PvdA - Voorjaarsstukken 2025 technische vragen
Tekst van het document
Technische vragen PvdA voorjaarsstukken 2025 Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-1
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 Paginanummer: 2
Vraag
Er worden een aantal verklaringen gegeven voor de 12 miljoen die is overgebleven in 2024. Hoeveel van deze factoren kunnen we weer verwachten in 2025 en wat zijn hiervan de verwachtte financiële effecten?
Antwoord
Elk jaar bekijken we of er sprake is van structurele overschotten. N.a.v. de jaarrekening 2023 is er voor een bedrag van 1,5 mln. afgeraamd voor 2025. De analyse heeft ook plaatsgevonden n.a.v. de jaarrekening 2024, hier kwamen op voorhand geen hele grote structurele posten naar voren maar bij de begroting 2026 wordt hier op terug gekomen.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-2
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 Paginanummer: 2
Vraag
We lezen “De weerstandsratio om de gemeentelijke risico’s op te vangen is 121% en ligt daarmee behoorlijk hoger dan de vastgestelde normratio van 0,80.”. Wat is er de afgelopen jaren gedaan om dichter bij de normratio van 0.80 te komen? Hoe verwachten we dat de weerstandsratio zich in de komende jaren zal ontwikkelen?
Antwoord
De algemene reserve wordt gebruikt als dekking van de gemeentelijke risico’s. Voor- en nadelen van bijvoorbeeld Berap, MPV en algemene uitkering worden gestort of onttrokken aan de algemene reserve. Bij de PPN wordt een voorstel gedaan om het verschil tussen de gelden in de algemene reserve en de benodigde gelden voor afdekking van de risico’s te bestemmen zoals ook nu in de PPN 2026-2029 wordt gedaan. Het voorstel is om voorlopig uit te blijven gaan van 100% dekking en niet het minimum van 80%. Ook de komende jaren is de verwachting dat er afdrachten vanuit de MPV zullen plaatsvinden die voor 25% worden gestort in de algemene reserve. Over de uitkomsten van Berap II (Berap I 2025 geeft een voordeel) en jaarrekening is voor nu moeilijk aan te geven of hier voor of nadelen zullen ontstaan die wederom gestort of onttrokken zullen worden. Ook in de toekomst is er dus een kans dat een overschot via de PPN bestemd zal worden.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-3
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 Paginanummer: 3
Vraag
Waarom ontbreken de cijfers over de ontwikkelingen op het gebied van sociaal minimum, arbeidsongeschiktheid, en bijstand? Kunnen deze alsnog worden verstrekt?
Antwoord
Onderstaande data zijn op dit moment aanvullend beschikbaar: Personen met bijstandsuitkering: Maart Sept 2023 Dec 2023 2024 Juni 2024 Sept 2024 Zwolle 3630 3700 3740 3810 3820 G40 140900 141750 143000 143430 142960 Personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering: Maart Sept 2023 Dec 2023 2024 Juni 2024 Sept 2024 Zwolle 6010 6050 6190 6140 6140 G40 249170 249410 254150 252720 253580 % van de bevolking (15 jaar tot AOW) in de bijstand (Participatiewet): Maart Sept 2023 Dec 2023 2024 Juni 2024 Sept 2024 Zwolle 4,0 4,1 4,1 4,2 4,2 G40 3,9 3,9 3,9 3,9 3,9
% van de bevolking (15 jaar tot AOW) met uitkering arbeidsongeschiktheid: Maart Sept 2023 Dec 2023 2024 Juni 2024 Sept 2024 Zwolle 6,6 6,6 6,8 6,7 6,7 G40 6,9 6,9 7,0 6,9 6,9 % huishoudens onder 105% van het sociaal minimum:
Zwolle G-40
2022 8,2 8,9
2023 8,5 9,0
Bron: CBS Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-4
Heeft betrekking op
Berap 2025-1 Paginanummer: 4.
