230509_Kerkenvisie_Aalsmeer_klein
Tekst van het document
Kerkenvisie
In opdracht van: Gemeente Aalsmeer September 2023
Aalsmeer
Colofon Gemeente Aalsmeer
Toelichting foto’s voorpagina v.l.n.r. en van boven naar beneden
Titel
Kerkenvisie Aalsmeer
De Doopsgezinde kerk betrekt veel vrijwilligers bij
Datum
September 2023
Open Jongerencentrum ‘De Binding’. Jaarlijks organiseert
Adviseur
Kathedraaldenkers (overgedragen vanuit COUP)
De Binding 7 kampen voor zo’n 280 jongeren van 11 tot 17 jaar.
Door
Willemijn Paijmans (gemeente Aalsmeer/ COUP)
Vormgeving
Heleen Agterhuis (Kathedraaldenkers)
Achter de Oud-Katholieke Kerk ligt de Oud-Katholieke begraafplaats van
Henk Jan Lekkerkerk (Kathedraaldenkers / COUP)
St. Josef van Nederland, de oudste Oud-Katholieke begraafplaats bij een
YURR studio
kerk in Nederland. Ook is er een parkje dat toegankelijk is, maar weinig
Afbeeldingen Gemeente Aalsmeer, Kathedraaldenkers / COUP, Reliwiki
mensen kennen het. De Dorpskerk is de oudste kerk van Aalsmeer (1549) en staat in het centrum van Aalsmeer. De kerktoren is eigendom van de gemeente Aalsmeer. Naast de kerk staat het wijkcentrum Irene, met een boekwinkel en zorgactiviteiten, in eigendom van de Hervormde Gemeente Aalsmeer. De Dorpskerk kan gebruik maken van de
Copyright © 2023 Kathedraaldenkers B.V.
moderne faciliteiten van wijkcentrum Irene. De gehechtheid van dorpsbewoners aan de ‘eigen kerk’, de RK Kerk Sint Jan Geboorte Kudelstaart, is groot. De kerkleden zijn allen
De grootst mogelijke zorgvuldigheid is betracht bij het samenstellen van dit rapport. Echter voor onvolledigheden met betrekking tot deze rapportage, op welke grond dan ook, kunnen Kathedraaldenkers B.V en COUP B.V. en/of de samenstellers daarvan op geen enkele wijze verantwoordelijk worden gesteld. De door u verstrekte persoonlijke gegevens in verband met de opdracht zullen niet aan derden verstrakt worden. Op de inhoud en de presentatie van deze rapportage berust een intellectueel eigendomsrecht van Kathedraaldenkers B.V. en COUP B.V. Gebruik van inhoud en presentatie is mogelijk in overleg met Kathedraaldenkers B.V. en COUP B.V.
Kudelstaarters. De Spil in Kudelstaart is een moderne kerkzaal en onderdeel van een multifunctioneel centrum uit 2001 met seniorenwoningen (van Eigen Haard), Ons Tweede Thuis en (in onderhuur) kinderdagverblijf Snoopy. De drie functies versterken elkaar en maken gebruik van elkaars faciliteiten. Alle drie de instanties zijn voor een deel eigenaar van het complex. De kerkgemeenschap van de Christelijke Gereformeerde Lijnbaankerk is vitaal en ondernemend.
2
Inhoud Colofon Inhoud Voorwoord 1. Inleiding 2. Onderzoeksmethode 3. Feiten en cijfers 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek 5. Onderzoeksresultaten: Toekomstverwachting 6. Onderzoeksresultaten: Sterkte - zwakteanalyse 7. Onderzoeksresultaten: Enquête onder bewoners 8. Onderzoeksresultaten: Maatwerkadviezen energieduurzaamheid 9. Onderzoeksresultaten: Beleidskader 10. Conclusies & aanbevelingen Bijlage 1. Kerkenpaspoorten
3
2 3 4 5 8 10 17 29 32 37 40 41 45 57
Voorwoord Beste lezer, Voor u ligt de Kerkenvisie Aalsmeer. Een document over de toekomst van de kerkgebouwen in Aalsmeer, dat tot stand is gekomen met input vanuit inwoners, kerkbesturen en de gemeente. De gemeente Aalsmeer hecht veel waarde aan het behoud van onze kerken. Niet voor niets hebben we het overgrote deel aangewezen als monument. Maar ook het gebruik van de kerken, en de maatschappelijke en sociale rol die de kerkelijke gemeenten vertegenwoordigen, is van groot belang voor de Aalsmeerse samenleving. De kerken hebben te maken met verschillende uitdagingen en veranderingen. Daarom willen we graag met de kerkeigenaren nadenken over de toekomst van de gebouwen. Ook al is de gemeente, op de toren van de Dorpskerk na, geen privaatrechtelijk eigenaar van de kerkgebouwen. Met elkaar kunnen we samenwerken om het toekomstperspectief van de kerken te verlengen, door bijvoorbeeld samen te zoeken naar nevenfuncties, naast het religieus gebruik. Samen willen we zorg dragen voor de toekomst van deze bijzondere gebouwen in Aalsmeer. Dat is een hele opgave en vergt een lange adem. Deze visie geeft hiertoe een aanzet.
4
Willem Kikkert Wethouder Erfgoed Gemeente Aalsmeer
1.
Inleiding In ruim 500 jaar heeft Aalsmeer zich ontwikkeld van een klein dorpje met 80 woningen, waar de mensen leefden van het delven van turf, riet snijden en het houden van koeien, tot de gemeente die het nu is. Strategisch gelegen naast Schiphol, telt Aalsmeer in 2023 ruim 33.000 inwoners. Dit is voor een groot deel te danken aan de Bloemenveiling Aalsmeer, de grootste bloemenveiling ter wereld, als belangrijke economische pijler voor kwekers en anderen. In de tussenliggende tijd heeft Aalsmeer te maken gehad met ingrijpende veranderingen: oorlogen, economisch hoogtij tijdens de Gouden Eeuw, bedreigingen door het water als gevolg van een overmaat aan turfsteken en de daarop volgende droogleggingen van de meren en het noodgedwongen stoppen van de binnenvisserij (zie ook hoofdstuk 4). De rode draad door de geschiedenis lijkt te zijn dat de Aalsmeerders vindingrijk en ondernemend zijn en kansen weten te benutten. Het internationale succes van Aalsmeer in de wereldwijde fruit-, bloemenen heestermarkt is daar het bewijs van, met als belangrijkste producten: aardbeien en snijseringen. Een andere constante in deze woelige periode, is de oudste monumentale kerk die
5
Aalsmeer rijk is, de Dorpskerk. Koor, transept en oostelijke schipstravee dateren uit de 16e eeuw. Aan en in deze kerk is in de loop van de tijd ook her en der wel iets veranderd. Maar in de kern heeft de Dorpskerk de tijd doorstaan en herinnert zij ons aan de rijke geschiedenis van Aalsmeer. Een half millenium lang zijn Aalsmeerders er gedoopt, getrouwd en is er gerouwd. De kerk is doorgegeven van generatie op generatie. Echter, steeds minder Aalsmeerders gaan naar de kerk. Deze ontkerkelijkingstrend bedreigt het overgrote deel van de Aalsmeerse kerken in hun voorbestaan. Hoe kijken wij, onze generatie, aan tegen het vraagstuk of en hoe we een duurzaam toekomstperspectief kunnen vinden voor het waardevolle Aalsmeerse religieus erfgoed? Die vraag staat centraal bij het opstellen van een Kerkenvisie Aalsmeer met alle betrokkenen. Niet alleen voor de Dorpskerk, daar stopt de religieuze functie ook niet op korte termijn, maar voor al het religieuze erfgoed van Aalsmeer. De vindingrijkheid en het ondernemerschap van de Aalsmeerders kan bij het beantwoorden van deze vraag goed van pas komen.
Uit het inventariserende onderzoek blijkt dat de trend van ontkerkelijking en het leegkomen van kerkgebouwen ook in Aalsmeer van start is gegaan en de komende jaren nog niet ten einde is. Recent is een eerste kerk, de Zuiderkerk, herbestemd tot zorgcomplex met appartementen. In 2037, over 15 jaar, geeft het overgrote deel van de kerkbesturen aan onzeker te zijn over het toekomstperspectief voor de religieuze functie van hun kerk. Dit geldt voor zowel monumentale als niet-monumentale kerken. Dit antwoord heeft simpelweg te maken met een hoge gemiddelde leeftijd van deze kerkgemeenschap en geen of nauwelijks jongeren en/of aanwas van jongeren, waardoor de kerkgemeenschap per saldo steeds meer slinkt. Kerkbesturen (of overkoepelende besturen) zijn eigenaar van de kerkgebouwen en verantwoordelijk voor onderhoud en het bepalen van de toekomst van deze gebouwen. Bij de meeste kerkbesturen is de wens om het tij te keren, of om nevenactiviteiten voor de bredere gemeenschap dan alleen de leden aan te bieden en om deze gebouwen te behouden.
