Bijlage 2 - Warmtetransitiekaart 2026-2036 versie 1.2
Tekst van het document
Het is daarom noodzakelijk om in te zetten op het verbeteren van de isolatiewaarde van woningen, met als doel ten minste energielabel B te realiseren, zodat een all-electric warmtepomp technisch en economisch haalbaar wordt in Spoolde. Ruimte op het elektriciteitsnet is een randvoorwaarde voor de haalbaarheid van een all-electric oplossing en in de buurt Spoolde is er voldoende netcapaciteit. Einddatum levering aardgas In deze buurt heeft de gemeente het voornemen om de aanwijsbevoegdheid in te zetten, zie Tabel 2. Dit is de juridische basis voor het uiteindelijk kunnen afsluiten van het aardgas in de buurt. Eerst worden er nog een aantal stappen gezet, zoals het Warmteplan opstellen en het wijzigen van het Omgevingsplan. Pas in het Omgevingsplan zet de gemeente formeel de aanwijsbevoegdheid in.
De voorlopige planning voor Spoolde is: • Opstellen Warmteplan: 2026-2027 (vaststellen door het college) • Wijzigen Omgevingsplan: eind 2027 (vaststellen door de gemeenteraad) • Uitvoeringsperiode: 2028-2036 • Einde aardgas: 2036 Activiteiten In de planperiode van dit Warmteprogramma voeren we de volgende activiteiten uit: • Buurtproces en opstellen Warmteplan • Participatie en communicatie met de buurt • Vaststellen Warmteplan en wijzigen Omgevingsplan • Stimuleren van isoleren en energiebesparing • Het verder intensiveren van ondersteuning voor gebouweigenaren • Buurt zet stappen om aardgasvrij te worden • Monitoring van de voortgang aardgasvrij
26
Noordereiland Noordereiland is het noordelijkste stukje van de binnenstad van Zwolle en ligt precies tussen de Achtergracht en de Thorbeckegracht. Het buurt kent een mix aan functies in iets meer dan 700 gebouwen. Er zijn meer dan 500 woningen en daarnaast winkels, kantoren en andere functies, zoals horeca en cultuur. De bouwperiodes variëren sterk. Het bestaat voor ongeveer de helft uit historische, monumentale gebouwen van voor of rond 1900 en voor de andere helft uit nieuwe gebouwen van na 2010 (onder andere buurt Kraanbolwerk). Dit maakt dat de isolatieopgave en het meest geschikte alternatief voor warmte dan ook niet gelijk is voor de gehele buurt. Dit maakt het interessant en leerzaam om deze buurt op te pakken in de komende jaren. Tegelijkertijd ontstaat de kans vanuit de buurtontwikkeling Noorderkwartier, waar het buurt van de parkeergarage Noordereiland onderdeel van is, om aan te sluiten op de energie en het onderzoek naar WKO daar. Tevens zijn de Cv-ketels in de nieuwere panden op onder andere het Kraanbolwerk de komende jaren aan vervanging toe. Warmteoplossing De voorkeurstechniek voor de warmtevoorziening in Noordereiland vanuit de bouwsteen Duurzame bronnen is een WKO-warmtenet. Een alternatief om te onderzoeken is groen gas, wat voorzien is voor de binnenstad van Zwolle.
Omdat een collectieve oplossing mogelijk lijkt, is de eerste stap om een technisch haalbaarheidsonderzoek naar de warmtebron en -techniek te doen. Het noordelijke deel van de buurt Noordereiland ligt in het Noorderkwartier, een buurt waar de komende jaren buurtontwikkelingen plaatsvinden en er naar schatting zo’n 750 woningen bij worden gebouwd. In dat buurt wordt een WKO-systeem aangelegd voor de nieuwe gebouwen. Er wordt onderzocht of een deel van de bestaande gebouwen hierop kan aansluiten. Technische en economische analyses zullen inzicht geven in de meest geschikte warmte alternatieven voor het Noordereiland. WKO is in de basis een lage temperatuur warmte, wat een uitdaging is voor de historische gebouwen met slechte energielabels. De techniek leent zich wel goed voor alle nieuwere gebouwen die goed geïsoleerd zijn. Einddatum levering aardgas In deze buurt heeft de gemeente het voornemen om de aanwijsbevoegdheid in te zetten, zie Tabel 2. Dit is de juridische basis voor het uiteindelijk kunnen afsluiten van het aardgas in de buurt. Eerst worden er nog een aantal stappen gezet, zoals het Warmteplan opstellen en het wijzigen van het Omgevingsplan. Pas in het Omgevingsplan zet de gemeente formeel de aanwijsbevoegdheid in.
