Coalitieakkoord Zwolle 2026-2030 Bouwen op Zwolse kracht
Tekst van het document
We vinden het belangrijk dat de energietransitie haalbaar en betaalbaar blijft voor inwoners en ondernemers. Daarom hebben we nadrukkelijk oog voor huishoudens bij wie de energielasten zwaar op het budget drukken. Tegelijk zien we lokale initiatieven als onmisbaar voor draagvlak en innovatie en stimuleren we betrokkenheid en lokaal eigendom.
.
. .
Wat we concreet gaan doen Vanuit het belang van snelheid en effectiviteit blijven we investeren in energiebesparing en isolatie.
26
We vergroten de productie van duurzame energie, met inzet op elektriciteitsopwek (zoals zon en wind), warmtenetten, groen gas en energieopslag als onderdelen van een robuust en toekomstbestendig energiesysteem. Om de druk op het elektriciteitsnet te verlagen, maken we het energiesysteem slimmer, efficiënter en toekomstbestendiger door te werken aan netbalanswijken, waarin vraag en aanbod van energie beter op elkaar worden afgestemd. We bieden ruimte voor innovatie in laadinfrastructuur, zoals laadpunten en laadpleinen, en zetten sterker in op slimme laadoplossingen die bijdragen aan een efficiënter gebruik van het energienet. We ontwikkelen laadmogelijkheden binnen mobiliteitshubs, waar duurzame mobiliteit, energie en opslag samenkomen. We geven uitvoering aan het Zwolse warmteprogramma en zetten daarbij in op het publieke warmtebedrijf, waarbij we actief samenwerken met publieke en private partners. Om te zorgen dat nieuwe woningen, scholen en bedrijven aangesloten kunnen worden, sturen we actief op de ontwikkeling van energie-infrastructuur, zodat voldoende capaciteit beschikbaar komt op de plekken waar Zwolle groeit en de stad niet stagneert. We blijven lokale initiatieven ondersteunen en stimuleren lokaal eigendom, onder andere via het beleidskader voor wind- en zonne-energie.
We zetten de ondersteuning voort voor huishoudens die moeite hebben met het betalen van de energierekening, onder meer via een vervolg op de aanpak ‘Warm Thuis’. We bouwen de financiën voor deze aanpak af, omdat we de aanpak meer willen normaliseren. Daarbij kijken we voor de ondersteuningsmogelijkheden naar wat de markt kan bieden. We ontwikkelen het Zwols Energiehuis, waar partners samenwerken om inwoners integraal te ondersteunen bij energiebesparing, verduurzaming en het verlagen van energielasten. We investeren in de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed. Daarbij geven we prioriteit aan maatregelen die bijdragen aan energiebesparing, kostenreductie en uitvoerbaarheid.
. .
Grondstoffen en afval Wat we belangrijk vinden Zwolle wil zorgvuldig omgaan met grondstoffen en afval zoveel mogelijk voorkomen. We zien afval steeds minder als restproduct en steeds meer als grondstof die opnieuw kan worden gebruikt. Op die manier dragen we bij aan een circulaire economie en een duurzame stad. We willen het inwoners zo makkelijk mogelijk maken om afval goed te scheiden. De afgelopen jaren hebben Zwollenaren goede stappen gezet in het verminderen van restafval binnen het huidige systeem. Tegelijk zien we dat de manier waarop we afval inzamelen en scheiden voor inwoners en ondernemers soms ingewikkeld of lastig kan zijn. Daarom kijken we hoe we het systeem beter en gebruiksvriendelijker kunnen maken. We verbeteren bijvoorbeeld de dienstverlening rond afvalinzameling door het verruimen van de openingstijden van de ROVA. Zo maken we het voor inwoners makkelijker om afval weg te brengen. In de wijken of gebieden waar we zien dat knelpunten ontstaan door bijplaatsingen of vervuiling willen we inzicht in waarom dit gebeurt, zodat we hier gericht maatregelen voor kunnen nemen. Daarnaast willen we circulariteit verder versterken. Dit doen we door hergebruik en reparatie te stimuleren en minder verspilling te veroorzaken, ook in de eigen organisatie.
. . .
Wat we concreet gaan doen We onderzoeken verbeteringen in het systeem om het scheiden van afval makkelijker te maken. Hierbij kijken we onder andere naar gebruik van inzamelmiddelen, GRIP-wagens en frequentie van ophalen. We willen bijplaatsingen en vervuiling in wijken voorkomen, bijvoorbeeld met extra toezicht en maatwerk in wijken waar dit speelt. We verbeteren de dienstverlening door ruimere openingstijden van de ROVA. We gaan samen met de ROVA onderzoeken op welke dagdelen dit het meest effectief is, met een voorkeur voor de zaterdag en een doordeweekse avond. We verbeteren samen met de ROVA en andere partners onze dienstverlening en werkwijze.
27
We werken samen met ondernemers verder aan mogelijkheden om hun grondstofstromen ook gescheiden te kunnen aanbieden. We stimuleren hergebruik en reparatie door initiatieven zoals repaircafés en circulaire ondernemers te ondersteunen.