1. Inleiding
Maar de inzet van vrijwilligers die hiervoor nodig is en de kosten voor instandhouding en verwarming worden steeds lastiger om op te brengen. Als kerken zowel onderling, als samen met de gemeente Aalsmeer, proactief nadenken over de toekomst, vergroot dat de kans dat mooie oplossingen worden gevonden om bijzonder religieus erfgoed een betekenisvol toekomstperspectief te geven. Ontkerkelijking in Nederland Aalsmeer staat hierin niet op zichzelf. De trend van ontkerkelijking is in vrijwel heel Nederland gaande. Van de ruim 7000 kerkgebouwen in Nederland zijn er nu ongeveer 1750 herbestemd (25%). De voorspelling is dat er tot 2030 nog zo’n 1700 kerken hun religieuze functie zullen verliezen (Colliers International, Verkoop van kerken in Nederland, februari 2021). Om het bijzondere religieus erfgoed te behouden, tegen deze trend van ontkerkelijking in, heeft de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) middelen beschikbaar gesteld voor het opstellen van kerkenvisies op gemeentelijk niveau. Het gaat daarbij niet alleen om een visie op (rijks)monumentale kerken, maar op alle gebouwen die voor de eredienst zijn
6
gebouwd, van alle soorten gezindten. Het gemeentebestuur van Aalsmeer heeft het besluit genomen een kerkenvisie op te stellen. Met de rijksbijdrage is een onafhankelijk adviesbureau ingehuurd om het traject te begeleiden. Het doel van de kerkenvisie Bij het maken van de kerkenvisie liggen de vragen voor: Wat is het door kerkbesturen verwachte toekomstperspectief voor de kerkgemeenschappen en het religieuze erfgoed in de gemeente Aalsmeer? En: Waar zien we kansen om voor bedreigd waardevol religieus erfgoed een duurzaam toekomstperspectief te vinden? Om hierop een goed antwoord te kunnen geven moeten ook andere vragen worden beantwoord: • Hoe ziet het kerkenbestand van Aalsmeer eruit? • Welke rol spelen de kerken nu in hun omgeving? • Welke ambities hebben kerkgemeenten als organisatie en met hun gebouw? • Willen kerkgemeenten in hun kerk een combinatie maken met andere functies: bijvoorbeeld cultureel of maatschappelijk?
• Is het onderhoud door kerkeigenaren te bekostigen en kunnen kerkbesturen deze taak aan? • Hoe staat het met verduurzaming van de gebouwen en zijn de stookkosten op te brengen? • Wat is de cultuurhistorische waarde van de kerken, individueel en in het geheel bezien? • Welke geschiedenis van de dorpen binnen de gemeente Aalsmeer wordt door de gebouwen verteld? • Welke sociale rol spelen de kerken in hun omgeving? • Hoe kan een deels of geheel nieuwe invulling van een kerkgebouw betekenisvol bijdragen aan de toekomst van een kern of de gehele gemeente Aalsmeer? • Welke maatschappelijke behoeften in 2040 kunnen kerken, gebouwd als ontmoetingsruimten, vervullen? Kunnen we sociaal-maatschappelijke functies verplaatsen naar kerkgebouwen? Krijgen we spijt als we kerken een woonfunctie geven? Met zo'n ‘onomkeerbare’ herbestemming zal een kerkgebouw nooit meer publiek ‘beleefbaar’ zijn. Weg is weg? Of is die afweging per kerk en situatie verschillend? • Het initiatief voor het openstellen van kerkgebouwen voor evt. sociaalmaatschappelijke nevenfuncties naast
1. Inleiding
de religieuze functie en het daarmee mogelijk verbeteren van het toekomstperspectief van de kerk, ligt bij de kerkbesturen en hun gemeenschappen. In een goede samenwerking, tussen kerken onderling en tussen kerken en de burgerlijke gemeente kan krachtenbundeling plaatsvinden en kan samen proactief gekeken worden naar kansen verzilveren voor kerken en maatschappij in bredere zin. Het opstellen van een kerkenvisie helpt bij het inventariseren van de problematiek en kansen. En bij het daadwerkelijk in actie komen. Immers: • De gemeente Aalsmeer maakt beleid op allerlei terreinen die kerken kunnen raken. Denk aan: sociaal domein (zorg en welzijn), ruimtelijke ordening (leefbaarheid, parkeren), en economie (recreatie en toerisme). Ook heeft de gemeente een nuttig netwerk met overheids- en kennispartijen. Het is jammer als samenwerkingskansen onzichtbaar en onbenut blijven, omdat gemeente en kerken niet voldoende samenwerken. • Een kerkenvisie biedt de kans om het geheel van problemen te overzien. Hierdoor ontstaat inzicht en bewustwording om
7
overkoepelende thema’s te onderzoeken en gezamenlijke acties op te pakken. Zo kan proactief actie worden ondernomen, niet pas als het te laat is. • Herbestemmen of nevenbestemmen (het zoeken van andere activiteiten die naast de religieuze functie in de kerk plaatsvinden vanwege de welkome opbrengsten en/ of om als kerk van betekenis te zijn voor de omgeving) kost tijd. Het is goed als meerdere partijen financiële uitdagingen met betrekking tot onderhoud van religieus erfgoed en dreigende leegstand op tijd zien aankomen en hierop kunnen anticiperen. Dan kunnen er eerder plannen gemaakt worden voor de volgende fase. En is er genoeg tijd om te onderzoeken of er bijvoorbeeld een maatschappelijke of andere publiekstoegankelijke functie gevonden kan worden, in afstemming met de betrokken omwonenden. Dit voorkomt dat langdurige leegstand tot verval en onnodige kosten of zelfs sloop leidt. • De aantrekkingskracht van steden, dorpen en wijken, de economie en de waarden van vastgoed worden allen positief beïnvloed door de aanwezigheid van goed onderhouden waardevol erfgoed. Zo dragen kerken in een belangrijke mate bij aan een aantrekkelijk vestigingsmilieu voor nieuwe
bewoners en zijn kerken in die zin een economische drager. Het opstellen van een kerkenvisie draagt voor alle partijen in dit traject bij aan het oplossen van belangrijke vraagstukken. Daarbij zijn de rollen van de kerkeigenaren maar ook de inwoners van en organisaties in Aalsmeer, samen met de gemeente, van groot belang. Aan deze Kerkenvisie is een belangrijke bijdrage geleverd door de eigenaren van de Aalsmeerse kerken. Door hun bijdrage is er een goed beeld van de kerkenopgave in Aalsmeer ontstaan. Dit beeld legt de basis voor een gezamenlijk actieplan, waarmee de kans op een duurzaam toekomstperspectief voor de religieuze gebouwen wordt vergroot. Gezamenlijke ambitie De ambitie van dit kerkenvisietraject is om alle betrokkenen te inspireren en energie te geven om goed over de toekomst van de kerkgebouwen in Aalsmeer na te denken en om met elkaar in actie te komen. Zo kan de huidige generatie deze bijzondere gebouwen, die in belangrijke mate bijdragen aan de identiteit en leefomgeving van de dorpskernen en de gehele gemeente Aalsmeer, desgewenst, doorgeven aan volgende generaties.
2.
Onderzoeksmethode Het opstellen van een Kerkenvisie is vormvrij. Iedere gemeente is vrij om te kiezen voor een aanpak die past bij de plaatselijke context. Belangrijk bij het opstellen van een kerkenvisie is dat dit gebeurt in dialoog met de eigenaren van de kerkgebouwen en evt. andere gebedshuizen. Een kerkenvisie fungeert vaak als startpunt voor een veel langere dialoog tussen kerken en de gemeente. In de gemeente Aalsmeer zijn verschillende stappen doorlopen. De eerste, inventariserende fase, bestond uit het inzichtelijk maken van welke religieuze gebouwen er binnen de gemeente zijn en het voeren van gesprekken met de kerkeigenaren. In fase 2 is op participatieve wijze een kansenverkenning voor nevengebruik of herbestemming van kerken uitgevoerd. Ook is aan alle kerken aangeboden om een verduurzamingsscan te laten uitvoeren.
