Bijlage 4 - Participatiejournaal Warmteprogramma
Tekst van het document
November 2025
Participatiejournaal Warmteprogramma Een stap in de groene richting
Ons Zwolle van overmorgen
Inhoudsopgave
Vooraf ‘Het is onze inzet om de inwoners centraal te zetten. Bij nieuwe plannen én bij de uitvoering. Keuzes maken we expliciet op basis van publieke waarden. We maken transparant wat onze afwegingen zijn bij besluiten. We wekken geen onmogelijke verwachtingen, maar zijn realistisch. We willen ons bescheiden en kwetsbaar opstellen: fouten geven we toe, en we reflecteren met inwoners, partners en raad op de koers.’
1. Inleiding. .............................................................. 5
[bron: coalitieakkoord 2022-2026]
2. Verloop participatieproces ................................. 9 Vanuit het Klimaatakkoord hebben gemeenten de regie gekregen om de gebouwde omgeving te verduurzamen en aardgasvrij te maken. Als belangrijk onderdeel van het tegengaan van klimaatverandering. Uiterlijk in 2050 moeten alle gebouwen in Nederland aardgasvrij zijn. Om deze doelstelling te halen hebben gemeenten de wettelijke verplichting om een Warmteprogramma vast te stellen. Deze dient vervolgens minimaal iedere vijf jaar herijkt te worden. Het moet zekerheid geven aan inwoners, bedrijven en instellingen voor de komende tien jaar met betrekking tot de warmtetransitie. Het Warmteprogramma is een verplicht programma onder de Omgevingswet en wordt formeel vastgesteld door het college. Een Warmteprogramma is veelomvattend. Het geeft al het beleid weer op het gebied van de warmtetransitie in de gemeente.
3. Stakeholders ......................................................13 4. Participatiemomenten........................................15 5. Conclusie, leerpunten en vervolgstappen ........19
Het NPLW (Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie) heeft een Handreiking Warmteprogramma gemaakt voor gemeenten. Met als doel om gemeenten te helpen bij
2
het maken van een warmteprogramma met praktische richtlijnen. Het omschrijft zowel verplichte zaken als aanbevolen zaken. Ook wordt er apart aandacht besteed aan participatie bij het warmteprogramma. Hierin wordt het belang van participatie met professionele stakeholders zoals netbeheerders en woningcorporaties beschreven. Evenals het betrekken van inwoners. Echter staat hier ook: ‘Het warmteprogramma is een abstract beleidsstuk, waar veel bewoners niet in geïnteresseerd zijn.’ Het Warmteprogramma is de basis waarop gebiedsgericht de warmteplannen worden gemaakt. Bij dit proces dienen we een participatief proces te doorlopen en moeten we aangeven hoe inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisatie en andere bestuursorganen bij de voorbereiding betrokken zijn. En wat de resultaten hiervan zijn. We maken hierbij gebruik van ons eigen Zwolse participatiebeleid: Hanza!
3
In dit participatiejournaal nemen we je mee in het participatieproces dat voor het Warm teprogramma is doorlopen. Het participatie journaal beschrijft het contact tussen de gemeente, als initiatiefnemer, inwoners en partners. De invulling van het participatie proces is aan de gemeente. We gebruiken hiervoor als leidraad de Participatieaanpak Zwolle: H anza!. De insteek is dat we iedereen in de stad de kans willen geven om gehoord te worden. Daarvoor heb ben we een twee sporen aanpak: in gesprek met stakeholders uit de stad en digitaal via enquêtes. Deze opzet is naar analogie van het proces dat we destijds in 2019 hebben doorlo pen voor de eerste visie in de warmtetransitie, de Warmtegids en daarna met het opstellen van de Transitievisie Warmte in 2020. Beide voorlopers van het Warmteprogramma Zwolle Aardgasvrij 2026-2036 .
Inhoud >
1. Inleiding Uit onze stakeholdersanalyse zijn verschillende primaire stakeholders naar voren gekomen. Vervolgens was onze belangrijkste ambitie om deze stakeholders te informeren en om input bij ze op te halen. Het Warmteprogramma Zwolle Aardgasvrij 2026-2036 bestaat uit meerdere onderdelen op drie niveaus: 1. De Zwolse Warmtestrategie; 2. De Aanpak in beleidsbouwstenen; 3. D e Uitvoering met de Warmtetransitiekaart voor 10 jaar en een Uitvoeringsagenda voor 5 jaar.
