheid en Zorg. Vanuit de Regioaanpak en het programma SISG wordt samengewerkt
Verwey-Jonker instituut: Kwestie van lange adem. Kan huiselijk geweld en kindermishandeling echt stoppen? 12 november 2020 Terugblik 2020-2024 Regioaanpak 'Veiligheid voor elkaar' | 13
in de bewustwording over en oplossingen van het probleem. In januari 2022 onthulde het programma BOOS seksueel grensoverschrijdend gedrag en machtsmisbruik binnen The Voice of Holland. Dit leidde tot verhoogde maatschappelijke-, politieke- en media-aandacht voor seksueel geweld, met als gevolg een explosieve stijging van het aantal hulp- en adviesaanvragen bij het Centrum Seksueel Geweld (CSG). Er werd in totaal 1270 keer een beroep gedaan op de hulp en expertise van het CSG; bijna een verdubbeling van het aantal hulpvragen in 2021, waarin 665 hulpvragen ontvangen zijn. Door de toegenomen aandacht kwam er landelijk en regionaal extra inzet op het thema gendergerelateerd en seksueel geweld. Zo lanceerde de Rijksoverheid in 2022 het Nationaal Actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld11 en werd een onafhankelijk regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld aangesteld. Hiermee beoogt het Rijk om het maatschappelijk debat over seksueel geweld te voeren en een cultuurverandering in gang te zetten. Ook is per 1 juli 2024 de nieuwe Wet seksuele misdrijven ingegaan, waarin meer vormen van seksueel grensoverschrijdend gedrag strafbaar zijn geworden en het nagaan van wederzijdse instemming een centrale rol heeft gekregen.
De nieuwe wet wakkert mogelijk het gesprek aan over seksueel misbruik, seksuele intimidatie en seksueel grensoverschrijdend gedrag. De verwachting is dat het aantal slachtoffers van online en offline seksueel misbruik dat naar buiten treedt, verder zal toenemen. Met het oog op de eerdere stijging van het aantal hulp- en adviesaanvragen en de komst van deze nieuwe wet zijn er extra middelen beschikbaar gesteld vanuit de GR begroting voor het CSG. Met deze extra middelen kan het CSG hulp en advies blijven bieden aan iedereen die een nare seksuele ervaring heeft meegemaakt. Inloopcentrum voor slachtoffers seksueel geweld In 2023 was er opnieuw een groei van het aantal hulpvragen. De halfjaarcijfers over het eerste deel van 2023 laten een lichte stijging zien ten opzichte van 2022; namelijk 635 hulpvragen, terwijl in de eerste helft van 2022 625 verzoeken om hulp en advies zijn ontvangen. De stijging van het aantal hulpvragen bij het CSG is ook toe te schrijven aan regionale campagnes, gericht op het bereiken van zoveel mogelijk slachtoffers in Amsterdam-Amstelland, en de daarmee gepaard gaande groei van de naamsbekendheid van het CSG. De Amsterdam-Amstelland gemeenten werken samen in een gemeenschappelijke regeling (GR) op het gebied van de aanpak van HGKM en seksueel geweld.
Burgemeester Halsema van de gemeente Amsterdam heeft begin 2023 het initiatief genomen voor een fysieke locatie waar slachtoffers van seksueel geweld binnen kunnen lopen. Samen met convenantpartners van de GR en onder de vlag van het Actiecentrum Veiligheid en Zorg (hierna: AcVZ)
11
werd een verkenning gestart naar een mogelijke locatie, die is gevonden in Amsterdam West. Slachtoffers kunnen er terecht voor psychische, medische, forensische en juridische hulp. Alle expertise op één plek. In de verkennende gesprekken over de meerwaarde van één fysieke locatie gaven slachtoffers, hulpverleners en professionals aan dat de drempel voor slachtoffers hiermee wordt verlaagd. Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling heeft op 18 december 2023 besloten tot het realiseren van de fysieke locatie in Amsterdam, dat een regionale functie heeft. De fysieke locatie, op de Elisabeth Wolffstraat 4 is op 21 oktober 2024 officieel geopend. Momenteel worden ook de mogelijkheden verkend voor het realiseren van een dependance in de regio Amsterdam-Amstelland. Het werken met een gecentraliseerd zorgaanbod op één fysieke locatie zorgt voor laagdrempelige en effectieve hulp aan slachtoffers en hun naasten. Doordat verschillende psychische, medische, forensische en juridische partners op deze locatie aanwezig zijn, kan expertise worden gebundeld en kan er meer parallel gewerkt worden, in plaats van na elkaar. Het slachtoffer staat centraal en krijgt de benodigde hulp aangeboden op één locatie en niet langer versnipperd over de regio. Hiermee verlagen we de drempel voor het zoeken naar hulp na een ongewenste seksuele ervaring.
Naamsbekendheid CSG vergroot De drempel om hulp te zoeken na een ongewenste seksuele ervaring is voor veel slachtoffers erg hoog. Het CSG doet er dan ook alles aan om met behulp van publiekscampagnes de naamsbekendheid van het CSG te vergroten en de stap om hulp te durven vragen te verkleinen. In 2023 waren er diverse regionale campagnes gericht op studenten in het voortgezet en hoger onderwijs, LHBTIQ+-personen, vrouwen en meisjes en mannen. Naast de campagnes heeft het CSG ook de taak om kennis en expertise te delen met professionals in Amsterdam-Amstelland. Zo zijn er trainingen gegeven aan diverse doelgroepen, waaronder huisartsen, docenten, politieagenten, informele organisaties en het lokale veld. Naast de driedaagse training ‘Handelen bij (een vermoeden van) seksueel misbruik’, de training ‘Seksueel misbruik en ouderschap’ en een kennissessie over het herkennen en bespreekbaar maken van seksueel geweld en seksuele uitbuiting in afhankelijkheidsrelaties bij jongeren met een niet-zichtbare beperking, is ook een muzikale lezing verzorgd over seksueel misbruik bij kinderen. Het CSG organiseerde dit in samenwerking met de stichting ‘Wij zijn M'; een stichting gericht op het doorbreken van het taboe rondom seksueel misbruik bij kinderen.
w ww.rijksoverheid.nl/onderwerpen/aanpak-seksueel-grensoverschrijdend-gedrag-en-seksueel-geweld/documenten/kamerstukken/2023/01/13/aanbiedingnationaal-actieprogramma-aanpak-seksueel-grensoverschrijdend-gedrag-en-seksueel-geweld Terugblik 2020-2024 Regioaanpak 'Veiligheid voor elkaar' | 14