4. Een toekomstbestendige economie en bereikbaarheid
We kiezen voor een toekomstbestendige economie en bereikbaarheid. We willen ook in de toekomst zorgen dat Zwolle die krachtige stad blijft. Dat vraagt wat van de ontwikkeling van onze economie en hoe we onze stad én regio bereikbaar en toegankelijk houden. Om ook op langere termijn onze brede welvaart te kunnen behouden en vorm te kunnen geven aan een duurzame en inclusieve economie, versterken we onze inzet voor de economie van Zwolle en de regio. We willen zorgen dat de arbeidsproductiviteit verhoogt en zetten in op investeren in leven lang ontwikkelen samen met onderwijspartners. We hebben alle talenten nodig om dit te bereiken, dus blijven we inzetten op de arbeidsmarkt- en humancapital-aanpak. Voor knooppunt Zwolle is goede bereikbaarheid van groot belang voor een bereikbare en gastvrije stad en regio. Mobiliteit is daarom een essentiële voorwaarde voor de bouw van woningen, een prettige leefomgeving, een sterke economie en een gastvrije stad.
Economie, arbeidsmarkt en onderwijs Wat we belangrijk vinden Een vitale economie is een van de belangrijke pijlers die de basis vormt voor de brede welvaart die zo kenmerkend is voor onze regio. Ondernemers tonen lef, willen vooruit en zetten zich vaak in voor dezelfde doelen als de gemeente. Daarom wil de gemeente een betrouwbare samenwerkingspartner voor hen zijn. We willen een aantrekkelijk ondernemersklimaat stimuleren door overbodige regels te schrappen, nieuwe ontwikkelingen en innovatieve doorbraken mogelijk te maken en samen kansen voor onze brede welvaart te verzilveren. We zijn blij dat ondernemers en bedrijven werkgelegenheid creëren, betrokken zijn bij maatschappelijke opgaven en vormgeven aan de transitie naar een duurzame toekomst en inclusieve samenwerking. De Zwolse economie draait goed als ook de regionale economie sterk is. De strategische ligging als scharnierpunt tussen West- en Noordoost-Nederland en langs de Europese North Sea-Baltic corridor, maakt onze regio al sinds de Hanzetijd
29
een aantrekkelijke vestigingslocatie. Ons regionale economisch ecosysteem wordt verder gekenmerkt door vakmanschap, ondernemerschap, sterke familiebedrijven en een breed onderwijsaanbod. De economie in Regio Zwolle is de afgelopen decennia dan ook krachtig en schokbestendig gebleken. We zien echter ook dat bedrijven in Zwolle en de regio gemiddeld een lagere productiviteitsgroei kennen en minder zijn voorbereid op de grote transities van deze tijd. Schaarste in ruimte, arbeid, energie en grondstoffen maken dat bedrijven geremd worden in hun ontwikkeling.
De krapte op de arbeidsmarkt zal naar verwachting niet afnemen en kan potentieel ontwrichtend werken voor de samenleving. Denk aan uitval van bussen door tekort aan chauffeurs, te weinig verpleegkundigen of beperkte kinderopvangplekken. Ook bedrijven kunnen geremd worden in hun ontwikkeling als zij onvoldoende personeel aan zich kunnen binden. We zullen hoe dan ook meer moeten doen met minder mensen. Dat betekent vooral slimmer werken in plaats van harder werken. En daarnaast is het belangrijk om zoveel mogelijk talent beschikbaar te krijgen en houden voor de arbeidsmarkt.
Grote maatschappelijke ontwikkelingen zoals dubbele vergrijzing en klimaatverandering gaan veel vragen van onze uitgaven. Als we voorzieningen in stand willen houden en grote opgaven het hoofd willen bieden, dan voldoet onze economische groei niet. Het landelijke rapport van Peter Wennink ziet als ondergrens een groei van 1.5% om brede welvaart te borgen. Verhoging van arbeidsproductiviteit met 1.5% per jaar zou daarom een doel en prioriteit in het innovatiebeleid en arbeidsmarktbeleid van onze regio moeten zijn. Dat doen we samen met het mkb, want het mkb is de motor van onze economie.
Een inclusieve arbeidsmarkt: elk talent telt en we vinden het belangrijk dat iedereen mee kan doen en zich gewaardeerd kan voelen. Structuur en bestaanszekerheid dragen bovendien bij aan welzijn en verminderen potentieel de druk op maatschappelijke voorzieningen. Voor de arbeidsmarkt is het ook van meerwaarde om zoveel mogelijk talenten in te kunnen zetten. Of het nu gaat om nieuwkomers, mensen met een psychische kwetsbaarheid of andere beperkingen. Tiem is ons sociaal ontwikkelbedrijf met als opdracht mensen te ondersteunen in hun ontwikkeling naar regulier werk. We verlagen drempels voor uitstroom vanuit Tiem naar regulier werk. Ook voor mensen met een (grotere) afstand tot de arbeidsmarkt. Door nadrukkelijker op te leiden of te ontwikkelen voor tekortsectoren kunnen we de uitstroom versnellen.