De verschillende onderdelen worden separaat, maar in samenhang opgesteld en voorgelegd. Samen vormen ze uiteindelijk het Zwolse Warmteprogramma.
bij is een grote groep inwoners over het geheel betrokken door middel van een breed uitgezet te enquête. De opgehaalde input is verwerkt in de bouwstenen die daarna zijn vastgesteld door het college van B&W en voor wensen en bedenkingen aan de raad voorgelegd.
Het Warmteprogramma is opgebouwd uit verschillende bouwstenen. Per bouwsteen zijn deze primaire stakeholders betrokken en daar
Warmteprogramma Zwolle Aardgasvrij Zwolse Warmtestrategie (Vastgesteld 17 maart 2025)
Strategie
Aanpak
Foto: Pixabay
4
Isolatie & besparing
Waterplan kader
Duurzame bronnen
Infrastructuuur & netcongestie
Vastgesteld 6 mei 2025
Vastgesteld 6 mei 2025
Vastgesteld 16 juni 2025
Vastgesteld 16 juni 2025
√
√
√
√
Warmtetransitiekaart 2026-2030
Uitvoering
√ √
Ontwikkelkader Warmtebedrijf Vastgesteld 13 juli 2025
Samenwerking met de stad Warmtetransitiekaart 2031-2036
PlanMER
Uitvoeringsagenda 2026-2030
5
Inhoud >
Primaire stakeholders
aanpak op. Die aanpak bestaat uit bouwstenen met beleidsuitgangspunten voor een aardgas vrij Zwolle.
• Platform Duurzaam Zwolle • De woningcorporaties • Enexis netbeheerder • Zwolse gemeenteraad • Zwolse inwoner
Doel is om te komen tot een handelingsper spectief (uitvoering) voor inwoners op wijk-/ buurtniveau voor de komende tien jaar, als het gaat om een duurzaam alternatief voor aard gas. Dit perspectief wordt op een kaart gezet, de zogenaamde Warmtetransitiekaart. Daaraan koppelen we een uitvoeringsagenda, dit is voor de gebieden waarin we de aankomende vijf jaar aan de slag gaan.
Uit de stakeholdersanalyse kwamen de volgen de primaire stakeholders naar voren:
Warmteprogramma en kaders
In 2050 moeten we in heel Nederland van het aardgas zijn. Vanuit het Rijk krijgen alle ge meenten de opdracht om een warmteprogram ma op te stellen voor de komende tien jaar. Het warmteprogramma beschrijft in welke gebie den we in de gemeente binnen nu en tien jaar aan de slag gaan met de warmtetransitie, dus hoe Zwolle van het aardgas af gaat. Dit is veel omvattend. Het warmteprogramma is daarom ook een omvangrijk stuk. We ontwikkelen het stapsgewijs, waarbij de onderdelen onderling met elkaar samenhangen en van elkaar afhan kelijk zijn. In deze leeswijzer leggen we uit hoe het warmteprogramma wordt opgebouwd. Het warmteprogramma bestaat uit drie niveaus:
Daarnaast moest het programma passen bin nen de gemeentelijke duurzaamheidsagenda en het klimaatbeleid van Zwolle, dat is gericht op CO₂-reductie en energieneutraliteit in 2050. Er waren ook landelijke kaders, zoals het Klimaatakkoord en de Omgevingswet, die eisen stellen aan participatie en duurzaamheid. In Zwolle hanteren we daarvoor het participatie kader van Hanza!. Inwoners en andere stake holders kunnen meedenken over: •V oorstel voor het wijkenergiesysteem in de wijken van Zwolle •D e aanpak/strategie die bij de verschillende systemen hoort •H et stadsbrede kader
1. Strategie 2. Aanpak 3. Uitvoering
Vraagstuk
Als eerste stellen we vast op basis van welke leidende principes we de warmtetransitie in Zwolle vormgeven; de Zwolse warmtestrategie. Met behulp van deze principes stellen we een
In dit participatieproces stond de gezamenlijke verkenning van de overstap naar aardgas vrij Zwolle centraal. Het warmteprogramma
6
beschrijft de gemeentelijke plannen voor de komende jaren. Hierdoor weet iedereen wat er gaat gebeuren in een gebied en kunnen eigen verduurzamingskeuzes worden afgestemd op het toekomstige warmtealternatief. Ook partners, zoals woningcorporaties en netbe heerders, kunnen hiermee rekening houden in hun plannen.
