Informatienota Uitvoeringsplan en Inkoopstrategie inkoop Jeugdhulp regio Ijsselland
Tekst van het document
voorstel Informatienota voor de raad Datum
30 maart 2021
Onderwerp Versienummer
Uitvoeringsplan en Inkoopstrategie inkoop Jeugdhulp regio IJsselland V1.0
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Informant Afdeling Telefoon Email Bijlagen
R. Buitenhuis Maatschappelijke Ontwikkeling 038 498 R.Buitenhuis@zwolle.nl 1. Uitvoeringsplan Doorontwikkeling inkoop jeugdhulp IJsselland 2. Inkoopstrategie Doorontwikkeling inkoop jeugdhulp IJsselland 3. Advies Participatieraad 4. Brief regionaal cliëntenplatform inzake advies 5. Advies regionaal cliëntenplatform 6. Reactie RSJ op advies cliëntenplatform
Wij stellen u voor kennis te nemen van: Het Uitvoeringsplan en de Inkoopstrategie voor het inkoopmodel jeugdhulp IJsselland en de daarop betrekking hebbende adviezen van het regionale cliëntenplatform en de Participatieraad Zwolle.
8
voorstel
Datum
30 maart 2021
Toelichting op het voorstel Inleiding Hierbij informeren wij u over het nieuwe inkoopmodel waarmee we per 2022 de specialistische jeugdhulp inkopen. Over enkele weken ontvangt u ter kennisname van ons: - het concept voor de Regionale Visie Jeugdhulp, - een nadere analyse van de jeugdzorgkosten 2020, - een analyse van de Zwolse hervormingen Jeugd in het licht van het landelijke AEF rapport ‘Stelsel in groei’. Kernboodschap De huidige raamovereenkomsten lopen na dit jaar af. Daarom is een nieuw inkoopmodel ontwikkeld, dat zal leiden tot nieuwe overeenkomsten met jeugdhulpaanbieders per 2022. In een informatiebijeenkomst in oktober 2020 en een informatienota in november 2020 is de raad eerder reeds geïnformeerd over de doorontwikkeling van het inkoopmodel jeugdhulp. Inmiddels zijn in het regionaal Bestuurlijk Overleg Jeugd op 17 februari 2021 het definitieve Uitvoeringsplan en de bijbehorende Inkoopstrategie formeel vastgesteld. Het college heeft op 30 maart 2021 ook formeel ingestemd met deze stukken. In deze nota informeren wij u nu op hoofdlijnen over deze inkoopdocumenten en over het verloop van de verdere procedure. Het sluiten van overeenkomsten met jeugdhulpaanbieders is een noodzakelijke basis voor een goede samenwerking in de rol van gemeente(n) als opdrachtgever(s) en jeugdhulpaanbieders als opdrachtnemers.
Zoals hiervoor aangegeven wordt met het inkoopmodel niet alleen geregeld hoe jeugdhulp wordt toegewezen en betaald, maar wordt ook een aantal beleidsmatige doelen nagestreefd. In het regionaal BO Jeugd is benadrukt dat er uitdaging ligt om meer grip te krijgen op de kosten en het beperken van het aantal aanbieders. Daarbij moet het inkoopmodel zoveel mogelijk ruimte bieden om lokaal beleid te voeren en aanvullende afspraken te maken met aanbieders die in de eigen gemeenten belangrijk zijn. Over de contractduur is besloten dat na een startovereenkomst van 2 jaar er drie keer de mogelijkheid is om te verlengen met 2 jaar. Daarmee is een balans gevonden tussen de behoefte om tussentijds te evalueren en bij te sturen (of zelfs contracten te beëindigen) en het belang van continuïteit en een stabiele samenwerkingsrelatie. Voor de Crisisfunctie is gekozen voor een contractduur van 4 jaar met tweemaal een verlengingsoptie van 2 jaar. Het duurzaam organiseren van de bereikbaarheid en beschikbaarheid en het daartoe opbouwen van een nauwe samenwerkingsrelatie met een vaste groep aanbieders, sluit hier goed bij aan. -
Uitvoering van de Hervormingsagenda Sociaal Domein
Met het nieuwe inkoopmodel voor specialistische jeugdhulp wordt uitvoering gegeven aan de Zwolse Hervormingsagenda Sociaal Domein èn aan de daarmee corresponderende beleidsontwikkelingen in de regio IJsselland. De vier bewegingen van de Hervormingsagenda: - Van apart naar gewoon - Van deelprobleem naar totaaloplossing - Van zorgen voor naar zorgen dat - Van individuele zorg naar samenbrengen van vragen 2/8