Om ook op langere termijn onze brede welvaart te kunnen behouden én vorm te kunnen geven aan een duurzame, circulaire en inclusieve economie, versterken we onze inzet voor de economie van Zwolle en de regio. Dat doen we nadrukkelijk samen met onze partners in Regio Zwolle. Deze samenwerking met ondernemers, onderwijs en overheden maakt dat we effectiever zijn. En landelijk zijn we een voorbeeld van hoe opgaven op economie, arbeidsmarkt en ruimte effectief kunnen worden opgepakt. Denk aan onze samenwerking op het gebied van Leven Lang Ontwikkelen (LLO), de mkb-dienstverlening en de Regionale Sponsstrategie.
We willen jong talent aantrekken en binden aan de regio. Het is een demografisch gegeven dat de komende jaren minder jongeren gaan studeren en toetreden tot de arbeidsmarkt. Samen met de onderwijsinstellingen proberen we een zo groot mogelijk aandeel van deze studenten aan onze regio te binden. Daarbij maken we de verbinding met ondernemers concreet via stageplekken, leerwerktrajecten en innovatieprojecten met het mkb, de maakindustrie, techniek, logistiek en zorg. De Zwolse onderwijsinstellingen bieden onderwijs van hoog niveau en vormen een belangrijke meerwaarde voor de economie van Regio Zwolle. Zij leiden (gespecialiseerd) talent op voor de arbeidsmarkt en staan als kennisinstelling aan de basis van innovatie en vernieuwing voor de economie. Deze positie willen we koesteren en uitbouwen ten behoeve van de ontwikkeling van de economie van Regio Zwolle. We willen dan ook samen met onze partners werken aan Zwolle onderwijsstad.
Binnen de samenwerking van Regio Zwolle voelen we als kernstad een bijzondere verantwoordelijkheid om innovatieclusters (onder andere Spoorzone en de Makersfabriek) tot bloei te laten komen en onze positie van onderwijsstad te versterken. Onze positie in landelijke netwerken benutten we om de regio als geheel te versterken. We willen voldoende ruimte voor economie en willen zorgen dat de bereikbaarheid van stedelijke en regionale bedrijvigheid verbetert.
30
.
. . . . . . .
Wat we concreet gaan doen
. . . . . .
We versterken de randvoorwaardelijke samenwerking in de driehoek Economie, Arbeidsmarkt en Onderwijs. Het in 2025 vastgestelde Economisch Perspectief, Bedrijventerreinenprogramma en Kantorenprogramma vormen hierbij het vertrekpunt. In samenspraak met de regio maken we keuzes over welk type economie we willen zijn (geworteld in het heden en verleden) t.a.v. schaarste in bijvoorbeeld ruimte, arbeid en energie. Zodat we de krachtige en toekomstbestendige (bedrijfs)ketens optimaal kunnen faciliteren en versterken. We willen de arbeidsproductiviteit verhogen. Deze doelstelling van 1.5% groei is het fundament voor zowel het economisch beleid als het arbeidsmarktbeleid van onze regio. Dit vraagt versterkte inzet en geeft ons focus op thema’s als innovatie (o.a. digitalisering en robotisering), ruimte voor bedrijvigheid, regeldruk en Leven Lang Ontwikkelen. We pakken het sleutelproject Bedrijventerreinen met ambitie op. Parallel aan de ontwikkeling van Hessenpoort 4, zetten we in op intensivering en waar nodig herstructurering van bestaande bedrijventerreinen. Vanuit het uitgangspunt ‘het juiste bedrijf op de juiste plaats’ proberen we de schaarse (milieu)ruimte optimaal te benutten.
We continueren onze inzet om in samenwerking met de ondernemers(verenigingen) de bedrijventerreinen aantrekkelijker en toekomstbestendig te maken, daarbij hebben we oog voor goede parkeeroplossingen, veilige fietsroutes en aangename wandelpaden. We werken binnen Regio Zwolle aan een effectieve mkb-dienstverlening. Hiermee ondersteunen we het brede mkb om duurzaam verdienvermogen te realiseren. We hebben specifieke aandacht voor de knelpunten op de A28, en de ontsluiting van Hessenpoort in samenwerking met het Rijk en andere partners. In het verband van Regio Zwolle zetten we ons onverminderd in voor de N50 en de N35. We zien het belang van onze ring als scharnierfunctie voor regionale en lokale mobiliteit. We pakken knelpunten aan en maken een investeringsplan voor de periode 2030-2040.
. . 31
We blijven inzetten op de samenwerking in Port of Zwolle als een belangrijke randvoorwaarde voor het realiseren van een multi-modale en duurzame ontsluiting van de regio. Voor investeringen in (internationale) bereikbaarheid van onze regio, zoeken we met onze regionale partners aansluiting op Europese investeringsprogramma’s, bijvoorbeeld Connecting Europe Facility. We gaan actief aan de slag met het verminderen van de regeldruk voor ondernemers. Dit doen we door onze bestaande regels tegen het licht te houden en bij het vormen van nieuw beleid dit af te stemmen met ondernemers. We versterken de cultuur van ‘Leven Lang Ontwikkelen’ (LLO): voortdurende scholing om nieuwe vaardigheden te verwerven en mee te bewegen met nieuwe technologische of maatschappelijke ontwikkelingen. We blijven hiervoor samenwerken in het Regionaal Werkcentrum Regio Zwolle. We gaan nog sterker inzetten op ‘Meedoen vanaf dag één’, zodat nieuwkomers zo snel als mogelijk aan het werk kunnen en een bestaan kunnen opbouwen. Inclusief werkgeverschap wordt de norm, met o.a. aandacht voor het combineren van werk en mantelzorg. We organiseren daarvoor goede ondersteuning van werkgevers (bijvoorbeeld via Tiem en/of de Regio), met minimale administratieve lasten. We hanteren de in 2024 vastgestelde visie op Arbeidsparticipatie als uitgangspunt voor onze inzet om meer Zwollenaren te ondersteunen naar werk.
