Bijlage bij brief - Zienswijze NPZ groenbeleid 25juli24 (2)_Redacted
Tekst van het document
NatuurPlatformZwolle Secretariaat: p/a Milieuraad Zwolle, Goertjesweg 3 8013 PA Zwolle Tel: 06 -19869323 e: natuurplatformzwolle@milieuraadzwolle.nl
Aan Gemeente Zwolle via postbus@zwolle.nl t.a.v.
Betreft: zienswijze op het concept groen- en recreatiebeleidsplan
Zwolle, 25 juli 2024 De gemeente Zwolle heeft concept groen- en recreatiebeleidsplan plus een viertal bijlagen van 18 juni tot en met 30 juli 2024 ter inzage gelegd. Het Natuurplatform Zwolle (NPZ) heeft kennis genomen van de plannen en heeft de volgende reactie:
In het kort Het NPZ heeft veel waardering voor de in de nota gestelde ambities, maar er is onvoldoende zicht op het realiseren ervan. We zullen het beleid beoordelen op de daadwerkelijke uitvoering. Dat is nu niet mogelijk.
A. Algemeen heel veel goede bedoelingen … maar het is volstrekt onduidelijk hoe gemeente de ambities denkt te realiseren. De beleidsnota is goed geschreven en met een positieve insteek. De nota houdt echter een beetje het midden tussen een ambitiedocument (wat zou je willen bereiken) en beleid (wat ga je bereiken). Er ontbreken nog duidelijke (afwegings-)kaders en zicht op de benodigde financiële middelen, wat afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van het beleid. Versterken van natuur, zelfs alleen behoud van bestaande waarden blijven daarmee uiterst onzeker. Voor de financiering en uitvoering zijn nog vervolgstappen nodig. De gemeente wil daarvoor een omgevingsprogramma (financieel) en een het Uitvoeringsprogramma Groen en
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
Recreatie opstellen. Tot die tijd is het nu geformuleerde beleid naar onze mening (te) vrijblijvend. De nota blijft nu teveel hangen in onduidelijke en niet aan tijdgebonden toezeggingen zoals “we streven naar” en “ waar mogelijk”. Ook de begeleidende raadsbrief stelt ons niet gerust. De nota gaat bij voorbaat uit van de (geplande) groei van de stad (economie, bevolking en recreatie). Impliciet gaat het beleidsplan er vanuit dat deze groei mogelijk is zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit van de leefomgeving. Het is niet duidelijk waarop deze verwachting gebaseerd is. Alleen al door het ruimtebeslag gaat verstedelijking vaak ten koste van (ruimte voor) natuur. Het NPZ pleit er voor veel belang te hechten aan (ruimtelijke) kwaliteit; kwaliteit is belangrijker dan groei.
Algemene kaders Het NPZ waardeert de brede scope en integraliteit van het gemeentelijke groenbeleid. Het Zwolse groenbeleid sluit enerzijds aan op provinciaal, nationaal en Europees beleid. Anderzijds wordt ook gemeentelijk de relatie gelegd met de grote opgaven t.a.v. Biodiversiteit, Klimaat en Gezondheid & Welzijn. Tegelijkertijd kent ook deze nota een behoorlijk risico wat betreft de verenigbaarheid van die verschillende ambities.
Doelen Zwolle behoort tot beste Nederlandse steden om in te wonen en is ook de groenste gemeente van Nederland. In het beleidsplan wordt deze kwaliteit onderkend en richt het beleid zich op behoud en zelfs versterking ervan, zodat Zwolle een (be)leefbare stad blijft. Het NPZ constateert echter dat de groenstructuur de afgelopen jaren is aangetast i.p.v. versterkt en dat de oppervlakte groen per woning sinds 2021 met 15m2 is afgenomen. Hoe denkt de gemeente deze ontwikkeling te stoppen? De algemene doelstelling is uitgewerkt in 10 ambities. Het NPZ daarin zaken terug waar het al jaren voor pleit: natuurwaardenkaart als een ecologische verbindingszone inclusief herijking van bestaande groenkaart. Het stellen van 10 duidelijke doelen zoals aangegeven, is zinvol, maar pas echt effectief wanneer de doelen helder en duidelijk verwoord zijn en op z’n minst meetbaar zijn en liefst tot resultaatverplichting leiden . Dat kan op verschillende manieren. Door maken van gemeentelijke verordeningen, zoals de bomenverordening, en of door opname in de omgevingsvisie met juridische vertaling in de omgevingsplannen. In een verordening kunnen bijv. mechanismen opgenomen die de kans dat de beleidsdoelen gehaald worden vergroten bijv. -
Compensatieregeling als groen moet wijken voor een andere functie;
-
Storten ‘uitgespaarde investeringskosten’ in Natuur Investerings Agenda als groennorm binnen een (woningbouw)project niet gehaald kan worden.
