VVD - Technische vragen voorjaarsstukken 2025
Tekst van het document
Technische vragen voorjaarsstukken 2025
Gesteld door fractie
VVD-1
Heeft betrekking op
Beslisnota PPN Paginanummer: 2
Vraag
kan het eerste substantiële pakket voorstellen ofwel doelstellingen scenario’s die het structurele financiële perspectief verbeteren ihkv beslispunt 8 (m25) gedeeld worden?
Antwoord
Bij het najaarsmoment presenteert het college de opbrengst van de focusweken die voor de zomer gehouden zijn. Dan worden de voorstellen die kunnen leiden tot efficiciency (slimmer werken) en effectivititeit (beter samenwerking) benoemd. Hierbij gaat de kost soms voor de baat uit. Als hiervoor incidentele budgetten nodig zijn, dan komen we bij de begroting met concrete voorstellen. Beleidskeuzes die voortvloeien uit de focusweken worden meegenomen voor de nieuwe coalitie.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-2
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus Paginanummer: 2
Vraag
Welke vertraging is precies opgetreden?
Antwoord
Er is een wisseling van projectleiders geweest en er zijn interne mensen opgeleid om de focusweken te kunnen begeleiden.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-3
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus
Paginanummer: 2
Vraag
Waarom is deze vertraging opgetreden?
Antwoord
De eerste projectleider was een externe. Gezien de omvang en complexiteit van de opgave en het belang van voldoende kennis van de organisatie, hebben we gezocht naar interne bemensing.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-4
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus Paginanummer: 2
Vraag
Wat is precies gedaan om deze vertraging te voorkomen of verkleinen?
Antwoord
Door in te zetten op interne mensen, is de verwachting dat er na een periode van opstarten versnelling komt. Dat blijkt ook; voor de zomer zijn er vier focusweken geweest en is er het benodigde financiele inzicht gekomen.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-5
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus
Paginanummer: 2
Vraag
Wat is het effect van deze vertraging?
Antwoord
Het effect is dat de beleidskeuzes voorgelegd worden bij de coalitieonderhandelingen.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-6
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus
Paginanummer: 2
Vraag
Waarom is de raad niet geïnformeerd over deze vertraging?
Antwoord
De raad is tijdens debatten over de begroting en de PPN regelmatig door de werhouder financiën bijgepraat over de stand van zaken rond Van Inzicht naar Focus.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-7
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus
Paginanummer: 2
Vraag
Kan in een tijdslijn gedeeld worden welke acties binnen VInF precies zijn ondernomen sinds de PPN-behandeling in 2024?
Antwoord
In het najaar van 2024 zijn de voorbereidingen getroffen voor focusweken in 2025. Medewerkers van de gemeente Zwolle zijn opgeleid om deze te begeleiden. In februari, maart, april en mei 2025 zijn er focusweken
gehouden voor informatievoorziening, stadsbeheer & vitale wijken, de sociale wijkteams en inwonerszaken. Daarnaast is er een verdieping gemaakt op het Cebeonrapport door de beinvloedingsruimte per begrotingsdoel in beeld te brengen. Dit is de basis voor de focusweken. Ook is er geinventariseerd of er incidentele middelen zijn die kunnen vrijvallen, wat niet het geval bleek te zijn. De focusweken voor het najaar worden nu gepland.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-8
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus
Paginanummer: 2
Vraag
Wat is de financiële uitkomst/besparingsrange van de focusweek sociale basis en de focusweek sociale wijkteams?
Antwoord
In de focusweek Sociale basis en in wijkgesprekken is opgehaald wat leeft in de stad en waar energie zit. Op welke ontwikkelingen kunnen we aanhaken en in partnerschap werken aan het versterken van de sociale basis. Het verbeteren en versterken van het samenspel tussen het Sociaal wijkteam en partners in de sociale basis is daar ook onderdeel van. Er zijn besparingen mogelijk op de langere termijn door bijvoorbeeld betere samenwerking van gemeentelijke onderdelen in de wijk en door anders om te gaan met de inloopspreekuren van de SWT’s. Dit laatste is verder uitgewerkt in de focusweek van het SWT. Voor de zomer ontvangt u een raadsbrief ‘voortgang opgave sociale basis’ waarin u over de voortgang van de opgave sociale basis wordt geinformeerd. Het doel van de focusweek sociale wijkteams was om ruimte te vinden voor de doorontwikkeling en professionalisering van de sociale wijkteams binnen de huidige budgetten. Dat willen we bereiken door de werkzaamheden van de SWT’s meer te richten op zijn kerntaken.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-9
Heeft betrekking op
Memo stavaza van inzicht naar focus
Paginanummer: 2
Vraag
Graag een overzicht van alle maatregelen/opties die tot nu toe in de focusweken naar boven zijn gekomen.
Antwoord
Er zijn vier focusweken geweest. In deze weken is gewerkt aan oplossingen en voorstellen om zowel ruimte te maken in de structurele begroting als de kwaliteit van de dienstverlening, het beleid of de uitvoering te verbeteren. De hoofdlijn van de oplossingen gaat over effectiever samenwerken, meer procesmatig werken en dubbel werk stoppen. De meeste oplossingen vragen nog om separate besluitvorming. Hiervoor worden voorstellen uitgewerkt. Als het gaat om beleidskeuzes, dan worden die meegenomen naar de coalitieonderhandelingen. Per focusweek zijn er specifieke oplossingen die in de toekomst tot aanzienlijke besparing kunnen leiden. Uitwerking is nodig om de daadwerkelijke besparing en de haalbaarheid goed in te kunnen schatten. Voorbeelden hiervan zijn Informatievoorziening: Opschonen applicatielandschap De gemeente heeft voor veel applicaties een licentie. Elke applicatie moet ook beheerd worden. Er is soms overlap in functionaliteiten. De verwachting is dat het aantal applicaties flink naar beneden kan. Dit scheelt in licentie-, beheer- en supportkosten. Stadsbeheer en Vitale wijken: Waardegestuurd beheer van kapitaalgoederen Voor de kapitaalgoederen in de openbare ruimte gelden kwaliteitsniveaus. Het idee is om meer maatwerk te gaan leveren in kwaliteitsniveau, in aansluiting op de behoefte in een wijk en om meer aan te sluiten op de beleving van bewoners.
