A26 Zienswijze_geanonimiseerd
Tekst van het document
Per e-mail: omgevingsvisie@zwolle.nl Gemeente Zwolle Afdeling Ruimte en Economie t.a.v. het Programmateam aanvulling Omgevingsvisie Postbus 10007 8000 GA Zwolle
Zwolle, 7 december 2025 Betreft
:
Zienswijze n.a.v. Ontwerp-Omgevingsvisie en Ontwerp-omgevingseffectrapportage
Geachte heer, mevrouw, Naar aanleiding van de ter inzage gelegde Omgevingsvisie en de bijbehorende Omgevingseffectrapportage (‘’OER’’) van Witteveen+Bos d.d. 15 september 2025, wil ik de volgende zienswijze indienen, toegespitst op het gebied Vechtpoort. Deze zienswijze richt zich op thema’s die in de huidige visie onvoldoende aandacht krijgen: ten eerste ga ik in op de effecten op de natuur (§1), vervolgens op de verkeers(veiligheids)situatie (§2) en tot slot op de landschappelijke en cultuurhistorische waarden (§3). 1. Natuur Graag breng ik onder de aandacht dat uit de OER naar voren komt dat het omgevingseffect van het voorgenomen beleid zonder meer als negatief beoordeeld wordt (zie p. 11 en 12). In de nabije omgeving liggen de nodige Natura 2000- en NNN-gebieden (p. 103 OER), bij uitstek aan de Noord- en Noordoostzijde van de stad. De vraag dringt zich op waarom er, tegen die achtergrond, niet (althans, niet voldoende kenbaar) op zorgvuldige wijze naar alternatieven is gezocht door de Gemeente, zoals het intensiveren in reeds bebouwd gebied. Er worden nu al veel rode vlaggen gehesen t.a.v. de bescherming van natuurwaarden. De ontwerpvisie is op dit onderdeel mijns inziens onvoldragen.
De Globale Passende Beoordeling (‘’GPB’’) vermeldt: “bij de uitwerking van onderdelen van de omgevingsvisie door gemeente of ontwikkelaars dient in alle gevallen een nadere effectbeoordeling uitgevoerd te worden. Voorliggend rapport heeft geen juridische status.” Daarmee lijkt de problematiek blindelings vooruit te worden geschoven: de samenvatting op p. 19 GBP stemt voor de natuur bepaald niet gunstig. Er worden weliswaar suggesties gedaan om risico’s op significante gevolgen op te mitigeren, maar of dat, zodra er een beoordeling op plan-of projectniveau plaatsvindt, tot de gewenste uitkomsten leidt, is hoogst onzeker. Er is op dit cruciale onderdeel sprake van een onvoldragen visie en van een onzorgvuldige voorbereiding.
De OER constateert onomwonden negatieve effecten op Natura 2000-gebieden, waaronder Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (p. 11-12, p. 103 OER). Uit de GPB blijkt, als gezegd, dat er een ‘blinde vlek’ is voor de gevolgen voor de natuur en dat nadere effectbeoordelingen op plan- of projectniveau noodzakelijk zijn (p. 19 OER). Dat noopt er toch toe, voorafgaand aan een verdere uitwerking, een volledige passende beoordeling uit te voeren en te reflecteren op maatregelen? Dat ontbreekt momenteel in de Omgevingsvisie. 2. Verkeersdrukte en verkeersveiligheid De Kuyerhuislaan en de Helmhorstweg zijn nu al zeer drukke, relatief krappe wegen (met veel beeldbepalende bomen langs de weg). Er is sprake van veel sluipverkeer en ongevallen. Niet ter discussie staat dat de plannen voor zeer veel extra woningen in Vechtpoort en Berkum deze problemen aanzienlijk zullen vergroten. Op pagina 138 wordt aangegeven welke ingrepen gedaan worden in het kader van de verkeersveiligheid, maar die zijn zeer generiek en hebben slechts oog voor de ‘stadsring’, waar de problemen op zich al aanzienlijk zijn: in hoofdstuk 5, de referentiesituatie, staat (vanaf p. 30 OER), bijvoorbeeld dat de Ceintuurbaan nu al ‘oververzadigd’ is (p.30 OER). De OER signaleert dat één van de effecten zal zijn dat de Ring (m.n. Ceintuurbaan) nóg meer verkeer te verduren krijgt. Op p.
