2. Zwolle_perspectievenboek _bijlage hoofdstuk4 - effectbepaling
Tekst van het document
LOKAAL VITAAL (80+40)
ZWOLLE CENTRAAL (80+40)
NETWERK DELTA (80+40)
SOEVEREINE SUBREGIO’S (80+40)
- 61 -
WONINGEN PER DIJKRING
- 62 -
MAX. GRONDWATERSTAND
Verdieping bij bijlage I, II en III. Kampen - Overige indicatoren • • • •
<1KM BINNEN HOOFDWATER
KWEL/WEGZIJGING (OVERLAST NEERSLAG)
Opgave bestaande stad
Waterindicatoren
MAX. WATERDIEPTE BIJ OVERSTROMING
Ontwikkelingen zijn gepland in gebieden die niet allerhoogste risico kennen maar wel waterdiepte die bij overstroming leidt tot forse schade. Grote locatie aan de zuidkant ligt binnen 2 km contour vanaf hoofdwater en met behoorlijke waterdiepte als risico bij overstroming. Vanuit wateroverlast bij hevige neerslag relatief gunstige plek. De OV-bereikbaarheid is in heel Kampen matig tot slecht. Kampen heeft geen kwetsbare wijken.
VOORZIENINGEN <750M
KWETSBARE WIJKEN
PTAL (OV-SCORE)
OPEN OV
- 63 -
NABIJHEID 2006
- 64 -
NABIJHEID 2018
Verdieping bij bijlage I, II en III. Meppel - Nabijheid •
Perspectieven met 40 duizend woningen en 20 duizend banen
BESTAANDE PLANNEN
LOKAAL VITAAL (40+20)
Perspectieven met 80 duizend woningen en 40 duizend banen
Trend
•
Meppel valt in de nabijheidscategorie dorps. In de perspectieven met 40.000 extra woningen stijgt Meppel naar categorie laag suburbaan. In de perspectieven met 80.000 extra woningen stijgt Meppel naar de categorie suburbaan.In zekere zin zou Meppel hiermee het slechtste van twee werelden worden: niet dorps en niet stedelijk.
LOKAAL VITAAL (80+40)
ZWOLLE CENTRAAL (80+40)
NETWERK DELTA (80+40)
SOEVEREINE SUBREGIO’S (80+40)
- 65 -
WONINGEN PER DIJKRING
- 66 -
MAX. GRONDWATERSTAND
Verdieping bij bijlage I, II en III. Meppel - Overige indicatoren • • •
<1KM BINNEN HOOFDWATER
KWEL/WEGZIJGING (OVERLAST NEERSLAG)
Opgave bestaande stad
Waterindicatoren
MAX. WATERDIEPTE BIJ OVERSTROMING
Meppel geeft maar deels invulling aan ‘hoog en droog’. Zuidelijk deel is aandachtspunt voor hoogwater vanuit Meppelerdiep en eventuele maatregelen (robuustheid). Grote ontwikkeling aan noordzijde is kwetsbaar bij hevige neerslag. OV-bereikbaarheid in Meppel is direct rondom het station goed. Meppel heeft geen kwestbare wijken maar wel een aantal buurten ten westen van het spoor die slechter scoren dan gemiddeld.
VOORZIENINGEN <750M
KWETSBARE WIJKEN
PTAL (OV-SCORE)
OPEN OV
- 67 -
NABIJHEID 2006
- 68 -
NABIJHEID 2018
Verdieping bij bijlage I, II en III. Raalte - Nabijheid Raalte valt in de nabijheidscategorie dorps. In de perspectieven met 80.000 extra woningen stijgt Raalte naar categorie laag suburbaan. Deze verkleuring zal zeer beperkt verandering met zich mee brengen.
Perspectieven met 40 duizend woningen en 20 duizend banen
BESTAANDE PLANNEN
LOKAAL VITAAL (40+20)
Perspectieven met 80 duizend woningen en 40 duizend banen
Trend
•
LOKAAL VITAAL (80+40)
ZWOLLE CENTRAAL (80+40)
NETWERK DELTA (80+40)
SOEVEREINE SUBREGIO’S (80+40)
- 69 -
WONINGEN PER DIJKRING
- 70 -
MAX. GRONDWATERSTAND
Verdieping bij bijlage I, II en III. Raalte - Overige indicatoren • • •
<1KM BINNEN HOOFDWATER
KWEL/WEGZIJGING (OVERLAST NEERSLAG)
Opgave bestaande stad
Waterindicatoren
MAX. WATERDIEPTE BIJ OVERSTROMING
Ontwikkeling in Raalte aan N35-zone is voor het grootste deel gunstig vanuit indicatoren natuurlijk watersysteem. Raalte heeft geen kwetsbare wijken. OV-bereikbaarheid is er in directe nabijheid van het station. Daarbuiten is de OVbereikbaarheid slecht.
