Hessenpoort 3_REGELS
Tekst van het document
Hessenpoort 3 vastgesteld
nr. NL.IMRO.0193.BP21004-0004
Afdeling Ruimtelijke Planvorming Stadskantoor Lübeckplein 2 Postbus 10007 8000 GA Zwolle postbus@zwolle.nl www.zwolle.nl Opdrachtgever ZWPP Opdrachtnemer ZWRP Publicatieversie: NL.IMRO.0193.BP21004-0004 Datum:
10 januari 2023
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Inhoudsopgave
REGELS
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
4 4 12
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11
Bestemmingsregels Bedrijventerrein Groen Natuur Verkeer Water Leiding - Gas Leiding - Hoogspanningsverbinding Leiding - Water Waterstaat - Waterberging
14 14 17 19 21 23 25 27 29 31
Hoofdstuk 3 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18 Artikel 19
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene aanduidingsregels geluidzone - industrie 1 Algemene aanduidingsregels geluidzone - industrie 2 Algemene aanduidingsregels luchtvaartverkeerzone Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Algemene procedureregels Overige regels
33 33 34 35 36 37 39 40 41
Hoofdstuk 4 Artikel 20 Artikel 21
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
42 42 44
2/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
REGELS
3/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder: 1.1 plan: het bestemmingsplan Hessenpoort 3 met identificatienummer NL.IMRO.0193.BP21004-0004 van de gemeente Zwolle; 1.2 bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding, indien het een vlak betreft; 1.5 ambachtelijk bedrijf: een bedrijf dat is gericht op het geheel of overwegend door middel van handwerk vervaardigen, bewerken of herstellen en het installeren van goederen; 1.6 bebouwing: één of meer gebouwen, bijbehorende bouwwerken en/of andere bouwwerken; 1.7 bebouwingspercentage: indien het percentage een bestemmingsvlak betreft: de verhouding tussen de oppervlakte van het te bebouwen terreingedeelte en de totale oppervlakte van het bestemmingsvlak; indien het percentage een perceel betreft: een percentage, dat de grootte aangeeft van het deel van een perceel, dat ten hoogste mag worden bebouwd; dit percentage wordt slechts berekend over het gedeelte van het bestemmingsvlak of het perceel, waarbinnen de bouwwerken mogen worden gebouwd; 1.8 bedrijf: het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten; 1.9 bedrijfsgebouw: een gebouw,
dat dient voor de uitoefening van een bedrijf;
4/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
1.10 bedrijfswoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein gewenst is; 1.11 beroeps- c.q. bedrijfsvloeroppervlakte: de totale vloeroppervlakte van de ruimte die wordt gebruikt voor beroep aan huis c.q. een bedrijf of een dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke; een daaraan vastgebouwde of er deel van uitmakende woning wordt niet meegeteld; 1.12 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak; 1.13 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.14 bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak; 1.15 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk; 1.16 bouwgrens: de grens van een bouwvlak; 1.17 bouwlaag: een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder; 1.18 bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij
elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.19 bouwperceelgrens: de grens van een bouwperceel; 1.20 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten;
5/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
1.21 bouwwerk: een bouwkundige constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren; 1.22 dagrecreatie: recreatie in de open lucht uitsluitend gedurende een dagperiode op speciaal daarvoor ingerichte terreinen, zoals een wandelbos, wandelpark, strandbad, vis- en zwemvijvers, speel- en ligweide, speelterrein, kinderspeelplaats, dierenpark, volkstuinen of nutstuinen; 1.23 detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder zijn begrepen grootschalige detailhandel, volumineuze detailhandel, een tuincentrum en een supermarkt; 1.24 dienstverlenend bedrijf of dienstverlenende instelling: bedrijf of instelling waarvan de werkzaamheden bestaan uit het verlenen van diensten, waarbij, het publiek rechtstreeks al dan niet via een balie te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder zijn begrepen internetcafés, kapperszaken, schoonheidsinstituten, fotostudio's en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met
uitzondering van een garagebedrijf en een seksinrichting; 1.25 dienstverlening: het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij, het publiek rechtstreeks al dan niet via een balie te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder zijn begrepen internetcafés, kapperszaken, schoonheidsinstituten, fotostudio's en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met uitzondering van een garagebedrijf en een seksinrichting; 1.26 één bestemmingsvlak vormend: twee bestemmingsvlakken, welke ter plaatse van de aanduiding 'relatie' door de aangegeven relatie met elkaar verbonden zijn en daardoor aangemerkt worden als één bestemmingsvlak; 1.27 één perceel vormend: twee percelen, welke ter plaatse van de aanduiding 'relatie' door de aangegeven relatie met elkaar verbonden zijn en daardoor aangemerkt worden als één perceel; 1.28 eerste bouwlaag: de bouwlaag op de begane grond; 1.29 erf: al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct gelegen is bij een hoofdgebouw; 1.30 erftoegangsweg: een straat of weg waar de doorgaande functie van het verkeer niet meer primair is en waar aandacht kan worden gegeven aan snelheidsreducerende maatregelen;
6/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
1.31 erotisch getinte vermaaksfunctie: een vermaaksfunctie, welke is gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van porno-erotische aard, waaronder begrepen een seksbioscoop, een seksclub en een seksautomatenhal; 1.32 evenement of gebeurtenis in de openlucht: elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak in de open lucht; 1.33 extensieve dagrecreatie: recreatie in de open lucht uitsluitend gedurende een dagperiode, waarbij vooral het landschap of bepaalde delen ervan sterk beleefd worden, waarbij weinig of geen gebouwde voorzieningen nodig zijn en waarbij tevens in het algemeen het aantal recreanten per oppervlakte-eenheid beperkt is, zoals wandelen, fietsen, verpozen en natuur- en landschapsbeleving; 1.34 gebiedsontsluitingsweg: een straat of weg waar de doorgaande functie van het verkeer primair is en welke dient voor de ontsluiting van een gebied; 1.35 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.36 geluidsbelasting: de geluidsbelasting vanwege een industrieterrein, een spoorweg of een weg als bedoeld in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder; 1.37 geluidsgevoelige functies: ruimten binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon-, of eetkamer worden gebruikt of voor een zodanig gebruik zijn bestemd, alsmede een keuken van een woning