De voorlopige planning voor Noordereiland is: • Opstellen Warmteplan: 2026-2027 (vaststellen door het college) • Wijzigen Omgevingsplan: eind 2027 (vaststellen door de gemeenteraad) • Uitvoeringsperiode: 2028-2036 • Einde aardgas: 2036 Activiteiten In de planperiode van dit Warmteprogramma voeren we de volgende activiteiten uit: • Technisch haalbaarheidsonderzoek warmtebron collectief systeem • Buurtproces en opstellen Warmteplan • Participatie en communicatie met de buurt • Vaststellen Warmteplan en wijzigen Omgevingsplan • Stimuleren van isoleren en energiebesparing • Het verder intensiveren van ondersteuning voor gebouweigenaren 27
• • •
Ondersteuning voor VvE’s verder uitbreiden Buurt zet stappen om aardgasvrij te worden Monitoring van de voortgang aardgasvrij
Bedrijventerrein Voorst (A, B, C en D) Op bedrijventerrein Voorst bevindt zich de kern van de Zwolse maakindustrie, watergebonden bedrijvigheid en gemengde industrie. Er zijn ongeveer 8.000 mensen werkzaam verdeeld over ongeveer 200 bedrijven. De grootte van het terrein is 227 hectare. Bedrijventerrein Voorst is een gemengd bedrijventerrein met een haven. Binnen Voorst ligt ook Voorsterpoort waar commerciële en maatschappelijke voorzieningen zijn gevestigd. Op het terrein zijn verschillende bedrijven gevestigd die nu aardgas gebruiken in hun processen. In het Warmteplan dat we voor bedrijventerrein Voorst willen opstellen nemen we een alternatief voor dit aardgasgebruik ook mee. Een deel van de bedrijven vormen de zogenaamde zes industrie cluster bedrijven. Cluster 6-bedrijven - Cluster 6. Cluster 6 is de verzameling van industriële bedrijven die verspreid door heel Nederland zitten. Deze bedrijven zijn verantwoordelijk voor ongeveer 80% van het energieverbruik op Voorst. Op het bedrijventerrein Voorst werkt de projectgroep energie om het bedrijventerrein te verduurzamen en aardgasvrij te krijgen. Met deze projectgroep willen we ook het Warmteplan voor het bedrijventerrein Voorst opstellen. De werkgroep energie werkt integraal aan het verduurzamen van het energievraagstuk. Bijvoorbeeld het elektrificeren van de logistieke keten is daar ook onderdeel van.
Warmteoplossing Het grootste deel van aardgasverbruik op Voorst wordt gebruikt binnen de procesindustrie. Het aardgas wordt nu voor relatief hoge temperaturen gebruikt. Het gaat hierbij om temperaturen tot ongeveer 200 graden. Om te komen tot een geschikte warmteoplossing willen we samen met de bedrijven ook komen tot een alternatief voor het aardgas dat in de verschillende productieprocessen wordt gebruikt. Voor het verduurzamen van de proceswarmtevraag verkennen we samen met de bedrijven verschillende alternatieven die deze hoge temperatuur kunnen leveren. Mogelijke alternatieven kunnen zijn: • Aansluiting op het waterstof netwerk; • Levering van groen gas in relatie tot de groen gas installatie op Hessenpoort; • Geothermie. Onderdeel van het warmteplan bedrijventerrein Voorst zal inzichtelijk maken welk alternatief de voorkeur heeft. Voor de verschillende alternatieven zal ook verkend worden of de businesscase haalbaar is. Vanuit de bouwsteen Duurzame bronnen is gebleken dat er op en rondom het bedrijventerrein verschillende bronnen aanwezig zijn die mogelijk ingezet kunnen worden als duurzame warmtebron, zoals de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Deze bronnen nemen we ook mee in het op te stellen Warmteplan voor het bedrijventerrein. Einddatum levering aardgas In dit buurt is er voorlopig niet voor gekozen om de aanwijsbevoegdheid in te zetten.
