CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22i Harculo_Bijlagen bij de motivering_Bijlage 29 Ecologisch onderzoek 2

Raad Besluitvormingsronde 26 mei 2026, gemeente ZwolleBij agendapunt: Vaststelling 'TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22i Harculo' en ‘Beleidsregel Beeldkwaliteit Harculo’10.861 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Beschadigen of vernielen van voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van andere beschermde dieren Vleermuizen In de bestaande gebouwen zijn geen vaste verblijfplaatsen van vleermuizen aangetroffen. Ook in de bomen binnen het plangebied zijn geen vaste verblijfplaatsen aangetroffen. Zoogdieren Op het middenterrein heeft zich een grote populatie hazen gevestigd. In dit gebied zullen ook andere algemene soorten zoogdieren hun leefgebied hebben zoals muizen en mollen. De habitatrichtlijnsoorten boommarter en otter leven met name buiten de grenzen van het te bebouwen gebied. De bever heeft binnen de begrenzing van het projectgebied een bewoonde burcht en gebruikt de beide havens als foerageergebied, maar benut de locatie voor woningbouwontwikkeling niet als essentieel leefgebied. Kleine marterachtigen zijn niet vastgesteld in het plangebied. De egel komt hier wel voor, maar voor deze soort vormt de locatie voor woningbouwontwikkeling geen essentieel voortplantings- of leefgebied. De gebouwen in het plangebied vormen geen vaste verblijfplaatsen voor grondgebonden zoogdieren. Het leefgebied op het middenterrein zal zijn betekenis als leefgebied voor de haas grotendeels verliezen, en de daar aanwezige hazen zullen het gebied ontvluchten en ander leefgebied in de omgeving moeten vinden. De haas is opgenomen in de Rode lijst, met kwalificatie ‘gevoelig’.

De haas is binnen de provincie Overijssel vrijgesteld van vergunningplicht. Voor deze soort geldt echter wel de specifieke zorgplicht. Om daaraan te voldoen zal een plan moeten worden gemaakt om de aanwezige hazen naar alternatieve leefgebieden te verplaatsen of begeleiden (zie paragraaf 5.3). Voor de overige soorten zoogdieren die vaste verblijfplaatsen (kunnen) hebben in het te ontwikkelen deel van het plangebied geldt een provinciale vrijstelling. Dat betekent dat deze verbodsbepaling voor deze soorten niet van toepassing is. Wel geldt voor deze soorten de zorgplicht.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 27 van 34

Amfibieën (Mogelijke) vaste verblijfplaatsen van amfibieën zijn alleen buiten het te ontwikkelen gebied aanwezig. Deze worden door de ontwikkeling van het gebied niet vernield of aangetast. Dagvlinders en libellen Het kruidenrijke grasland in het middenterrein is van betekenis voor veel soorten dagvlinders, die zich hier ook voortplanten. Geen van deze soorten is beschermd, zodat voortplantingsplaatsen van beschermde soorten niet zullen worden aangetast. Wel geldt voor deze soorten de zorgplicht (zie hoofdstuk 2), met name voor het bruin blauwtje dat op de Rode lijst staat (‘kwetsbaar’). De beschermde libellensoort rivierrombout is gebonden aan de IJssel en directe omgeving. Hier plant hij zich ook voort. Deze voortplantingsplaatsen worden niet aangetast door de ontwikkeling van het woongebied. 4. Opzettelijk verstoren van vogels Verstoring van broedvogels kan zowel tijdens de bouw als in de gebruiksfase niet helemaal worden voorkomen. Een belangrijk deel van deze verstoringen, met name in de gebruiksfase, is echter niet te beschouwen als opzettelijk, ervan uitgaande dat de uiterwaard en de steigers niet toegankelijk zijn. Opzettelijke verstoring in de bouwfase kan worden beperkt door ingrijpende werkzaamheden, zoals het bouwrijp maken van het terrein, het kappen van bomen of het slopen van gebouwen buiten de broedperiode uit te voeren.

De meeste soorten vogels hebben dan meestal geen vaste territoria, zijn dan minder kwetsbaar voor de gevolgen van de verstoring en zullen ander leefgebied kunnen opzoeken. In het te ontwikkelen gebied en directe omgeving komen geen soorten vogels voor die in het gebied broeden en waarvan de staat van instandhouding onder druk staat. De rode lijstsoorten boomvalk, koekoek, huismus, torenvalk en visdief broeden allen niet in het plangebied of in delen daarvan die beïnvloed worden door de planontwikkeling. Vogelsoorten die in het buitendijkse gebied voorkomen (uiterwaard, havens, IJssel) worden niet verstoord door de werkzaamheden in het binnendijkse gebied of kunnen in geval van verstoring gemakkelijk tijdelijk uitwijken naar andere leefgebieden langs de IJssel. Een eventuele verstoring van vogels zal daarom geen wezenlijke invloed hebben op de staat van instandhouding van de in het plangebied voorkomende soorten. 5. Vernielen van beschermde planten In het plangebied komen geen beschermde soorten planten voor. Deze verbodsbepaling wordt daarom niet overtreden.

