Bijlage 2 – Jaarstukken 2025
Tekst van het document
Toelichting op de staat van baten en lasten Ingevolge het Besluit begroting en verantwoording (BBV) dient een toelichting te worden gegeven op het gerealiseerde saldo baten en lasten, de mutaties in de reserves en het gerealiseerde resultaat. In het volgende overzicht wordt inzicht gegeven in de relatie tussen het gerealiseerde saldo van baten en lasten en het gerealiseerde resultaat. N = Nadeel, V = Voordeel -303.076 V
Gerealiseerde totale baten en lasten: Mutaties in de reserves (incidenteel) Onttrekking egalisatiereserve kapitaallasten primaire begroting Onttrekking res. transitie meldkamer primaire begroting Onttrekking res. Ontwikkeling VR compensatie herijking primaire begroting Per saldo onttrekking uit de reserves ten gunste van de exploitatie Gerealiseerde resultaat:
-204.537 -89.653 -48.159
V V V
-342.349
V
-645.245
V
De verschillen tussen de jaarrekening 2025 en de begroting 2025 (na wijzigingen) vóór mutaties in de reserves hebben zich voorgedaan op de volgende onderdelen: Programma (exclusief kosten overhead) Programma Veiligheid (wettelijke taak) Programma Veiligheid (aanvullende ambitie) Algemene lasten en dekkingsmiddelen BDuR bijdrage 2025 Financierigsfunctie Overhead
-145.673
V
69.478
N
20.001 -4.144 204.617
Totaal verschil na mutaties in de reserves
0 0
V
220.474 144.279
N N
0 144.279
-
N V N
Totaal verschil voor mutaties in de reserves Afwijkingen mutaties reserves Stortingen Onttrekkingen
-76.195
N 62
Belastingplicht Het algemene standpunt van Veiligheidsregio IJsselland, onderschreven door de belastingadviseur, is dat de veiligheidsregio niet belasting- en aangifteplichtig is voor de vennootschapsbelasting. Voor het overgrote deel van de activiteiten en inkomsten is geen sprake van deelname aan het economisch verkeer, waardoor niet kan worden gesproken van het drijven van een onderneming in de zin van de vennootschapsbelasting. Voor de beperkte activiteiten waarbij Veiligheidsregio IJsselland wél deelneemt aan het economisch verkeer, zoals bijvoorbeeld de detachering van personeel, geldt dat hierbij geen winststreven aanwezig is en geen structurele overschotten worden gerealiseerd. Deze activiteiten worden kostendekkend uitgevoerd en hebben geen duurzaam commercieel karakter. Op basis hiervan wordt geconcludeerd dat geen sprake is van vennootschapsbelastingplicht. Het bedrag voor de heffing van de vennootschapsbelasting is derhalve nihil.
Overzicht van de aanwending van het bedrag onvoorzien Dit voorgeschreven overzicht ex artikel 28, lid b van het BBV is niet opgenomen, omdat binnen de begroting 2025 van Veiligheidsregio IJsselland geen bedrag voor onvoorzien is opgenomen. Van eventuele aanwending is daarom ook geen sprake.
Saldo programma Veiligheid N = Nadeel, V = Voordeel Verschil t.o.v. begroting na wijziging
V/N
6.978.794
-118.313
V
36.781.944
36.840.191
58.248
N
43.879.051
43.818.985
-60.066
V
Begroting voor wijziging 2025
Begroting na wijziging 2025
Risico- en crisisbeheersing
7.081.154
7.097.107
Brandweerzorg
35.024.196 42.105.350
Programma Veiligheid
Realisatie 2025
Lasten
Totaal lasten Baten Risico- en crisisbeheersing
-181.626
-379.388
-406.748
-27.360
V
Brandweerzorg
-361.483
-1.806.056
-1.794.825
11.231
N
-543.109
-2.185.443
-2.201.573
-16.130
V
Risico- en crisisbeheersing
6.899.528
6.717.720
6.572.046
-145.674
V
Brandweerzorg
34.662.713
34.975.888
35.045.366
69.478
N
41.562.241
41.693.608
41.617.412
-76.195
V
-294.190
-294.190
-294.190
0
-
0
0
0
0
-
41.268.051
41.399.418
41.323.222
-76.195
V
Totaal baten Saldo programma
Totaal saldo programma's Bij: onttrekkingen aan reserves Af: stortingen in reserves Resultaat
63
Toelichting programma Veiligheid N = Nadeel, V = Voordeel V/N
Programma Veiligheid Personeelskosten Hogere kosten loonsom beroeps
151.000
N
Hogere overige personeelskosten
-5.000
V
Lagere kosten vrijwilligersvergoedingen
-103.500
V
Lagere kosten inhuur derden
-26.500
V
Hogere onderhoudskosten gebouwen
54.000
N
Hogere kosten afschrijvingen gebouwen
11.250
N
Hogere kosten schoonmaak gebouwen
9.000
N
Lagere energielasten gebouwen
-6.300
V
Lagere kosten beheer en onderhoud materieel
-24.250
V
Lagere kosten opleiden, oefenen en trainen
-138.000
V
Lagere kosten ICT-abonnementen
-25.000
V
Hogere beheerskosten kazernes
25.000
N
Hogere kosten operationele inzet
9.800
N
Huisvestingskosten
Brandweermaterieel Oefenen en opleiden Automatisering
Overige kosten
Hogere kosten Brandveilig Leven
10.500
N
-58.000
V
-41.700
V
Opbrengsten Hogere opbrengst vergoedingen voor personeel Hogere schade-uitkeringen verzekeringen
-6.500
V
Lagere opbrengst verkoop materieel
30.000
N
-18.200
V
-76.200
V
Binnen het Programma Veiligheid is per saldo sprake van een voordelig resultaat van 76.200 euro. Dit resultaat wordt veroorzaakt door een combinatie van voor- en nadelige afwijkingen ten opzichte van de begroting. Bij de personeelskosten is sprake van hogere kosten voor de loonsom van beroepsmedewerkers. Dit nadeel wordt echter gecompenseerd door lagere overige personeelskosten, lagere vrijwilligersvergoedingen en een lagere inzet van ingehuurde derden wat per saldo resulteert in een voordeel op de personeelskosten. De huisvestingskosten laten een negatief saldo zien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere onderhouds-, afschrijvings- en schoonmaakkosten van de gebouwen. In de praktijk blijkt dat leveranciers hun tarieven harder indexeren dan waarin binnen de begroting rekening kan worden gehouden. Dit leidt tot een structurele scheefgroei tussen geraamde- en gerealiseerde kosten. Daartegenover staan lagere energielasten die het nadelige effect op de huisvestingskosten gedeeltelijk compenseren, maar het totale nadeel niet volledig opheffen. 64
Bij het brandweermaterieel zijn de kosten voor beheer en onderhoud lager uitgevallen dan begroot wat resulteert in een voordelig effect. Ook binnen het onderdeel opleiden, oefenen en trainen is sprake van een aanzienlijk voordeel, doordat de gerealiseerde uitgaven voor het oefenmateriaal bij de brandweer lager is uitgevallen dan verwacht. Daarnaast zijn de kosten voor ICT-abonnementen binnen het onderdeel automatisering lager uitgevallen dan begroot. Binnen de overige kosten is sprake van hogere uitgaven voor de beheerskosten voor de kazernes, operationele inzet van brandweerpersoneel bij incidenten en de kosten voor het programma Brandveilig Leven wat cumulatief tot een nadelig effect. Aan de opbrengstenzijde zijn hogere vergoedingen voor personeel en hogere schadeuitkeringen van verzekeringen gerealiseerd wat een voordelig effect heeft. Daartegenover staan lagere opbrengsten uit de verkoop van (inactief) materieel. Per saldo ontstaat op de opbrengsten een voordeel van 18.200 euro. De combinatie van deze afwijkingen leidt ertoe dat het Programma Veiligheid het boekjaar 2025 afsluit met een voordelig saldo van 76.200 euro.
