CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

tbv inspreken Ed verhoeven -Rapport Ontheemd De verhuizingen van asielzoekerskinderen in Nederland.pdf

Raadsplein info/debat Raadzaal 24 oktober 2022, gemeente ZwolleBij agendapunt: Debatronde: Samenhangende aanpak vluchtelingenopvang8.399 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werkgroep Kind in azc

Ontheemd De verhuizingen van asielzoekerskinderen in Nederland Werkgroep Kind in azc

Januari 2013 UNICEF Nederland Defence for Children VI uchtel i ngen Werk Nederland Stichting Kinderpostzegels Nederland Kerk in Actie

unicef &@»

l ~

KINDERPOSTZEGELS voor kinderen door kinderen

DEFENCE tor '

CHILDREN J.

,g

%,

Vluchtelingen Werk Nederland

Kerk in Actie

Inhoud

Voorwoord Samenvatting Probleemschets Het aantal verhuizingen Persoonlijke en maatschappelijke schade Impact op het onderwijs Het Kinderrechtenverdrag Maatregelen tot nu toe Aanbevelingen Bronnen

5 7 9

15 19

26 29 33 36 38

Voorwoord

Bijna iedereen heeft wel eens een verhuizing meegemaakt. Het is wat in de sociaalwetenschappelijke literatuur een 'life-event' heet, een ingrijpende levensgebeurtenis. Wij volwassenen kiezen doorgaans zelf voor zo'n verplaatsing van ons hele hebben en houden. Soms minder vrijwillig, bijvoorbeeld door een scheiding, maar vaak ook positief: we willen fijner wonen of dichter bij ons werk. Ik zag op de website 'Ouders Online' dat de begeleiding van kinderen bij een verhuizing behoorlijke opvoedingskwaliteiten van de ouders vraagt. En op een soortgelijke site zag ik: 'Stel de verhuizing zelf positief aan uw kind voor. De kans is dan erg groot dat uw kind dit positieve gevoel overneemt'. Het is voor alle kinderen moeilijk om hun vertrouwde omgeving te verlaten, afscheid te moeten nemen van vriendjes en op een nieuwe school te moeten starten. Dat vereist een zorgvuldige voorbereiding en aandacht. Gelukkig krijgt een Nederlands kind gemiddeld maar één keer per tien jaar met een verhuizing te maken. Asielzoekerskinderen die in Nederland arriveren, hebben vrijwel altijd een zeer traumatische verhuizing achter de rug. Als kind je land moeten verlaten omdat het daar niet meer veilig is, is een verschrikkelijke ervaring.

Vaak komt de vlucht voor kinderen ook nog onverwacht, of omdat er sprake is van onmiddellijk gevaar of omdat de ouders, vaak om reden van veiligheid, hun kinderen niet ruim voor vertrek over het plan om te vluchten hebben verteld. De kinderen moeten, zonder passende voorbereiding, afscheid nemen van familie, vrienden, de school en sportof andere activiteiten waar ze aan deelnamen. Ze beginnen aan een lange gevaarlijke reis en weten niet waar ze uiteindelijk terecht zullen komen. Tegen deze achtergrond is het onbegrijpelijk en onaanvaardbaar dat deze kinderen, aangekomen in het veilige Nederland, gedwongen worden regelmatig (gemiddeld één keer per jaar) te verhuizen. Bij die verhuizingen zijn de ouders meestal niet in staat om de tips van 'Ouders Online' op te volgen. Er valt niets te kiezen, nauwelijks iets voor te bereiden. De kinderen moeten steeds maar weer afscheid neren van pas gevormde vriendenlubjes, een ervaring die hen zal doen aarzelen contacten aan te gaan of vriendschappen te sluiten op de nieuwe locatie. Immers, voor je het weet moet je weer verhuizen.

s

Deze repeterende verhuisbreuk is het gevolg van het Nederlandse opvangbeleid voor asielzoekers en hun kinderen. Elk stapje in de asielprocedure vereist kennelijk dat je weer naar een andere plaats moet verhuizen. Het is duidelijk dat in deze praktijk het belang van het kind niet een eerste overweging is zoals artikel 3 van het Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind eist. De kinderen worden ook niet in de gelegenheid gesteld hun mening kenbaar te maken en daar wordt dus ook geen gewicht aan toegekend. Dit is een flagrante schending van artikel 12 van genoemd Verdrag. Het vele verhuizen waaraan kinderen van asielzoekers worden onderworpen is ook in strijd met het recht van het kind op een volle en harmonieuze sociaal-emotionele ontwikkeling van haar of zijn persoonlijkheid.

Stop het verhuizen van asielzoekerskinderen! Jaap Doek emeritus hoogleraar familie- en jeugdrecht en voormalig lid en voorzitter van het VN-Comité voor de Rechten van het Kind

-- -

-- - ----- --------

Probleemschets

Al jarenlang wordt keer op keer gesignaleerd dat kinderen die met hun ouders in Nederland asiel aanvragen veelvuldig moeten verhuizen. De redenen voor de vele verhuizingen zijn divers. Verhuizing bij volgende stap in asielprocedure Elk gezin dat in Nederland asiel aanvraagt, krijgt standaard met een aantal ver huizingen te maken. De kinderen en hun ouders komen eerst in een centrale ontvangstlocatie (col). Vandaar verhuist het gezin naar een proces opvanglocatie (pol). Ten slotte verhuist het gezin ofwel naar een asielzoekerscentrum (azc), ofwel direct naar een vrijheidsbeperkende locatie (vbl) of naar een gezinslocatie vanwaar gewerkt wordt aan terugkeer naar het land van herkomst.

}

}

--------ov +EEEEAI

»

Verhuizing om bedden te vullen Naast deze 'standaard' verhuizingen krijgen kinderen en gezinnen regelmatig te maken met gedwongen beheersmatige verhuizingen van het ene azc naar het andere azc door het opvangbeleid van de Nederlandse overheid. Zo stelt de verantwoordelijk bewindspersoon aan het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) normen voor de vereiste bezettingsgraad van de opvangcentra. Kort gezegd: er moeten zo min mogelijk bedden leegstaan. De bezettingsgraad is op zijn beurt gerelateerd aan de instroom en uitstroom van asielzoekers in het totale opvangsysteem. Gezinnen met kinderen worden daardoor regelmatig overgeplaatst van de ene opvanglocatie naar de andere omdat er ergens ruimte gemaakt moet worden of vrijkomt.

verhuizing omdat huurcontract afloopt Regelmatig sluiten er azc's, waardoor kinderen moeten verhuizen. Dit is een direct gevolg van het feit dat het COA slechts enkele permanente (duurzame) opvanglocaties heeft en een groot aantal tijdelijke locaties. De meeste gemeenten willen

• ptl

geen asielzoekerscentrum voor onbepaalde duur binnen hun grenzen. Het COA heeft daarom vooral tijdelijke huurcontracten met gemeenten. Zo heeft het COA in de afgelopen anderhalf jaar vele (tijdelijke) locaties moeten sluiten. Aangezien gezinnen met kinderen niet standaard gehuisvest worden op de permanente/ duurzame opvanglocaties, krijgen veel kinderen te maken met noodgedwongen verhuizingen door het sluiten van azc's. Verhuizing als eigen keuze

Er zijn ook nog andere redenen waarom kinderen soms moeten verhuizen. Soms verzoeken de ouders zelf om overplaatsing naar een andere locatie. Bijvoorbeeld omdat ze dichter bij familie of vrienden willen wonen, of om andere persoonlijke redenen. Verhuizing als straf

Soms besluit het COA dat de verhuizing noodzakelijk is omdat er problemen zijn tussen het COA en het gezin of tussen het gezin en andere bewoners van het azc. De overplaatsing wordt dan als strafmaatregel ingezet. Redenen verhuizen geïnventariseerd

