Art. 45 vragen omtrent gemeentelijke uitvaarten
Tekst van het document
Door: Maxim van der Veen (CDA) Zwolle, 31 Januari 2025
Betreft Art. 45 vragen omtrent gemeentelijke uitvaarten Geacht college van B&W, Gemeentelijke uitvaarten zijn uitvaarten waarvan de gemeente opdrachtgever is. De kosten voor deze uitvaarten worden gedragen door de gemeente wanneer bij de familie of de persoon geen middelen zijn om de uitvaart te bekostigen. Het CDA heeft opgemerkt dat recente gemeentelijke uitvaarten niet meer in Zwolle gehouden worden, maar worden uitbesteed aan een mortuarium in Deventer. Wanneer een onverwacht overlijden plaatsvindt, kan dit vanzelfsprekend veel invloed hebben op de nabestaanden. Het kan daarom emotioneel negatief uitpakken wanneer deze nabestaanden naar een andere stad moeten reizen voor de uitvaart. Ook kan het emotioneel lastig zijn als een dierbare overledene wordt overgebracht naar een andere stad. Naast de emotionele lading is er ook sprake van extra kosten bij de uitvaart en reiskosten voor de familie. Het CDA is mede daarom van mening dat de aanbesteding voor gemeentelijke uitvaarten binnen de Zwolse gemeentegrenzen moet plaatsvinden, en dat altijd inspanning gepleegd moet worden om dit te realiseren. Wij stellen daarom de volgende vragen aan het college: 1. Herkent het college bovenstaande signalen, en zo ja, waarom is ervoor gekozen om de aanbesteding voor gemeentelijke uitvaarten buiten de gemeentegrenzen te regelen? 2.
Hebben zich bij de laatste aanbesteding voor gemeentelijke uitvaarten ook Zwolse bedrijven gemeld? Zoja, waarom heeft het college niet voor een Zwolse aanbieder gekozen? 3. Hoe wordt deze werkwijze door nabestaanden tot nu toe ervaren? Zijn er signalen dat de verzorging buiten de stad van hetzelfde niveau is als de nazorg die in Zwolle gegeven kan worden? 4. Hoe verhouden de kosten van een gemeentelijke uitvaart van buiten de gemeentegrenzen zich tot de kosten van een gemeentelijke uitvaart binnen de gemeentegrenzen? Vallen kosten hoger uit doordat een aanbieder verder weg ligt van Zwolle? En is daarbij ook rekening gehouden met reiskosten van nabestaanden? 5. Is het college het met het CDA eens dat er ook aandacht moet zijn voor het emotionele aspect, waarbij het voor nabestaanden emotioneel lastig kan zijn wanneer zij te horen krijgen dat een dierbare overledene verplaatst gaat worden naar een andere stad? En zo ja, hoe rijmt het college dit met de huidige aanbesteding?