met een vloeroppervlakte van niet minder dan 11 m² en andere geluidsgevoelige functies als bedoeld in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder; 1.38 geluidsgevoelige gebouwen: gebouwen welke dienen ter bewoning of ten behoeve van een andere geluidsgevoelige functie als bedoeld in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder; 1.39 geluidszoneringsplichtige inrichting: een inrichting, bij welke ingevolge de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld; 1.40 groothandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, het verhuren en/of het leveren van goederen aan wederverkopers dan wel aan instellingen of personen ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit;
7/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
1.41 groothandelgebonden detailhandel: detailhandel, welke een geïntegreerd en ondergeschikt deel uitmaakt van een groothandelsbedrijf; 1.42 hogere grenswaarde: een maximum waarde voor de geluidsbelasting, die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde en die in een concreet geval kan worden vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder; 1.43 hoofdgebouw: een gebouw dat op een kavel door zijn ligging, constructie, afmetingen of functie als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken; 1.44 horeca: de bedrijfssector gericht op het verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het exploiteren van zaalaccommodatie en/of het verstrekken van nachtverblijf, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie, waaronder zijn begrepen een 'bed & breakfast', discotheek, feestzaal en partyboerderij, evenwel met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie; 1.45 horecabedrijf: een bedrijf, waar ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken worden verstrekt, zaalaccommodatie wordt geëxploiteerd en/of waarin nachtverblijf wordt verstrekt, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie, waaronder zijn begrepen een 'bed & breakfast', discotheek, feestzaal en partyboerderij, evenwel met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie; 1.46 inpandige statische opslag: het in een gebouw opslaan van goederen, die geen
regelmatige verplaatsing behoeven, zoals (antieke) auto's, boten en caravans. De opslag mag niet bestemd zijn voor de handel danwel worden opgeslagen voor een elders gevestigd bedrijf; 1.47 kantoor: een ruimte of complex van ruimten, welke dient voor het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder is begrepen congres- en vergaderaccommodatie; 1.48 kantoorgebouw: een gebouw, dat dient voor het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder is begrepen congresen vergaderaccommodatie; 1.49 kwetsbaar object: een object als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen; 1.50 landschapswaarden: de aan een gebied toegekende waarden, gekenmerkt door het waarneembare deel van het aardoppervlak, dat wordt bepaald door de onderlinge samenhang en beïnvloeding van niet-levende en levende natuur;
8/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
1.51 naar de weg toegekeerde grens van een bouwvlak: de naar de weg toegekeerde grens van een bouwvlak, waar de hoofdtoegang van het op dat bouwvlak gelegen hoofdgebouw is gelegen; 1.52 normaal onderhoud: werkzaamheden die regelmatig nodig zijn voor een goed beheer van de gronden en/of bouwwerken; 1.53 onderbouw: een doorlopend gedeelte van een gebouw dat wordt afgedekt door een vloer, waarvan de bovenkant minder dan 1,50 meter boven peil is gelegen; 1.54 onderhoudsdepot: een depot ten behoeve van het onderhoud van watergangen, waarbij het uit de watergangen afkomstig afvalmateriaal tijdelijk wordt opgeslagen; 1.55 onderkomen: een voor dag- en nachtverblijf van personen of dieren geschikte constructie; 1.56 openbaar toegankelijk gebied weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar water en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen voor langzaam verkeer; 1.57 openbare nutsvoorzieningen: voorzieningen ten behoeve van openbaar nut, zoals gas-, water-, elektriciteits- en communicatievoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de inzameling van afval; 1.58 opslag: het bewaren van goederen, materialen en stoffen zonder dat ter plaatse sprake is van productie, bewerking, verwerking, handel en/of
activiteiten van administratieve aard; 1.59 overig bouwwerk: een bouwkundige constructie van enige omvang, geen gebouw of bijbehorend bouwwerk zijnde; 1.60 pand: de kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is; 1.61 peil: a. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. indien in of op het water wordt gebouwd: het Normaal Amsterdams Peil (of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil);
9/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
1.62 perifere detailhandel: detailhandel, die ruimtelijk minder goed past in een stadscentrum of in woonwijken, waaronder verstaan wordt detailhandel in, onder andere: meubels, woninginrichtingsartikelen, keukens, sanitair, caravans, kampeerauto's, tenten, motorboten, zeilboten, roeiboten, kano's, planten, andere tuinartikelen, doe-het-zelf-artikelen en bouwmaterialen met bijbehorende artikelen, waarbij ondergeschikte detailhandel in accessoires en aanverwante kleine producten is toegestaan; 1.63 productiegebonden detailhandel: detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie; 1.64
prostitutie:
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.65 risicovolle inrichting: een inrichting, waarbij volgens het Besluit externe veiligheid inrichtingen een grenswaarde of richtwaarde voor het risico c.q. een risico-afstand moet worden aangehouden bij het in het bestemmingsplan toelaten van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten; 1.66 ruimtelijke kwaliteit: de kwaliteit gevormd door de evenwichtige samenhang tussen (openbare) ruimte en gebouwde elementen; 1.67 seksinrichting: een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden; onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.68 sociale veiligheid: de mogelijkheid om zich in een omgeving te kunnen bevinden zonder bedreigd te worden of het gevoel te hebben persoonlijk lastig te worden gevallen; 1.69 standplaats: het vanaf een vaste plaats op of aan de weg of op een andere voor het publiek toegankelijke en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen of het anderszins aanbieden van goederen of diensten,