College en Raad
De bevoegdheid voor het vaststellen van het warmteprogramma ligt bij het college van B&W. Dit betekent dat het college de onder delen van het Warmteprogramma vaststelt en deze voorlegt aan de gemeenteraad. Over de bouwstenen warmteplan kader en duurzame bronnen heeft de raad een debat gevoerd. Die debatten hebben niet geleid tot wensen en bedenkingen vanuit de raad. In de aanloop naar het vaststellen van de onderdelen van het Warmteprogramma is het college ingelicht via themacollege’s en is de raad inhoudelijk geïn formeerd door middel van enkele technische briefings en raadsinformatiebrieven.
Eén van onze leerpunten is om van tevoren een betere inschatting te maken wie je aan tafel hebt en hoe je deze partij meeneemt in de voorbereiding.
Het is belangrijk om de verschillende partners en stakeholders op het juiste schaalniveau mee te kunnen laten denken. Dat werkt anders op strategisch niveau dan bij de uitvoering. Ook de vorm kan verschillend: ga je stakeholders bijvoorbeeld van tevoren mee laten lezen, of juist niet.
7
Inhoud >
2. Verloop participatieproces Bij het opstellen van het warmteprogramma hebben we verschillende stakeholders uit de stad betrokken. Het wisselde per bouwsteen wie werd betrokken en op welke manier. Bij alle bouwstenen zijn het Platform Duurzaam Zwolle en een aantal actieve bewonersinitiatieven betrokken. Dat gebeurde in een werksessie per bouwsteen (en soms meerdere per bouwsteen). Andere stakeholders zoals de netbeheerders en woningcorporaties hebben input geleverd voor het warmteprogramma binnen bestaande overlegstructuren of in specifieke sessies gericht op één specifiek vraagstuk. Zoals de werksessies met de woningcorporaties over de warmtetransitiekaart. Bij het bepalen van de wijze waarop participatie door de verschillende stakeholders kon plaats vinden, ondervonden we dat het abstractieni veau van het warmteprogramma stadsbreed niet altijd aansluit bij de beleving van stakehol ders in de wijk. Daar kwamen we een aantal jaar geleden achter, tijdens het opstellen van de transitievisie warmte (de voorloper van het warmteprogramma). Daarom hebben wij ons bij het opstellen van het warmteprogramma steeds de vraag gesteld hoe het stadsbrede be leid, wat hierin wordt vastgesteld, ruimte biedt voor participatie en doorwerkt op wijkniveau. Dit gemeentelijk beleid stelt vooral kaders om de gemeentelijke regierol in de warmtetransitie tot uitvoer te kunnen brengen.
Daadwerkelijke aardgasvrijkeuzes worden gemaakt in de uit voeringsfase op wijkniveau in de warmteplan nen die volgen nadat het Warmteprogramma is vastgesteld. In de warmteplannen wordt opnieuw de wijze van participatie vormgegeven
Hanza!-aanpak
Met het inzetten van de Hanza!-aanpak is be wust gekozen voor een brede mix van partici patie- en communicatiemiddelen, zodat zoveel mogelijk Zwollenaren de kans kregen om mee te denken en hun stem te laten horen in het Warmteprogramma. We hebben drie fases toegepast: 1. Klaar voor de start: Er is gestart met een stakeholderanalyse om te bepalen welke stakeholders op welke manier betrokken moesten worden bij dit participatieproces. 2. Samenwerken aan oplossingen: Daarbij is door middel van gezamenlijke werksessies, met de primaire stakeholder bewonersinitiatieven en Platform Duurzaam Zwolle en andere belanghebbenden, gespro ken over de opgave en de manier waarop zij konden participeren.
3. Resultaten en besluitvorming: Op basis van de inbreng van onze primaire stakeholders zijn verschillende bouwstenen aangepast, die samen het Warmteprogram ma vormen. De effecten op de leefomgeving zijn getoetst en verwerkt in de Milieueffec trapportage. De opbrengst van participatie is integraal gewogen en samen met deskundi gen vertaald naar adviezen voor het college. Na fase 3 gaat het Warmteprogramma vanaf 2026 richting uitvoering Warmteplannen.
Klik hier voor meer
8
9
Inhoud >
Voorbeelden van participatie
De gemeente Zwolle heeft bewoners en partners via meerdere kanalen geïnformeerd, uitgenodigd en betrokken.
