CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

20251002 Verslag raadsvergadering Gemeente Aalsmeer

3.Raad (besluitvormend) 13 november 2025, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Vaststelling van het verslag van de besluitvormende raad van 2 oktober 202522.040 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Pagina 16 van 33

Mevrouw Keessen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de motie, die korte termijn aanbeveling uit het DTV-rapport verplicht wil laten uitvoeren. Ja, wij willen hier wel glashelder over zijn, voor dit rapport is geen raadsbesluit aan de raad voorgelegd. En de raad heeft van het rapport kennisgenomen, maar de portefeuillehouder moet zelf nog met een voorstel komen. En wij vinden het dus prematuur om daar nu al een motie over in te dienen, zeker omdat de voorgestelde maatregelen niet zonder meer eenduidig of onomstreden zijn. En tijdens de bespreking door D66 aangevraagd over dit rapport hebben wij suggesties ingebracht om de veiligheid fundamenteel te verbeteren. Maar deze werden weggezet alsof wij zomaar iets riepen zonder anderen vooraf te informeren. En iedere vorm van gesprek over deze suggesties werden hiermee tenietgedaan. Maar wat ons opvalt, in deze motie worden maatregelen opgesomd die elkaar tegenspreken of slechts symptoombestrijding zijn. En de echte kern, de ontwerpfout van de rotonde zelf, wordt hiermee vooruitgeschoven. Het gevaar blijft dus bestaan, terwijl de indieners zichzelf een goed gevoel geven iets te doen. En daar komt bij dat zowel de uitvoering van de aanbevelingen als de financiering niet eenduidig bij de gemeente liggen. We hebben te maken met de provincie, de Vervoerregio en het Vervoersbedrijf.

Het is dus niet realistisch te doen alsof de raad dit nu even kan vastleggen. Voorzitter, we moeten geen schijnzekerheid organiseren met een motie die half werk afdwingt. We moeten het college juist vragen om op korte termijn met een integraal voorstel te komen met de afweging van alle maatregelen. De kosten, de betrokken partners en ook fundamentele oplossingen zoals wij die eerder hebben aangebracht. Pas dan kan de raad een besluit nemen dat hout snijdt. Onze conclusie is, deze motie loopt vooruit op de feiten. Ze zet ons klem in een deel van het rapport, terwijl de echte discussie hierover nog moet worden gevoerd. Veiligheid vraagt om een serieuze en volledige aanpak en niet om het afvinken van losse punten. FlorAalsmeer is tegen deze motie. Dank u wel. De voorzitter: De heer Buisma. De heer Buisma: Dank u wel, voorzitter. Ja, waar ik eerst mijn buurman hoorde zeggen dat daar zo een samenvoeging mogelijk was, hoor ik nu daar iets andere geluiden over. Ja, wij hebben hier best wel even mee geworsteld. Want de oproep van de motie vinden we buitengewoon sympathiek. We vinden met zijn allen namelijk hier in deze raad dat we wat aan de verkeerssituatie moeten doen. Maar soms is het heel ingewikkeld om raadslid te zijn. Je hebt een bepaalde rol.

Dus voor ons is het zo dat wij aan willen geven dat we de fietser een van de belangrijkste prioriteiten willen meegeven, dan het openbaar vervoer en dan de auto. Dat is dan de opdracht die we aan het college geven en dan hopen we maar dat dat college dat naar behoren uitvoert. Want wij gaan niet over de uitvoering. En wat we nu in deze motie aan het doen zijn, is heel erg op de stoel van de uitvoerder gaan zitten. Dus hoewel ik het heel erg begrijp, is het voor ons heel ingewikkeld om het op deze manier te steunen. Dus ik zou echt het verzoek naar zowel AA als naar D66 willen doen, denk nou goed na in welke rol je gaat zitten. Want uw bedoeling is helder, maar zoals u het nu omschrijft bereikt u uw doel niet. Dus ik wil toch even die oproep doen en ik hoop dat u daar wat mee kan. Maar voor ons in deze vorm en met deze tekst is die echt niet te steunen. De voorzitter: Dan hebben we denk ik iedereen gehad. De heer Koster, wenst u eerst te reageren? De heer Koster: Ja, dank u, voorzitter. Ja, dat zijn toch nog heel veel argumenten die de revue passeren. In de eerste plaats wil ik eventjes reageren op hetgeen FlorAalsmeer naar voren heeft gebracht die dit voorstel prematuur vindt. Ja, het is inderdaad prematuur.

In die zin dat de eerste reactie van de portefeuillehouder in het vorige overleg was dat we ongeveer over een jaar, anderhalf jaar de eerste resultaten en de eerste verbetering aan de situaties op de rotondes tegemoet zouden kunnen zien. En bovendien, u schetst dat er ook andere oplossingen mogelijk zijn. Dat er een nieuw verkeersplan gemaakt kan worden, et cetera. Dan zijn we nog verder weg in de tijd en heeft dat grote financiële consequenties. En dat zijn natuurlijk

Pagina 17 van 33

constateringen die u mag maken. Als dat uw mening is, dan mag u daarvoor, dan mag u dat ventileren. Alleen we hebben ons nu eventjes gebaseerd op het rapport wat we in de vorige commissievergadering hebben gesproken en daar spreek ik de meeste fracties op aan. In die commissievergadering heeft u ook gezegd dat u daar heel anders over denkt en dat u dan misschien met andere oplossingen wil komen en het staat u vrij om dat na te streven. Maar dat neemt niet weg dat we nu te maken hebben … De voorzitter: De heer Koster? Ik kijk even, als het een reactie is, bewaart u het dan alstublieft voor de tweede termijn. Is het een vraag, dan kunt u hem nu kwijt. Mevrouw Keessen. Mevrouw Keessen: Dan laat ik mijn reactie achterwege, die doe ik dan in tweede termijn. Maar mijn vraag is, is het niet veel beter om de portefeuillehouder nu de opdracht te geven om aan de slag te gaan met dit gehele rapport, dan dat we nu een stuk eruit halen en hij dus niet de kans krijgt om met dat hele rapport aan de slag te gaan? Want u zegt van, in 2026 Q1 moet de portefeuillehouder dan komen met de uitslag van de motie dat die aan de slag is gegaan. Maar dat is dan zonde van de tijd, omdat die eigenlijk met dat hele rapport aan de gang moet gaan. Er moeten ook gesprekken worden gevoerd met de Vervoerregio en de provincie. Vindt u dat dan niet een betere optie? De voorzitter: De heer Koster.

De heer Koster: Dank, voorzitter. Ja, mevrouw Keessen, dat ben ik helemaal met u eens. En volgens mij zijn die gesprekken ook al gaande en worden ze gepland. En volgens mij gaat de portefeuillehouder met het gehele advies zoals dat nu in de rapportage is neergelegd aan de slag. En we horen graag wanneer daar concrete maatregelen uit voorkomen. En zoals we eerder hebben begrepen van de portefeuillehouder duurt dat ongeveer een jaar, anderhalf jaar voordat er concrete plannen gemaakt worden om de grotere problemen op onze rotondes aan te pakken. Om die reden heb ik juist specifiek gekozen nu om de aanbevelingen uit het rapport voor de korte termijn aan te pakken. En daarin heeft naar mijn idee de portefeuillehouder voldoende ruimte om meerdere oplossingen te zoeken. Het gaat om óf het plaatsen van een verkeersbord óf het plaatsen van een hekje óf een verkeersbord weghalen. Daar heeft hij volgens mij alle ruimte in. En dat op een termijn van zes maanden, dat moet toch naar mijn idee wel wat haalbaar zijn. Ja, ik wil nog even ingaan op de kleine zaakjes. Ik hoorde het CDA de opmerking maken dat ze niet mee kunnen gaan in een aantal adviezen zoals die nu in de motie staan. Het gaat bijvoorbeeld om het verplaatsen van een trafohuisje.