Het proces van verduurzamen van de proceswarmte op het bedrijventerrein brengt nog te veel onduidelijkheid met zich mee om daar nu een goed eindbeeld van te schetsen. De verwachting is dat er bij de herijking van het 28
Warmteprogramma, in 2030, wel een einddatum voor aardgaslevering gesteld kan worden en dan ook de aanwijsbevoegdheid ingezet wordt. Activiteiten In de planperiode van dit Warmteprogramma voeren we de volgende activiteiten uit: • Technisch haalbaarheidsonderzoek warmtebron systemen • Buurtproces en opstellen Warmteplan • Participatie en communicatie met de bedrijven • Vaststellen Warmteplan en wijzigen Omgevingsplan • Stimuleren van isoleren en energiebesparing in samenwerking met Omgevingsdienst IJsselland • Bedrijventerrein zet stappen om aardgasvrij te worden • Monitoring van de voortgang aardgasvrij
Binnenstad-Noord en Binnenstad-Zuid De binnenstad van Zwolle, binnen de Singelgracht en Thorbeckegracht is formeel in twee buurten verdeeld. Noord en Zuid. Het buurtproces en Warmteplan doen we voor de binnenstad gezamenlijk, omdat er naar verwachting weinig onderscheid is. Zowel qua type omgeving als voorziene warmteoplossing niet. Er zijn meer dan 3300 gebouwen, waarvan het merendeel huurbezit is (circa 75%). Naast woningen zijn er veel winkels, horeca en kantoren. De meeste gebouwen zijn tussen 1700 en 1900 gebouwd en kennen een monumentale status. Er is voor gekozen om het proces in de binnenstad in 2030 op te starten met het oog op de voorziene planning van een groengasinstallatie op bedrijventerrein Hessenpoort na 2030. Eind 2026 vindt eerst nog de definitieve besluitvorming plaats over de realisatie van een groengasinstallatie. De noordelijke binnenstad buurt Noordereiland (zie bovenstaande paragraaf Noordereiland) wordt wel (eerst) apart onderzocht, omdat daar ook relatief veel nieuwbouw is en mogelijkheden voor een ander warmtesysteem, namelijk WKO, tot de alternatieven behoort. Er kunnen al geleerde lessen uit dit buurt worden toegepast in het proces van de binnenstad voor de onderdelen die op elkaar lijken, zoals de beperkte ruimte in boven- en ondergrond en het verduurzamen van monumentale gebouwen.
Warmteoplossing De buurten Binnenstad-Noord en Binnenstad-Zuid zijn in de bouwsteen Duurzame bronnen opgenomen in de categorie voor duurzaam gas als toekomstig alternatief warmtesysteem. Dit heeft te maken met de hoge temperatuurvraag, de slechte energielabels en de beperkte ruimte in de onder- en bovengrond voor alternatieven. Tevens is het buurt beschermd stadsgezicht, kent veel monumentale panden en heeft voor een deel een beschermd dakenlandschap, waardoor individuele warmtepompen niet mogelijk zijn. Ook zijn zonnepanelen en andere systemen moeilijk in de binnenstad te realiseren. Geluidsoverlast kan ook een rol spelen bij de hoge bebouwingsdichtheid. Vanwege deze beperkingen is groengas de meest betaalbare en haalbare oplossing. Groengas kan worden gebruikt als warmtebron zonder dat er aanpassingen moeten gebeuren aan het bestaande gasnetwerk. De grootste onzekerheid voor de realisatie van groengas in de binnenstad komt uit de gelimiteerde beschikbaarheid van groengas in Zwolle.
29
Isoleren in de binnenstad is een grote uitdaging, maar er worden al veel stappen gezet. Op de website van de gemeente Zwolle is al veel lokale regelgeving te vinden en er zijn diverse financieringsmogelijkheden, zoals Cultuurhypotheekfonds Overijssel. Einddatum levering aardgas In deze buurten wil de gemeente graag de levering van aardgas beëindigen. Formeel kan dit niet met de inzet van de aanwijsbevoegdheid, omdat de warmte oplossing, groengas, door hetzelfde gasnetwerk gaat. In het Warmteplan zullen we beschrijven hoe gefaseerd de levering van aardgas uit de binnenstad wordt beëindigd. De voorlopige planning voor Binnenstad-Noord den Binnenstad-Zuid is: • Opstellen Warmteplan: 2030-2032 (vaststellen door het college) • Wijzigen Omgevingsplan: eind 2032 (vaststellen door de gemeenteraad) • Uitvoeringsperiode: 2032-2040 • Einde aardgas: 2040 Activiteiten In de planperiode van dit Warmteprogramma voeren we de volgende activiteiten uit: • Buurtproces en opstellen Warmteplan • Participatie en communicatie met de buurt • Vaststellen Warmteplan en wijzigen Omgevingsplan • Stimuleren van isoleren en energiebesparing, specifiek ook gericht op monumentale gebouwen • Het verder intensiveren van ondersteuning voor gebouweigenaren • Ondersteuning voor VvE’s verder uitbreiden • Monitoring van de voortgang aardgasvrij