Conclusie algemene verbodsbepalingen Wanneer ingrijpende werkzaamheden zoals bouwrijp maken van het terrein, verwijderen van bomen en opgaande beplanting en slopen van gebouwen plaatsvindt buiten de broedperiode, is overtreding van de wettelijke verbodsbepalingen voor beschermde soorten waarvoor geen algemene vrijstelling geldt uitgesloten. De ontwikkeling van Nieuw Harculo kan daarom plaatsvinden zonder Omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit. Om te waarborgen dat de aanleg van Harculo zo uitgevoerd wordt dat deze verbodsbepalingen ook daadwerkelijk gerespecteerd worden, dient een ecologisch werkprotocol opgesteld te worden voorafgaand aan de start van de werkzaamheden.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 28 van 34

5.3 Invulling zorgplicht Ondanks dat er geen verbodsbepalingen worden overtreden moet de ontwikkeling van Nieuw Harculo wel beschouwd worden als een flora- en fauna-activiteit in de zin van de Omgevingswet. Een flora- en faunaactiviteit is gedefinieerd als ‘een activiteit met mogelijke gevolgen voor van nature in het wild levende dieren of planten. Dit beperkt zich dus niet tot beschermde soorten, maar geldt voor alle in het wild levende dieren en planten. Aan een flora- en fauna-activiteit verbindt de wet een aantal verplichtingen, de zogenaamde specifieke zorgplicht. De hieraan verbonden verplichtingen zijn opgenomen in hoofdstuk 2, en worden hieronder behandeld. In algemene zin is het Natuurontwikkelingsplan en mede daarop gebaseerde Ruimtelijk Ontwikkelingsplan een vertaling van deze verplichtingen naar maatregelen bij de inrichting en het beheer van het toekomstige woongebied. Een aantal andere verplichtingen heeft vooral te maken met de uitvoering van de aanlegwerkzaamheden. Om aan de zorgplicht te voldoen zal hiervoor voorafgaand aan de uitvoering een ecologisch werkprotocol moeten worden opgesteld. 1. Verplichting tot het nemen van alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs kunnen worden gevraagd om gevolgen voor wilde planten en dieren te voorkomen, of wanneer dat niet kan zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken.

Gevolgen voor planten en dieren kunnen bij de uitvoering van de werkzaamheden voor Nieuw Harculo redelijkerwijs niet geheel worden voorkomen. Om nadelige gevolgen tot een minimum te beperken zal voorafgaand aan de uitvoering een ecologisch werkprotocol worden opgesteld, waarin specifieke maatregelen staan voor een ten aanzien van flora en fauna zorgvuldige uitvoering van werkzaamheden. 2. Onderzoeksverplichting Voorafgaand aan het verrichten van de flora- en fauna-activiteit moet worden nagegaan of er aanwijzingen zijn van de aanwezigheid van beschermde soorten en soorten die opgenomen zijn op een Rode Lijst (bedreigde soorten), en de voor deze soorten belangrijke leefgebieden of natuurlijke habitats. Aan deze verplichting is voldaan door het uitvoeren van het ecologisch onderzoek in 2024 (Ruiter, 2024). Dit onderzoek was gericht op het in kaart brengen van alle beschermde en Rode lijst-soorten in het gebied. Met dit onderzoek is een volledig beeld ontstaan van het voorkomen van deze soorten. 3.

Verplichting tot het vaststellen van mogelijke nadelige gevolgen voor beschermde en Rode lijst-soorten Als er aanwijzingen zijn op aanwezigheid van deze soorten moet worden vastgesteld of op voorhand op grond van objectieve gegevens nadelige gevolgen voor die dieren en planten, en voor de nesten, foerageerplaatsen, voortplantingsplaatsen, rustplaatsen en eieren van dieren kunnen worden uitgesloten. Voor beschermde soorten in het plangebied is deze beoordeling uitgevoerd in paragraaf 5.2. Deze nadelige gevolgen zijn uitgesloten, voor zover het gaat om overtreding van verbodsbepalingen. In het gebied komen daarnaast verschillende Rode lijst-soorten voor die niet beschermd zijn, of waarvoor een algemene vrijstelling geldt. Voor de volgende soorten kunnen nadelige gevolgen op voorhand niet worden uitgesloten: -

Sikkelklaver. Deze soort komt voor in de taluds van watergangen langs de oostrand van het middenterrein (zie Figuur 4-2). In het plan worden deze watergangen verruimd waardoor deze groeiplaatsen verloren gaan.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 29 van 34

-

Haas. Deze soort is beschermd, maar vrijgesteld van vergunningplicht. Als gevolg van de ontwikkeling van het gebied gaat het leefgebied van een grote populatie hazen (vrijwel geheel) verloren. Bruin blauwtje. Deze soort komt voor in verschillende delen van het plangebied, waaronder het kruidenrijke grasland op het middenterrein. Daar plant hij zich ook voort, getuige de aanwezigheid van verschillende soorten waardplanten. Dit leefgebied gaat verloren. De soort komt waarschijnlijk ook voor buiten het te ontwikkelen gebied, zoals in de zonneweiden ten oosten daarvan.

