CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Notitie effectbeschouwing Ruimtelijk Toekomstperspectief

Raad Besluitvormingsronde 7 juli 2025, gemeente ZwolleBij agendapunt: Ruimtelijk Toekomstperspectief Aanvulling Omgevingsvisie7.726 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NOTITIE

Onderwerp Project Opdrachtgever Projectcode Projectleider Status Datum Referentie

Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door

Notitie effectbeschouwing Ruimtelijk Toekomst Perspectief (RTP) Aanvulling op de Omgevingsvisie Zwolle Gemeente Zwolle 142392 F.D. Kesmer MSc Definitief 23 mei 2025 142392/25-008.206 W.W. Gaastra MSc, J.T. Fekken MSc F.D. Kesmer MSc F.D. Kesmer MSc

Paraaf

Bijlage(n)

1

I Beoordelingskader OER

INLEIDING

De gemeente Zwolle werkt aan de aanvulling op de Omgevingsvisie. Als input voor deze aanvulling wordt een Ruimtelijke Toekomst Perspectief (hierna: RTP) opgesteld. Het RTP is een stip op de horizon voor na 2030 en bevat beleidskeuzes voor de aanvulling op de Zwolse Omgevingsvisie. Een onderdeel van de aanvulling op de Omgevingsvisie is het doorlopen van een milieueffectrapportage. Leeswijzer Voor u ligt de notitie met een effectbeschouwing van het RTP. Het RTP dient als inhoudelijke onderlegger en ruimtelijke koersbepaling voor de aanvulling op de Omgevingsvisie. Het beschrijft de ruimtelijke koers van Zwolle richting 2040 (met een doorkijk naar 2050). In het RTP worden de gewenste en mogelijke ruimtelijke ontwikkelingen voor de gemeente beschreven. Dit vormt de basis voor het voorgenomen beleid in het omgevingseffectrapport (hierna: OER). In deze notitie worden de gevolgen van de ingrepen in het RTP op de leefomgeving in kaart gebracht. Deze notitie begint met een inleiding die de totstandkoming van het RTP beschrijft. Hoofdstuk 2 behandelt de belangrijkste kenmerken van het RTP, inclusief de voorgenomen beleidsinzet. In hoofdstuk 3 worden de gevolgen van deze kenmerken voor de leefomgeving gepresenteerd. Tot slot worden in hoofdstuk 4 aandachtspunten en kritische maatregelen besproken die van belang zijn voor de verdere uitwerking van de ontwerp-Omgevingsvisie.

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Daalsesingel 51c | Postbus 24087 | 3502 MB Utrecht | +31 (0)30 765 19 00 | www.witteveenbos.com | KvK 38020751

Wat is de relatie tussen de aanvulling van de Omgevingsvisie en het RTP? Met de Omgevingsvisie uit 2021 geeft de gemeente Zwolle sturing aan de (ruimtelijke) opgaven op haar grondgebied tot 2030. De gemeente heeft besloten om de Omgevingsvisie uit 2021 aan te vullen, tot na 2030, naar aanleiding van: 1 nieuwe opgaven, trends en ontwikkelingen die op Zwolle afkomen; 2 nieuw vastgesteld bovenlokaal en lokaal beleid en nieuwe (regionale) afspraken met kaderstellende uitspraken over Zwolle na de vaststelling van de Omgevingsvisie in 2021. Concreet gaat het om de regionale Verstedelijkingsstrategie, de gebiedsbiografie en de BO-MIRT afspraken. De colleges in de regio hebben hier in 2023 mee ingestemd en hun raden daarover geïnformeerd. De Omgevingsvisie is een integrale visie met strategische hoofdkeuzes van beleid voor de fysieke leefomgeving op de lange termijn. De Omgevingsvisie gaat onder andere in op de samenhang tussen ruimte, wonen, water, klimaat, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, gezondheid, economie, energie, infrastructuur en cultureel erfgoed. Het RTP dat nu voorligt bevat de voorgenomen fysieke ingrepen waarmee de Omgevingsvisie aangevuld wordt. Oftewel: dit RTP zet de koers uit en doet richtinggevende uitspraken tot over de periode tot 2040 (met een doorkijk naar 2050).

Proces totstandkoming RTP Om tot het ruimtelijk toekomstperspectief te komen wordt een intensief proces doorlopen: 1 thematische bouwstenen: er zijn thematische en gebiedsgerichte bouwstenen opgesteld om de opgaven in Zwolle tot 2040 per thema te beschrijven; 2 scenariostudie: vervolgens zijn er meerdere richtingen (scenario’s) verkend door middel van een scenariostudie die variëren in hoe om te gaan met de opgaven; 3 bandbreedtealternatieven: op basis van de 4 Zwolse scenario’s zijn 2 extreme bandbreedtealternatieven opgesteld waar een effectbeschouwing op de leefomgeving op is uitgevoerd; 4 RTP: het RTP is tot stand gekomen als resultaat van een uitgebreid en iteratief proces. Het RTP vertaalt thematische opgaven in concrete ruimtelijke keuzes in de toekomst voor Zwolle waar een effectbeschouwing voor de leefomgeving op is uitgevoerd. De effectbeschouwing van het RTP is beschreven in de voorliggende notitie; 5 ontwerp-Omgevingsvisie: hierop volgend wordt de ontwerp-Omgevingsvisie uitgewerkt en wordt er een volledige omgevingseffectrapportage opgeleverd. Deze stap wordt nog uitgevoerd. In onderstaande afbeelding is de totstandkoming van de ontwerp-Omgevingsvisie weergegeven.

Afbeelding 1.1 Totstandkoming ontwerp-Omgevingsvisie 1. Thematische bouwstenen Duiden de opgaven na 2030 per thema 2. Scenariostudie Vier mogelijke toekomstbeelden op basis van PBL ruimtelijke verkenningen

3. Bandbreedte alternatieven Effectbeschouwing twee extreme alternatieven met uiterste hoeken speelveld

4. Ruimtelijk Toekomst Perspectief Effectbeschouwing van het RTP als voorkeursuitwerking

5. Ontwerp-omgevingsvisie met een omgevingseffectrapportage

2 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Rol effecten op milieu en leefomgeving Bij de aanvulling van de Omgevingsvisie wordt een mer-procedure doorlopen om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in plan- en besluitvorming te betrekken, met als resultaat een omgevingseffectrapport (OER). Europese en nationale wetgeving 1 schrijven voor dat voor activiteiten met (mogelijk) aanzienlijke milieueffecten een mer-procedure wordt doorlopen. De gemeente streeft naar een omgevingseffectrapport (OER) in plaats van een milieueffectrapport (MER) vanwege het integrale karakter van de Omgevingsvisie en de nadruk op de maatschappelijke opgaven. Deze notitie is een tussenproduct met de eerste inzichten voor het ontwerpproces die nader wordt uitgewerkt in het OER. De notitie bevat de effecten op hoofdlijnen van mogelijke ingrepen van het RTP. Zo wordt informatie over de leefomgeving tussentijds ook meegenomen bij de totstandkoming van het RTP.