8
Participatie met eigenaren/gebruikers Er hebben eerst kennismakingsgesprekken plaatsgevonden met de vertegenwoordigers van de geloofsgemeenschappen. In totaal zijn 11 gesprekken gevoerd met de eigenaren van alle 11 kerkgebouwen. In die gesprekken is gevraagd naar feitelijke zaken rondom de geloofsgemeenschap en hun gebouwen. Er is ook gesproken over de toekomstverwachting van gebouw en gemeenschap. Deze input vormt een belangrijke bouwsteen voor het opstellen van de kerkenvisie. Naast de individuele gesprekken is er een afsluitende bijeenkomst gehouden met alle kerkeigenaren. Hierin zijn de eerste bevindingen voorgelegd en gemeenschappelijke thema’s besproken. Analyse van de opgave Op basis van de individuele toekomstverwachtingen van kerken en geloofsgemeenschappen is een breder beeld geschetst voor de gehele gemeente Aalsmeer. Hiermee is de opgave rondom religieus erfgoed in de gemeente Aalsmeer in beeld gebracht. Deze toekomstverwachting is terug te vinden in hoofdstuk 5 van deze rapportage.
Foto’s van de eindbijeenkomst met kerkeigenaren in de Oud-Katholieke Kerk in Aalsmeer
2. Onderzoeksmethode
Participatie: enquête onder bewoners Voor bewoners is een kort filmpje gemaakt met achtergrondinformatie over de ontkerkelijkingstrend en het kerkenvisieonderzoek. Bewoners zijn vervolgens uitgenodigd om mee te praten over hoe zij aankijken tegen de vraagstukken omtrent het zoeken naar een duurzaam toekomstperspectief voor kerken die bedreigd zijn in hun voortbestaan. Participatie met ambtenaren van diverse beleidsvelden
Participatie met maatschappelijke organisaties en raadsleden
Kennisbijeenkomst en maatwerkadviezen energieduurzaamheid
Met wethouder, raadsleden en vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties (Kunst en Cultuur Amstelveen (KCA), Flower Art Museum, Stichting Oud Aalsmeer en de lokale erfgoedcommissie) is eveneens van gedachten gewisseld over de opbrengsten van de inventarisatiefase van het kerkenvisieonderzoek. Ook deze inbreng is verwerkt in de Sterkte-Zwakteanalyse (hoofdstuk 6)
Tijdens de gesprekken met de kerkeigenaren is de behoefte gepeild naar een Energieadvies ten behoeve van verduurzaming van het kerkgebouw. In hoofdstuk 8 wordt verslag gedaan van de interesse van kerkeigenaren hiervoor en de resultaten.
Door middel van een workshop zijn ambtenaren van diverse beleidsterreinen binnen de gemeentelijke organisatie uitgenodigd om mee te denken over de kerkenvisie. Samen is gezocht naar raakvlakken en kansen tussen de betreffende beleidsterreinen en uitkomsten van het onderzoek. De uitkomsten zijn verwerkt in de Sterkte-Zwakteanalyse (hoofdstuk 7).
Foto van bijeenkomst met culturele organisaties en raadsleden ten behoeve van de kerkenvisie Aalsmeer
9
Paspoorten Voor alle 11 gebouwen is een zogenaamd ‘kerkenpaspoort’ opgesteld en deze vormen tezamen een overzicht van de kerkencollectie van Aalsmeer. De kerkenpaspoorten zijn als bijlage 1 aan de rapportage toegevoegd.
3. Feiten en cijfers Functioneel gebruik Op het moment van onderzoek (eind 2021) waren er van de 11 religieuze gebouwen binnen de gemeente Aalsmeer 10 in religieus gebruik. 1 kerk is herbestemd. Dit is, in vergelijking met de rest van Nederland een relatief laag percentage. Over heel Nederland is ongeveer 25% van de kerken herbestemd. De herbestemde kerk, de voormalige Zuiderkerk, vormt nu het hart van een appartementencomplex met zorgfunctie voor senioren. Er zijn nauwelijks kerken met permanente nevenfuncties naast de religieuze functie.
1
Functioneel gebruik Religieus Herbestemd
10
10
“Bij de Roemeens- en RussischOrthodoxe vieringen in onze kerk zijn wekelijks ongeveer 50 mensen aanwezig, waarvan ook een groot aantal kinderen. Bij deze vieringen worden regelmatig kinderen gedoopt.”
Functies van kerken 3. Feiten en cijfers
Religieus gebruik Herbestemd
8
3
1 2
Aalsmeer 4 5 1
Gereformeerde Gemeente in Nederland
2
Dorpskerk
3
Lijnbaankerk
4
Doopsgezinde kerk
5
Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel
6
Open Hof
7
Zuiderkerk
8
Oosterkerk
9
Heilige Petrus en Paulus
10
Heilige Johannes de Doper
11
De Spil
Kudelstaart 10
11
11
6 7
9
3. Feiten en cijfers
Hervormde Zuiderkerk. De Spil in Kudelstaart is ook een Samen op Weg-kerk behorend tot de PKN. Al sinds 1992 zijn de Hervormden en Gereformeerden hier gefuseerd tot één gemeenschap. De herbestemde Zuiderkerk. Getransformeerd naar zorgcentrum.
Denominaties De kerken binnen de gemeente behoren tot verschillende denominaties. Er zijn twee Rooms-Katholieke kerken. De Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel in Aalsmeer en de Sint Jan Geboorte in Kudelstaart. De Dorpskerk van Aalsmeer werd oorspronkelijk ook gebouwd als Katholieke kerk, maar is sinds 1577 in gebruik voor protestantse diensten van de Hervormde Gemeente in Aalsmeer. Ook de Oosterkerk in Aalsmeer is van de Hervormde Gemeente. Tot 2008 was de Hervormde Gemeente ook eigenaar van de Zuiderkerk, deze kerk is sinds 2022 herbestemd. De Hervormde gemeente Aalsmeer behoort tot de Protestantse Kerk (PKN) in Nederland. Ook de Open Hof behoort tot de PKN en is een zogenaamde Samen op Weg-kerk. De gemeenschap is ontstaan uit leden van de Gereformeerde Triumphatorkerk en de
12
Naast deze PKN kerken is de Christelijke Gereformeerde Lijnbaankerk een protestantse gemeenschap die gerekend kan worden tot de Gereformeerde traditie. De Gereformeerde Gemeente in Nederland is een kerk die behoort tot de Bevindelijk Gereformeerde traditie. Hierin wordt nadruk gelegd op de persoonlijke beleving en doorwerking van het geloof. De Doopsgezinde Kerk is een protestantse kerkstroming die in de 16e eeuw is ontstaan. In tegenstelling tot klassieke protestantse kerkgenootschappen worden in de doopsgezinde kerk volwassenen gedoopt in plaats van kinderen. Ook is er binnen de doopsgezinde kerk geen focus op vaststaande leerstellingen en belijdenissen, maar is er ruimte om geloofsbelijdenis en eloofsbeleving persoonlijk in te vullen. Ook is er in Aalsmeer een Oud-Katholieke parochie. Zij beschouwt zich als de voortzetting van de katholieke kerk van
vóór de Reformatie, die bij een later intern conflict buiten de gemeenschap met Rome kwam te staan. Ze wijst de onfeilbaarheid van de paus en diens oppergezag over andere bisschoppen af. De Oud-Katholieke kerk kent gehuwde geestelijken en heeft ook vrouwen als diaken, priester en bisschop. Ze viert een klassieke liturgie en stelt zich bij morele vraagstukken inclusief op.
De voormalige Gereformeerde kerk op de hoek van de Dorpsstraat en de N196 is rond de eeuwwisseling gesloopt. Op de locatie is nu het kantoor van een accountantsbureau gevestigd. (Foto: J. Sonneveld; Gereformeerdekerken.info)
3. Feiten en cijfers
1
2
3
1
4
2
1
5
6
7
1
1
1
4
8
Denominaties Rooms-Katholiek 9
10
11
Protestantse Kerk in Nederland Oud-Katholiek Christelijke Gereformeerde Kerk Gereformeerde Gemeente in Nederland Doopsgezinde kerk Herbestemd
13
Denominaties 3. Feiten en cijfers
Rooms-Katholiek Protestantse Kerk in Nederland Oud-Katholiek
8
Christelijke Gereformeerde Kerk Gereformeerde Gemeente in Nederland Doopsgezinde kerk
3
1
Herbestemd
2
Aalsmeer 4 5 1
Gereformeerde Gemeente in Nederland
2
Dorpskerk
3
Lijnbaankerk
4
Doopsgezinde kerk
5
Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel
6
Open Hof
7
Zuiderkerk
8
Oosterkerk
9
Heilige Petrus en Paulus
10
Heilige Johannes de Doper
11
De Spil
Kudelstaart 10
11
14
6 7
9
Bouwperiode 3. Feiten en cijfers
15
Monumentenstatus
De kerken in Aalsmeer zijn in verschillende bouwtijden tot stand gekomen. Vaak hangt de bouwstijl samen met de bouwtijd. De oudste kerk de Dorpskerk, dateert uit de 16e eeuw. Pas in 1861 wordt daarna de Oud-Katholieke H.H. Petrus en Paulus gebouwd, als opvolger van een twee eeuwen eerder gebouwde schuilkerk. Ook rond die tijd, in 1870 verrees de kerk Sint Jan Geboorte. Ruim 50 jaar later verschijnen vier nieuwe kerken: de Doopsgezinde Gemeente Aalsmeer (1926/27), de O.L.V. van de Berg Karmel (1931), de Oosterkerk (1933) en de Christelijke Gereformeerde Lijnbaankerk (1936). In de 50-er jaren van de 20e eeuw zien drie kerken het licht: de Gereformeerde Gemeente in Nederland (1955), de Zuiderkerk (1953) en de Open Hof Kerk (1956). Als laatste kerk tot nu toe, werd in 2001 De Spil gebouwd, als onderdeel van een multifunctioneel complex, met seniorenwoningen, Ons Tweede Thuis en een kinderopvangorganisatie.