al dan niet gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel, waarbij onder een standplaats niet worden verstaan vaste plaatsen op jaarmarkten of markten, vaste plaatsen op evenementen, vaste plaatsen op snuffelmarkten en een permanente voorziening in de vorm van een bouwwerk;
10/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
1.70 stedenbouwkundig beeld: het beeld dat wordt opgeroepen door het samengaan van gebouwde elementen, beplantingselementen en onbebouwde ruimten; 1.71 stroomweg: een straat of weg waar de doorgaande functie van het verkeer primair is en welke geschikt is voor snelle verplaatsingen over grotere afstanden; 1.72 terugliggende bouwlaag: gedeelte van een gebouw in de vorm van een bouwlaag voorzien van een plat dak en/ of een kap en waarvan het straatgerichte voorgevelvlak een afstand van ten minste 1 meter heeft ten opzichte van het daarmee corresponderende straatgerichte voorgevelvlak van de lager gelegen bouwlaag; 1.73 verkoopvloeroppervlakte: de voor het publiek zichtbare en toegankelijke (besloten) winkelruimte ten behoeve van de detailhandel; 1.74 verzorgend bedrijf: het verrichten van activiteiten welke bestaan uit het verlenen van diensten aan derden met of zonder rechtstreeks contact met het publiek en/of het te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, het verhuren en/of het leveren van goederen aan wederverkopers dan wel aan instellingen of personen ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit; 1.75 voorkeursgrenswaarde: de maximum waarde voor de geluidsbelasting, zoals deze rechtstreeks kan worden afgeleid uit de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder; 1.76 winkel: een gebouw, dat een ruimte omvat, welke door zijn indeling
kennelijk bedoeld is te worden gebruikt voor detailhandel;
11/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.2 de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.3 de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen als bedoeld in 2.9; 2.4 de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren en/of, bij het ontbreken van één of meerdere gevelvlakken, de buitenwerkse maar, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.5 de inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, dan wel tussen het maaiveld bij het ontbreken van een begane grondvloer, de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren en/of, bij het ontbreken van één of meer gevelvlakken, de buitenwerkse maat, en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.6 de horizontale bouwdiepte van een gebouw: de lengte van een gebouw, gemeten buitenwerks en loodrecht vanaf de naar de weg toegekeerde gevel; 2.7 de verticale bouwdiepte van een gebouw: de diepte van een gebouw, gemeten vanaf de onderzijde van de begane grondvloer; 2.8 de afstand tot de
naar de weg toegekeerde gevel van een gebouw: van enig punt van een bouwwerk tot de naar de weg toegekeerde gevel van dat gebouw. Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen blijven plinten, pilasters, dorpels, kozijnen, gevelversieringen, overstekende dakgoten en daken tot maximaal 0,5 meter buiten beschouwing; 2.9 ondergeschikte bouwdelen die buiten beschouwing gelaten moeten worden: a. Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen, als stoeptreden, ventilatiekanalen, schoorstenen, antennes, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons, daken buiten beschouwing gelaten, mits: 1. de overschrijding van aanduidingsgrenzen, bouwgrenzen dan wel bestemmingsgrenzen niet meer dan 1,30 meter bedraagt; 2. een erker aan een naar de weg toegekeerde gevel van een woning niet breder is dan 3/5 deel van de betreffende gevel. b. Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen blijven plinten, pilasters, dorpels, kozijnen, gevelversieringen, overstekende dakgoten en daken tot maximaal 0,5 meter buiten
12/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
beschouwing.
13/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Hoofdstuk 2 Artikel 3
3.1
Bestemmingsregels
Bedrijventerrein
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen ten behoeve van bedrijven die in de staat van bedrijfsactiviteiten voor bedrijventerreinen, welke als Bijlage 1 bij deze regels is opgenomen, zijn aangeduid als toelaatbaar; met uitzondering van: 1. zelfstandige kantoren, waarbij de bruto vloeroppervlakte van onzelfstandige kantoren niet meer dan 500 m² per bedrijf mag bedragen; 2. bedrijfswoningen; 3. risicovolle inrichtingen conform het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi); met daaraan ondergeschikt: b. wegen en paden met een inrichting hoofdzakelijk gericht op gemengd verkeer in een 50 kilometer gebied, waarbij kruisingen en T-aansluitingen van wegen niet minder dan 50 meter uit elkaar mogen liggen; c. parkeervoorzieningen; d. geluidwerende voorzieningen; e. openbare nutsvoorzieningen; f. infrastructurele voorzieningen; g. groenvoorzieningen; h. voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding; i. voorzieningen ten behoeve van de waterzuivering; met de daarbij behorende: j. terreinen; k. overige bouwwerken. 3.2
Bouwregels
3.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. de gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd; b. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mag de goothoogte en bouwhoogte in meters van een gebouw niet meer dan de aangegeven goothoogte en bouwhoogte bedragen en mag het bebouwingspercentage per perceel niet meer dan het aangegeven percentage bedragen; c. de afstand van een gebouw tot de zijdelingse of de van een weg afgekeerde perceelsgrens mag niet minder dan 3 meter bedragen; d. de onderlinge afstand tussen vrijstaande gebouwen mag niet minder dan 3 meter bedragen. 3.2.2
Overige bouwwerken
Voor het bouwen van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 1 meter bedragen, maar de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, indien: 1. op het erf of perceel al een gebouw staat, waarmee de erf- of perceelafscheiding in functionele relatie staat;