-
Bankgarantie als groenaanleg het slotstuk van een project is.
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
Hierna zal op enkele ambities nog inhoudelijk gereageerd worden. Gezien de veelheid aan materiaal vooral op hoofdlijnen.
Haalbaarheid en prikkels De gemeente wil met dit geactualiseerde beleid het verlies van groen een halt toeroepen. Het beleidsplan beschrijft dat de groenstructuur de afgelopen jaren is aangetast i.p.v. versterkt. Is (de waarde van) groen dat verloren is gegaan voor bijv. woningbouw of infrastructuur gecompenseerd in natura of storting van een bedrag voor compensatie in de Natuur Investerings Agenda? Ook het NPZ kent enkele projecten uit het recente verleden die doen vrezen voor de haalbaarheid en werkelijke wil om groen te verbeteren en echt te beschermen. - geplande nieuwbouw Engie o.a. in hoofdgroenstructuur - bouwplannen Zwartewater - invulling van landgoed aan de dijk bij Westenholte (project in verlengde van Beter met Bos, maar er is nog geen boom te bekennen) - nieuwbouw aan Fabrieksweg met als start slopen beschermde leilinde. Hoe denkt de gemeente deze ontwikkeling te stoppen?
Visie Het NPZ onderschrijft de in hoofdstuk 3 beschreven visie op hoofdlijnen, maar vindt dat ook de knelpunten in de randvoorwaardelijke milieuomstandigheden daarin benoemd moeten worden en vindt de inzet voor herstel biodiversiteit onvoldoende concreet. Milieuomstandigheden De leefomgevingskwaliteit van Nederland schiet nog steeds structureel en op meerdere indicatoren tekort. Het gaat onder meer om fijnstof, opwekking van hernieuwbare energie, waterkwaliteit en natuurkwaliteit. Er is onvoldoende samenhang in de aanpak van deze problemen. Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving in de Monitor van de Nationale Omgevingsvisie 2022, een tweejaarlijkse uitgave (september 2022). Het kabinet spreekt in de NOVI de verwachting uit dat door het intensievere gebruik en de verwachte groei van de steden vooral de druk van luchtverontreiniging en geluidsoverlast op de gezondheid zal blijven toenemen. In grote delen van de Nederlandse landnatuur zijn zowel de milieu- als ruimtelijke condities nog matig of slecht voor het duurzaam kunnen voortbestaan van soorten en ecosystemen. In de factsheets worden geen opmerkingen gemaakt over de milieu-omstandigheden. Wat is de kwaliteit van de leefgebieden van planten, dieren en mensen in relatie tot stikstof, CO2, fijnstof, lichtvervuiling en lawaai. Dit is een relevante informatie in relatie tot het beoogde herstel van biodiversiteit.
Daarnaast dienen ook bodemgezondheid en waterkwaliteit in de beschrijvingen van
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
de factsheet op te worden genomen. Deltaplan Biodiversiteit Ook Zwolle dient de verantwoordelijkheid te nemen om de dramatische achteruitgang van natuur tegen te gaan. Mede in lijn met het Deltaplan Biodiversiteitsherstel. Het beleidsplan blijft steken in mooie intenties en globale ambities, maar het blijft onduidelijk welke maatregelen de gemeente gaat nemen en wat het verwachte effect daarvan is. Het NPZ is blij dat er eindelijk een natuurwaardenkaart is die een gedetailleerd beeld geeft welke natuurwaarden waar in Zwolle voorkomen, zodat daar rekening mee gehouden kan worden. Het deltaplan stuurt echter ook op herstel biodiversiteit (*). Hiervoor ontbreekt een gemeentelijke doelstelling, voorzien van stappen met een planning. Verwacht mag worden dat de biodiversiteit toeneemt met versterking van de ecologische structuur en milieukwaliteit. Maar sommige soorten stellen ook (soort)specifieke eisen. Het beleidsplan moet vermelden dat die in het uitvoeringsplan worden uitgewerkt. (*)De beschrijving van de deelgebieden is opgesteld op basis van data uit de Nationale Databank Flora en Fauna - periode 2015-2020. Hoe verhouden zich deze data tot het grote verlies van biodiversiteit in Nederland. In een publicatie (2009) van het Planbureau voor de leefomgeving werd een verlies van 85% sinds 1900 vermeld.