Vraag
Onder de doelen 1.1.3/ 2.1.3/ 10.1.1 lezen we “Toekomstige maatregelen om volumegroei te beperken” Kunnen we hier een toelichting op ontvangen en zo niet, wanneer kan de raad hierover meer informatie verwachten?
Antwoord
In het najaar van 2025 starten we met het onderzoeken van besparingsmogelijkheden en toekomstige inzichten. De resultaten hiervan worden in 2026 opgeleverd
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen/ Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-5
Heeft betrekking op
Berap 2025-1 Paginanummer 4.
Vraag
Na ‘Overbesteding armoedebudget’ volgt 4 jaar dezelfde verwachte overschrijding. Waarop is dit gebaseerd? Is er geen grotere stijging verwacht?
Antwoord
In de Berap is het meerjarig effect van opgenomen van de situatie over 2025, daarom is het bedrag gelijk. In de PPN en komende begrotingen zijn / worden overige ontwikkelingen opgenomen.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-6
Heeft betrekking op
Voorjaarsmoment 2025 - moties en toezeggingen Paginanummer: 5
Vraag
“Motie M8-1 Een school zonder boeken is als een lichaam zonder ziel” Waarom duurde het drie jaar voor de raad deze, nogal summiere reactie ontvangt op deze raadsbreed gesteunde motie?
Antwoord
Hierbij een iets uitgebreidere toelichting: In het IHP wordt de link gelegd met de verschillende opgaves waarde stad Zwolle voor staat, en waarop de huisvesting de komende jaren moet inspelen. Naast een woningbouwopgave, spelen er sociaal-maatschappelijke opgaven, zoals armoede, kansenongelijkheid en de rol van scholen als spil in de wijk. In het IHP wordt rekening gehouden met de ontwikkelingen binnen die opgaves. Dit moet een aantal richtinggevende uitgangspunten opleveren die voor de hele stad Zwolle toepasbaar zijn. Een belangrijk principe hierin zal zijn dat de school de spil van de wijk is, en onderdeel van een bredere maatschappelijk voorziening. Deze uitgangspunten zullen worden vertaald in wijkgerichte visietrajecten, zoals de trajecten die momenteel in AA-Landen en Holtenbroek lopen. In deze visietrajecten buigen professionals in en rond zorg, kinderopvang, onderwijs en gemeente zich over de vraag ‘wat hebben de inwoners van deze wijk nodig’? Een schoolbibliotheek kan hier een uitkomst van zijn, maar is daarmee niet 1-op1 een onderdeel voor het IHP.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-7
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 7
Vraag
Is het wettelijk mogelijk om als gemeente het eigen risico in de jeugdzorg te betalen voor onze inwoners. Zo ja, wat zouden hiervan de structurele kosten zijn?
Antwoord
Het Rijk is voornemens een eigen bijdrage voor (specifieke vormen van) jeugdhulp in te voeren per 2028. Hiervoor zal de Jeugdwet gewijzigd moeten worden. In hoeverre het juridisch mogelijk zal zijn die eigen bijdrage vanuit de gemeente te vergoeden en wat daarvan de evt. kosten zullen zijn, zal te zijner tijd op basis van die wettelijke regeling kunnen worden beoordeeld.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-8
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer 8
Vraag Op pagina 8 staat bij de overschrijding van de armoedebudgetten: ‘We onderzoeken welke maatregelen we kunnen nemen om de stijging van de uitgaven te verminderen.’ Aan welke maatregelen wordt op dit moment gedacht? Antwoord
Dit is een politieke afweging
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-9
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer 8
Vraag Hoe verhoudt deze overschrijding van de armoedebudgetten zich tot de terugkoppeling van de rekenkamer 2 weken geleden? Antwoord
Uit het rekenkamerrapport blijkt een toename van het gebruik van onze regelingen als gevolg van de vereenvoudiging van de toegang en de verruiming van de inkomensgrenzen. Daar ligt de link met de overschrijding
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-10
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 9.