Saldo algemene lasten en dekkingsmiddelen N = Nadeel, V = Voordeel Verschil t.o.v. begroting na wijziging
V/N
-44.252.789
0
-
-9.183.428
-9.163.428
20.000
N
0
-119.429
-123.573
-4.144
V
-51.915.604
-53.555.646
-53.539.789
15.856
N
-48.159
-48.159
-48.159
0
-
0
0
0
0
-
-51.963.763
-53.603.805
-53.587.948
15.856
N
Programma Veiligheid
Begroting voor wijziging 2025
Begroting na wijziging 2025
Gemeentelijke bijdragen
-44.252.789
-44.252.789
Rijksbijdrage rampenbestrijding
-7.662.815
Saldo van de financieringsfunctie Totaal algemene lasten en dekkingsmiddelen Bij: onttrekkingen aan reserves Af: stortingen in reserves Resultaat
Realisatie 2025
Toelichting saldo algemene lasten en dekkingsmiddelen Binnen de algemene lasten en dekkingsmiddelen is over 2025 een negatief resultaat gerealiseerd van 15.856 euro ten opzichte van de gewijzigde begroting. Dit verschil wordt voornamelijk veroorzaakt door een lagere bijdrage van het Ministerie van Veiligheid en Justitie voor het programma Weerbaarheid. In de loop van het boekjaar 2025 werd in de begroting uitgegaan van een aanvullende bijdrage van 200.000 euro. De definitieve toekenning bedroeg echter 180.000 euro, waardoor de gerealiseerde baten 20.000 euro lager uitvallen dan begroot. Daarnaast is sprake van een voordelig resultaat op het saldo van de financieringsfunctie. Ten opzichte van de gewijzigde begroting zijn extra rentebaten ontvangen van 4.144 euro. Dit heeft een positief effect op het resultaat binnen de algemene lasten en dekkingsmiddelen.
65
Saldo Overhead N = Nadeel, V = Voordeel Begroting voor wijziging 2025
Begroting na wijziging 2025
Verschil t.o.v. begroting na wijziging
N/V
Financiën
126.676
79.148
84.433
5.285
N
HRM
961.099
1.049.323
953.667
-95.655
V
ICT Facilitaire Zaken
511.389
379.995
377.959
-2.036
V
422.977
416.293
434.867
18.573
N
3.822.192
3.649.323
3.708.702
59.379
N
Directie
559.730
412.237
450.276
38.039
N
Staf & Beleid
355.367
465.123
490.965
25.842
N
Communicatie
816.419
781.892
770.504
-11.389
V
Informatievoorziening
1.248.339
1.262.223
1.294.057
31.835
N
Managers
1.462.309
1.488.449
1.632.827
144.379
N
409.214
381.211
371.575
-9.636
V
0
1.049.467
1.049.467
0
-
Totaal kostenplaatsen
10.695.712
11.414.683
11.619.299
204.617
N
Resultaat
10.695.712
11.414.683
11.619.299
204.617
N
Bedrijfsvoering (Gemene Rekening)
Ondersteuning Project Implementatie MS365
Realisatie 2025
De teams ICT, HRM, Facilitaire Zaken, Financiën en Informatievoorziening, die onder Bedrijfsvoering vallen, ondersteunen zowel de taken voor de Veiligheidsregio IJsselland als die voor de GGD IJsselland. Voor deze gezamenlijke ondersteuning is een overeenkomst ‘kosten voor gemene rekening’ opgesteld. De verrekening vindt plaats op basis van de werkelijk gemaakte kosten verdeeld volgens de overeengekomen verdeelsleutel van 56% voor Veiligheidsregio IJsselland en 44% voor de GGD IJsselland. De werkelijke bijdrage van de GGD IJsselland aan de gemene rekening over 2025 bedraagt 3.124.579 euro, terwijl in de begroting 2025 was uitgegaan van 2.995.156 euro. Het verschil van 129.423 euro wordt veroorzaakt door de definitieve afrekening van de gemene rekening over het boekjaar 2025 waarbij de werkelijke kosten hoger zijn uitgekomen dan vooraf begroot. De hogere kosten binnen de gemene rekening over 2025 zijn met name toe te schrijven aan extra inhuur derden voor een aantal binnen Bedrijfsvoering uitgevoerde projecten evenals aan hogere licentie- en softwarekosten dan waarmee in de begroting rekening was gehouden.
Toelichting Overhead Binnen de Overhead is per saldo sprake van een nadelig resultaat van 204.500 euro. De hogere kosten voor de inhuur van derden wordt voornamelijk veroorzaakt door de inzet van externe expertise op het gebied van functioneel beheer en door tijdelijke inhuur van leidinggevende- en adviserende functies binnen Bedrijfsvoering ter vervanging van vacante posities. Daarnaast zijn de overige personeelskosten en de kosten voor woon-werkverkeer hoger uitgevallen dan begroot. Deze nadelige effecten worden gedeeltelijk gecompenseerd door lagere personeelskosten voor vaste aanstellingen.
66
Bij de huisvestingskosten is sprake van een beperkt nadeel als gevolg van hogere huurkosten voor klein materieel. Binnen het onderdeel opleiden en oefenen zijn de kosten voor het centrale opleidings- en POP-budget lager gerealiseerd dan begroot doordat medewerkers minder gebruik hebben gemaakt van opleidingsmogelijkheden. De kosten voor automatisering en verbindingen zijn hoger uitgevallen als gevolg van hogere licentiekosten. Daarbij wordt geconstateerd dat leveranciers hun tarieven sneller indexeren dan het tempo waarin de begroting wordt geïndexeerd. Daarnaast was de aanschaf van aanvullende software in het kader van informatieveiligheid noodzakelijk, wat heeft geleid tot extra uitgaven. Binnen de overige kosten zijn verschillende onderschrijdingen gerealiseerd, onder meer met betrekking tot de kosten voor de bedrijfsarts, communicatiekosten, contributies en lidmaatschappen en accountantskosten. Daartegenover staan hogere kosten voor natuurbrandbestrijding als gevolg van een bijdrage die Veiligheidsregio IJsselland heeft betaald aan het NIPV in het kader van de deelname aan de Taskforce Natuurbrandbestrijding. Daarnaast heeft in 2025 een dotatie aan de voorziening personeel plaatsgevonden van 150.000 euro. Deze voorziening is getroffen in verband met een lopende personele kwestie waaruit financiële verplichtingen kunnen voortvloeien.
Aan de opbrengstenzijde zijn hogere detacheringsopbrengsten en hogere UWV-uitkeringen gerealiseerd. Deze hogere baten dempen het nadelige resultaat binnen Overhead, maar zijn niet toereikend om de hogere lasten volledig te compenseren. N = Nadeel, V = Voordeel V/N
Overhead Personeelskosten Lagere personeelskosten vaste aanstellingen
-155.000
V
Hogere kosten inhuur derden
195.000
N
Hogere overige personeelskosten
34.200
N
Hogere kosten woon-werk verkeer
30.800
N
5.000
N
-80.000
V
42.000
N
Lagere kosten bedrijfsarts
-15.500
V
Lagere kosten communicatie
-12.000
V
Lagere kosten contributies & lidmaatschappen
-9.000
V
Lagere accountantskosten
-5.000
V
Hogere kosten natuurbrandbestrijding
50.000
N
Dotatie voorziening personeel
150.000
N
230.500
N
Lagere bijdrage van GDD aan de Gemene Rekening
26.000
N
Hogere detacherings- en UWV-opbrengsten
-52.000
V
-26.000
N
204.500
N
Huisvestingskosten Hogere huurkosten Opleiden en Oefenen Lagere kosten centraal- en POP-opleidingsbudget Automatisering & verbindingen Hogere kosten licenties Overige kosten
Opbrengsten
Totaal lasten
67
Incidentele baten en lasten Incidentele baten en lasten zijn baten en lasten die zich maximaal drie jaar achtereen voordoen. Onderstaand overzicht bevat de incidentele baten en lasten over 2025. Omschrijving Incidentele baten en lasten
Begroting voor wijziging
Begroting na wijziging
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
€
€
€
€
€
€
Realisatie 2025 Baten €
V/N
Lasten
Saldo
€
€
Risico- en crisisbeheersing
-
-
-
-
-
-
-107.393
55.481
-51.912
V
Brandweerzorg
-
-
-
-
-
-
-6.145
0
-6.145
V
Overhead
-
-
-
-
-
-
-548.620
1.144.081
595.461
N
Totale incidentele baten en lasten
-
-
-
-
-
-
-662.158
1.199.562
537.404
N
Risico- en crisisbeheersing Binnen het programma Risico- en crisisbeheersing is in 2025 sprake van een incidenteel positief saldo van 51.912 euro. Dit saldo wordt verklaard door een combinatie van eenmalige baten en tijdelijke lasten die samenhangen met specifieke projecten en samenwerkingsactiviteiten. Het betreft posten die zich niet structureel voordoen en daarom afzonderlijk zijn opgenomen onder de incidentele baten en lasten. Aan de batenzijde zijn in 2025 diverse incidentele bijdragen en opbrengsten gerealiseerd. Een belangrijk onderdeel hiervan betreft een bijdrage van het RCDV in het kader van het programma Versterking Crisisbeheersing. Deze bijdrage is verstrekt voor de uitvoering van tijdelijk gefinancierde activiteiten en projecten die gericht zijn op het versterken van de crisisorganisatie en de verdere professionalisering van crisisbeheersingsprocessen binnen de veiligheidsregio. Daarnaast zijn er incidentele baten verantwoord die voortkomen uit een detacheringsovereenkomst, welke in gezamenlijkheid met vier andere veiligheidsregio’s werd gedragen. De vergoeding die hieruit is ontvangen heeft een eenmalig karakter en betreft een tijdelijke inzet van capaciteit binnen dit samenwerkingsverband. Vervolgens is een eenmalige vergoeding ontvangen in verband met de declaratie van uren als gevolg van deelname aan de werkgroep Seveso/Energietransitie.