In de meeste gevallen verhuizen asielzoekers tegen hun wil. De verhuizingen gebeuren zelden op verzoek en in het in het belang van het kind. Beitske Kooistra2 (Rijksuniversiteit Groningen, 2012) heeft in opdracht van de Werkgroep Kind in azc een analyse gemaakt van de redenen die kinderen opgeven voor een verhuizing. De resultaten zijn in onderstaande tabel weergegeven. 1

Andere reden, vul in Mijn ouder(s) wilde(n) zelf verhuizen Ik wilde zelf graag verhuizen Omdat we graag bij mensen die we kennen in de buurt wilden wonen Er was geen plek meer voor ons Omdat het azc ging veranderen Omdat we problemen hadden met de politie

1 1

■ ■

1 1

Door een beslissing over onze asielprocedure Omdat het azc ging sluiten 0

in °

25

50

75

10 0

125

Voor het onderzoek van Kooistra zijn 132 kinderen en jongeren, in de leeftijd van tien tot achttien jaar, bevraagd over hun ervaringen met verhuizen. Deze kinderen zijn in totaal 421 keer verhuisd. 135 keer was dit vanwege een beslissing in de procedure. Uit de tabel blijkt dat dit veruit de meest voorkomende reden voor een verhuizing is. Als tweede meest opgegeven reden werd gemeld dat het centrum ging sluiten.

'Ik heb me nergens in Nederland thuis gevoeld.' meisje, 12 jaar ]

uit Uganda

]

4jaar in Nederland

]

9keer verhuisd

'In januari 2008 kwam ik aan in

moeten verhuizen. Ze praten niet met

Nederland met mijn tante. Later kwam

mij, alleen met mijn moeder. Een keer

mijn moeder naar Nederland. Ik kwam

hoorde mijn moeder op vrijdagmiddag

aan op Schiphol. Daar moest ik twee

dat we maandagochtend moesten ver-

weken blijven. Toen gingen we naar

huizen. Ik kwam uit school toen zij het

Crailo, daar bleven we ongeveer twee

mij vertelde. Toen kon ik geen afscheid

jaar. Toen moesten we ineens verhui-

nemen, want die maandag kon ik al

zen. Vrijdag werd gezegd dat we maandag weg moesten: "Just move". Bij de

niet meer naar school. Die school is echt een "sad story". Zijn we middenin

verhuizing werden we geholpen door

een boek, komen er weer nieuwe kin-

mensen van de kerk met een busje. We

deren, en dan moeten we weer bij het

gingen naar Wassenaar, waar ik naar

begin beginnen. Mijn schoolresultaten

de azc-school in Katwijk ging. Daarna

zijn niet goed doordat ik zo vaak ben

moest ik een week naar Almelo. Toen

verhuisd. Ik kan niet meer goed oplet-

terug naar Wassenaar. Na vijf maanden

ten. Met elke verhuizing ben ik veran-

moesten we naar Ter Apel. Daar bleven

derd. Bij elke nieuwe plek verander ik,

we ongeveer een maand. Toen moesten

want elke plek is anders en dan veran-

we naar Velp, waar ik naar een gewone

der ik mijn gedrag. Op school voel ik

Nederlandse school ging. Voor één

me soms buitengesloten. Ik ga dan

schooljaar. Vandaar moest ik een paar

naar buiten om te schreeuwen, het

keer naar Ter Apel en terug naar Velp.

wordt me dan echt te veel. Ik heb me

Vervolgens naar Almere. Daar zaten

nergens in Nederland thuis gevoeld.

we tijdens de zomervakantie voor zes

Behalve misschien in Crailo, daar was ik

weken. En nu zitten we alweer zes

veel bij een vriendin thuis. Daarna heb

maanden in Ter Apel. De mensen van

ik me nooit meer ergens thuis gevoeld.'

het COA vertellen ons steeds dat we

i

Eén vaste plek Uit diverse onderzoeken blijkt dat de kinderen en jongeren in azc's het allerliefst op één vaste plek willen verblijven. Zij ervaren de vele verhuizingen als enorm ingrijpend, belastend en ontwrichtend. Ouders van kinderen en jongeren in azc's geven aan dat de verhuizingen vaak een negatieve impact hebben op de gezondheid en het welzijn van hun kinderen. Hulpverleners noemen de vele verhuizingen schadelijk voor de ontwikkeling van asielzoekerskinderen (zie: Persoonlijke en maatschappelijke schade, pag. 19). Kinderrechtenexperts stellen vast dat de verhuizingen in strijd zijn met het Kinderrechtenverdrag (zie: Het Kinderrechtenverdrag, pag. 29).

Conclusies over redenen verhuizingen •

leder gezin dat in Nederland asiel aanvraagt, krijgt standaard met een aantal verhuizingen te maken. Het gaat om minstens drie standaard verhuizingen tijdens de asielprocedure.

•

Daarnaast krijgen kinderen en gezinnen regelmatig te maken met gedwongen beheersmatige verhuizingen van het ene azc naar het andere azc.

•

De redenen van deze gedwongen verhuizingen hangen samen met het opvangbeleid van de Nederlandse overheid.

•

In de meeste gevallen verhuizen asielzoekers tegen hun wil. De verhuizingen gebeuren zelden op verzoek en in het belang van het kind.

•

Kinderen geven aan dat verreweg de meeste verhuizingen met een volgende fase in de asielprocedure samenhangen. Daarnaast werd het sluiten van azc's vaak als reden genoemd.

•

Asielzoekerskinderen willen het allerliefst op één vaste plek wonen.

Beeldvorming

'Het begint met beeldvorming. Niet kijken naar asielzoekerskinderen als gelukszoekers, maar als kinderen die net als ieder ander kind recht hebben op elementaire voorzieningen, op continuïteit in de leefsituatie enz. Door asielzoekerskinderen buiten onze eigen werkelijkheid te plaatsen worden zij object en kunnen makkelijker harde beslissingen worden genomen.' Goos Cardol, juridisch adviseur bij de Raad voor de Kinderbescherming

uit: vragenlijst voor deskundigen, onderzoek Kooistra (2012)

•

Het aantal verhuizingen

Nederlandse kinderen verhuizen gemiddeld één keer per tien jaar? Dat betekent dat Nederlanders gemiddeld hoogstens twee keer verhuizen tijdens hun kindertijd (0-18 jaar). Hoe vaak verhuizen asielzoekerskinderen in de periode dat zij wachten op de uitkomst van hun asielprocedure? Dat lijkt een eenvoudige vraag, maar officiële cijfers hierover zijn tot op heden niet te geven. Er is geen instantie in Nederland die bijhoudt hoe vaak asielzoekers met hun kinderen moeten verhuizen van de ene opvanglocatie naar de andere. Op aandringen van de Tweede Kamer heeft de minister het COA de opdracht gegeven om in januari 2012 te starten met het registreren van verhuizingen. (Zie: Maatregelen tot nu toe, pag. 35) Ondanks het gebrek aan cijfers is de afgelopen jaren door diverse onderzoekers gepoogd inzicht te verkrijgen in de omvang van de verhuisproblematiek onder asielzoekerskinderen. Op basis van steekproeven, vragenlijsten en wetenschappelijke onderzoeken is een globaal beeld te geven van het aantal verhuizingen van asielzoekerskinderen. In 2008/2009 sprak Karin Kloosterboer (UNICEF) voor haar onderzoek naar kinderrechten in asielzoekerscentra met 66 asielzoekerskinderen. Voor de kinderen in alle leeftijdsgroepen gold dat zij op dat moment gemiddeld 4,7 jaar in Nederland waren, en dat zij in die periode gemiddeld 2,5 keer waren verhuisd.