Meedoen naar vermogen staat voorop, ook voor mensen die daar (tijdelijk) ondersteuning bij nodig hebben. Daarbij kijken we vanuit de mogelijkheden die de inwoner heeft om participatie en duurzame uitstroom naar werk mogelijk te maken. We willen een substantiële verlaging van het aantal bijstandsgerechtigden realiseren. In de verdere doorontwikkeling van Tiem als sociaal ontwikkelbedrijf, sturen we op versterkte samenwerking met partners in het netwerk. We streven naar het realiseren van voldoende stageplekken en geven als gemeente zelf het goed voorbeeld. In het verlengde van het Stagepact, werken we samen met het onderwijs en de werkgevers aan het tegengaan van stagediscriminatie.
.
Mobiliteit en bereikbaarheid
We gaan in samenwerking met de Zwolse8 vormgeven aan het concept van Zwolle Onderwijsstad, als stevig hoekpunt in de driehoek Economie – Arbeidsmarkt – Onderwijs. Het door de Zwolse8 aangereikte position paper is wat ons betreft een goede basis om gezamenlijk tot een agenda te komen om: Meer (jong) talent aan Zwolle te binden, door een aantrekkelijke studentenstad te zijn en over voldoende huisvesting te beschikken voor jongeren, studenten en starters. MBO-talent en vakmanschap gelijkwaardig te waarderen. Het onderwijs (nog) beter aan te laten sluiten op de arbeidsmarkt en het stimuleren van een cultuur van Leven Lang Ontwikkelen. Onderwijs te positioneren als kennispartner voor innovaties en verhoging van de arbeidsproductiviteit.
. .. .
Wat we belangrijk vinden Zwolle heeft een belangrijke positie in het regionale, landelijke en internationale mobiliteitsnetwerk. Als knooppunt is goede bereikbaarheid van groot belang voor een bereikbare en gastvrije stad. De coalitie ziet mobiliteit daarom als een essentiële voorwaarde voor de bouw van woningen, een prettige leefomgeving, een sterke economie en een gastvrije stad. Tegelijkertijd vraagt dit om keuzes over hoe we de beschikbare ruimte gebruiken en hoe we verschillende vormen van mobiliteit met elkaar in balans brengen. De Parkeerstrategie 2040, de Nota Parkeren en de Adaptieve Ontwikkelstrategie Mobiliteitshubs (AOS) zijn de basis voor de uitvoering deze periode, waarbij we realistisch kijken naar tempo en uitvoerbaarheid. Het STOMP-principe blijft leidend in de inrichting van de openbare ruimte. Waar mogelijk bieden we meer ruimte voor lopen, fietsen, OV en deelmoblilteit. We zijn realistisch over autogebruik en logistiek in een groeiende stad en snappen dat voor veel mensen of ondernemers hun auto of bedrijfswagen een noodzaak is. Dat mensen veilig en vlot kunnen doorrijden is daarom belangrijk, ook voor de toekomst. Het sleutelproject Ring is daarin een cruciaal project, waarbij we in kaart brengen wat op korte en lange termijn nodig is. Tegelijkertijd houden we oog voor maatwerk in bepaalde wijken en voor specifieke doelgroepen.
We houden de blik op de toekomst, maar hebben nadrukkelijk oog voor wat dit vandaag vraagt. We hebben de afgelopen jaren gezien dat de uitvoering van dit beleid in de praktijk spanning kan opleveren, bijvoorbeeld in de parkeerbalans en de bereikbaarheid van het Stadshart. Het tempo van de uitvoering passen we de komende jaren dan ook aan. In het Stadshart is in dat kader de gebiedsontwikkeling Noordereiland complex en er zijn vele belangen. We zien de kansen voor binnenstedelijke bouw van woningen en begrijpen tegelijkertijd de noodzaak voor de bereikbaarheid en economische vitaliteit van deze kant van de binnenstad. Er is meer voor nodig om de alternatieven op orde te brengen. Parkeergarage Noordereiland blijft daarom langer open en we passen onze plannen aan. We streven daarbij naar een onherroepelijk omgevingsplan in 2028.
32
Van ruim 3000 parkeerplekken groeien we de komende jaren naar circa 6000 parkeerplekken, grotendeels in centrumhubs. Daarbij blijven we het principe hanteren dat het alternatief op orde moet zijn. In de transitiefase houden we bewust meer ruimte in de parkeerbalans, zodat we voldoende flexibiliteit hebben om met verschillen tussen vraag en aanbod om te gaan en rekening te houden met de regionale behoefte. Zo blijven veranderingen te volgen voor bewoners, ondernemers en bezoekers. Dit betekent dat we in deze overgangsfase richting de mobiliteitshubs aan de randen van de binnenstad voldoende tijdelijke alternatieven beschikbaar hebben, met aandacht voor een goede spreiding over de stad. We blijven de parkeervraag monitoren en sturen waar nodig bij. We werken samen met inwoners, ondernemers en partners verder aan een bereikbaar en leefbaar Stadshart. Het Platform Bereikbaarheidsagenda Binnenstad is daarbij een belangrijke sparringpartner. We werken stap voor stap aan minder straatparkeren in de binnenstad, om meer ruimte te bieden voor fijne groene verblijfsplekken met terrassen, speelplekken en klimaatadaptatie. De bolwerken beschouwen we daarbij niet langer als onderdeel van een autoluwe binnenstad.