4. Verplichting tot het nemen van passende maatregelen om nadelige gevolgen voor planten en dieren en hun nesten, foerageerplaatsen, voortplantingsplaatsen, rustplaatsen en eieren van dieren te voorkomen. De natuurinclusieve inrichting van Nieuw Harculo, zoals uitgewerkt in het Natuurontwikkelingsplan en Ruimtelijk ontwikkelingsplan is de belangrijkste maatregel om nadelige gevolgen voor planten en dieren te voorkomen. In het plan zijn tal van maatregelen en voorzieningen opgenomen die ruimte bieden aan planten en dieren, waarvan vele soorten die nu in het gebied voorkomen. Het openbaar groen tussen en rond de woningen en gebouwen en in het klimaatpark zal een vergelijkbare soortensamenstelling hebben als het huidige kruidenrijke grasland in het gebied. Daardoor zijn deze vegetaties geschikt voor (onder andere) de Rode lijst-soorten sikkelklaver en bruin blauwtje. Ook vele andere niet bedreigde soorten planten en dieren (waaronder met name veel insecten) kunnen zich in deze delen van het plangebied vestigen. Groenvoorzieningen en gebouwen zullen daarnaast ook betekenis krijgen als leefgebied en vaste verblijfplaatsen van zoogdieren (waaronder vleermuizen) en vogels. Voor de haas zal een mitigatieplan moeten worden opgesteld om de aanwezige dieren te verplaatsen of te begeleiden naar vervangend leefgebied in de omgeving. 5.

Verplichting om tijdens en na het verrichten van de activiteit na te gaan of de getroffen maatregelen te beoogde effecten hebben. In het ecologisch werkprotocol zal worden opgenomen dat de werkzaamheden plaatsvinden onder toezicht van een ecoloog. Na de inrichting van het gebied zal de ecologische ontwikkeling van het gebied worden gevolgd door uitvoering van een monitoringplan. Het verdient de voorkeur om toekomstige bewoners van het gebied te betrekken in de uitvoering van deze monitoring. 6. Verplichting de activiteit te staken als nadelige gevolgen niet kunnen worden voorkomen, of wanneer dat redelijkerwijs niet meer mogelijk is, passende herstelmaatregelen te treffen. Met de uitvoering van het ecologisch werkprotocol, het mitigatieplan voor de haas en de natuurinclusieve inrichting volgens het Ruimtelijk Ontwikkelingsplan zijn er voldoende waarborgen om nadelige effecten te voorkomen.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 30 van 34

6 Conclusies en aanbevelingen In het plangebied voor Nieuw Harculo komen diverse beschermde soorten dieren voor. Beschermde soorten planten zijn niet aangetroffen. Wel zijn verschillende soorten planten en dieren aangetroffen die een bedreigde status hebben en daarom op de Rode Lijst staan. Omdat nadelige gevolgen voor deze soorten op voorhand niet met zekerheid kunnen worden uitgesloten is de inrichting van Nieuw Harculo op te vatten als een Flora- en faunactiviteit volgens de Omgevingswet. Wanneer ingrijpende werkzaamheden uitgevoerd worden buiten het broedseizoen wordt voorkomen dat verbodsbepalingen ten aanzien van beschermde soorten dieren worden overtreden. Een nog op te stellen Ecologisch Werkprotocol kan waarborgen dat de werkzaamheden op zo een wijze worden uitgevoerd dat overtredingen ook in de praktijk niet zullen plaatsvinden. Voor de uitvoering van het plan voor Nieuw Harculo is gelet op bovenstaande conclusie geen Omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit nodig. Om te voldoen aan de specifieke zorgplicht in de Omgevingswet zijn of worden passende maatregelen genomen om nadelige gevolgen voor in het wild levende planten en dieren te voorkomen. Hiervoor is het gebied in 2024 integraal onderzocht op de aanwezigheid van beschermde soorten en Rode-Lijstsoorten.

