CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbrief Beantwoording artikel 45 vragen van GroenLinks, PvdA en ChristenUnie over de aanbesteding van de NT2-onderwijsroute.

Raad Besluitvormingsronde 9 februari 2026, gemeente ZwolleBij agendapunt: Beantwoording artikel 45 vragen van GroenLinks, PvdA en ChristenUnie over de aanbesteding van de NT2-onderwijsroute1.678 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

voorstel

Raadsbrief over artikel 45 vragen Datum

21 Januari 2026

Onderwerp

Beantwoording artikel 45 vragen van GroenLinks, PvdA en ChristenUnie over de aanbesteding van de NT2-onderwijsroute.

Versienummer Portefeuillehouder

Dorrit de Jong

Bijlagen Bijlage 1 – Beantwoording art. 45 vragen betreft de aanbesteding van de NT2-onderwijsroute

Ontwerp besluit De raad wordt voorgesteld kennis te nemen van de beantwoording artikel 45 vragen van GroenLinks, PvdA en ChristenUnie over de aanbesteding van de NT2-onderwijsroute.

1/6

voorstel

Datum

21 Januari 2026

Inleiding De fractie van GroenLinks, PvdA en de ChristenUnie hebben op 15 januari 2026 schriftelijke vragen gesteld over de aanbesteding van de NT2-onderwijsroute, de route Maatschappelijke Ondersteuning voor inburgeraars en het participatieverklaringstraject binnen de gemeente Zwolle. Kernboodschap De raad wordt voorgesteld kennis te nemen van de beantwoording artikel 45 vragen van GroenLinks, PvdA en ChristenUnie over de aanbesteding van de NT2-onderwijsroute. Vraag 1: Er zijn ook gemeenten die kiezen voor een andere wijze om tot contractering te komen dan een aanbesteding. Heeft het college ook alternatieven voor een aanbesteding overwogen? Antwoord: Ja, dit is zeker overwogen, echter bleek na een marktconsultatie dat er vanuit meerdere partijen belangstelling was voor de opdracht, waardoor een aanbesteding noodzakelijk werd. Vraag 2: Kan het college toelichten waarom is gekozen voor een aanbieder van buiten de regio, terwijl er in Zwolle en de regio beschikbare en ervaren onderwijsaanbieders actief zijn? Antwoord: Dit is het gevolg van de uitkomst van de aanbestedingsprocedure en de zorgvuldige beoordeling op eerst kwaliteit en daarna prijs. Binnen een aanbestedingsprocedure kunnen aanbieders niet worden uitgesloten van deelname. Dit zou niet conform aanbestedingsregels zijn. Er kan kan ook geen voorkeur gegeven worden aan een lokale aanbieder.

Binnen de mogelijkheden van de regels rondom aanbesteding is getracht om zoveel mogelijk ruimte te geven aan lokale partijen door bewust de ambitie: “het stimuleren en versterken van het sociale netwerk van de inburgeraar, om goed mee te kunnen doen in de samenleving” op te nemen. Inschrijvers hebben dit in hun inschrijving verwerkt door concreet lokale partners te benoemen Vraag 3: Kan het college inzichtelijk maken hoe de weging tussen kwaliteit en prijs is vormgegeven binnen de aanbesteding, en om welke redenen een aanbieder met wisselende resultaten toch als beste uit de beoordeling is gekomen? Antwoord: De nieuwe aanbieder heeft aannemelijk kunnen maken dat de gevraagde kwaliteit geleverd kan worden. Ook start de nieuwe aanbieder net in Zwolle en kan nog niet beoordeeld worden op resultaten, die zijn er immers nog niet. Alle ingediende aanbieders zijn zorgvuldig beoordeeld op kwaliteit en prijs. In deze aanbesteding was belangrijkste criterium de kwaliteit; de prijs telde in veel mindere mate mee. Kwalitatief verschilden aanbieders niet erg veel, qua prijs wel. Er is binnen de aanbesteding ruimte om zich te onderscheiden van anderen. Voldoen aan het programma van eisen leidt tot een gemiddelde score. Een plus op de dienstverlening geeft een hogere score en (veel) aanvullende activiteiten naast wat wordt gevraagd in het Programma's van Eisen (PvE) geeft een perfecte score.

