Bijlage 8 Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord, 29 mei 2019.pdf
Tekst van het document
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle
projectnummer 0454725-100 definitief revisie 00 29 mei 2019
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle
projectnummer 0454725-100 definitief revisie 00 29 mei 2019
Auteur D.S. Snel, MSc
Opdrachtgever Stichting Openbaar Belang Binnengasthuisstraat 1 8022 NH ZWOLLE
datum vrijgave 29 mei 2019
beschrijving revisie 00 Definitief
goedkeuring drs. P. Dirksen
vrijgave ir. H.E. Oosterbaan
Inhoudsopgave
Blz.
1
Inleiding
2
2
Vooronderzoek
3
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8
Algemeen Locatiegegevens Bodemopbouw en geohydrologie Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit Voormalig, huidig en toekomstig gebruik Asbest Terreinverkenning Conclusie vooronderzoek en hypothese
3 3 4 4 5 5 5 5
3
Verrichte werkzaamheden
6
3.1 3.2
Veldwerkzaamheden Laboratoriumonderzoek
6 6
4
Onderzoeksresultaten
Rapport
7
4.1 Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen 4.2 Toetsingskader Historisch onderzoek en verkennend asbeston4.3 Asbest
7 7 7
5
9
derzoek Weezenlanden-noord Zwolle
Conclusies Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Toelichting op bodemonderzoek Bekende gegevens Profielbeschrijvingen en veldwaarnemingen Analysecertificaten asbest Verantwoording uitvoering onderzoek BRL 2000 Tekening
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
1
Inleiding In opdracht van Stichting Openbaar Belang is door Antea Group in mei 2019 een historisch onderzoek en een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd voor het project Weezenlanden-noord te Zwolle.
Aanleiding, situatie en doel Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen uitgifte van het terrein voor woningbouw. De onderzoekslocatie betreft het terrein omgeven door de Schuurmanstraat, Luttenbergstraat, Buserstraat en Wiecherlinckstraat. Hier staan zes flats die op korte termijn gesloopt gaan worden, waarna nieuwbouw plaats zal gaan vinden. Op een deel van de locatie zal tevens een parkeerkelder worden gerealiseerd. Het terrein heeft een totale oppervlakte van circa 2,5 ha en is afgezien van de bebouwing deels verhard met tegels en deels onverhard (gras).
Figuur 1: Ligging onderzoekslocatie (Bron: Cyclomedia)
Het doel van het onderzoek is het vaststellen van de kwaliteit van de bodem, zowel qua algemene kwaliteit als met betrekking tot asbest.
Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het historisch onderzoek is gebaseerd op de richtlijnen uit de NEN 5725 (“Bodem ‐ Landbodem ‐ Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek”). Het onderzoek naar de aanwezigheid van asbest is uitgevoerd conform de NEN 5707+C2: 2017 'Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond'. Met betrekking tot de kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek wordt verwezen naar bijlage 1. De rapportage betreft geen kwaliteitsverklaring waarvan gebruik kan worden gemaakt voor het bepalen van de geschiktheid van mogelijk toekomstige toepassingen van eventueel vrijkomende grond. Wel is de rapportage geschikt om een inschatting te kunnen maken van de mogelijke toepassingen. In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden en worden de resultaten van het onderzoek beschreven.
Blad 2 van 9
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
2
Vooronderzoek
2.1
Algemeen Bij toepassing van NEN 5707 moet een hypothese worden opgesteld omtrent de aan-/ afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van het opstellen van een hypothese dient een vooronderzoek te worden uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725: 2017 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek). De aanleiding tot het vooronderzoek is: Opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek In dit hoofdstuk worden de bij de aanleiding behorende onderzoeksaspecten besproken. Daarnaast worden deze onderzoeksaspecten ook onderbouwd met de antwoorden op de verplichte onderzoeksvragen. In onderstaande tabel zijn de geraadpleegde bronnen weergegeven. Tabel 1: Geraadpleegde bronnen Geraadpleegde bron OD IJsselland: tankarchief OD IJsselland: BodemInformatieSysteem (BIS) Gemeente Zwolle: BIS Topotijdreis.nl Bodemloket
2.2
Website, contactpersoon of archief Martin Dijkink Martin Dijkink Zwolle.maps.arcgis.com www.topotijdreis.nl www.bodemloket.nl
Datum raadplegen 30 april 2019 30 april 2019 30 april 2019 30 april 2019 30 april 2019
Locatiegegevens De onderzoekslocatie betreft het terrein omgeven door de Schuurmanstraat, Luttenbergstraat, Buserstraat en Wiecherlinckstraat. Het heeft een oppervlakte van circa 2,5 ha en staat kadastraal bekend als gemeente Zwolle, sectie G, nummers 9943, 9944 en 9945. Er staan in totaal 6 flats op de percelen. De situering van de onderzoekslocatie is weergegeven in tekening 0454725-100-S1.
Blad 3 van 9
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
2.3
Bodemopbouw en geohydrologie Voor de plaatselijke bodemopbouw wordt verwezen naar paragraaf 4.1. Ten aanzien van de bodemopbouw en geohydrologie kan het volgende worden vermeld: - freatische grondwaterstand: 2,0 m –mv. - regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket: noordwestelijk - voorkomen van oppervlaktewater in de directe omgeving: ja, ten noordoosten loop het Almelose kanaal; - voorkomen van brak/zout grondwater: nee; - ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied: nee; - ophogingen/dempingen/bodemvreemde lagen bekend: nee; - Is het grondwatersysteem beïnvloed door menselijk handelen (drainage, bemalingen, onttrekkingen, infiltratie): nee. De gegevens over de geohydrologie zijn verkregen uit de Grondwaterkaart van Nederland (DGVTNO) en de actuele kaarten met grondwaterbeschermingsgebieden.
2.4
Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit Bodemonderzoeken/beschikkingen Op het terrein zijn voor zover bekend geen eerdere bodemonderzoeken uitgevoerd. Wel zijn verschillende bodemonderzoeken in de omgeving verricht. Tijdens het verkennend- en aanvullend bodemonderzoek aan het Almelose Kanaal 7 (Hunneman Milieu-Advies Raalte B.V., kenmerk: 2008628/am/sh, d.d. augustus 2008) zijn in de bovengrond sterk verhoogde gehalten aan zink en PAK gemeten. Daarnaast is in de ondergrond een matig verhoogd gehalte aan lood aangetoond. De matig tot sterk verhoogde gehalten zijn te herleiden aan bijmengingen met kooltjes in de bodem. Het matig verhoogde gehalte aan lood is in lijn met de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Zwolle. Van een aantal andere relevante onderzoeken in de directe omgeving zijn alleen de samenvattingen geleverd door de omgevingsdienst IJsselland. Op de Schuurmanstraat ten oosten en zuiden van de huidige onderzoekslocatie (AA019306131 en AA019306883) zijn bijmengingen met puin aangetroffen. Hier zijn geen gehalten boven de achtergrondwaarde aangetoond. Tankarchief De onderzoekslocatie komt wel voor in het tankarchief. Hieruit blijkt dat ondergrondse huisbrandolie-tanks hebben gelegen bij de flats aan de Schuurmanstraat 2 en de Wiecherlinckstraat 2. Uit het tankarchief van de Omgevingsdienst IJsselland blijkt dat deze zijn verwijderd.