We ronden eerst de lopende projecten voor het uitfaseren van straatparkeren af en op basis van een gezamenlijke evaluatie over het straatparkeren bepalen we vervolgens of en hoe we verdere stappen zetten. Hierbij blijven we oog houden voor toegankelijkheid voor mensen die minder mobiel zijn, voor ondernemers en voor de logistiek. De gezelligheid, het leefklimaat en de veiligheid op straat staan onder druk door showrijders over horecapleinen zoals bijvoorbeeld het Bethlehemkerkplein en de Nieuwe Markt. Deze pleinen moeten, in ieder geval op gezette tijden, autoluw worden. Dit is fijn voor zowel bewoners en bezoekers als horecamedewerkers. Daarmee geven we een vervolg aan de pilot rond overlast door hardrijdende auto’s en showrijders. We vinden het belangrijk dat iedereen zich veilig kan verplaatsen en geven daarom prioriteit aan verkeersveiligheid. De strategie Verkeersveiligheid is hierin leidend. Bij herinrichting van de openbare ruimte hebben we bijzondere aandacht voor doelgroepen zoals ouderen, kinderen en mensen met een beperking. Zo nodig passen we maatwerk toe om de toegankelijkheid te verbeteren.
33
. . . .
.
Wat we concreet gaan doen
. . .
We versterken de positie van Zwolle als regionaal, landelijk en internationaal knooppunt door te blijven investeren in bereikbaarheid en samenwerking met regio, provincie en Rijk. We werken aan een robuust mobiliteitsnetwerk waarin het sleutelproject Ring cruciaal is. We bereiden keuzes voor rondom de Zwolse ring voor de korte en langere termijn. We starten met het sparen van middelen voor toekomstige investeringen in bereikbaarheid en infrastructuur. Nieuwe woonlocaties moeten goed bereikbaar zijn voor fiets, OV en auto. We zorgen dat niet alleen voor de woningbouw, maar ook voor de ontsluiting voldoende middelen beschikbaar zijn. Hiervoor werken we intensief samen met Rijk, provincie en regio. We blijven ons voorbereiden op de wettelijke verplichting van een zero-emissiezone in 2030. Zwolle is al bezig met de stappen hiertoe en biedt voor bepaalde ondernemers ontheffingen tot 2028. We verlengen de mogelijkheid van ontheffingen tot 2030 en blijven ondernemers ondersteunen in de overstap naar zero emissie. We voegen parkeerplekken voor de fiets toe in de binnenstad en zetten in op goede doorfietsroutes en veilige verbindingen en een veilig en samenhangend fietsnetwerk. We gaan alternatieve routes uitwerken voor fietsers, zodat we op bijvoorbeeld de Melkmarkt ruimte kunnen geven aan voetgangers.
We zetten waar nodig -op basis van de parkeerbalans- in op tijdelijke parkeeroplossingen. Hierbij streven we naar een zo evenwichtig mogelijke geografische spreiding over de stad. Een belangrijk aandachtspunt is en blijft tegelijkertijd het monitoren van de parkeervraag. We brengen versneld de alternatieven voor parkeren op orde. Samen met ondernemersorganisaties en andere belanghebbenden zoeken we daarvoor naar aanvullende plekken om de parkeerbalans op orde te houden. Daarin nemen we nadrukkelijk de optie mee om de sloop en herontwikkeling van de parkeergarage Noordereiland gefaseerd aan te pakken. De realisatie van een extra tijdelijke parkeergarage is daarbij voor ons een optie, mits dit financieel haalbaar gemaakt kan worden. We onderzoeken een extra mobiliteitshub aan de noordkant van de binnenstad in samenspel met de verdere gebiedsontwikkeling Noorderkwartier.
. . . . . . . .
34
In de planontwikkeling van het Noorderkwartier gaan we business cases en de ruimtelijke impact daarvan onderzoeken met als doel het toevoegen van extra parkeerplekken. Hierbij kijken we naar extra bewonersparkeren, onderzoeken we ook opties voor bezoekersparkeren en welke consequenties dit heeft voor bestaande plannen en beleid. We faseren geen straatparkeren uit in de bolwerken (waaronder Eekwal, Ter Pelkwijkpark, Nahuysplein en Badhuiswal). We voeren de projecten in de bestaande Uitvoeringsagenda Stadshart uit (Koestraat, Zuidwestelijk Kwadrant, Nieuwstraat). We evalueren het straatparkeren in de binnenstad gezamenlijk met de stad en bepalen op basis hiervan de verdere stappen. Zoals vastgelegd in de Nota Parkeren voeren we in deze periode geen gereguleerd parkeren in de woongebieden buiten de huidige parkeerzones in. Dit betreft onder andere Stadshagen, Ittersum, Berkum, Aa-landen en Westenholte (zone 5). We verbeteren de bereikbaarheid van bedrijventerreinen en zorgen voor goede verbindingen, voldoende parkeergelegenheid en veilige loop- en fietsroutes voor werknemers, bewoners en bezoekers en een goede logistieke ontsluiting. We zorgen voor duidelijke, toegankelijke en veilige looproutes tussen en in mobiliteitshubs, parkeervoorzieningen en de binnenstad, met bijzondere aandacht voor sociale veiligheid en herkenbaarheid van routes.
We hebben aandacht voor de voetganger bij de inrichting van de stad en zorgen voor veilige, aantrekkelijke en logische looproutes. We zetten in op horecapleinen met minder autoverkeer en nemen maatregelen om delen van de binnenstad op gezette tijden autoluw te maken. Daarmee geven we een vervolg aan de pilot rond overlast door hardrijdende auto’s en showrijders. We willen hinderlijk en onveilig verkeersgedrag van onder andere fietsers, fatbikes en scooters tegengaan door gerichte handhaving, inzet van jeugdboa’s en het gesprek met deze weggebruikers. Dit doen we zowel in de binnenstad als op andere plekken waar dit aan de orde is.
Gastvrije binnenstad
.
Wat we belangrijk vinden De Zwolse binnenstad is een krachtige visitekaart voor de stad. Zwolle is aantrekkelijk om te verblijven en is door het rijke aanbod van monumenten en voorzieningen van waarde voor de wijde regio. Een gastvrije stad is een inclusieve en veilige stad. De groei van de stad en het groeiend aantal bezoekers bieden mogelijkheden om ons voorzieningenniveau en onze lokale economie te versterken. Ook vinden we het belangrijk dat alle hotspots van de stad logisch bereikbaar zijn met een heldere routering. We willen daarvoor ruimte bieden, waarbij we zorgen dat de binnenstad óók een leefbare buurt blijft voor haar bewoners. Dat betekent dat keuzes nodig zijn om de ontwikkeling van onze binnenstad in goede banen te leiden en het gastvrije karakter daarbij te behouden.
. . .. . . . .
Wat we concreet gaan doen We zorgen voor een goede bereikbaarheid voor mensen met een beperking, onder andere door voldoende doorgangsruimte op stoepen en in straten voor bijvoorbeeld rolstoelen en rollators. We pakken overlastgevend gedrag aan. Bij voorkeur met een goed gesprek; waar nodig door handhaving, eventueel op basis van aanvullende bepalingen in de APV. We houden blijvend aandacht voor veilig uitgaan; voor iedereen. We brengen in kaart waar vrouwen en meisjes zich onveilig voelen en komen met maatregelen om op die locaties de sociale veiligheid te verbeteren. Horecapleinen zoals Nieuwe Markt en Bethlehemkerkplein worden op gezette tijden autoluw, we nemen maatregelen om hinderlijk verkeersgedrag tegen te gaan. In het terrassenbeleid creëren we meer ruimte voor ondernemers om in onderling overleg met elkaar en de gemeente tot een passende en toegankelijke indeling en uitstraling te komen. We zien ruimte voor een aanvullend en/of beeldbepalend jaarlijks evenement in de binnenstad; hoewel we beperkt financiële middelen hebben om dat te faciliteren. We gaan in gesprek met (culturele) ondernemers verkennen wat haalbaar is. We voegen parkeerplekken voor de fiets toe in de binnenstad en zetten in op goede doorfietsroutes, veilige verbindingen en een veilig en samenhangend
35
fietsnetwerk. We gaan alternatieve routes uitwerken voor fietsers, zodat we op bijvoorbeeld de Melkmarkt ruimte kunnen geven aan voetgangers. We blijven ons voorbereiden op de wettelijke verplichting van een zero-emissiezone in 2030. Zwolle is al bezig met de stappen hiertoe en biedt voor bepaalde ondernemers ontheffingen tot 2028. We verlengen de mogelijkheid van ontheffingen tot 2030 en blijven ondernemers ondersteunen in de overstap naar zero emissie.
5. Financieel kader
De financiële positie van Zwolle is gezond, maar staat wel onder druk. We voeren een financieel beleid dat recht doet aan huidige én toekomstige generaties. De komende jaren staan we daarom voor de uitdaging om onze ambities en financiële mogelijkheden in balans te brengen. Dat vraagt keuzes in wat we wel doen en wat we minder doen of waar we mee stoppen. De afgelopen periode zijn we gestart met het doorlichten van onze begroting om te kijken of we dingen slimmer of efficiënter kunnen doen. Daar gaan we deze periode mee door. We verwachten dat we de komende periode voor ongeveer €10 miljoen (ca. 1,25%) in onze begroting moeten gaan ombuigen om de stijgende kosten voor bijvoorbeeld onderhoud en digitale veiligheid op te vangen. Ook hebben we een stevige ‘boeggolf’ van projecten en beleid die tijdelijk gefinancierd zijn, maar die we mogelijk wel willen voortzetten. Kijken we verder vooruit dan de komende bestuursperiode (dus voorbij 2030), dan zien we dat er grote (vervangings)investeringen nodig zijn om de groei van de stad vorm te geven, infrastructuur op orde te houden en schoolgebouwen te vervangen. De komende periode gaan we hiervoor al sparen, zodat rekeningen niet onnodig doorschuiven naar de toekomst. Zo zorgen we ervoor dat we ook in de toekomst kunnen blijven investeren in de stad.
37
. . .
Solide financiën
. .
Concrete keuzes die we voor een meerjarig solide beleid maken:
. . . .
We gaan scherpere keuzes maken in onze begroting. Het traject om de begroting door te lichten (‘Van inzicht naar focus’) ontwikkelen we door naar een continu proces. Dit betreft ook de efficiency en bedrijfsvoering van de gemeente. Uitgangspunt van ons begrotingsbeleid is een structureel sluitende meerjarenbegroting. Daarbij hoort ook dat we in beginsel structurele lasten dekken met structurele baten. De komende periode zal dat, mede door onzekerheden in de financiële relatie met het Rijk, nog niet volledig het geval zijn. Wat we noodgedwongen toch nog meerjarig incidenteel dekken, zullen we de komende jaren alsnog van een structurele dekking voorzien. De Perspectiefnota is het integraal afwegingsmoment voor (meerjarige) investeringen en bestedingen. Financiële meevallers zetten we ten eerste in voor een meerjarig sluitend kader en ten tweede voor extra uitgaven. Nieuwe ambities vragen om duidelijke keuzes. Daarom geldt als uitgangspunt dat nieuwe structurele uitgaven gepaard gaan met het versoberen, beëindigen of anders organiseren van bestaande activiteiten. Ook tegenvallers vangen we in beginsel op binnen het betreffende begrotingsprogramma.
We gaan sparen voor toekomstige (grote) uitgaven uit de Strategische Investeringsagenda (SIA), het Integraal Huisvestingsplan onderwijs (IHP) en infrastructuur: We handhaven de regel dat van de opbrengsten uit het grondbeleid 75% naar de SIA gaat en 25% naar de reserve incidentele bestedingen. Het (positieve) rekeningresultaat verdelen we jaarlijks in gelijke delen over de SIA, het IHP en de reserve incidentele bestedingen. Er is al een herijking van de SIA afgesproken. We verkennen daarbij of het wenselijk is de investeringen in infrastructuur onder te brengen in de SIA, of dat hier een apart fonds voor moet komen (inclusief de daarvoor benodigde voeding).
.
. .
Ten aanzien van de lokale woonlasten bestendigen we de afspraak dat deze jaarlijks niet harder stijgen dan de inflatie. Tevens bestendigen we het uitgangspunt dat tarieven van heffingen en leges in beginsel 100% kostendekkend zijn. Samen met Regio Zwolle zoeken we actief naar de mogelijkheden voor het benutten van landelijke en Europese fondsen voor cofinanciering van onze ambities. Om op langere termijn ook te kunnen blijven investeren in de ontwikkeling van de stad, gaan we in het grondbeleid meer sturen op het financieel resultaat van grondexploitaties. Bij de start van een grondexploitatie of ontwikkeling bepalen we daarom of en in welke mate er een opbrengst gerealiseerd moet worden ten behoeve van ontwikkelingen elders. Aan de voorkant een helder financieel kader bepalen, is bovendien helpend om ontwikkelingen sneller tot realisatie te brengen. In 2027 wordt een advies verwacht van de commissie Van Ark over de financiering van de kosten van jeugdzorg. In navolging van gemaakte afspraken tussen Rijk en gemeenten verwachten wij dat de voor 2026 en 2027 overeengekomen compensatie structureel wordt gemaakt vanaf 2028. Wij nemen deze middelen daarom wel op in onze meerjarenraming. We kiezen er daarbij voor deze middelen in te zetten voor opgaven voor de langere termijn, zoals het IHP, cultuur en de SIA, zodat we tijd hebben om bij te sturen indien het Rijk toch anders besluit.
Investeringen In dit akkoord is een aantal ambities opgenomen waarin we een extra investering willen doen. Zoals hierboven al is benoemd, zullen we voor het realiseren van nieuwe ambities die structurele investeringen vragen duidelijke keuzes moeten maken in het versoberen, beëindigen of anders organiseren van bestaand beleid.