14/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
2. gebouwd wordt achter de naar de weg toegekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, niet genoemd onder a, mag niet meer dan 10 meter bedragen. 3.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend stedenbouwkundig beeld; b. de verkeersveiligheid; c. de mogelijkheid om in voldoende mate te kunnen parkeren; d. de sociale veiligheid; e. een goede milieusituatie; f. de bescherming van de groenstructuur; g. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 3.4
Afwijken van de bouwregels
3.4.1
Bevoegdheid
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: a. het bepaalde in artikel 3.2.1 onder a om toe te staan dat een gebouw gedeeltelijk buiten het bouwvlak wordt gebouwd, mits: 1. dit gedeelte niet breder is dan 1/3 deel van de betreffende gevel van het gebouw; 2. de bouwhoogte niet hoger is dan 6 meter; 3. de afstand tot de perceelsgrens niet minder dan 3 meter bedraagt; b. het bepaalde in artikel 3.2.1 onder b om toe te staan dat de bouwhoogte van een gebouw wordt vergroot met niet meer dan 5 meter; c. het bepaalde in artikel 3.2.1 onder c om toe te staan dat gebouwen op 2 aan elkaar grenzende percelen aaneen worden gebouwd; d. het bepaalde in artikel 3.2.2 onder b om toe te staan dat de bouwhoogte van een daar genoemd overig bouwwerk wordt vergroot tot niet meer dan 18 meter. 3.4.2
Voorwaarden
De in artikel 3.4.1 genoemde afwijkingen kunnen slechts worden toegestaan, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. het stedenbouwkundig beeld; b. de verkeersveiligheid; c. de parkeergelegenheid; d. de sociale veiligheid; e. de milieusituatie; f. de groenstructuur; g. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 3.5
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van andere bedrijven dan de bedrijven die zijn aangeduid als toelaatbaar binnen de staat van bedrijfsactiviteiten voor bedrijventerreinen, welke als een bijlage bij deze regels is opgenomen; b. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel of horeca;
15/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
c. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van zelfstandige kantoren; d. het gebruik van gronden en bouwwerken voor onzelfstandige kantoren met een grotere bruto vloeroppervlakte dan 500 m² per bedrijf; e. het gebruik van bouwwerken als bedrijfswoning; f. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting; g. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van risicovolle inrichtingen in de zin van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). 3.6
Afwijken van de gebruiksregels
3.6.1
Bevoegdheid
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: a. het verbod als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het bepaalde in artikel 3.5 onder a om bedrijven toe te staan die in de staat van bedrijfsactiviteiten voor bedrijventerreinen niet zijn vermeld dan wel op het betreffende perceel of gedeelte van het betreffende perceel niet als toelaatbaar zijn aangeduid, mits deze bedrijven wat betreft milieuhinder kunnen worden gelijkgesteld met de bedrijven die op het betreffende perceel wel als toelaatbaar zijn aangeduid; b. het verbod als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het bepaalde in artikel 3.5 onder b ten behoeve van detailhandel in: 1.
goederen voor zover het productiegebonden en/of groothandelgebonden detailhandel betreft in of vanuit een verkoopruimte met een vloeroppervlakte van ten hoogste 10 % van de bedrijfsvloeroppervlakte met een maximum van 100 m², waarbij als uitgangspunt geldt dat: de bedrijfsvoering zodanig dient te zijn opgezet dat aannemelijk kan worden gemaakt dat het bedrijf zich uitsluitend richt op zakelijke cliënten, waarbij met name zal worden gelet op het assortiment, de promotiestrategie en het toegangsbeleid; het feitelijk aandeel van de detailhandelsverkopen in de totale omzet van het bedrijf zo beperkt dient te zijn dat dit kan worden aangemerkt als een neveneffect van de bedrijfsactiviteiten; c. het verbod als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het bepaalde in artikel 3.5 onder d om voor onzelfstandige kantoren een grotere bruto vloeroppervlakte per bedrijf toe te staan, mits de noodzaak voor het betreffende bedrijf voldoende aannemelijk kan worden gemaakt. 3.6.2
Voorwaarden
De in artikel 3.6.1 genoemde afwijkingen kunnen slechts worden toegestaan, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. het stedenbouwkundig beeld; b. de verkeersveiligheid; c. de parkeergelegenheid; d. de sociale veiligheid; e. de milieusituatie; f. de groenstructuur; g. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
16/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 4
4.1
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. voetpaden, fietspaden en fiets/bromfietspaden; c. speelvoorzieningen; d. water; met daaraan ondergeschikt: e. maatschappelijke voorzieningen; f. sport; g. recreatief medegebruik in de vorm van dagrecreatie h. educatief gebruik; i. nutstuinen; j. (voorzieningen ten behoeve van) beeldende kunst; k. geluidwerende voorzieningen; l. openbare nutsvoorzieningen; m. infrastructurele voorzieningen; met de daarbij behorende: n. bebouwing. 4.2
Bouwregels
4.2.1
Andere gebouwen dan tunnels
Voor het bouwen van andere gebouwen dan tunnels gelden de volgende regels: a. de oppervlakte van een gebouw mag niet meer dan 50 m² bedragen; b. de goothoogte van een gebouw mag niet meer dan 3 meter bedragen; c. de bouwhoogte van een gebouw mag niet meer dan 6 meter bedragen. 4.2.2
Overige bouwwerken
Voor het bouwen van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 1 meter bedragen, maar de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, indien: 1. op het erf of perceel al een gebouw staat, waarmee de erf- of perceelafscheiding in functionele relatie staat; 2. gebouwd wordt achter de naar de weg toegekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken , niet genoemd onder a, mag niet meer dan 10 meter bedragen. 4.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend stedenbouwkundig beeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de sociale veiligheid; e. een goede milieusituatie; 17/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
f. de bescherming van de groenstructuur; g. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 4.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting.
