CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

3.1 bijlagen Omgevingsvisie 2021

Raadsplein besluitvormend (Statenzaal) 13 september 2021, gemeente ZwolleBij agendapunt: Vaststelling Omgevingsvisie "Mijn Zwolle van Morgen"12.270 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De Stadskolk: dit is een circa 30 hectare groot natuurgebied in Stadshagen met een grote doorbraakkolk, agrarisch natuurbeheer en stadslandbouw gericht op de wijk. Centrum ‘het Huis van Stadshagen’: Dit gebied bestaat uit een combinatie van wijkvoorzieningen (commercieel, sociaal, cultureel en recreatief) met woningen erboven, waardoor een stedelijk karakter ontstaat. De Weteringzone: De zone heeft een landschappelijke inrichting en vormt de aansluiting op de polder Mastenbroek. Deze zone bestaat uit recreatieve voorzieningen, scholen en grote terpen met meerdere vrijstaande woningen. Frankhuis: De buurtschap Frankhuis heeft een strategische en markante ligging aan het Zwartewater en het Zwolle-IJsselkanaal en de dijken daarlangs. De bebouwing is divers: woningen, kleine bedrijven, een school, een oud buiten, een woonschepenha-

14

Havenzate Werkeren: de voormalige havezate Werkeren ligt in de knik van de Oude Wetering en de Riete. Het vormt de beëindiging van de Werkerallee. Vanwege de grote cultuurhistorische waarde wordt het gebied gehandhaafd.

Bijlagen Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen

Bedrijventerrein Voorst (inclusief Voorsterpoort) Aan de A28 ligt al sinds het begin van de jaren zestig het bedrijventerrein Voorst. Het is het enige bedrijventerrein van Zwolle met een eigen waterverbinding, via de Spooldersluis, rechtstreeks naar de IJssel. Aan het water zijn grootschalige water gerelateerde bedrijven gevestigd. Voorst werd ontwikkeld na de aanleg van het Zwolle-IJsselkanaal. Bedrijventerrein Voorst bestaat verder uit een mix van maakindustrie, maar ook groothandel, zakelijke dienstverlening, media & ict bedrijven, etc. Voorsterpoort is een werklocatie in Zwolle waar ruimte is voor zakelijke dienstverlening (kantoren), bedrijvigheid, maar ook grootschalige detailhandel en leisure. Voorsterpoort zien we in Zwolle als dé locatie waar in de toekomst ruimte is voor verdere uitbreiding van de grootschalige detailhandel, waarbij een focus ligt op detailhandel met aanbod voor ‘in en om het huis’. Wat betreft leisure is er ruimte, maar blijkt de afgelopen jaren dat er slechts beperkte interesse is vanuit ondernemers in deze sector voor dit gebied. Mede daarom is er voor de invulling van het gebied ook ruimte gecreëerd voor andere vormen van bedrijvigheid. Naast economische functies zijn er ook maatschappelijke functies te vinden op Voorsterpoort.

Vreugdenrijk/Spoolde De gebieden Spoolde en Vreugderijk hebben een groen en landelijk karakter en liggen aan de noordelijke oever van de IJssel. Dit zijn reeds lang bewoonde gebieden met min of meer uitgesproken hoogteverschillen en een oude onregelmatige verkaveling. Kleine buurtschappen zijn gesitueerd op rivierduinen en verspreide bebouwing ligt op de relatief hogere gronden daar omheen. De verbindingswegen lopen over de hogere gronden, parallel aan de IJssel. De verbindingswegen naar de stad lopen in noord-zuid richting. De Vreugderijkerwaard is een natuurgebied waar zeldzame planten en dieren (o.a. trek- en broedvogels) voorkomen. Er bevinden zich tot vijf meter hoge rivierduinen en een met de IJssel meestromende nevengeul. Zwolle zuid De woonwijk Zwolle-Zuid is vanaf de jaren ´80 gebouwd op een langgerekte dekzandrug en op de overgang naar het rivierkleigebied langs de IJssel. Tussen de oude ontginningslinten en uitvalswegen liggen de verschillende deelgebieden. De IJsselallee en de spoorlijn vormen samen de ruimtelijke scheiding in het gebied. Kenmerkend voor Zwolle-zuid is de ligging in het landschap. De zuidelijke rand van het gebied wordt geheel begrensd door het rivierkleigebied en de IJssel. Het gebied is ontwikkeld in twee delen rondom de oude kernen Ittersum en Schelle.

