D66 - Juridische gevolgen en kansen motie Mooiman
Tekst van het document
Vragen ex. artikel 45 juridische gevolgen en kansen motie Mooiman Zwolle, 10 juli 2025 Geacht college van burgemeester en wethouders, Aan het college van burgemeester en wethouders. Op maandag 1 juli 2025 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het amendement Mooiman (nr. 30) op het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting. Dit amendement regelt dat statushouders niet langer in aanmerking mogen komen voor urgentie op grond van de Huisvestingswet. Concreet wordt met dit amendement wettelijk vastgelegd dat gemeenten statushouders niet langer als urgent woningzoekenden kunnen aanwijzen. Daarmee wordt de bestaande praktijk, waarin gemeenten statushouders via urgentie helpen voldoen aan de landelijke taakstelling voor huisvesting, ingrijpend beperkt. Op donderdag 3 juli jl. werd het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting als geheel aangenomen in de Tweede Kamer, en naar verwachting zal het in het najaar van 2025 in de Eerste Kamer worden behandeld. Het aannemen van het Wetsvoorstel, inclusief het amendement zal directe gevolgen hebben voor de manier waarop gemeenten — waaronder Zwolle — uitvoering kunnen geven aan hun wettelijke taakstelling voor de huisvesting van statushouders.
Daarbij zijn gemeenten gehouden aan de Spreidingswet (en de wettelijke taakstelling huisvesting statushouders), welke tot doel heeft asielzoekers eerlijker over Nederland te verdelen en te zorgen voor voldoende opvangplekken. In de praktijk kan dit leiden tot onwenselijke situaties. Want zodra een asielzoeker een verblijfsvergunning heeft en statushouder wordt - en dus vastgesteld legaal in Nederland mogen verblijven en hun bestaan op mogen bouwen - dient hij of zij uit te stromen. Maar omdat zij geen woning hebben, zou dat betekenen dat zij dakloos worden. Een ongewenste situatie. De fractie van D66 Zwolle maakt zich zorgen over de (juridische) gevolgen en uitvoeringsruimte die deze wijziging overlaat aan gemeenten. Wij hechten aan een humaan en effectief asiel- en integratiebeleid en zien huisvesting als een cruciale voorwaarde voor succesvolle inburgering en maatschappelijke participatie. Dat brengt de fractie van D66 tot de volgende vragen aan het college: 1. Is het college het met D66 eens dat met het aannemen van het aangepaste wetsvoorstel een onwenselijke situatie is ontstaan en het voor gemeenten onmogelijk is uitvoering te geven humaan beleid te voeren? 2. Is het college het met D66 eens dat de aanpassing van de wet kan leiden tot ongewenste situaties waarbij gelijke gevallen ongelijk behandeld worden, bijvoorbeeld wanneer een statushouder o.b.v.
gemeentelijke gronden recht heeft op urgentie voor een sociale huurwoning,
3. 4. 5. 6.
7.
maar deze niet mag worden toegewezen (en daarmee feitelijk haaks staat op artikel 1 van de Grondwet)? Is het college het met D66 eens dat het amendement strijdig is met de gemeentelijke taak om uitvoering te geven aan de taakstelling van het huisvesten van statushouders? Is het college voornemens de bepaling (intrekken urgentie voor statushouders) uit de nieuwe wet uit te gaan voeren? Is het college het met D66 eens dat amendement ‘Mooiman’ geen oplossing is voor de woningnood die Zwollenaren ervaren? Is het college bereid om andere (juridische) mogelijkheden te onderzoeken om statushouders urgentie te verlenen door bijvoorbeeld een categorie in de huisvestingsverordening toe te voegen waar statushouders onder vallen, zodat de gemeente kan blijven voldoen aan de taakstelling huisvesting statushouders? Is het college bereid tegen deze wet en dit amendement te lobbyen? Is het college bereid zich in de regio en bij de VNG te verenigen in deze lobby, gezien de urgentie van de zaak?
D66 Zwolle Marco van Driel Lizet Klein Nagelvoort