Bijlage 1a. Toelichting herziene verordening Ontwikkelfonds
Tekst van het document
Herziene verordening hoofdstuk 29 ASV Human Capital Agenda - Ontwikkelfonds Regio Zwolle
Toelichting belangrijkste wijzigingen Betreft: Bijlage bij:
Belangrijkste wijzigingen in de herziene verordening Ontwikkelfonds 1. Herziene verordening Ontwikkelfonds d.d. 1 mei 2021 2. Beslisnota voor de raad m.b.t. herziene verordening Ontwikkelfonds
Dit document bevat een uitgebreidere toelichting op de in de Beslisnota aangedragen argumenten ten aanzien van de beoogde vaststelling van de herziene verordening voor het Ontwikkelfonds. 1.1 Urgentie Het HCA-programma en de omgeving waarbinnen het programma opereert zijn volop in beweging. Om het Ontwikkelfonds optimaal in te kunnen zetten en te kunnen laten werken, is het noodzakelijk om de het fonds – en daarmee de verordening – goed aan te laten sluiten op: 1) De Regio Deal Regio Zwolle, waarbinnen de HCA een van de actielijnen is en waardoor de financiële omvang van het Ontwikkelfonds aanzienlijk is toegenomen. 2) De recent uitgevoerde tussentijdse evaluatie van het HCA-programma, waarin (onder andere) aanbevelingen gedaan zijn ten aanzien van de werking en doorlooptijd van het Ontwikkelfonds. 3) De actualiteit van de Covid-19 crisis, de aansluiting van de HCA op de regionale crisis- en herstelaanpak en het aantal aanvragen dat als gevolg van de crisis exponentieel stijgt. Met name de actualiteit van de Covid-19 crisis onderstreept de urgentie van een herziene verordening: De behoefte aan om-, her- en bijscholing onder inwoners en werkgevers evenals de behoefte om hierbij financiële ondersteuning te krijgen, nemen toe als gevolg van de Covid-19 crisis. Dit is zichtbaar in de exponentieel stijgende aantallen aanvragen bij het Ontwikkelfonds.
Zo is het aantal aanvragen dat in maart 2021 gedaan is in de inwonersroute verdubbeld ten opzichte van januari 2021 en de verwachting is dat deze stijgende trend zich voortzet naar mate de crisis voortduurt. Het HCAprogramma en daarmee het Ontwikkelfonds vervullen eveneens een rol in de regionale crisis- en herstelaanpak, die in hoog tempo ontwikkeld wordt en waaruit ook een stijging in het aantal aanvragen bij het Ontwikkelfonds verwacht wordt. Om niet achterop te raken bij de praktijk, is de beoogde inwerkingtreding van de herziene verordening vastgesteld op 1 mei 2021.
1.2 Meer inwoners beter en sneller bedienen Om binnen deze ontwikkelingen de inwoner/werkgever van de Regio Zwolle goed te kunnen blijven bedienen, een groot volume aan aanvragen te kunnen afhandelen en dit op een administratief luwe manier te kunnen doen (klantgericht), zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd in de verordening: a. Gelijke kansen: Om te zorgen voor maximale spreiding en gelijke kansen voor iedere inwoner is in de herziene verordening opgenomen dat per inwoner die een aanvraag indient, maximaal eenmaal per kalenderjaar subsidie verstrekt kan worden. Voor de routes met betrekking tot werkgevers is een maximum verbonden aan het totaal aan te vragen bedrag per jaar. Rekening houdend met subsidieplafonds maakt dit dat het voor meer inwoners en werkgevers succesvol een aanvraag kunnen indienen voordat het jaarlijkse subsidieplafond bereikt is. Deze wijzigingen zijn terug te vinden in de artikelen: 29:9 lid 3, 29:13 lid 2 en 29:17 lid 2.