Door meer differentiatie is de verwachting dat er bespaard kan worden. Bovendien neemt de inwonerbetrokkenheid toe. SWT’s: Efficiency verbetering Door meer uniformiteit in werkwijze en sturing kunnen medewerkers inzicht krijgen in hun caseload waardoor ze doelmatiger kunnen werken. Dat maakt de SWT’s bewuster van de inzet van capaciteit en maakt het beter mogelijk om te prioriteren. Inwonerszaken: Aanpak administratieve leegstand woningen Door onrechtmatige bewoning op te sporen, kan de leefbaarheid verbeteren, criminaliteit bestreden en woonfraude aangepakt. Dit zorgt voor structurele opbrengsten, doordat de uitkering uit het gemeentefonds kan toenemen en de belastinginkomsten kunnen stijgen, als meer woningen rechtmatig bewoond worden. Overkoepelend
Uit verschillende focusweken kwam het voorstel om te gaan werken met één proces voor de melding openbare ruimte. Ook kwam uit verschillende weken om te gaan werken met één website www.zwolle.nl . Beide voorstellen leiden tot besparingen.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-10
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 16
Vraag
Op basis waarvan is de verwachting dat het gebruik van inkomensregelingen vanaf 2028 gaat afnemen?
Antwoord
De resultaten uit het onderzoek naar besparingsmogelijkheden met betrekking tot de inkomensregelingen zullen we in 2026 omzetten in concrete maatregelen die in volgende jaren naar verwachting tot afnemende kosten zullen leiden.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
VVD-11
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 9
Vraag
Kan nader worden toegelicht wat bedoeld wordt met de marginale winstafdrachten uit nieuwe grondexploitaties door diverse duurzaamheidsen mobiliteitsmaatregelen? Welke maatregelen gaat dit om? En wat is het netto (verwachte)n effect per maatregel op de winstmarges?
Antwoord
De winstafdrachten worden met name behaald vanuit grondexploitaties (n.m.Hessenpoort) waarbij sprake is van een historische grondpositie met
een lager inbrengwaarde (boekwaarde) van de grond. Deze locaties zijn voor de toekomst nagenoeg niet meer beschikbaar. Te verwachten effecten op de winstmarge van maatregelen bij toekomstige grondexploitaties is op voorhand niet te geven. Dit hangt af van de specifieke programmatische/beleidsmatige invulling binnen een ruimtelijke opgave. Waarbij geldt dat deze oorzaken divers zijn en duurzaamheids- en mobiliteitsmaatregelen een tweetal voorbeelden. Op het moment dat wordt gewerkt aan de invulling van een ruimtelijke opgave kan ook worden vastgesteld wat de effecten op het (financiële) resultaat zullen zijn.
Portefeuillehouder
Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
VVD-12
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 12
Vraag
waardoor ontstaan de mogelijk nadelige resultaten in de parkeerexploitatie?
Antwoord
Deze ontstaan door cumulatieve aanloopverliezen door de realisatie van mobiliteitshubs. Dit leidt ca de komende 10 jaar tot exploitatietekorten. Zie besluitvorming over de AOS. Dit noemen we de ‘badkuip’. De kapitaal- en exploitatielasten zijn in de periode groter dan de exploitatieopbrengsten. Door stadsbreed regie te houden op tarieven, regulering/zonering, tijdelijke voorzieningen en daarbij intensief samen te werken met de gebiedsontwikkeling om zo te kunnen sturen op investeringsdruk, planning/tempo van realisatie houden we deze cumulatieve exploitatietekorten zo beperkt mogelijk.
Portefeuillehouder
Gerdien Rots
Gesteld door fractie
VVD-13
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 16
Vraag
zijn de ravijnjaargelden en Van Arkgelden structurele gelden en in totaal 4 miljoen euro? Kan de structurele verwerking van deze bijdragen nader worden toegelicht?
Antwoord
De middelen die het Rijk beschikbaar heeft gesteld om de terugval in het gemeentefonds vanaf 2026 te dempen zijn structureel van aard (€ 3,2 mln in 2026, 2027 en 2028; vanaf 2029 gaat het om € 3,3 mln). De rijksmiddelen ter compensatie van de tekorten in de jeugzog – de ‘Van Arkgelden’ hebben een overwegend incidenteel karakter. Gevolg is dat in 2026 en 2027 extra begrotingsruimte is ontstaan. Vanaf 2028 is die financiële ruimte aanzienlijk lager (zie tabel 1 structurele begrotingsruimte). Met het Rijk zijn afspraken gemaakt dat de commisie Van Ark begin 2027 met een geactualiseerd rapport zal komen. Over de uitkomsten hiervan en de gevolgen voor de gemeenten is nu nog weinig te zeggen.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-14
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 16
Vraag
kan worden aangegeven welk deel van de 4 mio struc Rijksgeld betreft en welk deel gemeentelijk?
Antwoord
In de tekst is een verwijzing gemaakt naar de extra structurele middelen die we ontvangen op basis van de Voorjaarnota van het Rijk (compensatie Ravijnjaar en Van Arkgelden). Van een directe koppeling tussen deze middelen en het bestedingsvoorstel voor de Sociale basis is echter geen sprake. Zie verder het antwoord op vraag 13.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-15
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 16
Vraag
kan een overzicht gegeven worden van de ombuigingsopties die onderzocht zijn binnen de koers Sociaal Domein?