Deze werkgroep richt zich op actuele ontwikkelingen rondom risicovolle bedrijven en energietransitievraagstukken. De vergoeding hiervoor is afkomstig van een andere veiligheidsregio en is eveneens incidenteel van aard. Aan de lastenzijde zijn in 2025 incidentele kosten gemaakt, met name in de vorm van inhuurkosten ten behoeve van het project Versterking Crisisbeheersing. Om dit traject effectief te kunnen uitvoeren en coördineren is gedurende een aantal maanden een projectleider aangetrokken. Deze tijdelijke externe inzet was noodzakelijk om de projectdoelstellingen binnen de gestelde termijn te realiseren. De hiermee samenhangende kosten zijn eenmalig van aard en worden daarom aangemerkt als incidentele lasten binnen dit programma. Brandweerzorg Binnen het programma Brandweerzorg is in 2025 sprake van een incidentele bate van 6.145 euro. Deze opbrengst betreft een eenmalige schadevergoeding in verband met schade aan de vloer van het oefengebouw. De ontvangen vergoeding heeft betrekking op het herstel van deze schade en is incidenteel van aard, aangezien het gaat om een niet-structurele gebeurtenis. Daarom is deze post afzonderlijk opgenomen onder de incidentele baten en lasten over 2025. 68
Overhead Binnen het programma Overhead is er met betrekking tot de incidentele baten en lasten in 2025 sprake van een saldo van 595.461 euro negatief. Dit saldo wordt verklaard door een combinatie van eenmalige baten en incidentele lasten die samenhangen met doorbelastingen, tijdelijke projecten en landelijke samenwerkingsbijdragen. Aan de batenzijde zijn in 2025 verschillende incidentele opbrengsten gerealiseerd. Zo is een stimuleringsbijdrage ontvangen van het RCDV van 10.000 euro voor een tegemoetkoming in opleidingskosten. Daarnaast is een opbrengstfactuur aan de GGD opgenomen van 461.765 euro ter gedeeltelijke dekking van de kosten voor de implementatie van Microsoft 365. Hiermee is een deel van de eenmalige implementatiekosten doorbelast conform de gemaakte afspraken. Verder is er een incidentele detacheringsopbrengst verantwoord in verband met de tijdelijke detachering van een medewerker van de organisatie. Aan de lastenzijde zijn diverse incidentele uitgaven opgenomen. Het betreft onder meer bijdragen aan het Samenwerkings- en Kenniscentrum Inkoop van het NIPV (21.800 euro) en aan de Taskforce Natuurbrandbestrijding van het NIPV (50.000 euro). Deze bijdragen houden verband met landelijke programma’s gericht op kennisontwikkeling, gezamenlijke inkoopstrategie en versterking van de aanpak van natuurbrandbestrijding.
Daarnaast zijn binnen Overhead incidentele projectkosten gemaakt waaronder de inhuur van externe expertise ten behoeve van de migratie van Corsa naar de cloud (22.814 euro) en voor de implementatie van Microsoft 365 in 2025 (1.049.467 euro).
Mutaties reserves N = Nadeel, V = Voordeel Begroting voor wijziging 2025
Begroting na wijziging 2025
Realisatie 2025
Verschil t.o.v. begroting na wijziging
V/N
342.349
-447.355
-303.078
144.278
N
Programma Veiligheid
-294.190
-294.190
-294.190
0
-
Algemene lasten en dekkingsmiddelen
-48.159
-48.159
-48.159
0
-
0
0
0
0
-
-342.349
-342.349
-342.349
0
-
Programma Veiligheid
0
0
0
0
-
Algemene lasten en dekkingsmiddelen
0
0
0
0
-
Overhead
Gerealiseerde totaal saldo baten en lasten Bij: onttrekkingen aan reserves
Overhead Totaal onttrekkingen aan reserves Af: stortingen in reserves
0
0
0
0
-
Totaal stortingen in reserves
0
0
0
0
-
Saldo reserve mutaties
-342.349
-342.349
-342.349
0
-
Gerealiseerde resultaat
0
-789.704
-645.427
144.278
N
69
De exploitatie van Veiligheidsregio IJsselland wordt beïnvloed door stortingen en door onttrekkingen uit reserves. De BBV geeft aan dat het resultaat van de exploitatie onderverdeeld moet worden in een saldo baten en lasten (voor bestemming) en in een resultaat. Het verschil tussen beide is dat in het resultaat de mutaties in de reserves zijn verwerkt. Zie voor nadere toelichting voor de mutaties in de reserves de paragraaf ‘toelichting op de balans’.
Publicatie bezoldiging topfunctionarissen De WNT stelt een maximum aan de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. De WNT is op 6 december 2011 door de Tweede Kamer aangenomen en met ingang van 1 januari 2013 in werking getreden. De WNT kent een openbaarmakingsregime en een maximale bezoldigingsnorm. De maximale bezoldigingsnorm is van toepassing op topfunctionarissen die in dienstbetrekking werkzaam zijn en topfunctionarissen die niet in dienstbetrekking werkzaam zijn (maar worden ingehuurd op basis van een overeenkomst van opdracht), indien zij binnen een periode van 18 maanden meer dan 6 maanden werkzaam zijn voor de (semi-) publieke instelling. De WNT is van toepassing op Veiligheidsregio IJsselland. Het voor de Veiligheidsregio IJsselland toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2025 246.000 euro op basis van het model voor topfunctionarissen met dienstbetrekking. De binnen onze organisatie geïdentificeerde leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking hebben geen dienstbetrekking bij meerdere WNT-plichtige instelling(en) als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2018) in de periode van de hier verantwoorde dienstbetrekking. Hieronder vermelden wij, conform het verantwoordingsmodel WNT 2025, de persoon die de wetgever als topfunctionaris ziet voor een gemeenschappelijke regeling.
70
1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt. A. Mengerink Directeur Veiligheidsregio IJsselland
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2025
01/01/25 – 31/12/25
Omvang dienstverband (in fte)
1,000
(Fictieve) dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging
Bedrag
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
159.852
Beloningen betaalbaar op termijn
23.226 Subtotaal
183.078
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
246.000
-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging 2025
n.v.t. 183.078
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
n.v.t.
Gegevens 2024
Bedrag
Aanvang en einde functievervulling in 2024 Omvang dienstverband 2024 (in fte) (Fictieve) dienstbetrekking?