De 85% soortenverlies van de afgelopen eeuw wordt niet als uitgangspunt genomen. Accepteer de huidige situatie t niet als 0 situatie. Beschrijf ook de historische potentie en kansen op terugkeer van verdwenen soorten, voorzie ook deze van ambities , plannen en monitoring .
Financiering Zoals hierboven is aangegeven is het beleidsplan weinig realistisch als er geen zicht is op financiering van de uitvoering. Het beleidsplan stelt echter dat natuurinclusieve ontwikkeling van de stedelijke regio en natuurinclusief bouwen het uitgangspunt zijn. Consequentie daarvan is dat de kosten van de benodigde natuurmaatregelen een onderdeel zijn van de projectkosten van bijv. infrastructurele of woningbouwprojecten! We verwijzen ook naar het beleid rond kapitaalgoederen en bedrijventerreinen. Overigens nemen ook burgers en organisaties initiatief voor groene projecten of willen zij soms een bijdrage leveren aan aansprekende groenprojecten. Dit zou met een gemeentelijk Groenfonds gefaciliteerd kunnen worden.
B. Inhoudelijk Kaarten Structuurkaarten Er is een groenstructuurkaart en een ecologische structuurkaart. Status en het verschil tussen beide kaarten zou duidelijker in het beleidsplan beschreven kunnen worden. Het grote aantal beleidscategorieën (wij tellen er 12) leidt waarschijnlijk tot verwarring. Het NPZ beveelt aan met een beperkt aantal beschermingscategorieën te werken bijv.:
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
I.
Strikte wettelijke bescherming voor N2000 (Omgevingswet)
II.
Wettelijke bescherming volgens provinciale of gemeentelijke verordening (nee, tenzij)
III.
Planologische bescherming (Omgevingswet/omgevingsplan)
IV.
Beleidsmatige bescherming (ja, mits de betreffende structuur blijft functioneren.
De ecologische structuur valt grotendeels binnen de groenstructuur, maar niet volledig (bijv. berm spoorlijn naar Deventer) en richt zich specifiek op verbindingen voor soorten door de stad en vanuit de stad naar het buitengebied. Vanuit deze optiek valt te begrijpen dat de Natura2000-gebieden binnen de gemeente niet op deze kaart staan, maar zij zijn natuurlijk wel onderdeel van een (‘hogere’) ecologische structuur. Tevens moet aangehaakt worden op de regionale ecologische structuur.
Structuurkaarten en natuurwaardenkaart Het NPZ leest in het plan niet hoe de structuurkaarten samenhangen met natuurwaarden in de deelgebieden. Soorten stellen specifieke eisen aan verbindingen. Is er een kader voor de eisen waaraan een verbinding moet voldoen, gelet op de soorten die er gebruik van moeten maken? Het NPZ is er niet gerust op dat de beschrijving van de deelgebieden volstaat om de waarden van die gebieden voldoende te beschermen. Welke locaties zijn het meest waardevol, welke gemiddeld en welke het minste. Dit is niet af te leiden uit de geleverde kaart van de 36 deelgebieden. In de natuurwaardenkaart staat per deelgebied een selectie van de afgelopen 10 à 20 jaar aangetroffen soorten vermeld en het totaal aantal soorten per soortgroep. Het is van belang dat de totale lijst met soorten ook beschikbaar is. Begrenzing N2000-gebieden is slecht zichtbaar op groenstructuurkaart, dit behoeft verbetering. De presentatie geeft de indruk dat alle waarden nu in beeld zijn. Wat er nu ligt is slechts een deel. We missen een overzicht van alle gebruikte bronnen en een tijdlijn van de nog uit te voeren onderzoeken. En dan gaat om een overzicht van soorten, biotopen en gebieden waar nog niets of onvoldoende van bekend is. De huidige natuurwaardenkaart is slechts een begin en zal regelmatig moeten worden aangevuld en geëvalueerd.
De consequenties van de kaart, zoals beheer, uitbreiding van gebieden opnemen in het concept groen en recreatiebeleid. Knelpuntenkaart In lijn met onze eerdere adviezen worden in dit beleid ontbrekende schakels in de stedelijke hoofdstructuur (kerngebied, stapstenen,verbindingsstroken} aangegeven. Deze lijst is niet uitputtend.