Het eerste deel bestaat uit de deelgebieden Geren, Gerenlanden, Bijlagen Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen

15

tom geven

tom geven

Gerenbroek en Ittersumerlanden en wordt vooral gekenmerkt door een woonervenstructuur. Het tweede deel is ontwikkeld in de latere jaren tachtig en negentig en bestaat uit de deelgebieden Oldenelerlanden, Schellerbroek, Schellerlanden, Oldenelerbroek en Ittersumerbroek.

het Spoolderbos is het Engelse Werk verbonden met de Spoolderberg en de spoorzone (Koggetunnel). De westrand van het gebied wordt gevormd door een natuurontwikkelingsproject en de IJssel, de noordzijde door de bomenlaan langs de Oude Veerweg, met vrijstaande monumentale bebouwing.

De oude linten en uitvalswegen zijn gehandhaafd, maar op een aantal plaatsen aangetast en abrupt doorsneden door de nieuwe infrastructuur. Het oorspronkelijke landschap heeft nauwelijks invloed gehad op de stedenbouwkundige verkaveling. De zuidelijke rand is ingepast in het rivierkleilandschap en vormgegeven met diverse vrijstaande bebouwing en parken. De verkeersroutes in Zwolle-Zuid zijn strikt hiërarchisch opgebouwd. De intensiteit van de netwerken van spoor en stads- en wijkwegen hebben geleid tot een sterke ruimtelijke zonering tussen de woonbuurten.

Tussen de A28 en de Oude Veerweg ligt Woonpark Katerveer. Dit is een woonbuurtje gebouwd in 2002. Het is een ruim opgezet, groen buurtje met vrijstaande woningen. De architectuur van de woningen bouwt voort op de karakteristieke architectuur uit de jaren dertig. Het Katerveer was een veerdienst op de IJssel ten westen van Zwolle die Overijssel met Gelderland verbond. De veerdienst stopte in 1930 toen de Oude IJsselbrug, die naast het veer is gebouwd, werd geopend. Bijzonder zijn de Katerveersluizen, een complex van twee sluizen bij de uitmonding van de Willemsvaart in de IJssel. De sluizen bevinden zich in een schans, die deel uitmaakt van de in 1598 aangelegde Zwolse Linien. Het geheel is een unieke combinatie van een vestings- en waterbouwkundig werk.

De wijk is opgezet met doorgaande voetgangers- en fietsroutes en woonstraten. Deze routes rijgen de verschillende buurten aaneen. Doorgaande autowegen binnen de buurten ontbreken. Kenmerkend voor de stedenbouwkundige opzet is de doorgaande waterstructuur, die tot inzet van de diverse woonbuurten is gemaakt. De doorgaande fietsroutes zijn veelal gekoppeld aan de waterstructuur en de oude linten. Deze structuren van lange lijnen zijn belangrijke dragers van de openbare ruimte. Aan de waterlopen komen bijzondere woningtypologieën voor langs stenige kades en groene singels, soms met achtertuinen met terrassen aan het water. De diverse plandelen zijn ontwikkeld als zelfstandige woonbuurten met een complexe en soms ook wat onoverzichtelijke structuur. De openbare ruimte in de woonbuurten is grillig vormgegeven en wordt sterk bepaald door verspringende rooilijnen en verspringende oriëntatie van de woningen, aangrenzende voor- en achtertuinen, blinde kopgevels en parkeervoorzieningen. Kenmerkend is dat de parken (Schellerpark en Itterumerpark) en grotere groengebieden als Zandhove/ Oude Mars en het Engelse Werk vooral aan de buitenrand van dit stadsdeel liggen. De bebouwing in de buurten Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden is overwegend uitgevoerd in twee lagen. De hoogbouw heeft een sobere uitstraling en heeft vooral platte daken.