Informatieve bijeenkomsten en werksessies
Er zijn meerdere werksessies georganiseerd voor het ophalen van input voor de bouwstenen, met name met het Platform Duurzaam Zwol le. Zij ondersteunen de bewonersinitiatieven vanuit de gehele stad en daarmee de Zwolse inwoner. Tijdens deze sessies is uitleg gegeven over het Warmteprogramma, de energietransi tie en de mogelijke gevolgen voor woningen of buurten. Er was daarbij ruimte om verschillen de vragen te bespreken: • Wanneer wil je wel of niet op de Warmtetran sitiekaart staan? • Wanneer je niet op de Warmtetransitiekaart staat, word je dan ook niet gefaciliteerd? • Wat is de omvang, wel of niet een technisch haalbaarheidsonderzoek? • Wanneer is een initiatief een initiatief? • Je krijgt ook met capaciteit te maken. Het is een diepere laag van samenwerking met de stad. Wie doet wat daarin? Ook zijn er verschillende ideeën besproken: • Zet alle initiatieven op de Warmtetransi tiekaart die enigszins ambitie hebben voor warmte zodat inwoners kunnen zien dat er wel van alles gebeurt in hun buurt voor de komende 5 jaar. • Het blijft belangrijk om samen op te trekken op ‘Waar ziet het platform extra initiatief
ontstaan?’ en ‘Waar kan de gemeente volle capaciteit op zetten om zoveel mogelijk te bereiken?’ • Geen kleine bronnenkaart maken, maar een inspiratiekaart voor mensen in de stad om te zien waar de kansen zijn per buurt. Er is op deze manier samengewerkt aan de invulling van de verschillende bouwstenen. Daarbij is het Platform Duurzaam Zwolle op de hoogte gehouden van het proces. De input is verwerkt in de bouwstenen voordat deze wer den vastgesteld door het college van B&W.
Digitale participatie via online platforms
Via digitale enquêtes, zoals in november 2024 en oktober 2025, konden inwoners hun mening geven over warmteoplossingen. Deze input hebben wij meegenomen bij het opstellen van het warmteprogramma en is één van de redenen geweest om al voorafgaand aan het ontwerp warmteprogramma met een nieuw communicatiecampagne te starten. Resultaten lieten namelijk zien dat veel inwoners (ruim 40%) onvoldoende op de hoogte waren van het aardgasvrij doel. Ook is er in oktober/november van 2025 een vragenlijst uitgezet waarin geïnteresseerde ‘koplopers’ (betrokken inwoners) een aantal relevante vragen over het warmteprogramma konden beantwoorden. De vragenlijst is door 51 mensen ingevuld, waarvan ruim 80% 45 jaar of ouder was. De meningen over een vraag als ‘Hoe kijkt u aan tegen de overstap naar een aardgasvrije woning?’ waren zeer verdeeld. De
10
helft van de respondenten kijkt bijvoorbeeld negatief tegen een warmtenet aan, maar is positief over een warmtepomp. Bij de keus voor een alternatief voor aardgas staat betaalbaar heid bovenaan als zwaar wegende factor. Een andere uitkomst is de manier van informeren. Het merendeel geeft aan via een nieuwsbrief op de hoogte gebracht te willen worden én heeft interesse in een fysieke (inloop)bijeenkomst. Daarom zijn we meteen aan de slag gegaan met de organisatie van fysieke informatieavon den in 2026. Waar we inwoners vertellen wat we precies gaan doen en wat dat voor hun huis en wijk betekent. Ook geven we informatie over betaalbaarheid en (technische) haalbaarheid en geven we inwoners de kans om vragen te stellen.
Burgerberaad
In 2024 is een groep inwoners van Zwolle (via een loting) gevraagd om op het thema ‘Hoe wordt Zwolle op een eerlijke manier klimaat neutraal voor 2040?’ advies te geven aan de gemeenteraad. De opgehaalde adviezen en wensen, van dit zogenaamde burgerberaad, is als afspiegeling van de Zwolse samenleving meegenomen bij het opstellen van het Warmte programma. Dit burgerberaad heeft in juni 2024 een set van 32 adviezen opgesteld. Deze adviezen zijn over handigd aan de gemeenteraad en meegenomen bij het opstellen van het Warmteprogramma. De inbreng van inwoners via het burgerberaad vormt daarmee een belangrijke basis voor de keuzes en richting van het programma.