Vraag
Waarom stelt het college voor uit te gaan van een hogere weerstandsratio dan is afgesproken in de nota risicomanagement en weerstandsvermogen?
Antwoord
Bij de PPN 2025-2028 heeft de raad ingestemd met het verlagen van de ratio van 120% naar 100%. Gezien de huidige situatie, o.a. de onrust in de wereld en een gevallen kabinet is het voorstel om deze 100% te handhaven en niet lager te gaan zitten op het minimum van 80%.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-11
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer 11
Vraag Op pagina 11 van de PPN staat dat woningbouwprojecten zoveel mogelijk zullen worden versneld. Op welke wijze wordt dit gedaan? Antwoord
In 2022 is het Zwols Actieplan Woningbouw vastgesteld. Inzet was om langs de lijn van vijf strategieën door middel van een breed scala aan activiteiten en interventies de woningproductie te versnellen. Conform afspraak is de raad in december 2023 en juni 2024 geïnformeerd over de voortgang.
Voor eind juni ontvangt de raad de volgende voortgangsrapportage.
Portefeuillehouder
Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-12
Heeft betrekking op
Voorjaarsmoment 2025 - moties en toezeggingen Paginanummer: 8/17 In de toelichting op Motie M-16 Digitale toegankelijkheid staat “Ook in 2025 zijn we bezig met het doel om alle websites van Zwolle in het register een B- of A-status te laten verkrijgen of te behouden”. Op welke wijze gaat dit verder? 7 van de 19 websites zijn nog status D, krijgen die prioriteit?
Vraag
Antwoord
Dit voorjaar hebben we een inhaalslag gemaakt met het bijwerken van de verklaringen. Op dit moment hebben nog 4 van de 19 websites in het register de status D. Een aantal websites worden later dit jaar vervangen. Daarom focussen we ons op de digitale toegankelijkheid van de vervangende websites, zoals.OpenStad binnen Zwolle.nl. In Q4 ontvangt de raad de volgende voortgangsrapportage.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-13
Heeft betrekking op
Berap 2025-1 Paginanummer 17.
Vraag
Hier staat omschreven dat er €100.000,- nodig is voor het opstellen van een nota grondbeleid. Kunt u een onderbouwing van deze kosten geven?
Antwoord
De onderbouwing van de kosten betreft de interne capaciteit (niet toerekenbaar aan gebiedsontwikkelingen) voor het opstellen van de nota en de externe begeleiding die daarbij benodigd is.
Portefeuillehouder
Dorrit de Jong
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-14
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 19
Vraag
Kunt u inzicht geven in de kosten van uitbesteding van planvorming door de gemeente Zwolle (bijvoorbeeld het inhuren van externe bureaus voor plannen rondom gebieds- en locatieontwikkelingen) en hoe zich dit verhoud tot de kosten die gemaakt zouden worden als ambtenaren van de gemeente deze plannen zelf opstellen? Wat is er voor nodig om ervoor te zorgen dat we als gemeente zelf de expertise en capaciteit hebben om dergelijke plannen op te stellen?
Antwoord
Een exact bedrag voor de kosten van uitbesteding van planvorming door de gemeente is niet eenduidig te geven. Het gaat bij de integrale complexe gebiedsontwikkelingen om een veelheid en grote verscheidenheid van opgaven, waarbij -ook met betrekking tot de kosten- sprake is van verschillende maatwerkafspraken. Hierbij kan bijv worden gedacht aan primaire uitbesteding of inhuur door de gemeente, maar ook een gezamenlijke opdracht met marktpartijen dan wel een door marktpartijen zelfstandige inhuur. De gemeente Zwolle maakt bij gebieds- en locatieontwikkelingen ook regelmatig gebruik van externe bureaus. Dit gebeurt met name wanneer specifieke expertise nodig is die tijdelijk of incidenteel van aard is, of wanneer de interne capaciteit onder druk staat. De inzet van externe partijen stelt ons in staat om flexibel en doelgericht te opereren binnen de dynamiek van ruimtelijke opgaven. Een directe vergelijking tussen de kosten van externe inhuur en interne uitvoering is niet eenduidig te maken. Externe inzet kent doorgaans hogere uurtarieven, maar biedt ook flexibiliteit en toegang tot specialistische kennis. Interne uitvoering is op termijn mogelijk enigszins kostenefficiënter, mits voldoende capaciteit en expertise in de markt beschikbaar is.
