CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 - Welstandsnota november 2024 vaststelling

Raad Besluitvormingsronde 16 december 2024, gemeente ZwolleBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Spoorzone - District Z, Werkplaatsen en Lurelui37.152 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

21

mooi

3.4 Gebiedsbeschrijvingen

Binnenstad (1) gebouwen, zowel in schaal als in typologie. De gebouwen vormen veelal een ruimtelijke ensemble, waarbij privé en openbaar gebied ruimtelijk in elkaar overgaan. Kenmerkend voor de binnenstad is de van oudsher grote

Gebiedsbeschrijving

De stad Zwolle is ontstaan op een hoger gelegen zandrug aan de waterloop de Grote Aa. De nederzetting kreeg vanaf de veertiende eeuw vaste vorm. De ontwikkeling van deze nederzetting tot de huidige stadsregio Zwolle is terug te vinden te vinden in de ruimtelijke structuur van de binnenstad en de architectuur en typologie van de bebouwing. De binnenstad wordt gekenmerkt door twee ruimtelijke structuren: de middeleeuwse stad en de vestingstad. De middeleeuwse stad bestaat uit gesloten bouwblokken van aaneengesloten individuele panden. De bebouwing volgt de rooilijn en staat direct aan de straat met een duidelijke scheiding tussen privé en openbaar. De vestingstad is om de middeleeuws stad aangelegd. De ordeningsprincipes van de vestingwerken waren gebaseerd op de stedenbouwkundige structuur van de middeleeuwse stad, maar kenden een andere ruimtelijke - en bebouwingsstructuur. De verkaveling is onregelmatig en bestaat uit een grote diversiteit aan

diversiteit aan functies en de positie van de kerk. Hierbij hebben vooral de detailhandel, horeca en culturele en gemeentelijke voorzieningen een functie voor de stadsregio.

22

In de binnenstad is de invloed van de ontwikkeling van netwerken van water en hoofdontsluitingswegen duidelijk zichtbaar. De veranderende functionele en economische waarde heeft geleid tot diverse ruimtelijke veranderingen. In het van oorsprong lager gelegen deel van de binnenstad hebben door de functieverandering van de waterwegen en de opmars van de auto de meeste veranderingen plaatsgevonden. Dit heeft geleid tot een aantal grootschalige ingrepen, veroorzaakt door de schaalvergroting van de ambachten en later van de winkelketens, bevoorrading en parkeren. Herwaardering van de binnenstad als woon- en winkelgebied heeft geleid tot een kwalitatief herstel van deze gebieden. De specifieke historisch kenmerken van de openbare ruimte en de ruimtelijke structuur van de binnenstad vormen de uitgangspunten voor herstel, vernieuwing en nieuwbouw in de binnenstad. De bebouwing in de binnenstad is zeer divers, met veel details en ornamenten, en de maatverhouding is vaak gebaseerd op de gulden snede. De gebouwen bestaan overwegend uit twee of drie lagen met wisselende verdiepingshoogte,

mooi

een steile kap met rode of zwarte keramische pannen en baksteenarchitectuur. De details in de gevel worden bepaald door de historische stijlkenmerken uit de verschillende bouwperioden. Gezien de bijzondere historische waarde hebben veel gebouwen een monumentale status. De begane grond van diverse gebouwen bevatten stedelijke functies. Vooral de winkels en horecagelegenheden hebben afwijkende puiaanpassingen, toegevoegde luifels en reclameuitingen. Onzorgvuldige detaillering en materiaaltoepassing verstoren het stadsbeeld. De binnenstad is aangewezen als beschermd stadsgezicht en opgenomen in het bestemmingsplan Binnenstad en Omgeving.

Kenmerken Middeleeuwse stad De middeleeuwse stad Zwolle is verdeeld in vier gebieden. Behalve de prestedelijke kern in het gebied rond de Sassenstraat zijn de gebieden verkaveld in een rechthoekig rasterpatroon evenwijdig en loodrecht aan de Grote en Kleine Aa. De Grote Markt ligt centraal en is een historisch ontmoetingspunt. De rooilijnen uit de veertiende eeuw zijn, ondanks de continue transformatieprocessen, nauwelijks aangetast. De inrichting van de openbare ruimte bestaat uit bijzondere verhardingsmaterialen, gebaseerd op de

De cultuurhistorische karakteristieken van de ruimtelijke structuur en de bebouwing zijn hierin vastgelegd. De leesbaarheid van deze cultuurhistorische karakteristieken in de stadsplattegrond is hierbij van belang, zoals bij : • de Grote Markt, de centrale ontmoetingsplek; • het Rode Torenplein, de verbinding tussen Zwartewater en middeleeuwse stad; • de Diezerpoortenplas, de overgang tussen de middeleeuwse stad en de singelbebouwing; • het Paleis van Justitie aan de Blijmarkt, de overgang van middeleeuwse stad naar vestingstad.

23

historische context. De duidelijke scheiding tussen privé en openbaar is formeel door stoepen, bordessen en trappen. Vestingstad De vestingwerken, daterend uit 1606, zijn herontwikkeld vanaf de negentiende eeuw. De vestingwerken en de stadsgracht vormen een duidelijke zonering naar de omliggende wijken. De bruggen, poorten en bajonetontsluitingen zijn kenmerkend

mooi

voor de ruimtelijke structuur van de entrees van de binnenstad. Het groen op de vestingwerken bestaat uit parken en tuinen van de voornamelijk vrijstaande bebouwing. De schaal en typologie van de bebouwing is gevarieerd en bepaalt het onregelmatige verkavelingspatroon van de vestingstad. De gebouwen hebben diverse bijzondere stedelijke functies, elk met een eigen context. De omliggende openbare ruimte is divers in gebruik, met geleidelijke overgangen tussen privé en openbaar. Bijzondere elementen • Gehele binnenstad • Groene singelring

Beleidskeuzes waardering De binnenstad wordt in hoge mate gewaardeerd als historisch stedelijk gebied, met een grote diversiteit aan functies. Samen met de historische structuur, de bijzondere bebouwing en de diversiteit aan openbare ruimte, maakt dit de binnenstad tot een bijzonder verblijfsgebied. dynamiek De diverse functies en de veranderingen in de samenleving kennen een grote dynamiek, die druk uitoefent op de historische structuur, de gebouwen en de openbare ruimte. beleid • Het niveau van de welstandstoetsing is hoog. • Het beleid is gericht op het behouden en herstellen van de cultuurhistorische karakteristieken van de ruimtelijke structuur, de openbare ruimte en de bebouwing. • De specifieke historische kenmerken van de ruimtelijke structuur en de openbare ruimte van de binnenstad vormen de uitgangspunten voor herstel en nieuwbouw.

• •

Voor de gebieden die zijn aangetast door grootschalige ingrepen wordt gekozen voor kwalitatief herstel. Bij herstel en nieuwbouw behouden van de individuele opzet van de bebouwing en de relatie met de openbare ruimte. Aandacht voor zorgvuldige detaillering en ambachtelijke materialen, waarbij de historische stijlkenmerken van de binnenstad de inspiratiebron vormen. Een eigentijdse vormgeving is hierbij zeker niet uitgesloten.