2

RUIMTELIJK TOEKOMSTPERSPECTIEF

De huidige Zwolse Omgevingsvisie (Ons Zwolle van Morgen) beschrijft de gemeentelijke ambities voor beleidsthema’s tot 2030. Om een doorkijk te maken naar strategische keuzes voor de periode tot 2040 werkt Zwolle aan een aanvulling op de huidige Omgevingsvisie. Als onderdeel hiervan is RTP opgesteld, met de naam: Ons Zwolle van Overmorgen. Het RTP is gebaseerd op 4 Zwolse basiswaarden: 1 ‘Zwolle ondernemende groeiregio’ 2 ‘Zwols naoberschap door sterke sociale weefsels’ 3 ‘Zwolle nabij door duurzame en aantrekkelijke verbondenheid’ 4 ‘Zwolle deltaspons door een robuust blauwgroen netwerk’. Het RTP vertaalt de opgaven blauwgroen, wonen, economie, mobiliteit en energie in concrete ruimtelijke keuzes. Dit resulteert in 5 kaartlagen, die samen het integrale kaartbeeld vormen voor de toekomst van Zwolle. Daarnaast zijn 5 sleutelgebieden aangewezen voor een integrale gebiedsgerichte aanpak. De integrale kaart met de toekomstvisie inclusief sleutelgebieden is weergegeven in het RTP (Hoofdstuk 3, gemeente Zwolle, versie mei 2025). Toelichting thema’s RTP Onderstaand is per thema beschreven wat de belangrijkste ontwikkelrichtingen zijn en de daarbij horende ingrepen. Na tabel 2.1 zijn de sleutelgebieden toegelicht.

1

Nederlandse wet moet voldoen aan de Europese mer-richtlijn voor projecten (2014/52/EU, 2011/92/EU)) en de Europese SMB-richtlijn (Strategische milieubeoordeling, 2001/42/EG) voor plannen en programma’s. De Europese wetgeving is geïmplementeerd in de Omgevingswet (Ow) (afdeling 16.4) en verder uitgewerkt in het Omgevingsbesluit (Ob) (hoofdstuk 11, bijlage V).

3 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Tabel 2.1 Samenvattend overzicht van de thema’s uit het RTP met de belangrijkste ingrepen Thema

Belangrijkste ingrepen

blauwgroen: een robuust casco als ruimtelijke drager ruimte voor water in stad en buitengebied om extremere weersomstandigheden (zoals overvloedige regen en droogte) op te vangen. Voor kaartweergave zie paragraaf 4.2 van het RTP, gemeente Zwolle, versie mei 2025)

-

wonen: verdichting, uitbreiding en woonmilieudifferentiatie groei van 18.250 tot 23.500 woningen in 2040, zodat iedereen zich thuis voelt. Voor kaartweergave zie paragraaf 4.3 van het RTP, gemeente Zwolle, versie mei 2025)

-

-

-

-

economie: ruimte voor groei, circulariteit en functiemenging Zwolle als economisch centrum van de regio, met focus op uitbreiding en intensivering van bedrijventerreinen. Voor kaartweergave zie paragraaf 4.4 van het RTP, gemeente Zwolle, versie mei 2025)

-

mobiliteit: STOMP en netwerkversterking versterking van de ring en ruimte creëren voor wandelen, fietsen en openbaar vervoer. Voor kaartweergave zie paragraaf 4.5 van het RTP, gemeente Zwolle, versie mei 2025)

-

-

-

energie: gebiedsgerichte transitie en energiehub inzetten op lokale, duurzame energie en te streven naar energie-neutraliteit. Voor kaartweergave zie paragraaf 4.6 van het RTP, gemeente Zwolle, versie mei 2025)

4 | 15

-

versterken tot 1 samenhangend stedelijk watersysteem (Willemsvaart, Nieuwe Vecht, Zwarte Water) met ruimte voor waterberging, natuurvriendelijke oevers en recreatie; aanleg van retentiegebieden in stadsranden en de inrichting van ondergrondse buffers in verdichtingsgebieden; combinatie van nieuwe stadsparken met wateropgave, (bijvoorbeeld Roelenwegkwartier en Spoorzone); toepassing van de sponsstrategie uit Salland: bovenstrooms vasthouden, vertraagd afvoeren in middengebieden, en bergen benedenstrooms (o.a. Bij de Vechtrand en in Zwolle-Zuid); verbinding van groenstructuren met regionale ecologische netwerken en het Natuurnetwerk Nederland (NNN) in de delta verdichting in wijken als Aa-landen, Holtenbroek, Assendorp en rond het Stadshart, met toevoeging van appartementen (3+ kamers), geclusterde woonvormen en gemengde woon-werkcombinaties; transformatie en verdichting van de Ceintuurbaanzone tot hoogstedelijk woon-werkgebied, met nadruk op OV-bereikbaarheid en functiemenging; nieuwe uitbreidingswijken aan de zuidkant van Zwolle (Zwolle-Zuid, Harculo), met circa 2.000-3.000 woningen, gekoppeld aan een nieuw station Zwolle-Zuid (250-500 woningen) en groene structuren richting de IJssel; gefaseerde ontwikkeling van de Vechtrand, met diffuus stedelijk landschap tussen stad en Vecht, gericht op natuurinclusief wonen en klimaatadaptieve inrichting; Ruimte voor in totaal 15.8000 tot

23.500 extra woningen, waarvan 10.000 reeds opgenomen in de huidige plancapaciteit Hessenpoort 4: uitbreiding met 50 hectare bedrijventerrein, specifiek voor grootschalige en energie-intensieve bedrijvigheid; Marslanden en Voorst: intensivering en sterke profilering, inclusief functiemenging met lichte productie, stadslogistiek en circulaire functies; Spoorzone en Singelzone: mengvormen van wonen, werken en voorzieningen; nadruk op creatieve maakindustrie en kennisintensieve functies; strategische reservering van ruimte langs de A28-corridor, in afstemming met buurgemeenten, voor bovenregionale bedrijvigheid; beperken van kantoortransformatie; focus op behoud en vernieuwing van kantoorclusters in de Spoorzone, Stadshart en Zwartewaterallee binnenstedelijke maximumsnelheid wordt verlaagd naar 30 km/u, ruimtewinst wordt benut voor vergroening en langzaam verkeer; versterking van de stadsring (Ceintuurbaan, Zwartewaterallee, Blaloweg, IJsselallee) voor autoverkeer; tegelijk wordt de binnenstad autoluw; realisatie van mobiliteitshubs bij de IJsselallee, spoorzone en Zwolle-zuid, met parkeervoorzieningen, deelmobiliteit en laadinfra; ontwikkelingen Zwolle-Zuid: realisatie van een nieuw station Zwolle-zuid, gekoppeld aan woningbouwontwikkeling in het stationsgebied en ontsluiting op N337; investeringen in publieke mobiliteit: buurtbussen, ov-oplossingen op wijkniveau, en fijnmaziger

regionaal busnetwerk; ruimtelijke integratie van mobiliteit met energie-infrastructuur (laadpunten), woningbouw (nabijheid) en economie (goederenstromen) ontwikkeling van wijkgerichte warmtenetten, met prioriteit voor Spoorzone, Holtenbroek en Zwolle-Zuid; aquathermie uit Willemsvaart, IJssel en Nieuwe Vecht als alternatieve bron; benutting van daken voor zon-PV en stimulering van collectieve opwekprojecten; versterking van het elektriciteitsnet, vooral rond bedrijventerreinen en mobiliteitshubs; Zwolle ontwikkelt zich tot regionale energiehub: conversie, opslag, slimme netten; integratie van energie met ruimtegebruik, o.a. bij bedrijventerreinen (elektrificatie productie) en laadinfrastructuur in de stad

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Toelichting sleutelgebieden RTP Het RTP van Zwolle benoemt 5 gebieden waar meerdere ruimtelijke opgaven samenkomen, zoals groei van de stad, aanpassing aan het klimaat, mobiliteit en overgang naar duurzame energie. Deze gebieden zijn benoemd als 'sleutelgebieden'. Ze helpen de stad zich op een goede manier te ontwikkelen. Elk gebied is uniek en helpt mee aan verschillende doelen. De sleutelgebieden zijn: 1 stadsrivier: langs de Willemsvaart, Nieuwe Vecht en het Zwarte Water ontstaat een samenhangend blauwgroen netwerk met ruimte voor waterberging, recreatie en natuur. En fungeert als klimaatadaptieve verbinding tussen binnenstad, Spoorzone en buitengebied; 2 Vechtrand: tussen Ceintuurbaan en de Vecht wordt een diffuus-stedelijk woonlandschap ontwikkeld, waarin natuur, wonen en recreatie samenkomen. Afgestemd op bodem, water, cultuurhistorie en klimaatadaptatie; 3 Zwolle-Zuid: ontwikkelt tot een nieuwe stadswijk met en een nieuw station. Harculo wordt herontwikkeld tot culturele plek aan de IJssel. Klimaatadaptieve inrichting, mobiliteit en energie zijn hier sterk verweven; 4 bedrijventerreinen: de uitbreiding van Hessenpoort omvat 50 hectare voor grote bedrijven.