In de motie staat letterlijk dat het trafohuisje verplaatst kan worden of aanvullende visuele waarschuwingen te plaatsen, zoals een bordje met, let op dat je gezien wordt. Nou, als ik portefeuillehouder was, dan zou ik voor de tweede mogelijkheid gaan. En volgens mij is het heel goed haalbaar om daar extra bebording te plaatsen, zodat de fietsers opletten, dat ze goed in het zicht zijn bij die zaken. Wat de verkeerslichten betreft. Ja, ik ben toch wel benieuwd naar een antwoord van de portefeuillehouder op een aantal punten. Ook als het gaat om de financiering bijvoorbeeld en het plaatsen of weghalen van borden, in hoeverre hij uitvoerder is? Want volgens mij kan hij gewoon via zijn eigen afdeling opdrachten geven om op dit terrein maatregelen door te voeren en wat zaken te regelen in deze gemeente. De voorzitter: De heer Van den Nouland, u heeft een vraag. De heer Van den Nouland: Ik heb een korte reactie op het trafohuisje. Als u … De voorzitter: Een reactie, mijnheer Van den Nouland, zou ik graag voor tweede termijn bewaren. Vragen kunt u nu kwijt. Goed, de heer Koster, u was aan het einde gekomen? De heer Koster: Nou ja, misschien nog eventjes de vraag, omdat ik ook wel benieuwd ben naar de reactie van de portefeuillehouder om als er ook in de argumentatie wordt genoemd dat nieuwe financiële kaders meespelen.

Mijn idee is dat de portefeuillehouder met een termijn van zes maanden voldoende ruimte heeft om een aantal hele praktische zaken aan te passen die in Pagina 18 van 33

het rapport staan en letterlijk zijn overgenomen. En als daar hele grote financiële consequenties uit volgen, ja, ben ik wel benieuwd hoe die dat zou willen aanvliegen? Of dat het past binnen zijn eigen budget voor de buitenruimte? Dank u. De voorzitter: De heer Van der Tol, heeft u er nog wat aan toe te voegen? Want anders gaan we naar de portefeuillehouder. De heer Van der Tol: Ik heb geen aanvullingen. Dank u wel. De voorzitter: Goed. De portefeuillehouder wethouder Kabout. De heer Kabout: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, wat het college betreft is de motie op zich uitvoerbaar met een aantal kanttekeningen. In de eerste plaats over het detailniveau. Dat kwam ook al ter sprake van, is het nou iets wat bij de raad ligt of college, uitvoering, hoe moet dat bekeken worden? Nou, daar een korte reactie op. De motie is natuurlijk aan de ene kant heel concreet met draagt op en heel specifiek, dus dat roept wat vragen op over of dat wel een goede gang van zaken is? Maar tegelijkertijd geeft de motie aan het einde ook weer de escape van, u kunt ook als het niet werkt of daar andere, kunt u dat ook gemotiveerd terugkoppelen. In die zin, nou ja, goed, dat even als algemene reactie op dat punt. En verder gaat u er denk ik zelf over hoe u daar een tekst al dan niet met elkaar van wilt maken. Maar dat even als korte reactie op dat punt.

Dan verder specifiek de uitvoerbaarheid, laat ik een paar punten er uitlichten. Het eerste punt is bijvoorbeeld het afstellen van de VRI, de verkeersregelinstallatie, ingewikkeld woord voor stoplicht. Dat is … Verkeerslicht. Ja, stoplicht is nog volkser. Even kijken. Daar is het zo dat, het gaat hier om de busbaan en een verkeerslicht op een busbaan. Die busbaan is van de provincie, de verkeersinstallatie ook. Neemt niet weg dat wij natuurlijk gewoon daarachteraan kunnen zitten om gewoon ervoor te zorgen dat dat zo snel mogelijk geregeld wordt. Dus in die zin is die uitvoerbaar, ook voor ons. Dus dat even als voorbeeld voor dat, voor die maatregel. Volgende maatregel, het aanpassen van bebording voor bromfietsers. Dat kunnen wij in principe gewoon zelfstandig doen. We zullen dat wel afstemmen, laten weten aan onze partners wat daar gebeurt. Maar in principe kunnen we dat gewoon doen, dus dat gaan we ook doen. Even kijken, verwijderen van markering. Nou, dat is misschien wel een goede om nog even hier kort even voor u toe te lichten. Dat u een beetje een beeld heeft wat voor afwegingen daar spelen. Kijk, we hebben natuurlijk op basis van het vorige DTV-rapport van een aantal jaar geleden al allerlei maatregelen destijds uitgevoerd. Een van die maatregelen was het verwijderen van die markering.

Dus dan gaat het om de rotonde die aanvankelijk tweebaans was ingericht met een afscheiding dat dus twee auto's daar kunnen rijden met ook pijlen voor rechts afslaan, et cetera. Terwijl het rapport toen zei, in de praktijk wordt dat niet zo gebruikt. Daarom is een van die voorbeelden dat die rotondes te veel prikkels geeft, haal dat weg. Dat was ook toen al zo’n voorbeeld. Dat hebben we toen uitgevoerd; Meerlanden heeft dat allemaal verwijderd. Alleen het probleem, en dat is gewoon, dat gebeurt heel vaak met het verwijderen van markering, je blijft het dan nog een beetje zien. Nou, dit rapport zegt, dit is dus nog steeds een prikkel, haal dat weg. Maar goed, ik heb dat met ambtenaren ook besproken en wij willen daar natuurlijk wel eerst wat beter inzichtelijk hebben van, wat betekent dat dan? Want dat zou kunnen, maar ik zeg niet dat het zo is, maar dat zijn we nu aan het uitzoeken, misschien moet je daar wel al dat asfalt verwijderen, opnieuw gaan asfalteren. Dat betekent dat je ook op dat moment wegopstoppingen hebt. Want ja, dan moet je die rotondes afzetten. Het zijn natuurlijk hele drukke, dan krijg je sluipverkeer. Al dat soort zaken, vind je al dat soort zaken opwegen tegen het verminderen van die resterende prikkel? Dat is iets wat bij uitstek waarvoor wat mij betreft in eerste instantie de ambtenaren met een advies moeten komen.

Maar dat valt wat mij betreft onder iets wat ik dan ook volgens deze motie aan u zou kunnen terugkoppelen, mochten wij toch afraden dat te doen. Dus op die manier zou die ook weer wel uitvoerbaar kunnen zijn. Nou, dat zijn gewoon zo even een aantal voorbeelden dat u ook een beetje een idee heeft wat de mitsen en maren per maatregel kunnen zijn. Tot zover.

Pagina 19 van 33

De heer Koster: Mag ik daar een aanvullende vraag? De voorzitter: Zeker. De heer Koster. De heer Koster: Ja, dank u, voorzitter. Ja, tot slot, mijnheer Kabout. Dan ben ik wel benieuwd naar welke handelingsruimte u ziet bij de verbeterpunten die per rotonde worden aangegeven? Want nogmaals, dat is niet in beton gegoten. Er staat niet, je moet dit doen, je moet dat doen. Er worden mogelijkheden gegeven die overgenomen zijn uit het rapport. Daar kunt u samen met uw afdelingen een afweging in maken. En tot slot, daar sluit het dictum dan ook mee, als er iets niet mogelijk is of als we een bepaalde oplossing wel voor ogen hebben, dan kunnen we daar in januari 2026 over rapporteren. Dus het gaat even, ziet u voldoende ruimte om te handelen bij de suggesties die hier per rotonde worden opgesomd? De voorzitter: De wethouder. De heer Kabout: Nou, dat is een gevaarlijke. Kijk, dat ligt er natuurlijk aan. Kijk, u gaf net zelf ook al een voorbeeld, veel van de aanbevelingen die bevatten zelf nog zoveel ruimte dat het zou kunnen, maar dat ligt er wel ... Kijk, u noemde zelf al het voorbeeld, een van de aanbevelingen is verwijderen trafohuisje of plaatsen bord. Ja, kijk, wij kunnen natuurlijk altijd een bord plaatsen.

Maar ook daarvan is het de vraag, moet u dat willen als raad om dat op dit detailniveau op te dragen? Misschien komt de verkeerskundige wel met het advies, dat vinden we geen goed idee om daar zo'n bord te plaatsen, dat vinden we … Snapt u? Ik zeg niet dat het zo is, ik geef alleen maar even een voorbeeld van, dat is nou bij uitstek iets … Dus even het concrete antwoord op uw vraag is, in al die aanbevelingen per rotonde zit vaak zoveel mogelijkheden daarbinnen nog om uit te voeren, dat ik nu niet op voorhand kan zeggen dat die wel of niet volledig uitvoerbaar zijn. Als u begrijpt wat ik bedoel? De voorzitter: De wethouder, even een vraag mijnerzijds. Acht u de motie dan zoals die nu ligt uitvoerbaar of niet uitvoerbaar? De heer Kabout: Nou, ik heb gezegd dat de motie uitvoerbaar is met een aantal kanttekeningen. Het is een hele ongebruikelijke figuur om het college op te dragen heel specifiek dingen te doen. En aan het einde eigenlijk te zeggen, ja, maar als het goede redenen zijn om het niet te doen, dan mag u ook uitleggen waarom niet. Door die constructie die wat ongebruikelijk is, is die uiteindelijk alsnog uitvoerbaar. Maar het is aan u of u dat een goede manier vindt van moties. Dat laat ik graag bij de raad liggen. De voorzitter: Voordat hier een debatje ontstaat, ik zou graag willen gaan naar een tweede termijn. Dan kunnen we nog even dit in zijn geheel overdoen.