8
voorstel
Datum
30 maart 2021
Het is goed gelukt het nieuwe inkoopmodel ondersteunend te laten zijn aan deze vier bewegingen. Dit uit zich ook in de doelen die met het inkoopmodel worden nagestreefd: jeugdhulp vraag- en resultaatgericht inzetten, beter samenwerken bij complexe situaties en minder jeugdhulp met verblijf door betere, intensieve ambulante jeugdhulp. Voorafgaand aan de doorontwikkeling van het inkoopmodel zijn in september 2019 vier prioritaire bestuurlijke doelstellingen geformuleerd. Deze worden hier nu genoemd en daarbij wordt kort aangegeven hoe dit is ingevuld in het inkoopmodel: 1. Normalisering - Bij verwijzingen staat het resultaat centraal - De bekostigingswijze maakt samenwerking tussen aanbieders makkelijker - Transformatiedoelen worden expliciet onderdeel van het contract - Gemeenten en aanbieders ontwikkelen samen het aanbod van kleinschalige, gezinsgerichte woonvoorzieningen 2. Kostenbeheersing - Gemeente betaalt alleen daadwerkelijk geleverde hulp op basis van reëel tarief - Veel voorkomende hulp wordt via standaard budgetten herleidbaar - Gemeenten en RSJ sturen samen op effectieve en efficiënte hulp - De rol van de lokale toegangen wordt groter 3. Administratieve lastenverlichting - We gaan van ongeveer 300 naar 20 productcodes - De contractduur gaat naar maximaal 8 jaar 4.
Verbeteren vertrouwen in de professional - Gemeenten wijzen jeugdhulp toe op basis van een budget per cliënt. Aanbieders hebben vervolgens de professionele ruimte om te doen wat nodig is om het afgesproken resultaat te bereiken binnen dat budget. De basis van het inkoopmodel wordt gevormd door een Uitvoeringsplan en een Inkoopstrategie. Het inkoopmodel is opgebouwd uit de onderdelen Ambulante jeugdhulp, Wonen en Verblijf en een Crisisdienst. - Uitvoeringsplan (bijlage 1) Het Uitvoeringsplan omschrijft de systematiek van toewijzen, hulp verlenen, bekostigen, administreren, verantwoorden en beheersen voor alle soorten en maten van hulpverlening. Dit geldt voor afzonderlijke ambulante hulpverlening, maar ook voor hulpverlening die in aanvulling op een woonplek / Verblijf wordt geboden of als onderdeel van de crisisfunctie. Deze aanpak zorgt dat de systematiek van de inzet van hulp wordt geüniformeerd en dat vereenvoudigt het integraal samenwerken en vereenvoudigt de benodigde administratie. In het Uitvoeringsplan wordt een onderscheid gehanteerd tussen Ambulante jeugdhulp, Wonen / Verblijf en de Crisisfunctie:
3/8
8
voorstel
Datum
30 maart 2021
Ambulante jeugdhulp bevat alle vormen van begeleiding, behandeling en interventies binnen de reikwijdte van de Jeugdwet en zoveel mogelijk in de eigen omgeving van de jeugdige. De toegangsmedewerker stelt op basis van de inschatting van wat nodig is (het resultaat), een keuzebudget vast. De toegang heeft daarbij keuze uit zeven verschillende budgetten. De aanbieder heeft binnen het vastgestelde keuzebudget de vrijheid om te doen wat nodig is. Alle geleverde hulpverlening binnen de kaders van het resultaat en keuzebudget wordt vergoed. Een aanbieder krijgt dus uitbetaald voor de hulpverlening die is geleverd. De bekostiging wordt hierdoor inspanningsgericht (p*q). Het budget dat overblijft na afronding van de hulpverlening is niet besteed geld en blijft van de gemeente. Dat is een verschil met de huidige situatie. Naast een keuzebudget is er ook de mogelijkheid om een offerte op te vragen bij de aanbieder. Bijvoorbeeld in het geval van een complexe hulpvraag. Verwijzingen van de Gecertificeerde Instelling verlopen altijd via een offerte. Een huisarts heeft de keuze uit twee keuzebudgetten of een offerte. Een tweede wijziging ten opzichte van het huidige inkoopmodel is dat de bekostiging de professional volgt die de hulpverlening biedt. Alle functies in de jeugdhulp worden gecategoriseerd naar zeven functiegroepen en iedere functiegroep kent haar eigen reële tarief.