Marslanden en Voorst worden intensiever gebruikt en gericht op de circulaire economie, met speciale aandacht voor MKB, energietransitie en stadslogistiek; 5 stadsring: de stadsring (IJsselallee, Ceintuurbaan, Blaloweg, Zwartewaterallee) wordt versterkt als hoofdontsluiting voor autoverkeer. Wat bijdraagt aan een autoluwe binnenstad en ruimte biedt voor mobiliteitshubs, laadinfrastructuur en de vergroening van de singelzones. Deze sleutelgebieden worden gebruikt om de stad op een geïntegreerde en toekomstbestendige manier te ontwikkelen, zoals verder uitgelegd in hoofdstuk 5 van het RTP (gemeente Zwolle, 2025).

3

GEVOLGEN VOOR DE LEEFOMGEVING

In dit hoofdstuk zijn de gevolgen voor de leefomgeving beschreven voor het RTP. Voor elke ambitie die in de huidige Zwolse Omgevingsvisie, Ons Zwolle van Morgen, wordt beschreven, is er een tabel opgenomen die de globale effecten op de leefomgeving aangeeft. Deze beoordeling is uitgevoerd voor elk thema dat in het beoordelingskader is opgenomen in het OER (zie bijlage I van deze notitie). De toekomstige situatie met het RTP is vergeleken met de referentiesituatie. De referentiesituatie is de toekomstige situatie (huidige situatie en autonome ontwikkelingen) zonder de uitvoering van het RTP. Onder de tabel is een toelichting van de effectbeoordeling per thema te vinden. Groen toont de kansen en rood de risico’s als gevolg van het RTP. Hierbij zijn geen ingrepen meegenomen die de risico’s kunnen beperken. De cellen zonder een kleur tonen aan dat de situatie niet verandert als gevolg van het RTP en gelijk blijft aan de referentiesituatie of dat er zowel kansen als risico’s aanwezig zijn.

3.1

Ambitie versterken stedelijkheid en economie

Deze ambitie bestaat uit de thema’s: wonen, economie en mobiliteit en bereikbaarheid. In tabel 3.1 is per thema een toelichting van de gevolgen van het RTP op de leefomgeving opgenomen. Hierbij wordt het RTP vergeleken met de referentiesituatie.

5 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Tabel 3.1 Effectbeoordeling ambitie versterken stedelijkheid en economie Thema

Aspect

Beoordeling omgevingseffecten RTP

wonen

woningaanbod

er worden 18.250 tot 13.500 meer woningen gebouwd, ten opzichte van de referentiesituatie. Dit zijn woningen voor de juiste doelgroepen, en passende woningtypen en -milieus het voorzieningenaanbod groeit, net als de referentiesituatie, mee met het inwoneraantal het oppervlakte stedelijk groen en water en de ruimte voor recreatie neemt door nieuwe stadsparken toe ten opzichte van de referentiesituatie. De kwaliteit en beweegvriendelijkheid van de openbare ruimte verbeterd

voorzieningenaanbod openbare ruimte

economie

werkgelegenheid landbouw

mobiliteit en bereikbaarheid

vervoerskeuze

het aanbod banen neem toe, zowel praktisch- als theoretisch opgeleiden, ten opzichte van de referentiesituatie er wordt niet ingegaan op agrarisch grondgebruik, wat ook geldt voor de referentiesituatie. De opgaven in de referentiesituatie blijven bestaan zoals druk op de ruimte in het buitengebied en perspectief van landbouw. Tegelijkertijd neemt door nieuwe woningbouwlocaties en uitbreiding van bedrijventerreinen de ruimtedruk op de landbouw toe. Daarom wordt het effect op de landbouw als negatief beoordeeld de verplaatsingen zijn ongeveer gelijk verdeeld over de verschillende modaliteiten, net als in de referentiesituatie

bereikbaarheid en toegankelijkheid gemotoriseerd verkeer

de hele stad blijft net als in de referentiesituatie bereikbaar voor gemotoriseerd verkeer. Verkeer binnen het stadscentrum van Zwolle wordt beperkt, maar buiten stadscentrum wordt de doorstroming verbeterd

bereikbaarheid en toegankelijkheid openbaar vervoer bereikbaarheid en toegankelijkheid langzaam verkeer verkeersveiligheid

door de toevoeging van station Zwolle Zuid en een nieuwe busbaan langs het spoor, wordt het beter bereikbaar ten opzichte van de referentiesituatie er worden vrijliggende fietspaden en fietstunnels toegevoegd waardoor de bereikbaarheid verbeterd kruisingen worden ongelijkvloers gemaakt en wegen veiliger, het aantal verplaatsingen neemt wel toe ten opzichte van de referentiesituatie

Toelichting toetsing aan ambities wonen Als doelbereik voor de ambitie versterken stedelijkheid en economie voor het thema wonen heeft Zwolle de volgende ambitie: ‘in Zwolle is een passend woningaanbod met bijbehorende voorzieningen en een kwalitatieve openbare ruimte door het jaarlijks toevoegen van 1.000 woningen’. Voor het thema wonen geeft dit per aspect de volgende uitkomsten: - woningaanbod: het RTP heeft een hoge potentie om de doelen voor het woningaanbod te behalen. Er wordt gestreefd naar een passend woningaanbod, hoewel niet exact 1.000 woningen per jaar worden gebouwd in het RTP. De algemene vraag wordt met de bandbreedte die benoemd staat in het RTP echter voldoende bediend. Een knelpunt is het tempo waarop deze woningen gebouwd (kunnen) worden door stikstofwetgeving en grondposities. Er wordt wel gebouwd voor de juiste doelgroepen met passende woningtypen en -milieus; - voorzieningenaanbod: de potentie voor het doelbereik van voorzieningen is beperkt, maar het RTP biedt een redelijke vooruitgang. Voorzieningen groeien mee met het inwonertal, hoewel dit niet op wijkniveau is uitgewerkt.