En laat ik beginnen bij de heer Koster, dan de heer Van der Tol, dan mevrouw Keessen. De heer Koster. De heer Koster: Ja, dank u, voorzitter. Ja, ik was bijna een hele discussie gestart met de portefeuillehouder over het woordje aanbeveling. Dat is toch eigenlijk ook een heel ruim begrip. Maar waar het mij in essentie om gaat is, dat zijn de opmerkingen die ik ook bij de overwegingen heb meegenomen, die een-op-een overgenomen zijn uit het rapport. En dat rapport, nogmaals, daar waren we in grote delen gewoon, daar konden we allemaal mee instemmen. Daar zijn geen hele grote andere geluiden over geventileerd in de commissievergadering. Eén overweging die speelt voor mij heel duidelijk en dat is dat hoewel daadwerkelijke aantallen ongevallen relatief beperkt zijn, het aantal potentieel risicovolle situaties met name tussen gemotoriseerd verkeer en langzaam verkeer significant is. Dus het gaat erom dat we een significant risico lopen met de huidige inrichting, de huidige bebording en het huidige gedrag van de verkeersdeelnemers op de rotonde, zoals we die hier binnen de gemeente hebben. En ja, ik vind dat we daar heel concreet iets aan moeten doen. Naar mijn idee gaat het ook een beetje een semantische discussie over, ja, draagt aan de ene kant het college op om iets te doen.

Terwijl tot slot in het dictum ook wordt gezegd van, als de realisatie nou niet mogelijk is of als je nou hele andere afwegingen hebt gemaakt, informeer de raad Pagina 20 van 33

daarover in januari 2026. Dat lijkt me toch geen hele gekke vraag. En die ruimte om die afwijkingen met de raad te bespreken in januari ‘26 in tegenstelling tot het dictum, draagt het college op, dat vind ik niet de discussie waard. Dus daar wil ik graag overheen stappen. De voorzitter: Helder. Ik kijk heel even naar de heer Van den Nouland. Had u een tussenliggende vraag aan de heer Koster of wenst u gewoon te reageren? Want dan zet ik u in de wachtrij. De heer Van den Nouland: Ik vrees dat ik in de wachtrij kom. De voorzitter: Goed, bij deze. De heer Van der Tol. De heer Van der Tol: Dank u wel, voorzitter. We hebben heel veel informatie ook in de eerste termijn gehad en ook de portefeuillehouder heeft goede aanvullingen gegeven. Ik zou willen vragen om tien minuten te schorsen, heel even van gedachten te wisselen met mijnheer Koster. De voorzitter: Ik zou daar graag mee willen afsluiten. Nu de reacties even afvangen. We doen alle reacties, dan krijgt u tijd om te schorsen en daarna gaan we meteen over tot besluitvorming. Is dat goed? Dus er komt een schorsmoment, maar dan iets later in de vergadering. De heer Van der Tol: Dat is goed. Ja. De voorzitter: Akkoord? Oké. Mevrouw Keessen. Mevrouw Keessen: Ja, dank u wel, voorzitter. De conclusie van het DTV-rapport is dat mensen niet opletten.

En als ik heel goed naar de portefeuillehouder net heb geluisterd dan zegt hij dat er een verkeersdeskundige aan het kijken is naar het rapport en dat wij eigenlijk nog vanuit het college een reactie gaan verwachten over dit rapport met een uitvoering. Als ik dat niet goed heb begrepen, dan denk ik dat de portefeuillehouder daar wel op gaat reageren. En wij zijn nogmaals van mening dat het goed moet gebeuren en niet half. Dus nogmaals, wij blijven bij onze mening dat wij tegen de motie zijn. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van den Nouland. De heer Van den Nouland: Ja, dank u wel. Wat ik belangrijk vind is het gedrag van weggebruikers. Wat mevrouw Keessen net ook zei, een aantal onderdelen van die motie heeft te maken met het gedrag van weggebruikers. Hoe ga je spookrijden tegengaan? Je kan daar wel allerlei maatregelen op nemen, maar het zit echt in de mensen, de mensen moeten dat gedrag aanpassen. Dat is één. Twee is, ik deel uw mening niet helemaal dat wij dat rapport breedgedragen aangenomen hebben. Ik heb vorige keer daar al ook wat opmerkingen over gemaakt bijvoorbeeld op lange termijn om die bus met het verkeer mee te laten rijden. Daar zijn wij het als CDA absoluut niet mee eens. Dan nog even een korte opmerking over het trafohuisje. Ja, ik vind, zet het er dan gewoon niet in. Zet dan neer, bij het trafohuisje moet een bord komen.

Maar een trafohuisje verplaatsen, dat is echt in mijn optiek niet realistisch. En ik blijf erbij, het aantal ongevallen wat geregistreerd staat, wat ook in het rapport staat, dat mag veel meer dan in zo'n motie tot uiting komen. Is buitengewoon beperkt, is bijna minimaal op de hoeveelheid verkeersbewegingen die er zijn. Dat waren mijn opmerkingen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Buisma. De heer Buisma: Dank u wel, voorzitter. Ja, op het gevaar om een beetje in herhaling te vallen, maar we verzanden wel in een discussie over maatregelen nu. En dat vind ik een hele rare houding van deze raad. Dus dat even gezegd hebbende, ik zou echt de oproep willen doen, doe dat nou alsjeblieft niet. Want u bent geen verkeersdeskundige, dus wat u kan doen, is dat u tegen het college zegt, ga dit oplossen. En als u dat doet, nou, dat was ook de oproep om echt even nog een keer naar die motie te kijken om dat anders te verwoorden. Dus bij deze nogmaals de oproep om dat te doen. Maar wij hebben echt grote moeite om op deze manier en

Pagina 21 van 33

op dit niveau over het verkeer in Aalsmeer te praten, want geen van ons hier aanwezig, misschien een enkele uitzondering daargelaten, heeft hier verstand van. Dus dat we iets zeggen over het veiligheidsaspect snap ik, dat we iets zeggen over dat we het op willen lossen, snap ik het ook. Maar dit is een, ik sla echt aan op dat woord semantisch, dat is het dus niet. Woorden doen ertoe en dus zo'n motie als dit, op het moment dat er een rapport ligt zegt u, voer dat rapport uit en koppel dat terug. De motie is klaar. De voorzitter: Goed, ik ga nog even de portefeuillehouder vragen om te reageren op de laatste punten die naar voren zijn gebracht. Of was er nog de heer Bouwmeester. Excuses. Ik geef u nog even de gelegenheid. De heer Bouwmeester: Ja, dank u, voorzitter. Om even terug te komen op wat er zich net heeft afgespeeld. De portefeuillehouder geeft aan dat het wel uitvoerbaar is, hij geeft ook aan dat het niet haalbaar is. Verder gaf die aan dat er financiële consequenties zijn en dat er mogelijk andere oplossingen noodzakelijk zijn. Dat zijn eigenlijk ook argumenten die ons steunen om de motie niet te steunen. De voorzitter: Goed. Dan de portefeuillehouder. Ik zou de portefeuillehouder één vraag willen meegeven, want bij alle vergaderingen die ik meemaak, zowel in raad als college, weet ik één ding, u wilt beide precies hetzelfde, een veiligere Burgemeester Kasteleinweg.