De bekostiging betreft een integrale jeugdhulpbekostiging, met als voordeel dat alle sectoren (GGZ, LVB, J&O) eenzelfde tarief ontvangen wanneer eenzelfde (opgeleide)professional wordt ingezet.
Onder Wonen vallen alle voorzieningen die te maken hebben met elders dan bij de juridische ouders wonen en/of logeren. Het gaat hier om pleegzorg, gezinshuizen en leefgroepen. Onder Verblijf vallen alle verblijfsbedden waar jeugdigen kortdurend op verblijven, denk aan een behandelbed, crisisbed, drie-milieuvoorziening en gesloten jeugdzorg. In het nieuwe inkoopmodel wordt een knip gemaakt tussen Wonen-Verblijfsvoorzieningen en de individuele hulpverlening (Ambulante Jeugdhulp). Alle woon- en verblijfsvoorzieningen (bedden) worden verdeeld in verschillende intensiteiten. Het gaat hier om ‘hotelmatige kosten’, kosten die nodig zijn om het leefklimaat te organiseren. De intensiteiten worden bekostigd per etmaal. Aanbieders schrijven zich op een bepaalde intensiteit in. Voor toegangen is duidelijk welke intensiteit(en) aanbieders leveren. De toegang bepaalt in de verwijzing het aantal etmalen, in nauwe afstemming met de zorgaanbieder en jeugdige/gezin.
De Crisisfunctie is een samenwerking tussen een beperkte groep aanbieders die 24 uur per dag paraat staan voor gemeentelijke toegangen en Gecertificeerde Instellingen (GI). De specialistische zorg bij de crisisfunctie is bedoeld voor jeugdigen in een zeer kwetsbare positie. De crisisdienst voert een eerste crisisinterventie uit, gericht op de beoordeling en het stabiliseren van de jeugdige. Indien er na het stabiliseren van de crisis aanvullende hulpverlening nodig is, valt deze onder Ambulante Jeugdhulp of onder Wonen/Verblijf en wordt dit dus ook volgens die route ingezet en bekostigd.
- Kwaliteit en transformatie Meer dan in het huidige inkoopmodel zal gestuurd worden op de kwaliteit van de jeugdhulpaanbieders èn op de inzet van aanbieders om mee te bewegen in de transformatie. Dat betekent allereerst dat bij de aanbesteding nadrukkelijker geselecteerd zal worden op deze criteria. Daardoor zal naar verwachting het aantal aanbieders ook omlaag gaan, wat de beheersbaarheid vergroot. Daarnaast zal gedurende de looptijd van de overeenkomst elke twee jaar kritisch en niet vrijblijvend worden geëvalueerd: als een aanbieder niet blijkt te voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen, kan besloten worden het contract niet te verlengen. 4/8
8
voorstel
Datum
30 maart 2021
Om meer grip uit te oefenen op aanbieders met een bovenmatige winstuitkering en de handhaving op fraude en aanbieders met een verleden van wanprestaties, wordt bij het opstellen van de inkoopvoorwaarden ook nadrukkelijk de ruimte binnen de wet Bibob (Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) toegepast. Op deze manier wordt ook uitvoering gegeven aan de motie “Kwalitatief Jeugdzorg inkopen” (dd 23 november 2020). - Inkoopstrategie (bijlage 2) Het doorontwikkelde inkoopmodel gaat op 1 januari 2022 van start. De Inkoopstrategie stelt de kaders voor de wijze waarop het RSJ de inkoop uitvoert. Het gaat hierbij allereerst om het inkopen van voldoende kwalitatieve ambulante jeugdhulp, kleinschalig gezinsgerichte woonvormen, verblijfsvoorzieningen en het langdurig borgen van de crisisfunctie bij een beperkt aantal aanbieders. Gemeenten willen aanbieders contracteren die meewerken om te transformeren. De hoeveelheid aanbieders speelt een belangrijke rol in de (bestuurlijke) gesprekken over grip op de uitvoering van specialistische jeugdhulp. Bestuurlijk is uitgesproken dat niet zozeer het aantal aanbieders het uitgangspunt is, maar wel het grip krijgen op de kwaliteit en transformatie van aanbieders en het toelatingsproces van aanbieders in regio IJsselland.