De bereikbaarheid van voorzieningen blijft gelijk door het STOMP-principe, maar er zijn geen concrete maatregelen voor de toegankelijkheid van voorzieningen voor mindervaliden of ouderen; - openbare ruimte: het RTP heeft een hoge potentie om de doelen te behalen voor openbare ruimte. Er is veel aandacht voor het versterken van de blauwgroene structuur, met plannen om de Willemsvaart, singel en Nieuwe Vecht te verbinden en groene woonwijken te creëren. De kwaliteit en beweegvriendelijkheid van de openbare ruimte verbeteren aanzienlijk. Conclusie: hieruit valt te concluderen dat het RTP een beperkt tot hoge potentie heeft voor het behalen van de doelstellingen van het thema wonen. Hier geldt nog wel de onzekerheid rondom bouwtempo door stikstofwetgeving. Het voorziet in een passend woningaanbod voor diverse doelgroepen en een groeiend

6 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

voorzieningenaanbod. De openbare ruimte krijgt veel aandacht, met plannen voor een sterkere blauwgroene structuur, wat de kwaliteit en beweegvriendelijkheid bevordert. Een belangrijk aandachtspunt blijft de beschikbaarheid van voldoende woningen. Toelichting toetsing aan ambities economie Als doelbereik voor de ambitie versterken stedelijkheid en economie voor thema economie heeft Zwolle de volgende ambitie: ‘de economische positie van Zwolle is versterkt op het gebied van gezondheidszorg, ICT en de creatieve industrie’. Voor het thema economie geeft dit per aspect de volgende uitkomsten: - werkgelegenheid: het RTP richt zich op het verbeteren van werkgelegenheid door uitbreiding en profilering van bedrijventerreinen zoals Marslanden en Hessenpoort, evenals het toevoegen van kantoorruimtes in de Spoorzone. De focus ligt op gezondheidszorg, ICT en creatieve industrie. Ook circulaire economie vraagt ruimte en daar is aandacht voor in de Marslanden. Door de Human Capital Agenda en efficiënt gebruik van arbeidskrachten streeft het RTP naar een goede balans tussen arbeidsplaatsen en beroepsbevolking. Dit geeft een hoge potentie om de doelen voor werkgelegenheid te behalen; - landbouw: het RTP doet geen uitspraken over agrarisch grondgebruik na 2030. Historische trends en toekomstige verwachtingen wijzen op een afname van het belang en de ruimte voor agrarische activiteiten.

Tegelijkertijd groeit de ruimtevraag in en rond Zwolle door woningbouw en uitbreiding van bedrijventerreinen zoals Marslanden en Hessenpoort. De energietransitie, aanleg van de Ringweg, en versterking van de hoofdgroenstructuur leggen extra druk op het buitengebied, wat ten koste kan gaan van agrarische gronden. Er is een lage potentie om de doelen voor landbouw te behalen. Conclusie: hieruit valt te concluderen dat het RTP zowel een lage als hoge potentie heeft voor het behalen van de doelstellingen van het thema economie. De focus op het versterken van werkgelegenheid in de gezondheidszorg, ICT, en creatieve industrie toont hoge potentie, mede door de uitbreiding van bedrijventerreinen en de Human Capital Agenda. Echter, de druk op de landbouwsector is groot door stedelijke en infrastructurele ontwikkelingen op agrarische gronden. Toelichting toetsing aan ambities mobiliteit en bereikbaarheid Als doelbereik voor de ambitie versterken stedelijkheid en economie voor het thema bereikbaarheid en mobiliteit heeft Zwolle de volgende ambitie: ‘de bereikbaarheid van Zwolle is binnen de stad versterkt, gericht op vormen van duurzame mobiliteit als STOMP en de verkeersveiligheid is verbeterd. Daarnaast is de bereikbaarheid over het nationale en internationale weg en- spoornetwerk versterkt’.

Voor het thema mobiliteit en bereikbaarheid geeft dit per aspect de volgende uitkomsten: - vervoerskeuze: in het RTP is er een beperkte potentie om de doelen voor vervoerskeuze te behalen. De modal split blijft grotendeels hetzelfde: het aandeel verplaatsingen per modaliteit verandert weinig, en de verandering die plaats vindt is in de negatieve richting. Uit de mobiliteitsstudie uitgevoerd door GoudAppel blijkt dat de verdeling van modaliteiten nauwelijks veranderd; - bereikbaarheid en toegankelijkheid gemotoriseerd verkeer: het RTP heeft een hoge potentie om de doelen te behalen. In het voorgenomen beleid blijft de hele stad bereikbaar voor gemotoriseerd verkeer, maar worden er wel maatregelen genomen om verkeer binnen het stadscentrum van Zwolle te beperken om meer ruimte te creëren voor andere modaliteiten conform het STOMP-principe. Buiten het centrum worden een maatregelen genomen om de doorstroming en bereikbaarheid te verbeteren; - bereikbaarheid en toegankelijkheid openbaar vervoer: er worden in het RTP verbeteringen doorgevoerd in het openbaar vervoer, zoals de toevoeging van Station Zwolle Zuid, maar het is nog niet duidelijk of dit genoeg is om Zwolle in het voorgenomen beleid voldoende in te richten conform STOMP.

Het RTP heeft een beperkte potentie om de doelen te behalen; - bereikbaarheid en toegankelijkheid langzaam verkeer: door de extra maatregelen die er in het RTP worden genomen om fietsers comfortabele en toegankelijke routes te bieden wordt de bereikbaarheid versterkt. Dit wordt (nog) niet gereflecteerd in een hoger aandeel fietsverplaatsingen in het voorgenomen beleid. Zwolle is in het RTP buiten het stadscentrum nog niet volledig gericht op duurzame mobiliteit (STOMP-principe). Het RTP heeft een beperkte potentie om de doelen te behalen;

7 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

-

verkeersveiligheid: er worden in het RTP verschillende ingrepen gedaan in die een effect hebben op de verkeersveiligheid. De belangrijkste daarvan is het aantal verkeersconflicten (kruisende stromen verkeer) van de Ringweg (IJsselallee, Oldeneelallee, Ceintuurbaan en Zwartewaterallee/Blaloweg) te verkleinen. Hier worden een aantal ongelijkvloerse kruisingen en fietstunnels aangebracht, waardoor het aantal conflicten afneemt. Er is een hoge potentie om de doelen te behalen.

Conclusie: hieruit valt de concluderen dat het RTP een beperkte tot hoge potentie heeft voor het behalen van de doelstellingen van het thema mobiliteit en bereikbaarheid. De grootste aandachtspunten liggen met name bij vervoerskeuze en duurzame mobiliteit volgens het STOMP-principe. Het centrum van Zwolle wordt duidelijk ingericht volgens het STOMP-principe, met meer ruimte voor langzaam verkeer ten koste van autoverkeer. Als het teweegbrengen van een modal shift voor de gemeente als geheel een doel is, zijn buiten het centrum aanvullende maatregelen nodig, zoals infrastructuurverbeteringen en stimuleringsmaatregelen voor duurzame vervoersmiddelen. De effectiviteit van openbaar vervoer kan worden verhoogd door betere integratie en frequentie. Er is een goede focus op verkeersveiligheid.

3.2

Ambitie solidaire gezonde duurzame stadsdelen

Deze ambitie bestaat uit de thema’s: gezond en sociaal, natuur en landschap, cultuurhistorie en archeologie. In tabel 3.2 is per thema een toelichting van de effectbeoordeling van het RTP opgenomen. Onder de tabel is een toelichting van de effectbeoordeling per thema te vinden.

Tabel 3.2 Effectbeoordeling ambitie vitale solidaire gezonde duurzame stadsdelen Thema