Afgerond komt dat neer op gemiddeld één keer per twee jaar verhuizen.4 Sinds de invoering van de aangepaste Vreemdelingenwet in juli 2010 zijn er aan het begin van de asielprocedure extra verhuizingen bijgekomen: van de centrale ontvangstlocatie (col) naar de proces opvanglocatie (pol) en van de pol naar het asielzoekerscentrum (azc). Ook aan het eind van de procedure zien we een extra verhuizing voor kinderen: van azc naar gezinslocatie. Bij een hernieuwde asielaanvraag of bij andere procedure gerelateerde besluiten komt het voor dat kinderen

meer dan twee keer moeten verhuizen tussen verschillende opvangvormen. Deze proceduregerelateerde verhuizingen worden door het COA niet meegerekend als verhuizingen, omdat ze onderdeel uitmaken van de 'standaard' procedure en niet in de macht van het COA liggen. Echter voor de kinderen betekent een verhuizing

van een pol locatie (in plaats A) naar een azc locatie (in plaats B) gewoon een verhuizing. Kooistra heeft in 2012 een landelijke steekproef uitgevoerd waarbij 132 kinderen uit 15 verschillende azc's zijn bevraagd. Van de 132 bevraagde kinderen hebben 125 kinderen de vragen over het aantal keren dat zij verhuisd zijn (volledig) beantwoord. Deze 125 kinderen verbleven gemiddeld 3,8 jaar in Nederland en waren in die periode gemiddeld 3,4 keer verhuisd. Afgerond komt het erop neer dat asielzoekerskinderen gemiddeld één keer per jaar moeten verhuizen. Kooistra concludeert op basis van een wetenschappelijke analyse van onderzoeksgegevens dat de correlatie tussen het aantal verhuizingen en het aantal jaren dat een kind in Nederland verblijft significant positief is. Hoe langer een asielzoekerskind in Nederland verblijft, hoe vaker het verhuist.° Om te kijken of de situatie veranderd is ná de invoering van de aangepaste Vreemdelingenwet per 1 juli 2o1o is door Kooistra c.s. een statistische vergelijking gemaakt, op basis van de onderzoeksresultaten, tussen de periode t/m 31 december 2010 en de periode vanaf 1 januari 2011. Er is geen significant verschil gevonden tussen het gemiddeld aantal verhuizingen voorafgaand aan de invoering van de nieuwe asielprocedure en het aantal verhuizingen erna.

Dit beeld wordt bevestigd door recente cijfers van Vluchtelingenwerk Nederland.6 Op peildatum 18 juni 2o12 verbleven er in totaal 3.672 kinderen in de opvang (alle verschillende opvangvarianten). Deze kinderen zijn in de periode 1 juli 2010 tot 18 juni 2012 in totaal 7228 keer verhuisd. Gemiddeld is dat 1,96 verhuizingen per

kind over een periode van twee jaar. Afgerond komt dit neer op één keer per jaar verhuizen.?

Registratie verhuizingen door COA De 'standaard' verhuizingen aan het begin van de procedure worden door het COA niet meegerekend in de verhuiscijfers. Volgens het COA gaat het om standaard twee verhuizingen aan het begin van de procedure. De praktijk blijkt echter weerbarstig: het blijft lang niet altijd bij die standaard twee verhuizingen aan het begin en aan het eind van de procedure. Bij een hernieuwde asielaanvraag of bij andere proceduregerelateerde besluiten komt voor dat kinderen méér dan twee keer moeten verhuizen tussen verschillende opvangvormen. In de verhuisregistratie van het COA worden deze proceduregerelateerde verhuisbewegingen niet meegerekend. Echter ook deze standaard verhuisbewegingen worden door de kinderen als belastend ervaren. In de hierboven genoemde peilingen van Kooistra en Vluchtelingenwerk zijn alle verhuisbewegingen meegerekend vanaf het moment dat het kind in Nederland aankomt.

@

'Op sommige dagen ga ik alleen zitten, en dan zeg ik tegen mijzelf."Ben ik dit?" jongen, 15 jaar ]

uit Afghanistan

]

,

2jaar in Nederland

]

4keer verhuisd à

'Ik ben nu bijna twee jaar in Nederland.

der rustig. Ik kan mezelf controleren. Ik

Ik ben vier keer verhuisd. Eerst waren

zeg tegen mezelf: "Komt goed, komt

we acht dagen in Ter Apel, toen één

goed." Maar wanneer weet ik niet. Dat

maand in Zwolle, toen een week in

is moeilijk. Kijk, in Zwolle zei mijn moe-

Arnhem, daarna naar Zevenaar en nu

der tegen mij: "Vroeger in Afghanistan

zit ik precies een jaar in Almere. Pas in

was jij een aardige jongen. Jij praatte

Almere ben ik voor het eerst naar

met iedereen,je maakte geen ruzie."

school gegaan. Ik weet niet waarom

Aardig, weet je... respect, ja ik had altijd

dat daarvóór niet kon. Hier heb ik veel

respect. Maar hier niet. Ja, ik ben echt

vrienden. Ik hoop niet dat ik weer moet

veranderd. Ik ben zo dat als iemand iets

verhuizen. Maar ik kan toch niet zeg-

vraagt aan mij, dan word ik snel boos.

gen dat ik me hier thuis voel. Ik ben

Ik weet niet waarom, maar ... ik denk

echt moe hier. We wonen nu al één jaar

dat het door de stress komt. Ik ben echt

met veel mensen in één appartement.

veranderd. Ik zou het heel moeilijk vin-

Er zijn vier kamers; in elke kamer

den als ik nog een keer moet verhuizen.

wonen twee personen. We zijn met

Zonder vrienden. Als ik nu een vriend

acht mensen uit drie landen, weet je.

ga zoeken, loop je weer de kans dat

Op sommige dagen ga ik alleen zitten,

iemand wordt opgehaald voor terug-

en dan zeg ik tegen mijzelf:"Ben ik dit?

keer. Dan kun je niet naar school, dan

Ik, in deze kleine kamer? Zonder niks?

kun je je niet concentreren.'

Hoe kan dat?" Maar ja, ik houd me ver-

Sinds de aangepaste Vreemdelingenwet verhuizen kinderen gedurende de eerste paar maanden van hun verblijf in Nederland gemiddeld vaker dan in de daaropvolgende periode. Uit de peilingen blijkt dat, indien we deze 'standaard' verhuizingen buiten beschouwing laten, een asielzoekerskind nog altijd gemiddeld één keer per twee jaar verhuist van azc naar azc. De 'standaard', proceduregerelateerde verhuizingen niet meegerekend, verhuist een asielzoekerskind in de periode dat hij of zij in azc's verblijft vijf keer zo vaak als een Nederlands kind.

Conclusies over aantal verhuizingen •

Een kind dat met zijn/haar ouder(s) en broertjes en zusjes in Nederland aankomt en hier asiel aanvraagt, krijgt in de daaropvolgende jaren te maken met gemiddeld één verhuizing per jaar.

•

Kinderen in asielzoekerscentra verhuizen (in de periode dat zij in de asielopvang verblijven) gemiddeld tien keer zo vaak als Nederlandse kinderen.

•

Er is geen afname van het aantal verhuizingen na de invoering van de aangepaste Vreemdelingenwet per 1 juli 2010 . Met de nieuwe procedure zijn ook standaard nieuwe verhuizingen ingevoerd.

•

In de verhuisregistratie van het COA worden de proceduregerelateerde verhuisbewegingen niet meegerekend. Uiteraard gelden zij voor de kinderen wel als verhuizingen en worden deze evenzeer als belastend ervaren.