Daarbij zijn geen gegevens genoteerd over eventuele bodemverontreiniging. Daarnaast komt ook een huisbrandolie-tank aan de Buserstraat 2 naar voren. Deze bij eerder uitgevoerd bodemonderzoek niet (meer) aangetroffen. Bodemkwaliteitskaart (BKK) Om de bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie te bepalen is verder de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Zwolle geraadpleegd (2015). De onderzoekslocatie ligt verspreid over twee deelgebieden. Het noordwestelijke deel van de onderzoekslocatie ligt in deelgebied ‘oude stadskern (voor 1900)’. De bodemkwaliteitskaart geeft aan dat dit deel gemiddeld kwaliteitsklasse industrie heeft voor de bodemlaag van 0,0 tot 2,0 m –mv. Hier worden matig verhoogde gehalten niet uitgesloten. Het zuidoostelijke deel van de onderzoekslocatie ligt in deelgebied ‘stedelijke
Blad 4 van 9
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
uitbreiding (voor 1960)’. De bodemkwaliteitskaart geeft aan dat dit deel van de onderzoekslocatie gemiddeld kwaliteitsklasse wonen heeft voor de bodemlaag van 0,0 tot 0,5 m –mv. Voor de bodemlaag van 0,5 tot 2,0 m –mv. is de gemiddelde kwaliteitsklasse landbouw/natuur. Overige historische gegevens Tijdens de uitvoering van het historisch onderzoek zijn geen gegevens gevonden over de verbranding of stort van afval, (her)gebruik van grond of andere bouwmaterialen, het (voormalige) gebruik van asbest, verkaveling, ontgrondingen, aanvullingen, afzetting van bodemvreemd materiaal, de verwachting ten aanzien van archeologische waarden, de verwachting van niet gesprongen explosieven en onbetrouwbaarheden of tegenstrijdigheden.
2.5
Voormalig, huidig en toekomstig gebruik Uit topotijdreis blijkt dat de huidige flats omstreeks 1965 zijn gebouwd. Voor die tijd had de onderzoeklocatie een agrarische bestemming. Dit bestond voornamelijk uit graslanden. In de nabije toekomst blijft het bodemgebruik van de onderzoekslocatie ongewijzigd.
2.6
Asbest De gebouwen zijn gebouwd in de asbestverdachte periode (1945 tot 1978). Daarnaast lopen er 2 gedempte sloten in een noordoost-zuidwestelijke richting over het terrein. De kwaliteit van het dempingsmateriaal is onbekend en dient als asbestverdacht te worden beschouwd.
2.7
Terreinverkenning Op 21 mei 2019 is door de heren G. Nijhof en R. Braakhekke van Antea Group een terreinverkenning uitgevoerd. Hierbij zijn geen bijzonderheden waargenomen.
2.8
Conclusie vooronderzoek en hypothese De verzamelde informatie geeft wel aanwijzingen voor de aanwezigheid van (voormalige) bodembedreigende activiteiten op het onderzoeksterrein. Op basis van het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat de locatie als asbestverdacht wordt aangemerkt omdat er aanwijzingen zijn voor bodembelastende activiteiten waarbij asbest op of in de bodem terecht kan zijn gekomen. Het gaat om het bouwen van de panden in de asbestverdachte periode en het dempen van sloten. Op basis van het vooronderzoek zijn de in onderstaande tabel opgenomen deellocaties te onderscheiden. Tabel 2: Verdachte deellocaties
1)
Deellocatie
Hypothese
Strategie 1)
A.
Slootdemping
verdacht
Maatwerk
B.
overig terreindeel
verdacht
VED-HE
Toelichting gebruikte onderzoekstrategieën: VED-HE : Onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming Maatwerk: : Een raai van 3 boringen ter plaatse van de slootdemping bij de te graven kelder
Blad 5 van 9
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
3
Verrichte werkzaamheden
3.1
Veldwerkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd in mei 2019. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000. In bijlage 5 is aangegeven welke protocollen zijn gevolgd en welke veldmedewerkers zijn ingezet. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn geplaatst: -
28 boringen tot 0,5 m –mv. 4 boringen tot 3,0 m –mv.
Alle boringen zijn ten behoeve van het asbestonderzoek voorgegraven conform de norm. Het maaiveld op de onderzoekslocatie is voor meer dan 75% begroeid/verhard. De begroeiing/verharding is niet verwijderd omdat de maatregelen niet in verhouding staan tot de gehanteerde onderzoeksintensiteit. Hierdoor was het niet mogelijk om de voorgeschreven maaiveldinspectie uit te voeren. In het geval geen inspectie mogelijk is wordt de gehele locatie als asbestverdacht aangemerkt. Het opgegraven materiaal is uitgespreid, geharkt/gezeefd en visueel geïnspecteerd op het voorkomen van asbestverdachte materialen. Van de verdachte bodemlagen zijn representatieve monsters samengesteld van de gezeefde fractie (<20mm). Na inspectie en monsterneming zijn de gaten gedicht met het uitgegraven materiaal. De situering van de boringen en proefgaten zijn weergegeven op situatietekening 0454725-100-S1.
3.2
Laboratoriumonderzoek In de volgende tabel is een overzicht gegeven van de uitgevoerde analyses. Tabel 3: Laboratoriumonderzoek Monsternaam
Grond AMM01 AMM02 AMM03 AMM04 AMM05 AMM06 AMM07 AMM08
Traject (m -mv)
Monstersamenstelling (meetpunt + traject in m -mv)
Laboratoriumanalyse
0,04-0,50 0,04-0,50 0,04-0,50 0,04-0,50 0,04-0,50 0,04-0,50 0,04-0,50 0,00-0,50
001 t/m 004 005 t/m 008 012 t/m 015 016 t/m 019 024 t/m 025 022 t/m 23 027 t/m 030 009 t/m 011, 020, 021, 031, 032
Asbest Grond NEN5898 2016 Asbest Grond NEN5898 2016 Asbest Grond NEN5898 2016 Asbest Grond NEN5898 2016 Asbest Grond NEN5898 2016 Asbest Grond NEN5898 2016 Asbest Grond NEN5898 2016 Asbest Grond NEN5898 2016
Blad 6 van 9
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
4
Onderzoeksresultaten
4.1
Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen De profielbeschrijvingen van de verrichte boringen met de bijbehorende veldwaarnemingen zijn opgenomen in bijlage 3. Uit de profielbeschrijvingen blijkt dat de bodem tot 2,2 à 2,6 x m –mv. uit zand bestaat. Vervolgens bestaat de bodem tot de maximaal geboorde diepte van 3,0 m –mv. uit klei. Bij het uitvoeren van het veldonderzoek is in de eerste halve meter overwegend zwakke bijmengingen met puin aangetroffen. Boring 27 en 27a t/m c zijn gezet bij de mogelijke locatie van de slootdemping. Hierbij is geen dempingsmateriaal aangetroffen. De betreffende boringen zijn wel gestaakt op 2,0 m –mv.
4.2
Toetsingskader Wet bodembescherming (Wbb) De analyseresultaten van het asbestonderzoek zijn opgenomen in bijlage 4 en zijn getoetst aan het huidige beleid van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Dit beleid is beschreven in bijlage 1.
4.3
Asbest In de onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de analyseresultaten van de onderzochte grondmonsters. Tabel 4: Analyseresultaten fijne fractie grondmonsters Monstercode
Gat(en)
Grondsoort en veldwaarnemingen
Traject (m -mv.)
Gemeten gehalte serpentijn (mg/kg)
Gemeten gehalte amfibool (mg/kg)
Totaal gemeten gehalte asbest (mg/kg)
Gewogen gehalte asbest in fijne fractie (mg/kg)
AMM01
001 t/m 004
Zand, zwak puinhoudend
0,04-0,5
<1,2
0,0
<1,2
<1,2
AMM02
005 t/m 008
Zand, zwak puinhoudend
0,04-0,5
<1,2
0,0
<1,2
<1,2
AMM03
012 t/m 015
Zand, zwak puinhoudend
0,04-0,5
<0,8
0,0
<0,8
<0,8
AMM04
016 t/m 019
Zand, zwak puinhoudend
0,04-0,5
<1,0
0,0
<1,0
<1,0
AMM05
024 t/m 025
Zand, zwak puinhoudend
0,04-0,5
<1,0
0,0
<1,0
<1,0
AMM06
022 t/m 23
Zand, zwak puinhoudend
0,04-0,5
<0,7
0,0
<0,7
<0,7
AMM07
027 t/m 030
Zand, zwak puinhoudend
0,04-0,5
<0,7
0,0
<0,7
<0,7
Blad 7 van 9
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
Monstercode
Gat(en)
Grondsoort en veldwaarnemingen
Traject (m -mv.)