Het RSJ zal de komende maanden samen met gemeenten en aanbieders kwaliteitscriteria ontwikkelen die als beoordelingscriteria worden opgenomen in de inkoopdocumenten. Op moment van inkopen is niet vast te stellen welke en hoeveel aanbieders nodig zijn om voldoende kwalitatief aanbod te contracteren, rekening houdend met een goede geografische spreiding. Het aantal aanbieders wordt dan ook niet op voorhand beperkt door een gemaximeerd aantal vast te leggen. Wel wordt streng geselecteerd op kwaliteit en inzet op transformatie èn wordt na de eerste inkoopronde de tussentijdse instroom van aanbieders beperkt. Nieuwe aanbieders worden alléén toegelaten wanneer er onvoldoende kwalitatief of kwantitatief aanbod beschikbaar is. Daarnaast is het via tussentijdse evaluatiemomenten mogelijk om op aanbiedersniveau een overeenkomst wel of niet te verlengen op basis van de geleverde prestaties en het voldoen aan de voorwaarden uit de overeenkomst. - Contractduur Het uitgangspunt is dat regio IJsselland langdurige contracten aangaat met aanbieders die kwalitatief goede jeugdhulp leveren, dit doen met de bestuurlijke doelstellingen als uitgangspunt en actief bijdragen aan de transformatiedoelen. Dit betekent voor Ambulante Jeugdhulp en voor Wonen / Verblijf dat overeenkomsten worden gesloten voor twee jaar, met driemaal een optie tot verlenging voor twee jaar. In totaal dus maximaal acht jaar.
En voor de Crisisfunctie (waarbij de beschikbaarheid de cruciale factor is) duurt het eerste contract vier jaar, met tweemaal een optie tot verlenging voor twee jaar. In totaal dus eveneens maximaal acht jaar. - Inkoopmethodiek Op basis van de huidige wet- en regelgeving inzake inkopen past bij de wens van de regio om het aantal aanbieders te beperken en te kunnen selecteren en sturen op kwaliteit, als inkoopmethodiek het beste een brede vorm van aanbesteding of een smalle open house procedure. Beide invalshoeken vragen om maatwerk op een bestaande methodiek om aan te sluiten bij de inkoopdoelen. Op basis van de inkoopdoelen is te concluderen dat er een nadruk ligt op het vergroten van grip op welke aanbieders wel of geen contract ontvangen en dat tussentijdse toetreding alleen wenselijk is bij een gebrek aan kwalitatief of kwantitatief aanbod. Aangevuld met de behoefte om ook op de medewerking aan de transformatie en op de kwaliteit te sturen, past een aanbesteding het beste als inkoopprocedure en niet een open house procedure. 5/8
8
voorstel
Datum
30 maart 2021
Ambulante jeugdhulp, Wonen en Verblijf worden ingekocht via een aanbestedingsprocedure voor sociaal en andere specifieke diensten (SAS-procedure). Binnen de SAS-procedure is veel ruimte om laagdrempelig in te kopen, zodat dit te doen is voor kleine en grote aanbieders. Een belangrijke meerwaarde is dat via deze procedure een aanbieder kan worden beoordeeld op haar kwaliteitsniveau en bijdrage aan de transformatiedoelen voorafgaand en gedurende de contractperiode. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat beoordelingscriteria, waaronder een bijdrage aan transformatiedoelen, wel helder en concreet moet zijn omschreven. Aanvullend biedt de SASprocedure de mogelijkheid om gedurende de inkoopprocedure een dialoog en/of onderhandelingsmoment in te bouwen om het gesprek met aanbieders aan te gaan over zaken zoals de transformatiedoelen. Uitkomsten uit deze gesprekken worden vervolgens als voorwaarden opgenomen in de contracten. De aanbestedingsprocedure wordt hierdoor minder statisch en eenzijdig en wordt meer gewerkt vanuit co-creatie met aanbieders. De Crisisfunctie wordt ingekocht bij een beperkt aantal aanbieders. Deze functie was en is belegd bij een vaste groep aanbieders. We willen graag op dezelfde manier verder werken.