In de gemeente Aalsmeer zijn vier kerkgebouwen aangewezen als gemeentelijk monument, daarnaast zijn er ook twee rijksmonumenten. Op het kaartje hieronder is aangegeven welke gebouwen dit betreft. 6
5
2
3 0
1
0
1 4
Bouwperiode Voor 1500 1500-1700 1700-1850 1850-1940 1940-1970 Na 1970 Monumentstatus Rijksmonument Gemeentelijk monument Geen status
Monumentenstatus 3. Feiten en cijfers
Rijksmonument Gemeentelijk monument Geen status
8
3 3
1 2
Aalsmeer 4 5 1
Gereformeerde Gemeente in Nederland
2
Dorpskerk
3
Lijnbaankerk
4
Doopsgezinde kerk
5
Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel
6
Open Hof
7
Zuiderkerk
8
Oosterkerk
9
Heilige Petrus en Paulus
10
Heilige Johannes de Doper
11
De Spil
Kudelstaart 10
11
16
6 7
9
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek Historie van Aalsmeer Aalsmeer werd onder de naam 'Alsmar' voor het eerst in 1133 genoemd, in een acte waarin is vastgelegd dat Aalsmeer in bezit komt van de Abdij van Rijnsburg. Voor de naam Alsmar zijn enkele verklaringen. De naam Aalsmeer is waarschijnlijk afgeleid van Alsmar, dat 'palingmeer' betekent. Maar ook Aelsmer - 'allesmeer' - els-er - ‘drassig land met elzen’ - zijn mogelijkheden. Het toenmalige gebied van Alsmar aan het Haarlemmermeer was een wildernis van lage elzen- en wilgenbossen.
Ter gelegenheid van een nieuw in te voeren belasting moesten in 1514 alle steden en dorpen in Holland informatie geven over hun financiële en economische situatie. Het dorpsbestuur van Aalsmeer verklaarde toen onder ede dat hun ambacht 80 woningen telde, waarvan er 25 werden bewoond door lieden die te arm waren om belasting te kunnen betalen. De belangrijkste bronnen van inkomsten waren het delven van turf, het snijden van riet en het houden van koeien.
De explosieve groei van Amsterdam tijdens de Gouden Eeuw had een gunstige uitwerking op de wijde omgeving. Dagelijks begaf zich vanuit Aalsmeer een sliert schuiten beladen met turf, vis, groenten en fruit richting Amsterdam, waar de lading werd uitgevent of op de markt verkocht. Tegelijkertijd ontdekten de Aalsmeerders een gat in de markt: het kweken van bomen en heesters voor de riante tuinen achter de Amsterdamse grachtenhuizen en voor de buitenplaatsen van deze gefortuneerde grachtenbewoners langs de Amstel, de Vecht en in Kennemerland. Enkele van deze kwekers specialiseerden zich in het knippen van buxus- en taxusstruiken in allerlei geometrische vormen en dierengestalten.
Aalsmeer is ontstaan als een nederzetting van ontginners. Ze begonnen in de elfde en twaalfde eeuw met het ontwateren van de enorme veenvlakte tussen de strandwallen langs de kust (de oude duinen) en de zandgronden van het Gooi en de Utrechtse Heuvelrug. Door de daling van het maaiveld als gevolg van inklinking en oxidatie werd het echter steeds moeilijker gewassen te verbouwen en moesten de Aalsmeerders noodgedwongen overschakelen op veeteelt. Al vroeg begonnen de bewoners met het vervenen van hun weilanden.
Anna C. Brouwer. Gezicht op het dorp Aalsmeer, 1793
17
De Hervorming en de Tachtigjarige Oorlog zijn niet onopgemerkt aan Aalsmeer voorbijgegaan. Tijdens het beleg van Haarlem door de Spanjaarden tussen 1572 en 1573 probeerden de Aalsmeerders, die inmiddels de zijde van Willem van Oranje hadden gekozen, de Haarlemmers te bevoorraden met turf en vis. Het kwam hen duur te staan. Het Spaanse opperbevel stuurde een strafexpeditie naar Aalsmeer. Het dorp werd geplunderd en in brand gestoken.
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Hoewel veel Aalsmeerders in de 17de en 18de eeuw goed verdienden, werden zij ondertussen in hun voortbestaan bedreigd, enerzijds door het Haarlemmermeer, anderzijds door de desastreuze gevolgen van het turfsteken. In de 18de eeuw was het water van het Haarlemmermeer het dorp tot op 150 meter genaderd. Om te voorkomen dat Aalsmeer in het Haarlemmermeer zou verdwijnen, werd in 1767 besloten de vanwege de overheersende zuidwestelijke wind kwetsbare oostoever te bedijken tussen Oude Wetering en Rietwijkeroord.
Alleen grootschalige droogleggingen konden voorkomen dat nog meer buurtschappen als Westeinde, Geilwijk, Rijshorn , Rijsdrecht en de Ruigenhoek door het water zouden worden verzwolgen. In 1650 al werd het Stommeer drooggelegd, in 1674 het Hornmeer, in 1858 de Schinkelpolder, in 1867 de Oosteinderpoel en tussen 1877 en 1883 de beide Legmeren.
Behalve door het Haarlemmermeer werd Aalsmeer ook bedreigd door talrijke andere meren en poelen, die ontstonden als gevolg van het ongebreideld turfsteken tot wel een diepte van vijf meter. De uitgeveende gronden vulden zich met water en door het voortdurend kabbelen, klotsen en beuken van het water tegen de grotendeels onbeschermde oevers ging veel land verloren. Er ontstonden grote meren als de Westeinderplassen, het Stommeer, het Hornmeer, de Oosteinderpoel en het Noorder- en Zuiderlegmeer.
Kassenlandschap Schinkeldijk, 1960.
Kuyper. Plattegrond gemeente Aalsmeer, 1867.
18
De droogmakerijen betekenden het einde van de binnenvisserij en het turfsteken. In plaats daarvan begon een groot deel van de Aalsmeerders zich toe te leggen op het kweken van bomen en heesters en het telen van groente en fruit, vooral aardbeien, die werden afgezet in Amsterdam. Een enkeling durfde het aan om ook bloemen te kweken. Wederom bleek dit een gat in de markt te zijn en schakelden de Aalsmeerders nu over op de bloemen- en plantenteelt. Eerst gewoon op de koude grond, vervolgens in kassen en ten slotte in verwarmde kassen. Honderden schoorstenen domineerden de horizon van Aalsmeer.
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
19
Sinds 1885 vindt seringenteelt plaats in Aalsmeer en sindsdien is Aalsmeer het wereldproductiegebied voor de snijseringen. Seringen zijn van oudsher gebonden aan het Aalsmeerse bovenland: de veenakkers in de Westeinderplassen. De grond is hier zo rijk aan mineralen en organisch materiaal, dat seringen hier optimaal kunnen groeien. Bovendien wordt de grond elke twee jaar aangevuld met verse bagger uit de Westeinderplassen. Deze succesformule maakt dat maar liefst 95% van de wereldproductie van snijseringen afkomstig is van de Aalsmeerse akkers op het bovenland. Begin 20ste eeuw werden twee bloemenveilingen opgericht: De Centrale Aalsmeerse Veiling aan de Marktstraat (1912) en Bloemenlust aan de Oosteinderweg. De veiling aan de Marktstraat bleek na diverse verbouwingen en uitbreidingen definitief te klein en verhuisde in 1926 naar de Van Cleeffkade. de aan de Van Cleefkade en Bloemlust aan de Oosteinderweg. In 1968 fuseerden beide veilingen tot de Verenigde Bloemenveilingen Aalsmeer. Mede dankzij het snelgroeiende en nabijgelegen Schiphol, ontwikkelde Aalsmeer zich tot het epicentrum van de bloemenhandel.