01/01/24 – 31/12/24 1,000 Ja
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
160.727
Beloningen betaalbaar op termijn
23.303
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
233.000
Totale bezoldiging 2024
184.030
1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking In het verslagjaar zijn geen topfunctionarissen zonder dienstbetrekking aangesteld. Deze rubriek is derhalve niet van toepassing.
71
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen In het verslagjaar zijn er geen toezichthoudende topfunctionarissen aangesteld. Deze rubriek is derhalve niet van toepassing. 1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 2.100 of minder Topfunctionarissen inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt met een totale bezoldiging van € 2.100 of minder. Alle leden van het AB en DB vanuit de Veiligheidsregio IJsselland zijn onbezoldigd. Hieronder volgt een overzicht van de leden van het AB en het DB van de Veiligheidsregio IJsselland in 2025. Naam Burgermeester Functie Algemeen Bestuur P.H. Snijders
Zwolle
Voorzitter algemeen bestuur
R. König
Deventer
Vicevoorzitter algemeen bestuur
R. Bats
Steenwijkerland
Lid algemeen bestuur tot 8 oktober 2025
H.K. de Groot
Steenwijkerland
Lid algemeen bestuur vanaf 16 oktober 2025
J. ten Kate
Staphorst
Lid algemeen bestuur
R. Jager
Dalfsen (waarnemend)
Lid algemeen bestuur tot 14 april 2025
M. Sijbom
Dalfsen
Lid algemeen bestuur vanaf 14 april 2025
E.J. Bilder
Zwartewaterland
Lid algemeen bestuur tot 21 november 2025
J. Compagner
Zwartewaterland
Lid algemeen bestuur vanaf 26 november 2025
J.M. Vroomen
Ommen
Lid algemeen bestuur
M. Offinga
Hardenberg
Lid algemeen bestuur
S. de Rouwe
Kampen
Lid algemeen bestuur
S. Poepjes
Olst-Wijhe
Lid algemeen bestuur
R. Zuidema
Raalte
Lid algemeen bestuur
P.H. Snijders
Zwolle
Voorzitter dagelijks bestuur
R. König
Deventer
Vicevoorzitter dagelijks bestuur
J. ten Kate
Staphorst
Lid dagelijks bestuur per 23-01-2025
M.W. Offinga
Hardenberg
Lid dagelijks bestuur per 23-01-2025
Dagelijks Bestuur
Niet-topfunctionarissen (in loondienst) met een bezoldiging boven het individueel toepasselijk algemeen bezoldigingsmaximum (naar rato) Binnen de organisatie zijn geen niet-topfunctionarissen met een bezoldiging boven het voor hen geldende individueel toepasselijk maximum. Deze rubriek is derhalve niet van toepassing. Ontslaguitkeringen aan topfunctionarissen en niet-topfunctionarissen In het verslagjaar zijn geen ontslaguitkeringen verstrekt aan topfunctionarissen of niet-topfunctionarissen. Deze rubriek is derhalve niet van toepassing. 72
Balans Omschrijving der activa
Boekwaarde
Boekwaarde
31-12-2025
31-12-2024
Omschrijving der passiva
Vaste activa
Boekwaarde
31-12-2025
31-12-2024
Vaste passiva
Materiële vaste activa - Investeringen met een economisch nut
Boekwaarde
40.796.830 40.796.830
36.636.844 36.636.844
Eigen vermogen
5.522.775 1.000.000
1.000.000
- Bestemmingsreserves
3.877.350
3.770.199
645.425
632.927
- Het gerealiseerde resultaat volgend uit overzicht van baten en lasten Totaal vaste activa
40.796.830
5.403.127
- Algemene reserve
36.636.844 Vreemd vermogen
Vlottende activa
- Voorzieningen
Voorraad
208.927
185.426
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
868.881
566.988
34.466.667
30.733.333
Onderhandse leningen van: Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
1.590.201
2.349.962
- Vorderingen op openbare lichamen
409.003
384.676
- Overige vorderingen
72.670
56.665
1.108.528
1.908.622
- Uitzettingen in Rijks schatkist
Liquide middelen
1.024.452 1.004.042
1.006.904
- Kassaldi
20.410
24.559
34.466.667
Totaal vaste passiva
30.733.333 40.858.322
36.703.447
Vlottende passiva
1.031.463
- Banksaldi
- Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
2.183.615
- Overige schulden
2.183.615
Overlopende passiva
2.132.422 2.132.422
4.330.873
4.042.291
- De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen Overlopende activa - Vooruitbetaalde bedragen - Overige nog te ontvangen bedragen
3.752.401
2.674.466
3.125.724
2.227.004
626.677
447.461
voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel: Overige Nederlandse overheidslichamen
- Nog te betalen bedragen
0
432.801
4.330.873
3.609.490
Totaal vlottende activa
6.575.982
6.241.316
Totaal vlottende passiva
6.514.489
6.174.713
Totaal generaal
47.372.811
42.878.160
Totaal generaal
47.372.811
42.878.160
Ingediend bij het dagelijks bestuur van Veiligheidsregio IJsselland d.d.
Vastgesteld door het algemeen bestuur van Veiligheidsregio IJsselland d.d.
M. den Uijl
P.H. Snijders
, voorzitter
A.H. Schreuders
, secretaris
, Senior financieel adviseur
Toelichting op de balans Vaste activa Materiële vaste activa De Veiligheidsregio IJsselland heeft alleen vaste activa met economisch nut in eigendom. De materiële vaste activa bedragen per 31-12-2025 40.797.000 euro en bestaan voornamelijk uit vervoersmiddelen en brandveiligheidsvoorzieningen. De toename in 2025 van 4.100.000 euro bestaat grotendeels uit investeringen in vervoermiddelen. De investeringen met economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde ultimo
31-12-2025
31-12-2024
Bedrijfsgebouwen
2.786.247
2.825.895
Grond en terreinen
0
0
Vervoersmiddelen
26.006.226
22.673.287
Machines, apparaten en installaties
177.160
190.777
ICT (overige materiële vaste activa)
1.323.378
560.226
Brandveiligheidsvoorzieningen (overige materiële vaste activa)
10.443.974
10.313.953
58.866
70.204
979
2.503
40.796.830
36.636.844
Oefenen (overige materiële vaste activa) Jeugdbrandweer (overige materiële vaste activa)
Het volgende overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut weer: Categorie
Boekwaarde Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen 1-1-2025 2025 2025 2025
Boekwaarde 31-12-2025
Bedrijfsgebouwen
2.825.895
253.194
0
292.842
2.786.247
Grond en terreinen
0
0
0
0
0
Vervoersmiddelen
22.673.287
5.540.000
53.801
2.153.260
26.006.226
Machines, apparaten en installaties
190.777
0
0
13.617
177.160
ICT
560.225
1.078.581
99.814
215.615
1.323.378
10.313.953
1.814.676
0
1.684.655
10.443.974
70.204
0
0
11.338
58.866
Brandveiligheidsvoorzieningen Oefenen Jeugdbrandweer
2.503
0
0
1.524
979
36.636.844
8.686.452
153.615
4.372.851
40.796.830
In 2025 is sprake van 153.615 euro aan desinvesteringen. Dit bedrag wordt veroorzaakt door de volgende ontwikkelingen: • In het kader van de implementatie van MS365 zijn alle laptops, switches en beeldschermen in 2025 vervangen. Deze activa hadden op het moment van buitengebruikstelling nog een boekwaarde van 99.814 euro die vervolgens als desinvestering is verantwoord binnen de categorie ICT. • Binnen de categorie vervoersmiddelen is een desinvestering opgenomen van 53.801 euro veroorzaakt door het vervroegd buiten gebruik stellen van een tankautospuit.