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
Op de knelpuntenkaart ontbreken bijvoorbeeld stuwen in de weteringen (barrière voor vis). In 2025 wordt programma gemaakt voor het oplossen van de knelpunten. Het NPZ wijst op het belang van planologische verankering (Omgevingsplan) en het volgen van de voortgang in het monitoringprogramma. We pleiten er voor om in het uitvoeringsprogramma doorlopend research en ruimte voor (aanvullende )maatregelen op te nemen. Uiteindelijk gaat het hier om risicobeheersing.
Samenhang op hoog schaalniveau De kaarten die worden gebruikt zijn van een erg laag detailniveau. Wat nodig is is een samenhangende kaart waar in diverse lagen zijn aangebracht. In de gekozen vorm van het beschrijven van natuurwaarden per deelgebied is de Zwolse ecologische structuur in de stad, buitengebied en regio niet zichtbaar. En niet verfijnd genoeg. De kaarten van de hoofd- en wijkgroenstructuur en van parken en zwemplassen geven een overzicht van lijnen en (kern)gebieden op een hoger schaalniveau. Wij zijn er niet gerust op dat met de beschrijving van de deelgebieden alleen de waarden van de gebieden voldoende worden beschermd. Welke locaties zijn het meest waardevol, welke gemiddeld en waar de minste. Dit is niet af te leiden uit de geleverde kaart van de 36 deelgebieden. Daarom vragen wij een extra kaart waarop de afzonderlijke waarden worden opgeteld en in kleurintensiteit worden aangeduid. Hoe hoger de waarde, des te hoger de bescherming. We denken daar graag over mee.
Samenhang op een lager schaalniveau Om de samenhang en onderlinge verbindingen tussen de parken, bermen, plantsoenen, natuurelementen te kunnen beoordelen is het noodzakelijk een aparte kaart op te stellen, met de kerngebieden, stapstenen en corridors op een lager schaalniveau. Op deze kaart zullen ook de ontbrekende schakels en barrières te onderscheiden zijn. Actie: opstellen van een aparte kaart(laag) met behulp van Basiskaart Grootschalige Topografie in combinatie met de kaarten van fysiek kapitaal in de omgevingsvisie, aangevuld met de aanduiding Groene Vingers (niet alleen aanduiden via tekst). (Zie een dergelijke kaart van de gemeente Amsterdam, Utrecht, Groningen).
Parken Het NPZ heeft in een uitgebreide reactie in het proces Omgevingsvisie onder meer aangegeven dat een duidelijk parkenbeleid ontbreekt. De gemeente heeft aan het platform gevraagd een verdere uitwerking op te stellen. Dit leidde tot een notitie in november 2019. In onze stad zijn we ons er van bewust, dat parken verschillende, maatschappelijk gewenste, functies vervullen. Helaas is het zo, dat die functies zich meermaals niet laten combineren. De ene functie heeft écht te lijden leiden onder de andere. Daarom adviseren wij in bijgaande notitie om de verschillende functies van de Zwolse Park- en buitengebieden duidelijk in kaart te brengen en
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
daar het beleid t.a.v. enerzijds het gebruik én anderzijds de noodzakelijke bescherming op te baseren. Bij mondelinge navraag gaf de gemeente aan dat momenteel de capaciteit om analyses per park te maken ontbreekt. Tegelijk is onze notitie over parken niet meer bekend. Een gemiste kans, we verzoeken u om alsnog te reageren, en de parken zowel in beleid als in uitvoeringsprogramma een concrete positie te geven. In de vorige actualisatie van het groenbeleid (2015-2025) is het groen waar nodig gezoneerd. Citaat: “Bij inrichting, vormgeving en beheer van het groen wordt gestreefd naar multifunctionaliteit en flexibiliteit, maar waar dat nodig is wordt een scheiding van functies bewerkstelligd.” De zonering in Beeldgroen, Gebruiksgroen en Natuurgroen geeft aan welke functie op de eerste plaats staat. Deze zonering wordt in het beleidsplan niet meer genoemd. Het NPZ acht het wenselijk dat die zonering gehandhaafd blijft, omdat het duidelijkheid verschaft. Van belang is ook handhaving van de beschreven functies tegen verstoring en vernieling. Hiertegen optreden moet gelegitimeerd zijn door gemeentelijk beleid.