De bebouwing in Schellerbroek, Schellerlanden bestaat veelal uit twee lagen. De bebouwing in Oldenelerlanden, Oldenelerbroek en Ittersumerbroek presenteert zich duidelijk aan de openbare ruimte. De bebouwing bestaat uit vrijstaande, geschakelde en rijenhuizen van twee en drie lagen. De woningen zijn veelal samengesteldevolumes met bijzondere architectonische accenten. Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden Dit zijn zelfstandige woonbuurten met een kenmerkende woonervenstructuur. De woonerven hebben een informeel en besloten karakter. Dit karakter ontstaat door het ontbreken van een duidelijk onderscheid tussen voor- en achterkant van de woning, verspringende rooilijnen en de ligging aan kronkelige woonstraten met groenstroken en speelplekken. Kenmerkend is het ontbreken van een representatieve voorgevel aan de straat. Het ontwerp van de openbare ruimte en de bebouwing toont weinig samenhang. Direct aansluitend aan de binnenstad en rondom de wijkvoorzieningen in Ittersumerlanden zijn enkele hogere appartementencomplexen gelegen. Schellerbroek, Schellerlanden, Oldenelerlanden, Oldenbroek en Ittersumerbroek Deze uitbreidingen van de latere jaren tachtig tonen eerst een neutraal kleurgebruik en hebben routes met zicht op bijzondere elementen en het landschap. Bijzonder is de Provincie-route met oriëntatie op de Peperbus en de centrale Harculo.

De bebouwing uit de jaren negentig heeft een thematische opzet, waarbij elke cluster een eigen expressie en opzet heeft. Oude linten in Zwolle zuid De Schellerweg, de Schellerbergweg/Schellerallee, de Zwarteweg en de Oude en Nieuwe Deventerweg zijn herkenbaar aan de laanbeplanting, de individuele woningen van één laag met een A-kap dwars op de weg uit de jaren dertig en de oorspronkelijke agrarische bebouwing. Deze lijnen vormen de verbindingen met de binnenstad, de landgoederen en het landschap. Schelle, Schellerhoek De landelijke bebouwing van het voormalige lint Schelle is ingepast en begeleidt de belangrijke fietsroute naar de binnenstad en het station. Opvallend is de invulling van de oude percelen achter de lintbebouwing met kleinschalige nieuwbouwclusters, met een individueel en landelijk karakter.

16

Zandhove Zandhove is van oorsprong een oud landgoed, waar naast het resterende parkbos zich een zorgcomplex bevindt en een villawijk wordt gebouwd in een deel van de weilanden (Oude Mars). De Buurtschappen Schelle, Oldeneel en Harculo Deze buurtschappen rijgen zich aaneen in een kleinschalig waardevol cultuurlandschap ingeklemd tussen Zwolle zuid en de winterdijk van de IJssel. Tot slot is er het uiterwaarden landschap van de IJssel, waarin de rivier meer ruimte heeft gekregen door de recente aanleg van twee nevengeulen en het “Voermanlandschap”. Dorp Windesheim Het dorp Windesheim ligt op een rivierduin dat is gevormd in het Preboreaal, een etage van het Holoceen. De oudste sporen van bewoning stammen uit de Jonge steentijd. Tot de Reformatie stond in Windesheim het moederklooster van de Congregatie van Windesheim. Van hieruit werden in heel Noordwest-Europa kloosters gesticht die zich verwant voelden aan de geloofsleer van de Moderne Devotie. Van dit complex zijn nog een tweetal kelders en de voormalige brouwerij, die nu dienstdoet als protestantse kerk, bewaard gebleven. Tussen het ontstaan van de Windesheim en het landschap is een sterke relatie. De agrarische bebouwing is gelegen op de hogere delen, langs de randen liggen de wegen. De kern is ontstaan op de kruising van de wegen. De latere uitbreidingen zijn ontwikkeld langs de wegen en op lager gelegen delen.

De dichtheid van de bebouwing is laag. Vanuit de kern is de zichtrelatie met het landschap zeer sterk en zijn de hoogteverschillen goed zichtbaar. De oorspronkelijke bebouwing bestaat uit monumentale boerenhoeven. De latere uitbreidingen bestaan, naast vrijstaande bebouwing, uit geschakelde - en rijenwoningen. De uitbreidingen vallen op door het planmatige karakter. Het landelijke karakter komt gedeeltelijk tot uiting door een groene inrichting van de openbare ruimte. De Zwolse binnenstad De stad Zwolle is ontstaan op de plek waar nu de binnenstad is, op een hoger gelegen zandrug aan de waterloop de Grote Aa. Vanaf de 14e eeuw kreeg de nederzetting van Zwolle vaste vorm. De binnenstad wordt gekenmerkt door twee ruimtelijke structuren: de middeleeuwse stad en de vestingstad. De middeleeuwse stad bestaat uit gesloten bouwblokken van aaneengesloten individuele panden. De bebouwing volgt de rooilijn en staat direct aan de straat met een duidelijke scheiding tussen privé en openbaar. De vestingstad is om de middeleeuws stad aangelegd. De ordeningsprincipes van de vestingwerken waren gebaseerd op de stedenbouwkundige structuur van de middeleeuwse stad, maar kenden een andere ruimtelijke - en bebouwingsstructuur. De verkaveling is onregelmatig en bestaat uit een grote diversiteit aan gebouwen, zowel in schaal als in typologie.