Lopende projecten/evenementen
Er is al een hoop gaande op dit thema. Vari ërend van bewonersbijeenkomsten in wijken gericht op concrete aardgasvrij-oplossingen tot evenementen gericht op verduurzaming. En van het versturen van isolatieflyers tot aardgasvrije nieuwsbrieven. Bij veel van deze ‘gebeurtenis sen’ is en wordt het aankomende warmtepro gramma benoemd.
Via digitale enquêtes, zoals in november 2024 en oktober 2025, konden inwoners hun mening geven over warmteoplossingen.
Inhoud >
11
3. Stakeholders Tijdens het opstellen van het Warmteprogramma zijn verschillende deelnemers in diverse fasen betrokken geweest. In de beginfase is gestart met een stakeholderanalyse om te bepalen welke partijen op welke manier betrokken moesten worden. De primaire stakeholders in de warmtetransitie zijn Platform Duurzaam Zwolle (vertegenwoordiger van bewonersinitiatieven), de Zwolse woningcorporaties (deltaWonen, SWZ en Openbaar Belang), en netbeheerders Enexis en TenneT. Zij zijn actief bij het opstellen van het warmteprogramma betrokken. Daarnaast zijn ook andere belanghebbenden - zoals buurtinitiatieven, energiecoaches, wijk verenigingen en de Zwolse raad - in verschil lende fasen betrokken. De mate van betrok kenheid varieerde per fase en per bouwsteen: van informeren en adviseren tot co-creëren. Door deze brede samenwerking is gezorgd voor een breed draagvlak en zijn de verschillende perspectieven meegenomen in het uiteindelijke Warmteprogramma. In hoofdstuk 4 staat beschreven hoe en wan neer wij verschillende stakeholders hebben betrokken. Daarnaast hebben wij op basis van de stakeholderanalyse, die we aan het begin van het project hebben opgesteld, de bouw steen ‘Samenwerking met de stad’ opgesteld. Daarin staat beschreven hoe wij de komende jaren met verschillende stakeholders in de stad samenwerken aan de warmtetransitie.
Hoofdgroepen van stakeholders
De stakeholders die we betrokken hebben, bij de totstandkoming van het warmteprogramma, kunnen we onderverdelen in drie groepen: op
12
drachtgevers, intensief betrokken stakeholders en extensief betrokken stakeholders. Met de intensief betrokken stakeholders hebben we sessies, bijeenkomsten en ande re activiteiten georganiseerd die relatief veel inspanning van de stakeholder vroegen. De exentensief betrokken stakeholders zijn op een laagdrempeligere manier betrokken bij het warmteprogramma. Onder andere door enquêtes en door laagdrempelige gesprekken op evenementen.
d. Buurt/wijk initiatieven waaronder: De Groene Aa, Duurzaam Holtenbroek, Stichting Duurzaam Berkum, 50 Tinten Groen assendorp, Warm Assendorp en Het Groene Zuiden e. Z wolse raad 3. Extensief betrokken stakeholders a. Inwoners & ondernemers b. Ondernemersverenigingen en parkmanagers c. Z wols goud (oud Zwolse raadsleden)
1. Opdrachtgevers a. Gemeenteraad b. College van B&W c. R ijksoverheid (wetgeving) 2. Intensief betrokken stakeholders a. Netbeheerders: Enexis, TenneT b. W oningcorporaties: deltaWonen, SWZ, Openbaar Belang c. Platform Duurzaam Zwolle (vertegenwoordiger van bewonersinitiatieven)
13
Inhoud >
4. Participatiemomenten 2023: Focus: inzicht in de huidige stand van zaken
De participatie in 2023 richtte zich nog niet specifiek op het warmteprogramma. We waren druk bezig met de uitvoering van activiteiten zoals beschreven in de Transitivisie Warmte (de voorloper van het warmteprogramma). We hebben bij de uitvoering van deze activiteiten waardevolle inzichten opgedaan voor het warmteprogramma. Zo kregen we in 2023 een inzicht in de complexiteit van de warmtetransitie, de weg die we nog te gaan hebben en welke thema’s we extra aandacht willen geven. Activiteiten: •T hemacollege aardgasvrij Zwolle voor College van B&W. •E nquete verspreid over warmtetransitie.