Wel worden de aanbieders door het niet individueel maar als groep inkopen, gestimuleerd om de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de crisisfunctie te borgen. - Dyslexie Binnen de inkoop ambulante jeugdhulp wordt ook dyslexie ingekocht. Hier worden dezelfde voorwaarden voor opgenomen als in huidige overeenkomsten. Dit betekent dat dyslexiezorg regionaal wordt gecontinueerd tot het moment dat gemeenten dit lokaal hebben georganiseerd. - Transformatieopdrachten Er is een knip gemaakt in het inkoopmodel en de transformatieopdrachten. Het inkoopmodel is dienstbaar aan de transformatie, die zowel lokaal als regionaal wordt uitgevoerd. De gekozen bekostigingsvorm fungeert als fundament voor toekomstige transformatieopdrachten doordat alle denkbare vormen van jeugdhulp op eenzelfde manier worden bekostigd. De transformatieopdrachten worden in de eerste helft van dit jaar verder uitgewerkt. Dit betreft in ieder geval: onderzoek naar hoe de verblijfsduur van jeugdigen op een bed kan worden verminderd, ontwikkelen van kleinschalige gezinsgerichte woonvormen voor moeilijk plaatsbare jeugdigen, ontwikkelen van ambulante jeugdhulpverlening als alternatief voor verblijf, het leren van complexe casuïstiek. - Reële tarieven en impactanalyse Het vaststellen van een reëel tarief is de verantwoordelijkheid van het RSJ.
Het RSJ heeft een deugdelijk tariefonderzoek uitgevoerd om te komen tot reële tarieven. Een tarief wordt opgebouwd uit een veelvoud van normen. De belangrijkste normen zijn personeelskosten, overhead en declarabele uren per medewerker. Geconstateerd is dat reële tarieven niet voor alle aanbieders zonder meer zal leiden tot kostendekkende tarieven. De tarieven en de bekostigingsstructuur zullen voor de ene aanbieder een negatief hebben en voor de andere aanbieder een positief effect. Dit is sterk afhankelijk van de bedrijfsvoering van een aanbieder. Het uitgangspunt bij het toepassen van uniforme, reële tarieven, is dat de opdrachtgever niet de verantwoordelijkheid draagt voor de bedrijfsvoering van de aanbieder. Het RSJ brengt in kaart hoe groot het risico is dat aanbieders zich hierdoor wellicht niet in gaan schrijven en hoe desondanks gezorgd kan worden voor een voldoende kwalitatief en kwantitatief aanbod van jeugdhulp. 6/8
8
voorstel
Datum
30 maart 2021
- Advies Regionaal Cliëntenplatform en Participatieraad Zwolle Gedurende het traject van de doorontwikkeling van het inkoopmodel jeugdhulp is op diverse momenten gesproken met afvaardigingen van gemeentelijke advies- en cliëntenraden, die samen hebben gewerkt in een Regionaal Cliëntenplatform. Zo konden tijdens het opstellen van de inkoopdocumenten de adviezen vanuit cliëntenperspectief gelijk meegenomen worden. Deze samenspel werd door alle betrokkenen als zeer waardevol ervaren. Omdat het Regionaal Cliëntenplatform geen formeel adviesorgaan is, heeft de Participatieraad Zwolle op de definitieve documenten van het Uitvoeringsplan en de Inkoopstrategie nog een formeel advies uitgebracht (bijlage 3), waarin het advies van het regionale platform grotendeels is gevolgd. De aanbevelingen uit het advies nemen nagenoeg allemaal ter harte, voor zover het binnen de reikwijdte van het inkooptraject valt. In bijlage 5 treft u het uiteindelijke advies van het Regionale Cliëntenplatform aan; in bijlage 6 de reactie van het RSJ op dit advies. In deze reactie wordt puntsgewijs aangegeven hoe omgegaan wordt met de adviezen. Consequenties De ervaringen van de afgelopen jaren zijn benut voor het nieuwe inkoopmodel en leiden tot verbeterde afspraken met de jeugdhulpaanbieders.
Het inkoopmodel leidt niet tot een totale revolutie op 1 januari 2022, maar faciliteert wel veel beter de noodzakelijke bewegingen van de Hervormingsagenda. Met het nieuwe inkoopmodel: komt het SWT meer in positie, ook ten opzichte van huisartsen als verwijzers, wordt de samenwerking met het SWT en tussen de aanbieders onderling beter gefaciliteerd èn nadrukkelijk als kwaliteitscriterium gehanteerd, is het makkelijker om integrale hulpverlening te organiseren, stelt het SWT per cliënt het resultaat vast + een keuzebudget, waarbinnen de aanbieder vrijheid heeft om te doen wat nodig is (feitelijk een budgetplafond per cliënt), wordt uit het toegekende budget alleen de ingezette hulp betaald (via PxQ op basis van reële tarieven), ontstaat een scherp onderscheid tussen hulpvragen en woonvragen, waardoor jeugdigen met jeugdhulp minder zullen verhuizen, verminderen de administratieve lasten doordat het aantal productcodes fors wordt verlaagd (van 300 naar 20), wordt de beschikbaarheid van de crisisdienst GGZ en Spoedhulp taakgericht bekostigd, waardoor de beschikbaarheid gewaarborgd is, worden langere contracten gesloten (tot 8 jaar, zie elders in deze nota), zodat meer ruimte ontstaat voor de samenwerking met en tussen aanbieders.