Daarbij geldt dat interne inzet ook structurele investeringen vraagt in aspecten als opleiding, kennisontwikkeling, huisvesting en personele uitbreiding. Om als gemeente meer planvorming in eigen huis te kunnen uitvoeren, is het nodig om te investeren in:
• Structurele uitbreiding van de formatie binnen het fysiek domein (betreft meerdere afdelingen); • Gerichte aanvullende kennisontwikkeling op specifieke thema’s; • Blijven investeren in het zijn van een aantrekkelijke werkgever voor bestaande en nieuwe medewerkers
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-15
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 19
Vraag
Hoe verhouden de investeringen in de managementlaag binnen de ambtenarij zich tot de investeringen in de uitvoeringscapaciteit van de ambtelijke organisatie?
Antwoord
De investering in management draagt bij aan het versterken van sturing en het zo effectief mogelijk inzetten van onze capaciteit. Dat leidt tot minder werkdruk en het vergroten van onze uitvoeringskracht.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-16
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer 19
Vraag Hier wordt benoemd dat er (nog meer) wordt geïnvesteerd op management- hoe wat en waar Daarnaast staat er ‘ door de caseload kleiner te houden voorkom je verzuim’ – waar is deze aanname op gebaseerd? Antwoord
Zwolle investeert in de kwaliteit en kwantiteit van haar management – kwalitatief door Zwols Leiderschap gezamenlijk te ontwikkelen, heldere rollen te beschrijven en kwantitatief daar waar de omvang van een team groter is dan wenselijk. De overtuiging van Zwolle, onderbouwd door praktijk- en wetenschappelijk onderzoek, is inderdaad dat betrokken en nabij management met aandacht voor ontwikkeling en welzijn van medewerkers positieve invloed heeft op onder andere ziekteverzuim en werkdruk. De formulering zoals boven geschreven herkennen of lezen we niet in de tekst. De uitwerking van de investeringen in management vindt overigens plaats binnen de begrotingsvoorstellen.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-17
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer: 21
Vraag
Ziet het college een mogelijkheid de voorstellen voor het verkleinen van de zogenaamde “boeggolflijst” in het najaar eerst aan de raad voor te leggen in een opinienota i.p.v. direct en uitgewerkt in de begroting?
Antwoord
We hebben een kader aan de hand waarvan we keuzes maken, de drie hoofdambities voor deze periode, (een (t)huis voor iedereen, iedereen kan meedoen en een duurzame toekomst). Uiteraard kan de raad t.z.t. een andere afweging maken. Binnen het te doorlopen begrotingsproces zien wij geen mogelijkheden om voor de verzending van de begroting 2026 nog een opinienota op te stellen en deze te bespreken.
Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-18
Heeft betrekking op
Berap 2025-1
Paginanummer 44. Vraag
In de Voortgangsrapportage projecten staat bij vele projecten als risico genoemd: “Energie infrastructuur ontoereikend”. Is er een prioriteiten lijst van projecten ten aanzien van de energie infrastructuur (krijgen sommige projecten voorrang op andere projecten)? Zo ja, kunnen wij deze ontvangen? Zo nee, waarom niet en is het college van plan een dergelijke lijst op te stellen?