Maar ik heb de portefeuillehouder ook bij de commissie horen zeggen dat bepaalde maatregelen die hierin staan hij best wel bij de kop wil pakken om te kijken of die zo snel als mogelijk ingevoerd kunnen worden. Dus ik zou de portefeuillehouder willen vragen daar ook op te reageren en wellicht kunt u dat meenemen in de reflectie of u wel of niet die motie aanhoudt. De portefeuillehouder. De heer Kabout: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, uiteraard. Wij zijn sowieso al bezig, dat memoreerde de heer Koster ook. Er worden, er is een projectgroep gevormd met de ambtenaren van zowel provincie, Vervoerregio als Aalsmeer als de gemeente en daar wordt dit allemaal in besproken. En mijn verwachting is dat in ieder geval een aantal van die maatregelen gewoon spoedig uitgevoerd gaan worden. En dat kan ik nogmaals toezeggen, dat hebben wij ook vanuit het college vorige keer hier toegezegd. Die toezegging herhaal ik. En ik kan daar het voorstel bij doen dat wij u in januari een tussenstand geven bijvoorbeeld daarvan. Dat zou ook een modus kunnen zijn. De voorzitter: Goed, dan stel ik voor dat we voor een aantal minuten schorsen. Zoals ooit ook de motie kroketten is ingevoerd, zijn die ook nu beschikbaar. Dus die kunt u in de pauze nuttigen. We schorsen voor tien minuten. De voorzitter: Wij heropenen de vergadering. Ik kijk even naar de indieners voor de schorsing.

De heer Koster, ik geef u graag even het woord. De heer Koster: Ja, dank u, voorzitter. Ja, best een dilemma. Het is een beetje Jantje huilt, Jantje lacht gevoel. We hebben net overleg gehad met alle woordvoerders namens de fracties over de ingediende motie. Het vreemde doet zich voor, dat alle fracties, nagenoeg alle fracties de urgentie voelen om maatregelen te nemen om de rotondes te verbeteren. En dat is een gevoel wat alle aanwezigen in dat overleg hebben geuit met als positieve insteek dat we het eigenlijk inhoudelijk over de motie eens zijn. De voorzitter: Een korte interruptie van mevrouw Keessen. U heeft een vraag? Mevrouw Keessen: Ja, ik heb een vraag aan de heer Koster. Want ik hoor dat hij zegt overleg te hebben gehad met alle woordvoerders van alle fracties, maar niet met ons. U heeft ons niet gevraagd hierover? De voorzitter: De heer Koster.

Pagina 22 van 33

De heer Koster: Ja, we hebben overleg gehad met de woordvoerders die tot nu toe met suggesties kwamen om de motie te veranderen. En ik heb begrepen dat u de motie niet wilt steunen, omdat u andere afwegingen hebt en andere argumenten. Maar alle mensen die inhoudelijk het eens waren met de motie, maar over een aantal punten nog van gedachten willen wisselen, daar hebben we even kort overleg mee gevoerd. Maar dat neemt niet weg dat, nou, nogmaals, de urgentie wordt gevoeld bij alle partijen met wie is gesproken dat we een aantal maatregelen gaan treffen en dat we daarin de portefeuillehouder voldoende ruimte willen geven om zijn eigen afwegingen daarin te maken. En om die reden is besloten om op korte termijn het initiatief te nemen om een woordvoerdersoverleg te organiseren waarop we op basis van de motie zoals ie er nu ligt verder van gedachten gaan wisselen hoe we die breder kunnen trekken. En dat we dan een … De voorzitter: De heer Koster, even interruptie. Woordvoerdersoverleggen hebben geen officiële titel hier, inmiddels hebben we dat veranderd in bijeenkomst in openbare vergaderingen. Dus misschien goed om dan even te rade te gaan hoe dat vorm moet krijgen. In gedachte nemend dat u als raad ook niet over de uitvoering gaat, dus wel heel nauwlettend in de gaten moet houden hoe u dit met elkaar wenst te doen. De heer Koster. De heer Koster: Ja.

Nee, helemaal correct, voorzitter. Dank u voor de correctie. Het zal zo zijn dat ik de woordvoerders van de fracties zal benaderen om verder met elkaar van gedachten te wisselen over de inhoud van een mogelijke motie die we dan in een volgende raadsvergadering alsnog zullen presenteren. En om die reden zullen we de motie op dit moment aanhouden. Dank u. De voorzitter: Dat was een toverformule. Ik hoor dat de portefeuillehouder bij de fracties langs gaat, maar u zegt misschien met elkaar verzamelt om te kijken hoe u de volgende vergadering voorbereidt. Kijk, toverformule. Wenst iemand nog hierop te reageren? Nee? Dan denk ik dat we dit punt voor nu als afgehandeld beschouwen. Ja? Nou, formeel is de term, motie is teruggetrokken. Hij kan niet worden aangehouden in deze lijkt mij. U trekt de motie even terug. Ja, even terug, maar goed, ingetrokken. Dan schors ik voor één minuut de vergadering, want de plaatsvervangend voorzitter gaat deze vergadering verder voortzetten. De voorzitter: Dan heropen ik deze vergadering en dan gaan we door met de motie vreemd aan de orde van de dag. En dat is de motie, even kijken, waar zien we hem staan? Ja, ik zie hem al. Het is de motie M25-20 en die is ingediend door alle fracties. En ik wil mevrouw Prent Bouten van AA het woord geven voor een korte toelichting op deze motie. De portefeuillehouder is hier de heer Oude Kotte.

Mevrouw Prent Bouten: Dank u wel, voorzitter. Vroeg u nou om een korte inleiding of maakt het niet uit? De voorzitter: Neem de tijd die u nodig heeft om deze motie goed voor te lichten. Dank u wel. Mevrouw Prent Bouten: Ja, ik ga mijn best doen. Voorzitter, collega-raadsleden, voor ons en voor u ligt op initiatief van Absoluut Aalsmeer de motie, veiligheid voor meisjes en vrouwen in de openbare ruimte, mede ingediend door alle fracties. Je zult maar als meisje of vrouw naar huis fietsen en daar nooit aankomen. De afgelopen periode is de kwetsbaarheid van vrouwen en meisjes op straat helaas duidelijk geworden, met vreselijke gevolgen. Het zijn die gebeurtenissen waarna je thuis in gesprek gaat aan de keukentafel met elkaar. Vrouwen, dochters, moeders, vriendinnen met de vraag, voel jij je weleens onveilig op straat of heb je wel eens iets meegemaakt hier in Aalsmeer? Schokkend genoeg was het antwoord altijd ja. En tijdens deze gesprekken over de ervaren onveiligheid van en met meisjes en vrouwen ontstond het gevoel van, hoe kan het dat meisjes en vrouwen zich nog steeds kwetsbaar voelen op straat? Iedereen moet zich vrij en veilig kunnen bewegen in onze gemeente. Iedereen, ongeacht afkomst, achtergrond, geaardheid, handicap, geloofsovertuiging, man of vrouw. Voorzitter,

Pagina 23 van 33

veiligheid is meer dan de afwezigheid van incidenten. Het is een gevoel van zekerheid, vrijheid en vertrouwen en dat ontbreekt nu vooral bij vrouwen en meisjes. En dat komt mede doordat de inrichting van de openbare ruimte in ons land en ook in Aalsmeer historisch vaak door mannen is bepaald. Niet bewust, maar wel met gevolgen. Plekken die praktisch en efficiënt lijken of zijn, kunnen voor vrouwen en meisjes ronduit onveilig voelen. En vanuit de gesprekken werden genoeg voorbeelden aangedragen, zoals het snelfietspad van Aalsmeer naar Uithoorn of andersom. Een efficiënt fietspad om snel van A naar B te komen en tegelijk op het stuk tussen de veiling en de rotonde Zwarteweg ligt het ver naast de openbare weg met riet en hoge begroeiing, naast een sloot en een industrieterrein. En wanneer je daar fietst, en nu gaat u daar allemaal op letten, ben je inderdaad niet zichtbaar. Maar ook het Stokkeland, het busstation in de middle of nowhere. De parken en fietstunnel zijn meerdere malen aangegeven als onveilig, waarbij deze plekken het liefst vermeden worden of waar incidenten hebben plaatsgevonden. Ook worden over onze mooie evenementen en horeca kwetsbaarheden aangegeven en zo zullen er nog veel meer voorbeelden zijn die we nog niet in beeld hebben. De gesprekken waren soms confronterend of intens, waarbij ook werd aangegeven, maar jongens en mannen voelen zich ook onveilig.