Aspect

Beoordeling omgevingseffecten RTP

gezond en sociaal

gezondheidsbescherming

het aspect gezondheidsbescherming is beoordeeld als zowel positief als negatief. De focus op duurzame mobiliteit en vergroening is een positieve beweging ten opzichte van de referentiesituatie, met name voor luchtkwaliteit. Door de toename van verkeersbewegingen, is er op een aantal plekken in de stad een toename van geluidhinder en uitstoot, waardoor er ook een negatieve beoordeling is ten opzichte van de referentiesituatie

veiligheid omgeving

ten opzichte van de referentiesituatie blijft de omgevingsveiligheid gelijk. externe veiligheid verandert niet ondanks meer bedrijvigheid, en sociale veiligheid verbetert door gemeenschapsvorming en nabijheid

sociaaleconomische positie

de toename van werkgelegenheid heeft een positief effect op het gemiddeld besteedbaar inkomen

sociale cohesie

de sociale cohesie verbetert ten opzichte van de referentiesituatie door versterking van sociale netwerken en gemeenschapsvorming

gezonde leefstijl

net als in de referentiesituatie zijn er geen concrete uitgangspunten voor het bevorderen van gezond gedrag. Ingrepen zoals het STOMP-principe en (het ontbreken van) richtlijnen voor roken en alcohol- en drugsgebruik zijn gelijk in het RTP en de referentiesituatie

beschermde natuurgebieden

stikstofdepositie en verstoring nemen toe en vindt mogelijk oppervlakteverlies plaats van weidevogel leefgebied en NNN-gebied

soortenbescherming en biodiversiteit

uitbreiding van Hessenpoort en een windmolenpark hebben sterk negatieve effecten op biodiversiteit, terwijl versterking en uitbreiding van de groenstructuur juist positieve effecten hebben

landschap, cultuurhistorie en erfgoed

erfgoedbehoud wordt bevorderd door integratie van historische elementen en groene structuren in stadsontwikkeling. Energie-infrastructuur en wegen kunnen echter verstoring veroorzaken, dit resulteert in een gemengde beoordeling

archeologie

door het behoud en onderzoek van archeologische waarden is de beoordeling positief

natuur

landschap, cultuurhistorie en archeologie

8 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Toelichting toetsing aan ambities gezond en sociaal Als doelbereik voor de ambitie vitale, solidaire, gezonde en duurzame stadsdelen voor het thema gezond en sociaal heeft Zwolle de volgende ambitie: ‘de leefkwaliteit in Zwolle is verbeterd door een gezonde en veilige leefomgeving met meer sociale binding tussen inwoners’. Voor het thema gezond en sociaal geeft dit de volgende uitkomsten: - gezondheidsbescherming: in het RTP is er beperkte potentie voor het behalen van de doelen. Het RTP biedt mogelijkheden voor verbetering van sociale veiligheid door het stimuleren van sociale cohesie en nabijheid in nieuwe ontwikkelingsgebieden. Echter blijft de integratie van externe veiligheidsmaatregelen nodig om het doelbereik volledig te realiseren; - veiligheid omgeving: het RTP biedt mogelijkheden voor verbetering van sociale veiligheid door het stimuleren van sociale cohesie en nabijheid in nieuwe ontwikkelingsgebieden. Echter blijft de integratie van externe veiligheidsmaatregelen nodig om het doelbereik volledig te realiseren. Er is een beperkte potentie om de doelen van veiligheid omgeving te behalen; - sociaaleconomische positie: in het RTP komen er meer banen voor praktisch- en theoretisch opgeleiden, wat het gemiddeld besteedbaar inkomen verhoogt. De onderliggende verschillen in de sociaaleconomische positie van inwoners blijven echter bestaan.

Er is een beperkte potentie om de doelen voor sociaaleconomische positie te behalen; - sociale cohesie: de aandacht in het RTP voor versterken van sociale structuren en het bevorderen van gemeenschapsvorming kan aanzienlijk bijdragen aan het verbeteren van de sociale cohesie in Zwolle. De aandacht voor vitale, solidaire, gezonde en duurzame stadsdelen ondersteunt de ambitie om een leefkwaliteit te creëren die sociale binding tussen inwoners vergroot. Er is een hoge potentie om de doelen voor sociale cohesie te behalen; - gezonde leefstijl: er zijn in het RTP geen specifieke richtlijnen voor bewegen, roken, alcohol- en drugsgebruik. Het autoluwe centrum is wel beweegvriendelijker. Door verdichting en de druk op de ruimte is de beschikbaarheid van sport- en speelplekken minder goed dan in de referentiesituatie. Het RTP heeft een beperkte potentie om de doelen te behalen. Conclusie: hieruit valt de concluderen dat het RTP een beperkte tot hoge potentie heeft voor het behalen van de doelen voor het thema gezond en sociaal. Er zijn verbeterpunten, zoals het integreren van externe veiligheidsmaatregelen en het aanpakken van sociaaleconomische verschillen. Het stimuleren van sociale cohesie is veelbelovend, maar richtlijnen voor een gezonde leefstijl en beweegvriendelijke omgevingen moeten verder worden uitgewerkt.

De beschikbaarheid van sport- en speelplekken blijft cruciaal voor een gezonde leefomgeving. Toelichting toetsing aan ambities natuur Als doelbereik voor de ambitie vitale, solidaire, gezonde en duurzame stadsdelen voor het thema natuur heeft Zwolle de volgende ambitie: ‘de in 2050 is de biodiversiteit in Zwolle toegenomen’. Voor het thema natuur geeft dit de volgende uitkomsten: - beschermde natuurgebieden: het RTP heeft een lage potentie om de doelen voor beschermde natuurgebieden te behalen. De stikstofdepositie en verstoring nemen toe, wat geen verbetering brengt voor Natura 2000-gebieden, NNN-gebieden en weidevogelleefgebieden. Het windmolenpark en een mogelijke uitbreiding van het bedrijventerrein leiden tot verlies van weidevogelleefgebied en kwaliteitsverlies van beschermde gebieden. Er zijn geen maatregelen die de kwaliteit of omvang van deze gebieden verbeteren; - soortenbescherming en biodiversiteit: het RTP richt zich op nieuwe waterstructuren, groenelementen, het vergroenen van stedelijke gebieden en uitloopgebieden, wat de biodiversiteit behoudt en lokaal versterkt. Echter, uitbreidingen bij werkgebied Hessenpoort en het windpark in Haerst en Hessenpoort veroorzaken negatieve effecten. Het RTP heeft beperkte potentie om de doelen voor soortenbescherming en biodiversiteit volledig te behalen.

Conclusie: hieruit valt te concluderen dat het RTP een lage tot beperkte potentie heeft voor het behalen van de doelen voor het thema natuur. De toenemende stikstofdepositie en verstoring vormen aanzienlijke uitdagingen voor beschermde gebieden, terwijl negatieve effecten van uitbreidingen de biodiversiteit

9 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

bedreigen. Er is behoefte aan gerichte maatregelen om zowel de kwaliteit als de omvang van natuurgebieden te verbeteren en de biodiversiteit te versterken. Toelichting toetsing aan ambities landschap, cultuurhistorie en archeologie Als doelbereik voor de ambitie vitale, solidaire, gezonde en duurzame stadsdelen voor het thema landschap, cultuurhistorie en archeologie heeft Zwolle de volgende ambitie: ‘landschappelijke, cultuurhistorische en archeologische waarden worden behouden en verder versterkt’. Voor het thema landschap, cultuurhistorie en archeologie geeft dit de volgende uitkomsten: - landschap, cultuurhistorie en erfgoed: in het RTP wordt ingezet op de integratie van groen en cultuurhistorie in nieuwe woonmilieus en het vermijden van druk op beschermde stadsgezichten. Echter kunnen de ontwikkelingen in de energietransitie ervoor zorgen dat de landschappelijke waarden onder druk komen te staan. Er is een beperkte potentie om de doelen te behalen; - archeologie: het RTP zet in op het behoud van archeologische waarden door verplicht archeologisch onderzoek bij grondverstorende activiteiten. Er is een hoge potentie om de doelen voor archeologie te behalen. Conclusie: hieruit valt de concluderen dat het RTP een beperkte tot hoge potentie heeft voor het behalen van de doelen voor het thema landschap, cultuurhistorie en archeologie.

Hoewel archeologische waarden goed beschermd worden, vraagt de energietransitie om extra aandacht voor het behoud van landschappelijke en cultuurhistorische waarden.

3.3

Ambitie klimaatbestendig en energieneutraal

Deze ambitie bestaat uit de thema’s: energie en bodem, water en klimaat(adaptatie). In tabel 3.3 is per thema een toelichting van de effectbeoordeling van het RTP opgenomen. Onder de tabel is een toelichting van de effectbeoordeling per thema te vinden.