2024: Focus: introductie warmteprogramma, wat is het, wat kan je ermee en wat is ieders rol
Vanaf 2024 is de gemeente zich gaan richten op het warmteprogramma. Eerst verkennend: wat is een warmteprogramma, met wie werken we hieraan en hoe ziet het proces er uit. In de loop van 2024 zijn we inhoudelijk aan de slag gegaan. Beginnend met de ‘Zwolse Warmte
14
strategie’ en de bouwstenen ‘Kader Warmte plannen’ en ‘Isolatie en Besparing’. Ook is aan het eind van 2024 een begin gemaakt met de bouwsteen ‘Bronnenstrategie’. Activiteiten: • Gesprekken met stakeholders - bewonersiniti atieven, woningcorporaties, provincie Overijs sel, ondernemers, natuur en milieuorganisatie - n.a.v. opstellen ambitiepakket voor het Pro gramma Energietransitie (het ambitiepakket heeft gezorgd voor structureel budget tot 2030 voor uitvoering van het warmteprogramma). •T hemacollege warmteprogramma voor Colle ge van B&W. •G esprek met platform Duurzaam Zwolle over motie wegnemen belemmeringen verduurza ming (start verkenning samenwerking warm teprogramma). •G esprekken met inwoners op de stadshart markt (i.s.m. energiecoaches). •B rainstorm Warm Thuis met bewonersinitia tieven, Stichting Voor Elkaar Zwolle, partners en Blauwvinger Energie (dit vormde input voor de bouwsteen isolatie). •G esprek over warmteprogramma met buurt initiatieven; binnen welke kaders kan en mag er meegedacht worden. •E nergiecoachavond waar bij energiecoaches is opgehaald wat inwoners nodig hebben om te isoleren (dit vormde input voor de bouwsteen isolatie).
15
•S ocial media campagne n.a.v. motie ‘wegne men belemmeringen bij verduurzamen. • Stadsbrede Zwolse isolatieaanpak, samen met buurtinitiatieven. • Brainstorm over kader warmteplannen met Zwolse buurtinitiatieven (dit vormde input voor het kader warmteplannen). • Enquête november 2024 (algemene vragen lijst, stadsbreed uitgezet). • Aan de raad overgedragen Burgerberaad adviezen voor een Eerlijk en Klimaatneutraal Zwolle. • Brainstorm bronnenstrategie met Buro Loo en Zwolse buurtinitiatieven (dit vormde input voor de bouwsteen duurzame bronnen).
2025: Focus: komen tot een compleet warmteprogramma wat past bij de stad
In 2025 is invulling gegeven aan de resterende onderdelen van het warmteprogramma. Daar naast kwam in dat jaar vooral de worsteling naar voren tussen concreetheid en flexibiliteit: Hoe zorgen we voor voldoende vooruitgang en duidelijkheid richting inwoners en onderne mers, zonder dat we onszelf en onze partners beperken om in te kunnen spelen op nieuwe kansen en initiatieven? Tijdens vrijwel alle onderstaande activiteiten is dit dilemma in meer of mindere mate aan bod gekomen.
Inhoud >
In 2024 is er een enquête uitgegaan. Ongeveer 40% gaf aan niet op de hoogte te zijn van de aardgasvrijdoelstelling.
Activiteiten: • Informatieavond Zwolse isolatie- en bespa ringsaanpak met buurtinitiatieven en inwo ners (dit zorgde voor concretisering van de bouwsteen isolatie). • Bijeenkomst Zwols Goud (oud Zwolse raads leden) over warmteprogramma (hier konden ze meedenken over de ontwikkeling vanuit hun ambassadeurschap). • Brainstorm duurzame bronnen (dit vormde input voor de bouwsteen duurzame bronnen). • Werksessie met AT osborne, het volledige programma energietransitie en verschillende stakeholders uit de stad (o.a. bewonersinitia tieven, woningcorporaties, provincie Overijs sel, ondernemers, netbeheerders, natuur en milieuorganisatie). Het ging over gezamenlij ke doelen, inspanningen en samenwerkings behoeften (dit was waardevolle input voor het algehele warmteprogramma, maar specifiek waardevolle input voor de bouwsteen samen werking met de stad). • Brainstorm warmtetransitiekaart met buurt initiatieven en Platform Duurzaam Zwolle (dit vormde input voor de warmtetransitiekaart). • Informatiemarkt Stadshart. • Werksessie en vervolgsessie warmtetransitie kaart met woningcorporaties (dit vormde input voor de bouwsteen warmtetransitiekaart). • Overleg Enexis warmtetransitiekaart (dit vormde input voor de bouwsteen warmte transitiekaart).