Bloemenveiling aan de Marktstraat, 1912.
Het succes van Aalsmeer vertaalde zich in een groeiend inwonertal. In 1815 telde de gemeente – inmiddels verenigd met Kudelstaart en Kalslagen – 1760 inwoners, in 1900 bijna 5000 en in 1950 12.500. Tegenwoordig telt de gemeente meer dan 30.000 inwoners. Het water zijn de Aalsmeerders echter nog niet kwijt, want bijna een derde van de ruim 34 vierkante kilometer die de gemeente beslaat, bestaat uit water.
Ontwikkeling van religie in Aalsmeer 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Katholieken
Haarlemse belofte
De eerste kerk van Aalsmeer was niet meer dan een houten hut. Deze stond mogelijk al in 1238 op of nabij de plek van de huidige Dorpskerk, over de exacte locatie bestaan verschillende theorieën. Deze kerk zou aan de apostelen Petrus en Paulus zijn toegewijd. Dit gold ook voor de latere middeleeuwse parochie, op dezelfde locatie. De oude, nu Nederlandse Hervormde, Dorpskerk was de parochiekerk. Tijdens de Reformatie (die begon in 1517) werd deze kerk toegewezen aan de protestanten en werd de katholieke eredienst verboden. Vanaf 1556 kwamen de Nederlanden in Spaanse handen en dit zou tot 1713 duren.
In een acte die zes jaar later door Dirck Volkertsz Coortnher wordt getekend, wordt Aalsmeer bedankt voor zijn inzet. In de acte wordt ook gerefereerd aan de belofte die Haarlem tijdens de hulp van de Aalsmeerders had gedaan. Bij gunstig verloop van de oorlog was het dorp Aalsmeer belastingvrijheid op de handel in turf in het vooruitzicht gesteld. Aalsmeerders waren niet alleen strijders voor een goede zaak, maar ook goede kooplieden.
De Reformatie Voor de Reformatie was de Aalsmeerse parochie een tamelijk grote parochie. In 1572 deden de Geuzen Aalsmeer aan om vanuit daar naar Amsterdam te kunnen doorstoten. De strijd tussen de Spanjaarden en de Geuzen ging aan Aalsmeer niet geruisloos voorbij. Toen op 26 mei 1573 de slag op het Haarlemmermeer plaats vond, deden daar ook Aalsmeerders aan mee. De Hollandse vloot werd op het meer verslagen, twee maanden later gaf Haarlem zich over.
20
Spaanse wraakactie Om vervolg te voorkomen en oproerlingen te demotiveren, werd een contingent Spaanse soldaten op strafexpeditie naar Aalsmeer gestuurd. Alles was toegestaan, als het maar afschrikwekkend was. Er werd geplunderd, verkracht, gemoord en brand gesticht. Ook de kerk moest het ontgelden. Daar bleef het niet bij, jarenlang mocht er niet meer op de Haarlemmermeer gevist worden en tijdens de vaart konden Aalsmeerse turfschippers gedwongen worden om het Spaanse leger van dienst te zijn.
Jan Abrahamz Beerstraten. Dorpskerk met raadhuis, 1650.
Van kruis- naar halkerk Het zal niet verwonderlijk zijn dat de dorpelingen zich al vrij snel ‘bekeerden’. De eerste predikant van de gereformeerde religie betrok in 1586 de pastorie van Aalsmeer. Het na de brand weg willen wissen van roomse sentimenten zou wel eens een aanleiding hebben kunnen zijn om de in oorsprong op het koor gerichte kruiskerk te transformeren naar een halkerk gericht op het centrum met als middelpunt de Bijbel. Aan de Rooms-Katholieke zijde is het stil tot aan het einde van de 17de eeuw. Het verbieden van de Roomse religie en eredienst, betekende echter niet dat de inwoners van priesters verstoken bleven.
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
21
Aan het Oostereind kwamen katholieken vanaf het begin van de 17e eeuw bijeen in een schuur, die later als schuilkerk werd ingericht. Pas twee eeuwen later, rond 1860, werd deze kerk vervangen door de huidige Oud-Katholieke kerk van de HH. Petrus en Paulus. Van reformatorische zijde werd heftig geageerd tegen de schuilkerk aan het Oostereind en haar pastoor. Het patronaat leeft nog altijd voort in de Oud-Katholieke Parochie aan de Oosteinderweg. Oud-Katholieke kerk Sinds de Reformatie ontstond niet alleen spanning tussen katholieken en gereformeerden in de Republiek, maar tevens tussen katholieken onderling. In 1723 vond een scheuring plaats tussen de Oud-Katholieke kerk en de Rooms-Katholieke kerk. ‘Oud-Katholiek’ werd de benaming voor die autocefale kerken die hun ontstaan danken aan de afwijzing van het Romeinse kerkcentralisme en in een later tijdperk – vanaf 1870 – van het dogma van de pauselijke onfeilbaarheid. In de 20e eeuw hebben de Oud-Katholieke kerkgenootschappen zich ontwikkeld in de richting van een sterk oecumenisch engagement.
Progressieve opvattingen over de inzegening van gelijkgeslachtelijke huwelijken en de priesterwijding van de vrouw zijn wijdverbreid. De liturgische viering is nog altijd traditioneel. Door de scheuring tussen de Oud-Katholieken en de katholieken ging de statie Aalsmeer verloren voor de Rooms-Katholieke kerk. De statie Aalsmeer werd de parochie van de Oud-Katholieke kerk van de Oud Bisschoppelijke Cleresie. Na 1723 waren het de pastoors van Bovenkerk en Kudelstaart, die de rooms gebleven Aalsmeerders verzorgden, nu er geen Rooms-Katholieke kerk meer was in het dorp Aalsmeer. De Oud-Katholieke schuilkerk kennen we uit een beschrijving uit 1653 en leek op een houten boerderij met een hoog rieten dak. Hoog opgaande iepen onttrokken het gebouw en de paden vanaf de Poel aan het zicht. Of dit gebouw de directe voorganger van het huidige kerkgebouw aan de Oosteinderweg is, is niet met zekerheid te zeggen. In 1860 begon de bouw van een nieuwe kerk en pastorie, welke in 1861 werd gewijd. De kerk kreeg de H.H. Petrus en Paulus tot patroonheiligen, net zoals de eerdere Dorpskerk en later de schuilkerk.
Achter de kerk is het Oud-Katholieke kerkhof van St. Joseph gelegen. Het is het oudste en enige Oud-Katholieke kerkhof in Nederland dat zich direct in de buurt van de kerk bevindt. Er bevindt zich ook een parkje bij, om te ‘brevieren’ (al lezend (uit religieus werk) wandelen).
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Sint Jan Geboorte in Kudelstaart
Onze Lieve Vrouwe van de Berg Karmel
In 1858 werd de statie van de Heilige Johannes de Doper Geboorte te Kudelstaart tot parochie verheven. De aftandse gebouwen aan het Robend werden afgestoten en plannen werden gemaakt voor een nieuwe kerk en pastorie in Kudelstaart, in 1870 werd het nieuwe kerkgebouw gewijd. Deze kerk werd nu de parochiekerk voor een groot gedeelte van de bevolking van Aalsmeer. Aalsmeer-oost bleef op Bovenkerk gericht.
In 1917 werd er in Aalsmeer toestemming gegeven voor de bouw van een klooster door de bisschop aan de orde van de Karmelieten. In 1921 werd het klooster ingezegend. Het plan om een kerk bij het klooster te bouwen, was te duur. Daarom werd besloten om een kerkgelegenheid in het klooster in te richten, die als bijkerk van de parochie Kudelstaart dienst zou doen. Pas in 1930, na een hoop gesteggel over de grens tussen de parochies Aalsmeer en Kudelstaart, werd uiteindelijk besloten een katholieke parochie in Aalsmeer op te richten. In 1931 werd het kerkgebouw ‘Onze Lieve Vrouw van de berg Karmel’ aan de Stommeerweg ingewijd.
Historische foto van de Sint Jan Geboorte
22
Historische foto van de Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel
Opkomst humanisme en hervormingsbewegingen. Al in de Middeleeuwen broeide er van alles op religieus gebied om de kerk van binnenuit te hervormen. Het was de opkomst van het humanisme dat aanzette tot het uiten van kritiek op het geloof. Tegenover de praktijk van de Rooms-Katholieke kerk waar alles op hiërarchie en het collectief is gericht, legde het humanisme het accent op de individuele mens. Daarnaast toonde het belangstelling voor klassieke teksten waaronder de Griekse bijbel. Het was Erasmus die in 1516 het Nieuwe Testament van de vroege kerkvaders in het Grieks uitgaf met een nieuwe Latijnse vertaling. Het was Luther die deze Bijbel in het Duits vertaalde. Dankzij de boekdrukkunst die Gutenberg rond 1445 introduceerde, kon deze in Europa worden verspreid; in twee maanden tijd was de eerste oplage van 3000 stuks uitverkocht. Het waren hervormingsgezinden als Luther (95 stellingen 1517), Calvijn (de Institutie 1536) en tussen hen in Huldrich Zwingli, die met de bijbel in de hand, niet alleen een wapen hadden om de misstanden van de kerk, maar ook die van de staat aan de kaak te stellen.