Onzekerheid

'In het geval van de vele verhuizingen lijden de kinderen onder de onzekerheid, onder de stress van ouders, onder het afbreken van contacten met vriendjes op school, en onder de instabiele woonsituatie. Soms duurt het weken voordat ze weer naar een nieuwe school kunnen. Juist voor kinderen in onzekerheid is dagelijkse routine van groot belang. Veel kinderen bouwen geen vriendschappen meer op na een verhuizing, omdat ze te vaak ontworteld zijn.' Irma Hein, kinder- en jeugdpsychiater bij de Stichting Centrum 45

uit: vragenlijst voor deskundigen, onderzoek Kooistra (2012)

"

Persoon I ij ke en maatschappel ij ke schade

Vrijwel ieder kind verhuist in zijn leven wel eens. Voor het ene kind is een verhuizing een leuke, spannende ervaring, voor het andere kind is een verhuizing een regelrechte ramp. Sommige kinderen zijn al vaak verhuisd en ondervinden daar geen nadelige effecten van. Voor andere kinderen is op een gegeven moment de grens bereikt en zijn de verhuizingen schadelijk voor hun gezondheid, welzijn en ontwikkeling. Uit Brits onderzoek blijkt dat bij het effect van verhuizingen op de (psychische) gezondheid van kinderen en jongeren met name het vele wisselen van school van beslissende invloed is. De onderzoekers wijten dit aan het verlies van de sociale netwerken dat met de verhuizingen gepaard gaat.8 Asielzoekerskinderen extra kwetsbaar

Het blijkt niet eenvoudig om in individuele gevallen te voorspellen of een verhuizing daadwerkelijk slecht is voor de ontwikkeling van het kind in kwestie. Of een kind last krijgt van een verhuizing en hierdoor zelfs beschadigd raakt, hangt onder andere samen met de kwetsbaarheid van het kind en de kwaliteit van de opvoedingsomgeving waarin het opgroeit.9 Zoals Jaap Doek ook in het voorwoord van deze publicatie beschrijft, hebben asielzoekerskinderen per definitie al een heel dramatische 'verhuizing' achter de rug: de vlucht uit het land van herkomst. Vluchten gaat voor kinderen en volwassenen bijna altijd gepaard met extreme gevoelens van paniek, onveiligheid en onzekerheid. Het is voor ouders nagenoeg onmogelijk om hun kinderen te beschermen tegen deze negatieve impact die het vluchten op hun kinderen heeft. Uit verschillende studies is gebleken dat asielzoekerskinderen doorgaans meer dan gemiddeld kwetsbaar zijn en opgroeien in een omgeving waar ondersteuning voor het gezin en de opvoeding verre van optimaal is. Ze hebben te maken met een opeenstapeling van risicofactoren die hun ontwikkeling bedreigen. Daar waar andere kinderen en hun ouders voldoende veerkracht, vertrouwen en flexibiliteit hebben om een verhuizing het hoofd te bieden, ontbreken dergelijke bescher mende factoren vaak in het leven van een asielzoekerskind.

Het veelvuldig verhuizen vormt daarom een extra ontwikkelingsrisico voor asielzoekerskinderen."°

»

Meer dan drie verhuizingen aantoonbaar schadelijk Voor kinderen die met hun ouder(s) in Nederland asiel aanvragen, lijken één of twee verhuizing(en) doorgaans nog wel overkomelijk. Al is iedere verhuizing er eigenlijk één te veel, zeker gezien de vaak traumatische vlucht en reis die de kinderen al achter de rug hebben. Echter na twee of drie keer verhuizen binnen een relatief korte periode is de rek er bij de meeste kinderen uit. Dan willen zij bijvoorbeeld geen nieuwe vriendjes meer maken. Of ze raken achter op school. Ze voelen zich niet veilig meer en raken uit balans vanwege een gebrek aan stabiliteit en continuïteit. Uit onderzoek in Denemarken is gebleken dat vier of meer verhuizingen binnen het asielstelsel een significant schadelijk effect hebben op de psychische gezondheid van vluchtelingenkinderen." Ook in Nederland beoordelen deskundigen het regelmatige verhuizen van asielzoekerskinderen als ontwrichtend en schadelijk voor de ontwikkeling van kinderen vanaf vier jaar.12 Een recente Nederlandse studie naar de beleving van verhuizingen door asielzoekerskinderen bevestigt dit beeld. Kinderen die vier keer of vaker verhuisd zijn tijdens de asiel periode laten zich significant negatiever uit over

7

'We hebben veel gehuild bij het afscheid nemen.' meisje, 12 jaar [ uit Mongoli ] z jaar in Nederland ] 4keer verhuisd 'Eerst was ik in Eindhoven en toen in

en mijn moeder pakte de rugzak, en

Ter Apel. Ongeveer een maand. Daar

een meneer de kinderwagen. Later zijn

ben ik niet naar school geweest. Toen

we nog een keer teruggegaan, omdat

gingen we naar Wageningen. We gin-

we niet alles tegelijk konden meene-

gen met een bus waar allemaal andere

men. Maar het is wel mooi hier. En ik

mensen in zaten. We konden de

ben echt blij dat ik hier naar een

meeste van onze spullen wel meene-

Nederlandse school ga. De kinderen

men, maar sommige dingen moest ik

plagen ons wel. Ze zeggen "Chinese

weggooien. Dat we naar Wageningen

kop" ofzo. Ja, ze maken altijd ruzie. Die

gingen, was eigenlijk een foutje. Daar

Nederlandse meisjes met onze jon-

sliepen we één nacht, en toen gingen

gens. Gaan ze zand gooien en zo. Hier

we naar Gilze. Daar heb ik bijna een

heb ik heel snel Nederlands geleerd. Ik

jaar op school gezeten. Ik kwam in

kon in de hoogste groep beginnen. Ik

groep 3. Maar de kinderen in mijn klas

heb ook snel nieuwe vrienden

waren 13 en 14 jaar, veel ouder dan ik.Ik vond die school leuk, maar ik heb niet

gemaakt. Alleen nu gaan ze bijna allemaal weer weg. Allemaal verhuizen.

zo goed Nederlands geleerd. Ik had er

Mijn Armeense vriendinnetje is ver-

wel veel vriendinnetjes. Mijn moeder

huisd en gisteren ging mijn andere

was zwanger en toen heeft zij

vriendin ook weg. Nu heb ik nog maar

gevraagd om overplaatsing. Toen zijn

twee vrienden over hier.Ja, we hebben

we verhuisd naar Winterswijk. Met de

veel gehuild bij het afscheid nemen. Ik

trein via Doetinchem. Er waren heel

zou nog wel één keer willen verhuizen,

veel koffers. En ik moest helpen met de

maar dan naar een gewoon

koffers, want mijn moeder was zwan-

Nederlands huis.'

ger. Ik had er twee met van die wielen

diverse leefgebieden dan kinderen die minder vaak verhuisd zijn. Zo voelen de kinderen die het vaakst verhuisden zich minder veilig op de plek waar ze op dit moment wonen dan de kinderen die minder vaak verhuisden. Ook geven zij aan minder vrienden en vriendinnen te hebben. Verder werden er significante verschillen gevonden in de waardering van de eigen schoolprestaties en blijken kinderen die vier keer of vaker verhuisd zijn zich minder goed te kunnen vermaken in hun vrije tijd.°

Verhuizen vergroot risico op kindermishandeling Onlangs deed GGD Nederland+ onderzoek naar kindermishandeling bij asielzoekers in Nederland. De onderzoekers constateren dat het risico op kindermishandeling toeneemt naarmate er in de voorafgaande periode één of meerdere verhuizingen plaats hebben gevonden. Verder blijkt dat de verschillende vormen van kindermishandeling (o.a. fysiek geweld, seksueel geweld en verwaarlozing) bij asielzoekerskinderen ongeveer tien keer minder worden opgemerkt door omringende professionals dan bij Nederlandse leeftijdgenoten. Er is sprake van een aanzienlijke 'ondersignalering' en 'onderrapportage' van kindermishandeling door professionals die te maken hebben met gezinnen in de asielopvang. De onderzoekers achten het aannemelijk dat preventie, signalering en interventies gericht op het stoppen van kindermishandeling bemoeilijkt worden door het verhuizen van asielzoekersgezinnen. De aanbeveling uit dit onderzoek luidt dan ook: neem deze kennis mee in het opvangbeleid voor gezinnen met kinderen. Schade voor de samenleving Niet alleen de asielzoekerskinderen lopen schade op door het vele verhuizen. Zowel materieel als immaterieel kost het vele verhuizen van asielzoekerskinderen de samenleving veel geld, inspanningen (om toegebrachte schade te trachten te herstellen) en problemen.