18/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 5
5.1
Natuur
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de natuur- en landschapswaarden van de gronden; met daaraan ondergeschikt: b. wegen en paden; c. parkeervoorzieningen d. geluidwerende voorzieningen; e. openbare nutsvoorzieningen; f. infrastructurele voorzieningen; g. groenvoorzieningen; h. agrarisch medegebruik; i. recreatief medegebruik in de vorm van extensieve dagrecreatie; j. educatief medegebruik; k. waterhuishoudkundige voorzieningen; l. sloten, beken en daarmee gelijk te stellen waterlopen; met de daarbij behorende: m. bebouwing. 5.2
Bouwregels
5.2.1
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen andere gebouwen worden gebouwd dan vogelobservatieposten, mits de hoogte niet meer dan 4 meter bedraagt. 5.2.2
Overige bouwwerken
Voor het bouwen van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, niet genoemd onder a, mag niet meer dan 4 meter bedragen. 5.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend stedenbouwkundig beeld; b. de verkeersveiligheid; c. de mogelijkheid om in voldoende mate te kunnen parkeren; d. de sociale veiligheid; e. een goede milieusituatie; f. het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de natuur- en landschapswaarden van de gronden; g. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 5.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend:
19/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor militaire oefening; b. het gebruik van gronden voor agrarische doeleinden anders dan het gebruik als grasland, of het gebruik voor de griend-, riet-, en biezencultuur; c. het gebruik van gronden voor het beproeven van motorvoertuigen, het beoefenen van de motorsport en de modelvliegsport en voor het houden van wedstrijden met motorschepen; d. het gebruik van gronden als ligplaats gedurende 2 of meer etmalen achtereen tussen zonsopgang en zonsondergang voor schepen; e. het gebruik van gronden buiten daarvoor als zodanig aangelegde terreinen voor sport-, wedstrijd- en speelterrein, parkeerterrein, lig- en speelstrand en zwemgelegenheid; f. het gebruik van gronden voor de opslag van grond en bodemspecie; g. het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen. 5.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.5.1
Verboden werkzaamheden
Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanplanten of verwijderen van bossen en houtopstanden al dan niet ten behoeve van houtteelt; b. het aanleggen van verharde en halfverharde wegen en paden; c. het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen dan genoemd onder b met een oppervlakte van meer dan 15 m²; d. het ontgronden, afgraven, ophogen, egaliseren of diepploegen van gronden over een oppervlakte groter dan 15 m²; e. het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het recreatief medegebruik; f. het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het educatief medegebruik; g. het wijzigen van de grondsamenstelling of het aanbrengen van voorzieningen, waaronder afschermende materialen, ten behoeve van de aanleg van rijbakken; h. het scheuren van grasland; i. het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur met uitzondering van het aanbrengen van leidingen uitsluitend ten behoeve van de aansluiting van gebouwen op het openbare voorzieningennet; j. het aanbrengen dan wel wijzigen van drainagesystemen; k. het graven, vergraven of dempen, verdiepen of verbreden van watergangen, vijvers en poelen; l. het aanbrengen van oeverbeschoeiingen, kaden, dijken, dammen en vonders; m.
het aanleggen van ligplaatsen voor schepen. 5.5.2
Toegestane werkzaamheden
Het in artikel 5.5.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud betreffen; b. worden uitgevoerd krachtens een in het kader van de Wet natuurbescherming vastgesteld beheerplan; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. 5.5.3
Voorwaarden
De in artikel 5.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, mits: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel of de ontwikkeling van de natuur- en landschapswaarden van de gronden; b. geen sprake is van significant verstorende effecten op de waarde van het gebied, indien er sprake is van een Natura-2000 gebied als bedoeld in de Wet natuurbescherming.
20/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 6
6.1
Verkeer
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebiedsontsluitingswegen; b. voetpaden, fietspaden en fiets/bromfietspaden; met een inrichting hoofdzakelijk gericht op de afwikkeling van het doorgaande verkeer met: c. 1 rijbaan met 2 rijstroken met waar nodig in- en uitvoegstroken op ....; d. 2 rijbanen elk met 1 tot 2 rijstroken met waar nodig in- en uitvoegstroken; e. 2 rijbanen elk met 2 rijstroken met waar nodig in- en uitvoegstroken op ....; met daaraan ondergeschikt: f. parkeervoorzieningen; g. voorzieningen ten behoeve van beeldende kunst; h. geluidwerende voorzieningen; i. openbare nutsvoorzieningen; j. infrastructurele voorzieningen; k. groenvoorzieningen; l. water; met de daarbij behorende: m. bebouwing. 6.2
Bouwregels
6.2.1
Andere gebouwen dan tunnels
Voor het bouwen van andere gebouwen dan tunnels gelden de volgende regels: a. de oppervlakte van een gebouw mag niet meer dan 50 m² bedragen; b. de goothoogte van een gebouw mag niet meer dan 3 meter bedragen; c. de bouwhoogte van een gebouw mag niet meer dan 6 meter bedragen. 6.2.2
Overige bouwwerken
Voor het bouwen van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 1 meter bedragen, maar de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, indien: 1. op het erf of perceel al een gebouw staat, waarmee de erf- of perceelafscheiding in functionele relatie staat; 2. gebouwd wordt achter de naar de weg toegekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, niet genoemd onder a, mag niet meer dan 10 meter bedragen. 6.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend stedenbouwkundig beeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de mogelijkheid om in voldoende mate te kunnen parkeren;
21/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
e. f. g. h. 6.4
de sociale veiligheid; een goede milieusituatie; de bescherming van de groenstructuur; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting.