Antwoord
De afgelopen jaren zijn al meerdere opties onderzocht en deels uitgevoerd om besparingen of minder uitgaven te realiseren. De rode draad in de meeste van deze opties is de ‘verschuiving van achteren naar voren’ of van ‘zwaardere hulp naar lichtere hulp naar de sociale basis’. Hiervan kunnen we meerdere voorbeelden noemen:
• •
• • •
•
Inzetten op minder residentiele jeugdhulp en uithuisplaatsingen Werkwijze Samenspel in de Wijk die leidt tot meer oplossingen in het gewone leven en de sociale basis, en eigen inzet sociaal wijkteam. Daardoor afname aantallen clienten zwaardere jeugdhulp Thuisondersteuning Wmo: samenvoeging Huishoudelijke Hulp en begeleiding Thuisondersteuning Wmo: wachtlijstoplossingen waardoor minder uren hulp is verstrekt Omvorming individuele Wmo-dagbesteding in Goede Dagen en Sociale Activering en Herstel, meer inwoners geholpen voor hetzelfde geld De beweging van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis: meer ambulante hulp maar besparing op kosten BW
Daarnaast zijn wij voortdurend bezig om besparingen te doen door aanpassingen in administratieve processen en de inzet van digitalisering en robotisering.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen/ Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
VVD-16
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 16
Vraag
naar welke maatregelen om de stijging van de uitgaven inkomensmaatregelen te verminderen wordt precies onderzoek gedaan? Wanneer is dit onderzoek gereed? Wanneer kunnen conclusies worden geïmplementeerd in beleid?
Antwoord
In het najaar van 2025 starten we met het onderzoeken van besparingsmogelijkheden en toekomstige inzichten. De resultaten hiervan worden in 2026 opgeleverd.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
VVD-17
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 15
Vraag
welke ombuigingsopties zijn onderzocht op het onderdeel cultuur en de BIS?
Antwoord
Voor deze perspectiefnota zijn geen ombuigingsopties onderzocht op het onderdeel cultuur en de BIS. Dit is reeds geregeld met de PPN 2025-2028 (zie p.19 PPN 20252028).
Portefeuillehouder
Anja Roelfs
Gesteld door fractie
VVD-18
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer:17
Vraag
wat is het verwachte extra benodigde budget de komende jaren voor de actualisatie economisch perspectief boven de bestaande 500K
Antwoord
Bij het Economisch Perspectief zal geen extra budget aangevraagd worden. Bij de uitwerking van de afzonderlijke raadsvoorstellen zal indien nodig aanvullend budget worden aangevraagd. Denk hierbij aan bijvoorbeeld uitvoering beleid bedrijventerrein.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-19
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 20
Vraag
hoeveel van de 1.7 miljoen gaat naar management en hoeveel naar medewerkers in de uitvoering/niet-management?
Antwoord Van de €1,7 miljoen is op dit moment nog geen exacte verdeling beschikbaar tussen management en uitvoering. Het budget voor 2026 bestaat daarnaast ook uit €500.000 uit de vorige PPN en aanvullende middelen uit doorbelaste overhead (waarmee functies worden bekostigd die samenhangen met de groei van de stad en de toename van complexe opgaven). Kortom, alleen naar de €1,7 miljoen kijken om het aandeel voor management te bepalen, geeft geen volledig beeld. De exacte inzet volgt in de begrotingsuitwerking.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-20
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 20
Vraag
kan worden toegelicht wat wordt bedoeld met de span of control van leidinggevenden? Op basis van welke factoren wordt dit bepaald? Gaat dat ook over het aantal medewerkers die een manager onder zich heeft? Hoeveel medewerkers heeft een manager gemiddeld onder zich?
Antwoord
Zwolle hanteert de definitie van de benchmark “Vensters voor Bedrijfsvoering”, deze is als volgt: “Het gemiddelde aantal medewerkers per leidinggevende in de organisatie. De berekening is als volgt: het totaal aantal medewerkers (aantal medewerkers op de loonlijst) in de gehele organisatie op 31 december, verminderd met het aantal
leidinggevenden binnen de hele organisatie en deze uitkomst gedeeld door het aantal leidinggevenden in de hele organisatie.” Het gaat om het aantal medewerkers dat een leidinggevende onder zich heeft, aanstuurt. De span of control bij Zwolle bedraagt gemiddeld 30,31 medewerker per leidinggevende. Zwolle hanteert een span of control van rond de 30 als signaalwaarde waarbij de afweging voor een passende span of control meerdere factoren bevat.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-21
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 20
Vraag
waar zijn de verwachte besparingen op de organisatie vanuit VInF gebaseerd?
Antwoord
Op basis van de resultaten van de eerste focusweken is een inschatting gemaakt.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-22
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: 5.3.1
Vraag
Herstel blauwe lijn: Wat kost het om het gat op te vullen met ‘reguliere’ straatstenen in plaats van een herstel?
Antwoord
€ 11.573,00 excl. BTW; € 14.003,33 (incl. BTW).
Portefeuillehouder
Anja Roelfs
Gesteld door fractie Heeft betrekking op
VVD-23 Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: 5.3.1
Vraag
Is er al subsidie aangevraagd voor het organiseren van het Ter-Borch jaar en verwacht het college dat de huidige dekking voldoende zal zijn?
Antwoord
Voor het Ter Borch jaar werken verschillende culturele instellingen samen aan programmering. Deze bekostigen zij vanuit hun eigen begroting. Het college heeft voor de samenwerking en marketing eenmalig een budget van €50k
toegezegd, bekostigd vanuit de bestaande middelen cultuur. Het college heeft geen signalen dat het budget ontoereikend zou zijn. Portefeuillehouder
Anja Roelfs
Gesteld door fractie Heeft betrekking op
VVD-24 Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: 5.3.1
Vraag
Wat gaat er concreet onderzocht worden in het onderzoek naar een mogelijke nieuwe locatie voor Hedon?
Antwoord
Het onderzoek is drieledig: 1. er wordt een toekomstvisie opgesteld waarbij aan de hand van een aantal factoren (waaronder: de groei van gemeente Zwolle, actuele ontwikkelingen in de popsector, de exploitatie van Hedon) wordt geschetst welk type poppodium past bij het toekomstige Zwolle. Deze visie zal in samenwerking met poppodium Hedon tot stand komen en ter besluitvorming/vaststelling worden voorgelegd aan de raad. 2. Uit de toekomstvisie vloeit een volumevraag voort, die zal worden vertaald naar technische specificaties. Denk hierbij aan de gewenste omvang van eventuele nieuwe zalen. De volumestudie zal worden opgebouwd uit een aantal scenario's. 3. De scenario's zullen worden doorberekend in een business case. Uit de business case zal duidelijk worden wat de omvang is van een investering in nieuwbouw en wat dit betekent voor de exploitatie en de gemeentelijke subsidie. De business case zal worden toegespitst op de beoogde locatie Noorderkwartier. Eventuele besluitvorming naar aanleiding van de onderzoeksresultaten is aan het volgende college.