Het Ruimtelijk Ontwikkelingsplan en Natuurontwikkelingsplan voor Nieuw Harculo voorziet in een verregaande natuurinclusieve inrichting van het toekomstig woongebied, waardoor veel van de nu in het gebied aanwezige soorten ook in de toekomst zullen voorkomen, en ook ruimte wordt gegeven aan andere soorten planten en dieren. Voor de haas dient een mitigatieplan opgesteld en uitgevoerd te worden, om de nu aanwezige populatie te verplaatsen naar vervangend leefgebied. Voor de invulling van de zorgplicht verdient het daarnaast aanbeveling aanvullende maatregelen voor zorgvuldige uitvoering van werkzaamheden op te nemen in het Ecologisch Werkprotocol. Daarnaast wordt aanbevolen de effecten van deze maatregelen en van de natuurinclusieve inrichting van het gebied te volgen via monitoring.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 31 van 34

7 Geraadpleegde bronnen Alterra (2021). Effectenindicator Natura 2000 – Natura 2000 – Ecologische randvoorwaarden en storende factoren. https://www.synbiosys.alterra.nl/bij12/effectenindicatorappl.aspx?subj=effectenmatrix&tab=1 Backes, C.W., L. Boerema, A.A. Freriks, R.H.W. Frins, T. van Hattum, F. Onrust & F.C.S. Warendorf, 2024. Natuur in de Omgevingswet. Boom Juridisch, Den Haag. Engie, Floris Property Fund, Gemeente Zwolle, Twynstra Gudde, Kuiper Compagnons & Buro Ontwerp & Omgeving, 2021. Gebiedsvisie IJsselcentrale & Omgeving. Gemeente Zwolle, geen jaartal. Ons Zwolle van morgen 2030. Omgevingsvisie. Gemeente Zwolle, 2024. Natuurinclusief bouwen Zwolle. Institute of Estuarine & Coastal Studies, 2009. Construction and waterfowl: Defining sensitivity, response, impacts and guidance. University of Hull. Krijgsveld K.L., B. Klaassen & J. van der Winden (2022). Verstoring van vogels door recreatie. Literatuurstudie van verstoringsgevoeligheid en overzicht van maatregelen. Deel 1 hoofdrapport & deel 2 soortbesprekingen. Uitgave Vogelbescherming Nederland, Zeist. Livezey, K., Fernandez-Juricic, E., Blumstein, D. (2016). Database of bird flight initiation distances to assist in estimating effects from human disturbance and delineating buffer areas. Meijer, R., 2013. Licht verstoort natuur. Strooiverlichting in natuurgebieden. Molenaar, J.G., 2003. Lichtbelasting.

Overzicht van de effecten op mensen en dier. Alterra, Wageningen. NSVV, 2015. Richtlijnen lichthinder. www.platformlichtinder.nl/nsvv-uitgaven. Reales, 2024a. Natuurontwikkelingsplan Nieuw Harculo. Reales, Schiphol-Rijk. Reales, 2024b. Ruimtelijke Ontwikkelingsplan Nieuw Harculo. Reales, Schiphol-Rijk. RHDHV, 2014. Sloop van Centrale Harculo. Toetsing aan de Flora- en faunawet. RHDHV, Amsterdam. RHDHV, 2015. Passende beoordeling sloop Centrale Harculo. Toetsing aan de Natuurbeschermingswet 1998. RHDHV, Amsterdam. RHDHV, 2021. Natuurtoets gebiedsontwikkeling Harculo. RHDHV, Zwolle. RHDHV, 2022. Aanvullend onderzoek naar kleine marterachtigen en steenmarter in het kader van de gebiedsontwikkeling Harculo. RHDHV, 2022. Ruiter, E., 2021a. Aanvullend onderzoek vleermuizen, koelwatergebouw Harculo Zwolle. Alcedo Natuurprojecten rapport 2021-053.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 32 van 34

Ruiter E.J. 2021b. Aanvullend onderzoek Vleermuizen Hijshal, Dienstengebouw, Magazijn Harculo Zwolle. Alcedo Natuurprojecten rapport 2021 – 076. Ruiter, E.J. et al., 2024. Ecologisch veldonderzoek Nieuw Harculo. Uitgevoerd door Ecologen Collectief ECO, in opdracht van Reales. Stiphout, M. van, 2023. Eerste gids voor natuurinclusief ontwerp, tweede druk. Uitgeverij Nextcity.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 33 van 34

Colofon

Reinoud Kleijberg Laan van Neder Helbergen 8 7206 Zutphen +31 6 2706 1585 reinoud@kleijberg-ecologie .nl Citeren: Kleijberg, R., 2024. Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna. In opdracht van Reales Projecten 4 BV. Kleijberg Ecologie, Zutphen. Rapportnummer KE38-03.

Ontwikkeling Nieuw Harculo. Toets flora en fauna | Rapportnummer KE038-03| 10 januari 2025| Pagina 34 van 34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=48e186a3-a47d-487b-a259-55fcaffa0c79