1
b. Verkorten doorlooptijd: Door meer helderheid te verschaffen over welke opleidingen subsidiabel zijn en beter inzichtelijk te maken welke kosten subsidiabel zijn en welke niet, wordt het risico beperkt dat er aanvragen worden ingediend die niet aan de gestelde voorwaarden voldoen en dat hierover veelvuldig contact met de aanvrager opgenomen moet worden om de aanvraag ontvankelijk te maken. Dit maakt dat de doorlooptijd van een aanvraag korter wordt. Deze wijzigingen zijn terug te vinden in de artikelen: 29:1 en 29:5. c. Administratief luw: In de huidige situatie moet elke aanvragen een verzoek tot vaststelling indienen, wat niet alleen een extra drempel is aan de kant van de aanvrager, maar ook een grote administratieve inspanning aan de kant van de subsidieverstrekker vraagt. Om de administratieve last van een aanvraag te beperken, is ervoor gekozen om subsidieaanvragen tot een bedrag van € 5.000,- direct vast te stellen. Dit verkort de afhandelingsperiode van de aanvragen en komt ten goede aan de klantgerichtheid van het fonds. Deze wijzigingen zijn terug te vinden in artikelen 29:1, 29:15, 29:19, 29:23 en 29:27 ten aanzien van subsidievaststelling. d. Lager minimumbedrag: In de huidige tijd worden veel opleidingen digitaal gegeven, wat vaak gevolgen heeft voor de prijs van een opleiding of scholingstraject.
Om hierop in te spelen en inwoners/werkgevers de gelegenheid te geven ook subsidie aan te vragen voor opleidingen die goedkoper zijn dan de voorheen voorgeschreven € 500,-, is het minimumbedrag bijgesteld naar € 250,- per opleiding. Deze wijziging is terug te vinden in de artikelen: 29:9 lid 1, 29:13 lid 1 en 29:17 lid 1.
1.3 Stroomlijnen aanvragen via vijf verschillende routes Op basis van de tussentijdse evaluatie van het HCA-programma zijn verschillende aanbevelingen gedaan met betrekking tot de sectorale aanpak en het versoepelen van de doorloop van aanvragen van sectortafels bij het Ontwikkelfonds. In de huidige situatie worden de aanvragen vanuit sectortafels via dezelfde route ingediend als aanvragen van andere werkgevers en/of partners, in de co-creatie route. Om de voorgenomen sectorale aanpak mogelijk te maken en werkgevers tegelijkertijd te stimuleren om, ook buiten de sectortafels, gezamenlijk vorm te geven aan scholingstrajecten, wordt de samenwerkingsroute gesplitst in enerzijds een route voor samenwerkingsverbanden in brede zin (samenwerkende werkgevers, al dan niet met andere partners) en een route specifiek voor de sectortafels. Met de al in 2020 toegevoegde inwonersroute en experimenteerroute, beschikt het fonds in de herziene verordening over vijf routes. De belangrijkste wijzigingen daarbij zijn: a. Reviewcommissie selectief inzetten: De Reviewcommissie beoordeelde tot nu toe alle aanvragen in de co-creatieroute. In de nieuwe situatie beoordeelt de Reviewcommissie alleen nog de aanvragen in de route voor sectortafels en de experimenteerroute, wat de doorlooptijd van aanvragen van samenwerkingsverbanden van werkgevers (en partners) verkort en versimpelt.
Tegelijkertijd wordt door inzet van de Reviewcommissie in route vier en vijf geborgd dat aanvragen met een maximum subsidiebedrag van € 100.000,- aan een extra toets worden onderworpen. Deze wijziging is terug te zien in artikel 29:20 lid 6 met betrekking tot de sectortafels en artikel 29:24 lid 6 met betrekking tot de experimenteerroute. b. Bijgestelde subsidiebedragen: Voor dergelijke aanvragen in route drie, samenwerkingsverbanden van werkgevers en partners, wordt maximaal € 40.000,- subsidie verstrekt, in tegenstelling tot de eerder mogelijk gemaakte € 100.000,-. Dit maakt dat meer
2
samenwerkende werkgevers bediend kunnen worden binnen de vastgestelde plafonds. Deze wijziging is terug te vinden in artikel 29:17 lid 2. c. Opnemen experimenteerroute: De experimenteerroute (route vijf) is in 2020 wel aan het repertoire van het Ontwikkelfonds toegevoegd, maar nog niet opgenomen in de verordening. In de herziene verordening is de experimenteerroute als vaste route opgenomen, wat het doen en toetsen van aanvragen in deze route mogelijk maakt. Deze wijziging is terug te vinden in de artikelen 29:24 tot en met 29:27 ten aanzien van de experimenteerroute.