Tabel 3.3 Effectbeoordeling ambitie klimaatbesteding en energieneutraal Tabel 3.3 Thema

Aspect

Beoordeling omgevingseffecten RTP

energie

emissie broeikasgassen

woningbouw, meer verkeer en uitbreiding van bedrijventerreinen verhogen de uitstoot van broeikasgassen, wat negatief beoordeeld is ten opzichte van de referentiesituatie

energieverbruik en duurzame opwek

het aspect energie is neutraal beoordeeld ten opzichte van de referentiesituatie. Hoewel maatregelen om energieverbruik te verminderen concreter zijn, dekken ze niet de volledige vraag. Zo worden nieuwe woningen energieleverend, maar worden bestaande gebouwen niet aangepast. De uitbreiding van duurzame energievoorziening en netcongestie is onzeker net als in de referentiesituatie

bodem

het aspect bodem krijgt een positieve beoordeling door het principe 'water en bodem sturend'. de uitwerking hiervan bepaalt of positieve effecten ontstaan

waterveiligheid en risico op wateroverlast

waterveiligheid en risico op wateroverlast zijn positief beoordeeld door de 'blauwgroen' basiswaarde en 3 strategische pijlers met concrete maatregelen om toekomstige wateroverlast te beperken

waterkwaliteit en duurzame watervoorziening

door de toenemende druk op de drinkwatervoorziening en bodemsysteem is de waterkwaliteitt en duurzame watervoorziening beoordeeld als negatief

hittestress

door de uitbreiding van de blauwgroene structuur en koelteplekken is dit aspect positief beoordeeld ten opzichte van de referentiesituatie

bodem, water en klimaat(adaptatie)

10 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Toelichting toetsing aan ambities energie Als doelbereik voor de ambitie Zwolle is in 2050 klimaatbestendig en energieneutraal voor het thema energie is uitgegaan van: Zwolle is in 2050 energieneutraal. Voor de aspecten emissie broeikasgassen en energieverbruik en duurzame opwek geeft dit de volgende uitkomsten: - emissie broeikasgassen: de uitbreiding van woningen en bedrijventerreinen verhoogt broeikasgasemissies, zowel tijdens aanleg als gebruik, met gemotoriseerd vervoer als extra factor. Duurzame energie-oplossingen zijn nog niet concreet, en de bereidheid van inwoners om hun gedrag te veranderen is beperkt. Bovendien stelt het Rijk minder middelen beschikbaar om broeikasgasreductie te stimuleren. Het RTP heeft een lage potentie om de doelen voor emissie broeikasgassen te behalen; - energieverbruik en duurzame opwek: het RTP beschrijft een stijging van het energieverbruik door een groei van het aantal inwoners en bedrijven. Er zijn plannen voor duurzame energie, maar het is onzeker wanneer deze worden uitgevoerd. Het uitbreiden van het elektriciteitsnet kan lastig zijn door beperkte middelen vanuit het Rijk, drukte op het net en mogelijke bezwaren van inwoners. Nieuwe woningen leveren energie op, maar bestaande gebouwen worden niet aangepast, waardoor het energieverbruik niet veel daalt. Daarnaast blijft netcongestie een probleem.

Er is een lage potentie om de doelen voor energieverbruik en duurzame opwek te behalen. Conclusie: hieruit valt te concluderen dat het RTP een lage potentie heeft voor het behalen van de doelen voor het thema energie. De uitdagingen zijn aanzienlijk, met stijgende broeikasgasemissies en energieverbruik door bevolkingsgroei, maar ook onzekerheid rondom netcongestie. Hoewel concrete plannen voor duurzame oplossingen beperkt zijn, biedt het RTP een basis voor verdere ontwikkeling. Gerichte investeringen en beleidsmaatregelen kunnen bestaande initiatieven versterken en de transitie naar energieneutraliteit haalbaar maken. Toelichting toetsing aan ambities bodem, water en klimaat(adaptatie) Als doelbereik voor de ambitie een klimaatbestendig Zwolle voor het thema bodem, water en klimaat(adaptatie) is uitgegaan van: de stad neemt maatregelen om weerbaar te worden tegen wateroverlast en droogte en de unieke delta van de IJssel en Vecht te behouden, en zorgt voor een duurzame leefomgeving. Voor de thema's bodem, waterveiligheid en risico op wateroverlast, waterkwaliteit en duurzame watervoorziening, en hittestress geeft dit per aspect de volgende uitkomsten: - bodem: in het RTP is beschreven dat het principe van water en bodem sturend wordt toegepast voor nieuwe ontwikkelingen.

Dit zorgt op ontwikkellocaties voor een verbetering, ook wordt er middels Nieuw helpt Bestaand ingezet op het verbeteren van de huidige bebouwing. Er is een hoge potentie om de doelen voor bodem te behalen; - waterveiligheid en risico op wateroverlast: het RTP heeft een hoge potentie om de doelen te behalen voor waterveiligheid en risico op wateroverlast. Dit komt mede doordat er wordt ingezet op de basiswaarde ‘blauwgroen’. Er is een duidelijke ambitie met 3 strategische pijlers en concrete stappen om toekomstige wateroverlast te verminderen. Deze maatregelen vormen de basis voor gebiedsontwikkelingsprocessen en voorkomen onzekerheden door ruimteclaims van andere opgaven; - waterkwaliteit en duurzame watervoorziening: de potentie om de doelen voor waterkwaliteit en duurzame watervoorziening te behalen is laag. De druk op drinkwatervoorziening en bodemsystemen vormt een risico. Landelijk beleid moet de kwaliteit van (grond)water verbeteren, maar de effecten zijn onzeker en KRW-doelen zijn niet gegarandeerd. De oppervlaktewaterkwaliteit kan verbeteren via ecologische waarde in de blauwgroene structuur en stadsrivier, maar ruimtegebrek zorgt voor onzekerheid; - hittestress: het RTP heeft een beperkte potentie om de doelen te behalen voor het aspect hittestress. Het blauwgroene netwerk van de stad richt zich op koelteplekken en koele mobiliteitsroutes.

Beleid ondersteunt het meenemen van hittestress in gebiedsontwikkeling. Echter, een sterke aanpak voor hittestress in de bestaande stad ontbreekt, waardoor de maatregelen minder effectief zijn. Concurrerende ruimteclaims maken de uitvoering van deze maatregelen onzeker.

11 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Conclusie: hieruit valt te concluderen dat het RTP een lage tot hoge potentie heeft voor het behalen van de doelen voor het thema bodem, water en klimaat(adaptatie). Er is een hoge potentie voor verbetering van bodem en waterveiligheid. De strategische pijlers en concrete stappen versterken de weerbaarheid van de stad tegen wateroverlast. De waterkwaliteit en duurzame watervoorziening zijn laag beoordeeld, maar er zijn positieve initiatieven en kansen voor verbetering door landelijke beleidsinterventies. Hittestress heeft beperkte potentie, maar de aanpak met koelteplekken en mobiliteitsroutes is een goede stap, met mogelijkheden voor intensivering voor meer impact in de bestaande stad.