VOORZIENINGEN <750M
KWETSBARE WIJKEN
PTAL (OV-SCORE)
OPEN OV
- 71 -
NABIJHEID 2006
- 72 -
NABIJHEID 2018
Verdieping bij bijlage I, II en III. Steenwijk - Nabijheid
Perspectieven met 40 duizend woningen en 20 duizend banen
BESTAANDE PLANNEN
LOKAAL VITAAL (40+20)
Steenwijk valt in de nabijheidscategorie dorps. In de perspectieven met 80.000 extra woningen (in Zwolle Centraal en soeverine subregio’s) stijgt Raalte centrum naar categorie laag suburbaan. Deze verkleuring zal zeer beperkt verandering met zich mee brengen.
Perspectieven met 80 duizend woningen en 40 duizend banen
Trend
•
LOKAAL VITAAL (80+40)
ZWOLLE CENTRAAL (80+40)
NETWERK DELTA (80+40)
SOEVEREINE SUBREGIO’S (80+40)
- 73 -
WONINGEN PER DIJKRING
- 74 -
MAX. GRONDWATERSTAND
Verdieping bij bijlage I, II en III. Steenwijk - Overige indicatoren • • •
<1KM BINNEN HOOFDWATER
KWEL/WEGZIJGING (OVERLAST NEERSLAG)
Opgave bestaande stad
Waterindicatoren
MAX. WATERDIEPTE BIJ OVERSTROMING
Steenwijk geeft maar deels invulling aan ‘hoog en droog’. Juist de ontwikkellocaties zijn lokaal kwetsbaar bij hevige neerslag. Steenwijk heeft kwetsbare buurt in het zuidwesten. Daar ligt een nog onbenutte meekoppelkans. OV-bereikbaarheid is goed direct nabij het station. Daarbuiten matig.
VOORZIENINGEN <750M
KWETSBARE WIJKEN
PTAL (OV-SCORE)
OPEN OV
- 75 -
NABIJHEID 2006 (23)
- 76 -
NABIJHEID 2018 (35)
Verdieping bij bijlage I, II en III. Zwolle - Nabijheid •
Perspectieven met 40 duizend woningen en 20 duizend banen
BESTAANDE PLANNEN
LOKAAL VITAAL (40+20)
Perspectieven met 80 duizend woningen en 40 duizend banen
Trend
•
Zwolle is een suburbane-stedelijke kern. Als gevolg van de perspectieven zal een groot deel van Zwolle stedelijker worden. Vooral in Zwolle centraal en in mindere maten netwerkdelta is dit het geval. De categorie hoogstedelijk wordt niet bereikt. Dit heeft er mee te maken dat veel van woningen zijn geprojecteerd op uitleglocaties. Die dragen slechts zeer beperkt bij aan nabijheid.
LOKAAL VITAAL (80+40)
ZWOLLE CENTRAAL (80+40)
NETWERKDELTA (80+40)
SOEVEREINE SUBREGIO’S (80+40)
- 77 -
WONINGEN PER DIJKRING
- 78 -
MAX. GRONDWATERSTAND
Verdieping bij bijlage I, II en III. Zwolle - Overige indicatoren • • • • •
<1KM BINNEN HOOFDWATER
KWEL/WEGZIJGING (OVERLAST NEERSLAG)
Opgave bestaande stad
Waterindicatoren
MAX. WATERDIEPTE BIJ OVERSTROMING
Ontwikkelingen in bestaande bebouwd gebied en aan zuidoost kant kennen grote maximale waterdiepte bij overstromingen. Ontwikkelingen ten noorden van zwarte water kwetsbaar vanuit grondwater en kwetsbaarheid hevige neerslag. Verschil tussen transformatie bestaand (is toch al een opgave en dan kan woningbouw helpen die te realiseren) en nieuwe uitleg (vergroot opgave). OV-bereikbaarheid is goed in directe nabijheid van IC-station. Zwolle heeft kwetsbare buurten aan de noordkant van de A28. Deze meekoppelkans wordt nu nog niet benut.