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
23
De militante voorgeschiedenis van de doopsgezinden In het begin van de 16e eeuw ontstond in Europa een ander geestelijk klimaat. Misstanden in de katholieke kerk werden aan de kaak gesteld. De hervormingsbeweging die Zwingli op gang bracht, was vooral in zijn beginjaren een nogal militante, apocalyptische en eschatologische beweging van anabaptisten (reformatorische beweging die stelt dat alleen gelovigen gedoopt mogen worden). In 1525 ontstond het Doperdom, toen in Zürich door het stadsbestuur de benoeming van predikanten werd afgewezen en de herdoop van volwassenen werd aanvaard. Dit betekende een groot gevaar voor de gevestigde katholieke orde. Hoewel deze wederdopers zwaar werden vervolgd, viel de beweging niet meer uit te roeien en verspreidde zich snel, ook over Nederland. In februari 1534 werd Münster door dopers ingenomen en uitgeroepen tot het Nieuw Jeruzalem. Alle doopweigeraars werden uit de stad verdreven. Elders werden vanaf dat moment de Wederdopers extra in de gaten gehouden. In Aalsmeer werden er twee opgepakt en op 10 april 1534 door het Hof van Holland tot de brandstapel veroordeeld.
In mei 1535 volgde nog een aanval op het stadhuis van Amsterdam. Burgemeester Colijn sneuvelde, maar de aanslag mislukte. Münster, waar een gemeenschap van goederen en polygamie was ingevoerd, werd in de nacht van 24 juni 1535 ontzet. In de stad werd een bloedbad aangericht.
een volledige samenwerking tot stand. De schuurkerk aan de Uiterweg werd afgestoten. De gemeenschap bestond nu uit 400 leden en was te groot voor het bestaande gebouw. In 1928 wordt de kerk aan de Zijdstraat naar ontwerp van architect Staal in de stijl van de Amsterdamse school, in gebruik genomen.
Ook in Aalsmeer vielen in de 16de eeuw slachtoffers onder de wederdopers. Wederdopers hielden diensten in zogeheten ‘vermaningen’. Kinderen werden niet gedoopt, maar volwassenen laten zich dopen na het schrijven van hun eigen belijdenis. In verborgen schuren werd door de voorganger gepreekt (‘vermaand’). In 1642 werd het achterste gedeelte van een woonhuis aan de Zijdstraat vermaand, de plek van de huidige Doopsgezinde kerk. Tussen 1700 en 1780 bestaan er in Aalsmeer twee Doopsgezinde gemeentes: de Friese op de Uiterweg en de Vlaams Waterlandse aan de Zijdstraat. Al gauw werd gesproken over de oude (Friese) en nieuwe (Vlaams-Waterlandse) vermaning in Aalsmeer. In 1844 gaat de vermaning aan de Zijstraat in vlammen op. De nieuwe vermaning wordt opnieuw opgebouwd in steen, en een stuk geriefelijker ingericht. Vanaf 1860 groeien de oude en de nieuwe vermaning naar elkaar toe, en in 1866 kwam
Van militant naar vredelievend Na de gebeurtenissen in Münster zette Menno Simons, voormalig pastoor uit het Friese Witmarsum, de man die de ‘mennonieten’ wereldwijd beschouwen als stamvader, de doperse beweging om in een vredelievende groepering. Politiek werd in de ban gedaan. Het dragen van een wapen was taboe. Ethiek werd heel belangrijk, wanneer doopsgezinden ruzie hebben, dan gaat het om het leven. In Aalsmeer, zie je dat aan de vele vermaningen die op een gegeven moment naast elkaar bestonden. In 1641 constateert Ds. Van Kuik, predikant van de gereformeerde gemeente van Aalsmeer, dat de Vermaning van de Oude Vlamingen in de Zijdstraat nu al de vijfde Vermaning wordt. Naast de bestaande Waterlanders, Jonge en Oude Vlamingen moeten er dus ook Oude en Jonge Friezen geweest zijn. (1534-1984 Vermaningen en Vermaners, M.J. ‘t Hart).
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
24
Van Waterstaat tot Amsterdamse School Na het samengaan van de Oude Friese, Nieuwe Friese en Vlaams-Waterlandse Vermaning in 1845 was het kerkgebouw aan de Zijdstraat (1845), met slechts 132 zitplaatsen, te klein. Besloten werd om het bestaande gebouw in de vorm van een kruiskerk uit te breiden in de toen heersende Waterstaatstijl. In 1867 werd de eerste kerkdienst gehouden. Even was er nog sprake van om op deze kerk de toren te plaatsen die eigenlijk bedoeld was voor het vervangen van de kerktoren van de Dorpskerk die wegens bouwvalligheid was gesloopt. Rond 1920 vertoonde de kerk wegens verzakking, duidelijke scheuren. Architectenbureau Maarse & Pool deed onderzoek en in 1925 werd hun restauratieplan goed gekeurd. Datzelfde jaar nog kwamen de architecten tot de conclusie dat door de slechte staat van de muren de restauratie meer zou kosten. Wegens geschonden vertrouwen deed een onafhankelijke commissie nogmaals onderzoek waaruit bleek dat de toestand nog veel erger was. Restauratie zou evenveel kosten als nieuwbouw. De kerkenraad besloot een prijsvraag uit te schrijven. Naast Maarse & Pool diende de architecten J.F. Staal, J.J. Meurs en student J.F. Berghoef, een ontwerp in, in de stijl van de Amsterdamse School.
In het voorjaar van 1926 wordt het ontwerp van J.F Staal uit Amsterdam voor uitvoering gekozen. Het ontwerp behelsde niet alleen een kerk met 600 zitplaatsen, maar ook een kosterswoning en twee onder één kap middenstandswoningen (Noord-Hollands Archief).
De dominee klaagt dat er vijf vermaningen in Aalsmeer zijn en Roomse schuilkerken, maar de overheid laat het oogluikend toe. Zolang zij wat geld onder tafel doorschuiven, grijpen schout en baljuw niet in.
De Nederlandse Hervormde gemeente In Aalsmeer waren al vroeg Doperse geluiden te horen. Calvinistische geluiden daarentegen lieten vrij lang op zich wachten. Het eerste bericht van gereformeerden in Aalsmeer stamt uit 1586. Terwijl de beeldenstorm losbarst in 1566 en de Tachtigjarige Oorlog twee jaar later uitbreekt, zit in Aalsmeer de pastoor tot in 1576 op zijn post. Wanneer de Rooms-Katholieke eredienst is vervangen door de Gereformeerde dienst, is niet precies bekend. In 1586 komt de eerste predikant vanuit de Reformatie naar Aalsmeer. De invloed van de gereformeerde leer op het dagelijks leven werd in de 17de eeuw steeds groter, en de zondagsheiliging nam een aanvang. Regels hiervoor werden opgenomen in een verordening, opgesteld door een gereformeerde overheid. Er waren in Aalsmeer echter zoveel doopsgezinden, dat zij ook overheidsposten bekleden.
Historische foto van de Dorpskerk
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
25
Een ontwerp van architect J.F. Berghoef, die tevens als commissielid had bijgedragen aan het opstellen van een rapport over de beginselen van de Nederlandse Hervormde Kerkbouw. (Beginselen van Kerkbouw, 1954). Gereformeerde kerk
Historische foto van de Zuiderkerk
De Hervormde Kerk in Aalsmeer bestond tot 1933 uit één kerk: de Dorpskerk. In Oost kerkte men in Veiling de Bloemenlust. Niet alleen de bevolking groeit, maar ook de behoefte aan kerken. Er is behoefte aan wijkgemeentes en de eerste ontstaat in Aalsmeer-Oost in 1933 aan de Oosteinderweg, de Oosterkerk. Architect J.F. Berghoef heeft in 1932 een studieontwerp gemaakt voor een nieuw te bouwen kerk en pastorie. Alleen de pastorie is destijds gerealiseerd. Het huidige kerkgebouw is een in oorsprong houten noodgebouw uit Schoonhoven dat in 1933 in gebruik is genomen. Het geld dat de wijkgemeente gespaard had voor een nieuwe kerk is in de jaren '50 besteed aan een nieuwe kerk in Aalsmeer Zuid: de Zuiderkerk.