Frankhuis Frankhuis is een buurt met meer dan 6450 inwoners in Stadshagen. Er zijn bijna alleen maar woningen in de buurt en de meeste zijn rijtjeswoningen, waarvan 70% particulier woningbezit. Er wonen veel gezinnen. De woningen zijn gebouwd tussen 2000 en 2020. Het gemiddelde energielabel is daarom ook A. De buurt Frankhuis staat in 2031 op de planning, omdat het duidelijk is dat een individuele oplossing het beste past en het elektriciteitsnet op dat moment wordt verzwaard, waardoor het uitvoerbaar is. Tevens geeft dit duidelijkheid voor de inwoners die vanaf nu de keuze moeten maken om hun Cv-ketel te vervangen voor een duurzaam alternatief. Warmteoplossing Het voorkeursalternatief vanuit de bouwsteen Duurzame bronnen voor Frankhuis is een all-electric oplossing in de vorm van een warmtepomp. De haalbaarheid van een all-electric oplossing is afhankelijk van de isolatiewaarde van de woningen in het buurt en de beschikbaarheid van voldoende netcapaciteit. Het gemiddelde label van de woningen in Frankhuis is energielabel A. Dit houdt in dat de woningen over het algemeen goed genoeg geïsoleerd zijn om over te stappen naar een all-electric oplossing. Ook heeft de netbeheerder duidelijkheid kunnen geven over de verzwaring van het elektriciteitsnet in het jaar 2031, waardoor de technische uitvoerbaarheid vanaf dan gegeven is.
Aangezien een all-electric transitie vooral vraagt om individuele investeringen, is draagvlak onder inwoners van groot belang. Het is bekend dat er al meerdere huishoudens actief bezig willen gaan met het verduurzamen en aardgasvrij maken van hun woning. Er komen steeds vaker vragen binnen bij de gemeente over het toekomstig warmtesysteem in de buurt, zodat mensen de juiste keuze kunnen maken. 30
Einddatum levering aardgas In deze buurt heeft de gemeente het voornemen om de aanwijsbevoegdheid in te zetten, zie Tabel 2. Dit is de juridische basis voor het uiteindelijk kunnen afsluiten van het aardgas in de buurt. Eerst worden er nog een aantal stappen gezet, zoals het Warmteplan opstellen en het wijzigen van het Omgevingsplan. Pas in het Omgevingsplan zet de gemeente formeel de aanwijsbevoegdheid in. De voorlopige planning voor Frankhuis is: • Opstellen Warmteplan: 2031-2033 (vaststellen door het college) • Wijzigen Omgevingsplan: eind 2033 (vaststellen door de gemeenteraad) • Uitvoeringsperiode: 2034-2042 • Einde aardgas: 2042 Activiteiten In de planperiode van dit Warmteprogramma voeren we de volgende activiteiten uit: • Buurtproces en opstellen Warmteplan • Participatie en communicatie met de buurt • Vaststellen Warmteplan en wijzigen Omgevingsplan • Stimuleren van energiebesparing (bewust gedrag) • Monitoring van de voortgang aardgasvrij
Buitengebied Het buitengebied van Zwolle, zoals we dat voor het Warmteprogramma ingedeeld hebben, gaat over twaalf formele buurten: Vreugderijk, Mastenbroek, Stadsbroek, Haerst, Langenholte, Tolhuislanden, Herfte, Wijthmen, Harculo en Hoog-Zuthem, Schelle-Zuid en Oldeneel, Katerveer-Engelse Werk en Windesheim. In Katerveer-Engelse Werk en Wijthmen wonen naar verhouding de meeste mensen. In totaal wonen in deze twaalf buurten meer dan 3500 mensen. Het gaat over 1600 gebouwen, waarvan veel vrijstaande woningen. Daarnaast bedrijfslocaties. De bouwjaren zijn zeer divers in het buitengebied. Deze buurten zijn opgenomen op de tweede Warmtetransitiekaart voor het opstarten van het buurtproces en opstellen Warmteplan in 2031. Het geeft duidelijkheid over de warmteoplossing, omdat een collectief in deze buurt niet betaalbaar is. Tegelijkertijd kan het niet eerder, omdat het elektriciteitsnetwerk nog verzwaard moet worden in die buurten. Inwoners kunnen wel al beginnen met isoleren en stappen zetten naar aardgasvrij. Warmteoplossing De warmteoplossing met de laagste maatschappelijke kosten voor het buitengebied is een all-electric oplossing in de vorm van een warmtepomp. De haalbaarheid van een all-electric oplossing is afhankelijk van de isolatiewaarde van de woningen in het buurt en de beschikbaarheid van voldoende netcapaciteit.