VOORZIENINGEN <750M
KWETSBARE WIJKEN
PTAL (OV-SCORE)
OPEN OV
- 79 -
Bijlage V. Probleemanalyse Mobiliteit Met de publicatie van de IMA (Integrale Mobiliteitsanalyse) is recent een actuele probleemanalyse voor de hoofdinfrastructuur beschikbaar gekomen. De opgavenkaart voor de regio oost geeft de volgende opgaven weer: • Wegen netwerkopgave: de A28 (Hoevelaken-Hattemerbroek), A50 (ten zuiden van Epe). • Wegen verkeersveiligheid: N35 en N50. • Bereikbaarheid: de bereikbaarheid van banen neemt af in de regio Zwolle. • Onderliggend netwerk: Zwolle, deze opgave heeft betrekking op de capaciteit van het station. Op basis van de achterliggende analyses kan worden ingezoomd op deze opgaven. Dit leidt tot de volgende bevindingen: • De netwerkopgave A28 bevindt zich vooral op het zuidelijke deel, ten zuiden van knooppunt Hattemerbroek. Hier is vertraging in zowel het hoge als het lage scenario in de spitsuren, en in het hoge scenario ook midden op de dag. In het hoge economische groeiscenario komt ook de A28 ter hoogte van Zwolle, bijna tot aan Meppel in de spitsen in beeld als traject met vertraging. In dit scenario heeft half Nederland echter te maken met vertraging waardoor nauwelijks van een specifieke corridoropgave gesproken kan worden. De problematiek ter hoogte van Zwolle is in de IMA-analyse dus relatief kleiner dan in eerdere probleemanalyses (MIRT-onderzoek A28).
Dit traject is wel kwetsbaar; het is duidelijk zichtbaar in de nationale robuustheidsanalyse. • Inzoomen op Zwolle (geen IMA resultaat) leert dat op het onderliggende wegennet de netwerkopgave zich bevindt op de ring van Zwolle, met name op de aansluitingen met de A28. • Opvallend is dat de A50 (ten zuiden van Epe) en de N50 Hattemerbroek – Emmeloord een iets grotere IC-verhouding (en vertraging) kennen dan de A28 ter hoogte van Zwolle. De N50 en N35 zijn ook in beeld als verkeersveiligheidsopgave. Dat geldt overigens voor nagenoeg alle nationale N-wegen omdat deze in vergelijking met de A-wegen onveiliger zijn. Op iets grotere schaal valt op dat alle opgaven op de A6 wat kleiner zijn dan op de A28; meer verkeer op de A6 kan dus net iets beter worden opgevangen dan op de A28. • Omdat het aantal banen ten opzichte van de huidige situatie nog maar beperkt toeneemt (scenario hoog) of zelfs afneemt (scenario laag), leidt een toename van de autoreistijd er direct ook toe dat er minder banen bereikbaar zijn voor de inwoners van de regio Zwolle binnen een acceptabele reistijd. • Enkele spoortrajecten zijn kritisch (maar niet overvol) in het hoge groeiscenario. De Intercity Meppel-Zwolle-Lelystad en de sprinters vanaf Raalte en Ommen naar Zwolle.
- 80 -
Samengevat: • In het lage groeiscenario zijn de knelpunten op het hoofdwegennet en spoor beperkt, met uitzondering van de autobereikbaarheid via de A28 richting Amersfoort. Het grootste deel van dit knelpunt ligt buiten het studiegebied maar wordt wel veelvuldig gebruik door verkeer vanuit het studiegebied. De verzadiging van het wegensysteem is voor het overige kritisch maar op landelijke schaal zeker niet opvallend en leiden niet tot grote vertragingen. Voor het OV-systeem zijn er geen problemen, met uitzondering van de capaciteit van station Zwolle. In het lage groeiscenario neemt de bereikbaarheid wel af, omdat het aantal banen terugloopt in een groot deel van Oost-Nederland. In dezelfde reistijd kunnen dan minder banen bereikt worden. • In het hoge scenario is het wegennet overbelast op A28, A50, N50, N35 en ook op de A6. Dit is in eerste instantie een landelijk probleem want in WLO-hoog zijn grote delen van het wegennet rondom de stedelijke agglomeraties van het Stedelijk Netwerk Nederland overbelast. Dit vertaalt zich in langere reistijden waardoor de bereikbaarheid (in aantal banen binnen redelijkie reistrijd) afneemt. Deze basisprognose ‘hoog’ maakt duidelijk dat een stevige ruimtelijk-economische ontwikkeling in combinatie met veel autogebruik (zoals geprognotiseerd in het hoge scenario) niet haalbaar is zonder zeer forse reistijdverliezen.
Ook in dit scenario biedt het spoorsysteem in de regio nog restcapaciteit Er ligt dus ruimte voor een modal-shift.
- 81 -
- 82 -
- 83 -
- 84 -