Portefeuillehouder
Anja Roelfs
Gesteld door fractie
VVD-25
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: 5.3.1
Vraag
Huurverlaging Zwolse Theaters: Zijn er meer BiS of cultuur instellingen waarvan we de komende jaren de huur en/of subsidie verwachten te verlagen?
Antwoord
Er is op dit moment geen aanleiding voor toekomstige huurverlagingen. Deze huurverlaging heeft betrekking op het originele inbouwpakket welke nu is afgeschreven. Afspraak was bij de oprichting dat na afschrijving Zwolse Theaters de financiering hiervan zelf gaat verzorgen. Eigenlijk is het daarmee niet een echte huurverlaging maar meer een technische aanpassing.
Portefeuillehouder
Anja Roelfs
Gesteld door fractie
VVD-26
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / PPN Paginanummer: programma 5
Vraag Klopt het dat er in bij o.a. de uitwerking van het economisch perspectief nog aanvullende nota’s komen specifiek op startup-beleid?
Antwoord
Er zullen geen aanvullende nota’s komen specifiek gericht op het start-up en scale-up beleid in Zwolle. De raad zal over deze doelgroep(en) geïnformeerd worden vanuit het thema ‘innovatie’ in het Economisch Perspectief en via de verantwoording op voortgang en resultaten RegioDeal Zwolle.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-27
Heeft betrekking op
PPN 2026-2029 Paginanummer: 11
Vraag
Hoeveel bouwvergunningen zijn er in de afgelopen jaren uitgegeven, uitgesplitst per jaar?
Antwoord
In de afgelopen jaren zijn de onderstaande aantallen bouwvergunningen afgegeven voor woningen in de gemeente Zwolle (gegevens CBS): Jaar Aantal bouwvergunningen 2020
582
2021
191
2022
535
2023
478
2024
921
Portefeuillehouder
Gerdien Rots
Gesteld door fractie
VVD-28
Heeft betrekking op
PPN 2026-2029 Paginanummer: 18
Vraag
“Ook stellen we middelen beschikbaar voor extra groen in de stad en voor extra menskracht voor de uitvoering van maatregelen en acties uit het groen- en recreatiebeleid.” Hoeveel budget gaat naar extra groen en hoeveel naar extra menskracht?
Antwoord
Het budget voor extra mankracht betreft de structurele kosten voor 1 FTE. Overige budget (incidenteel) gaat naar groen.
Portefeuillehouder
Anja Roelfs
Gesteld door fractie
VVD-29
Heeft betrekking op
PPN 2026-2029 Paginanummer: 19-20
Vraag
Er worden verschillende posten genoemd waarin geïnvesteerd wordt (digitale transformatie, extra management, bedrijfsvoering, etc). Hoeveel budget gaat naar welke post?
Antwoord
De specifieke toedeling van middelen per post wordt verder uitgewerkt in de begroting. Op dit moment is die verdeling nog niet beschikbaar.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-30
Heeft betrekking op
PPN 2026-2029 Paginanummer: 20
Vraag
“We verwachten dat het traject Van Inzicht naar Focus inzichten oplevert hoe we efficiënter en op een andere manier kunnen gaan werken (een besparing van €1,0 miljoen in 2028 en €2,0 miljoen in 2028).” Is deze verwachte besparing al verwerkt in de begroting? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Nee, deze besparing is niet verwerkt in de begroting, maar wel in de PPN 2026-2029 (als kaderstellend document voor de begroting 2026). Overigens is de formulering in de PPN niet juist. Het gaat om een bedrag van 1,0 miljoen in 2028 en € 2,0 miljoen in 2029. Deze bedragen zijn in mindering gebracht op de benodigde bedragen voor de ‘Staat van de Organisatie’ (op orde brengen van de basis van onze organisatie).
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-31
Heeft betrekking op
Berap 2025-1 Paginanummer: 21
Vraag
“Op basis van de gerealiseerde inkomsten in 2024 verwachten we dat de parkeerinkomsten 2025 € 700.000 hoger uitvallen en de inkomsten voor parkeervergunningen € 140.000.” Wat is de reden dat de gerealiseerde inkomsten zoveel hoger zijn? P x Q: is de prijs te laag ingeschat of zijn de bezoekers- en bewonersaantallen hoger dan verwacht? Graag cijfermatige onderbouwing (hoeveel P of Q meer dan verwacht).
Antwoord De te verwachten hogere parkeerinkomsten van € 700.000,- bedragen +7,5% t.o.v. de begroting 2025. De begroting 2025 is reeds rond de zomer van 2024 opgesteld op basis van de op dat moment beschikbare informatie. De parkeerinkomsten in 2024 (welke begin 2025 bekend zijn) waren hoger dan verwacht doordat er meer geparkeerd is (P gelijk gebleven, Q viel hoger uit). We verwachten komend jaar minimaal dezelfde aantallen te realiseren en daarom hebben de verwachting voor 2025 naar boven bijgesteld. Ook de hogere inkomsten uit Parkeervergunningen van € 140.000,- (= + 11,5% t.o.v. de begroting 2025), wordt gelijkblijvende parkeertarieven veroorzaakt door meer uitgifte van vooral parkeerabonnementen en uitrijkaarten (dus ook daar valt Q hoger uit). Samengevat is P gelijk gebleven, maar verwachten we dezelfde Q te behalen als vorig jaar, waardoor Q dus hoger uitvalt dan aanvankelijk verwacht.
Portefeuillehouder
Gerdien Rots
Gesteld door fractie
VVD-32
Heeft betrekking op
MPV 2025 Paginanummer: 4
Vraag
In het raadsvoorstel staat: “De voorziening ten behoeve van complexen met een negatief resultaat (Voorsterpoort - Beers Stork, Voorsterpoort – Retail, Voorsterpoort – Oost en Breezicht Zuid) is toegenomen met € 0,4 mln.”