4

AANDACHTSPUNTEN VOOR UITWERKING ONTWERP-OMGEVINGSVISIE

4.1

Hoofdboodschap

Zwolle staat voor diverse uitdagingen op het gebied van waterveiligheid, mobiliteit en natuur, die binnen het RTP worden aangepakt. Het RTP biedt een uitgebreide koers voor de toekomst van Zwolle, waarin blauwgroen, wonen, economie, mobiliteit en energie een rol spelen, terwijl aandacht wordt besteed aan de uitdagingen die hierbij komen kijken. Voldoende beleidsinzet om waterveiligheid te verbeteren In het RTP is beschreven dat Zwolle hard aan de slag gaat met waterveiligheid door de basiswaarde ‘blauwgroen’. De basiswaarde ‘blauwgroen’, een kernprincipe van het RTP, richt zich op het creëren van een robuust blauwgroen netwerk door de stad. Dit netwerk omvat wijken, buurten, de binnenstad en het landelijk gebied als 1 samenhangend systeem. Het doel is om waterveiligheid te bevorderen door ruimte te bieden voor waterberging en klimaatadaptieve inrichting, zoals het versterken van de Willemsvaart en Nieuwe Vecht. Dit is cruciaal gezien de ligging van Zwolle in de delta van de Vecht en IJssel, en de uitdagingen door klimaatverandering. Zwolle blijft bereikbaar ondanks de groei van de stad Het RTP richt zich op het bereikbaar houden van Zwolle ondanks de groei van wonen en werken. Verkeer binnen het stadscentrum van Zwolle wordt beperkt. Buiten het centrum worden een aantal maatregelen genomen om de doorstroming te verbeteren.

Om de doorstroming op de ringweg te verbeteren, worden maatregelen zoals ongelijkvloerse kruisingen, verkeersregelinstallaties met hogere capaciteit en fietstunnels geïmplementeerd. Deze verbeteringen maken Zwolle beter bereikbaar voor gemotoriseerd verkeer, maar trekken volgens de mobiliteitsstudie uitgevoerd door GoudAppel ook meer verkeer aan dan in de referentiesituatie. De verdeling van vervoersmiddelen (modal split) verandert slechts minimaal; ongeveer 1 % van de verplaatsingen die eerder met de fiets werden gedaan, worden nu met de auto gemaakt. Tegelijkertijd streeft het RTP ernaar om het autoverkeer binnen het stadscentrum te verminderen. Dit wordt onder andere bereikt door het invoeren van knips, waardoor er meer ruimte ontstaat voor langzaam verkeer zoals fietsers en voetgangers. Een belangrijke ontwikkeling is de realisatie van Station Zwolle Zuid, wat de bereikbaarheid met het openbaar vervoer van het zuidelijk deel van de stad aanzienlijk verbetert. Bovendien worden fietsroutes verbeterd en neemt de verkeersveiligheid toe door de aanleg van ongelijkvloerse kruisingen met de Ringweg.

Hoewel deze maatregelen bijdragen aan een efficiënter en veiliger mobiliteitssysteem, blijven er aandachtspunten bestaan, met name in het vinden van een balans tussen het faciliteren van gemotoriseerd verkeer en het stimuleren van duurzame mobiliteitsoplossingen en toepassen van het STOMP-principe (Stappen, Trappen, OV, Mobility as a Service, Privévervoer). Natuur blijft een opgave Op het gebied van natuur richt het RTP zich op de vermindering van stikstofuitstoot door duurzame mobiliteit en het bevorderen van biodiversiteit. Er wordt gewerkt aan de integratie van groene en blauwgroene structuren die de ecologische waarde van de stad verhogen. Desondanks blijven er belangrijke opgaven, zoals het risico van toenemende stikstofdepositie op nabijgelegen Natura 2000-gebieden, mogelijk oppervlakteverlies en verstoring van en in weidevogel leefgebied en NNN-gebied door het uitbreiden van

12 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

werkgebied Hessenpoort en het realiseren van een windmolenpark, evenals de uitdaging om de biodiversiteit te behouden te midden van stedelijke verdichtingen.

4.2

Kritische maatregelen

De volgende maatregelen zijn kritisch om risico op negatieve effecten op de leefomgeving te beperken. Deze maatregelen zijn essentieel om ervoor te zorgen dat de uiteindelijke beslissing goed onderbouwd en effectief is. De volgende adviespunten dienen overwogen te worden in de aanvulling op de Omgevingsvisie. Elk adviespunt is nader toegelicht onder de opsomming: - het bouwen in weidevogelleefgebieden is onwenselijk vanuit de provinciale verordening; - ontwikkel een integrale visie voor het buitengebied voor 2050 met een toekomst voor verschillende doelgroepen. Bouwen in weidevogelleefgebieden niet wenselijk vanuit provinciale verordening Vermijd bouwactiviteiten en beheer recreatiedruk in gebieden waar weidevogels leven. Dit is opgenomen in het RTP en blijft een belangrijk aandachtspunt. Uit effectstudies blijkt dat bouwactiviteiten en recreatiedruk leiden tot verstoring en verlies van leefgebied voor weidevogels, wat niet gewenst is volgens de provinciale verordening en de bescherming van deze vogels. Het behouden van deze gebieden is cruciaal voor de biodiversiteit en het behoud van specifieke vogelsoorten. Er zijn afspraken gemaakt met de provincie over de mogelijke plaatsing van windmolens in Haerst en Hessenpoort.

Volgens de provinciale verordening is bouwen in gebieden waar weidevogels leven, in het bijzonder de Mastenbroekerpolder en het IJsselgebied, niet wenselijk om de bescherming van deze vogels te waarborgen. Tijdens het proces voor de totstandkoming van windmolens wordt er een milieueffectrapportage (planMER) opgesteld. Dit planMER biedt voldoende beslisinformatie om een besluit te nemen over het windpark Haerst in relatie tot natuur. Voor de eventuele uitbreiding van het bedrijventerrein Hessenpoort dient rekening worden gehouden met de weidevogelleefgebieden. Daarnaast is het belangrijk om de recreatiedruk in deze gebieden te beperken om de leefomstandigheden voor de vogels te behouden. Ontwikkel een integrale visie voor het buitengebied De stedelijke ontwikkeling van Zwolle vraagt om een integrale visie voor het buitengebied van Zwolle die rekening houdt met verschillende opgaven zoals recreatie, ruimtelijke kwaliteit, natuur en economie. Een dergelijke visie zorgt voor een gebalanceerde ontwikkeling en behoudt de diverse functies en waarden van het buitengebied.

4.3

Aanbevelingen voor de uitwerking van de ontwerp-Omgevingsvisie

De volgende algemene aandachtspunten zijn relevant voor de nadere uitwerking van het ontwerp-Omgevingsvisie (aanvulling). Elk adviespunt is nader toegelicht onder de opsomming: - verdichten rondom stations met oog voor omgevingsveiligheid en gezondheidsbescherming; - beperk autoverkeer in gebieden met kwetsbare objecten; - stikstof blijft een aandachtspunt door onzekerheid landelijk en provinciaal beleid; - hinder tijdens de bouw is een aandachtspunt bij stedelijke gebiedsontwikkeling; - stem tempo van energietransitie af op tempo van bouwen; - neem landschappelijke waarden mee in de planvorming en ontwerp in de bestaande stad; - bouwen in archeologisch waardevol gebied. Verdichten rondom stations met oog voor omgevingsveiligheid en gezondheidsbescherming De komst van een nieuw treinstation bij Zwolle Zuid biedt mogelijkheden voor gebiedsontwikkeling en verdeling van druk op het mobiliteitssysteem. Het is belangrijk om bij de realisatie van een nieuw station voldoende vervoerwaarde te creëren voor het treinstation. Het stationsgebied rondom station Zwolle Zuid biedt een uitstekende mogelijkheid voor een mix van functies waaronder woningen, kantoren en voorzieningen. Dit kan bijdragen aan een efficiënter gebruik van ruimte, verbetering van de bereikbaarheid en een vermindering van de afhankelijkheid van autoverkeer.