16
•S takeholderssessie toekomstbeeld energysysteem (dit vormde input voor de bouwsteen infrastrctuur en netcongestie). •C ommunity of practice platform duurzaam Zwolle (buurtinitiatieven en kernteam warm teprogramma). Verzamelde data a.d.h.v. activiteiten in de vijf prioritaire wijken (Assendorp, Dieze, Holtenbroek, Aa-landen, Berkum).
Participatie met Platform Duurzaam Zwolle en wijk-/buurtinitiatieven:
Er zijn meerdere bijeenkomsten georganiseerd over de verschillende bouwstenen van het warmteprogramma, in samenwerking met Plat form Duurzaam Zwolle en de geïnteresseerde initiatieven. Platform Duurzaam Zwolle was bij alle bijeenkomsten aanwezig; de aanwezig heid van de initiatieven wisselde per thema. Bij sommige bijeenkomsten was ook een externe deskundige aanwezig, zoals een adviseur van Buro Loo, die de bronnenanalyse voor de ge meente heeft uitgevoerd. Tijdens de bijeenkom sten werd een eerste versie van elke bouwsteen besproken. Vanuit deze startpunten ontston den gesprekken over mogelijke alternatieven, knelpunten tussen gemeente en initiatieven, en manieren om hiermee om te gaan. Door deze uitwisseling is het warmteprogramma uitein delijk flexibeler vormgegeven, met ruimte voor nieuwe ideeën en initiatieven in de stad.
Participatie met Enexis & Tennet
Participatie met woningcorporaties
Participatie met ‘koplopers’
Participatie met inwoners
Participatie met bedrijven(terreinen)
Stadsbrede campagne
Met Enexis en TenneT vinden structurele overleggen plaats, waarin de grote opgave voor het elektriciteitsnet in de stad centraal staat. Tijdens deze reguliere gesprekken is al veel waardevolle input opgehaald voor het warmteprogramma. Deze input heeft grote rol gehad in de wijkkeuzes voor de komende vijf jaar. De verzwaringsplanning van Enexis, en de planning van de bouw van een nieuw hoogspanningsstation door TenneT, is de komende jaren zeer bepalend. Aangezien we geen all-electric warmteplannen willen starten in wijken waar het elektriciteitsnet dit (nog) niet kan ondersteunen.
In Zwolle heeft in 2024 een burgerberaad plaatsgevonden. Dit is een groep inwoners (via een loting) die gezamenlijk advies uit brengt aan de gemeenteraad. In vijf bijeen komsten hebben zij verschillende adviezen uitgewerkt, onder andere op het thema ener gie. Een groot deel van deze adviezen raakt aan het warmteprogramma en heeft daardoor een plek gekregen in één van de bouwstenen. Het gaat bijvoorbeeld om onderwerpen als betere monitoring, de inzet van energiecoa ches en het instellen van een voorschietfonds. Deze acties zijn rechtstreeks gebaseerd op de aanbevelingen van het burgerberaad.
Met alle drie woningcorporaties hebben we het gesprek gevoerd over de planning voor het warmteplan voor de komende vijf jaar. En voor de komende vijf tot tien jaar. Tijdens deze gesprekken is gekeken of de planning van de woningcorporaties zou kunnen leiden tot een warmteplan. De conclusie was echter dat de woningcorporaties de komende jaren te verspreid (in allerlei verschillende buur ten) aan de slag gaan om hier een warmte plan op af te stemmen. Wel is afgesproken dat daar waar de gemeente met een warm teplan aan de slag gaat de woningcorpora ties kijken of er een koppelkans ligt met hun bezit.
Binnen het gemeentelijke programma Energietransitie is er specifieke aandacht voor bedrijven en maatschappelijk vastgoed. Vaak sluiten zij aan bij warmteplannen, maar bedrijventerreinen vormen hierop een uitzon dering. Voor het verduurzamen van bedrij venterreinen zijn daarom aparte gesprekken gevoerd, onder andere met parkmanagement. Een mooi voorbeeld van de koppeling met het warmteprogramma is het raadsbezoek aan één van de bedrijventerreinen, waarbij zowel de gemeenteraad als de aanwezige bedrijven tegelijkertijd zijn bijgepraat over de voortgang en kansen binnen het warmteprogramma.