Overige voor welstand relevante beleidsstukken: Bestemmingsplan, Ontwikkelingsprogramma Binnenstad 2020, Visie Binnenstad 2030, Beeldkwaliteitsplan Binnenstad + Schil, Beeldkwaliteitsplan Kraanbolwerk, Beeldkwaliteitsplan Hof van Thorbecke, het reclamebeleid en de beleidslijn en welstandscriteria zonnepanelen beschermd stadsgezicht en monumenten Zwolle. Bij het wijzigen of vernieuwen van winkelpuien wordt getoetst aan de criteria beschreven in hoofdstuk 4.5.1. Het bestemmingsplan Binnenstad en omgeving is gericht op de bescherming van de historische structuur van de binnenstad. In het plan wordt de ontstaansgeschiedenis en de ruimtelijke karakteristiek van de binnenstad uitgebreid beschreven. De historische zonering (zone met hoge, midden en lage historische waarden) wordt gekoppeld aan een aantal beleidsuitspraken over rooilijnen, perceellering, kappen en gevels, zichtlijnen enz. Deze beleidsregels zijn leidend bij de beoordeling van bouwplannen. De welstandscriteria uit deze nota sluiten hier op aan. proces Bij het opstellen van een ruimtelijk plan moet de procedure gevolgd worden zoals beschreven in paragraaf 2.2 (blz 21) ‘Aan de slag in 8 stappen’ uit het beeldkwaliteitplan Binnenstad + schil:

24

Je bent van plan iets te bouwen. Gebruik dan de volgende stappen om te komen tot een goed ingepast plan met draagvlak. 1. lees het hoofdstuk De Zwolse code om inzicht te krijgen in de ingrediënten die bepalend zijn voor de Zwolse sfeer. 2. Bestudeer de plankaart en de bijbehorende legenda om te begrijpen wat de stedenbouwkundige eenheid is, het architectonisch karakter en de kenmerken van de openbare ruimte. 3. Ga naar buiten! Kijk niet alleen naar de locatie waar je aan de slag wilt maar vooral ook naar de omgeving. Welke stedelijke of landschappelijke kwaliteiten zijn al aanwezig en welke kunnen versterkt worden? 4. Onderzoek zelf! Historische kaarten en oude foto’s zijn een bron van inspiratie voor nieuwe ontwikkelingen en helpen om te begrijpen waarom een plek eruit ziet zoals hij is. Zie ook www.historischcentrumoverijssel.nl en www.cultureelerfgoed.nl/, 5. Maak schetsen. Combineer de ingrediënten uit de vorige stappen en verken al tekenend verschillende mogelijkheden. Vergelijk de uitkomsten en kijk welke richting het meest aansluit bij het Beeldkwaliteitplan. Raadpleeg daarbij de beschrijving en criteria van het desbetreffende deelgebied. 6. Laat je adviseren. Een stedenbouwkundige, architect of landschapsarchitect kan goed helpen om tot een juiste inpassing van je plan te komen.

Bij een groter plan betrekt je de stad door het plan op de website te zetten met een toelichting. Zo kan een ieder kennis nemen en commentaar leveren. Bij een omvangrijk plan kan je gebruik maken van het instrument Place Making. De gemeente kan daarbij helpen. 7. Ontwerp. Durf te experimenteren. Kopieer niet iets bestaands maar maak iets nieuws vanuit de voorbeelden in de omgeving. Besef dat historie niet hoeft te leiden naar

mooi

Detaillering, kleur en materiaal • De detaillering bij aanpassing, verbouw of renovatie krijgt eenzelfde mate van aandacht als die bij de bestaande architectuur. • Bij aanpassing, verbouw of renovatie is het oorspronkelijke kleurgebruik uitgangspunt. • Bij nieuwbouw is het oorspronkelijke kleurgebruik in de omgeving uitgangspunt. • Bij verbouw of renovatie is het oorspronkelijk materiaalgebruik uitgangspunt.

historiserend. Breng de cultuurhistorie naar deze tijd. Ga voor kwaliteit in vormgeving en materialen/ 8. Dien de bouwaanvraag in. Laat bij de formele toets in de welstands- en monumentencommissie de gevolgde stappen in het proces zien.

Welstandscriteria Om aan het beleid te voldoen moet de bebouwing zich voegen naar de beschreven kenmerken. Bij de welstandstoets van een bouwplan in de binnenstad zijn de volgende criteria van belang.

Collectoren en/of panelen op een dak Voor het plaatsen van collectoren of panelen voor warmteopwekking of elektriciteitsopwekking op een dak gelden de criteria zoals aangegeven in de ‘beleidslijn en welstandscriteria zonnepanelen beschermd stadsgezicht en monumenten Zwolle’.

Plaatsing • De historische perceellering, positie en oriëntatie van de bebouwing zijn richtinggevend bij nieuwbouw. • Rooilijnen: zie bestemmingsplan Binnenstad en omgeving, Kaart cultuurhistorische karakteristiek Massa en vorm • De bestaande schaal van de bebouwing in de omgeving is uitgangspunt bij uitbreiding en vervanging van de bebouwing. • Dakvorm: zie bestemmingsplan Binnenstad en omgeving • In het bouwwerk moet samenhang bestaan tussen de samenstellende delen van dat bouwwerk. • Massa en vorm reageren op de belendende bebouwing. • De bestaande kapvorm en kaprichting zijn richtinggevend. Het toevoegen van een extra laag of een kap respecteert het straatbeeld en de architectuur van de hoofdmassa. • Bijbehorende bouwwerken zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa. Gevels • Bij verbouw en renovatie is respect voor de oorspronkelijke gevelopbouw en is het oorspronkelijke materiaal- en kleurgebruik het uitgangspunt. • Bij nieuwbouw vormt de bebouwing in de omgeving voor wat betreft stijlkenmerken, materialisering en kleurgebruik het uitgangspunt. • In de horizontale gevelopbouw zijn de begrenzing van de onderzijde (plint) en de bovenzijde (goot of kroonlijst) belangrijke elementen. • De maat en de schaal van de gevelindeling worden gerespecteerd. • Er is eenheid in de architectuur van de gehele gevel.

25

mooi

Oudere wijken (2) Gebiedsbeschrijving

zoals metselwerk accenten, glas-in-loodramen en wisselend kleurgebruik. Bijzonder kapvormen, zoals mansardekap, schilddak en zadeldak vormen accenten in het straatbeeld.

Kenmerken Assendorp In Assendorp kunnen de Stationsbuurt, Oud- en Nieuw Assendorp worden onderscheiden. De Stationsbuurt bestaat uit monumentale gebouwen, vrijstaand met van oudsher grote tuinen. Het huidige Park Eekhout was zo´n vroegere tuin. Naast de oorspronkelijke woonfunctie zijn vooral de panden langs de hoofdwegen in gebruik genomen voor gemengde functies, waarbij in

De oudere wijken van de stad zijn : Assendorp, Kamperpoort en Diezerpoort. De bebouwing is ontstaan langs de uitvalswegen van het historische centrum naar Deventer (Assendorp), Kampen (Kamperpoort) en Meppel (Diezerpoort), op de relatief hoog gelegen dekzandruggen. De wijken worden gekenmerkt door een historische, geleidelijke groei langs oude ontginningslinten. De oude ontginningslinten zijn duidelijke herkenbaar: de bebouwing is gesitueerd op de gehele kavelbreedte en volgt de rooilijn. Hierdoor zijn er ruimtelijk aaneengesloten wanden langs de straat met een duidelijke perceellering, smalle straatprofielen en een duidelijke scheiding tussen privé en openbaar (geen voortuinen).

De wijken worden deels begrensd door de netwerken van spoor, water en hoofdontsluitingswegen, die gesitueerd zijn op de aansluiting met de oorspronkelijk lager gelegen gebieden. Onder invloed van de dynamiek van deze netwerken hebben langs deze randen grootschalige ingrepen plaatsgevonden welke de historische structuur deels hebben aangetast. In deze wijken is de bebouwing voor een belangrijk deel geënt op de historische structuur. Latere inbreidingen vallen vaak op doordat ze van de oorspronkelijke verkaveling afwijken en het profiel/rooilijn van de straat niet volgen. De bebouwing is overwegend in één of twee bouwlagen uitgevoerd, de noklijn van de kap is meestal evenwijdig aan de straatrichting. De gevels hebben architectonische details