1.4 Hoofdlijnen en maatwerk Om de verordening toekomstbestendig te maken, in de zin dat deze langere tijd ingezet kan worden en toch kan inspelen op actuele ontwikkelingen in de samenleving en op de arbeidsmarkt, is ervoor gekozen in de verordening vast te leggen wat nodig is en de mogelijkheid te bieden om nadere regels te stellen, wanneer de situatie daarom vraagt. a. Hoogte van te subsidiëren bedragen: De bedragen zijn naar beneden bijgesteld om goedkopere opleidingen, als gevolg van digitalisering en online lesgeven, mogelijk te maken. Wanneer hier in de toekomst verandering in komt, is het mogelijk om nadere regels te stellen, zonder dat de verordening hiervoor moet worden aangepast. Deze wijziging is terug te vinden in artikelen 29:9 lid 5, 29:13 lid 5, 29:17 lid 5, 29:21 lid 3 en 29:25 lid 3. b. Hoogte van vereiste cofinanciering: De huidige cofinancieringseis in de routes drie, vier en vijf is 50%. Gedurende de Covid-19 crisis zijn verschillende casussen binnengekomen van werkgevers die de noodzaak zien van het om-, of herscholen van hun personeel, maar daarvoor niet de benodigde middelen hebben. Door een artikel op te nemen dat nadere regels gesteld kunnen worden, wordt het mogelijk tijdelijk af te wijken van de 50% norm om ondernemers in crisistijd zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen, zonder dat de verordening daarvoor in zijn geheel moet worden aangepast.
Hetzelfde geldt voor zelfstandigen, welke binnen het Ontwikkelfonds behandeld worden als een werkgever en dus cofinanciering mee moeten brengen, die door de crisis genoodzaakt zijn zich om te scholen of ander werk te zoeken, maar niet de middelen hebben om in hun eigen opleidingskosten te voorzien. Deze wijziging is terug te vinden in artikelen 29:13 lid 5, 29:17 lid 5, 29:21 lid 3 en 29:25 lid 3. c. Maatwerk: Om binnen de gestelde kaders maatwerk te kunnen leveren, zijn artikelen opgenomen die het mogelijk maken om meer informatie op te vragen, om zo aanvragen die afwijken beter te kunnen beoordelen. Dit maakt het mogelijk om binnen de kaders van de verordening maatwerk te leveren. Deze wijziging is terug te vinden in o.a. artikelen 29:15 lid 4, 29:19 lid 4, 29:23 lid 4 en 29:27 lid 4. 1.5 Verbeteren leesbaarheid Tot slot is er in de herziene verordening gewerkt aan het verbeteren van de leesbaarheid. In de huidige situatie bestaat de verordening als het ware bestaat uit twee deelverordeningen, waarin een deel van de artikelen herhaald wordt bij elke route en het soms zoeken is bij welke route men zit en waar de voorwaarden van elkaar verschillen.
In de herziene verordening is gekozen voor een aangepaste opzet, waarbij begonnen wordt met een reeks algemene artikelen, die op iedere aanvraag van toepassing zijn en daarna in een duidelijke hoofdstukstructuur de specifieke voorwaarden en criteria per route
3
worden toegelicht. De verordening wordt afgesloten met een drietal afsluitende artikelen, met betrekking op de gehele verordening.
4