134 OER staan de verwachte toename aan intensiteiten op bepaalde wegvakken, waaronder Ceintuurbaan. De verwachting is dat deze toeneemt met 14%. Overloop naar o.m. de Kuyerhuislaan laat zich raden. Het is te voorzien dat de problemen zich verplaatsen en juist dergelijke sluiproutes in toenemende mate tot (gevaarlijke en hinderlijke) knelpunten worden. In de OER wordt met zoveel worden onderkend dat juist aan de Kuyerhuislaan een sterke toename aan verkeer zal zijn te bemerken. Voorzienbaar is, ter illustratie, dat ook het Kiekeboslaantje, dat nota bene deels onverhard is, met een ontoelaatbare hoeveelheid sluipverkeer zal worden geconfronteerd. Kort en goed: de infrastructuur kan de plannen eenvoudigweg niet aan. Er wordt lokaal geen reëel alternatief gepresenteerd. Uit p. 132 OEO volgt nota bene dat de uiteindelijke verkeerssituatie na ontwikkeling van de nieuwe wijken kennelijk in het geheel niet is meegenomen. Dat is een onbegrijpelijke omissie. Er wordt in de OER aangegeven dat er nog veel onzekerheden zijn en er kennisleemte is. Aanbevolen wordt een aantal zaken te monitoren. In dit rijtje staat verkeersveiligheid ten onrechte niet genoemd. Ik dring er met klem op aan juist ook verkeerdruk en verkeersveiligheid beter in kaart te brengen en te monitoren (zie o.m. p. 14 OER). Het is opmerkelijk dat dat onderwerp niet een veel prominentere plek krijgt op p.14 OER.
Er dient een transparant en concreet plan te worden opgesteld op voor het invullen van kennisleemtes, inclusief periodieke rapportage en betrokkenheid van belanghebbenden. Als schot voor de boeg: komt er een verkeerscirculatieplan dat wegen als de Kuyerhuislaan ontlast? En komt er een maximumsnelheid van 30 km/u op Kuyerhuislaan en omgeving, inclusief bijpassende fysieke inrichting en handhaving? Er wordt nu al vaak veel te hard gereden en van handhaving op de huidige, ook al veel te hoge, maximumsnelheid van 50 km/h blijkt niets. Er is nu al reden tot zorg over de veiligheid van mijn kinderen, van buurtgenoten en passerende verkeersdeelnemers.
2/3
NB De toename van verkeersintensiteit op de Ceintuurbaan en Kuyerhuislaan leidt ook tot hogere concentraties stikstofdioxide (NO₂) en fijnstof (PM10 en PM2.5). Actuele metingen in Zwolle laten al (piek)waarden zien die leiden tot aantoonbare gezondheidsrisico’s. Mijns inziens zou de luchtkwaliteit expliciet moeten worden opgenomen in het monitoringsprogramma, zouden op voorhand (nul) metingen op straatniveau moeten worden uitgevoerd en dienen de plannen te voorzien in maatregelen om (verdere) overschrijding van normen te voorkomen.
Ik verzoek de Gemeente om bovengenoemde punten mee te nemen bij de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie en de bijbehorende plannen, zodat negatieve effecten op natuur, luchtkwaliteit en verkeersveiligheid worden voorkomen of geminimaliseerd. Betrek in dit verband ook adequate, op basis van de plannen geactualiseerde geluidbelastingkaarten en gezondheidsmonitoring als basis voor beleidskeuzes. 3. Landschappelijke en cultuurhistorische waarden Er is sprake van een voor Zwolle uniek landschap. Het gebied kent belangrijke cultuurhistorische waarden, zoals oude erven, houtwallen, zichtlijnen en historische wegen. Het zou niet evenredig zijn wanneer dat voorgoed zou worden opgeofferd voor een woningbouwopgave die ook – en beter – elders zou kunnen worden gerealiseerd. Het parapluplan cultuurhistorie lijkt niet te zijn geïntegreerd in de Omgevingsvisie. Dat valt niet goed te begrijpen. Van het beschermen van waardevolle, voor Zwolle unieke landschappelijke structuren wordt feitelijk niet gerept. De OER erkent ‘’cultuurhistorie’’ weliswaar, in algemene zin, als waarde voor de identiteit van Zwolle, maar de uitwerking blijft algemeen en mist concrete beleidskaders. Er wordt niet duidelijk hoe deze waarden daadwerkelijk worden geborgd bij toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Daarnaast ontbreekt, als gezegd, een koppeling met het bestaande parapluplan.
De omgevingsvisie zou moeten worden aangevuld met concrete beleidsuitgangspunten voor behoud en versterking van cultuurhistorische waarden. Tot besluit: de voorgenomen schaal van woningbouw in Vechtpoort staat volstrekt haaks op het dorpse karakter van Berkum, Veldhoek en Herfte. De woningbouw zou, aangenomen dat die in de overige kaders überhaupt kan worden ingepast, moeten worden beperkt tot een schaal die past bij het gebied, ter waarborging van de leefbaarheid en sociale cohesie. H 5.1.2e
5.1.2e 5.1.2e 5.1.2e
Zwolle
3/3
Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gegevens geanonimiseerd op grond van: Wet
Artikel
Omschrijving
Pagina's
Wet open overheid
Art. 5.1 lid 2 sub e
De eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer
3