En voorzitter, dat klopt en deze motie wil ook niemand uitsluiten. Het gaat erom dat we verantwoordelijkheid nemen samen met elkaar. Want tot nu toe heeft het niet geleid tot een buitenruimte en een omgeving die voor iedereen vanzelfsprekend veilig is en daar kunnen we niet voor weglopen. De tijd is daar om verantwoordelijkheid te nemen met elkaar, omdat het beter kan. En waar het veiliger wordt voor vrouwen en meisjes, wordt het veiliger voor iedereen. We hebben gemerkt dat de gesprekken wat in beweging brachten en dat we vanuit andere inzichten de verbinding konden vinden met elkaar. En daarom is het gesprek hierover ook zo belangrijk, ook met scholen en jeugdverenigingen. Waar meisjes en jongens zelf kunnen aangeven wat zij ervaren en gedrag kunnen bespreken, maar ook over wat je kunt doen wanneer je als omstander iets ziet gebeuren of wat je als jongen en man kunt doen om het voor meisjes en vrouwen veiliger te maken. Net als een verder gesprek in de regio met de politie, met omliggende gemeenten om tot een gezamenlijke aanpak te komen en te leren van elkaar. Je hebt er immers niets aan wanneer de ene fietstunnel een exit krijgt en als veiliger wordt ervaren, terwijl een stuk verderop de fietstunnel donker is, lang en zonder exit. Een meldpunt voor de regio zou ook een interessante stap kunnen zijn.

En voorzitter, wanneer uit onderzoek is gebleken dat de overgrote meerderheid, meer dan 90 procent, van vrouwen weleens is nageroepen, aangesproken, nagefloten of is gevolgd en wanneer bijna 70 procent van de meisjes en vrouwen zich onveilig voelt op straat, vooral in het donker, dan is het tijd om in actie te komen. Wat vragen wij concreet? Wij verzoeken het college bij de herinrichtingsplannen van de openbare ruimte expliciet aandacht te besteden aan de veiligheid van vrouwen en meisjes en dit actief zichtbaar te maken in voorstellen en raadsvoorstel. Wij verzoeken de huidige knelpunt-en in de buitenruimte in kaart te brengen door middel van een uitvraag bij vrouwen en meisjes in Aalsmeer en waar mogelijk met voorstellen te komen om dit aan te pakken met concrete maatregelen. Bij deze uitvraag ook de evenementen en de uitgaansgelegenheden van Aalsmeer mee te nemen. Goede en veilige voorbeelden uit andere gemeenten te benutten en waar passend toe te passen in Aalsmeer. Actief de samenwerking met de buurgemeenten en/of de politie op te zoeken om kennis, ervaring en maatregelen op dit vlak te delen en een gezamenlijk initiatief te ontwikkelen. De mogelijkheden te onderzoeken voor meer camera's, voor meer toezicht en waar passend proportioneel cameratoezicht op plekken waar vrouwen en meisjes zich onveilig voelen.

In gesprek te gaan met scholen, sportverenigingen en andere jeugdverenigingen om daarmee de bewustwording en het gedrag hierover te vergroten. Dit in het kader van vroege bewustwording en veilig opgroeien in Aalsmeer. En de raad voor het einde van 2025 te informeren over de voortgang en de resultaten. Voorzitter, deze motie en dit voorstel gaat niet alleen over stenen, zichtlijnen, verlichting, lantarenpalen, camera's, het gaat over een cultuur van bewustwording en verantwoordelijkheid voor gedrag. Over het serieus nemen van signalen, over jongeren en ouderen die zich veilig moeten kunnen voelen. Vrouwen en meisjes die zonder angst over straat kunnen en naar huis kunnen fietsen in een samenleving waarin mannen en vrouwen naast elkaar staan en samenwerken voor veiligheid. We zijn Pagina 24 van 33

benieuwd naar de reactie van het college, waarbij dit mogelijk over meerdere portefeuillehouders kan gaan. Het gaat om een fysieke inrichting, gedrag, jeugd en veiligheid. En over dat laatste zien we ook graag een reactie van onze burgemeester, als hoeder van onze veiligheid en als burgervader van onze gemeente. Want veiligheid mag nooit een privilege zijn, het moet vanzelfsprekend zijn. En dat begint hier vandaag met ons en deze motie die door alle partijen mede ingediend is. En doordat alle fracties in deze raad hierin samen optrekken, geven we een stevig signaal af dat Aalsmeer niet wacht, maar in actie komt. Voor onszelf, voor al onze inwoners en vooral voor die ene dochter, zus, moeder, vrouw, vriendin of buurvrouw die gewoon veilig thuis wil komen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor deze inleiding. Ik wilde de fracties de gelegenheid geven om hier ook op te reageren voordat ik de portefeuillehouder het woord geef om hier een reactie op te geven. Mevrouw Mijwaart en de VVD. Mevrouw Mijwaart: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor het mooie betoog. U ziet ook, we steunen dat als VVD. We hebben elkaar gesproken en ik ben blij dat u in het betoog ook aangeeft dat het vooral de mannen ook betreft. Want we hebben laatst in de gemeente Aalsmeer ook een ernstig incident met een man gehad die zwaar mishandeld is.

En ik vind het wel jammer dat de motie dus nu alleen veiligheid van vrouwen en meisjes heet, het moet eigenlijk zijn voor alle inwoners. Dat wil ik als VVD nog eventjes benaderen. Maar we steunen deze motie van harte. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk rond, wie wil reageren? Mevrouw Keessen van FlorAalsmeer. Mevrouw Keessen: Ja, dank u wel, voorzitter. Veiligheid in de openbare ruimte gaat over meer dan verlichting, overzichtelijke pleinen of extra toezicht. Natuurlijk helpt dat, maar laten we eerlijk zijn, de kern van dit probleem ligt niet bij vrouwen, maar bij daders. Het is niet de straatlantaarn die bedreigt, het is het gedrag van bepaalde mannen die vinden dat zij het recht hebben de vrijheid van anderen te beperken. En dat perspectief missen wij wel een beetje in de motie. Want weer vragen we vrouwen en meisjes hun ervaringen te delen en weer moeten zij de knelpunten aandragen. Alsof de verantwoordelijkheid bij hen ligt, terwijl het fundamentele punt is, vrouwen veroorzaken het probleem niet, daders veroorzaken het probleem. En dat moeten we benoemen, want zolang we dat niet doen, blijven we rondjes draaien en leggen we de last bij de verkeerde kant. Dat is victim blaming en dat mogen we nooit accepteren. De realiteit van onveiligheid voor iemand die veiligheid als vanzelfsprekend ervaart, is het bijna niet uit te leggen wat donkerte en angst met je doet.

Het continu scannen van je omgeving, alert zijn bij elke voetstap die je achter je hoort en de spanning als je langs een groep loopt of alleen bij een bushalte staat. En dat vreet energie, elke dag weer. Het beperkt vrijheid, ambitie en zelfs gezondheid en daar gaat het om. Statistisch gezien zijn er vanavond meerdere vrouwen in deze zaal aanwezig die ervaringsdeskundigen zijn en wellicht wel allemaal. Ik ook, maar ook vriendinnen, partners, echtgenotes, zusters, dochters of kleindochters en dat kan en mogen wij niet accepteren. Veiligheid is een maatschappelijk probleem en veiligheid, het raakt ons allemaal. Het gaat over waarden, respect en de basis van samenleven. En dat vraagt om een brede aanpak, niet alleen een veilige inrichting, maar ook een verandering van houding en gedrag. En daarom moet deze raad uitspreken dat we ook mannen nadrukkelijk betrekken bij de oplossing, want zij hebben de verantwoordelijkheid en ook de sleutel in handen om ander gedrag de norm te maken. Investeren in preventie, vroege bewustwording, onderwijs, sportverenigingen, rolmodellen. Hoe minder daders er zijn, hoe minder slachtoffers er vallen. Dadergericht beleid voeren. Wie over de grens gaat, moet dat voelen. Handhaving, sancties en het doorbreken van de straffeloosheid. Voorzitter, het gaat hier niet om losse maatregelen, maar om een cultuurverandering.

En echte veiligheid bereik je alleen als iedereen zich verantwoordelijk voelt, juist ook mannen samen met vrouwen. Want dit probleem lossen vrouwen niet in hun eentje op. Dank u wel.