De gebouwen vormen veelal een ruimtelijke ensemble, waarbij privé en openbaar gebied ruimtelijk in elkaar overgaan. Kenmerkend voor de binnenstad is de van oudsher grote diversiteit aan functies en de positie van de kerk. Hierbij hebben vooral de detailhandel, horeca en culturele en gemeentelijke voorzieningen een functie voor de regio Zwolle. De veranderende functionele en economische waarde heeft geleid tot diverse ruimtelijke veranderingen. In het van oorsprong lager gelegen deel van de binnenstad hebben door de functieverandering van de waterwegen en de opmars van de auto de meeste veranderingen plaatsgevonden. Dit heeft geleid tot een aantal grootschalige ingrepen, veroorzaakt door de schaalvergroting van de ambachten en later van de winkelketens, bevoorrading en parkeren.

Ittersum Ittersum is een voormalig lint, gelegen aan de uitvalsweg vanuit Zwolle naar Deventer. Het dorp Ittersum is in de jaren zestig uitgebreid met woningen van de centrale Harculo, evenals de woningen aan de Professor Veldmanweg. De wijk heeft een duidelijke hiërarchische opbouw en een ruim opgezette groenstructuur in samenhang met de aangrenzende tuinen. De woningen bestaan uit eenvoudige bebouwingsblokken van twee lagen.

De middeleeuwse stad Zwolle is verdeeld in vier gebieden. Behalve de prestedelijke kern in het gebied rond de Sassenstraat zijn de gebieden verkaveld in een rechthoekig rasterpatroon evenwijdig en loodrecht aan de Grote en Kleine Aa. De Grote Markt ligt centraal en is een historisch ontmoetingspunt. De rooilijnen uit de veertiende eeuw zijn, ondanks de continue transformatieprocessen, nauwelijks aangetast. De inrichting van de openbare ruimte bestaat uit bijzondere verhardingsmaterialen, gebaseerd op de historische context. De duidelijke scheiding tussen privé en openbaar is formeel door stoepen, bordessen en trappen.

Het Engelse Werk is aangelegd als Engels Landschapspark op de voormalige schans, Het Nieuwe Werck. Door de aanleg van

De vestingwerken, daterend uit 1606, zijn her ontwikkeld vanaf de negentiende eeuw. De vestingwerken en de stadsgracht

Bijlagen Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen

Bijlagen Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen

17

tom geven

tom geven

vormen een duidelijke zonering naar de omliggende wijken. De bruggen, poorten en bajonetontsluitingen zijn kenmerkend voor de ruimtelijke structuur van de entrees van de binnenstad. Het groen op de vestingwerken bestaat uit parken en tuinen van de voornamelijk vrijstaande bebouwing. De schaal en typologie van de bebouwing is gevarieerd en bepaalt het onregelmatige verkavelingspatroon van de vestingstad. De gebouwen hebben diverse bijzondere stedelijke functies, elk met een eigen context. De omliggende openbare ruimte is divers in gebruik, met geleidelijke overgangen tussen privé en openbaar.

in de Koningin Wilhelminastraat en de Prins Hendrikstraat worden gekenmerkt door Jugendstil en Art Nouveau architectuur.

Kamperpoort In de Kamperpoort is de oorspronkelijke stedenbouwkundige structuur grotendeels verdwenen door een aantal grootschalige ingrepen, waaronder de bouw van de IJsselhallen en veel recente nieuwbouw. De oude uitvalsweg naar Kampen, de Hoogstraat, met de aaneenschakeling van individuele panden en de monumentale panden langs de Willemskade, zijn de belangrijkste overgebleven karakteristieken. Door de dynamiek van de grootschalige ingrepen is er een grote diversiteit aan functies in het gebied aanwezig. (Oud- en Nieuw) Assendorp en Stationsbuurt In Assendorp kunnen de Stationsbuurt, Oud- en Nieuw Assendorp worden onderscheiden. De Stationsbuurt bestaat uit monumentale gebouwen, vrijstaand met van oudsher grote tuinen. Het huidige Park Eekhout was zo´n vroegere tuin. Naast de oorspronkelijke woonfunctie zijn vooral de panden langs de hoofdwegen in gebruik genomen voor gemengde functies, waarbij in toenemende mate de tuinen worden gebruikt als privéparkeerterrein. De bebouwing in Oud- en Nieuw- Assendorp dateert uit de periode 1890-1930. Een groot deel is individueel of als stedenbouwkundig ensemble van cultuurhistorische waarde. De structuur is compact en dicht bebouwd. Kenmerkend zijn de bijzondere hoekoplossingen en de individuele bebouwing die de rooilijn volgt.