Terwijl in de MPV staat: “De voorziening ten behoeve van complexen met een negatief resultaat (Voorsterpoort - Beers Stork, Voorsterpoort – Retail, Voorsterpoort – Oost en Breezicht Zuid) is toegenomen met € 1,2 mln.” Welk bedrag is correct? Antwoord
Het bedrag van € 0,4 miljoen is correct. In praragraaf 5.2 “Voorziening Vastgoed” (pag. 13 MPV) kan dit worden vastgesteld. In de daar opgenomen tabel is het verschil gepresenteerd.
Portefeuillehouder
Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
VVD-33
Heeft betrekking op
Berap 2025-1 Paginanummer: Doel 1.1.3 Vrijval kredieten onderwijshuisvesting.
Vraag
Hoe komt het dat de werkelijke kosten voor onderwijshuisvesting zoveel lager uitvallen?
Antwoord
De vernieuwing van een schoolgebouw duurt jaren om van idee tot een nieuw gebouw te komen. Door verschillende redenen kan het zijn dat het proces langer duurt dan van te voren is voorzien. Het effect hiervan is dat een beoogde investering een jaar later wordt gedaan en hierdoor voor één jaar een incidentele vrijval is. Dit is niet te voorkomen en gaat de komende jaren vaker gebeuren. Kortom: de werkelijke kosten zijn niet lager, maar vinden door omstandigheden later plaats in de tijd.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
VVD-34
Heeft betrekking op
PPN pagina 5
Vraag
Wat is de verhouding tussen het ‘ravijnjaar’ 2026 en de toenemende reserves en de bijstelling post BTW-compensatiefonds? Moeten we vrezen voor minder investeringen in de stad of klotst het geld eigenlijk tegen de plinten?
Antwoord
Door de overwegend incidentele compensatie van het Rijk via de Voorjaarsnota, zien we het ‘ravijnjaar 2026’ verschuiven naar 2028. Of gemeenten vanaf 2028 gecompenseerd worden door het Rijk valt op dit moment niet te voorspellen. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten blijft aandacht vragen bij het demissonair kabinet en bij de Eerste en Tweede Kamer voor de onbalans tussen gemeentelijke taken en financiële middelen.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-35
Heeft betrekking op
PPN
Vraag
Wat is de stand van zaken van het project ‘van inzicht naar focus?’ Waarom duurt het zo lang?
Antwoord
Het traject VINF (focusweken) vraagt een goede voorbereiding en betrokkenheid van de medewerkers. In het najaar van 2024 zijn de voorbereidingen getroffen voor focusweken in 2025. Medewerkers van de gemeente Zwolle zijn opgeleid om deze te begeleiden. In februari, maart, april en mei 2025 zijn er focusweken gehouden voor informatievoorziening, stadsbeheer & vitale wijken, de sociale wijkteams en inwonerszaken. Daarnaast is er een verdieping gemaakt op het Cebeonrapport door de beinvloedingsruimte per begrotingsdoel in beeld te brengen. Dit is de basis voor de focusweken. Ook is er geinventariseerd of er incidentele middelen zijn die kunnen vrijvallen, wat niet het geval bleek te zijn. De focusweken voor het najaar worden nu gepland.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-36
Heeft betrekking op
PPN pagina 8
Vraag
Waar komt het bedrag van 3 miljoen voor de boeggolflijst vandaan? Zou de boeggolflijst niet ook voor een besparing moeten zorgen door projecten die stoppen? Waar zien we die terug in de voorjaarsstukken?
Antwoord
Het bedrag van € 3 miljoen betreft een reservering voor onderwerpen waarvoor vervolgfinanciering noodzakelijk is. In de aanloop naar de begroting 2026 gaan we scherp kijken welke taken mogelijk afgebouwd of gestopt kunnen worden. In de begroting 2026 zullen we de resultaten daarvan aan u presenteren.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
VVD-37
Heeft betrekking op
PPN raadsbesluit
Vraag
Wat zijn de gevolgen van beslispunt 6 als de raad zich committeert aan langjarige investeringen voor onderwijshuisvesting? Waarom is ervoor gekozen om dat beslispunt bij deze PPN te voegen ipv nadat het nieuwe IHP er is?
Antwoord
Het effect hiervan is dat de gemeente betere afspraken kan maken met schoolbesturen. De langjarige investeringen bieden meer continuïteit en daardoor meer vooruitgang in de vernieuwingsopgave. Vooral bij gebiedsontwikkelingsopgaven is jaren van te voren helderheid nodig of er voldoende financiële middelen zijn.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
VVD-38
Heeft betrekking op
PPN pagina 16
Vraag
Hoe gaat het college onderzoeken hoe de uitgaven voor de armoederegelingen omlaag kunnen worden gebracht? Is dit niet een logisch gevolg van de campagne om meer mensen te bereiken? Ligt het beperken van die kosten niet gewoon in het overige deel van de Koers Sociaal domein om bestaanszekerheid te verbeteren?
Antwoord
In het najaar van 2025 starten we met het onderzoeken van besparingsmogelijkheden en toekomstige inzichten. De resultaten hiervan worden in 2026 opgeleverd.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
VVD-39
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: Bouwen en Wonen / RO Welke aantoonbare maatregelen treft de gemeente om personele capaciteit voor woningbouwprojecten structureel en langdurig te borgen, ondanks de aanhoudende krapte bij gemeente én marktpartijen? Kan de beantwoording daarbij expliciet maken: a) welke verplichtingen Zwolle zichzelf oplegt ten aanzien van formatie (FTE), doorlooptijden en inzet van middelen, en hoeveel formatie (FTE) is daarvoor inmiddels is ingericht, b) welke prestatieafspraken of doorlooptijdverbeteringen daarmee worden beoogd, c) hoe resultaten hiervan worden gemonitord, en d) welke samenwerkingsverplichtingen richting externe partijen (zoals markt en onderwijs) hierin worden opgenomen?