Pagina 25 van 33

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Lakerveld van GroenLinks, Partij van de Arbeid ook neem ik aan. Mevrouw Lakerveld: Dank u wel, voorzitter. Vrouwen en meisjes moeten zich vrij voelen om zich veilig te bewegen in Aalsmeer, punt. Deze motie draait om luisteren, leren, doen. Geen woorden, maar verlichting, overzicht, toezicht. Geen angst, maar actie. Laten we Aalsmeer veilig maken. Niet morgen, maar vandaag. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Geisler van D66. Mevrouw Geisler: Dank u wel, voorzitter. Gevaar voor vrouwen en meisjes in de openbare ruimte is helaas van alle tijden. Alleen leven we nu in de 21e eeuw waarin dat niet meer normaal is. De moord op Lisa heeft een discussie hierover weer helemaal in de actualiteit gebracht en daarom hebben we het er nu hier in Aalsmeer vanavond ook over. En daar ben ik heel blij om. Deze motie roept op tot aandacht voor veiligheid in de openbare ruimte, bijvoorbeeld als er in een donker parkje een lantaarn veel kan bijdragen tot veiligheid. Maar dit is natuurlijk niet alleen voor vrouwen en meisjes. Als je alleen op een eenzame plek bent, jongen of meisje, en er loopt iemand rond met kwade bedoelingen, dan is dat voor niemand fijn of veilig en dan kan er zomaar crimineel gedrag optreden. Dus dan is die lantarenpaal sowieso een goed idee.

We hopen dat deze motie vol met concrete dingen die de gemeente kan doen om de openbare ruimte veiliger te maken, ook de discussie op gang zal brengen over gedrag. Het optreden van omstanders tegen vervelende individuen als vrouwen en meisjes en jongens ook lastiggevallen worden en zich niet veilig voelen. De lantarenpaal in het park gaat helpen. Als je als jongen alleen in dat park bent, moet je ook op letten. En je medemens zich veilig te laten voelen in een sociaal bedreigende situatie, daar kunnen we allemaal aan bijdragen en laten we dat ook doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van der Meer van het CDA. Mevrouw Van der Meer: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik denk dat er al heel veel gezegd is en dat dat ook heel goed is, want het gaat hier echt om een ontzettend belangrijk onderwerp. Dat mij persoonlijk als vrouw en ik denk dat dat eigenlijk voor alle vrouwen hier in de raad geldt, ook persoonlijk raakt. Als je als vrouw 's avonds buiten loopt en het is donker, ben je je altijd toch bewust van je omgeving. Ik werk overdag en dan vind ik het soms fijn om na het eten nog even een rondje te lopen. Is het geen middernacht, is het ook niet 04.00 uur ’s ochtends, maar gewoon een uur of 19.30 uur. Ik doe geen oortjes in om een podcast of muziek te luisteren, omdat ik dan niet goed kan horen wat er om me heen gebeurt.

Terwijl dat juist in het donker zo belangrijk is, omdat je toch ergens bewust moet kunnen zijn van het gevaar dat er misschien is. En daarom ben ik en zijn we met het CDA zo blij met deze motie. En tegelijkertijd heb ik niet de illusie dat deze motie daar nou meteen voor gaat zorgen dat vrouwen en meisjes veilig zijn. Heel plat gezegd, anders dan dat ik D66 net hoor zeggen, denk ik niet dat het toevoegen van één extra lantarenpaal er nou echt voor zorgt dat vrouwen veiliger zijn. Dat betekent niet dat we er geen aandacht voor moeten vragen. Dit is iets wat we continu op de agenda moeten blijven zetten en waarvan we ons continu moeten uitspreken dat dit niet acceptabel is. En juist daarom vindt het CDA het ook zo belangrijk dat er heel erg wordt ingezet op gedrag bij deze motie, op preventie, zoals mevrouw Keessen het goed omschreef. Door al bij scholen, sportverenigingen, andere jeugdverenigingen aan de bel te trekken en het gesprek te beginnen met, hé, maar ergens gaat er al in de ontwikkeling van kinderen misschien wat fout, waardoor vrouwen zich later onveilig kunnen voelen. Hoe kunnen we dat nou met elkaar aanpakken? En tegelijkertijd, misschien zorgt deze motie wel voor het ene kleine stukje veiligheid. Ik denk dat het gesprek dat wij daarover hadden in de fractie daarvoor heel erg tekenend is. We hadden het over eventueel wat onveilige locaties voor vrouwen.

Mijn collega mevrouw Van Diemen begon meteen over het busstation. En zowel ik als het andere vrouwelijke CDA-lid, mevrouw Harte, hadden meteen door waar ze het over had. Het is een donkere plek, het ligt afgelegen. Nou ja, dat is voor vrouwen gewoon simpelweg niet veilig. We wisten het meteen dat dat een plek was waar je als Pagina 26 van 33

vrouw 's avonds laat niet graag komt. Terwijl de mannen in onze fractie daar eigenlijk nooit zo over na hadden gedacht, omdat die zich daar waarschijnlijk niet onveilig voelen. En dat vind ik alleen maar ontzettend fijn, maar dat laat wel zien hoe belangrijk het is om vrouwen ook aan tafel te zetten op het moment dat de openbare ruimte wordt ingericht. Bij mannen zijn er soms onbedoeld blinde vlekken, simpelweg omdat zij niet de realiteit meemaken die vrouwen soms wel ervaren. En juist daarom zijn we ook zo blij dat deze motie daartoe oproept. Volgens mij heb ik zo het meeste wel gezegd. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor al deze bijdragen. Ik wil graag de portefeuillehouder de heer Oude Kotte uitnodigen. Hij zal ook de antwoorden geven van de heer Spaargaren, omdat die afwezig is. Dus dat gaat ook over de fysieke dingen die er gebeuren moeten. De heer Oude Kotte: Voorzitter, dank. Ja, niet zozeer concrete vragen zijn er gesteld, maar een mooie beschouwing gegeven van een grote zorg die we met elkaar delen. De onveiligheid in de openbare ruimte, veelal ook op donkere plekken. En het voorbeeld wat de jongedame Lisa laat zien, is dat of je nou maatregelen treft of niet, het kan je overkomen en dat is verschrikkelijk. Dus als we het met elkaar hebben over voorlichting, gesprekken en dergelijke, dan hoort er natuurlijk ook bij hoe je jezelf kunt beschermen.

En dat is heel wijs, je gaat niet naar donkere plekken, je bent niet alleen. Alleen al die bewustwording is natuurlijk ook belangrijk, want deze motie roept verschillende reacties op en die heb ik ook zo wel gehoord en gezien. En we hebben dat gesprek in andere gemeenten wel gevolgd. Het kan niet alleen om meisjes en vrouwen gaan en ik ben heel blij dat die motie daar ook een nuance op geeft. Maar ook wel de rol van het slachtoffer. Om geen specifiek voorbeeld erbij te geven, maar is iemand alleen, wat heeft iemand dan gedaan om zichzelf veilig te houden en wat is eigen verantwoordelijkheid? En dat is eigenlijk een gesprek dat je niet met elkaar wil hebben. Het is ook denk ik een illusie om een 100 procent veilige buitenruimte met elkaar te creëren. Maar zoals wij hier onze kernen kennen, kan het echt wel een stukje beter op onderdelen. Het busstation werd net aangehaald en nog wat andere donkere plekken. Vooral denk ik dat de schoonheid in deze motie is, is het aangaan van het gesprek en de bewustwording en er met elkaar over praten. En wat naar voren komt is heel duidelijk als je het gesprek voert, de bewustwording die wellicht bij mannen ontstaat over onveilige gevoelens bij vrouwen en misschien ook wel vice versa. Ik zie een knipperend lichtje, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Keessen, FlorAalsmeer. Mevrouw Keessen: Ja, dank u wel, voorzitter.

Ja, de portefeuillehouder zegt net iets wat mij persoonlijk heel erg raakt en dan heeft u het over de verantwoordelijkheid van het slachtoffer. Wat u daarmee benoemd is in feite wel victim blaming, want u legt een verantwoordelijkheid bij een slachtoffer neer, wat die dan zou kunnen doen. En dat zou dan het mijden zijn van bepaalde plekken of andere zaken. Maar u raakt daarmee juist de kern van de zaak, dat de vrijheid die een man heeft om wel overal heen te gaan, die vrouw dus blijkbaar niet heeft, omdat zij de verantwoordelijkheid zelf moet nemen niet naar bepaalde plekken te gaan. En ik hoop toch echt dat dat niet hetgene is wat u bedoelt, want dat zou betekenen dat we vergeten wat de rol van de dader is die dus iets veroorzaakt bij een slachtoffer. En dan zou u bijna zeggen, ja, het slachtoffer had dit kunnen voorkomen. Dus daar zou ik nog wel graag een reactie op willen. De voorzitter: De heer Oude Kotte. De heer Oude Kotte: Ja, voorzitter, ik denk dat het niet goed gehoord is of ik heb het niet goed gezegd, maar ik heb precies hetzelfde geprobeerd te zeggen wat u net zegt. Het mag niet uitgaan van een slachtofferperspectief, dat zou een te makkelijke reactie zijn. Er is een grotere verantwoordelijkheid die we daar met elkaar hebben. Anders zou alleen het gesprek daarover gaan. Dus ik wil alleen maar uw woorden daarbij vooral onderschrijven.