Door de toenemende elektrificatie en de beperkte uitbreidingssnelheid van het elektriciteitsnet is het voor de netbeheerder een uitdaging om zekerheid te bieden over de toekomstige netcapaciteit op buurtniveau. Deze onzekerheid vormt momenteel de grootste barrière voor de haalbaarheid van een allelectric oplossing en de gemeente werkt samen met de netbeheerder om deze haalbaarheid nader te verkennen en te verduidelijken. Daarnaast is het draagvlak onder inwoners van groot belang, aangezien 31
een all-electric transitie vooral vraagt om individuele investeringen in zowel isolatiemaatregelen als installatietechniek. Einddatum levering aardgas In deze buurten heeft de gemeente het voornemen om de aanwijsbevoegdheid in te zetten, zie Tabel 2. Dit is de juridische basis voor het uiteindelijk kunnen afsluiten van het aardgas in de buurt. Eerst worden er nog een aantal stappen gezet, zoals het Warmteplan opstellen en het wijzigen van het Omgevingsplan. Pas in het Omgevingsplan zet de gemeente formeel de aanwijsbevoegdheid in. De voorlopige planning voor de buurten in het buitengebied is: • Opstellen Warmteplan: 2031-2033 (vaststellen door het college) • Wijzigen Omgevingsplan: eind 2033 (vaststellen door de gemeenteraad) • Uitvoeringsperiode: 2034-2042 • Einde aardgas: 2042 Activiteiten In de planperiode van dit Warmteprogramma voeren we de volgende activiteiten uit: • Buurtproces en opstellen Warmteplan • Participatie en communicatie met de buurt • Vaststellen Warmteplan en wijzigen Omgevingsplan • Stimuleren van isoleren en energiebesparing • Het verder intensiveren van ondersteuning voor gebouweigenaren • Monitoring van de voortgang aardgasvrij
8. Uitvoering Met het vaststellen van de Warmtetransitiekaart doet de gemeente de belofte om uitvoering te geven aan de buurten die staan opgenomen de komende tien jaar. We geven daarom in de Uitvoeringsagenda inzicht in de financiële gevolgen van de Warmtetransitiekaart en hoe zich dit verhoudt ten opzichte van de beschikbare financiële middelen en capaciteit. De begroting voor de buurtgerichte aanpakken in 2026 is gedekt. Voor de jaren 2027 en daarna is een groei nodig in het aantal fte om het aantal buurtgerichte aanpakken te kunnen waarmaken om de doelstellingen te kunnen halen. Deze groei in fte is weergegeven in de Uitvoeringsagenda.
9. Monitoring en evaluatie Tijdens de uitvoeringsperiode8 moet de voortgang per buurt worden bijgehouden. We houden bij of gebouweigenaren in de buurt al zijn overgestapt op een warmtealternatief of dat zij geïnformeerd zijn over mogelijkheden. Dit is van belang, omdat de gemeente moet aantonen dat iedereen over een warmtealternatief beschikt (of kan beschikken) voordat de aardgaslevering wordt beëindigd. De onderstaande thema’s dragen direct of indirect bij aan het realiseren van dit doel.
8 De 8 jaar uitvoering na wijzigen van het Omgevingsplan tot definitief beëindigen van de levering van aardgas. Het
wetsvoorstel Wgiw biedt een wettelijke basis voor het opvragen van gegevens, in overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)
32
Aansluitingen van gebouwen op duurzaam warmtealternatief Het belangrijkste monitoringsaspect is het volgen van de voortgang van gebouwaansluitingen in de aangewezen buurt. Dit houdt in dat we bijhouden welke gebouwen al aardgasvrij zijn en welke nog niet. Bij een collectieve warmteoplossing betreft dit de aansluitingen op een warmtenet. Het is aannemelijk dat een warmtebedrijf de monitoring verzorgt van het aantal aangesloten gebouwen; deze gegevens worden door de gemeente dan opgevraagd en verwerkt. Bij een individuele oplossing ligt de verantwoordelijkheid voornamelijk bij de betrokken gemeentelijke projectleider in de buurt om de overstap op een alternatief zo goed mogelijk te monitoren.