Antwoord
Tennet en Enexis hanteren prioriteringscriteria (opgelegd door ACM) om te bepalen welke projecten (ongeacht de initiatiefnemer) welke plek op de wachtlijst krijgen. De eerste categorie die in aanmerking kan komen voor prioriteit zijn zogenoemde congestie-verzachters. Die zorgen ervoor dat er meer ruimte op het net komt waardoor anderen ook het net op kunnen. De tweede categorie betreft veiligheid met als voorbeelden defensie, politie en acute gezondheidszorg. De derde categorie ziet op meerdere basisbehoeften zoals drinkwater, woningbouw en onderwijs. Voor woningbouw sec is door Enexis ruimte gereserveerd, vanuit dit kader. Voor de vele gebiedsontwikkelingen met gemengde programma’s ligt het complexer. De gemeente heeft geen afweging gemaakt. We onderzoeken, samen met onze partners (ontwikkelaars, corporaties, eigenaren, etc.), de wenselijkheid en mogelijkheden hiertoe, waarbij naast inhoudelijke afwegingen ook financiële en juridische aspecten een rol spelen.
Portefeuillehouder
Arjan Spaans
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-19
Heeft betrekking op
Berap 2025-1 Paginanummer 66.
Vraag
De nevenambities 2025 uit het programma ‘Plan van Aanpak Energietransitie 2018-2022’ staan hier beschreven. Hoe staat het met de realisatie van deze ambities?
Antwoord
De voortgang van het realiseren van deze nevenambities worden elk half jaar via de zogeheten energiemonitor aan u aangeboden. Die bestaat uit een raadsbrief en een data monitor, met vele grafieken en aantallen. De Voorjaarsversie 2025 bereikt u voor de zomer 2025. Hierin wordt de voortgang van genoemde ambities geduid en tevens wordt nadere ingegaan om de warmtetransitie, isoleren en besparen, grootschalige opwek, werklocaties en infrastructuur. De vorige versie treft u aan bij de stukken najaarsdebat , dd 8 november 2024. De database zelf is openbaar, wordt permanent bijgewerkt en zichtbaar op www.zwolle.nl/energiemonitor.
Portefeuillehouder
Arjan Spaans
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-20
Heeft betrekking op
Jaarstukken 2024 Paginanummer: 104
Vraag
De inhuur bedraagt 23,7% van de totale loonsom. Hoe heeft dit percentage zich in de loop der tijd ontwikkeld en hoe verhoudt dit zich tot andere gemeenten van vergelijkbare omvang?
Antwoord
Het vermelde percentage van 23,7% op pagina 104 jaarstukken 2024 is onjuist, dit moet 19,1% zijn. Dit percentage heeft zich de afgelopen jaren als volgt ontwikkeld:
% inhuur van totale loonsom Zwolle met Oekraïne opvang Zwolle zonder Oekraïne opvang 100.000+ gemeenten Bron Personeelsmonitor. Portefeuillehouder
Paul Guldemond
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-21
Heeft betrekking op
PPN
2024 19,1 18,2 17,6
2023 19,8 18,2 18,9
2022 2021 19,6 16,7 17,7 n.v.t. 18,2 16,9
Vraag
Kunt u een overzicht geven van de kwantificeerbare doelen uit het coalitieakkoord 2022-2026 en een stand van zaken betreffende de realisatie van deze doelen?
Antwoord
Nee, we kunnen op dit moment dit overzicht niet verstrekken. Er is geen midterm/tussentijdse evaluatie van het coalitieakkoord uitgevoerd.
Portefeuillehouder
College
Gesteld door fractie
Partij van de Arbeid-22
Heeft betrekking op
PPN Paginanummer door de hele PPN heen Huisvesting onderwijs – het lijkt alsof de investering steeds verder door geschoven wordt naar achter in de tijd – Hoe gaat er gezorgd worden dat de onderwijsbudgetten de komende jaren toereikend zijn?
Vraag
Antwoord
Het college doet hiervoor een voorstel aan de raad door aan de raad om commitment te vragen van voor langjarige investeringen voor onderwijshuisvesting.
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen