CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3d: Samenvatting Omgevingseffectrapportage

Raad Besluitvormingsronde 19 januari 2026, gemeente ZwolleBij agendapunt: Aangevulde ontwerp-Omgevingsvisie790 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 2: Samenvatting Omgevingseffectrapportage Een omgevingseffectrapportage (OER) geeft milieu en leefomgeving een volwaardige plaats in het besluitvormingsproces. Dit doet een OER door de effecten op de leefomgeving ten gevolge van een voornemen en mogelijke alternatieve invullingen daarvan op hoofdlijnen te beschrijven. In de OER dat is opgesteld zijn de omgevingseffecten van het voorgenomen beleid, de ontwerp aangevulde Omgevingsvisie ‘Ons Zwolle van Overmorgen’ beschreven voor diverse thema’s. Conclusie De OER ondersteunt de keuzes die zijn gemaakt in het Ruimtelijk Toekomstperspectief en daarna zijn vertaald in de ontwerp Omgevingsvisie. Desondanks wordt aandacht gevraagd voor een aantal thema’s, zoals landbouw (druk op ruimte voor agrarisch areaal), natuur (soortenbescherming en biodiversiteit, stikstof) en landschap, cultuurhistorie en archeologie (door verstedelijking en visuele verstoring). Daarnaast wordt aangegeven dat er onzekerheden bestaan over de mate waarin de geformuleerde ambities en effecten ook daadwerkelijk gerealiseerd worden. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt in onzekerheden in planvorming (handelingsperspectief, afhankelijkheid beleid andere bestuurslagen) en onzekerheden uit kennisleemten (tijdshorizon/prognoses, tempo transities, effecten klimaatverandering, integrale kennis).

Beoordelingen De beoordelingen in de OER zijn opgehangen aan de ambities die met het ‘Huis van Zwolle’ zijn geformuleerd, namelijk: • versterken stedelijkheid en economie; • solidaire gezonde duurzame stadsdelen; • klimaatbestendig en energieneutraal. De omgevingseffecten zijn getoetst op diverse aspecten, elk met behulp van meerdere indicatoren (zie tabel 2.1 op pagina 7 in de OER voor een overzicht). De OER biedt daarmee beslisinformatie op indicatorniveau, maar geeft een overzichtelijke en beknopte beoordeling op aspectniveau. Onderstaand een korte toelichting op de beoordeling van de thema’s: • Wonen: Er worden fors meer woningen gebouwd. Dit zijn woningen voor de juiste doelgroepen, en in passende woningtypen en -milieus. De huidige tekorten aan betaalbare woningen blijven bestaan. Het vestigen van voorkeursrecht in sleutelgebieden vergroot de haalbaarheid. Verdichting vormt een risico voor de kwaliteit en beweegvriendelijkheid van de openbare ruimte. • Economie: Uitbreidingsmogelijkheden voor Marslanden en Hessenpoort worden verkend, maar het voorgenomen beleid bevat geen mogelijke locatie voor de benodigde 30.000 m2 voor leisure. Het aantal banen neemt toe, zowel voor praktisch- als theoretisch opgeleiden, maar het is onduidelijk om hoeveel extra banen het in totaal gaat en hoeveel banen er per sector gerealiseerd worden.

Er is druk op het beschikbare agrarisch areaal door woningbouw, natuur en economische ontwikkelingen. • Mobiliteit en bereikbaarheid: Er wordt ingezet op de ontwikkeling van de Ringweg als belangrijkste drager van het Zwolse verkeerssysteem. De

•

•

•

•

•

doorstroming wordt verbeterd door verschillende maatregelen. Dit zal Zwolle bereikbaarder maken voor gemotoriseerd verkeer, maar ook meer verkeer aantrekken dan in de referentiesituatie. Tegelijkertijd wordt in het centrum ingezet op een afname van autoverkeer binnen het centrum en wordt Station Zwolle-Zuid gerealiseerd, een belangrijke ingreep voor de bereikbaarheid met het OV van het zuidelijk deel van de stad. Gezond en sociaal: Het voorgenomen beleid stimuleert gezondheidsbescherming door duurzame mobiliteit en vergroening, wat de luchtkwaliteit verbetert, vooral in autoluwe zones. Echter, geluidhinder kan toenemen door uitbreiding van verkeersstromen en nieuwe infrastructuur in gebieden zoals de Ceintuurbaanzone. De nabijheid van transportcorridors en industriële zones vraagt om monitoring van veiligheidsvoorzieningen. Door aandacht aan vitale stadsdelen met gemeenschapsvorming vermindert het risico op eenzaamheid en wordt sociale cohesie aanzienlijk versterkt. Natuur: Het voorgenomen beleid leidt naar verwachting tot negatieve effecten op beschermde natuurgebieden. Door het versterken en uitbreiden van de hoofdgroenstructuur, wordt de bestaande biodiversiteit behouden en lokaal versterkt, maar negatieve effecten ontstaan door onder andere het uitbreiden van werkgebied Hessenpoort en het realiseren van windmolens in Haerst en Hessenpoort.

Door de toename in inwonersaantal en werkgelegenheid neemt stikstofdepositie en verstoring toe in beschermde gebieden. Landschap, cultuurhistorie en archeologie: Positief is dat historische structuren en landschappelijke kenmerken worden geïntegreerd in nieuwe stedelijke ontwikkelingen, waarbij beschermde stadsgezichten en groenblauwe structuren richtinggevend zijn. Dit vergroot de beleefbaarheid van erfgoed en draagt bij aan de continuïteit van waardevolle landschappen. Tegelijkertijd leiden verstedelijking en energie-infrastructuur tot druk op landschappelijke kwaliteit en visuele verstoring, waardoor negatieve effecten ontstaan. Energie: de emissie van broeikasgassen neemt toe door het realiseren van nieuwe woningen en de uitbreiding en intensivering van bedrijventerreinen. De maatregelen om energieverbruik te verminderen zijn concreter uitgewerkt dan in de referentiesituatie, maar een aandachtspunt is het ontbreken van een tijdspad voor de implementatie van de ambities. Het risico ontstaat dat nieuwe ontwikkelingen niet tijdig aangesloten kunnen worden op duurzame energiebronnen. Bodem, water en klimaat(adaptatie): Positief is dat bij gebiedsontwikkelingen bodemherstel en sponswerking als randvoorwaarde zijn benoemd, maar zonder uitgewerkt kader bestaat het risico dat dit in de praktijk onvoldoende effect sorteert.

Er is aandacht voor meerlaagse veiligheid, waterberging en een robuust blauwgroen netwerk, wat sterke aanknopingspunten biedt om risico’s van overstroming en wateroverlast te beperken. De benodigde ruimteclaim vormt daarbij wel een aandachtspunt. Op het vlak van hittestress wordt vergroening gekoppeld aan het blauwgroene netwerk en nieuwe koelteplekken, maar voor de bestaande stad ontbreekt een robuuste strategie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=38ae20fb-98cf-4d27-9b92-bf82acb77653