Groenleidraad De leidraad is 75m2 groen per woning. In 2021 had Zwolle ca. 90m2 groen per woning. Met deze leidraad formaliseert de gemeente dus een afname van 15m2 groen per woning! Het plan vermeldt niet hoeveel hectare groen dit betreft. Het NPZ vraagt u aan te geven hoeveel maatschappelijk groen kapitaal (grond en inrichting) verloren is gegaan als de achteruitgang niet alleen veroorzaakt is door meer huizen, maar ook door daadwerkelijk verlies van groen. Gelet op de beleidsopgave de achteruitgang te stoppen en om te keren in herstel en uitbreiding zou de leidraad taakstellend , en 90m2 per woning moeten zijn.
3-30-300 regel De gemeente hanteert een hiervan afgeleide 2-20-200 regel. De eerste 2 criteria zijn daarmee minder ambitieus, de derde meer. Een parkje op kortere afstand (<200m) compenseert voor het gebrek aan groen in de straat. Kennelijk heeft de gemeente de 3-30300 regel aangepast, met het oog op uitvoerbaarheid. Het NPZ vraagt u hoe de gemeente deze regel gaat toepassen bijv. in het centrumgebied en oude buurten als Assendorp. In plaats van een regel zien wij vooral intentie. Zonder koppeling aan taakstellende opgaven per wijk en buurt heeft deze te weinig kracht.
Bomen De ambitie is een divers, waar mogelijk inheems en klimaatbestendig bomenbestand. In het beleidsplan staat dat sortimentskeuze mede afhankelijk is van biodiversiteitsdoelen en
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
verder wordt gekeken naar de groeiplaats, omgeving en functievervulling; we streven daarbij naar diversiteit, inheems en klimaatbestendig. Diversiteit (is o.a. risicospreiding) wordt concreet gemaakt met de 10-20-30-norm. Kan - in een stedelijke omgeving - aan alle voorwaarden tegelijk worden voldaan? We zie dat er regelmatig uitheemse boomsoorten worden aangeplant bijv. meelbes (Sorbus latifolia), Japanse Kaukasische els (Alnus spaethii ) Himalaya berk (Betula utilis) in het plan voor de Kop van Voorst en Amberbomen. Is het niet verstandig hier ook een maximum aan te verbinden bijv. binnen bebouwingscontour max. 30% niet inheems. Zie ook: https://www.rassenlijstbomen.nl/
Bedrijventerreinen Groenleidraad en ontwerprichtlijn gelden niet voor bedrijventerreinen, waarvoor een apart proces loopt. Het NPZ wijst er op dat bij dat proces de structuurkaarten wel leidend moeten zijn. Veel bedrijventerreinen liggen immers aan de rand van de stad; tussen stad en landelijk gebied. Die terreinen zijn belangrijk voor de (ecologische) verbinding tussen beiden. De oppervlakte van de bedrijventerreinen is groot, de impact op de groene ambities dus ook. De verbindingen en samenhang dienen alsnog te worden ondergebracht binnen het groenbeleid. We blijven benadrukken dat het noodzakelijk is dat de gemeente het voortouw neemt bij de vergroening van de bedrijventerreinen.
Landelijk gebied Gemeente Zwolle heeft zich aangesloten bij het deltaplan Biodiversiteitsherstel en neemt de doelstelling 10% Groen-Blauwe dooradering van landbouwgebied over. Te realiseren in nauw overleg met provincie. Het betekent een toename van 7% nu naar 10%. Die uitbreiding moet in overeenstemming met provinciaal beleid worden vastgelegd in omgevingsvisie en omgevingsplannen. Bij wie ligt het initiatief? Ook hiervoor ontbreekt nog een uitvoeringsprogramma. Vergroening pachtbeleid In het groenbeleidsplan wordt de verpachting van landbouwgrond niet genoemd, terwijl daar ook kansen liggen voor biodiversiteitsherstel. We verwijzen naar de reactie van de Milieuraad en het NPZ (oktober 2021) op het document Toekomst Grondbeleidvergroening pacht. Dit is besproken in de raadsvergadering van 25 oktober 2021. In die vergadering heeft wethouder De Heer toegezegd om hiermee verder aan de slag te gaan. Bij navraag destijds, door onze vrijwilliger Hans IJzerman bij Rienko Baarslag, kregen wij vervolgens het advies om deze inbreng voor vergroening van pacht in te brengen bij het
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
Groen en recreatiebeleid. Dit hebben wij – inclusief enkele reminders- gedaan echter helaas zien we hier geen aandacht voor.
Ambassadeurssoorten We vragen om de keuzen en samenhang meer te verduidelijken en te verfijnen. Kies en monitor per soortgroep ook doelsoorten per gebied. En versterk de samenhang wat dit qua beleid(-smaatregelen) zoals verbeteringen van leefgebieden betekent. We willen onder andere stadsbreed aandacht voor bestuivers, in lijn met het advies van Nederland Zoemt. Binnen het voedselweb spelen de bestuivers een cruciale rol.In het VNrapport “Well established” staat dat de functie van bestuivers kritiek is voor het functioneren van ecosystemen.
Van gras naar struiken Enkele jaren geleden is de gemeente het principe van struiken naar gras meer gaan hanteren. Dit had vooral te maken met onderhoudskosten. Hoewel we ook de discussie moesten aan gaan over ecologische aspecten. Net als destijds pleiten wij onderbouwd dat struiken voor biodiversiteit en ecologische verbindingen een duidelijke meerwaarde hebben die geborgd en versterkt dient te worden. Van minder gras naar meer struiken dus .
Recreatie De reactie van het NPZ concentreert zich op de groene deel van het beleidsplan, omdat recreatie geen kernactiviteit van de raad is. Het NPZ onderschrijft het grote belang van het groen voor de gezondheid en het welzijn van de inwoners. Stedelijke recreatie- en natuurgebieden moeten goed beleefbaar (en bereikbaar) zijn, maar alleen gericht op wandelaars en fietsers. Dus geen extra parkeerplaatsen voor auto’s behalve enkele voor mensen met beperking). Een uitzondering hierop vormen de grootschalige recreatieterreinen. En zoals opgemerkt onder parken is niet alles overal mogelijk zonder dat dit ten koste gaat van (natuur)kwaliteit. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor het recreatiegebied rond de Wijthmenerplas.
Natuurinclusief bouwen Dit (concept) beleid is eerder met ons gedeeld en goed uitgewerkt. Het verplichtende karakter via een puntensysteem zien wij graag versterkt, bijvoorbeeld via het opnemen in een verordening.
Beheer In de nota klinkt ook enige wrijving door tussen beleid/realisatie enerzijds en beheer anderzijds. Dat is niet erg - zonder wrijving, geen glans - maar moet wel opgelost worden.
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid
De nota gaat verder niet op het beheer in, maar daar liggen waarschijnlijk ook verbeterpunten bijv.: • gebruik van elektrisch (hand)gereedschap en zwaarder materieel op biodiesel HVO100 • Sinus-maaibeheer (ook in watergangen - waterschap) • Meer verticale structuur in watergangen - (waterschap)
Monitoring De titel van ambitie 10 suggereert dat vooral de hoeveelheid groen en natuur wordt gemonitord. Uit de omschrijving blijken ook kwalitatieve indicatoren te worden opgenomen. Het NPZ vindt het belangrijk dat beide aspecten in het monitoringprogramma worden opgenomen. Ook de voortgang van de uitvoering moet gemonitord worden. Een concreet en tijdsgebonden beleidsdoel als referentie, maakt dat de monitoringresultaten ook bruikbaar zijn voor bijsturing van de beleidsuitvoering.
C. Diverse kleinere opmerkingen Waterberging Het beleidsplan benoemt bergings- en infiltratieplekken in het groen. Dit thema is breder. Zo zou de infiltratie vergroot kunnen worden door parkeerplaatsen niet te verharden met asfalt of klinkers, maar met grasbetontegels. Ook zou meer regenwater vastgehouden kunnen worden t.b.v. later gebruik bijv. • grijs water bij nieuwbouw • Regeling regentonnen Breng samenhang aan met verwijzingen naar beleid en kaarten rond wateroverlast, verdroging en klimaatadaptatie.
Plantspiegels Regelmatig staan straatbomen in kleine plantspiegels met 1 rij tegels tussen opsluitband en boomspiegel. Geadviseerd wordt deze tegels te verwijderen.
Bosaanleg Er wordt voorgesteld bos aan te leggen in de oksels van de afritten N340. Ten zuidoosten van de Nieuwleusenerdijk is dit geen probleem, maar ten noorden van de A28 is een groeiplaats van de Kievitsbloem.
Namens NatuurplatformZwolle / Milieuraad Zwolle, Hans de Graad voorzitter
Zienswijze NatuurplatformZwolle op concept groen-/recreatiebeleid