We hebben recentelijk een hele mooie uitspraak weer gezien die in het leven is geroepen, wees geen dader, was geen slachtoffer, maar wees ook geen toeschouwer. Dus laten we vooral, ik wil vooral niet de focus Pagina 27 van 33

leggen op een van die drie ook. Dat is ook niet zozeer waar wij als college in die zin mee aan de slag kunnen. We kunnen aan de slag met bewustwording en we kunnen aan de slag met proberen de fysieke ruimte wat meer veiliger te maken. En daarvan heeft de portefeuillehouder in ieder geval meegegeven dat daar aandacht voor is, zal zijn voor de huidige plekken die er zijn om te kijken of we daar een inventarisatie van kunnen maken. Maar ook als er een herontwikkeling plaatsvindt op plekken om specifieke aandacht te hebben over, als je met de inrichting bezig bent met verlichting, met zichtlijnen op fietspaden en stoepen, dat het aspect veiligheid daar een belangrijke afweging in krijgt. En niet alleen afweging als efficiëntie bijvoorbeeld. Wel twee onderdelen in de motie waarvan ik denk om daar wat kritischer op te reageren. De formule staat er op zichzelf ook wel weer in. Want punt zes gaat bijvoorbeeld over te onderzoeken of er meer toezicht is en waar passend en proportioneel cameratoezicht wellicht toe te passen. Nou, het meest moeilijke om toe te passen in de openbare ruimte is camera-toezicht. Maar ik begrijp wel wat daar bedoeld wordt, dat is, kun je nou gelegenheidsgewijs toezicht organiseren.

Bijvoorbeeld als er hier een Feestweek is en je moet helemaal naar Kudelstaart fietsen, dat je tussentijds wat veilige momenten hebt waar bijvoorbeeld een politieauto staat, om die route te onderbreken met toezicht. Of zoals in gesprekken rondom de motie ook al naar voren gebracht is, als je nou bijvoorbeeld op een feestavond met veel mensen aanwezig bent en je voelt je onveilig, dat er ergens een plek is waar je je zou kunnen melden. Los van de barrière om naar de beveiliging of naar de politie te gaan, maar waar je wat laagdrempeliger zou kunnen aangeven dat je je niet veilig voelt en dat op basis daarvan ook geacteerd zou kunnen worden. Dus ik ga gewoon kijken of we hier wat ruimere interpretatie aan kunnen geven als het gaat om toezicht en controle waar dat mogelijk is. Het lost de buitenruimte nog niet zo geheel op, want je kan niet iedere avond ergens iets organiseren. Maar in de geest van dat artikel zal ik proberen te handelen. En het tweede punt in de motie is dat het gaat over het informeren van de raad eind 2025. Dat is wel heel erg vlot. Daarvan zou ik u willen vragen in ieder geval voordat de verkiezingen in de raad zijn, zodat ik aan deze raad daarover verantwoording kan afleggen. Wellicht is dat een mooie tussenvorm. Ja, en voor de rest volledig uitvoerbaar.

Maar ja, voorzitter, het is ook makkelijk huiswerk weggeven als je het zelf niet helemaal hoeft uit te voeren. De voorzitter: Dank u wel voor deze reactie. Zijn er nog fracties? Ja, mevrouw Prent Bouten van Absoluut Aalsmeer. Mevrouw Prent Bouten: Ja, een vraagje nog even aan de portefeuillehouder, of dit ook de reactie is van de burgemeester? De voorzitter: Volgt er nog een andere reactie? Waarschijnlijk misschien zometeen als slotwoord zou die deze af kunnen sluiten voordat we gaan stemmen. De heer Oude Kotte: Ja, voorzitter, ik reageer inderdaad inhoudelijk op de motie eventjes, want als burgemeester heb ik natuurlijk wel een mening over deze motie. En ik denk dat het ontzettend mooi is om te zien dat u in gezamenlijkheid aandacht vraagt voor een heel actueel onderwerp en dat is je veilig voelen in eigen gemeente. En dat gaat dan misschien specifiek naar aanleiding van een geval. Maar ik denk, als we naar Aalsmeer kijken, dat er ook wel genoeg reden is om de veiligheid wat dat betreft goed bij de kop te pakken. We zijn ook een gemeenschap waar niet alleen we met bewoners zijn die hier langere tijd wonen. We hebben ook een grote wisselende gemeenschap, duizenden mensen die in maanden wisselen en hier ook werken en niet een definitieve vestiging hebben. En we hebben niet altijd goed inzicht in welke mensen zich binnen onze gemeenschap begeven.

Dus het is ook wel eens goed om daar aandacht voor te hebben wat dat zou kunnen betekenen in onze gemeenschap. In de voorvallen die gebeurd zijn, is dat op een hele vervelende manier naar voren gekomen, vooral het geval bij Amsterdam. Maar ik denk ook dat als we hier met elkaar aandacht hebben en onderzoek doen, dat dat ook een doelgroep is die we zeker niet uit het oog moeten verliezen. Verder als

Pagina 28 van 33

mevrouw Prent Bouten nog een wat nadere reactie wil, dan geef gerust richting, dan ga ik daar nog op in. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Prent Bouten, Absoluut Aalsmeer. Mevrouw Prent Bouten: Ja, een korte reflectie, want er worden ook volgens mij vanuit de portefeuillehouder twee soorten van vragen of opmerkingen. Maar ik heb gelukkig even tijd gehad om toch na te denken over het perspectief van slachtoffer. En daar worstel ik toch een beetje mee en ik wil hem meegeven. De reden om in gesprek te gaan was op het thuisfront en met de meiden, omdat mijn reflex was naar de jonge meiden, je gaat toch niet alleen over straat en je zorgt wel dat je sleutels in je zak hebt, je vriend bij je hebt. En daarna dacht ik, en dit is niet een goede reflex. Zo hoort het niet. Dus om uit te gaan van het meer weerbaar maken van in dit geval vrouwen en meisjes, ja, daar heb ik echt wel moeite mee. Dat is dus precies, wat mevrouw Keessen ook aangeeft, de kern van de zaak. Het draai het om en ga niet uit van dat inzicht. Dus die wil ik toch wel graag meegeven. Cameratoezicht vragen wij proportioneel en dat betekent volgens mij precies hetzelfde als wat de portefeuillehouder aangeeft, daar waar het kan. Eind 2025 óf voor de verkiezingen is een brede termijn, dat vind ik wel een beetje ver.

Dus ik zou het of concreter willen weten of meer naar voren trekken of op zijn minst eind van het jaar een terugkoppeling te geven van wat de status is van wat we verzocht hebben. Het hoeft niet allemaal gerealiseerd te zijn, maar laten we het gesprek actief houden. Dat zou mijn oproep zijn en uiteraard staat het anderen daar vrij nog wat over aan te geven. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Mijwaart nog reactie, VVD. Mevrouw Mijwaart: Nee, we hebben verder geen vragen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Keessen, FlorAalsmeer. Mevrouw Keessen: Ik sluit mij volledig aan bij de woorden van mevrouw Prent Bouten. De voorzitter: Mevrouw Lakerveld, GroenLinks/Partij van de Arbeid. Mevrouw Lakerveld: Dank u wel, voorzitter. Einde van deze periode is maar twee maanden later, dus ja. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Geisler van D66. Mevrouw Geisler: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat het heel belangrijk is om het gesprek op gang te houden. Ik kan me ook voorstellen dat het einde van dit jaar of voor de verkiezingen, dat het gewoon een korte tijd is als je dingen wil optuigen, als je echt wat wil doen. Dus daar heb ik ook begrip voor. Maar laten we inderdaad het gesprek op gang houden. Dus als dat eind dit jaar zal moeten zijn, lijkt mij dat prima. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van der Meer, CDA. Mevrouw Van der Meer: Ja, dank u wel, voorzitter.