Vlottende activa Voorraad Het saldo van de voorraad bestaat uit de volgende component: Boekwaarde 31-12-2025
Boekwaarde 31-12-2024
Voorraad: Gereed product en handelsgoederen
208.927
185.426
Totaal
208.927
185.426
Dit betreft het centrale magazijn voor operationele kleding bij de kazerne Raalte. De stijging van de voorraad gereed product wordt veroorzaakt door de investering in aanvullende kledingvoorraad die nodig is om de beschikbaarheid van de operationele uitrusting te waarborgen. Uitzettingen met een rente-typische looptijd van één jaar of minder De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Boekwaarde per 31-12-2025
Voorziening voor oninbaarheid
Boekwaarde per 31-12-2025
Boekwaarde per 31-12-2024
Vorderingen op openbare lichamen
409.003
0
409.003
384.676
Overige vorderingen
72.670
0
72.670
56.665
Uitzettingen in Rijk’s schatkist
1.108.528
0
1.108.528
1.908.622
Totaal
1.590.201
0
1.590.201
2.349.962
Soort vordering
De positie vorderingen op openbare lichamen is in 2025 toegenomen. Deze stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door een nafacturering aan diverse gemeenten in het kader van de afrekening van de FLO-regeling. De afname van het saldo van de uitzettingen in ’s Rijks schatkist met 800.000 euro wordt verklaard doordat deze middelen zijn aangewend ter financiering van investeringen in materiële vaste activa. Uitzettingen in Rijk’s schatkist met een rente-typische looptijd korter dan 1 jaar De ter beschikking staande liquide middelen waren in 2025 toereikend om te voldoen aan de financieringsbehoefte die voortvloeide uit de salarisbetalingen, exploitatie uitgaven en realisatie op het investeringsplan. In 2025 zijn er geen kasgeldleningen aangetrokken om aan alle kortlopende verplichtingen te kunnen voldoen. Er zijn geen bedragen aan middelen, bedoeld in artikel 2, vierde lid, van de Wet financiering decentrale overheden, dat in het kader van het drempelbedrag door de veiligheidsregio buiten des Rijk’s schatkist is aangehouden.
75
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Veiligheidsregio’s mogen liquide middelen aanhouden bij de schatkist (schatkistbankieren). Hier krijgen ze een rentevergoeding over het uitstaande saldo. Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in ‘s Rijksschatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. De benutting van het drempelbedrag wordt berekend als gemiddelde over alle dagen in het kwartaal. Gemiddeld mag een decentrale overheid dus maximaal het drempelbedrag buiten de schatkist hebben gehouden. In 2025 hebben er geen overschrijdingen van het drempelbedrag plaatsgevonden. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
2025 1.000
Kwartaal 1
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
(2)
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
1.009
1.000
1.000
-
-
-
9
0
999 1
0
-
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
55.845 55.845 -
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het Drempelbedrag drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
1.000
Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
90.807
91.004
92.003
91.952
90
91
92
92
1.009
1.000
1.000
999
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Boekwaarde 31-12-2025
Boekwaarde 31-12-2024
Banksaldi
1.004.042
1.006.904
Kassaldi
20.410
24.559
Totaal
1.024.452
1.031.463
De totale liquide middelen bedragen per 31-12-2025 1.024.500 euro en bestaan voornamelijk uit banksaldi. De banksaldi zijn licht afgenomen ten opzichte van 2024.
76
Het per ultimo 2025 aangehouden saldo aan liquide middelen blijft binnen de normering van de ‘Regeling schatkistbankieren decentrale overheden’. Het krediet in rekening-courant is in 2025 vastgesteld op 200.000 euro. Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden: Boekwaarde 31-12-2025 Vooruitbetaalde bedragen Overige nog te ontvangen bedragen Totaal
Boekwaarde 31-12-2024
3.125.724
2.227.004
626.677
447.461
3.752.401
2.674.466
Betalingen die in 2025 zijn gedaan, maar betrekking hebben op 2026 zijn opgenomen op de balans als vooruitbetaalde bedragen. Overige nog te ontvangen bedragen zijn opbrengsten die betrekking hebben op 2025, maar nog niet in 2025 zijn ontvangen. Specificatie vooruitbetaalde bedragen: Categorie
Bedrag
Brandweeropleidingen
646.776
Huisvestingskosten
1.016.396
Licenties
1.208.237
Verzekeringen
108.904
Verbindingen
44.245
Overige
101.166
Totaal
3.125.724
Specificatie overige nog te ontvangen bedragen: Categorie
Bedrag
Nog te ontvangen huur kazernes gemeente Deventer
232.852
Nog te verzenden facturen
225.252
Nog te ontvangen bedragen GGD IJsselland
129.423
Nog te ontvangen rentebate Q4 Schatkistbankieren
28.699
Nog te ontvangen uitkering UWV
8.076
Nog te ontvangen overige bedragen
2.375
Totaal
626.677
77
Vaste passiva Eigen Vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:
Algemene reserve
Boekwaarde 31-12-2025 1.000.000
Boekwaarde 31-12-2024 1.000.000
3.877.350
3.770.199
4.877.350
4.770.199
645.425
632.927
5.522.775
5.403.127
Bestemmingsreserves
Gerealiseerd resultaat Totaal
Het eigen vermogen (inclusief het gerealiseerd resultaat 2025) bedraagt per 31-12-2025 5.522.775 euro en bestaat voornamelijk uit de reserves. Het gerealiseerde resultaat over het boekjaar 2025 bedraagt 645.425 euro. Het totaalbedrag aan Reserves bedraagt per 31-12-2025 4.877.350 euro. Het verloop van de reserves in 2025 wordt in het volgende overzicht per reserve weergegeven.
Reserves
Algemene reserve
Boekwaarde 01-01-2025
Bestemming Terugstorting Resultaat Boekwaarde reserve Onttrekking deelnemers boekjaar 31-12-2025 vorig jaar
1.000.000
1.000.000
Reserve Ontwikkelingen VR
549.663
Reserve Transitie Meldkamer
-48.159
951.004
363.496
-89.653
273.843
Egalisatiereserve kapitaal
2.857.040
-204.537
2.652.503
Totaal
4.770.199
449.500
0
632.927
-449.500
-183.427
5.403.127
0
-183.427
Gerealiseerd resultaat Totaal
449.500
-342.349
-342.349
0
4.877.350
645.425
645.425
645.425
5.522.775
Toelichting reserves Algemene reserve De algemene reserve vervult binnen Veiligheidsregio IJsselland een dubbele functie. Enerzijds heeft het een ‘financieringsfunctie’, omdat het bijdraagt aan de dekking van investeringen in materiële vaste activa. Anderzijds heeft de algemene reserve een ‘bufferfunctie’ en dient het als weerstandsvermogen om incidentele tekorten en bedrijfsrisico’s op te vangen. De algemene reserve vormt het vrij aanwendbare deel van het eigen vermogen, waarop geen specifieke bestemming rust die door het algemeen bestuur is vastgesteld. Deze reserve kan worden ingezet om financiële tegenvallers op te vangen en draagt bij aan de financiële stabiliteit en continuïteit van de organisatie. 78
De omvang van de algemene reserve van Veiligheidsregio IJsselland bedraagt ultimo 2025 1.000.000 euro. Dit niveau wordt, mede in relatie tot de omvang van de begroting en het risicoprofiel van de organisatie, door het algemeen bestuur als toereikend beschouwd om (potentiële) risico’s en incidentele financiële tegenvallers op te vangen. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves worden gevormd om middelen te reserveren voor specifieke, reeds aangegane of voorziene verplichtingen waarvoor het algemeen bestuur een duidelijke bestemming heeft vastgesteld. Deze reserves maken het mogelijk om lasten die samenhangen met beleidskeuzes en toekomstige uitgaven gespreid en beheerst te financieren zonder dat dit direct leidt tot fluctuaties in de exploitatie. Per 31 december 2025 bedraagt het totaal van de bestemmingsreserves 3,9 miljoen euro. Reserve Ontwikkelingen Veiligheidsregio De reserve Ontwikkelingen VR is bedoeld voor de financiering van specifieke bestuursopdrachten en tijdelijke projecten die voortkomen uit beleidskeuzes van het algemeen bestuur. De reserve biedt ruimte om incidentele middelen doelgericht in te zetten zonder structurele druk op de exploitatie. In 2025 is een bedrag van 48.159 euro aan deze reserve onttrokken ter compensatie van nadeelgemeenten als gevolg van de herijking van de gemeentelijke bijdrage.