Na het ontstaan van de gereformeerde kerken in 1892 bepaalt de provinciale synode dat de leden uit Aalsmeer zullen behoren tot de kerk van Haarlemmermeer-Oostzij, of onder de kerk van Amstelveen. Mocht het aantal Aalsmeerse leden sterk stijgen, dan kan het kerkgebouw van HaarlemmermeerOostzij verplaatst worden naar de Ringdijk bij Aalsmeer. Zo ver komt het echter niet. Wel vinden reeds vergaderingen plaats van gereformeerden in Aalsmeerse woonhuizen. In 1906 wordt hiervoor een nieuw gebouw aan de Dorpsstraat in gebruik genomen. Vanuit Haarlemmermeer-Oostzij komen nog eens 60 leden over naar deze Aalsmeerse gemeenschap. In 1909 ontvangt men de eerste eigen predikant. De kerk groeit en in 1942 worden de diensten georganiseerd in de veilingzaal van bloemenveiling Bloemenlust, in Aalsmeer-Oost. Voor de inmiddels 900 leden tellende gemeenschap werd in 1956 een kerkgebouw (‘Open Hof’) aan de Ophelialaan in gebruik genomen.
Bij de totstandkoming van de gereformeerde kerken in 1892 gaan enkele gemeenten van de gereformeerde kerk niet mee. Er zijn bezwaren tegen de leer over de kerk, de doop en het genadeverbod. Dit kleine kerkverband wordt steeds groter, en in 1936 wordt door deze gemeenschap een nieuw kerkgebouw aan de Lijnbaan in gebruik genomen. Ook binnen de Gereformeerde Gemeente vindt een scheuring plaats, waarbij naast de Gereformeerde Gemeente het nieuwe kerkverband ontstaat van de ‘Gereformeerde Gemeenten in Nederland’. Sinds 1958 heeft men een eigen kerkgebouw aan de Chrysantenstraat.
Historische foto van de Open Hof
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
26
Samen op Weg-kerken
Gebruikte literatuur
In 1945 wordt het Algemeen Reglement van 1816 in de Hervormde Kerk afgeschaft en keert men terug naar de presbyteriaalsynode organisatie (dat betekent dat in de kerk de verantwoordelijkheden zijn verdeeld: over sommige zaken beslist de plaatselijke kerkenraad en over andere zaken beslissen de meerdere vergaderingen). Iedere gemeente binnen het verband weer autonoom wordt. Vanaf 1955 zijn er contacten tussen de Nederlandse Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken. Men wil tot een hereniging van beide kerken komen en daarvoor is een werkgroep ‘Samen op Weg’ benoemd. Vanaf 1980 zijn de Nederlandse Hervormde gemeente en de Gereformeerde Kerk van Aalsmeer samen diensten gaan beleggen in Kudelstaart. Sinds 1992 is dit een zelfstandige ‘Samen op Weg’-gemeente geworden met een eigen kerkgebouw ‘De Spil’ aan de Spilstraat.
• Aalsmeer, grepen en beelden uit 750 jaar werken en leven van kerk en volk. Herman van der Linde. • Aelsmeer. Beknopte geschiedenis van een opmerkelijk dorp. Stichting Oud Aalsmeer. 1992. • Gebroken landen, geheelde gronden. Globale Cultuurhistorische Analyse gemeente Aalsmeer. Landzij en Cultuurcompagnie. 2011. • Kerken in Kudelstaart. Acht eeuwen middelpunt van een dorpsgemeenschap. Jan Willem de Wijn. 1995. • Kroniek van gebeurtenissen betreffen de de Oud-Katholieken inzonderheid in Nederland (1845-1894). C.J. Rinkel, Ingeleid en geannoteerd door Dick Schoon. Nijmegen 2006.
Kernwaarden kerken Aalsmeer 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
1. Creatief en ondernemend De inwoners van Aalsmeer hebben zich keer op keer aangepast aan de heersende omstandigheden. De belangrijkste bronnen van inkomsten wisselden zich in relatief hoog tempo af: van het verbouwen van gewassen, visserij en veenwinning, naar veeteelt, en later weer naar het kweken van bloemen, fruit, bomen en heesters, evenals het knippen van buxus- en taxusstruiken in allerlei geometrische vormen en dierengestalten. Dat een klein dorp als Aalsmeer lange tijd het epicentrum van de wereld op gebied van de bloemenhandel was en de grootste bloemenveiling van de wereld heeft gehad, is bijzonder te noemen, en getuigt van een zeer ondernemende volksaard. Deze eigengereidheid en ondernemerszin onder de Aalsmeerse samenleving blijkt ook uit het hoge aantal verschillende denominaties, afsplitsingen en de geschiedenis van schuilkerken die hieraan ten grondslag ligt. Dit komt tot uiting in de sprekende architectuur van de verschillende denominaties.
27
2. Verdwenen schuilkerken De verschillende schuilkerken die Aalsmeer rijk is geweest (Friese vermaning in de schuurkerk aan de Uiterweg, de Rooms-Katholieke schuilkerk aan de Oosteinder en de Oud-Katholieke schuilkerk in de houten boerderij, verborgen achter een rij iepen), zijn inmiddels gesloopt en grotendeels vervangen door permanente kerkgebouwen. Deze verdwenen tijdslaag verklaart het ‘gat’ dat in het overzicht van bouwperioden van de Aalsmeerse kerken zichtbaar is. Tussen de 16e-eeuwse Dorpskerk en de bouw van de Oud-Katholieke kerk in 1861 lijkt de tijd stil te hebben gestaan op religieus gebied. Niets is echter minder waar, maar de tijdelijke schuilkerken zijn verdwenen. Het ontbreken van kerken in deze tijdslaag vertelt veel over de tijdsgeest in Aalsmeer na de Reformatie, waarin de gelovigen trouw bleven aan persoonlijke overtuigingen en een eigen weg zochten buiten de regels en eisen van de gevestigde orde om.
3. Netwerken binnen gemeenschappen In de eerste helft van de 20ste eeuw werkte een groot gedeelte van de Aalsmeerse inwoners als kweker of teler. Dit was zwaar fysiek werk, waar samenwerking van groot belang was. De kerkelijke gemeenschap was een belangrijk sociaal vangnet in economisch slechte tijden en bovendien een belangrijk netwerk voor kwekers en telers, waar men contacten opdeed voor deze noodzakelijke samenwerking. 4. Doopsgezind bolwerk De sterke aanwezigheid van doopsgezinden in geschiedenis (ruim 500 jaar) van Aalsmeer is bijzonder. Er zijn weinig plekken in Nederland waar deze gemeenschap zo sterk vertegenwoordig is. Dit is terug te zien in de onder architectuur gebouwde vermaning.
Beleid gemeente Aalsmeer 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Kerkinterieurs en roerend religieus erfgoed Door Museum Catharijneconvent, het rijksmuseum en nationale kenniscentrum voor religieus erfgoed en christelijke kunst, is een waardestelling afgegeven van de kerkinterieurs en het roerend religieus erfgoed in de kerken binnen de gemeente Aalsmeer. Museum Catharijneconvent geeft aan dat in het verleden ongeveer zestig procent van de van de kerkinterieurs en kerkelijke collecties in Aalsmeer is vastgelegd. “Het is zorgelijk dat de actualiteit van de registraties zeer te wensen overlaat. De registratiegegevens die er zijn, zijn in een flink aantal van de gevallen oud. In kerkelijk Nederland geldt de ongeschreven regel dat het interieur de kerkelijke collecties van kerken eens in de vijftien tot twintig jaar uitvoerig geïnventariseerd moet worden. Drie locaties in Aalsmeer voldoen aan die norm. In een deel van de kerken in Aalsmeer is echter nog nooit een interieurregistratie uitgevoerd.” Tot een topensemble wordt het interieur van de Doopsgezinde Kerk gerekend “als belangrijk en zeldzaam voorbeeld van kerkbouw en -inrichting in de stijl van de Amsterdamse School”.
28
De volgende kerken “behoren niet tot de kerkelijke topensembles van Aalsmeer, maar verdienen vanwege hun oorspronkelijkheid en uitzonderlijke stukken aandacht in de kerkenvisie: • Dorpskerk • Heilige Petrus en Pauluskerk • Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel • Open Hof • Sint Jan Geboorte Van de overige kerken is in de database van Museum Catharijneconvent onvoldoende informatie beschikbaar om een waardestelling te kunnen geven. Bij kerkgebouwen die gebouwd werden na 1980 is het nog te vroeg om over erfgoedwaarde te spreken.
“De naastgelegen kloostertuin, daar wordt momenteel niets mee gedaan, en deze wordt ook niet onderhouden. Vroeger waren hier weelderige groentetuinen, eerst van de Karmelieten, later van verschillende parochianen.”
