Bijlage 3 notitie groen/blauwe structuur
Tekst van het document
Nota Groenblauwe structuur Spoorzone Aanleiding Het Ontwikkelkader Spoorzone (OK) beschrijft diverse ambities voor klimaatadaptatie, biodiversiteit, ontmoeten en bewegen. Deze zijn (deels) meegenomen in de Nota’s van uitgangspunten (NvU) van de deelgebieden, maar zijn nog niet of nauwelijks concreet vertaald. De samenhang tussen de deelgebieden – en van de Spoorzone met zijn omgeving – is voor een groot deel gelegen in de groenblauwe structuur die in het OK op abstracte wijze is weergegeven. Om de samenhang en verschillen tussen deelgebieden te kunnen aangeven wordt gewerkt aan het verfijnen van de groenblauwe structuur. In de Spoorzone werken we met ‘functioneel groen’, waarbij groen functies heeft voor ecologie en biodiversiteit, klimaatadaptatie – waaronder hittestress en hemelwaterberging – spelen, sporten, bewegen en ontmoeten. Deze verschillende functies kunnen elkaar versterken of in de weg zitten. In de uitwerking van de groenblauwe structuur wordt invulling gegeven aan de verschillende functies van het groen, wat als opdracht wordt meegegeven aan de gebiedscoalities bij de uitwerking van hun NvU’s in tenders (NS) of ROP’s (Willemskwartier, Gildenhof en Hanzekwartier).
Deelgebieden Spoorzone
Kaders Het kader voor de beoordeling is het vastgestelde Ontwikkelkader Spoorzone. Belangrijke aspecten hieruit zijn met name de zes leidende principes, het raamwerk en de essentiekaart. De zes leidende principes (hoofdstuk 3) hebben te maken met ruimte voor interactie, blijvende vernieuwing, schone mobiliteit, vizier op de toekomst, kwaliteit van leven en samen bouwen aan de Spoorzone. Het raamwerk (hoofdstuk 5) omvat negen
onderdelen die samen de Spoorzone vormgeven, te weten: programma, economie, wonen, voorzieningen, ruimtelijke kwaliteit, mobiliteit, energie, klimaatadaptatie en natuurinclusiviteit en circulariteit. Daarnaast is ook de vastgestelde NvU voor het NS-gebied kaderstellend en moet rekening gehouden worden met de (concept) NvU’s Hanzekwartier en Willemskwartier en de aanbesteding van het Gildenhof.
Werkwijze In het OK is een groenblauwe structuur aangegeven die gebaseerd is op de huidige water- en groenstructuren. Deze groeien uit tot een aangenaam, robuust en toekomstbestendig netwerk van buitenruimten. De functies van het groenblauwe netwerk zijn te vatten onder een drietal thema’s: 1. 2. 3.
Klimaatadaptatie (hemelwater, overstromingsrisico, hitte, wind en droogte). Natuur en ecologie (biodiversiteit, natuurbeleving). Gezondheid en welzijn (ontmoeten, spelen, sporten en bewegen).
We onderscheiden hierbij drie schaalniveaus: 1. 2. 3.
De schaal van de Spoorzone als geheel in relatie met haar omgeving: de dragende structuren. De schaal van de deelgebieden: de plekken. De schaal van de plots, gebouwen en buitenruimte.
Het doel is om duidelijk te maken hoe de groenblauwe structuur is gesitueerd in de verschillende deelgebieden en aansluit op de bestaande stad. In deze structuur wordt bijvoorbeeld duidelijk waar water zichtbaar is, blijft of wordt. Ook wordt duidelijk gemaakt welke functies het groen moet vervullen. Verder wordt duidelijk wat ter uitvoering van de coalities is en wat de gemeente realiseert. Ambitie: voelbaar maken van het landschap Zwolle ligt bijzonder fraai in het landschap, dat bovendien nooit ver weg is. De ligging van de Spoorzone tussen binnenstad en IJssel is uniek en een enorme kans voor het gebied. Een van de opgaven in het OK is daarom ook het opnieuw voelbaar maken van het IJssellandschap in de Spoorzone. Om dit te realiseren zijn de kenmerkende elementen van het landschap vertaald in een aantal leidende principes: 1. Natuurlijke systemen Sluit aan op en herstel natuurlijke systemen: sponswerking, bodemsysteem, ondergrond, verkoeling, passieve energieconcepten (oriëntatie), groen, luchtstroming en wind. 2. Groen, tenzij… Kies voor groen, tenzij verharding beslist noodzakelijk is, kies voor inheemse beplanting (uit het ‘IJsselvallei-palet’) en beheer met oog voor de natuur. 3. Combineer en prioriteer Combineer groene functies waar dat kan en maak keuzen waar dat niet kan.
Kies hierbij voor een logische en vruchtbare samenhang met het (gebouwde) programma en de gebruikers in het gebied. 4. Zorg voor alle leven Ontwerp ten voordele van de natuur, doe niet alleen het minimale. 5. Koester het water Bouw aan een watercascade. Houd water zoveel en zo lang mogelijk vast en onderzoek opslag en hergebruik van regenwater in het gebied. 6. Identiteit Zet (landschaps-)kunst in om de identiteit van het gebied verder vorm te geven.
Essentieel in het realiseren van de landschappelijke ambitie is het verbinden van de Spoorzone met het IJssellandschap en de stad. De dragende structuur in de Spoorzone is groenblauw en bestaat uit: 1.
2. 3.
4. 5. 6. 7.
Het watersysteem (Hanzesingel en Koggepark) met zijn oevers dat verbonden is met het watersysteem van Zwolle-Zuid en verbonden gaat worden met dat van Assendorp en de Willemsvaart. De Willemsvaart met zijn oevers en laanstructuur waarbij het gedempte deel weer wordt omgevormd tot open water met groene oevers. Het Koggepark als landschappelijke drager van de Spoorzone in oostwest richting. Het rijgt verschillende groene plekken aan elkaar en maakt meer ruimte voor groen door onder andere de Koggelaan om te vormen tot fietsstraat en fietspad. Het Spoorpark aan weerszijden van het spoor met nieuw aan te leggen groengebieden. Het park loopt door Willemskwartier, Lurelui-Oost, de Werkplaatsen en District Z. Het Spoolderbos wat het IJssellandschap en het Engelse Werk via het Willemskwartier verbindt met de binnenstad. De IJsselallee met zijn bestaande groenstructuur. De Westerlaan en Oosterlaan met hun bestaande en nieuwe boomstructuren en watercasco.
Dragende groenblauwe structuur Spoorzone
Aan de dragende structuren zijn plekken gekoppeld, zie hiervoor de kaart met de groenblauwe structuur. De dragende structuren en de plekken hebben functies binnen het samenhangende groenblauwe systeem. Die functies (voor natuur, klimaatadaptatie en gezondheid) kunnen per plek en per structuur anders geprioriteerd worden en anders ingevuld worden. Hieronder een aantal voorbeelden als toelichting op bovenstaande.
Prioriteren van functies en borgen diversiteit Een skatepark (prioriteit voor thema gezondheid) is bij voorkeur gekoppeld aan routes voor fietsers en voetgangers, niet te dicht op woningen gesitueerd en in de buurt van de rauwe industriële hallen. Op deze manier draagt zo’n functie bij aan het gewenste ‘urban cool’ karakter van het gebied. Het is logisch dat niet op elke plek in de Spoorzone een skatepark moet komen, maar dat er diversiteit en keuzemogelijkheid is. Van plekken naar netwerken Een basketbalveldje op een parkeerhub, sportrekken op het Lübeckplein en andere beweegaanleidingen in de Spoorzone, zorgen voor spreiding van verschillende sportfuncties waardoor een beweegnetwerk ontstaat. Goede verbindingen voor fietsers en voetgangers met de Campus, via de nieuwe brug over de IJsselallee, maken de sportvoorzieningen die daar al zijn ook voor bewoners van de Spoorzone bereikbaar. Verbindingen met het landschap en de stad Door de beweegnetwerken binnen de Spoorzone te verbinden met de gebieden eromheen, wordt dit netwerk voor meer Zwollenaren bruikbaar als onderdeel van hun beweegroutine (hardlopen, wandelen, bootcamp’en). Omgekeerd wordt het omliggende landschap bereikbaar voor bewoners van de Spoorzone.
Op eenzelfde wijze zijn de bermen langs het spoor misschien niet altijd (goed) bereikbaar voor mensen, maar daardoor wel een belangrijke biodiverse stapsteen voor insecten en vogels naar grotere plekken en landschappen. Voor alle plekken en structuren binnen het groenblauwe netwerk moeten in de Nota Groenblauwe structuur vergelijkbare afwegingen en prioriteringen worden gemaakt. Hierbij wordt antwoord gegeven op de volgende vragen: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Wat doe je altijd en is de basis? Welke functie heeft op welke plek prioriteit? Welke kansen voor combinatie van functies zijn er? Hoe verschillen plekken van elkaar? Wat is de opdracht aan gebiedscoalities voor de uitwerking van hun plots en plekken? Hoe beheren we de verschillende gebieden op basis van functie(s)?
Vervolg De Nota Groenblauwe structuur wordt met coalitiepartners en het kwaliteitsteam Spoorzone besproken, waarna het wordt vastgesteld door college en raad. De deelgebiedscoalities kunnen op basis hiervan hun NvU’s uitwerken naar tenderdocumenten en ROP’s. Op dit moment worden ook de werkzaamheden opgestart rondom de (toekomstige) openbare ruimte in de Spoorzone, waar de groenblauwe structuur onderdeel van uitmaakt. In de Nota Openbare ruimte Spoorzone wordt aanvullend op de groenblauwe structuur onder meer gekeken naar verhardingen, kunstwerken (waaronder de Koggetunnel), grondstoffengebruik en ondergrond. Dit leidt tot een integrale en samenhangende visie op de buitenruimte in de Spoorzone. Het toekomstig beheer van het gebied is daarbij nadrukkelijk punt van aandacht.