Opt-out Wanneer gebouweigenaren ervoor kiezen om niet aan te sluiten op het warmtenet, moeten zij dit tijdig melden via de wettelijke opt-outregeling. Dit betekent dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor de realisatie van een gelijkwaardig warmtealternatief voor hun woning. Als meerdere gebouweigenaren afzien van deelname aan het warmtenet, kan dit gevolgen hebben voor de haalbaarheid en betaalbaarheid van het project. Daarom houden we in de warmtetransitiebuurten met een collectieve oplossing bij hoeveel eigenaren gebruik willen maken van de opt-outregeling. Deze informatie wordt doorgegeven aan de betrokken gemeentelijke projectleider. De voortgang in alle buurten samen vormt de basis voor de monitoring van het Warmteprogramma bij de herijking.
Infrastructuur Verder houden we, via netbeheerders en warmtebedrijven, per buurt de voortgang van de aanleg van het warmtenet en de verzwaring van het elektriciteitsnet bij. Wanneer uit deze monitoring blijkt dat de energie-infrastructuur niet tijdig gereed is, waardoor nog niet iedereen over een warmtealternatief beschikt, wordt de einddatum voor het afsluiten van de aardgaslevering aangepast. Het doel van het monitoren van de infrastructuur is wederom bedoeld om te vergewissen dat iedere inwoner over een warmtealternatief beschikt of kan beschikken.
Isolatie We brengen per buurt in kaart hoeveel gebouwen geïsoleerd moeten worden om te kunnen overstappen op de beoogde warmtetechniek. We maken gebruik van gangbare bestaande rekenmethoden, zoals energielabels, als basis. Ook kijken we naar de isoleerbaarheid van gebouwen in de specifieke buurt. Sommige gebouwen, zoals monumenten, zijn lastiger te isoleren, waardoor bestaande rekenmethoden niet het juiste beeld geven. We streven waar mogelijk naar maatwerk per buurt (of gebouw). Ook comfort en gedrag van inwoners kan onderdeel zijn hiervan. Voor een warmtepomp en een warmtenet op lage temperatuur is een goed geïsoleerd gebouw essentieel. Voor groengas of een warmtenet op hoge temperatuur is goede isolatie geen randvoorwaarde. Daarnaast werken we stap voor stap toe naar onze ambitie om alle Zwolse woningen te isoleren tot minimaal de landelijke standaard. Tijdens de uitvoeringsfase monitoren we, naast het aantal aardgasvrije gebouwen, ook de voortgang van de isolatieopgave in de transitiebuurt. Zo houden we inzichtelijk in hoeverre een buurt gereed is voor de overstap naar een duurzame warmtevoorziening. Warmtebehoefte In de Energiemonitor van de gemeente Zwolle is het gasverbruik per buurt inzichtelijk gemaakt. Dit zijn gegevens uit 2023. Een verplichting voor het Warmteprogramma is om de toekomstige warmtevraag van een buurt na uitvoering in beeld te brengen.
In dit Warmteprogramma is dat berekend door de vermindering in warmtebehoefte te voorspellen op basis van de benodigde isolatiesprongen van 33
gebouwen om aan te kunnen sluiten op het voorziene warmtealternatief. Er zal gemonitord worden hoe het daadwerkelijke gasverbruik gaat veranderen in de uitvoeringsperiode.
Overkoepelende monitoring op gemeentelijk niveau (herijking) De hierboven beschreven indicatoren houden we per buurt en op gemeentelijk niveau bij; dit is een wettelijke verplichting. Het komende jaar wordt dit proces geprofessionaliseerd, met behulp van een monitoringstool. Daarin wordt de voortgang van alle buurten op één centrale plek bijgehouden. Om alvast een beeld te geven van het soort voortgangsoverzicht dat de monitor in elk geval moet weergeven, is in Figuur 5 een voorbeeld van een ‘terugbliktabel' uit het NPLW opgenomen. Deze Tabel geeft een overzicht van de meest relevante indicatoren waarmee de gemeente kan beoordelen of iedereen over een passend warmtealternatief beschikt (of kan beschikken) voordat de aardgaslevering wordt beëindigd.