Voldoen aan het PvE leidt dus niet automatisch tot de hoogst haalbare score. 2/6

voorstel

Datum

21 Januari 2026

Vraag 4: Heeft het college bij het opstellen van de aanbestedingscriteria ook meegewogen dat onderwijspartijen en commerciële aanbieders andersoortige organisaties zijn en moeilijk te vergelijken? Antwoord: De voorwaarden voor het mogen aanbieden van de Onderwijsroute zijn uniform en strikt. Deze worden gevolgd en beoordeeld door DUO en zijn gelijk voor alle partijen. Partijen die inschreven op deze aanbesteding moeten voldoen aan allerlei eisen en een vergelijking kan op basis van die eisen prima worden gemaakt. Zodoende wordt de vergelijking gemaakt op basis van hoe zij scoren op de inhoudelijke voorwaarden, niet op de organisatievorm. Vraag 5: Is het college bekend met signalen uit onder andere Utrecht en Breda over het beëindigen van de activiteiten van Tulp Training vanwege onvoldoende resultaten? Zo ja, op welke wijze zijn deze signalen betrokken bij de beoordeling? Antwoord: Signalen zijn ons ter ore gekomen. Daarom hebben we contact gezocht met zowel gemeente Breda als gemeente Utrecht. Bij navraag zijn de signalen in gemeente Breda positief. In Gemeente Utrecht betreft het een lokale kwestie.

Vraag 6: Welke inhoudelijke overwegingen hebben specifiek geleid tot de keuze voor Tulp Training in plaats van het Deltion College of andere regionale aanbieders? En welke inhoudelijke overwegingen hebben geleid tot de keuze voor andere aanbieders dan Stichting Voor Elkaar Zwolle? Antwoord: Vooraf zijn in beide aanbestedingen passende kwalitatieve gunningscriteria bepaald. Inschrijvers hebben hier een invulling aan gegeven. Deze invulling is conform vooraf bepaald kader beoordeeld. Het gaat dus om toetsing aan de criteria en vervolgens het beste aanbod (zie antwoord op vraag 3). Alle partijen hebben een brief ontvangen met daarin de behaalde scores en de motivatie daarvan. De inhoud van deze brieven en de gemaakte overwegingen mogen niet gedeeld worden. Het delen kan immers afbreuk doen aan de (toekomstige) concurrentiepositie en de vertrouwelijkheid van de inschrijvingen moet worden gewaarborgd volgens de Aanbestedingswet. Zoals gebruikelijk kan de gemeenteraad de overwegingen onder oplegging van geheimhouding inzien.

3/6

voorstel

Datum

21 Januari 2026

Vraag 7: Zijn de mogelijke gevolgen voor regionale en lokale samenwerking, bestaande netwerken en lokale werkgelegenheid meegenomen in de aanbestedingsprocedures voor de diverse activiteiten? Zo ja, hoe is hier invulling aan gegeven? Antwoord: Juist als het gaat om inburgeraars is lokale samenwerking en het functioneren in netwerken belangrijk en daarom expliciet benoemd in het PvE. Inschrijvers hebben kunnen aangeven hoe zij met samenwerking en netwerken zullen omgaan en hoe zij dit van toegevoegde waarde laten zijn. Dit heeft meegeteld in de beoordeling. Vraag 8: Op welke wijze wordt geborgd dat de kwaliteit en continuïteit van het NT2-onderwijs voor inwoners van Zwolle gewaarborgd blijven tijdens en na de overgang naar de nieuwe aanbieder? En wat betekent deze overgang concreet voor studenten die zich op dit moment in een lopend traject bevinden? Antwoord: Studenten die in zich in een lopend traject bevinden, maken dit traject bij Deltion af. Eind november hebben de laatste intakes plaatsgevonden. Een aanmeldstop vanaf November 2025 is door Deltion zelf zo besloten en gecommuniceerd, dit met oog op het volume dat benodigd is voor het starten van nieuwe klassen. Aangezien een traject tussen de 1,5 en 2 jaar duurt, zal de einddatum komen te liggen tussen 1 juli 2027 en 31 december 2027. Vanaf december jl. gaan daarom alle nieuwe aanmeldingen naar Tulp training.