13 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

Echter, de nabijheid van railverkeer, vooral met het transport van gevaarlijke stoffen door Zwolle en met eindbestemming railterminal, brengt risico's met zich mee zoals brand- en explosiegevaar. Het is cruciaal om veiligheidszones in te stellen en robuuste bouwmaterialen te gebruiken om deze risico's te mitigeren. Ook ontstaat er gezondheidsrisico’s voor kwetsbare objecten rondom de (nieuwe) stations vanwege hinder door geluid en trillingen afkomstig van (extra) railverkeer. Beperk autoverkeer in gebieden met kwetsbare objecten, Ceintuurbaanzone blijft aandachtspunt Om de negatieve gezondheidseffecten van verkeer (o.a. geluidsoverlast en luchtvervuiling) in Zwolle te beperken, is het cruciaal om het autoverkeer in drukke woongebieden te verminderen. Dit kan worden gerealiseerd door gerichte maatregelen die het autogebruik ontmoedigen en de verkeersdrukte verminderen. Specifieke drukke gebieden en wegen die in aanmerking komen voor deze maatregelen, zijn onder andere de Ceintuurbaan, Nieuwe Veerallee, Blaloweg, en andere ontsluitingswegen richting het centrum. In het RTP zijn juist maatregelen genomen om de doorstroming op deze wegen te stimuleren zodat bereikbaarheid van gemotoriseerd verkeer wordt behouden.

De Ceintuurbaanzone speelt een cruciale rol in het (regionale) verkeersnetwerk maar vormt gezien haar ligging ook een cruciale schakel voor de stedelijke ontwikkeling van een leefbare en toekomstbestendige stad. Het is met het oog op bereikbaarheid, leefbaarheid en toekomstbestendigheid van belang om de functie en het ontwerp van de Ceintuurbaanzone zorgvuldig te overwegen. De toekomst van de Ceintuurbaanzone moet worden bepaald: een gezond verblijfsgebied of een woongebied langs een drukke verkeersader als er geen maatregelen worden getroffen? In het RTP is de keuze gemaakt om de Ceintuurbaanzone een drukke verkeersader te laten. Aanvullende maatregelen dienen genomen te worden om de nieuwe woningen rondom de Ceintuurbaanzone een gezonde leefomgeving te bieden. Stikstof blijft een aandachtspunt bij stedelijk gebiedsontwikkeling Anticipeer op stikstofbeperkingen en lever plan-specifiek maatwerk. De effectstudies benadrukken dat stikstof een blijvend aandachtspunt is, vooral door de onzekerheid in nationaal en provinciaal beleid. Vroegtijdige identificatie van beperkingen en maatwerk zijn cruciaal voor de voortgang van projecten.

Uit de informatienota voor het college van 3 juli, update stikstof in relatie tot Zwolse plannen en projecten, staat dat in de afgelopen jaren Zwolse plannen en projecten doorgang konden vinden dankzij projectspecifiek maatwerk op het gebied van stikstof. Voor nieuwe ontwikkelingen zijn er echter voorlopig geen aanwijzingen voor verruimingen, eerder zijn er risico’s op verdere beperkingen. De gemeentelijke vakgroep stikstof streeft ernaar om stikstofbeperkingen in plannen en projecten vroegtijdig te identificeren, zodat hierop tijdig kan worden geanticipeerd binnen de bestaande mogelijkheden. Vooralsnog blijft leveren van plan- en projectspecifiek maatwerk het devies. Hinder tijdens de bouw is een aandachtspunt bij ontwikkeling Hinder tijdens de bouw dient een belangrijk onderdeel te zijn in de uitwerking van de plannen. Afstemming van bijvoorbeeld routes voor bouwverkeer, wegafsluitingen of overlast gevende werkzaamheden is noodzakelijk met het oog op de bereikbaarheid, gezondheid en leefbaarheid in Zwolle. Stem tempo van energietransitie af op tempo van de bouw van woon- en werklocaties Het elektriciteitsnetwerk in Zwolle is overbelast en moet worden uitgebreid om de geplande groei van woon- en werklocaties volgens het RTP te faciliteren.

Netbeheerders TenneT en Enexis werken aan de uitbreiding van het netwerk door extra hoogspanningsstations en elektriciteitsstations te bouwen en kabels te leggen. Het RTP voorziet ook in de aanleg van extra stations. Het uitbreiden van het elektriciteitsnet moet tegelijkertijd gebeuren met het ontwikkelen van woon- en werklocaties. In de praktijk blijkt echter vaak dat er (achteraf) onvoldoende capaciteit beschikbaar is om deze nieuwe woon- en werklocaties te realiseren. Het is cruciaal om regionale samenwerkingsverbanden te versterken en duidelijke afspraken te maken om de continuïteit en betaalbaarheid van de energietransitie te waarborgen. Neem landschappelijke waarden mee in de planvorming en ontwerp in de bestaande stad Uitbreiding binnen en buiten de bestaande stad kan leiden tot aantasting van landschappelijke waarden zoals de nieuwe aftakking van de Ringweg. Deze waarden moeten worden geïntegreerd in planvorming en ontwerp om de visuele kwaliteit en historische continuïteit te behouden en te versterken. Het RTP benadrukt het belang van het verbinden van de stadsranden met het landschap. Geadviseerd wordt om hier

14 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

ontwikkelingen binnen de bestaande stad aan toe te voegen. Door deze mee te nemen in de planvorming en een plaats te geven in het ontwerp kunnen mogelijke effecten hierop gemitigeerd worden. Ook kan dit resulteren in een versterking van de landschappelijke waarden. Bouwen in archeologisch waardevol gebied Bouwwerkzaamheden verstoren de bodem. In de bodem kunnen sporen en resten voorkomen. Vanuit de Erfgoedwet en de Omgevingswet moet archeologische sporen en vondsten zo veel mogelijk in de bodem bewaard blijven. Als dat niet mogelijk is moeten de sporen en vondsten worden opgegraven en gedocumenteerd. Bouwen in archeologisch waardevol gebied als de binnenstad en in Zwolle-Zuid kan zorgen voor effecten op de uitvoering doordat maatregelen genomen moeten worden ter conservering van de waarden. Dit heeft effecten op aspecten als tijd, planning en kosten. Vanuit de wetgeving is het niet mogelijk om vondsten en resten aan te tasten maar worden zij wel verstoord door bodemroerende activiteiten. Voer archeologisch onderzoek uit voorafgaand aan bouwactiviteiten en integreer bevindingen in ruimtelijke plannen. Het documenteren en integreren van archeologische vondsten versterkt de historische context van nieuwe ontwikkelingen.

15 | 15

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Definitief

I BIJLAGE: BEOORDELINGSKADER Het beoordelingskader zoals gehanteerd in de NRD en het OER voor de aanvulling van de Omgevingsvisie.

Tabel I.1 Beoordelingskader voor het OER Huis van Zwolle (ambities)

Thema

Aspecten

versterken stedelijkheid en economie

wonen

woningaanbod voorzieningenaanbod openbare ruimte

economie

werkgelegenheid landbouw

mobiliteit en bereikbaarheid

vervoerskeuze bereikbaarheid en toegankelijkheid gemotoriseerd verkeer bereikbaarheid en toegankelijkheid openbaar vervoer bereikbaarheid en toegankelijkheid langzaam verkeer verkeersveiligheid

vitale solidaire gezonde duurzame stadsdelen

gezond en sociaal

gezondheidsbescherming veiligheid omgeving sociaaleconomische positie sociale cohesie gezonde leefstijl

natuur

beschermde natuurgebieden soortenbescherming en biodiversiteit

Zwolle is in 2050 klimaatbestendig en energieneutraal

landschap, cultuurhistorie en archeologie

landschap, cultuurhistorie en erfgoed

energie

emissie broeikasgassen

archeologie

energie bodem, water en klimaat(adaptatie)

bodem waterveiligheid en risico op wateroverlast hittestress waterkwaliteit en duurzame watervoorziening

Witteveen+Bos | 142392/25-008.206 | Bijlage I | Definitief

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=9063296d-486e-41b5-9e72-54b6c374a80b