Figuur 5. NPLW's voorbeeldinvulling van de (meest recente) minimale vereisten aan de terugblik in een warmteprogramma. Dit instrument ondersteunt de gemeente in de tweejaarlijkse voortgangsrapportages én in de verplichte vijfjaarlijkse herijking van het Warmteprogramma. Door deze informatie voor alle buurten bij te houden, ontstaat er één overzicht van de voortgang van de warmtetransitie in de hele stad. Hierdoor is het mogelijk om tijdig knelpunten te signaleren en waar nodig de uitvoering bij te sturen. Geleerde lessen systematiek Al vanaf het begin dat de warmtetransitie in Zwolle begonnen is, hebben we een structuur ingericht om tussen en van de verschillende buurten te leren. De projectorganisatie is zo ingericht dat er continu gesprek is tussen de verschillende buurten over zowel de inhoud als de vooruitgang en uitdagingen. Dit doen we intern binnen de gemeente en extern met de partners in de buurten. Via de geleerde lessen brengen wij ook elke twee jaar de gemeenteraad op de hoogte van de voortgang in de buurten waar we aan de slag zijn met de warmtetransitie. Daarnaast wordt er binnen de buurtgerichte aanpak, als een project, na belangrijke mijlpalen geëvalueerd en het proces verbeterd waar nodig. 34
10. Bijlagen 10A. Tabel met kenmerken van alle buurten
De Tabel in 10A geeft van alle 78 buurten in Zwolle de kenmerken weer. Bijlage 10B geeft extra kenmerken weer van de buurten die op de Warmtetransitiekaart staan waar de gemeente de aanwijsbevoegdheid wil inzetten. Wijk
Buurt
Aa-landen Aa-landen Aa-landen Aa-landen Assendorp
Aa-landen-Midden Aa-landen-Noord Aa-landen-Oost Aa-landen-Zuid Bedrijventerrein Marslanden-Noord Hanzeland Nieuw-Assendorp Oud -Assendorp Pierik Stationsbuurt Wezenlanden Bedrijventerrein de Vrolijkheid Bedrijventerrein Hessenpoort Berkum Kantorenterrein Oosterenk Tolhuislanden Veldhoek Binnenstad-Noord Binnenstad-Zuid Noordereiland Bagijneweide Bedrijventerrein Floresstraat Bollebieste Dieze-Centrum Het Noorden Hogenkamp
Assendorp Assendorp Assendorp Assendorp Assendorp Assendorp Berkum Berkum Berkum Berkum Berkum Berkum Binnenstad Binnenstad Binnenstad Diezerpoort Diezerpoort Diezerpoort Diezerpoort Diezerpoort Diezerpoort
Gebouwen Woning (= adressen)
Nietwoning
Energielabel gemiddeld
2.356 1.667 1.525 1.346 24
2.177 1.594 1.453 1.074 0
179 73 72 272 24
C B B C A+
Warmtebehoefte 2024 in GigaJoule9 83.157 60.958 51.678 48.214 1.506
962 1.572 2.365
722 1.434 2.183
240 A 138 C 182 D
419.440 59.864 102.090
1.219 805 944 197
1.172 606 790 1
47 199 154 196
B C A A
42.064 104.600 28.373 13.945
170
36
134 A+
35.288
1.913 541
1.724 290
189 B 251 A+
100.422 627.624
68 125 1.102 2.227 707 692 274
58 107 795 1.642 554 501 185
10 18 307 585 153 191 89
D D B C B B B
16.299 9.135 104.055 191.494 36.431 32.613 11.594
1.038 776 1.424 2.406
991 651 1.355 2.137
47 125 69 269
C B B B
143.340 41.440 620.610 131.287
9 Warmtebehoefte per buurt exclusief grootverbruikers (Cijfers afkomstig van Enexis over het jaar 2024
met peildatum 01-01-2025) 35
Diezerpoort Diezerpoort Diezerpoort Holtenbroek Holtenbroek Holtenbroek Holtenbroek Ittersum Ittersum Ittersum Ittersum Ittersum Ittersum Ittersum KamperpoortVeerallee KamperpoortVeerallee Marsweteringlanden Marsweteringlanden Marsweteringlanden Poort van Zwolle Poort van Zwolle Poort van Zwolle Schelle Schelle Schelle Schelle Schelle Schelle Schelle Schelle Schelle Soestweteringlanden Soestweteringlanden
Indischebuurt MeppelerstraatwegZuid Schildersbuurt Holtenbroek I Holtenbroek II Holtenbroek III Holtenbroek IV Geren Gerenbroek Gerenlanden Ittersumerbroek Ittersumerlanden Oude Mars Oud-Ittersum Kamperpoort
635 264
601 264