22/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 7
7.1
Water
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. waterberging; b. waterhuishouding; c. waterlopen; d. scheepvaart; met daaraan ondergeschikt: e. woonschepenligplaatsen; f. oeververbindingen; g. groenvoorzieningen; h. openbare nutsvoorzieningen; i. infrastructurele voorzieningen; met de daarbij behorende: j. bebouwing, waaronder bruggen en dammen met duikers. 7.2
Bouwregels
7.2.1
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen met uitzondering van tunnels geen gebouwen worden gebouwd. 7.2.2
Overige bouwwerken
Voor het bouwen van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van een brug mag niet meer dan 10 meter bedragen; b. de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 1 meter bedragen, maar de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, indien: 1. op het erf of perceel al een gebouw staat, waarmee de erf- of perceelafscheiding in functionele relatie staat; 2. gebouwd wordt achter de naar de weg toegekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, niet genoemd onder a en b, mag niet meer dan 3 meter bedragen. 7.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend stedenbouwkundig beeld; b. de verkeersveiligheid; c. de sociale veiligheid; d. een goede milieusituatie; e. de bescherming van de groenstructuur; f. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
23/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
7.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden als dam zonder duiker; b. het gebruik voor woonschepenligplaatsen behalve ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats'; c. het gebruik voor woonschepenligplaatsen voor een groter aantal ligplaatsen dan het ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal woonschepenligplaatsen' aangegeven aantal; d. het gebruik van gronden, bouwwerken en woonschepen ten behoeve van een seksinrichting.
24/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 8
8.1
Leiding - Gas
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. het ondergrondse transport van gas door een hoge druk aardgastransportleiding; met de daarbij behorende: b. overige bouwwerken. 8.2
Bouwregels
8.2.1
Algemeen
In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mag op of in deze gronden niet anders worden gebouwd dan ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Gas'. 8.2.2
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' worden gebouwd. 8.2.3
Overige bouwwerken
De bouwhoogte van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' mag niet meer dan 2 meter bedragen. 8.3
Afwijken van de bouwregels
8.3.1
Bevoegdheid
Bij een omgevingsvergunning wordt afgeweken van het bepaalde in artikel 8.2.1 om toe te staan dat bouwwerken worden gebouwd, welke toelaatbaar zijn op grond van het bepaalde in de andere bestemmingen. 8.3.2
Voorwaarden
De in artikel 8.3.1 genoemde afwijking wordt toegestaan, mits: a. geen aantasting plaatsvindt van het doelmatig en veilig functioneren van de ondergrondse hoge druk aardgastransportleiding; b. de veiligheid van mens, dier en goederen niet in gevaar wordt gebracht; c. geen kwetsbaar object wordt toegelaten; d. vooraf advies is ingewonnen van de betrokken leidingbeheerder. 8.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend: a. een gebruik dat geen rekening houdt met de goede werking van de ondergrondse hoge druk aardgastransportleiding en de risico's die ermee verbonden zijn; b. de permanente opslag van goederen, waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen.
25/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
8.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.5.1
Verboden werkzaamheden
Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanbrengen of verwijderen van bomen of andere beplantingen, welke diep wortelen, waaronder rietbeplanting; b. het afgraven of ophogen van gronden; c. het verrichten van grondroeractiviteiten, zoals het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage, anders dan normaal spit- en ploegwerk; d. het diepploegen; e. het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; f. het plaatsen van onroerende objecten, zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; g. het uitvoeren van heiwerken of het anderszins in de bodem drijven van voorwerpen; h. het aanbrengen van een gesloten verharding. 8.5.2
Toegestane werkzaamheden
Het in artikel 8.5.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud betreffen; b. voorkomen op de beplantingslijst van de leidingbeheerder; c. mechanisch worden uitgevoerd en daarmee vallen onder de werking van de Wet informatie-uitwisseling boven- en ondergrondse netten; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. 8.5.3
Voorwaarden
De in artikel 8.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, mits: a. geen afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de ondergrondse hoge druk aardgastransportleiding; b. de veiligheid van mens, dier en goederen niet in gevaar wordt gebracht; c. geen kwetsbaar object wordt toegelaten; d. vooraf advies is ingewonnen van de betrokken leidingbeheerder.
26/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 9
9.1
Leiding - Hoogspanningsverbinding
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. het bovengrondse transport van elektrische energie door een hoogspanningsleiding, daarbij inbegrepen de aanleg, het beheer en het onderhoud van de hoogspanningsverbinding; ; met de daarbij behorende: b. overige bouwwerken. 9.2
Bouwregels
9.2.1
Algemeen
In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mag op of in deze gronden niet anders worden gebouwd dan ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding'. 9.2.2
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding Hoogspanningsverbinding' worden gebouwd. 9.2.3
Overige bouwwerken
Voor het bouwen van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen dan 2 meter bedragen. b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, niet genoemd onder a, mag niet meer dan 65 meter bedragen. 9.3
Afwijken van de bouwregels
9.3.1
Bevoegdheid
Bij een omgevingsvergunning wordt afgeweken van het bepaalde in artikel 9.2.1 om toe te staan dat bouwwerken worden gebouwd, welke toelaatbaar zijn op grond van het bepaalde in de andere bestemmingen. 9.3.2
Voorwaarden
De in artikel 9.3.1 genoemde afwijking wordt toegestaan, mits: a. geen aantasting plaatsvindt van het doelmatig en veilig functioneren van de bovengrondse hoogspanningsleiding; b. de veiligheid van mens, dier en goederen niet in gevaar wordt gebracht; c. vooraf schriftelijk advies is ingewonnen van de betrokken leidingbeheerder. 9.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend: a. een gebruik dat geen rekening houdt met de goede werking van de bovengrondse
27/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
hoogspanningsleiding en de risico's die ermee verbonden zijn; b. het hebben van beplantingen die door hun hoogte de goede werking van de bovengrondse hoogspanningsleiding in gevaar kunnen brengen. 9.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 9.5.1
Verboden werkzaamheden
Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanbrengen van beplanting en bomen; b. het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; c. het in de bodem drijven van voorwerpen; d. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, ontginnen en ophogen; e. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; f. het permanent opslaan van goederen. 9.5.2
Toegestane werkzaamheden
Het in artikel 9.5.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. verband houden met de aanleg van de betreffende bovengrondse hoogspanningsverbinding; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; c. het normale onderhoud ten aanzien van de verbinding en belemmerde strook of ten aanzien van de functies van de andere voorkomende bestemmingen betreffen. 9.5.3
Voorwaarden
De in artikel 9.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, mits: a. geen afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de bovengrondse hoogspanningsverbinding; b. de veiligheid van mens, dier en goederen niet in gevaar wordt gebracht; c. vooraf schriftelijk advies is ingewonnen van de betrokken leidingbeheerder.