Van oorsprong bestaat het gebied uit veel kleine arbeiderswoningen, welke nu een gemengd (stedelijk) gebruik hebben. De oude uitvalswegen Assendorperstraat, Molenweg en de Van Karnebeekstraat worden gevormd door een aaneenschakeling van individuele en kwalitatieve bebouwing met een grote diversiteit in perceellering, hoogte en functies. De Assendorperdijk is een historisch-landschappelijk element op de overgang van de dekzandrug naar de oorspronkelijke uiterwaarden. De straten die vanaf het zuidelijk deel op de dijk aansluiten gaan ruimtelijk omhoog en de straten vanaf de dijk bieden een doorzicht op het Park de Wezenlanden. Hanzeland Hanzeland is gebouwd in de jaren negentig van de vorige eeuw. Ongeveer zestig procent van de woningen in Hanzeland is etagebouw. De ligging aan de N337 (IJsselallee) en het treinstation maakt van deze zone een bijzonder goed ontsloten locatie. De laatste jaren is geïnvesteerd in een hoogwaardig plan voor kantoorgebouwen. De inrichting van de openbare ruimte en de bebouwing zijn op elkaar afgestemd en hebben een hoogwaardige ruimtelijke kwaliteit. Hanzeland onderscheidt zich van andere wijken door de aanwezigheid van een een kleine woonbuurt in een groot kantorengebied. Daarnaast zijn er ook industriële bedrijven en ontmoetingslocaties zoals Brainz en Hanz. Dit zorgt voor een grootstedelijk karakter met niet veel groen en veel hoogbouw.

Hanzeland huisvest twee scholen met ook leerlingen van buiten Zwolle: de Hogeschool Windesheim en de Gereformeerde Scholengemeenschap Greijdanus College. Dieze-Centrum Naast een woonfunctie (met relatief veel huurwoningen) heeft Dieze-Centrum ook een belangrijke winkelfunctie. Het winkelgebied omvat de Diezerkade, Brink, Thomas a Kempisstraat en Vechtstraat. In de woningen boven de winkels wonen veel studenten en jongeren. Mede hierdoor heeft de buurt relatief veel eenpersoonshuishoudens. Bijna de helft van de totale woningvoorraad is gebouwd rond 1980. De overige woningen zijn vrijwel allemaal vooroorlogs. De helft van de woningen is etagebouw. De historische structuur is door latere in breidingen en vernieuwing op veel plaatsen is aangetast. De bebouwing aan de Thomas à Kempisstraat en Meppelerstraatweg (de historische uitvalsweg naar Meppel) en aan de Vechtstraat (ook een oude lijn), wordt gekenmerkt door een aaneenschakeling van individuele panden met diverse functies. De noordelijke rand, grenzend aan de begraafplaats en de ontsluitingswegen, heeft een groen karakter. Hier bevinden zich diverse bijzondere functies.

Wezenlanden Het gebied Wezenlanden staat bekend om aanwezigheid van de rechtbank, het provinciehuis en het park de Wezenlanden. In dit park vindt jaarlijks het Bevrijdingsfestival plaats. Op de plaats waar vele jaren het Weezenlanden ziekenhuis stond, wordt woonwijk De Weezenlanden gerealiseerd. Ruim tachtig procent van de woningen is gebouwd tussen 1946 en 1960. Het grootste deel van de woningen in Wezenlanden is etagebouw, voornamelijk sociale huur. Het park Wezenlanden is gelegen in de voormalige uiterwaarden. Rond het park op de overgangen naar de hogere gebieden zijn diverse gebouwen in een groene omgeving gesitueerd. Het overgangsgebied naar de Assendorperdijk bestaat uit bijzondere bebouwingsvormen, zoals de Zaagtandwoningen, in een groene omgeving met doorzichten naar het park. De overgangszone naar de Wipstrik wordt gekenmerkt door de lineaire ruimtewerking van de Nieuwe Wetering en het Koelwaterkanaal. De overgang naar het historische centrum wordt gekenmerkt door grootschalige gebouwen met publieke functies. Het Noorden De buurt is aangelegd als vooroorlogs tuindorp. De buurt bevat voornamelijk vooroorlogse woningen. Aan de Minervalaan liggen portieketagewoningen (3 hoog) die na de Tweede Wereldoorlog in 1952 zijn gebouwd. Op meerdere plekken zijn de vooroorlogse gebouwen gerenoveerd of gesloopt en vervangen door nieuwbouw.