188 941 1.704 1.308 2.134 459 1.202 1.300 1.024 1.987 102 668 1.499
174 895 1.394 1.127 1.810 454 1.192 1.243 982 1.881 98 580 1.391
768
685
83 C
49.355
1.473
10
1.463 A
141.504
186
148
38 C
23.892
Wijthmen
384
362
22 A
40.380
Bedrijventerrein Voorst-A Bedrijventerrein Voorst-B Spoolde
197
41
156 B
66.925
64
0
64 A+
39.043
126
119
7 D
7.745
Katerveer-Engelse werk Oldenelerbroek OldenelerlandenOost OldenelerlandenWest Oud-Schelle Schellerbroek Schellerhoek Schellerlanden Schelle-Zuid en Oldeneel Harculo en HoogZuthem Windesheim
224
203
21 C
16.787
1.490 1.030
1.455 1.007
35 A 23 B
49.032 40.487
576
568
8 B
20.059
526 771 395 1.235 80
488 741 373 1.194 68
38 30 22 41 12
C B B B A
24.340 51.421 15.446 63.674 5.420
175
150
25 C
17.670
167
157
10 C
10.420
Veerallee Bedrijventerrein Marslanden-Zuid Herfte
34 B 0 B
17.916 5.306
14 46 310 181 324 5 10 57 42 106 4 88 108
9.125 81.141 61.530 54.080 463.821 10.547 36.049 53.698 35.629 103.426 4.763 30.849 116.780
B A C A B A B B B B A++ C A
36
Stadshagen Stadshagen Stadshagen Stadshagen Stadshagen Stadshagen Stadshagen Stadshagen Stadshagen Vechtlanden Vechtlanden Vechtlanden Westenholte
Breecamp 907 878 Breezicht 1.085 1.078 Frankhuis 2.411 2.321 Mastenbroek 23 19 Milligen 2.976 2.874 Schoonhorst 1.938 1.902 Stadsbroek 28 22 Tippe bij de IJssel 862 849 Werkeren 1.710 1.663 Brinkhoek 302 270 Haerst 138 116 Langenholte 56 49 Bedrijventerrein 189 1 Voorst-C Westenholte Bedrijventerrein 30 1 Voorst-D Westenholte Oud-Westenholte 1.181 1.070 Westenholte Vreugderijk 73 71 Westenholte Westenholte-Stins 1.129 1.103 Wipstrik Wipstrik-Noord 1.508 1.305 Wipstrik Wipstrik-Zuid 1.939 1.861 Gebouwkenmerken van alle buurten in de gemeente Zwolle
29 7 90 4 102 36 6 13 47 32 22 7 188
A A+++ A D A B C A++++ A C C B A
29 B 111 2 26 203 78
B C B D C
49.287 16.204 76.790 5.191 302.477 63.920 1.719 10.053 54.040 25.119 19.353 4.470 71.761 7.352 57.792 5.725 37.892 57.518 115.828
10B. Tabel met warmtebehoefte en energie infrastructuur
Buurtnaam
Gebouwen (=adressen)
Te isoleren gebouwen
Energie infrastructuur
Holtenbroek I Holtenbroek II Holtenbroek III Holtenbroek IV Aa-landen Oost Aa-landen Midden Aa-landen Noord Aa-landen Zuid Berkum Veldhoek Brinkhoek Schoonhorst Spoolde
941 1.704 1.308 2.134 1.525 2.356 1.667 1.346 1.913 125 302 1.938 126
74 708 204 770 285 1012 425 451 441 31 68 45 37
Warmtenet Warmtenet Warmtenet Warmtenet Warmtenet Warmtenet Warmtenet Warmtenet Hybride Hybride Hybride All-electric All-electric
Warmtebehoefte 2024 in GigaJoule 81.141 61.530 54.080 463.821 51.678 83.157 60.958 48.214 100.422 9.135 25.119 63.920 7.745
Warmtebehoefte na isoleren10 In GigaJoule 72.876 52.621 47.743 397.760 44.093 71.554 51.825 41.203 83.856 7.186 20.508 58.495 6.093
10 De toekomstige warmtebehoefte is berekend op basis van de besparingspercentages van startlabel naar
doellabel, zoals gerapporteerd in de PBL Startanalyse (2020). Het betreft een generieke berekening; nieuwbouw en andere toekomstige ontwikkelingen in de warmtevraag zijn niet meegenomen. 37
Noordereiland
707
91
WKO en/of groen gas All-electric All-electric
36.431
31.456
Frankhuis 2.411 24 76.790 BUITENGEBIED: 1.602 273 167.325 *Vreugderijk *Mastenbroek *Stadsbroek *Haerst *Langenholte *Tolhuislanden *Herfte *Wijthmen *Harculo en HoogZuthem *Schelle-Zuid en Oldeneel *Katerveer-Engelse werk *Windesheim Kenmerken van de buurten waar de gemeente de aanwijsbevoegdheid wil inzetten
70.822 133.940
38
10C. Bronnenanalyse kaart met voorkeursoplossingen per buurt
Dit is de WAT-kaart als onderlegger van de Warmtetransitiekaart. Voor een meer gedetailleerde kaart, zie de grote A0-versie bij de bouwsteen Duurzame bronnen.
39