26

mooi

aaneenschakeling van individuele en kwalitatieve bebouwing met een grote diversiteit in perceellering, hoogte en functies. De Assendorperdijk is een historisch-landschappelijk element op de overgang van de dekzandrug naar de oorspronkelijke uiterwaarden. De straten die vanaf het

toenemende mate de tuinen worden gebruikt als privéparkeerterrein. De bebouwing in Oud- en Nieuw-Assendorp dateert uit de periode 1890-1930. Een groot deel is individueel of als stedenbouwkundig ensemble van cultuurhistorische waarde. De structuur is compact en dicht bebouwd. Kenmerkend zijn de bijzondere hoekoplossingen en de individuele bebouwing die de rooilijn volgt. Van oorsprong bestaat het gebied uit veel

kleine arbeiderswoningen, welke nu een gemengd (stedelijk) gebruik hebben. De oude uitvalswegen Assendorperstraat, Molenweg en de Van Karnebeekstraat worden gevormd door een

zuidelijk deel op de dijk aansluiten gaan ruimtelijk omhoog en de straten vanaf de dijk bieden een doorzicht op het Park de Wezenlanden Kamperpoort In de Kamperpoort is de oorspronkelijke stedenbouwkundige structuur grotendeels verdwenen door een aantal grootschalige ingrepen, waaronder de bouw van de IJsselhallen en veel recente nieuwbouw. In de nabije toekomst staat meer nieuwbouw op stapel. De oude uitvalsweg naar Kampen, de Hoogstraat, met de aaneenschakeling van individuele panden en de monumentale panden langs de Willemskade, zijn de belangrijkste overgebleven karakteristieken. Door de dynamiek van de grootschalige ingrepen is er een grote diversiteit aan functies in het gebied aanwezig. Diezerpoort Het gebied heeft voornamelijk een woonfunctie, waarbij de historische structuur door latere inbreidingen en vernieuwing 27

op veel plaatsen is aangetast. De bebouwing aan de Thomas à Kempisstraat en Meppelerstraatweg (de historische

uitvalsweg naar Meppel) en aan de Vechtstraat (ook een oude lijn), wordt gekenmerkt door een aaneenschakeling van individuele panden met diverse functies. De noordelijke rand, grenzend aan de begraafplaats en de ontsluitingswegen, heeft een groen karakter. Hier bevinden zich diverse bijzondere functies. Bijzondere elementen • Stationsstraat/Terborchstraat; • Burg. Van Rooijensingel; • Park Eekhout; • Assendorperplein; • Ensemble Nieuwe Vecht • Diezerkade • Groene singelring (zie ook gebiedsbeschrijving 11)

Beleidskeuzes waardering De oudere wijken worden in hoge mate gewaardeerd als stedelijk woongebied met historische structuren en bouwstijlen en een diversiteit aan functies. De kleinschalige

mooi

stedelijke structuur, de aaneengesloten rooilijnen, de architectonische details, de directe relatie van de bebouwing met de openbare ruimte en de (historische) relatie met de binnenstad zijn de belangrijkste kenmerken. dynamiek Op het niveau van de woning vinden vaak kleine uitbreidingen en veranderingen plaats om de bebouwing aan te passen aan de hedendaagse wooneisen. Op het niveau van de straat vinden plaatselijk nieuwe invullingen plaats ten gevolge van functieverandering. De nabijheid van het centrum zorgt vooral langs de oude uitvalswegen voor dynamiek. beleid • Het niveau van de welstandstoetsing is hoog. • Het beleid is gericht op het behouden en herstellen van de cultuurhistorische karakteristieken van de ruimtelijke structuur, de openbare ruimte en de bebouwing. • Voor de in het bestemmingsplan aangeduide cultuurhistorisch waardevolle bebouwing geldt dat er geen architectonische vormen en details verloren mogen gaan. • De oorspronkelijke accenten in het straatbeeld, de bijzondere architectonische details, diverse kapvormen, de hoekoplossingen en de relatie met het openbare gebied vormen het uitgangspunt en de inspiratie bij het ontwerpen. • Ter plaatse van de woningbouwlocatie Nieuwstad (Bisschop Willebrandlaan 66 en directe omgeving) is het beeldkwaliteitplan ‘Welstanskader Nieuwstad’ bepalend.

Overige voor welstand relevante beleidsstukken: Bestemmingsplannen, Stedenbouwkundig structuurontwerp, Beelkwaliteitplan Katwolderplein en Vogelbuurt, Beeldkwaliteitplan Weezenlanden, Beeldkwaliteitplan Weezenlanden Noord, Beeldkwaliteitplan Binnenstad + schil, beleidslijn en welstandscriteria zonnepanelen

beschermd stadsgezicht en monumenten Zwolle en reclamebeleid. Bij het wijzigen of vernieuwen van winkelpuien wordt getoetst aan de criteria beschreven in hoofdstuk 4.5.1.Welstandscriteria Om aan het beleid te voldoen moet de bebouwing zich voegen naar de beschreven kenmerken. Bij de welstandstoets van een bouwplan in de oudere wijken zijn de volgende criteria van belang. Proces Bij het opstellen van een ruimtelijk plan moet de procedure gevolgd worden zoals beschreven in paragraaf 2.2 (blz 21) ‘Aan de slag in 8 stappen’ uit het beeldkwaliteitplan Binnenstad + schil voor zover het gelegen is in het gebied zoals aangegeven op de zone beeldkwaliteitplan. Deze stappen zijn opgenomen in de gebiedsbeschrijving voor de Binnenstad (1) Plaatsing • De perceellering, de positie en de oriëntatie van de bebouwing in de directe omgeving zijn richtinggevend. • Bestaande rooilijnen zijn richtinggevend. Massa en vorm • De bestaande schaal van de bebouwing in de omgeving is uitgangspunt bij uitbreiding en vervanging van de bebouwing. • Bij verandering van kapvorm de samenhang binnen de complexen bewaren. • In het bouwwerk bestaat samenhang tussen de samenstellende delen van dat bouwwerk. • Massa en vorm reageren op de belendende bebouwing. • De bestaande kapvorm en kaprichting zijn richtinggevend.

Het toevoegen van een extra laag of een kap respecteert het straatbeeld en de architectuur van de hoofdmassa. • Bijbehorende bouwwerken zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa. 28

Gevels • Bij verbouw en renovatie is respect voor de oorspronkelijke gevelopbouw en is het oorspronkelijke • •

• • •

materiaal- en kleurgebruik het uitgangspunt Bij nieuwbouw vormt de bebouwing in de omgeving voor wat betreft stijlkenmerken, materialisering en kleurgebruik het uitgangspunt. De maat en schaal van de gevelindeling wordt gerespecteerd. Er is eenheid in de architectuur van de gehele gevel. Bij verbouw en renovatie wordt zorgvuldig omgegaan met karakteristieken zoals hoekoplossingen, entreepartijen en erkers.

Detaillering, kleur en materiaal • De detaillering bij aanpassing, verbouw of renovatie krijgt eenzelfde mate van aandacht als die bij de bestaande architectuur. • Bij aanpassing, verbouw of renovatie is het oorspronkelijke kleurgebruik uitgangspunt. • Bij nieuwbouw is het oorspronkelijke kleurgebruik in de omgeving uitgangspunt. • Bij verbouw of renovatie is het oorspronkelijk materiaalgebruik uitgangspunt. • Voor het plaatsen van collectoren of panelen voor warmteopwekking of elektriciteitsopwekking op een dak binnen het Beschermd Stadsgezicht gelden de criteria zoals aangegeven in de ‘beleidslijn en welstandscriteria zonnepanelen beschermd stadsgezicht en monumenten Zwolle’. Ter plaatse van de woningbouwlocatie Nieuwstad (Bisschop Willebrandlaan 66 en directe omgeving) is het beeldkwaliteitplan ‘Welstanskader Nieuwstad’ bepalend.

mooi

14

13

12 7

5 5

10

4

12 8

3 8 13

11 12 2

2

3 13

13 11

1

11 2

13 11

3 10

12 9 6 13

10

9

Zone beeldkwaliteitplan

29

mooi

Oudere uitbreidingswijken (3) smalle straatprofielen met een stenig karakter en woningen direct aan de straat, of brede straatprofielen met ruime groene voortuinen en lage erfafscheidingen. Verspringende rooilijnen, bijzondere hoekoplossingen en gedraaide kappen vormen de architectonische accenten.

De oude verbindingslijnen vanuit de stad zijn duidelijk herkenbaar door de bijzondere architectonische vormgeving van de bebouwing. De oude verbindingslijnen hebben vanwege de ruime straatprofielen een belangrijke ontsluitingsfunctie gekregen. Hierdoor is de woon- en verblijfskwaliteit verminderd en hebben de woningen een gemengd stedelijk gebruik gekregen (bijvoorbeeld kantoren). Verandering van de bouwmethodiek na de Tweede Wereldoorlog heeft geleid tot een sobere uitvoering van delen van de wijken. Typerend is de herhaling van gelijke bouwmassa’s en verspringing van de woonblokken als ruimtelijke accenten. De architectuur wordt gekenmerkt door een planmatige aanpak. De vooroorlogse woningbouw kent een ambachtelijke detaillering, de naoorlogse woningbouw wordt getypeerd door systeembouw en sobere detaillering. In het algemeen zijn de kozijnen wit en wordt kleur alleen toegepast op de draaiende delen. De woningen in één en twee lagen hebben grote kappen met overstek en bijzondere accenten aan de gevel, zoals erkers, loggia’s en gedraaide kappen. De woningen hebben bijzondere metselwerkverbanden in donker rode of zandkleurige steen, en keramische dakpannen in de kleuren rood of zwart. De erfafscheidingen zijn in samenhang met de woningen ontworpen.

De naoorlogse woningen van twee lagen met kap hebben een verfijnde compositie van massa en dakvorm en een terughoudend materiaal- en kleurgebruik. De bebouwing in drie of vier lagen met kap en vier lagen met een plat dak worden gekarakteriseerd door bijzondere aandacht voor de balkons, stijgpunten en entree’s. Het

Gebiedsbeschrijving

De oudere, grotendeels planmatige uitbreidingswijken zijn de Veerallee/Katerveer, Dieze Oost en –West, Wipstrik en Pierik. De wijken zijn in aansluiting op de Oudere Wijken (gebied 2) gebouwd op de relatief hoog gelegen dekzandruggen rondom de binnenstad. De wijken worden gekenmerkt door de planmatige opzet met woningen van verschillende afmetingen. Ze sluiten aan op de ruimtelijke structuur van de Oudere Wijken (2), maar kennen door de planmatige opzet een grotere diversiteit aan openbare ruimte en straatprofielen. De opzet wordt gedomineerd door een hiërarchie in wegen en groenstructuur. De samenhang binnen de wijk wordt sterk bepaald door de scheiding van privé en openbaar:

30

mooi

materiaal- en kleurgebruik is overwegend eenvoudig en ingetogen.

Kenmerken Veerallee/Katerveer De Veerallee en de Oude Veerweg vormen van oudsher de verbinding met Katerveer. Door de ligging aan de Willemsvaart kent deze lijn een bijzondere karakteristiek met vooral monumentale villabebouwing. Langs de Veerallee is een belangrijk deel van de Willemsvaart gedempt voor

Woonpark Katerveer. Dit is een nieuwer gedeelte, gebouwd vanaf 2002. Gezien de relatie met de Veerallee, ook door de jaren ’30 stijl van de woningen, is dit gedeelte bij de oudere uitbreidingswijken gerekend. Het is een ruim opgezet, groen buurtje met vrijstaande woningen. Pierik De Pierik vormt de beëindiging van Assendorp en heeft voornamelijk een woonfunctie. De planmatige en ruime

groene opzet vormen een duidelijk contrast met Oud- en Nieuw-Assendorp. De straatprofielen verschillen in hiërarchie door verspringende rooilijnen en de toepassing van voortuinen. Kenmerkend is de hoofdas, de Hortensiastraat, die dwars op de richting van de oude ontginningslinten, de Assendorperstraat beëindigt.

de ontsluiting van de binnenstad. Het gebied heeft hierdoor een stedelijk karakter gekregen met gemengde functies. Woningen aan de Veerallee, in de Koningin Wilhelminastraat en de Prins Hendrikstraat worden gekenmerkt door Jugendstil en Art Nouveau architectuur. De Oude Veerweg heeft een monumentaal karakter door de ruime opzet, grote voortuinen en bijzondere laanbeplanting. Ten oosten van de Veerallee, ten zuiden van de A28, ligt

Wipstrik De Wipstrik heeft een woonfunctie met op strategische plekken in de wijk bijzondere bebouwing met stedelijke voorzieningen. De Zeeheldenbuurt, ten zuiden van de Wipstrikkerallee, bestaat vooral uit kleine arbeiderswoningen en smalle straatprofielen. De Dichtersbuurt, ten noorden

31

van de Wipstrikkerallee, is ruimer van opzet met grotere woningen en opvallende architectonische accenten per woonblok. De woningen zijn verfijnd gedetailleerd. De oude lijnen Herenweg, Herfterweg en Wipstrikkerallee hebben een monumentaal karakter met individuele villabebouwing met ruime voortuinen en een kenmerkende groene inrichting. De randen aan de Nieuwe Wetering en de Nieuwe Vecht hebben een bijzonder karakteristiek door de lineaire ruimtelijke werking van het water. Dieze Oost en -West Dieze Oost en -West worden doorsneden door de Middelweg en de daaraan gerelateerde groenzone met voorzieningen.

mooi

Dieze West is een woonbuurt met tevens een grote diversiteit aan stedelijke functies. De kleinschalige bebouwing aan de zuidelijke rand vormt een contrast met de grootschalige, solitaire bebouwing langs de Burgemeester Roelenweg, Schuttevaerkade en de Burgemeester Drijbersingel, die deel uitmaakt van gebied 11. De wijk wordt gekenmerkt door verschillende planstructuren van de diverse in- en uitbreidingen. De bebouwing langs de historische lijnen Diezerenk en Holtenbroekerweg is gesitueerd op de gehele kavelbreedte en de rooilijn volgt het verloop van de weg. De bebouwing is herkenbaar aan het individuele karakter, de verspringende goothoogtes en verschillende dakvormen. Dieze Oost bestaat overwegend uit een grote variatie van meergezinswoningen in diverse woonblokken in een gevarieerde groene setting. De hoogten variëren van twee

lagen met kap tot vier lagen met kap en vijf lagen met plat dak. De seriematige woonblokken langs de historische Meppelerstraatweg vormen een contrast met de individuele panden in Diezerpoort. De overgang naar de A28 en de Middelweg wordt gekenmerkt door seriematige woonblokken in een doorgaande groene ruimte. Bijzondere elementen • Veerallee • Wipstrikkerallee • Veerallee/Oude Veerweg • Meppelerstraatweg • Ensemble Nieuwe Vecht • Ensemble Tesselschadestraat/Brederostraat/ Wipstrikkerallee/P.C. Hooftstraat/Roemer Visscherstraat/ Jacob Catsstraat/Huygenstraat

Beleidskeuzes waardering De planmatige opzet van de oudere uitbreidingswijken heeft geresulteerd in bijzonder gewaardeerde woongebieden. De grote diversiteit aan woningentypologieën, openbare ruimte en de samenhangende groenstructuur vormen hiervoor de basis. dynamiek Woningen worden door middel van kleinschalige uitbreidingen aangepast aan de veranderende woonwensen. Door de sterke samenhang in de wijk en de planmatige opzet is de noodzaak voor veranderingen in de wijken gering. beleid • Het niveau van de welstandstoetsing is regulier. • Behouden van de samenhangende ruimtelijke structuur van de wijken en de karakteristieken van de bebouwing. 32

•

•

•

•

Behouden van de samenhangende straatprofielen met verspringende rooilijnen en geïntegreerde overgangen van privé en openbaar (voor- en achtertuinen). Behouden van de architectonische kenmerken van de vooroorlogse woningbouw: de ambachtelijke detaillering, het eenduidig materiaal- en kleurgebruik, de diverse kapvormen met overstek en de bijzondere accenten aan de gevel. Respecteren van de verfijnde compositie van massa en dakvorm en aandacht voor architectonische accenten aan de gevel bij veranderingen aan naoorlogse woningen. Behouden en versterken van de ruimtelijke kwaliteit en het monumentale karakter van de historische lijnen (Veeralle/Oude Veerweg, Herenweg, Herfterweg, Wipstrikerallee, Diezerenk, Holtenbroekerweg).

Overige voor welstand relevante beleidsstukken: bestemmingsplannen, reclamebeleid. Bij het wijzigen of vernieuwen van winkelpuien wordt getoetst aan de criteria beschreven in hoofdstuk 4.5.1.

Welstandscriteria Plaatsing • De perceellering, de positie en de oriëntatie van de bebouwing in de directe omgeving zijn richtinggevend. • Bestaande rooilijnen zijn richtinggevend. Massa en vorm • De bestaande schaal van de bebouwing in de omgeving is uitgangspunt bij uitbreiding en vervanging van de bebouwing. • Bij verandering van kapvorm de samenhang binnen de complexen bewaren. • In het bouwwerk bestaat samenhang tussen de samenstellende delen van dat bouwwerk.

mooi

• •

•

Massa en vorm reageren op de belendende bebouwing. De bestaande kapvorm en kaprichting zijn richtinggevend. Het toevoegen van een extra laag of een kap respecteert het straatbeeld en de architectuur van de hoofdmassa. Bijbehorende bouwwerken zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa.

Gevels • Bij verbouw en renovatie is respect voor de oorspronkelijke gevelopbouw en is het oorspronkelijke materiaal- en kleurgebruik het uitgangspunt. • Bij nieuwbouw vormt de bebouwing in de omgeving voor wat betreft stijlkenmerken, materialisering en kleurgebruik het uitgangspunt. • De maat en schaal van de gevelindeling wordt gerespecteerd. • Er is eenheid in de architectuur van de gehele gevel. • Bij verbouw en renovatie wordt zorgvuldig omgegaan met karakteristieken zoals hoekoplossingen, entreepartijen en erkers. Detaillering, kleur en materiaal • De detaillering bij aanpassing, verbouw of renovatie krijgt eenzelfde mate van aandacht als die bij de bestaande architectuur. • Bij aanpassing, verbouw of renovatie is het oorspronkelijke kleurgebruik uitgangspunt. • Bij nieuwbouw is het oorspronkelijke kleurgebruik in de omgeving uitgangspunt. • Bij verbouw of renovatie is het oorspronkelijk materiaalgebruik uitgangspunt.

33

mooi

Holtenbroek (4) Gebiedsbeschrijving

Holtenbroek is een uitbreidingswijk uit de jaren vijftig / zestig (wederopbouwperiode), gelegen op de lage zand- en veengebieden aan de rechteroever van het Zwarte water. De naam Holtenbroek duidt op laag en drassig land, genoemd naar het voormalige weidegebied. In deze wederopbouw periode werd in een hoog tempo vooral functioneel gebouwd en was er weinig aandacht voor de inpassing van historische bebouwing en bestaande landschappelijke elementen.

groene gebieden zijn de wijkvoorzieningen gelegen. Aan de zuidzijde liggen de belangrijkste verkeerslijnen van Zwolle, de Zwartewaterallee en de A28. Ook langs de Zwartewaterallee liggen voorzieningen. De meest opvallende is de concentratie van schoolgebouwen van ROC Deltion College. Een overbouwing over de Mozartlaan vormt een poort als entree tot Holtenbroek.

De opzet van de wijk heeft de kenmerken van de toenmalige stedenbouwkundige (CIAM) gedachte; licht, lucht en ruimte en een ruimtelijke scheiding tussen de verschillende functies; wonen, werken, voorzieningen, verkeer en recreatie. De wijk is verdeeld in vier woonkwadranten, gescheiden door een noord-zuid en oost-west gericht assenkruis van parkstroken en omgeven door een groengebied. De straten en woonpaden in de kwadranten volgen de richting van het assenkruis en vormen een raster, waardoor alle woonbebouwing een oost-west of noord-zuid oriëntatie heeft. Langs en in de

34

De vier kwadranten kennen een geometrische opzet. De bebouwing bestaat uit eenvoudige bouwmassa’s van diverse hoogten die samen een ruimtelijke compositie vormen. Elk kwadrant kent één of meerdere herhalingen van een compositie, de zogenaamde stempelpatronen. Deze composities omsluiten samen ruime openbare groengebieden, die als doorgaande elementen in de wijk aanwezig zijn. Vooral bij de westelijke kwadranten openen deze composities zich naar het omliggende landschap. In het noordwest kwadrant als opening van de stempels, in de nieuwe bebouwing van het kwadrant zuidwest als groenstroken. Holtenbroek wordt aan de westzijde en noord-oostzijde begrensd door historische netwerken, het Zwartewater en de Middelweg. Deze lijnen vormen een ruimtelijke grens, waarmee de bebouwing van Holtenbroek een duidelijk contrast vormt. Veranderingen in de samenleving hebben tot gevolg, dat de oorspronkelijke wijkgedachte en woningtypologieën onder druk staan. Sommige complexen zijn ten gevolge hiervan vervangen door moderne bebouwing, die voldoet aan de hedendaagse woonwensen. Op een aantal plaatsen in de groenzones zijn woningen toegevoegd volgens nieuwe stedenbouwkundige opvattingen waarin gebouwen samen

mooi

een herkenbare ruimte vormen, maar wel aan sluiten op de oorspronkelijke grondgedachte. De oorspronkelijke composities bestaan uit laag-, middelhoog- en hoogbouw met een plat dak dan wel met een zadeldak als langskap. Tijdens de bouw is veel geëxperimenteerd met industriële bouwmethoden. De gebruikte materialen zijn vooral rode en zandkleurige baksteen, zichtbare betonconstructies en keramische zwarte dakpannen. Vooral de bebouwing uit de beginperiode kenmerkt zich door bijzondere aandacht voor de detaillering van de stijgpunten, entrees en balkons. De kopgevels en galerijen van de hoogbouw zijn in kleurschema’s geschilderd.

De hogere bebouwing staat aan de randen. Er zijn blokken woningen rondom een binnenterrein. Aan de buitenzijde lopen groenstroken. De overgang naar het Zwartewater wordt gevormd door een groenzone, waar de bebouwing zich naar richt.

Kwadrant noordoost In dit kwadrant zijn de laagbouw en middelhoge bouw meer vermengd. Het kwadrant is omgeven door groenstroken, waarin zelfstandige nieuwbouwcomplexen zijn ontwikkeld met woningbouw of voorzieningen.

Kwadrant noordwest Dit kwadrant bestaat uit middelhoogbouw van vijf lagen met en zonder kap en hoogbouw van twaalf lagen langs de groene zones. Het middengebied bestaat uit rijenhuizen van twee lagen met een langskap.

Kenmerken Kwadrant zuidwest Dit kwadrant bestaat grotendeels uit nieuwbouw; laag-, middelhoge en hoogbouw met voornamelijk platte daken.

Kwadrant zuidoost De noordzijde van dit kwadrant sluit aan op de ruimtelijke structuur van het kwadrant noordoost. Opvallend zijn de twee-onder-een-kap woningen langs de Middelweg en grootschalige hoogbouwcomplexen aan de zuidrand en de voornamelijk verharde openbare ruimte. In de zuid-as is een rij eengezinswoningen toegevoegd, waardoor de groenstrook het karakter van een singel heeft gekregen.

35

mooi

dynamiek In delen van Holtenbroek zijn de wijkopzet en de woningtypologieën aangepast aan de hedendaagse woonwensen. Daarbij is een nieuw beeld ontstaan, aansluitend op de oorspronkelijke opzet. Voor de komende jaren is de wijk in een rustiger vaarwater.

Bijzondere elementen: • Groene assenkruis met als centraal punt Wavinvijver • Klooienberg • Twistvlietbrug met bedieningsgebouw • Winkelcentrum • Omgeving Zwartewater

beleid • Het niveau van de welstandstoetsing is regulier. • Respecteren en versterken van de doorgaande openbare groengebieden en parkstroken. • Respecteren van de geometrische opzet van de kwadranten met hoog- en laagbouw en de ruimtelijke compositie van de bebouwing en de groengebieden. • Versterken van de verscheidenheid aan woonvormen en het individuele karakter van de woningen. • Er is ruimte voor individuele aanpassingen binnen de collectieve woonvormen, met behoud van de ruimtelijke compositie. • Respecteren van architectonische details als stijgpunten, entrees en balkons bij renovatie en vernieuwing. Bijzondere aandacht voor het verbeteren van grote, dichte gevelvlakken.

Beleidskeuzes

Overige voor welstand relevante beleidsstukken: bestemmingsplannen , reclamebeleid

waardering De functionele opzet van deze wederopbouwwijk wordt vooral gewaardeerd vanwege het ruime en groene karakter van het openbare gebied. De verbeteringen van zowel de openbare ruimte als de woningen in de afgelopen jaren hebben gezorgd voor een aantrekkelijke wijk, dichtbij het centrum en het buitengebied.

Welstandscriteria Om aan het beleid te voldoen moet de bebouwing zich voegen naar de beschreven kenmerken. Bij de welstandstoets van een bouwplan zijn de volgende criteria van belang. Plaatsing • Bij nieuwbouw zijn de perceellering, positie en oriëntatie van de bebouwing in de directe omgeving richtinggevend. 36

• • •

Bestaande verspringingen in de rooilijn zijn richtinggevend. Waar zijgevels zich oriënteren op de openbare ruimte moet dat in de architectuur tot uiting komen. De entreezijde van de woning is herkenbaar vormgegeven.

Massa en vorm • De bestaande schaal van de bebouwing in de omgeving is het uitgangspunt bij het uitbreiden of vervangen van de bebouwing. • In het bouwwerk moet samenhang bestaan tussen de samenstellende delen van dat bouwwerk. • Massa en vorm reageren op de belendende bebouwing. • Bijbehorende bouwwerken zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa. Gevels • Bij verbouw en renovatie is de oorspronkelijke gevelopbouw het uitgangspunt. • Bij nieuwbouw zijn de stijlkenmerken, het materiaal en het kleurgebruik van bebouwing in de omgeving het uitgangspunt. • Er is eenheid in de architectuur van de gehele gevel. Detaillering, kleur en materiaal • Bij verbouw of renovatie krijgt de detaillering eenzelfde mate van aandacht als bij de bestaande architectuur. • Bij verbouw of renovatie is het oorspronkelijke kleurgebruik uitgangspunt. • Bij nieuwbouw is het oorspronkelijke kleurgebruik in de omgeving uitgangspunt. • Bij verbouw of renovatie is het oorspronkelijke materiaalgebruik uitgangspunt. Erfafscheidingen Gebouwde erfafscheidingen respecteren de relatie met de openbare ruimte.

mooi

Aa-landen (5) Gebiedsbeschrijving

Aa-landen is een uitbreidingswijk, gebouwd vanaf 1970 in het voormalige weidegebeid in aansluiting op de wijk Holtenbroek. De wijk is opgebouwd uit vier delen en is omgeven door delen van het oorspronkelijke agrarische landschap en het groengebied langs het Zwartewater. Het oorspronkelijke landschap vormt de basis voor de samenhangende groenstructuur in de wijk. De randen van de wijk zijn zorgvuldige ingepast in het omringende landschap. De wijk wordt gekenmerkt door de menselijke schaal van de woonbuurten. De woningen zijn vooral gericht op gezinshuishoudens en bestaan hoofdzakelijk uit laagbouw, met een grote diversiteit aan woningtypen. De woningen zijn veelal geclusterd in woonerven in een samenhangende groenstructuur. De woonerven hebben een informeel en besloten karakter. Dit karakter ontstaat door het ontbreken

van een duidelijk onderscheid tussen voor- en achterkant van de woningen, verspringende rooilijnen en de ligging aan doodlopende woonstraten met groenstroken en speelplekken. Kenmerkend is het ontbreken van een representatieve voorgevel aan de straatzijde. De wijkvoorzieningen zijn centraal gelegen langs de hoofdontsluitingsweg, de Rijnlaan, en hebben een zelfstandig karakter. De wijk Aa-landen wordt deels doorsneden door de stadsring. De Rijnlaan, aantakkend op de stadsring, is de hoofdentree van de wijk. Bij de aanleg van de Middelweg is de Waallaan doorgetrokken als tweede entree voor de wijk. Door de zelfstandige en naar binnen gekeerde opzet van de woonbuurten heeft de toenemende betekenis van de ontsluitingswegen nauwelijks geleid tot veranderingen in de woonbuurten. De woonbuurten onderscheiden zich door de verkaveling en de architectuur. De laagbouw wordt gekenmerkt door twee bouwlagen met diverse kapvormen, veelal een variatie op een asymmetrisch zadeldak. De variatie in de dakvorm ontstaat door de schakeling van de woningen en doorstekende uitbouwen voor de entree en de berging. Kenmerkend zijn het gebruik van baksteen, houten gevelelementen, betonpannen en zichtbare constructieonderdelen, zoals betonnen lateien. De in de wijk beperkt aanwezige hoogbouw heeft een sobere uitstraling en platte daken.

37

Kenmerken Aa-landen zuid Aa-landen zuid bestaat voor de helft uit hoogbouw. De structuur vertoont overeenkomsten met de wijk Holtenbroek: een rechtlijnig stratenpatroon en ruimtelijke composities van hoog- en laagbouw rondom openbare groengebieden. Typerend is de duidelijke scheiding tussen privé en openbaar gebied en de clustering van garage’s langs de openbare ruimte.

Aa-landen midden Aa-landen midden bestaat uit herkenbare woonbuurten met bijzondere woonexperimenten uit de jaren ´70. De architectuur van deze woonbuurten is divers. Elke

mooi

cluster woningen vormt een ruimtelijk en architectonisch samenhangend geheel.

•

Aa-landen noord en oost In de latere fasen van de ontwikkeling van de wijk verdween het accent op herkenbaarheid van de diverse woonbuurten. De woonbuurten Aa-landen noord en oost zijn anoniemer van karakter en de woningen zijn eenvoudiger van opzet in materiaalgebruik en detaillering. De randen van deze buurten worden vooral bepaald door de kwaliteit van het landschap en de groenstructuur.

•

oorspronkelijke agrarische landschap. De clusters bestaan uit vrijstaande woningen op ruime kavels met een parkachtige en informele opzet: smalle woonstraten met een groene berm en groene erfafscheidingen. Elk cluster heeft een min of meer eigen architectonisch karakter. Bijzondere elementen • Terraswoningen aan de Dobbe • Krekenbuurt, woningen Stegeman • Groenstructuur • Winkelcentrum

Beleidskeuzes waardering De schaal en de herkenbaarheid van de woonbuurten, de samenhangende groenstructuur en de bijzondere relatie met het omliggende landschap, maken de Aa-landen tot een hoog gewaardeerd woongebied. Berkum-Brinkhoek Berkum-Brinkhoek is een cluster van 4 woonbuurten rond een oud boerenerf, omgeven door delen van het

dynamiek Vanwege de hoge waardering van het woonklimaat verhuizen de bewoners niet snel, maar worden woningen middels kleinschalige uitbreidingen aangepast aan de veranderende woonwensen. Beleid • Het niveau van de welstandstoetsing is regulier. • Behouden en versterken van de samenhangende groenstructuur als basis voor de verkavelingopzet en de architectuur van de woonbuurten. 38

De ruimtelijke en architectonische eenheid van een cluster woningen is het uitgangspunt voor een individuele bouwopgave binnen dat cluster. Verbeteren van de aansluiting van de bebouwing op de openbare ruimte, bijvoorbeeld door het inzetten van architectonische accenten op blinde gevels.

Overige voor welstand relevante beleidsstukken: Bestemmingsplannen en reclamebeleid.

Welstandscriteria Om aan het beleid te voldoen moet de bebouwing zich voegen naar de beschreven kenmerken. Bij de welstandstoets van een bouwplan zijn de volgende criteria van belang. Plaatsing • Bij nieuwbouw zijn de perceellering, positie en oriëntatie van de bebouwing in de directe omgeving richtinggevend. • Bestaande verspringingen in de rooilijn zijn richtinggevend. • Waar zijgevels zich oriënteren op de openbare ruimte moet dat in de architectuur tot uiting komen. • De entreezijde van de woning is herkenbaar vormgegeven. Massa en vorm • De bestaande schaal van de bebouwing in de omgeving is het uitgangspunt bij het uitbreiden of vervangen van de bebouwing. • Bij wijziging van de kapvorm de samenhang binnen de betreffende cluster van woningen bewaren. • In het bouwwerk moet samenhang bestaan tussen de samenstellende delen van dat bouwwerk. • Massa en vorm reageren op de belendende bebouwing. • Bijbehorende bouwwerken zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa.

mooi

Gevels • Bij verbouw en renovatie is de oorspronkelijke gevelopbouw het uitgangspunt. • Bij nieuwbouw zijn de stijlkenmerken, het materiaal en het kleurgebruik van bebouwing in de omgeving het uitgangspunt. • Er is eenheid in de architectuur van de gehele gevel. • Bij verbouw en renovatie wordt zorgvuldig omgegaan met karakteristieken als hoekoplossingen, entreepartijen en erkers.

39

mooi

Zwolle-Zuid (6) Gebiedsbeschrijving

deelplannen Oldenelerlanden, Schellerbroek, Schellerlanden, Oldenelerbroek en Ittersumerbroek. De oude linten en uitvalswegen zijn gehandhaafd, maar op een aantal plaatsen aangetast en abrupt doorsneden door de nieuwe infrastructuur. Het oorspronkelijke landschap heeft nauwelijks invloed gehad op de stedenbouwkundige verkaveling. De zuidelijke rand is ingepast in het rivierkleilandschap en vormgegeven met diverse vrijstaande bebouwing en parken. De verkeersroutes in Zwolle-Zuid zijn strikt hiërarchisch opgebouwd. De intensiteit van de netwerken van spoor en

De uitbreidingswijk Zwolle-Zuid is vanaf de jaren ´80 gebouwd op een langgerekte dekzandrug en op de overgang naar het rivierkleigebied langs de IJssel. Tussen de oude ontginningslinten en uitvalswegen liggen de verschillende deelgebieden. De IJsselallee en de spoorlijn vormen een barrière naar de binnenstad. Deze netwerken vormen samen de ruimtelijke scheiding in het gebied. Kenmerkend voor Zwolle-zuid is de ligging in het landschap. De zuidelijke rand van het gebied wordt geheel begrensd door het rivierkleigebied en de IJssel. Het gebied is ontwikkeld in twee delen rondom de oude kernen Ittersum en Schelle. Het eerste deel bestaat uit de deelplannen Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden en wordt vooral gekenmerkt door een woonervenstructuur. Het tweede deel is ontwikkeld in de latere jaren tachtig en negentig en bestaat uit de

stads- en wijkwegen hebben geleid tot een sterke ruimtelijke zonering tussen de woonbuurten.

40

De wijk is opgezet met doorgaande voetgangers- en fietsroutes en woonstraten. Deze routes rijgen de verschillende buurten aaneen. Doorgaande autowegen binnen de buurten ontbreken. Kenmerkend voor de stedenbouwkundige opzet is de doorgaande waterstructuur, die tot inzet van de diverse woonbuurten is gemaakt. De doorgaande fietsroutes zijn veelal gekoppeld aan de waterstructuur en de oude linten. Deze structuren van lange lijnen zijn belangrijke dragers van de openbare ruimte. Aan de waterlopen komen bijzondere woningtypologieën voor langs stenige kades en groene singels, soms met achtertuinen met terrassen aan het water. De diverse plandelen zijn ontwikkeld als zelfstandige woonbuurten met een complexe en soms ook wat onoverzichtelijke structuur. De openbare ruimte in de woonbuurten is grillig vormgegeven en wordt sterk bepaald door verspringende rooilijnen en verspringende oriëntatie van de woningen, aangrenzende voor- en achtertuinen, blinde kopgevels en parkeervoorzieningen.

mooi

De bebouwing in de buurten Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden is overwegend uitgevoerd in twee lagen met verschillende kapvormen, veelal een variatie op een asymmetrisch zadeldak. De variatie in de dakvorm ontstaat door de schakeling van de woningen en doorstekende uitbouwen voor de entree en berging. Kenmerkend zijn de materialen licht rode baksteen, houten gevelelementen, betonnen dakpannen en zichtbare constructieonderdelen, zoals betonnen lateien. De hoogbouw heeft een sobere uitstraling en heeft vooral platte daken. De bebouwing in Schellerbroek, Schellerlanden bestaat veelal uit twee lagen met zadeldak. De woningen hebben metselwerk in wildverband met lichte en zandkleurige baksteen en betonsteen. De zadeldaken zijn veelal gedekt met betonpannen in de kleuren donker bruin/grijs en rood. De bebouwing in Oldenelerlanden, Oldenelerbroek en Ittersumerbroek presenteert zich duidelijk aan de openbare ruimte. De bebouwing bestaat uit vrijstaande, geschakelde en rijenhuizen van twee en drie lagen met diverse kapvormen of met plat dak. De woningen zijn veelal samengestelde volumes met bijzondere architectonische accenten en divers materiaal- en kleurgebruik.

Kenmerken Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden Dit zijn zelfstandige woonbuurten met een kenmerkende woonervenstructuur. De woonerven hebben een informeel en besloten karakter. Dit karakter ontstaat door het ontbreken van een duidelijk onderscheid tussen voor- en achterkant van de woning, verspringende rooilijnen en de ligging aan kronkelige woonstraten met groenstroken en speelplekken. Kenmerkend is het ontbreken van een representatieve voorgevel aan de straat. Het ontwerp van de openbare ruimte en de bebouwing toont weinig samenhang. Direct aansluitend aan de binnenstad en rondom de

wijkvoorzieningen in Ittersumerlanden zijn enkele hogere appartementencomplexen gelegen.

Schellerbroek, Schellerlanden, Oldenelerlanden, Oldenbroek en Ittersumerbroek De uitbreidingen van de latere jaren tachtig tonen eerst een neutraal kleurgebruik en hebben routes met zicht op bijzondere elementen en het landschap. Bijzonder is de Provincie-route met oriëntatie op de Peperbus en de centrale Harculo. De bebouwing uit de jaren negentig heeft een thematische opzet, waarbij elke cluster een eigen expressie en opzet heeft. De laatste uitbreiding is in het plan Hanzeland. Dit deel bestaat uit stedelijke woonbebouwing, gelegen aan het water met bijzondere parkeervoorzieningen.

41

Oude linten De Schellerweg, de Schellerbergweg/Schellerallee, de Zwarteweg en de Oude en Nieuwe Deventerweg zijn herkenbaar aan de laanbeplanting, de individuele woningen van één laag met een A-kap dwars op de weg uit de jaren dertig en de oorspronkelijke agrarische bebouwing. Deze lijnen vormen de verbindingen met de binnenstad, de landgoederen en het landschap.

mooi

Schelle, Schellerhoek De landelijke bebouwing van het voormalige lint Schelle is ingepast en begeleidt de belangrijke fietsroute naar de binnenstad en het station. Opvallend is de invulling van de oude percelen achter de lintbebouwing met kleinschalige nieuwbouwclusters, met een individueel en landelijk karakter. Ittersum Voormalig lint, gelegen aan de uitvalsweg vanuit Zwolle naar Deventer. Het dorp Ittersum is in de jaren zestig uitgebreid met woningen van de voormalige centrale Harculo, evenals de woningen aan de Prof. Veldmanweg. De wijk heeft een duidelijke hiërarchische opbouw en een ruim opgezette groenstructuur in samenhang met de aangrenzende tuinen. De woningen bestaan uit eenvoudige bebouwingsblokken van twee lagen met zadeldak. Bijzondere elementen: • knooppunt Schellerallee • oude linten en uitvalswegen • winkelcentra

Beleidskeuzes waardering De uitbreidingswijk Zwolle-Zuid wordt gewaardeerd als grootschalige woonwijk in de luwte van de stad en vanwege de ligging grenzend aan het landelijke gebied. De plandelen bezitten een goede algemene ruimtelijke kwaliteit met weinig zwakke plekken. Positief is het onderscheid in architectuur van de verschillende plandelen. Belangrijk zijn de menselijke schaal, de diverse zelfstandige woonbuurten, de doorgaande waterstructuur en de doorgaande fietsroutes. De waterstructuur en de oude linten vallen veelal samen met de doorgaande fietsroutes naar het centrum. Deze drie elementen zijn dragers van de openbare ruimte van geheel

Zwolle-Zuid. De autowegen nemen een eigen positie in en hebben voor de openbare ruimte nauwelijks betekenis. dynamiek De dynamiek in dit stadsdeel concentreert zich op het niveau van de voorzieningen: het winkelcentrum, de scholen en andere (commerciële) voorzieningen. De woonbuurten in Zwolle-Zuid kennen een lage dynamiek. Door kleinschalige uitbreidingen worden woningen aangepast aan veranderende woonwensen.

•

beleid • Het niveau van de welstandstoetsing is regulier. • Verbeteren van de ruimtelijke en/of functionele koppeling van de stedelijke voorzieningen op de stadswegen en van de wijkvoorzieningen op de wijkwegen. • Behouden en verbeteren van de ruimtelijke relatie tussen de openbare “lange lijnen” en de bebouwing. • Behouden en versterken van de ruimtelijke kwaliteit van de oude linten en uitvalswegen. • Respecteren van de ruimtelijke opzet van de diverse woonbuurten en de relatie met de water- en groenstructuur. • Respecteren van de thematische architectuur van de woonbuurt bij het uitbreiden van woningen. • Verbeteren van de aansluiting van de bebouwing op de openbare ruimte, bijvoorbeeld door het inzetten van architectonische accenten op blinde gevels. Overige voor welstand relevante beleidsstukken: bestemmingsplannen en reclamebeleid.

•

Welstandscriteria Om aan het beleid te voldoen moet de bebouwing zich voegen naar de beschreven kenmerken. Bij de welstandstoets van een bouwplan zijn de volgende criteria van belang. Plaatsing 42

• •

•

• •

Verbeteren van de oriëntatie van stedelijke voorzieningen op de stadswegen. Verbeteren van de oriëntatie van de wijkvoorzieningen op de wijkwegen. Gebouwen gelegen aan de doorgaande waterlopen en de doorgaande fietsroutes zijn of worden hierop georiënteerd. Bij achtertuinen dient de groenstructuur te worden gehandhaafd. Bij nieuwbouw zijn de perceellering, positie en oriëntatie van de bebouwing in de directe omgeving richtinggevend. Bestaande verspringingen in de rooilijn zijn richtinggevend. Waar zijgevels zich oriënteren op de openbare ruimte moet dat in de architectuur tot uiting komen. De entreezijde van de woning is herkenbaar vormgegeven.

Massa en vorm • De bestaande schaal van de bebouwing in de omgeving is het uitgangspunt bij het uitbreiden of vervangen van de bebouwing. • Bij wijziging van de kapvorm de samenhang binnen de betreffende cluster van woningen bewaren. • In het bouwwerk moet samenhang bestaan tussen de samenstellende delen van dat bouwwerk. • Massa en vorm reageren op de belendende bebouwing. • Bijbehorende bouwwerken zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa. Gevels • Bij verbouw en renovatie is de oorspronkelijke gevelopbouw het uitgangspunt. • Bij nieuwbouw zijn de stijlkenmerken, het materiaal en het kleurgebruik van bebouwing in de omgeving het uitgangspunt. • Er is eenheid in de architectuur van de gehele gevel. • Bij verbouw en renovatie wordt zorgvuldig omgegaan met karakteristieken als hoekoplossingen, entreepartijen en erkers.

mooi

Detaillering, kleur en materiaal • Bij verbouw of renovatie krijgt de detaillering eenzelfde mate van aandacht als bij de bestaande architectuur. • Bij verbouw of renovatie is het oorspronkelijke kleurgebruik uitgangspunt. • Bij nieuwbouw is het oorspronkelijke kleurgebruik in de omgeving uitgangspunt. • Bij verbouw of renovatie is het oorspronkelijke materiaalgebruik uitgangspunt.

43

mooi

Stadshagen (7) Gebiedsbeschrijving

bedrijven of werkplekken (atelier) aan huis. De overgangen van de woonbuurten naar de stad en het landschap worden

Stadshagen is een uitbreidingswijk gebouwd vanaf eind negentiger jaren (VINEX-locatie) in de polder Mastenbroek. De polder is een open, laaggelegen veenweidegebied. Een deel behoort al vanaf de middeleeuwen toe aan de stad Zwolle. Kenmerkend voor de stedenbouwkundige opzet van de wijk is de integrale ontwikkeling van de water- en groenstructuur, de ontsluiting, de verkaveling en de woningcategorieën. De oude lijnen in het landschap, de Oude Wetering (als groenzone) en de Werkerlaan (als strategische zone), zijn als dragers gebruikt voor het stedenbouwkundig plan. Op de samenkomst van deze nieuwe zones ligt het voorzieningencentrum van de wijk. De woonbuurten liggen als een waaier om het centrum en zijn als samenhangende clusters ontwikkeld. Binnen de woonbuurten zijn op strategische plekken woningen gebouwd met extra volume, die kunnen transformeren tot kleine

geaccentueerd door appartementencomplexen en bijzondere woningtypologieën. De woonbuurten zijn gebaseerd op de hedendaagse woonwensen: goede bereikbaarheid met de auto, voldoende parkeerplaatsen, eengezinswoning met tuin en herkenbaarheid van eigen buurt en woning. De hoofdontsluiting is ruim van opzet en bestaat uit brede profielen die worden begeleid door rijzige bebouwing, waarbij de hoeken extra geaccentueerd zijn. De woonbuurten hebben verschillende parkeeroplossingen, zoals op straat, op eigen terrein en op parkeerpleinen. De samenhang tussen de bebouwing en de openbare ruimte is nadrukkelijk ontworpen en typerend voor de woonbuurten. De woningen zijn clusters van diverse woningtypen die als een herkenbare identiteit ontworpen zijn, met een grote samenhang in materiaal en kleurgebruik. Kenmerkend zijn de experimenten met diverse materiaalsoorten, de accenten op de hoeken en de bijzonder dakvormen. Het is overwegend baksteen, hout en keramische pannen in diverse kleuren en toepassingen. De oudere deelgebieden kennen veel sobere rijtjes met platte daken. De nieuwere delen hebben meer kappen en vrijstaande woningen, waarvan een deel is uitgegeven als zelfbouwkavel. De overgangen van openbaar naar privé krijgen extra aandacht in Stadshagen. Waar de achtertuinen van

44

mooi

Centrum ‘het Huis van Stadshagen’ Het centrum, “Het Huis van Stadshagen”, bestaat uit een combinatie van wijkvoorzieningen (commercieel, sociaal, cultureel en recreatief) met woningen erboven, waardoor een stedelijk karakter ontstaat op het knooppunt van de Weteringen de Strategische zone. De Weteringzone

hoekwoningen grenzen aan de openbare ruimte zijn tuinmuren of andere duurzame afscheidingen ontworpen. Ook voor de begrenzingen van voortuinen zijn duurzame afscheidingen ontworpen om zo eenheid in het beeld te krijgen.

Kenmerken Er zijn verschillende wijkdelen (Schoonhorst, Milligen, Frankhuis en Werkeren) en buurten daarbinnen, met ieder een eigen verkaveling en clusters van woningtypen met een eigen identiteit. In de toekomst komen daar de wijkdelen De Tippe, Breecamp (Oost en West) en Breezicht bij. Naast deze wijkdelen en buurten zijn er een aantal afwijkende plekken: Strategische zone: de Werkerlaan De strategische zone is gelegen langs de Werkerlaan, een oude verkavelinglijn van de polder Mastenbroek. De zone heeft een flexibele opzet, wat een verandering van de huidige functie en transformatie van de ruimtes mogelijk maakt. Deze zone zal gaan doorlopen in het nieuw wijkdeel De Tippe.

De Weteringzone heeft een landschappelijke inrichting en vormt de aansluiting op de polder Mastenbroek. Deze zone bestaat uit recreatieve voorzieningen, scholen en grote terpen met meerdere vrijstaande woningen. Frankhuis

De buurtschap Frankhuis heeft een strategische en markante ligging aan het Zwartewater en het ZwolleIJsselkanaal en de dijken daarlangs. De bebouwing is divers: woningen, kleine bedrijven, een school, een oud buiten, een woonschepenhaven. Tegen de dijk ligt Park Frankhuis. Nieuwe bebouwing grenst deels aan het Zwarte water. Vooral bij de Twistvlietbrug wordt zo een relatie tussen Stadshagen en de bestaande stad gelegd.

45

Havenzate Werkeren De voormalige havezate Werkeren ligt in de knik van de Oude Wetering en de Riete. Het vormt de beëindiging van de Werkerallee. Vanwege de grote cultuurhistorische waarde wordt het gebied gehandhaafd. Scholtensteeg De zone langs de Scholtensteeg kent een bijzondere bebouwing gericht op een combinatie van wonen en bedrijvigheid. Vrij Werkeren (“vlek 18”) De driehoek aan de noordwest zijde van Werkeren, tegen de Stadshagenallee aan, is een gebied voor zelfbouw zonder welstandsregels. Stadsranden De oostelijke rand wordt gevormd door het Zwarte Water en is gemarkeerd door de Mastenbroekerbrug en markante hoogbouw, die de overgang naar de stad accentueren. De westelijke en noordelijke randen vormen de overgang naar respectievelijk het landschap van de IJssel en van de polder Mastenbroek. In beide gevallen is de rand voor een belangrijk deel bepaald door de geluidswallen van de Hasselterweg. In beide gevallen is het streven om op een plek een open relatie tussen stad en landschap te maken. Bij de noordelijke stadsrand is dat sowieso het geval bij de Weteringzone, waar de Hasselterweg door een tunnel gaat. Naast de ‘openingen’ kunnen accenten van bebouwing de ligging van de stad herkenbaar maken.

mooi

Bijzondere elementen: • Frankhuis • Werkeren • Oude Weteringzone • Milligerplas • Winkelcentrum/park

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=71df36e0-0fdb-401b-89e4-ffe44500803f