28/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 10
10.1
Leiding - Water
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. het ondergrondse transport van water door een hoofdwaterleiding; met de daarbij behorende: b. overige bouwwerken. 10.2
Bouwregels
10.2.1 Algemeen In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mag op of in deze gronden niet anders worden gebouwd dan ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Water'. 10.2.2 Gebouwen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Water' worden gebouwd. 10.2.3 Overige bouwwerken De bouwhoogte van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Water' mag niet meer dan 2 meter bedragen. 10.3
Afwijken van de bouwregels
10.3.1 Bevoegdheid Bij een omgevingsvergunning wordt afgeweken van het bepaalde in artikel 10.2.1 om toe te staan dat bouwwerken worden gebouwd, welke toelaatbaar zijn op grond van het bepaalde in de andere bestemmingen. 10.3.2 Voorwaarden De in artikel 10.3.1 genoemde afwijking wordt toegestaan, mits: a. geen aantasting plaatsvindt van het doelmatig en veilig functioneren van de ondergrondse waterleiding; b. de veiligheid van mens, dier en goederen niet in gevaar wordt gebracht; c. vooraf advies is ingewonnen van de betrokken leidingbeheerder. 10.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend: a. een gebruik dat geen rekening houdt met de goede werking van de ondergrondse waterleiding en de risico's die ermee verbonden zijn; b. de permanente opslag van goederen.
29/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
10.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 10.5.1 Verboden werkzaamheden Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanbrengen of verwijderen van bomen of andere beplantingen, welke diep wortelen; b. het afgraven of ophogen van gronden; c. het uitvoeren van heiwerken of het anderszins in de bodem drijven van voorwerpen; d. het aanbrengen van een gesloten verharding. 10.5.2 Toegestane werkzaamheden Het in artikel 10.5.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud betreffen; b. mechanisch worden uitgevoerd en daarmee vallen onder de werking van de Wet informatie-uitwisseling boven- en ondergrondse netten; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; d. noodzakelijk zijn in verband met het beheer van de gronden ten behoeve van de drinkwatervoorziening. 10.5.3 Voorwaarden De in artikel 10.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, mits: a. geen afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de ondergrondse waterleiding; b. de veiligheid van mens, dier en goederen niet in gevaar wordt gebracht; c. vooraf advies is ingewonnen van de betrokken leidingbeheerder.
30/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 11
11.1
Waterstaat - Waterberging
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waterstaat - Waterberging' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. de waterberging; b. de waterhuishouding; met daaraan ondergeschikt: c. dijken en kaden; d. uiterwaarden; e. bergingsvijvers; f. wegen en paden; g. parkeervoorzieningen; met de daarbij behorende: h. overige bouwwerken. 11.2
Bouwregels
11.2.1 Algemeen In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mag op of in deze gronden niet anders worden gebouwd dan ten behoeve van de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterberging'. 11.2.2 Gebouwen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen ten behoeve van de dubbelbestemming 'Waterstaat Waterberging' worden gebouwd. 11.2.3 Overige bouwwerken Voor het bouwen van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 ten behoeve van de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterberging' gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 1 meter bedragen, maar de bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, indien: 1. op het erf of perceel al een gebouw staat, waarmee de erf- of perceelafscheiding in functionele relatie staat; 2. gebouwd wordt achter de naar de weg toegekeerde gevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, niet genoemd onder a, mag niet meer dan 4 meter bedragen. 11.3
Afwijken van de bouwregels
11.3.1 Bevoegdheid Bij een omgevingsvergunning wordt afgeweken van het bepaalde in artikel 11.2.1 om toe te staan dat bouwwerken worden gebouwd, welke toelaatbaar zijn op grond van het bepaalde in de andere bestemmingen.
31/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
11.3.2 Voorwaarden De in artikel 11.3.1 genoemde afwijking wordt toegestaan, mits: a. geen afbreuk wordt gedaan aan de belangen van de waterberging en waterhuishouding als omschreven in artikel 11.1; b. vooraf advies is ingewonnen van de betrokken waterbeheerder. 11.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval gerekend een gebruik ten behoeve van een andere bestemming, waardoor een onevenredige afbreuk aan de belangen van de waterberging en de waterhuishouding als omschreven in artikel 11.1 wordt gedaan. 11.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 11.5.1 Niet voor Waterstaat - Waterberging Indien en voor zover deze gronden samenvallen met gronden, waarvoor in een andere bestemming een omgevingsvergunning vereist is voor een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden, geldt dat de daarin genoemde werken of werkzaamheden, voor zover deze althans niet worden uitgevoerd ter realisering of instandhouding van de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterberging', uitsluitend toelaatbaar zijn, mits: a. door die werken of werkzaamheden tevens geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waterstaatsbelangen als omschreven in artikel 11.1; b. vooraf advies is ingewonnen van de betrokken waterstaatsbeheerder.