Deze herijking was gebaseerd op een verdeling van 50 procent historische kosten en 50 procent realistische kosten. De totale compensatie voor de nadeelgemeenten bedroeg 289.000 euro en is over een periode van drie jaar afgebouwd. De onttrekking in 2025 betreft de laatste tranche van deze compensatieregeling. Daarnaast is in 2025 vanuit het jaarrekeningresultaat 2024 een bedrag van 449.500 euro toegevoegd aan de reserve Ontwikkelingen VR. Dit bedrag is afkomstig uit extra BDuR-middelen die door het Rijk zijn toegekend voor de versterking van informatievoorziening en crisisbeheersing. Deze middelen mogen bij een overschot niet terugvloeien naar de deelnemende gemeenten en zijn daarom toegevoegd aan de reserve om toekomstige projecten binnen deze beleidsterreinen te kunnen financieren. Reserve Vorming Landelijke Meldkamerorganisatie Eind 2012 heeft de Veiligheidsregio IJsselland vanuit het Rijk een incidentele bijdrage van 400.000 euro ontvangen. Het algemeen bestuur heeft destijds besloten deze middelen in te zetten ter dekking van de kosten die samenhangen met de transitie van de meldkamer. In de begroting is dit besluit vertaald door het instellen van een ‘Bestemmingsreserve transitie meldkamers’. Bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2015 is aanvullend 50.000 euro aan deze reserve toegevoegd.
Vervolgens is in oktober 2018 een eenmalige bijdrage van 500.000 euro ontvangen van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Deze bijdrage is via de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2018 eveneens toegevoegd aan deze reserve. De reserve wordt ingezet voor de dekking van incidentele, jaarlijks aflopende meerkosten die voortvloeien uit de vorming van de Meldkamer Oost-Nederland, die per 1 april 2023 is gestart. Het betreft met name kosten voor extra ondersteunend personeel in de opstartfase en frictiekosten van meldkamerpersoneel dat niet kon worden herplaatst. In 2025 is een bedrag van 89.653 euro aan de reserve onttrokken ter dekking van deze aflopende meerkosten. Ultimo 2025 bedraagt het saldo van de reserve 273.843 euro bestemd voor de financiering van de resterende meerkosten in de komende jaren. 79
Reserve egalisatie kapitaalslasten De egalisatiereserve kapitaallasten is ingesteld om schommelingen in de jaarlijkse kapitaallasten (rente en afschrijving) op te vangen en daarmee een stabiel verloop van de lasten in de begroting en de gemeentelijke bijdragen te waarborgen. In de begroting wordt uitgegaan van gemiddelde kapitaallasten, terwijl de daadwerkelijke kapitaallasten per jaar kunnen variëren. De egalisatiereserve fungeert hierbij als dempingsmechanisme. Bij de vorming van deze reserve zijn geen expliciete bandbreedtes vastgesteld voor een minimale of maximale omvang. De huidige stand van de reserve is mede het gevolg van uitgestelde investeringen in de eerste jaren na de vorming van Veiligheidsregio IJsselland, waardoor de werkelijke kapitaallasten in die periode lager waren dan begroot en middelen konden worden toegevoegd aan de reserve. In 2025 is een bedrag van 204.537 euro aan de egalisatiereserve onttrokken ter dekking van hogere kapitaallasten dan waarmee in de begroting rekening was gehouden. Ultimo 2025 bedraagt het saldo van de egalisatiereserve kapitaallasten 2.652.503 euro. De egalisatiereserve kapitaallasten draagt bij aan een stabiele financiële huishouding en voorkomt dat tijdelijke pieken of dalen in kapitaallasten direct leiden tot fluctuaties in de gemeentelijke bijdragen.
Resultaat Onder het ‘gerealiseerde resultaat’ wordt op grond van artikel 27 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verstaan het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten, inclusief de werkelijke toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. Het gerealiseerde resultaat over 2025 bedraagt 645.425 euro. Conform artikel 42 van het BBV wordt dit gerealiseerde resultaat afzonderlijk gepresenteerd als onderdeel van het eigen vermogen. Van het gerealiseerde resultaat wordt het volgende overzicht gegeven:
Totaal saldo baten en lasten Bij: mutaties in de reserves (zie toelichting staat van baten en lasten) Resultaat boekjaar
- 303.078 V - 342.349 V - 645.425 V
Voorstel bestemming resultaat boekjaar 2025 Extra BDuR-gelden Crisisbeheersing & Informatievoorziening & Weerbaarheid Budget BDuR Crisisbeheersing 1.248.988 Budget BDuR Informatievoorziening 846.283 Budget BDuR Weerbaarheid 180.000 Totale baten extra BDuR 2.275.271 Lasten BDuR Crisisbeheersing 1.116.975 Lasten BDuR Informatievoorziening 497.465 Lasten BDuR Weerbaarheid 0 Totale lasten extra BDuR-gelden 1.614.440 Saldo extra BDuR-gelden 2025 660.831 80
Resultaatbestemming 2025 Resultaat boekjaar Reservering Ontwikkelingen Informatievoorziening Reservering Ontwikkelingen Crisisbeheersing Reservering Ontwikkelingen Weerbaarheid Onttrekking algemene reserve Subtotaal resultaat boekjaar 2025 Onttrekking Reserve Ontwikkelingen VR Dotatie Reserve Ontwikkelingen Informatievoorziening Dotatie Reserve Ontwikkelingen Crisisbeheersing Saldo resultaat boekjaar 2025
645.425 348.818 132.013 180.000 -15.406 -741.684 620.184 121.500 -
Op grond van artikel 25 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) stelt het algemeen bestuur bij de vaststelling van de jaarrekening de resultaatbestemming vast. Om die reden wordt aan het bestuur voorgesteld om 660.831 euro van het jaarrekeningresultaat 2025 te reserveren en toe te voegen aan de daarvoor aangewezen bestemmingsreserves. Deze middelen zijn bestemd voor de financiering van lopende en toekomstige projecten in 2026 en volgende jaren op het terrein van crisisbeheersing, informatievoorziening en weerbaarheid. Het betreffende overschot is ontstaan doordat in 2025 aanvullende BDuR-middelen zijn ontvangen van het Ministerie van Veiligheid en Justitie die niet volledig binnen het verslagjaar konden worden aangewend. Op grond van de hieraan verbonden voorwaarden zijn deze middelen doelgebonden en mogen zij niet terugvloeien naar de deelnemende gemeenten, noch invloed hebben op de hoogte van de gemeentelijke bijdrage, maar dienen zij te worden ingezet voor de versterking van de genoemde beleidsterreinen. Ten aanzien van het resterende, negatieve deel van het jaarrekeningresultaat 2025, ter grootte van 15.406 euro, wordt aan het bestuur voorgesteld dit bedrag te onttrekken aan de algemene reserve van Veiligheidsregio IJsselland.
Daarnaast bepaalt het algemeen bestuur op grond van artikel 58 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) de vorming, wijziging en besteding van reserves. Bestemmingsreserves betreffen bestanddelen van het eigen vermogen waaraan het bestuur een specifieke bestemming heeft gegeven. Aan het algemeen bestuur wordt voorgesteld om in het kader van de resultaatbestemming 2025 in te stemmen met de aanpassing van de reservepositie. Dit betreft een onttrekking van 741.684 euro aan de reserve Ontwikkelingen Veiligheidsregio en de bijbehorende dotaties aan de nieuwgevormde bestemmingsreserves, te weten 620.184 euro aan de reserve Ontwikkelingen Informatievoorziening en 121.500 euro aan de reserve Ontwikkelingen Crisisbeheersing. Met dit besluit wordt de bestemming van deze middelen expliciet vastgelegd en wordt uitvoering gegeven aan de eerder toegelichte herstructurering van de reserves.
81
Vreemd vermogen Voorzieningen De voorzieningen zijn opgenomen onder het vreemd vermogen en betreffen verplichtingen en risico’s waarvan de omvang op balansdatum redelijkerwijs kan worden geschat, maar waarvan de exacte hoogte of het tijdstip van afwikkeling onzeker is. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de betreffende verplichtingen en risico’s per balansdatum af te wikkelen. Dotaties aan en onttrekkingen uit voorzieningen worden in de staat van baten en lasten verantwoord. In het verloopoverzicht van de voorzieningen zijn de mutaties gedurende het boekjaar nader toegelicht.