Gemeten gehalte serpentijn (mg/kg)
Gemeten gehalte amfibool (mg/kg)
Totaal gemeten gehalte asbest (mg/kg)
Gewogen gehalte asbest in fijne fractie (mg/kg)
AMM08
009 t/m 011, 020, 021, 031, 032
Zand, zwak puinhoudend
0,00-0,5
<1,3
0,0
<1,3
<1,3
Verklaring bij de tabel: - geen waarnemingen Gewogen gehalte aan asbest: gemeten gehalte serpentijn + (10 maal gemeten concentratie amfibool)
Uit tabel 4 blijkt dat in de puinhoudende grond geen asbest is aangetoond. Volgens de NEN 5897 dient en totale gewogen gehalte aan asbest berekend te worden op basis van de gemeten gehalten in de grove en de fijne fractie, inclusief een correctie voor het percentage grove fractie. Aangezien in zowel de grove als de fijne fractie geen asbest is aangetoond, is deze berekening achterwege gelaten. De in de tabel aangegeven gehalten zijn tevens de eindgehalten.
Blad 8 van 9
Rapport Historisch onderzoek en verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord Zwolle projectnummer 0454725-100 29 mei 2019 revisie 00
5
Conclusies In het uitgevoerde bodemonderzoek is overeenkomstig de NEN 5725 en NEN 5707 een vooronderzoek en verkennend asbestonderzoek ter plaatse van de onderzoekslocatie uitgevoerd.
Vooronderzoek en algemene bodemkwaliteit De locatie heeft tot 1965 een agrarisch karakter gehad en bestond uit grasland. Na deze periode is het terrein bebouwd met de flats die momenteel nog op de locatie staan. Voor de bouw zijn twee sloten gedempt die over de locatie liepen. Aan de westzijde van het perceel hebben twee HBO-tanks gelegen welke in het verleden reeds zijn verwijderd. Ten noorden van de onderzoekslocatie zijn in de grond sterke verontreinigingen met zink en PAK aangetoond. Deze hangen samen met de bijmengingen met kooltjes in de grond. Deze bijmengingen zijn niet aangetroffen op het huidige onderzoeksterrein. Ten westen en zuiden van de onderzoekslocatie zijn bijmengingen met puin aangetroffen. Hier zijn geen gehalten boven de achtergrondwaarden aangetoond. Tijdens het onderzoek is geen dempingsmateriaal aangetroffen. De sloten zullen, gezien de ontwikkeling van de locatie, gelijktijdig gedempt zijn, vermoedelijk met gebiedseigen grond. Op basis hiervan kan voor de te verwachten algemene bodemkwaliteit uit worden gegaan van de bodemkwaliteitskaart. Op basis daarvan worden licht tot maximaal matig verhoogde gehalten aan zware metalen en PAK verwacht (klasse industrie).
Asbest Aangezien de gebouwen op locatie gebouwd zijn tijdens de asbestverdachte periode, is een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd. Hierbij is in het opgegraven materiaal puin aangetroffen. In de grond is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetoond. Voornoemde conclusies zijn gebaseerd op het vooronderzoek, de zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten van dit onderzoek. Antea Group Almere, mei 2019
Blad 9 van 9
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
Bijlage 1 Toelichting op bodemonderzoek
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
Kwaliteitsaspecten bodemonderzoek Betrouwbaarheid/garanties Bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van al dan niet verdachte bodemlagen. Hoewel Antea Group conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving handelt, is het juist deze steekproefsgewijze benadering die het onmogelijk maakt garanties ten aanzien van de verontreinigingssituatie af te geven op basis van de resultaten van een bodemonderzoek. Het vorenstaande betekent dat Antea Group op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Antea Group uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen Antea Group. In dit kader kan ook worden opgemerkt dat de voor het historisch onderzoek geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Certificatie/accreditatie Antea Group is gecertificeerd volgens NEN-ISO 9001. Ons bureau is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodemonderzoek (VKB).
Het veldwerk ten behoeve van het milieuhygiënisch bodemonderzoek is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). In de bijlage 'Verantwoording uitvoering onderzoek BRL 2000' is vermeld of Antea Group het veldwerk zelf heeft uitgevoerd of heeft uitbesteed aan een ander bureau. Zowel Antea Group als de bureaus waaraan Antea Group veldwerk uitbesteedt, zijn volgens de BRL SIKB 2000 gecertificeerd en erkend. Eventuele afwijkingen van de beoordelingsrichtlijn zijn in voorliggend rapport vermeld. In de bijlage 'Verantwoording uitvoering onderzoek BRL 2000' staan de namen en parafen van de veldmedewerkers die de kritische functies binnen het veldwerk hebben uitgevoerd. De naleving van de kwaliteitseisen en procedures wordt periodiek getoetst door interne auditors en externe auditors, onder toezicht van de Raad voor Accreditatie (RvA). De onderzochte locatie is niet in eigendom van Antea Group of gerelateerde zusterbedrijven. De in het bodemonderzoek benodigde analyses van grond en grondwater laat Antea Group verrichten door een RvA geaccrediteerd laboratorium. Deze accreditatie garandeert dat bij de analyses consequent de juiste en vastgelegde procedures worden gehanteerd zodat de analyseresultaten een hoge betrouwbaarheid hebben.
Voor de analyses geldt dat deze conform het Accreditatieschema (AS)3000 zijn uitgevoerd. De analyseresultaten zijn gevalideerd getoetst middels BOTOVA. Toepassing grond Het bodemonderzoek geeft inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het kader van het gebruik en/of de bestemming van de onderzochte locatie. Indien echter grond van de locatie wordt afgevoerd voor toepassing elders, volstaan de resultaten van het verrichte bodemonderzoek mogelijk niet. Afhankelijk van de omvang van de af te voeren partij(en) grond en de eisen die door de acceptant of het bevoegd gezag ter plaatse van de nieuwe toepassingslocatie worden gesteld (bijvoorbeeld aanwezigheid van een bodemkwaliteitskaart met bijbehorend bodembeheerplan), dient de grond eventueel nog conform de richtlijnen van het Besluit bodemkwaliteit te worden onderzocht. Asbest Met nadruk wordt vermeld dat onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in de bodem geen onderdeel uitmaakt van onderzoek dat door Antea Group is uitgevoerd volgens de NEN 5740. Alleen als in de rapportage is vermeld dat er onderzoek conform NEN 5707 is uitgevoerd, is specifiek asbestonderzoek gedaan. Als tijdens
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
het veldwerk in de bodem asbestverdachte materialen zijn opgemerkt, komt dit in de profielbeschrijvingen en de conclusies naar voren.
Toelichting op het uitgevoerde onderzoek Verkennend asbestonderzoek Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden dient een visuele inspectie van het onderzoeksterrein te worden uitgevoerd. Hierbij wordt de toplaag van het het terrein afgezocht naar asbestverdacht materiaal en puinrestanten. In voorkomende gevallen is visuele maaiveldinspectie zeer beperkt of niet mogelijk vanwege de aanwezigheid van verharding en/of vegetatie. Het uitvoeren van een maaiveldinspectie wordt gebruikt om te beoordelen of er binnen de onderzoekslocatie gedeelten aanwezig zijn die als meer of minder verdacht ten aanzien van de aanwezigheid van asbest kunnen worden aangemerkt. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn gaten gegraven van 0,3 x 0,3 m tot 0,5 m -mv (meter beneden maaiveld). In deze gaten zijn boringen verricht tot circa 1 m -mv. De opgeboorde grond is beoordeeld op het voorkomen van verontreinigingen, beschreven en bemonsterd. Het opgegraven materiaal is uitgespreid, geharkt/gezeefd en visueel geïnspecteerd op het voorkomen van asbestverdachte materialen. Na inspectie en monsterneming zijn de gaten gedicht met het uitgegraven materiaal. De posities van de gaten met boringen zijn ingemeten en weergegeven op de situatietekening.
Bepaling veiligheidsklassen Vooral hetgeen in branchepublicaties is aangegeven wordt door de Inspectie SZW beschouwd als 'de stand der techniek' en dient derhalve zorgvuldig te worden nagekomen. De veiligheidsklasse die in dit onderzoek is vastgesteld, betreft de voorlopige veiligheidsklasse. Bij het vaststellen van de voorlopige veiligheidsklasse zijn aannamen gedaan met betrekking tot de omstandigheden tijdens de uitvoer van de werkzaamheden. Wanneer het werk een geraamde duur van meer dan 30 mensdagen beslaat en er meer dan 20 werknemers op de locatie tegelijk werkzaam zijn, of indien de geraamde duur van het werk meer dan 500 mensdagen beslaat, dan dient eveneens via een kennisgeving aan Inspectie SZW het voornemen tot het tot stand brengen van het werk te worden gemeld.
Toelichting op de toetsingskader Toetsingskader asbest De resultaten van het NEN 5707+C2 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de interventiewaarde uit de Circulaire bodemsanering. De interventiewaarde voor asbest in bodem, grond en baggerspecie bedraagt 100 mg/kg ds, waarbij is uitgegaan van het zogenaamde 'gewogen gehalte' (het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest). Het gewogen gehalte asbest dat aan de interventiewaarde wordt getoetst, is het berekende totaal van asbesthoudend materiaal (grootte > 20 mm) en asbest in de fijne fractie (< 20 mm). Indien onderzoek is gedaan naar respirabele vezels, wordt de gemeten concentratie getoetst aan de risicogrenswaarde van 10 mg/kg (gewogen). Indien deze concentratie niet wordt overschreden is er geen sprake van onaanvaardbare risico’s. Voor het bepalen van de spoedeisendheid van een sanering van een bodemverontreiniging met asbest die is ontstaan voor juni 1993 dient gebruik te worden gemaakt van het protocol 'Milieuhygiënisch Saneringscriterium Bodem - protocol asbest'. Dit protocol is opgenomen als bijlage 3 van de Circulaire bodemsanering. Op basis van het fysische en chemische karakter is er voor asbest geen sprake van verspreidingsrisico's en ecologische risico's, maar wel van humane risico's.
In dit kader worden twee categorieën van (humane) risico's onderscheiden: Acceptabele risico's
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
Hierbij dienen de plaats, mate en omvang van de bodemverontreiniging nauwkeurig geregistreerd te worden bij het Kadaster. Ook kan het bevoegd gezag voorschrijven om beheersmaatregelen te treffen om blootstelling aan de verontreiniging te voorkomen. Als de inrichting van de locatie wijzigt, dienen de locatiespecifieke risico's opnieuw te worden beoordeeld. Onacceptabele risico's Naast kadastrale registratie dienen spoedig saneringsmaatregelen te worden genomen op het betreffende deel van de locatie. De termijn 'spoedig' dient uitgewerkt te worden door het bevoegd gezag in een beschikking. Puin De resultaten van het NEN 5897+C2 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de regelingeving zoals opgenomen in het Productenbesluit asbest. In het Productenbesluit asbest is vermeld dat het verboden is om asbest of asbesthoudende producten te vervaardigen, in Nederland in te voeren, voorhanden te hebben, aan een ander ter beschikking te stellen, toe te passen of te bewerken. Een product wordt niet als asbesthoudend beschouwd als aan het product geen asbest opzettelijk is toegevoegd en het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest niet hoger is dan 100 mg/kg ds. Deze waarde wordt in voorliggende rapportage aangeduid als restconcentratienorm.
Hergebruik van grond en puin Indien de grond en het puin worden hergebruikt, is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. In dit besluit is opgenomen dat voor asbest in grond en puin een gewogen gehalte van 100 mg/kg ds (het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest) als maximale samenstellingswaarde geldt.
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
Bijlage 2 Bekende gegevens
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
Bekende gegevens Topotijdreis 1900
1955
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
1964
2018
Vooronderzoek en Verkennend asbestonderzoek Weezenlanden-noord te Zwolle projectnummer 454725.100 Mei 2019
Bodemloket
Rapport Bodemloket Geen locatiecode Wiecherlinckstraat 2 Datum: 28-05-2019
Legenda
Locatie Voortgang onderzoek
Mijnsteengebieden
1/3
Geen locatiecode Wiecherlinckstraat 2
Inhoud 1
Algemeen
1.1 Administratieve gegevens 1.2 Statusinformatie 1.3 Verontreinigende (onderzochte) activiteiten 1.4 Onderzoeksrapporten 1.5 Besluiten 1.6 Saneringsinformatie 1.7 Contactgegevens 2
Disclaimer
1
Algemeen Dit rapport is opgesteld met de gegevens uit http://www.bodemloket.nl/
1.1
Administratieve gegevens Locatienaam:
Wiecherlinckstraat 2
Identificatiecode volgens bevoegd gezag: Locatiecode gemeentelijk BIS:
BI019303238
Adres: Gegevensbeheerder:
1.2
1.3
1.4
Statusinformatie Vervolg:
Uitvoeren historisch onderzoek.
Omschrijving:
Op de onderzoekslocatie moet een historisch onderzoek worden uitgevoerd. Uit dit onderzoek moet blijken of op de onderzoekslocatie activiteiten aanwezig zijn (geweest) die de bodem mogelijk hebben verontreinigd.
Verontreinigende (onderzochte) activiteiten Omschrijving
Start
Eind
brandstoftank (ondergronds) (631240)
onbekend
onbekend
Onderzoeksrapporten Type
1.5
Zwolle
Auteur
Kenmerk
Datum
Saneringsinformatie Bovengronds
2/3
Datum
Besluiten Type
1.6
Nummer
Ondergronds
Start
Eind
Contact 1.7
Gedetailleerde informatie over deze locatie kunt u opvragen bij Gemeente Zwolle http://www.zwolle.nl bodeminfo@zwolle.nl Bodemkaarten Zwolle
2
Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.
3/3
Rapport Bodemloket Geen locatiecode Schuurmanstraat -2 Datum: 28-05-2019
Legenda
Locatie Voortgang onderzoek
Mijnsteengebieden
1/3
Geen locatiecode Schuurmanstraat -2
Inhoud 1
Algemeen
1.1 Administratieve gegevens 1.2 Statusinformatie 1.3 Verontreinigende (onderzochte) activiteiten 1.4 Onderzoeksrapporten 1.5 Besluiten 1.6 Saneringsinformatie 1.7 Contactgegevens 2
Disclaimer
1
Algemeen Dit rapport is opgesteld met de gegevens uit http://www.bodemloket.nl/
1.1
Administratieve gegevens Locatienaam:
Schuurmanstraat -2
Identificatiecode volgens bevoegd gezag: Locatiecode gemeentelijk BIS:
BI019303166
Adres: Gegevensbeheerder:
1.2
1.3
1.4
Statusinformatie Vervolg:
Uitvoeren historisch onderzoek.
Omschrijving:
Op de onderzoekslocatie moet een historisch onderzoek worden uitgevoerd. Uit dit onderzoek moet blijken of op de onderzoekslocatie activiteiten aanwezig zijn (geweest) die de bodem mogelijk hebben verontreinigd.
Verontreinigende (onderzochte) activiteiten Omschrijving
Start
Eind
brandstoftank (ondergronds) (631240)
onbekend
onbekend
Onderzoeksrapporten Type
1.5
Zwolle
Auteur
Kenmerk
Datum
Saneringsinformatie Bovengronds
2/3
Datum
Besluiten Type
1.6
Nummer
Ondergronds
Start
Eind
Contact 1.7
Gedetailleerde informatie over deze locatie kunt u opvragen bij Gemeente Zwolle http://www.zwolle.nl bodeminfo@zwolle.nl Bodemkaarten Zwolle
2
Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.
3/3
Rapport Bodemloket Geen locatiecode Buserstraat 1 Datum: 28-05-2019
Legenda
Locatie Voortgang onderzoek
Mijnsteengebieden
1/3
Geen locatiecode Buserstraat 1
Inhoud 1
Algemeen
1.1 Administratieve gegevens 1.2 Statusinformatie 1.3 Verontreinigende (onderzochte) activiteiten 1.4 Onderzoeksrapporten 1.5 Besluiten 1.6 Saneringsinformatie 1.7 Contactgegevens 2
Disclaimer
1
Algemeen Dit rapport is opgesteld met de gegevens uit http://www.bodemloket.nl/
1.1
Administratieve gegevens Locatienaam:
Buserstraat 1
Identificatiecode volgens bevoegd gezag: Locatiecode gemeentelijk BIS:
BI019301975
Adres: Gegevensbeheerder:
1.2
1.3
1.4
Statusinformatie Vervolg:
Uitvoeren historisch onderzoek.
Omschrijving:
Op de onderzoekslocatie moet een historisch onderzoek worden uitgevoerd. Uit dit onderzoek moet blijken of op de onderzoekslocatie activiteiten aanwezig zijn (geweest) die de bodem mogelijk hebben verontreinigd.
Verontreinigende (onderzochte) activiteiten Omschrijving
Start
Eind
brandstoftank (ondergronds) (631240)
onbekend
onbekend
Onderzoeksrapporten Type
1.5
Zwolle
Auteur
Kenmerk
Datum
Saneringsinformatie Bovengronds
2/3
Datum
Besluiten Type
1.6
Nummer
Ondergronds
Start
Eind
Contact 1.7
Gedetailleerde informatie over deze locatie kunt u opvragen bij Gemeente Zwolle http://www.zwolle.nl bodeminfo@zwolle.nl Bodemkaarten Zwolle
2
Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.
3/3
Gemeente Zwolle Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek in combinatie met een verkennend asbestonderzoek op het terrein aan het Almelose Kanaal 7 te Zwolle Projectnummer: Datum:
Opdrachtgever: Gemeente Zwolle Postbus 10007 8000 GA ZWOLLE Kunneman Milieu-Advies Raalte BV Postbus 253, 8100 AG RAALTE Tel: 0572-360998 Fax: 0572-351574 E-mail: infofoUiunneman-milieu.nl
2008628/am/sh augustus 2008
INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING
1
2 VOORONDERZOEK
2
2.1 ACHTERGRONDINFORMATIE
2
2.2 BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE 2.3 ONDERZOEKSSTRATEGIE
2 3
3 VELD- EN CHEMISCH ONDERZOEK
4
3.1 VELDONDERZOEK 4 3.2 LABORATORIUMONDERZOEK 5 3.3 TOETSINGSCRITERIA EN ANALYSERESULTATEN 5
4
INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN
9
4.1 VASTE BODEM EN GRONDWATER
9
4.2 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
10
BIJLAGEN: 1 2 3 4 5
Topografisch overzicht Beschrijvingen bodemprofielen Analyserapporten vaste bodem, grondwater en asbest Toetsingstabel standaardbodem Monstememingsplan en -formulier asbest
TEKENING: 1-1
Situatie met monsterpunten, peilbuis en ruimtelijke eenheid
Hunneman Milieu-Advies
1
INLEIDING
In opdracht van de gemeente Zwolle is in de maanden juni en juli 2008 door Hunneman Milieu-Advies een verkennend- en aanvullend bodemonderzoek in combinatie met een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd op het terrein aan het Almelose Kanaal 7 te Zwolle. Voor een topografisch overzicht van de onderzoekslocatie en de omgeving verwijzen wij naar bijlage 1. Het onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de voorgenomen verkoop van de locatie. Het doel van het onderzoek is het aantonen of op het te onderzoeken perceel sprake is van bodemverontreiniging. Het veldwerk, de grond- en grondwaterbemonstering en het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd conform de beoordelingsrichtlijn “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” BRL SIKB 2000. Voor deze richtlijn is Hunneman Milieu-Advies Kaalte BV in het bezit van een procescertificaat welke is afgegeven door KIWA. Het procescertificaat van Hunneman Milieu-Advies Kaalte BV en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek”. Hunneman Milieu-Advies Kaalte BV is geen eigenaar van de te onderzoeken percelen en is onafhankelijk van de opdrachtgever. Het rapport is als volgt ingedeeld: • Vooronderzoek • Veld- en chemisch onderzoek • Interpretatie onderzoeksresultaten
herkennend- en aanvullend bodem- en asbestonderzoek: Almelose Kanaal 7 te Zwolle
(hoofdstuk 2); (hoofdstuk 3); (hoofdstuk 4).
1
Hunneman Milieu-Advies
2
VOORONDERZOEK
Het historisch onderzoek is uitgevoerd op basisniveau conform NVN 5725 door de gemeente Zwolle en wordt als afdoende beschouwd. De in dit hoofdstuk beschreven gegevens zijn verkregen uit de volgende bronnen: • informatie opdrachtgever; • locatiebezoek; • grondwaterkaart van Nederland.
2.1 Achtergrondinformatie De locatie heeft een oppervlakte van 127 m^ en grenst aan de percelen aan het Almelose Kanaal 7a en 7b te Zwolle. De locatie is kadastraal bekend als: Gemeente Zwolle, sectie
ZLE-G, nummers 11084(ged) en 11264(ged). Volgens informatie van de gemeente Zwolle heeft op de locatie Almelose Kanaal 7b in het verleden een smederij gezeten. Voor zover bekend hebben verder op of nabij de onderzoekslocatie geen calamiteiten en/of activiteiten plaatsgevonden die de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en het grondwater nadelig kunnen hebben beïnvloed.
2.2 Bodemopbouw en geohydrologie Regionale bodemopbouw De gegevens inzake de bodemopbouw en geohydrologie zijn verkregen uit de Grondwaterkaart van Nederland, DGV-TNO, kaartblad 6 Oost/7 West. De gegevens over de regionale bodemopbouw zijn samengevat in tabel 1. Tabel I: pakket
schematische voorstelling van de regionale bodemopbouw samenstelling diepte (in m-mv)
Deklaag
5
zand, klei, veen
Eerste WVP
90
grof zand
Scheidende laag
110
klei
Tweede WVP
>110
zand
Toelichting: WVP
= watervoerend pakket
Regionale grondwaterstroming De regionale stroming van het grondwater in het watervoerend pakket is zuid westelijk gericht. De lokale grondwaterstroming zal naar alle waarschijnlijkheid worden beïnvloed door het nabij gelegen “Almelose Kanaal en het Zwarte Water". Door fluctuatie in de waterstand van het Almelose Kanaal en Zwarte Water, kunnen deze zowel een infiltrerende (bij hoge waterstanden) als drainerende (bij lage waterstanden) invloed hebben op de omgeving.
Verkennend- en aanvullend bodem- en asbestonderzoek; Almelose Kanaal 7 te Zwolle
2
Hunneman Milieu-Advies
2.3
Onderzoeksstrategie
Voorafgaand aan het veldonderzoek is een historisch vooronderzoek uitgevoerd volgens de NVN 5725. Het historisch onderzoek is uitgevoerd door de gemeente Zwolle. Het gecombineerde onderzoek is uitgevoerd volgens de onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek op niet verdachte locaties (strategie “ONV” uit de NEN 5740) en een verkennend onderzoek asbest op niet verdachte locaties (strategie 7.4.1 uit de NEN5707). Naar aanleiding van de resultaten uit het verkennend bodemonderzoek is aanvullend chemisch onderzoek uitgevoerd. Het uitgevoerde veld- en laboratoriumonderzoek is samengevat in tabel 2. Tabel 2:
uitgevoerd veld- en laboratoriumonderzoek veldonderzoek bodemasbestwaarvan tot oppervlakte met onderzoek onderzoek ongeroerde monsterpunten monsterpunten laag (max. peilbuis tot 0,5 m-mv*’ tot 0,5 m-mv** 2,0 m-mv) 127
4
4
2
1
-
-
-
-
aanvullend onderzoek
laboratoriumonderzoek vaste bodem
grondwater
2 X NEN-grond 1 X lutum + org.stof 1 X asbest in grond 4 X NEN-grond 6 X lood
1 X NEN-water ”
toelichting: * ; monsterpunten betreffen een handmatige boring met een minimale doorsnede van 12 cm ** : monsterpunten betreffen een handmatige ontgraving met een minimale omvang van 30 x 30 cm 1 : wordt gecombineerd uitgevoerd met het asbestonderzoek
De samenstelling van de “NEN-pakketten” is weergegeven in tabel 3. Tabel 3:
samenstelling NEN-pakketten NEN-grond
NEN-grondwater
zware metalen (arseen, cadmium, chroom, koper, kwik, lood, nikkel en zink)
X
X
EOX (extraheerbare organohalogeen verbindingen)
X
-
PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen)
X
-
minerale olie
X
X
vluchtige aromaten, inclusief naftaleen
-
X
VCK (vluchtige chloorkoolwaterstoffen)
-
X
chloorbenzenen
-
X
parameters
Verkennend- en aanvullend bodem- en asbestonderzoek; Almelose Kanaal 7 te Zwolle
3
Hunneman Milieu-Advies
3
VELD- EN CHEMISCH ONDERZOEK
3.1 Veldonderzoek Het veldonderzoek is uitgevoerd op 27 juni 2008 door Hunneman Milieu-Advies. Voor het onderzoek zijn 4 monsterpunten geselecteerd (1 t/m 4). De monsterpunten zijn handmatig gegraven tot maximaal 0,5 m-mv met een minimale oppervlakte van 0,09 m^ (30 X 30 cm). De 4 monsterpunten zijn met behulp van een grondboor (diameter 12 cm) doorgezet tot de ongeroerde laag. Hiervan is 1 monsterpunt doorgezet tot 4,2 m-mv en afgewerkt als peilbuis. De opgegraven/opgeboorde grond is op een stuk folie uitgelegd met een maximale laagdikte van 2 cm. De grond is vervolgens geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal en afval- en puinrestanten. Voor de situatie van de monsterpunten en de peilbuis verwijzen wij naar tekening 1-1. Bodemopbouw In het veld zijn de fysische bodemeigenschappen per monsterpunt en bodemlaag beschreven. De beschrijvingen van de bodemprofielen zijn opgenomen in bijlage 2 en samengevat in tabel 4. samenvatting van het lokaal aangetroffen bodemprofiel hoofdnaam
toevoeging
O 0 1 O Ov
Tabel 4:
zand, matig fijn
zwak siltig, zwak humeus
0,6-2,0
zand, matig fijn
zwak siltig
2,0-2,5
klei
matig siltig
2,5 - 4,2
zand, matig fijn
zwak siltig
traject (m-mv)
grondwaterstand: ca. 2,7 m-mv
Zintuiglijke waarnemingen Tijdens het veldonderzoek (bewolkt weer, droog, temp ca. 18 °C) is de opgeboorde grond beoordeeld op zintuiglijk waarneembare verontreinigingsindicaties. Hierbij is gebruik gemaakt van de olie/ water-test (O/W-test) en is gelet op afwijkende kleur of geur van de bodem. Tijdens het veldonderzoek zijn, met uitzondering van bijmengingen met puin en/of kooldeeltjes in enkele boringen, op of in de bodem zintuiglijk geen indicaties waargenomen die duiden op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging. Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen in of op de bodem aangetroffen. Eventuele bijzonderheden zijn weergegeven in de boorbeschrijvingen (bijlage 2). Monstemame Voor het chemisch onderzoek zijn uit de boringen van iedere 0,5 m of onderscheiden bodemlaag monsters genomen. Het grondwater uit de peilbuis is een week na plaatsing bemonsterd. De zuurgraad (pH) en de elektrische geleidbaarheid (EC) van het grondwater zijn in het veld gemeten. De meetresultaten zijn weergegeven in tabel 9.
Verkennend- en aanvullend bodem- en asbestonderzoek; Almelose Kanaal 7 te Zwolle
4
Hunneman Milieu-Advies
3.2 Laboratoriumonderzoek Op basis van de gehanteerde onderzoeksstrategie en waarnemingen tijdens het veldonderzoek zijn mengmonsters samengesteld voor analyse. De samenstelling van de mengmonsters is weergegeven in tabel 5 en 8. Naar aanleiding van de analyseresultaten is aanvullend chemisch onderzoek uitgevoerd. De resultaten van het aanvullend onderzoek zijn opgenomen in tabel 6 en 7. De analyses zijn uitgevoerd door een door de RvA geaccrediteerd laboratorium. De grondmonsters zijn geanalyseerd, conform de richtlijnen van de op 1 juli 2007 inwerking getreden AS3000 regeling. De AS3000 regeling maakt onderdeel uit van de per 1 oktober 2006 in werking getreden KWALlBO-regeling. De analyserapporten van het laboratorium zijn opgenomen in bijlage 3. De resultaten van de analyses zijn weergegeven in tabel 5 t/m 9. Afwijking op BRL SIKB 3001 Op het volgende punt is afgeweken van de BRL SIKB 3001; Eén aantal monsters zijn naar aanleiding van de analyseresultaten aanvullend separaat geanalyseerd en later ingezet. Hierbij is de conserveringstermijn de parameters PAK, EOX en minerale olie overschreden, waarbij voor onderhavig onderzoek de parameter PAK het meest relevant is. Gezien de geringe overschrijding van de conserveringstermijn en omdat de analyses op de separate monsters worden uitgevoerd, achten wij de genoemde afwijking als nietkritisch.
Derhalve is het toegestaan het keurmerk “Kwaliteitswaarborg bodembeheer SKB” te gebruiken. 3.3 Toetsingscriteria en analyseresultaten Als bijlage 4 is het toetsingskader met de streef- en interventiewaarden opgenomen. De toetsingswaarden zijn gerelateerd aan het organische stof- en lutumgehalte van de bodem en worden gehanteerd om de verontreinigingssituatie vast te stellen;
•
Streefwaarden (•)* De streefwaarden geven het niveau aan waar beneden sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De streefwaarden hebben betrekking op de in de natuur voorkomende achtergrondgehalten, of detectiegrenzen bij stoffen die niet in natuurlijke milieus voorkomen.
•
Criterium voor nader onderzoek (••)' Het criterium 14(interventiewaarde + streefwaarde) of “toetsingswaarde nader onderzoek” is vastgesteld om aan te geven dat een nader onderzoek nodig is. Voor stoffen waarvoor geen streefwaarde is vastgesteld, dient 14(interventiewaarde) gehanteerd te worden.
•
Interventiewaarden (•••)' De interventiewaarden geven het concentratieniveau voor verontreinigende stoffen aan waarboven sprake is van ernstige bodemverontreiniging. In bijzondere situaties kan ook bij gehaltes beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging. De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico’s voor de volksgezondheid en het ecosysteem.
Verkennend- en aanvullend bodem- en asbeslonderzoek; Almelose Kanaal 7 te Zwolle
5
Hunneman MUieu-Advies
*De symbolen tussen haakjes corresponderen met de “overschrijdingssymbolen” van tabel 5 t/m 9.
Van een geval van ernstige verontreiniging is sprake indien de gemiddelde concentratie van een verontreinigende stof in minimaal 25 m^ grond of 100 m^ grondwater hoger is dan de interventiewaarden. Overschrijding van de interventiewaarden betekent niet automatisch dat de sanering urgent is. Nadat de globale omvang is vastgesteld, zal op basis van de actuele risico’s voor de mens, de actuele risico’s voor het ecosysteem en de verspreidingsrisico’s, de urgentie van een sanering moeten worden bepaald. Indien het geval niet urgent is en geen functiewijziging van het terrein plaatsvindt is er geen reden om tot directe sanering over te gaan. Tabel 5: %H = 4,5 %L = 6,2 monster boring traject (m-mv)
analyseresultaten vaste bodem Analyseresultaten (mg/kg d.s.) MM-01 1 t/m 4 0,0-0,5
MM-02 1+2 0,5-2,0
10 <0,5 <15 51* 0,44* 220* 12 180* 22<0,3 <20
9,9 <0,5 <15 380,37* 25012 77* 0,48 <0,3 <20
arseen cadmium chroom koper kwik lood nikkel zink PAK (lO)-tot. EOX min.olie Tabel 6:
Toetsingswaarden (mg/kg d.s.)
S-waarde
'/2(S+I)
I-waarde
19 0,55 62 21 0,23 61 16 75 1 0,3 22,5
28 4,4 150 67 3,9 220 57 232 20,5 # 1136
37 8,2 237 113 7,6 378 97 388 40 # 2250
analyseresultaten uitsplitsing MM-Ol
% H = 4,5 % L = 6,2
analyseresultaten (mg/kg d.s.)
monster boring traject (m-mv)
1-01 0,0-0,5
arseen cadmium chroom koper kwik lood nikkel zink PAK(10)-tot. EOX min.olie
5.5 <0,5 <15 10 <0,15 79* 6,0 811,2<0.3 <20
1
2-01 2 0,0-0,5 8,2 <0,5 <15 840,73* 2808,7 120* 3,7<0,3 30*
toetsingswaarden (mg/kg d.s.)
3-01 3 0,0-0,5
4-01 4 0,0-0,5
Swaarde
'A (S+I)
Iwaarde
29* 0,6* 25 940,57* 33026* 360— 74— 0,4* 60"
6,6 <0,5 <15 18 0,24* 110* 9,3 792,1<0,3 <20
17 0,48 54 18 0,21 55 12 60 ï 0,3 13
25 4 131 55 3,6 197 43 184 20,5 # 507
32 7,2 206 94 7 341 73 310 40 # 1300
Toelichting bij tabel: • : overschrijding van de streefwaarde H : organisch stof •• : overschrijding van de toetsingswaarde voor nader onderzoek ^ • Jutum : oversclirijding van de iiilervemiewaarde
# : geen loelsingswaarden voor gegeven
Verkennend- en aanvullend bodem- en asbestondenoek. Almelose Kanaal 7 te Zwolle
6
Hunneman MUieu-Advies
Tabel 7; VeH=
analyseresultaten uitsplitsing MM-02
analyseresultaten (mg/kg d.s.)
4,5
toetsingswaarden (mg/kg d.s.)
%L= 6,2
monster boring traject (m-mv) lood
1-02 1-03 1-04 2-02 2-03 2-04 111 2 2 2 0,5-1,0 1,0-1,5 1,5-2,0 0,5-1,0 1,0-1,5 1,5-2,0
S- !4 Iwaarde (S-i-I) waarde
38 320" 100* 130* 190* 19
61 220 378
Toelichting bij tabel: • : overschrijding van de streefwaarde H; organisch stof , , j j j 1 ff: geen toetsingswaarden voor gegeven * i..*. ^ •• : ovef^hnjding van de toetsingswaarde voor nader ondei2oek ® ® ® L • lutum ••• : overschrijding van de interventiewaarde
Tabel 8:
analyseresultaten asbestanalyse resultaten laboratoriumonderzoek
monsteromschrijving ^ ^ ^ traject monster monsterpunt , . (m-mv)
RE-01 lt/m4 0,0-0,6
^ ^ ? , aan asbest asbestsoort , ,, , ^ (mg/kg d.s.)
hechtgebonden grenswaarde fo ✓• / i asbest? (ja/nee) (mg/kg d.s.)
L
3,7 chrysotiel nee
Verkennend- en aanvullend bodem- en ashestonderzoek; Almelose Kanaal 7 le Zwolle
100
1
Hunneman Milleu-Advies
Tabel 9:
analyseresultaten grondwater
peilbuis filter (m-mv) PH EC (ps/cm) zware metalen arseen cadmium chroom koper kwik lood nikkel zink vluchtige aromaten benzeen tolueen ethylbenzeen xylenen (som) nafialeen gechloreerde koolwaterstoffen 1,2-dichloorethaan cis 1,2-dichlooretheen tetrachlooretheen (per) tetrachloormethaan (tetra) 1,1,1 -trichloorethaan 1,1,2-trichIoorethaan trichlooretheen (tri) trichloormethaan (chloroform) chloorbenzenen monochloorbenzeen dichloorbenzenen (som) minerale olie
analyseresultaten (pg/1) 1 3,2 - 4,2 7,9 660
S-waarde
■/2(S+I)
I-waarde
<10 <0,8 <1 <15 <0,05 <15 <15 <60
10 0,4 1 15 0,05 15 15 65
35 3 16 45 0,17 45 45 433
60 6 30 75 0,3 75 75 800
<0,2 <0,3 <0,3 <0,3 <0,2
0.2 7 4 0,2 0,1
15 504 77 35 35
30 1000 150 70 70
<0,6 0,31* <0,1 <0,1 <0,1 <0,1 <0,6 <0,6
7 0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 24 6
204 10 20 5 150 65 262 203
400 20 40 10 300 130 500 400
<0,6 <1,8 <100
7 3 50
94 27 325
180 50 600
toetsingswaarden (pg/l)
Toelichting bij tabel: *
: overschrijding van de streefwaarde
•• : overschrijding van de toetsingswaarde voor nader onderzoek ••• : overschrijding van de interventiewaarde
Verkennend- en aanvullend bodem- en asbestonderzoek; Almelose Kanaal 7 te Zwolle
8
Hunneman Milieu-Advies
4
INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN
In opdracht van de gemeente Zwolle is in de maanden juni en juli 2008 door Hurmeman Milieu-Advies een verkennend- en aanvullend bodemonderzoek in combinatie met een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd op het terrein aan het Almelose Kanaal 7 te Zwolle. Het onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de voorgenomen verkoop van de locatie en heeft tot doel het aantonen of op het te onderzoeken perceel sprake is van bodemverontreiniging. 4.1 Vaste bodem en grondwater Verkennend bodemonderzoek Tijdens het veldonderzoek zijn ter plaatse van boring 1 t/m 3 bijmengingen met puin en/of kooldeeltj es waargenomen in de vaste bodem. In het mengmonster van de bovengrond (MM-01) zijn licht verhoogde gehalten aan koper, kwik, lood en zink en een matig verhoogd gehalte aan PAK aangetoond. De aangetoonde gehalten aan koper, kwik, lood en zink overschrijden de streefwaarden. Het aangetoonde gehalte aan PAK overschrijdt de toetsingswaarde voor nader onderzoek, maar blijft beneden de interventiewaarde. Van de overig geanalyseerde parameters zijn geen gehalten aangetoond boven de streefwaarden. In het mengmonster van de ondergrond (MM-02) zijn licht verhoogde gehalten aan koper, kwik en zink en een matig verhoogd gehalte aan lood aangetoond. De aangetoonde gehalten aan koper, kwik en zink overschrijden de streefwaarden.
Het aangetoonde gehalte aan lood overschrijdt de toetsingswaarde voor nader onderzoek, maar blijft beneden de interventiewaarde. Van de overig geanalyseerde parameters zijn geen gehalten aangetoond boven de streefwaarden. In het grondwater uit peilbuis 1 is een licht verhoogd gehalte aan cis 1,2-dichlooretheen aangetoond. Het aangetoonde gehalte overschrijdt de streefwaarde maar blijft beneden de toetsingswaarde voor nader onderzoek. Van de overig geanalyseerde parameters zijn geen gehalten aangetoond boven de streefwaarden. Aanvullend onderzoek Naar aanleiding van de matig verhoogd aangetoonde gehalten in MM-01 en MM-02 zijn de individuele monsters waaruit beide mengmonsters zijn samengesteld separaat geanalyseerd op respectievelijk het NEN-grondpakket en lood. In de separaat geanalyseerde monsters van de bovengrond zijn, met uitzondering van boring 3, overwegend licht tot matig verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK en/of minerale olie aangetoond. In boring 3 zijn sterk verhoogde gehalten aan zink en PAK aangetoond. De sterk verhoogd aangetoonde gehalten overschrijden de interventiewaarden.
Verkennend- en aanvullend bodem- en asbestonderzoek; Almelose Kanaal 7 te Zwolle
9
Hunneman Milieu-Advies
In de separaat geanalyseerde monsters van de ondergrond zijn licht tot matig verhoogde gehalten aan lood aangetoond. Het maximaal aangetoonde gehalte 320 mg/kg d.s. (boring 1) overschrijdt de toetsingswaarde voor nader onderzoek maar blijft beneden de interventiewaarde. Verkennend asbestonderzoek Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen in of op de bodem aangetroffen. In het mengmonster van de bovengrond (RE-OI) is een gewogen gehalte van 3,6 mg/kg d.s. aan asbest aangetoond. Het aangetoonde gehalte blijft ruim beneden de grenswaarde (100 mg/kg d.s.). 4.2
Conclusies en aanbevelingen
Tijdens het veldonderzoek zijn bijmengingen met puin en/of kooldeeltjes waargenomen in de vaste bodem. In de bovengrond is locaal een sterke verontreiniging met zink en PAK aangetoond. Van de overig geanalyseerde parameters zijn geen tot matig verhoogde gehalten aangetoond. In de ondergrond is locaal een matig verhoogd gehalte aan lood aangetoond. Het matig verhoogd aangetoonde gehalte aan lood overschrijdt de toetsingswaarde maar blijft beneden de interventiewaarde. Van de overig geanalyseerde parameters zijn geen tot licht verhoogde gehalten aangetoond. In het grondwater is een licht verhoogd gehalte aan cis-l,2-dichlooretheen aangetoond. Het aangetoonde gehalte overschrijdt de streefwaarde maar vormt geen aanleiding tot nader onderzoek. Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen in of op de bodem aangetroffen. In het mengmonster van de bovengrond is een gewogen gehalte van 3,6 mg/kg d.s. aan asbest aangetoond. Het aangetoonde gehalte blijft ruim beneden de grenswaarde. Op de locatie is geen potentiële bron aanwezig en in onderhavig asbestonderzoek zijn analyses uitgevoerd conform NEN-5707 voor asbest in grond/ puin. Uit de zintuiglijke waarnemingen en de analyse blijkt dat reeds in het verkennend asbestonderzoek analytisch voldoende bodemmateriaal is onderzocht (in verhouding met de aangetoonde asbest-deeltjesgrootte).
In afwijking van een nader onderzoek zijn geen monsterpunten gegraven van 30 x 200 cm, maar gaten van 30 x 30 cm. Uit bovenstaande blijkt dat het uitgevoerde asbestonderzoek conform de norm voor nader onderzoek asbest is uitgevoerd, met uitzondering van de grootte van de gegraven monsterpunten. Wij verwachten echter dat door het graven van grotere sleuven de asbestconcentratie niet zal toenemen en zien derhalve geen reden tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. De aangetroffen verontreiniging met zink en PAK in de bovengrond is niet ingekaderd en is naar verwachting grensoverschrijdend. Naar verwachting maakt de aangetoonde verontreiniging deel uit van een groter geval van bodemverontreiniging of betreffen het verhoogde achtergrondwaarden zoals deze vaker worden aangetroffen in oudere stadskernen. Bij eventuele aan-/verkoop van de locatie dient er rekening te worden gehouden dat zich circa 25 m^ sterk verontreinigde bovengrond op de onderzoekslocatie bevindt. Verkennend- en aanvullend bodem- en asbestonderzoek: Almelose Kanaal 7 te Zwolle
10
BIJLAGE 1 Topografisch overzicht
Omgevingskaart
Klantreferentie: 2008628
Deze kaart is ncxjrdgericht. Schaal 1; 12500 Hier bevindt zich Kadastraal object ZWOLLE G 11083 Almelose Kanaal 7B, ZWOLLE © De auteursrechten en databankenrechten zijn voorbehouden aan de Topografische Dienst Kadaster.
m
babowMl gM '!| b _ b • huizenblok, groot gebouw b huizen ■i dcS 5 hoogbouw d kM» wegen autoenetweg hoofdweg met gescheiden r| banen —hoofdweg — - - ~ re^onale weg met gescheiden rijbanen
HD-
a meao bovongrrxxiB b metroetation
,regkxMie weg — -■ - - lokale weg mei gescheiden rijbanen lokale weg — weg met losse of slechte verharding ™ I onverharde weg strsat/overige weg --:••• wandelgebied fietspad pad, voetpad
spoorweg: ankal^xjor yoorvwg: dübbdapoor ipoorvwig; cHsaporig apoonMg: viaraporig b laadpencn
bed I -■ r >
a
• , P
" ■ weg in aanleg = weg in ontwerp iO|(tlll viaduct lurviel vaste brug
0
k
1
i r
k
beweegbare brug 9 6 9 1
bftigoppjJBra
'' kV
waterloop; smaller dan 3 m waterioc^: 33 m broed waterloop: breder dan6 m B schutsluis b brug c vonder d koedam b sh^ a grordduSter d skis c oukar bodemgebrullc B weide met sloten b bouwland mei greppeie c boomgaard d fruitkwekerij e boomkweker^ f weide met populieren g loofbos n naaldbos i gerr>engd boa ] grier>d k Iheide • • t zand m dras an riet n heg en houtwal
e-i-
b(
c^
de
•O
f♦
ovarfg» symbolen a kerk, moskee b toron, hoge koepel o kerk, mowcee met toren d markant object e watertoren f vuurtoren
a gemeentehuis b po^kantoor d wegwijzer a kapel b knie st bT cf d^ c vlamp^p d teleecoop b watermolen a windmolen aXb» cT d*f e windmolentje d windturbine
.rbïcNï c politiebureeu
s-f
bP cT
a oliepompinetalatie b seinmast c zendmast
a hurtebed b monument c poldergemaal a begraafplaats at br c. do b bo^ c paal d opslagtank sA bjL
ca
a kampeerterrein b sportcomplex c ziekenhuis schietbaan afrastering hoogepanningsleiding met mast muur gelukte we ring
Uittreksel Kadastrale Kaart
12345 25
Uw referentie; 2008628
Deze kaart is noordgericht
Schaal 1:500
Perceelnummer Huisnummer Kadastrale grens Bebouwing Overige topografie
Kadastrale gemeente ZWOLLE Sectie G Perceel 11083
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. Voor een eensluidend uittreksel, ZWOLLE. 31 juli 2008 De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele De bewaarder van het kadaster en de openbare registers eigendomsrechten voor, waaronder net auteursrecht en hel databankenrechl.
BULAGE 2 Beschrijvingen bodemprofielen
Legenda (conform NEN 5104) geur
klei
grind Grind, siltig
Grind, zwak zandig
Klei, zwak siltig
Klei, matig siltig
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
O
geen geur
4>
zwakke geur
-S’
matige geur
-®-
sterke geur
0-
uiterste geur
■
Olie
Grind, uiterst zandig
zand
O
geen olie-water reactie
£}
zwakke olie-water reactie
S
matige olie-water reactie
S
sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
V
uiterste olie-water reactie
Klei, sterk zandig
p.i.d.-waarde
Klei, zwak zandig
0 >0
Zand, kleng
0 Zand, zwak siltig
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
>1
0
>10
0 0
>100
>1000
^
>10000
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus
veen Veen, mlneraalarm
matig humeus
overig A
Veen, zwak kleiïg
Veen, sterk kleiig
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
peilbuis blinde buis
casing
[
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand
bentoniet afdichting
filter
Uil
sterk humeus
bijzonder bestanddeel
4
Gemiddeld hoogste grondwaterstand
9
grondwaterstand
^
Gemiddeld laagste grondwaterstand
Projectnummer: 2008628 Boring l 1 o
boormeester
SB
Boring: 2
boormeester
tuin
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus. sporen puin. donkerbruin
▲ -so
•eo
50-
Zand, ntatig fijn, zwak siltig, zwak ^ humeus, zwak puinhoudend. zwartbruin
Zand, matig fijn, zwak siltig. sporen puin, brokken leem, bruin
Zand. matig hjn, zwak siltig. zwak puinhoudend. bruin, ongeroerde laag
100-
4
▲
boormeester o
SB
braak
Zand, matig fijn, zwak siltig. zwak humeus, zwak ▲ puinhoudend. zwak -50 koolhoudend, “\ zwart Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, zwak koolhoudend. zwartbruin