11.5.2 Voor Waterstaat - Waterberging Indien en voor zover deze gronden samenvallen met gronden, waarvoor in een andere bestemming een omgevingsvergunning vereist is voor een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden, geldt dat de daarin genoemde werken of werkzaamheden, voor zover deze althans worden uitgevoerd ter realisering of instandhouding van de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterberging', uitsluitend toelaatbaar zijn, mits door die werken of werkzaamheden, geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan één of meer van de in de doeleindenomschrijving voor die gronden genoemde functies en waarden, met dien verstande dat geen omgevingsvergunning is vereist voor werken of werkzaamheden met betrekking tot het aanbrengen van bebakeningvoorwerpen en waterstandsignalerende apparatuur.
32/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Hoofdstuk 3
Artikel 12
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
33/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 13
13.1
Algemene aanduidingsregels geluidzone - industrie 1
Aanduidingsomschrijving
a. Ter plaatse van de aanduiding 'geluidzone - industrie 1' zijn de gronden, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede aangewezen voor het tegengaan van een te hoge geluidsbelasting van geluidsgevoelige gebouwen vanwege het industrieterrein Hessenpoort, omdat op dit industrieterrein geluidszoneringsplichtige inrichtingen zijn toegestaan. b. Voor zover de grens van de aanduiding 'geluidzone - industrie 1' niet samenvalt met de plangrens mag de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein Hessenpoort buiten deze grens en buiten het industrieterrein, zoals bedoeld in de Wet geluidhinder, de waarde van 50 dB(A) niet te boven gaan.
34/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 14
14.1
Algemene aanduidingsregels geluidzone - industrie 2
Aanduidingsomschrijving
a. Ter plaatse van de aanduiding 'geluidzone - industrie 2' zijn de gronden, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede aangewezen voor het tegengaan van een te hoge geluidsbelasting van geluidsgevoelige gebouwen vanwege het verdeel- en schakelstation Hessenpoort, omdat op dit industrieterrein geluidszoneringsplichtige inrichtingen zijn toegestaan. b. Voor zover de grens van de aanduiding 'geluidzone - industrie 2' niet samenvalt met de plangrens mag de geluidsbelasting vanwege het verdeel- en schakelstation Hessenpoort buiten deze grens en buiten het industrieterrein, zoals bedoeld in de Wet geluidhinder, de waarde van 50 dB(A) niet te boven gaan.
35/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 15
15.1
Algemene aanduidingsregels luchtvaartverkeerzone
Aanduidingsomschrijving
Ter plaatse van de aanduiding 'luchtvaartverkeerzone' zijn de gronden, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede aangewezen voor militaire zaken in de vorm van een militaire laagvliegroute, waar in afwijking van de algemene minimum vlieghoogte van 300 meter door militaire vliegtuigen mag worden gevlogen op een hoogte van minimaal 75 meter boven obstakels met een navigatietolerantie van 1853 meter aan weerszijden van de as van de route. 15.2
Bouwregels
De bouwhoogte van bouwwerken, welke toelaatbaar zijn op grond van het bepaalde in de binnen deze gebiedsaanduiding voorkomende bestemmingen, mag onverminderd het bepaalde in deze bestemmingen niet meer bedragen dan 40 meter met uitzondering van hoogspanningsmasten die op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan aanwezig zijn en hoger zijn dan 40 meter. Voor deze masten geldt de bestaande hoogte als maximum. 15.3
Afwijken van de bouwregels
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 15.2 voor de bouw van hoogspanningsmasten, die op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan niet aanwezig zijn, mits: 1. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 65 meter; 2. uit een beoordeling van het Ministerie van Defensie is gebleken dat hiertegen uit het oogpunt van vliegveiligheid geen bezwaar bestaat.
36/44
10 januari 2023 bestemmingsplan Hessenpoort 3
Artikel 16
Algemene afwijkingsregels
16.1 Algemene afwijking van het algemeen geldende gebruiksverbod van artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Bij een omgevingsvergunning wordt afgeweken van het verbod als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik, welke beperking niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd. 16.2
Algemene afwijkingsbevoegdheid
Bij een omgevingsvergunning kan in dit plan of in een wijzigingsplan of uitwerkingsplan afgeweken worden van: a. de bij recht in de regels gegeven aantallen, maten, afmetingen en percentages tot niet meer dan 10% van die aantallen, maten, afmetingen en percentages voor zover er geen specifieke afwijkingsmogelijkheid in deze regels van toepassing is; b. de bestemmingsregels om toe te staan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid of verkeersintensiteit daartoe aanleiding geven; c. de bestemmingsregels om toe te staan dat aanduidingsgrenzen, bouwgrenzen dan wel bestemmingsgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; d. de bestemmingsregels ten aanzien van de maximum bouwhoogte van erf- of perceelafscheidingen om toe te staan dat de bouwhoogte wordt vergroot in het belang van het af te scheiden erf of het af te scheiden perceel; e. de bestemmingsregels ten aanzien van de maximum bouwhoogte van overige bouwwerken als bedoeld in artikel 1.59 om toe te staan dat de bouwhoogte van overige bouwwerken ten behoeve van kunstwerken en ten behoeve van zend-, ontvang- of sirenemasten, wordt vergroot tot niet meer dan 40,00 meter; f.