Vraag
Antwoord
Wij maken jaarlijks een capaciteitsraming van de inzet die nodig is voor het woningbouwprogramma. Daarnaast sturen wij wekelijks en soms dagelijks intensief bij, ten behoeve van de benodigde extra inzet. Wij hanteren ook een strategische personeelsplanning die een aantal jaren vooruitkijkt. Daar waar wij voorzien dat het om meerjarige activiteiten gaat, vullen wij deze capaciteit structureel in. We zetten daarvoor alle wervingsmiddelen in (oa netwerken, social media, recruitment (intern en extern), campagnes, etc.) Deze middelen zin de afgelopen jaren fors toegenomen. Werving en selectie is voor de leidinggevenden een topprioriteit. Voor de gebiedsontwikkelingen waar woningbouw onderdeel van uitmaakt wordt vanuit een groot deel van de organisatie (structurele en incidentele) capaciteit ingezet. Bijvoorbeeld vanuit vastgoed, programma’s/projecten, ruimte, mobiliteit, vergunningen, wonen, etc. etc. Een toedeling van formatie is te maken, maar dit betreft een tijdrovende exercitie. In het algemeen kan worden gesteld dat een groot deel van onze gemeentelijke organisatie, met name het fysiek domein, direct of indirect wordt ingezet in gebiedsontwikkelingen. Daar waar mogelijkheden zijn voor
inzet van extra expertise of menskracht, zoals bijvoorbeeld de regeling die de provincie biedt vanuit de Bouwbrigade, maken we daar gebruik van. Daar waar het structureel niet lukt, proberen we via inhuur toch de capaciteit te borgen. Vaak lukt dat, maar net als bij andere gemeenten is een aantal disciplines, waaronder de disciplines die nodig zijn om de woningbouwopgave te realiseren, uiterst kwetsbaar. Dat betekent dat er dan bestuurlijke keuzes gemaakt moeten worden over "wat eerst, wat kan later?" Het verbeteren van doorlooptijden is echter niet alleen afhankelijk van de interne capaciteit. Ook bij de externe partners heeft de huidige arbeidsmarkt zijn effecten en daarnaast zijn er ook andere externe factoren van belang die van invloed zijn op de kansen om te versnellen. We werken toe naar een stadsbrede programmering en capacaciteitstoedeling. De rol van stedelijke regie, waarin nadrukkelijk de uitvoerbaarheid van de plannen de aandacht krijgt, is daarbij groot. Dit houdt in dat er actief met de markt gekeken wordt naar de opgave van de stad en de wijze waarop we marktpartijen beter/anders kunnen committeren aan de opgave waar we in Zwolle voor staan.
Portefeuillehouder
Gerdien Rots/ Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
VVD-40
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: Bouwen en Wonen / RO Welke harde verplichtingen legt de gemeente zichzelf op ten aanzien van het aandeel betaalbare woningen in de woningbouwopgave tot 2040, en op welke wijze worden deze verplichtingen juridisch en planologisch geborgd richting initiatiefnemers? Kan de beantwoording daarbij expliciet maken: a) welk minimaal aandeel sociale huur, middenhuur en betaalbare koop in harde plannen is vastgelegd, b) hoe wordt toegezien op de naleving daarvan tijdens planvorming en realisatie?
Vraag
Antwoord
Uitgangspunt voor de woonopgave is de verdeling in 30-40-30 die in het Zwolse woonbeleid is vastgelegd, met daarbinnen een verdere onderverdeling naar sociale huur en middeldure huur-1 en –2; goedkope en middeldure koop; en dure koop- en huurwoningen. De uitwerking hiervan in gebieden en projecten wordt opgenomen in gebiedsvisies en ROP's die door de raad worden vastgesteld. Privaatrechtelijk worden deze afspraken verder uitgewerkt en vastgelegd in juridische (anterieure) overeenkomsten met ontwikkelaars en bouwers. [sub a.] Het totale aantal woningen in de Zwolse planvoorraad op dit moment is ruim 14.000. Daarvan zijn 2.577 woningen opgenomen in ‘harde’ plannen (planologische procedure afgerond). Prijscategorie
Aantal
Percentage
Sociale huur
Sociale huur
629
24%
Goedkoop
Goedkope huur particulier Goedkope koop
57
2%
250
10%
Middeldure huur
220
9%
Betaalbare koop
530
20%
Duur
776
30%
Nog niet bekend
115
5%
Totaal
2577
100%
Middelduur
{sub b.] Privaatrechtelijk worden afspraken vastgelegd in juridische (anterieure) overeenkomsten met ontwikkelaars en bouwers.
Portefeuillehouder
Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
VVD-41
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: Bouwen en Wonen / RO Welke financiële risico’s zijn verbonden aan het uitblijven van (co)financiering vanuit het Rijk voor grootschalige woningbouwprojecten, en hoe wordt hier binnen de Strategische Investeringsagenda (SIA) op geanticipeerd?
Vraag
Antwoord
Als (co)financiering uitblijft, neemt de druk op onze eigen middelen binnen de SIA toe. Bij het uitblijven van externe bijdragen kan worden overwogen om structurele middelen te verhogen. Een andere mogelijkheid is om scherper te prioriteren en projecten gefaseerd uit te voeren.
Portefeuillehouder
Gerdien Rots/ Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
VVD-42
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: Bouwen en Wonen / RO Hoe voorkomt Zwolle dat de stad “volgebouwd” raakt op een ondoordachte manier? Hoe borgt Zwolle dat bij elk project voorzieningen, groen, mobiliteit en sociale context worden meegewogen? Welke instrumenten of ruimtelijke kaders worden ingezet om versnipperde gebiedsontwikkelingen te coördineren en de leefkwaliteit te waarborgen bij woningbouw binnen de bestaande stad?
Vraag
Antwoord
De gewenste ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de gemeente Zwolle is vastgelegd in de Omgevingsvisie ‘Ons Zwolle van morgen’ (sept 2021). Die visie vormt het kader waarbinnen ruimtelijke ontwikkelingen, waaronder woningbouw, in Zwolle vorm kunnen krijgen. Op dit moment werken we aan een aanvulling op de Zwolse Omgevingsvisie. Onderdeel van het proces tot aanvulling is het maken van een ruimtelijk toekomstperspectief. Hierover neemt de raad nog voor het zomerreces van 2025 een besluit. Zowel de Omgevingsvisie als het RTP zijn integraal opgesteld, waarin thema’s als wonen, groen, mobiliteit, voorzieningen, gezondheid, etc. in samenhang met elkaar zijn beschouwd. Bij gebieds- en locatieontwikkelingen worden deze uitgangspunten, via een startnotities, concreet uitgewerkt in gebiedsvisies en ROP's. Ook hierin betrekken we de gemeenteraad als het gaat om besluitvorming over deze documenten.