Allereerst gaat het hierbij om personele en logistieke kosten van het verhuizen. Daarnaast gaat het om kosten van hulpverleners die hun behandelingen moeten overdragen en de problemen die hierbij ontstaan. Datzelfde geldt voor de scholen waar de kinderen naartoe gaan (zie: Impact op het onderwijs, pag. 26). En dan zijn er nog de extra kosten die de samenleving moet opbrengen om ontwortelde en beschadigde kinderen te helpen bij hun herstel. De kans is groot dat de integratie in Nederland of de terugkeer van kinderen naar het land van herkomst veel moeizamer verloopt doordat kinderen na jarenlang veelvuldig verhuizen ernstig verzwakt en ontregeld zijn geraakt. Kosten die niet te becijferen zijn, vermoedelijk hoog oplopen en grotendeels te vermijden zijn.

Ingrijpend

'Kwetsbaarheid van kinderen wordt mede veroorzaakt door het aantal mee gemaakte ingrijpende gebeurtenissen. Een gedwongen verhuizing is een dergelijke gebeurtenis. Iedere verhuizing die voorkomen had kunnen worden, is er een te veel.' Margrite Kalverboer, bijzonder hoogleraar 'Kind, (ortho)pedagogiek en vreemdelingenrecht', Rijksuniversiteit Groningen uit: vragenlijst voor deskundigen, onderzoek Kooistra (2012)

int

Ei

Conclusies over schade •

Uit onderzoek blijkt dat vele wisselingen van school en het verlies van sociale netwerken van invloed zijn op de (psychische) gezondheid van een kind.

•

Asielzoekerskinderen zijn extra kwetsbaar door hun voorgeschiedenis en door het ontbreken van een optimale opvoedingsomgeving.

•

Onderzoek toont aan dat vier of meer verhuizingen binnen het asielstelsel een significant schadelijk effect hebben.

•

Deskundigen in Nederland achten het regelmatig verhuizen van asielzoekerskinderen ontwrichtend en schadelijk voor kinderen vanaf vier jaar.

•

Verhuizen vergroot het risico op kindermishandeling. Ook wordt professionele hulpverlening gericht op preventie en aanpak van kindermishandeling bemoeilijkt door vele verhuizingen.

•

De samenleving ondervindt schade door de vele verhuizingen van asielzoekerskinderen.

é@»

Impact op het onderwijs

Verhuizen naar een andere opvanglocatie betekent voor kinderen ook verhuizen naar een nieuwe school. Als een kind verhuist, moet het binnen twee weken op een nieuwe school ingeschreven worden. Dat lukt lang niet altijd. Op veel asielzoekerscentra zijn basisscholen waar de kinderen van het centrum naar toe gaan. Hier leren zij in korte tijd de taal en wennen ze aan het Nederlandse schoolsysteem. Bijna alle kinderen kunnen daardoor na een tijdje doorstromen naar het reguliere onderwijs in de gemeente waar het centrum ligt. Dat is ook hun recht, maar dat gaat vaak moeizaam. Kinderen worden soms geweigerd omdat ze op een asielzoekerscentrum wonen, bijvoorbeeld omdat er op gemeentelijk niveau de afspraak gemaakt is dat deze kinderen alleen naar de school in het azc mogen. Problemen bij de overdracht van informatie Als een kind vaker verhuist, heeft dat grote invloed op de schoolloopbaan. Elke verhuizing is een onderbreking van minimaal twee, maar vaak veel meer weken. Kinderen zitten soms maandenlang thuis omdat er geen school voor hen gevonden kan worden. Dit geldt nog vaker voor de kinderen die een vorm van speciaal onderwijs nodig hebben. Ook in de overdracht van de oude naar de nieuwe school gaat het regelmatig mis. Soms ontbreekt er een onderwijskundig rapport (okr) waardoor de nieuwe school eerst onderzoek moet doen naar het onderwijskundig niveau van het kind.

De nieuwe school weet niet altijd van welke school het kind afkomstig is waardoor het okr niet opgevraagd kan worden als het ontbreekt. Omgekeerd weet de oude school niet altijd wat de nieuwe school is en kan het okr niet nagestuurd worden. Veel scholen hebben daardoor een dubbele administratie. De okr's van de vertrokken leerlingen worden nog lange tijd bewaard om ooit nog eens na te kunnen sturen. Een groot leerlingenverloop Naast deze problemen bij de overdracht van informatie zijn de scholen veel tijd kwijt aan het in- en uitschrijven van leerlingen. Het verloop van leerlingen is enorm. Op veel scholen is de gemiddelde verblijfsduur van leerlingen slechts enkele maanden.

gta

6

'Ik heb mijn vriendinnen gezegd dat ik voor altijd aan ze ga denken en dat ik ze niet ga vergeten.'

'Ik ben 1o jaar en ik woon nu voor de

azc ging dicht. Ik was wel blij dat we

tweede keer in Nederland. Ik werd geboren in Doetinchem en toen ik drie

naar Winterswijk gingen en niet naar een slecht azc. Maar ik was ook wel een

was, gingen we terug naar Armenië.

beetje méér verdrietig, want ik was

Daar ben ik vijf jaar gebleven en toen

zo gewend in Aalten en dan moest ik

gingen we weer naar Nederland. We

weer weg. Drie dagen later begonnen

kwamen eerst in Ter Apel. Toen was ik

we al een beetje met inpakken. In

nog klein. Daarna gingen we voor een

de herfstvakantie gingen we naar

paar nachtjes naar een groter Ter Apel

Winterswijk en toen kwam ik na een

en toen naar Aalten. Ik was wel blij dat

week op die andere school. Mijn vrien-

ik van Ter Apel weg mocht, want daar is

dinnen gingen ergens anders heen.

het niet echt heel fijn. Daarna begon ik

Soms wil ik graag met ze praten en dan

al een beetje te wennen aan Nederland

mag ik bellen met de mobiel van papa.

en aan die kinderen van hier. In Aalten

Eerst was ik heel erg boos dat mijn

kwam ik op de azc-school in groep 3.

vriendinnen ineens weg gingen. Bij

Op mijn verjaardag hoorde ik dat we

het afscheid gingen we allemaal in een

moesten verhuizen uit Aalten. Ik kwam

kring zitten op school. Ik heb gezegd

thuis van school met grote traktaties

dat ik voor altijd aan ze ga denken en

in mijn handen, die waren nog over-

dat ik ze niet ga vergeten. Ik vind dat

gebleven. Papa en mama zeiden dat we

elk kind recht heeft om te wonen waar

naar Winterswijk moesten, want het

hij zou willen wonen.'

Het verhuizen heeft veel invloed op de onderwijsbehoefte van kinderen, en de inrichting van het onderwijs op de scholen op de centra. Leerkrachten signaleren bij deze kinderen meer leerachterstanden, concentratieproblemen, slechte prestaties, gedragsproblemen en problemen tussen leerlingen onderling. In sommige azc's gaan kinderen naar reguliere scholen in de buurt van het azc. Het gaat zowel om basisscholen als scholen voor voortgezetonderwijs en speciaal onderwijs. De verhuizingen leveren ook voor de reguliere scholen veel onrust op. Als de leerkrachten tijdig op de hoogte zijn van de verhuizingen, moeten zij keer op keer een goed afscheid in de klas organiseren. Nederlandse kinderen die

ie

vriendschappen met asielzoekerskinderen zijn aangegaan, verliezen met een verhuizend kind eveneens hun vriendje of vriendinnetje. De andere kinderen in de klas leren zo langzamerhand ook dat de asielzoekerskinderen niet lang blijven. Het is niet onderzocht, maar goed voorstelbaar is dat daardoor een asielzoekerskind een minder aantrekkelijke kandidaat wordt om vriendschap mee te sluiten.