5. Onderzoeksresultaten: Toekomstverwachting 11
11
11
11
1
1
1
1
1
4
8
10 9
6
2
2022
2027
2032
Toekomstverwachting kerkgebouwen binnen het huidig gebruik Religieus gebruik Herbestemd In transitie Onzeker
29
2037
Van het huidige religieuze erfgoed is over 10-15 jaar nog slechts 20% met zekerheid in religieus gebruik Door de ontkerkelijking is de toekomst voor veel kerken in Nederland onzeker. In Aalsmeer is dat ook het geval. De snelheid waarmee en de mate waarin deze trend zich manifesteert, lijkt in Aalsmeer hoger en sterker te zijn dan gemiddeld in Nederlandse gemeenten wordt verwacht. Dit wordt deels veroorzaakt door een ‘inhaaleffect’; bij de start van het onderzoek zijn er in Aalsmeer juist relatief minder kerken herbestemd in vergelijking met het gemiddelde van 25% van de kerken in heel Nederland. De eerstkomende vijf jaar verwachten alle kerken, op één na, in religieus gebruik te blijven. Vanaf 2027 verandert dit beeld. Drie kerkbesturen geven aan niet verder dan 5 jaar vooruit te kunnen kijken en bestempelen de toekomst daarna onzeker qua religieus gebruik van hun kerkgebouw. Nog eens vijf jaar later komen daar vijf kerkbesturen bij. Twee kerkbesturen verwachten over vijftien jaar met zekerheid dat hun kerk nog als kerk gebruikt zal worden.
Dit toekomstbeeld is het resultaat van de vraagstelling: Hoelang verwacht u dat uw kerk, binnen het huidige gebruik, voort zal gaan? Veel kerkbesturen stellen zich zelf ten doel het gebruik van het gebouw te vergroten, meer jongeren aan zich te binden en een hernieuwde rol voor de samenleving te gaan spelen. Deze ontwikkeling kan een positief effect hebben op het toekomstperspectief. De in de tabel getoonde factor ‘onzeker’ betekent dus niet dat deze kerken met zekerheid buiten religieus gebruik zullen zijn. Er zullen de komende 5-15 jaar mogelijk 8 kerkgebouwen leeg of te koop komen of getransformeerd worden (naast de kerkgebouwen die nu al in transitie zijn), als er niets gebeurt (zoals bijvoorbeeld tijdig nevenbestemmingen aantrekken naast de religieuze functie). Voor deze kerkgebouwen is de toekomst onzeker door een krimpende kerkgemeenschap en oplopende onderhouds- en energiekosten.
6. Toekomstverwachting
Toekomstverwachting monumentale kerken in religieus gebruik
Funct.
Monu.
Urgentie
Twee kerken met de gemeentelijke monumentenstatus zijn onzeker over het op relatief korte termijn behouden van de religieuze functie of het onderhoud van het gebouw op het gewenste niveau kunnen bijhouden. Voor twee rijksmonumentale kerken en een derde kerk met de gemeentelijke monumentenstatus geldt dat kerkbesturen aangeven onzeker te zijn over de toekomst op middellange termijn. Slechts één kerk van de zes kerken met een monumentale status heeft een groen bolletje: niet bedreigd in het voortbestaan van de religieuze functie en in het onderhoud van het gebouw.
Urgentie naar aanleiding van de gesprekken met kerk kerkeigenaren
Functie:
Monument:
Urgentie:
Herbestemd
Rijks
Instandhouding staat op korte termijn onder druk (0-5 jaar)
Religieus gebruik
Gemeentelijk
Instandhouding komt op termijn onder druk te staan (5-15 jaar) Instandhouding op de langere termijn goed (15+ jaar)
30
Urgentie om actie te ondernemen Of een kerk bedreigd wordt in het voortbestaan, hangt grotendeels af van de toekomstverwachting van de gebruiker. Dit geldt zowel voor een bestendige toekomst in het huidige religieuze gebruik, als voor ombuiging naar een combinatieof nevengebruik en herbestemming. Niet alle kerken hebben een heldere toekomstverwachting. Kerkgemeenschappen worstelen met het bepalen van beleid voor de toekomst van hun kerkgebouwen in het licht van afnemende ledenaantallen, vergrijzing en dalende inkomsten. Emoties voeren de boventoon en worden verschillend ervaren. Ook zijn er de afgelopen jaren allerlei onverwachte ontwikkelingen op de kerken en de maatschappij afgekomen, zoals corona en de hoge energieprijzen, die noodgedwongen al allerlei veranderingen in gang hebben gezet. Een daarvan is het fenomeen van streaming en vanuit huis de dienst volgen. In het merendeel van de kerken is daardoor de krimp van de gemeenschap en de afname van het kerkbezoek op zondag versneld. In andere kerken is de discussie gestart over ‘anders’ kerk zijn en zijn juist nieuwe toekomstperspectieven bedacht.
31
Zo is bijvoorbeeld een initiatief van de PKN kerken “de kliederkerk”, waarbij knutselactiviteiten voor kinderen worden georganiseerd en jonge ouders die vaak druk zijn, de dienst kunnen volgen of mee kunnen doen. Hiermee wordt een poging gedaan om jonge gezinnen weer meer bij de kerk te betrekken. Nadenken over de toekomst van kerken en andere gebedshuizen verdient zorgvuldigheid. De gebouwen liggen mensen na aan het hart. Dat komt onder andere omdat mensen de gebouwen vanuit allerlei perspectieven van belang vinden: als huis van het Woord en gebed, als plaats van samenkomst, als baken in de buurt, als plek van ‘zijn’, economisch/ als vastgoed object en als kristallisatiepunt van cultuur (Kerkenvisies feiten en inzichten, programma Toekomst Religieus Erfgoed). Hoe urgent het is om actie te ondernemen, vanuit een breder maatschappij-perspectief, hangt samen met de cultuurhistorische en maatschappelijke waarde van het kerkgebouw. Hoe hoger deze waarden, hoe hoger het algemeen belang om het kerkgebouw te behouden en hoe hoger de urgentie om langdurige leegstand tegen te gaan.
“Ons toekomstperspectief ? Daarover is ons hart met zorg vervuld.” “Op termijn is ons monumentale gebouw een punt van zorg. Het onderhoud is zeer kostbaar, voor een steeds kleiner wordende gemeente.”
6. Onderzoeksresultaten: Sterkte - zwakteanalyse Deze SWOT analyse (Sterkte-Zwakten-Kansen- Bedreigingen) komt voort uit de gesprekken met gebedshuiseigenaren, de workshop met de ambtelijke collega’s van relevante beleidsvelden en de bijeenkomst met kerkeigenaren. Aangevuld met de onderzoeksresultaten.
32
Sterkten
Sterkten
De meeste kerkgemeenschappen streamen hun diensten sinds de coronaperiode, hiermee bereiken ze meer mensen, o.a. ouderen die slecht ter been zijn.
Hoewel de meeste kerkgenootschappen worstelen met vergrijzing en een krimpend ledenaantal, geldt dat voor een enkele kerk niet. Deze kerk is nog vitaal.
Enkele kerkgenootschappen hebben, ondanks dalende inkomsten uit bijdragen van leden, structurele inkomsten uit verhuur van vastgoed en/of andere bezittingen, waardoor de financiële situatie goed is en voorlopig blijft.
Kerken waar nog financiële ruimte is om personeel in dienst te hebben, zijn i.h.a. actiever in het oppakken van nevenactiviteiten naast de religieuze functie. Denk aan ouderenzorg, buurtactiviteiten (bazar, koffie drinken) en het organiseren van kampen voor jongeren.
Vrijwel alle monumentale kerken zijn lid van de Monumentenwacht en hanteren een meerjaren-onderhoudsplan.
Sommige kerken zijn heel creatief in het bedenken van activiteiten naast de religieuze functie: de jongerenkampen van de Doopsgezinde kerk zijn sterk in trek bij jongeren breed in de gemeente Aalsmeer en de Dorpskerk organiseert al enige jaren een escape-room waarbij een thema uit de bijbel centraal staat, en heeft hiermee een flink aantal bezoekers ontvangen.
6. Onderzoeksresultaten: Sterkte - zwakteanalyse
Sterkten
Sterkten
De oudste kerk in Aalsmeer, de Dorpskerk, heeft het er vlak naast gelegen wijkcentrum Irene, waar sociaal-maatschappelijke activiteiten plaatsvinden, voor o.a. ouderen. Tevens biedt het centrum de flexibiliteit van ondersteunende functies zoals moderne toiletgroepen, vergaderruimten en een keuken etc. als aanvulling op het oude kerkgebouw, dat op zichzelf beperkt is qua bijruimten.