Portefeuillehouder
Gerdien Rots/ Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
VVD-43
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: Stadspark (Natuurinvesteringsagenda): Welke criteria worden gehanteerd bij het bepalen van de locatie, omvang en functie van het beoogde nieuwe stadspark, en hoe wordt hierbij rekening gehouden met toekomstige bevolkingsgroei en klimaatadaptatie?
Vraag
Wat is de verwachte structurele beheerlast van het geplande stadspark en op welke wijze wordt dit opgenomen in de meerjarenbegroting na realisatie?
Hoe wordt de participatie van bewoners geborgd bij het ontwerp en de invulling van het nieuwe stadspark, en welke lessen uit eerdere vergroeningstrajecten worden hierin meegenomen? Antwoord
Er is in de ontwikkeling van het groen en recreatiebeleid onderzoek gedaan naar de aanwezige en benodigde recreatieve mogelijkheden in en om de stad. Hieruit blijkt dat er over de hele gemeente, maar vooral langs de randen van de stad een opgave ligt. Locatie, omvang en functie zijn daarmee afhankelijk van de mogelijkheden die er zijn. Hierbij is het logisch om aan te sluiten bij de locaties die in het Ruimtelijk Toekomstperspectief zijn benoemd. Deze sluiten aan bij ontwikkellocaties en bij gebieden waar een tekort op recreatief uitloopgebied wordt gezien. Stadsbroek en Vechtrand (zone tussen Oosterenk en ontwikkellocatie Vechtpoort) zijn daarvoor geschikte locaties. Voor Stadsbroek loopt al een proces omdat in de wijk Stadshagen de recreatieve mogelijkheden beperkt zijn en ook zo ervaren worden door inwoners. Beide locaties hebben ook een opgave op klimaatadaptatie. Voor Vechtrand geldt dat met de plannen voor transformatie en verdichting Oosterenk en ontwikkeling nieuwe wijk Vechtpoort naast deze stedelijke groei ook groene groei nodig is. Groen is voor zowel klimaat (waterberging en koelte) als voor (nieuwe) leefbare wijken een belangrijk onderdeel. Dat is de afweging geweest om het voorstel te doen om te starten met voorbereidingen van een nieuw stadspark.
Beheerlasten zijn sterk afhankelijk van wijze van invulling en omvang en worden in het proces als processtap meegenomen. Participatie is onderdeel van onze reguliere werkwijze. Hierbij sluiten we aan bij Hanza. In de eerste planvormingsstap wordt onder andere het proces bepaald, waarin ook bovenstaande processtappen worden meegenomen.
Portefeuillehouder
Anja Roelfs
Gesteld door fractie
VVD-44
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 / Berap 2025-1 / MPV 2025 / Paginanummer: Participatie in stedelijke ontwikkeling/Hanza! Wanneer participatie bij woningbouw- en gebiedsontwikkelingen door initiatiefnemers wordt uitgevoerd, welke invloed en sturingsmogelijkheden heeft de gemeente op de inhoud, kwaliteit en timing van deze participatie? En op welke manier evalueert de gemeente zowel a) de uitkomsten van individuele participatietrajecten als b) de effectiviteit van de Hanza!-methode als geheel?
Vraag
Antwoord
Omgevingswet is hierin duidelijk. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor de participatie en deze is vormvrij. Dat wil zeggen dat de gemeente geen eisen kan stellen aan de participatie die de initiatiefnemer verricht. Wat we wel doen is initiatiefnemers stimuleren om participatieprocessen volgens Hanza! in te richten en we zien dat dit in toenemende mate ook gebeurt. Als de gemeente zelf initiatiefnemer is, dan hebben we afgesproken dat we participatieprocessen volgens Hanza! inrichten. Bij de begrotingsbehandeling in november 2024 is de motie ‘Duidelijkheid over Hanza!’ aangenomen. We hebben toegezegd dat we aan het eind van dit jaar Hanza! gaan evalueren en zullen dan ook ingaan op de effectiviteit van de Hanza!-methode als geheel. Dat betekent ook dat we kijken naar individuele participatietrajecten en hoe de processen zijn verlopen. De uitkomsten daarvan maken onderdeel uit van de evaluatie.
Portefeuillehouder
Gerdien Rots/ Anja Roelfs
Gesteld door fractie
VVD-45
Heeft betrekking op
PPN 2026-2029 Paginanummer: p5
Vraag
Kan ik een overzicht krijgen van alle stelposten op jeugd die ingesteld zijn vanaf 2022 en wat er van gerealiseerd is, inclusief de reeds opgenomen besparingen in de begroting?
Antwoord
2023 0,2 mln hervormingsagenda 2024 0,8 mln hervormingsagenda cumulatief 1,0 mln 2025 1,0 mln hervormingsagenda 2025 0,9 mln samenspel cumulatief 2,9 mln 2026 2,1 mln hervormingsagenda 2026 0,3 mln samenspel cumulatief 5,3 mln 2027 0,7 mln hervormingsagenda cumulatief 6,0 mln De taakstellingen voor 2023 en 2024 zijn gerealiseerd. In 2023 was er een klein voordeel tov de begroting en in 2024 is dat ten opzichte van de primitieve begroting ook zo. (Uiteindelijk was in 2024 sprake van een nadeel van 1,4 mln, maar dat was ten opzichte van de uiteindelijke begroting nadat het begrote bedrag bij de 2e berap was verlaagd met 1,8 mln.)
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
VVD-46
Heeft betrekking op
PPN 2026-2029 Paginanummer: p5
Vraag
Kan ik een overzicht krijgen van initiatieven die gestopt gaan worden binnen jeugdzorg gezien de uitrol samenspel in de wijk en de inzet vanuit het Rijk met financiële middelen om de besparingen van de hervormingsagenda te realiseren?