Conclusies over onderwijs •

Het vele verhuizen van een asielzoekerskind heeft invloed op de schoolloopbaan. Elke verhuizing is een onderbreking van minimaal twee, maar vaak veel meer weken.

•

De vele verhuizingen bemoeilijken een goede overdracht van informatie tussen scholen over het onderwijskundig niveau en de leerprestaties van asielzoekerskinderen.

•

Op veel scholen voor asielzoekerskinderen is de gemiddelde verblijfsduur van leerlingen slechts enkele maanden.

•

Veel asielzoekerskinderen ontwikkelen leerachterstanden als gevolg van een onderbroken schoolloopbaan.

•

Reguliere scholen die plaats bieden aan kinderen uit asielzoekerscentra ondervinden eveneens problemen als gevolg van de verhuizingen. Daarmee worden ook Nederlandse kinderen geconfronteerd met de negatieve gevolgen van het verhuizen van hun medeleerlingen.

Dramatische gevolgen

'Het vele verhuizen heeft soms dramatische gevolgen voor kinderen. Met name doordat een verhuizing ook een verandering van school betekent, en school veelal de enige veilige plek is, waar structuur wordt geboden en de zorgen ver weg zijn.' doos Cardot, juridisch adviseur bij de Raad voor de kinderbescherming uit: vragenlijst voor deskundigen, onderzoek Kooistra (2012)

4

28

Het Kinderrechtenverdrag

Het vele verhuizen schendt de rechten van asielzoekerskinderen. Het Kinderrechtenverdrag is onverkort op hen van toepassing. Dat staat in artikel 2 van het Verdrag, dat discriminatie van kinderen op grond van hun status of die van hun ouders verbiedt. Asielzoekerskinderen hebben dezelfde rechten als alle andere kinderen in Nederland. Artikel 2, 3, 6 en 12 van het Kinderrechtenverdrag bevatten de basisbeginselen van het Verdrag. Artikel 3: bij alle beslissingen die kinderen raken, moeten de belangen van het kind voorop worden gesteld. Dat betekent dat het verhuisbeleid in lijn met het Verdrag moet zijn én dat bij elke individuele verhuisbeslissing de belangen van het betrokken kind in kaart gebracht moeten worden en zwaarder moeten tellen dan andere belangen.

Artikel 6:in dit artikel is het recht op een zo goed mogelijke ontwikkeling neergelegd. Juist de ontwikkeling van kinderen wordt geschaad door het vele verhuizen. Onderzoek toont aan dat zowel de sociaal-emotionele ontwikkeling als de cognitieve ontwikkeling bedreigd worden door het vele verhuizen. Artikel 12: de mening van kinderen moet gevraagd en meegenomen worden. Asielzoekerskinderen hebben echter helemaal niets te zeggen over de (vele) verhuizingen tijdens de asielprocedure. Hun mening wordt er niet over gevraagd, laat staan dat daaraan 'passende betekenis' wordt gehecht, zoals het Kinderrechtenverdrag opdraagt. De basisbeginselen van het Kinderrechtenverdrag moeten in samenhang worden gezien met de andere rechten uit het Verdrag. Andere rechten die in het geding (kunnen) zijn bij verhuizingen zijn: Artikel 19: bescherming tegen kindermishandeling. Onderzoek toont aan dat het risico op kindermishandeling (waaronder fysiek geweld, verwaarlozing en seksueel misbruik) toeneemt met het aantal verhuizingen. Ook het signaleren en ingrijpen door professionals bij vermoedens van kindermishandeling wordt door het vele verhuizen bemoeilijkt.

Artikel 24: het recht op de best mogelijke gezondheid. De gezondheid van kinderen gaat door het vele verhuizen achteruit. Ook is de overdracht van behandelingen niet altijd goed geregeld bij verhuizingen. Soms worden therapieën abrupt afgebroken. De visie van een hulpverlener op een verhuizing wordt zelden meegenomen bij verhuisbeslissingen. Artikel 28 en 29: het recht op (passend) onderwijs. Door het vele verhuizen komt het regelmatig voor dat kinderen wekenlang niet naar school gaan. Voor sommige opvangvormen is zelfs in het geheel niet voorzien in onderwijs; zoals bij de proces opvanglocatie (pol). Scholen worden slecht betrokken bij de verhuizingen en ontvangen doorgaans niet vooraf een onderwijskundig rapport over een nieuw asielzoekerskind. Kinderen zelf en professionals geven aan dat de kinderen steeds slechter gaan presteren door het voortdurend wisselen van school.

Conclusies over Kinderrechtenverdrag •

Het verhuisbeleid voor asielzoekerskinderen staat op gespannen voet met het Kinderrechtenverdrag.

•

De algemene basisbeginselen van het verdrag worden niet gerespecteerd: het recht op non-discriminatie, het belang van het kind, gezonde ontwikkeling en de mening van het kind staan onder druk door de verhuizingen.

•

Ook andere rechten uit het Kinderrechtenverdrag worden geschonden, zoals het recht op (passend) onderwijs, bescherming tegen kindermishandeling en op best mogelijke gezondheid.

Depresief

'Voor kinderen zijn de vele verhuizingen echt het meest slechte wat je kinderen aan kan doen. Kinderen worden depressief, hechten zich niet meer. Een van de meest slechtefactoren.' Deskundige, rapport 'Kind in het centrum' (2oo9), pa9 141

31

'Ze zeggen dat er hier in Nederland kinderrechten zijn, maar volgens mij is dat alleen voor de Nederlandse kinderen.'

'Als je moet verhuizen van het ene azc

het gaat en zo. Daarna in Ter Apel gin-

naar het andere, krijg je dat meestal

gen we wel naar een basisschool, maar

een week of drie dagen van te voren te

daar deden we de hele dag niks, alleen

horen. En dan krijg je een treinkaartje

een beetje op internet chatten.

en een papier hoe je daar moet komen.

Daardoor heb ik de tweede klas niet

Dat ging alle keren zo, behalve één

kunnen doen. Ik heb toen een jaar geen

keer. Toen gingen we met een busje

school gehad. Maar daarna heb ik

naar Ter Apel. Het is lastig dat je niet al

gewoon een jaar overgeslagen toen we

je spullen mee kunt nemen. En toen we

naar Eindhoven gingen. Daar heb ik

naar de gevangenis [vreemdelingen-

mijn school afgemaakt. En nu zit ik op

bewaring; red.] moesten, mochten we

het ROC in Nijmegen. Ik doe een oplei-

maximaal 2o kilo per persoon mee-

ding tot doktersassistente. Het is leuk

nemen. Toen hebben ze alles van ons

hier. Maar ik heb toch wel de twijfel:

afgepakt en de meeste dingen wegge-

wat als we ook hier weer moeten ver-

gooid. En in de trein is het lastig verhui-

huizen? Dan heb je weer een nieuwe

zen. Je krijgt geen dozen ofzo. Je moet

plek en weer nieuwe mensen. Nee, ik

zelf maar weten hoe je je spullen mee

wil echt deze keer niet verhuizen. Ik

moet nemen. Nu wonen we bijna twee

vind dat ze mensen gewoon op één

jaar in dit azc. Dit is de eerste plek waar

plek moeten laten. Gewoon daar de

ik mij een beetje thuis voel. Omdat we

beslissing nemen en niet heen en weer

hier wat te doen hebben en we het

sjouwen. Want dan hebben de kinde-

leuk met elkaar hebben. Tot nu toe heb

ren daar ook gewoon school en niet

ik nooit echt vriendinnen gemaakt.

steeds een andere school en weer dat

Want in de meeste azc's ben je gewoon

verhuizen! Ze zeggen dat er hier in

maar een jaar ofzo en dan moet je

Nederland kinderrechten zijn, maar

weer verhuizen. In het begin heb je het

volgens mij is dat alleen voor de

gevoel dat je snel weer moet verhui-

Nederlandse kinderen. Want als dat

zen. Je weet nooit zeker hoe het gaat.

voor alle kinderen geldt, dan zouden ze

Daarom hou ik liever afstand. In

zulke dingen niet doen, denk ik.'