Aan de Ferdinand Bolstraat is een appartementencomplex voor ouderen gekomen. De portieketagewoningen aan de Minervalaan, die in 1952 zijn gebouwd, zijn gerenoveerd. In de voormalige Hobbemaschool, gebouwd in de jaren ‘30, komen appartementen. De buurt kent verder enkele pleintjes en er is een speeltuin Het Noorden. De weerszijden van de Schuttevaerkade en de Burgemeester Roelenweg maken ook onderdeel uit van het Noorden. In deze zone bevinden zich kantoren, studentenflats, parkeervoorzieningen en een appartementencomplex. De grote schaal van deze gebouwen vormt een sterk contrast met de historische bebouwing van de binnenstad en de kleinschalige bebouwing van Diezerpoort. Schildersbuurt De Schildersbuurt is als woonbuurt ontwikkeld in de jaren ’20. Rond het jaar 2000 is een deel van de buurt grondig op de schop gegaan: een groot deel van de woningen is gesloopt en vervangen door nieuwbouw. De nieuwbouw, voor een deel appartementen en voor een deel grondgebonden woningen, zijn in 2002 opgeleverd. De buurt werd in dat jaar genomineerd als veiligste buurt van Nederland. Aan de rand van de wijk bevindt zich het Zwolse poppodium Hedon. Bollebieste De Bollebieste is een woonbuurt gerealiseerd in de jaren ’30 als tuindorp. Het woningaanbod bestaat vooral uit een gezinswoningen in de sociale huur. De buurt heeft twee basisscholen.

Aan de Esdoornstraat bevindt zich een woonzorgcentrum voor ouderen met op de begane grond verschillende voorzieningen. Begijnenweide In de buurt Begijnenwiede staan duurdere koopwoningen en huurappartementen. Door de buurt loopt de Begijnensingel, genoemd naar een voormalig Begijnenhof. Aan de Turfmarkt werd vroeger turf verhandeld. Tegenwoordig is het een parkeerterrein voor binnenstadbezoekers. Aan de Rhijnvis Feithlaan, genoemd naar de Zwolse schrijver Rhijnvis Feith, staat het voormalig Sophiaziekenhuis dat onderdak biedt aan Artez, Hogeschool voor de kunsten. Het gebied tussen Artez en het Almelose Kanaal is de afgelopen flink op de schop genomen. Een deel van de oude panden zijn gesloopt en vervangen door nieuwe woningen. Andere gebouwen hebben een nieuwe functie gekregen, zoals de watertoren uit 1892 die in 2018 werd omgebouwd tot appartementencomplex. Aan de oostzijde van de buurt stroomt de Nieuwe Vecht, aan de zuidoostzijde grenst de buurt aan het Almelose kanaal. Bijna de helft van de woningvoorraad is gebouwd voor 1946 en ruim een derde rond 2000. Meer dan de helft van de woningen in Begijnenweide is koop. Er is meer etagebouw dan gemiddeld in Zwolle.

Veerallee De Veerallee en de Oude Veerweg vormen van oudsher de verbinding met Katerveer. Door de ligging aan de Willemsvaart kent deze lijn een bijzondere karakteristiek met vooral monumentale villabebouwing. Langs de Veerallee is een belangrijk deel van de Willemsvaart gedempt voor de ontsluiting van de binnenstad. Het gebied heeft hierdoor een stedelijk karakter gekregen met gemengde functies, zoals onderwijs, leisure en automotive. Aan de rand van de wijk ligt het Prins Clauspark. Veerallee bestaat voor bijna tachtig procent uit koopwoningen en heeft weinig hoogbouw. Meer dan de helft van de gebouwen zijn vooroorlogs. Deels zijn dit woningen die rond 1900 zijn gebouwd voor de middenklasse. Woningen aan de Veerallee,

18

Bijlagen Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen

Bijlagen Omgevingsvisie Mijn Zwolle van Morgen

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=21f8c584-5e98-49f6-84cc-bde94adb5b28