38
Incidenteel (Bedragen x € 1.000.000)
Strucutureel en meerjarig incidenteel (Bedragen x € 1.000.000) Beschikbaar budget
2026
2027
2028
2029
2030
Beschikbaar budget
2026
2027
2028
2029
2030
Financieel perspectief
7,5
7,7
-1,8
-0,8
-0,8
Beschikbaar in reserve
39,1
43,1
30,0
27,6
28,2
Geplande onttrekkingen
3,8
10,7
4,7
0,1
2026
2027
2028
2029
2030
Ombuigingsopgave Subtotaal
7,5
-2,5
-5
-7,5
-10
5,2
-6,8
-8,3
-10,8 Investeringslijst
Vrijval warmtebedrijf
0,3
Restant CDOKE Toerekenen heffingen
0,3
0,3
0,3
0,3
Gebiedsprofielen
1,5
1,5
1,5
1,5
Sleutelvoorzieningen Cultuur
1
1
1
1
Sport
1
4
4
4
2
2
5
7
10
Sleutelgebieden Ruimtelijk Toekomstperspectief Circulaire economie
1
Binnenstad/mobiliteit
0,3
Afval
0,5
Stelpost Van Ark II Ombuigingen Subtotaal
0,3
4,8
11,8
13,8
16,8
Beschikbare ruimte
7,8
10
5
5,5
6
Investeringslijst
2026
2027
2028
2029
2030
1
2
Integraal Huisvestingplan Onderwijs Strategische Investeringsagenda
1
2 2,5
Sociale veiligheid
0,5
Totaal Investeringslijst
9,8
Saldo overschot/tekort*
7,8
7,4
2,4
0,7
-0,8
Beschikbaar in reserve
43,1
30,0
27,6
28,2
27,3
Veiligheid
0,4
0,6
0,7
0,8
Nooterhof
0,04
0,04
0,04
0,04
Cultuur en evenementen
1
1
* De budgettaire verwerking vindt plaats via het jaarrekeningresultaat, waarbij het
Ateliers en broedplaatsen
0,2
0,2
(positieve) rekeningresultaat in gelijke delen wordt verdeeld over SIA, IHP en de reserve incidentele bestedingen.
NatuurInvesteringsAgenda
0,2
0,2
0,2
0,2
Warm Thuis
0,9
0,7
0,6
0,5
Bedrijventerreinen
0,3
0,3
0,3
0,3
Sport
0,2
0,2
0,2
0,2
Onderwijsstad en innovatie
0,3
0,3
0,3
0,3
Diversiteit en inclusiviteit
0,1
0,1
0,1
0,1
Stedelijke regie
0,2
0,2
0,2
0,2
Totaal investeringen
2,64
2,64
4,84
6,84
7,4
2,4
0,7
-0,8
Saldo overschot/tekort
7,8
39
.
Ombuigingen Hieronder geven we een globale samenvatting van hoe we de ombuigingsopgave de komende jaren willen oppakken en wat hierin de richtingen zijn. In de voorgaande hoofdstukken zijn deze richtingen al uitgebreider beschreven.
.
.
In de komende bestuursperiode streven we ernaar om in het sociaal domein €5 miljoen om te buigen; aanvullend op al ingeboekte besparingen (op jeugdzorg, arbeidsparticipatie en inkomensregelingen). We willen dit realiseren door de toenemende (zorg)vraag af te remmen door op basis van de uitgangspunten van de Koers Sociaal Domein verder te investeren in preventie en door een sterkere verbinding te maken tussen de opgaven in de het fysieke domen en de fysieke leefomgeving. Daarvoor zien we onder andere de volgende mogelijkheden, deels in het verlengde van de al ingezette koers: Sterker normaliseren en gerichter indiceren in de jeugdzorg en Wmo, zodat we zorg en ondersteuning doelmatiger inzetten. Hierbij kijken we ook naar de mogelijkheden om individuele voorzieningen meer collectief of groepsgewijs aan te bieden. Reductie van het aantal gecontracteerde aanbieders in de jeugdzorg en Wmo. Door het aantal contractpartners te beperken, kunnen we beter sturen op resultaatgerichte ondersteuning, kunnen we in samenwerking met de aanbieders gerichter investeren in innovatie en transformatie, verminderen we overhead en zorgen we ervoor dat zorg en ondersteuning passender en doelmatiger wordt. Het sociaal wijkteam heeft hier een belangrijke en strategische positie in. Daarom gaan we de komende jaren kijken naar de rol, taken en verantwoordelijkheden van het sociaal wijkteam.
Hulp en ondersteuning meer wijkgericht vormgeven. Door gebieds-/ wijkprofielen te maken en de fysieke en sociale opgaven aan elkaar te verbinden, kunnen we gerichter maatwerk bieden per wijk. Zo kunnen we beter aansluiten bij het (zorg)profiel van een wijk, kunnen we gerichter aansluiten bij de vraag naar ondersteuning en kunnen aanbieders efficiënter werken.
. . . .
40
De al ingezette beweging om beschermd wonen af te bouwen naar lichtere of andere woonvormen past bij de beweging van scheiden wonen en zorg en veranderende woonwensen. Bijkomend voordeel is dat dit de komende jaren zal leiden tot lagere kosten. In het fysiek domein en bedrijfsvoeringsdomein zetten we in op een ombuiging van €5 miljoen. We zien onder andere mogelijkheden om efficiënter en doelmatiger te werken: Om onze woningbouwplannen en gebiedsontwikkeling te versnellen, gaan we meer van de kennis en kunde van private partners benutten. Dat scheelt in de benodigde inzet aan gemeentezijde. We kiezen voor meer waardegestuurd beheer in de openbare ruimte en in openbaar groen: niet standaard overal dezelfde wijze van beheer en onderhoud, maar afgestemd op de prioriteiten per wijk. In het ontwerp en de inrichting van de openbare ruimte kiezen we vaker voor een uitvoering die minder beheerskosten oplevert. In onze organisatie en bedrijfsvoering kijken we kritisch naar hoe we effectiever en efficiënter kunnen werken.
. . . .
Dit is een uitgave van gemeente Zwolle, juni 2026
Bouwen op Zwolse kracht Opmaak: Team vormgeving, afdeling Communicatie
zwolle.nl