Boekwaarde 31-12-2025
Boekwaarde 31-12-2024
Voorziening Spaarverlof
718.881
566.988
Voorziening Personeel
150.000
0
Totaal
868.881
566.988
Voorziening Spaarverlof Deze voorziening omvat de arbeidskosten gerelateerde verplichting aan medewerkers met betrekking tot het opgebouwde spaarverlof en de overmatige bovenwettelijke verlofsaldi. Het verloop van de voorziening Spaarverlof in 2025 wordt in het volgende overzicht weergegeven.
Voorziening
Boekwaarde Vrijgevallen Toevoegingen Aanwendingen 01-01-2025 bedragen
Boekwaarde 31-12-2025
Spaarverlof
566.988
0
220.424
68.531
718.881
Totaal
566.988
0
220.424
68.531
718.881
Op grond van de Arbeidsvoorwaardenregeling Veiligheidsregio IJsselland (conform de CARUWO Veiligheidsregio’s) hebben medewerkers vanaf 1 januari 2022 recht op verlofsparen. De spaarsaldi zijn in een voorziening opgenomen. Conform de voorschriften van het BBV dient hiervoor een voorziening te worden getroffen. De voorziening is ten opzichte van vorig jaar toegenomen met 151.893 euro. Dit wordt veroorzaakt door een toename van het aantal overuren wat de medewerkers van de veiligheidsregio hebben gestort in de voorziening waarmee het totaal van de gestorte uren uitkomt op 14.715 uren per 31-12-2025 (2024: 11.722 uren). De opgebouwde uren in het spaarverlof blijven onbeperkt geldig. Voorziening Personeel Deze voorziening heeft betrekking op verwachte verplichtingen van personele aard waarvan de omvang op balansdatum redelijkerwijs kan worden ingeschat, maar waarvan het moment van afwikkeling nog onzeker is. Conform de voorschriften van het BBV is hiervoor een voorziening gevormd. De hoogte van de voorziening is gebaseerd op de beste inschatting van de verwachte financiële consequenties per balansdatum. In 2025 is een dotatie van 150.000 euro aan deze voorziening gedaan. Het verloop van de voorziening Personeel in 2025 wordt in het onderstaande overzicht weergegeven. 82
Voorziening
Boekwaarde Vrijgevallen Toevoegingen Aanwendingen 01-01-2025 bedragen
Boekwaarde 31-12-2025
Personeel
0
0
150.000
0
150.000
Totaal
0
0
150.000
0
150.000
Vaste schulden met een rente looptijd van één jaar of langer De overname/investeringen van het (brandweer)materieel maakt het voor Veiligheidsregio IJsselland noodzakelijk leningen af te sluiten. Een gedeelte van de financieringsbehoefte kan tijdelijk volgens de geldende kasgeldlimiet worden gefinancierd met kortlopende leningen. Voor het resterende deel zijn langlopende leningen afgesloten. In 2025 is er een nieuwe langlopende lening afgesloten van 4 miljoen euro bij de Nederlandse Waterschapsbank (NWB) voor het dekken van de vervangingsinvesteringen. De totale rentelasten over alle leningsbestanddelen bedroegen 584.591 euro in het boekjaar 2025. Onderhandse leningen van binnenlandse banken
Saldo 31-12-2024
Vermeerdering
Saldo 31-12-2025
Aflossing
BNG Bank
7.000.000
0
7.000.000
BNG Bank
5.000.000
0
5.000.000
BNG Bank
6.000.000
0
6.000.000
BNG Bank
9.000.000
0
9.000.000
BNG Bank
3.733.333
266.667
3.466.667
NWB Bank
0
4.000.000
0
4.000.000
30.733.333
4.000.000
266.667
34.466.667
TOTAAL
De stand van de onderhandse leningen per 31-12-2025 bedraagt 34.466.667 euro en bestaat uit leningen bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) en de Nederlandse Waterschapsbank (NWB). Het saldo is als gevolg van vermeerderingen en aflossingen in 2025 met 3.733.333 euro toegenomen. In bijlage 1 van de bijlagen die niet behoren tot de accountantscontrole vindt u een overzicht van alle leningen inclusief de betaalde rente en aflossingen die zijn gedaan in 2025.
83
Vlottende passiva Vlottende schulden korter dan een jaar De in de balans opgenomen netto vlottende schulden met een looptijd van een jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Boekwaarde 31-12-2025
Boekwaarde 31-12-2024
Overige schulden
2.183.615
2.132.422
Totaal
2.183.615
2.132.422
De toename van de crediteuren in 2025 ten opzichte van 2024 bedroeg 51.193 euro. Deze toename kan worden verklaard door met name de investeringen: Investeringen In december 2025 zijn in het kader van de levering van zes nieuwe tankautospuiten deelfacturen ontvangen voor een bedrag van 1.275.000 euro. Deze facturen zijn opgenomen in de crediteurenpositie per 31 december 2025 en zijn in het begin van 2026 betaald. Het saldo aan openstaande crediteuren voor investeringen is daarmee eind 2025 fors toegenomen. Ter vergelijking: ultimo 2024 stond nog 643.000 euro aan investeringsfacturen open. Deze stijging wordt vooral verklaard door de omvangrijke investeringen die rond de jaarafsluiting zijn gefactureerd, terwijl betaling pas in het daaropvolgende boekjaar heeft plaatsgevonden. Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: Boekwaarde 31-12-2025 Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Boekwaarde 31-12-2024 0
432.801
Nog te betalen bedragen
4.330.873
3.609.490
Totaal
4.330.873
4.042.291
Specificatie voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel:
Omschrijving Subsidie opvang ontheemden Oekraïne
Boekwaarde Ontvangen 1-1-2025 bedragen
Vrijgevallen Boekwaarde bedragen of 31-12-2025 terugbetalingen
432.801
0
432.801
0
432.801
0
432.801
0
84
Tot 1 januari 2024 vervulde Veiligheidsregio IJsselland namens de deelnemende gemeenten de coördinerende rol binnen het Programma Vluchtelingen. Per die datum is deze verantwoordelijkheid overgedragen aan de gemeente Deventer die sindsdien zorgdraagt voor de uitvoering en verantwoording van de hiermee samenhangende kosten. In 2025 heeft de definitieve afrekening plaatsgevonden van een in 2023 te veel ontvangen subsidie voor de opvang van ontheemden uit Oekraïne ter hoogte van 432.801 euro. Dit bedrag is in 2025 volledig terugbetaald. Daarmee zijn de voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel ultimo 2025 volledig afgewikkeld en staan er geen voorschotbedragen meer op de balans. Specificatie nog te betalen bedragen 2025: Omschrijving Af te dragen loonheffing december 2025
Bedrag 1.937.856
Nog te betalen loonkosten CAO-wijziging 2025
557.377
Afwikkeling facturen kosten 2025 met factuurdatum 2026
545.545
Rente langlopende leningen BNG
435.700
Af te dragen pensioenen december 2025
340.665
Vrijwilligersvergoeding en netto loon maand december 2025
321.574
Afrekening servicekosten diverse kazernes
160.321
Af te dragen btw 2025
31.835 4.330.873
Financiële positie van Veiligheidsregio IJsselland Gemeenten die deelnemen aan de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio IJsselland zijn wettelijk verplicht zodanig financieel bij te dragen dat de begroting van de veiligheidsregio altijd sluitend is. Daarmee is geborgd dat Veiligheidsregio IJsselland te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan haar verplichtingen te voldoen. Tegelijkertijd heeft de veiligheidsregio hierin ook een eigen verantwoordelijkheid. Vanuit het oogpunt van een gezonde en stabiele bedrijfsvoering wordt het als onwenselijk beschouwd om bij iedere onverwachte tegenvaller direct een beroep te moeten doen op de deelnemende gemeenten. Daarom heeft de Veiligheidsregio IJsselland een eigen weerstandscapaciteit om incidentele financiële tegenvallers en risico’s binnen de exploitatie op te vangen. De algemene reserve heeft hierbij het karakter van een weerstandsreserve. Deze reserve bedraagt per 31 december 2025 1.000.000 euro en vormt een belangrijke buffer voor het opvangen van de belangrijkste onvoorziene tegenvallers waarmee de financiële continuïteit van de organisatie wordt ondersteund.