Nijmegen had ik re al ingeschreven op de middelbare school in Echt, en toen moesten we ineens verhuizen. Ik was al op die school geweest om te kijken hoe

á

Maatregelen tot nu toe

In het onderzoek van Kloosterboer uit 2009 werd de problematiek van de vele verhuizingen benoemd als één van de fundamentele knelpunten in de situatie van kinderen in asielzoekerscentra." Sindsdien is het probleem diverse keren aangekaart in debatten in de Tweede Kamer, heeft het aandacht gehad in de landelijke pers, wordt er regelmatig op individuele basis (bijvoorbeeld via de helpdesk van Defence for Chi Id ren) bezwaar gemaakt tegen een verhuizing en staat het onderwerp steeds op de agenda in gesprekken van de Werkgroep Kind in azc met de verantwoordelijk bewindspersoon, met ambtenaren van het ministerie en met het COA. Toch is het aantal verhuizingen nog steeds niet afgenomen. Tweede Kamer en COA In het najaar van 2011 is in de Tweede Kamer gesproken over het vele verhuizen van asielzoekerskinderen. Er werd een motie aangenomen om het COA de opdracht te geven het aantal verhuizingen van asielzoekerskinderen te registreren vanaf het moment van aankomst in Nederland tot vertrek naar een reguliere woning of het land van herkomst. De redenen van de verhuizingen dienen onderdeel te zijn van deze registratie en de Tweede Kamer wil daar halfjaarlijks over geïnformeerd worden.

Eind 2011 heeft de minister het COA de opdracht gegeven om gedurende het gehele kalenderjaar van 2012 alle verhuizingen van asielzoekerskinderen te monitoren en daar verslag over uit te brengen aan de Tweede Kamer. Deze rapportage wordt begin 2o13 verwacht. De Werkgroep Kind in azc betreurt het dat de monitor niet alle verhuizingen in kaart brengt, zoals werd bepleit door de Tweede Kamer. Het COA registreert eenmalig, alleen vanaf 2012 en ai leen vanaf de opvang in het reguliere asielzoekerscentrum. De verhuizingen aan het begin van de procedure worden niet meegeteld, terwijl juist de snel elkaar opvolgende verhuizingen het probleem voor asielzoekerskinderen vergroten. Checklist verhuizingen Naast de invoering van de verhuisregistratie in 2012 is er bij het COA meer aandacht gekomen voor het verhuizen van kinderen. Zo is het in principe de bedoeling om kinderen alleen nog tijdens schoolvakanties te laten verhuizen. Binnenkort

»

@

wordt er een pilot uitgevoerd met een checklist bij verhuizingen van asielzoekerskinderen. Deze checklist helpt de betrokken COA-medewerkers om de belangen van het kind bij een verhuisbeslissing zorgvuldig in kaart te brengen en om de verhuizing zo goed mogelijk te laten verlopen. De Werkgroep Kind in azc heeft de checklist in samenspraak met het COA ontwikkeld. Alternatieven voor opvang zonder verhuizen

De Werkgroep Kind in azc ziet mogelijkheden om het verhuizen tegen te gaan door het openen van kleinschalige, kind/gezinsvriendelijke opvangvarianten waarbij gezinnen met kinderen op één vaste plek verblijven. Daarover is inmiddels meerdere malen gesproken met het ministerie. Er zijn meerdere opvangvarianten denkbaar en er is ook reeds een aantal (pilot)initiatieven uitgewerkt door maatschappelijke ondernemers en initiatiefgroepen. Een gezinsvriendelijke opvang houdt in dat kinderen (met hun ouders) vanaf het moment van aankomst in Nederland tot aan het moment van vertrek (naar een reguliere woning of terug naar het land van herkomst) opgevangen worden op één permanente plek, die kleinschalig van aard is. De kinderen gaan daar naar school, kunnen met een gerust hart vriendschappen aangaan, kunnen - waar nodig- een stabiele vertrouwensrelatie aangaan met een arts of hulpverlener en kunnen samen met hun Nederlandse leeftijdsgenoten deelnemen aan vrije tijdsvoorzieningen en activiteiten in de buurt of wijk. Een stap in de goede richting

De afgelopen jaren is in de landelijke politiek en media meer aandacht gekomen voor de vele verhuizingen van asielzoekerskinderen. Dat is een stap in de goede richting. Gelukkig maken inmiddels niet alleen de kinderrechten- en vluchtelingenorganisaties uit de Werkgroep Kind in azc zich druk over de vele verhuizingen. Ook Kamerleden, COA-medewerkers, artsen, professionals in de jeugdzorg, leerkrachten, jeugdbescherming en 'gewone' Nederlanders vinden dat het anders moet. Binnen het COA is sinds 2010 specifieke aandacht voor de belangen en behoeften van kinderen in de opvang. Dit heeft tot verbeteringen geleid. Echter het afschaffen van de vele verhuizingen vereist maatregelen die alle keten partners betreffen (IND, COA, DTV, GCA e.a."). Deze zullen vanuit de centrale overheid geregisseerd moeten worden .

d

+

Conclusies over maatregelen tot nu toe •

De afgelopen jaren is het probleem van de vele verhuizingen van asielzoekerskinderen regelmatig onderwerp van gesprek geweest in de politieke en maatschappelijke arena.

•

Op aandringen van de Tweede Kamer heeft de minister in 2011 opdracht gegeven aan het COA om gedurende het kalenderjaar 2012 alle verhuisbewegingen van asielzoekerskinderen te registreren. Rapportage hierover aan de Tweede Kamer wordt begin 2013 verwacht.

•

De Werkgroep Kind in azc en het COA hebben een checklist ontwikkeld om de belangen van het kind bij een verhuisbeslissing zorgvuldig in kaart te brengen en om de verhuizing zo goed mogelijk te laten verlopen. De checklist biedt echter geen structurele oplossing voor de vele verhuizingen van asielzoekerskinderen.

•

Ondanks de toegenomen aandacht is het aantal verhuizingen niet afgenomen.

•

De Werkgroep Kind in azc ziet mogelijkheden om het verhuizen tegen te gaan door het openen van kleinschalige, kind/gezinsvriendelijke opvangvarianten waarbij gezinnen met kinderen op één vaste plek verblijven. Door diverse initiatiefgroepen en maatschappelijk ondernemers is een aantal (pilot)initiatieven uitgewerkt. Het ministerie is hiervan op de hoogte.

•

Het afschaffen van de vele verhuizingen vereist maatregelen die vanuit de centrale overheid geregisseerd moeten worden.

Beschermen

'Ik denk dat al na twee keer verhuizen de kinderen zichzelf beschermen tegen het aangaan van vaste vriendschappen.' lrma Hein, kinder- en jeugdpsychiater bij de Stichting Centrum 45

uil: vragenlijst vuur deskundigen, onderzoek Kooistra (on2)

@

Aanbevelingen

De vele verhuizingen van asielzoekerskinderen moeten stoppen.