Financiën Het RSJ heeft een financiële doorrekening gemaakt van de nieuwe bekostiging en de onderzochte tarieven ten opzichte van de huidige bekostiging en vormen. Een dergelijke was-wordt vergelijking is nooit waterdicht omdat andere definities worden gebruikt en niet alle sturingsinformatie beschikbaar is. Desondanks is een inschatting gemaakt van de financiële impact en hierover kan gesteld worden: - Binnen ambulante jeugdhulp zullen verschuivingen plaats vinden van gelden. De ene aanbieder krijgt iets meer en een andere aanbieder krijgt iets minder, - Woon- / verblijfs-intensiteiten ontvangen een iets hoger tarief dan nu het geval is, - De crisisfunctie gaat meer kosten dan voorheen door de Wet verplichte GGZ, die verplicht dat er minimaal twee medewerkers beschikbaar moeten zijn in plaats van één. 7/8
8
voorstel
Datum
30 maart 2021
Om het risico dat bovenstaande punten leiden tot niet reële kostenstijgingen voor gemeenten tegen te gaan, wordt een aanvullende voorwaarde ingebouwd. De voorwaarde is dat het veranderen van het inkoopmodel bij gelijkblijvende productie niet mag leiden tot bovenmatige omzetstijging van aanbieders. In dat geval moet er ruimte zijn om hierop te interveniëren. Denk hierbij aan het voorbeeld dat een aanbieder zich inschrijft op een woonintensiteit die qua tarief veel hoger ligt dan hij nu ontvangt voor zijn woonfunctie. Communicatie De inkoopprocedure is een openbare procedure. Rond de start van de inkoopprocedure stelt het RSJ samen met beleidsadviseurs van de gemeentenen een algemeen bericht op over wat het nieuwe inkoopmodel betekent voor huisartsen. Via de gemeenten wordt dit bericht vervolgens verspreid onder huisartsen. Insteek is dat voor de verwijzingen van huisartsen eenzelfde aanpak gekozen is als in het huidig inkoopmodel, namelijk twee verwijsopties en bij een verlenging de oproep richting aanbieders, dit eerst met gemeenten af te stemmen. Hierin wordt van huisartsen niet verwacht om het volledig mechanisme toe te passen, maar worden een vereenvoudigde versie geboden die meer aansluit bij de hulpvragen die bij hen binnenkomen.
Vervolg Op basis van het Uitvoeringsplan en de Inkoopstrategie worden inkoopdocumenten opgesteld en wordt een openbare aanbestedingsprocedure gestart via TenderNed. Deze procedure zal lopen vanaf april tot en met eind juni 2021. Het uitgangspunt hierbij is co-creatie: met een dialoogfase en een uitgebreide Nota van Inlichtingen1 worden aanbieders betrokken bij de inkoop. Na de dialoogfase en Nota van Inlichtingen deel 1, wordt eind mei 2021 het definitieve inkoopdocument gepubliceerd, waarna een nieuwe dialoogfase met een tweede Nota van Inlichtingen volgt. Tot 5 juli 2021 kunnen partijen zich inschrijven, in augustus vindt de definitieve gunning plaats en daarna zal de implementatie worden gestart met de aanbieders en gemeenten. Openbaarheid Deze nota is openbaar.
Burgemeester en Wethouders van Zwolle,
voorzitter, Peter Snijders
interim-secretaris, Liesbeth Borsboom
1 Aanbieders hebben de mogelijkheid om over de inkoopdocumenten vragen te stellen. Het inkoopteam beantwoordt deze
vragen via een Nota van Inlichtingen. De gestelde vragen over onduidelijke onderdelen van de aanbestedingsstukken komen hierin (anoniem) terug. De nota wordt vervolgens aan alle potentiele inschrijvers beschikbaar gesteld. Er zijn in het traject twee momenten van een Nota van Inlichtingen. 8/8