Antwoord
De systemische werkwijze van Samenspel in de wijk breiden we niet alleen uit naar alle wijkteams, maar fungeert ook als basis voor alle andere initiatieven. Dat betekent niet dat we specifieke initiatieven stoppen als gevolg van Samenspel in de wijk, maar wel dat we ze waar het kan samenvoegen binnen Samenspel in de wijk. Dat maakt het efficienter en effectiever. Naar aanleiding van het rapport van Van Ark heeft het Rijk voor 2025 t/m 2027 financiële middelen aan gemeenten toegekend ter compensatie van de jeugdzorguitgaven. Het is overigens aan gemeenten om te bepalen hoe zij deze middelen inzetten; naast compensatie voor de jeugdzorguitgaven adviseert Van Ark deze middelen waar mogelijk ook te gebruiken om te investeren in de sociale basis. Dat doet niets af aan de ambitie van de gemeente Zwolle met betrekking tot de inhoudelijke beweging van Samenspel in de wijk en de Koers sociaal domein. Hoe de financiële situatie van het gemeentefonds zich vanaf 2028 ontwikkelt is nog onzeker. En daarnaast maakt de krapte op de arbeidsmarkt en de maatschappelijke situatie van kinderen en gezinnen het noodzakelijk om te blijven inzetten op het afremmen van de inzet van professionele jeugdzorg. De VNG heeft serieuze vraagtekens bij de haalbaarheid van de financiering zoals het kabinet die beoogt vanaf 2028.
Portefeuillehouder
Gesteld door fractie Heeft betrekking op
Michiel van Willigen
VVD-47 PPN 2026-2029 Paginanummer: p19
Vraag
Een van de opgaven voor dienstverlening is de toegankelijkheid van de dienstverlening voor mensen met een beperking. De organisatie heeft vanuit diversiteit en inclusie de Hidden Sunflower geïmplementeerd. Wat zijn de stappen die na de kick-off nog genomen zijn om het onder de aandacht te brengen en houden?
Antwoord
Sinds de kick-off is het volgende gerealiseerd. Er is een infopagina ingericht op SharePoint en binnen de Zwolle Academie zijn bijbehorende trainingen beschikbaar gesteld. Daarmee is het Hidden Disabilities Sunflower-netwerk structureel ingebed in de bedrijfsvoering. In de praktijk zien we dat medewerkers hier ook actief gebruik van maken.
Portefeuillehouder
Peter Snijders
Gesteld door fractie
VVD-48
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 doel 1.1.2 p10 Paginanummer:
Vraag
Wat is de investering in Sport in de gemeente Zwolle per hoofd inwoner? En hoe ligt dat in vergelijking met andere vergelijkbare gemeenten?
Antwoord
De uitgaven van de gemeente Zwolle op gebied van sport en bewegen per inwoner zijn € 83,00, landelijk is dit gemiddelde € 91,70. Kenniscentrum Sport en Bewegen heeft voor ons bekeken hoe Zwolle zich verhoudt tot de rest van Nederland op het gebied van maatschappelijk waarde van sport en bewegen. Hier staat ook de uitgaven van de gemeente aan sport en bewegen per inwoner. Hierbij zijn ze uitgegaan van gemeentelijke uitgaven aan sportbeleid, activering en -accommodaties per inwoner. Dit betreft een bewerking van Rebel en het Mulier Instituut t.b.v. de SROI-berekening. De bedragen komen daarom niet overeen met de bedragen uit de Monitor sportuitgaven gemeenten 2022
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
VVD-49
Heeft betrekking op
Jaarstukken doel 1.1.2 SPUK IZA Paginanummer:
Vraag
Hoeveel geld is er in totaal van het Rijk ontvangen voor het IZA? Hoeveel geld heeft de gemeente Zwolle besteedt aan de IZA? Wat is er gedaan met dat geld tot nu toe? Wat merkt de Zwollenaar concreet van het bestaan van het IZA?
Antwoord
In 2024 is er in totaal € 3.023.765 ontvangen voor SPUK IZA. Dit zijn regionale middelen, beschikbaar voor de hele regio Ijssel-Vecht. Deze middelen zijn ingezet voor: - de ondersteuning van het netwerk “Samen gezond Ijssel-Vecht” waaronder de coördinatoren van de verschillende coalities; - ambtelijke capaciteit bij de 8 gemeenten van de regio Ijssel-Vecht; - de uitvoering van het regioplan. Ook in Zwolle heeft de uitvoering van het regioplan plaatsgevonden waarbij we hebben ingezet op de samenwerking tussen het medisch en sociaal domein en de beweging naar preventie. Enkele voorbeelden hiervan zijn: De samenwerking van Zwolse partners met Isala in het Gezond Leven Punt waarbij in gesprek met patiënten wordt gesproken over leefstijl en actief de verbinding wordt gezocht met de sociale basis in Zwolle. De training van professionals in Zwolle in het werken vanuit positieve gezondheid waardoor zij in gesprekken met inwoners breder kijken naar
-
-
Portefeuillehouder
gezondheid dan alleen de afwezigheid van ziekte, maar ook naar het versterken van de veerkracht en het welzijn en daarmee de kwaliteit van leven. Op het gebied van innovatie is er een project van Interact Contour “technologie thuis” gericht op langer zelfstandig en veilig thuis wonen van inwoners met Niet aangeboren hersenletsel (NAH). Cliënten krijgen advies op maat over technologische producten en kunnen deze producten lenen via de Uitleenservice. Het gaat om technologie voor sociaal contact, zelfredzaamheid, dagindeling, prikkels verminderen, veiligheid en zelfredzaamheid in de woning. In Zwolle Zuid is een pilot voor het verkennend gesprek waarbij met inwoners met psychische klachten in een gesprek met GGZ, sociaal domein en ervaringsdeskundigheid het hele verhaal van de burger met zijn context goed in kaart wordt gebracht waardoor de inwoner snel op de juiste plek terecht kan.
Dorrit de Jong