Zij zullen starten met een eerste klas in maart. Dergelijke wachttijd is onvermijdelijk tijdens een overgangsperiode naar een nieuwe aanbieder. Wel valt de wachttijd voor instroom in de Onderwijsroute bij Tulp binnen de wettelijke kaders van 6 maanden. Vraag 9: Hoe borgt het college dat huidige uitvoerders de activiteiten kunnen blijven uitvoeren met voldoende mensen en middelen totdat de nieuwe uitvoerders van start gaan? En hoe kijkt het college aan tegen de situatie dat het Deltion College, als nummer 2 is gevraagd een wachtkamerovereenkomst van vijf maanden te tekenen? Op welke wijze wordt deze constructie ingericht en wat betekent dit voor de continuïteit en het risicobeheer? Antwoord: De wachtkamerovereenkomst was een onderdeel van de aanbestedingsprocedure om de continuïteit van de Onderwijsroute te garanderen. Niet een vraag die los is gesteld. Alle aanbieders waren hiervan op de hoogte. De raamovereenkomst met het Deltion is beëindigd. Er is een nadere opdracht onder de raamovereenkomst opgesteld welke doorloopt zoals in het antwoord op vraag 8 is aangegeven. Deltion blijft verantwoordelijk voor het afronden van de trajecten met leerlingen die bij hen zijn ingestroomd. De gemeente financiert de trajecten en de benodigde mensen en middelen conform gemaakte afspraken.

We blijven in gesprek met Deltion betreft de lopende trajecten en wat er nodig is om deze goed af te ronden. Inmiddels heeft Deltion met ons een wachtkamerovereenkomst gesloten, waardoor de continuïteit van de Onderwijsroute verder is verstevigd.

4/6

voorstel

Datum

21 Januari 2026

Vraag 10: Hoe worden de gemaakte afspraken uit de contracten met de nieuwe aanbieders gemonitord? Welke instrumenten gebruikt het college om te beoordelen of de afgesproken prestaties daadwerkelijk worden geleverd, en hoe wordt geborgd dat eventuele tekortkomingen tijdig kunnen worden bijgestuurd? Antwoord: Binnen het PvE zijn eisen gesteld waar de aanbieder aan moet voldoen. De monitoring en evaluatie betreft voortgang, kwaliteit, ervaringen en eventuele knelpunten worden contractueel geborgd en uitgevoerd middels het regulier accounthouderschap beleid op inburgering en het contractmanagement van het SSC-ONS. Instrumenten die worden gebruikt voor de monitoring van contractuele afspraken zijn onder andere; • • • • •

De accountgesprekken die elk kwartaal gezamenlijk gevoerd worden vanuit beleid als contractmanagement vanuit SSC-ONS. Het beoordelen van tijdig aangeleverde managementrapportages (vier keer per jaar). Het ophalen van signalen uit de uitvoering welke ook regionaal worden getoetst en besproken. Afstemming binnen het regionaal afstemmingsoverleg. Het opstellen van een werkafsprakenboek.

Vraag 11: Is het college bereid om (bijvoorbeeld na het eerste uitvoeringsjaar) de gemeenteraad te informeren over de resultaten, ervaringen en eventuele knelpunten in de samenwerking met de nieuw gecontracteerde partijen? En kan deze rapportage waar mogelijk aansluiten bij bestaande rapportages over inburgering? Antwoord: Ja, daar is het college zeker toe bereid. De termijn onder het voorbehoud dat er na het eerste jaar voldoende instroom moet zijn (geweest) om een inhoudelijk goede terugkoppeling te geven aan de raad. We sluiten hierbij aan bij de P&C cyclus. Vraag 12: Welke eisen zijn in de aanbesteding gesteld aan nieuwe aanbieders ten aanzien van salariëring, arbeidsvoorwaarden en de professionaliteit van medewerkers? En op welke wijze ziet het college erop toe dat arbeidsvoorwaarden bij nieuwe aanbieders aansluiten bij geldende sectorale normen, zodat kwaliteit, continuïteit en deskundigheid van het personeel geborgd blijven? Antwoord: De salariëring van de taaldocent dient vergelijkbaar zijn met salariëring in het CAO MBO onderwijs. Dit is een gestelde eis in het PvE. Het is aan de opdrachtnemer dit op verzoek van opdrachtgever aan te tonen.

Ten aanzien van monitoring valt te denken (maar niet uitsluitend) aan het overleggen van bewijsdocumenten zoals afschriften van arbeidscontracten, salarisspecificaties (geanonimiseerd!) of een vastgesteld beleidsdocument waaruit blijkt hoe de functie indeling en bijbehorende salariëring binnen de organisatie tot stand komt.

5/6

voorstel

Datum

21 Januari 2026

Openbaarheid Deze nota is openbaar.

Burgemeester en wethouders van Zwolle,

burgemeester, Peter Snijders secretaris, Dick Emmer

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=f8b43dbc-616f-4efd-99d5-c3e3874d7cb4