Ik sluit me helemaal aan bij wat mevrouw Geisler en wat mevrouw Prent Bouten gezegd hebben. De voorzitter: Mooi. Dank u wel. Dan wilt u waarschijnlijk nog een reactie van de portefeuillehouder op dit onderdeel. Mijnheer Oude Kotte. De heer Oude Kotte: Ja, voorzitter, ik onderschrijf het natuurlijk van harte en we gaan er ook mee aan de slag. Er staan natuurlijk ook hele mooie suggesties in waar het gaat over het gesprek aangaan met jeugd. Dat past helemaal binnen het programma met de gesprekken die we met jeugd ook over veiligheid aangaan. Dus dat sluit gewoon uitstekend aan, pakken we ook meteen op. Dus daarvan is ook prima te berichten in de voortgang hoe we dat doen. Hoe we dat moeten aanpakken bijvoorbeeld met het herinrichten van plannen en hoe je die verantwoording in de raadsvoorstellen moet doen. Ja, daar zal iets langer de tijd voor nodig zijn. Pagina 29 van 33

We krijgen in november ook nog het gesprek met elkaar met politie en handhaving. Nou, dit lijkt me een fantastisch thema en ik zal ervoor zorgen dat in ieder geval voor die vergadering ook wat feiten en cijfers op tafel komen die misschien iets meer kleur geven, een beeld geven met waar hebben we hier nou mee te maken? We hebben bijvoorbeeld in het laatste rapport over de veiligheid gezien dat we objectief een hele veilige gemeente zijn, maar subjectief ons zeer onveilig voelen in verhouding tot de gemeenten in de regio. Dat dat vooral te maken heeft met de onbekendere mensen die hier korte tijd verblijven. Dat staat allemaal heel cryptisch in die rapporten, dus laten we het ook maar zo cryptisch houden. Maar daar zou natuurlijk wel aan toegevoegd kunnen worden een accentpunt, hoe zit dat met jonge mensen? En wat betekent dat voor bepaalde plekken? Zijn er ook meldingen daarover geweest? En misschien kunnen we dat wel voor november vast op het toneel trekken, zodat we daar ook het gesprek met de politie over aan kunnen. Een belangrijke partner in deze. En de andere aspecten zoeken we gewoon uit en zo komen we stapje voor stapje verder. En eens kijken of we dan een integrale reflectie kunnen doen zo in laten we zeggen februari. Dan heeft u nog een mogelijkheid om daar even het gesprek met elkaar ook nader over te voeren wellicht. En kan het eerder, doen we het eerder.

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Prent Bouten. Mevrouw Prent Bouten: Ja, een van de dingen die wij aangaven was dat de afwezigheid van incidenten zeg maar niet maakt dat het een veilige omgeving is, maar dat het gaat om gevoel en om ervarenheid en voorbeelden van, wij gaan überhaupt niet naar de bushalte. Dus dan is er misschien wel geen incident geweest, maar wij vermijden die plek allemaal, een deel van ons. Dus ik zou dat graag meenemen in niet alleen de feiten, ook het gevoel van onveiligheid. De voorzitter: De heer Oude Kotte. De heer Oude Kotte: Misschien daar nog een laatste reactie dan over. Kijk, ik denk juist dat dit aspect een plek zou kunnen krijgen in de mogelijke uitvraag bij niet alleen jongens, meisjes. Maar zoals mevrouw Keessen ook zei, bij jongens, ik denk dat is goed om dat breder te zien, ook breder te benaderen. Dat dat daar een plek krijgt om inzicht te krijgen in, ja, we weten natuurlijk van een aantal plekken dat het daar niet heel prettig vertoeven is, omdat het wat donker is. Maar hoe we dat moeten uitvragen. Ik weet niet hoe we het moeten doen, maar we hebben wel middelen tot onze beschikking om uitvraag te doen in de samenleving en die kunnen we aanwenden. Dat kan ook op korte termijn. De voorzitter: Dank u wel voor deze reactie.

Ik heb een toezegging gehoord van de portefeuillehouder om in het overleg met de politie en de veiligheid komende maand daar ook aandacht aan te besteden. Ik heb gehoord dat hij heeft gemeld dat wij uiteindelijk eind februari informatie krijgen, of het is een raadsbrief of het is een overleg, dat moeten we maar even afwachten hoe we dat inplannen. Dus wij kunnen volgens mij nu overgaan tot de besluitvorming. En dan wil ik u vragen, is er nog iemand die een stemverklaring wil afleggen? De heer Fransen van GroenLinks en Partij van de Arbeid. De heer Fransen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, deze motie, er zijn allemaal dames aan het woord geweest en nou, ik wil in ieder geval als man ook iets zeggen. En dat is, ik was pas met een vrouw in Amsterdam gingen we met de metro 's avonds een uur of 23.00. Toen kwamen we beneden zo'n roltrap af en dan stonden we daar te wachten en zij keek gelijk om zich heen. En ik vroeg, waar kijk je naar? Ze zegt, dat doe ik altijd, ik kijk altijd om me heen. En ik vond dat een enorme eyeopener. Ik was me dat gewoon nooit bewust. Dus de motie wil awareness creëren en ik denk dat dat erg nuttig is dus. Helaas is deze motie heel erg belangrijk en noodzakelijk. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog andere mensen die een stemverklaring willen toevoegen aan deze motie? Dan wil ik hem in stemming brengen.

Wie is voor deze motie? Deze motie is met algemene stemmen aangenomen. Dank u wel.

Pagina 30 van 33

Rb-12

Vragenkwartier De voorzitter: Dan gaan wij door naar het laatste onderwerp van deze vergadering en dat is het vragenkwartiertje. Er zijn vragen ingediend door het CDA en ik wil de heer Van den Nouland het woord geven. De heer Van den Nouland: Ja, dank u wel. Afgelopen maandag was de vergadering van de dorpsraad. Die is altijd heel druk bezocht daar. En daar was Dura Vermeer, dat is een aannemersbedrijf, die heeft een toelichting gegeven over de werkzaamheden op de Kudelstaartseweg. Ze gaan daar de damwanden zetten, ze gaan rioleringen vervangen. En die Kudelstaartseweg is ongeveer twee jaar dicht. Diverse inwoners die maken zich wel zorgen over de ontsluiting van hun wijk. Heel veel verkeer moet over de Mijnsherenweg. Deze kruising, de Mijnsherenweg, Legmeerdijk, die is formeel eigendom van de provincie. Dura Vermeer die heeft dat heel duidelijk aangegeven die avond, die heeft alleen contact met de gemeente Aalsmeer. Deze is echter geen opdrachtgever van dat geheel, omdat die rol is weggelegd voor het waterschap Amstel, Gooi en Vecht. Met andere woorden, er zijn wel drie, vier partijen die ermee te maken hebben. Wanneer we dit zo constateren bestaat een grote kans dat niemand actie gaat ondernemen om met name tijdens de ochtendspits de doorstroming op de Mijnsherenweg enigszins te waarborgen.

Voor mijn collega hiernaast me moet ik ook zeggen dat de ochtendspits Mijnsherenweg en de avondspits op de Bachlaan, Legmeerdijk. Daarom de volgende vraag. Om de bewoners van Kudelstaart niet elke ochtend een uur lang op de Mijnsherenweg te laten staan in afwachting van een groen verkeerslicht is de vraag of de gemeente bereid is gedurende ochtendspits, buiten de vakantieperiodes verkeersregelaars in te huren om de doorstroming vanaf de Mijnsherenweg te waarborgen? Aanvullend gelijk de avondspits, de Bachlaan, om dat in hetzelfde verhaal mee te nemen. Uiteraard realiseren we ons dat hierover contact met de provincie dient plaats te vinden. Tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik de portefeuillehouder vragen hier antwoord op te geven. Ik denk dat dit ook officieel een vraag voor de heer Spaargaren was. Bart, o, mijnheer Kabout doet deze beantwoording. De heer Kabout: Ja, dat klopt, dat hebben we zo voor vanavond even verdeeld. Even kijken. Ja, de vragen van de heer Van den Nouland, CDA. U heeft als eerste in uw inleiding het ook over de verschillende partijen die bij het project betrokken zijn. Misschien om dat nog op te helderen. De hoofdopdrachtgever is inderdaad het waterschap, dus Waternet hè, Amstel, Gooi en Vecht, dat is de hoofdopdrachtgever voor dit project. Dat heeft ook een waterkerende functie en het onderhoud daarop.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=0fc26623-2d49-48d7-9241-3989cb246720