Met de volgende maatregelen kan dat verwezenlijkt worden: ,

Een kind dat met zijn ouders in Nederland asiel aanvraagt, wordt vanaf aankomst in Nederland opgevangen op één vaste plek. Daar kan het gezin blijven wonen tot aan het moment van verhuizing naar een reguliere woning of terugkeer naar het land van herkomst. 2 Verspreid over het land worden permanente, kleinschalige en kindvriendelijke opvangplekken gerealiseerd. De kinderen gaan hier naar school, gaan contacten aan met leeftijdgenoten en maken zoveel mogelijk gebruik van reguliere voorzieningen op het gebied van zorg, hulpverlening, recreatie en vrijetijdsbesteding.

3 Het opvangbeleid wordt losgekoppeld van de asielprocedure. Alle procedurele zaken en gesprekken rondom de behandeling van de asielaanvraag worden vanuit de permanente opvanglocatie geregeld. 4 Werken aan integratie of aan terugkeer wordt vanuit de permanente opvangplek gerealiseerd. Ook als het gezin uitgeprocedeerd is, blijft het opgevangen worden op deze permanente opvangplek totdat terugkeer plaatsvindt. 5 Een verhuizing van de ene opvangplek naar de andere vindt alléén plaats als uit een individuele 'assessment' blijkt dat het in het belang van het kind is om te verhuizen. Dit wordt gemotiveerd beschreven en een beslissing wordt alleen genomen als naar de mening van het kind gevraagd is en deze in de besluitvorming is meegewogen. 6 Er wordt één instantie aangewezen die alle verhuisbewegingen van asielzoekerskinderen registreert en die hierover jaarlijks rapporteert aan de Tweede Kamer. 7 Er komt een overgangsregeling die het verhuisbeleid regelt voor de huidige gezinnen die in de opvang verblijven. Hierbij worden de bestaande verhuizingen met directe ingang drastisch teruggedrongen. De reeds ontwikkelde 'checklist verhuizingen' (COA / Werkgroep Kind in azc) fungeert hierbij als leidraad.

8 De overgangsregeling voor de huidige gezinnen in de opvang én de realisatie van permanente, kleinschalige en kindvriendelijke opvanglocaties voor toekomstige asielzoekersgezinnen vereist beleidsafspraken die alle partnerorganisaties in de vreemdelingenketen betreffen (IND, COA, DT&V, GCA e.a.). De centrale overheid neemt de regie in de realisatie van nieuw beleid om een eind te maken aan de verhuizingen van asielzoekerskinderen.

37

•

Bronnen

2

Met het oog op de leesbaarheid gebruiken we in deze publicatie de term 'asielzoekerskind(eren)'. Hiermee bedoelen we kinderen van mensen die asiel hebben aangevraagd. Uiteraard staat voorop dat een 'asielzoekerskind' in de eerste plaats gewoon een kind is zoals ieder ander kind. Kooistra, B., (2012), Moving on... Het perspec-

10

Medical Journal, 327, 134-135. Hades, M., Jagdev, D., Chandra, N., & Cunniff, A. (2008). Risk and resilience for psychological

distress amonqst unaccompanied asylumseeking adolescents. Journal of Chi ld Psychology and Psychiatry 49 (7), 723-732. Kalverboer, M.E.& Zijlstra, A.E., (2006)

tief van kinderen op verhuizen tijdens de asielprocedure in Nederland. Masterthesis,

3

4

Kinderen uit asielzoekersgezinnen en het recht op ontwikkeling: Het belang van het kind in het Vreemdelingenrecht, Amsterdam:

Faculteit Gedrag- en Maatschappijwetenschappen, Afdeling Orthopedagogiek, Rijksuniversiteit Groningen. Planbureau voor de Leefomgeving. http://www.pbl.nl/dossiers/wonen/veelgestelde_vragen Kloosterboer, K. (2oog9), Kind in het centrum;

SWP Publishers. Kalverboer, M. E., & Zijlstra, A.E. (2008).

Het belang van het kind in het Vreemdelingenrecht [The best interest of the chi Id in Refugee and Asylum Law]. Groningen: University of Groningen, Department of Special Needs Education and Youth Care. Download via: www.rug.ni/pedok/nieuws/ 0 rthoped agogiek/onderzoe ks rapport_ belang_ kind_vreemdelingenrecht.pdf. Kal verboer, M. E., Zijlstra, A. E., &Knorth, E. J. (2009). The developmental consequences

Kinderrechten in asielzoekerscentra. 5 6

7 8

[Rapport], Den Haag: UNICEF Nederland. Zie noot 2. VluchtelingenWerk Nederland (VWN). Deze cijfers zijn een indicatie, gebaseerd op een analyse van data uit het interne registratiesysteem van VWN. Zie noot 2. D. Brown, M. Benzeval, V. Gayle, S. Macintyre, D. O'Reilly, and A.H. Leyland (2012), 'Childhood

residential mobility and health in late adolescence and adulthood:findingsfrom the West of Scotland Twenty-o7 Study', Journal of Epi-

9

for asylum-seeking children living with the prospectforfive years or more of enforced return to their home country European 11

[Notitie]. Groningen: Rijksuniversiteit Groningen.

Journal of Migration and Law,11 (1), 41-67 Nielsen, S.S., Norredam, M., Cristiansen, K.L., Obel, C., Hilden, J. & Krasnik, A. (2008). Mental

health among children seeking asylum in Den mark- the effect of length of stay and number of relocations: a cross-sectional

demiology Community Health, 2012 October; 66 (10): 942-950. http://pubmedcentralcanada.ca/pmcc/artiles/PMC3433221/ Kalverboer, M.E. Zijlstra, A.E., (201). Hoe

schadelijk zijn verhuizingen voor de ontwikkeling van asielzoekerskinderen in Nederland?

Fazel, M., & Stein, A. (2003). Mental health of refugee children; comparative study. British

12

3

study. BMC Public Health, (8), 293. Kloosterboer, K. (2009), Kind in het centrum; Kinderrechten in asielzoekerscentra. [Rapport], Den Haag: UNICEF Nederland. (pag. 52) Zie nool 2.

14

GGD Nederland, (aug 20 12). Kindermishandeling bij asielzoekers in Nederland; Epidemio-

logisch onderzoek op basis van gegevens van de Medische Opvang Asielzoekers 20 0 0 - 20 0 8.

S. Goossen, K. Stronks, A.H. Teeuw, S.N. Brilleslijper-Kater, A.E. Kunst. 'Association between asylum seeker reception factors and physical child abuse: a longitudinal medical records study among 20.0oo asylum seeker children in the Netherlands' (nog te publiceren).

15

Kloosterboer, K. (2oog), Kind in het centrum; Kinderrechten in asielzoekerscentra. [Rap-

16

port], Den Haag UNICEF Nederland. (pag. 50) IND: Immigratie- en Naturalisatie Dienst COA: Centraal Orgaan opvang asielzoekers DT&V: Dienst Terugkeer en Vertrek GCA: Gezondheids Centrum Asielzoekers

Colofon 'Ontheemd. De verhuizingen van asielzoekerskinderen in Nederland'

is een uitgave van de Werkgroep Kind in azc. De Werkgroep Kind in azc is een coalitie van UNICEF Nederland, Defence for Chi Id ren, Vluchtelingenwerk Nederland, Stichting Kinderpostzegels Nederland en Kerk in Actie.

Redactie Marjan Donkers, Karin Kloosterboer, Beitske Kooistra, Carla van Os en Tessa Smets Fotografie Hollandse Hoogte Vormgeving Studio Tint, Den Haag Druk Roto Smeets GrafiServices, Utrecht

Oplage 5oo exemplaren Contact kkloosterboer@u n icef.n1 Deze publicatie is te downloaden op www.kind-in-azc.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=9683cfbe-2efb-4247-986d-27e454da116f