17
Voor de koplopers in de warmtetransitie (inwoners die actief met de warmtetransitie bezig zijn) is een vragenlijst opgesteld. Deze was uiteraard toegankelijk voor alle inwoners en ondernemers, maar is vooral verspreid via bestaande nieuwsbrieven waarvoor geïn teresseerde inwoners zich eerder hebben aangemeld. De vragen richtten zich met name op de manier waarop deze inwoners geïnformeerd willen worden over het warm teprogramma. De uitkomsten van de vragen lijst gebruiken we om te bepalen hoe we de koplopers het beste kunnen betrekken bij het vervolg van het programma.
In 2024 is er een algemene enquête uitgegaan over het warmteprogramma. Ongeveer 40% van de inwoners gaf aan niet op de hoogte te zijn van de aardgasvrijdoelstelling. Hierdoor heeft de gemeente besloten om al eerder dan gepland te starten met een brede Zwolse campagne. In plaats van te wachten op het warmteprogramma is ervoor gekozen al vanaf de zomer van 2025 te starten met de campagne ‘Een stap in de groene richting’. Waarbij de Zwolse inwoner stap voor stap wordt meegenomen naar een aardgasvrije toekomst.
Inhoud >
5. Conclusie, leerpunten en vervolgstappen Gaandeweg zijn we tot een aantal conclusies en leerpunten gekomen: •B ij de start van het participatieproces bleek het lastig om te bepalen of de juiste stake holders aan tafel zaten. Na overleg met de stakeholders is bepaald om een bredere doelgroep uit te nodigen. •E en ander leerpunt is om goed van tevoren aan te geven welke rol (van informeren tot mee belissen) een stakeholder heeft op welk onderwerp. •B ij het opstellen van een Warmteprogramma heeft het Rijk richtlijnen en wettelijke ver plichtingen meegegeven waar een Warmte programma aan moet voldoen. Dit betekent dat de ruimte voor participatie ingekaderd is. Dit leverde soms frustratie bij stakeholders op. •D e warmtetransitie is een complex vraagstuk en er zijn nog maar weinig gemeenten in Ne derland die een compleet warmteprogramma
18
hebben opgesteld. Ook wij als gemeente deden onderweg steeds nieuwe inzichten op. Tel daar een onstabiel politiek klimaat bij op waarbij wetgeving steeds veranderd of uitge steld werd, dat maakte het extra complex. • Meningen van inwoners verschillen enorm. Bij enquêtes zagen we bijvoorbeeld dat de ene inwoner morgen aardgasvrij wil wor den, de ander liever nooit. Maar ook in alle gesprekken en sessies die we hebben gehad zien we dit terugkomen. Er is nog nooit een overleg geweest waarbij iedereen het met elkaar eens was. Dat zet de samenwerking onder druk. De oplossing voor dit alles was om het beleid zo op te schijven dat er bij de uitvoering van het beleid (het opstellen van warmteplannen) nog genoeg ruimte is om te participeren. En dat het inbouwen van flexibiliteit belangrijk is. Zo kunnen we nu moeilijk inschatten of een bewo nersinitiatief ergens aan de slag wil, want dat
19
weten ze zelf nog niet. Maar je wil ze ook niet verplichten om nog vijf jaar te wachten tot de gemeente met een herziening van het warmte plan komt. Daarom is vrijwel in elke bouwsteen flexibiliteit ingebouwd, zodat we in kunnen spelen op nieuwe situaties. En zodat we andere stakeholders een rol in de warmtetransitie kunnen geven, zonder dat we gaan vertragen. De uitvoering van de warmtetransitie vindt plaats op woning-, straat-, buurt- en wijk niveau. De komende vijf jaar biedt het warmte programma een flexibele kapstok waaronder wij aan de slag kunnen. In de bouwsteen “Samenwerken met de stad”, waarin Hanza! is omarmd, beschrijven we het belang van samenwerken (participeren en communiceren) op projectniveau. Met het opstellen van het warmteprogramma hebben we een mooie basis gelegd wat we de komende vijf jaar ook gaan uitvoeren.
Inhoud >
Dit is een uitgave van gemeente Zwolle, november 2025
Participatiejournaal Warmteprogramma Auteurs: Auteurs: Nienke van Keimpema, Eefje van Empel, Iris Koetsier-Schipper, Sanne Meulman en en de rest van het Kernteam Warmteprogramma Opmaak: Team vormgeving, afdeling Communicatie
zwolle.nl