85
Niet in de balans opgenomen verplichtingen Arbeidskosten Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen met een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening gevormd en wordt geen verplichting opgenomen op de balans. Deze lasten worden conform de BBV-regelgeving verantwoord in het jaar waarin de uitbetaling daadwerkelijk plaatsvindt. Het gaat hierbij onder meer om opgebouwde verlofaanspraken. Ultimo 2025 bedraagt het openstaande verlofsaldo 11.413 uren (2024: 10.894 uren). Dit komt overeen met 6,15 fte en vertegenwoordigt een waarde van 505.989 euro, uitgaande van een gemiddelde loonsom in 2025 van 82.288 euro. Deze verplichting wordt aangemerkt als een kortlopende arbeidskosten gerelateerde verplichting met een jaarlijks vergelijkbaar volume en mag daarom op grond van het BBV niet op de balans worden opgenomen. PTSS In 2025 is landelijk de Regeling erkenning en aanspraken Posttraumatische Stressstoornis (PTSS) als beroepsziekte vastgesteld, waarmee voor medewerkers en brandweervrijwilligers binnen alle veiligheidsregio’s eenduidige aanspraken worden geregeld. Deze regeling treedt per 1 februari 2026 in werking en heeft financiële consequenties voor Veiligheidsregio IJsselland, onder andere door mogelijke vergoedingen van medische kosten, aanvullende uitkeringen en loondoorbetaling.
De uitvoering van de regeling wordt belegd bij team HRM en vraagt om specifieke expertise. Conform landelijk advies wordt daarom voorzien in een structurele uitbreiding van de formatie met 0,5 fte per 1 januari 2026. De kosten van de uitvoering worden gedekt uit landelijk toegekende middelen; de overige kosten worden als financieel risico meegenomen in de begroting en het weerstandsvermogen. Bij het ingaan van deze regeling bestaat een (financieel) risico voor toepassing van de regeling met terugwerkende kracht en de mogelijke negatieve uitkomst over de voorjaarsnota waardoor alle inspanningen en de daaruit voorvloeiende financiële consequenties op dit gebied door de eigen veiligheidsregio moeten worden gedragen.
86
Meerjarige financiële verplichtingen
Vitens
Onderhoud brandkranen
V21.000315
Jaarlijkse opzegging
Jaarbedrag 2025 245.000
Engie
Toegangsverlening Kazernes
V20.001963
1-1-2029
0
Asito
Schoonmaak Kazernes
V18.001584
1-5-2026
495.000
Active Living
Keuringen PPMO operationeel personeel
V19.001477
1-1-2028
270.000
Magenta
Applicatie Veiligheidspaspoort
V25.005338
1-1-2030
135.000
LiveOp
Applicatie Uitruk calamiteiten
V20.000277
Jaarlijkse opzegging
120.000
Intermont Assuradeuren B.V.
Verzekeringen personeel en goederen
V24.000832
1-1-2030
105.000
BakerTilly
Accountantsdiensten
V21.001907
1-7-2028
80.000
Omgevingsdienst IJsselland
VTH-applicatie deel: IJVI
Gemeente Zwolle
1-1-2031
45.000
Visma Raet
HRM- en salarissysteem
V17.003148
1-4-2027
198.000
Rentokil
Plaagdierbestrijding
V22.001871
1-1-2027
35.000
Rienks Arbodienst
Arbo-dienstverlening
V22.001576
1-1-2031
70.000
Unit4
Financieel systeem
V17.002951
Jaarlijkse opzegging
25.000
IFFS
Servicecontract onderhoud 3 tankwagens
V21.002028
1-6-2033
20.000
Kenbri Fire Fighting
Onderhoud tankautospuiten
V21.001580
1-1-2030
22.500
Vattenfall
Levering gas- en elektra Kazernes
C25.00142
1-1-2029
725.000
Dräger
Onderhoud ademluchtapparatuur
V18.000454
1-3-2027
35.000
FireServiceRota
Pagers monitoringssoftware
V25.002072
8-10-2032
86.000
Leverancier
Omschrijving
Referentie
Afloop
87
Huur kazernes Omschrijving
Verhuurder
Ingang
Eind
Contractwaarde 2025
Contractwaarde 2026
Contractwaarde 2027
Verlenging
Huur kazerne Dalfsen
Gemeente Dalfsen
1-1-2014
31-12-2026
27.890
28.811
29.675 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Lemelerveld
Gemeente Dalfsen
1-1-2014
31-12-2026
14.708
15.194
15.650 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Nieuwleusen
Gemeente Dalfsen
1-1-2019
31-12-2026
28.469
29.408
30.290 Stilzwijgend per jaar
Huur kazernes (3x)
Gemeente Deventer
1-1-2014
31-12-2026
465.704
481.073
495.505 Stilzwijgend per jaar
Huur kazernes (5x)
Gemeente Hardenberg
1-1-2014
31-12-2026
304.143
314.180
323.605 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Dedemsvaart *
Hoge und Gocke Immobilien
1-10-2013
30-09-2028
226.316
168.142
108.438 15 jaar tot 30-09-2028
Huur kazerne Gramsbergen*
E. Hulzebosch
1-11-2024
31-10-2039
962.988
909.078
853.750 15 jaar tot 31-10-2039
Huur kazerne IJsselmuiden
Gemeente Kampen
1-1-2014
31-12-2026
26.642
27.521
28.347 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Kampen
Gemeente Kampen
1-1-2016
31-12-2026
375.319
387.704
399.335 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Wijhe
Gemeente Olst Wijhe
1-1-2014
31-12-2026
16.938
17.497
18.021 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Olst
Gemeente Olst Wijhe
1-1-2014
31-12-2026
8.840
9.132
9.406 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Welsum*
Gemeente Olst Wijhe
1-1-2024
31-12-2028
172.227
131.151
88.720 5 jaar tot 31-12-2028
Huur kazerne Wesepe
Gemeente Olst Wijhe
1-1-2020
31-12-2026
47.152
48.708
50.169 Stilzwijgend per jaar
Huur kazernes (3x)
Gemeente Raalte
1-1-2014
31-12-2026
164.864
170.305
175.414 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Heeten*
Gemeente Raalte
1-1-2022
31-12-2031
659.432
573.589
484.914 10 jaar tot 31-12-2031
Huur kazerne Staphorst
Gemeente Staphorst
1-1-2014
31-12-2026
28.739
29.687
30.578 Stilzwijgend per jaar
Huur kazernes (6x)
Gemeente Steenwijkerland
1-1-2014
31-12-2026
207.660
214.513
220.948 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne (3x)
Gemeente Zwartewaterland
1-1-2014
31-12-2026
179.581
185.507
191.072 Stilzwijgend per jaar
Huur kazerne Zwolle-Noord *
Gemeente Zwolle
1-1-2023
31-12-2032
1.825.612
1.577.699
1.327.593 5 jaar tot 31-12-2037
Huur kazerne Zwolle-Zuid *
Gemeente Zwolle
1-1-2017
31-12-2026
1.876.057
943.035
0 5 jaar tot 31-12-2031
Totaal
7.619.281
6.261.932
4.881.430
* Dit betreft de totale contractwaarde en is niet het jaarlijkse huurbedrag. Kazernes Deventer: Kazernes Hardenberg: Kazernes Raalte: Kazernes Steenwijkerland: Kazernes Zwartewaterland
Deventer - Diepenveen - Bathmen Balkbrug - Bergentheim - De Krim - Hardenberg - Slagharen Raalte - Heino - Luttenberg Steenwijk - Vollenhove - Oldemarkt - Giethoorn - Kuinre - Ossenzijl Hasselt - Genemuiden - Zwartsluis
88
Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en de verordeningen en met bepalingen in relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 10 december 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald op 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op 1.182.000 euro.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025.
Bevinding Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen 910.000 euro bedraagt. Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van 1.182.000 euro. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het dagelijks bestuur een bedrag van 540.000 euro acceptabel op basis van door de dagelijks bestuur vastgestelde afspraken. De geconstateerde afwijkingen betreffen:
89
Begrotingscriterium